-ocr page 1-
-ocr page 2-

Kast 175

PI. D N0.30

-ocr page 3-
-ocr page 4-

\\

-ocr page 5-

J -

WET

van 15 Aug. 1862, Stbl. No. 170,

GEWIJZIGD BIJ DIE VAN G APRIL 1877, Stbl. No. 71.

houdende vaststelling-

TARIEF VAN RECHTEN OP DEN INVOER,

zooals dat is opgenomen

BIJGEWERKTE VERZAMELING

van

WETTEN, BESLUITEN EN AANSCHRIJVINGEN DER DIRECTE BELASTINGEN, INVOERRECHTEN EN ACCIJNZEN,

met aanteekeningen voorzien

OOÜit

V A X DILLEN en M 11) D E L K O O 1\'.

DERDE DRUK.

V^ïf - _____

herzien en bijgewerkt lot 1 matvrl

dooll

-ocr page 6-
-ocr page 7-

/7 r.

WET

van 15 Aug. 1863, Stbl. No. 170,

GEWIJZIGD BIJ DIE VAN G APRIL 1877. Stbl. No. 71,

houdende vaststelling

VAN HET

TARIEF VAN RECHTEN OP DEN INVOER,

zooals dat is opgenomen

IN DK

BIJGEWERKTE VERZAMELING

VAN

WETTEN, BESLUITEN EN AANSCHRIJVINGEN DER DIRECTE BELASTINGEN, INVOERRECHTEN EN ACCIJNZEN,

met aanteekeningen voorzien

-ocr page 8-

I)i.l werh\' wordt gesteld onder de hcscherm\'md der wet van 2H Juni /lt;S\'lt;S/, S. na. 124.

-ocr page 9-

Inlichtingen omtrent de wijze van bewerking, de verkortingen, enz.

Bij cle bewerking dezer ïariefwet zijn ecnige aanteekeningen ontleend nan ; do Tariefwet, bewerkt door li. ï. Rosenstok en .T. Kersbergest, uitgave Ni.tgh amp; van

Ditmar. Ruttcrdam, 1881;

bet Weekblad voor de Administratie der directe bel., invoerrecbtcn en accijnzen;

(h Fiscus, Orgaan voor de ambtenaren van de directe bel., het kadaster, de invoerreebten on accijnzen;

de Algemeene Wet, toegelicht door E. Frakken, uitgave C. de Boek Jr., Helder, 1891; hot Jaarhoekje voor de ambtenaren der directe bel. enz. onder redactie van C.Middelkoop; Verzamelinrj van Arresten van den Hoogen 1\'aad der Nederlanden, door Joan van den

Honeeï ÏHz., Afd. Belastingen;

en de Nederlandsche Pasicrisie, bevattende den zakelijken inhoud van alle in Nederland gewezen rechterlijke beschikkingen, door Mr. Euo. van Oppen en Mr. L. van Oppen, uitgave M. Alberts, (fulpen, 1872.

Voorschreven werken zijn respectievelijk verkort aangeduid door:

Tariefwet, E. en K. Jaarhoekje.

ii cckhldd, v. d. j lonerï, A fd. Belastingen; oil

de Fiscus. Ned. Pasicr.

Franken, Alg. Wet.

Verdere verkortingen:

Alg. Wet beteekent: Algemeene wet van 2fi Aug. 1822, Staatsblad no. 38, over de heffing der rechten

van in-, uit- en doorvoer en van de accijnzen.

Ros. „ Eesolutie van den Minister van Financiën.

M. v. F. „ Minister van Financiën.

S. „ Het Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden.

Vcrz. of V. „ Verzameling van wetten, besluiten en aanschrijvingen der directe bel., invoerrechten en accijnzen, met aantt. voorzien door C. van lgt;llllt;-u en Mitldvlkoop. De wollen zijn aldus verkort aangeduid:

de wet van 20 Aug. 1822, S. no. 39, door Wet 1822.

,, „ „ 31 Maart 1828, „ „ 11, V. no. 65, ,. Wet 1828.

tl

„ „ 1 Juni 1830, „

„ IC, „ „

00,

,. Wet

1830.

n

„ „ 19 Juni 1845, „

„ 28, „ „

100,

„ Wet

1845.

i)

„ „ 8 Aug. 1850, „

47, „ „

GO,

waardoor de Wet van 1845

werd gewijzigi

[I, en

welke gewijzigde Tariefwet opnieuw in de Verz. is

opgenomen in den jaargang

1850, onder no. fi9.

„ Wet

1850.

do

wet van 9 Sept. 1853, S. i

no. 101, V. no.

110,

„ Wet

1853.

„ „ 1 Sept. 1854, .,

„ 12«, ,. „

115,

„ Wet

1854.

„ „11 Dec. 1857, „

„ 122, „ „

102,

„ Wet

1857.

,, „ 23 Dec. 1859, ,,

„ 136, „ „

130,

„ Wet

1859.

»

„ „ 15 Aug. 18l!2, „

.1 170, „ „

100,

„ Wet

1802.

igt;

„ „ li April 1877, „

„ 71, ,, „

52,

„ Wet

1877.

Hetgeen met „Red.quot; ondeuteekend in deze uitgave is opgenomen, heeft geenerlei officieel karakter.

De resolution, waarnaar in deze ïariefwet wordt verwezen, en die niet in de Verz. zijn opgenomen, verschenen mede reeds in druk, zoowel iu de Bijgewerkte Tariefwet van de HH. Van Assuh en Hanewinckel, als in die van de IIIT. Rosenstok en Kersbergen, uitgave Nijgh amp; van üitmak te Rotterdam, 1868 en 1881.

Do benamingen dor maten en gewichten zijn in overeenstemming gebracht met do Wet van 7 April 1869, S. no. 57, V. 1878, no. 61.

De goederen, welke als oene afzonderlijke hoofdrubriek, of uls een onderdeel daarvan voorkomen op de jaarstaten van de Statistiek van den gewonen in- en uitvoer, zijn aangeduid met liet teeken quot;quot;quot; voor de benaming. Zie daaromtrent nader aant. 21 op art. 1.

In verband mot do bijwerking der wet tot 1 Maart 1809 wordt verwezen naar de lijst van aanvullingen en verbeteringen, voorkomende op blz. 527.

-ocr page 10-
-ocr page 11-

WET van 15 Augustus \'I8G2, Staatsp.lad no. 170,

houdende vastslelling van het tarief van rechten op den in-, uit-en doorvoer (1), zooals die na de daarin hij verschillende wetten gebrachte veranderingen luidt, te rekenen ran 1 Juli 1877 (2—5).

(1) Allo doorvoerrechten zijn afgeschaft bij art. 2 der wet van 8 Aug. 1850, S. no. 48, V. no. (!7, en de laatste uilvoerrechten bij art. (i der Wet van (i Ap;-il 1877, S. no. 71, V. no. 32.

(2) Waar hierna wordt verwezen naar Wet 1877. wordt daarmede bedoeld de Wet van 0 April 1877, Staatsblad no. 71. Xont Off. Vcrz. 1877, iw. Si.

(3) De Wet van 1862 is opgenomen in V. 18(i2, no. 100, en toegelicht bij res. van 10 Oct. 18G2, no. 105, V. no. 105. De Wet van 1877 komt voor in V. 1877, no. 52, en is toegelicht bij res, van fi Juli 1877, no. 71, V. no. 54 (a), terwijl do Wet, zooals dezo luidt na de wijziging in 1877, mede word opgenomen onder V. 1877, no. 54.

(a) Zip, nopens hot ontwerp dor Wet van 1«77, de Mom. v. Toelichting, het Verslag, enz. Weekblad, nos. 17it,

202, 214, 223, 224 en 24\'.gt;.

(4) Behalve bij de hiervoor genoemde Wet van (! April 1877, S. no. 71, V. no. 52, werd de ïariefwet van 1862 nog gewijzigd of aangevuld door art. 9 der Wet van 1 Mei 18C3, S. no. 47, V. no, 76; art. 40 der Wet van 2 Juni 1865, S. no. 63, V. no. 48, door de Wet van 28 Mei 1869, S. no. 94, V. no. 87; art. 41 der V* i\'t van 20 Juli 1870, S. no. 127, V. no. 127; alsmede door de Wetten van 19 Maart 1888, S. no. 50, \\. no. 78, en 4 Mei 1889, S. no. 45, V. no. 48, door art. 3 der Wet van 27 Sopt. 1892, S. no. 225, V. no. 109, door art. 84 der Wet van 27 Sopt. 1892, S. no. 227, V. no. Ill, en door artt. 88 en 89 der Sui-korwet, V. 1897, no. 33.

Zie deswege de posten Appel- rn perendmnJ-, Azijn, Bisnn\'ts, Chemicaliën, Drop, Oedistilleerd, Olie, Jtozyncn, Stroop, Suiker, Zeep en Zont, alsmede art. 23 der Wet.

Een schets van de tariefwetgeving is opgenoinen in de Fiscus, nos. 386, 388 en 389.

(5) Deze uitgave is bijgewerkt tot 1 Januari 1899.

^\\\'ij WILLEM Ifl, hij de gratie doch, Koniny der Nederland rn, Prints van Oranjc-Nassaii, Oroot-Ifcrtof/ van Luxemburg, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of liooren lezen, sal ut 1 doen te weten:

Alzoo Wij in overweging genomen hebben, dat het noodig is, omtrent de rechten op den invoer en tevens omtrent den uit- on doorvoor van goederen, wettelijke bepalingen vast te stellen;

Zoo is het, dat Wij, den Raad van State gehoord, en mot gemeon overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden on verstaan, gelijk W ij goedvinden en verstaan bij deze:

Art. 1. Onder den naam van invoerrecht wordt van de hieronder vermelde goederen (1—0), welke het Kijk ten verbruik worden ingevoerd, eene belasting geheven.

Hot invoerrecht is omschreven in de volgende tabel (10—21):

(1) Bij art. 1 der Wet van 1845 werd bepaald, dat voor goederen, niet bij name in het Tarief genoemd, en die uit hunnen aard niet konden worden gerangschikt onder de daarin voorkomende artikelen, een invoerrecht verschuldigd was van 1 pet. der waarde. Thans zijn bij art. 2 dezer


1

-ocr page 12-

Art. 1.

12

quot;11

Tariefwet van 1862 de goederen, die niet naar hun aard of bestemming onder eene der in de tabel vermelde soorten kunnen worden gerangschikt, vrijgesteld van invoerrecht.

Tenzij later anders mocht zijn bepaald kunnen de bij de wet van 1845 reeds vrijgestelde goederen ook thans nog onder de vrije goederen worden gerangschikt, daar sedert 1845 elke tariefswijziging beheerscht werd door den geest der vrijhandelspolitiek. Verg. de res. van 10 Oct. 1862, no. 105, V. no. 105.

(2) Bij voormelde res. V. 1862, no. 105, wordt het volgende gezegd nopens de aangiften:

„Vooreerst behoort streng de hand te worden gehouden aan de wettelijke voorschriften omtrent de aangiften. De aangifte is bij den invoer de eerste en voornaamste grondslag van beoordeeling. of de waarde der goederen juist is opgegeven, en het is dus noodzakelijk, dat het voorschrift van art. 120, sub 5 en 6 der Alg. Wet van 26 Aug. 1822, S. no. 38, door den invoerder nauwgezet wordt nageleefd. De ontvangers der invoerrechten behooren er daarom stipt op te letten, dat de aangiften, door hen aan te nemen, alle de dooide wet gestelde vereischten bezitten. Bepaaldelijk moet de juiste soort der goederen nauwkeurig worden aangegeven, en het is geenszins voldoende, dat in de aangiften slechts de algemeene rubriek vermeld wordt, waaronder meerdere goederensoorten, zooals bijv. manufacturen, in het tarief zijn vermeld. Evenzeer behoort de hoeveelheid, het gewicht of de maat, naar ieders soort, van de naar de waarde belaste goederen nauwkeurig te worden aangegeven (a) (6). De invoerder stelt i zich anders bloot aan de straften, bij de artt. 213 ^ en 214 der genoemde wet bedreigd. Ook de waarde moet worden opgegeven voor de goederen naar de waarde belast, voor ieder afzonderlijk berekend volgens den loopenden prijs hier te lande, i — zoodat de opgave van eene gezamenlyke waarde voor verschillende goederensoorten in ééne aangifte niet kan worden aangenomen. Dit punt wordt | in het bijzonder aan de ambtenaren aanbevolen.quot;

Zie ook aant. 7 op de rubriek Manufacturen, in de Tabel hierna, alsmede aant. 2 op Biscuits, en aant. 1 op Drop.

(«) Onder gewicht, waarvan de opgave volgens art. 120 der Alg. Wet wordt verelscht, zal bruto gewicht | moeten worden verstaan. Niettemin wordt voor goederen, naar de waarde belast, ook wel genoegen go-nomen met aangifte van netto gewicht. (Red.)

(b) Zie mede nopens de aangifte van het 6r^o gewicht van goederen, naar het belast, V. 1831, nos. 21 en 90, V. 1832, no. 178 en V. 1833, no. 141, en nopens de aangifte van vrije goederen, art. 143 | der Alg. Wet, benevens de aantt. op dat art. in de | Alg. Wet van Franken.

(3) De aangever is verplicht tot het opgeven van de benaming der goederen in de Nederland- \\ sche taal, met vergunning alleen, wanneer het j ingevoerde voorwerp uitheemsch en in het Kijk j niet bekend is, alsdan den naam te bezigen, die ! elders daaraan gegeven is, mits hierbij tegelijk eene behoorlyke omschrijving in de Nederlandsche taal verstrekt worde, ten einde met kennis van zaken te kunnen beoordeelen, tot welken post van het tarief het behoort, lies. 13 Oct. 1854, no. 38, V. no. 142.

De aangevers moeten de aangifte van de goederen doen volgens de classificatie van het tarief(rt), en zijn verantwoordelijk voor de door hen gedane opgaven. De ontvangers zijn echter verplicht tot het geven van behoorlijke inlichting en terechtwijzing. Hes. 15 Dec. 1820, no. 133, V. no. 128.

(a) D. i. zij moeten de onderscheidingen van het tarief in het oog houden, zoodat goederen, welke tot verschillende rubrieken behooren, niet in één post mogen worden saamgevat, maar verder gaat in dit opzicht hunne verplichting niet. Volgens art. 120 der Alg. Wet toch kunnen de aangevers volstaan met de vrije en belaste goederen aan te geven onder hunne trare of eigen benaming, waardoor moet worden verstaan de benaming, zooals die door het handelsgebruik of algemeen spraakgebruik wordt aangewezen. De beslissing onder welken tariefpost de goederen behooren, of wel, dat die vrij van rechten kunnen worden ingevoerd, behoort tot de berekening der rechten, bedoeld bij art. 124 der Alg. Wet.

Is de aangegeven goederensoort den Ontvanger niet bekend, dan kan hij aanvulling der aangifte vragen (V. 1854, no. 142), terwijl, in geval van twijfel, monsters van de goederen kunnen worden genomen, met borgstelling voor het hoogste recht, en de beslissing van het Hoofdbestuur kan worden ingeroepen. Franken, Alg. Wet, aant. 2 op art. 120, blz. 158. Er bestaat geen verkeerde aangifte, indien men wel eene verkeerde rubriek aanwijst, waarnaar de rechten moeten worden geheven, doch overigens de voorwerpen onder hunne ware benaming aangeeft. Vonnis Arr.-rechtb. Amsterdam, 5 Sept. 1850, Ned. Paster., hlz. 55.

Door de woorden „henam.ing,gt; en „speciequot;, voorkomende in de artt. 120 en 213 der Alg. Wet, moet worden verstaan de benaming, waaronder óe aangegeven goederen in het Tarief voorkomen, en, naar gelang van hunne quantiteit, qualiteit of waarde, by afzonderlijke posten zijn gespecificeerd en getarifiëerd. Wollen manufacturen, waarvan de 6 meters meer dan één kilogr. wegen, en die van minder gewicht, zijn bij het tarief van 1845 afzonderlijk gespecificeerd en getarifiëerd en maken alzoo, met betrekking tot die rechten, twee afzonderlijke species of soorten van goederen uit (b). Vonnis Arr.-rechtb. Almelo, 15 Juli 1847, Ned. Pasicr., blz. 55.

(b) Thans wordt van alle manufacturen een gelijk recht geheven. Duidelijkheidshalve is dit voorbeeld hier evenwel opgenomen.

Zie hierbij ook aant. 7 op den post Manufacturen.

(Red.)

De aangifte van het genus in de plaats van het species stelt niet daar eene aangifte onder verkeerde benaming. Door aan te geven: pakken Manilla tabak in bladen, terwijl bij onderzoek die pakken zijn bevonden in te houden hort van Manilla-bladen en einden sigaren, kan men niet geacht worden de ééne species voor de andere te hebben aangegeven. Vonnis Arr.-rechlh. Amsterdam. 28 Fébr. 1850, bevestigd bij het Arrest van het Prov. Hof van Noord-Holland van 24 Juni 1850, Ned. Pasicr., blz. 55.

Zie, nopens de toepassing van boete bij verkeerde aangifte, ook de Tabel en wel aant. 2 op Biscuits, aant. 1 op Drop, aant. 2 op Emballage. alsmede de aantt. 2 en 3 op Thee.

(4) De aangifte bij uitvoer (a) van belaste voorwerpen, moet geschieden naar den toestand, waarin de goederen zich werkelijk bevinden, geenszins naar dien. waarin zij door eene nadere bewerking


-ocr page 13-

Art.

1.

14

zouden kunnen worden gebiacht. Vonnis Arr.-rcchth. Breda, 12 Dcc. 1859, Ned. Pasicr., hlz. 57. (a) Van dit vonnis wordt melding gemaakt, hoezeer alle goederen thans bij uitvoer vrij zijn. Het heeft echter voorzeker nog waarde met het oog op de bij invoer belaste goederen. (Red.)

(5) Zie aant. 4 op Fabrieksiü er kt nigen, aant. 1 op Lakens, aant. 6 op Schepen, deelen van — en aant. 2 op Thee, nopens hetgeen de aangiften nog in het bijzonder moeten inhouden bij invoer van genoemde artikelen.

(6) Bij aangiften van naar de maat belaste accijnsvrije natte waren, behooren de aangevers opmerkzaam te worden gemaakt op de bepalingen der Tariefwet (zie de artt. 14—16), krachtens welke het invoerrecht moet worden berekend naar de capaciteit der lusten (behoudens de korting voor lekkage bij invoer ter zee), tenzij de aangevers te hunnen koste opneming vragen van de werkelijk aanwezige hoeveelheid. Res. 4 Juli 1861, no. 27,

V. no. 54. — Zie verder aant. 3 op art. 14.

Bij het 5e lid van art. 120 der Alg. Wet wordt uit-drukkelyk aanbevolen, dat van de naar de waarrfe belaste goederen ook de hoeveelheid, het gewicht of de maat naar ieders soort worde aangegeven. Het kan voorkomen, dat deze wijze van aangifte te groote moeilijkheid voor de aangevers oplevert. Daarom wordt gewoonlijk geen gespeciticeerde aangifte van iedere soort geëischt bij invoer van krameryen, aardewerk, glaswerk, ijzer-, koper- en staalwerk, wanneer de waarde van de geheele colli geen f 200.— bedraagt. In de aangiften moet dan vermeld worden het bruto-gewicht, de voornaamste soorten van de voorwerpen, in de collis vervat, en de waarde van elk colli afzonderlijk. De Controleurs kunnen bovendien afwijkingen toestaan, wanneer in bijzondere gevallen de specificatie bezwaren ontmoet.

In andere gevallen, dan hiervoren bedoeld, kan echter (jeen genoegen worden genomen met aangiften als bijv. de volgende:

6 kisten en 3 manden, inhoudende 312 dozijn lampeglazen, roemers, ballons, bierglazen en dergelijk glaswerk meer, waarde ƒ 600.—,

of 14 kisten aardewerk, inhoudende 310 dozijn borden, kopjes met schoteltjes, melkkannen en dergelijk porcelein meer, waarde ƒ.... De laatste aangifte behoort te luiden:

Aardewerk in 14 kisten.

100 dozijn borden, waarde f.....20 dozijn kopjes

met schoteltjes, waarde ƒ...., 30 melkkannen, waarde f----, en andere voorwerpen van aardewerk, als eierdopjes, zoutvaatjes, lepels, enz., waarde f.... (Red.)

Zie nopens de aangifte van het ftrw^o-gewicht, ook aant. 2 op art. 10.

(7) Reeds bij res. van 25 Nov. 1825, no. 123, V. no. 163, en 24 Januari 1826, no. 147, V no. 16, werd beslist, dat voorwerpen, uit verschillende bestanddeelen vervaardigd, naar hun hoofdbestanddeel moeten worden belast, bijv. als: Houtwerk, Ijzerwerk, Koperwerk, enz.

Zie daarover ook de res. van 31 Dec. 1841, no. 158, V. 1842, no. 15.

(8) Zie nopens de aangiften volgens prijscourant, de artt. 123 en 254 der Alg. Wet.

(9) Art. 125 der Alg. Wet bevat bepalingen over verandering der aangifte in hoeveelheid, soort of waarde. Zie hieromtrent mede art. 17 van het Kon. besluit van 16 Sept. 1825, no. 110, V. no. 131; art 1 der res. van 23 Dec. lh\'43, no. 18, Y. 1844, no. 5; art. 3 der res. van 13 Maart 1829, no. 27, V. no. 26; de res. van 16 Januari 1835, no. 66, V. no. 29, en het arrest van den H. R. van 27 April 1841, Ned. Pasicr., biz. 56.

Verg. mede hieromtrent de aantt. op art. 125 Alg. Wet, Franken.

(10) Na de inwerkingtreding van het Tarief van 1862 wordt van alle vreemde voortbrengselen, zonder onderscheid, het daarbij uitgetrokken bedrag als recht geheven, zoodat de ambtenaren de tractaten in dit opzicht niet meer behoeven te raadplegen. Res. 23 Oc/. 1862, 80, 7quot;. wo. 115.

(11) Zie. nopens moderatie van rechten, art. 126 der Alg. Wet; art. 17 van het Kon. besluit van 16 Sept. 1825, no. 110, V. no. 131; art. 1 der res. van 23 Dec. 1843, no. 18, V. 1844, no. 5, en de res. van 6 Mei 1841, no. 70, V. no. 69.

Zie mede de aantt. op art. 126 Alg. Wet, Franken.

(12) Zie, omtrent de vrijdommen, de artt. 3, 5 en 6; de berekening der rechten, de artt. 8 en 9; de netto- en bruto-aangiften van goederen, naar het gewicht belast, de aantt. op art. 10, en, nopens de tarra en de korting, de artt. 10 en 14.

(13) Het invoerrecht kan door den Koning in bijzondere omstandigheden verlaagd of opgeheven worden, behoudens latere bekrachtiging bij de wet. Zie deswege, alsmede omtrent de maatregelen van wedervergelding, art. 17, met aant. 1.

(14) Zie aant. 1 op art. 18, nopens het te heffen formaatzegel.

(15) De Tariefwet van 1845 op 1 Aug. 1845 in werking tredende, werd bepaald bij Res. V. 1845, no. 105, dat de goederen, die reeds vóór 1 Aug. 1845 ingevoerd waren geweest, nog volgens art. 3 Alg. Wet belast en toegelaten moesten worden naar het oude tarief, terwijl daarentegen bij uitslag van goederen uit entrepot na 31 Juli van dat jaar, overeenkomstig art. 88 Alg. Wet de bepalingen van het riieuwe tarief moesten worden toegepast.

(16) De accijnsvrije goederen behoorlijk aangegeven zijnde, zal de uitrekening der rechten mogen worden overgelaten aan de ontvangers, en kan worden volstaan met de betaling van datgene, hetwelk door deze voor de rechten is uitgerekend, zijnde de ontvangers voor alle misrekeningen aan den lande verantwoordelijk, en de aangevers niet langer dan één jaar (a) na de aangifte gerechtigd tot de terugvordering van hetgeen te veel mocht betaald zijn, na welken tijd het zal blijven in het voordeel der Schatkist. Art. 124 Alg. Wet.

(a) De wettelijke termijn voor de teruggaaf van te veel betaalden accijns is 6 maanden na het jaar, waarin de betaling is geschied. Res. 30 Sept. 1871, no. 83, V. no. 110, § 11, lett. a.

Zie ook art. 2 der Wet van 8 Nov. 1815, S. no. 51, V. 1832, no. 155.

De bedoeling van vorenstaand art. 124 is blijkbaar alleen om den aangever van do berekening der rechten vrij te stellen en hem te vrijwaren voor de mogelijkheid, dat hij wellicht na geruimen tijd nog werd aangesproken tot bijbetaling van rechten, die hij, tengevolge eener verkeerde toepassing van het tarief of misrekening van den ontvanger, bij zijne aangifte niet had voldaan.


-ocr page 14-

Art. 1.

16

15

Dit artikel heeft echter geenszins de strekking 1 om de bepaling der verschuldigde rechten aan I den aangever over te laten, die in geen geval j minder kan betalen, dan hetgeen door den ontvanger is berekend. — De ontvanger is bij deze berekening niet gebonden aan de rubriek van het | tarief, waaronder de aangever zelf de goederen heeft gerangschikt, maar de ontvanger behoort zelf die rangschikking te bewerkstelligen naar de juiste specificatie, die, volgens het 3e lid van art. 120 der Alg. Wet, in de aangifte moet voorkomen. Acht zich de aangever met die rangschikking bezwaard, dan kan hij natuurlijk de rechten, die hij meent te veel betaald te hebben, terugvorderen binnen den termijn, bij vorenstaand art. 124: bepaald. (Red.)

Zie de artt. LXI en LXII van het Kon. besluit van 16 Nov. 1823, no. 88, V. 1824, no. 5, en art. 1 der res. van 23 Dec. 1843, V. 1844, no. 5, indien verschil van gevoelen bestaat nopens de te heffen rechten.

De termijn, genoemd in voormeld art. 124, is niet alleen van toepassing, wanneer de verkeerde berekening wordt ontdekt door de aangevers, maar ook indien de misrekening of verkeerde toepassing van het tarief wordt ontdekt bij de verificatie aan het Dep. van Financiën (b). Jics. 25 Mei 1830, tio. 147, F. 7io. 83.

(b) In overeenstemming gebracht met V. 1861, no. CC».

Voor verkeerde berekening van rechten voor reisbagage is de ambtenaar, die ze in ontvang heeft genomen, verantwoordelijk. Bes. 10 April 1872, no. 53, F. no. 38, § 7.

Zie, nopens de bedragen, die te min verantwoord zijn, en de terugvordering van te veel betaalde gelden, de res. van 30 Sept. 1871, no. 83, V. no. 110, met aantt., alsmede de res. van 10 Febr. 1892, no. 21, V. no. 15.

(17) Op de Tariefwetten van vóór 1862 zijn bij Renvooien inlichtingen gegeven nopens de tarifiëe-ring van niet in de tarieven genoemde goederensoorten. Voor zoover latere wetten of resolutiën daarin geene wijziging gebracht hebben, zijn deze wettelijke Renvooien opgenomen. Evenzoo zijn de Bijzondere Bepalingen, in de vroegere Tariefwetten voorkomende, vermeld, voor zoover zij eenige inlichtingen bevatten, hetzij voor de tarifiëering, hetzij voor de rangschikking ten behoeve der statistiek. (Red.)

(18) Ook is van onderscheidene resolutiën, die door de wijzigingen in de Tariefwet vervallen zijn, nochtans melding gemaakt met het oog op de daarin voorkomende wetenswaardigheden, die soms ophelderingen kunnen verstrekken bij het beoor-deelen der aangiften of der ingevoerde goederen, als anderszins. (Red.)

(19) Zooveel mogelyk, is achter elke belaste goederensoort het recht vermeld, terwijl bij de vrije goederen, in de laatste kolom, het woordje „ Yrij,: is aangeteekend.

Hier en daar moest van dien regel worden afgeweken, omdat de heffing van invoerrecht van eenige artikelen, bijv. van die, welke gerangschikt worden onder groenten, strooj), verfwaren, vruchten, enz., van de bijzondere gevallen afhankelijk is. (Red.)

(20) Bij vele vrije goederen wordt alleen, behalve het woord „Vrijquot;, de wet van 1862 of eene der vroegere Tariefwetten vermeld. Daar die goederen echter niet alle bepaaldelijk als vrijgesteld bij de aangehaalde wet genoemd worden, is de vermelding hier zeker niet overbodig, dat in dergelijke gevallen het artikel bij de aangehaalde wet voor het eerst van invoerrecht werd vrijgelaten. Zoo is beenzwart sedert de wet van 1862 vrij van invoerrecht en sinnak sedert de wet van 1854.

In de Tabel zijn deze goederen slechts in den volgenden korten vorm opgenomen:

Beenzwart, Wet 1862 Vrij.

Sumalc, Wet 1854 Vrij. (Red).

Statistiek.

(21) Volgens art. 6 der Instructie op de Statistiek, V. 1845, no. 215, is de Tariefwet van 1845 de grondslag voor de specificeering der in- en uitgevoerde goederen. Voor den maatstaf, waarnaar de opgaaf moet plaats vinden, wordt het Tarief van 1862 gevolgd. Zie daarover aant. 8 op V. 1864, no. 25. — Ten einde nu de gebruikers dezer Bijgewerkte Wet het raadplegen der Oftquot;. Verz. of der andere uitgaven te besparen, werd het wenschelijk geacht, door eene eenvoudige aanwijzing de ophelderingen te verstrekken, die men anders uit de Tariefwetten van 1845 en 1862 zou moeten putten.

Wat de Statistiek van den algemeen e n invoer en den doorvoer betreft, deze kan buiten beschouwing blijven, omdat de specificatie en de maatstaf daarvoor wordt aangegeven bij de res. van 30 April

1872, no. 87, V. no. 41, 13 Dec. 1873, no. 48, V. no. 139 § 9, 10 Dec. 1888, no. 42, V. no. 131, 5 Kov. 1889, no. 60, V. no. 109amp;, 4 Oct. 1890, no. 10, V. no. 102 en 29 Dec. 1890, no. 134, V. no. 135.

Hetzelfde is het geval met de afzonderlijke staten van den uitvoer. § 5 der res. van 13 Dec.

1873, no. 48, V. no. 139, heeft daarop betrekking, alsmede res. 22 Januari 1885, no. 70, V. no. 10.

Er is dus alleen rekening te houden met de gewone staten van den in- en uitvoer. Stat. nos. in, V, VI, VIII, IX, XI, XII, XIII en XIV, I. V. en D., nos. 32 en 34.

Zie deswege de Algemeene Instructie voor de Statistiek, toegevoegd aan de res. van 12 Nov. 1845, no. 45, V. no. 215, gewijzigd en aangevuld door die van 23 Febr. 1864, no. 9, V. no. 25, 24 Januari 1865, no. 38, V. no. 11 en 13 Dec. 1873, no. 48, V. no. 139.

De goederen worden opgegeven naar hunne ware benaming en alphabetisch gerangschikt onder den hoofdpost, waartoe zij behooren. De belaste en de vrije goederen, hoofdposten zijnde, worden door elkander ingeschreven, ook in alphabetische orde. De goederen, in het Tarief van 1845 niet bij name genoemd, worden alphabetisch verzameld onder de hoofdrubriek „alle andere goederenquot;. Zie hierover de artt. 6 en 7 der instr. V. 1845, no. 215; de res. 27 Dec. 1845, no. 56, V. no. 255, 5e antw.; de res. 30 April 1847, no. 158, V. no. 07, lie antw., en de res. 13 Dec. 1873, no. 48, V. no. 139, II, § 1.

Nopens de specificeer ing zijn bij onderscheidene resolutiën bijzondere voorschriften over eenige goederensoorten gegeven. Zie daaromtrent de lijst, opgenomen bij V. 1845, no. 215, de opgave in aant. 8 op V. 1864, no. 25, de lijst bij V. 1865, no. 11, alsmede V. 1885, no. 10; V. 1887 no. 80; V. 1889, no. 64; V. 1889, no. 109a en V. 1890, nos. 102 en 135.


-ocr page 15-

AAL. — AAN.

18

10 117

Om nu de inzage van de Tarief-n etten van 1845 en 1862 en de vorenbedoelde resolutiën niet noodzakelijk te maken, zijn die wetten en voorschriften, zoomede de vanwege het Dep. van Fin. nit-gegeven Statistiek geraadpleegd, en al de hoofdrubrieken, benevens de onderdeelen, die op de jaarstaten van don gewonen in- en uitvoer kunnen voorkomen, aangeduid mei het teeken * vóór de benaming, terwijl onder de aantt. de noodige inlichtingen over de splitsingen zijn opgenomen. Goederen, die niet naar aard of bestemming onder een der met * gemerkte goederensoorten kunnen worden gerangschikt, worden afzonderlijk alphabe-tisch opgenomen onder de rubriek „alle andere goederenquot;, die als laatste post op de statistieke jaarstaten voorkomt. Nopens dei maandstatistiek zie men V. 1865, no. 11.

De hoeveelheid der in- en uitgevoerde goederen wordt opgegeven overeenkomstig den maatstaf, waarnaar de rechten verschuldigd zijn. Vrije goederen worden naar het bruto-gewicht opgegeven. Voor de toepassing van dezen algemeenen regel neemt men echter den toestand van vóór de wet van 1877 in aanmerking. Eene uitzondering hierop maken do granen, welke vroeger bij den hectoliter belast waren ; deze moeten thans bij het gewicht, voor de niet-gestorte bij het bruto-gewicht, worden opgegeven. V. 1889, no. 109.

Balein, darmsnaren, fabriekt-,landbouw- enstoom-wei ktuirjen, enz. worden dus voor de statistiek van den invoer by voortduring naar de waarde opgegeven ; koeken (raap-, hennepkoeken, enz.) naar het gewicht) zeildoek per rot van 42 meter of minder, enz.

Bij enkele resolutiën zyn, nopens eenige goederen, andere voorschriften gegeven. Zoo worden o. a. goederen, met afschrijving ot onder restitutie uitgevoerd, naar de ne«o-hoeveelli3id opgegeven. Zie de artt. 8 en 9 der instr. Y. 1845, no. 215, aant. 8 op de res. Y. 1364, no. 25, en § 10, 2e lid der res. V. 1872, no. 41.

De in deze bijgewerkte Tariefwet n.et * aangeduide goederen moeten dus voor de statistiek van den invoer worden opgegeven naar den daarachter vermelden maatstaf voor de berekening der rechten (voor zoover het gewicht tot grondslag dient, van de 6cHlt;o-hoeveelheid de tarra af te trekken). Zijn de goederen vrij van invoerrecht, dan het ira/o-gewicht te vermelden, behalve wanneer onder do aantt. andere aanwijzingen voorkomen. Deze laatste regel geldt ook voor de statistiek van den uitvoer, behalve voor de hiervo-ren besproken onder afschrijving of restitutie uitgevoerde goederen. (Bed.)


ARTIKELE X (a) (/-).

Maatstaf.

Eechten.

(6)

AALBESSENGELEI, (de aalbes in suiker tot moes gekookt on lioofcl-zakelijk ten gebruike voor de koekbakkers bestemd), als Koeken banketbakkerswerk. Reis. 19 Maart 1863, no 77, V. no. 58, en 8 Sept. 1870, no. 50, V. no. 128, S 6, in aant. 1 op art. 2 der wet

V. 1870, 7io. 127....... ............

AALBESSENSAP, hot vocht, dat door persing van de aalbessen verkregen wordt, zonder eenige andere toevoeging (1). JRes. 19 Maart

1863, no. 77, V. no. 58.................

(1) Gewoon aalbessensap is ook niet aan accijns onderworpen. Res. 8 Sept. 1870, no. 50, T. no. 128, § 6, opgenomen in aant. 1 op art. 2 der Wet V. 1870, no. 127. AALBESSENSTROÜP, ingevoerd onder den naam van ssirop ra frai-chissant de groseilles des alpes, vermoedelijk geheel of grootendeels bestaande uit aalbessen of aalhessenmp met suiker gekookt, als Koek- en banketbakkerswerk. Res. 31 Dcc. 1864, no. 169, V. no. 133, en 8 Sept. 1870, no. 50, T\'. no. 128, § 6, opgenomen in aant. 1

op art. 2 der wet V. 1870, no. 127.............

AALBESSENWIJN, het vocht, dat door persing uit do aalbes verkregen wordt, doch gegist en met suiker aangezet, is alleen aan den accijns als Wijn onderworpen. Artt. 2 cn 41 der wet van 20 Juli 1870, «S\'. en V. no. 127, en § 6 der res. van 8 Sept. 1870, no. 50,

V. no. 128, op eerstgenoemd artikel aangeteekend........

AAMBEELDBLOK, als Ijzer, ijzerwerk, enz. (Red.).......

AAMBEELDEN. Zie den post Ijzer............

AAMBEELDJES, voor goud- en zilversmeden, enz. Res. 5 Dec. 1890,

no. 20, V. no. 124 ...................

AANAARDPLOEGEN, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. G Oct. 1862, S. no. 179, V. no. 101, art. 1, en Wet 1877.......................

100 kgr.

ƒ 25.00 Vrij

100 kgr.

ƒ 25.00

Vrij 5 pet. 5 pet.

5 pet. Vrij

waarde waarde

waarde

(а) Zie hierbij de „Inlichtingen,quot; opgenomen vóór do Wet omtrent de mededeelingen in deze Tabel, nopens de toepassing der wet en de taritiëering van goederensoorten, met ,.Eed.quot; onderteekend, alsmede ten aanzien der niet in de Verz. voorkomende resolutiën, waarnaar in de Tabel wordt verwezen.

(б) Yerg. mede de aantt. 17—21 op art. 1, speciaal aant. 19. wat aangaat de vermelding in kolom 3, betrekkelijk de vrije goederen, en aant. 21, wat betreft de met * geteekende goederensoorten, ten dienste der samenstelling van de statistieke staten wegens den in-, uit- en doorvoer.

te

-ocr page 16-

AAN — AAK.

20

19

ARTIKELE N.

AANPLAKBILJETTEN, enkel in lijsten vervat en niet van glas

voorzien (1). Red....................

Cl) Zie hierbij ook aant. 1 met noot h op Steendruk. AANZETWERKÏUIGEN (1), als Gereedschappen. (Red.). . . .

(1) Deze vrystelling wordt ook toegepast op die a an zetwerk tuigen, waarop een laag amaril is aangebracht. (Bed.)

Verg. hierbij Zeisensteencn en Zeisenscherpera.

AARDAKERS, als Groenten. Renvooi, Wet 1845 .......

♦AARDAPPELEN. Wet 18G2................

„ Gedroogde, in luchtdichte, doch niet in luchtledige (1) bussen gepakt, als Aardappelenmeel-fabrikaten, niet afz. belast.

(Red.)

(1) Verg. hierbij aant. 9 op Koele- en banketbakkersirerk.

AARDAPPELENBESPBOEIERS. Zie Pulverisateurs.....

AARD APPELEN-DEL VERS, SCHILLEKS en SORTEERDERS, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. IS. 0 Oct.

1862, S. no. 179, V. no. 101, art. 1, en Wet 1877........

AARDAPPELENKOEKEN, bestemd voor beestenvoeder, als Koeken.

(Red.)

*\'AARDAPPELENMEEL (1). Hes. 10 Oct. 1802, no. 105, V. no. 105, cm 19 Maart 1863, no. 77, V. no. 58..........

(1) Zie, nopens de kenmerken, ter onderscheiding van aardappelen-meel en vaste glucose of druivensuiker, de res. van 13 Aug. 18(i(!, no. 38, V. no. 117, aangeteekend op Druivensuiker.

„ niet eene fijne soort van witte klei of pijpaarde vermengd en bestemd tot het sterken van manufacturen cn garens (Mac Kean\'s Patent Size) als Aardappelenmeel. Hes. 28 Md

1870, no. 65, F. no. 78...............

„ Zoet-aardappelenmeel, in vasten toestand, als Druivensuiker, en in vloeibaren toestand, als Aardappelenstroop. (Red.) \'AARDAPPELENMEEL-FABRIKATEN, NIET AFZONDERLIJK BELAST (1) (2) ......................

(1) Hieronder worden alleen die aardappelenmeel-fabrikaten begrepen, welke niet afzonderlijk in het tarief zijn belast. Jles. 10 Oct. 18()2, no 105, V. no. 105.

Bij de wet van 1845 werden bedoelde fabrikaten met den minder juisten naam van uit „aardappelenmeel vervaardigde surrogatenquot; aangeduid. (Bed.)

(2) Zie hierbij ook het artikel Meelpraeparaten.

AARDAPPELENMEEL-FABRIKATEN. Afval van—, als Aardappelenmeel. lies. 15 Febr. 1854, no. 67...........

AARDAPPELENSTROOP (1), als Stroop, niet meer dan 10 percent vaste voornamelijk uit greinachtige suiker samengestelde bestand-deelen bevattende. Zie Suiker (2). Hes. S Mei 1863, no. 43 . . .

(1) Zie hierbij aant. 4 op Druivensuiker.

(2) Nopens de heffing van accijns zie men aant. 2 op den post Suiker. AARDBEZIËN, als Vruchten, alle versche, enz., niet afz. belast.

Jies. 12 Mei 1858, no. 39, V. no. 48.

AARDBEZIËN-AETHER. Zie aant. 10 op don post Gedistilleerd. quot;AARDE voor aardewerk, porselein-, pot-, pijp-, lood- of glazuur- en volaarde, mitsgaders Keulsche-, suikerbakkers- en roode aarde.

Wet 1845 ....................

„ Gele —, als Verfwaren. Renvooi, Wet 1845. „ quot;Ijzeraarde en Gietzand, eene soort van bruingele aarde, in den regel uit Belgiö komende, die o.a. gebruikt wordt tot vervaardiging van vormen in metaalgieterij cn, en waarvan het onmogelijk is een mortel te maken, die in het water

versteent. Res. 15 Oct. 1864, no. 70, V. no, 95......

„ quot;Roode, gemalen. MTet 1862.............

„ Schuimaarde (gebruikt beenzwart), als Mest, niet afz. belast.

Renvooi, Wet 1854.................

„ Stroop- of suikeraarde (gebruikte), als Mest, niet afz. belast.

Renvooi, Wet 1854.................

AARDEN BUIZEN. Zie Gasbuizen, alsmede aant. 1 op Retorten.

Ia at.sta f. | Bechten.

100 kgr.

100 kgi\'.

Vrij

Vrij Vrij

Vrij

Vrij

-ocr page 17-

A R T I K E L E N.

Maatstaf.

Rechten.

AARDEN BUIZEN en PIJPEN, dienende voor waterleiding (1), riolen, draineeren en dergelijke, ook dan wanneer ze van gedroogd cement vervaardigd zijn, als Pottenbakkerswerk; zie Aardewerk. Res. 17 Oct. 1883, no. 6, V. no. 90 . . .

(1) Zie hierbij ook Gasgeleiders.

„ DOPJES. Zie Dopjes.

„ POTJES voor eene wolspinnerij, als onderdeelen (2) van Fabriekswerktuigen. (Red.)............

(2) Zie aantt. 3 en 4 op fabriekswerktuigen.

„ TABAKSPIJPEN. Zie den post Aardewerk......

AARDEWERK (A).

s{5) Porselein (1) en aardewerk van alle soorten, niet

afzonderlijk belast (B)..............

„ *P ottenb akkerswerk (2), suikerbakkeesvormen (3), zoo

nieuwe als gebruikte...............

„ *Aarden tabakspijpen (4). . quot;...........

„ *(6) Smeltkroezen, vervalt. Wet 1877 en Res. (5 Juni 1877, no. 71, V. no. 44, § 3................

Bijzondere Bepalingen.

(A) Gebakken steen en aarden huis- en dakpannen worden van den post aardewerk uitgezonderd.

(B) Onder kramerij worden gerangschikt de kleine voorwerpen van porselein en aardewerk, zooals schoorsteenornamenten, inktkokers, sigarenhouders en dergelijke, wanneer zij, met andere kramerij gepakt, ingevoerd worden (a).

{(i) Do wet stelt thans uitdrukkelijk tot voorwaarde, dat het hier bedoelde aardewerk, om als Kramerij te worden toegelaten, met andere kramerij gepakt ingevoerd moet worden, lies. 10 Oct. 1862, no. 105, Vr. no. 105, la.

Zie hierbij ook aant. 2 op Kramerij.

(1) Alle soorten van porselein zijn thans even hoog belust; loch is het zeker niet doelloos, al ware het alleen maar ter wille der wetenswaardigheid hier aan te teekenen, dat het verschil tussehen Fransch en ander vreemd porselein omschreven is in de res. van 25 Maart 1840, no. 107, V. no. 55. (Ked.)

(2) Bij de toepassing van het Tarief van rechten moeten onder het Pottenbakkerswerk, alleen worden gerangschikt de voorwerpen vervaardigd uit gewone kleiaarde, in het ruwe gebakken en al of niet verglaasd. De soorten van aardewerk, in den handel bekend onder den naam van siderolith of tcrrolith of wel rictoria, welke, hoezeer uit eene andere grondstof, op dezelfde wijs als het fijne werk vervaardigd zijn en niet met glazuur, maar met een gebronsd vernis zijn bedekt, worden alzoo gerangschikt onder het Aardewerk van alle soorten, niet afz. belast. Res. 30 April 1863, no. 1)4, V. no. 65.

(3) Deze voorwerpen kunnen niet als gereedschappen vrij van invoerrecht worden toegelaten, daar zij in den tariefpost Aardewerk zijn genoemd. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 06.

(4) Hieronder worden ook begrepen die aarden tabakspijpen, welke met caoutchouc gemonteerd zijn. Ros. 10 Sept. 1861, no. 60.

Zie verder de onderscheidene soorten Tabakspijpen.

(5) Voor de Statistiek te splitsen in:

Aardewerk, porselein en Aardewerk, fijn van alle soorten, (lied.)

(6) Voor de Statistiek van den invoer naar de waarde op te geven. (Ked.)

^AARDEWERK. Gebakken steen (7). Wet 18G2........

„ *Huis- en dakpannen (7). Wet 1862 .........

(7) Zie de Bijz. Bepaling hiervoor.

AARD- OF GEONDNOTEN. al dan niet nog in de peul of den dop

bevat (1). Res. 17 Aug, 1881, no. 31. V. no. 62........

(1) Verg. Amandelen, Cura^aosche —, alsmede Grond- en ivoornoten.

AARD-OLIE, als Olie, niet afz. belast. Res. 6 Juni 1877, no. 71,

V. no. 54, § 5 en Wet 1877................

ABBERDAAN (1), als Gezouten kabeljauw ; zie Visch, allerhande,

enz. Renvooi, Wet 1845 .................

(1) Zie ook Ldhberdaan.

ABRAUMZOUT. Zie Choormagnesiumhoudend Kalizout . . . ABRIKOZEN, gedroogde en gespleten, zonder toevoeging van suiker, als Vruchten, versche of gedroogde, niet afz. belast. (Red.) . . .

waarde

5 pet.

Vrij 5 pet.

5 pet.

5 pet. 5 pet

waarde

waarde

waarde waarde

Vrij

Vrij Vrij

Vrij

ƒ 0,55 Vrij Vrij 5 pet.

100 kar.

waarde

-ocr page 18-

ABK. - A ET.

24

2;i

A K T I K E L E If.

Rechten.

Maatstaf.

ABEIKOZEXMOES. Zie onder Moes............

ABRIKOZEPITTEN als Amandelen. Re*. 30 Dec. 1893, no. 85,

V. no. 120......................

ABS VjSTHE. Extrait d\' —, als Gedistilleerd (1). Res. 4 .Juli 1843, no. 127, V. no. 102...................

(1) Zie, nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op Gedistilleerd.

ACCOEDÉOXS, als Muziekinstrumenten; zie Instrumenten. Ren.

(i Nov. 1855, «o. 89, V. no. 103............

„ kleine en van zeer geringe waarde, die in den handel gewoonlijk bij het dozijn of gros verkocht worden, als Kramerij (1).

Res. als voren...................

(1) Verg. hierbij res. 12 Jan. 1860, no. 52, opgenomen in aant. 2 op den post Intitruwcnicn.

ACCUMULATOR. Luchtdruk-accumulator, ten dienste eener stoom-

oliepers. (Eed.)....................

ACCUMULATOEEN, ter verzameling en overbrenging van electrici-teit (1), als Instrumenten, physische. Res. 8 Nov. 1890, no. 62, F. no. 113 .... -.............

(1) Hierbij te raadplegen aant. 1 op Electrische toestellen. „ IJzeren bewaarkasten voor samengeperste lucht, ten gebrnike

bij vischtorpedo\'s, als Ijzerwerk. (Red.)........

„ Looden platen voor —, als onderdeden van Instrumenten,

physische. De Fiscus, no. 475. hlz. 49.........

ACETAAT, Amyl-acetaat. Zie Amyl-acetaat.........

„ Calcium- en natriumacetaat. Zie den post Azijn.

ACETAS AETHYLICUS, als Azijn-aether (1). (Eed.)......

(1) Zie hierbij den post Gedistilleerd met de Bijz. Bepaling daarop, en aant. 10.

ACETATEN (azijnzure zouten), andere dan natrium acetaat en calcium

acetnat. Res. 17 3Iei 1889, no. 4, V. no. 52, § 15.......

ACETON (1), als Chemicaliën, niet af/,, belast. (Eed.)......

(1) Zie, nopens den aard van dit artikel, de Fiscus, no. 443, blz. 254.

ACHTER- en VOORSTUKKEN van laarzenschachten. Zie aant. 1 op Laarzen.

ACIDUM ACETICUM AEOMATICUM, als Azijn. (Eed.)

ADAMS- of CEDEEAPPELEN, als Vruchten. Renvooi, Wet 1S45. ADRESKAARTEN (1), als Papier, kaartpapier. (Eed.)......

(1) Wanneer de adreskaarten wegens de daarop gedrukte adressen niet voor algemeen gebruik en dus evenmin voor verkoop door marskramers, in galanterie- of speelgoedwinkels geschikt zijn, maar alleen bruikbaar zijn voor den fabrikant of handelaar, die langs dien weg zijn adres wil verspreiden, dan worden ze vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.)

Verg. hierbij den post Papier met de aantt., alsmede het artikel Jicclamekaa rte n.

„ Bedrukte blikken —, als Blikwerk. (Eed.)......

ADEIMITT-EOZIJNEN (1), al of niet voor azijnmakcrijen bestemd,

als Rozijnen, niet afz. belast. (Red.)............

(1) Deze rozijnen zijn herkomstig van Adrimili, gelegen in Klein-Azië, aan de golf van dien naam. (Red.)

Zie hierbij de aantt. op Rozijnen.

AETHER. Aether aceticus, als Azijn-aether (1). (Red.).....

,, Aether nitrosus, als Gedistilleerd, alle verdere dergelijke

uit of met alcohol bereide stoffen (1). (Eed.)

„ Aether sulfuricus (1). A\'. Ji. 17 Mei 1877, S. no. 100, V. no. 53,

art. 1.....................

„ Aethyl-aetcr (2). Zie Aether sulfuricus hiervoor . . . . ., Azijn-aether (1). A\'. Ji. 17 Mei 1S77, S. no. 106, V. no. 53, art. 1. ,, Bofcer-aether (3), als Gedistilleerd, alle verdere dergelijke

uit of met alcohol bereide stoffen (1). Eed.) „ Mieren-aether, als Gedistilleerd, alle verdere dergelijke uit

of met alcohol bereide stoffen. (Eed.)

„ Petroleum-aetber, als Olie, niet afz. belast. Res. 23 Mei 1871,

no. 12, V. no. 03, en II et 1877 ............

,, Salpether-aether, als Gedistilleerd, alle verdere dergelijke uit of niet alcohol bereide stoffen (1). (Eed.)

waarde

100 kgr. de HL ad 50 pet.

5 pet.

ƒ 4.00 3.50

5 pet. 5 pet.

Vrij 5 pet.

waarde waarde

waarde

waarde waarde

het kgr.

5 pet.

5 pet. Vrij

ƒ 1-20

V rij Vrij

waarde

5 pet.

waarde 100 kgr.

het kgr.

5 pet. ƒ 1.00

.. 1.20

hot kgr. het kgr. het kgr.

„ 2.20 „ 2.20 „ 1.20

100 kgr.

0.55

-ocr page 19-

AET. — AFV.

26

I

A R T IKE L E N.

AETHER. Vruchten-aether, hoewel geen alcohol bevattende, wordt tocli belast, als Gedistilleerd, alle verdere dergelijke uit of met alcohol bereide stoften (1), omdat aan te nemen is, dat deze aether uit alcohol vervaardigd wordt. (Red.)

(1) Zie hierbij den post Gedistilleerd met de Jiijz. Bepaling daarop en aantt. 10 en 15,

(2) Zie nopens de bereiding van acthi/lacthcr, ook wel genaamd aether sulfuricus of sicavelaelher, de Fiscus, no. 438.

(3) Boter-aether bestaat ongeveer voor één derde uit samengestelde aethers van vluchtige vetzuren, waaronder ook boterzuur, en voor twee derden uit gedistilleerd van ongeveer 70 pet. (Ked.)

AETHERISCHE OLIËN. Zie aunt. 10 op Gedistilleerd. AETHERS. Zie aant. 10 op Gedistilleerd.

AETHYL-AETHER (1). Zie Aether sulfuricus, opgenomen in de

Jiijz. Bepaling op den post Gedistilleerd..........

(1) Zie aant. 2 op Aether.

AETHYL BENZYLANILINE, als Olie, niet al\'z. belast. Be Fi.tcus

no. 432, blz. 145....................

AETHYL CHLORIDE, als Gedistilleerd, alle verdere dergelijke uit of met alcohol bereide stoften. (Red.)

AFBEELDINGEN. Zie aant. 1 op Prenten of Platen.....

„ Lithografische —. Zie Lithografische afbeeldingen. „ Photographische —. Zie Photografische afbeeldingen. AFFUITEN, houten (1), als Wagenmakerswerk. (Red.) .... „ ijzeren (1). als Ammunitie, geschut, ijzeren. (Red.) .... (1) Tegelijkertijd ingevoerd met het geschut, waarvan zij een deel uitmaken, worden zij met dat geschut te zamen belast als een geheel, onverschillig of de att\'uiten van hout of ijzer zijn. (Red.)

AFKANTMACHINES. Zie Machines, wals- en afkantmachines. AFGIETSELS van was, gips of galvanoplastiek en dergelijke voorworpen voor Rijksmusea bestemd. Zie Oudheden......

AFRIKAANSCHE NOTEN. (Rod.).............

AFROOMLEPELS. IJzeren —, als Gereedschappen (1). AVn. 19 JVov. 1886, vu. 15, V. no. 105.................

(1) Zie hierbij aant 5 op Gereedschappen.

AFSLUITERS. Zie IJzeren Afsluiters, alsmede Stoombuizen. AFSLUITKRANEN. Brand- en afsluitkranen, kraankasten, straat-koppen (1) en andere onderdeden van waterleidingen (2) (3). lie*. 2 Aug. 1888, no. 22, V. no. 92..............

(1) Zie hierbij aant. 1 op Straalkoppcn

(2) In de Bijs. bepaling, op den tariefpost Ijzer, zijn alleen gegoten of getrokken ijzeren buizen voor waterleidingen vrijgesteld. Res. als voren.

(3) Verg. hierbij ook Stoomafsluiters.

AFTREKSELS van verfhout. Zie Verfhout-extract, alsmede aant. 1 op Verfwaren.

AFVAL van aardappclenmeel-fabrikaten, als Aardappelenmeel. 1\'ex.

15 Febr. 1854, no. 67................

„ van beenen knoopen en alle andere afval van been, als

Beenderen. Renvooi, Wel 1845 ...........

„ (1) van beetwortelen (pulpe) tot beestenvoeder bereid, welke beetwortelen tot het fabriceeren van suiker hebben gediend. Bes. 11 Rov. 1858, no. 78, V. nu. 106, en Wel 1862 .... (1) Voor de Statistiek afz. op te geven; zie onder Beetwortelen, (lied.)

„ van cacao. Zie Cacao...............

„ van gedroogde appelen, zooals schillen, klokhuizen, enz. (Red.)

„ van hennep. Zie Werk..............

„ van huiden, vellen, leder en perkament (1), als Lrjmvleesch. llcwooi. Wet 1845.................

(1) Hieronder zijn niet begrepen de zijstukken van gelooide huiden, waavan de middelstukken of ruggen zijn uitgesneden, als behoorende ouder gelooide en bereide huiden. Ouder afval van leder kan niet anders worden verstaan, dan zoodanige snippers van gelooide en bereide huiden en vellen, die hoegenaamd geene waarde of geschiktheid hebben, om door schoenmakers, zadelmakers of kofifermakers gebruikt te kunnen worden. Res. 31 Maart 1841, no. 43, V. no. 50, en 11} Febr. 1849, no. 71, V. no. 13, en Bijzondere Bepaling, Wet 1850.

Maatstaf. Rechten.

het kgr. 100 kgr.

./\' 2.20 „ 0.55 Vrij

waarde 100 kgr.

5 pet. /\' 1.25

Vrij Vrij

Vrij

waarde

5 pet.

Vrij Vrij

Vrij

Vrij Vrij Vrij

Vrij

-ocr page 20-

AFV. — AG A.

28

A K T I K E L E N.

AFVAL, van ijzer. Zie onder Ijzer.............

„ van ivoor, als Tanden, Elephants-. Renvooi, !(\'«/ 1S45. . . „ van jute en hennepgaren, als Hennep. Res. 27 April 1861,

no. 109.....................

„ van katoen en katoenen garen, als Katoen, ongesponnen.

Renvooi, Wet 1854 .................

„ van koper. Zie onder Koper............

,, van kurk (1), geperst tot bladen. (Red.)........

(1) Gehalveerde huizen van gemalen en geperst afval van kurk, dienende tot omkleeding van verwarmingsbuizen, worden vrij van invoerrecht toegelaten, evenals andere voorwerpen, vervaardigd van afval van kurk, welke ter voorkoming van te groote warmte onder kachels of vuurhaarden worden gebezigd. (Ked.)

„ van laken en andere wollen stollen, die bij het scheren verkregen wordt. Res. 7 Aurj. 1861, no. 35, F. no. 76, en Wet 1862.

„ van naphta, als Olie, niet afz. belast. (Ked.)......

,, van nesten. Zie onder Zijde............

„ van palmpittenkoeken, als Koeken, raapkoeken, enz. (Ked.) „ van paraffine (1) (bruine koolteerolie) als Olie, niet afzonderlijk belast. (Red.)................

(1) Zie hierbij Paraffine.

„ van petroleum wordt als Smeer (zie Roet) vrij van invoerrecht toegelaten, mits daarin geen petroleum meer aanwezig is (1). (Red.).................

(1) Is het ingevoerde artikel echter oen uit ruwe petroleum verkregen bijproduct, geschikt tot het smeren van werktuigen, tot het bereiden van gas, of tot andere doeleinden eu dus niet als afval te beschouwen, dan wordt het gerangschikt onder Olie, niet afz. belast. (Ked.)

Verg. Astallci en Para residium.

„ van pincops, volgens Renvooi, Wet 1850 (1), gelijkgesteld met Afval van katoenen garens, moet dus, blijkens Renvooi, Wet 1854, gerangschikt worden onder Katoen, ongesponnen.

(1) Dit renvooi stemt overeen met de res. van 30 Oct. 1849, no. 127, V. no. ilO, waarbij tevens wordt medegedeeld, dat afval van pincops afkomstig is uit de callicotsweverijen, en ongeschikt wordt geacht voor garen of tot herspinning, maar daarentegen veelal gebruikt wordt tot het schoonmaken van stoommachines en van rijtuigen of tot het inpakken van fabriekswerktuigen.

„ (1) van rijst, waaronder verstaan wordt gemalen afval van rijst, in den grond gehêel van rijstmeol en andere meelsoorten onderscheiden en hoofdzakelijk als veevoeder gebruikt wordende. Res. 18 Nov. 1862, no. 98, V. no. 125.......

(1) Zie nopens de Statistiek aant. 4 op Granen. „ van runderen, als pens, long enz. mits zich daaraan geen vleesch bevindt, of daarmede gelijk tij dig wordt ingevoerd. (Red.) „ van ruwe katoenpittenolie, bevattende eene ruime hoeveelheid door soda verzeepte olie (Soapstock), als Zeep. (Red.) „ van sigaren en afgesneden einden, kunnende dienen als grondstof voor een nieuw fabrikaat, als Tabak, in rollen,

enz. (Red.)....................

„ van traan (Sod-oil). (Red.)..............

„ van Turksch garen. Zie onder Garens........

„ van vlas, als Vlas, ruw of ongehekeld. Renvooi, Wet 1845 . „ van wol en van wollen garen, als Wol, schapenwol, van alle soorten, kunstwol, enz. Res. 14 Any. 1849, no. 52, F. no. 72

en Renvooi, Wet 1854................

AFVOERPIJPEN, VERGADERBAKKEN, ELLEBOGEN en VERBINDINGSSTUKKEN van ijzer, bestemd tot den afvoer van water

van daken (1), als Ijzerwerk. (Red.)...........

(1) Zie aant. 12 op Uzer.

AGAAT. Gamees uit—, als Kramerij. Res. 18 Sept. 1868, no. 33, F. no. 101......................

Maatstaf.

100 kgr. 100 kgr.

100 kgr.

waarde

waarde

-ocr page 21-

AG A. — AM A.

30

29

A R ï I K E L E N.

AGAATSTEEN, als Juweelen. Renvooi, Wet ISquot;)-!.......

AGAATSTEEN. Voorwerpen vervaardigd uit —, als Kramerij. Res. 12 Juli 1849, no. 42, F. no. 56 (1).............

(1) Bij vorenstaande resolutie worden de navolgende voorwerpen opgenoemd; servetbanden, fruitmessen, voawbeenen, zandlepels, zandbakjes, cachetten, papier-drukkers, pennenhouders, inktkokers, sigarenkokers enz.

Zie hierby aant. 1 op Edelgesteenten.

AGATINUM, een geneesmiddel. (Eed.)............

AHOENSUIKEB (i) is enkel aan accijns onderworpen als Suiker. (Eed.)

(1) Deze suiker, donker geel van kleur, wordt meerendeels ingevoerd in regelmatige stukken, en komt in aard en samenstelling met de gewone suiker overeen. (Bed.)

AJUINZAAD. Zie onder Zaad..............

ALBAST. Zie onder Steen................

ALCANA-WüETEL. Een vetstof, niet behulp van alcana-wortel gekleurd, gebezigd wordende door fabrikanten, drogisten, enz. tot het bereiden van rooden terpentijn en boenwas, wordt, ook in kleine verpakking, vrij van invoerrecht toegelaten, als zijnde gelijk te

stellen met Alcannine. (Red.)..............

ALCANNINE, eene kunstmatige teerkleurstof, in papachtigen staat, niet aangemengd met alcohol, houtgeest of olie, en verpakt in

kleine busjes. (Eed.)..................

ALCOHOL (1), als Gedistilleerd..............

(1) Zie, nopens recht en accijns, aantt. 1 en 11—13 op Gedistilleerd.

,, Amyl-alcohol, als Chemicaliën, niet afz. belast (1). (Red.) . (1) Zie hierbij aant. 1 op Foczclolie.

ALFA of ALFAGRAS (1). Res. 18 Juli 1808, no. 57, V. no. 83 . . .

(1) Zie hierbij Plantcnhaar, alsmede Zeegras.

ALIZARI, eigenlijk gezegde —. Zie Meekrap.........

ALMANAKKEN (1), geparfumeerde, als Kramerij. (Red.) .... „ Plakalmanakken en zakalmanakken, als Drukwerk of Steendruk (2). (Eed.)...............

(1) Zie hierby Kalenders.

(2) Drukwerk en Steendruk worden, krachtens Eenvooi, Wet 1815, gerangschikt onder Boeken.

ALPINE-MELKMEEL, zijnde beschuit, gedrenkt met melk, gedroogd en tot poeder bereid, als Koek- en banketbakkerswerk. De

Fiscus no. 185, blz. 252 .................

ALPISTER of KANARIEZAAD. Zie onder Zaad.......

ALSEMPOEDER, als Drogeryen. De Fiscus no. 457, blz. 389 . . .

ALUIN, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845 ..........

ALUINAARDE. Azijnzure — (mordant de terre rofractère) als Hout-zure aluinaarde (1). (Eed.)...............

(1) Zie de Rijs. Bepaling op den post Azijn.

ALUINAARDE. Houtzure — (pyrolignite d\'alumine). Zie du Bijs.

Repalinij op den post Azijn...............

ALUMINIUM. Voorwerpen van —. Zie den post Nieuwzilver . . „ Buizen, staven en draad van —. Zie aant. 1 op Nieuwzilver, in platen enz................

\'AMANDELEN....................

AMANDELEN. Curatjaosche — (het zaad der plant Arachia hypogaea, grond- (1) of aardnoot), hetzij ze nog in de peul bevat zijn, en daardoor geschikt om geroosterd gegeten te worden, hetzij ze ontdaan zijn van do peul, ook wel genaamd gintjuba, en dienende tot grondstof voor de bereiding van olie. Ren. 31 Juli 1869, no. 44, V. no. Ill

en 17 Aug. 1881, no. 31, V no. 62.............

(1) Zie hierbij Grond- en ivoornoten.

AMANDEL-OLIE. Bittere —, als Reuk- en parfumeurs war en.

Res. 20 Juni 1868, na. 59, V. no. 73 en Wet 1877 .....

„ Zoete — als Olie, niet afz. belast. Res. 20 Juni 1868, no. 59,

V. no. 73, en Wet 1877. (Eed.)............

AMANDELPELMACHINES. Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105 .

Becutex.

Vrij 5 pet.

waarde

Vrij Vrij

Vrij Vlij

Vrij

Vrij ƒ 3.50 Vrij Vrij

Vrij 5 pet.

Vrij

de HL. ad 50- pet.

waarde

100 kor.

/\' 25.00 \' Vrij Vrij Vrij

Vrij

Vrij 5 pet.

Vrij f 4.00

waarde

100 kgr.

Vrij

waarde

100 kgr. waarde

5 pet.

ƒ 0.55 5 pet.

-ocr page 22-

AMA. — ANIJ.

31

32

A E ï I K E L E N.

Maatstaf.

Hechten.

arde kar.

5 jict. ƒ 4.00 V ri) Vrij

Vrij Vrij

Vrij Vrij

f 0.55 ƒ 0.55 Vrij

wa; 100

100 100

[gr. \'gr.

100 kgr.

f 2.00 \' Vrij

waarde 100 kgr. 100 kgr. 100 kgr.

5 pet. f 7 50 „ 1.25 „ 0.75

Vrij

V rij

Vrij

V rij

Vrij

5 pet. Vrij

waarde

AMANDELWKIJFMACHINES. Bes. 5 Dec. 1890. nu. 20, V. no. 124.

AMANDEL-ZEEP, als Zeep, geparfumeerde. (Eed.).......

quot;AMAEIL, ongemalen (1). HVlt; 1854.............

„ *gemalen (1). V.\'et 1862...............

(1) Ook bij invoer in busjes wordt amaril vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed.)

AMAEILVIJLEN, als Gereedschappen. (Eed.)........

AMAZOONSTEEN, als Juweelen. Renvooi, Wet 1845 ......

AMBEE. Grijze —, in oorspronkelijkeu staat ingevoerd, als Drogerijen. lies. 19 Febr. 1803, no. 115. Zie ook Renvooi, Wet 1822 . .

AMETHISTEN, als Juweelen. Renvooi, Wet 1845 .......

AMIDO AZOBENZOL, als Olie, niet afz. belast. De Fiscu* no. 432,

blz. 145.......................

AMIDOBENZOL. Zie Aniline...............

AMIDOL (1), in kleine verpakking (2). (Eed.).........

(1) Amidol is een fijn -wit poeder en wordt ingevoerd in flesehjes van 50 gram en meer. Het artikel dient tot photographische doeleinden. (Eed.)

(2) Zie, nopens hetgeen onder kleine verpakking is te verstaan, aant. 1 op Verfstoffen, niet in olie gewreven.

AMILMEEL, als Aardappelenmeel-fabrikaten, niet afz. belast.

Res. 5 Febr. 1847, no. 96.................

AMMONIAK. Zie aant. 1 op Gom.............

AMMUNITIE (1)

„ ^Allerhande klein schiet- en handgeweer, als: snaphanen,

karabijnen, pistolen en pistoolholsters, pieken, hellebaarden, degens, sabels, bajonetten en alle andere lichte oorlogsinstrumenten, harnassen, stormhoeden, gevesten-voor degens of sabels, gemonteerd op ongemonteerd, alsmede geweer- en pistoolkogels (2).........

„ ^Geschut, metalen — (A)..............

„ -Geschut, ijzeren — (A) (3)............

„ ^kanonkogels..................

Bijzondere Bepalingen.

(A) Metalen of ijzeren kanonnen die door het afhakken der tappen, of op eene andere wijs onbruikbaar zijn gemaakt, om als geschut te dienen, worden als oud ijzer of als Olld koper van dezen post uitgezonderd.

(1) Zie hierbij aantt. 1 en 2 op Buskruit, zoomede het artikel Patronen met aant. 1 daarop.

(2} Hagel is vrijgesteld van invoerrecht bij Wet 1877.

(3) Onder ijzeren geschut vallen ook stalen kanonnen. (Eed.)

Mede worden hieronder gerangschikt ijzeren machinedeelen, uitmakende eene lanceerinrichting voor eene torpedoboot. (Ked.)

AMYL-ACETAAT, ook wel azijnzure amyl genoemd, bevat geen alcohol noch azijn-aether of eenigen anderen belastbaren aether en is niet geschikt tot bereiding van azijnzuur, als Chemicaliën, niet

afz. belast. (Eed.)...................

AMYL-ALCOHOL, als Chemicaliën, niet afz. belast (1). (Ked.) . .

(1) Zie hierbij aant. 1 op Foezelolie.

AMYLUM (krachtmeel). (Eed.)...............

ANANAS-AETHEE. Zie aant. 10 op den post Gedistilleerd. ANANASSEN, als Vruchten, alle versche enz., niet afz. belast.

Res. 12 Mei 1858. no. 39, V. no. 48.

ANHYDEID (1), als Zout, ruw (2). (Eed.)..........

(1) Anhydrid is een afval van Wvrtembergsch mijnzont, komt voor als oen grijs poeder, vermengd met zoutkristallen, en bevat chloornatrium en watervrije zwavelzure kalk. (Eed.)

(2) Ruw zout is alleen aan aceijns onderworpen. Zie aant. 1 op Zout.

ANIJS. Staranijs, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845.......

ANIJSOLIE, als Reuk- en parfumeurswaren. AV«. 11 i)/«acn872,

no. 53, V. no. 24, en 1!gt;/ 1877 ..............

ANIJSZAAD, als Drogerijen. Renvooi, Wel 1845 ........

-ocr page 23-

A E T IKE L E N.

ANILINE (phenylamine, amidobenzol) eeno olieachtige vloeistof, verkregen nit nitrobenzol (1) en voornamelijk dienende tot het vervaardigen van kleurstoffen, als Olie, niet afz. belast. He*.

21 Dec. 1892, no. 110, V. no. 125..............

(1) Zie daarover Weekblad, uo. 108i.

ANILINE KLEURSTOFFEN (fuchsine, raagentarood, enz.) en in het algemeen alle uit steenkolenteer vervaardigde kleurstoffen (I):

opgelost in water...................

opgelost en meer dan o pet. alcohol bevattende, als Gedistilleerd (2) .....................

opgelost en houtgcest bevattende, als Houtgeest; zie Gedistilleerd ......................

in andere oplossing, als Verfwaren, die in olie gewreven zijn . onopgelost, ingevoerd in pakjes, ilescbjes of andere kleine verpakking (3), als Kramerij...............

onopgelost, ingevoerd in grootere verpakking........

Res. 21 Dcc. 1892, ■no. 110, V. no. 125.

(1) Zie omtrent deze kleurstoffen Weekblad, no. 1(184.

(2) Wat betreft de heffing van recht en accijns, zie men aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

(3) Nopens hetgeen onder kleine verpakking is te verstaan, raadplege men aant. 1 op Verfstoffen, niet in olie gewreven.

Wat Aniline betreft worden algemeen doozen van ]/i Kgr. of daarboven niet als kleine verpakking aangemerkt. (Eed.)

ANILINE-OLIE. Kou. besluit van 8 Mei 1897, S. no. 145, V. no. 59, gegrond op de wet van 11 Dec. 1893, S. no. 175, V. no. HG . . .

ANILINEZOUT. De Fiscus no. 432, blz. 145..........

AN KEI! BOEIEN. IJzeren —, als Scheepsankers, scheepsket-

tingen, enz.; zie onder Ijzer. (Red.)...........

ANKERS, Scheeps—. Zie onder Ijzer............

ANNAÏTO, een kaas- of boterkleursel, bestaande uit eene kleurstof, opgelost in eene zoete plantaardige olie, die met boomolie is gelijk te stellen, onverschillig of ze in groote of kleine verpakking wordt ingevoerd, als Verfwaren in olie gewreven. /.V.s. 21 Maart 1870,

no. 33, V. no. 31....................

ANNAÏTO, een kaas- of boterkleursel, bestaande uit een aftreksel van orlean, gemaakt met behulp van potasch, en geen olie noch suiker of alcohol bevattende:

bij invoer, zóó dat overpakking voor verkoop in den kleinhandel onnoodig is, als Kramerij. lies. 21 Maart 187(), no. 33, V. no. 31 .

bij invoer op fust of in andere groote verpakking (1). Jies. ahvoren. (1) In bussen van 3 kilogram wordt Anndtto algemeen vrij van invoerrecht toegelaten. (Ked.)

Zie, nopens hetgeen onder kleine verpakking is te verstaan, aant. 1 op Verfstoffen, niet in olie gewreven.

ANNIHILATEURS en andere draagbare brandbluschwerktuigen (1), naar hun hoofdbestanddeel, als Ijzerwerk (2). Res. 9 Apnl 1891, no. 11, V. no. 31....................

(1) Brandbluschgranalen zijn vrij van invoerrecht. Rcs. (! Juli 1891, na. 39, r. ito. 3i.

(2) Verg. hierbij aant. 3 op Fabriekswerkhdyen.

(1) ANSJOVIS, als Visch, allerhande, enz. Renvooi, Wet 1857 . . .

(1) Voor de Statistiek afzonderlijk op te geven als een onderdeel van Visrh. (Eed.)

ANSJOVIS, KABELJAUW, ZALM enz., met zout gekookt, in pekel, olie of azijn ingelegd, of op elke andere soortgelijke wijs bereid, al geschiedt de invoer ook in tlesschen, vaatjes, bussen of dergelijke niet luchtledige verpakking (1) als Koek- en banketbak-kerswerk. lies. 25 Fchr. 1887, no. 70, V. no. 17.......

(1) Zie hierbij aantt. ü en 13 op Koek- en Ranketbakkerswerk.

ANTICEPTIU FLUID, dienende tot zuivering van fusten voor de verzending van verscbe vruchten, een wel bekend desinfectiemiddel, bestaande uit eene oplossing van dubbel zwaveligzure kalk in water,

zonder alcohol. (Red.)..................

ANTIKESSELSTEINSALZ. (Red.)..............

Maatstaf. Hechten.

100 kgr.

/■0.55

Vrij ƒ 3.50

„1.15 5 pet.

5 pet. Vrij

de HL. ad 50 pet.

de liter waarde

waarde

Vrij Vrij

Vrij Vrij

5 pet.

waarde

waarde

5 pot. Vrij

waarde

5 pet. Vrij

100 kgr. ƒ 25.00

Vrij Vrij

-ocr page 24-

ARN.

86

AXT.

A R T I K E L E N.

ANÏIMACASSEIÏS. Zoogenaamde —, als Manufacturen. He*. 13 Sept.

1801, no. 20. . ,...................

ANTIMONIE, als Drogerijen. Renvooi, Wel 1845 en Re*. 19 Fehr. 1847,

vo. -7, V. no. 29....................

ANÏIPYRINE. een geneesmiddel, in elke verpakking. -Bes. 3 Januari

1889, na. 15, F. no. 2 .... \'..............

ANTIPYRIDINE-ESSENCE, als Gedistilleerd, alle verdere dergelijke uit of met alcohol bereide stoffen (1) (Red.)

(1) Zie hierbij de Sijs. Bepaling benevens aant. 10 op den post Gedistilleerd. ANT1-OXYDE, een middel tegen roest, bestaande uit naphta of petroleum-benzine, hars en zeer weinig alcohol (1), als Olie, niet

afz. belast. (Red.)...................

(1) Is het gekleurd met gele of roode oker, dan wordt het belast als Verf-waren, in olie gewreven. (Eed.)

ANTISEPT1CUM, een poeder, geschikt tot het conserveeren - van voedingsmiddelen en grootendeels bestaande uit zwaveligzure natron,

als Zout, geraffineerd. (Red.)...............

ANTISMEEÏ (ontsmettingspoeder) (1), in kleine pakjes, als Kra-merij. (Red.).....................

(1) Dit artikel heeft eene lichtbruine kleur en riekt als carbol. Het wordt door landbouwers gebruikt tot het zuiveren van bouw- en weilanden. (Ked.) APENHAAR (uit Java ingevoerde tabak), als Tabak, gekorven, enz.

(Red.)

APEVELLEN, als Pelterijen (1); zie Huiden, vellen en leder.

Re*. 23 April 1844, no. 43, V. no. 102.

(1) In onbereiden toestand kennelijk vrij van invoerrecht. Zie Hidden, enz.

APOTHEKERSFLESCHJES, als Glaswerk. Renvooi, Wet 1845 . . APPELEN, als Vruchten, alle versche, enz., niet afz. belast. J\'en-

vooi. Wet 1845 ..................

„ Afval van gedroogde—, als schillen, klokhuizen, enz, (Red.) APPELEN SïR OOP, als Stroop; zie Suiker (1) (2). Res. 18 Dec. 18G2, no. 94, F. no. 146...................

(1) Nopens de heffing van accijns zie men aant. 2 op Suiker.

(2) Vruchtenstropen kunnen ook behooren tot den post Koek- en banket-bakkerswerk. Res. 3 Aug. 1897, no. 24, V. no. 81, § 1.

APPEL-, PEREN- en MEEDRANK.

„ Appel- en peren drank vrijgesteld van invoerrecht, behoudens de bepalingen omtrent den accijns 01\' den wijn (art. 41, in verband met art. 2 der wet van 29 juli 1870, S. no. 127, V. no. 127).

„ *(3) Meedrank (1) (2)...............

(1) Meedrank is. evenals azijn («)gt; bier, limoen- en citroensap, met ƒ 3.— de hectol. belast, onverschillig of hij op fust, tlesschen of kruiken wordt ingevoerd. De wet beschouwt deze laatste bij die artikelen als gewone emballage, waarvoor geen afzonderlijke rechten verschuldigd zijn. Res. 10 Oct. 1802, no. 105, V. ito. 105. Verg. Flesschen en Spuit- of hevelflessehen, alsmede V. 1877, no. 5é, g (i.

(«) Hot invoerrecht voor azijn is later gewijzigd bij de Wet van 4 Mei 1.S85), S. no. 45, V. no. 48. Echter zal de onderhavige ros. ook nog wel op azijn toepasselijk wezen. (Red.)

(2) Zie, nopens den vrijdom van invoerrecht voor scheepsbehoeften, het Kon. besluit V. 1862, no. 103.

(3) Zie, nopens de Statistiek, aant. 1 op Meedrank.

APPELSCHILLERS, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. /gt;. 0 Oct. 1862, S. no. 179, F. no. 101, art. 1, Re*.

6 Nov. 1863, no. 28, en Wet 1877 .............

APPRÊTEERMACHINES voor een corsettenfabriek. (Red.).... ARAK, als Gedistilleerd (1). Renvooi, Wet 1845 ........

(1) Zie, nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op Gedistilleerd. ARDUINEN PLATEN, aan de eene zijde gezaagd en aan den anderen kant ruw, bestemd voor grafzerken en stoepen, als Steen, ongebakken steen, hardsteen, enz. (Red.)............

ARNICATINCTUFR, een geneesmiddel, als Chemicaliën, niet afz. belast, of als Kramerij (1) of als Gedistilleerd, indien het alcoholgehalte meer dan 5 pet. bedraagt. De Fiscus no. 168, blz. 95. (1) Zie het artikel Geneesmiddelen, alsmede aant. 7 op den post Kramerij.

Hechten.

5 pet. Vrij Vrij

ƒ 0.55

„ 4.00

5 pet.

ƒ 12.00

5 pet.

5 pet. Vrij

Maatstai\'.

waarde

100 kgr.

100 kgr. waarde

100 kgr.

waarde waarde

Vrij

de HL

f 3 OO

de HL. ad 50 pet.

1 (1

■ zijn

1 hem

I teer

S(

1 eeiK

1 wel]

1 wor

1 Dit

1 ^

■ voo

| AS

Vrij

c

Vrij

i

ƒ 3.50

| AS

Vrij


-ocr page 25-

ARQ. — ASS.

38

A R T 1 K E Ij E N.

[.VRQUEBUSADEWATER (euu d\'arquebusade), als Reukwater, alcohol bevattende (1); zie Gedistilleerd. Renvooi, Wet 1845. . .

il) Zie hierbij aant. 1 op Eau d\'anjuebusade.

|.\\ UROWüOOT, zijnde liet zetmeel van Oost- en West-Indische Maranta-soorten, van Oost-Indische Curcuinasoorten of van Zuid-Ameiikaan-sche Manihotsoorten, in oorspronkelijken toestand, kan niet gezegd worden een meelpraeparaat (1) te zijn (2). Hex. 13 Juli 1891, no. 85, T\'. no. 82.......................

(1) Zie Meelpraeparaten.

(2) Blijkbaar moet het artikel gerangschikt worden onder Drogerijen. Zie [res. van 1 Nov. 1831, no. 14 B, V. no. 210 en Renvooi, Wot 1843.

ASA FOETIDA (Duivelsdrek). Zio aant. 1 op Gom.......

ASBEST-BEKLEEDING (1) voor stoomketels. (Red.)......

(1) Deze stof dient tot het bekleeden van stoomketels, ten einde daardoor hot uitstralen der warmte te voorkomen en brandstof te besparen. Zij wordt in bladen van bepaalde afmetingen, naar gelang van de grootte der ketels geleverd. (Bed.)

ASBESTDOEK. Geweven—, met en zonder messingdraad, dienende

tot pakkingstof (1). (Eed.)................

(1) Verg. het artikel Pakkingstof.

ASBEST FLEXSBLAD, ook wel genaamd Flenspapier, nis Papier, van alle soorten (1). 11c*. 14 April 1886, no. 7, V. no. 39 ... , (1) Naar men vermeent is asbest tiensblad belast als Papier, wanneer het niet als pakkingstof kan worden aangemerkt. Verg. dit laatste artikel.

ASBESTOLIXE, een smeermiddel voor machines (1) wordt, als machineolie, gerangschikt onder Olie, niet afz. belast. (Red.) . . (1) De specie bestaat grootendeels uit onverzeept vet, verder uit vetzuur-alcali en een weinig zinkoxyde. (Eed.)

ASBESÏPLATEN. Zie aant. 3 op Pakkingstof.

ASCENSEURS. Zoogenaamde —, worden naar het hoofdbestanddeel

belast. (Red.).....................

ASCH van boonenstroo, als Haardasch. llenvooi, Wet 1845. . . . ASCHBAKJES en dergelijke kleine voorwerpen van marmer, als

Kramerij. 1\'es. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96........

ASPHALT. Geasphalteerd bordpapier, als Papier van alle soorten.

Res. 14 April 1886, no. 7, V. no. 39..........

„ *(2) in stukken of brooden, of zoogenaamde kunstasphalt.

lies. 21 Oct. 1868, no. 27, V. no. 109..........

„ Patentasphalt dak- en scheepsbekleedings-vilten (1), als Manufacturen. Bes. 14 April 1886, no. 7, V. no. 39. . . .

(1) Blijkens de overigens vervallen res. van 2S Januari 185lt;i, no. 9, V. no. 4, zijn deze stoften gewoonlijk uitsluitend samengesteld uit afval van vlas en hennep en andere plantaardige stoften, vermengd met asphalt, kool- of andere teer en dergelijke, en zonder dat daarin wol, katoen of haar voorkomt

Seheepsbekleediiigsvilt is, volgens de res. van 28 Deo. 1825, no. 219, V. no. 174, eene gefabriceerde stof, waarvan de grondstof wel uit koehaar bestaat, doch welke met bijvoeging van andere subjecten voornamelijk uit teer tot vilt bewerkt wordt, waarvan de bereiding in vele opzichten met die der hoeden overeenkomt. Bit vilt wordt ook wel ingevoerd onder de benaming Woolloek.

(2) Op de van Eegeeringswege uitgegeven Statistiek komt het artikel Asphatt voor zonder eenige bijvoeging. (Eed.)

ASPHALTBUIZEN, als bewerkte voorwerpen van Gom elastiek of Gutta-percha; zie Gomlastieken schoenen, enz. en Guttapercha, bewerkte voorwerpen van — (Red.).........

ASPHALTPLATEN, bestaande uit een weefsel van hennep of vlas, aan weerszijden besmeerd met een laag asphalt, die bezet is met

kleine kiezelsteentjes. (Red.)...............

quot;ASSCHEN. Haardasch (1). Wel 1845 ............

„ *(3) Pot-asch, parel-ascb, weed-asch en soda (1)(2). Wet 1854. „ quot;Zeepzieders- en zoutkeet-asoh. Wet 1845 ........

(1) Onder pot-asch, enz. zijn begrepen alle niet afzonderlijk genoemde, door nitlooging van asch van hout of planten verkregen en gecalcineerde aschsoorten. zooals stroo-asch. wijnrank-asch cn dergelijke. Onder stroo-asch wordt alleen

Maatstaf.

de HL. ad 50 pet.

waarde 100 kgr.

waarde

waarde waarde

waarde

waarde

-ocr page 26-

ASS. — AZIJ.

39

40

Maatstaf. \' Hechten.

_ I

A R Ï I K E L E IST.

begrepen die uit loog vervaardigd, geenszins de asck van slrno, in den slant sooals die bij het verbranden afvalt, als behoorende onder aard-asch. Res. ül April 1847, no. 170, V. no. 63, en Bijz. Bepaling, Wet 1845 en Wet 1850.

(2) Zie, nopens een door bleekers gebruikt ivordend poeder, aant. 8 op Zuvt.

(3) Voor de statistiek gesplitst op te geven:

Asschen, pot-, parel- en weedasch.

„ soda. Jtes. 2(i Sept. 1887, no. 23, V. no. 8(1.

ASSEN. Krukassen, uitsluitend geschikt om voor locomotieven te worden gebezigd, als Fabriekswerktuigen. (Red.). . . .

„ Molenassen. Zie Molenassen............

„ Wagen- of rijtuigassen, naar hun hoofdbestanddeel, als IJzer-of Koperwerk. Bes. 31 Dcc. 1841, no. 158, F. 1S42, no. 15 . ASTATKI (afval van petroleum), dienende tot verhitting van stoomketels. (Red.).....................

ASTHMA-POEDER (1). (Red.)...............

(1) Het hierbedoelde poeder is groen van kleur en verpakt in papieren of in blikken doosjes, -welke net étiquetten en gebruiksaanwijzingen zijn beplakt. (Ked.,t

ASTHMA-SIGARETTEX. (Red.).............•

ATLASSEN. Res. 10 Oct. 1862, no. 84............

AUTOELAAF, dienende om bussen met levensmiddelen doorstoom te verwarmen, wordt gerangschikt onder Fabriekswerktuigen.

(Red.)

AT\'TOMATISCHE TOESTELLEN voor het wegen van graan. Hes.

5 Dec. 1890. no. 20, V. no. 124..............

AVANTURYNSTEEN, als Juweelen. Renvooi, Wet 1845.....

AVEGAARS. Zie Boorijzers...............

AVIGNONBEZIEN, als Verfwaren. R envooi, Wet 18-15. AVIGNONZAAD, als Verfwaren. R envooi, Wet 1845.

*(11) AZIJN, waaronder houtzuur en azijnzuur, gekristalliseerd of vloeibaar (A) (1—4):

bij eene sterkte (5) van minder dan 100 gram watervrij

azijnzuur per liter................

bij eene sterkte (5) van 100 gram watervrij azijnzuur

per liter....................

en bij hoogere sterkte (5—6) naar evenredigheid meer.

„ Natrium acetaat (7) (8):

watervrij....................

waterhoudend..................

„ Calcium acetaat (7) (8):

watervrij....................

wateriioudend..................

Art. 1 der Wat van 4 Mei 1889, S. no. 45, V. no. 48 (9). Bijzondere Bepalingen.

(A) Omtrent den vrijdom van invoerrecht voor houtzuur ijzer

en houtzure aluinaarde en van alle andere soortgelijke vloeistoffen, met azijn of houtzuur bereid en uitsluitend bestemd voor werkzaamheden in fabrieken, door den min. i vooraf aangewezen, alsmede voor azijn- en hout-om in binnenlandsche fabrieken te worden gebezigd tot het vervaardigen van deze vloeistoffen, wordt

art. 7 der wet van 27 Juni 1876, 8. no. 130, V. no 67 en het kon. besluit van 20 nov. 1876, S. no. 236, V. no. 114 (10).

(1) Blijkens art. 1 tier wet van 25 Juli 1871, S. no. 1)2, V. no. 138, is bij invoer van bier en azjjn geen accijns verschuldigd, maar wordt alleen een invoerrecht geheven. Verg. aant. 2 op art. 1 der gemelde wet, V. no. 138.

(2) Zie nopens den vrijdom van invoerrecht voor scheeps-provisie, art. 5 dezer Tariefwet.

(3) Nopens de emballage zie men aant. 1 op Appel-, peren- en meedranh.

(4) Een voorbeeld voor de berekening van het invoerrecht van azijn is opgenomen in § 1 der res. 17 Mei 1889, no. 4, V. no. 52.

(5j De invoerder behoeft de sterkte van den azijn, enz. niet op te geven. Zij wordt ambtelijk bepaald. Res. 17 Mei 188!), no. 4, V no. 52, § 2.

Zie. nopens het bepalen van de hoeveelheid watervrij azijnzuur, het Kon. besluit van 12 Mei 188!). S. no. (55, V. no. 51, en de res. van 17 Mei 188!), no. 4, V. no. 52, 2—14.

Vrij Vrij

5 pet.

Vrij Vrij

waarde

Vrij Vrij

Vrij

waarde

5 pet. Vrij Vrij

de HL. de HL.

3.00 3 50

100 Kgr. 100 Kgr.

100 Kgr. 100 Kgr.

„ 25.60 „ 15.40

., 26 60 ., 23.80

ten gebruike van fin. nade zuur, bestemd als grondstof verwezen naai!

-ocr page 27-

AZIJ. — AZIJ.

41

42

A K T I K E L E N.

Maatstaf.

Rechten.

(6) Ter vermijding van de sterktebepaling van azijn wegens de geringe boeveelheid of om eene andere dergelijke reden, kan de invoerder schriftelijk het verlangen te kennen geven, dat het recht berekend worde naar de hoogste sterkte, d.i. naar ƒ 36,931/2 per HL. lies. 17 Mei 1889, no. 4, V. no. 52, § 14, in verband met de verbetering, opgenomen na, V. 1889, no. 92 («).

(a) Volgens de aldaar geplaatste aant. bedraagt do dichtheid van vloeibaar watervrij azijnzuur 1.0553 (/quot;35,— X 1.0553 — /quot;3(1,93vj.

(7,1 Natrium acetaat en calcium acetaat zijn aan invoerrecht onderworpen, omdat zij geschikt zijn tot vervaardiging van azijn voor huiselijk gebruik. Andere acetaten (azijnzure zouten) kunnen steeds vrij van invoerrecht worden toegelaten. Verg. Ees. 17 Mei 1889, no. 4. V. no. 52, § 15.

Bij § 16 dier res. is aangegeven, hoe men de azijnzure zouten herkennen kan, terwijl mede daarby voorschriften zijn gegeven nopens de opzending van monsters tot onderzoek.

In Weekblad no. 906 komen beschouwingen voor over natrium acetaat en calcium acetaat. Verg. ook no. 945 van dat blad.

Zie nopens deze acetaten mede de Fiscus no. 185, biz. 252.

(8) Ingevolge art. 2 der Wet van 4 Mei 1889, S. no. 45, V. no. 48, is bij Kon. besluit van 20 Juni 1898, S. no. 146, V. no. 81, vrijdom van invoerrecht verleend voor natrium acetaat en calcium acetaat, benoodigd als hulpmiddel bij de werkzaamheden in ververijen en drukkerijen van manufacturen, behoudens de bij dat Kon. besluit bepaalde voorwaarden.

(9) De Mem. van Toelichting, het Voorloopig verslag en de Mem. van Beantwoording nopens deze wet zijn opgenomen in Weekblad nos. 836, 842 en 868. Een overzicht van de behandeling in de Tweede Kamer is te vinden in dc fiscus nos. 14, 15 en 16.

(10) De instructie tot uitvoering der in vorenstaande liijz. Bepaling genoemdo vrydommen is gegeven by res. van 14 Dec. 1876, no 38, V. no. 115.

(11) Voor de statistiek van den invoer gesplitst op te geven:

Azijn, ter sterkte van minder dan 100 gram watervrij azijnzuur per liter; „ ter sterkte van 100 tot en met 500 gram;

„ van hoogere sterkte;

„ natrium acetaat;

„ calcium acetaat.

De hoeveelheid, waarvoor vrijdom van invoerrecht is verleend, moet met vermelding van deze bijzonderheid afzonderlijk worden opgegeven.

Wat de statistiek van den uitvoer betreft, moet gesplitst worden opgegeven: Azijn, uitgevoerd op consenten, met afschrijving van den accijns;

„ andere.

Itcs. 3 Juni 1889, no. 2, V. no. 64.

De vitgevoerde hoeveelheid azyn wordt, evenals de ingevoerde, naar de maat vermeld. (Red.)

Zie, nopens de vermelding van azyn, uitgevoerd volgens het Kon. besluit van 19 Oct. 1895, S. no. 170, V. no. 100, de voorschriften, gegeven bij res. van 5 Maart 1896, no. 30, V. no. 25.

AZIJN. IJsazijn, als Azjjn. Tariefwet R. en K., blz. 66. AZIJN-AEÏHER (1), K. B. 17 Mei 1877, S. no. 106, V. no. 53, art. 1.

(1) Zie de Bijz. Bepaling, zoomede aantt. 10 en 15 op den post Gedistilleerd. AZIJNKLEUKSEL. Zie aant. 2 op Caramel.

AZIJNSTOKKEN, als Hout, scheepsbouw- en timmerhout, ongezaagd. Res. 23 Dec. 1837, no. 180, V. no. 157, en Renvooi, Wet 1845. AZIJNZURE ALUINAARDE (mordant de terre refractère), als Hout-

zure aluinaarde (1). (Red.)...............

(1) Zie de Bijz. Bepaling op den post .Isyn.

AZIJNZURE AMYL. Zie Amyl-acetaat...........

AZIJNZURE ZOUTEN (acetaten), andere dan natrium acetaat en calcium acetaat. Ren. 17 Mei 1889, no. 4, F. no. 52, § 15 . . . . AZIJNZUUR. Zie den post Azjjn.

AZIJNZUUR-ANHYDRID (1) is naar aard en bestemming te rangschikken onder den post Azijn en wordt voor de berekening van het invoerrecht gelijkgesteld met watervrij azijnzuur (2). (Red.) . .

(1) Azijnzuur-anhydrid, benoodigd bij de vervaardiging van vanilline kan onder inachtneming der voorgeschreven bepalingen met vrijstelling van invoerrecht worden ingeslagen krachtens het Kon. besluit van 30 Maart 1898, S. no. 70, V. no. 46, gegrond op de wet van 11 Dec. 1893, S. no. 175, V. no. 116.

(2) Zie hierbij aant. 6 op den post Azijn.

AZUURBLAUW. Colman\'s —, evenals het gewone blauwsel, in kleine verpakking (1), als Kram er jj, (Red.)............

(1) Zie, nopens hetgeen onder kleine verpakking moet worden verstaan, aant. 1 op Verf stoffen, niet in olie gewreven.

het kgr.

ƒ 1-20

Vrij Vrij Vrij Vrij

/• 36.93rgt;

de HL.

waarde

5 pet.

-ocr page 28-

BAA. - BAN.

44

43

K K L E N.

BAAIEN, als Manufacturen. Renvooi, Wet 1822 ........

(]) BAARDEN. Walvisch —. Wet 1854, en Een. 10 Oct. 1802, no. lOo, V. no. 105......................

(1) Zie, nopens de Statistiek, aant. 1 op Walvischbaarden.

BADZOUT (1). (Red.)..................

(1) Ook wordt hiervan geen accijns geheven. (Eed.)

BAGAGE. Reisbagage. Zio art. 6, letter d, der Tariefwet, met dc aantt. BAGGERMOLEN. Onderdeelen van een —. Zie IJzeren Stoom-

baggermolen....................

BAJONETTEN. Zie den post Ammunitie..........

BAKKEN, met toebehooren, tot lossing en lading van gestorte

granen, enz. Res. 19 jSrov. 1886. no. 15, V. no. 105.....

., Blikken —. Zie Blikken bakken.

„ Buskruit-droogbakken. Zie Buskruit-droogbakken . . •

IJzeren —, voor een jacobsladder in guanofabrieken. (Red). BAKKERSTROGGEN. IJzeren —, ook in eenc gewone bakkerij te

gebruiken, als Ijzerwerk. (Red.).............

BAKMEEL (1), als Aardappelenmeel-fabrikaten, met aIV.. belast. AVs. 28 Mei 18SC, no. 84, \\\'. no. 4».............

(1) Zio hierbij Mcclpraeparaten.

-(2) BALEIN (1), vervalt. Wet 1877 .............

(1) Blijkens de Tabel, gevoegd bij de wet van 18G2, wordt hieronder verstaan gesneden of gespleten balein, en aldus staat de post ook vermeld in de van ilegeeringswege uitgegeven statistieke opgaven. (Red.)

(2) Voor de Statistiek van den invoer naar de waarde op te geven. (Red.)

(1) BALEINEN. Ruwe —. Res. 10 Oei. 1802, m. 105, V. no. 105 . .

(1) Voor de Statistiek te begrijpen onder Watvisehhaarden, ruwe.

Hoornen reepen. dienende tot corsetbaleinen, als Kramerij.

_ (Red.)

BALKEN, als Hout. Renvooi, Wet 1845, en Wet 1877 ......

„ IJzeren —, in den vorm van dubbel T-ijzer getrokken, en welke geene verdere bewerking hebben ondergaan (1). Res.

24 .Dec. 1802, no. 10 .... .\'...........

(1) Zijn deze balken op maat en van gaten voorzien, dan worden zij als /.herwerk belast, tenzij ze dienen tot dwars- of langsliggers, in welk geval geen invoerrecht geheven wordt, ook al zijn de balken voorzien van een paar gaten tot het doorlaten van schroefbouten. Verg. aant. 1 op Spoorwegen. (Red.) BALLAST. IJzeren schuitjes tot —. Zie onder Ijzer, gegoten, enz. . BALLONS, behoorende bij de toestellen voor electrisch licht, als

Glaswerk. (Red.).................

„ Glazen lampeballons, afzonderlijk ingevoerd, als Glaswerk.

Zie aant. 1 op die rubriek............ •

„ Lampeballons, met do lampen, waartoe zij behooren, ingevoerd wordende. Zie den post Lampen • • ......

„ Luchtballons, met toebehooren, door luchtreizigers tot hun persoonlijk gebruik medegebracht, of die hun worden nagezonden. Res. 20 Sept. 1889, no. 49, F. no. 94.......

„ Mat geschuurde of mat geslepen glazen lampeballons, als

Glaswerk. Res. 18 Mei 1849, na. 47, V. no. 45.....

„ Melkwitte, porseleinachtige glazen lampeballons, zonder lampen ingevoerd wordende, als Glaswerk. Res. 29 Sejrf. 1854,

no. 01, V. no. 129.................

BALSEM. Zie Powels-, Riga- en Spermacetibalsem, zoomede de

aantt. 1, 11 en 12 op Gedistilleerd..... ■ • • •

„ Peru —, namelijk die, verkregen door eene insnijding te maken in de schors van een boom, en welke geen alcohol bevat, tenzij ze vervalscht is, als Chemicaliën. (Red.). . . BAMBOESSTOKKÈN voor paraphiies. Zie aant. 1 op Parapluies

en parasols.....................

BAMBOEZEN of ROTTINGEN, al of niet gemonteerd, als Krameri).

Renvooi, Wet 1845 ...................

BANANENMEEL en Bananenvezels. (Red.).........

1

Maatstaf.

Rechten.

waarde

5 pet.

Vrij

Vrij

Vrij

waarde waarde

5 iict. 5 pet.

waarde

5 pet.

Vrij Vrij

waarde

5 pet.

100 kgr.

ƒ 2.00

Vrij

Vrij

waarde

5 pet.

Vrij

Vrij

Vrij

waarde

5 pet.

waarde

; 5 pet.

waarde

5 pet.

s

V rij

waarde

5 pet.

waarde i de HL. ad 50 pet.

| 5 pet. ƒ 3.50

Vrij

waarde

5 pet.

waarde

5 pet. Vrij

-ocr page 29-

BAN. — BED.

45

40

A R T 1 K K L E N.

BAND (1). Zie den post Manufacturen...........

(1) Zie ook KaarJenhand, Katoenen hand, Machincband en Spindelband, alsmede aant. 5 op Fabriekswerktuigen. (Red.)

BANDAGES. IJzeren radb.andages, voor spoorwogwielen (1), als

Ijzerwerk. -Res. 4 Febr. 1S63, no. 42............

(1) Zie hierbij Wielbandages en Wielbanden.

BANDAZEEP. Noten — of — (1), als Drogerijen. Res. 4 Juni 1863,

no. 77, K no. 95....................

(1) Zie hierbij de aantt. 10 en 11 op Zeep, noten- of bandazeep.

BANDEN van IJzerdraad, bestemd tot net pakken van geperst hooi,

zeegras, enz. (Red.)..................

„ voor boeken, losse (1), als Papier, bord- en kaartpapier.

Res. 0 Febr. 1889, no. 6, V. no. lo...........

(1) Zie hierby de aantt. op Papier, alsmede aant. 29, derde lid, op art. fi, lett. h, dezer Tariefwet.

„ Stijfsel bin uien voor stijfmachines. Zie Stijfselbanden . . . „ Wielbanden, ijzeren, als Ijzerwerk. Res. 12 Sepiquot;. 1863, no. 20. „ Wielbanden, voor drijfwielen van locomotieven. Zie Wielbanden.

BANDEN en PAPIER om kaarsen bijeen te honden of in te pakken (1), als Papier, pakpapier. Res. 6 Febr. 1889, no. 0, V. no. 13... . (1) Zie hierbij de aantt. 1 en 4 op Papier.

BANDIJZER. Zie onder Ijzer, smeedijzer, enz.........

„ Stukken bandijzer van bepaalde afmeting, welke dienen tot verpakking van balen manufacturen, hooi, enz., en voorzien zijn van oogen of gaten om door middel van een spie ver

bonden te worden, als Ijzerwerk. (Red.)......

BANEN van stroo en spaan voor hoeden. Zie Stroo en Spaan. BANKETBAKKERSWERK. Zie den post Koek-, banket-, suiker

en pasteibakkerswerk.............

BANKSCHROEVEN. Zie onder Schroeven......

BARDEN. Zie Plakfiguren.............

BARILLA (1), als Potasch; zie Asschen. Res. 25 Maart 18ö3, no. 42, V. no. 44, en Renvooi, Wei 1854 ...........

(1) Volgens een renvooi op de Wet van 1850, is liarilla de handelsnaam voo

ruwe n o du.

BARMENIT, als Zout, geraffineerd. (Red.).........

BARMENITPÖCKEL, als Suiker, ruwe (1). (Red.)......

(1) Knwe suiker is alleen aan accijns onderworpen. Zie aant. 2 op Suiker.

BARNSTEEN, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845 ......

„ bewerkt, als Kramerij. Renvooi, Wet 1845 ......

BARRES d\'ECARTEMENT, voor tramwegen of paardensporen. Zie

noot e op aant. 1 pp Spoorwegen..........

BARYTE SULPATÉE. Zie Zwaarspaath........

BASCULES, (1) naar het hoofdbestanddeel, als Hout-, Ijzer

Koperwerk. -Re*. 22 Oct. 1877, no. 25, V\'. no. 96.....

(1) üok bascules, om vee te wegen, zijn belast. Res. 5 Dec. 1890, no. 20, V. nu. 124.

BASTERD. Zie Suiker (1). Art. 1 der Suikerwet, V. 1897, no. 33 . (1) Zie, nopens den accijns, aant. 2 op Suiker.

BATIST. Zie den post Manufacturen...........

BAYWATER (bayrum), als Gedistilleerd (1). (Red.).....

(1) Zie, nopens de berekening van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

BEAF. Corned en Spiced —. Zie Vleesch, Australisch, enz. BEDDEN (1) en MATRASSEN, als Meubelen. Renvooi, Wet 1845 .

(1) Zie, nopens den verboden in- en doorvoer van ongewasschen beddegoed, aant. 10 op art. 21 dezer Tariefwet.

BEDDETIJK, als Manufacturen. Renvooi, Wet 1845 ......

BEDLINNEN (1), al of niet gebruikt, als Manufacturen. Renvooi,

Wet 1845.......................

(1) Zie hierbij de aant. op Bedden en matmsscn.

Maatstaf.

waarde

waarde

waarde

waarde waarde

waarde

waarde

100 kgr. waarde

100 kgr.

waarde

of

waarde

waarde de HL. ad 50 pet.

waarde

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

-ocr page 30-

BED. — BEH.

48

47

A K ï I K E L E N.

(1) BEDYEEREN. Wet 18G2................

(1) Voor de Statistiek te rangschikken onder de rubriek Veeren, bedveeren en dons. (Ked.)

BEEFOIL, zijnde gesmolten vet. (Ked.)...........

BEELDEN en andere VOORWERPEN van gegoten cement (ramso-

nesteen), als Gipsbeelden. (Red.)...........

„ Marmeren — (1). Bijz. Bepaling op den post Steen in de Wet van 1862 ....................

(1) Ook marmeren beeldjes en groepen marineren beeldjes, alsmede marmeren beelden voor tuinversiering worden vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed.)

„ (1) Marmeren borst- on stand —. Wet 1845, en Hes. IQ Maart 1863, do. 77, V. no. 58...............

(1) Voor de Statistiek te rangschikken onder de rubriek Steen, marmeren borst- en standbeelden. (Eed.)

„ van gebakken aarde, als Aardewerk. Renvooi, Wet 1845 .

„ van gips. Zie den post Gipsbeelden.........

„ van hardsteen, als Steen, bewerkt. Renvooi, Wet 1845, en

Wet 1877 ....................

„ van hout, als Houtwerk. (Red.)...........

„ van ijzer of van metaal, als Ijzerwerk of Koperwerk.

Res. 19 Maart 1863, no. 77, V. no. 58.........

„ van pleister, als Gipsbeelden. Renvooi, Wet 1845. . . . „ van steen, als Steen, bewerkt. Res. 19 Maart 1863, no. 77,

V. no. 58, en Wet 1877 ...............

„ van was. Zie den post Wasbeelden.........

BEEXDERBREEKÏOESTEIXEN, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. van 6 Oct. 1862, S. «o. 179, V. no. 101,

art. 1, en Wet 1877...................

*BEENDEREN en KNOKEN. Wet 1845 ......... • •

BEENDEREXMEEL (Knochenmehl), lijn gemalen beenderen. (Red.) BEENDERENOL1E, als Olie, ruwe dierlijke. Res. QAvg. 1870, no. 70,

F. no. 115......................

BEENEN KNOOPEN. Afval van — en alle andere afval van been,

als Beenderen. Renvooi, Wet 1845.............

^BEENZWART. Wel 1862.................

BEER, secreetmest. Zie Mest. Renvooi, Wel 1854 ........

BEESTENVOEDER (1). Afval van beetwortelen (pulpe), bereid tot —.

Zie onder Beetwortelen..............

„ geheel of hoofdzakelijk bestaande uit gemalen beukenoten, als Koeken, raapkoeken, enz. (Red.) . ........

„ bestaande voor een vijfde uit melasse en overigens uit bostel

of kaf of uit moutkiemen van graan. (Red.)......

„ Melasse-turfmeelvoeder, bestaande voor minstens twee derde uit melasse en overigens uit fijn gemalen turf, dienende tot veevoeder, als Stroop van minder dan 50 pet. gehalte; zie

Suiker (2). (Red.).................

„ Thorley\'s food for cattle, als Lijnmeel; zie Koeken. Res. 21 Juni 1860, «os. 51 en 58, en Wet 1877 ........

(1) Zie hierbij ook Hondenvoeder.

(2) Zie, nopens den te heffen accijns van ƒ 6.— de 1Ü0 Kgr., aant. 2 op Suiker.

«BEETWORTELEN worden, blijkens de van Regeeringswege uitgegeven statistieke opgaven, vrij van invoerrecht toegelaten.

(Red.)

„ \'-Afval van beetwortelen (pulpe), tot beestenvoeder bereid, welke beetwortelen tot het fabriceeren van suiker hebben gediend. Res. 11 Nov. 1858, no. 78, V. no. 106, en 11\'c/ 1862. BEETWORTELZAAD, als Klaver- en Spurriezaad; zie onder Zaad.

Res. 30 Jpril 1862, no. 118, V. no. 45............

BEHANGSEL van papier en hout (1), als Meubelpapier; zie Papier.

(Red.)

(1) Zie hierbij aant. 3 op Papier.

Maatstaf.

-

Vrij

Vrij

waarde

5 pet.

Vrij

Vrij

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

waarde

Vrij 5 pet.

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

waarde

Vrij 5 pet.

Vrij Vrij Vrij

Vrij

Vrij Vrij Vrij

Vrij

Vrij

Vrij

Vrij Vrij

Vrij

Vrij

V rij 5 pet.

waarde

-ocr page 31-

BEH. — BEV.

40

50

ARTIKELEN.

Maatstaf.

Beouten.

BEHANGSELS. Tapijten —. Zie den post Tapijten.......

BEITELS, ook zonder handvat, als Gereedschappen. Re-s. (i Juni

1877, no. 71, F. no. 54, § 3................

BEKKENS. Koperen —, zooals die van den molen komen. Zie onder

Koper.......................

BEKLEEDINGSVILTEN. Zie onder Asphalt.

BEKLEEDSELS van loopers, enkel van vlas en hennep, zonder vermenging met andere stof, als Manufacturen, lies. 27 Fehr. 1863, no. 54........................

waarde

Vrij ƒ 0.55 5 pet.

ƒ0.55

100 kgr. waarde

100 kgr.

100 kgr. waarde

ƒ 0.55 5 pet.

Vrij

5 pet. 5 pet. Vrij

Vrij Vrij ƒ 0.40

Vrij Vrij

Vrij /\' 0.55

waarde waarde

100 kgr.

BELT-FASTENERS, (patent koperen), speciaal gefabriceerd tot verbinding van drijfriemen, als Koperen bouten en spijkers; zie

onder Koper, geslagen, enz. (Red.)............

BENZINE. Zie Benzol..................

BENZOËZUUR-SULFIN1DE. Zie Saccharine.........

BENZOL of BENZINE (1), als Olie, niet al\'z. belast. Hes. 15 Aug. 1868, no. 48, V. no. 91, Bes. 21 Dcc. 1892, no. 110, V. no. 125, en Wet 1877.

(1) Benzol of benzine en nifrubenzot of essence de mirbane (n) moeten, evenals naphta en andere door distillatie of rectificatie van steenkolenteer of steenkolen-teerolie verkregen vloeistoffen, worden gerangschikt onder de ,Steen- en aardoliën. (Thans Olie, niet afz. belast.) Res. alsvorcn.

In Weekblad no. 1084 komt een artikel voor nopens den aard en de bereiding van voormelde stoffen.

(a) Ook phenylamine en amidobemol als Olie to belasten. Zie het artikel Aniline. BENZOLALDEHYD, kunstmatig bcreitl, komt in oorsprong, aard en bestemming overeen met en is ten nauwste verwant aan essence de mirbane en dus eveneens te rangschikken onder Olie, niet afz.

belast. (Eed.).....................

BEREIDE PELTERIJEN. Zie den post Huiden, vellen en leder. BERGAMOT-CITROENSAP. Geconcentreerde ;—, uitsluitend bestemd om in de katoendrukkerijen te worden gebezigd. Res. 29 Jamiari 1863,

no. 73, V. no. 30....................

BERGAMOT-OLIE, als Reuk- en parfumeurswaren. Rcs. 6 Juni

1877, no. 71, V. no. 54, § 5, en Wet 1877 ..........

BERGKRISTAL, bewerkt, als Kramerij. Renvooi, Wet 1845. . . . „ (1) ruw. Wet 1862 .................

(1) Voor de Statistiek te rangschikken onder Kristal, bergkristal, raw.

BERIL, als Juweelen. Renvooi, Wet 1845 ..........

BERKENWIJN. Zie hierover de beschouwingen in Weekblad na.413, hlz. 2.

(1) BESCHUIT. Zie onder Granen.............

(1) Voor de Statistiek te vermelden onder den afzonderlijken, alphabetisch op te nemen, post Brood en beseludt. Zie aant. 5 op Granen.

BESCHUIT VAN REVALENTA ARABICA, als Revalenta arabica.

(Red.)

BESCHUITHONIG, zijnde een mengsel van koolzure potasch, vet, een verzoetende stof in den vorm van melasse en van aardappelen-stroop, tengevolge waarvan het zoetgehalte 16 pet. bedraagt, als Stroop; zie Suiker (1). (Red.)..............

(1) Zie, nopens de helling van accijns, aant. 1 op Siroop en aant. 2 op Suiker.

BESSEN. Zie Bosch- of blauwbessen...........

„ gele, als Verfwaren. Renvooi, Wet 1845.

BESSENSAP. Zie Aalbessensap en Braambessensap.

BEUGELSLUITINGEN en KOUSEN voor de zeevisscherij. IJzeren—,

als onderdeden van Vischwant. (Red.)..........

BEUK-OLIE, als Olie, niet afz. belast. Res. 6 Juni 1877, na. 71, V.

100 kgr.

waarde waarde

5 pet. 5 pet..

Vrij

na. 54, § 5, en Wet 1877.

BEURSJES en TABAKS- of ANDERE ZAKJES, versierd met valsche parelen of koralen, als Modewaren. Res. 21 Maart 1828, no. 201,

V. no. 70......................

BEURZEN. Geld—, als Kramerij- Renvooi, Wet 1845 ......

BEVERGEIL, in oorspronkelijken staat ingevoerd, als Drogerijen.

Res. 19 Fehr. 1863, no. 115................

BEVERHAAR, als Haar. Renvooi, Wet 1822.

waarde

5 pet. Vrij Vrij

5 pet.

-ocr page 32-

BEV. — BIL.

51

A U ï I K E L E N.

BEVETiPLUIS (gezuiverd beverhaar), uitsluitond dienende tot het vervaardigen van hoeden, als Haar, onbewerkt. Ttcs. 21 Dcc. 1803,

no. 46, V. no. 108...................

BEVERS, als Manufacturen. Br*. 19 Nov. 1850, no. 119, F. mo. 116. BEVERVELLEN, als Huiden, vellen en leder 1). Renvooi, Wet 1822.

(1) In onbereiden toestand kennelijk vrij van invoerrecht. Zie op Huiden, enz. BEWAARKASTEN. IJzeren — voor saamgeperste lucht. Zie onder

Accumulatoren.

BEZEMS. Kamer —, vervaardigd uit njststroo, houtvezel* en andere dergelijke fijne materialen, als Kramerij. lies. 15 Febr. 1805,

no. 80, V. no. 20.................

,, Rijs- en hei — (1). Zie onder Hout..........

(1) Onder de Eys- en heibezems alleen te verstaan de gewone alraatbesems, bestaande nit twijgen, hei of rijs, met teenen te zamen gebonden. Bes. 15 Fcbr. 1863, no. 86, V. no. 20.

BICHROMAAT van potasch (bichromas potassae), (1) als Verfwaren. Re*. 23 April 1844, no. 59, V. no. lOo.

(1) Zie de verbetering achter no. 113 der Off. Verz. van 1844. BIDPRENTJES (1). als Prenten of Platen. (Red.).......

(1) Vergelijk hierbij Kcrhprenten.

■*(2) BIER, WAAEONDER MALTZ-EXÏEACT (1)..........

(1) Zie aan;. 1 op Appel-, peren- en meedrank en aantt. 2 en i! op . izyn.

(2) Voor de Statistiek van den uitvoer ook naar de maat op te geven.

(Eed)

„ BRUGGEMANCHES MALTZ-EXÏRACÏ, als in aard overeenkomende met stroop, volgens art. 2 der Tariefwet, in verband met art. 40, § 1, lett. h, der wet van 2 Juni 1805, S. no. 63, V. no. 48, als Stroop: zie Suiker (Red.) BIERKANNEN (litres) van grof aardewerk, blauw of geel, voorzien van vaste tinnen oflooden deksels, als Pottenbakkerswerk; zie Aardewerk. Res. 8 Dec. 1845, no. 20, F. no. 238 . . . „ Aarden —, voorzien van metalen deksels, naar gelang van do soort, onder Porcelein, Fijn aardewerk (1) of\'Pottenbakkerswerk; zie Aardewerk. Renvooi, Wet 1850 . . . (1) Zie, nopens de vermelding op de Statistieke staten, aant. 3 op Aardewerk. BIERVERE, vervaardigd uit aardappelenstroop of een dergelijk artikel, wordt wegens de overeenkomst in bestemming belast als Caramel; zie onder Suiker (1). (Red.)...........

(1) Uit aant. 2 op Caramel volgt dat er ook een bierklenrsel bestaat, hetwelk niet aan een invoerrecht van ƒ 6.— de 1(10 Kgr. is onderworpen.

BIE2;EN, met vet besmeerd of doortrokken. (Red.).......

„ Matten van gevlochten biezen. (Red.).........

quot;BIEZEN en RIET (1). Wet 1854 ..............

(1) Ook verlakt stoclrict wordt vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed.)

*(1) BIJEN. Wet 1802 ..................

(1) In de van Eegeeringswege uitgegeven statistieke staten luidt dit artikel:

Bijen, in korven. (Eed.)

BIJENKORVEN, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. van 0 Oct. 1862, S. no. 179, V. no. 101, art. 1, en Wet 1877. BIJENWAS. Zie onder Was.

BIJENWERK, het voortbrengsel der bijen, met dc korven waarin het vervaardigd is, oen geheel uitmakende, evenals do gewone strooien korven zeiven, waarin het gewoonlijk wordt ingevoerd.

Bes. 25 Juni 1866, no. 80, V. no. 101............

BIJLEN. Hakbijlen, voor vloeschhouwers, als Gereedschappen.

Bes. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124.............

BIJOUTERIEËN, niet van goud of zilver, als Kramerij. Renvooi,

Wet 1845. . .....................

BILJARTEN of gedeelten daarvan, als Meubelen. Bes. 31 Mei 1849, no. 37........................

Maatstaï. i Hechten.

Vrij 5 pet.

waarde

waarde

5 pet. Vrij

Vrij

de HL. f 3.00

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

100 kgr. ƒ 0.00

V ri: 5 pet. Vrij

Vrij

waarde

Vrij

Vrij Vrij 5 pet. 5 pet.

waarde waarde

-ocr page 33-

BIM. — BLA.

54

A KTI K E L E N.

BIMASHOÜT, als Verfhout; zie Hout. Renvooi, Wet 1S54. . . . BINDGAREN. Zie onder Garens, van hennep, vlas of werk . . . BIND- of NAAIRIEMEN, om do uiteinden van de drijfriemen te bevestigen, als Lederwerk; /.ie onder Huiden, vellen en leder.

(Red.)

BINDROTTINGEN. Zie Rottingen.............

BINKO\'S PATENT IMPERIAL PAPER BLUE, zijnde met cobalt verzadigd papier, dat bij dozijnen in pakjes verkocht wordt, als

Kramerij. (Red.)...................

BINTEN. IJzeren —. Zie IJzeren binten.

(7) BISCUITS (1):

*WANNEER HET SUIKERGEHALT1-: NIET IIOOGER IS DAN 20 TEN\' HON- I

DEED (2—4)......................

*WANNEER HET GEHALTE HOOGER IS DAN 20 TEN HONDERD (24). . BISCUITS MET EEN SUIKERGEHALTE VAN MEER DAN 00 TEN\' HONDERD, ALSMEDE BISCUITS, DIE UITWENDIG VERSIERD ZIJN\' MET SUIKER, VRUCHTEN\' OF ANDERE STOFFEN, OF DIE MET LIKEUR, VRUCHTENSAP, VRUCHTEN-ESSENCE, VANILLE OF ANDERE AROMATISCHE STOFFEN BEREID ZIJN, ZIJN ONDERWORPEN AAN HET INVOERRECHT, BEPAALD VOOR Koek- en

banketbakkerswerk (2—5)...............

ALS VERSIERD WORDEN NIET AANGEMERKT BISCUITS, WELKE ENKEL MET EENE LAAG SUIKER VAN ÉÉNE KLEUR BEDEKT ZIJN. Art. 1 Kon.

heduit 5 Aug. 1897, S. no. 100, V. no. 88 (6).

(1) Bij invoer van Engelsehe biscuits in sierlijke blikken trommeltjes, waarvan de waarde die van den inhoud blijkbaar overtreft, wordt voor die trommeltjes bot recht als Blikwerk gevorderd. Voor de biscuits wordt het invoerrecht af-nonderlijk voldaan. (Red.)

Verg. de res. van 14 Nov. ISüti, no. 35, V. no. Kil, opgenomen in aant. 7 op den post Kramerij.

(2) Do belanghebbende is verplicht bij de aangifte tot invoer de soort der biscuits naar de voormelde onderscheidingen op te geven. Art. 3 Kon. bcHnit 5 Amj. 1897, S. ho. 190, V. no. 88.

Bij verkeerde aangifte is art. 213 der Algemeene Wet toepasselijk. Verg. aant. 1 op Drop. (Red.)

(3) Vermoeden de ambtenaren, belast met de visitatie, dat biscuits, aangegeven als te vallen onder het recht van ƒ 5.50, een hooger suikergehalte dan 20 pet. hebben, dan moet vooiloopig bekeuring worden aangezegd, en moeten monsters tot onderzoek van het gehalte worden opgezonden. Res. Nov. 1880, no. 00, V. no. 108, in verband met res. 13 Aikj. 1807, no. 49, V. no. 80.

(4) Op de belangrijkste plaatsen van invoer berusten ter Inspectie monsters om door proeving te constateeren of het gehalte goed is aangegeven (Red.)

(5) Wegens de moeilijkheid om te bepalen of een gebak tot de z.g. Engelsehe biscuits behoort of tot gewoon K\'iek- en banketbakkerswerk, wordt bij invoer van nieuwe fabrikaten uit biscuitfabrieken gewoonlijk een monster aan het Dep. v. Fin. opgezonden (Red.)

(6) Dit Kon. besluit is gegrond op art. 80 der Suikerwet, V. 1897. no. 33.

(7) In do Statistieke opgaven worden de uitgevoerde biscuits, in cóne hoeveelheid ongesplitst opgenomen onder de omschrijving; Biscuits, Engelsehe. (Red.)

BISCUIT. Meat—, als Brood, cn/,.; zio Granen, lies. 12 Mei 1853,

no, 145, V. no. /4, en Wet 1877 ..............

BITTERS (1). Zie den post Gedistilleerd..........

(1) Zie, nopens recht cn accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

BLAADJES PAPIER, met geparfumeerde zeep belegd on doortrokken, die in den vorm van boekjes, scheurkalenders en dergelijke, in galanteriewinkels te koop worden aangeboden, als Kramerij.

lies. 0 Mei 1882, no. 68, V. no. 48.............

BLAASBALGEN. Siuids—, als Gereedschappen. Hes. 22 Oct. 1S77,

no. 25, F. ho. !•(), bevestigd bij lies. 10 Nov. 1886, no. 15, I\' no. 105. : BLAASPIJPBUIZEN, als instrumenten. lies. 15 Maart 1848, «o.57, j V. no. 20....................

Vrij

BLACK VARNISH (1). (Red.)...............

(1) Bij onderzoek is bevonden, dat deze vloeistof bestaat uit zeer verdunde ammonia liquida, waarin cene harsachtige stof, waarschijnlijk asphalt van steen-kolenteer afkomstig, is opgelost. (Red.)

BLADEN van spiauter of zink. Zie Spiauter of Zink, geplet, enz.

! Maatstaf. Uechtks.

Vrij Vrij

5 pet.

Vrij

5 pet.

waarde

waarde

f 5 50 „ 13.50

100 kgr. 100 kgr.

100 kgr.

25 00

Vrij /\' 3.50

Ie HL ad 50 pet.

5 pet.

V rij

5 pet. Vrij

waarde

waarde

-ocr page 34-

131.1.

56

55

BLA.

ARTIKELE N.

BLADEN van stroo en spaan. Zie onder Stroo en Spaan. . . . „ IJzeren —. Zie IJzeren Platen.

,. Koperen —. Zie Koper, geslagen of geplet, enz......

„ Marmeren —, voor waschtafels, als Meubelen. (Red.) . . .

„ Stalen —. Zie Staal, in bladen, enz..........

„ Theebladen van gesmeed, geslagen ol\' geplet ijzer, verlakt,

als Ijzerwerk. 19 Juli 1855, no. 76........

„ Zeef bladen (1), als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post. (1) Zie hierbij ook Houten omvatscis voor zeef bladen.

BLADEN of TAFELS voor naaimachines, voorzien van openingen (1), noodig voor liet daarop bevestigen der naaimachines of voor het doorlaten der riemen, enz., dienende tot overbrenging der beweegkracht, al of niet afzonderliik ingevoerd. (Red.)........

(1) Zijn Je tafels of bladen niet van deze openingen voorzien, dan worden zij gerangschikt onder Meubelen en wordt een invoerrecht geheven van 5 pet. der waarde. (Eed.)

Terg. Weekblad no. 717, waarin melding is gemaakt van de res. van 11 Juli 1878, no. 59.

BLADGOUD (1), als Geslagen goud in boekjes; zie Goud- en

zilverwerk. Eenvooi, Wet 1845 ..............

(1) Valsch goud, in boekjes, wordt wel als Kramerij belast (Eed.)

BLADKOPER, in boekjes, als Kramerü- (Red.)........

BLADTIN (1). Ees. 11 Oct. 1881, no. 0, V. no. 71........

(1) Is het bladtin bestemd voor verpakking van chocolade, sigaretten, zeep. fijne vleeschwaren, enz., dan moet het worden belast als Papier van alle soorten. Bij deze bestemming wordt het in den regel in bladen van gelijke grootte ingevoerd, en is het gekleurd, verguld, gechagrineerd, aan eene of beide zijden geglansd of bewerkt op eenige andere wijze, waardoor het voldoende van vrijgesteld bladtin is te onderscheiden. Rcs. 9 Juli 1890, no, 9, F. no. 58.

BLANKETSEL. Zio den post Reuk- en parfumeurswaren . . . BLAUOLIE, als Olie, niet afz. belast. De Fiscus no. 432, blz. 145 . BLAUW- of BOSCHBESSEN. Ees. 7 Juli 1881, no. 6, F. no. 50 . . *BLAUWSEL of SMALT (1). Wet 1802 ...........

(1) In pakjes ingevoerd is Blauwsel belast als Kramerij. Verg. Caiman\'s Azuurblauw en Kogclblauw, zoomede de Ees. van 16 Juli 1888, no. G, V. na. 87. (Ked.)

*BLAZEN VAN BEESTEN worden, blijkens de van Regeeringswege uitgegeven statistieke opgaven, vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.) BLIK. Gegalvaniseerd ijzerblik, of gegalvaniseerd geslagen plaatijzer (1), als Plaatijzer; zie onder Ijzer, smeed-, enz. Ees.

8 Oct. 1802, no. 35.................

(1) Opgerolde strooken gegalvaniseerd plaatijzer of ijzerblik worden mede vrij van invoerrecht toegelaten.

Ook platen blik, aan eene zijde gevernist ter voorkoming van oxydatie.

(Ked.)

„ * Wit ijzerblik in bladen. Wet 1802, en Ees. 10 Oct. 1802, no. 94.

., Schilderijen van geëmailleerd blik. (Red.)........

BLIKKEN ADRESKAARTEN. Bedrukte—, als Blikwerk. (Red.). „ BAKKEN, om in de machine eener stoomweverij te worden geplaatst en tot geen ander doeleinde kunnende worden gebezigd, als onderdeelen (1) van Fabriekswerktuigen. (Red.) (1) Zie aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

„ BAKKEN voor een Jacobsladder in een stoommeelfabriek

(Red.)

„ CHOCOLADE VORMEN, als alleen geschikt zijnde voor het gebruik in chocoladefabrieken, te rangschikken onder

Fabriekswerktuigen. (Red.)............

„ OLIEKANNEN voor het smeren van stoomwerktuigen, naaimachines, enz., als Gereedschappen. Ees. 22 Oct. 1877, no. 25. V. no. 90, bevestigd bij Ees. 19 Aov. 1880, no. 15, V. no. 105. „ MELKEMMERS, met daarin aangebrachte zeef, als Gereedschappen. Ees. 5 JJec. 1890, no. 20, V. no. 124, en 4 Dec. 1891,

no. 45, V. no. 117.................

BLIKSCHAREN. Hefboomblikscharen. Ees. 5 Dec. 1890, no. 20, F. no. 124......................

Maatstaf

waarde

waarde waarde

waarde waarde

waarde 100 kgr.

waarde waarde

waarde

-ocr page 35-

57

BOE.

58

BLI. —

|

Maatstaf, i Rechten.

A R T IKE L E N.

BLIK WERK, al dan niet verlakt of geschilderd......waarde

BLINDENSCHKIFT. Artikelen voor —. (Red.).........waarde

BLINDFLEXZEX. IJzeren gegoten — (1), als Ijzerwerk. (Bed.) . waarde

(1) Blindflenzen zijn ronde schijven, waarin langs den rand gaten zijn geboord.

(Eed.)

quot;BLOED wordt, blijkens de van Eegeeringswege uitgegeven statistieke

opgaven, vrij van invoerrecht toegelaten. (Bed.)........

BLOEDKORALEN, als Koraal, bewerkt. Jienvooi, Wc! 1.S45 . . . waarde BLOEDMESÏ (Odam\'s Patent Bloodmanure), als Mest, niet af\'z.

belast. Res. 22 Dec. 1855, no. .17, V. no. 121.........

BLOEM van mosterd, zijnde wit mosterdzaad, alleen lijn gemalen en gebuild, als Specerijen. AVs. 5 Maart 18()3, no. 90, V.

no. 53, en 20 Juni 1S()8, na. 49, V. no. 72........waarde

„ van meel. Zie aant. 5 op Meelpraeparaten.

„ van sago. Zie aant. 2 op Sago.

„ van zwavel, als Zwavel, geraffineerde. Renvooi, Wet 1845 BLOEMEN en BLOEMBOLLEN. Zie Hoornen, enz. (Red.). . .

BLOEMEN, Kunst- en toilet —. Zie den post Modewaren . . . waarde

„ Kunst —, in vazen. Zie den post Meubelen......waarde

„ Levend gedroogde —, als Modewaren (1). lien. 21 Januari

18(55, no. 14...................waarde

(1) Bloemen, die kunstmatig gedroogd en verder bewerkt zijn, en daardoor de eigenschap van levende bloemen verloren hebben, en voor damestoilet bestemd zijn, behooren mitsdien als Modeioarcn te worden belast, lies. alsvorcn.

BLOEMENMANDEN van riet, als Meubelen. lies. (i Juni 1877,

vo. 71, F. no. 54, § 3.................. waarde

BLOEMZADEN. Zie onder Zaad, ajuinzaad, enz........

BLOKBUSSEN. Koperen—, niet uitsluitend dienende voorschepen,

als Opgemaakt koperwerk; zie Koper. (Red.).......waarde

BLOKJES MARMER. Zie aant. 9 op Steen.........

BLOKKEN. IJzer gegoten in ruwe —. Zie onder Ijzer, gegoten, enz.

„ Vleeschhakblokken. Res. 5 Dec. 1890, no. 20, F. no. 124 . . waarde BLOKKEN HOUT, tot vervaardiging van drukplaten, als Fijn werk-

hout, gezaagd; zie onder Hout. (Bed.)...........

BLOKKEN, SCHIJVEN EN TAKELS. Res. 19 Nov. 1886, no. 15,

V. no. 105......................waarde

BLONDEN (Blondes), als Modewarsn. Renvooi, UW 1845 .... 1 waarde BLOODMANURE. Odam\'s Patent — (Bloedmest), als Mest, niet afz.

belast. Res. 22 Dec. 1855, no. 37, V. no. 121.........

BLUSCHGRANATEN. Brand — (glazen ffesschen, gevuld met eene vloeistof, die, in het vuur geworpen, dit uitdooft). Res. 0 Juli 1891,

no. 39, F. no. 75....................

BOA\'S, als Bereide pelterijen: zie Huiden, vellen en Ieder. Res.

G Sept. 1839, no. 70, F. no. 125.............. waarde

BOBBINET, als Kant; zie Manufacturen. Renvooi, Wet 1845. . . waarde BODEMS van oude tabaksvaten, als Ruwe duigen; zie onder Hout. Res, 30 Sept. 1858, no. 69, F. no. 86, en 25 Oct. 1862, mo. 4,

F. no. 116 en Wet 1877...............

„ IJzeren bodems voor stoomketels. (Red.) .... ...

BOEIEN. Zie Ankerboeien en Reddingsboeien.

BOEI-THEE, als Thee Renvooi, Wet 1850 .......... 100 kgr.

BOEKBINDERSWERKTFIGEN, zooals draadhechtraachines, snijmachines, schuinsnede- en verguldpersen, cirkel- en ovaaltrekkers, enz. (1). Res. 5 Dec. 1890, no. 20, F. no. 124......... waarde

(1) Ook een met de hand bewogen wordend werktuig, dienende om een groot aantal vollen papier daarin vast te zetten, ten einde door een snijdend werktuig aan de achterzijde der vellen een gleuf aan te brengen, waarin het koord moet komen, om de vellen tot boeken in te naaien, wordt als Ijzerwerk belast. (Ked.)

BOEKDRUKPERSEN, als Fabriekswerktuigen. Res. 29 Juni 1854,

no. 73, en Wet 1877 ................

„ Hand —, als Fabriekswerktuigen. (Red.).......

„ Brons- of gouddrukmachines. Zie onder Machines ....

-ocr page 36-

BOE. — BON.

(iü

i

Maatstaf Keohten.

_I_

A R T IK E L E N.

*BOEKEN. Alle boeken, in bladen, ingenaaid of ingebonden (1—3).

A rt. 1 der Wet van 1 Sept. 1854, S. no. 126, V. no. 115, K. B. van 4 Maart 1859, S. no. 11, F. na. 19, en de lies. van 2(i Maart 1859, no. 5.\'!, F. no. 20, en 11 \'ut 1862 ......

(1) Deze vrijstelling moet ook dan worden toegepast, wanneer de boeken voorzien zijn van gouden of zilveren sloten of beslag, behoudens evenwel do betaling van de belasting der gouden en zilveren werken, vastgesteld bij do Wet van 18 Sept. 1852, S. no. 178, V. no. 161, en de naleving van de formaliteiten bij die wet voorgeschreven, lies. 10 JIci 1860, no. 37, V. 110. 54.

(2) Zie art. 19, lett. a der Tariefwet, met de aantt. 6—10, nopens het verbod van invoer van boeken, nadruk zijnde van wetenschappelijke letter- of kunstwerken, waarvan in het rijk of in de staten, met welke daaromtrent overeenkomstengesloten zijn, het kopierecht wordt bezeten.

(3) Ook leesboeken voor blinden zijn vrij van invoerrecht. Rcs. 2 Dec. 1890, no. 3, V. no. 122.

„ Boekjes met geparfumeerde zeep belegd en doortrokken, als Kramerij. (lied.).................

„ Jaarboekjes en dergelijke, tevens ingericht tot het houden van aanteekeningen (4), als Papier van nlle soorten, /{es. 6 Febr. 1889, no. 6, F. no. 13............

(4) Gedenk- of verjaardagboekjes, alsmede ingebonden boekjes, waarvan ieder blad bovenaan voorzien is van eene gedrukte spreuk en welke overigens kennelijk ingericht zijn tot het houden van aanteekeningen, worden belast als Papier met 5 pet. der waarde. (Bed.)

Verg. aant. 1 op Papier, alsmede het artikel Kalenders.

„ Kantoor- en andere soortgelijke hoeken met gedrukte hoofden (5), als Papier, registers. Jh\'s. (i Fehr. 1889, no. 6, F mo. 13.

„ Schoolschriften, met gedrukte voorbeelden (5), als Papier van allo soorten. Res. 6 Fehr. 1889, no. 6, F na. 13 ... .

„ Losse banden voor boeken (5) als Papier, bord- en kaart-papier. Res, 6 Fehr. 1889, no. 6, F. no. 13........

(5) Zie de aantt. op Papier.

„ Prentenboeken, met beweegbare platen. (Red.)......

Valsch goud in boekjes, als Kramerij. (Red.)......

BOEKWEIT, als Granen en peulvruchten. Renvooi, Wet 1845, en

Wet 1877.......................

(1) BOE KW EIÏDO PPEN. Res. 26 Fehr. 1869, no. 83, F no. 22. . .

(1) In de Off. Statistieke staten wordt dit artikel afzonderlijk opgenomen onder den hoofdpost Grcwicu. Zie aant. 4 aldaar.

BOGHEAD, een soort van cannel-kool, als Steenkolen: zie Kolen.

Res. 3 Oct. 1861, no. 96, F. no. 99.............

BOILERTUBES. Zie Vlampijpen..............

s(2, BOKKEN en GEITEN (1). Wel 1854 ..........

(1) Zie, nopens het verbod van invoer, aant. 2 op art. 10 dezer Tariefwet.

(2) Voor de Statistiek van den in- en uitvoer hot aantal stuks op te geven, (lied.)

BOKKENHAAR, onbewerkt. Zie aant. 1 op Haar......

BOKKEVELLEN, onbereide. Zie aant. 6 op Huiden, vellen en Ieder.

BOKKING. Zie onder Visch, gerookte haring......■ . . .

BOLLEN. Mutsen —, als Gereedschappen. Res. 22 Oct. 1877, no. 25,

F. no. 96.......................

BOLLEN en VORMEN voor dameshoeden, als Modewaren. Res.

15 Mei 1863, na. 106, F. no. 73..............

BOLUS (Armenische), als Verfwaren. Renvooi, Wet 1822. BOMBAY-RAAPZAAD, als niet genoemde Oliezaden; zie onder Zaad, kool-, raapzaad, enz. Res. .quot;gt;1 Anfj. 1858, no. 162, V. no. 83,

en Wet 1877 .....................

BOMBAZIJN, als Manufacturen. Renvooi, Wel 1822 ......

BONDELS en ijzeren sluitwerk voor vaatwerk. Res. 5 Vee. 1890,

no. 20, V. no. 124 .. .................

BONNETERIE. Zie aant. 5 op Manufacturen........

BONTEN. Zie den post Manufacturen...........

BONTWERK, als Bereide pelterijen; zie Huiden, vellen en Ieder. Res. 6 Sept. 1839, no. 70, V. no. 125, en Renvooi, Wet 1845 . . . .

Vrij

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

Vrij 5 pet.

Vrij Vrij

_

Vrij Vrij Vrij

Vrij Vrij Vrij

Vrij

waarde

5 pet.

waarde

Vrij 5 pet.

waarde waarde waarde

5 pet. 5 pet. 5 pet.

waarde

5 pet.

-ocr page 37-

BOO. — BOK.

G2

()1

1 I

A R T I K E \\j E N\'. Maatstaf. Eeuhten.

s(3) BOOMEX. Plantgewas, liecsters, bloemen (1), bloembollen en dergelijke levende voortbrengselen uit het plantenrijk, niet afz.

belast (2). Wet 1854 .............\'.....

(1) Bouquetten vau levende bloemen zijn dus ook vrij van invoerrecht toe te laten. De Fiscus no. 4i)6, blz. 279.

(2) Zie, nopens de voorwaarden tot den in-, uit- en doorvoer van planten,

heesters en alle andere niet tot den wijnstok behoorende gewassen, afkomstig uit boomkweekerijen, tuinen of broeikasten, en, nopens het verbod van in- en doorvoer van alle uitgetrokken wijnstokken en droge wijngaardranken, alsmede van wijngaardplanten en stekken, afkomstig uit strekel-, die door de phylloxera zijn aangetast, aant. 11 op art. 21 dezer Tariefwet.

(3) Voor de Statistiek van den in- en uitvoer op te geven naar de icaardc en voor den uitvoer tevens naar het hruto gewicht. (Eed.)

BOOMOLIE, als Olie, niet af\'z. belast. Ihs. 6 Juni 1877, no. 71, V.

no. 54, § 5, «i Wet 1877................. 100 kgr.

BOOMSCHORS, in vellen. (Red.) • • • ;.........

„ Manufacturen en stoffen van —. Zie den post Manufacturen. waarde „ Touwwerk van —, als Touwwerk. Èmvooi, Wef 1845 en

M\'et 1877 ....................

BOOMSCHt )RS-EXTR ACT, ook wel genaamd looiers-extract (1). (Red.).

(1) Het hier bedoelde artikel bevat noch verzoetende stoffen, noch olie, en daar het ook niet geschikt is voor bierkleursel, wordt het vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.)

BOOMSTAMMEN, ten dienste der spoorwegen. Zie aant. 14 op Hout. BOOMVRUCHTEN. Zie den post Vruchten.

BOOMWAS, als Plantenwas; zie Was. llmvooi, Wet 1845 . . .

BOONEN. Zie onder Granen en peulvruchten........

„ Paardenboonen, als Wikken; zie onder Granen en peulvruchten. Renvooi, Wet 1845, en Wet 1877 .......

„ Tonkaboonen, als Drogerijen, lies. 7 .hmi 1836, no. 124, V.

no. 90, en Renvooi, Wet 1845.............

BOONENBREKERS, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. 0 Oct. 1862, S. no. 179, V. no. 101, art. 1, en llre/ 1877.......................

BOONENSTROO. Ascli van —, als Haardasch; zie onder Asschen.

Renvooi, Wet 1845 ...................

BOOüIJZEliS voor putboring. Res. 19 JVov. 1886, no. 15, V. no. 105. waarde „ Zoogenaamde avegaars, zijnde boorijzers, die don vorm hebben van de fretboren, doch belangrijk grooter zijn (1). (Red.)

(1) Zij worden in den regel ingevoerd zonder wring of draaibouten aan hot boveneinde, (lied.)

BOORMACHINES voor wol, wanneer zij uitsluitend bestemd zijn, om in eene fabriek te worden gebezigd, als Fabriekswerktuigen. Res. 27 Oct. 1854, no. 39, en Wet 1877 ......

„ met handbeweging, als Ijzerwerk. Re*. 5 Dcc. 1890, no. 20,

r. no. 124.................... waarde

BOORZWENGELS, ook zonder boorijzer, als Gereedschappen, lias.

6 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, § 3.............

BOOTEN. Zie Electrische booten alsmede Reddingsbooten . . waarde

*BORAX, geraffineerde. Wet 1862 ..............

„ quot;Ruwe —, Tinkal en half geraffineerde of Oost-Indische.

Wet 1854 ........\'...........

BOREN. Zie noot Off. V. 1886, no. 105.

„ Ratel- en spiraalboren. Re*. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124. waarde

BORDPAPIER. Zie den post Papier............ waarde

„ Geasphalteerd —, als Papier van alle soorten. Res. l-iAjtnl

1886, no. 7, V. na. quot;gt;9...............waarde

BORSTBEELDEN. Marmeren —. Zie onder Beelden......

BORSTELMAKERSWERK, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op

dien post...................... waarde

BORSTÈLS, bestemd tot het machinaal reinigen van graan in eene stoommeelfabriek, en blijkens vorm en grootte ook alleen voor fabrieksgebruik geschikt. |Red.).........1 —

-ocr page 38-

(gt;4

BOU.

63

BOK.

A R ï I K E L E N.

Rechten.

Maatstaf.

BORSTELS. Koperdraadborstels voor goudsmeden om mat te polijsten zijn niet tc rangschikken onder fabriekswerktuigen noch onder gereedschappen en derhalve te belasten naar het

hoofdbestanddeel. (Eed.)..............

„ Zwijns —. Zie onder Haar.............

BORSTELSCHAREN, in vorm overeenkomende met een hakmes

tot het afsnijden van borstels. (Red.)............

BORSTHONIG, ongeacht de verpakking, als Honig. (Red.). . . . BORSTROKKEN, geweven of gebreid, als Manufacturen. Brnvooi,

Wet 1845. ...............

BORSTSIROOP. Medicinale —. Zie onder Stroop.

BORWICK\'S rOWREli, bestaande uit gecarboniseerde soda met wijnsteenzuur en eene geringe hoeveelheid tarwemeel, en bestemd

om te dienen tot vervanging van gist. (Red.).........

BOSCHBESSENWIJN, als Wijn (1). (Red.)..........

(1) Zie, nopens de heffing van accijns, aant. 1 oj) Wijn.

BOSCH- of BLAUWBESSEN (1). lies. 7 Juli 1881, no. C, V. no. 50.

(1) lioschbessen, iu water gekookt, zonder alcohol of suiker en zonder eenige verdere bewerking te hebben ondergaan, worden mede vrij van invoerrecht toegelaten. (Bed.)

Evenzoo Zweedsche boschbessen in water of gekookt. (Eed.)

BOT. Zie aant. 4 op art. 19 dezer Taricfwet.

*(2) BOTER. Eetbare — (1). Wet 1802 ............

(1) Ook eetbare boter in niet luchtledige blikken busjes wordt vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed.)

Ingevolge Ees. 1 Aug. 1891, no. (i, V. no. 88, moeten de ambtenaren er tegen waken, dat eetbare margarine ten uitvoer wordt aangegeven onder de benaming „eetbare boter.quot;

(2) „Margarine, eetbare, en alle andere surrogaten van boterquot; onder een afzonderlijken post in de statistieke staten op te nemen. Res. •1 Oct. 1890, no. 10, V. no. 102.

Zie hierbij ook Margarine, ruwe.

„ Cacaoboter, een boterachtige olie, welke door hot uitkoken of uitpersen der geschilde cacaoboonen bereid wordt, moet zoowel wegens den prijs als het gebruik gerangschikt worden onder de Drogerijen. Bes. 23 Aug. 1848, no. 23,

V. no. 83....................

„ Palmboter, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845......

„ *Smeer of bedorven —. Wet 1862...........

BOTER-AETHER (1) als Gedistilleerd, alle verdere dergelijke uit of met alcohol bereide stoffen (2). (Red.)

(1) Nopens de samenstelling zie men aant. 3 op Aether.

(2) Zie hierbij de Bijz. Bepaling op den post Gedistilleerd, zoomede aant. 10. BOTER-BOUQUET, gebruikt wordende om aan kunstboter den reuk

van natuurboter tc geven, en geen olie, noch suiker ot alcohol bevattende, als Annatto. (Red.)

BOTERKLEURSEL. Zie Annatto.

BOTTELS, als Glas. Renvooi, Wet 1822 ....... ... .

BOUILLON, bereid van vleesch, groenten, enz., besloten in blikken, flesschen of bussen, als\'Koek- en banketbakkerswerk.

Res. 17 Maart 1849, no. 18, F. no. 30.........

„ TAPIOCA-BOUILLON, in aard en bestemming overeenkomende met Liebig\'s vleeschextract, als Koek- en banketbakkerswerk. (Red.)...............

BOUILLON-CAPSULES, als Koek- en banketbakkerswerk. (Red.) BOUILLON-TABLETTEN. Zie onder Tabletten.

BOUQUETTEN van levende bloemen. Zie aant. 1 op Boomen, enz, BOUTEN van rood en geel koper. Zie onder Koper, geslagen, enz. „ van spiauter of zink. Zie onder Spiauter of Zink. . . . „ Emmerbouten (ijzeren), met ringen, bestemd om do emmers aan de baggermachines te hechten, als Ijzerwerk. (Red.).

„ Glunbouten (ijzeren), als Ijzerwerk. (Red.)......

Klinkboutcn. Zie Klinkbouten.

waarde

5 pet. Vrij

5 pet. ƒ 2.50

5 pet.

waarde 100 kgr.

waarde

Vrij Vrij

Vrij

Vrij

Vrij Vrij Vrij

waarde

100 kgr.

100 kgr. 100 kgr.

5 pet. ƒ 25.00

„ 25.00 „ 25.00

Vrij Vrij Vrij

5 pet. 5 pet.

waarde waarde

-ocr page 39-

BOÜ. — BRA.

65

66

AKÏIKELE N.

BOUTEN. Laschbouten, als Ijzerwerk. Bes. 12 Sept. 1803, no. 26 . ., Moer- en schroefbouten, dienende tot bevestiging van ijzeren mondstukken aan gasretorten, afzonderlijk ingevoerd, als Ijzerwerk, daar deze bouten ook voor andere doeleinden

geschikt geacht worden. (Red.)...........

„ Schroef- en haakbouten (1), als Ijzerwerk. Ees. 25 Xov.

1864, no. 4....................

(1) Zie hierbij de aant, op Gasmeters, alsmede aant. 1, noot /, op Spoorwrgen. BOUWMATERIALEN. Zie onder Steen, schaliën en leien, enz. . BOUWPLATEN, om door kinderen te worden uitgeknipt, ter vervaardiging van verschillende voorwerpen, als huizen enz., als Prenten

of platen. (Red.)...................

BRAAM BESSENSAP, als Wijn (1). (Red.)..........

(1) Alleen aan accijns onderworpen: zie aant. 1 op Wijn.

BRAISETTES, als Kolen, houts-. Renvooi, Wet 1845 ......

BRANDBLUSCHGRANATEN (glazen ilesschen, gevuld met eene vloeistof, die, in het vuur geworpen, dit uitdooft). Ren. 6 Juli 1891,

no. 39, V. no. 75....................

BR ANDBLUSCH WERKTUIGEN, EXTINCTEURS, ANNIHILA-TEURS en andere dergelijke draagbare brandbluschwerktuigen, naar hun hoofdbestanddeel, als Ijzerwerk (1). Res. 9 April 1891,

no. 11, V. no. 31....................

(1) Verg. hierbü aant. 3 op Fabriekswerktuigen.

BRANDBLUSSCHERS. Grimei\'s zelfwerkende — met brandsignaal, zijnde toestellen, die aan pijpen eener waterleiding bevestigd, bij

brand van zelf beginnen water te geven. (Red.).......

BRANDERTANGEN. Zie onder Tangen..........

BRANDERTAPPEN, als Ijzerwerk. (Red.).........

BRANDEWIJN (1), als Gedistilleerd. Renvooi, Wet 1845 ....

(1) Zie, nopens de berekening van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op Gedistilleerd.

BRANDHOUT. Zie onder Hout..............

BRANDIJZERS, voor het branden van sigarenkistjes. Res. 19 Nov.

1886, no. 15, V. no. 105.................

BRANDKASTEN. IJzeren —, als Meubelen. Res. 10 Juli 1862, no. 62. BRANDKRANEN voor waterleidingen (1). Res. 2 Aug. 1888, no. 22,

V. no. 92.......................

(1) Zie hierbij Afsluitkranen.

BRANDLADDERS en andere BRANDREDDINGSTOESTELLEN, naar hun hoofdbestanddeel, als Hout-, Leder- of Ijzerwerk.

Res. 6 Juli 1891. no. 39 V, no. 75.............

BRANDSCHILDERSWERK. Zie aant. 1 op Vensterglas. BRANDSPUITEN en hetgeen daartoe behoort. (1) Zie Fabriekswerktuigen .....................

(1) Zie Brandbluschwerktuigen hiervoor.

BRANDSPUITSLANGEN van gom-elastiek of gutta-percha, als bewerkte voorwerpen van Gom-elastiek of Gutta-percha; zie Gomlastieken schoenen en Gutta percha. Res. 11

Juli 1885, no. 96, V. no. 74.............

„ van hennep of vlas, als Manufacturen van hennep of vlas.

Res. 27 Aug. 1885, no. 15, V. no. 96..........

„ van leder, als Lederwerk; zie Huiden, vellen en leder.

Bes. alsvoren...................

„ van gom-elastiek of gutta percha, van hennep, vlas of leder, te zameu met de brandspuiten ingevoerd en blijkbaar daartoe behoorende, als cedeelten (1) van Fabrieks-of stoomwerktuigen. Bt\'s. 24 Oct. 1864, no. 53; 11 Juli 1885, no. 96, V. no. 74, en 27 Aug. d. a. v., no. 15, V. no. 96, en Wet 1877. „ Standpijpen, schroeven of koppelingen voor brandspuitslangen. Zie Standpijpen en Schroeven.

(1) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fabrickswerkluiycn.

Maatstaf.

waarde

waarde waarde

waarde

waarde de HL. ad 50 pet.

waarde waarde

waarde

waaide

waarde waarde waarde

-ocr page 40-

BK A. — BRT.

08

A I! T 1 K E 1. K N.

lïUCUTEX.

Maatstaf.

BRANDZEILEN en EEDDINGSZEILEN, van zeildoek vervaardigd.

Bes. 6 Juli 1891, no. 39, V. no. 75..........

„ niet van zeildoek vervaardigd, als Manufacturen. Bes. ah voren. BB ASSOJjINE-VERNISSEN (1), als Vernissen, met alcohol bereid, zie den post Gedistilleerd (2). (Red.) . . •....... •

(1) Deze vernissen bevatten eene belangrijke hoeveelheid alcohol. (Bed.)

(2) Zie hierbij aant. 3 op Gedistilleerd, zoomede nopens de berekening van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op dien post.

BRAWN (Amerikaansch varkensvleesch). Zie onder Vleesch. BRAZIL- en BRAZ1LETHOUT, als Verfhout; zie onder Hout.

Benvooi, Wet 1854 ...................

BREEUW WERK (Afval van hennep). Zie Werk, Benvooi, Wet 1845. „ (Gepluisd touwwerk). Zie Lompen, oud en onbruikbaar, aan stukken gekapt of\' gepluisd touwwerk. Benvooi, Wei 1854. BREIMACHINES, als Gereedschappen Bw._22 Oct. 1877, no. 25 V.

no. 96, bevestigd bij Res. 19 Sov. 1886, no. 15. V. no. 105 .... BREINAALDEN, als Kramerij. Zio de Bijz. Bepalinij op dien post. BREI PATRONEN ot MODELLEN, op papier, als Prenten of Platen. Benvooi, Wet 1845, en Bes. 19 Maart 1863, no. 77, V. no. 58 . . .

BREKERS van gascokes. Zie onder Werktuigen.......

„ Graan-, boonen-, erwten-, haver-en lijnzaadbrekers, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. 6 Oct.

1862, S. no. 179, V. no. 101, art. 1. cn Wet 1877 .....

„ IJsbrekers en ijsploegen. Zie IJsbrekers . . • • • . • BREMER-GROEN, als Verfwaren. Bes. 17 April 1847, no. 130, K no 61. BREMERHAAR (poil de Brcnie), ook genoemd lange Bremer ot\' Oostfriesche Schapenwol, als Wol, schapenwol, enz. lies. 12 Januari

1830, no. 137, F. no. 12.................

BREMER VLOEREN of BREMER VLOERSTEENEN. Zie Vloeren. BRETELS of BROEKDRAAGBANDEN, als Modewaren. Benvooi,

Wel 1845.......................

BRIEFKAARTEN en BRIEFOMSLAGEN, met postzegelstempel, zoo nieuwe als gebruikte, als Kramerij. Bes. 19 Maart 1885, no. 9,

V. no. 29.......................

BRIEFOMSLAGEN (1), als Papier, pakpapier. Bes. 6 Febr. 1.889,

no. 6, V. no. 13....................

(1) Zie- aantt. 1 en 4 op Papier.

BRIEVEN, waaraan niets ontbreekt dan het adres (1), als Drukwerk of Steendruk te rangschikken onder Boeken. Bes. 6 Fehr. 1889, no. 6, V. no. 13......................

(1) Verg. aant. 1 op Papier en aant. 1 op Steendruk.

BRIEVEN en MEMORANDA. Formulieren voor — (1), als Papier,

van alle soorten. lies. 6 Fehr. 1889, no. 6, V. no. 13......

(1) Zie aant. 1 op Papier.

BRILLANTINE en alle andere polijstpoeder, in doosjes, busjes, potjes of\' Heschjes ingevoerd, als Kramerij. Bes. 8 Mei 1803,

no. 21, V. no. 70.................

„ iu groote verpakkingen. Bes. alsvoren.........

BRILLEN, als Kramerij; zie de Bijz. Bepaling op dien post . . . BRIQUETS (1), als Kolen; zie Kolen, steen-. Bes. 30 Dec. 1854,

no. 6, V. no. 181...................

(1) Bij de genoemde res. Vera. 1854, no. 181, is tevens opgemerkt, dat briquets, als zijnde vierkant van vorm, en van niet onbeduidende grootte, ongeschikt zijn om bij wijze van storting in do maat te kunnen worden gemeten, en dan ook in den\' handel bij het gewicht of het stuk verkocht worden, en vervaardigd zijn uit zeer lijne gruiskolen, veenspecie, hout, enz.

BRIQUETTEN. Zoutbriquetten (1). als Zout, ruw. (Red.). . . .

(1) Z,g, zoutbriquetten van geperst mijnzout bevatten grootendcels zuiver chloornatrium en verder oen weinig van eene donkergekleurde en ijzerhoudende kleisoort. (Eed.)

Zie, nopens den accijns, aant. 1 op Zout.

BRITTANNIA-METAAL. Voorwerpen van —, als koffie- en melkkannen, ook wanneer ze verguld ot\' verzilverd zijn, als Tinwerk. Bes. 7 Fehr. 1851, no. 107. en 7 Aug. 1860, no. 116.......

Vrij 5 pet.

f 3.50

waarde de HL. ad 50 pet.

Vrij Vrij

Vrij

Vrij 5 pet-

Vrij 5 pet.

waarde waarde

waarde

Vrij 1 pet.

Vrij

5 pet.

5 pet. 5 pet.

Vrij 5 pet.

waarde

waarde waarde

waarde

waarde waarde

5 pet. Vrij 5 pet.

Vrij

Vrij

waarde

5 pet.

-ocr page 41-

BRO. — BTTI.

70

rgt;9

|

A K T 1 Iv K L E N.

|

BROEKDRAAGBAlfDEN of BRETELS, als Modewaren. Renvooi, !

Wet 1845 ......................

BROEKEN, geweven of gebreid. Zie den post Manufacturen. . . : „ Lederen —, voor kammachines, als Fabriekswerktuigen.

(Red.) i

BROMOFORM. (Red.)..................

BRON- en MINERAALWATER, alsmede eau oazeuse:

„ *op flesschen (A) (1—2)..............

„ *OP KRUIKEN (o) . . ..............

Bijzondere Bepalingen.

(A) Bij invoer op flesschex van 7 liter inhoud en daarüoven,

bedraagt het recht 4 cent de plesch.

(1) Ook bij invoer van Kogelfleschjes wordt het recht van ƒ0.50 de 100 flessehen gevorderd. (Ked.)

(2) Bü invoer in Spuit- of hcvclflosschen (syphonüesschen) wordt van die tiesschen een recht geheven als van Glaswerk, terwijl voor het daarin aanwezige mineraalwater geen afzonderlijk recht verschuldigd is. Ecs. 15 .1quot;;/. 1HÖ8, ho. 51, V. no. 92. Verg. hierbij de aantt. op Emballage.

(3) Hot recht van ƒ 0.25 de 100 kruiken is verschuldigd, zonder dat haar meerdere of mindere inhoud daarbij in aanmerking kan komen. Hes. 21 Mei 1803, no. 03.

BRON- en MINERAALWATER op fust. Res. 15 Auy. 18(gt;S, no. 51,

]r. no. 92......................

BRONS (1), als Koper. Renvooi, Wet 1.S45..........

(1) Ook gemalen brons. Zie res. 20 Juli 1827, no. 187, V. no. 103.

BRONS- of GOUDDRUKMACHINES. Zie onder Machines . . . BRONSPOEDER. Zie Poeder.

BRONS VERF, als Verfwaren, bereide. AV-s. 15 Fehr. 1.4, no. (19, V. no. 20.

BRONS WERK. Zie den post Koper............

BRONZEN KUSSENS, dienende en bestemd om daarop of daarin de assen van stoom- of fabriekswerktuigen (e doen draaien, als

Fabriekswerktuigen. (Red.)..............

BRONZEN MEDAILLES. Zie onder Koper..........

BROXZOUTEN. Vicby en ander dergelijk zout, verpakt in lleselijes en voorzien van étiquetten, alsmede van gebruiksaanwijzingen. (Red.). (1) BROOD. Zie onder Granen...............

(1) Voor de Statistiek op te nemen onder den afzonderlijken, alpha-betisch te plaatsen, post Brood en beschuit. Zie aant. 5 op Granen.

„ Zoogenaamd kaaien —. Res. 15 Mei 1863, no. 106. V. no. 7quot;. BROOKE\'S SOAP bevat zeer weinig (minder dan 5 pet.) werkelijke zeep, doch veel puirasteenpoeder en wordt met het oog op de verpakking en de wijze van verkoop (1) belast, als Kramerij- (l\'ocl.) (1) Zie deswege aantt. 1 en 7 op den post Kramerij.

BRUGDEELEN. IJzeren —, ais Ijzerwerk, daar zij reeds eene bewerking ondergaan hebben, en tot een bepaald doel geschikt

gemaakt zijn (1). (Red.).................

(1) Zie ook aant. 1 op Spoorwegen.

BRUGGEMANCHES MALTZ-EXTRACT. Zie onder Bier.

BRUIN- en MOORKOOL, als Kolen, steen-. Renvooi, Wet 1845 . .

*BRlTINBROOD, ongemalen. Wel 1854............

„ *gemalen. Wet 1862 ................

quot;BRUINSTEEN. Wet 1854 ................

BRUISPOEDER, in doozen met lleselijes, als Kramerij. (Red.) . . BRUNSWIJKER-GROEN, als Verfwaren. Res. 17 April 1 gt;47, no. 130, V. no. 61.

BUCKELPLATEN. IJzeren —. Zie IJzeren Buckelplaten. . . .

BUCKSKIN, als Laken ; zie Manufacturen. Renvooi, Wet 1845. . BUFFELHUIDEN, onbereide. Zie aant. (i op Huiden, vellen en

leder ........................

BITGMACHINES, voor blikken platen, met handbeweging. Res.

5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124..............

B1TGTANGEN. Zie onder Tangen.............

Maatsva !■. Hechten.

waarde waarde

100 fl. 100 kr.

waarde

waarde

waarde

waarde

waarde waarde

Vrij

5 pet. Vrij

waarde

-ocr page 42-

Bri. — CAL.

72

71

A K T I K E L E N.

BUILGAAS (1). /iiden —met katoen omboord, als Manufacturen.

(Red.)

(1) Zie hierbij aant. 1 op Gaas.

BUIL- en ZEEFTEXKLEEDEX, zijnde op maat afgesneden stukken metaalgaas, voorzien van oogjesband ot\' katoenen strooken en bestemd ter bekleeding van Jen trommel eener builmachine. (Red.).

BUILLAKEN voor olieslagerijen. (Bed.)...........

BUILZAKKEX. Zijden —, met katoenen boorden voor meelfabrieken, als onderdeelen (1) van Fabriekswerktuigen, lies. 24 Juli T8G8,

no. 29, V. no. 86 en Mret 1877...............

(1) Zie hierbij aantt. 3 en i op Fabriekswevkluigen.

BUITEXKASÏEX van forte-piano\'s, waarin, boewei van eenig binnenwerk voorzien, zangbodems, snaren, enz. ontbreken, als Houtwerk.

Hes. 81 Aug. 1843, no. 67, V. no. 130............

BUIZEN. Zie den post Ijzer, gaspijpen, alsmede Gasbuizen, IJzeren Buizen, Pijpen, Retorten en Slangen. „ van aluminium. Zie aant. 1 op Nieuwzilver, in platen, enz. „ voor artesische putten, welke buizen bij het boren in den

grond achterblijven. (Red.).............

„ Gehalveerde buizen van gemalen en geperst afval van kurk.

(Red.)

„ Stalen buizen, dienende voor de vervaardiging van rijwielen,

als Staalwerk. (Red.)...............

BUXZIXGVELLEX, als Pelterijen; zie Huiden, vellen en leder.

Renvooi, Wet 1845.

(1) In onbereiden toestand kennelijk vrij van invoerrecht. Zie op Huiden, enz.

quot;BUSKRUIT (1—2)...................

(1) De Bijz. Bepaling in de Tariefwet op dezen post voorkomende, is vervallen ingevolge art. 75 Kon. besluit van 15 Oct. 1885, S. no. 187, V. no. 127, in verband met art. 9 der Wet van 2ü April 1884. S. no. 81, V. no. 52. Verg. V. 1885, no. 129.

Omtrent den in- en doorvoer van ontplofbare stoflen, genoemd in art. 1 Kon. besluit van 15 Oct. 1885, S. no. 187, V. no. 127, zijn thans van toepassing de voorschriften, vervat in hoofdstuk IV van dat besluit, gewijzigd bij de Kon. besluiten van 10 Oct. 1894, S. no. 102, V. no. 104, en van 26 Sept. 1896, S. no. 159, V. no. 98, alsmede de Res. van 17 Nov. 1885, no. 85, V. no. 129, en van 11 Juni 1894, no. 36, V. no. 55.

(2) Zie hierbij de aantt. op Knalsignalcn en op Patronen, alsmede aant. 5 op art. 21 dezer Tariefwet.

BUSKRUIT-DKOOGBAKKEX. (Red.)............

BUSSEX. Zinken bussen worden, al zijn ze ook bestemd voor een zoogenaamden duivel, niet als Fabriekswerktuigen, maar als Zinkwerk beschouwd. (Red.)................

quot;CACAO. Afval en zeefsel van cacao hieronder begrepen. Wet 1862.

„ «Schillen. Wet 1862 ................

„ Cacaoboonen en het daaruit vervaardigde cacaopoeder (ontvette, gemalen cacao, zonder vreemde bestanddeelen), in elke

verpakking. Bes. 14 Sept. 1891, no. 4, V. no. 101.....

„ Gemalen cacao, bereid met suiker of andere vreemde bestanddeelen (poederchocolade), in elke verpakking, als Chocolade,

met suiker bereid. Bes. alsvoren............

CACAOBOTER, een boterachtige olie, welke door het uitkoken of uitpersen der geschilde cacaoboonen bereid wordt, moet zoowel wegens den prijs als het gebruik gerangschikt worden onder de

Drogerijen. Bes. 23 Aug. 1848, no. 23, V. no. 83.......

CACHETTEX, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post. . CACHOUXOTEX. (De vrucht van een in Oost- en West-Indiü en naar \'t schijnt ook in Afrika groeienden boom, die den naam draagt van Anacardium Occidentale, hoofdzakelijk dienstig zijnde tot bereiding van inkt of in de ververijen. (Red.).........

CAJAPÓETOLIE, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845 ......

CALCEDOX, als Juweelen. Renvooi, 11\'«/ 1845 ........

CALCIUM-ACETAAT. Zie den post Azijn.

CALFSMEAL. Zie Kalfsmeel...............

Maatstaf.

waarde

waarde

waarde

waarde

100 kgr.

waarde

100 kgr.

waarde

Vrij Vrij Vrij

Vrij

-ocr page 43-

CAL. — CAR.

73

74

ARTIKELE Nquot;.

CALIAÏOURHOUT, als Verfhout; zie ouder Hout. Renvooi, Wet 1845.

CAMÉES, vervaardigd uit agaat, onyx of andere dergelijke steeneu,

evenals die uit lava of uit .schulpen gesneden (1), als Kramerij.

Hes. IS Sept. 1808, no. 33, V. no. 101............waarde

(1) Verg. aant. 1 op Edelgesteenten, alsmede Weekblad no. GC7, pag. 1.

CAMERA OBSCURA. Zie Photographische toestellen .... waarde CAMINE ROUGE, als Koek- en banketbakkerswerk. (Red.). . 100 kgr. CAMPÊCHEHOUT, als Verfhout; zie onder Hout. Renvooi,Wet 1845. „ Extract van —, waaraan geen verzoetende zelfstandigheden

zijn toegevoegd. (1) (Red.)..............

(1) Verg. hierbij Verfhout-extract, alsmede aant. 1 op Verfware».

CAMPHLXE, mits niet met alcohol of houtgeest vermengd, als Olie,

niet afz. heiast. Zie de Bijz. Bepaling op den post Olie.....100 kgr.

CANARONI (als zoodanig in den handel bekend), als Citroen- en

oranjeschillen, geconfijte. (Red.)..... .......waarde

CANDELABRES en LUSTERS van brons of ander metaal, naar het

hoofdbestanddeel. Ite*. 27 Januari 1852, no. 120, U. no. S ... . waarde CANNELKOOL, als Kolen, steen-. Bes. 3 Oct. 1801, no. 96, 1\'. «o. 99. CAOUTCHOUC wordt, volgens de van Regeeringswege uitgegeven statistieke opgaven, gerangschikt onder de Drogerijen (1). (Red).

(1) Zie de aant. aldaar.

„ met linnen, dienende tot het stoomdicht maken van mangatdeksels, stoompijpen, enz., als Fabriekswerktuigen (Red.) „ onbewerkt, dienende tot plombeering van kiezen en tanden. (Red.)...................

„ Deeleu van stoomwerktuigen, vervaardigd uit caoutchouc of gutta-percha, mits tot geen ander gebruik geschikt, als

Fabriekswerktuigen (1). (Red.) ..........

(1) Zie aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

CAOUTCHOUC-DEKENS voor katoendrukkerijen, als Fabriekswerktuigen. Res. 10 Fehr. 1805, no. 90, en Wet 1877 .....

CAOUTCHOUC-PAPIER, als Manufacturen. (Red.)......waarde

CAOUTCHOUC-RLNGEN, bestemd tot verpakking van gaspijpen (1),

als Gutta percha, bewerkte voorwerpen van —. (Red.). .... waarde (1) Verg. hierby Pakkingstof.

CAPSULEERMACHINES (Red.)..............waarde

CAPSULES van tin (1) voor flesschen, als Tinwerk. Res. 9 Maart

1854, no. 179, Iquot;, no. 29...............waarde

(1) Capsules, bestaande uit lood, in- en uitwendig gedekt met tin.

worden ook als Tinwerk belast. (Red.)

„ voor medicinaal gebruik, al of niet met geneesmiddelen gevuld (1). Res. 23 Aug. 1889, no. 2, 1\'. no. 84...... .

(1) Teercapmles zullen derhalve vrij van invoerrecht moeten worden toegelaten. (Ked.)

„ Bouillon-capsules, als Koek-en banketbakkerswerk. (Red.) 100 kgr. CARAMEL. (1) (2). Art. 88 § 16 der Suikerwet, U. 1897, nu. 33 . . 100 kgr.

(1) Zie den post Suiker, gewone massé, enz.

(2) Bij invoer toe te zien, dat caramel niet wordt toegelaten onder de benaming van bier- of azynkleursel of van vloeibare koftiestroop. De Fiscus no. 185, blz. 252.

CARBOLGAAS, een antiseptisch verbandmiddel, als Manufacturen. (Red.).....................waarde

CARBOL1NEUM (1), als Olie, niet afz. belast. Res. 20 Juni 1890,

no. 24, V. no. 49.................... 100 kgr.

(1) Zie hierby de aant. op Creosoot.

CARBOLINEUM AVENARIUS, eene vloeistof bestaande uit gezuiverde z wii re olie van steenkolen teer (1) als Olie, niet afz. belast. (Red.) 100 kgr. (1) Zie hierbij de aant. op Creosout.

CARBOLZUUR (1) als Olie, niet afz. belast. Res. 20 Juni 1890, no.

24, V. no. 49 ..................... 100 kgr.

(1) Zie hierbij de aant. op Creosoot.

maats\'i a 1\'.

-ocr page 44-

CAE. — CEM.

70

A K T 1 K E L E N.

CARBON. Zie Naphthaline...............

„ Stukjes z.g. carbon (naphtaline), bestaande uit zeer zuivere naphtaline. een door nadere fabricatie eu zuivering verkregen zelfstandig- bestanddeel van steenkolen teer, en bestemd om in gaslainpen te worden verdampt en verbrand om liet kool-gehalte, ten einde daardoor liet lichtend vermogen der gasvlammen te verhoogen, als Kaarsen, waskaarsen, enz. (Red.) CARBONADE SULFINÉ DE BENZINE. Zie aant. 3 op Saccharine. CARBON ENAMEL. Patent improved —, zijnde eene niet gemethy-leerd gedistilleerd vervaardigde vloeistof, tot het bekleeden van

bierfusten, als Gedistilleerd. (1). (Red.)..........

(1) Zie, nopens de berekening van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op Gedistilleerd.

CARDAMON, als Drogerijen. lii*. 15 Sept. 1 *04, tw. 65, I\'. nn. 85. CARMARINE, als Reuk- en parfumeurswaren. (Red.) .... CARMOLINE. Zie Formaline...........•

CARNE-PURA, een vleeschpoeder niet meel vermengd, ook in den vorm van biscuits, als Vleesch van alle soorten, gerookt of gedroogd. (1). (Red.)...................

(1) Zie hierbij aant. 1 op Vleeschpoeder.

CARNRICKS SOLUBLE FOOD, een poeder uit graanmeel en melk, bestemd tot voedsel voor zwakke kinderen, als Revalenta ara-bica. (1). (Red.)....................

(1) Zie hierbij het artikel Mcelpraeparalen.

CARTONS, beplakte, bestemd voor doozen, als Papier. (Red.) . . „ Gesteendrukte —, met ingeslagen woorden. (Red.) ....

CASSAVEMEEL. Zie Tapiocameel............

CASSIA FISTULA, zijnde lange, donkerbruine peulvruchten, als

Drogerijen. Hes. 31 Oct. 1802, no 40, 1\'. no. 121.......

CASSIA LIGNEA , zijnde de bast van kaneel boomsoorten, als Spe-

cerjjen. Iteif. 31 Oct. 1802, no. 40, 1\'. no. 121........

CASS1A-OLIE, als Reuk- en parfumeurswaren. Res. 20 Juni 1808,

no. 50, 1\'. no. 73, en Wet 1877...............

CASSIA VERA, zijnde de bast van kaneelboomsoorten, als Specerijen. Res. 31 Oct. 1802, no. 40, 1\', no. 121.........

CAlsTOR- of RICINUS-OLIE, als Olie, niet af/,, belast. Res. 11 April

1882, no. 34, V. no. 44.................

CATALOGUSSEN, als Drukwerk of Steendruk. Res. 8 Der. 1850,

no. 57, V. no. 115...............

CAUSTIEKE SODA (Hageinan\'s geconcentreerde zeeploog) in blikken busjes, zóó dat ze zonder overpakking door kramers in\'t klein kan verkocht worden, als Kramerij. Res. 14 Juni lS73, no. 08, 1\'. no. 71

CAVENDISH-OIL. als Olie, niet afz. belast. (Red.)......

CAYENNE PEPER, als Peper. Res. 11 Dec. 1802, no. 82, 1\'. no. 139. CEDERAPPELEN, als Vruchten, alle versche enz. Renvooi, U W 1845.

CEDERHOUT. Zie onder Hout, Fijn werkhout enz.......

CELLULOID, onbewerkt, in platen of bladen (Red,)......

„ ingevoerd in pijpen of bladen en dienende tot de vervaardiging van nagebootst schildpad en andere dergelijke voorwerpen. (Red.)..................

CELLULOSE of houtstof, dienende tot grondstof voor papier. (Red.)

CEMENT. Zie onder Steen, gemalen, enz...........

„ (Rivet) aangewreven met terpentijn en lijnolie, en bestemd tot het besmeren dor koppen van klinknagels, die in de ])lanken geklonken zijn, alsVerfwaren, in olie gewreven. (Red.) „ Beelden en andere voorwerpen van gegoten cement (ramsone-

steen), als Gipsbeelden. (Red.)...........

„ Kopercement (1). (Red.)

ijzer

standigheid, dat het vocht, waarmede liet koper is doortrokken, een gedeeltelijk geoxydeerde oplossing van ijzervitriool is (lied,)

Maatstaf.

waarde waarde

de HL. ad 50 pet.

waarde

100 kgr.

100 kgr.

waarde waarde

waarde waarde waarde 100 kgr.

waarde 100 kgr. 100 kgr. waarde

waarde waarde

5 pet.

5 pet. Vrij

-ocr page 45-

CEM. — CHI.

77

78

A U T I K E L E X.

CEMENT. Portland-cejnent, als Steen, fijne tufsteen, tras of cement. J!es. 15 Aug. 1856, no. 25, V. no. 84, en 12 Sept. 1863, no. 99, V.

no. 13C, en Wet 1877 ..................

CEMENTLIJM, zijnde eene oplossin» van eene harsachtige stof in alcohol cn aetherisehe olie, als Gedistilleerd (1). Tariefwet R. en K. bh. 82......................

(1) Zie, nopens de berekening van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op Gedistilleerd.

Verg. hierbij ook Linoleum-cement.

CEMENTPLATEN. Vuurvaste —, als Steen, ongebakken. (Red.) CEMENTPOKSEIjEIN. Z.g. —, zijnde een mengsel van loodwit, olie en terpentijn, als Verfwaren, die in olie gewreven zijn. (Red.) .

CEMENTSTEEN. Ongebakken —. (Red.)..........

CENTRIFUGEGAAS voor suikerraffinaderijen. (lied.)......

CERUIS, als Loodwit. Renvooi. Wet 1845 ..........

CHALUMEAUX of BLAASPIJPBUIZEN, als Instrumenten. Jte*.

15 Maart 1848, no. 57, V. no. 20. ,............

CHAMPIGNONS. Zie den post Koek- tn banketbakkerswerk. CHARBONS DE GRAPHYTE of KOOLPLATEN, voor galvanische batterijen, als onderdeelen van Instrumenten, physische. (Red.) CHEMICALIËN, vervalt (1). (art. 9 der wet van 1 Mei 1863, S. no. 47, V. no. 76).

(1) Hier worden bedoeld die Chemicaliën, welke alcohol bevatten, alsmede aether, chloroform, enz. Bij de wet van 1862 waren deze belast met een recht van ƒ 0.55 den liter. Thans worden zij gerangschikt onder den post Gedistilleerd, wanneer ze meer dan 5 pet. alcohol bevatten (a). Voor de aethers, chloroform, enz., is een afzonderlijk invoerrecht vastgesteld {h), laatstelijk bij Kon. besluit van 17 Mei 1877, S. no. 100, V. no. 53. (Red.)

In no. 430 van de Fiscus is een lyst opgenomen van vloeistoffen, uit of met alcohol bereid.

(a) Zio aantt. 1, 11 cn 12 op Gedistilleerd.

(h) Het bedrag daarvan is opgenomen in do Bijz. Bepalinrj op den post Gedistilleerd

quot;\'(4) CHEMICALIËN, niet afz. belast, geen gedistilleerd of alcohol bevattende (1—3). Wet 1862, en Res. 10 Oct. 1862, no. 105,1\'. no. 105, hi.

(1) Onder Chemicaliën, niet afz. belast, kunnen o a. zoodanige praeparaten worden toegelaten, welke samengesteld zijn als bij de Pharmacopora Belgica Ot), vastgesteld bij Kon. besluit van 28 April 1821, S no. 2, en de Wet van 12 Juii 1821, S. no. 7, is omschreven. J\'es. 11 Maart 1835, no. 90, V. 1814, no. 105.

(a) De Phnrmacopoea Jteluica is vervangen door de Pharmacopoea Neerlandica, en liet laatst vastgesteld bij Kon. besluit van 27 Sept. 1889, S. no. 125.

(2) Hiertoe behooren ook de stropen, extracten en essences voor meiwijn en alle andere dergelijke praeparaten. die noch alcohol, noch suiker, stroop of honig bevatten. Bes. 14 April 1808, no. 54, V. no. 48.

(3) Zie hierbij het artikel Geneesmiddelen.

(4) Voor de Statistiek van den in- en uitvoer naar de waarde op te geven, en voor die van den uitvoer tevens naar het hruto-gewicht. (lied.)

CHEMISCHE INSTRUMENTEN (1), als Instrumenten, lies. XêMaart 1848, no. 57, 1\'. no. 26. .................

waarde

waarde waarde waarde

(1) K.\'oolzinkhdtter!jen (galvanische), chalumeaux of blaaspypbnizen, platina-kroezen, diameterbuizen en thermometers en alle chemische instrumenten, behooren onder de rubriek Instrumenten, mathematische, enz. gerangschikt te worden, ten ware ze enkel en alleen uit zoodanige voorwerpen bestaan, zooals glazen kolven, tlesschen, enz. welke klaarblijkelijk onder het Glaswerk\', of zooals schalen en dergelijke, die onder de rubriek Aardewerk behooren gerangschikt te worden, wanneer zij enkel en alleen uit glas, aardewerk of porselein bestaan en niet voorzien zijn van stoppen, kranen of andere toevoegselen van metaal, welke hun het karakter van instrumenten duidelijk geven. Res. alsvorcn.

ClIILI-SALPETER, als Salpeter, ruwe. Res. 5 Januari 1854, no. 69,

F. no. 1.......................

CHINA\'S-APPELEN, als Vruchten. Renvooi, Wet 184.quot;).

CHININE. Zie Quinine.................

CHIRURGICALE INSTRUMENTEN. Zie den post Instrumenten.

CHITS, als Lijnwaden; zie Manufacturen..........

CHITSPAPIEK. Zie den post Papier............

Maatstaf.

de HL. ad 50 pet.

waarde waarde

waarde 100 kgr.

waarde

-ocr page 46-

CHL. — CIT.

80

70

A R rr I K K L E N.

CHLOORM AGXESIU MHO l :i)EX.l ) KALIZOUT, bestaande uit chloor-magnesium, gips, water, chloorkalium en chloornatrium, bekend onder den naam Ahraumzout en bestemd voor het bestrooien van tramwegen, bruggen, enz., kan niet aan den accijns van zout onderworpen worden, en wordt ook vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.). CHLOORMETHYL. Dubbel gechloorde —, als Chloroform (l). (Red.)

(1) Zie hierbij de Bijz. Bepaling op den post Gedistilleerd, benevens aant, 10. CHLOORSODIUM, een soort van zout, afvallende bij de verwerking van Chili-salpeter tot gewone salpeter en bestemd tot gebruik in de sodafabrieken, als Zout, ruw (1). lies. 21 Januari 1865, no. 95,

lr. no. 10.......................

(1) Ruw zout is enkel aan accijns onderworpen. Zie aant. (i op Zout.

OHLORALHYDRAAT (1). K. B. 17 Mei 1877, S. na. 106, 1\'. no. 53, art. 1.

(1) Zio hierbij de Bijz. Bepaling op den post Gedistilleerd, benevens aant. 10.

(2) Crotonchloralhydraat wordt op gelijken voet belast. (Eed.)

CHLOROFORM (1). K. B. 17 Mei 1877, S. no. 106, T. na. 53, art. 1.

(1) Zie de aant. hiervoor op Chlorallnjdraat.

CHLOROPHYL, als Verfwaren, alle andere. De Fiscus no. 4\'27, blz. 94. CHLORURE, een grondstof voor de bereiding van inkt. (lied.) . . ^CHOCOLADE, met suiker bereid (1)...........

(1) Poederehoeolade (gemalen cacao, bereid met suiker of andere vreemde heslauddeelen) behoort, in elke verpakking, onder dezen tariefpost te worden gerangschikt. J\'es. 14 ,Sept. 1891, no. 4, V. no. 101.

^CHOCOLADE, andere (1). Ites. 10 Oct. 1SG2, no. 105, 1\'. no. 105 . .

(1) Zie de aant. hiervoor op Chocolade, met suiker bereid.

„ van racahout, als Koek- en banketbakkerswerk. lies.

8 Maart 1851, no. 54, V. no. 34............

(\'HOCOLADEVORMEN van blik, tin of vertind ijzer, daar deze alleen geschikt zijn voor het gebruik in chocoladefabrieken, als Fabriekswerktuigen (1). (Red.).................

(1) Verg. hierbij het artikel Vormen.

CHOW CHOW. Comquods of Chow chow, als Vruchten, in stroop

of suiker ingemaakt. (Red.)...............

CHRONOMETERS, tijdmeters, als Uurwerken. lies. 17 Kov. 1854, na. 70........................

Maatstaf.

het kgr.

het kgr. het kgr.

lOO kgr.

100 kgr.

100 kgr. waarde

CHRYSOLIEÏSÏEEX, als Juweelen. Jlenvooi, UW 1845.....

CHRYSOPAZEN, als Juweelen. Renvooi, Wet 1845.......

C1H1LS, een vloeibaar vlecschcxtract, als Koek- en banketbakkers-

werk. (Red.).....................

CICHOREI, in zoodanige emballage zich bevindende, dat ze zonder verpakking in het klein kan worden verkocht, als Kramerij. (Red.)

-CICHOREIWORTEL. Wet 1802 ..............

„ ^in stukjes gesneden, gedroogd, geprepareerd of gemalen.

Wet 1862 ................\'. . . .

CIDER, als Appeldrank. Renvooi, Wet 1845.

CINDERS, als Sintels. Zie Kolen, steen-. Res. 13 Sept. 1825, no. 170,

V. no. 122......................

CIPRESSENHOUT, nis Fijn werkhout; zie onder Hout. Renvooi,

Wet 1845......................

CIRKELTREKKERS, voor boekbinders (1). Res. 5 Dec. 1890, no. 20,

V. no. 124......................

(1) Ook cirkeltrekkers, bestemd voor cartonnagefabrieken, worden met 5 pet. der waarde belast. (Red.)

CITROENEN, als Vruchten. / tenvooi, Wet 1845.

„ doorgesneden, onuitgeperste, ingemaakt in een pekel van 21 pet. zoutgehalte, als Vruchten, in pekel ingemaakt. (Red.) „ in zout water, waarvan het zoutgehalte niet hooger is dan 7 kgr. per HL. en waarin geen suiker of andere verzoetende zelfstandigheden aanwezig zijn, als Vruchten, alle versche, enz., niet afz. belast. (Red.).............

-CITROEN- en ORANJESCHILLEN, gecoxfijte......

„ -droge. Res. 10 Oct. 18C2, no. 105. 1\'. no. 105......

100 kgr. waarde

waarde

waarde

10 pet.

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

Vrij

-ocr page 47-

CIT. — COM.

81

82

A R T I K E L E X.

CITROENHOUT, als Fijn werkhout; zie onder Hout. Renoooi,

Wet 1845 ......................

CITUOEXLIMOXADE-ESSEN(\'E, zijnde een geelgekleurde vloeistof, waarin ongeveer 60 pet. alcohol in vrijen staat aanwezig is, als Gedistilleerd, alle verdere dergelijke uit of met alcohol bereide stoffen (1). (Eed.).

(1) Zie hierbij de Hijz. Bepaling op Gedistilleerd, alsmede jiant. 10 op dien post.

CITEOENLIMONADE-GAZEUSE, als Limoen- en citroensap.

(Eed.)

CITROENOLIE (1), als Reuk- en parfumeurswaren. Res. 6 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, § S, en Wet 1877...........

(1) Wanneer de citroenolie alcohol mocht bevatten, zie men den post Gc-distillecrd, met aantt. 1, 11 en 12.

CITROENSAP. Zie den post Limoen- en citroensap......

„ Gebrande —, op grond der Res. van 2\'J Januari 18G3, no. 73,

V. no. 30 (1). Tanefwet R. en K., hlz. 161........

(1) Zie de rubriek Limoen- en bergamot-citroensap.

CITROENZUUR, als Drogerijen. (Red.)...........

CIVET, in oorspronkelijken staat ingevoerd, als Drogerijen. Res.

19 Febr. 1863, no. 115..................

COAKS. Zie Cokes.

COCAÏNE. (Red.)....................

COCHENILLE, als Verfwaren. Res. 17 Juni 1837, no. 5\'.), 1\'. no. 78. COGNAC (1), als Gedistilleerd. Renvooi, Wet 1845 .......

(1) Zie, nopens de berekening van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

COGNAC-ESSENCE, als Likeur: zie Gedistilleerd (1). Res. 20 Januari 1881, no. 70, V. no. 7..................

(1) Zie, nopens de berekening van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd, zoomede het medegedeelde op Essences.

COGNOSSEMENTEN. Formulieren voor —• en dergelijke (1), als Papier van alle soorten. Res. 6 Febr. 1889, no. 6, V. no. 13 . . . (1) Zie aant. 1 op Papier.

COKES, als Kolen, steen-. Renvooi, Wet 1845 .........

„ Toestellen om cokes te breken. Zie onder Toestellen.

COLLA PISCIUM, als Vischlijm (1). Renvooi, Wet 1822 .....

(1) Vischlijm behoort tot de Drogerijen, volgens Renvooi, Wet 1845, zoodat ook CoUa pisHum thans daaronder gerangschikt moet worden. (Eed.)

COLLODION (1). K. B. 17 Mei 1877, S. no. 106, V. no. 53, art. 1. .

(1 Zie hierbij de Bijz. Bepaling op den post Gedistilleerd, zoomede aant. 1U.

COLMAN\'S AZUURBLAUW, evenals het gewone blauwsel in kleine

verpakking (1), als Kramerij. (Red.)............

(1) Zie, nopens hetgeen onder kleine verpakking moet worden verstaan, aant. 1 op Verfstoffen.

COLOPHONIUM, als Hars. Renvooi, Wet 1845.........

COLOE1NE. Zie Meekrap . . ..............

COMPOSITIE. Groene —, tot besmering van de huid der schepen (azijnzure koperoxyde, kopergroen met lijnolie en benzine), als Verfwaren, die in olie gewreven zijn. (Red.) . . . . „ om te gebruiken bij het spinnen van hennepgarens, en bestaande uit meel, dat met zout, water en een weinig petroleum (waarschijnlijk als bederfwerend middel) tot een pap is

gemaakt. (Red)..................

„ van gutta-percha en teer, dienende tot het omkleedcn van

telegraafdraden. (Red.)...............

„ Zei cere —, dienende tot het wegnemen van den ketelsteen uit stoomketels (1). Res. 3 April 1807, no. 4, l\'. no. 50 . .

(1) Deze compositie bestaat uit eeno papachtige massa, bevattende 11,8 pet. bijtende soda, 12,25 pet. zwavelzure soda en 7,4 pet. keukenzout. Ees. als voren.

„ Waterglas compositie of Witte Kunstzeep. Zie onder Zeep.

Maatstaf.

de HL. waarde de HL.

de HL. ad 50 pet.

id.

waarde

het kgr. waarde

waarde

100 kgr.

-ocr page 48-

COM. — ORE.

A R T I K E L E N.

COMPOSITIE-KAARSEN. Zie den post Kaarsen.......

COMQUODS OF CHOW CHOW, als Vruchten, in stroop of suiker

ingemaakt. (Red.^...................

CONDENSOR STOOMPIJPEN van koper, ofschoon een geringeren omtrek hebbende dan bij Res. van 15 Sept. 1870, no. 32, V. no. 141, voor vlam- en ketelpijpen is bepaald, als Fabriekswerktuigen.

(Red.)

CONGO-THEE, als Thee. Renvooi, Wet 184Ó.........

CONSERVE-KLEEZOUT (klecsalz), een vergift, bestaande uit zuring-

zure of oxalzure potasch. (Eed.)............ .

CONSERVEZOI\'T, dienende tot conserveering van boter en visch en bestaande uit bijna zuiver boriumzuur. (Red.) .... „ Jannasch conservezout (1) en conservepoeder (2) van J)r. Rüger, als Zout, geraffineerd. (Red.).........

11) Dit zout bestaat uit borax, salpeter en chloornatrium. (Eed.)

(2) Het hier bedoelde conservepoeder is een mengsel van gelijke deelen borax en chloornatrium. (Eed.)

CONSISTENTES. Zie aant. 1 op Machinevet........

CONTRARAILS. Res. 15 Januari 1880, no. 33, V. no. 6, opgenomen

in aant. 1 op Spoorwegen...............

COPAL. Zie aant. 1 op Gom...............

COPIËER- of SCHRIJFINKT. Zie onder Inkt.

COPIËERPERSEN. Handcopiëerpersen, naar het hoofdbestanddeel,

als Ijzerwerk. Res. 25 Januari 1883, nu. 91, 1\'. no. 7.....

COPRAH. Zie onder Zaad.

COQUILLOS, zekere tropische vrucht met harde schil en oneetbare

pit. Res. 9 April 1804, no. 62...............

COHDONNET, koordzijde, als Naai-, stik- en floretzijde; zie Zijde. Res. 5 Sept. 1863, no. 61, 1quot;. no. 133, en 21 Mei 1870, no. 11, F. no. 73,

en Wet 1877 .....................

CORNED en SPICED BEAF. Zie Vleesch. Australisch, enz. CORTEX FLA VA en CORTEX PERUVIANA. Zie aant. 1 op Kina. COSTUMES, gebruikte, door acteurs en actrices tot persoonlijk gebruik medegevoerd. Zie aant. 8 op art. 6, lett. lt;1, dezer Tariefwet. (Red.) COTTONETTEN, als Lijnwaden: zie Manufacturen, Renvooi,

Wei 1822.......................

COUGH LOZENGES. Keatings —, gepakt in nette fleschjes van etiquet-tcn voorzien, als Kramerij. Res. 28 April 1866, no. 71, F. no. 63.

CREAM. French —, als Likeur; zie Gedistilleerd (1). (Red.). .

(1) Zie, nopens de berekening van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 ox) den post Gedistilleerd.

CREAM RUDEL, om limonade dik te maken, gewoonlijk 5 a 6 pet.

alcohol bevattende, als Gedistilleerd (1). (Eed.).......

(1) Zie, nopens de berekening van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

CREMBSEEWIT, eene lijnere soort van loodwit, als Loodwit. Res.

30 April 1835, no. 87, F. no. 82..............

CRÈME D\'ANANAS (1), als Likeur, zoete; zie Gedistilleerd (2). (Eed.)

(1) Deze vloeistof bevat saccharose, invertsuiker en alcohol. (Red.)

(2) Zie, nopens de berekening van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op Gedistilleerd.

CRÈME DE RIZ en CEÈME D\'OEGE (rijst- en gerstemeel van Groult Jr. te Parijs) als Aardappelenmeel-fabrikaten, niet afz. belast. (1). (Eed.)...................

(1) Zie hierbij J/eelpracparaten met de aantt.

CREOL1NE (1) (2), in vloeibaren vorm, en CREOLINEPOEDEE, als in aard of bestemming overeenkomende met carbolzuur en creosoot (3), als Olie, niet afz. belast. Res. 29 Aug. 1889, no. 6, F. no. 89, en 20 Juni 1890, no. 24, F. no. 49..........

(t) Over Creel i tic vindt men beschouwingen onder de rubriek „Warenkennisquot; in no. 1M 1 van het Weekblad en no. 8 van ,.dc Fiscus.quot;

(2) Het ouder den naam van creoüne bekende reinigingsmiddel in vasten

84

Maatstaf.

waarde 100 kgr.

100 kgr. 100 kgr.

waarde

waarde

waarde de HL. ad 50 pet.

id.

de HL. ad 50 pet.

100 kgr.

100 kgr.

-ocr page 49-

85

8(gt;

84

CUE. — DAR.

A 11 T I K E L E X.

vorm {creolinczeep) (a) is bij res. van Febr. 1S89, no. 52, V. no. 11, en 29 Aug. 1889, no. 6, V. no. 89 gerangschikt onder Zeep, ongeparfumeerde, en dus belast met ƒ 2 de 100 Kgr.

(a) Dit artikel bestaat voor 1/3 uit harde zeep en verder uit zwaar steenkolenteer, bevrijd van het gehalte aan creosoot en earbolzuur, en dient volgens aankondiging in de dagbladen enz. als reinigingsmiddel. (Eed.)

(3) Zie hierbij de aant. op Creosoot.

CHEOSOOT, als Olie, quot;iet afz. belast (1). AVw. 20 Juni 1800, «o. 24, ]r. no. 49......................

(1) Creosoot en earbolzuur zijn beide verkregen door distillatie van steenkolenteer, of, wat het eerste betreft, van de daarmede gelijk to stellen houtteer. Zij verschillen in samenstelling alleen door hun gehalte aan phenylzuur en daarmede overeenkomstige bestanddeelen dier producten. Deze stoften, ruw of gezuiverd, en hetzij ze bestemd zijn lot geneeskundig gebruik of wel voor ontsmetting, behooren tot de steenkolenteerolie, vallende onder den post Oiie, niet afz. belast. De artikelen, die onder de namen carbolineiini, guajacol, cresol, creolinc en creolinepnedcr in den handel voorkomen, stemmen in aard of bestemming met de hiervoren genoemde stoffen overeen en zijn dus daarmede gelijk te stellen. Ees. 20 Juni 1890, no. 24, V. no. -li).

CRESOL (1), als Olie, niot afz. belast. Hes. 20 Juni 1890, no. 24,

F. no. 49.......................

(1) Zie hierbij de aant. op Creosoot.

CRIN CRÈPÉ of FRISÉ,zoogenaamd krulhaar, gekookt of gekroesd (1), als Haar, bewerkt. Jtes. 21 Maart 1851, no. 29, V. no. 39 en o

Fchr. 1804, no. 62...................

(1) Zie hierbij Paardenhaar.

GEIN VÉGÉTAL. Zie Plantenhaar.

GROTÜN GHLORALHYDRAAT, als Chloralhydraat (1). (Red.) .

(1 Zie hierbij de Byz. Bepaling op den post Gedistilleerd, benevens aant. 10.

GUBEBE of STAARTPEPER wordt, als alleen tot medicinale doeleinden bestemd zijnde, gerangschikt onder de Drogerijen. Jtes.

11 Dec. 18G2, no. 82, V. no. 139..............

GTIR DE LAINE. als Laken; zie Manufacturen. Renvooi, Wct\\iH5. GUÏR FEUTRE PLASTIQUE, afval van leder en gutta-percha in

onbewerkten staat. (Red.)................

GULÏIVATORS, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K.B. 6 Oct. 18(52, S. no. 179, 1\'. no. 101. art. 1, en Wet 1877. GURACAG-APPELTJES of GRAXGETTES. Zie Oranje-Appeitjes.

GURAGAGSGHE AMANDELEN. Zie Amandelen.......

CURRIERSGREASE (gerberfett), dienende zoowel voor smeermiddel en zeepbereiding als voor verlichting, en geen overeenkomst hebbende niet traan, als Olie, niet afz. belust. (Red.)......

DADELS, als Vruchten. Renvooi, Wet 1845.

DAGUERREOTYPE. Voortbrengselen van —, als Prenten of

Platen, lies. 5 Nov. 1852. no. 39.............

DAGUERKEOTYPE-TOESTELLEN, als Instrumenten, physische.

Res. 15 Mei 1850, no. 153................

DAK- en SGHEEPSBEKLEEDINGSVILTEN (1). Patentasphalt —, als Manufacturen. Ties. 14 April 1886, no. 7, F. no. 39.....

(1) Zie hierbij aant. 1 op Asphalt.

DAKLEIEN (bouwmaterialen). Zie onder Steen. Renvooi, Wet 1845.

DAKPANNEN. Aarden —. Zie ouder Aardewerk.......

„ Glazen —, als Glas en glaswerk. Renvooi, Wet 1845. . .

DAMAST. Zie den post Manufacturen...........

DAMES- en KINDERÏASSGHEN, als Kramerij. Res. 4 April 1857,

no. 85.....................

„ van leder, als Zadelmakerswerk; zie Huiden, vellen en

leder. Res. 4 April 1856, no. 8G...........

*(3) DARMSNAREN (1) (2), vervalt. Mret 1877 ........

(1) Hier worden, blijkens do AVet van 1X()2, darmsnaren voor muziekinstrn-menten bedoeld. In de statistieke opgaven wordt do post dan ook genoemd: Darmsnaren roor muziekinstrumenten, (lied.)

(2) Ook niet zilverdraad omwonden darmsnaren worden vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed.)

(3) Voor de Statistiek van den invoer naar de waarde op te geven (Eed.)

Maatsi af. Eechtex.

100 kgr.

/ 0.55

100 kgr.

waarde het kgr.

waarde

ƒ 0.55

5 pet. ƒ 1-30

Vrij 5 pet.

Vrij

Vrij Vrij Vrij

100 kgr.

waarde waarde

ƒ 0.55

Vrij

5 pet.

5 pet.

Vrij Vrij 5 pet. 5 pet.

5 pet.

5 pet. Vrij

waarde waarde

waarde waarde

-ocr page 50-

DAS.

SS

87

DEU.

ARTIKELEN.

DASSEVELLEN, als Pelterijen; zie Huiden, vellen en leder.

Renvooi, Wet 1845.

(1) In onbereiden toestand kennelijk vrij van invoerrecht. Zie op Huiden, enz.

DASSPELDEN, als Kramerij. 1\'ex. 19 Nov. 1890, no. 30, T\'. no. 115 (1). (1) Deze res. is opgenomen in aant. 1 op Spelden.

DECALQUEERPAPIER (gekleurd papier), als Papier van alle soorten.

(Red.)

DE( ALQUEERPLATEN. (Red.)............. .

DECORATIËN. Tooneeldecoratiën, als Meubelen. (Red.).....

DEDERZAAD. Zie ouder Zaad, koolzaad, enz.........

DEELEN van l\'abrieks-, landbouw- en stoomwerktuigen (1), als Fabrieks-, landbouw- en stoomwerktuigen, /fes. 0 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, § 3.............

(1) Zie hierbij aantt. 3 en i op den post Fabrieksiverkluigen.

„ van gereedschappen (2),als Gereedschappen. Hes. 6 JunilS77, no. 71, 1quot;. no. 54, § 3...............

(2) Nopens hetgeen als deelen van gereedschappen vrij van invoer-reclit is toe te laten, wordt verwezen naar aant. 2 op den post Gcrccdsch oppen.

„ van schepen, voor geen ander gebruik geschikt (3). Wet 1877, art. 3......................

(3) Zie hierbij de aantt. op Schepen, deelen van —.

„ van vaste bruggen en viaducten (4), die niet tot plaat-, hoekof ander vrijgesteld ijzer of staal behooren, als Ijzer- of Staal-werk. 7,Vs. 15 Januari 1880, no. 33, 1\'. no. (i, opgenomen in aant. 1 op Spoorwegen..............

(4) Verg. Brugdeelen.

DEGENS. Zie den post Ammunitie, allerhande, enz.......

DEKENS, als Manufacturen. Renvooi, Wet 1845........

„ Wollen —, tot bekleeding van spinrollen in een sajettabriek, als Manufacturen. Tanefwet R. en K. bh. 45......

„ Lakens, ongebleekte en ongeverfde lakens, bestemd om te worden gebruikt voor dekens in katoendrukkerijen (1), als Fabriekswerktuigen. Res. 2 Juni 1877, no. 87, 1\'. no. 59, en 6 Oct. 1886, no. 10, V. no. 86...........

(1) Zie, nopens de toepassing dezer bepaling, aant. 1 op Lakens.

„ Caoutchouc-dekens voor katoendrnkkerijen, als Fabriekswerktuigen. Res. 10 Fehr. 1865, no. 90, en Wet 1877 . . .

„ Paardedekens, los of aan liet stuk, en al of niet van boordsel voorzien, als Manufacturen. Res. 28 Nov. 1861, no. 84 . .

DEKKLEEDEN, mits gebruikt en blijkbaar opzettelijk vervaardigd en ingericht voor het vervoer van goederen, alsmede dekkleeden, welke dienen ter beschutting der lading op open spoorwagens, in het internationaal verkeer gebezigd wordende met de wagens, waartoe zij behooren. Zie aant. 21, op art. 6, lett. y, dezer Tariefwet. (Red.).

DEKSTOPPERS, mits aangegeven als onderdeelen van scheepsspillen, met bijvoeging, dat ze tot geen ander gebruik geschikt zijn, als Scheepsspillen; zie onder ijzer, scheepsankers. Tanefwet R. en K. hh. 163.......................

DELEN en PLANKEN, als Hout, scheepsbouw- en timmerhout. Renvooi, Wet 1845 ...................

DENIA-ROZIJNEN (1). Zie den post Rozijnen........

(1) Zie hierbij aant. 2 op den post Rozijnen.

DENNENZAAD, als Zaad, ajuinzaad, enz. Renvooi, Wet 1845, cu Res. 17 Sept. 1847, no. 115, 1\'. no. 151............

DESINFECTIEMIDDEL. Zie Anticeptic fluid en Formaline, alsmede aant. 1 op Creosoot.

DEUREN. IJzeren gegoten —, hoezeer bestemd voor gebruik aan boord van stoom- of zeilschepen, als Ijzerwerk, daar deze deuren niet uitsluitend voor schepen, maar ook tot andere doeleinden

gebezigd kunnen worden (1). (Red.)............

(1) Zie hierbij Schepen, deelen van —.

Maatstaf.

waarde waarde

waarde

waarde

waarde waarde

waarde

waarde

10(1 kgr.

waarde

-ocr page 51-

8\'.) DEU. — DOE. Oü

ARTIKELEN.

Maatstaf .

Bechten.

DEUREN. Schuifdeuren met koperen schuif en onderstel, ook gebruikt kunnende worden voor een gewonen bakkersoven, worden niet als onderdeelen van fabriekswerktuigen aangemerkt, maar naar

het hoofdbestanddeel belast. (Red.).............

DEXTRINE of KUNSTGOM, als Stijfsel. Res. 21 Oct. 1868, nu. 25,

V. no. 108, en Wet 1877 .................

DIAET BITTER LIKOR van S. H. Kromann te Tara wordt wegens het alcoholgehalte, hetwelk ongeveer IC pet. bedraagt, belast als Gedistilleerd (1). (Red.) . ...............

(1) Zie, nopens cle heffing van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedislilleerd.

DIAETHYL ANILINE, DIAETHYL ARTHOTOLNIDIN en DIAETquot; HYL PARATOLNIDIN, als Olie, niet afz. belast. De Fiscus

no. 432, blz. 145....................

DIAMANTEN, als Juweelen. Renvooi, Wet 1345........

„ Glazenmakers-diamanten (1), als Gereedschappen. Hes.

10 Nov. 1886, vo. 15, no. 105...........

(1) Verg. \'Gtassnyders, Amerihaansche —.

DIAMETERBUIZEN, als Instrumenten. Hes. 15 Maart 1848, no. 57,

V. no. 26.......................

DIEREN (1). Opgezette —, bevestigd op een of ander voetstuk en kennelijk bestemd tot huissieraad, als Meubelen. Res. 19 Dec.

1864, «o. 1G0...................

„ Opgezette —, mits niet ingericht om tot huissieraad te diénen, als Natnraliën. Hes. 14 Aug. 1866, no. 40, 1\'. no. 118 . . . „ Wilde —, als Natnraliën. Res. 23 Mei 1860, vo. 97 ... . (1) Zie hierbij ook den post Wild en Gevogelte.

DIERLIJKE OLIE (ruwe), ook wel genaamd beenderenolie ofhuile empyreumatique (1). Res. 19 Januari 1853, no. 43, 1\'. no. 6; 11 Dec. 1868, no. 36, V. no. 125, en 6 Aug. 1870, no. 70, V. no. 115 . . .

(1) Zie, nopens de samenstelling enz., aant. 8 op Olie.

DIGESTIVE SYRUP. Zie onder Stroop.

DIMETHYL ANILINE, DIMETHYL PARATOLNIDIN en DIMETHYL ARTHOTOLNIDIN, als Olie, niet afz. belast. De Fiscus

no. 432, blz. 145....................

DIMETHYL-OXICHINIZINE, welk artikel thans meer bekend is onder de benaming van antipyrine, is overeenkomstig de res. van 3 Januari 1889, no. 15, V. no. 2, vrij van invoerrecht toe te laten.

(Red.)

DIMETTEN, als Lijnwaden: zie Manufacturen. Ilcnvooi, H\'et 1822. DINITROBENZOL en DINITROTOLNOL, als Olie, niet afz. belast.

De Fiscus no. 432, blz. 145................

DIPHEMYLAMIN, als Olie, niet afz. belast. De Fiscus no. 432, blz. 145.

DISTELS. Wevers —. Zie Kaarden.............

DISTIL LEERTOESTEL. Zie onder Toestellen.

DIVI-DIVI, als Verfwaren. Re*. 26 April 1860, no. 102, 1quot;. no. 50. DOEK. Zie Katoenen doek, en Karl- en Scheerdoek.

DOEKEN. Drukdoeken voor een drukpers, als Manufacturen.

(Red.)

„ Persdoeken voor lijnkoeken-, aardewerk- en kaarsenfabrieken, alsmede schuimpersdoeken voor beetwortelsuikerfabrieken.

Zie Persdoeken.................

„ Veegdoeken (geweven katoenen), uitsluitend dienende tot het schoonhouden van machinerieën, als Manufacturen.

Res. 11 Juli 1864, no. 52 -.............

„ Slijpdocken. (Red.)................

DOEKEN en SHAWLS, ingevoerd in stukken, waarvan de afzonderlijke doeken nog afgesneden moeten worden (1), als Manufacturen. Renvooi, Wet 1845, en Res. 21 Juli 1845, uo. 87, 1\'. no. 102. . . .

(1) Blijkens de res. van 6 Mei 1S28, no. 1. V. no. 80, hestonden in dien tijd Cuchemieren omslagdoeken of shawls, voornamelijk uit haarvan Angorasche geiten.

waaide

5 pet. Vrij

ƒ 3.50

de HL. ad 50 pet.

100 kgr.

waarde waarde

/\' 0.55 quot; Vrij

Vrij

5 pet.

5 pet.

Vrij Vrij

Vrij

100 kgr.

ƒ 0.55

Vrij

5 pet.

ƒ 0.55 „ 0.55 Vrij

5 pet.

Vrij

waarde

100 kgr. 100 kgr.

waarde

waarde

5 uct. Vrij

waarde

5 pet.

-ocr page 52-

DÜK — J)KA.

02

01

A i; T I K E L E N.

Bechten.

Maatstaf.

DOEKEN en SHAWLS, afzonderlijk of los en geheel voltooid ingevoerd en dus tot onmiddellijk gebruik geschikt, als Klee-dingstukken; zie Kleederen. Bes. 21 Jidi 1845, no. 87, V.

no. 102.......................

DOEKSPELDEN, als Kramerij. Zie lies. 10 Nov. 1800, no. 30, V. no. 115 (1)......................

(1) Deze res. is opgenomen in aant. 1 op Spelden.

DOMMEKRACHTEN (1), als Gereedschappen. Bes. 22 Oct. 1877, no. 25, T\'. no. 96, bevestigd bij Jte*. 19 Nov. 1880, no. 15, V. no. 105 . (1) Zie hierbij Hydrauien.

DONS. Zie Veeren...................

DOORNAAIMACHINES voor schoenmakers. (Red.) ......

DOOSJES. Houten —, bestemd om hier te lande met lucifers of schoensmeer te worden gevuld, als Houtwerk. (Red.) ....

DOOZEN met of zonder speelwerk, als Kramerij. Benvooi, Wet 1845, eu Be*. 12 Januari 1800, no. 52, opgenomen in aant. 2

op Instrumenten.................

„ Bedrukte kartonnen —, als Papier, van alle soorten. (Red.) „ Gepolitoerde —, met benoodigdheden voor de figuurzagerij,

als Kramerij. (Red.).............. .

DOPERWTEN, in eigen nat gekookt en verpakt in luchtdichte fiesschen, als Koek- en banketbakkerswerk. (Red.) .... DOPJES. Verglaasde aarden —, met bijbehoorende van ronde gaatjes voorziene stukjes laken of vilt, kennelijk voor fabrieksgebruik

bestemd. (Red.)....................

DORSCHWERKTUIGEN (1), als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. AT. B. van (gt; Oct. 1862, S. no. 179, 1\'. no. 101, art. 1, en Wet 1877...................

(1) Zie hierbij ook Rosmolens.

DRAAD van aluminium. Zie aant. 1 op Nieuwzilver, in platen, enz. „ van spiauter of zink. Zie onder Spiauter of zink. . . .

„ van staal. Zie Staaldraad.............

„ Goud- en Zilverdraad. Zie den post Goud- en Zilverwerk. „ IJzer- en Koperdraad. Zie onder Ijzer eu Koper. „ Telegraafdraad en Telephoondraad. Zie Telegraafkabels. DRAADHECHTMACHINES voor boekbinders. Bes. 5 Dec. 1890,

no. 20, F. no. 124.................

„ voor kartonnagefabrieken, als Fabriekswerktuigen. (Red). DRAADNAGELS, als Nagels en spijkers; zie onder Ijzer. Ben.

19 JSov. 18(51, no. G8, en Wet 1877 .............

DRAADSNI.TMACHINES, als Ijzerwerk. (Red.).......

DRAAGVEEREN. IJzeren —, niet uitsluitend voor locomotieven maar ook voor andere doeleinden geschikt, als Ijzerwerk, (lied.) DRAAIBANKEN, groote (voor kunstdraaiers, smeden, enz.) of kleine (bijv. voor horlogemakers) (1), als Hout-, Staal- of Koperwerk.

Bes. 26 Januari 1888, no. 68, V. no. 18...........

(1) Volgens vorenstaande res. kannen deze draaibanken noch als fabriekswerktuigen noch naar de omschrijving, gegeven bij res. van 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105 als gereedschap worden beschouwd. Verg. de aantt. op den post Gereedschappen.

Bij res. van 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124 zijn draaibanken eveneens belast verklaard, behalve de groote voor fabrieken (met stoom- of soortgelijke beweging). Deze zijn reeds bij res. van ü Nov. 1863, no. 30 gerangschikt onder Fabrieks-werkttiigen, en kunnen dus vrij van invoerrecht worden toegelaten.

DRAAIBRUGGEN en DRAAISCHIJVEN, als Ijzer-of Staalwerk. Bes. 15 Januari 1880, no, 38, V. no. 6, opgenomen in aant. 1 op

Spoorwegen.....................

DRAAIERS WERK, als Kramerij. Henvooi, Wet 1845......

DRAB, DRAS of DROEF van olie, als de Olie, waarvan het afkomstig is. fles. 5 April 1843, no. 153, 1quot;. no. 41. DRAINEERBIJIZEN. Aarden —. ook dan wanneer ze van gedroogd cement zijn vervaardigd, als Pottenbakkerswerk; zie Aardewerk. Bes. 17 Oct. 1883, nu. 6, F. no. 96..........

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

Vrij

Vrij Vrij

5 pet.

5 pet. 5 pet.

5 pet.

ƒ 25.00

Vrij

Vrij

Vrij Vrij Vrij 3 pet.

waarde

waarde waarde

waarde

100 kgr.

waarde

waarde

waarde waarde

waarde

5 pet. Vrij

Vrij 5 pet.

5 pet. 5 pet.

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

waarde

5 pet.

-ocr page 53-

J)lvO.

\'.14

\'J3

DJ! A.

A R r I K E L E X.

DRANKEN. Sterke — (1). Zie Gedistilleerd........

(1) Zie, nopens recht en accijns, a.mtt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd. DRAS van olie. Zie Drab.

DRENKINRICHTING. IJzeren — voor vee (1), als Ijzerwerk. (Red.)

(1) De hierbedoelde inrichting bestaat uit een waterpomp met handbeweging, een groot en klein reservoir, korte buizen met flenzen en drinkbakken met deksel; alles ingericht om met elkaar verbonden te worden. (Eed.)

DRIJFASSEN. IJzeren drijfassen voor locomotieven. (Red.) . . . DRIJFKEÏTINGEN voor eeno wolspinnerij, als onderdeelen (l) van

waarde

Vrij 5 pet.

waarde

Vrij

Vrij

Vrij .) pet.

waarde

Vrij

Fabriekswerktuigen. (Red.)

(1) Zie aantt. 3 en i op Fabrieksioerktuiyen,

DRIJFRIEMEN van gom-elastiek of india-rubber, evenals lederen en katoenen drijfriemen (1). lies. 20 Any. 1883, nu. 81, F.

no. 81.....................

„ Katoenen band voor drijfriemen, als Manufacturen, daar het hierbedoelde band ook voor andere doeleinden kan

^ebuiikt worden. (Red.)..............

„ Leder (2) voor drijfriemen, als Huiden en vellen, bereide van alle soorten. Hen. 9 Januari 1876, no. 48, F. no. 4, en Wet 1877 ....................

(1) Drijfriemen van katoen, van haar en katoen, van leder en staaldraad, kortom alle drijfriemen («) worden geacht als deelen van FabneksioerktuigcH vrij van invoerrecht te zijn, wanneer zij bij den invoer voldoende als zoodanig zijn te kennen (Eed.)

{a) Ook drijfriemen van papier, mits voldoende als zoodanig te herkennen.

Deze drijfriemen bestaan uit schakels, door middel van ijzeren staatjes verbonden, welke schakels vervaardigd zijn van op elkaar geplakt papier. (Red.)

(2) Dit leder is uit de gewone gelooide huiden gesneden, met eene vetachtige zelfstandigheid bestreken om het meer buigzaam te maken, en min of meer uitgezet om te voorkomen, dat de riemen later zouden rekken. Res. alsvorcn.

DRIJFRIEMEN VET. Zie onder Vet.

DRIJFTUIG. Zie Vischwant...............

DRILLEN. Linnen —. als Manufacturen. It es. 21 Juni 1850, no. 23. DROEF van olie. Zie Drab.

DROEVEN (1). Vloeibare —, als Wijn (2). Art. 2 der Wet van 20 Juli 1870, S. no. 127, V. no. 127..............

(1) Zie hierbij Moer van wijn.

(2) Alleen aan accijns onderworpen. Verg. het aangeteekende op Wijn. Wanneer bij invoer van wijnmoer of wijndroef voor een karottenfabriek zich

nog eene geringe hoeveelheid wijn daarop bevindt, wordt deze specie nochtans zonder betaling van accijns toegelaten, mils van de bestemming voldoende blijkt en de specie in tegenwoordigheid van ambtenaren en ten koste van den invoerder zorgvuldig wordt vermengd met 2 kilogram tot lijn poeder gestooten zout per hectoliter. — Bevat de wijnmoer of wijndroef meer wijn, dan bij eene behoorlijke afscheiding het geval is, dan wordt het hiervoren gemelde niet toegepast. (Ked.)

*(1) DROGERIJEN. Wet 1862, en Res. 10 Oct. 1802, no. 105, F. wo. 105.

(1) Aluin, Arrowroot, Gom-das tick en caoutchouc, Kina, Kokosnootolic, Opium, Su(jo (ruwe), Sponsen en Tapioca worden voor de Statistiek van den in- en uitvoer naar het bruto gewicht en afzonderlijk opgegeven, terwijl de overige drogerijen onder den post Drogerijen, alle andere hiervoor niet genoemd, worden verzameld en voor den invoer naar de waarde, en voor den uitvoer tevens naar het bruto gewicht worden vermeld. (Ked )

Zie ook de res. van 17 April 1847, no. 130, V. no 61, en van 1-1 Maart 1861, no. 27, V. no. 36.

DROOGBAKKEN. Zie Buskruit-droogbakken........

DROOGDOK. Ijzerwerk voor den bouw van oen—, als Ijzerwerk H)

(Red.)

(1) Do locomobielen en verdere stoomwerktuigen voor een droogdok bestemd of daarbij behoorende, kuiinen echter vrij van invoerrecht worden toegelaten. (Eed.)

DROOGTOESÏELLEN. Gegalvaniseerde ijzeren —, bestemd voor eene suikerraffinaderij, als onderdeelen (1) van Fabriekswerktuigen.

(Red.)

(1) Zie aantt. 3 cn 1 op Fabriekswcrkluijen.

Maatstaf.

de HL. ad

50 pet.

waarde

Hechten.

ƒ 3.50 5 pet.

Vrij Vrij

Vrij 5 pet. Vrij

-ocr page 54-

95 DKO. — DRU. 96

ARTIKELEN.

Maatstaf.

Hechten.

DROOGWATER. Zoogenaamd — en iedere andere kunstmatige soda of soda-praeparaten, hetzij die gekristaliseerd of gecalcineerd zijn, als de natuurlijke Soda; zie onder Asschen Cl). Hes, 9 Oct. 1856,

no, 27, V, no. 104...................

(1) Zie hierbij ook Renvooi, Wet 1854. en de res. van 25 Maart 1853, no. 42, V. no. 44.

(5) DROP (1) :

(l *IiIJ EEN GEHALTE VAN MEER (2) DAN 13 EN NIET MEER DAN

33 TEN HONDERD (3)................

h *mj een gehalte van meer dan 33 en niet meer dan

52 TEN HONDERD (3) \'................

c *bi.j hooger gehalte (3).............

Door gehalte wordt verstaan de percentische hoeveelheid der

stoffen, die zich rij scheikundig onderzoek als suiker voordoen.

Art 2. Kon, besluit 5 Aug, 1807, S, no, 190, 1T. no, 88 (4.)

(1) Als Drop worden mode Leiast SalmiaTc-pastillcs, bestaande uit drop en salmiak. Res. 16 Sept. 3.892, no. 40, V. no. 87.

Evenzoo Fastillcs-Poncelet, welke ongeveer 31 pet. verzoetende stollen bevatten.

(Red.)

Ook Jmnbo-chains. gewoonlijk voorkomende in den vorm van anijs-of pijpjesdrop, worden belast als Drop. (Red.)

(2) Drop van 18 pet. gehalte of minder is vrij van invoerrecht toe te laten als Drogerijen, (lied.)

(3) Bij invoer van drop, waarvan het gehalte meer dan 13 pet. bedraagt, is de belanghebbende verplicht bij de aangifte volgens art. 120 der Alg. Wet de soort van drop naar de voormelde onderscheidingen op te geven (a). Het staat hem echter vrij die soort te zijnen koste ambtelijk te doen bepalen (ft) (c). Art. 3 Kon. besluit 5 Aug. 181)7, S. no. 1!)0, V. no. 88.

(a) Bij tc lage aaggifte dor soort is art. 213 dor Alg. Wot van toepassing. Res. 9 Mei 1891, no. 36, V. no. 55, § 5, in verband met de res. van 13 Ann. 1897, no. 49, V. no. 89.

Aangezien hot gehalte van monsters eonor zelfde partij drop dikwijls oenigszins uiteenloopt, wordt daarmede in de praetijk rekening gehouden en de belanghebbenden bij verschillen van hoogstens 2 pet. op het gehalte, alvorens overeenkomstig § 5 der res. V. 1891, no. 55, bekeuring in te stollen, gelegenheid gegeven om hot recht volgens het ambtelijk bevonden gehalte te voldoen. (Red.)

(f;) Zie, nopens de opzending van monsters, hot gehalte-onderzoek en do vergoeding van f2.— voor iedere gehalte-bepaling de ros. van i» Mei 1891, no. 3«, V. no. 55, en die van 13 Aug. 1897, no. 49, V. no. 89.

(c) Naar do bedoeling van hot bepaalde bij het alhier opgenomen art. van het Kon. besluit, V. 1897, no. 88, staat het den belanghebbende ook vrij om op zijne kosten te doen onderzoeken of ingevoerde drop al dan niet belast is. (Red.)

(4) Dit Kon. besluit is gegrond op art. 89 der Suikerwet, V. 1897, no. 33.

(5) In de statistieke opgaven van den uitvoer worden de uitgevoerde partijen in éóne hoeveelheid vermeld zonder splitsing naar het gehalte. (Red.)

DRUIVEN (1), als Vruchten. Renvooi, Wei 1845.

(1) Zie, nopens de voorwaarden tot den in- en doorvoer, aantt. 11 op art. 21 dezer Tariefwet.

DKriVENGEl\'R. Ongegiste, en niet voor gisting vatbare vruchtensappen (1), ongeschikt om wijn te vervaardigen, te versnijden of aan te lengen, als Limoen- en citroensap. (Red.)......

(1) Verg. hierbij het artikel Vruchtensappen.

DRl\'IVENMOST, zijnde ongegist druivensap, als Wijn (1). (Red.). (1) Zie, nopens de heffing van accijns, aant. 1 op Wiju.

DRUIVENSAP. Ingedikt —, bevattende wijnsteen, wijnsteenzuur, phosphorzuur. enz., tevens een alcoholgehalte hebbende van ongeveer 12 pet. en een zoetgehalte van ongeveer 38 pet.,

wordt als Wijn aangemerkt (1). (Red.).........

,, Ongegist en alcoholvrij —, als Wijn (1). (Red.).....

„ Ongegist, gesteriliseerd —, al s Wijn (1). (Red.)......

(1) Zie, nopens de heffing van accijns, aant. 1 op Wijn.

DR UI VENSIROOP, bevattende ongeveer 00 pet. saccharose en 6 pot. alcohol, benevens een aroma, als Likeur, zoete; zie Gedistilleerd(l). J)e FUeus no. 427, bin. 93................

(1) Wat de heffing van recht en accijns betreft, zie men aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

Vrij

IOO kgr.

100 kgr. 100 kgr.

f 600

„ 12.00 „ 25.00

de HL.

ƒ 3.00 Vrij

Vrij Vrij Vrij

de HL. ad 50 pet.

f 3.50

-ocr page 55-

DRÜ.

97

98

A R T I K E L E N.

Maatstaf.

Hechten.

DRITIVENSUIKER uit zetmeel, vaste (1) (2), korrelachtige (3) en poedersuiker, alsmede geraspte of op andere wijs fijn gemaakte massé (4). Art. 1, § 1, letter f der Suikerwet, F. 1897, no. 33 (ö). „ Gewone massé in stukken en andere niet onder voormeld art. 1, § 1, letter ƒ, vallende druivensuiker uit zetmeel, vaste of vloeibare (4) (ö). A rt. 88, § 1, letter b der Suikemel, 1\'. 1897, iio. 33 (7) . ...................

(1) Bij res. van 13 Aug. 186(ï, no. 33, V. no. 117, is medegedeeld, dat de vaste (jIkcosc of druivensuiker voorkomt in vaste blokken, die bij verwarming smelten, zoet van smaak en in water geheel of nagenoeg geheel oplosbaar zijn, terwijl aardappelenmeel en daarvan afgeleide praeparaten zich onderscheiden door hun meelachtigen smaak en in water niet of bijna niet zijn op te lossen of wel, gelijk de dextrine of kunstgom, eene gedeeltelijke oplossing vormen, die bij toetoevoeging van alcohol sterk troebel wordt. Aardappelenmeel en dergelijke zijn bovendien van glucose daarin onderscheiden, dat eerstgenoemde, gelegd in eene oplossing van jodkaliuni, waarin men vooraf eene kleine hoeveelheid jnii/nin heeft opgelost, donkerblauw van kleur wordt.

(2) Hieronder wordt ook gerangschikt Saccharin-zuckcr, bestaande uit vaste draivensuiker, met saccharine verzoet. (Ked.)

(3) De korrelachtige druivensuiker wordt verkregen door stnkken massé te schaven of te raspen. Zie de res. van 15 Juni 1885, no. l(i, V. no. (i2.

(4) De vloeibare druivensuiker, uit zetmeel vervaardigd — de bekende aard-appelenstroop — en de z g. massé, soortgelijke suiker in vasten toestand, komen in samenstelling en bestemming bijna overeen. De massé gaat zelfs bij geringe temperatuursverhooging in den vloeibaren toestand over en wordt, evenals de aardappelenstroop, voornamelijk gebruikt door banketbakkers en likeurfabrikanten. De korrelachtige en poedersuiker uit zetmeel hebben daarentegen meer overeenkomst met gewone suiker en kunnen ook gebruikt worden tot het vervalschen van basterd. Mem. van ToeUchting op de Wet van 25 Mei 188Ü, S. no. !I3, V. no. 55. Zie Weekblad no. 380.

(5) Zie, nopens den accijns, aant. 2 op den post Suiker.

((gt;) Stroop van druivensuiker, welke uit zich zelve in hot geheel geen vaste greinachtige suiker bevat, is bij invoer als Strooi) aan te merken. Zie res. van 18 Dec. 18(i2, no. 94, V. no. 14(i, alsmede aant. 1 op Stroop en aant. 2 op Suiker. (7) Zie hierbij den post Suiker. Gewone massé, enz.

DRUKDOEKEN. Wollen —, voor een drukpers, als Manufacturen.

(Eed.)

])RI KINKT (1) (2). Wet 1862, en lies. 10 Oc/. 1862, no. 105, 1quot;. no. 10~). „ in busjes, fleschjes of potjes ingevoerd, als Kramerij. 1\'es. 19 Maart 1863, no. 77, T\'. no. 58...........

(1) Inkt van alle soorten, in kruiken of flesschen van hoogstens één liter, behoort tot den post Kramerij (o).

Hetzelfde geldt voor inkt in flesschen of kruiken, die. ofschoon iets meer dan één liter inhoudende, toch, blijkens hun sierlijken vorm of etiquette, kennelijk bestemd zijn om in \'t klein tot dadelijk verbruik te worden verkocht. Jles. 7 Januari 1885, no. 42, V. no. 4.

(a) Drukinkt, niet geschikt voor particulieren, doch bestemd voor kleine drukkersen, wordt, hoezeer ingevoerd in busjes van 1 of \'/• kgr., vrij van invoerrecht toegelaten (Red.)

(2) Zie hierbij de rubriek Verfwaren, in olie gewreven.

DRUKKATOEX, ten gebruike der katoendrukkerijen en ververijen.

Zie de Bijz. Bepaling op den post Manufacturen. *(lj DRUKLETTERS, vervalt. Wet 1877 ..........

(1) Voor de Statistiek van den invoer het gewicht te vermelden. fRed.)

DRFKLIJNEX, KOMMA\'S en PUNTEN, koperen. (Red.) . . . .

DRUKPERSEN. Zie Boekdrukpersen...........

DRUKPLATEN. Koperen gegraveerde —, voor aardewerk- en porseleinfabrieken, als Fabriekswerktuigen, lies. 4 Febr. 1863,

no. 41, V. no. 34, en Wet 1877 ............

„ Gepolijste koperen of zinken —. (Red.)........

„ Koperen gegraveerde — tot het fabriekmatig vervaardigen van boekbanden. JJes. 26 Juni 1890, no. 17, F. no. 53 . . . „ Stereotype —, als Fabriekswerktuigen. Hes. 22 JJec. 1854, no. 28, F. no. 176, en 25 Febr. 1863, no. 41, en Wet 1877 . . DRUK WALSEN, onderdeelen van boekdrukpersen, worden vrij van invoerrecht toegelaten als Fabriekswerktuigen. (Red.) . . . . DRUKWERK (1), als Boeken. Renvooi, WH 1845 .......

(1) Zie hierbij de aantt. op Papier en op Steendruk.

100 kgr.

waarde

I waarde

-ocr page 56-

BPiU. — EAU.

100

99

lÏECHTEX.

A

Maatstaf.

T I K E L E N.

DKUPPELS. Laxeerdrnppels, als Gedistilleerd, alle andere met alcohol bereide vloeistoffen, geen dranken zijnde (1). (Red.) . . . (1) De sterkte wordt geacht 90 pet. te bedragen; zie a.int. 12 op Gedistilleerd, alsmede, nopens den accijns, aantt. 1 en 11 op dien post.

DRY SOAP, in pakjes, als Kramerij. (Red.).........

DUFFELS, als Manufacturen. It es. 19 Nov. 1850, no. 119, l\'. no. 116. Dl\'IGEN, ruw of geschaafd en geschikt om tot vaat- en knipwerk gebruikt te worden. Zie onder Hout, ruwe duigen, enz. . . ,, Van oude tabaksvaten, als Ruwe duigen; zie onder Hout, ruwe duigen, enz. 7\'es. 30 Sept. IS-^ö, no. 69, I . no. SO, en

25 Oct. 1862, no. 4, 1\'. no. 116............

DTIGHOl\'T. Zie de aantt. 12 en 15 op Hout.........

DUIKERPAKKEN. Zoogenaamde —, uit linnen en gutta-percha en andere soortgelijke zelfstandigheden vervaardigd, als Bewerkte voorwerpen van Gutta percha: zie Guttapercha. lies. 27 Mei

1867, no. 87, I\'. no. i7.................

DUIKERS. Luchtaanvoermachines met toebehooren voor —, als Instrumenten, physische. Verg. Ros. 1 / Mei 1882, no. 62, V. no. 55.

(Red.)

DUIKERTOESTELLEN met toebehooren. (Red.). .......

DUIMEN. IJzeren haken of duimen, zoogenaamde klavieren, als

Ijzerwerk. (Red.)...................

DUIMSTOKKEN (1) voor timmerlieden en dergelijke, als Gereedschappen. lies. 19 Nov. 1886, no. 15, U. no. 10.)...... _ .

(1) Maatstokken zijn belast als Instrumenten, mathematische. Ifes. 18 Mei 1H54, «o. 125, V. no. 58.

Kleine koperen metermaatjes, waarvan elk lid 1 decimeter lang is, worden

als opgemaakt koperwerk (zie Koper) belast. (Ked.)

DUIVELSDREK (asa foetida). Zie aant. 1 op Gom.......

DUIVEN, als Wild en gevogelte. (Red.)..........

DULCIN. Zie aant. quot;gt; op Saccharine............

DÜNGESALZ is vrij van invoerrecht cn accijns.

DWARS- of LANGSLIGGERS. IJzeren of stalen 1880, no. 33, U. no. 6, opgenomen in aant. 1 op DWARSLIGGERS. Houten — voor spoorwegen,

en timmerhout, gezaagd; zie onder Hout.

no. 130, U. no. 113, en Wet 1877..............

DYNAMIET (1), als Buskruit. Ites. 16 Auej. 1890, no. 10, no. 81.

(1) Zie hierbij aant. 2 op Buskruit.

DYNAMO\'S met daarbij behoorende en tegelijk daarmede ingevoerde regulateurs, registreer-, meet- cn veiligheidstoestellen (1), als Fabriekswerktuigen. Hes. 5 Nov. 1892, no. 4(5, U. no. 100 .... (1) Van elk dezer voorwerpen wordt echter niet meer dan één geacht te be-hooren bij het werktuig, waarmede zij tegelijk worden ingevoerd. De meerder aanwezige zijn, evenals de afzonderlijk ingevoerde, belast als Instrumenten, physische. Hes. 13 Jamiari 1897, no. 100, 1. no. 9.

EAU AROMATIQUE, geen alcohol noch houtgeest bevattende, als Reuk- en parfumeurswaren. Be Fiscus no. 185, hlz. 252 . . . EAU D\'ARQUEBUSADE, als Reukwater, alcohol bevattende (1);

zie Gedistilleerd. Jtenvooi, lUelt; 1845............

(1) De sterkte wordt geacht 90 pet. te zijn; verg. aant. 12 op den post Gedistilleerd. Zie mede aantt. 1 en 11 aldaar nopens de berekening van recht en accijns.

EAU DE COLOGNE, als Reukwater, alcohol of gedistilleerd bevattende (1); zie Gedistilleerd. Renvooi, Wet 1845........

(1) De sterkte wordt geacht 90 pet. te zijn; verg. aant. 12 op Gedistilleerd. Zie, nopens recht en accyns, ook de aantt. 1 en 11 op dien post.

EAU DE (\'OLOGNE-FLESCHJES worden gelijkgesteld met Apothe-kersfleschjes, en dus gerangschikt onder Glas en glaswerk.

Bes. 21 A uq. 1845, no. 52, U. no. 232, en Renvooi, Wet 1850 . . . EAU DE COLOGNE-KISTJES. Plankjes voor —, ook al zijn ze

geschaafd. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96........

EAU DE FLEUR D\'ORANGE, als Reuk- en parfumeurswaren.

Renvooi, Wet 1845 ...................

de HL. ad 50 pet.

ƒ 8.50

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

Vrij

Vrij Vrij

waarde waarde waarde waarde

5 pot. 5 pet. 5 pet. 5 pet. Vrij

Vrij 5 pet. 5 pet. Vrij

Vrij

waarde waarde

(Red.).....

Res. 15 Januari Spoorwegen . als Scheepsbouw

Res. -i Nov. 1865,

Vrij f 5.00

100 kgr.

Vrij

waarde

de HL. ad 50 pet.

de HL. ad 50 pet.

5 pet. ƒ 3.50

„ 3.50

waarde

5 pet. Vrij 5 pet.

waarde

-ocr page 57-

101

EL A.

102

EAU. -

A R T I K E L E N.

EAU DES CAKMES, als Gedistilleerd, alle andere met alcohol bereide vloeistoffen, geen dranken zijnde; zie art. 2, lett. h, der Wet van 20 Juni 18(gt;2, S. no. G2, V. 1863, no. 60. Do sterkte wordt geacht te zijn 90 pet., volgens art. 2, § 1, lett. c, der Wet van 1 Mei 1863, S. no. 47, V. no. 76 (1). Jte». 21 ./tmt 1880, no. 52, V. no. 60.

(1) Verg. deswege aant. 12 op den post Gedistilleerd-, zie mede aantt, 1 en 11 aldaar nopens de berekening van recht en accijns.

EAU ÉCAKLATE (1). Zoogenaamd— , als Chemicaliën. Hex. 7 April 1863, no. 50.....................

(1) Deze vloeistof is geheel reukeloos en bestemd tot het wegnemen van vlekken uit linnen, katoen, wollen stoften, enz, en bevat geenerlei alcohol. Jit\'s, atsnoren.

EAU GAZEUSE. Zie den post Bron- en Mineraalwater.

„ op tlesschen...................

„ op kruiken ...........................

EDELE GESTEENTEN. Zie Juweelen...........

EDELGESTEENTEN. Voorwerpen, vervaardigd van half-edelgestecn-ten, als hemdsknoopen, oorbellen, doekspelden en dergelijke, als Kramerij. /\'f.s-. 15 Juni 1871, no. 14, T. «». 69 (1) . . „ Zoogenaamde halt-edelgesteenten, in oorspronkelijken toe

stand of eenvoudig geslepen, lies. ahvnren (1)......

(1) Deze res. wordt aldus opgevat, dat alle voorwerpen van half-edelgesteenten, in voltooiden toestand, belast zijn als Kramerij, bijv. kruisjes, welke dadelijk in \'t klein verkocht knnnen worden; terwijl handvatsels voor cachetten, messen-hechten van agaatsteen en dergelijke voorwerpen vrij van invoerrecht zijn, als behoorende tot den vervallen post Sleen. (Bed.)

Verg. hierbij de artikelen Agaatsteen en Camées.

EEKHOREN VELLEN, nis Pelterijen (1); zie Huiden, vellen en

leder. Renvooi, Wet 1845.

(1) In onbereiden toestand kennelijk vrij van invoerrecht. Verg. de rubriek Ifiiidcn, rellen en leder.

EESTPLATEN. IJzeren —, voor het drogen van mout, als gedeelten (1) van Fabriekswerktuigen. Hex. 15 Auc/. 1863, no. 24,\'e« 116/1877. (Ij Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

EETBAUE OLIE, als Olie, niet afz. belast. Hex. 6 Juni 1877, no. 71,

U. no. 54, § 5, en 11\'^ 1877 ...............

EET WAREN, in luchtledige trommels of bussen bereid of ingelegd.

Zie den post Koek- en banketbakkerswerk........

EGGEN, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. A\'. B. van 6 Oct. 1862, S. no, no 179, no. 101, art. 1. en \\l\'et 1877.

-EIEREN. Wet 1862 ..................

„ gedroogde, in busjes of pakjes met etiquetten, wanneer zc ook in galanterie- of dergelijke winkels of door marskramers

verkocht worden, als Kramerij. (Red.)........

„ gedroogde, in vaten of kisten of in andere verpakking dan

in busjes of pakjes met etiquetten. (Red.).......

EIKELS, lies. 25 Febr. 1863, no. 44, V. no. 48.........

EIKENSCHORS, als Schors. Renvooi, Wet 1822 .......

EIKONOGEN-POEDEH. Zie Naphtol-derivat........

EINDPLATEN, behoorende tot het materieel voor spoorwegen, lies. 12 Januari 1880, no. 33, I\'. no. 6, opgenomen in aant. 1 oj) Spoorwegen .......................

EISCREME-PULVER (1), als Koek- en banketbakkerswerk. (Red.) (1) Dit artikel bevat zeer veel suiker. (Eed.)

EISENBEISZ. Zie Houtzur# aluinaarde..........

EJECTOR \'1 uchtz u ig werk tuig) bij een remtoestel (vacuum brake) (1), als Stoomwerktuig, of onderdeel (2) daarvan; zie Fabriekswerktuigen. (Red.)...............

(1) Verg. hierbij aant. 1 op llemtoestellen.

(2) Zie aantt. 3 en 4 op Fahriekswerktiiigen.

„ Stoom-aschejector. Zie Stoom-aschejector

ELAÏNE (1), als Olie, niet afz. belast, lies. 6 Juni 1877, no. 71, I\'. no. 54, § 5, en Wet 1877.................

(1) Zie hierbij Ole\'incznur.

MA ATSTA1\'.

de HL. ad 50 pet.

100 11. 100 kr.

waarde

100 kgr. 100 kgr.

waarde

100 kgr.

100 kgr.

-ocr page 58-

ELA. — EMB.

104

103

A 11 T 1 K E L E N.

ELANDSHUIDEN, onbereide. Zie aant. 6 op Huiden, vellen en

leder.

ELASTIEKGAREN voor het vervaardigen van schoenmakers-elastiek.

(Red.)

ELECTKA, een waschmiddel, voornamelijk bestaande uit waterglas, koolzure soda en 8 a 10 pet. zeep, als Zeeppoeder; zie Zeep. (Red.) ELECTRICITEIT. Accumulatoren, ter verzameling en overbrengingvan electriciteit (1), als Instrumenten, physische. Res. 8 Nov. 1890, no. 02, V. no, 113.................

(1) Hierbij te raadplegen aant. 1 op Elcctrischc toestellen.

ELECTRIC FEX en DRUKPERS, een apparaat tot het vervaardigen van afdrukken van geschriften of teekeningen, nis Instrumenten,

physische (Red.)....................

ELECTRISCHE BOOTEN, als Schepen, schuiten en vaartuigen, enz. (Red.)....................

ELECTRISCHE MOTOREN. Zie aant. 1 op Electrische toestellen. ELECTRISCHE TOESTELLEN (telegraaf-, telephoon- en lichttoe-stellen, schellen), als Instrumenten, mathematische, enz. (1). Rest

Fébr 1889, no. 12, V. no. 14..............

(1) Toestellen tot het fabriekmatig voortbrengen van electrisch licht, alsmede onderdeelen («) daarvan, worden daarentegen vrij van invoerrecht toegelaten. Zie ook daaromtrent de res. van i) Febr. 188J), no. 12, V. no. 14.

Nader is bij res. van 5 Nov. 1892, no. 4(5. V. no. 100, nog te kennen gegeven, dat toestellen (dynamo\'s) en werktuigen, dienende om fabriekmatig electriciteit op te wekken tot het voortbrengen van licht of het overbrengen van kracht, alsmede electrische motoren, dienende om beweegkracht, ontleend aan een electrischen stroom, op fabriekswerktuigen (b) over te brengen, vrij van invoerrecht zijn toe te laten, en dat onder deze vrijstelling mede zijn begrepen de bij voormelde electrische werktuigen behoorende en daarmede tegelijk ingevoerde regulateurs, registreer-, meet- en veiligheidstoestellen (c). Afzonderlijk ingevoerd zijn deze belast als Instrumenten, physische.

(а) Daartoe behoort o.a. koperdraad, uitsluitend met ongekleurd katoenen garen omwonden, niet gevernist noch geparaffineerd of op andere wijs verder bewerkt en dienende ter omwinding van onderdeelen van werktuigen tot bovengenoemd doel gebezigd, mits de aangifte deze bijzonderheden vermeldt, lies. 9 Febr. 1889, no. 12, V. no. 14.

Daarentegen worden voorwerpen, welke geen deel uitmaken van de machine tot het voortbrengen van het electrisch licht, maar dienen tot de geleiding daarvan, geacht wel aan invoerrecht onderworpen te zijn. (Red.)

(б) Motoren, dienende tot het in beweging brengen van kranen, kunnen niet onder de vrijgestelde fabriekswerktuigen worden begrepen, maar zijn belast met een invoerrecht van 5 pet. der waarde. De Fiscus, no. 443, hlz. 253.

Evenzoo electrische motoren (ook wel genaamd : electrische locomotieven), dienende voor hst in beweging brengen van vervoermiddelen. (Red.)

Werktuigen, welke hunne beweegkracht ontleenen aan electriciteit en de onderdeelen van die werktuigen worden alleen dan geacht vrij van invoerrecht te kunnen worden toegelaten, wanneer sprake is van fabriekmatifjen arbeid. Zij kunnen niet gelijk gesteld worden met stoomwerktuigen, daar deze, ongeacht het doel, waartoe zij worden gebruikt, steeds van invoerrecht zijn vrijgesteld. (Red.)

(c) Van elk dezer voorwerpen wordt echter niet meer dan één geacht te behooren bij het werktuig, waarmede zij tegelijk worden ingevoerd. De meerder aanwezige zijn evenals de afzonderlijk ingevoerde, belast als Ins tri (men ten, phy sische. Res. 13 Januari 1897, no. 100, V. no. 9.

ELECTEISCH LICHT. Ballons voor —. Zie Ballons.....

„ Lampen voor •—. Zie aant. 1 op Lampen.......

„ Koolspitsen of koolstaven voor —. Zie Koolspitsen . . . „ Regulateurs. Zie Regulateurs.

„ Toestellen voor —. Zie aant. 1 op Electrische toestellen.

(1) ELEFANTS-TANDEN. Wet 1854 ............

(1) Voor de Sf-atistiek te rangschikken onder de rubriek Tanden, clefants — cft walrus —. (Eed.) *

ELLEBOGEN van ijzer, behoorende bij afvoerpijpen en vergaderbak-ken tot den afvoer van water van daken (1), als Ijzerwerk. (Red.) (1) Zie aant. 12 op User.

ELPENBEEN, als Tanden, elefants-. Itenvooi, Wet 1845.....

ELSEVIERüLOBES, zijnde landkaarten, op katoen of linnen gedrukt, en op een uitzetbaar metalen geraamte bevestigd. (Red.). . . . EMBALLAGE (1—4).

(1) Ledige, mils gebruikte (n) zakken, ijzeren fusten, kaasstellingen en dergelijke voorwerpen, voor den vervoer van goederen opzettelijk vervaardigd en ingeric-ht,

Maatstaf.

100 kgr.

waarde

waarde waarde

waarde

waarde waarde waarde

waarde

-ocr page 59-

1.05

EN A.

ior»

EMB. —

Maatstaf. | Rechten.

I___

A U T I K E L E N.

zijn vrij van invoerrecht. Manden en houten valcn en fusten zijn reeds vrijgesteld, als behoorende tot het Teen- en maudewerk en het Vaat- en knipiverh. Zie art. G, lett. y der Tariefwet, en § »3 der res. van 6 Juni 1877, no. 71, V. no. 54:, § (5.

Voor ledige gewone flesschen en kruiken en bemande fiesschen, wordt ook. mits zij blijkbaar gebruikt zijn, de vrijstelling toegepast bedoeld bij het hier-voren aangehaald art. (gt;, lett. g. Zie res. 22 Oct. 1877. no. 25, V. no. 96.

(a) Nieuwe emballage, bijv. fjhjcerbievaten, (jraanzakken, rnandflesschen en dergelijke voorwerpen kunnen vrij van invoerrecht worden toegelaten, om na vulling hier te lande, weder te worden uitgevoerd, mits de daaromtrent gegeven voorschriften worden opgevolgd. Gewone wijn flesschen zijn uitgezonderd, als zijnde bij den uitvoer niet herkenbaar. Kon besluit van 20 0lt;-t. 1883, S. no. 118, V. no. lol; Hes. 22 Nov. 1883, no. (»4, V. no. 102, en 14 Juni 18S7, no. 4ü, V. no. 53.

(2) Voor gevulde fiesschen is geen afzonderlijk invoerrecht verschuldigd, wel te verstaan, voor zoover zij als gewone emballage der daarin vervatte vloeistoffen of andere waren zijn aan te merken, zooals ook reeds blijkt uit de res. van 10 Oct. 1862, no. 105, V. no. 105, in aant. 1 op Appel-, peren- en meedrank.

Hetzelfde geldt voor andere voorwerpen, tot emballage dienende, als kruiken, enz. De ambtenaren zullen echter zorgvuldig moeten toezien, dat van bedoelde vrijstelling geen misbruik wordt gemaakt, door zonder betaling van rechten, flesschen in te voeren, die met regenwater of andere vloeistoffen zijn gevuld, blijkbaar alleen met het doel, om die Üesschen als emballage te doen doorgaan; in welke gevallen op de beweerde emballage steeds het recht als van Glaswerk moet worden toegepast, onverminderd het instellen van bekeuring, op grond van art. 213 der Algemeene Wet, zoo daartoe termen aanwezig zijn. Res. 11 Juni 1866, no. 53, V. no. 86.

Geen invoerrecht wordt geheven van ijzeren flesschen, dienende voor den vervoer van vloeibaar koolzuur, wanneer zij bij den invoer met zoodanig koolzuur zijn gevuld. (Red.)

(3) Bij invoer van Bron- of mineraalwater, in spuit- of hevelüesschen (syphon-tlesschen), wordt van die liesschen een recht geheven als van Glaswerk, terwijl voor het daarin aanwezige mineraalwater geen afzonderlijk recht verschuldigd is. lies. 15 Aug. 1868, no. 51, V. no. 92.

(•4) Zie verder aant. 1 op Biscuits, aant. 7 op Kramer IJ, en het medegedeelde bij Dekkleeden, alsmede aant. 2 op Pruimen, en de Byz. Bepaling op den post Glaswerk.

EMBROCATION, bestaande uit een oplossing van geneeskrachtige bestanddeelen in alcohol, als Gedistilleerd (1\\ De Fiscus, no. 475, hlz. 49........................

(1) Zie, nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd. EMBROCATION HERBALE DE ROCHE, een geneesmiddel zonder

alcohol, ook in kleine verpakking. (Red.). .........

EMMERBOUTEN. IJzeren —, met ringen, bestemd om de emmers aan de baggermachines te hechten. :ils Ijzerwerk. (Red.) . . .

EMMERS voor een baggermachine. (Red.)..........

„ Houten —, ook al zijn zij van ijzeren banden en hengsels

voorzien, als Vaat- en knipwerk. (Red.).......

„ Blikken melkemmers, met daarin aangebrachte zeef, als Gereedschappen, lies. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124, en

4 Dec. 1891, no. 45, V. no. 117............

„ zonder zeef, als Ijzer- of Koperwerk, enz., ook ;il worden zij aangevoerd onder den naam van melkemmers, daar uit de inrichting niet blijkt de bestemming voor de zuivelbereiding. lies. 4 Dec. 1891, no. 45, V. no. 117......

„ Melkmeetemmers, met schaal, en dus blijkbaar bestemd om gebruikt te worden bij de zuivelbereiding. Jies. 4 Dec.. 1891,

no. 45, V. no. 117.................

„ Mest- of ieremmers (1). (Red.)............

(1) Deze emmers worden niet als landbouwgereedseliappen vrij van invoerrecht toegelaten, omdat zij ook voor andere doeleinden dan voor den landbouw kunnen worden gebezigd. (Bed.)

EMSER PASTILLES. Zie Pastilles.............

KMI LSION, bestaande uit levertraan, vermengd met tragantlijm en glycerine, waardoor het een melkachtig voorkomen heeft. (Red.) KNAMELINE-VERNISSEN als Vernissen, met alcohol bereid (1). Zie den post Gedistilleerd (2). (Red.).......... . .

(1) Deze vernissen bevatten eene belangrijke hoeveelheid alcohol. (Red.)

(2) Zie hierbij, nopens do heffing van recht en accijns, ;u\'.ntt. 1, 11 en 12 op dou post Gedistilleerd.

de HL ad 50 pet. i

ƒ 3.50

Vrij

5 pet. 5 pet.

Vrij Vrij

5 pet.

waarde waarde

waarde

Vrij 5 pet.

waarde

100 ksrr.

ƒ 2-quot;gt;.0() Vrij

/\' 3.50

de HL. ad 50 pet.

-ocr page 60-

108

ESS.

107

END. —

1

Maatstaf, i Kechtex.

I

A 11 T 1 K E L E N.

ENDUIT MÉTALL1QUE, zonder alcohol, bestaande uit steenkolen-teer-olie, waarin eene koperhoudende vloeistof is opgelost, als 1

Verfwaren, in olie gewreven. (Red.)...........

ENOELSCHE ASCH, als Verfwaren, Renvooi, Wet 184-).

ENGELSCHE BISCUITS. Zie Biscuits.

ENGELSCHE PLEISTER, in doosjes of enveloppes, als Kramerij.

(Red.)

EOS1NE. Zie aant. (gt; o]) Suiker.

ERGOT1NE, als Chemicaliën, niet afz. belast. (Red.)......j

(1) ERTS. Goud- en zilvererts is vrij van invoerrecht, blijkens de ! van Régeêringswege uitgegeven Statistiek . . .......

(!) Voor de Statistiek te vermelden onder de hoofdrubriek dond-cn zilver en te splitsen in GonderU en ZilvcveTts; voorts, wat den mvocv betreft, naar de vaarde, en, wat den uitroer aangaat, tevens naar hot bruto gewicht op te geven. (Red.)

„ (2) Ijzererts. Wet 1854...............

(2) Voor de Statistiek te vermelden ouder de rubriek Uzer, erts. (Ked.)

„ (3) Kopererts. Wet 18.\')4..............

(3) Voor de Statistiek te vermelden onder de rubriek Koper, erts. (Eed.)

„ (4) Looderts is vrij van invoerrecht, blijkens de van Regee-

ringswege uitgegeven Statistiek..........

(4) Voor de Statistiek te rangschikken onder de rubriek Lood, erts.

(Eed.)

„ (5) Spiauter- of zinkerts is vrij van invoerrecht, blijkens de van Rcgeoringswege uitgegeven Statistiek.........

(5) Voor de Statistiek te rangschikken onder de rubriek Spiauter of zink, erts. (Eed.)

„ (6) Tinerts is vrij van invoerrecht, blijkens de van Regee-

ringswege uitgegeven Statistiek............ —

(6) Voor de Statistiek te rangschikken ouder Tin, erts. (Eed.)

„ (7) Zwavelerts is, blijkens do van Regeeringswege uitgegeven Statistiek, vrij van invoerrecht, evenals ruwe zwavel, dat bij de Wet van 1854 is vrijgesteld......... . . . j —

(7) Voor de Statistiek te rangschikken onder de rubriek Zwavel, erts. Zie daaromtrent ook res. 17 Dec. 1868, no. 03, V. no. 127, en 12 April 18G!), no. 23, V. no. 51.

ERWTEN. Zie onder Granen en peulvruchten....... —

ERWTENBREKERS, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen K. B. van 0 Oct. 1862, S. na. 179, lr. no. 101, art. 1,

en Wet 1877 ..................... —

ERWTENSOEPTABLETTEN, ERWTENSOEPPOEDER en ERWTEN WOKST, hoofdzakelijk bestaande uit erwtenmeel (1), als Aard-appelenmeel-fabrikaten, niet afz. belast, lies. 12 Febr. 1892, no.

29, V. no. 17.....................100 kgr.

(1) Is dit niet het geval, dan zal erwtenworst blijkens de res. van 23 Febr.

1871, no. 54, V. no. 26, gerangschikt moeten worden onder Vleeseh ran alle soorten, gerookt of gedroogd.

ESPARTA-MATTEN. Zie onder Matten.

ESSENCE DE M1RBANE (1), als Olie. niet afz. belast. ïte*. 15 Aurj.

1808, i/o. 48, V. no. 91, en Wet 1877 ............

(1) Zie de aant. op Benzol.

ESSENCES. Zie aant. 10 op Gedistilleerd.

ESSENCES voor meiwijn:

de alcoholhoudende (1), als Likeur; zie Gedistilleerd . .

die, welke geen alcohol, doch suiker, stroop of honig bevatten,

als Koek- en banketbakkerswerk.........

alle andere, als Chemicaliën............

lies. 14 April 1808, no. 61, V. na. 48.

(1) Zie hierbij aant. 1» op Gedistilleerd, alsmede, wat dc hefting van recht on accijns betreft, aantt. 1, 11 en 12 op dien post.

ESSENCES. Kollie-essence. Zie onder Koffie.

waarde waarde

100 kgr.

Ie HL. ad

50 pet.

100 kgr.

-ocr page 61-

ESS. — FAB.

109

110

A 11 T [ K E L E N.

ESSENCES. Rum en Cognac — (1) als Likeur; zie Gedistilleerd.

Res. 20 Januari 1881, no. 70, V. nu. 7.........

„ Vruchten-essences,, als Gedistilleerd, alle verdere dergelijke of met alcohol bereide stoffen (2). (Red.)

(1) Zie, nopens de berekening van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

(2) Verg. de Bijz. Bepaling op Gedistilleerd, zoomede aant. 10 op dien post. ETHNOGRAPHISCHE en NATUURKUNDIGE VOORWERPEN

voor Rijksmusea bestemd. Zie Oudheden.........

ETIQIIETTEN. Zie aantt. 1 er 4 op Papier.

ETIQUETTEN-LAK. Z.g. —, als Gedistilleerd, houtgeest en alle daaruit bereide of daarmede vermengde vloeistoffen. (Red.) . . .

EUPHORBIUM. Zie aant. 1 op Gom . . . ......

EXCENTRIEKEN, als Ijzer- of staalwerk. lies. 15 Janaari 1880, no. 33. F. no. 0, opgenomen in aant. 1 op Spoorwegen .... EXHAUSTERS, die alleen door stoom of door een gas-, petroleum-of electrischen motor in beweging kunnen worden gebracht, lies.

11 Oct. 1897, no. 12, i\'. no. 107..............

EXTINCTEURS en andere draagbare brandbluschwerktuigen (1), naar hun hoofdbestanddeel als Ijzerwerk (2). lies. 9 April 1891, ■no. 11, F. no. 31...................

(1) Brandblusehgrunateïl zijn vrij van invoerrecht, lies. (1 Juli 1891, no. 3\'J, V. no. 75.

(2) Verg. hierby aant. 3 op Fabriekswerktuigen.

EXTIRPATORS, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. IS. 6 Oct. 18()2, .S\'. no. 179, i quot;. nu. 101, art. 1, en IFe/1877. EXTRACT van hop. lies. 23 Dec. 1858, ho. 177, F. no. 122, en TFlt;?lt;1862. „ van Kentucky-tabak, bestemd tot het sausen van tabak. (Red.) „ van verfhout, zonder alcohol, houtgeest of olie en zonder verzoetende zelfstandigheden (1). (Red.)........

(1) Zie hierby ook aantt. 1—3 op Verfwaren.

„ van verfhout, vermengd met stroop, als Stroop; zie Suiker (2).

(Red.)

(2) Zie, nopens de helling van accijns, aant. 1 op Stroop en aant. 2

op Suiker.

„ Boomschors- of looiersextract. (Red.).........

„ Koffie-extraet. Zie onder Koffie.

EXTRACTEN voor meiwijn, ais Essences voor meiwijn; zie Essences. lies. 14 April 1808, v.o. 61, F. no. 48.

EXTRA(\'TUM HYOSCYAMI SPIRITUOSUM, bestaande uit de in alcohol oplosbare bestanddeelen van hot sap der bilsenkruidbla-deren. De alcohol dient bij de bereiding als oplosmiddel, maar wordt door distillatie geheel teruggewonnen, zoodat daarvan in het extract niets overblijft. Het artikel behoort dus niet tot de stoffen, bedoeld bij art. 1 van het K. B. van 17 Mei 1877, S. no. 106, V. no. 53 (1), en wordt vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.) (1) Verg. de Bijz. Bepaling op den post Gedistilleerd.

EXTRA1T D\'ABSYNTHE (1). als Gedistilleerd, lies. 4 Juli 1843, no. 127, F. no. 102...................

(1) Zie, nopens de heffing van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op Gedistilleerd.

*(1) EZELS en MUILEZELS. Wd 1862 ...........

(1) Voor de Statistiek van den in- en uitvoer alleen het aantal stuks op te geven. (Eed.)

FABRIKATEN van aardappelenmeel. Zie den post Aardappelen-

meel-fabrikaten, niet afz. belast.............

#(11) FABRIEKS-, LANDBOUW- (1-2) en STOOMWERKTUIGEN (3—5), WAARONDER ALMEDE KOXDGEWEVEN VILTEN (6—8) EN KONDGEWEVEN\' (9) METAALDOEKEN VOOR PAPIERFABRIEKEN, WEVERSKAMMEN, BRANDSPUITEN (10) EN HETGEEN TOT DEZE LAATSTE BEHOORT,

vervalt. Wet 1877 ...................

(1) Onder de hierbedoelde landbouwwerktuigen (a) worden alleen werktuigen van meer samengestelden aard (b) begrepen, door Ons by besluit aan te wijzen. Ilijz. Bepaling, tFet 18U2.

Maatstaf. I Rechten.

de HL. ad 50 pet.

de Liter

waarde

waarde

de HL. ad 50 pet.

100 kgr. ] ƒ 2.00

Vrij

-ocr page 62-

FAB.

112

m

A II T I K E L E N.

(a) Voor dc vrijstelling als landbouwwerktuig is het niet voldoende, dat de voor- | werpen bestemd zijn om bij de zuivelbereiding gebruikt to worden of als zoodanig : worden aangegeven. Daartoe moet die bijzondere bestemming uit de inrichting der j voorwerpen blijken. Res. 4 Der. 1891, no. 45, V. no. 117.

(J)) Landbouwwerktuigen van minder samengestelden aard, zullen dus onder dc j landbomvgereeüschappen gerangschikt moeten worden. (Eed.)

(2) Het in de vorige aanteekening bedoelde Kon. besluit van (gt; Oct. 18(;2, S. | no. 179, V. no. 101, luidt aldus: I

Art. 1. Aan te wijzen als landbouwwerktuigen van meer samengestelden aard, | welke bij den invoer met 1 pet. der waarde belast zijn («):

Ploegen, ondergrondsploegen, schilploegen. paardenbakken, aan-aardploegen,

sehoöelploegen, enz ;

Eggen, scarificators, extirpators, cultivators, grubbers, enz.;

Kluitenbrekers;

Landrollen;

Zaai- en pootwerktuigen;

Maaiwerktuigen (6);

Hooiharken (voor paardenkracht);

quot;Werktuigen tot bereiding van hooi;

Dorschwerktuigen;

Maïs-ontkorrelers, werktuigen tot het verzamelen van gras-, klaver- en andere i zaden;

Wan- en kafmolens en andere zuiveringswerktuigen, alsmede werktuigen om |

garst te ontbaarden;

Stroosnijders;

Knollen- en wortelsnijders en kneuzers;

Graan-, boonen-, erwten-, haver- en lijnzaadbrekers;

Werktuigen tot het drogen van granen en zaden;

Stoomkooktoestellen tot het bereiden van veevoeder;

Aardappelen- en appelschillers (c);

Kneedwerktuigen;

Werktuigen tot bereiding van boter en kaas (d);

Werktuigelijke koemelkers;

Grootere werktuigen, spreiders van droge en vloeibare mesispeciën en gier-

pompen hieronder begrepen (^);

Beender-breektoestellen en andere werktuigen tot bereiding van mestkrachtige voorwerpen;

Werktuigen, dienende tot het voort- of overbrengen van beweging door stoom-

of paardenkracht;

Schapenwasschers;

Aardappelen-delvers en sorteerders;

Meekrapdel vers;

Werktuigen om vlas of hennep te reepen, te zwingelen of te braken en alle

andere, dienstig tot vlas- of hennepbereiding;

Werktuigen tot vervaardiging van droogduikers;

Werktuigen tot het leggen van droogduikers;

Bijenkorven;

Krachtmeters.

(a) Thans vrij, ingevolge Wet 1877. Zie intusschen noot e op aant. 3.

(b) Hieronder ook de wateronkruid-maaimachines te begrijpen. (Red.)

(c) Appelschillers zijn ook vrij van invoerrecht, ingevolge de res. van G Nov. 1803, no. 28.

(d) Hieronder worden mede begrepen nielkkoelers, zijnde werktuigen om molk meer geschikt te maken voor de bereiding van boter en kaas. (Red.)

ie) quot;Werktuigen om bcerkuilen te ledigen, worden niet onder de Landbouwwerktuigen gerangschikt, maar daarentegen belast als Ijzerwerk. (Red.)

(3) Na de vrijstelling der werktuigen, in deze rubriek begrepen, blijven dus alleen belast die werktuigen voor huiselijk of niet-fabriekmatig gebruik bestemd, welke ook tot dusver onder Houtrvcrlc, Ijzerwerk, Stciahvcrk, enz. werden gerangschikt.

Onder de vrijstelling van Fabrieks-, landbouw- en stoomwerktuigen, zijn ook te begrijpen de onder dcc len daarvan, uitsluitend geschikt om als zoodanig te worden gebezigd {a—d).

Daar voortaan, behalve de landbouwwerktuigen, ook de landbouw-j/crm/-sch(ipigt;cii zijn vrijgesteld, verliest het Kon. besluit van (j Oct. 18G2, S. no. 179, V. no. 101. wat de heffing van rechten betreft, zijne toepassing (e). Bes. G Juni 1877, na. 71, V. no. 54, § 3.

(a) Deze bepaling stemt overeen met de res. van 23 Mei 1851, no. 29, V. no. 65. {b) Als regel geldt, dat dc uitsluitende yeschiktheid en niet de werkelijke of opciegeven bestemming der voorwerpen, deze als Fabriekswerktuigen, enz. in de vrijstelling doet vallen. (Red.)

Wanneer echter verschillende onderdeelen worden ingevoerd, die blijkbaar een geheel uitmaken, of kennelijk bij elkander behooren, worden deze vrij van invoerrecht toegelaten, al zou ook soms eenig onderdeel op zich zelf tot andere doeleinden gebezigd

1 Maatstaf. Rechten.

-ocr page 63-

FAB.

113

114

A E T I K E L E N.

kunnen worden, mits alle voorwerpen blijkbaar zijn bestemd om mot elkander een fabrieks-, landbouw- of stoomwerktuig of eenig onderdeel daarvan, uit te maken. Zie daaromtrent ook aant. 4 hierna. (Red.)

(c) Ook deelen van stoomwerktuigen, vervaardigd uit caoutchouc of gutta-percha, mits tot geen ander gebruik geschikt, zijn vrij van invoerrecht. (Red.)

Alsmede gomlastieken buizen en slangen tezamen met fabrieks-, landbouw- of stoomwerktuigen of met brandspuiten ingevoerd en blijkbaar daartoe behoorende. Afzonderlijk ingevoerd zijn ze belast als bewerkte voorwerpen van Gom-elastiek, fles. 11 Juli 1885, no. i)G, V. no. 74.

Zie, nopens de vrijstelling van regulateurs, registreer-, meet- en voiligheidstoestellen, behoorende bij en te gelijk ingevoerd met electrische werktuigen, do res. van 5 Nov. 1892, no. 4(), V. no. 100, en van l.\'i Januari 1807, no. 100, V. no. 9, opgenomen in aant. 1 op Electrische toestellen.

(d) Alleen die onderdoelen zijn vrij van invoerrecht, welke tot geen ander gebruik geschikt zijn. Zoo worden bijv. als belast aangemerkt do banden voor draagwielen, welke, in onderscheiding van banden voor drijfwielen, niet alleen voor locomotieven, maar ook voor gewone spoorwagens te gebruiken zijn. (Red.)

{e) Bij de beoordeeling der aangiften en de rangschikking voor de Statistiek, kan het Kon. besluit echter nog ter voorlichting strekken, waarom het dan ook in aant. 2 hiervoor is opgenomen. (Red.)

(4) Als Fabrieks-, landbouw- en stoomwerlciuiyen en onderdeelen van dien, moeten alleen beschouwd worden de voorwerpen, die uitsluitend als zoodanig gebruikt kunnen worden, in onderscheiding van die, welke ook tot andere bestemmingen kunnen worden gebezigd {a—c). In verband hiermede en ten einde de ambtenaren, met de visitatie belast, in staat te stellen, de juistheid der aangiften van onderdeelen van fahrieksrverktuigen te beoordeelen, kan de ontvanger, daar, waar hij hieromtrent twijfelt, de vermelding in de aangifte vragen, dat de bewuste voorwerpen uitsluitend geschikt zijn, om als onderdeelen van Fabrieks-, landbouw- en stoomwerktuigen te worden gebezigd, en wanneer de aangever hiertoe ongezind mocht worden bevonden, daarvan het recht heften naar de rubriek van het Tarief, waaronder deze, indien ze ook tot ander gebruik geschikt zijn. zouden vallen.

Blijkt bij de visitatie, dat de voorwerpen, met bedoelde bijvoeging aangegeven, ook voor eene andere dan de opgegevene bestemming gebezigd kunnen worden, dan moet tegen de aangevers bekeuring worden ingesteld, op grond van art. 213 der Alg. Wet. lies. 30 Januari 1864, no. 10.

(a) Als kenmerk, dat de werktuigen uitsluitend door stoom in beweging kunnen worden gebracht, in welk geval zij vrij van invoerrecht zijn, wordt het niet voldoende geacht, dat zij van riemschijven zijn voorzien. (Red.)

{h) De Res. van 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105, opgenomen in aant. 3 op Gerecd-schappen, wordt geacht geene verandering te hebben gebracht in den steeds gevolgden regel, dat werktuigen, welke alleen door stoom kunnen worden in beweging gebracht, als behoorende tot den post Fabriekswerktuigen, vrij van invoerrecht zijn. (Red.)

Hot doel, waartoe de stoomwerktuigen gebruikt worden, is voor de toepassing der vrijstelling van invoerrecht onverschillig. Zie nopens het verschil in dat opzicht met werktuigen, welke hunne beweegkracht ontleenen aan electriciteit, aant. 1, noot h, op Electrische toestellen. (Red.)

Pijpen, met toebehooren, uitmakende eenc stoomleiding naar do droogkamers eener fabriek, worden niet als een stoomwerktuig aangemerkt, maar met 5 pet. invoerrecht belast. (Red.)

(c) De vraag in hoeverre fabriekswerktuigen of onderdeelen daarvan uitsluitend door stoom, dan wel ook door handkracht zijn in beweging te brengen, komt alleen dan in aanmerking, wanneer de werktuigen ook voor ander dan fabrieksgebruik geschikt zijn. (Red.)

(5) Bij de toepassing der res. van 30 Januari 1864. no. 10, wordt het op zichzelf niet voldoende geacht, dat het een of ander artikel is aangegeven met de bijvoeging „uitsluitend geschikt voor fabrieksgebruikquot;, om daarop de vrijstelling toe te passen. Van hand, doeken en dergelijke artikelen, die, volgens het gewoon spraakgebruik, niet als werktuigen of onderdeelen van dien te beschouwen zijn, moet derhalve ook met de bedoelde bijvoeging in de aangifte, het gewone recht geheven worden, tenzij bij speciale bepaling is uitgemaakt, dat die artikelen als fabriekswerktuigen of onderdeelen kunnen worden toegelaten. Tarief wet li, en K.} blz. 167 en 168.

(6) Met de rondgeweven vilten worden alleen die vilten bedoeld, welke zoodanig zijn geweven, dat hun einde met hun begin samenloopt, zoodat zonder nadere aaneenhechting van de beide uiteinden der vilten, de cilinders van het papierfabrieks-werktuig, daarin kunnen worden geplaatst, en welke door die vilten alsdan voldoende omkleed worden. Res. 6 Nov. 1852, no. 112, V. no. 181.

(7) Wat de vilten betreft, worden hieronder ook andere dan voor papierfabrieken bestemde rondgeweven vilten verstaan, mits beantwoordende aan de beschrijving gegeven bij V. 1852, no. 181. (Zie aant. 6 hiervoor), lies. 21 Maart 1876, no. 37, V. no 34.

(8) De grove wollen stof, ten gebruike op de rollen voor drukmachines en ook tot andere einden dan tot fabrieksgebruik gebezigd, kan, als eene soort van vilten, onder Manufacturen worden gerangschikt. Res. 30 Juli 1862, no. 23.

Maatstaf.

-ocr page 64-

FAK. — FIT.

llü

11 ö

ARTIKELE N.

(9) Metaaldoeken, welke feitelijk niet zijn rondgeweven, maar wier uiteinden aan elkander zijn genaaid, worden ook vrij van invoerrecht toegelaten, mits de bestemming voor een papierfabriek bij don invoer dnidelijk blijkt. (Eed.)

(10) Extincteurs, annihilateurs en dergelijke draagbare brandblusehwerktnigen, zijn belastbaar, naar htm hoofdbestanddeel, als Uscrwerlc. Hes. 9 April 1891, no. 11, V. no. 31.

(11) Voor de Statistiek van den invoer naar de waarde op te geven. (Eed.) FAKKELS en PEKKRANSEN, als Ammunitie, allerhande, enz.

Bex. 3 Dec. 1862, no. (»9, F. no. 135............

FARBEN, init Wasser angomacht. Zie Wasserfarben. FARINACEOUS FOOD FOR INFANTS (1), nis Revalenta arabica. Be*. 28 Mei 1880, uo. 84, F. no. 49.............

(1) Meelpraeparaten, meer dan 10 pet. verzoetende stollen bevattende, worden zonder onderscheid belast als Koel:- en banketbakl-erswerk. Hex. alsvoren.

Verg. hierbij het artikel Meelpraeparaten.

FARINE DE VIANDE, zijnde gedroogd en daai-na tot poeder gemalen rundvleesch, als Vleesch van alle soorten, gerookt of gedroogd.

Bes. 15 Mei 18(52, vo. 70, V. no. 54.............

FARINE LACTEÉ, ook genaamd kindermeel, dat, volgens scheikundig onderzoek, ongeveer 25 pet. rietsuiker en C pet. melksuiker bevat (1), als Koek- en banketbakkerswerk. lies. 24 April 1870,

«o. 84, F. no. 45, en 28 Mei 1880, no. 84, F. no, 49......

(1) Zie hierbij het artikel Meelpraeparaten.

FARINE MEXICAINE (Mexicaansch meel) (1), als Revalenta arabica. Bes. 28 Mei 1880, no. 84, F. no. 49.........

(1) Zie hierbij aant. 1 op Farinaeeous food for infants.

FAROLA, als Aardappelenmeel-fabrikaten, niet at\'z. belast (1).

(Red.)

(1) Zie hierbij het artikel Meelpraeparaten.

FASTENERS. IJzeren patent —, zijnde ijzertjes tot het verbinden

van drijfriemen. (Red.).................

FER DE BERLIN, als Kramerij. Bes. 0 Januari 1853, nlt;gt;. 21 . . . FERNAMBUCKHÓUT. Ongemalen —, als Verfhout van alle soorten; zie onder Hout. Benvooi, Wel 1854 ........

„ Gemalen, gesneden of geschaafd. Zie onder Hout, verfhout. FEKROLINE-VERNISSEN, als Vernissen, mot alcohol bereid. Zie

den post Gedistilleerd (1). (Red.).............

(1) Nopens de heffing van recht en accijns zie men aant. 1, 11 en 12 op Gedistilleerd.

FIELD-TUBES, als onderdoelen (1) van Stoomwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. /\'lt;gt;■. 29 Nov. 1870, no. 20, U. no. VÏ5, opgenomen in aant. 2 op Vlampijpen, en Wet 187/........

(1) Zie aantt. 3 en 4 op Falrriekswerhtuigen.

FIGUURZAGERIJ. Gepolitoerde doozen, met benoodigdheden voor

de figuurzagerij, als Kramerij. (Red.)...........

FILET-ARTIKEL, een vrouwenhoofdtooisel, als Modewaren. Bes.

21 Nov. 1855, no. 34..................

FILMS. Photographische —, voor een cincmatograaf. (Red.). . . . FILTERPERSSCHROEVEN van koper en ijzer. Zie onder Schroeven.

FILTREERMACHINES voor een bierbrouwerij. (Red.)......

FILTREERSTEENEN. Ongebakken — of zoogenaamde Filters. Bes. 10 Fehr. 1830, no. 108, F. no. 42, en aant. 1 op art. 1 dezer Tariefwet.

FIRE CLAY. Zie Vuurklei................

FISEÏHOUT, als Verfhout; zie onder Hout. Benvooi, Wet 1845 . FITTE li STANGEN, als Gereedschappen, /\'es. 5 Dec. 1890, no. 20,

F. no. 124......................

FITTINGS (1) voor gas- en waterleidingen kunnen, krachtens de Bijz. Bepaling op den post T.Tzer, vrij van invoerrecht worden toegelaten voor zoover zij als onderdeelen van de daartoe bestemde pijpen of buizen zijn aan te merken, dus de korte, buisvormige, van in- of uitwendigeu schroefdraad voorziene verbindingsstukken dier leidingen (2). Bes. 18 Nov. 1892, no. 13, V. no, 107.

Maatstaf.

waarde 100 kgr.

100 kgr.

100 kgr. j „ 25.00

100 kgr. j „ 0.40 100 kgr.

- i Vrij waarde •gt; pet.

de HL. ad 50 pet.

waarde waarde waarde

-ocr page 65-

FLA. — FLI

117

118

A R T I K E L E N.

(1) Fittings dienen tot onderlinge verbinding van gaspijpen en van bnizen voor waterleidingen. (Red.)

(2) De vrijstelling strekt zich daarentegen niet uit tot pluggen, sltiilslukken en flenzen voor bovenbedoelde leidingen, welke voorwerpen, ofschoon in den handel ook onder den algemeenen naam van fittings begrepen, evenals gas-syphons of syphonpotten belast zijn als Ijzerwerk, lies. alsvoren.

Andere onderdeelen van waterleidingen, bijv. z.g. straatkoppen, afshntkranen en hrandkranen, zijn ook aan invoerrecht onderworpen. Zie res. vanJ2 Aug. 1888, no. 22, V. rto. 92.

FLACONS, als Kramerij. Zie do Bijz. Bepaling op dien post en Hes.

8 Dec. 1845, no. 2{), V. no. i\'SO..............

FLANEL, als Manufacturen. lienvooi, Wet 1822........

FLANELLEN voor stoorameelraolens. (Red.).........

FLECKENEEINIGER, vervaardigd uit oleïne en natron, als Zeep,

harde. (Red/1.....................

FLENSPAPIEK (asbest fiensblad) (Ij, als Papier van alle soorten.

Bes. 14 April 1886, no. 7, F. no. 39............

(1) Zie hierbij aant. 3 op Pakking stof.

FLENSPIJPEN. IJzeren, gegoten —, ten dienste van een buizennet

voor een waterleiding (1). (Red.).............

(1) Zie hierbij aantt. 10—12 op den post IJzer.

Over de gevallen, waarin flenspijpen aan invoerrecht zijn onderworpen, komen beschouwingen voor in Weekblad, nos. 1290—1293 en in de Fiscus, no. 503, blz. 348.

FLENZEN voor gas- en waterleidingen, als Ijzerwerk (1). Bes. 18 Nov. 1892, no. 13, V. no. 107...........

(1) Zie hierbij aant. 2 op Fittings.

,, Blindiienzen. Zie Blindflenzen...........

FLESSCHEN (1—4), als Glas en glaswerk. Bes. 11 Jani LS6ü,))().

V. no. 86....................

(1) Ledige tiesschen zijn begrepen onder den tariefpost Glaswerk. Van gevulde tiesschen zijn geene afzonderlijke invoerrechten verschuldigd, wel te verstaan voor zooverre zij als gewone emballage der daarin vervatte vloeistoffen of andere waren zijn aan te merken, zooals ook reeds blijkt uit de res. van 10 Oct. 1862, no. 105, V. no. 105, op Appel-, peren- en meedrank.

Zie daaromtrent verder aant. 2 op Emballage.

(2) Bij invoer van Bron- of mineraalwater, in spuit-of hevelflesschen (syphontlesschen), wordt van die flesschen het recht van Glaswerk geheven, terwijl voor het daarin aanwezige mineraalwater geen afzonderlijk recht verschuldigd is. Res. 15 Aug. 1868, no. 51, V. no. 92.

(3) Voor gebruikte ledige gewone flesschen en bemande flesschen kan ook de vrijstelling genoten worden, genoemd in art. (5, lett. g dezer Tariefwet. Res 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 9(5.

Zie, nopens nieuwe mandtlesschen, bestemd om hier te lande te worden gevuld en daarna weder te worden uitgevoerd, noot a op aant. 1 op Emballage.

(1) Zie verder aant. 2 op Pruimen, en aant. 2 op Ondheden.

„ Toestellen om flesschen schoon te maken, te spoelen, te vullen, te kurken en te capsuleeren, of om kurken te branden.

Res. 19 Nov. 1886, no. 15, F. no. 105.........

FLEURETTEN, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post. FLOBERT PATRONEN. Zie aant. 1 op Patronen. FLORENTIJNSCH LAK, als Verfwaren. J ienvooi, Wet 1S45. FLOEES CASSIA E, ook wel genaamd kancelknoppen, zijnde de zeer .jonge vruchtjes van cene kaneel boomsoort in hun vruchtkelk en den vorm hebbende van kruidnagelen, als Specerijen. J!c*. Tl Juli

18ii7, wi. 18S, V. no. US.................

FLORETZIJDE. Zie onder Zijde..............

FLOTTEURBOLLEN. Koperen — (1), als onderdeelen (2) • van Fabriekswerktuigen. (Red.)..............

(1) Bedoelde bollen van gewalst koper kunnen in twee helften gescheiden worden. In den wand dezer hollen zijn drie openingen aangebracht, waarvan twee in de eene en een in de andere helft. (Red.)

(2) Zie do aantt 3 en 4 op don post Fabriclcswcrkluijcn.

FLUITJES, vervaardigd van meel en suiker, welke verkocht worden als snoepgoed, als Koek- en banketbakkerswerk. (Red.). . .

Maatstaf. : Rechten.

waarde waarde

5 pet. •1 pet. Vrij

ƒ 2.00

5 pet.

Vrij

100 kgr. waarde

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

waarde ■gt; pet. waarde ö pet.

waarde •quot;gt; pet.

Vrij

Vrij

100 kgr. ; ƒ 20.00

-ocr page 66-

FLU. — FEA.

120

li;)

AETIKELE N.

FLUSSIGE WASSERFAKBEX. Zie Wasserfarben.

FLUWEEL, als Manufacturen. Renvooi, Wet 1.S22.......

FOELIE. Zie den post Specerijen.............

FOEZELOLIE. Zie onder Olie...............

FOI.TA, papier tot bekleeding van schepen, als Papier van alle soorten, vermits dit papier kennelijk ook tot andere doeleinden

geschikt is (1). (Red.)..................

(1) Zie hierbij Schepen, dealen van —.

FOLIEER MACHINES. Stempelwerktuigeu om te nomineren oi\' te

folieeren. Jtes. 19 Nov. 1880, no. 15, 1no. 10~)........

FONDANT-VORMEN van gutta-percha, niet alleen te gebruiken door chocolade- en suikerfabrikanten, doch ook door suiker-en banketbakkers (1). (Red.)...................

(1) Verg. hierbij het artikel Vormen.

FONTEINTJES. Kamer —, als Meubelen. (Red.).......

FOOD FOR CATTLE. Thorley\'s — (beestenvoeder), als Lijnmeel;

zie Koeken, lies. 21 Juni I860, mos. .quot;gt;1 m 58, en Wet 1877 . . . FORMALINE (1), een desïnfectiemiddel, als Chemicaliën, niet af/.

belast. (Red.).....................

(1) Dit artikel komt ook voor onder de benamingon carmolinc, format en formaldahydc. (Eed.)

FORMULIEREN (1) on dergelijke, die nog moeten worden ingevuld, zoo ook formulieren voor rekeningen, al of niet met aangehechte brieven, als Papier van alle soorten. Hes. (i Fehr. 1889, no. 0, F no 13. (1) Zie aant. 1 op Papier.

FORMULIEREN voor postwissels. Zie Postwissels......

FORTE-PIANO\'S, als Instrumenten, muziek-. Zie de lijst gevoegd

bij de Res. van 24 Januari 1865, no. JiS, V. no. 11......

FRAMBOZENLIKEUR (1), als Likeur; zie Gedistilleerd. (Red.).

(1) Frambozenlikcur is door haar suikergehalte voldoende van Frambozen wijn te onderscheiden. (Red.)

Zie, nopens do heffing van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

FRAMBOZENLIMONADE, eene oplossing zijnde van invertsuiker met een weinig zuur, gearomatiseerd met frambozenaether en gekleurd met rothe frucht-farbe, zonder alcohol, als Koek- en ban-

ketbakkerswerk. (Red.)...............

FRAMBOZENSAP. Gewoon frambozensap (1). (Eed.)......

(1) Gewoon frambozensap is ook niet aan accijns onderworpen, lies. « 1870, no. 50, V no. 128, § 6, opgenomen in aant. 1 op art. 2 der Wet, V. 1870, no. 127.

Frambozensap met alcohol, bereid door frambozen op alcohol te doen trekken en daarna het vocht af te scheiden, wordt bij invoer belast als (ledisliltecrd. Wanneer echter de in liet vocht aanwezige alcohol herkomstig is van de gistende suiker der frambozen, wordt het artikel met accijns belast als Wijn. (Eed.)

FRAMBOZENSTEOOP (1), als Koek- en banketbakkerswerk.

Tariefwet li. en K., hlz. 50.............

(1) Verg. de res. van 14 April 18G8, no. 51, V. no. 48, opgenomen in aant. 3 op Koek- en ianlcethakkerswerle.

„ Vloeistof, geschikt tot het maken van frambozenstroop (1) (2), als Likeur: zie Gedistilleerd............

(1) Deze vloeistof bevat omstreeks tien percent alcohol en bestaat voorts uit eene met cannin gekleurde oplossing van wijnsteen en eene zeer kleine hoeveelheid glucose, gearomatiseerd met eenige vruchtcnessence. Vermoedelijk is zij niet geschikt tot het kleuren of aanlengen van wijn, doch daarentegen levert ze —- bij toevoeging van water en suiker — een aangenaam smakend vocht op, gelijk aan dat, hetwelk door vermenging van water met frambozenstroop kan worden verkregen. (Eed)

(2) Zie, nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

FRAMBOZENWATER, niet bestemd tot het vervaardigen, versnijden of aanlengen van wijn, als Meedrank: zie Appel-, peren- en

meedrank. (Eed.)...................

FRAMBOZENWIJN, frambozensap met alcohol, mits geen likenr zijnde, is alleen aan den accijns als Wijn onderworpen (1). (Red.). (1) Zie daaromtrent aant. 1 op Wijn.

Maatstaf. Hechten

waarde waarde

waarde waarde

waarde waarde

waarde waarde

waarde de HL. ad 50 pCt.

100 kgr.

100 kgr.

de HL. ad 50 pet.

de HL.

-ocr page 67-

ERA. — (!AK.

1-22

1 --\'I

I

Maatstap. ! Hechten.

A K ï I K E L E N.

FEANJEMACHINES, die met tie hand bewogen worden, als Gereedschappen. Hes. 19 Nov. 1880, ho. 15, Tr. no. 105.......

FRANJES, als Passementwerk; zie Manufacturen, llenvooi,

Wet 1845 ......................

ElvENCH CliEAM (1) als Likeur; zie Gedistilleerd. (Red.) . . .

(1) Zie, nopens de heffing van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den [)Ost Gedistilleerd.

ERIESCH GROEN, als Verfwaren. Ren. 17 April 1847, iw. 130, V. na. 61.

ERUCHT-FARBE. Rothe —, mits niet in kleine verpakking- (1). (Red.)

(1) Bij invoer in kleine verpakking wordt een recht geheven van 5 pet. dei-waarde. Zie aant. 1 op Verfstoffen. (Eed.)

ERUITEK, als Vruchten. Renvooi, Wet 1845.

ERUITS EGOUTTES (vruchten in suiker gekookt en daarna uitgelekt en verpakt in doozen of kistjes), als Koek- en banketbak-kerswerk (1). J!es. 9 April 1894, no. 91, I\'. no. 08......

(1) Zie hierbij aant. ü op Vruchten.

FUCHSLXE. Zie Anilinekleurstoffen.

FUNDEERINGSPLATEN en STUTTEN. IJzeren — voor een stoommachine, als Ijzerwerk. (Red.).............

FUSETHOUT, als Verfhout; zie onder Hout. Henvooi, Wet 1854 . FUSTEN, houten, als Vaat- en kuipwerk. Zie ros. (gt; Juni 1877,

no. 71, V. no. 54, § 6, 4e zinsn............

„ nieuwe ijzeren, als Ijzerwerk. Res. 0 .lam 1S77, no. 71, V.

no. 54, § 6, 4e zinsn.................

„ gebruikte ijzeren, zijn vrij van invoerrecht. Zie art. (gt;, left, g,

dezer Tariefwet . ........ ...

GAARDEN. Zie onder Hout, waarden- of wilgenhout, enz. . . . GAAS. Opgemaakt zijdengaas, bestemd tot bekleeding van den haspel v:m builmachines (1), als Manufacturen. Hes. 11 Juli 18fi:!,

no. 30 ... ..................

„ Zie ook Bnilgaas, Carbolgaas, Centrifugegaas, Jodo-formgaas, Kopergaas en Metaalgaas.

(1) Is het gaas aan den builtoestel bevestigd, dan wordt hot vrij van invoerrecht toegelaten, als een onderdeel van Fabriekswerktuigen. Res. alsvoren en aunt. 3 en i op Fabriekswerktuigen.

GALANTERIEWAREN, als Kramerij (1). Zie de Bijz. Bepalinf/ op dien post................

II) Mede volgens een renvooi op de wet van 1845, doch daarbij kwam achter (kdanteriewaren de bijvoeging voor „geene gouden, of zilveren zijnde.quot; (Eed.)

GALB.VNUM. Zie aant. 1 op Gom.............

GALIPOT is blijkens de ros. van 14 Juni 1825, no. 44, V. no. 70, hetzelfde als Thus en moet dus gerangschikt worden onder de

Drogerijen. Renvooi, Wet 1845 . . . ...........

GALLOWAY CONE TUBES, als onderdeelen (1) van Stoomwerktuigen: zie Fabriekswerktuigen. Hes. 29 Nov. 1870, no. 20, F. no. 175, opgenomen in aant. 2 op Vlampüpen. en Wet 1877 . . . (1) Zie aantt. 3 en } op Fabriekswerktuigen.

quot;GALNOTEN. Wet 1854 .................

GALON, als Passementwerk; zie Manufacturen. Henvooi. Wet 1845. GANZELEVER, in verselien of gezouten toestand, evenals GANZE-BORSTEN, GANZEBOUTEN en dergelijke eetbare gedeelten van wild en gevogelte (1), als Wild en Gevogelte. Res. 21 Nov. 1884. no. 5, V. no. 120....................

(1) Ingelegd of bereid in luchtledige bussen, trommels of daarmede gelijkstaande verpakking («) worden de genoemde artikelen belast als Koek- en banketbakkers\'werk. lies. alsvoren.

fa) Terg. aant. 9 op Koek- en banketbakkerswerk.

GARANCINE. Zir Meekrap...............

GARENBEPROEVERS voor weverijen ter bepaling van hot weerstandsvermogen van garens. (Red.)............

Vrij

5 pet. ƒ 3.50

waarde de HL ad 50 pet.

V * ij

100 kgr.

/\' 25.00

waarde

5 pet. Vrij

Vrij

5 pet.

Vrij Vrij

5 pet.

waarde

waarde

aarde

5 pet

Vrij V rij Vrij

Vrij 5 pet.

5 pet.

aarde

waarde

Vrij 5 jiet.

waarde i

-ocr page 68-

FLU. — FKA.

120

119

AETIKELE N.

FLUSSIGE WASSERFAEBEN. Zio Wasserfarben.

FLUWEEL, als Manufacturen. Renvooi, Wet 1S22.......

FOELIE. Zie den post Specerijen.............

FOEZELOLIE. Zie onder Olie...............

FOLIA, papier lot bekleeding van schepen, als Papier van alle soorten, vermits dit papier kennelijk ook tot andere doeleinden

gescliikt is (1). (Red.)..................

(1) Zie hierbij Schepen, dealen van —.

FOLIEERMACHINES. Stempehverktuigen om te nonmeren of te

folieeren. JRes. 19 Nov. 1880, -no. IS, V. no. 10.quot;)........

FONDANT-VORMEN van gutta-percha, niet alleen te gebruiken door chocolade- en suikerfabrikanten, doch ook door suiker- cn banketbakkers (1). (Red.)...................

(1) Verg. hierbij het artikel Vormen.

FONTEINTJES. Kamer —, als Meubelen. (Red.).......

FOOD FOR CATTLE. Thorley\'s — (beestenvoeder), als Lijnmeel;

zie Koeken. Re*. 21 Juni I860, nos- 51 en 58, en Wet 1877 . . . FORMALINE (1), een desinfoctiemiddel, als Chemicaliën, niet af/.

belast. (Red.).....................

(1) Dit artikel komt ook voor onder de benamingen eannoline, firmed en formaldahydc. (Eed.)

FORMULIEREN (1) cn dergelijke, die nog moeten worden ingevuld, zoo ook formulieren voor rekeningen, al of niet met aangehechte brieven, als Papier van alle soorten, lies. (i Fehr. 1889, na. 0, Vno 1:!. (1) Zie aant. 1 op Papier.

FORMULIEREN voor postwissels. Zie Postwissels......

FORTE-PIANO\'S, als Instrumenten, muziek-. Zie de lijst gevoegd

bij de Res. van 24 Januari 1865, no. .quot;gt;8, V. no. 11......

FRAMBOZENLIKEUR (1), als Likeur; zie Gedistilleerd. (Red.).

(1) Frambozenlikcur is door haar suikergehalte voldoende van Froinbozoi H\'ij n to onderscheiden. (Red.)

Zie, nopens do heffing van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post

Gedistilleerd.

FRAMBOZENLIMONADE, eene oplossing zijnde van invertsuiker met een weinig zuur, gearomatiseerd met frambozen aether en gekleurd met rothc frncht-farhe, zonder alcohol, als Koek- en ban-

ketbakkerswerk. (Red.)...............

FRAMBOZENSAP. Gewoon frambozensap (1). (Red.)......

(1) Gewoon frambozensap is ook niet aan accijns onderworpen. Hes. 8 Sept. 1870. no. 50, F no. 1-28, § 6, opgenomen in aant. 1 op art. 2 der Wet, V. 187(1, no. 127.

Frambozensap met alcohol, bereid door frambozen op alcohol te doen trekken en daarna het vocht af te scheiden, wordt bij invoer belast als Gedistilleerd. Wanneer echter de in het vocht aanwezige alcohol herkomstig is van de gistende suiker der frambozen, wordt het artikel mot accijns belast als Wijn. (Red.)

FRAMBOZENSTROOP (1), als Koek- en banketbakkerswerk.

Tanefwet R. en K., hlz. 50.............

(1) Verg. de res. van 14 April 1868, no. 51. V. no. 48, opgenomen in aant. 3 op Koek- cn lanketbakkersioerk.

„ Vloeistof, geschikt tot het maken van frambozenstroop (1) (2), als Likeur: zie Gedistilleerd............

(1) Deze vloeistof bevat omstreeks tien percent alcohol en bestaat voorts uit eene met carmin gekleurde oplossing van wijnsteen en eene zeer kleine hoeveelheid glucose, gearomatiseerd met eenige vruchtenessence. Vermoedelijk is zij niet geschikt tot het kleuren of aanlengen van wijn, doch daarentegen levert ze — bij toevoeging van water en suiker — een aangenaam smakend vocht op, gelijk aan dat, hetwelk door vermenging van water met frambozenstroop kan worden verkregen. (Eed)

(2) Zie, nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

FRAMBOZENWATER, niet bestemd tot het vervaardigen, versnijden of aanlengen van wijn, als Meedrank; zie Appel-, peren- en

meedrank. (Red.)...................

FRAMBOZENWI.TN, frambozensap met alcohol, mits geen likeur zijnde, is alleen aan den accijns als Wijn onderworpen (1). (Red.). (1) Zie daaromtrent aant. 1 op Wijn.

Maatstaf. Hechten

waarde waarde

waarde waarde

waarde waarde

waarde waarde

waarde de HL. ad 50 pCt.

100 kgr.

100 kur.

de HL. ad 50 pet.

de HL.

-ocr page 69-

FR A. — GAR.

121

122

I I

! Maatstaf. ! Eechtex.

I I

ARTIKELE N.

FRANJEMACHINES, die met dc hand bewogen worden, als Gereedschappen. Res. 19 Nov. ISSG, vn. 15, K no. 105.......

FRANJES, als Passementwerk; zie Manufacturen. Renvooi,

Wet 1845......................

FRENCH CREAM (1) als Likeur; zie Gedistilleerd. (Red.) . . .

(1) Zie, nopens de heffing van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

FRIESCH GROEN, als Verfwaren. Re*. 17 April 1847, no. 130, V. na. 61.

FRUCHT-FARBE. Rotlie —, mits niet in kleine verpakking (1). (Red.)

(1) Bij invoer in kleine verpakking wordt een recht geheven van 5 pet. der waarde. Zie aant. 1 op Verfstoffen. (Red.)

FRUITEN, als Vruchten. Renvooi, Wet 1845.

FRUITS ÉGOUTTÉS (vruchten in suiker gekookt on daarna uitgelekt en verpakt in doozen of kistjes), als Koek- en banketbak-

kerswerk (1). Be». 9 April 1894, »o. 91, 1\'. no. •quot;gt;8......

(1) Zie hierbij aant. 0 op Vruchten.

FUCHSINE. Zie Anilinekleurstoifen.

FUNDEERINGSPLATEN en STUTTEN. IJzeren —voor een stoommachine, als Ijzerwerk. (Red.).............

FUSETHOUT, als Verfhout; zie onder Hout. Henvooi, Wet 1S54 . FUSTEN, houten, als Vaat- en knipwerk. Zie ros. (j Juni 1877,

no. 71, V. no. 54, § 6, 4e zinsn............

„ nieuwe ijzeren, als\' Ijzerwerk. Re*. G Jam 1*77, no. 71, 1\'.

no. 54, § ti, 4e zinsn.................

„ gebruikte ijzeren, zijn vrij van invoerrecht. Xie art. 0, lelt. lt;/,

dezer Tariefwet . .................

GAARDEN. Zie onder Hout, wai irden- of wilgenhout, enz. . . . GAAS. Opgemaakt zijdengaas, bestemd tot bekleeding van den haspel van builmachines (1), als Manufacturen. Res. 11 Juli 18G\'gt;,

no. 30 ... ..................

„ Zie ook Builgaas, Carbolgaas, Centrifugegaas, Jodo-formgaas. Kopergaas cn Metaalgaas.

(1) Is het gaas aan den builtoestel bevestigd, dan wordt het vrij van invoerrecht toegelaten, als een onderdeel van Fabriekswerktuigen. Jies. alsvoren en cunil. 3 en i op Fabriekswerktuhjen.

GALANTERIEWAREN, als Kramerij (1). Zie de Bijz. Bepaling oj) dien post................

(1) Mede volgens een renvooi op do wet van 1845, doch daarbij kwam achter (lalanleriewarcn de bijvoeging voor „geciic gouden of zilveren zijnde.quot; (Eed.)

GALBANUM. Zie aant. 1 op Gom.............

GALIPOT is Ijlijkons de ros. van 14 Juni 1825, no. 44, V. no. 7U, hetzelfde als Thnx en moot dus gerangschikt worden onder de

Drogerijen. Renvooi, Wet 1845 ..............

GALLOWAY CONE TUBES, als onderdeden (1) van Stoomwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. Hes. 29 Nov. 1870, no. 20, V. no. 175, opgenomen in aant. 2 oji Vlampijpen, en Wet 1877 . . . (1) Zie aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

«GALNOTEN. Wet 1854 .................

GALON, als Passementwerk: zie Manufacturen. Henvooi. UW 1*45. GANZELEVER, in verschen of gezouten toestand, evenals GANZE-BORSTEN, GANZEBOUTEN en dergelijke eetbare gedeelten van wild en gevogelte (1), als Wild en Gevogelte. Res. 21 Nov. 1884, no. 5, V. no. 120....................

(1) Ingelegd of bereid in luchtledige bussen, trommels of daarmede gelijkstaande verpakking («) worden de genoemde artikelen belast als Koek- en banketbakkerswerk. Hes. alsvoren.

(a) Verg. aant. 9 op Koel:- en banketbakkerswerk.

GARANCINE. Zie Meekrap...............

GARENBEPROEVERS voor weverijen ter bepaling van hot weerstandsvermogen van garens. (Red.)............

Vrij

5 pet. ƒ 3.50

waarde de HL ad 50 pet.

Vrij

100 kgr. /\' 25.00

5 pet. Vrij

Vrij

5 pet.

Vrij Vrij

5 pet.

waarde

waarde

waarde

waarde

5 pet

Vrij Vrij Vrij

Vrij 5 pet.

5 pet.

waarde

waarde

Vrij 5 pet.

\'aarde

-ocr page 70-

GAK.

124

123

ARTIKELE N.

Hechten.

Maatstaf.

«GARENS, vervalt, uitgezonderd de meer dax tweedraads getwijnde, geverfde of ongeverfde wollen of sajetten garens (1). Wet 1877 ...............

(1) Blijkbaar moeten onder wollen tjurcns niet alleen verstaan worden die, vervaardigd van schapcnwol, maar o.a. ook van Angorawol. Verg. Mohairgarens, (lied)

Andere dan wollen of sajetten garens worden alleen dan als belast aangemerkt, wanneer zij naar aard of bestemming gerangschikt kunnen worden onder Mamifacturen (passementwerk). Zie aant. 1 op Koord.

„ (2) geheel of gedeeltelijk uit koe- of geitenhaar bestaande, al zijn ze ook met wol vermengd, /\'ex. 22 0c/.1877, »0.2quot;), V. no 9(gt;.

(2) Blijkens de vervallen res. van 17 Mei 1864, no. 100. V. no. 52, zullen deze garens voor de Statistiek voorzeker gerangschikt moeten worden onder de Garens van wol. (Red.)

„ van cocosvezels, als Touwwerk, kabel- eu schijfgarens. Res. .\'gt; Fehr. 1865, no. 19, en Wet 1877 .........

„ van hennep (•quot;gt;), vlas en werk:

::\'(8) ruw of om (e weven (4). Wet 18lt;gt;2........

*(Vt) (10) Na aigiiren en schoenmakersgaren (5). Wet 1«S77. .

*(9) (10) Zeilgaren (0). Wet 1877 ...........

quot;(9) (10) Bind- en zegel —. en andere dergelijke niet afzonderlijk genoemde garens (7). Wet 1877.........

(3) Garen van hennep, bestaande nit ineengedraaide hennep, waaruit door verder ineendraaien, kabels worden gemaakt, behoort naar aard en bestemming tot het Kabelgaren; zie Touwwerk. (Red.)

(i) Alle ongetwijnde garens, ook van hennep, vlas of werk waren reeds vrij van invoerrecht door de Wet van 1862. Zie de res. van 10 Get. 1862, no. 105, V. no. 105. la.

(5) Onder Schoenmakersgaren moeten alleen verstaan worden de getwijnde garens, geverfd of ongeverfd, in strengen of op kluwen gewonden, en door schoenmakers gebruikt wordende om voorstukken en andere onderdeelen van schoenen en laarzen te naaien of te stikken. Res. 8 Januari 1869,. wo. 43, V. no. 6.

Het ééndraad s ongetwijnde, gesponnen grijze garen van hot nep of vlas, in den handel ook bekend onder de benaming schoenmakersgaren, was reeds vóór de Wet van 1877 vrijgesteld. Verg. res. alsvoren.

(6) Onder zeilgaren is te verstaan het sterk gesponnen garen uit hennep of vlas, ter dikte van bindgaren, twee- of driedraads getwijnd, doorgaans in strengen ingevoerd, en dat, alvorens voor hot beoogde gebruik geschikt te zijn, door de zeilmakers op kluwen gewonden en in teer gehangen wordt. Res. 8 Januari 1869, no. 43, V. no. 6.

(7) Hieronder behoort het z.g. Kanlo org aren, meestal bestaande uit draden van meer dan ééne kleur, en alle getwijnde garens van hennep, vlas of werk, die niet onder naaigaren, schoenmakersgaren of zeilgaren begrepen zijn. lies. 8 Januari 1860, uo. 43, V. no. 6.

(8) Voor de Statistiek te splitsen in:

r*,r„„ * [ om te weven, ruw.

Garen van hennep | ^ ^ gebleekt.

r. , ,1 om te weven, ruw.

Garen van vlas en werk j _ ^ gebleekt. Res. 2!) April 1870,

no. 29, V, no. G7.

(9) In de van Eegeoringswege uitgegeven Statistiek wordt Jiilegarcn, Kaai- en Schoenmakersgaren, Zeilgaren en Bind- en zcgclgaren en andere dergelijke niet afzonderlijk genoemde garens gesplitst opgenomen onder ae rubriek Garens van hennep, vlas en werk. (Red.)

(10J Voor de Statistiek van den invoer bij het gewicht op te geven.

„ van katoen:

quot;(li) ongetwijnde. Wet 18(12.............

\'quot;■getwijnde, die, geverfd of ongeverfd, in kettingen geschoren

zijn om te weven. Wei 1802.............

quot;ongebleekte tweedraads, getwijnde. Wet 1802 ......

quot;(12) getwijnde, geverfd of ongeverfd. Wet 1877 .....

■^(12) op klossen gespoeld of gewonden. Wet 1877 ....

(11) In de van Eegeeringswege uitgegeven Statistiek komt het artikel aldus voor: Geren van katoen, on getwijnd en ongeverfd. (Eed.)

(12) Voor de Statistiek van den invoer naar de waarde op te geven. (Eed.)

3 pet.

waarde

Vrij

Vrij

Vrij V rij Vrij

Vrij

Vrij

Vrii Vrij Vrij Vrij

-ocr page 71-

(jrAlv. — GAS.

125

I

Maatstaf. Rechtun.

ARTIKELEN.

GAEENS bestaande uit twee draden katoen, die ieder met een metaaldraad vereenigd en daarna gezamenlijk ineen gedraaid

zijn. (Red.)....................

,, van katoen, omsponnen met goudpapier, wordt, als niet te rangschikken onder passementwerk, vrij van invoerrecht

toegelaten. (Red.).................

,, voor weverskammen. (Red.).............

,, van wol en sajet, alsmede gemengd van wol met katoen:

*(14) ongetwijnde. Wet 1862 .............

-ongeverfde en ongezwavelde (13) tweedraads getwijnde.

Wet 1862 ................

*(15) getwijnde, geverfd of ongeverfd, gezwaveld of ongezwa-veld (13), met uitzondering van de meer dan tweedraads

getwijnde wollen of sajetten garens. Wet 1877 ......

met metalen draad (twee draden wol en één draad pleet). (Red.)

(13) Nopens het onderzoek, of de garens al dan niet gezwaveld zijn, werden voorschriften gegeven bij res van 28 Nov. 1845, no. 84, V. no. 233, en 23 April 1809, no. 63, V. no. 58.

(14) Volgens de van Eegeeringswege uitgegeven Statistiek, worden deze garens gerangschikt onder de rubriek Garens van wol en sajet, alsmede gemengd vun irol met katoen, ruw en ongeverfd. (Eed).

(15) Voor de Statistiek van den in voer naar de waarde op te geven. (Eed.)

,, van wol en haar (driedraadsgaren). (Red.)........

„ van wol met katoen, of andere stoften gemengd, lies. C Juni

1877, no. 71, F. no. 54, § 3.............

„ Afval van hennepgaren, van katoenen garen en van Turksch

garen. Zie onder Afval..............

„ Elastiekgaren voor het vervaardigen vanschoenmakers-elastiek.

(Red.)\'

„ ■x\'(17) Jutegaren (16), als Garen van vlas en werk. Renvooi Wet 1845 ....................

(16) Getwijnd jutegaren. dat noch onder het naai- en schoenmakersgaren, noch onder het zeilgaren, noch onder het bind-, zegel- en andere dergelijke garens gerangschikt kan worden, was reeds vóór de quot;Wet van 1877 vrij van invoerrecht, blijkens de res. van 2 Ang. 1872, no. 70, V. no. 86, en 23 Nov. 1872, no. 45, V. no. 122.

(17) Voor de Statistiek afzonderlijk op te geven onder de rubriek Garens van hennep, vlas en werk, jutegaren. Zie ook aant. 9 hiervoor.

,, Kabelgaren. Zie onder Touwwerk..........

„ Kantgaren, als Naaigaren. Zie onder Garens van hennep,

enz. Renvooi, Wet 1845 en Wet 1877 ..........

„ Kemel- of Kameelgaren, als Garens, Turksch garen. Renvooi, Wet 1845.

„ Mohairgarens (18), als Garens van wol. (Red.).

(18) Deze worden vervaardigd van de wol van de Aziatische angorageit. (Eed.)

„ Schijfgaren. Zie onder Touwwerk..........

„ Vigoniagaren, als Garen van wol en sajet. Ren. 24 Maart 1847,

no. 88, V. no. 53.

„ *Turksch garen, ruw. Afval van Turksch garen daaronder

begrepen. Wet 1862 ................

„ *Id. getwijnd of geverfd (19). Wet 1862.........

(1!)) Blijkens de van Eegeeringswege uitgegeven Statistiek, behoort hieronder te worden gerangschikt OnfjccerJ\'d, ijef irijn\'l Turksch garen. [Hei.)

GARNALEN. Zie onder Visch...............

GARNIERDELEN, als Hout, scheepsbouw- en timmerhout, alle andere, enz., gezaagd. Jies. 23 Oei. 1845, no. 76, \\\'. no. 214, en ]l\'ctlS77. GARNITUUR van stroo of spaan. Zie onder Stroo en spaan in bladen.

GARST, als Granen. Renvooi, Wet 1845, en Wet 1877 ......

GASBRANDERS van koper en porselein, hoofdbestanddeel koper, als Opgemaakt koperwerk; zie Koper. Res. 27 Dec. 1862,no. 69.

Vrij

waarde

-ocr page 72-

GAS.

127

128

ÜKD.

A R T I K E L E N.

Maatstaf.

Rechten.

GASBUIZEN. Gebakken aarden gasbuizen, retorten of kroezen, bestemd om daarin de steenkolen door verhitting tc ontdoen van de gas-deelen, als Fabriekswerktuigen. Hes. 3 Nov. 1858, no. 5G, 1\'. no. 100,

en Wet 1877 .....................

GASDEUKMACHINES. (Red.)...............

GASDRTJKREGULATETJRS, niet uitsluitend voor l\'abrieksgebruik

geschikt, als Instrumenten. (Red.)............

GASGELEIDERS of GASPIJPEN, uit gebakken steen vervaardigd, bestemd om door de straten te worden gelegd, ten einde het gas in de woningen der gebruikers of elders te brongen, als Potten-bakkerswerk; zie Aardewerk, it es. 3 Nov. 1858, no. 50, 1\'. no. 100. GASHOUDERS, in onderdeden (1) aangevoerd (2), als Fabriekswerktuigen. Res. 6 Oct. 1854, no. 43, en Wet 1877 ......

(1) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

(2) Hieronder kunnen niet begrepen worden ijzeren staven eu platen, bestemd om te worden ingemetseld in de fundeering, waarop de kolommen van den gashouder zullen worden gesteld. Deze zijn niet aan te merken als onderdeelen van fabriekswerktuigen, maar van hot fabrieksgebouw zelf, en moeten dus onder Ijzerwerk gerangschikt worden. (Red.)

GASKRACHTWERKTUIGEN (gasmotoren), blijkens hunne afmetingen en inrichting kennelijk tot fabrieksgebruik bestemd, als Fabriekswerktuigen. Bes. 3 Nov. 1870, no. 124, T\'. no. 112, en

9 Juli 1802, nn. 4, U. no. 5.quot;gt;...............

GASLEIDINGEN. Zie Fittings, Flenzen, Gasgeleiders, Ijzer

(gaspijpen), Kranen, Pluggen en Sluitstukken.

GASMETERS, als Instrumenten, mathematische, lies. 20 Dec. 1801,

no. 92.....................

„ Onderdeelen van fabrieksgasmeters (1). (lied.)......

(1) Voor de afzonderlijk gepakt ingevoerde bouten, schroeven, enz., is echter invoerrecht verschuldigd. (Red.)

GASMOTOREN. Zie Gaskrachtwerktuigen.

GASPIJPEN. Zio Gasgeleiders, alsmede onder Ijzer. GASSYPHONS of SYPHONPOTTEN, als Ijzerwerk, lies. 18 Nov.

1892, no. 13, V. no. 107.................

GAS WATER. Hes. 31 Dec. 1859, no. 84, U. no. 133, en aunt. 1 op

art. 1 dezer Tariefwet..................

GEASPHALTEERD BORDPAPIER, als Papier van alle soorten.

Res. 14 April 1886, no. 7, V. no. 39............

GEBAKKEN STEEN. Zie onder Aardewerk.........

GECONDENSEERDE MELK. Zie onder Melk........

GEDEELTEN van fabrieks-, landbouw- en stoomwerktuigen, als Fabrieks-, landbouw- en stoomwerktuigen. 1\'es. 6 Juni

1877, no. 71, V. no. 54, § 3.............

„ van gereedschappen (1), als Gereedschappen. Hes. 0 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, § 3.............

(1) Zie, nopens hetgeen hieronder verstaan wordt, aant. 2 op Gereedschappen.

GEDENKBOEKJES, kennelijk bestemd om daarin aanteekeningen

tc stellen (1), als Papier. (Red.)..............

(1) Verg. aant. 4 op Boeken, alsmede het artikel Kalenders.

quot;(10) GEDISTILLEERD (1), waauondek. woeden becrepen —

behalve de onveumencide dook ovekhaeing verkregen alcoholhoudende vloeisïofeen — eikeuren (2), 1 jitters en andere dergelijke gedistilleerde dranken, alsmede reukwaters, vernis (3—5) en alle andere met alcohol bereide vloeistoffen (6), geen dranken zijnde, voor zoover die vloeistoffen eene hoogere sterkte hebben, dan in verhouding van vijf liter (7) alcohol op den HL., bij de

temperatuur van 15° C. (A) (8—10) {Art. 9 der Wet van 1 Mei 1863, S. no. 47, V. no. 70)...........

„ houtgeest en alle daaruit bereide of daarmede vermengde vloeistoffen [Wel 1877J (14)............

Vrij Vrij

5 pet.

waarde

waarde

5 pet. Vrij

Vrij

5 pet. Vrij

waarde

5 pet.

Vrij

5 pet.

Vrij ƒ 25.00

Vrij Vrij

5 pet.

waarde

waarde 100 kgr.

waarde

de HL ad 50 pet alcohol bij 15° C.

(11-15)

de Liter

f 350 „ 1 15

-ocr page 73-

GEI).

130

A 11 ï 1 K E L E X.

Bijzondere Bepalingen.

(A) De hoeveelheid vax het gedistilleerd woedt berekend sa

herleiding tot de sterkte van vijftig percent alcohol, volgens de AcciJNSWET (a). Behalve het invoeekecht is de accijns veeschul-diod. {Art. 0 der Wet vau 1 M\'i S. no. 47, V. no. 7(i).

Het invoereecht op chloealhydraat, aether sulfüeicus, chloeo-

foem, azijn-aether, spiritus nitri dülcis en alle verdere derge-lijke uit ov met alcohol beeeide stoffen (/() wordt dooe üns bij algemeenen maatregel van inwendig bestuur geregeld naar de belasting, die bij invoer van gedistilleerd verschuldigd is.

(Wet 1877, art. 1).

Bij Kon. besluit van 17 Mei 1877. s. no. 106, V. no. SS, gewijzigd bij Kon. besluit van 19 Nov. ISOS, s. no. 232, V. no. 133, is bepaald,

dat dit invoerrecht bedraagt pee kilogram (c) :

VOOR CHLOE AL-HYDRA AT (d).............ƒ 1.30

„ AETHER SULFURICUS {«).............„ 2.20

„ CHLOROFORM {ƒ)...............„ 1.50

„ AZIJN-AETHER (e)...............„ 1.20

„ COLLODION {g)................„ 1.90

,, SPIRITUS NITEI DULCIS............... 1.30

„ alle verdere dergelijke uit of met alcohol bereide stoffen (//): evenveel als de accijns en het invoerrecht van 2.4 liter gedistilleerd ad 50 pct. sterkte bij 15quot; celsius (/). Er woedt vrijdom verleend van het invoerrecht voor het buitenlandsch gedistilleerd, dat na bewerking hier te lande in eene distilleerderij of branderij onder doorloopend cred1et vooe den accijns weder naar het buitenland wordt uitgevoerd. Het gedistilleerd, bedoeld bij art. 2, lett. U en 6 der wet van

20 Juni 1862, S. no. 02, V. 1863, no. 00, is hiervan uitgezonderd (j). [A ii. 3 der Wel van 6 April 1877, S. no. 70, V. no. 63.)

(а) Om de hoeveelheid tot 50 pet. to herleiden, moet, na do vermenigvuldiging van do hoeveelheid met hot cijfer der sterkte, het product tweemaal worden genomen, tenzij men, tor bekorting, óf de hoeveelheid of het cijfer dor sterkte, vóór de vermenigvuldiging dubbel neme. (Hot product moot natuurlijk daarna door 100 gedoold worden). Zoo kan men bijv. om 5.50 H.L. gedistilleerd van 47.6 pet. tot gedistilleerd van 50 pet. te herleiden, willekeurig stellen :

of 5.50 X 47.Ö X 2 -- 5.23° H.L. ad 50 pet.

of 11.00 X 47.6 — 5.23° „ „

óf 5.50 X 95.2 — 5.23° „ „

Ues. 2 Mei 1863, no. 66, V. no. 86, § 1.

Zie verder aantt. 1 en 11 hierna.

(б) Over de hier genoemde stoffen komen beschouwingen voor in W\'eelcblaü, nos. 062 en 073, alsmede in de Fiscus, nos. 42, 438 en 439.

Aether sulfuricus en Chloroform behooron tot die aethers, welke uit alcohol zijn vervaardigd, doch waarin zieh die grondstof niet meer in natuurlijken staat bevindt. De samenfiestelde aethers of z.g. vruchten-essences, azijn-aether en spiritus nitri daleis bevatten alcohol in natuurlijken staat, lies. 26 Mei 186;i, no. 102, no. 85, in verband met de tweede noot op art. 9 dor Wet van 1 Mei 1863, s. no. 47., V. no. 76, welke noot is vervallen door art. 1 der Wet van 6 April 1877, S. no. 71, V. no. 52.

Zie verder aant. 10 hierna.

(c) Van do hier bedoelde stoffen wordt alleen een invoerrecht en geen accijns geheven, al bevatten die stoffen ook alcohol in natuurlijken staat.

Het invoerrecht is por kgr. vastgesteld, omdat do belangrijke veranderlijkheid van hot volumen door wijziging van de temporatuur bij de meeste dier vloeistoffen het bepalen van do hoeveelheid bij do maat zeer bezwarend kan maken. Bovendien is ook in don handel voor deze goederen het gewicht de maatstaf voor hot bepalen dor hoeveelheid.

Op het aan te geven bruto gewicht dus do gewone korting van art. 10 dor Tariofwet te vorleenen, tenzij volgons art. 11 opneming van het netto gewicht wordt gevraagd. Jles. 6 Juni 1877, tw. 71. V. no. 54, § 2.

Zie, nopens de opneming der werkelijke tarra, aant. 5 op art. 11 dezer Tariofwet.

(lt;.\') Onder Choralhijdraat wordt ook hot uit alcohol bereide Croton-chloralhydrnat gerangschikt, (lied.)

Zie, nopens Chloralhydraat, nog de laatste zinsnede van noot a op aant. 10 hierna.

(c) Zie aant. 15 hierna.

(/\') Met Chloroform wordt gelijkgesteld dubbel gechloorde chloormethijl. (Red.)

ig) Als Collodion wordt thans ook belast de vloeistof (Jodirung zum Momoit-collodium), bedoeld bij de ros. van 29 Febr. 1868, no. 117, in aant. 9 op art. 2 der Wet, V. 1863, no. 76. Verg. de Res. van 6 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, § 2, in fine.

Zie ook het artikel Emulsion.

(//) Hieronder wordt o.a. .Iodoform gerangschikt. l\\es. 13 Oct. 1882, no. 57, no. 106.

Alsmede Sulfonal. lies. 6 ^fei 1889, no. 7, V. no. 45.

Zie ook Aethijlchloride, Boter-aether, Mieren-aether, Nitris Aethylicus en Savonjodé,

Maatstaf. Kechten.

-ocr page 74-

GED.

132

131

1

Maatsta f. Rechten.

A R T 1 K E L E X.

terwijl nopens Hophiann-driippels (spiritus-aethcrus) verwezen wordt naar de Fiscus, no. 438, blz. 200.

(0 Het invoerrecht bedraagt dus tegenwoordig f 1.62 per kgr. lies. 19 Dec. 1898, no. 74, V. no. 134.

Verg. aantt. 1 en 11 hierna.

(./) Geen vrijdom van invoerrecht kan dus verleend worden voor likeuren, bitters en andere dergelijke gedistilleerde dranken, reukwaters, vernissen en alle andere met alcohol bereide vloeistoffen, geen dranken zijnde en van meer dan 5 pet. sterkte. (Red.)

(1) Zie, nopens den accijns, welke geheven wordt tot een bedrag van ƒ G3.— de HL. ad 50 pet. alcohol bij 15° C., de artt. 1—3 der Wet van 20 Juni 1862, S. no. 62, V. 1863, no. 60, de artt. 1 en 2 der Wet van 1 Mei 1863, S. no. 47, V. no. 76, de Wet van 20 Juli 1884, S. no. 148, V. no. 76, en art. 1 der Wet van 23 Dec. 1886, S. no. 223, V. no. 122, zoomede omtrent het opnemen der sterkte het Kon. Besluit van 20 April 1863, S. no. 19, V. no. 78, en de Res. van 2 Mei 1863, no. 66, V. no. 86.

(2) Stropen, extracten en essences voor meiwijn, en alle andere dergelijke praeparatcn («) (è), die alcohol bevatten, zijn met accijns en invoerrecht als likeur (c) belast. Bes. April 1868, no. 51, V. no. 48.

(a) Daartoe beboeren c.a. non-essence, cognac-essence, en dergelijke. Rcs. 20 Januari 1881, no. 70, V. no. 7.

Ook de Koningsdrank van Jacöbi. Res. 14 Nov. 1872, no. 20, V. no. 120. Alsmede Crème d\'ananas. (Red.)

(b) In Weekblad no. 42 en no. 57 worden onderscheidene likeursoorten genoemd.

(c) Zie aant. 12 hierna.

(3) Bij Res. van 15 Juni 1853, no. 74, is te kennen gegeven, dat de vernissen verdeeld worden in wijngeest-, terpentijn- en oliev er nissen, terwijl daarbij o.a. verder is opgemerkt, dat vernissen, uit schellak en terpentijn bestaande, in den regel tot hunne samenstelling, gedistilleerd of alcohol behoeven, waarom de vernissen, waarin schellak\' wordt gevonden, gewoonlijk tot de wyngeestvernissen behooren.

Vernissen, met olie bereid, worden belast als Verfwaren, in olie gewreven. Bes. 29 Januari 1863, no, 71, V. no. 29.

Brassolinc-, Enamel ine- en Fcrro linc-v er n is sen behooren tot de met alcohol bereide vernissen. (Red).

(4) Onder de in den post Gedistilleerd genoemde vernissen wordt ook gerangschikt de vloeistof, bestaande uit een mengsel van harsachtige stof en gedistilleerd en bestemd tot het vernissen der binnenzijde van biervaten. (Red.)

Alsmede IToutbijts. Zie aant. 1 op dat artikel. (Red.)

(5) Krachtens Kon. besluit van 1 Nov. 1886, S. no. 178, V. no. 99, kan vrydom van accijns (a) worden verleend voor buitenlandschc vernissen, vervaardigd met gemethyleerd gedistilleerd.

Zie hierbij ook aant. 14.

(a) Het verschuldigd invoerrecht te berekenen naar eene sterkte van 90 pet., tenzij deze nog meer bedraagt. Verg. aant. 12 hierna. (Red.)

(6) Bijv. Balsem, Chemicaliën, Eau des car mes, Verfwaren, enz.

(7) Zie, nopens de welriekende oliën, welke geen 5 pet. alcohol bevatten, de rubriek Beuk- en parfumeurswaren en de daarop aangeteekende Res. van 11 Maart

1872, no. 53, V. no. 24, waarbij mede de wijze vermeld wordt, waarop het alcoholgehalte kan worden opgenomen.

Bij invoer van Naturaliën, zooals visschen, amphibiën enz. op spiritus, wordt van het gedistilleerd recht en accijns geheven. (Red.)

Zie echter aant. 15 hierna.

(8) Zie, nopens den vrijdom van invoerrecht en accijns voor scheepsprovisie, art. 5, en voor handelsmonsters, aant. 2 op art. 3 dezer Tariefwet.

(9) Zie, nopens kleine voorwerpen, gevuld met alcoholisch reukwater, de res. van 20 Febr. 1869, no. 13, V. no. 21, van 5 Januari 1872, no. 46, en van 22 Sept.

1873, no. 42, opgenomen in de aantt. 3 en 4 op Reuk- en parfumeurswaren.

(10) Omtrent de kenmerken, waardoor de aethers of essences van andere vloeistoften zijn te onderscheiden, is bij Min. missive van 30 Mei 1879, no. 30, het volgende medegedeeld:

Volgens het Kon. besluit van 17 Mei 1877, S. no. 106, V. no. 53, worden de samengestelde aethers of zoogenaamde vruchten-essences, die vroeger, blijkens de vervallen 2e noot op art. 9 der Wet van 1 Mei 1863, S. no. 47, quot;V. no. Bijgewerkte wet op het gedistilleerd, Off. uitgave, blz. 172, naar het alcoholgehalte waren belast, thans gerangschikt onder de „verdere uit of met alcohol bereide stoffen.quot;

Er bestaat somtijds bij de ambtenaren twijfel, of vloeistoffen, die men onder den naam van aether aangeeft, al dan niet tot de hierbedoelde samengestelde aethers of zoogenaamde vruchten-essences behooren.

Ik heb daarom den Adviseur voor wis-, natuur- en scheikundige zaken geraadpleegd, omtrent de kenmerken, waardoor die aethers of essences van andere vloeistoften zijn te onderscheiden.

Ook omtrent de kenmerken van chloralhydraat heb ik het noodig geacht, de voorlichting van dien Adviseur te vragen, daar ik reden heb om te vermoeden, dat deze specie wel eens onder een anderen naam is ingevoerd.

-ocr page 75-

GED.

134

138

A K T I K E J. E N.

Maatstaf

Hechten.

ÜEG. ontvangt hierbij een uittreksel van dat advies (a), met verzoek de betrokken ambtenaren in uwe Inspectie zooveel noodig dienovereenkomstig in te lichten.

(«) Bedoeld advies van 13 April 1879, no. 03, luidt aldus:

De samengestelde aethers of vruchten-essences, bedoeld bij het Kon. besluit van 17 Mei 1877, S. no. 10G, V. uo. 53, z\\jn door de volgende kenmerken van andere vloeistoffen te onderscheiden.

Zij bezitten een duidelijken geur van vruchten en worden in den handel gebracht onder den naam van die vrucht, met welke zij in geur het meest overeenkomen. Bijv : peren-, perziken-, aardbeziën-, ;inanas-aether.

Ook salpeter-aether (nitris aethylicu.s, aether nitrosus, spiritus nitri dulcis) en azijn-aether (acetas aethylicus, aether aceticus) behooren tot de samengestelde aethers en hebben dan ook een duidelijken vruchtengeur, hoewel zij, lang vóór de overige bekend en gebruikelijk zijnde geweest, hunne oude namen hebben behouden en niet vruchtenessences genoemd worden.

Overigens zijn deze vloeistoffen alle kleurloos of lichtgeel, brandbaar, meestal met water volkomen mengbaar en bij verdamping geen overschot terug latende.

Met drieërlei andere vloeistoffen zouden deze samengestelde aethers of vruchtenessences kunnen worden verward:

lo. Met aether zonder byvoegelijk naamwoord, ter onderscheiding daarom ook wel enkelvoudige aether genoemd. In de pharmacie, waar deze stof het meest wordt aangewend, heet zij aether sulfuricus of zwavel-aether.

De overeenkomst in naam van dit artikel met de voorgaande heelt daarop zijn grond dat de aethers alle worden gestookt uit alcohol en zwavelzuur. Dit mengsel zonder meer geeft den enkelvoudigen aether; met toevoeging van zuren of zuurvormende stoffen, de samengestelde aethers.

Het onderscheidend kenmerk van den aether is gelegen in zijn geur, die niet die van eene vrucht is, maar als bekend mag aangenomen worden uit den geur van de Hoffman\'s druppels, die uit een mengsel van aether en alcohol bestaan. Voorts is de aether altijd kleurloos, veel vluchtiger en veel brandbaarder dan de samengestelde aethers en niet met water mengbaar.

2o. Met de aetherische of vluchtige oliën, ook wel, en bepaaldelijk in het Fransch, „essencesquot; genaamd. Zij worden in don regel door distillatie van plantendeelen met water verkregen.

Haar onderscheidend kenmerk is de olieachtige natuur, tengevolge waarvan zij op papier vetvlekken maken, die echter na eenigen tijd door vervluchtiging weder verdwijnen. Overigens hebben zij in zeer sterke mate den geur van de plantendeelen, waarvan zij afkomstig zijn, laten zich met water niet vermengen en zijn wel brandbaar, maar veel minder vluchtig dan aether.

3o. Met de kruiden-essences, die gebruikelijk zijn voor het maken van zoogenaam-den kruidenwijn, meiwijn en dergelijke en ook naar dit gebruik worden genoemd: meiwijnessence, enz.

Dit zijn óf aftreksels van geurige plantendeelen met alcohol óf alcohol met die plantendeelen gedistilleerd.

Haar onderscheidend kenmerk is de geur. Overigens zijn zij gewoonlijk geelachtig, maar kunnen ook opzettelijk gekleurd zijn. Daar zij bijna uitsluitend uit alcohol bestaan, hebben zy al de overige eigenschappen van dezen. Voor de administratie is de onderscheiding tusschen deze kruiden-essences en de vruchten-essences waarschijnlijk het moeilijkst, maar ik geloof, dat hier de naam, het opschrift en de verpakking genoegzame aanwijzing opleveren. Immers zijn deze kruiden-essences tot dadelijk gebruik in de huishouding bestemd, terwijl de vruchten-essences door likeurstokers en suikerbakkers worden aangewend.

■Wat chloralhydraat betreft, dit doet zich nooit anders voor dan als een kleurlooze (zoogenaamd witte) vaste stof, die min of meer duidelijk gekristalleerd is en een eigen-aardigen, niet te omschrijven, maar met dien van geene andere stof te verwarren geur van zich geeft. Chloralhydraat lost zich voorts in water op en als deze oplossing wordt vermengd met kali- of natronloog,- dan verdwijnt de geur van chlorolhydraat en maakt plaats voor den welbekenden geur van chloroform.

(11) Het invoerrecht moet worden berekend met inachtneming van art. 8 (rlt;) der Tariefwet, over de hoeveelheid, verkregen bij herleiding tot de sterkte van 50 pet. (^). Zie de Res. van ll Juli 1866, no. 140, in aant. 7 op art. 9 der Wet V. 1863, no. 76.

(a) Volgens dit artikel worden onderdeelen van een liter als een volle liter in rekening gebracht, en breuken van centen voor heele centen genomen.

(fc) In verband met het le lid der Bijz. Bepaling hiervoor opgenomen is onder deze herleiding te verstaan die volgens de accijnswet, zoodat dus voormeld art. 8 der Tarief-wet in dezen alleen toepasselyk is, wanneer de hoeveelheid, na die herleiding, minder dan 1 HL. bedraagt. (Verg. art. 3, § 4, der Wet, V. 1863, no. (gt;0). Res. 21 Juli 1888, no. 77, V. no. 89.

Een gevolg hiervan kan zijn, volgens eene opmerking, voorkomende onder het Mengelwerk in het Jaarboekje van 1890, blz. 189, dat van eenzelfde partij gedistilleerd de accijns over eene andere hoeveelheid berekend wordt als hot invoerrecht: b.v. er wordt ingevoerd 17,5 L. ad 50,1 pet. = 19,035 ad 50 pet. Nu wordt de accijns berekend naar 19,0 L., volgens art. 3, § 4 der accijnswet; doch het invoerrecht naar 20 L., overeenkomstig art. 8 der Tariefwet. Voor 102,5 L. ad 48,8 pet. = 100,04 L. ad 50 pet., wordt accijns rn recht berekend naar 100 L. Voor 21 L. ad 47,7 pet. = 20,034 L. ad 50 pet. wordt de accijns naar 20 L. en het invoerrecht naar 21 L. berekend.

In Weekblad, nos. 1120 en 1128 wordt de meening voorgestaan, dat het invoerrecht voor de laatstbedoelde partij van 20,034 L. ad 50 pet. niet berekend moet worden over 21 L., maar evenals de accijns over 20 L.

In de Fiscus, nos. 91 en 517 komt dezelfde opvatting voor.

-ocr page 76-

GED.

136

135

A II T I K E L E N.

Maatstaf.

Hechten.

(12) Art. 2 der quot;Wet van 1 Mei 1803, S. no. 47, V. no. 70, luidt aldus:

§ 1. Met afwijking van de voorschriften, bedoeld bij art. 3, § Ir, der Wet van 20 Juni 1802, S. no. 02, V. 1803, no. 00 worden:

a. de buitenlandsche zoete likeuren (a) beschouwd eene sterkte te hebben van vï)f-en-zeventig percent;

b. met buitenlandsche zoete likeuren gelijkgesteld alle gedistilleerde of uit gedistilleerd bereide geestrijke dranken, ingevoerd op flesschen of kruiken, kleiner dan van twee liter\', en

c. de buitenlandsche reukwaters, vernissen en andere [h) bij art. 2, lett. h, dier Wet bedoelde vloeistoffen, beschouwd eene sterkte te hebben van negentig percent.

§ 2. Wordt evenwel, bij opneming, volgens art. 3 der voormelde wet, waartoe de ambtenaren steeds bevoegd zijn, eene hoogere dan de onder a of c vermelde sterkte bevonden, dan geschiedt de herleiding, volgens dat wetsartikel, naar de bevonden sterkte.

§ 3. Insgelijks is de invoerder bevoegd, om bij de aangifte, volgens art. 120 der Alg. Wet van 20 Aug. 1822, S. no. 38, te zijnen koste het opnemen van de juiste sterkte der on Ier § 1c van dit artikel vermelde vloeistoffen, met uitzondering van de reukwaters, en het verrichten van de herleiding naar de sterkte te vorderen, mits de invoer in geen geringere hoeveelheid dan van twee hectol. en op fust, of in flesschen van minstens vijf-en-tivintig liter geschiede, op de losplaatsen of kantoren van betaling, hiertoe in het bijzonder aangewezen (r).

{a) Hiertoe behoort o.a. Sirop de quinquina closé (Kinastroop). Res. 14 Nov. 18(\'.6, no. 30, opgenomen in aant. 3 op art. 2 der Wet van 1 Mei 1863, S. no. 47, V. no. 70. j

Zie ook Sagrada-ivijn.

(b) Dat zijn: alle andere met alcohol bereide vloeistolfon, geene dranken zijnde, voor zoover zij meer dan ö pet. zuiveren alcohol bevatten.

(c) Deze losplaatsen en kantoren van betaling zijn aangewezen bij Kon. besluit van i 13 Mei 1803, S- no. 5i), V. no. 77.

Voor de vloeistoffen, die volgens de res. van 1-1 April 1808, no. 51, V. no. 48, en 20 Januari 1881, no. 70, V. no. 7, met likeur zijn gelijk te stellen {d) moet, evenals voor de likeuren zeiven, onderscheid worden gemaakt of zij al dan niet verzoetend\'\' bestanddeelen bevatten. In het laatste geval is (bovenaangehaald) art. 2, § la, der wet van 1 Mei 1803, S. no. 47, V. no. 70, niet van toepassing en moeten dus, behoudens het bepaalde bij letter h dier paragraaf, de accijns en het invoerrecht berekend worden naar de werkelijke sterkte. Bes. 5) Juni 1893, no. 30, V. no. 00.

(d) Namelijk: essences, extracten en stropen voor Meiwijn en alle andere dergelijke praeparaten, die alcohol bevatten, alsmede cognac- en rumessences.

(13) Van ahsolaten alcohol wordt de accijns en het invoerrecht berekend naar het werkelijk gehalte, lies. 0 Aug. 1804, no. 11, opgenomen in aant. 1 op art. 2 der Wet van 1 Mei 1803, S. no. 47, V. no. 70, en Res. van 0 JanilSll, no. 11. 1\'. no. 54, § 2 in fine.

Bij invoer van kleine partijen absoluten alcohol, wordt het openen der flesschen gewoonlijk nagelaten, mits omtrent de hoeveelheid en de soort van de vloeistof geen gegronde twijfel bestaat. (Red.)

(14) Krachtens art. 2 der Wet van 7 Juli 1805, S. no. 80, V. no. 59, zijn bij Kon. besluit van 14 Sept. 1872, S. no. 89, V. no. 97, en de Res. van 3 Oct. 1872, no. G, V. no. 98, bepalingen vastgesteld nopens den vrijdom van invoerrecht op houtgeest en van den accijns op gedistilleerd, dat met/iowfoyee^ vermengd is.

Zie hierbij ook aant. 5.

(15) Ingevolge art. 1 der Wet van 11 Dec. 1893, S. no. 175, V. no. 110, kan vrijstelling verleend worden van het invoerrecht voor chemicaliën, verfstoffen en andere dergelijke zelfstandigheden, benoodigd als hulpmiddel in fabrieken en trafieken, alsmede van den accijns en het invoerrecht voor gedistilleerd, aanwezig op naturaliën, bestemd voor instellingen van onderwijs in de natuurkundige wetenschappen.

Bij Kon. besluit van 30 Oct. 1894, S. no. 109, V. no. 100, gewijzigd bij dat van 5 Juli 1897, S. no. 171, V. no 75, zijn bepalingen vastgesteld omtrent de vrijstelling van invoerrecht voor azijnacther en aether sulfuricus, benoodigd bij do vervaardiging van rookzwak buskruit,

bij Kon. besluit van 11 Maart 1890, S. no. 35, V. no. 30, voor aether sulfuricus, benoodigd bij de vervaardiging van glansgoud, bestemd tot het versieren van porselein en aardewerk,

bij Kon. besluit van 23 Febr. 1897, S. no. 07, V. no. 37, voor paraffine-olie, vereischt voor de vervaardiging van chinine,

bij Kon. besluit van 8 Mei 1897, S. no. 145, V. no. 59, voor anilineolie en bij Kon. besluit van 30 Maart 1898, S. no. 70, V. no. 40, voor azijnzuur-anhydrid, benoodigd bij de vervaardiging van vanilline.

Zie voorts, nopens de voorschriften omtrent de vrijstelling van accijns en i invoerrecht voor het gedistilleerd, aanwezig op naturaliën, het Kon. besluit van i 17 Aug. 1894, S. no. 143, V. no. 85, en de Res. van 10 Sept. d. a. v. no. 7, | V. no. 80.

(10) Voor de statistiek te splitsen in:

Gedistilleerd, Rum, arak, enz. (a);

-ocr page 77-

GEE. — GEM.

188

A R T 1 K E L E N.

Gedistilleerd. Likeuren (a);

„ Eeukwater (a);

„ Vernissen en verdere onder het gedistilleerd gerangschikte vloeistoffen (rt);

„ Aether sulfurieus, chloroform en andere daarmede overeenkomende

uit of mot alcohol bereide stoffen.

(«) Voor dc Statistiek van don in- en uitvoer naar hot aantal liters te vermeldon, c. q. na herleiding tot 50 pet. Res. \'Jii Mei 1s63, ho. 102, V. nu. 85.

GEELHOUT, als Verfhout ; zie Hout. Renvooi, Wet 1854 .... GEEL- of AVIGJfONZAAD, als Verfwaren. Renvooi, Wet 184.quot;). GEEST VAN ZOUT, als Chemicaliën. Renvooi, Wet 1822 .... GEFKIEKZOUT, bestaande uit chloormagnesium, chloorkalium,

chloornatrium en water, als Chemicaliën. (Red.).......

GEITEN (1). Zie Bokken en geiten.............

(1) Zie, nopens het verbod van invoer, aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet.

GEITENHAAR, als Haar. Renvooi, Wet 1822.

GEITENHORENS, als Horens. Renvooi, Wet 184-1.......

GEITE VELLEN, onbereide. Zie aant. C op Huiden, vellen en leder. GEKRISTALLISEERDE SODA, nis Potasch; zie Asschen. Ren.

25 Maart 1853, na. 42, V. no. 44, en Renvooi, Wet 1854 .....

GELATINE, als Lijm (1). Res. 29 April 1858, no. 100......

(1) In elke verpakking vrij van invoerrecht toe te laten. Res. 18 Xov. 1892, no. 24, V. no. 108.

GELDBEURZEN, als Kramerrj. Tienvooi, Wet 184-5.......

GELD. Goud- en zilver —. Zie Goud en zilver, gemunt. Renvooi,

Wet 1845 .............quot;.......

„ Koper —. Zie Koper, gemunt. Renvooi, Wet 1845 .... GELE AARDE, geen oker zijnde, als Verfwaren. Renvooi, 11X1845. GELE BESSEN, als Verfwaren. Renvooi, Wet 1845. GELEE-PULVER (1), als Koek- en banketbakkerswerk. (Red.).

(1) Dit artikel bevat eene zeer aanzienlijke hoeveelheid suiker. (Eed.)

GELEI van aalbessen, (de aalbes in suiker tot moes gekookt cn hoofdzakelijk ten gebruike voor koekbakkers bestemd), als Koeken banketbakkerswerk. Res. 19 Maart 1863, no. 77, V. no. 58, en 8 Sept. 1870, no. 50, V. no. 128, § 6, opgenomen in aant. 1 op

art. 2 der Wet, V. 1870, no. 127..............

GELOOIDE HUIDEN. Zie Huiden, bereide. Renvooi, Wel 1845 . .

GEMBER, GECONPIJTE (1—3)...............

(1) Hoe ook verpakt, zelfs in luchtledige bassen. (Ked.)

(2) Geconfijte gember, met suiker geglaceerd («), kan niet met eenvoudig geeonfljte gember worden gelijkgesteld, maar wordt onder Koek- en banketbakkerswerk gerangschikt. (Ked.)

(«) Het z.g. glaceeren geschiedt door suikerbakkers, kennelijk om het artikel eene hoogerc waarde te geveu. (Red.)

(3) Droog geeonfljte gember, in blikken doozen, wordt als geconfijte gember belast. Deze gember is niets anders dan gewone geconfijte, die uit de stroop genomen, aan onregelmatige stukjes gehakt en eenigszins gedroogd is. Het artikel is wel te onderscheiden van de met suiker geglaceerde gember, die in regelmatige stukjes voorkomt en in houten doozen is verpakt, (lied.)

quot;GEMBER, droge. Wet 1862, en Res. 10 Oct. 18G2, no. 105, V. no. 105, Ia. GEMBER-ESSENCE, een eenvoudig alcoholisch aftreksel van gemberwortelen, dat het karakter mist van samengestelden aether, als

Likeur; zie Gedistilleerd. (1) (Red.) ...........

(1) Zie, nopens de berekening van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

GEMBERSTROOP, als Stroop; zie Suiker (1). (Red.).....

(1) Nopens de heffing van accijns zie men aant. 2 op Suiker. GEMETHYLEERD GEDISTILLEERD. Zie aant. 14 op Gedistilleerd, in verband met art. 7, 2e lid van het K.B. van 14 Sept. 1872, S. no. 89, V. no. 97.

GEMUNT GOUD EN ZILVER. Zie Goud en zilver, in staven, enz. GEMUNT KOPER. Zie Koper, plaatjes tot koperen munt . . . .

Majtstai-.

waarde

100 kgr.

100 kgr.

100 kgr. 1 f 6.00

de HL. ad 50 pet.

Vrij Vrij

-ocr page 78-

GEN. — GER.

140

139

I

A li T I K E L E N.

Kechteu.

Maatstaf.

GENEESMIDDELEN (1). Zie aant. 1 op Chemicaliën, niet afz. belast, geen gedistilleerd of alcohol bevattende......

(1) Zie hierbij o.a. ook Agatinum, Avthma-pocder, Cuhebc, Ilaema-togen, IJzertinctinir, Jodo To unique Sir op, Keating* Cough Lozenges, Kina, Kreuznacher iSalz, Levertraan, Pastilles, Quinine, Sulfas Thalkin, Violenstroop en Wormpatronen.

Een in de apotheken en niet in de galanteriewinkels verkrijgbaar middel tegen den lintworm, wordt vrij van invoerrecht toegelaten. (Bed.)

Ook wordt geen invoerrecht geheven van een geneesmiddel, bestaande uit levertraan en melk, met eene niet noemenswaardige hoeveelheid alcohol en zonder suiker. (Red.)

Homoeopatischc yenee smid delen, in poeder- of korrelvorm, zijn in elke verpakking vrij van invoerrecht. In vloeibaren staat bevatten zij in den regel eene belangrijke hoeveelheid alcohol en is recht en accijns verschuldigd als van (ledistiUeerd ter sterkte van 90 pet. (a). Bij invoer in sierlijke kistjes, tasschen of dergelijke emballage is deswege naar het hoofdbestanddeel, houtwerk, lederwerk, enz., een recht verschuldigd van 5 pet. der waarde, (lied.)

(a) Zie aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

„ bereide, zoowel verkrijgbaar in galanteriewinkels als in de apotheken en drogistwinkels, (2) (3) als Kramerij. lies. 28 April 1866, no. 71. V, no. 61, en 14 Nov. 1866, no. 3i), F. no. 164, Se lid (4).................

(2) Holloway-pillen en zalf, in doosjes en potjes, worden echter als vrijgesteld aangemerkt; alsmede de z.g. Wonderzalf, in potjes, als niet verkocht wordende in galanterie- en dergelijke winkels, noch door rondtrekkende marskramers. (Red.)

Capsules, gevuld met geneesmiddelen, zijn evenals ledige capsules, niet aan invoerrecht onderworpen. Res. 23 Aug. 1889, no. 2, V. no. 84.

(3) Antipurine kan in elke verpakking vrij van invoerrecht worden toegelaten, lies. 3 Januari 1889, no. 15, V. no. 2.

(4) Zie hierbij aant. 7 op den post Kramerij.

GERAAMTEN. Zie Skeletten...... ........

*(7) GEREEDSCHLAPPEN van hout, ijzer, koper, staal of

andere (1—3), alsmede landbouwgereedschappen (4—6), vervalt.

Wet 1877 ......................

(1) Gereedschappen van spiauter of zink zijn belast met een recht van ö pet. der waarde; zie den post Spiauter of zink. Res. 19 Nov. 1886, ?io. 15, V. no. 105. Zie nopens landbouwgereedschappen van spiauter of zink aant. 4 hierna.

Ook kunnen niet als vrijgesteld gereedschap worden aangemerkt suikerbakker svormen en aambeelden, als zijnde genoemd in de tariefposten Aardewerk en Ijzerwerk. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, j\'. no. 96.

(2) Onder de vrijstelling zijn te begrijpen alle geheel afgewerkte gereedschappen, welke den werkmansstand dienen als hulpmiddel bij den arbeid; ook naaimachines zijn daardoor voortaan vrij van invoerrecht. Voorts ook gedeelten van gereedschappen, als hamers, spaden, enz., zonder steel («), beitels zonder handvat, boorzwengels zonder boorijzer, enz. {b), mits zich in dien toestand bevindende, waarin zij door den arbeidenden stand in de winkels plegen te worden gekocht en dus zonder verdere bewerking dan het aanhechten van den steel, liet handvat, enz., het inzetten van het boorijzer, enz., voor het gebruik geschikt.

Als Kramerij blijven belast die artikelen, welke in de noot, behoorende bij die rubriek, met name zijn genoemd, en andere dergelijke voorwerpen welke in den regel in galanterie- of speelgoedwinkels of door rondreizende marskramers te koop worden aangeboden; terwijl ook de rubriek Instrumenten en wat daartoe behoort onveranderd blijft. Res. 6 Juni 1877, no. 71, V, no. 54, § 3.

(a) Ook stelen zonder hamer worden vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.)

(b) Blijkens de Res. van 19 Nov. 188G, no. 15, V. no. 105, blijven voormelde voorwerpen voortdurend ais gereedschap onbelast.

(3) De vrijstelling is slechts toepasselijk op voorwerpen, die den werkmansstand (met inbegrip van de landbouwers) als hulpmiddel bij den arbeid («) dienen. Niet echter op al zoodanige voorwerpen, maar meer bepaaldelijk op die, welke de werkman met zich voert, althans in zijn bezit heeft, en die gemeenlijk zijn eigendom zijn, in tegenstelling met de meestal grootere voorwerpen, die hij ter plaatse van zijn arbeid aantreft, en welke in den regel door den arbeidgever tot tijdelijk gebruik worden verstrekt (heitoestellen, kaapstanders, hyschtoestel-len, tonmolens, lieren enz.) [b). Vrij van invoerrecht kunnen echter niet worden toegelaten die gereedschappen, welke niet alleen door den werkman bij zijn arbeid, maar ook voor andere oogmerken worden gebezigd, en waarbij dit laatste gebruik het eerste verre overtreft, bijv.: gewoon kookgereedschap (potten, pannen en ketels) \'t welk ook in verschillende beroepen en bedrijven wordt gebezigd.

Vrij

waarde

.r) pet.

Vrij Vrij

-ocr page 79-

GER.

141

142

A K T 1 K E L E N.

Maatstaf.

Rechten.

Bij twijfel over de rangschikking kan de beslissing van den Minister worden ingeroepen, terwijl in afwachting daarvan het goed tegen zekerheid voor het recht van 5 pet. der waarde zijne bestemming kan volgen. Ees. 10 Nov. 1886, no. 15, V, no. 105.

(cr) Hieronder zal moeten worden verstaan handenarbeid, (lied.)

(b) Hoewel geen gereedschap, knnnen de hier bedoelde grootere voorwerpen toch uit anderen hoofde vrij zijn, bijv. als Fabricks- of als TMndbonwwerktuigen. Res. 19 Nov. 188G, no. 16, V. no. 105.

Ook wordt de onderhavige res. geacht geene verandering te brengen in den steeds gevolgden regel, dat werktuigen, welke alleen door stoom kunnen worden in beweging gebracht, als behoorende onder den post Fabriehsn\'erktuigon, vrij van Invoerrecht zijn. «lied.)

(4) Landbouwgereedschappen zijn vrij van invoerrecht, ook dan, wanneer ze van spiauter of zink zijn vervaardigd. Hes. 25 April 1889, no. 17, 1\'. no. 37.

(5) Het is voor de vrijstelling als landbouwgereedschap niet voldoende, dat voorwerpen bestemd zijn om bij de zuivelbereiding gebruikt te worden, of als zoodanig worden aangegeven, üm vrij van invoerrecht te kunnen worden toegelaten, moet de bijzondere bestemming der voorwerpen uit hunne inrichting blijken. Zoo zijn o.a. vertind of gegalvaniseerd ijzeren schalen, kannetjes, emmers zonder zeef, ijs- of warmwaterbussen en dergelijke als Uzcrwcrk, Kopenverk, enz. belast, al noemt de invoerder die melk- of roomschalen, melkemmers, enz., terwijl melktransportkannen, kenbaar aan hare sluiting, toestellen tot het meten der terug te zenden afgeroomde melk in zuivelbedrijven en melkmeetemmers met schaal vrij van rechten kunnen worden toegelaten. Bes. 4 Der. 1891, no. 45, V. no. 117.

(G) By de Res. van 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96; 80 Nov. 1877, no. 85, V. no. 106; 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105, en 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124, zijn lijsten gegeven van voorwerpen, die al of niet als gereedschap van invoerrecht zijn vrijgesteld. Ten opzichte der landbouwgereedschappen moet daarbij echter in het oog worden gehouden, dat de bijzondere bestemming voor de zuivelbereiding uit de inrichting moet blijken; anders toch zijn de opgenoemde voorwerpen belast. Zie lies. 4 Dec. 1891, no. 45, V. no. 117, opgenomen in aant. 5 hiervoor.

Ah onbelast zijn genoemd:

Bankschroeven (a);

Blikken melkemmers met daarin aangebrachte zeef (/gt;), (zie ook aant. 5);

Blikken oliekannen voor het smeren van stoomwerktuigen, naaimachines, enz. («);

Breimachines (a);

Dommekrachten (a) (c);

Duimstokken voor timmerlieden en der-gelpe (lt;Z);

Pranjemachines, dio met de hand be-wogen worden {d);

Glazenmakersdiamanten (d);

Graveerstiften {b);

Hakbylen voor vleeschhouwers (6);

Hakvormen voor schoenmakers (d);

Handklemschroeven (6);

Handmolens om granen te malen («);

Hegscharen (a);

Houten modellen voor hoeden (o);

Kerfmessen (d);

Koevoeten (d);

Kurksnijdersmessen (lt;/);

Lampen om te soldeeren, om gereedschap te verwarmen en dergelijke (d);

Mangels (a);

Melkkoelvaten, ijzeren roomkommen en schalen, roomstangen of afroomle-pels (d);

Mutsenbollen («);

Naaimachines (e);

Naalden voor naaimachines (a);

Plamuur-, temper-, schrap- en stopmessen, benevens kammen voor ververs (d);

Pietmolens en pietwerktuigen, met de hand bewogen wordende (a);

Plooimachines, die met de hand bewogen worden ((7);

Schaafbanken (a);

Schietlooden (t?);

Schoenmakersleesten (a);

Schroefdraaiers (a);

Schroefsleutels (d) (ƒ);

Schroefstokken (ijzeren) (a);

Slijpsteenen in waterbakken {a);

Slijpsteentjes voor zeisen {d);

Smederyen (draagbare), z.g. veldsmidsen; aambeelden daaronder niet begrepen (a) (lt;j);

Smidsblaasbalgen («);

Smidsstaik- of zaalblokken («);

Smidsvnnrmonden met waterreservoir («);

Spanen voor suikervormen (lt;i);

Strijkijzers (a);

Tangen voor gasfitters (6);

\'Tuinharken (d);

Verfmolens, met de hand bewogen wordende (a);

Vischhaken, ook dan wanneer zij niet voor de kabeljauw- en andere groote vischvangst bestemd, of aan drijftuig bevestigd zijn (A);

Vlanipijpuitzetters en vlampypvegers(J);

Voerlepels («);

Waschmachines (a);

Waterpassen voor timmerlieden, metselaars en dergelijke (lt;?);

Wringmachines, die met de hand bewogen worden (d);

Zaagbladen tot het zagen van staal en ijzer (6);

Zaagjes voor goud- en zilversmeden, horlogemakers, enz. (d) (?);

Zeisen (a);

Zeisenscherpers (amp;); en

Zichten (a).


-ocr page 80-

GER.

144

143

A K T 1 K E L E N.

ia) Als vrijgesteld opgenoemd bij de res. van 22 Oct. 1877, nu. 25, V. no. 96, bevestigd bij de res. van 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105.

(b) Alsvoren bij de res. van 5 Dee. 1890, no. 20, V. no. 124.

(c) Draaibanken, als vrijgesteld gereedschap genoemd in de res. van 22 Oct. 1877

luerli tuifjen. Zie res. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124, alsmede het artikel Draaibanken.

(d) Opgenomen in de lijst, gegeven by res. van 19 Nov. 188G, no. 15, V. no. 105.

(e) Vrijgesteld bij res. van G Juni 1877, no. 71, V. no. 54, § 2, bevestigd bij res. van 19 Nov. 188G, no. 15, V. no. 105.

(f) Ook schroefsleutels voor velocipedes worden vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.) {(j) Zie hierbij aant. 1 op Veldsmidsen.

Aambeelden worden uitdrukkelijk als belast genoemd onder den post Uzer, ijzer-irerk. Zie mede aantt. 3 en 4 aldaar.

(h) Vrijgesteld bij res. van 30 Nov. 1877, no. 85, V. no. 106, bevestigd bij res. van 19 Nov. 188G, no. 15, V. no. 105.

(i) Ook z.g. loofzaagjes voor goud- en zilversmeden, (lied.)

Daarentegen zijn ah belast opgenoemd de navolgende voonrerpm :

Aambeelden, als genoemd onder de rubriek Ijzerwerk ij) (m);

Aambeeldjes voor goud- en zilversmeden, enz. (/;);

Amandelpelmachines (/);

Amandelwrijfmachines (A*);

Automatische toestellen voor het wegen van graan (/j);

Bakken met toebehooren tot lossing en lading van gestorte granen, enz. {I);

Bascules (ook die om vee te wegen), belast zijnde naar het hoofdbestanddeel als Hout-, Uzer\' of Koper werk. {j) (amp;);

Boekbinderswerktuigen, als : draad-hechtmachines, snymachines, schuin-snede- en verguldpersen, cirkel- en ovaaltrekkers, enz. (Z:);

Bondels en ijzeren sluitingen voor vaatwerk (^);

Boorijzers voor putboring (/);

Boormachines (met handbeweging) (A*);

Brandijzers voor het branden van sigarenkistjes (/);

Buigmachines voor blikken platen (met handbeweging) (/;);

Draaibanken, behalve de groote voor fabrieken (met stoom- of soortgelijke beweging) (k) (ri);

Gereedschappen van spiauter of zink, als uitdrukkelijk genoemd onder den post Spiauter of zink ij);

Gewone naainaalden, als vermeld in de Bijv. Bepaling op den post Kra-merij 01;

Hefboomblikscharen {k);

Hijschtoestellen, handlieren, takels, blokken en schijven (£);

Horlogemakerswerktuigen, als: machines om raderen te snijden en af te ronden, tappen af te draaien, enz. (Zr);

Klemschroeven, groote, voor scheepstimmerlieden (/.*);

Knoopvormen. Machines tot het be-kleeden van — (A);

Koffiebranders en koffiemolens voor huiselijk en voor winkelgebruik (/); Koffiesorteermachines (/);

Koolsnij- of schaafmachines (£);

Leder. Werktuigen tot het pletten en snijden van leder voor schoenmakers (z.g. schalmmachines) en dergel ijke(A.\'); Leerlooiersmessen (ook tot ander gebruik geschikt) {k);

Lintzaagbanken (met handbeweging) (/.*); Melkonderzoekers of separators (o); Papier. Werktuigen tot bepaling van het

weerstandsvermogen van — {k); Papiersnijmachines (met handbewe-ging) (i-);

Pijpsnijders, snijijzers met toebehooren, snijbanken, tappen en dergelijke (/.•); Ponsmachines (met handbeweging) (/.\'); liatel- en spiraalboren (/.■);

Eegnlators voor smidsbalgen (A-); lluimers (/;);

Schrijfmachines (i);

Schroefpersen voor patroonhulzen (/): Spanschroeven (A-);

Stempehverktnigen (om te nomineren

of te folieeren) ij); Snikerbakkersvormen, zoo nieuwe als gebruikte, genoemd in de rubriek PoUenhakkcrswerh, onder den post Aardewerk {/):

ïabaksnijmachines (met handbeweging) (i-);

Tabakspersen (/);

Toestellen om Üesschen schoon te maken, te spoelen, te vullen, te kurken en te capsuleeren, of om kurken te branden {l);

Toestellen om steenkolen of cokes te

breken of te kloppen (/); Verstekzagen {k);

Vleeschhakblokken (A*); Vleeschhakmachines (/); Vruchtenpersen (/); en Worststopmachines (met handbewe-

ging) (\'O-

ij) Zie res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96.

(A) Als belast opgenoemd bij de res. van 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124.

(/) Alsvoren bij do res. van 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105.

(m) Zie hierbij ook aantt. 3 en 4 op Uzer.

(n) Verg. ook noot c biervoor op het eerste gedeelte dezer aant., alsmede het artikel Draaibanken.

(o) Deze komen als belast voor in de lijst gegeven bij res. van 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124. Blijkens res. van 4 Dec. 1891, no. 45, V. no. 117, worden bedoeld die melk-

Maatstaf. Rechten.

-ocr page 81-

GEB. — GIS.

145

146

A It TIKE L E N.

onderzoekers, welke bestemd zijn om het gehalte van de melk te bepalen. Zij worden gerangschikt onder den post Instrumenten en belast met 5 pet. der waarde.

Melkseparators, bestemd om bij de zuivelbereiding den room van de melk af to scheiden, zijn daarentegen als Lcindhouwwerktuigen vrij van invoerrecht.

(7) Voor de Statistiek van den invoer naar de waarde op te geven. (Eed.)

GEREEDSCHAPPEN van spiauter of zink (1). Zie den post Spiauter of zink.......................

(1) LandboxLwgcrcc.dscliapiicu van spiauter of zink zijn vrij van invoerrecht. Zie den post Gereedschappen, benevens aant. 4 aldaar.

GERST, als Granen en peulvruchten. Renvooi, 11gt;/1845, fn Wet 1877. GERSTE- EN RIJSTMEEL van Groult Jr. te Parijs (crème d\'orge en crème de riz), als Aardappelenmeel-fabrikaten, niet afz.

belast. (Red.).....................

GESCHUT. Zie den post Ammunitie.

GESPEN, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaliny op dien post. . . .

GESPONNEN HAAR. Zie den post Haar..........

■quot;quot;GEST. Wet 1862 ...................

GESTEENTEN. Valsche —, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op

dien post....................

„ Edele —. Zie Juweelen..............

GESTTABLETTEN. (Red.)................

GEVESTEN voor degens of sabels, gemonteerd of ongemonteerd.

Zie den post Ammunitie, allerhande, enz..........

GEVOGELTE. Zie den post Wild en gevogelte.......

„ in luchtledige trommels of bussen bereid of ingelegd. Zie den post Koek- en banketbakkerswerk . . ... . . GEWASSEN (1), als aardbeziën, meloenen en ananassen en dergelijke, als Vruchten, alle versche, enz., niet afz. belast. lies. V2 Mei 1858, no. 39, V. no. 48.

(1) Zie, nopens den vrijdom van invoerrecht voor gewassen, gewonnen in do nabijheid der grenzen, art. 6, lett. ƒ dezer Tariefwet.

GEWAST KATOENEN DOEK, bij het stuk ingevoerd wordende, in onderscheiding van tafelkleeden, als Manufacturen. Hes. 10 Maart

1847, no. 52, V. no. 38.................

GEWEER. Allerhande klein schiet- en handgeweer, enz. Zie den

post Ammunitie...................

GEWEERKOGELS. Zie den post Ammunitie, allerhande, enz. . . GEZONDHEIDSKOFFIE. Zie Koffiesurrogaten.

GIERPOMPEN, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. van 0 Oct. 18(32, S. no. 179, V. no. 101, art. 1, en

Wet 1877 .....................

(1) GIERST. lies. 31 Oet. 1802, no. 39, V. no. 120........

(1) Zie, nopens de Statistiek, aant. 4 op Granen.

GIETAARDE of GIETZAND. Zie onder Aarde........

GIETSELS. Glas —, als Kramerij. Renvooi, Wet 1845 ......

GI ETST UKKEN. Zie aant. 1 op Staalwerk.

GILLS. Zoogenaamde — of koperen latten of staven mot daaraan bevestigde stalen punten (1), tot het zuiveren van wol in de wolspinnerijen, als Fabriekswerktuigen. (Red.)..........

(1) Deze stalen punten worden, afzonderlijk ingevoerd, belast als Staalwerk. (Eed.)

GINGUBA. Zie Amandelen, Curagaosche —.........

quot;X\'GIPS. Gebrande of gemalen —. IIV;/ 1854 ..........

„ Ruwe —, als Kalksteen. Renvooi, Wet 1845 ......

quot;GIPSBEELDEN EN ANDERE VOORWERPEN VAN GIPS (1).....

(1) Hieronder worden ook gerangschikt holle steenen van gegoten gips, dienende tot het optrekken van binnenmuren in gebouwen. (Red.)

GIPSPLANKEN, bestaande uit riet, begoten met gips, en dienende tot het vervaardigen van plafonds en binnenmuren, enz. (Red.) .

GIPSVORMEN voor spiegelfabrikanten. (Red.).........

GIST. Zie Gest..................

Maatstaf. Rechten.

waarde

5 pet.

Vrij

100 kgr.

ƒ 2.00

waarde waarde

5 pet. 5 pot. Vrij

5 pet. Vrij Vrij

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

100 kgr.

ƒ 25.00

waarde

5 pet.

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

Vrij Vrij

waarde

Vrij 5 pet.

Vrij

waarde

Vrij Vrij Vrij

5 pet.

\'

Vrij Vrij Vrij

-ocr page 82-

GLA. — GOM.

148

147

ARTIKELEN.

«(2) GLAS en GLASWERK van alle soorten, alsmede spiegelglas,. al of nieï verfoelied (A) (1)............

Bijzondere Bepalingen.

(A) Glazen stolpen, behookende bij pendules (a) or bij vazen

met kunstbloemen, lampeballons en dergelijke, worden, wanneer zij ix geen grooter getal worden ingevoerd dan dat der voorwerpen, waartoe zlt beiiooren, en wanneer zij met deze gelijktijdig worden ingevoerd, onder die voorwerpen begrepen.

voor flesschen van buitenslands op entrepot ingevoerd, die, na in hetzelve gevuld te zijn, weder worden uitgevoerd, is het invoerrecht van Gldsicrrk verschuldigd (h).

(//) Zie don post Uitrwerken.

ih) Verg. echter aant. 1 op Einbullnye.

(1) Zie de aantt. op Chemische instrumenten, op Flesschen en op Pruimen. (Eed.)

(2) Voor de Statistiek te splitsen in:

Glas, Vensterglas van alle soorten; Glas, Glaswerk van alle soorten, en

„ Spiegelglas, al of niet verfoelied; „ Glaswerk, flesschen. (Ked.) Zie ook V. 1863, no. 22, en V. 1885, no. 10.

*(1) GLAS. Gebroken —, of gruis Viin glas. Wet 1845 ......

(1) Zie, nopens de Statistiek, V. 1863, no. 22, en V. 1885, no. 10.

„ Gesponnen —, of sc. g. glaswol (1), als Glas en glaswerk. (1) Glaswol wordt gebruikt tot filtreeren. (Ked.) (Ked.)

GLASBLAZERS VORMEN. IJzeren —, als Fabriekswerktuigen.

lies. 4 Fébr. ISCo, no. 41, V. no. .\'U, en Wet 1877 .......

GLASGIETSELS, als Kramerij. Renvooi, Wet 184-quot;).......

GLASKORALEN, als Kramerij. Zie de Rijs. Bepaling op dien post. GLASPAPIER, als Kramerij. Zie de Bijs. Bepaling op dien post . GLASPARELEN, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post. GLASPORSELEIN, als Porselein; zie Aardewerk. Renvooi, Wet 1845. GLASSNIJDERS (i). Amerikaansche —, van geringe waarde en zonder diamant, als Kramerij. (Red.).............

(1) Zie ook Glazenmakersdiamanten.

GLASWERK van alle soorten. Zie den post Glas en glaswerk. GLASWOL. Zie Gesponnen glas.............

GLAUBERZOUT, als Chemicaliën. Res. 25 Sept. 182:!, no. 142, V.

no. 150, en Renvooi, Wet 1845...............

GLAZEN. Peilglazen, niet verbonden met bijbehoorend stoomwerktuig, als Glas en glaswerk. Tarief wet R. en K., blz. 99 . . . . GLAZENMAKERSDIAMANTEN (1), als Gereedschappen. Res. 19 Nov. 1881), no. 15, V. no. 105..............

(1) Zie ook Glassnijders, Amerikaansche —.

GLAZUUR. Zie Houtglazuur en Modelglazuur.

GLAZÜURAARDE. Zie onder Aarde............

GLAZUURLOOD, als Glazuuraarde; zie onder Aarde. Renvooi,

Wet 1845 ......................

GLID. Zie Goud- en zilverglid..............

GLOBES. Elsevierglobes, zijnde landkaarten op katoen of linnen

gedrukt en op een uitzetbaar raam bevestigd. (Red.)......

GLUCINE. Zie aant. 3 op Saccharine...........

GLUCOSE, als DruivensUiker. Res. 81 Juli 18(55, no. 83, 1\'. no. (.54, § 2.

GLUNBOUTEN. IJzeren —, als Ijzerwerk. (Red.).......

(tLUSIDUM. Zie aant. 3 op Saccharine...........

quot;GLYCERINE. (Red.)..................

GLYCERINEVATEN. Nieuwe —, bestemd om hier te lande te worden gevuld en daarna weder te worden uitgevoerd. Zie aant. 1 op Emballage.

GOLDEN SYRUP. Zin onder Stroop.

GOM (1) en GOMHARS, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845 . . .

(1) Volgens de Wet van 1822 werden onder Gom gerangschikt: Scnegaalxe/ie-, Jiarbarijsche- en Arahische gom. Ammoniak, Asa foetida (duivelsdrek), Copal, Galbannm en Gutlac, Gnayac, .Vaslik, Mirrhae, Olibaimm, Sanilrak en Enphor-hiuiii. Deze artikelen behooren thans blijkbaar ook onder de Drogerijen gerangschikt te worden. (Ked.)

Maatstaf

waarde

waarde

waarde waarde waarde waarde waarde

waarde

waarde waarde

waarde

waarde

waarde waarde

-ocr page 83-

14\'.» GOM. — GOU. 15(t

AE.TIKELE N.

GOM. Kunstgom of dextrine, als Stijfsel, lies. 21 Oct. 1808, no. 25,

V. no. 108, en Wet 1877 ..............

„ Plakgom of zoogenaamde kantoorlijm, in doosjes, busjes, Heschjes of potjes ingevoerd, als Kramerij. lies. 27 Dec. 1802,

no. C5, V. 1868, no. 11...............

„ Plakgom, op andere wijze ingevoerd. Res. alsvoren .... GOM ANIMÉ en GOM ADRAGANï, als Drogerijen. Hes. 0 Mei 1828,

no. 1, V. no. 80....................

(iOM ELEMI, als Drogerijen, lies. 8 Dec. 1824, no. 4.quot;gt;, V. no. 178 . *(4) GOM-ELASTIEK (1) en GUÏTA-PEKCHA, in bladen en platen, al of niet gevulcaniseerd (2), doch geone verdere bewerking ondergaan hebbende (3). lies. 17 Aug. 1804, no. 101, V. no. 101, en Hes. 13 Hept. 1807, no. 32, V. no. 132..............

(1) Gom-elastiek wordt, volgens de van Eegeeringswege uitgegeven Statistiek, gerangschikt onder de Drogerijen. Zie aant. 1 op dien post.

(2) Gevulcaniseerd gom-elasliek in bladen (India-rubber pakkingstof) is ook dan vrij van invoerrecht, wanneer die met linnen of zeildoek is ingelegd, mits overigens geen bewerking hebbende ondergaan, lies. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96.

Zie hierbij ook het artikel Pakkingstof.

(3) AI zijn de bladen in ronden vorm, dan worden ze toch vrij van invoerrecht toegelaten. Tarief wet li. en K., bh. 173.

(4) Gom-elastiek wordt, blijkens aant 1 hiervoor en aant. 1 op Drogerijen, voor de Statistiek opgegeven onder de rubriek Drogerijen, gom-elastiek en caoatchone. Gevulcaniseerd gomelastiek wordt echter afzonderlijk vermeld onder de rubriek Gom-elastiek, gevulcaniseerd. (Ked.)

(iOMLAK, als Verfwaren. Renvooi, Wet 1845.

GOMLASÏIEKEN BUIZEN en SLANGEN, als Bewerkte voorwerpen van gom-elastiek; zie Gomlastieken Schoenen.

Res. 11 Juli 1885, no. 00, lr. na. 74..........

„ te zamen met fabrieks-, landbouw- of stoomwerktuigen of niet brandspuiten ingevoerd en blijkbaar daartoe behoorende, als gedeelten (1) van Fabrieks- en stoomwerktuigen.

lies. alsvoren...................

(1) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

(IOMLASTIEKEN DRIJFRIEMEN. Res. 20 Aug. 1883, no. 81, V. no. 81.

quot;GOMLASTIEKEN SCHOENEN ES ANDERE BEWERKTE VOORWERPEN\' VAN GOM-ELASTIEK.................

(iOMLASTIEKEN SLANGEN voor Westinghouse-remtoestellen, als Voorwerpen van gom elastiek; zie Gomlastiekenschoenen.

lies. 13 ^4 ug. 1888, no. 58, lr. no. \'.\'4 (1)...........

I: In verband met de ingetrokken res. van 14 Januari 1884, no. li), V. no. 5. GOMMEEBMACHINE. Onderdeel (1) van een —, bestemd voor eene

fabriek van enveloppes, enz. (Red.)............

(1) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

GOOTSTEENEN, van verschillende afmetingen, vervaardigd uit dezelfde specie als vloer- en trottoir-tegels (1), als Pottenbakkers-werk; zie Aardewerk. Res. 24 Juli 1890, na. 04, V. no. 03. . .

(1) Zie hierbij aant. 1 op Tegels.

GORDIJNROEDEN. Zie Roeden..............

GORT of GRUTTEN, als Granen. Renvooi, Wet 1845 ......

GOSSY-PINE, eeno vloeistof, hoofdzakelijk bestaande uit eene oplossing van schietkatoen of nitro-cellulose in een mengsel van aether en gemethyleerden alcohol, als Collodion; zie de Bijz. Bepaling

op don post Gedistilleerd. (Red.)............

GOTEN of STAVEN. IJzeren —. Zie IJzeren staven.

GOUD. Bladgoud (1), als Geslagen goud in boekjes; zie Goud-en

zilverwerk. Renvooi, Wet 1845 ..............

(1) Valsch goud, in boekjes, wordt wel als Kramerij belast. (Ked.)

*(3) (iOUD en ZILVER in staven, baren en klompen, stofgoud, gemunt goud en zilver, gouden en zilveren medailles en legpenningen

en verbroken goud- en zilverwerk. Wet 1845 (1) (2)......

(1) Goud en zilver in staven, baren en klompen, stofgoud, gemunt goud en

Maatstaf.

Kechten.

Vrij

waarde

5 pet. Vrij

Vrij Vrij

Vrij

waarde

5 pet. Vrij

Vrij

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

Vrij

waarde

5 pet.

waarde

5 pet. Vrij

tie kgr.

ƒ l.\'JO

waarde

3 pet.

_

Vrij

-ocr page 84-

GOU.

lol

152

ARTIKELE N.

Maatstaf.

Hechten.

zilver en gemaakt, maar gebroken goud- en zilverwerk, was reeds bij de Wet van 1822 vrijgesteld van invoerrecht.

(2) Onbewerkt goud, dienende voor plombeering van kiezen en tanden, wordt ook vrij van invoerrecht toegelaten. (Bed.)

(3) Goud en zilver wordt voor de Statistiek als volgt gesplitst:

Goud en zilver, stofgoud («).

„ goud in staven, baren en klompen (a)

„ zilver in staven, baren en klompen {lt;()

„ goud, gemunt (a)

„ zilver, gemunt («)

„ medailles (b)

„ legpenningen ffe)

„ verbroken goudwerk (ft)

„ verbroken zilverwerk {b). (Red.)

(«) (joud en zilver in staven, baren en klompen, stofgoud en gemunt goud en zilver, bij invoer op te geven naar de waarde, en bij uitvoer naar de waarde en liet bruto He wicht. Bes. 13 Dee. 1873, no. 48, V. no. 139, § 8, en 12 Maart 1875, no. 23, V. no. 2(5.

(fe) Gouden en zilveren medailles en legpenningen en verbroken goud- en zilverwerk worden evenals de moeste vrije goederen naar het gewicht opgegeven. (Red.)

(iOUD- en ZILVEEDKAAD. Zie den post Goud- en zilverwerk . s(l) GOUD- en ZILVEEEEÏS is blijkens do van Eegeevingswegc

uitgegeven Statistiek vrij van invoerrecht..........

(1) Voor de Statistiek onder de hoofdrabriek Goud en zilver te splitsen in yuuderts en zilvererts en voor den invoer op te geven naar de waarde en voor den uitvoer tevens naar het hruto gewicht. (Eed.)

■\'GOUD- en ZILVEEGLID. Wel 1854 ............

GOUD- en ZILVEEPAPIEE. Fijn —, chitspapier, als Papier. lies. 15 Fehr. 1855, no. 120, V. no. 14............

s(8) GOUD- EN ZILVERWERK, en gedeeltelijk voltooid gouden zilverwerk, met uitzondering van gemunt goud en zilver, van gouden en zilveren medailles en legpenningen en van verbroken goud- en zilverwerk (A) (1—5). .

„ *geslagen in hoekjes (6), alsmede goud en zilverdraad(B)(7).

Bijzondere bepalingen.

(A) Behoudens de bepalingen betrekkelijk de belasting op de

(«ouden en zilveren werken («) (6).

(a) Deze komen voor in het 7e hoofdstuk der Wet van 18 Sept. 1852, S. no. 178, V. no. 161. (fr) Zie hierbij ook de Bijz. Bepaliny, in line, op den post Kramer ij, alsmede de Bijz. Bepaling op den post Uurwerken.

(B) Het op zijde gesponnen of bewerkt goud- en zilverdraad behoort tot passementwerk. Zie Manufacturen.

(1) De gouden en zilveren werken, waarin edelgesteenten of paarlen zijn gevat, kunnen om die reden niet van de betaling van invoerrecht worden vrijgesteld; het invoerrecht is echter alleen voor het goud en zilver en geenszins voor de edelgesteenten of paarlen verschuldigd.

De enkele gouden of zilveren omvatsels van paarlen of juweelen moeten, in onderscheiding van wezenlijke gouden en zilveren werken, waarin edele gesteenten of paarlen zijn gevat, niet als Goud- of zilverwerh worden beschouwd. Res. 10 Fehr. 1845, no. 49, V. no. 41.

Rozenkransen, bestaande uit koralen aan een zilveren kettinkje, moeten als zilverwerk worden belast, al bevinden zich daaraan geene andere onderdeden van zilver (Eed.)

(2) De vrijstelling van invoerrecht, aan boeken toegekend, moet ook dan worden toegepast, wanneer de boeken voorzien zijn van gouden of zilveren sloten, behoudens evenwel de betaling van de belasting der gouden en zilveren werken, volgens de Wet van 18 Sept. 1852, S. no. 178, V. no. 161, en de naleving der formaliteiten, bij die Wet voorgeschreven. Res. 10 Mei 18(50, no. 57, V. no. 54.

(3) Ordeteekens worden aan invoerrecht en aan de belasting op de gouden en zilveren werken onderworpen. (Red.)

(4) Zie hierbij art. 6, lett. d dezer Tariefwet, met aant. 12 op dat artikel.

(5) Gouden en zilveren werken, bestemd om hier te lande te worden verbroken en versmolten, worden zonder betaling van rechten ten invoer toegelaten, onder de navolgende voorwaarden en bepalingen:

a. dat in de aangifte ten invoer en den daarop af te geven volgbrief wordt vermeld, dat de goederen bestemd zijn, om onder toezicht van ambtenaren te worden verbroken;

h. dat ze onder verzegeling, plombeering of bewaking zullen worden overgebracht naar het kantoor van waarborg, alwaar de volledige verbreking onder

waarde

3 pet. Vrij

Vrij 5 pet.

waarde

waarde waarde

5 pet. 3 pet.

-ocr page 85-

üOT 1. — GliA.

153

154

ARTIKELEN.

slaatstal\'.

Rechten.

toezicht en ten genoegen van de ambtenaren van den waarborg zal plaats vinden;

c. dat de volgbrief als gezuiverd zal -norden beschouwd, wanneer die ten kantore van afgifte wordt terugbezorgd, voorzien van eone verklaring der be-betrokken ambtenaren, dat de verbreking naar behooren heeft plaats gehad, zullende bij gebreke daarvan, de borgtocht volgens de artt. 71 en 77 der Wet van 18 Sept. 1832, S. no. 178, V. no. 161, worden ingevorderd. (Bed.J

(6) Valsch goud in boekjes wordt als Kramer ij belast. (Eed.)

(7) Gepareld zilverdraad is, evenals gewoon zilverdraad, onderworpen aan een invoerrecht van 3 pet. der waarde. 5 Maart 1888, no. 49, V. no. 31.

Evenzoo op katoen gesponnen goud- en zilverdraad. (Red.)

(8) Voor de Statistiek te splitsen in:

Goud- cn Zilverwerk (goudwerk).

Idem (zilverwerk), lie*. 14 Maart 1864, no. 27. Iquot;, no. 36.

GOUD- en ZILVERWERK. Verbroken —. Zie Goud en zilver in

staven, enz......................

GOTJDEX en ZILVEREN HORLOGES. Zie den post Uurwerken. „ „ „ LEGPENNINGEN. Zie Goud en zilver

in staven, enz............

,, „ „ MEDAILLES. Zie Goud en zilver in staven, enz..............

GOUDDRAAD. Zie den post Goud- en zilverwerk......

„ op zijde gesponnen of bewerkt, als Passementwerk; zie Manufacturen. Verg. do tweede Bijz. bepaling op deu post

Goud- en zilverwerk...............

GOUDDRUKMACHINES. Zie onder Machines........

GOUDLEDER. Zie aant. 4 op Huiden, vellen en leder. GOUDZAXD of ander zand, in doosjes, busjes, Heschjes of potjes ingevoerd (1), als Kramerij. Res. 27 Dec. 1802, no. (55, V.

1863, no. 11...................

„ op andere wijze ingevoerd. Hes. alsvoren........

(1) Zie hierbij aant. 7, met noot c, op Kramerij.

GRAANBREKERS, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. van 6 Oct. 1862, S. no. 179, V. no. 101, art. 1,

en Wet 1877......................

GRAANZAKKEN. Nieuwe —, bestemd om hier te lande te worden gevuld en daarna weder te worden uitgevoerd. Zie aant. 1 op Emballage.

GRAANZUI VERINGMACHINES. Magnetische —, voor het verwijderen der in liet graan aanwezige ijzerdeeltjes, uitsluitend tot fabrieks-

gebruik geschikt. (Red.).................

GRADEERWATER is alleen aan den Zoutaccijns onderworpen. Zie

aant. 1 op Zout....................

GRANAAT-APPELEN en SCHILLEN, als Verfwaren. Renvooi, Wet 1845.

GRANATEN, als Juweelen. Renvooi, Wet 1845 ........

„ Brandbluschgranaten (glazen tiesscben, gevuld met eene vloeistof, die, in het vuur gewornen, dit uitdooft). Rev. ü Juli

1891, no. 39, V. no. 75...............

GRANATEN KORALEN, als Kramerij. Res. 14 Dec. 1871, nu. 9, V. no. 148......................

larde

GRANEN EN PEULVRUCHTEN en hetgeen verder tot die rubriek behoort, vervalt, Wet 1877 ............

quot;quot;(4) GRANEN en PEULVRUCHTEN van alle soorten, boonen en wikken, erwten, linzen, gepelde en ongepelde spelt. Wel 1877. „ alle gepelde of gebroken granen, niet afz. belast. Wet 1877 . ,, (5) Brood, beschuit (1) en meel van alle graansoorten (2), griesmeel (3), alsmede semoule en zemelen. Wet 1877 . . .

(1) Zie hierbij Alpine melkmecl.

(2) Verg. het medegedeelde bij J/eel en Mcelpraeparatcn.

(3) Hieronder alle griesmeel te verstaan, dus zoowel het grof gemalen graan als het meel vermengd met gluten, die beide onder dien naam in den handel bekend zijn. Fes. 23 Juni 1892, no. 46, F. no. 49.

Vrij 5 p.\'t.

Vrij

Vrij 3 pet.

waarde

waarde waarde

5 pet. Vrij

waarde

5 pet. Vrij

Vrij

Vrij Vrij

Vrij

Vrij 5 pet.

Vrij

Vrij Vrij

Vrij

-ocr page 86-

155 GRA. — ORG. 166

A R T I K E L E N.

Maatstaf.

Rechten\'.

(4) Voor do Statistiek te splitsen in tarwe;

rogge;

gerst;

maïs;

haver;

spelt, ongepelde;

boekweit;

booneu en wikken;

erwten en linzen;

rijst ook die in doppen:

gierst;

gemengde granen;

ongedorschte granen;

boekweitdoppen («);

zemelen;

andere afval van granen;

alle gepelde of gebroken

grutten, gort, enz.;

mout;

meel van tarwe;

rogge;

„ ,, boekweit;

,. „ rijst;

ander meel, waaronder Voor den invoer de hoeveelheid 1889, nu. GO, V. no. 109.

{a) Verg. aant. 1 op Boekmeitdoppen.

(5) Brood en beschuit als een afzonderlijken post in de alphabetische volgorde in de Statistieke staten op te nemen. Res. 5 Nov. 1889, no. 60, V, no. 109.

Voor den invoer naar het gewicht te vermelden. (Eed.)

(2)GRAS. Zeegras en Alfa (1), blijkens de van Eegeeringawege uitgegeven Statistiek.................

„ Spart of Spaansch gras, geverfd, een grondstof voor het vervaardigen van matten (3) en dergelijke (Red.)......

(1) Alfa of Alfagras kan vrij van invoerrecht worden toegelaten krachtens res. van 18 Juli 1868, no. 57, V. no. 83. Zie hierbij de aant. op Plantenhaar.

(2) Op de Statistieke staten te vermelden onder de benaming Zccr/rax en Alfa.

(3) Zie hierbij Matten, Esparta-matten.

GRASLINNEN, als Manufacturen van hennep. Hes. 10 April 1856,

waarde waarde

waarde waarde

waarde

5 pet.

ƒ 25.00 Vrij

100 kgr.

no. 89.

GRASPERKSCHEERDERS, als Ijzerwerk. (Red.).......

GRASZAAD. Zie onder Zaad...............

GRAUWDOEK of PREZENNINGDOEK, gebezigd voor het maken van scheepsprezenningen, dekklecden, enz., en ook voor moutzak-ken in branderijen, als Manufacturen. Res. 31 Dec. 18C4, no. 168,

V. no. 132......................

GRAUW PAPIER voor zakjes, met enkele letters bedrukt, als Papier

van alle soorten. (Red.).................

GRAVEERSTIFTEN, als Gereedschappen, lies. 5 Dec. 1890, no. 20,

V. no. 124......................

GRIENS-OCONOMISER, een voorwarmer voor een stoomketel. Jgt;e

Fiscus no. 508, blz. 394 .................

GRIESMEEL. Zie onder Granen, brood, beschuit, enz......

GRIMEL\'S BRANDBLUSSCHERS. Zie Brandblusschers ....

GRIND. Zie Puin, schelpen en grind...........

GROENE AARDE, als Verfwaren. Renvooi, Wet 1845.

quot;GROENTEN, ixgkmaakte................

GROENTEN in luchtledige trommels of bussen bereid of ingelegd (1). Zie den post Koek- en banketbakkerswerk . . . . .

„ quot;versche en gedroogde (2), niet afz. belast. Wet 1845 (3) en Res. 10 Oct. 1862, no. 105, V. no. 105, Ia........

(1) Doperwten en dergelijke groenten, in eigen nat gekookt en verpakt in luchtdichte tiesschen, worden ook onder Koe/.\'- en banketbakkerswerk gerangschikt. (Eed.)

Granen

,\'niuoii, als: gt^cldc spelt, gepelde gerst,

semoule.

bij het (jvwicht op te

reven. Hes. 5 Nov.

-ocr page 87-

GKO. — HAA.

158

157

I

Maatstaf. Hechten.

ARTIKELEN.

(2) Ook in pakjes worden ze vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.)

Zoo wordt dan ook geen invoerrecht geheven van de gewone gedroogde groenten in pakjes, zonder toevoeging van specerijen, welke pakjes verschillende soorten gedroogde groenten bevatten ter bereiding van soep, en noch in galanterie-of andere dergelijke winkels, doch door marskramers worden verkocht. (Red.)

(3) Bij de Wet van 1822 waren verscho en gedroogde groenten reeds van invoerrecht vrijgesteld.

*(2) GROND- (1) en IVOORNOTEN. Wet 1854.....: • • •

(1) Zie, wat de Grondnoten aangaat, ook Amandelen, Cururaosclu —.

(2) Grondnoten als afzonderlijken post in de Statistieke staten in de alpha-betische volgorde op te nemen. Bis. 29 Dec. 1890, no. 134, V. no. 135.

GRONDNOTEN-KOEKEN. Zie onder Koeken, raapkoeken, enz. . GRONDNOTEN-OLIE, als Olie, niet afz. belast. Ben. 27 Juni 1805, 110. 81, V. no. 51, en 21 Oct. 1868, no. 22, V. no. 10(i, en Wet 1877.

GRUIS van glas. Zie Glas................

GRUTTEN, als Granen. Renvooi, Wet 1845 ..........

GUAJACOL (1), als Olie, niet afz. belast. Res. 20 Juni 1800, nu. 24. F. no. 49......................

(1) Zie hierbij de aant. op Creosoot.

GUANINE, als Mest, niet afz. belast. Rcs. .quot;gt;0 April 1857, no. 120 .

GUANO. Zie Mest...................

GUAYAC. Zie aant. 1 op Gom..............

GUINEESGREIN, GUINEAKORRELS of PARADIJSZAAD, als

Drogerijen. Renvooi, Wei 1845 ..............

GUTTAE. Zie aant. 1 op Gom...............

:;GUTTA-PERCHA. Bewerkte voorwerpen van — (1).....

GUTTA-PERCHA. Buizen en slangen van gom-elastiek of guttapercha (2), als Bewerkte voorwerpen van gom-elastiek of gutta-percha; zie Gomlastieken schoenen of Guttapercha. Res. 11 Juli 1885, no. 96, V. no. 74......

„ Deelen (3) van stoomwerktuigen, vervaardigd uit gutta-percha of caoutchouc, mits tot geen ander gebruik geschikt, als

Fabriekswerktuigen. (Red.)............

„ Fondant-vormen van gutta-percha, niet alleen te gebruiken door chocolade- en suikerfabrikanten, doch ook door suikeren banketbakkers (4) (Red.).............

(ll Ronde schijfjes van gutta-percha (India-rubber Washers) worden ook hieronder begrepen. (Red )

(2) Worden deze buizen en slangen te zamen ingevoerd met fabrieks-, landbouw-en stoomwerktuigen of brandspuiten, en behooren zij blijkbaar daartoe, dan kunnen ze zonder betaling van invoerrecht worden toegelaten. Res. 11 Juli 1885, no. 9(i, I\'. no. 74,

(3) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fabrieksioerkluigen.

(4) Vergelijk hierbij het artikel Vormen.

GUTTA-PERCHA. Schijven van gutta-percha, in het midden van een gat voorzien, dienende tot kleppen voor luchtpompen van

stoomwerktuigen. (Red.).................

quot;GUTTA-PERCHA in ruwen staat (1). Wet 1854, en Res. 10 Oct. 1802, no. 105, V. no. 105, Ja.................

(1) Zie hierbij Gom-elastiek en (Mta-perelui.

(rUTTA-PERCHA LIJM (Solution), in bussen, voor schoenzolen. (Red.).

GUTTA-PERCHA PAPIER, als Manufacturen. (Red.).....

GUTTA-PERCHA SCH1ITJES, als Schepen, enz. (Red.) . . . . HAAK- en SCHROEFBOUTEN (1), als Ijzerwerk. Res. 25 .\\ov.

1804, no. 4......................

(1) Zie hierbij aant. 1, noot l, op Spoorwegen.

HAAKJES. Koperen —, onderdeelen van breimachines voor visch-

netten. Tariefrvet R. en K.. bh. 190............

HAAKMACHINES (1), als Fabriekswerktuigen. (Red.) • • . ■

(1) Hier worden bedoeld de haakmachines, dienende tot het vervaardigen van kant, hetzij in fabrieken of wel voor rekening van fabrikanten enz. door te huis werkende personen, op de wijze van weefgetouwen, welke machines voor particulier gebruik niet geschikt zijn. (Red.)

quot;HAAR, bewerkt of gesponnen, pruiken ol\' krullen.....

100 kgr. 100 kgr.

waarde

waarde

waarde

Vrij

Vrij

Vrij 5 pet. 1 pet.

5 pet.

waarde waarde

waarde

si

Vri V

5 pet.

waarde

-ocr page 88-

160

16

159

IIA A. — H AK.

I Maatstaf, j Rechten.

A H T I K E L E N.

quot;HAAR van alle soorten, onbewerkt (1—3). Wet 1862 ......

(1) Bij vergelijking der Tariefwetten van 1822 en 1845 blijkt, dat onder Haar can alle soorten, onbewerkt, o.a. begrepen is: menscJten-haar, ossen-, koe- en bokkenhaar, hazen- en konijnenhaar. (Red.)

(2) Gekalkt koehaar wordt algemeen vrij van invoeri echt toegelaten.

(Red.)

Ook wordt niet aan invoerrecht onderworpen haar, dat enkel is ge-wasschen, maar niet gekruld of gekroesd, en ook overigens geene verdere bewerking heeft ondergaan. (Red.)

(3) Zie, nopens het verbod van invoer van Onbrirerkt haar, aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet.

„ Menschenhaar, zoodia het eeuo krulling of eenige verdere bewerking heeft ondergaan, als Haar, bewerkt, enz. lies.

11 Juni 1863, no. 41, F. no. 97............waarde

„ Menschenhaar, enkel gewasschen of gekookt en in bossen gebonden, als Haar van alle soorten, onbewerkt. Res. ahvoren.

„ Paardenhaar, gekookt of gekroesd (zoogenaamd krulhaar,

erin frisc of erin crêpe), als Haar, bewerkt. Reis. 21 Maart 1851,

no. 29, V. no. 39, en 3 Fehr. 1864, no. 62........waarde

„ (6) Plantenhaar, z.g. erin vègétul, al dan niet geverfd, doch niet gekruld of gekroesd (4) (5). Res. 27 Maart 1894, no. 50, V. no. 32....................

(4) Gekruld of gekroesd zijnde is het invoerrecht verschuldigd als van Haar, bewerkt of gesponnen. Res. alsvoren.

(5) Reeds bij res. van 18 Juli 1868, no. 37, V. no. 83, was bepaald,

dat dit plantenhaar, zijnde onbewerkte plantenvezels, bestemd tot het opvullen van meubelen, matrassen, enz., evenals alfa of alfagras en andere dergelijke onbewerkte plantaardige voortbrengselen, vrij van invoerrecht kon worden toegelaten.

(6) Voor de Statistiek in de alphabetische orde op te nemen onder de rubriek Plantenhaar.

„ ^Zwijnsborstels, geheel ruwe (z.g. zwijnswol), of wel enkel gewasschen of in bossen gebonden of ook gewasschen, gesorteerd en op gelijke lengte afgeknipt. Wet 1862, Res. 30 Oct. 1865,

no. 90, V. no. 100, en Res. 8 Januari 1868, no. 22, V. no. 2 .

., Zwijnsborstels, verder bewerkt, als Haar, bewerkt. Res. alsvoren. waarde

(1) HAARDASCH. Wet 1845................

(1) Voor de Statistiek te rangschikken onder de rubriek Assehen, haardasch. HAARLEMMEROLIE, als Drogerijen. Res. 23 Dcc. 1837, no. 180,

V. no. 157, en Renvooi, Wet 1845 .............

quot;(1) HAARPOEDER, vervalt. Wet 1877 ...........

(1) Voor de Statistiek van den invoer het gewicht op te geven. (Red.)

HAARSNIJMACHINES, z.g. tondeuses. (Red.) . ........ waarde

HAARSPELDEN, gewone, in pakjes van eenvoudig papier (1). Res.

19 Nov. 1890, no. 30, V. no. 115..............

(1) Zgt;jn de spelden van bijzondere samenstelling, bijv. spelden met glazen kop, enz., dan worden zij gerangschikt onder Kramerij. Zie res. 19 Nov. 1890,

no. 30, V. no. 113, opgenomen in aant. 1 op Spelden.

HAEMATOGEN. Dr. Hommel\'s —, een praeparaat uit bloed met een aanzienlijk eiwitgehalte, terwijl de toevoeging van tamelijk veel glycerine en een zeer geringe hoeveelheid alcohol (0,8 pet.) bederfwerend werkt (1). (Red.).................

(1) Zie hierbij aant. 1 op Chemicaliën, niet afz. belast.

*(1) HAGEL, vervalt. Wet 1877...............

(1) Voor de Statistiek van den invoer het gewicht op te geven. (Red.)

HAKBIJLEN voor vleeschhouwers, als Gereedschappen. Jtes. ö Dec.

1890, no. 20, V. no. 124.................

HAKBLOKKEN. Vleesehhakblokken. Res. 5 Dec. 1890, no. 20, F.

no. 124....................... waarde

HAKEN of DUIMEN. IJzeren—, z.g. klavieren, als Ijzerwerk. (Red.). ! waarde HAKEN. Vischhaken, van glanzende plaatjes of kunstvliegen voorzien, en kennelijk niet bestemd om door vissehers van beroep als gereedschap tc worden gebruikt, als Kramerij. (Red.).....; waarde

Vrij

5 pet. Vrij

5 pet.

Vrij

Vrij 5 pet. Vrij

Vrij Vrij

5 pet. Vrij

Vrij Vrij

Vrij

5 pet. 5 pet.

ö pet.

-ocr page 89-

KAK. — HAE.

161

162

A R ï I K E L E N. Ma. tstaf Rechten.

HAKEN. Vischhaken, onverschillig of zij al dan niet voor de kabeljauw- of andere groote vischvangst bestemd zijn, en of zij afzonderlijk, dan wel aan drijftuig bevestigd, worden ingevoerd, als Gereedschappen. /.V-s. ïiO Nov. 1877, no. 85, V. vo. 10(1, nader

bevestigd bij h\'es. 19 Nov. 1886, no. 15, lr. no. 105.......

HAKMACHINES. Vleesch —. Zie onder Machines.

HAK VORMEN voor schoenmakers, als Gereedschappen, /\'ex.

19 Nov. 1886, no. 15, ]r. no. 105..............

HALF-EDELGESÏEENTEN. Zie Edelgesteenten.

HALSTERS van geweven of geslagen touw, als Manufacturen van

hennep. (Red.) .... ............... waarde

HAMERS, ook zonder steel, als Gereedschappen, lies. (i Juni 1877,

no. 71, V. no. 54, § 3 . . ...............

HAMERSLAG. Ijzer —. Zie onder Ijzer, oud ijzer, enz.....

„ Koper —. Zie onder Koper, oud koper, enz.......

HAMERSTELEN. Houten — (1). (Red.)...........

(1) Zie hierbij aant. 2 op den post Gereedschappen.

HAMERTJES van gebronsd gegoten ijzer, niet geschikt zijnde om

als behangershamers te worden gebruikt, als Kramerij. (Red.). . waarde HAMMEN, gezouten, gerookt of gedroogd zijnde, als Varkens-vleesch; zie Vleesch. Renvooi, Wet 185:!.

„ gezouten....................100 kgr.

„ gerookt of gedroogd................100 kgr.

ver scli

HAMSTERVELLEN, als Pelterijen (1); zie Huiden, vellen en

leder. Renvooi, Wet 1845.

(1) In onbereiden toestand kennelijk vrij van invoerrecht. Zie Huiden, em.

HANDBOEKDRUKPERSEN, als Fabriekswerktuigen. (Red.) . . HANDELSMONSTERS. Zie aant. 2 op art. 3 dozer Tariefwet. HANDOEWEER. Allerhande klein —. Zio don post Ammunitie,

allerhande, enz..................... waarde

HANDCOP1EERPERSEN, naar het hoofdbestanddeel, als Ijzerwerk, enz. Res. 25 Januari 1883, no. 91, V. no. 7.......waarde

HANDKLEMSCHROEVEN. Zie onder Schroeven......

HANDLIEREN. Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105...... waarde

HANDMOLENS om graan te malen, als Gereedschappen. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96, bevestigd bij Res. 19 Nov. 1886,

no. 15, V. no. 105...................

HANDSCHOENEN, geweven of gebreid. Zie don ])ost Manufacturen. waarde „ van laken, casimir of andere wolion stoffen, als Kleederen

en kleedingstukken. Res. 26 Juli 1854, no. 34, V. no. 95 . waarde „ van leder, als Schoenmakerswerk; zio onder Huiden.

Renvooi, Wet 1845 ................. waarde

„ van zijde geweven, voorzien van elastieke bandjes, als Manufacturen. Res. 20 Oct. 1855, wo. 20..........waarde

HANGEN. IJzeren —, voor stoombaggermachines. (Red.). . . .

HANGERS, behoorende bij zoutrollen (Ij. (Red.)........waarde

(1) Zie hierbij Zoutrollen.

HARDSTEEN. Zio Steen, ongebakken, enz..........

HARING. Zie onder Visch................

HARINGTONNEN, als Vaatwerk. Renvooi, Wet 1822......

HARKEN. Hooibarken voor paardenkracht, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. van 6 Oct. 1862,

S. no. 179, V. no. 101, art. 1, en Wet 1877 .......

„ Tuinharken, als Gereedschappen. Res. 19 Nov. 1886, no. 15,

F. no. 105....................

HARMONICA\'S, als Muziekinstrumenten; zie Instrumenten.

Res. 6 Nov. 1855, no. 39, V. no. 103.......... waarde

„ Kleine — van zeer geringe waarde, die in don handel gewoonlijk bij het dozijn of gros verkocht worden, als Kramerij (1). Res. 6 Nov. 1855, no. 39, V. no. 103......waarde

(1) Verg. hierby res. 12 Januari 18(JU, no. 32, opgenomen in aant. 2 op de rubriek Instrumenten.

-ocr page 90-

HAR. — HER.

164

163

A R TIKE L E N.

HARNASSEN. Zie clen post Ammunitie, allerhande, enz..... waarde

HARPOENEN voor de walvischvangst, als Vischwant. lies. 24 Juli

1845, no. 29..................... —

HARPUIS. Zie Hars en harpuis............. —

-HARS en HARPUIS. Wet 1854............

HARSOLIE. Zie onder Olie................ 100 kgr.

HARSZEEP, vervaardigd uit gewone hars, met zetmeel opgelost in soda zonder alcohol, en dienende om papier te lijmen. (Red.) . . H ARTSHOORN of HERTSHOORN, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845, HARTSHUIDEN, onbereide. Zie aant. 6 op Huiden, vellen en leder. HARTSTUKKEN, als Ijzer- of Staalwerk. Zie aant. 1, noot j, op

Spoorwegen................_.....! waarde

HAVER, als Granen en peulvruchten, /.\'««too/, Wet 1845, en llretlS77. ; — HA VERBREKERS, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. A\'. B. van lt;gt; Oct. 1862, .S\'. no. 17S), F. )/o. 101, art. 1,

m Wet 1877 .....................1

HAVERMEEL, zonder toevoeging van suiker of aromatische stoffen. —

(Red.) j

„ in bussen, als Revalenta arabica (1). (Rod.)......100 kgr.

(1) Zie hierbij het artikel Meelpraeparatcn.

HAVERMOUT. Kwaker\'s —, in doozen van 1 en 2 Engelsche pon- !

den, met gebruiksaanwijzing, als Revalenta arabica (1). (Red.), i 100 kgr. (1) Zie hierbij het artikel Meelpracparalcn.

HAZENHAAR (onbewerkt). Zie aant. 1 op Haar.......

HAZELNOTEN, als Vruchten. Renvooi, Wet 1845 .......

HAZEVELLEN. Bereide —. Zie aant. 10 op Huiden, vellen en leder.

„ Onbereide —. Zie onder Huiden, onbereide schapenhuiden, enz. HECKER\'S ZELFRIJZEND BLOEM VAN MEEL. Zie aant. 5 op

Meelpraeparaten...................

HEEDE, als Werk. Renvooi, Wet 1845............

HEESTERS. Zie Boomen................

HEETWATEROVENS. Onderdeel en van — (1), als Ijzerwerk. (Red.).

(1) Ook de gegoten of getrokken ijzeren pijpen voor heetwaterovens worden als Ijzerwerk belast. Zie de B\'yz. Bepaling, met noot c, op den post User.

HEFBOOMBLIKSCHAREN. Res. 5 Dcc. 1890, no. 20, F. no. 124 . . HEGSCHAREN, als Gereedschappen. Res. 22 Oct. 1877, no. 25,

F. no. 96, bevestigd bij Res. 19 jSov. 1886, no. 15, F. no. 105. . .

HEI of HEIDE, als Biezen en riet. Renvooi, \'Wet 1845 .....

HEIBEZEMS. Zie onder Hout, rijs- en heibezems.......

HEIJMANSDROPS in fleschjes, waarin zich geen alcohol bevindt,

als Kramerij. (Red.)..................

HEITOESTELLEN. Res. 19 Nov. 1886, no. 15, F. no. 105.....

HEKELPUNTEN of HEKELTANDEN. Stalen —, als Staalwerk.

waarde

Vrij Vrij ƒ 0.55 Vrij

100 kgr.

Vrij

(Red.)

HEKLATTEN of HEKSTIJLEN. Zie Latten.........

HELIOTROPINE, als Reuk- en parfumeurswaren. (Red.) . . . HELLEBAARDEN. Zie den post Ammunitie, allerhande, enz. . . HENGELS. Visch —, niet toebehooren, als Kramerij- Res. 22 Any.

1864, no. 98Ws.....................

-HENNEP. Gehekelde —. Wet 1862.............

„ *Ongehekelde —. Wet 1854 .............

„ Afval van — Zie Werk..............

„ Garens van —. Zie onder Garens..........

„ Manufacturen en stoffen van—. Zie den post Manufacturen. HENNEPGAREN. Afval van —, als Hennep. Res. 27 April 1861,

no. 109.......................

HENNEPKOEKEN. Zie onder Koeken, raapkoeken, enz.....

HENNEPOLIE. als Olie, niet afz. belast. Renvooi, W/\'t 1845 en Wet 1877.

HENNEPZAAD. Zie onder Zaad, koolzaad, enz.........

HERMELIJN, als Pelterijen; zie Huiden, vellen en leder. Renvooi, Wet 1845.

HERTENHORENS, als Horens. Renvooi, Wd 1845.......

Maatstaf. Eechten.

waarde

i 1

j 100 kgr.

i waarde waarde

waarde waarde waarde

waarde waarde waarde

waarde

-ocr page 91-

HEE. — HON.

105

106

A R T I K E L E N.

HERTSHOORN of HAKTSHOOEN, als Drogerijen. Renvooi, llre/1845. HEUMZAAD is, blijkens de res van 17 Deo. 1824, no. 117, V. no. 188, gelijkgesteld met Papaverzaad, dat volgens Renvooi, Wet 1845,

gerangschikt moet worden onder Drogerijen........

HEVEL- of SPUITFLESSCHEN. Zie Syphon-flesschen.

HIACINÏSTEEN, als Juweelen. Renvooi, Wet 1845 ......

HIJSCHKRANEN, door stoom bewogen, zoodanig, dat de stoommachine een onafscheidbaar deel vormt van het hijschtoestel, als Stoomwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. (Red.) .... HIJSCHTOESTELLEN (1), HANDLIEREN, TAKELS (2), BLOKKEN en SCHIJVEN. Ren. 19 Nov. 1886, no. 15, F. no. 105 . . .

(1) Ook door een gasmotor bewogeu hijschtoestellen worden aan een invoerrecht van 5 pet. der waarde onderworpen, daar deze toestellen niet geacht kunnen worden tot de van invoerrecht vrijgestelde fabriekswerktuigen te behooren. (Eed.)

Zie hierbij ook SchroefhijschtoesleUen, alsmede Hydraulische kranen.

(2) Verg. Takels, Weston\'s of z.g. differentiaal-takels.

HIJSCHTUIGEN. Res. 19 Nov. 1886, no. 15, F. no. 105......

^HOEDEN EN VILTEN VOOR HOEDEN VAN ^LLE SOOETEX (1—3). . .

(1) Onder Vilten voor hoeden worden verstaan vilten, die reeds tot hoeden zijn vervaardigd of gefatsoeneerd, ofschoon nog plat en niet gestijfd of opgemaakt. Vilten, welke slechts uit stukken bestaan, en waaraan de vorm voor hoeden nog niet gegeven is, behooren te worden belast als Manufacturen. Res. 24 Mei 1839, no. 46, V. no. 68.

(2) Onder deze rubriek moeten ook gerangschikt worden onopgemaakte hoeden, van pluis vervaardigd. Res. 25 Febr. 1854, nc 42, V. no. 23.

(3) Zie hierby ook Ondcrlegsels voor zijden hoeden.

HOEDEN. Stormhoeden, Zie den post Ammunitie, allerhande, enz. HOEFIJZERS (ijzeren schoenbeslag) voor schoenmakers, als Ijzerwerk. (Red.)........\' . . ...........

HOEKIJZER. Zie de Bijz. Bcpaiiwj op den post Ijzer, zoomede

aantt. 0 en 8 aldaar..................

(1) HOEPEN. Wet 1862..................

(1) Voor de Statistiek te rangschikken onder llovl, hoepen. (Eed.)

(1) HOEPHOUT. Wet 1862 ................

(1) Voor de Statistiek te rangschikken onder Hout, hoephout. (Eed.)

„ gespleten of gespouwen, doch ongebogen, als Hoephout. Res. 6 Januari 1853, no. 29, V. no. 3..........

HOESTTHEE, in kleine verpakking («) mot étiqnetten, als Kramerij-

(Red.)

(a) Zie, nopens hetgeen onder kleine verpakking is te verstaan, aant. 7, noot c, op den post Kramerij.

HOFFMAN\'S STIJFSEL. Zie aantt. 2 en 3 op Stijfsel.....

HOFZADEN. Zie onder Zaad, ajuinzaad, enz.........

HOKKELINGEN (1). Zie onder Slachtvee..........

(1) Zie, nopens het verbod van invoer, aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet.

HOLLOWAYPILLEN en ZALF, in doosjes en potjes. (Red.) . . .

HOLSBLOKKEN of KLOMPEN. Zie onder Hout.......

HOMINY, een meelsoort, bestaande uit grof gemalen of gebroken maïs zonder verdere bewerking of bijvoeging van andere bestand-

doelen. (Rod.).....................

HONDEVELLEN, onbereide. Zie aant. 6 op Huiden, vellen en

leder........................

HONDEN VOEDER, bestaande uit koekjes van een grove meelsoort, vermengd met dierlijken afval, als Granen, brood, enz. (Red.) . , HONEY-SOFTENING, dienende tot het sterkon van garens in fabrieken. (Eed.)....................

quot;HONIG (1) (2).....................

(1) Honig in blikken, tot zekere mate met een welriekend bestanddeel vermengd, wordt ook als Honig belast. (Eed.)

(2) Zie hierby ook Beschuithonig,Borsthonig, Lurk\'s Krauterhonig en Yijgenhonig.

HONIGRATEN (ruwe honig), als Honig (1). Res. 25 Juni 1806,

no. 86, F. no. 101...................

(1) TTonigraten (ruwe honig, uitgesneden uit de korven en alleen van do bijen

Maatktai\'.

waarde

waarde waarde

waarde waarde

waarde

IOC kgr.

100 kgr.

-ocr page 92-

HOG. — HOU.

168

167

A M T I K E \\j E N.

Maatstaf.

Rechten.

ontdaan) zijn, evenals de geperste en gezuiverde honig, aan een recht van ƒ 2.50 de 100 kgr. onderworpen; terwijl het zoogenaamd biijenwerk (het voortbrengsel der bijen, met de korven, waarin het vervaardigd is, een geheel uitmakende), evenals de gewone strooien korven, waarin het gewoonlijk wordt ingevoerd, vrij van rechten is («). Bes. 25 Juni 1866, no. 86, 1\'. no. 101.

{a) De niet met honig gevulde raten moeten mot Was, seel of ongebleekt, worden gelijkgesteld en zijn dus mede vrij van invoerrecht. Verg. de rcs. van 12 Oct. 1854. no. 121, V. no. 140.

HOOFDTOOISEL. Vrouwen—, zoogenaamd filet-artikelen, als Modewaren. Res. 21 Nov. 1855, no. 34.............

-HOOI. Wet 1854 ....................

HOOIHAKKEN voor paardenkracht, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. van 6 Oef. 1862, S. no. 17\'.i, V.

no. 101, art. 1 en Wet 1877................

HOOIPERSEN, als Gereedschappen. (Eed.).........

HOORN, in bladen, als Kramerij. Zie de Bijz. bepaling op dien post. ,, in reopen, dienende tot corsetbaleinen, als Kramerij. (Eed.).

quot;HOP. Wet 1862.....................

„ Extract van hop. lies. 23 Dcc. 1858, no. 177, V. no. 122, en

Wet 1862......................_ .

quot;HOEENS of punten van horens, zonder onderscheid (1). Wet 1854 (1) Zie, nopens het verbod van invoer, aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet.

HOKLOGEGLAZEN, als Kramerij. Renvooi, Wet 1845......

HOELOGEMAKEESWEEKTUIGEN, zooals machines om raderen te snijden en af te ronden, tappen af te draaien, enz. Res. 5 Dec.

1890, no. 20, V. no. 124.................

HOELOGES, gouden en zilveren en alle andere. Zie Uurwerken . HOELOGESLEUTELS. Gouden en zilveren —, voorzien van stalen pijpjes, voor het opwinden van het horloge, als Goud- en zilverwerk. Res. 27 Maart 1856, no. 80, V. no. 25.........

HOUT, vervalt, met uitzondering van:

„ quot;HOUTWERK; DUIGEN, GESCHAAFD EN GESCHIKT OSt TOT VAAT-EN KUIP WEEK GEBRUIKT TE WORDEN, DAARONDER NIET BEGREPEN. WET 1877 (1) (2)...............

(1) Onder de rubriek Hout blijft alleen belast houtwerk, dat is afgewerkte fabrikaten van hout. Alle ander ongezaagd, gezaagd, geschaafd of gegroefd hout is vrij. Evenzeer zijn vrij masten, spieren en in het ruwe bekapte of zoogenaamde beslagen riemen, alsmede holsblokken («). Daarenboven worden thans ook vrijgesteld duigen, geschaafd en geschikt om tot vaat- en kuipwerk gebruikt te worden. Ecs. 6 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, § 3.

(a) Holsblokken waren reeds vrijgesteld bij de Wet van 1862. Zie ook dc res. van 25 Oct. 1862, nu. 4, V. no. 116.

(2) Zie, nopens deelen van schepen, aant. 1 op Schepen, deelen van —.

quot;HOUT. Brandhout. Wet 1802 ...............

„ Fijn werkhout, als mahonie-, noteboomen- (3), ceder-, pok-, palmhout en dergelijke (4):

,, *(11) ongezaagd. Wet 1877..............

,, quot;(11) gezaagd. Wet 1877 ..............

(3) Verg. hierbij Hout, noteboomen hout, tot platen voor geweren bestemd.

(4) Hieronder behoort mede het iijn werkhout, gezaagd ter dikte van 1 dM. of daarboven. Bjz. Bepaling, Wel 1862 (a).

(a) Zie hierbij noot c op aant. 12 hierna.

„ quot;Hoepen. Wet 1862 ................

„ ■quot;\'Hoephout (5). Wet 1862 ..............

(5) Het gespleten of gespouwen, doch ongebogen hoephout is mede hieronder te begrijpen. Hes. 5 Januari 1853, no. 29, F. no. 3.

„ quot;Holsblokken (klompen). Wet 1862, Res. 15 Oct. 1862, no. 4, V. no. 116, en Res. 6 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, § 3 . . . „ -Noteboomenhout (6), tot platen voor geweren bestemd, mits gezaagd, uiterlijk ter dikte van 6 cM. Wet 1822, Wet 1845, Wet 1854, en Res. 19 Maart 1863, no. 77, V. no. 58 . . . . ((!) Zie hierbij Hoid, fijn werkhout, enz.

waarde

waarde waarde

waarde

waarde waarde

waarde

waarde

Vrij Vrij

-ocr page 93-

168

1G9 HOU. 170

Maatstaf. Rechten.

Vrij

AE-TIKELE N.

*HOUT. Hijs- en heibezems (7). Wet 1862.

(7) Onder de Bijs- en heibezems alleen te verstaan de gewone straat-bezems, bestaande uit twijgen of rijs, met teenen te zamen gebonden. Hes. 15 Febr. 18G5, no, 86, V. no. 20.

*(11) Ruwe duigen (8) (9) (12), zoomede duigen, geschaafd en geschikt om tot vaat- en knipwerk gebruikt te worden (10). Wet 1877, en Res. 6 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, g 3 . . .

(8) Duigen en bodems van oude tabaksvaten, die zich in den regel in ruwen staat bevinden, behooren tot de Rmce duigen, Hes. 30 Sept. 1858, no. 69, V. no. 86, en 25 Oct, 1862, no, 4, V, no. 116.

(9) Zie ook aant. 15 hierna.

(10) Deze laatste soort duigen was vroeger belast als Houtwerk. Zie Bijz. Bepaling, Wet 1862. (lied.)

(11) Voor de Statistiek van den invoer naar de waarde op te geven. (Eed.)

Scheepsbouw- en timmerhout, ter zee met ongebroken last aangevoerd (12):

*(13) ongezaagd. Wet 1877..............

*(13) gezaagd. Wet 1877 ..............

(12) Onder dezen post zijn begrepen de delen (a), uiterlijk (6) ter dikte van 5 cM., breedte 30 cM. en lengte -4 M., zoomede boomstammen ten dienste der spoorwegen en slechts eenmaal in de lengte doorgezaagd en al dan niet in het ruwe behakt, komende met ongebroken last ter zee.

Door ongebroken last wordt verstaan, wanneer de helft van den inhoud der schepen volgens den meetbrief met hout beladen is. De rechten (c) zijn verschuldigd naar het volle getal tonnen, in den meetbrief uitgedrukt, eveneens of de lading slechts gedeeltelijk uit hout bestaat of dat zich een opperlast op het schip bevindt.

Bij gemengde ladingen, waarvoor gehouden worden dezulke, die uit gezaagd en ongezaagd hout bestaan, zal het beginsel, van de rechten bij den invoer met ongebroken last steeds naar den vollen inhoud der schepen te heften, in dezer voege worden toegepast: de werkelijk aanwezige tonnen gezaagd hout zullen van het getal tonnen, in den meetbrief vermeld, worden afgetrokken, en het verschil beschouwd worden de lading ongezaagd hout te zijn.

Onder dezen post kunnen worden toegelaten duighout, ruwe duigen, wagenschot, pvjphout, vathout en masten, een gedeelte (d) uitmakende eener volle lading scheepsbouw- en timmerhout, ter zee met ongebroken last aangevoerd, doch geen brandhout. Bijz. Bepaling, Wet 1862.

(a) Bij invoer zonder vermelding, of het met gebroken of ongebroken last is aangekomen, behoort het hout onder de rubriek Scheepsbuuw- en timmerhout, alle ander niet afzonderlijk genoemd. In dat geval moeten vorengemelde delen als gezaagd hout beschouwd worden. Verg. res. 21 Aug. 1858, no. 24, V. no. 79.

(b) Nopens de beteekenis van het woord uiterlijk is opheldering gegeven bij de res. van 18 Sept. 1857, no. 44, V. no. 69. De eerste zinsnede dezer aanteekening kwam namelijk reeds voor in eene Bijz. Bepaling op de Wet van 1854. (Red.)

(c) Hoewel het hierbedoelde hout bij de Wet van 1877 van invoerrecht is vrijgesteld, kwam het toch wenschelijk voor, deze Bijzondere Bepaling en die, opgenomen in de aantt. 4 en 14, te behouden en zulks met het oog op de invulling der thans in te leveren vrije aangiften en de opgaven voor de Statistiek. (Red.)

(rf) Bestaat de lading geheel uit de hiergenoemde soorten, dan moeten zij onder hunne werkelijke benaming worden aangegeven, en niet als Scheepsbouw- en timmerhout, ter zee met ongebroken last aangevoerd. (Red.)

(13) Scheepsbouw- en timmerhout ter zee met ongebroken last aangevoerd, moet worden aangegeven en op de Statistieke staten voor den gewonen invoer worden vermeld per ton van l\'/o M3., zijnde de maatstaf, waarnaar vroeger, ingevolge de Wet van 1862, het invoerrecht werd geheven. De wetgever van 1862 heeft bij de vaststelling van het recht in aanmerking genomen den inhoud der schepen, zooals deze bepaald werd volgens de destijds geldende regelen. Sedert de berekening geschiedt op den voet van het Kon. besluit van 21 Aug. 1875, S. no. 146, V. no. 114, moet de inhoud, in de nieuwe meetbrieven en herleidingscertificaten in M3. vermeld, door 2,214 worden gedeeld om te worden teruggebracht tot tonnen van l\'/o M3. [a). Zie res 27 Dec. 1875, no. 10, V. 1876, no. 2.

(a) Door 2,83 deelende verkrijgt men het aantal register-tonnen. Zie V. 1875, no. 70. art. 3.

Vrij

Vrij Vrij

-ocr page 94-

HOU.

171

172

A K T I K E L E N.

HOUT. Scheepsbouw- en timmerhout, alle andere niet afz. genoemd:

„ „ *(17) ongezaagd (14). Wet 1877 ........

„ „ s(17) gezaagd. Wet 1877 .........._ .

„ „ *(18) wagenschot met de wrakken (12). Wet 1871 .

„ „ *(18) pijphout met de wrakken (12). Wet 1877 . .

„ „ *(18) vathout (15) met de wrakken (12). Wet 1877 .

„ „ *(17) masten (12), spieren, riemen (10) en hout tot

kandijkistjes. Wet 1877 ...........

(12) Zie deze aant. hierboven.

(14) Onder dezen post kunnen worden toegelaten de delen, waaruit de vloeren en hutten op de afkomende vlotten zijn samengesteld, doch in geene meerdere hoeveelheid dan van 4 M3. voor elke 100 M3., welke het vlot bevat. Nog worden onder dezen post toegelaten, boomstammen ten dienste der spoorwegen, en slechts eenmaal in de lengte doorgezaagd, en al dan niet in het ruwe behakt. Bijz. Bepaling, IVel 1802 (quot;).

(a) Zie hierbij noot c op aant. 12 hiervoor.

(15) Onder ruwe duigen kan niet gerangschikt worden Klap- of dnighout, dat, nog geen daigen zijnde, alleen bestemd is daartoe verwerkt te worden, en dat, met het oog op zijne afmetingen en bestemming, beter geacht kan worden te behooren tot het vathout. (Eed.)

(10) Aireen de in het ruwe bekapte of zoogenaamde beslagen riemen behooren onder dezen post; de geschaafde of afgewerkte behooren onder Houtwerk (n). Bij-. Bepaling, Wet 1802. Yerg. ook aant. 1. (a) Geschaafde riemen worden, ook al zijn ze niet geheel afgewerkt, belast als Houtwerk, dus ook geschaafde houten riemen, zuiver glad bewerkt en gaaf gevormd, waarvan alleen de uiteinden dunner moeten worden gemaakt om behoorlijk gehanteerd te kunnen worden. (Eed.)

(17) Voor de Statistiek van den invoer naar de waarde te vermelden. (Eed.)

(18) Voor de Statistiek van den invoer het aantal stuks op te geven.

(Eed.)

„ *(20) Verfhout van alle soorten (19). Wet 185-4......

(19) Hieroader wordt blijkbaar alleen verstaan ongemalen verfhout.

(Eed.)

(20) Voor de Statistiek gesplitst op te geven;

Verfhout, ongemalen. Brazilet- en Sapanbout.

„ „ Campóchehout.

„ „ Fernambuckhout.

„ „ Alle ander. Bes. 14 Maart 1804, no. 17, V. no. 30.

„ *(21) Verfhout. Gemalen, gesneden of geschaafd. Wet 1802.

(21) Voor de Statistiek gesplitst op te geven:

Verfhout, gemalen, gesneden of geschaafd, Brazilet- en Sapanhout. „ „ „ „ „ Campêchehont.

„ „ „ „ „ Fernambuckhout.

ij n i, „ ii Alle ander.

lies. 14 Maart 1804, no. 27, V. no. 30.

„ *Waardcn of wilgenhout, tcenen, twijgen, rijs, staken, gaarden en stokrijs, geen hoephout zijnde, of onbekwaam tot het

maken van hoepen. Wet 1802 ............

HOUÏBIJTS (1), als Vernis, met alcohol bereid. Zie den post Gedistilleerd (2). (l?ed.)...................

(1) Dit artilrel is eene, hoofdzakelijk alcohol bevattende, oplossing van schellak in ammoniak, gemengd met een weinig kleurstof, alsmede houtgeest en eene zeer geringe hoeveelheid aether. Het alcoholgehalte is niet onbelangrijk, terwijl het gehalte aan houtgeest veel te gering is om de stof als gemethyleerd gedistilleerd te beschouwen. (Eed.)

(2) Zie hierbij de aantt. 1, 3, 5, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

HOUTEN BEELDEN, als Houtwerk. (Red.).........

„ BLOKKEN,voor drukplaten, als Hout, fijn workhout, gezaagd.

\'(Eed.)

„ DELEN, als Hout, scheepsbouw- en timmerhout. Renvooi,

Wet 1845, en Wet 1877 ...............

„ DOOSJES, bestemd om hier te lande met lucifers of schoensmeer te worden gevuld, als Houtwerk. (Red.).....

„ PUSTEN. Zie Vaat- en kuipwerk..........

„ HA HERSTELEN (1). (Red.).............

(1) Zie hierbij aant. 2 op den post Gereedschappen.

Maatstaf.

de HL. ad 50 pet.

waarde

waarde

-ocr page 95-

HOU.

174

173

A K T I K E L E N.

HOT\'TEN HEKLATTEN, namelijk latten, gezaagd en geschaald, en ook blijkens hunne afmetingen en den spitsen vorm van een der uiteinden, bewerkt tot beklatten of hekstijlen, als Houtwerk. Bes. 13 Sept. 1890, no. 21, V. no. 92.......

„ KISTEN, geheel afgewerkt en pasklaar, al worden ze in bundels ingevoerd om hier te lande nog ineen te worden

gezet, als Houtwerk. (Red.)............

„ KOKERTJES, dienende tot bekleeding van condensorpijpen,

als Houtwerk. (Red.)...............

„ LATJES, geschaafd, bestemd voor luciferfabrieken. (Red.) . „ LATTEN, voor lijsten, enkel gezaagd en geschaald. Ècs.

29 Juli 1882, no. 10, V. no. 70............

„ LIJSTEN (z.g. kopstukken), als Houtwerk. (Red.). . . . „ LUCHTKOKERS of VENTILATORS, dienende tot het aanvoeren van lucht, in van buitenslands aangevoerde ladingen

rijst. (Red.)...................

„ MODELLEN, voor hoeden (2), als Gereedschappen. Bes. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96, bevestigd bij Bes. 19 Nov. 188G, no. 15, V. no. 105.................

(2) Zie ook Houten vormen.

„ MODELLEN voor een stoombaggermolen. (Red.).....

„ NAAIKISTJES, als Houtwerk. Bes. 5 April 1855, no. 180. „ NAGELS, onbewerkte voor scheepsgebruik, als Hout, scheepsbouw- en timmerhout, niet afz. genoemd, ongezaagd. (Red.).

„ NAVEN voor wielen. Zie Naven...........

„ OMVATSELS voor zeef bladen, zoodanig bewerkt, dat die bladen slechts daarin behoeven te worden gespannen, om een volkomen zeef te vormen, als Houtwerk (3). Bes. 15 Mei 1863, no. 106, V. no. 73...............

(3) Zijn de omvatsels echter slechts eenvoadigo banden of reepen, wier uiteinden nog niet zijn samengevoegd, dan wordt daarvan geen invoerrecht geheven. (Eed.)

„ PLANKEN, als Hout, scheepsbouw- en timmerhout. Renvooi, Wet 1845, en Wet 1877 .............

„ PLANKJES, aan alle kanten zuiver afgewerkt en daarenboven pasklaar, zoodat zij enkel naast elkaar behoeven te worden gelegd om een parketvloer te vormen (4), als Houtwerk. Bes. 16 Aug. 1890, no. 9, V. no. 80..........

(4) Zijn de plankjes niet zoover afgewerkt, dan worden ze vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed.)

„ PLANKJES, onderdeelen van parketvloeren zijnde, en reeds in don vorm van sterren, ruiten, enz. aan elkander bevestigd, als Houtwerk. Bes. 16 Aug. 1890, no. 9, U. no. 80. . „ PLANKJES voor sigarenkistjes, eau de colognekistjes, enz., al zijn ze geschaafd. Bes. 22 Oct. 1877, no. 25. V. no. 96 . . „ PLATEN voor stoven, als Hout, scheepsbouw- en timmerhout, niet afz. genoemd, gezaagd. Bes. 6 Maart 1851, no. 125, V. no. 33 (5), en Wet 1877 .............

(5) Bij voormelde res. werd verder bepaald, dat de bedoelde platen, wanneer ze geschaafd zijn, onder de rubriek Houtwerk behooren. Deze beslissing is blijkbaar gewijzigd door de Wet van 1877. Zie daarover res. G Juni 1877, no. 71, V. no. ai, § 3, opgenomen in aant. 1 op Hout.

„ RAAMSTIJLEN. Midden —, geheel gereed en geschikt om zonder verdere bewerking in het raam te worden bevestigd,

als Houtwerk. (Red.) ...............

„ RAMEN, dienende voor de oestercultuur tot het opvangen van broed of jonge oesters, ter vervanging van de gebruikelijke dakpannen, als Houtwerk. (Red.)........

„ RANDEN of REEPEN voor zeefbladen. Zie Houten Om-vatsels.

„ ROLLEN of SCHIJVEN voor stoomspinmachines, doch ook voor andere doeleinden geschikt, bijv. voor wielen van wagentjes, als Houtwerk. (Red.)...........

Mavtstaf.

waarde

waarde waarde

waarde

waarde waarde

waarde

waarde

waarde

waarde

waarde waarde

waarde

5 pet.

-ocr page 96-

HOU. — HUI.

175

17G

ARTIKELE N.

HOUTEN ROOSTERS voor een gaszuiveringsmachine. Tarief wet

Tt. en IC., blz. 178.................

„ SCHOENPENNEN. Bes. 22 Oct. 1877, no. 25, F. no. 96 . . „ SCHRIJFCASSETTEN, als Houtwerk. Res. 3 Febr. 1859,

no. 127.....................

„ SIGARENKISTJES, als Houtwerk. Ren. 6 Januari 1853,no.24. „ TABAKSKISTJES, als Houtwerk. Res. 6 Januari 1853, no. 24. „ THEEKISTJES, als Houtwerk. Res. 5 April 1855, na. 180.

„ VATEN. Zie Vaat- en kuip werk..........

., VELUEN voor wielen. Zie Velgen..........

„ VLEESCHPENNEN, als Houtwerk. (Red.)......

„ VORMEN voor mans- en vrouwenhoeden zijn bij de Res. van 31 Dec. 1864, no. 170, V. 1865, no. 9, gelijkgesteld met Houten modellen voor hoeden, en moeten dus, volgens de Res. van 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96, gerangschikt worden onder

de Gereedschappen...............

„ WERKDOOSJES, als Houtwerk. Res. 26 April 1855, no. 67. „ WIELSI\'AKEN, al dan niet geheel afgewerkt (6), als Wagen-makerswerk. Res. 10 Nov. 1882, no. 54, V. 710. 113 . . .

(6) Zie hierbij Wagcnspeckcn.

„ WIKKEL VORMEN, dienende om in sigarenfabrieken aan het binnenwerk van sigaren den vereischten vorm te geven, als Fabriekswerktuigen. Res. 30 Dec. 1876, no. 171, V. no. 128, en Wet 1877 ...................

HOUTAZIJN, als Azijn. Res. 8 Juli 1845, no. 149, V. no. 101.

HOUTGEEST. Zie den post Gedistilleerd...........

HOUTGLAZUUK, eene compositie van hars met een belangrijk

alcoholgehalte, als Gedistilleerd (1). (Red.).........

(1) Zie hierbij, nopens recht en accijns, aantt. 1,11 en 12 op den post Gedistilleerd.

HOUTJES voor de vervaardiging van lucifers. Res. 26 Juli 1884, no. 57, V. no. 81....................

HOUTPAP, een opgeloste houtstof, onder bijvoeging van lompen, gebezigd wordende tot vervaardiging van papier, dat echter wegens zijne broosheid niet als bordpapier gebruikt kan worden. (Red.) .

(1) HOUTSKOLEN. Wet 1862 . . .............

(1) Voor de Statistiek te rangschikken onder Kolen, houtskolen. (Eed.)

HOUTSTOF (cellulose), dienende tot vervaardiging van papier. (Red.).

HOUTTEEROLIE. Zie onder Olie ........

HOUTWERK. Zie den post Hout............ .

HOUTZURE ALUINAARDE (pyrolignite d\'alumine) en HOUTZUUR IJZER (iron liquor, pyrolignite de fer) (1), alsmede alle andere soortgelijke vloeistoffen, met azijn of houtzuur bereid en uitsluitend bestemd ten gebruike voor werkzaamheden in door den Min. van Fin. aangewezen fabrieken. Kon. besluit 26 Nov. 1876, S. no. 236, V. no. 114 (2).....................

(1) Mede nog in den handel bekend onder de namen Eisenbeisz en lied liquor.

Zie de vervallen res. van 9 Januari 1808, no. 138, V. no. 3.

(2) Zie hierbij de Bijz. Bepaling op den post Azijn.

HOUTZUUR. Zie den post Azijn.

HOUTZUUR IJZER. Zie Houtzure Aluinaarde.......

HOUWEELEN. IJzeren —, als Gereedschappen. Res. 15 Januari 18Q2, no. 57, en Wet 1877...................

HUIDEN, VELLEN (1) en LEDER (1), vervalt, met uitzonde-king van:

„ ^bereide pelterijen (2) (3).............

„ ^Zadelmakers-, schoenmakers-, koffermakers- en alle ander niet afzonderlijk belast lederwerk (4). Wet 1877.

(1) De verschlliende soorten van vellen en leder zijn in deze ïabel onder hunne bijzondere benamingen opgenomen. Zie ook de rubrieken Vellen en Leder.

(2) Onder Bereide pelteryen zijo begrepen huiden en vellen met hunne wollen bereid ia). Jlijz. Bepalinq, Wet 1862 mi Hes. (i Juni 1877. no. 71, V. no. 54.

(«) Ook met hun wol bereide sehapevellctjes. fRod.)

Maatstaf

waarde waarde waarde waarde

waarde waarde

waarde waarde

de liter

do HL. ad 50 pot.

100 kgr. waarde

waarde waarde

-ocr page 97-

HUL

177

178

ARTIKELEN.

Maatstaf.

Rechten.

(3) De bedoeling der res. van 17 Nov. 1864, no. 7 {Niet in de Verz.) is geenszins dat alle huiden en vellen, met hun wol of haar bereid, onder de Bereide pellerijen zouden behooren. De Bljz. Bepaling, opgenomen op de Tariefwet van 1862 (zie aant. 2 hiervoor) heeft kennelijk alleen betrekking op huiden en vellen, die als Pelterijen zijn aan te merken. Kalfsvellen met aluin bewerkt, ten einde daarvan ransels, enz. te vervaardigen, behooren volgens het algemeen spraakgebruik niet tot de bereide pelterijen, maar tot de bereide kalden en vellen. Res. 21 Maart 1873, no. 11, V. no. 48.

(4) Wellicht kan uit de Wet van 1845 worden afgeleid, dat hieronder ook Goudleder behoort. In Weekblad no. 742, blz. 3, wordt echter de meening voorgestaan, dat Goudleder vrij van invoerrecht is.

Zie hierbij ook hot arrikel Laarzen.

HUIDEN, VELLEN EN LEDEE. Afval van — (5),als Lijmvleesch.

Renvooi, Wet 1845.................

(5) Hieronder zijn niet begrepen de zijstukken van gelooide huiden, waarvan de middelstukken of ruggen zijn uitgesneden, als behoorende onder gelooide en bereide huiden.

Onder afval van leder kan niet anders worden verstaan, dan zoodanige snippers van gelooide en bereide huiden en vellen, die hoegenaamd geen waarde of geschiktheid hebben, om door schoenmakers, zadelmakers of koftermakers gebruikt te worden. Res. 31 Maart 1841, no 43, V. no. 50, en 11) Febr. 1849, no. 71, F. no. 13, en Bijz. Bepaling, Wet 1850.

„ quot;*(8) Alle niet afzonderlijk belaste, onbereide huiden (6), hetzij versch (7), gezouten of gedroogd. JFet 1862, en Res. 10 Oct. 1862, no. 105, V. no. 105................

(6) Uit de Tariefwetten van 1822 en 1845 blijkt, dat hieronder ook behooren de onbereide buffel-, elands-, herts- en reehuiden, de bokke-, geite-, kalfs- en hondevellen. (Red.)

(7) Zie, nopens het verbod van invoer van versche huiden, aant. 2 op art. 19.

(8) Voor de Statistiek worden versche, gedroogde en gezouten huiden elk afzonderlijk opgegeven. Res. 14 Maart 1864, no. 27, F. no. 36.

„ *(14) Bereidè huiden en vellen van alle soorten (9—13), die van robben en andere zeedieren daaronder begrepen, en perkament. Wet 1877 ...............

(9) Krachtens de Wet van 1845 werd een verschillend recht geheven van gelooide en bereide huiden, niet afzonderlijk belast, en van bereide vellen van robben, enz. Bij de Wet van 1862 werd voor beide soorten hetzelfde recht vastgesteld, terwijl zij thans, volgens de Wet van 1877, beide vrygesteld zijn van invoerrecht. (Red.)

(10) Blijkens de Wet van 1845, zullen onder de hiergenoemde bereide huiden en vellen van alle soorten ook gerangschikt moeten worden de bereide vellen van hazen en konijnen, benevens wit kabret-, marokijn- (a), saffiaan-, kordovan- of corduaan-, verlakt- en zeemleder (6). (Red.)

Ook verlakte koehuiden behooren tot de, thans van invoerrecht vrijgestelde, bereide huiden. Zie res. 18 Dec. 1862, no. 91, V. no. 144.

Zie hierbij ook Leder voor drijfriemen.

(a) Mede volgens Renvooi, Wet 1845. Zie verder aant. 1 op Marokijn.

(b) Zie, nopens zeemleder, ook de res. van 18 Dee. 1802, no. 91, V. no. 144.

(11) Verg. mede aant. 5 hiervoor.

(12) De veronderstelling, dat deze huiden en vellen nimmer zouden zijn te rangschikken onder Pelterijen, is geheel onjuist, daar toch die huiden eene soort van bereiding kunnen ondergaan, waardoor zij als bontwerk, tot versiering van mans- of vrouwenkleederen dienstbaar gemaakt worden, en alsdan kennelijk tot Pelterijen behooren, hetgeen bepaaldelijk ook het geval kan zijn ten aanzien van lams-, haze- of konijnevellen (a). Res. 16 Januari 1857, no. 39, V. no. 9.

(a) Alsmede ten opzichte van bereide vellen van zeehonden en zeekalveren.

(lied.)

(13) Zie, nopens huiden en vellen met hunne wol bereid, aant. 2 hiervoor.

(14) Voor de Statistiek afzonderlijk op te geven. Bereide huiden en vellen van alle soorten, Verlakt- en zeemleder en Perkament (a), en, wat de Statistiek van den invoer betreft, de waarde te vermelden. (Red.)

(«) Zie aant. 10 hiervoor.

„ *(15) Juchten. TFci 1877 ..............

(15) Voor de Statistiek van ilen invoer naar de waartic op te seven.

(Ked.)

Vrij

Vrij

Vrij

Vrij

-ocr page 98-

HUI. — IJZE.

180

179

ARTIKELEN.

Maatstaf.

Hechtex.

*(16) HUIDEN, VELLEN EN LEDEE. Onbereide pelterijen. TF^1862.

(16) Zie, nopens de vermelding op de Stat. staten, res. 15 Januari 1863, no. 68, V. no. 22.

„ *(17) Onbereide schape-, lams- en konijnevellen, hetzij versch, gedroogd of\' gezouten. Wet 1862 ...........

(17) Blijkens de van Regeeringswego uitgegeven Statistieke opgaven te splitsen in:

onbereide schape- en lamsvellen, hetzij versch, gedroogd of gezouten; en onbereide haze- en konijnevellen, hetzij versch, gedroogd of gezouten.

(Red.)

„ ^\'Onbereide vellen van robben en andere zeedieren. Wet 1862.

„ Schapenleder, geverfd, ook al is het als marokijn bewerkt, als gelooide en bereide huiden. Jien. 7 Maart 1848, no. 66, V. no. 25....................

K(20) Zooileder en tuig- of zaalleder (18) (19). Wet 1877 . .

(18) Zie, nopens hetgeen onder zool-, tuig- en zaalleder verstaan moet worden, de res. van 18 Dec. 1862, no. 91, Y. no. 144.

(19) Het hiergenoemde leder is ook vrij van invoerrecht, wanneer het in quot;oepaalden vorm gesneden is. (Eed.)

Verg. hierbij ook aant. 1 op Laarzen.

Zie, nopens de toepassing van een invoerrecht van 5 pet. voor zooien en stukjes zooileder, op maat gesneden en dus eene bewerking ondergaan hebbende, waardoor zij dadelijk voor het gebruik geschikt zijn, dc Fiscus, no. 427, blz. 93.

(20) Yoor de Statistiek van den invoer naar de waarde op te geven.

(Eed.)

HTJILE EMPYREUMATIQUE. Zie Olie, dierlijke.......

HUIS- en DAKPANNEN. Aarden —. Zie onder Aardewerk. . .

„ Glazen —, als Glas en glaswerk. Renvooi, Wet 1845. . . HUISKAPJES van gedrukt merinos, als Manufacturen, lies. 16 Januari 1857, no. 89...................

„ Zoogenaamde —, in den vorm van Grieksche mutsen en van geringe waarde, als Modewaren. itVs. 5 Mei 1847, no. 99,

V. no. 71....................

HULZEN. Zie Isoleerhulzen en Papieren hulzen.

HYDRAULEN en IJZEREN WINDEN voor bruggen (onderdeelen

van bruggen), als Ijzerwerk. (Red.)............

HYDRAULISCHE LOOPKRANEN. Zie onder Kranen. HYDRAULISCHE TREKMACHINE. Zie onder Machines. IEREMMERS. Zie Emmers.

*IJS is, blijkens de van Regeeringswege uitgegeven Statistiek, vrij

van invoerrecht. (Red.).................

IJSAZIJN, als Azijn. Tariefwef R. en K., blz. 66.

IJSBREKERS of 1JSPLOEGEN, in vorm gelijk aan gewone stoomschepen, als Schepen, schuiten en vaartuigen, enz.......

IJ3BUSSEN zijn aan invoerrecht onderworpen naar hun hoofdbestanddeel, al zijn ze ook bestemd om bij de zuivelbereiding gebruikt te worden, daar deze bijzondere bestemming niet uit dc inrichting blijkt (1). Res. 4 Vee. 1891, no. 45, V. no. 117.........

(1) Zie hierbij aant. 5 op Gereedschappen.

IJSMACHINES. Zie Machines, koel- en ijsmachines.

IJZER, vervalt, met uitzondering van:

*1JZERWEEK (1—2), GEGOTEN, GESMEED, GESLAGEN of GEPLET, NIET AFZ. BELAST (A), ALSMEDE AAMBEELDEN (3) (4). WET 1877.

Bijzondere Bepalingen.

(A) ijzer, gegoten in ruwe blokken of stukken, zoogenaamde schuitjes tot ballast, smeed-, staf-, eoed-, band-, plaat-, hoeken T-ijzek, al of niet gegalvaniseerd, hetwelk geen voltooid ijzerwerk, maar bloot gevormd is om er toe verwerkt te worden, ijzerdraad, sporen, lasch- en verbindingsplaten voor spoorwegen, gegoten of getrokken ijzeren gaspijpen (d), gegoten of getrokken ijzeren buizen voor waterleidingen {ll—c), oud ijzer, afval van ijzer, hamerslag en vijlsel behooren niet onder den post Ijzerwerk\'.

(a) Tot onderlinge verbinding van gaspijpen en buizen voor waterleidingen dienen gegoten of getrokken fittings. (Red.)

waarde waarde

waarde

waarde

waarde

waarde

waarde

-ocr page 99-

I.TZE.

181

182

ARTIKELEN.

Maatstaf.

Hechten.

Deze zijn alleen dan van invoen-echt vrij te stellen, wanneer zij als onderdeelen van de daartoe bestemde pijpen of buizen zijn aan te merken, dus de korte buisvormige van In- of uitwendigen schroefdraad voorziene verbindingsstukken dier leidingen. De vrijstelling strekt zich niet uit tot phificjen, sluitstukken en /Zenzen voor gas-en waterleidingen, welke, ofschoon in den handel ook onder den algemeenen naam van fittinris begrepen, evenals gassuigt;hons en syphonjwtteu, belast zijn als Ijzerwerk, lies. 18 Nov. 1892, no. 13, V. no. 107.

(b) Daar enkel gegoten of getrokken ijzeren buizen zijn genoemd als vrijgesteld, moet van z.g. straatkoppen, afsluitkranen, kraankasten, brandkranen en andere onderdeelen van waterleidingen invoerrecht worden geheven. Ites. 2 Aiiff. 1888, no. 22, V. no. 92,

Zie hierbij ook IJzeren Moffen.

(c) Alleen die buizen worden als vrijgesteld aangemerkt, welke bestemd zijn voor (jas- of waterleiding. Buizen of pijpen tot afvoer van water van daken, voor verwarmingstoestellen, heetwaterovens en dergelijke zijn belast, (lied.)

Zie ook aantt. 10—12 hierna.

Vrij Vrij Vrij

(1) Yan ijzerwerk, vertind of met tin bedekt, is het recht verschuldigd als van IJzenverk. Verg. Éijz. Bepaling, Wet 1828.

Van voorwerpen, samengesteld uit ijzer en tin, zooals Neuwiedsch keukengereedschap en dergelijken, is het recht van Ijzerwerk verschuldigd. Bijz. Bepaling, Wet 1830.

(2) Zie, nopens deelen van schepen, aant. 1 op Schepen, deelen van —.

(3) Bij de behandeling van het ontwerp der Wet van 1877 in de Tweede Kamer is de post Gereedschappen, tengevolge amendement, vervallen. Aangezien daarbij niet tevens voorgesteld was om ook Aambeelden, afzonderlijk in het ontwerp genoemd en behouden onder de rubriek IJzenverk, vrij te stellen, zijn deze, ofschoon ook eigenaardig tot de gereedschappen behoorende, belast gebleven («).

(Red.)

(«) Dit is ook het geval met dc suikerbakkersvormen, genoemd in de rubriek

Pottenbakkersiverk onder den post Aardewerk. (Red.)

Zie ook Spiauter, gereedschappen van —.

(4) Aambeelden kunnen niet onder de vrijgestelde gereedschappen worden gerangschikt, als zijnde uitdrukkelijk genoemd onder de rubriek Ijzerwerk. Ook aambeelden in draagbare smederijen (zoogenaamde veldsmidsen) zijn belast. Zie Hes. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 9G.

Er wordt geen onderscheid gemaakt tusschen gewone aambeelden en die, welke in fabrieken onder den stoomhamer gebezigd worden. (Red.)

Aambeeldjes voor goud- en zilversmeden, enz. zijn ook belast. Res. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124.

*1JZER. Gegoten —, in ruwe blokken of stukken, zoogenaamde schuitjes tot ballast. Wet 1854, en Bijz, Bepaling op den post

IJzer......................

„ *Oud ijzer, afval van ijzer, hamerslag en vijlsel. Wet 1845, en Bijz. Bepaling op den post IJzer, alsmede Bes. 10 Oct. 1802,

no. 105, F. no. 105................

„ *Smeed-, staf-, roed-, band- (5) en plaatijzer (0), alsmede lasch- en verbindingsplaten voor spoorwegen (7), enz. (8). Wet 1854, en Bijz. Bepaling op den post IJzer......

(5) Stukken bandijzer van bepaalde afmeting, welke dienen moeten tot verpakking van balen manufacturen, hooi, enz., en voorzien zijn van oogen of gaten om door middel van een spie verbonden te worden, zijn belast als Ijzerwerk. (Red.)

(6) Volgens de res van 7 Aug. 1855, no. 95, V. no. 64, behooren onder de hiergenoemde alleen die ijzersoorten verstaan te worden, door de nijverheid gebezigd tot het verkrijgen van ijzeren voorwerpen van verschillenden aard en vorm, welke als grondstof te beschouwen en voor veelsoortig gebruik en onderscheidene bestemming geschikt zijn.

Hetzelfde is het geval met hoek- en quot;Y-ijzer, ofschoon dit een eigen-aardigen oorspronkelijken vorm bezit. Zie res. 27 Dec 1855, no. 67, V. no. 125.

Verg. ook aant. 8 hierna.

Bij res. van 15 Sept. 1897, no. 14, V. no. 98, is nader bepaald, dat alle vlakke of gegolfde ijzeren en stalen platen, al of niet gegalvaniseerd en ongeacht haren vorm — dus ook ronde — als onbelast plaatijzer zijn aan te merken. Hebben de platen eene verdere bewerking ondergaan, zijn daarin bijv. gaten aangebracht, dan is het recht van 5 pet. der waarde verschuldigd, tenzij zij moeten dienen voor den bouw van een schip of voor de vervaardiging van stoomketels of andere van invoerrecht vrijgestelde werktuigen.

(7) Zie aant. 1 op Spoorwegen.

(8) Aldus luidt de rubriek in de Statistieke opgaven, maar blijkens de Bijz. Bepaling, hierboven bedoeld, moet hieronder ook gerangschikt worden hoek- en -ijzer, al of niet gegalvaniseerd («), terwijl mede

-ocr page 100-

JJZE.

184

183

AKTIKELEN.

Maatstaf.

Eeciiten.

volgens gemelde Bijz. Bepaling, al het genoemde ijzer geen voltooid ijzerwerk is, maar bloot gevormd om er toe verwerkt te worden. Zie ook aant. 0 hiervoor (Red.)

(a) Ook bij de res. van 6 Juli 1851, no. 77, V. no. 73, werd dienaangaande geen onderscheid gemaakt, daar het galvaniseeren alleen plaats heeft om het ijzer voor roesten te bewaren.

*(\'.)) IJZER. Erts. Wet 1854 ................

Vrij

(9) Zie, nopens de afzonderlijke vermelding op de Statistieke staten, res. 12 April 1809, no. 23, V. no. 51.

„ *(13) Gaspijpen en buizen voor waterleidingen (10—12). Bijz. Bepaling op den post User.............

Vrij

(10) Volgens gemelde Bijz. Bepaling worden hier bedoeld gegoten of getrokken ijzeren pijpen of buizen. In de Statistieke staten komt j die bijvoeging echter niet voor. (Red.)

(11) Buizen voor gas- en waterleidingen hebben slechts eene gewone bewerking ondergaan. Derhalve zijn buizen, aan beide uiteinden van ; een opstaanden kraag voorzien en daarachter een losse verschuifbare llens met drie openingen, belast als Ijzerwerk. Deze buizen kunnen I dienen voor warmtegeleidingen, enz. (Red.)

IJzeren, gegoten Henspijpen. ten dienste van een buizennet voor een waterleiding, worden vrij van invoerrecht toegelaten (a). (Red.)

Getrokken ijzeren pijpen voor putboring worden als Ijzerwerk belast. (Red.)

Ook gegoten, ijzeren buizen, dienende tot afvoer van vuil water, enz. (soil-pipes), worden belast als Ijzerwerk. Wel hebben deze buizen den vorm van gewone waterleidingsbuizen, doch zijn daarvan te onderscheiden door den vorm hunner sockets en de mindere stevigheid van hun bouw. (Red.)

Verg. verder de Bljz. Bepaling hiervoor, met de nooten.

(a) Over dc gevallen, waarin Henspijpen aan invoerrecht zijn onderworpen, komen beschouwingen voor In Weekblad, nos. 1290—1293 en in dc Fiscus, no. 503, blz. 348.

(12) Afvoerpijpen, bestemd voor den afvoer van water van daken, zijn blijkbaar niet te begrijpen onder buizen voor waterleidingen. Zij worden dan ook, evenals de ver gade rbakken, ellebogen en de verbindingsstukken, algemeen als Ijzerwerk belast. (Red.)

(13) Zie, nopens de vermelding op de Stat. staten, res. 14 Maart 1864. no. 27, V. no. 3G.

*(15) IJzer touwwerk (14). WH 1877, en Hes. 6 Juni 1877, no. 71, 1\'. no. 54, §§ 3 en 4.............

(14) /Jzcf touwwerk bestaat, volgens de res. van 24 Juni 1858, no. 57. V. no. 63, uit ijzeren draden, die gegalvaniseerd en tot verschillende dikten ineengedraaid zijn, en in verschillende lengten aan rollen worden ingevoerd.

(15) Voor de Statistiek van den invoer naar het (jcwicht op te geven.

(Eed.)

*(17) Nagels en spijkers (16). Wet 1877, en Ras. 6 Juni 1877. no. 71, V. no. 54, §§ 3 e« 4.............

(16) Ook vertinde nagels en spijkers worden vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed.)

Evenzoo ijzeren spijkertjes met getigureerde koppen, al zijn deze eenigszins versierd, alsmede ijzeren meubelspijkertjes niet koperen of vernikkelde koppen. (Eed.)

Zie hierbij IJzeren stiften.

(17) Voor de Statistiek van den invoer naar het gewicht op te geven.

(Eed.)

Profielijzer, zooals het uit de walsen komt, en bestemd om daarvan dwarsliggers te vervaardigen. (Red.) . . . . . . Raam- en kruiwagenijzer en ploegplaten. lies. 7 Januari 1803,

no. 13, lr. no. 14................

*(10) Scheepsankers, seheepskettingen (18) en scheepsspillen. Wet 1877, en Hes. 0 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, §§ 3 en 4.

(18) Seheepskettingen zijn thans vrij van rechten, mits van andere kettingen voldoende te onderscheiden.

Als seheepskettingen kunnen zonder betaling van invoerrecht worden toegelaten: kettingen van dichtgesmede ovaalvormige schalmen van rond ijzer, die bij het strekken van den ketting om den anderen een liggenden en een staanden stand aannemen en geen mindere ijzerdikte hebben dan van :\'/io Eng. duim — 4,76 ni.M., onverschillig overigens

Vrij

Vrij

Vrij Vrij Vrij

-ocr page 101-

IJZE.

180

1.S5

ARTIKELE N.

Maatstaf.

Rechten.

of de kettingen al dan niet gegalvaniseerd zijn. Ook is liet onverschillig welke lengte deze kettingen hebben. Kettingen, die niet aan voormelde omschrijving voldoen, zijn belast als Ijzerwerk, tenzij zij in de termen van vrijstelling vallen als onderdeelen van niet aan invoerrecht onderworpen werktuigen. Hex. 16 April 1886, no. 13, V. no. 12, en 10 jVbi\'. 1897, no. 73, V. no. 118.

Volgens dc Fiscus no. 127, blz. 91, worden ook gebruikte ijzeren kettingen, dienende tot het vastsjorren van goederen op open wagons van spoorwegmaatschappijen, vrij van invoerrecht toegelaten.

Verg. hierbij aant. 2 op Spoorwegen.

(19) Voor de Stat. van den Invoer naar de waarde op te geven. (Bed.) Zie hierbij res. 22 Febr. ISdó, no. 18, V. 1872, no. 11.

:lt;(21) IJZER. Spoorstaven (20). Wet 1854, en Bijz. Bepaling op den post IJzer....................

(20) Zie hierbij aant. 1 op Spoorwegen.

(21) Zie, nopens de vermelding op de Stat. staten, res. 1-1 Maart 1864, no. 27, V. no. 36.

UZERBLIK (1). Gegalvanisoercl — of gegalvaniseerd geslagen plaatijzer (2), als Plaatijzer; zie onder Ijzer. Re*. 8 Oet. 1862, ■no. 35.....................

(1) Hieronder mede te begrijpen gevernist en gedecoreerd ijzevblik in bladen, want, ofschoon dit blik eenige bewerking heeft ondergaan, kan het toch niet onder blikwerk (voorwerpen van blik) worden gerangschikt. (Eed.)

(2) Opgerolde strooken van gegalvaniseerd plaatijzer of ijzerblik worden ook algemeen vrij van invoerrecht toegelaten. (Ked.)

,, (3) Wit — in bladen. Wet 1802, en Hes. 16 Oct. 1862, no. 94.

(3) Op de Stat. staten te vermelden onder de rubriek BI ik, wit ijzerblik in bladen, (lied.)

#(2) IJZERDRAAD (1). Bijz. Bepaling op den post User.....

(1) Zeer dun ijzerdraad, afgeknipt in stukken van bepaalde lengte, wordt ook nog vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.)

(2) Op de Stat. staten te vermelden onder de rubriek Ijzer, ijzer-draad. (Red.)

„ Gegalvaniseerd of verkoperd. (Red.)..........

„ „ met daaraan bevestigde punten, als Ijzerwerk. (Red.).

- „ Gevlochten —, met stekelpnnten (z.g. stekeldraad) en de daarbij behoorende krammen, dienende tot het maken van omheiningen, het afrasteren van weilanden enz., al- - Ijzerwerk (3). Res. 11 Maart 1885, no. 8, V. no. 22......

(8) Bij vonnis der Arr. Rechtbank te Breda van 27 Juni 1895 is stekeldraad eveneens belast verklaard. Zie de Fiscus no. 483, blz. 131.

„ Geweven —, of metaaldock voor vensterhorretjes, enz., als

Manufacturen, lies. 21 Juli 1862, no. 25........

„ met papier of eenige andere stof omwonden (4). Res. 15 Mei 1863, no. 106, V. no. 73.................

(4) Zie echter hierna IJzerdraad, soutien.

„ Banden van —, aan wier einden oogen zijn gemaakt om het daardoor bruikbaar te maken tot het verpakken van geperst

hooi, zeegras, enz. (Red.)..............

„ Soutien, omwonden ijzerdraad, bestemd tot het geven van vorm aan hoeden of mutsen, of tot het maken van kunstbloemen, als Kramerij. Res. 25 Sept. 1868, «o. 23, V. no. 103,

bevestigd bij Res. 9 Febr. 1889, no. 12, V. no. 14.....

., Superator, een weefsel van ijzerdraad, samengesteld met asbest, als Manufacturen. Res. 14 April 1886, no. 7, V. no. 39 . . „ Z.g. taksdraad, dienende ter vervanging van schoenspijkers voor het vasthechten van schoenzolen, als Ijzerwerk. (Red.).

IJZERDRAADKRAMMEN, behoorende bij gevlochten ijzerdraad met stekelpnnten (z.g. stekeldraad), als Ijzerwerk. Res. il Maart 1885, na. 8, V. na. 22 ... ,................

IJZEREN ACCUMULATOREN. Zie Accumulatoren.

Vrij

Vrij

Vrij

Vrij

Vrij 5 pet.

waarde

waarde i 5 pet.

waarde

5 pet. Vrij

Vrij

waarde

5

pet.

waarde

5

pet.

waarde

5

pet.

waarde

5

pet.

-ocr page 102-

i.rzE.

187

188

A K T I K E L E X.

IJZEEEN AFSLUITERS (1), gegoten, met gesmeed ijzeren deksels, alsmede gegoten, ijzeren afsluiters, voorzién van koperen stang voor hot ophalen en van koperen banden voor hot insluiten der schijf, dienende tot het doorlaten of tot het afsluiten van het water, als Ijzerwerk (2). (Red.) . . . .

(1) Zie ook Sloomafsluiters.

(2) Verg. aant. 4 hierna op IJzeren afsluitkranen,

„ AFSLUITKRANEN, BRANDKRANEN, KRAANKASTEN, STRAATKOPPEN (8) en andere onderdeelen van waterleidingen (4) (ö). lies. 2 Any. 1888, no. 22, T\'. no. 92 . . .

(3) Zie ook aant. 1 op Straat koppen.

(4) In de Bijs. Bepaling op den tariefpost Ijzer zijn alleen gegoten of getrokken buizen voor waterleidingen vrijgesteld. Res. ahvoren.

(5) Verg. hierbij Stoomafsluiters.

„ ANKERBOEIEN, als Ijzer, scheepsankers, enz. (Red.) . .

„ BAKKEN voor een jacobsladder in guanofabriekeii. (l?cd.).

„ BAKKERSTROGGEN, ook in eene gewone bakkerij te gebruiken, als Ijzerwerk. (Red.) . ..........

„ BALKEN, in den vorm van dubbel | -ijzer getrokken, zonder verdere bewerking te hebben ondergaan (6). Ite.ï. 24 Dec. 1862, no. 10.....................

(6) Zijn deze balken op maat en van gaten voorzien, dan worden zij als Ijzerwerk belast, tenzij ze dienen tot dwars- of langsliggers, in welk geval geen invoerrecht geheven wordt, ook al zijn de balken voorzien van een paar gaten tot het doorlaten van schroefbouten. Verg. aant. 1 op Spoorteegen. (Eed,)

„ BEUGELSLUITINGEN en KOUSEN, als onderdeelen van Vischwant. (Red.)................

„ BEWAARKASTEN voor saaingeperste lucht, ten gebniiko bij vischtorpedo\'s. Zie Accumulatoren........

,, BINTEN, getrokken in den vorm van bekend onder den naam van zousbinten, en geene andere bewerking ondergaan hebbende, worden, als zijnde geen voltooid ijzerwerk, maar bloot gevormd om daartoe verwerkt te worden, vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.).........

„ BLADEN. Zie Ijzer, smeed-, enz., met aant. 6, alsmede Platen.

„ BLINDFLENZEN, gegoten (7), als Ijzerwerk. (Red.). . .

(7) Blindflenzen zijn ronde schijven, waarin langs den rand gaten zijn geboord. (Eed.)

„ BODEMS voor stoomketels. (Red.)..........

„ BOORMACHINES, met de hand bewogen wordende, als Ijzerwerk. Res. 5 I)e.c. 1890, no. 20, V. no. 124.....

„ BRANDKRANEN. Zie IJzeren afsluitkranen.

„ BRUGDEELEN, als reeds eene bewerking ondergaan hebbende, en tot een bepaald doel geschikt gemaakt zijnde, worden gerangschikt onder Ijzerwerk (8). (Red.) ....

(8) Zie aant. 1 op Spoorwegen.

„ BUCKELPLATEN (9), als Ijzerwerk. (Red.)......

(9) Deze platen zijn eenigszins langwerpig vierkant en van zwaar plaatijzer vervaardigd. Zij hebben een platten rand en zijn van af dien rand naar het midden gevormd als een vierkante pyramide van geringe hoogte. Men gebruikt ze bij het bouwen van bruggen pm de luimto tusschen de ijzeren langsliggers te bedekken, waardoor een vaste bodem wordt verkregen, welke met zand en steenen kan bestraat worden. (Eed.)

„ BUIZEN. Zie Pijpen, alsmede de Bijz. Bepaling op den post Ijzer, benevens de aantt. 10—12.

„ BUIZEN en deelen daarvan, tot geleiding van stoom. Zie Stoombuizen.

„ BUIZEN, zonder sockets of fittings, doch met elkander te verbinden door middel van een uit- en inwendigen schroefdraad, aan de uiteinden aangebracht op eene wijze, dat daardoor geen verhoogingen ontstaan, als Ijzerwerk. (Red.). .

Maatstaf.

waarde.

waarde

waarde

waarde

waarde

waarde

waarde waarde

waarde

-ocr page 103-

IJZE.

l\'.H)

A E T I K E L E N.

IJZEREN BUIZEN (vertind), voorzien van 24 koperen kranen, dc gedaante hebbende van gasbranders, dienende voor eene aard-pers in aardewerkfabrieken, als Fabriekswerktuigen. (Red.). „ BUI ZEN. Gesmeed—, voor telegraafpalen,als Ijzerwerk.(Red.) „ CHOCOLADEVOEMEN (vertind), als alleen geschikt voor het gebruik in chocoladefabrieken (10), te rangschikken onder Fabriekswerktuigen. (Red.)............

(10) Zio hierbij het artikel Vormen.

., DEKSTUKKEN, ook voor andere doeleinden geschikt, dan voor den bouw van een schip, als Ijzerwerk. (Red.) . . . „ DEUREN, gegoten, hoezeer bestemd voor gebruik aan boord van stoom- of zeilschepen, worden, als zijnde ook voor andere doeleinden geschikt, belast als Ijzerwerk. (Red.) .... „ DRAAD. Zie IJzerdraad.

„ DRAAGVEEREN. Zie Draagveeren.

„ DRAAIBANKEN, enkel door stoom in beweging te brengen (11), als Fabriekswerktuigen. JRes. (i jVbu. lè03,«ü. 30; Jles. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124, en Wet 1877 .....

(11) Zie, nopens de andere soorten, het medegedeelde onder Draai-hanken.

„ DRENKINRICHTING voor vee. Zie Drenkinrichting . .

„ DRIJFASSEN voor locomotieven. (Red.)........

„ DROOGTOESTELLEN, gegalvaniseerde, bestemd voor eene suikerraffinaderij, als onderdeden van Fabriekswerktuigen.

(Red.)

,, DWARS- of LANGSLIGGERS. Zie aant. 1 op Spoorwegen. „ EESTPLATEN voor het drogen van mout, als gedeelten (12) van Fabriekswerktuigen. Res. 15 Aug. 1803, no. 24, en Wet 1877 ....................

(12) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

,, EMMERBOUTEN met ringen, bestemd om de emmers aan de baggermachines te hechten, als Ijzerwerk. (Red.). . . „ FITTINGS. Zie Fittings.

„ FLENSPIJPEN, gegoten. Zie Flenspijpen.

„ FLENZEN voor gas- en waterleidingen, als Ijzerwerk (13). Hes. 18 Nov. 1892, no. 13, V. no. 107..........

(13) Zie hierbij aant. 2 op Fittings.

„ FUND EERINGSPLATEN en STUTTEN voor een stoommachine, als Ijzerwerk. (Red.)...........

„ FUSTEN, nieuwe, als Ijzerwerk, lies. 6 Juni 1877, no. 71,

J V. no. 54, § G, 4e zinsn...............

„ FUSTEN, gebruikte, zijn vrij van invoerrecht. Zie art. 0, lett. g,

dezer Tariefwet..................

„ FUSTEN, nieuwe, bestemd om na vulling hier te lande weder te worden uitgevoerd. Zie aant. 1 op Emballage.

„ GESCHUT. Zie den post Ammunitie.........

„ GLUNBOUTEN, als Ijzerwerk. (Red.)........

., GORDIJN- en TRAPROEDEN, met koper omkleed, naar

het hoofdbestanddeel te belasten. (Red.)........

„ HAAK- en SCHROEFBOUTEN (14), als Ijzerwerk. Res. 25 Nov. 1804, no. 4................

(14) Zie hierbij aant. 1, noot l, op Spoorwegen.

„ HAKEN of DUIMEN, zoogenaamde klavieren, als Ijzerwerk. (Red.)..................

„ HANGEN voor stoombaggermachines. (Red.)......

., HARTSTUKKEN, als ijzerwerk. Zie noot j op aant. 1 op

Spoorwegen..................

„ HOUWEELEN of PADJOLS, als Gereedschappen. Res.

15 Januari 1SG2, no. 57, en Wet 1877..........

„ JUFFERS of DOODSHOOFDEN, uitsluitend voor scheepsbouw geschikt (15). (Red.).............

(15) Zie hierbij aant. 1 op Schepen, deelen van —.

Maatstaf.

waarde

waarde waarde

waarde

waarde

waarde 5 put.

waarde waarde

100 kgr.

waarde

waarde

waarde

waarde waarde

-ocr page 104-

T.TZE.

191

192

ARTIKELEN.

Maatstaf.

Rechten.

IJZEREN KACHELS, als Ijzerwerk. Renvooi, Wet 1845 . . . . „ KETTINGEN. Zie Kettingen en Ijzer, scheepsankers,

scheepskettingen, enz.

„ KETÏINGLOOPERS, die gebezigd worden tot het uitbrengen en opbergen van kettingen op de schepen, in plaats van door handenarbeid met behulp van een ijzeren haak. (Red.) . . „ KLEMPLAATJES, tot bevestiging van spoorwegrails op ijzeren of stalen dwarsliggers. Zie aant. 1, noot e, op Spoorwegen. ., KLINKBOUTEN. Zie Kiinkbouten.

„ KLINKNAGELS. Zie Klinknagels.

„ KOLOMMEN, al zijn deze ook voor een fabriek bostenul,

als Ijzerwerk. (Reel.)...............

„ KOOLSNIJ- of SCHAAFMACHINES, als Ijzerwerk. Res.

5 Bee. 1890, wo. 20, V. no. 124............

„ KRAANKASTEN. Zie IJzeren afsluitkranen. ,, KRAMMEN (ijzerdraadkrammen), behoorende bij gevlochten ijzerdraad met stekelpunten (z.g. stekeldraad), als Ijzerwerk.

Res. 11 Maart 1885, no. 8, V. no. 22. . ........

„ LAMPEN, om te soldeeren. om gereedschap te verwarmen en dergelijke, als Gereedschappen. Res. 19 Nov. 1S8U, no. 15,

Tr. no. 105....................

„ LASCHBOUTEN, als Ijzerwerk. Res. 12 Sept. 1863, no. 26. „ LEAVERS. Gegalvaniseerde —, dienende om de zeilen langs don scheepsstag te hijschen, als Ijzerwerk. (Red.). . . . „ MACHIXEÜEELEN, uitmakende eene lanceerinrichting voor cone torpedoboot, als Ammunitie, ijzeren geschut. (Red.) . „ MEUBELSPIJKERTJES. Zie aant. 10 op Ijzer, nagels, enz. „ MOEREN zonder draad, bestemd ter verbinding der vlampijpen op de platen. (Red.).............

„ MOFFEN. Gegoten — (onderdeelen van een waterleiding) (16), als Ijzerwerk. (Eed.)...............

(16) Een mof, als de hier bedoelde, bestaat uit twee korte halve buizen over de lengte doorgesneden en langs de zijden van randen met schroefgaten voorzien. Zij wordt gebezigd voor de verbinding van buizen onder den grond. De twee helften worden daartoe op het punt, waar de uiteinden der buizen te zamen komen, als een omkleedsel aangewend en vereenigd door middel van schroeven, gedraaid in de openingen der randen.

„ OLIEKETELS of OLIERESERVOIRS in machinekamers,

als Ijzerwerk. (Red.)...............

„ OLIEPOTTEN voor een stoomrijstpelmolon, als onderdeelen (17) van Stoomwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen.

(Red.)

(17) Verg. aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

„ OVENS, als Ijzerwerk. Renvooi, Wet 1845.......

„ PAALSCHROEVEN, met verlengstukken, als Ijzerwerk.

(Red.)

„ PALEN van hoekijzer, bestemd om den tramweg af te scheiden van de omliggende ruimte, cn dus geen deel uitmakende

van het spoor, als Ijzerwerk. (Red.).........

„ PANTSERPLAÏEN. Zie onder Platen.

„ PARAPLUIESTIJLEN. als Ijzerwerk. (Red.)......

„ PATENT FASTENERS, zijnde ijzertjes tot het verbinden

van drijfriemen. (Red.)...............

„ PELPLATEN. Zie Pelplaten.

„ PIJPEN. Zie Pijpen.

„ PLATEN. Zie onder Platen.

„ POTTEN, te plaatsen in een oven ter harding van stalen

vijlen in vloeibaar lood. (Red.)............

„ POTTEN of KUSSENS, LASCHPLATEN, VERBINDINGSSTUKKEN, VERBINDINGSSTAVEN (banes d\'écartement), VERBINDINGSSTANGEN, tot verbinding der spoorstaven, eu de KEERRAILS, een on ander bestemd voor tramwegen of paardensporen. Zie aant. 1, noot e, op Spoorwegen . .

waarde

5 pet.

Vrij Vrij

5 pet. 5 pet.

5 pet.

Vrij 5 pet.

5 pet.

f 1.25 ■ Vrij

Vrij

5 pet.

waarde waarde

waarde

waarde waarde 100 kgr.

waarde

waarde

5 pet. Vrij

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

waarde waarde

5 pet. 5 pet. Vrij

Vrij

Vrij

-ocr page 105-

IJZE.

193

194

A E T I K E L E N.

IJZEREN PUNTSTUKKEN. Zie Puntstukken.

„ QUADKANTEN. Zie Quadranten.

„ K A I) B A N ü A G E S (17) voor spoor weg wielen, als Ijzerwerk.

Bes. 4 Febr. 1863, no. 42.......\'.......

(17) Zie hierbij Wiclbandagcs en Wielbanden.

„ KIEMVEEBINDEES voor drijfriemen. Zie Riemverbinders.

„ EOOMKOMMEN, SCHALEN, ROOMSTANGEN of AFEOOM-LEPELS. Zie Roomkommen.

„ ROSMOLENS. Zie Rosmolens.

„ SCHAENIEEEN, SCHEOEFJES en SLOTJES, als Ijzerwerk. Res. 23 Oct. 1352, no. 73............

„ SCHEEPSKETÏ1NGBEUGELS, ter verbinding der kettingen aau de scheepsankert, als Ijzerwerk. (Bed.)......

„ SCHIJVEN voor hijscbblokken, als Ijzerwerk. (Red.) . .

„ SCHIJVEN en SCHAAEIJZERS voor ploegen. Zie Schijven.

„ SCHOENBESLAG, als Ijzerwerk. (Eed.).......

„ SCHOOESTEENEN, bestemd voor een fabriek, worden niet als fabrieks- of stoomwerktuigen aangemerkt, maar belast als Ijzerwerk. (Eed.) ...............

„ SCHOTELS, z.g. roomschalen of roomkommen, door de landbouwers gebezigd tot hetafroomen der melk. Zie Roomkommen.

„ SCHEOEFBOUTEN (18), als Ijzerwerk. Res. 25 Nov. 1804, ■ho. 4......................

Ma \'Vtstaf.

waarde

waarde

waarde waarde

waarde waarde

waarde

(18) Zie hierbij aant. 1, noot l, op Spoorwegen.

SCHEOEFSTOKKEN, als Gereedschappen. Hes.22 Oei. 1877, no. 25, F. no. 90, bevestigd bij Res. 19 JVov. 1880, no. 15,

V. no. 105....................

SCHROEVEN. Zie Schroeven.

SLOEP VALLEN, dienende voor het strijken en hijschen van

sloepen aan boord van schepen. (Red.).........

SLUITINGEN voor vaatwerk. Res. 5 Der.. 1890, no. 20,

V. no. 124....................

SLUITINGSRINGEN voor scheepsgebruik, behoorende tot de scheepskettingen en geschikt om einden ketting aan elkander te bevestigen, als Ijzerwerk. (Red.). . . \'. . . SLUITRINGEN, voor stoomspinnerijen, als Ijzerwerk. (Red.).

SOCKETS. Zie Sockets..............

SPIJKERTJES, met gefigureerde koppen, al zijn deze ook eenigszins versierd, als Spijkers; zie onder Ijzer, nagels

en spijkers. (Red.)................ .

STAVEN, met koper omkleed, naar hun hoofdbestanddeel.

(Red.)

STAVEN of GOTEN, in doorsnede den vorm hebbende van

, en niet verder bewerkt, zijnde, als geen voltooid

ijzerwerk, bloot gevormd om er toe verwerkt te worden; zie

de Bijz. Bepaling op den post Ijzer. (Red.).......

STIFTEN met porseleinen koppen in den vorm van spijkertjes, als Aardewerk van alle soorten. (Red.).....

STIFTEN, in den vorm van spijkers, en voorzien van een betrekkelijk grooten knop of kop met koper overtrokken,

als Koper, opgemaakt koperwerk. (Red.)........

STOOM AFSLUITERS. Zie Stoomafsluiters......

STOOMBAGGERMOLENS. Onderdeden van —(kamraderen, cilinders, enz.) kunnen niet vrij van invoerrecht worden toegelaten als onderdeelen van stoomwerktuigen, noch als deelen van schepen, tot geen ander gebruik geschikt (19). (Red.).

(19) Volgens de Fiscus, no. 482, worden ook ijzeren vierkanten voor baggermachines als Ijzerwerk belast. Alleen de stoommachine wordt vrij van invoerrecht toegelaten.

STOOMBUIZEN. Zie Stoombuizen.

waarde

waarde waarde waarde

waarde

waarde

waarde 5 pet waarde \' 5 pet

waarde

-ocr page 106-

IJZE.

190

195

A K ï I K E L E N.

IJZEREN STOOMPIJPEN, overeenstemmende met de gegevens, genoemd in de Kes. van 29 Nov. 1870, no. 20, V. no. 175 (2(1), als Fabriekswerktuigen. (Red.)...........

(20) Deze resolutie is opgenomen in aant. 2 op Vlampijpen.

„ STOETKAREETJES, dienende tot vervoer van grondstoffen,

als Ijzerwerk. (Red.)...............

„ STEAATKOPPEN. Zie IJzeren afsluitkranen. „ SUIKEEVOEMEN. Zie Suikervormen.

„ ÏOPPLATEN. Zie Topplaten.

„ TROGGEN, ook in eene gewone bakkerij te gebruiken, als

Ijzerwerk. (Red.)................

„ TROGSCHRAPPERS, ook in eene gewone bakkerij te gebruiken, als Ijzerwerk. (Eed.)...........

„ VERBIND1NGSR1NGEN. Veerkrachtige —, x.g. Washers,

als Ijzerwerk. (Red.)...............

„ VLOERAANDRIJVERS. Zie Vloeraandrijvers.....

„ VORMSTIFTEN, ten dienste van ijzergieterijen. (Red.) . . „ WIELBANDEN (21), als Ijzerwerk. Jles. 12 Xept. 1863, no. 26.

(21) Zie hierbij Éadbaiidagcs, Wiclbandaycs en Wielbanden.

„ WIELBANDAGES (22), voor tramweglocomotieven, als Ijzerwerk. (Red.)..................

(22) Terg. hierbij IJzeren radbandages, Wielbandages en Wielbanden.

„ WIELEN, met assen, als Ijzerwerk. (Red.)......

„ WINDEN voor bruggen, onderdeden van bruggen, als Ijzerwerk. (Red.)..................

,, ZAAGBLADEN, tot het zagen van staal en ijzer, als Gereedschappen. Kes. ö Dec. 1890, no. 20, V. no. 124.....

„ ZEILKOUSEN, als Ijzerwerk. (Red.).........

„ ZUIG- en PERSPOMPEN, die met dc hand bewogen worden, als Ijzerwerk. (Red.).............

., ZUILEN, hoezeer voor eene fabriek bestemd, als Ijzerwerk.

(Red.)

IJZERLIJM. Z.g. —•, zijnde een weefsel van ijzerdraad, gedrenkt in eene vloeibare kleefstof, daarna gedroogd en gebracht in den vorm

van langwerpig vierkante platen. (Red.)...........

IJZERPEPTON. Zie onder Pepton.

IJZERS voor kammen, lakenschijven en pennen, als onderdeelen (1) van Fabriekswerktuigen. (Red.)..........

(1) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

„ Boorijzers. Zie Boorijzers.

,, Brandijzers, voor het branden van sigarenkistjes. Ren. 19 Nov.

1886, no. 15, V. no. 105...............

„ Hoefijzers (ijzeren schoenbeslag) voor schoenmakers, als

Ijzerwerk. (Red.)................

., Ponsijzers (1), alleen voor fabrieksgebruik geschikt. (Red.) .

(1) Ponsijzers worden o.a. gebezigd om uit papier enveloppes van bepaalden vorm te snijden. (Bed.)

„ Roosterijzers (vuurstaven), uitsluitend geschikt voor vuurhaarden van stoomketels. (Red.)...........

„ Schaalijzers. Zie Schaarijzers.

„ Snijijzers, met toebehooren. lies. 5 Dec. 1890, no. 20, F. «0.124. „ Strijkijzers, als Gereedschappen, lies. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96, bevestigd bij lies. 19 Nov. 1886, na. 15, U. no. 105.

„ Wringijzers. (Red.)................

IJZERTINCTÜUE. Medicinale —, bij meer dan 5 pet. alcoholgehalte, als Gedistilleerd, likeuren, bitters, enz. (1). (Red.)......

(1) Zie hierbij, nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

Verg. ook het. artikel Geneesmiddelen.

IJZERWERK, gegoten, gesmeed, geslagen of geplet, niet afz. belast. Zie den post Ijzer...................

Maatstaf.

waarde

waarde

waarde

waarde waarde

waarde

waarde .

waarde waarde

waarde

waarde waarde

waarde waarde

waarde

waarde

de HL. ad 50 pet.

waarde

-ocr page 107-

IND. — INS.

197

198

A E. ï I K E L E N.

(2) INDIA-RUBBER, of gevulcaniseerde gom-elastiek in bladen (1). Res. 17 Atig. 1864, no. 161, V. no. 101...........

(1) Gevulcaniseerd gom-elastiek in bladen (India-rubber pakkingstof) is ook dan vrij van invoerrecht, wanneer die met linnen of zeildoek is ingelegd, mits geen verdere bewerking ondergaan hebbende. Jics. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 90.

Zie hierbij het artikel Pakkingstof.

(2) Zie nopens de rangschikking voor de Statistiek, aant. 4 op Gom-elastiek.

INDIA-EUBBEE. Drijfriemen van —. lies. 20 Ann. 1883. no. 81.

V. no. 81......................

INDIA-RUBBER PAKKINGSTOF. Zie Pakkingstof......

INDIA-RUBBER WASHERS, zijnde ronde schijljes gutta-percha, als Gutta-percha, bewerkte voorwerpen van —. (Red.) . . . . LXDICATEURS. Stoom —, als Stoomwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. (Red.).......

-INDIGO. Wet 1862 .........

s(4) INKT. Drukinkt (1) (2). Wet 1862,

V. no. 105........

„ Drukinkt in busjes, liescbjcs of potjes ingevoerd, als Kra-

merij. Res. 19 Maart 1863, no. 77, V. no. 58.......

,, Schrijt- ol copieerinkt (2) (3) in doosjes, busjes, potjes, Heschjes of kruikjes ingevoerd, als Kramerij. Res. 27 Dec. 1862, no. 65, 1 . 1863, nu. 11, en 18 Juni 1863, no. 103 . . „ „ op andere wijze ingevoerd. Res. 27 Dec. 1862, no. 65,

V. 1863, no. 11...............

(1) Zie hierbij de rubriek Verfwaren, in olie gewreven.

(2J Inkt van alle soorten, in kruiken of flesschen van hoogstens één liter, behoort tot den post Kramerij. Evenzoo inkt, in kruiken of flesschen, die, ofschoon iets meer dan één liter inhoudende, toch blijkens hun sierlijken vorm of étiquette kennelijk bestemd zyn om in \'t klein tot dadelijk verbruik te worden verkocht. It es. 7 Januari 1885, no. 42, V. no. 4.

Drukinkt in busjes van 1 of van \' kgr., niet geschikt voor gebruik door particulieren, doch bestemd voor kleine drukkerijen, is echter vrij van invoerrecht toe te laten. (Red.)

(3) Hieronder wordt ook begrepen de inkt voor polygrafen. Tarief wet B. en K. bh. 43.

(4) Op de van Kegeeringswege uitgegeven Statistiek luidt de post; Inkt, van alle soorten, met de bijvoeging: vrij van invoerrecht.

INKTKOKERS, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post . \'■■(5) INSTRUMENTEN, mathematische-, physische-,chiruegicale-,

OPTISCHE- ES MUZ1EK-INSÏRUMENÏEN (1—4)..........

(1) Ofschoon sommige accordéons terecht onder muziekinstrumenten behooren gerangschikt te worden, moet daaruit echter niet worden afgeleid, dat alle accordéons of alle voorwerpen, welke geschikt zijn om daarmede geluiden voort te brengen, onder de rubriek muziekinstrumenten moeten worden gebracht. Er worden toch by v. kleine accordéons en harmonica\'s ingevoerd, van zeer geringe waarde, welke gewoonlijk in den handel bij het dozijn of gros verkocht worden, evenals er onder kinderspeelgoed artikelen voorkomen, welke, ofschoon tot het voortbrengen van geluiden ingericht, echter niet anders dan als Kraincri) zijn te beschouwen, en die niet als rnnzickinstrumcnlcn mogen worden aangemerkt. Naarmate van de meerdere of mindere kunstbewerking en waarde van het voorwerp, moeten de ambtenaren dus beoordeelen of dit onder Muziekinstrumenten, dan wel onder Kramerij behoort te worden opgenomen (o). Hes. « Nov. 1855, no. 39, K no. 103.

(a) Verg. hierbij de ros. van C Juni 1877, no. 71, V. no, 54, § 3, opgenomen in aant. 2 op Gereedschappen.

(2) By res, van 12 Januari 1860, no, 52, werd bepaald:

lo, dat alle doozen met speelwerk bij den invoer ala Kramerij moeten worden belast;

2o. dat onder den post Muziekinstrumenten moeten begrepen quot;worden de by res. van 6 Nov. 1855, no, 39, V, no, 103, bedoelde harmonica\'s, accordéons en dergelijke, welke met dc hand bespeeld worden, in tegenstelling van de bovenbedoelde speeldoozen, die, na met een sleutel opgewonden te zijn, uit zichzelve de muziek voortbrengen; en

3o. dat niet onder den post Muziekinstrumenten, maar onder de rubriek Kramerij moeten gerangschikt worden zulke muziekwerktuigen, die, hoewel bestemd om met de hand of met den mond bespeeld te worden, echter zoo luttel van waarde zijn, dat zij kennelijk tot het kinderspeelgoed en dus tot de kramerij behooren.

Maatstaf. Eechtex.

Vrij

Vrij Vrij

5 pet.

Vrij Vrij

Vrij

5 pet.

5 pet. Vrij

waarde

en Hes. 10 Oct. 1862, no. 105,

waarde

waarde

waarde

5 pet. 5 pet.

waarde

-ocr page 108-

INS. — JOI).

200

199

A R T I K E L E N.

(3) Zie hierbij Chemische instrumenten en Oudheden.

(4) Zie, nopens de vrijstelling van invoerrecht voor muziekinstrumenten, behalve piano\'s, door muzikanten medegevoerd, aant. 0 op art. (5, letter d, dezer Tariefwet.

(5) Voor de Statistiek te splitsen in:

Instrumenten, mathematische, physische, chirurgicale en optische. „ muziekinstrumenten, piano\'s.

„ „ alle andere. (Red.)

INSTRUMENTEN. Lichte oorlogsinstnunenten. Zie den post Ammunitie, allerhande, enz..................

INUUINE STROOP. Zie onder Stroop.

1ROX LIQUOR (houtzuur ijzer). Zie Houtzure aluinaarde.

ISOLATOREN voor telegrafen, naar liet hooldbestanddeel. Hes.

15 Aug. 1856, no. 22..................

ISOLEERHTJLZEN, zijnde pijpen, vervaardigd van gips on kiezelaarde en dienende tot verpakking van stoombuizen. (Red.) . „ vervaardigd van gemalen en geperst afval van kurk. (Red.).

:TVOOR, BEWEERT (1) (2)................

(1) Alleen hewerkt ivoor is belast, lies. 10 Oct. 1802, no. 105, V. no. 105.

(2) Onder bewerkt ivoor worden ook gerangschikt ringvormige overblijfselen van blokjes ivoor, waaruit biljartballen gedraaid zijn, en in \'t algemeen alle ivoren ringen, die bij het bewerken van andere ivoren voorwerpen verkregen worden. (Ked.)

IVOOR, enkel in stukken of blokken gezaagd, als Tanden, eletants-.

Bes. 18 Dec. 1850, no. 54..............

„ gezaagd, in plaatjes of reepjes van regelmatigen vorm, als Ivoor, bewerkt, lies. 30 Juni 1885, no. 109, V. no. 07 . . . „ onbewerkt, alsmede afval van ivoor, als Tanden, elefants-.

1\'envooi, Wet 1845. ,................

IVOORNOTEN. Zie Grond- en ivoornoten.........

IVOORZWART, als Beenzwart. Renvooi, Wet 1845.......

JAARBOEKJES en dergelijke, tevens ingericht tot het houden van aanteekeningen (1), als Papier van alle soorten. lies. 0 Febr. 1889, no. 0, V. no. 13....................

(1) Zie aant. 1 op Papier.

JACHTGEREEDSCHAPPEN, gebruikte, die tot persoonlijk gebruik door de reizigers worden medegevoerd, lies. 27 Oct. 1883, nn. 33,

F. no. 99. Zie aant. 8 op art. 0, lett. il, dezer Tariefwet.....

JACOBSLADDER. Zie Blikken en IJzeren bakken voor een jacobsladder.

JACQUARD-WEEFMACHINES, als Fabriekswerktuigen. (Red.). JAKOBAKANNETJES, als Aardewerk. 1\'cs. 25 Januari 1831, no. 88,

V. no. 29......................

JANNASCH CONSERVEZOUT en CONSEKVEPOEDER van Dr.

Itaqer. Zie Conservezout................

JAPANSCHE SOJA, het bekende bruine vocht, verkregen uit zekere Japansche boon en vermengd niet een weinig zout, als Specerijen.

Res. 30 Nov. 1805, no. 137, V. no. 110............

JASPIS, als Juweelen. Renvooi, Wet 1845 ..........

JENEVER (1), als Gedistilleerd. Renvooi, Wet 1845......

(1) Zie, nopens de heffing van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

* JENEVERBESSEN. Wet 1854. . •.............

JERUZALEMSCHE ZEEP, als Zeep, harde zeep. Res. 19 Maart 1808, no. 77, V. no. 58.

JODEN- of CEDERAPPELEN, als Vruchten. Renvooi. Wet 1845 . JODIRING ZUM MOMENT-COLLODIUM, als Collodion (1). Res. 29 Febr. 1808, no. 117, en 0 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, § 2, in fine.

(1) Zie hierbij de Bijz. Bepaling op ücrfjXi\'Hcccd, alsmede aant. 10 op dien post.

JODOFORM, als Gedistilleerd, alle verdere dergelijke uit of met alcohol bereide stoffen (1). Res. 13 Oct. 1882, no. 57, V. no. 100.

(1) Zie hierbij de Bijz. Bepaling op Gedistilleerd, alsmede aant. 10 op dien post.

JODOFORMGAAS, een antiseptische verband stof, als Manufacturen.

(Red.)

Maatstaf.

waarde

waarde

waarde

waarde

waarde

waarde 100 kgr.

waarde

de HL. ad 50 pet.

waarde het kgr.

waarde

-ocr page 109-

TOD. — KAA.

201

202

A II T I K E L E N.

JODOÏHYEIS-TABLEÏÏEN (1). (Red.)...........

(1) Jodothyrin of thyrojodin is een jodiurapraeparaat, zonder alcohol. (Red.j

JODO TONXIQUE SIEOP, alleen geschikt voor geneeskundig gebruik. Zie § 1 der Ees. van 3 Aug. 1807, no, 24, V. no. 81 . . .

JUCHTEX. Zie onder Huiden, vellen en leder........

JUFFEES ot\' DOODSHOOFDEN. IJzeren —, uitsluitend voor scheepsbouw geschikt (1). (Eed.)................

(1) Zie hierbij aant. 1 op Schepen, deelon van —.

.IU.TUBES, hetzij iil dan niet in bladen, als Koek- en banketbak-

kerswerk. i?e«. 1-5 Mei 1850, no. 153............

JUMBO-CHAINS komen gewoonlijk voor in den vorm van het gewone anijs- of pijpjesdrop en zijn te belasten als Drop. (Eed.)

JUTE, als Hennep. Renvooi, Wet 1845............

,, Afval van —, als Hennep. He*. 27 April 1861, no. 109 . .

JUTEGAEEN. Zie onder Garens..............

quot;JUWEELEN, PAARLEX en EDELE GESÏEEXTEX (1). II eü 1822.

(1) Van de gouden of zilveren werken, waarin edelgesteenten of paarlen zijn gevat, is het invoerrecht alleen voor het goud of zilver en geenszins voor de edelgesteenten of paarlen verschuldigd.

De enkele gouden of zilveren omvatsels van paarlen of juweelen moeten, in onderscheiding van wezenlijke gouden of zilveren werken, waarin edele gesteenten of paarlen zijn gevat, niet als Goud- of zilverwerk worden beschouwd. Bes. 10 Fcbr. 1845, no. 49, V. no. 41.

KAAPSTANDERS. Zie lies. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105. KAAIENBROOD. Zoogenaamd —. Hes. 15 Mei 1863, no. 10G, r. no. 78.

*(1) KAARDEN van IJZERDRAAD, vervalt. Wet 1877 ....

(1) Voor de Statistiek van den invoer naar de waarde op tc geven. (Bed.) :K,VARDE,\\ OF WEVEESDISÏELS, niet van ijzerdraad. Wet 1822.

en Wet 1845 .....................

KAAEDEXBAXD. Plankjes bezet met stalen pinnen (l) ter bedekking van cylinders voor jute kaarden, als onderdeden (2) van Fabriekswerktuigen. Hes. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 9(gt; . . .

(1) Soortgelijke stalen pinnen, afzonderlijk ingevoerd, zijn belast als Slaalwcrk. Tics. alsvorcn.

(2) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

KAARSEN.

„ quot;quot;Smeer —...............\'.....

„ quot; Was-, spermaceti- ex composiïiekaarsex.......

KAAESEPITTEN, uit gevlochten katoenen garen bestaande, als Manufacturen, passenientwerk, linten en band. ües. 17 Juni 1859,

no. 38, V. no. 63, e)i 28 Januari 1864, no. 23.........

KAAETEN. Zie Adreskaarten en Reclamekaarten.

quot;KAAETEX. Land- (1) cn zeekaarten. Wet 1862 ........

(1) Landkaarten, op katoen of linnen gedrukt en op een uitzetbaar metalen geraamte bevestigd, zoogenaamde Elsevieralobcs, zijn ook vrij van invoerrecht.

(Bed.)

-KAARTEN. Speel —, los or ik bladen (1).........

(1) De voor het maken van speelkaarten bestemde vellen moeten belast worden als Papier, kaartpapicr. Bes. 13 Jvli 1833, no. 57, V. no. 123, en 9 Juni 1842, no. 40, V. 131, opgenomen in aant. 1U op den post Papier.

KAAETJES, aan de eene zijde met figuren bedrukt, kennelijk bestemd om van een adres voorzien, en aan de keerzijde beschreven tc worden, als Kramerij. (Eed.).......

„ in fantasiekleuren, met plaatjes en een annonce bedrukt (1), worden als Drukwerk onder den post Boeken gerangschikt.

(Eed.)

,, voor photographieën, bedrukte (1), als Papier, bord- en

kaartpapier. Res. (i Fehr. 1889, no. 6, V. no. 13......

,, Nieuwjaarskaartjes, versierd met plaatjes op gelatine of kurk of met beschilderd ivoor (1), als Kramerij. (Eed.)). . . . ,, Spoorwegkaartjes (1) (2), als Drukwerk of Steendruk, te rangschikken onder Boeken. Res. 6 Fcbr. 1889, no. 6, V. no. 13.

(1) Zie hierbij de aantt. op Papier en op Steendruk.

(2) Kaartjes, in den vorm van spoorwegkaartjes afgesneden, voorzien van

Maatstaf.

100 kgr.

100 kgr. waarde

waarde waarde

waarde

waarde waarde

-ocr page 110-

203 KAA. — KAL. 204 205

A R ï I K E L E N.

strepen van verschillende kleur, doch uog geheel onbedrukt, worden heiast als Papier van alle soorten. (Red.)

KAARTPAPIEE. Zie den post Papier............

-KAAS VAN ALLE SOORTEN, MET UITZONDERING VAN POÏKAAS, DIE AAN DE LANDZIJDE INGEVOERD WORDT...........

KAAS. Polkaas, niet aan de landzijde ingevoerd. Zie den post Kaas. „ -\'Potkaas, aan do landzijde ingevoerd wordende (1). Hei 1802,

en Jte*. 10 (Jet. 1802, no. 105, T\'. no. 105........

(1) Volgens de Jiijz. Bepaling, Wet 1845. hieronder te begrijpen de zeer geringe soort, die in kleine, onregelmatige stukken, meestal in Limburg, wordt ingevoerd.

Men vermeent, dat daaronder moet worden verstaan die kaas, welke uit afgeroomde melk, gekarnde of verzuurde, is vervaardigd en in deegvormigen toestand wordt ingevoerd, of ook in stukken, doch van dien aard, dat ze tot een soort deeg kan worden gevormd, ten einde ter vervanging van boter op het brood te kunnen worden gesmeerd; terwijl daarentegen onder de gewone kaas moet worden gerangschikt alle andere kaas, die door haren vorm en hare samenstelling geschikt en blijkbaar ook bestemd is om als toespijs bij het brood te worden gebruikt. (Eed.)

KAASKLEURSEL. Zie Annatto.

KAASSTELLINGEX, gebruikte (1). Zie art. (i, lett. g, dezer Tariefwet.

(1) Zie hierbij ook aant. 1 op Emballage.

KAASSTREMSEL, bevattende meer dan 5 pet. alcohol (1), als Gedistilleerd (2). (Eed.)...............

(1) Anders wordt het, bU invoer in kleine verpakking (a), belast als Kramerij. (a) Verg. nopens hetgeen onder kleine verpakking is te verstaan, aant. 1 op Verf-

stoffen.

(2) Zie, nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post iTeafsin/ccra.

KABELGAREN. Zie onder Touwwerk...........

KABELJAUW. Zie onder Visch..............

KABELJAUW, ZALM, ANSJOVIS, enz., met zout gekookt, in pekel, olie of azijn ingelegd of op elke andere soortgelijke wijs bereid, al geschiedt de invoer ook in flesschen, vaatjes, bussen ot dergelijke niet luchtledige verpakking (1), als Koek- en banketbakkerswerk. fles. 25 Fehr. 1887, no. 70, V. no. 17............

(1) Zie hierbij de aantt. G en 13 op Koek- cïi banketbakkersiocrh.

KABELS. Zie onder Touwwerk..............

„ Telegraafkabels. Zie Telegraafkabels.

KABRETLEDER. Wit —. Zie aant. 10 op Huiden, vellen en leder. KACHELPOTTEN, van gebakken klei, als Pottenbakkerswerk;

zie Aardewerk. (Red.).................

KACHELS. IJzeren —, als Ijzerwerk. Renvooi, Wet 1845 . . . .

„ Stoomkachels (ijzeren) (1). (Red.)...........

(1) Deze toestellen kunnen, naar men vermeent, niet worden gerangschikt onder de vrygestelde stoomwerktuigen of onderdeden daarvan. (Red.)

KACHELS of OVENS. Gebakken aarden —, als Aardewerk. Res.

G Md 1828, no. 1, V. na. 86, en Renvooi, Wet 1845.......

KAFMOLENS, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. van 6 Oct. 1862, S. no. 179, 1\'. no. 101. ari. 1. \'Mi 1lelt;18lt;7. KAINIT (Kunstmest) (1). (Red.)..............

(1) Kaïnit bestaat uit zwavelzure magnesia, zwavelzure kali, chloormagnesium en chloornatrium, is alleen geschikt voor bemesting en op den smaak zeer goed van ruw zout te onderscheiden. Men behoeft daartoe slechts eene geringe hoeveelheid in heet water op te lossen; de onmiskenbare bittere smaak onderscheidt deze oplossing duidelijk genoeg van eene dergelijke van gewoon zout. (Red.) KALENDERS in bladen, rijk geïllustreerd, met zijden lint aan elkaar gehecht en niet ingericht om aanteekeningen te maken. (Red.). „ Boekenkalenders, waarin ruimte gelaten is, kennelijk bestemd tot het stellen van aanteekeningen, als Papier van alle

soorten. (Red.)..................

„ Reclamekalenders. Zie Reclamekalenders. ......

„ Verjaardagkalenders, bestaande uit bladen papier, met een lint verbonden en gelegenheid gevende om de verjaardagen aan te teekenen, als Papier van alle soorten. (Red.) . . .

Maatstaf.

Eechten.

waarde

100 kgr.

100 kgr.

KA]

gc

5 pet.

m

di

f 5.00

(1)

ƒ 5.00

KA

Vrij

KA

Vrij

de HL. ad 50 pet.

Vrij Vrij

100 kgr.

ƒ 25.00 Vrij Vrij

5 pet. 5 pet. 5 pet.

5 pet.

f 3.50

waarde waarde waarde

waarde

Vrij Vrij

waarde waarde

Vrij

5 pet. 5 pet.

waarde 5 pet.


-ocr page 111-

KAL. — KAN.

204 205

200

A K ï I K E L .E N.

Maatstaf.

Hechten.

KALFSHAAR (1), bij de Tics. van 10 Juli 182\'.), no. 112. V. no 73, gelijkgesteld met Koehaar, zal dus, onbewerkt zijnde, gerangschikt moeten worden onder Haar van alle soorten. Verg. aant. 1 op

dat artikel. (Red.)...................

(1) Zie, nopens het verbod van invoer, aant. 2 op art. 19 dezer ïariefwet.

KALFSMEEL, als Granen, brood, beschuit en meel van alle graansoorten. De Fiscus no. 482, blz. 116............

KALFSVELLEN, met aluin bewerkt, ten einde daarvan ransels, enz. te vervaardigen, als Huiden en vellen, bereide, enz. Jh-s.

21 Maart 1873, no. 11, F. no. 48, en, Wft 1877 ......

„ Onbereide — (1). Zie aant. (i op Huiden, vellen en leder. (1) Zie, nopens het verbod van invoer, aant. 2 op art. 1!) dezer Tariefwet. KALK EX HETGEEN VEEDER TOT DIE RUBRIEK BEHOORT, vervalt. 11 \'c.t 1877.

■-\'(1) KALK. Ongeleschte kluitkalk. Wet 1877 .........

(1) Voor de Statistiek van den invoer, per hectoliter op te geven. (Eed.) KALK. Trierkalk, als Cement; zie onder Steen, gemalen enz. Renvooi, Wet 1845, en Wet 1877 ...............

quot;(1) KALK EX KALK A SC FT. Wel 1877 ...........

(1) Yoor de Statistiek van den invoer, per hectoliter op te geven. (Red.) quot;KALK EX ZWAARSPAATH is, volgens de van Regeeringswege

uitgegeven Statistiek, vrij van invoerrecht (1). (Red.)......

(1) Zie hierbij het artikel Zwaarspaath.

KALKOENEN, als Wild en gevogelte. Zie aant. 8 op die rubriek.

KALKSTEEN. Zie onder Steen..............

KALLKOLITH (1). (Red.).................

(1) Kallkolith is eene vloeistof, dienende tot het bestrijken van hout om daardoor het indringen van de verf tegen te gaan, en bestaat uit lijm, vloeibaar gemaakt met een weinig bijtende soda en gearomatiseerd met een weinig mir-baanolie (nitro-benzol). (Eed.)

Verg. hierbij Wheeler\'s patent Woodfiller.

KALVEREN (1). Zie onder Slachtvee...........

(1) Zie, nopens het verbod van invoer, aant. 2 op art. 1!) dezer Tariefwet. \'quot;\'KALVERMAGEX zijn, volgens de van Regeeringswege uitgegeven Statistiek, vrij van invoerrecht. Zie hierbij aant. 2 op art. 19 dezer

Wet. (Red.)......................

KAMEELGAREN, als Garens, Turksch garen. Renvooi, Wet 1845.

KAMEELSTEEN, als Juweelen. Renvooi, Wet 1845 ......

KAMERBEZEMS, STOFFERS en VEGERS, vervaardigd uit rijst-stroo, houtvezels en andere dergelijke fijne materialen, als Kramerij.

Res. 15 Fehr. 1805, no. 86, V. no. 20............

KAMERDOEK. Zie den post Manufacturen.........

KAMERFONTEINTJES, als Meubelen. (Red.)........

*KAMFER. Ongeraffineerde —. Wet 1862 ...........

„ quot;Geraffineerde —. Wet 1862 .............

KAMFEROLIE, eene soort dunne terpentijn. (Red.).......

KAMHOUT, als Verfhout; zie onder Hout. Renvooi, Wet 1845 . . KAMILLE en KAMILLE-OLIE, als Drogerijen. Res. 6 Mei 1828,

no. 1, V. no. 86, en Renvooi, Wet 1845 ...........

KAMMELING, als Wol, schapen- van alle soorten. Renvooi, Wet 1854. KAMMEN, weverskammen. Zie Fabrieks-, landbouw- en stoomwerktuigen...................

„ voor ververs, als Gereedschappen. Res. 19 Nov. 1886, no. 15,

V. no. 105....................

„ Roskammen, als Ijzerwerk. (Red.)..........

KAMSCHOONMAKERS voor eene wolspinnerij, als onderdeden (1)

van Fabriekswerktuigen. (Red.).............

(1) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fabrielcswerkttiigen.

KANARIEVOGELS. Res. 14 Aug. 1866, no. 40, V. no. 118 . . . .

KANARIEZAAD. Zie onder Zaad, alpister- of kanariezaad. . . .

KANDIJ. Zie Suiker (1). Art. 1 der Suikerwet, V. 1897, no. 33. . . (1) Zie, nopens den accijns, aant. 2 op Suiker.

Vrij Vrij

waarde

waarde waarde waarde

waarde

-ocr page 112-

KAN. — KAR.

208

207

A K T 1 K K L E N.

KANDI.IKISTJES. Hout tot —. Zie onder Hout, scheepsbouw- en

timmerhout, masten, spieren enz..............

KAXEEL. Zie den post Specerijen.............

KANEELKNOPPEJf (Flores Cassiae), zijnde de zeer jonge vruchtjes van eene kaneelboomsoort in hun vruchtkelk, en den vorm heli-bende van kruidnagelen, als Specerijen. Ttes. 11 Juli 18C7, no. 188,

F. »io. 98......................

KANEELOLIE, als Reuk- en parfumeurswaren. Res. 20 Juni 1868,

no. 59, V. nu. 73, en Wet 1877 ..............

KANNEN. Blikken oliekannen voor hot smeren van stoomwerktuigen, naaimachines, enz., nis Gereedschappen, lies. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 90, bevestigd bij Hes. 19 JVov. 1880, no. 15,

V. no. 105....................

„ Melktransportkannen, kenbaar aan hare sluiting, als Gereedschappen. Mes. 4 JJec. 1891, no. 45, V. no. 117.....

KANNEN en KRUIKEN, als Aardewerk. Renvooi, Wet 1845 . . KANNETJES. Jakoba —, als Aardewerk. Res. 25 Januari 1831,

no. 88, T\'. na. 29.................

„ Vertind of gegalvaniseerd ijzeren —, waarvan de bijzondere bestemming voor de zuivelbereiding niet uit de inrichting blijkt, als Ijzerwerk. Res. 4 Dec. 1891, no. 45, F. no. 117. KANONNEN, als Geschut; zie onder Ammunitie. Rmvooi, Wet 1845.

metalen.....................

ijzeren.....................

„ IJzeren of metalen kanonnen, door afhakking der tappen of op andere wijze onbruikbaar gemaakt, als Oud ijzer of Oud koper; zie onder Ijzer en Koper. Verg. do Bijz. Bepaling

op den post Ammunitie..............

„ Stalen, als Ammunitie, ijzeren geschut. (Red.).....

KANONKOGELS. Zie den post Ammunitie.........

KANT. Zie den post Manufacturen............

KANTGAKEN, als Naaigaren; zie onder Garens van hennep, enz.

Renvooi, Wet 1845, en Wet 1877 ..............

KANTHAAKMACHINES. Zie Machines, haakmaehines .... KANTOOliBOEKEN on andere soortgelijke boeken mot gedrukte hoofden (1), als Papier, registers. Res. 6 Febr. 1889, no. 0, F. no. 13.

(1) Zie aunt. 1 op Papier.

KANTOOKGAKEN. Zie aant. 7 op Garens, bind-, zegel en andere

dergelijke niet afz. genoemde garens............

KANTOORLIJM. Zoogenaamde — (plakgom) in doosjes, busjes, potjes of fleschjes ingevoerd, als Kramerij. Res. 27 Dec. 1862,

no. 05, F. 1803, no. 11...............

„ op andere wijze ingevoerd. Res. alsvoren........

KANTSTEEN (holle metselsteen). (Eed.)...........

KAPJES. Huiskapjes van gedrukt merinos, als Manufacturen. Res.

10 Januari 1857, no. 39...............

„ Zoogenaamde huiskapjes, in den vorm van Grieksche mutsen en van geringe waarde, als Modewaren. Res. 5 Mei 1847,

no. 99, V. no. 71.................

KAPPERS, als Vruchten. Renvooi, Wet 1845.

\'quot;KAPOK is, volgens de van Regeeringswege uitgegeven Statistiek,

vrij van invoerrecht. (Red.)................

KARABIJNEN. Zie den post Ammunitie, allerhande, enz.....

KARDOESPAPIER. Zie den post Papier...........

KARET is, blijkens Renvooi, Wet 1822, gelijkgesteld met Schildpad, en moot dus in onbewerkten toestand, vrij van invoerrecht worden toegelaten, en in bewerkten toestand belast worden als Kramerij. 54io Bes. 10 Oct. 1802, no. 105, V. no. 105, en de Bijz. Bepaling op den post Kramerij.

KARKASDRAAD of z.g. Soutien, zijnde omwonden ijzer- of koperdraad, bestemd tot het geven van vorm aan hoeden of mutsen of\' tot het maken van kunstbloemen, als Kramerij. Res. 25 Sept. 1808, no. 23, F. no. 103, en 9 Febr. 1889, no. 12, F. no. 14......

Maatstaf.

waarde

waarde waarde

waarde waarde

waarde

100 kgr. 100 kgr.

100 kgr. 100 kgr. waarde

waarde

waarde

waarde waarde

Vrij 5 pet.

5 pet.

waarde waarde

waarde

5 put.

-ocr page 113-

KAR. — KAT.

209

210

A 1! ï I K E L E N.

MAATSTAf.

Rechten.

KARKASSEN, als Kramerij. Zie de Bijz Bepaling op dien post. . KARL- en SCHEERDOEK (1), als Manufacturen. Re*. 27 Maart 1885,

no. 59, V. no. 31.................

,, alléén geschikt om daarvan gewone scheepszeilen te maken, als Zeildoek; zie Manufacturen. Jtes. 31 Dec. 1864,mo. 168, F. quot;o. 132, en 27 Maart 1885, no. 59, F. no. 31.....

(1) Zie, over de samenstelling van Kart- en schcerdoek, de res. van 11 Juli 185(i, no. 52, V. no. 76.

KARMIJN, als Verfwaren (1). Renvooi, Wet 1822.

(1) Hoezeer in bussen van ongeveer l/s kgr. ingevoerd, wordt karmijn toch niet als kramerij belast, daar deze verfstof wegens hare groote kostbaarheid slechts bij enkele grammen tot reehtstreeksch gebruik wordt gekocht. (Ked).

KARMIJNLAK, als Verfwaren. Renvooi, Wet 1845.

KAROTTEN. Zie den post Tabak.............

KARPETTEN, van alle soorten. Zie den post Tapijten . KARRETJES. IJzeren stortkarretjes tot vervoer van grondst

Ijzerwerk. (Red.)...........

KARSAAI, als Manufacturen. Renvooi, Wet 1822 .......

KARWIJ, als Komijn. Renvooi, Wet 1845...........

KAS1MIEREN. Zie den post Manufacturen.........

KASTANJEBOOMENHOUT, als Scheepsbouw- en timmerhout;

zie Hout. Wet 1877 ..................

KASTANJEMEEL, als Vruchten, alle versehe, enz. De Fiscus

no. 508, blz. 394....................

KASTANJES, als Vruchten. Renvooi, Wet 1845 ........

quot;KATOEN, ongesponnen. Wet 1850 .............

„ Afval van katoen en katoenen garen, als Katoen, ongesponnen. Renvooi, Wet 1854 ............ .

„ Garens van katoen. Zie onder Garens.........

., Gebruikt oud katoen, en gedragen katoenen kleederen, bij

het gewicht verkocht wordende. Zie Lompen......

KATOENEN BAND voor drijfriemen, als Manufacturen, daar het hierbedoelde baud voor verschillende doeleinden bruikbaar is. (Red.). KATOENEN DOEK. Gewast —, bij het stuk ingevoerd, in onderscheiding van tnfelkleeden, als Manufacturen. Res. 10 Maart 1847, no. 52, 1\'. no. 38, en Bijz. Bepalinij, UW 1850, op den

post Tapijten...................

„ gerand of vervaardigd als tafelkleeden, als Tapijten. Res. en

Bijz. Bepaling, alsvoren...............

KATOENEN DRIJFRIEMEN (1). Res. 20 /l ug1.1883, no. 81, 1\', no. 81.

(1) Zie hierbij aant. 1 op Drijft temen.

KATOENEN LOMPEN, als Lompen. Renvooi. Wet 1854.....

KATOENEN MANUFACTUREN en STOFFEN. Zie den post Manu-factureh......................

KATOENEN KOORD. Zie de aant. op Koord.

„ REEPEN, bestemd ter omwinding van stoompijpen, als

Manufacturen. De Fiscus no. 443, \'blz. 253.......

„ VEEGDOEKEN. Geweven —, uitsluitend dienende tot het schoonmaken van machinerieën, als Manufacturen. Res.

11 Juli 1864, no. 52................

,, WATTEN (1), als Katoen, ongesponnen. Renvooi, Wet 1845. (1) Zie hierbij aant. 1 op Watten.

KATOENKOEKEN, zijnde de vaste massa, die na het uitpersen der olie van het katoenzaad overblijft, als Koeken, raapkoeken, enz.

Hes. 2 Maart 1868, no. 65, F. no. 33, en Wet 1877 .......

KATOENPITTEN-OLIE. Zie onder Olie...........

KATOENZAAD, als Zaad, kool-, raapzaad, enz. Res. 31 Dcc. 1864,

no. 157, F. no. 131, en Wet 1877..............

KATOENZAAD-OLIE, als Olie, niet afz. belast. Res. 16 Sept. 1859,

no. 53, F no. 90, en Wet 1877 ..............

KATOENZAAD-STEARINE (1). (Red.)............

(1) Deze stearine wordt eerst bij ongeveer 22° C. vloeibaar en dus als een vast vet beschouwd. (Eed.)

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

Vrij

100 kgr. waarde

ƒ 12.0( 5 pel.

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

Vrij 5 pet.

Vrij

waarde waarde

5 pet. 5 pet. Vrij

Vrij Vrij

Vrij

waarde

5 pet.

grondstoilon, als

waarde waarde

5 pet.

5 pet. Vrij

Vrij 5 pet.

5 pet.

waarde waarde waarde

5 pet. Vrij

Vrij ƒ 0.55

Vrij

/\' 0.55 \' Vrij

100 kgr.

100 kgr.

-ocr page 114-

KAT.

212

211

— KET.

A E T I K E L E N.

Maatstaf.

Hechten.

KAÏÏEVELLEN, als Pelterijen (1); zie Huiden, vellen en leder.

Renvooi, Wet 1845.

(1) In onbereiden toestand kennelijk vrij van invoerrecht. Verg. de rubriek

Huiden, vellen en leder.

KEATINGS COUGH LOZENUES, gepakt in nette fleschjes van etiquetten voorzien, als Kramerij. Res. 28 April 1860, no. 71, V. no. 61. KEER- of CONTRARAILS. Res. 15 Januari 1880, no. 33, V. no. 0,

opgenomen in aant. 1 op Spoorwegen...........

KEÈTSPEK. Zie den post Zout..............

KEIEN. Zie onder Steen, straatsteenen, enz..........

KEMEL- of KAMEELGAREN, als Garens, Turksch garen. Renvooi, Wet 1845.

KEMELSHAAR. Onbewerkt —, als Haar, van allo soorten, onbewerkt. Renvooi, Wet 1822 ................

KENTUCKY-TABAK. Extract van —, bestemd tot het sausen van

tabak. (Red.).....................

KERFMESSEN, als Gereedschappen. Res. 19 Nov. 1886, no. 15,

V. nu. 105......................

KERKPRENTEN, als Prenten of platen. Ren. 16 Maart 1855, no. 143,

F. no. 22......................

KERKRAMEN. Geschilderde —. Zie aant. 1 op Schilderstukken. KERNCORN of SCHOTSCHE TOPAZEN, als Juweelen. Renvooi,

Wet 1845 ......................

KERNNAGELS en KEHNSTEENEN. Vertind ijzeren —, als onder-

deelen (1) van Fabriekswerktuigen. (Red.).........

(1) Zie aantt. 3 en 4 op Fabriekawerhtuigen.

KERRYPEPER, samengesteld zijnde uit verschilleiule aromatische bestanddeelen en uitsluitend bestemd om als toespijs gebezigd te worden, als Specerijen. Res. 11 Dec. 1862, no. 82, F. no. 139 . . KERSEN, als Vruchten. Renvooi, Wet 1822.

KERSEBOOMENHOUT, als Hout, scheepsbouw- en timmerhout.

Renvooi, Wet 1845, en Wet 1877...............

KERSENSAP, als Wijn (1). (Red.).............

(1) Zie, nopens den accijns, aant. 1 op Wijn.

KERSENWATER, niet bestemd tot hot vervaardigen, versnijden of aanlengen van wijn, als Meedrank; zie Appel-, peren- en

meedrank......................

KETELS, waarin eetwaren door stoom bereid worden in fabrieken van verduurzaamde levensmiddelen, als Fabriekswerktuigen. (Red.)..................

„ Koperen —, zooals die van don molen komen. Zie onder

Koper, bekkens, ketels, enz. ]]\'et 1877 ........

„ Platinaketels, als Platina, bewerkt. Res. 11 Juli 1873, no. 7,

V. no. 87....................

„ Veevoederketels. Z.g. — worden niet gerangschikt onder de landbouwwerktuigen of gereedschappen, die bij art. 2 dei-Wet van 1877 van invoerrecht zijn vrijgesteld (1). (Red.) . . (1) Zie hierbij do aant. op Kooktoestellen.

KETELBODEMS. Zie Bodems.

KETELPIJPEN. Zie Vlam- of ketelpijpen, niet de aantt. . . . KETTINGEN, uitsluitend dienende voor het lossen en laden, worden beschouwd als hijschtoestellen (1). (Red.)........

(1) Zie omtrent de Ilijsehtoestellcn de res. 19 Nov. 188ö, no. 15, V. no. 105, opgenomen in aant. 3 op den post Gereedschappen.

„ Drijf kettingen voor eene wolspinnerij, als onderdeden (2) van Fabriekswerktuigen. (Red.)............

(2) Zie aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

„ Scheepskettingen. Zie onder Ijzer, scheepsankers, enz. . . KETTINGLOOPERS. IJzeren —, die gebezigd worden tot het uitbrengen en opbergen van kettingen op de schepen, in plaats van door handenarbeid met behulp van een ijzeren haak. (Red.). . .

waarde IGO kgr.

waarde

de HL.

het kgr. waarde

waarde

-ocr page 115-

KLA.

213

214

KEU. —

ARTIKELEN.

KEUKENSTROOP. Zie aant. 1 op den post Stroop, alsmede aant. 2

op den post Suiker.

KEULSCHE AAKDE. Zie onder Aarde, voor aardewerk, enz. . . KEULSCHE- of OKKERNOTEN, als Vruchten. Renvooi, Wet 1822. KIELEN, als Kleederen en kleedingstukken. Renvooi, Wet 1845.

KIEMEN. Meekrap —. Zie Meekrap............

KIKVORSCHEVLEESCH, slechts van de huid ontdaan en niet in luchtledige verpakking, als Vleesch van alle soorten, versch of

gezouten. Weekblad no. 13.quot;gt;7...............

KINA (1), als Drogerijen. Zie de lijst bij do Res. van 24 Januari 1865, no. 38, V. no. 11...................

(1) Volgens een Renvooi op de Wet van 1822, zal hieronder ook gerangschikt moeten worden Cortex flava en Cortex peruviana.

KINASTROOP (1), Sirop de quinquina dosé, als zoote Likeur (2); zie Gedistilleerd. Res. 14 Nov. 1866, no. 34, opgenomen in aant. 3 op art. 2 der Wet van 1 Mei 1863, lt;S\'. no. 47, V. no. 76.....

(1) Zie ook Qnina Larochc.

(2) De sterkte wordt geacht 75 pet. te bedragen. Zie daaromtrent, alsmede nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

KINAZOUT, in doosjes, potjes, Heschjes of busjes verpakt, wordt vrij van invoerrecht toegelaten, omdat dit artikel niet in galanterie-en dergelijke winkels als kramerij schijnt verkocht te worden. (Red.). KINDEK- en DAMESTASSCHEN, als Kramerij. Res. 4 April 1857,

no. 85.....................

„ van leder, als Zadelmakerswerk; zie Huiden, vellen en

leder. Res. 4 April 1856, no. 86...........

KINDERMEEL, Farine lactée, volgens scheikundig onderzoek bevattende ongeveer 25 pet. rietsuiker en 6 pet. melksuiker, als Koeken banketbakkerswerk (1). Res. 24 April 1876, no. 84, V. no. 45, en 28 Mei 1886, no. 84, V. no. 49.............

(1) Zie hierbij het artikel Meelpraeparatcn, alsmede Melliii\'s voedsel.

KINDER VOEDSEL, in tleschjes, bestaande uit stroopachtige gersten-maltz en tarwemeel, vermengd met 20 a 21 percent glucose, als Stroop. (Red.).

KINDERWAGENS. Zie onder Wagens.

KINKET-OLIE moet als olie, van plat en rond zaad, gerangschikt worden onder Olie, niet afz. belast. Renvooi, Wet 1845, en Wet 1877. KIRSCHWASSER, als Gedistilleerd (1). Res. 28 Dec. 1826, no. Uis, V. no. 166.......................

(1) Zie, nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

KISTEN. Houten —, geheel afgewerkt en pasklaar, al worden ze in bundels ingevoerd om hier te lande nog ineen te worden gezet, als

Houtwerk. (Red.)...................

KISTJES, houten theekistjes, als Houtwerk. Res. 5 April 1855,

mo. 180........................

KLAPHOUT. Zie aant. 15 op Hout.............

KLATERGOUD, als Kramery. Zie de Bijz. Bepaling op dien post. KLAUWEN (1) van ossen, koeien, kalveren, schapen of geiten (2), als Lijmvleesch. Renvooi, Wet 1845 ............

(1) Zie, nopens het verbod van invoer, aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet. (2j Wanneer de hoornachtige schoeisels der pooten of klauwen geen lijmdeelen meer bevatten, en het afval zijn uit lijmfabrieken, worden zij ook vrij van invoerrecht toegelaten, daar ze onder de Tariefwet van 1845 belast werden als „goederen, niet in het Tarief genoemdquot;. Terg. Bes. 8 Dec. 1845, no. 28, V. no. 239, en aant. 1 op art. 1 dezer Tariefwet.

KLAVERZAAD. Zie onder Zaad..............

KLAVERZOUT en KLAVERZURINGZOUT, als Drogerijen. Res.

6 Mei 1828, no. 1, V. no. 86...............

KLAVIEREN. Zoogenaamde —, zijnde ijzeren haken of duimen, als Ijzerwerk. (Red.j...................

Maatstaf.

waarde waarde

100 kgr.

de HL. ad 50 pet.

waarde waaide

100 kgr.

100 kgr.

de HL. ad 50 pet.

waarde waarde waarde

waarde

-ocr page 116-

KLE, — KNA.

21(5

ARTIKELEN.

;KLEEDEREN en KLEEDINGSTUKKEN (1), zoo nieuwe als

gebruikte, geen lompen zijnde (2) (3)...........

(1) Onder dit artikel bchooren bloot de nit wollen, katoenen of zijden stoffen, enz., gemaakte en dus niet de yehreide of geweven kleedingstukken, als begrepen onder de rubriek Manufacturen. Bijz. Bepaling, Wet 1850. Verg. ook de res. 5 Oct. 1849, no. 158, V. no. 83.

(2) Verg. hierbij het artikel Lompen.

(3) Wat den vrijdom betreft van goederen, welke reizende personen tot hun lijfsgebruik met zich voeren, zie men art. li, !ett. cl, dezer Tariefwet, met aantt.

KLEEDEREN. Gedragen linnen en katoenen kleederen, bij hel

gewicht verkocht wordende. Zie Lompen..........

KLEEDINGSTUKKEN. Geweven of gebreide —-, niet afz. belast. Zie

den post Manufacturen ................

KLEEDJES van zijde, katoen, kant of tulle, als Kleederen. lies.

14 Juni 1825, no. 44, T7. vo. 70..............

KLEEFPLEISTEK, een meter lang, ingevoerd in papieren kokers.

De Fiscus no. 185, blz. 253................

KLEESALZ. Zie Conserve-kleezout............

KLEINOODIËN. Zie Goud- en zilverwerk of Juweelen. Renvooi, Wet 1822.

KLEMPLAATJES. IJzeren —, tot bevestiging van spoorwegrails op ijzeren of stalen dwarsliggers. Zie aant. 1, noot c, op Spoorwegen. KLEMSCHROEVEN. Zie onder Schroeven.

KLEURSTOFFEN. Anilineklenrstoffen en alle uit steenkolenteer vervaardigde kleurstoffen. Zie Anilinekleurstoffen. KLINKBOUTEN. IJzeren —, minstens wegende 3 decagram, uitsluitend bestemd ter verbinding en aaneenklinking van ijzeren platen bij het vervaardigen van stoomketels, ijzeren schepen, loodsen, bruggen, enz., en slechts aan het eene einde van een kop voorzien, terwijl aan het andere einde bij het aaneenklinken een gelijke kop wordt gesmeed, nadat zij door de bewuste platen zijn heengedreven. AV.s. 11 Dec. 1862, no. SO, V. vo. 138, en Res. 21 Febr. 1866, no. 52, V. no. 25 ... . „ IJzeren —, ieder minder dan 3 decagram wegende, als Nagels en spijkers; zie onder Ijzer. Res. 21 feh\'r. 1806, no. 52, V.

no. 25, en 11\'ei 1877 ................

„ Koperen — met daarbij behoorende losse koppen, als Opgemaakt koperwerk; zie Koper. (Red.)........

KLINKNAGELS. IJzeren —, dienende tot sluiting van ijzeren banden voor balen manufacturen, enz., als Ijzerwerk. De Fiscus

no. 427, blz. !)4..................

„ Koperen klinknagelplaatjes, al dan niet vertind. (Red.) . . „ Koperen —, als Bouten en spijkers; zie onder Koper. (Ked.).

KLIP- of ZINKSTEEN. Zie onder Steen...........

KLOKJES. Schwartzwalder —, als Uurwerken. Res. 3 Nov. 1854,

no. 27, V. no. 153...................

KLOKKEN. Zie den post Uurwerken...........

„ Metalen —, als Koperwerk. Renvooi, Wet 1845 .....

KLOMPEN of HOLSBLOKKEN. Zie onder Hout.......

KLOSSEN. Weversklossen, als onderdeden (1) van Fabriekswerktuigen .....................

(1) Verg. aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen. (Red.)

„ Spinklossen, als Fabriekswerktuigen. (Red.).....

KLUITENBKEKERS, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. 6 Oct. 1862, S. no. 179, 1\'. no. 101, art. 1, en

ll\'et 1877.................... . . .

(1) KLUITKALK. Ongeleschte —. Zie onder Kalk.......

(1) Op de statistieke staten te brengen onder de rubriek Kalk, ongeleschte kluitkalk en. voor zooveel den invoer betreft, per hectoliter op te geven. (Red.)

KNALKWIKZILVER en andere knalsoorten en de daarmede vervaardigde pracparaten (1), als Buskruit (2). A rt. 1 IC. li. 15 Oct. 1885, S. no. 187, 1\'. no. 127, en Res. 10 Aitg. 1800, no. 10, 1\'. no. 81 . .

(1) Verg. hierbij Ontplofbare sloffen.

(2) Zie de aantt. op Buskruit.

Maatstaf

waarde

waarde waarde

waarde waarde

waarde waarde waarde

Vrij Vrij

100 kgr.

/\' 5.IIO

-ocr page 117-

•217

kop:.

218

KNA.

A E T 1 K ]•\' L E N.

Rechten.

Maatstaf.

KNALSIGNALEN voor spoorwegen, bestaande uit een licht ijzeren omhulsel, gevuld met buskruit en één of twee percussie-dopjes (1), als Ammunitie, allerhande, enz. (Red.)...........

(1) De hoeveelheid buskruit, in elk knalsignaal voorhanden, bedraagt ge-n oon-lijk 12 gram. (Eed.)

Verg. de aantt. op Buskruit.

KNALSOORTEN. Zie Knalkwikzilver...........

KNAPPERT (kaas), als Kaas. Renvooi, UV/ 184.).......

KNEED WERKTUIGEN, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. 6 Oct. 1862, S. no. 17\'.», F. no. 101, art. 1, en

I Vet 1877 ......................

KNEIPP\'S KR AFT-S UPPEN ME HL (1), als Revalenta arabica.

(Red.)

(1) Dit artikel is verpakt in vierkante kartonnen doozen, welko van gebruiksaanwijzing zijn voorzien. Het meel heeft het voorkomen van gemalen beschuit. (Red.)

KNEIPP\'S MALTZ KOFFIE. Zie onder Koffie.

KNEUZERS, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen.

K. II. 6 Oct. 1862, S. na. 179, V. nu. 101, art. 1, en Wet 1877 . . KNIJPTANGEN. Zie onder Tangen.

KNIKKERS, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post . .

KNOCHENMEHL, lijn gemalen beenderen. (Ked.).......

KNOKEN. Zie Beenderen................

KNOLLENSNIJDERS, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. TC. B. 6 Oct. 1862. S. no. 179, 1\'. no. 101, art. 1, en

Wet 1877 ......................

KXOOPEN, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post. . . „ van onderen voorzien van een metalen plaat of stift en gewone knoopen voor manskleederen zijnde, als Kramerij-

Tïe*. 3 Oct. 1855, no. 91, V. no. 96..........

„ van zijde, op een houten vorm overtrokken, in den regel door den passementwerker vervaardigd en voor vrouwenkleederen bestemd, als Passementwerk; zie Manufacturen.

Jtes. alsvoren...................

KNOOPEN. Porseleinen —, als Kramerij- Bes. 7 Oct. 1864, no. 2!! . KNOOPVORMEN, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post. „ Machines tot het bekleeden van —. Bes. 5 Dec. 1890, no. 20,

F. oio. 124....................

quot;KOBALT. Ifö/ 1845...................

KOBALTBLAUW, niet met olie of alcohol bereid en wegens de wijze van verkoop niet onder Kramerij te rangschikken. (Red.) . KOB ALTBLAU WSEL, ook wel genoemd Kogelblauwsel, als Blauwsel.

(Red.)

KOEHAAR. Onbewerkt — (1). Zie de aantt. 1 en 2 op Haar . . .

(1) Wat het verbod van invoer betreft, wordt verwezen naar aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet.

KOEHUIDEN. Verlakte —, als Huiden, vellen en leder, bereide.

Bes. 18 Dec. 1862, no. 91, U. no. 144, en Wet 1877 .......

KOEIEN (1). Zie onder Slachtvee.............

(1) Zie, nopens het verbod van invoer, aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet.

■quot;■(14) KOEK-, BANKET-, SUIKER- (1) EN PASTEI BAKKERS WERK (2) (3), VOORTS AI.I.E EETWAREN (4), ZOOALS: VLEESCH (5), VISCH (6), WILD, GEVOGELTE, GROENTEN (7) OF VRUCHTEN (8), DIE IN LUCHTLEDIGE(4)(6)(9) TROMMELS OF BUSSEN BEREID OF INGELEGD ZI.IN, CHAMPIGNONS (10), MORILLES (10), RACAHOÜT (lÖA), KUNSTMOSTERD (11) EN SAUSEN (12) (13).

(1) Onder Saikerbakkerswerk worden in den regel ook gerangschikt zakjes, gevuld met suikerwerk, waarbij slechts een klein voorwerp, speld, ring, enz., hoogstens ter waarde van 1 cent, is gevoegd. Ook worden als zoodanig belast fluitjes, vervaardigd van meel en sniker, welke als snoepgoed worden verkocht.

(Ked.)

(2) In het Voorloopig Verslag omtrent een Wetsontwerp, nopens den suiker-accijns, opgenomen in no. 575 van het Weekblad, komen beschouwingen over deze rubriek voor, o. a. in verhand met de toepassing der belasting op Biscuits.

waarde

5 pet.

100 kgr. 100 kcr.

/\' 5.00 5.00

Vrij f 0.40

100 ksn\'.

Vrij

5 net. Vrij Vrij

waarde

Vrij

waarde 5 pet. waarde 5 pet.

waarde waarde waarde

waarde

5 pet. 5 pet. 5 pet.

5 pet. Vrij

Vrij Vrij

Vrij Vrij

100 kgr. f 25.00

-ocr page 118-

KOE.

220

ARTIKELE N.

Maatstaf.

Hechten.

(3) Stropen, extracten en essences voor meiwijn en alle andere dergelijke praeparaten zijn bij invoer van buitenslands belast:

a. de alcohol bevattende, met accijns en invoerrecht als Likeur-,

b. die, welke geen alcohol, doch suiker, stroop of honig bevatten, als Koeken banketbakkersiuerk; terwijl

c. alle andere onbelaste Chemicaliën vrij van rechten en accijns ten invoer worden toegelaten. Res. 14 April 1868, no. 51, V. no. 48.

(4) Alle in luchtledige trommels of bussen bereide of ingelegde eetwaren zijn hieronder begrepen. Res. 10 Oct. 1862, no. 105, V. no. 105. Verg. aant. 9.

(5) De toelichting, gegeven bij de res. van 25 Febr. 1887, no. 70, V. no. 17 (zie de aantt. 6 en 13 hierna) nopens bereide of ingelegde visch, is ook van toepassing op verduurzaamde vleeschwaren.

Mitsdien behooren alle zoodanige vleeschwaren. die zich door zorgvuldige verpakking in het klein («) als fijne eetwaar doen kennen, hoezeer ook slechts met eenig zout bereid, niet tot „ Vleesch, niet afz. belast quot; maar tot het vleesch. genoemd onder de rubriek „Koek- en banketbakkerstcerk.quot; Res. 26 Januari 1891, no. 36, V. no. 9.

Vleesch, in luchtledige blikken of bussen, bereid met groenten, wordt evenals zoodanig vleesch, dat met peper, kruidnagels of andere specerijen is toebereid, gerangschikt onder de bereide of ingelegde eetwaren, in dezen tariefpost bedoeld. (Red.)

Zie hierbij den post Vleesch met aant. 14.

(a) Naar men vermeent, zijn hieronder niet te begrijpen die soort groote bussen

Australisch of Amerikaansch vleesch, welke geacht worden minstens 4 Engelsche

ponden (1,8 kgr.) In te houden, ook al wordt bij netto weging iets minder gewicht

geconstateerd. (Ited.)

(6) Van ansjovis, kabeljauw, zalm enz. is het invoerrecht van ƒ25, = de 100 kgr. verschuldigd, al geschiedt de invoer in liesschen, vaatjes, bussen of dergelijke niet luchtledige verpakking, wanneer zij slechts met zout gekookt, in pekel, olie of azijn ingelegd of op elke andere soortgelijke wijs is bereid.

Bij twijfel nopens de belastbaarheid een monster aan het Departement op te zenden, en in afwachting der beslissing, de goederen tegen borgstelling ten invoer toe te laten. Rcs. 25 Febr. 1887, no. 10, V, no. 17.

Zie ook de aantt. 5 en 13.

(7) Hiertoe behooren niet de gewone gedroogde groenten in pakjes, zonder toevoeging van specerijen. Deze pakjes bevatten verschillende soorten gedroogde groenten ter bereiding van soep en worden noch in galanterie- of andere winkels, noch door marskramers verkocht. (Red.)

Zie ook aant. 8 hierna.

(8) Hieronder worden ook gerangschikt Vruchten, in eigen nat of water gekookt (au jus naturel) en in luchtledige bussen of trommels ingevoerd. Op andere wijze ingevoerd, worden zij belast als Vruchten, in stroop of suiker ingemaakt. Rcs. 19 Maart 1863, no. 77, V. no. 58.

Vruchten op eigen nat, zonder suiker, in luchtledige liesschen zijn te belasten als Koek- en banketbakkerswerk. (Red.)

Doperwten en dergelijke groenten, in eigen nat gekookt en in luchtdichte Hesschen verpakt, alsmede vruchten, op eigen nat, in luchtdichte liesschen, worden belast als Koek- en banketbakkersicerk. (Red.)

Ook worden vruchten, in stroop of suiker gekookt of ingemaakt en verpakt in luchtdichte flesschen, als behoorende tot de fijne eetwaren, onder dezen tariefpost begrepen. Wanneer zij echter zijn verpakt in liesschen, enkel gesloten met een schijfje kurk met capsule en blikken bandje, worden ze belast als Vruchten, in stroop, met ƒ 18, = de 100 kgr. (Red.)

Fruits egouttês (vruchten in suiker gekookt en daarna uitgelekt en verpakt in doozen of kistjes), alsmede geconfijte vruchten met suiker geglaceerd, behooren belast te worden als Koek- en banketbakker swerk, ook al zijn zij niet luchtledig of luchtdicht verpakt.

Het aldus bereiden van vruchten geschiedt hoofdzakelijk door conliseurs of suikerbakkers en die bereiding heeft kennelijk ten doel om aan die vruchten als fijne dessertartikelen eene hoogere waarde te geven (a). Res. 9 April 1894, no. 91, V, no. 38.

(a) Verg. aant. 13 hierna.

(9) Luchtdichte bussen en flesschen staan met z.g. luchtledige gelijk. Als luchtdicht zijn te beschouwen alle bussen, welke zijn dichtgesoldeerd en alle liesschen, waarop de kurk of stop door middel van ijzerdraad of caoutchouc zoodanig bevestigd is, dat de buitenlucht daarin niet kan binnendringen.

Verpakking van eetwaren, in luchtledige of daarmede gelijkstaande bussen of liesschen, is op zich zelf nog niet voldoende om het invoerrecht van f 25, = de 100 kgr. toe te passen. De eetwaren moeten daarenboven bereid of ingelegd zijn en dus een dier bewerkingen ondergaan hebben, of naar hun aard of bestemming met ingelegde of bereide eetwaren overeenkomen; verg. art. 2 der

-ocr page 119-

±31 KOE.

ARTIKELEN.

Maatstaf.

Hechten.

Tariefwet. Bij twijfel kunnen ambtenaren of belanghebbenden de beslissing des Ministers inroepen, terwijl inmiddels de goederen kunnen worden vrijgegeven onder borgstelling voor het hoogste recht. Bes. 31 Juli 1884. no. 113, V. no. 83.

Luchtdicht of luchtledig zijn echter geen woorden van gelijke beteekenis, en wanneer dus mocht worden aangegeven: „in bussen, niet luchtledigquot;, komt het noodig voor om tevens opgave te vragen, of de bussen al dan niet luchtdicht zijn. (Bed.)

Zie echter aant. 6.

De onderscheiding tusschen al dan niet luchtdichte sluiting komt niet te pas bij vruchten, ingemaakt in brandewijn; immers worden deze uit den aard der zaak alleen ingevoerd in luchtcichte of daarmede gelijkstaande verpakking, zoodat de wetgever bij de bepaling van het recht van 10 pet. der waarde (zie den post Vruchten) geene andere verpakking kan bedoeld hebben.

Vruchten op brandewijn zijn dus altijd onderworpen aan laatstgemeld recht. Bes. 3 Febr. 1894, no. 5, V. no. 14.

Gelijke inlichting was gegeven bij res. van 21 Nov. 18U3, no. 35, V. no. 105.

(10) Ook versche of gedroogde champignons en morilles worden hieronder begrepen. (Ked.)

(10a) Chocaladc van racahout is mede te rangschikken onder Koek- en haulcet-bakkerswerk. Bes. 8 Maart 1851, no. 54, V. no. 34.

(11) Onder Kunstmosterd is alhier te verstaan mosterd, die, behalve met azijn, ook met kappers, kruiden of andere zelfstandigheden is bereid. Bes. 20 Juni 1868, no. 49, V. no. 72. Zie hierbij ook de Bes. van 18 April 1861, no. 82, V. no. 35, en 27 Dec. 1862, no. 65, T. 1863, no. 11.

Mosterd van alle soorten, niet met azijn aangezet, noch met andere bestand-deelen vermengd, wordt, ongeacht de verpakking, evenals bloem ran mosterd gerangschikt onder den post Specerijen en beiast met 5 pet. der waarde, terwijl van mosterd, bereid met azijn, doch niet met kappers, kruiden of dergelijke, oen invoerrecht als voor Azijn van f 3,— de HL. verschuldigd is. Bes. 20 Juni 1868, no. 49, V. no. 72; 4 Oct. 1886, no. 9, V. no. 85; Wet 4 itfei 1889,/S. no. 45, V. no. 48, art. 1 en lies. 17 Mei 1889, no. 4, V. no. 52, § 1.

(12) Ook Vischsausen in blikken, llesschen of bussen worden hieronder gerangschikt. Bes. 17 Maart 1849, no. 18, V. no. 30.

(13) Kennelijk is met het noemen van verschillende artikelen onder dezen tariefpost slechts bedoeld eenige voorbeelden te geven; al ware dit niet zoo, dan nog zou letterlijke toepassing afstuiten op art. 2 der Wet, volgens hetwelk goederen in het tarief niet genoemd, doch die naar hun aard of bestemming onder een der aldaar vermelde goederensoorten kunnen worden gerangschikt, aan invoerrecht zijn onderworpen. De bedoeling des wetgevers is blijkbaar geweest, alle verduurzaamde eetwaren te belasten, die zieh door zorgvuldige verpakking in \'t klein als artikelen van weelde doen kennen. Bes. 25 Febr. 1887, m. 70, V. no. 17.

Zie hierbij ook de aantt. 5 en (1 hiervoor, alsmede het artikel Meclpmcpimiten.

(14) Voor de Statistiek gesplitst op te geven in:

Koek-, banket-, suiker- en pastcibakkerswcrk.

Alsvoren (vleesch, visch, wild, gevogelte, groenten, vruchten en andere eetwaren, in luchtledige trommels of bussen bereid of ingelegd, champignons, morilles, racahout, kunstmosterd en sausen). (Bed.)

*(2) KOEKEN, RAAP-, HENNEP-, LIJNZAAD-, PAPAVER- (1) EN GEOND-NOTEN-KOEKEN (1), ALSMEDE LIJNMEEL, VerVdlt. 11\')gt;l 1877 . .

(1) Blijkens de res van 31 Mei 1849, no. 50, V. no. 48, worden de papaver- en grondnotenkoeken vervaardigd tot voeding van vee en bezitten zij nagenoeg dezelfde eigenschappen als de raap-, hennepen lijnzaadkoeken.

(2) Voor de Statistiek van den invoer het gewicht op te geven. (Ked.)

„ Aardappelenkoeken, als Koeken. (Red.)........

„ Katoen —, zijnde de vaste massa, die na het uitpersen der

olie van het katoenzaad overblijft, als Koeken, raapkoeken, enz. Jtex. 2 Maart 18G8, no. 65, V. 110. 33 en Wel 1877 . . . „ Palmpitten —, als Koeken, raapkoeken, enz. Hes. 7 April

1870, no. 52, F. no. 51, en Wet 1877 .........

„ Afval van palmpittenkoeken, als Koeken, raapkoeken, enz.

(Red).

KOELMACHINES. Zie Machines, koel- en ijsmachines. KOELVATEN. Melkkoelvaten (1), als Gereedschappen. Hes. 19 Nov. 188G, no. 15, V. no. 105 . . ...............

(1) Zie hierbij aant. 5 op Gereedschappen.

KOEMELKERS. Werktuigelijke —, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K.B. 0 Oct. 1862, S. no. 179, V. no. 101, art. 1, en Wet 1877...................

Vrij

Vrij

Vrij

Vrij Vrij

Vrij

Vrij

-ocr page 120-

223 KOE. — KOK. 224 225

A R T I K E L E ]ST.

Maatsta f.

Kecutex.

KOETSEN, als Rijtuigen. Renvooi, Wet 1822 .........

KOEVOETEN, als Gereedschappen, lies. 19 Nov. 1886, no. 15, V.

no. 105.......................

KOFFERMAKERSWERK. Zie den post Huiden, vellen en leder. KOFFERNAGELS. Zie Koperen koffer- of splitnagels . . . .

-KOFFIE. Wet 1854 ...................

„ KoHie-cxtract, ook wel koilie-essence geheeten, als Koeken banketbakkerswerk. (Red.)...........

,, Koffie-extract, zonder suiker of alcohol, in kleine verpakking (1), als Kramerij. (Red.)............

Kunstkoflie (2), een namaaksel van koffieboonen, voor het grootste gedeelte bestaande uit gerste- en roggemeel, als Aardappelenmeel-fabrikaten, niet nfz. belast (3). (Red.) . „ Maltz-Kathreiner Kneipp kollie, in pakjes van K en \'4 kgr.,

als Kramerij. (Red.)................

(li Zie, nopens lietgeeu hieronder te verstaan is, aant. 1 op Verfstoffen.

(2) Volgens de Fiscus no. 185, blz. 253, bij invoer zooveel mogelijk monsters op te zenden.

(3) Zie hierbij Jleelpraeparalen.

KOFFIEBR ANDERS voor huiselijk en winkelgebruik (]). Hes. 10 Nov. 188G, no. 15, V. no. 105.................

(1) Stoomkoffiebranders worden vrij van invoerrecht toegelaten, (lied.) KOFFIEMOLENS voor huiselijk en voor winkelgebruik. lies. 10 Nov.

1886, no. 15, 1\'. no. 105.................

KOFFIESORTEERMACHINES. lies. 10 Nov. 1886, no. 15. V. no. 105. KOFFIESTROOP. Vloeibare —. Zie aant. 2 op Caramel. KOFFIESURROGATEN (gezondheidskoftie, kunstkoflie, enz.) (1), samengesteld uit gebrande en gemalen -.quot;ogge, gebrande beetwortelen, vijgen, cichorei en wat dies meer zij, — in kleine pakjes en dergelijke, zoodat zij zonder overpakking door kramers in \'t klein verkocht kunnen worden (2), als Kramerij.

lies. 21 Juni 1873, no. 25, I\'. no. 74..........

,, in groote verpakking (2). lies. alsvoreii.........

(1) Zie hiervoor ook het artikel Koffie, kunstkoflie.

(2) In andere dan kleine verpakking ingevoerd, worden monsters van de koffiesurrogaten opgezonden. (Eed.)

KOGELBLAUW, in doozen van 1/2 kgr., als Kramerij. (Red.). . . KOGELLAK, als Verfwaren. Ih •nvooi, Wet 1845.

KOGELS. Geweer- en pistoolkogels. Zie den post Ammunitie, allerhande, enz....................

„ Kanonkogels. Zie den post Ammunitie........

KOGELTJES. Porseleinen —, voor eene distilleermachine, dienende om het verdampingsoppervlak te vergrooten, worden beschouwd als Knikkers en dus belast als Kramerij- Zie de Bijs. Bepaling op

dien post. (Red.)....................

KOKERS of OMSLAGEJs, losse, bevattende plaatjes in photograpbie of steendruk, verschillende stadsgezichten, kleederdrachten en dergelijke voorstellende, zijn, indien ze ook voor andere doeleinden bruikbaar en dus afzonderlijk verkoopbaar zijn, afgescheiden van de plaatjes, belast als Kramerij, of, evenals losse banden voor boeken (1), als Papier van alle soorten. Afzonderlijk ingevoerd zijn ze, hoezeer ook voor een bepaald doel bestemd, in elk geval

belast, lies. 13 Oct. 1890, no. 24, ir. no. 104.........

(1) Zie aant. 8 op Papier.

KOKERTJES. Houten —, dienende tot bekleeding van condensor-

pijpen, als Houtwerk. (Red.)..............

KOKOSNOOT-OLIE, als Drogerijen. Zie de lijst, gevoegd bij de lies.

van 24 Januari 1865, no. 38, V. no. 11...........

KOKOSNOOT-PITTEN. Gebroken —. dienende tot bestrooiing van koek, worden, wegens het belangrijk suikergehalte, gerangschikt

onder Koek- en banketbakkerswerk. (Red.)....... .

KOKOSNOTEN, als Vruchten, alle versche enz. (1). Renvooi, Wet 1845.

(1) Ook al zijn deze noten enkel tot het vervaardigen van knoopen bestemd. lies. 19 Juni 1852, no. 17.

waarde

5 pet.

Vrij 5 pet. 5 pet. Vrij

ƒ 25.00

5 pet.

ƒ 2.00 5 pet.

waarde waarde

100 kgr. waarde

100 kgr. waarde

waarde

5 pet.

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

waarde

waarde

waarde 100 kgr.

waarde

5 pet. Vrij

5 pet.

5 pet. ƒ 0.75

5 pet.

waarde waarde

5 pet.

5 pet. Vrij

100 kgr. waarde

ƒ 25.00 5 pet.

-ocr page 121-

KOK. — KOO. 220

A R T J K i: L E N.

Maatstaf.

Eechien.

KOKOSNOTEN. Gedroogde en gemalen —bestemd om door pasteibakkers te worden gebruikt tot vervanging van amandelen,

als Vruchten, alle versche, enz. (Red.)........

„ Stukken van kokosnoten, zonder dop, dienende tot vervaardiging van kokosnootolie. (Red.)...........

KOKOSVEZELGAREN, als Touwwerk. Bes. 3 Febr. 1805, iw. 19,

en Wet 1877 .....................

KOLANOTEN. (Kod.)..................

*(1) KOLEN. Steen-, gruis- of maatkolen, grove of schaalkolen, sintels daaronder begrepen. Wet 1850 ............

(1) Voor do Statistiek te splitsen in ;

Kolen, Steen-.

„ Sintels (cokes). Bes. 14 Maart 1804, no. 27, V. no. 30.

„ quot;Houtskolen. 1802...............

„ Toestellen om steenkolen of cokes te breken of te kloppen.

lies. 19 Nou. 1880, no. 15, V. no. 105. ........

KOLOMMEN. IJzeren —, al zijn deze ook voor een fabriek bestemd,

als Ijzerwerk. (Red.).......■..........

*KOMlJN. lie# 1854...................

KOMMA\'S. Koperen —. Zie Druklijnen...........

KONIJNENHAAR (onbewerkt). Zie aant. 1 op Haar......

KONIJNEVELLEN. Bereide —. Zie aant. 10 op Huiden.....

„ Onbereide —. Zie onder Huiden, onbereide schapevellen, enz. KONINGSDRANK van Jacobi, als Likeur; zie Gedistilleerd (1). lies. 14 Nov. 1872, no. 20, V. no. 120............

(1) Zie, nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

KONINGSWATER, als Sterkwater. Renvooi, Wet 1854 .....

KOOKGEREEDSCHAP (potten, pannen en ketels). Res. 19 Nov. 18S0,

no. 15, V. no. 105...................

KOOKTOESTELLEN. Stoom —, tot het bereiden van veevoeder (1), als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. I!. 0 Oct. 1802, S. na. 179, V. no. 101, art. 1, en Wet 1877 .....

(1) Verplaatsbare kooktoestellen van gegoten ijzer, bestaande uit fornuis en daarin passenden ketel, worden belast met 5 pet. der waarde, daar deze toestellen niet uitsluitend voor de bereiding van veevoeder, maar ook voor andere doeleinden dan voor den landbouw kunnen dienen (Eed.)

Verg. hierbij Kriels, vccvocderketels.

KOOLPLATEN (charbons de grapliyte), voor galvanische batterijen,

als onderdeelen van Instrumenten, physische. (Red.).....

KOOLSNIJDERS, als Houtwerk. / ie*. 13 Aug. 1885, no. 9, 1quot;. nu. 91. KOOLSNIJ- of SCHAAFMACHINES. Res. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124. KOOLSPITSEN of KOOLSTAVEN voor electrisch licht, onderdeelen van toestellen tot het voortbrengen van electrisch licht, als Instrumenten, physische (1). (Red.)..............

(1) Deze rangschikking heeft aldus plaats, omdat uit de afmetingen en den vorm niet is op te maken, of de koolspitsen en koolstaven voor industricele, dan wel alleen voor wetenschappelijke doeleinden bestemd zijn. (Red.)

KOOLTEEROLIE. Zie onder Olie.............

KOOLZAAD. Zie onder Zaad...............

KOOLZINKBATTERIJEN. Galvanische -15 Maart 1848, no. 57, V. no. 20. . . .

KOORD (1), als Passementwerk; zie Wet 1822.............

(1) Alleen die soorten van koord worden thans als belast beschouwd, weike kunnen worden gerangschikt onder Jtanufacluren (passementwerk) of onder Garens, meer dan tweedraads getwvjnde wollen of sajetten garens. (Red.)

Ongekleurd, niet omwoeld katoenen koord, bestemd voor vischnetten, voor het drijven van spinmolens enz., wordt derhalve vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.)

KOORDZIJDE (Cordonnet), als Zijde, naai-, stik- en tloretzijde. Res. 5 Sept. 1863, no. 01, V. no. 133, en 21 Mei 181(0, no. 11, 1\'. no. 7.\'!, en Wet 1877 .....................

waard •

5 pet.

Vrij

Vrij Vrij

Vrij

Vrij

5 pet,

5 pel. Vrij Vrij Vrij Vrij Vrij

/\' 3.50

waarde waarde

de HL. ad 50 pCt.

Vrij 5 pet.

Vrij

waarde

waarde waarde waarde

5 pet. 5 pet. 5 pet.

waarde

100 kgr.

waarde waarde

5 pet.

ƒ 0.55 Vrij

5 pet.

5 pet.

-, als Instrumenten. Res. Manufacturen. Renvooi,

Vrij

-ocr page 122-

KOP.

228

227

A R ï I K E L E N.

Maatstaf.

Hechten.

KOPER, vervalt, met uitzondering van:

„ -Opgemaakt (1) koperwerk, al of niet verlakt, geschilderd of verguld, pleet- (2) en bronswekk, verguld koperdraad en vergulde koperen spijkers (3) (4). Wet 1877 (1). waarde

(1) Opgemaakt is te verstaan in den zin van „afgewerktquot;. (Eed.)

Gedeeltelijk bewerkt koper wordt vrijgesteld; alleen opgemaakt koperwerk en

hetgeen verder in de wet met name genoemd wordt, blijft belast. Hes. C Juni ■,

1877, no. 71, 1\'. no. 54, § 3.

(2) Pleetwerk is ook genoemd in den post Plated of plcetwerk.

(3) Verzilverde of gegalvaniseerde koperen spijkers zijn vrij van invoerrecht.

Hes. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 06.

Als opgemaakt koperwerk worden daarentegen belast ijzeren stiften, in den vorm van spykers, voorzien van een betrekkelijk grooten knop of kop, met koper overtrokken, (lied.)

Ook koperen koffer- of snlitnaqcls zijn te belasten als Opgemaakt koperwerk.

De Fiscus, no. 4i3, bl. 253.

(4) Zie, nopens deelen van schepen, aant. 1 op Schepen, deelen van —.

*(5) KOPEK. Koodkoper, ruw en gaar, alsmede erts. Wet 1854 . . i —

(5) Erts wordt voor de Statistiek afzonderlijk opgegeven. Jles. 12 April 1809, no. 23, V. no. 51.

„ quot;Geelkoper, gegoten in koeken, brooden. staven of bladen.

Wet 1854 ........... . !.......; —

„ quot;Oud koper, afval van koper, vijlsel en hamerslag. Hei 1862. 1 — „ quot;(11) (12) Geslagen of geplet (6), platen (7) (8), bladen (8),

bouten, spijkers (9) en koperdraad van rood-en geelkoper (10).

Wet 1877 ..........................-

(G) Onder Koper, geslagen of geplet, is alleen te verstaan koper, tot i hot vervaardigen van alle soorten van koperwerk geschikt. Hes. \'■ 8 Mei 1863, no. 20, V. no. 71.

(7) Volgens eene liijz. Bepaling in de Tariefwet van 1830, zijn onder roodkoper, in platen, te verstaan alle platen, ook ï?i\'artp, welke zonder verdere bewerking, dan die tot het doen opkomen der roode kleur,

geschikt zijn tot het maken van koperwerk.

(8) Zoowel de platen en bladen, bestemd voor het koperen van schepen, als alle andere platen en bladen. Zie de res. van 10 Oct. 1862,

no. 105, V. no. 105.

De kenmerken van eerstbedoelde platen zijn omschreven bij de res. van 30 Januari 1851, no. 73, V. no. 20, en 3 Nov. 1852, no. 100,

V. no 175.

(9) Hieronder mede te begrijpen de verzilverde of gegalvaniseerde spijkers. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96.

(10) Hieronder is alleen te begrijpen het gewone, zoogenaamd blank draad, alsmede het tot touw verwerkte, doch niet met andere stoften omgeven koperdraad (z.g kopertouw) dienende voor bliksemafleiders.

enz. Res. 9 Febr. 1889, no. 12, V. no. 14.

(11) Koperen spijkers en koperdraad, voor de statistiek elk afzonderlijk op te geven. Hes 15 Januari 1863, no. 68, V. no. 22.

(12) Voor de Statistiek van den (Ht\'ocrnaar het gewicht te vermelden.

(Eed.)

„ *(b0gt;) Bekkens, ketels en andere voorwerpen van koper,

zooals die van den molen komen, niet afz. belast. Wet 1877.

(13) Voor de Statistiek van den invoer naar het gewicht te vermelden. (Eed).

„ ^Koperen en bronzen medailles. Wet 1845 .......

„ ^Plaatjes tot koperen munt en gemunt koper (14) ....

(14) Zie art. 19, lett. b, dezer Tariefwet, nopens het verbod van invoer. (Eed.)

KOPERCEMENT (1)...................

(1) Zie, nopens de bestanddeelen, aant. 1 op Cement. (Eed.)

KOPERDRAAD. Gekarteld —, in staven, welke nog eene andere bewerking moeten ondergaan, als Koper, bekkens, enz. (Red.) „ omwonden, omvlochten of bekleed met zijde, wol, katoen,

doek, touwwerk, lood, ijzer, gutta-percha en dergelijke, of ! met meerdere dezer stoffen tegelijk, en onverschillig of het : oen enkelen draad geldt dan wel meerdere, tot een kabel of

5 pet.

Vrij

Vrij Vrij

Vrij

Vrij

Vrij Vrij

Vrij Vrij

-ocr page 123-

KOP.

220

230

A E T I K E L E N.

Maatstaf.

Eechtkn.

touw vereenigd of bewerkt, moet evenals de electrische toestellen, waarbij het behoort, gerangschikt worden onder Instrumenten, mathematische, physische, enz. (1). lies. 0 Febr. 1889, no. 12, V. no. 14 (2)...........

(1) Als zoodanig werd omwoeld koperdraad, dienende voor eleetro-galvanische toestellen, reeds belast krachtens res. 25 Sept. 1868, no. 23, V. no. 103.

(2) By deze res. werd nog bepaald, dat alleen eene uitzondering kan worden toegestaan voor keperdraad, uitsluitend met ongekleurd katoenen garen omwonden, niet gevernist noch geparaffineerd of op andere wijs verder bewerkt, en dienende ter omwinding van onderdeelen van werktuigen tot het fabriekmatig voortbrengen van electrisch licht, welk koperdraad dus, wanneer de aangifte deze bijzonderheden vermeldt (a), als onderdeelen van Fabrickstrerktiiigen vrij van invoerrecht kan worden toegelaten.

(ff) Verg. aantt. 3 en 4 op FabrieliSiuerktuirjen.

KOPERDRAAD, omwonden met ongekleurd katoenen garen, niet gevernist, noch geparaffineerd of op andere wijze verder

bewerkt. (Red.)..................

„ op katoen gesponnen, als gewoon Koperdraad; zie onder

Koper, geslagen, enz. De Fiscus no. 1S5, blz. 253.....

„ van rood- en geelkoper. Zie onder Koper, geslagen, enz. . „ Kopertouw (3) als Koper, oud koper, enz. 7,Vs. !i Fehr. 1889, no. 12, V. no. 14.................

(1) Zie aant. 10 op Koper.

„ Verguld —. Zie den post Koper...........

„ Soutien of karkasdraad, zijnde omwonden koperdraad, bestemd tot het geven van vorm aan hoeden of mutsen, of tot het maken van kunstbloemen, als Kramerij. lies. 25 Sept. 1868, no. 23, V. no. 103, en 9 Fehr. 3889, no. 12, V. no. 14 . . .

KOPERDRAADBORSTELS. Zie onder Borstels........

KOPEREN BLOKBUSSEN, niet uitsluitend dienende voor schepen, als Opgemaakt koperwerk; zie Koper. (Red.) . . . .

„ DRUKL1JNEN, KOMMA\'S en PUNTEN. (Red.).....

., DRUKPLATEN. Zie Drukplaten.

„ FLOTTEURBOLLEN. Zie Flotteurbollen.......

„ HAAKJES, onderdeelen van breimachines voor vischnetten.

Tariefwet li. en K., blz. 190.............

„ KLINKBOUTEN. Zie Klinkbouten.

,. KLINKNAGELPLAATJES, al of niet vertind. (Red.) . . . „ KLINKNAGELS, als Bouten en spijkers ; zie onder Koper,

geslagen, enz. (Red.)................

„ KOFFER- of SPLITNAGELS, als Opgemaakt koperwerk;

zie Koper. Be Fiscus no. 443, blz. \'2\')o.........

„ KRAMMEN. Zie onder Krammen.

„ KRANEN. Zie onder Kranen.

„ METERMAATJES. Zie aant. 1 op Duimstokken. „ PIJPEN. Getrokken geel —, van binnen en buiten vertind voor distilleertoestellen, als Fabriekswerktuigen. Res. 18

Oct. 1870, no. 81, V. no. 95, en Wet 1877 ........

,, PIJPEN. Geheel afgewerkte —, bestemd voor gasbuizen, als Opgemaakt koperwerk; zie Koper. Res. 15 Januari 1803,

no. 57, V. no. 21.................

„ PIJPEN of STAVEN, als Koper, bekkens, ketels, enz. (1).

(Red.)

(1) Aldus gerangschikt, omdat door Kaper, gestagen of geplet, platen of bladen, alleen wordt verstaan koper, geschikt tot het vervaardigen van allerlei soorten van koperwerken, wat met de hierbedoelde voorwerpen niet het geval is. Pijpen ot staven, die nog op de vereisehte lengte moeten gebracht worden, om als zoodanig dienst te doen, kunnen ook niet gerangschikt worden onder de rubriek Opgemaakt koperwerk, belast met 5 pet der waarde. Zij behooren dus tot rfe/i/c« Wa.sVc voorwerpen van koper, -ooals die van den molen komen {a) Dat onder dezen molen ook de pletmolen kan worden verstaan en dat die voorwerpen niet altyd behoeven vervaardigd te zijn door een daartoe bijzonder ingericht hamerwerk, is insgelijks reeds vroeger uitgemaakt en

waarde

5 pet.

Vrij

Vrij Vrij

Vrij 5 pet.

5 pet. 5 pet.

5 pet. Vrij

Vrij

V rij

Vrij

Vrij

5 pet.

waarde

waarde waarde

waarde

waarde

Vrij

waarde

5 pet. Vrij

-ocr page 124-

KOP. — KOU.

232

2?gt;1

A K T l K E L K N.

wel, omdat verschillende voorwerpen, die toen door middel van paarden-, wind- en watermolens gehamerd werden, thans door pletten worden voortgebracht. Doch al was dit niet het geval, dan zijn zij naar aard en bestemming toch kennelijk het best op de aangegeven wijze te rangschikken. (Eed.)

(ci) Zie Koper, bekkens, ketels, enz.

KOPEREN PLAATJES in den vorm van niedaillekruisen, als Koper,

bekkens, ketels, enz. Tarief wet It. en AT., hlz. 190.....

„ PLATEN. Rood —, eenvoudig geplet op de vereisehte afmetingen en bestemd om tot halzen omgebogen en gesoldeerd te worden, als Koper, geslagen of geplet. Res. •quot;gt; Dec. 1,%2, nu. 70, T. no. 136, en 8 Mei 1863, no. 20, V. vo. 71, en M\'ei 1877. „ SCHIJVEN. Zie onder Schijven.

SCHROEVEN (koppelingen voor brandspuitslangen). Zie onder Schroeven.

SEINLICHTEN, als Opgemaakt koperwerk; zie Koper.

(Red.)

., SMEERPOTTEN. Zie Smeerpotten.

„ SPIJKERPLAATJES. (Red.).............

„ STAAFJES. Roodkoperen —, welke nog ten dienste van banden voor projectielen moeten worden rondgebogen, en

dus nog slechts gedeeltelijk bewerkt zijn. (Red.).....

„ STAVEN. Getrokken of geplette geelkoperen staven, alsmede de gegoten, getrokken of geplette roodkoperen staven, bestemd tot het vervaardigen van bouten, als Koperen bouten; zie Koper, geslagen, enz. Hes. 30 Januari 1851, vo. 73, 1\'. no. 20.

„ STOOM AFSLUITERS. Zie Stoomafsluiters......

„ STOOMPIJPEN voor condensors. Zie Stoompijpen. . . . „ TRAPTREEPLATEN. Zie Traptreeplaten.

„ VORMEN voor suikerbakkers. Zie onder Vormen ....

KOPER-ERTS. Zie onder Koper, roodkoper ........

KOPERGAAS, aan het stuk (1), allt; Manufacturen. ./iVs. 5 Sept. 1S62, no. 17........................

Maatstaf.

waarde

waarde waarde waarde

(1) Ook kopergaas, afzonderlijk ingevoerd, in afgepaste stukken, bestemd voor centrifuges eener suikerfabriek, wordt als Man li facturcn belast, als zijnde niet uitsluitend voor fabrieksgebruik geschikt. (Eed.)

KOPERGELD of KOPEREN MUNT, als Koper, plaatjes tot koperen

munt. Renvooi, IFet 1845 ................

KOPERROOD, als Verfwaren. Renvooi, 11\'ei 1845.

KOPERSTEEN, als Koper, rood, ruw en gaar. Renvooi, Wel 1845 . KOPERTOUW, zijnde het tot touw verwerkte doch niet met andere stoffen omgeven koperdraad, dienende tot bliksemafleiders, enz., als Koper, oud koper, enz. Res. 9 Fehr. 1889, no. 12, U. no. 14 .

KOPERWERK. Opgemaakt —. Zie den post Koper......

KOPIEERPEESEN. Handkopieerpersen naar hun hoofdbestanddeel, als Ijzerwerk, enz. Res. 25 Januari 1883, no. 91, F. no. 7 . . . K()PPELINGEN voor brandspuitslangen (koperen schroeven), tegelijk met de brandspuiten cn daarbij behoorende slangen wordende

ingevoerd (1). (Red.)..................

(1) Zie hierbij Schroeven, koperen schrocvcn.

KOPSTUKKEN. Zie Houten lijsten............

Wel 18G2, en Hes. 10 Oct. 1862,

cn andere voorwerpen van kornalijnsteen (1), als Kramerij.

waarde waarde waarde

quot;KORAAL, bewerkt .... quot;KORAAL. Ruwe en onbewerkte no. 105, F. no. 105.....

KORALEN, als Kramerij- Zie de Bijz. Bepaling op dien post Hes. 21 Fehr. 1850, uo. 70

(1) Zie hierbij de res. van 14 Juni 1825, no. 47, V. no. U4, opgenomen in aant. 1 op Kornalijnsleen.

van agaatsteen, geslepen, als Kramerij. Res. 21 Febr. 1856,

no. 70.....................

Bloed —, als Koraal, bewerkt. Renvooi, Wei 1845 .... (ilas —, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post.

waarde waarde

waarde waarde

waarde waarde

-ocr page 125-

233 KOR. — KEA. 234

A E ï I K E L E N.

KORALEN. Granaten —, als Kramerij. Ties. 14 Bee. 1871, no. 9,

V. no. 148.................... . waarde

KORDOVAN- of CORDl\'AANLEDEK. Zie aant. 10 op Huiden, vellen

en leder ......................

KOKENT- of ZWART EOZIJN. Zie den post Rozijnen.....100 kgr.

KORIANDEROLIE, als welriekende olie te rangschikken onder

Reuk- en parfumeurswaren. (Red.)............1 waarde

KORIANDERZAAD, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845 ..... —

quot;KORINTEN of KRENTEN...............100 kgr.

KORNALIJNSTEEN (1), als Juweelen. Renvooi, Wet 1845.... —

(1) Hier wordt natuurlijk bedoeld de echtc Kornaiijnstccn, als Ijehoorende tot de agaten; zoogenaamde kornalynen, welke niets anders zijn dan glaskoralen,

behooren onder de rubriek Kramerij. lies. 14 Jam\' 1825, na. 47, V. no. 04.

KORVEN. Strooien korven, waarin het bijenwerk (het voortbrengsel der hijen) wordt ingevoerd. Res. 25 Juni 18()G, no. 80, V. no. 101.

KOUSEN, geweven of gebreid. Zie den post Manufacturen . . . waarde KEAAKMACHINES. Zie onder Machines.

KEAANKASTEN en andere onderdeelen (1) van waterleidingen.

Res. 2 Aug. 1888, no. 22, V. no. 92.............waarde

(1) Zie hierbij Kranen.

KEACHTMEEL {Amylum). (Eed.).............

KEACHTMETEES, als Landbouwwerktuigen; 7.\\c. Fabriekswerktuigen. K. B. G Oct. 1802, S. no. 179, r. no. 101, art. 1, en Wet 1877 ......................

quot;•^KRAMERIJ (A) (1—8).................waarde

Bijzondere Bepalingen.

(A) Onder Kramerij ueuooeen ook (a):

Borstelmak eus werk.

Brei- en naainaaldkx.

Brillen.

Cachetten.

Flacons (amp;).

Fleuretten.

Galanteriewaren (c).

Gespen.

Gesteenten, valsche (d).

Glaskoralen of glasparelen.

Glas- of zandpapier.

Hoorn in bladen.

Inktkokers (Ji) (e).

Karkassen (ƒ).

Klatergoud.

Knikkers.

Knoopen en knoopvormen.

Koralen (ƒ/).

Kristal, üewerkt (/().

Leien. Metalen en andere

schrijf- (-lt;).

Lepels en vorken.

Maatstaf.

Messen (ƒ) en messenmakers werk. Naalden. Naai- en brei- (A-). Paardenetten en vliegennetten. Papier maché.

Potlooden.

Eeukfleschjes (b).

Ringen.

Eood- en zwartkrijt in stukken,

om te teekenen (/).

Rottingen, wandelstokken, al

of niet gemonteerd (ïll).

Scharen.

Schildpad, bewerkt. Sigarenhouders (b) (e).

Slijp- en wetsteentjes («). Speelgoed.

Stuiters.

Teekenpennen.

Verfdoozen en teekendoozen,

met of zonder verf. vuurdoosjes (o).

Zeefbladen (p).

Zeven {q).

En alle dergelijke voorwerpen, met of zonder gouden, zilveren op koperen garnituren of deksels, behoudens de bepalingen

betrekkelijk de belasting op de gouden en zilveren werken (r). (a) Zie hierbij aant. G.

(h) Verg. de res. van 8 Dcc. 1845, no. 2G, V. no. 238.

(c) Mede volgens een Renvooi op dc Wet van 1845, doch daarbij kwam achter „Galanteriewarenquot; de bijvoeging voor ~{jcene gouden of zilveren zijndequot;. (Red.)

(lt;Z) Hieronder ook te begrijpen steentjes van glas vervaardigd, kleur en vorm hebbende als de edelgesteenten en dienende om in ringen, oorbellen enz. gevat te worden.

(Red.)

(\'\') Zie hierbij de Bijz. Tiojmlinfi, opgenomen op den post A(irdewerl\\\\ en mede vermeld in aant. Jj hierna.

Lucifers.

s

-ocr page 126-

KRA.

280

9.%

A R T I K E L E N.

Maatstaf.

Rechten.

{f) Verg. de res. van 25 Sept. 1868, no. 23, V. no. 101, en 9 Febr. 1889, no. 12, V. no. 14.

[g) Ook granaten koralen. Rcs. 14 Dec. 1871, nn. 9, V. no. 148.

(/t) Bewerkt bergkristal is reeds bij Renvooi, Wet 1845, gerangschikt onder den post Kramer ij.

Zie ook aant. 2 hierna.

(i) De res. van 21 April 1854, no. 114, V. no. 4G, bepaalde reeds, dat metallische schrijflelen, evenals de gewone schrijfleien, onder de rubriek Kramerij gerangschikt moesten worden.

(./) Kurksnydersmessen, Plamuur-, Temper-, Schrap- en Slopmessen voor schilders zijn vrij van invoerrecht, als behoorende tot de Gereedschappen. lies. 19 Nov. 1880, no. 15, V. no. 105. Zie hierbij verder het artikel Messen.

(/.•) Naalden voor naaimachines worden gerangschikt onder de Gereedschappen, on zijn dus vrij van invoerrecht. Gewone naainaalden zijn echter voortdurend belast als Kramerij. Hes. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96, bevestigd bij Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105.

Machinenaalden met haken zijn vrij van invoerrecht. (Red.)

(i) Ook wit krijt, bewerkt tot regelmatige pijpjes of staafjes, wordt als Kramerij belast. (Red.)

(m) Mede volgens Renvooi, Wet 1845.

(n) Slijpsteentjes voor zeisen zijn, als Gereedschappen, vrij van invoerrecht. Ues. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105.

Zie hierbij ook Zeisenscherpers.

(o) Verg. hierbij de res. van 19 Febr. 1847, no. 27, V. no. 29.

(/gt;) Ook Zijden zeef bladen worden steeds onder de rubriek Kramerij gerangschikt.

(Red.)

U/) Zeven, behoorende bij stoomdorschmachines, zijn vrij van invoerrecht. (Red.)

(/•) Deze bepalingen komen voor in de Wet van 18 Sept. 1852, S. no. 178, V. no. 161.

(1) Als Kramerij blijven belast die artikelen, welke in de Bijz. Bepaling hiervoor opgenomen, met name zijn genoemd, en andere dergelijke voorwerpen, die in den regel in galanterie- of speelgoedwinkels of door rondreizende marskramers te koop worden aangeboden. Res. 6 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, § 3.

(2) Mede beboeren onder Kramerij te worden gerangschikt, blijkens eeno Bijz. Bepaling op de Tariefwet van 1850:

Schoorsteenornamenten (a) en dergelijke voorwerpen van glas, kristal, albast, guttapercha of agaatsteen (amp;), met of zonder gouden, zilveren of koperen deksels of garnituren, behoudens de belasting, verschuldigd voor het zich daaraan bevindende goud- of zilverwerk (c).

Zie ook de Res. van 8 Dec. 1845, no. 2G, V. no. 238,

(«) Verg. aant. 3 hierna.

(b) Zie hierbij de aant. op Edelgesteenten.

(c) De belasting op de gouden en zilveren werken is geregeld bij de Wet van 18 Sopt. 1852, S. no. 78, V. no. 161.

(3) Onder Kramerij worden ook gerangschikt de kleine voorwerpen van porselein en aardewerk, zooals schoorsteenornamenten, inktkokers, sigarenhouders en dergelijke, wanneer zij met andere kramerij gepakt, ingevoerd worden (a). Bijz. Bepaling op den post Aardewerk,

ia) De Wet stelt thans uitdrukkelijk tot voorwaarde, dat het in deze aant. bedoelde aardewerk, om als Kramerij te worden toegelaten, met andere kramerij gepakt, ingevoerd moet worden. Res. 10 Oct. 1862, no. 105, V. no. 105, Ia.

(4) Zie, nopens spuitjes, busjes, kunstruikers en andere dergelyke met reukwerk gevulde kleine voorwerpen, zoomede doosjes, mandjes, enz., waarin kleine fleschjes of busjes met alcoholisch reukwater worden ingevoerd, de aantt. 3—5 op de rubriek Reuk- en parfumeurswaren.

(5) Eenige andere goederen, die ook als Kramerij belast worden, zijn in deze Tabel onder hunne bijzondere benamingen opgenomen. (Red.)

Krame linL,

den handel tot kramerij behooren en bij het Tarief niet afzonderlijk belast zijn, moeten dan ook eveneens onder den post Kramerij gerangschikt worden. Rcs. 10 Oct. 1862, no. 105, V. no. 105.

(7) Onder Kramerij, in den zin van het Tarief van invoerrechten, zijn begrepen alle niet anders belaste (a) artikelen, die in den regel te koop worden aangeboden in galanterie-, speelgoed- en dergelijke {h) winkels, of wel door rondtrekkende marskramers, mits die artikelen worden ingevoerd in zoodanige emballage, dat zy zonder overpakking in het klein kunnen worden verkocht (r). Zijn de bedoelde twee voorwaarden aanwezig, dan is het verder onverschillig of de ingevoerde goederen, afgezien van hunne emballage, als belast, dan wel als vrij van rechten zijn te beschouwen. Bij invoer derzelfde goederen in andere verpakking is daarentegen hunne belastbaarheid afhankelijk van de vraag of zij, op zich zelve beschouwd, zijn begrepen onder eene der in het Tarief van invoerrechten genoemde artikelen, of wel naar hun aard of bestemming onder een dier voorwerpen zyn te rangschikken.

-ocr page 127-

KR A.

2?)7

288

A E ï I K E L E N.

Maatstaf.

Eechten.

Zoo zyn, om een voorbeeld te noemen, onderscheidene der zoogenaamde gebreveteerde geneesmiddelen bij invoer in doosjes, fleschjes, enz., te beschouwen als Kramer ij, omdat zij niet alleen te verkrijgen zijn bij apothekers en drogisten, maar ook in vele galanteriewinkels {cl).

Onverminderd het bovenstaande en de toepassing van art. 213 der Algemeene Wet, zoo daartoe termen zijn, moet voorts bij aanbieding van belaste of onbelaste artikelen in sierlijke verpakking, welker waarde die van den inhoud aanzienlijk overtreft, met de blijkbare bedoeling, die verpakking vrij van rechten of tegen een lager recht te kunnen invoeren, op deze laatste het recht worden toegepast volgens den Tariefpost, waaronder zij op zich zelve en afgezien van haren inhoud, behoort.

Het spreekt van zelf, dat by dc toepassing van bovenstaande regelen veel aan het doorzicht en het recht begrip der ambtenaren moet worden overgelaten. Men kan echter aannemen, dat bij eenige oplettendheid en nadenken, de gegeven wenken voldoende zullen zijn om eene gelijkmatige toepassing van den bedoelden Tariefpost te bevorderen, terwijl in twijfelachtige gevallen, evenals tot dusverre, desnoods de beslissing van het Hoofdbestuur kan worden ingeroepen. Res. 14 Nov. 1866, no. 35, V. no. 164.

(«) Dit wordt aldus opgevat, dat alleen dc niet anders belaste goederen, onder Ara-wier// worden gerangschikt. (Red.)

(b) Kruidenierswinkels worden geacht niet gelijkgesteld te kunnen worden met de hiergenoemde galanterie- en speelgoedwinkels. (Red.)

(c) Onder kleine verpakking wordt in het algemeen verstaan elke verpakking in zoodanige hoeveelheid, dat de waar, zonder overpakking rechtstreeks aan particulieren kan worden verkocht. Hierbij wordt mede gelet op het uiterlijk aanzien der verpakking, de sierlijkheid, gebruiksaanwijzing, vermelding van den verkooper op de etiquette, enz. (Red).

Verfwaren, niet in olie gewreven of met alcohol of houtgeest bereid en ingevoerd in pakjes, fleschjes of andere kleine verpakking, zijn ook belast als Kramerij. Hes. 16 Juli 1888, 710. 6, V. no. 87.

id) Op gelijken grond zijn ook de z.g. Keatinr/s cough lozenges onder Kramerij te rangschikken. Zie de res. van 28 April 186(5, no. 71, V. no. 61.

Hollo wag pillen en zalf worden echter vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.)

Z.g. Wonderzalf in potjes, wordt ook niet belast, als niet verkocht wordende in galanterie- en dergelijke winkels, noch door rondtrekkende marskramers. (Red.)

Capsules, gevuld met geneesmiddelen, zijn, evenals ledige capsules, van invoerrecht vrijgesteld. Hes. 23 Aug. 1889, no. 2, V. no. 84.

Antipgrine is in elke verpakking vrij van rechten. Res. 3 Januari 1889, no. 15, V. no. 2.

(8) Ten gerieve van den handel is toegestaan, dat kleine voorwerpen van hout, koper, ijzer, staal, glas, leder, enz., ofschoon meestal tevens onder een afzonderlijken post van het Tarief te brengen, wanneer deze zich in dezelfde collis bevinden met andere objecten van kramerij, daarmede tegelijk of gezamenlijk worden aangegeven en als Kramerij berekend, mits daardoor de rechten niet worden verkort. Bes. 6 Mei 1828, no. ï, V. no. 86.

KRAMMEN. IJzerdraadkrammen, behoorende bij gevlochten ijzerdraad met stekelpnnten (z.g. stekeldraad), als Ijzerwerk. Bes.

11 Maart 1885, no. 8, V. no. 22............

„ ^ Vertinde koperen krammen, bestemd voor nadelleisten. (Red.). KRANEN. Afsluitkranen, brandkranen, kraankasten, straatkoppen (1) en andere onderdeelen van waterleidingen (2). Res. 2 A ug. 1888, vo. 22, F. no. 92.................

(1) Zie hierbij aant. 1 op Straatkoppen.

(2) In de Bijz. Bepaling op den tariefpost User zijn alleen gegoten of getrokken ijzeren buizen voor waterleidingen vrijgesteld, lies. alsvoren.

„ Hijschkranen. Zie Hijschkranen.

., Hydraulische loopkranen (3), als Ijzerwerk. lies. 14 Jannan 1884, no. 19, F. no. 5...............

(3) Liften, windassen en hetgeen verder tot een hydraulische inrichting behoort, zyn mede belast als Ijzerwerk. (Red.)

Hieronder echter niet te begrijpen de stoommachine, die den waterdruk voortbrengt, noch die deelen van den bybehoorenden toestel, welke, blijkens de Bijz. Bepaling op den post IJzcr, niet tot Ijzerwerk behooren. lies. 14 Januari 1884, no. 19, V. no. 5.

Verg. hierbij ook Watermotor.

„ Koperen kranen, los of afzonderlijk ingevoerd, en aangegeven als stoom-, proef- of peilkranen (4;, als Opgemaakt koperwerk; zie den post Koper. Res. G Maart 1891, no. 00, F. no. 18.

(4) Er bestaat tusschen deze en de kranen voor andere doeleinden geen kenmerkend onderscheid; stoomkranen, ofschoon gewoonlijk van betere en sterkere constructie, zyn toch ook voor gas-en waterleidingen

waarde waarde

5 pet. o pet.

waarde

5 pet.

waarde

T) pet.

waarde

5 pet.

-ocr page 128-

KEA. — KUL

240

230

A K T 1 K E L E N.

Hechten.

Maatstaf.

te gebruiken, terwijl proef- en peilkranenmede voor aftapkraantjes van filters, enz. kunnen dienen, h\'fs. alsvoren.

Ook koperen stoomafsluiters zijn, ofschoon in constructie afwijkende van stoomkrancn, met deze gelijk te stellen en dus belast als Koperwerk. IJzeren stoomafsluiters, los of afzonderlijk ingevoerd, zijn als Ijzerwerk te belasten.

Indien naar eene speciale teekening vervaardigde stoomkranen of stoomafsluiters worden ingevoerd, bestemd voor fabrikanten hier te lande, kunnen belanghebbenden op grond dezer bij den invoer reeds vaststaande bestemming (a) zich, onder overlegging van die teekening en van den bestelbrief, tot den Minister wenden. De invoer kan inmiddels worden toegestaan tegen zekerheidstelling voor liet eventueel verschuldigd recht. lies. 13 Aug. 1895, no. G7, V. no. 87.

(o) Zie aant. 4 op Fabriekswerktuigen.

KI!ASBUSSEX. Onderdcolon (1) (2) van —, dienende voor krasmachines in spinnerijen. De Fiscus no. 475, hlz. 4!)......

(1) Bedoelde onderdeelen bestaan uit blikken bladen, bodems en gegalvaniseerde ijzeren ringen, op maat gesneden en pasklaar, welke slechts aaneen-gesoldeerd behoeven te worden om voor het gebruik geschil.® te zijn.

(2) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fahriekswcrktuigcti.

KREEFTEN. Zie onder Visch, oesters, enz..........

KREMSERWIT. Zie Loodwit, ...........

KRENTEN. Zie den post Korinten of krenten........100 kgr.

KREUZNACHER SALZ of KREUZNACHER MUTTERLAUGE

SALZ, een geneesmiddel. (Red.)..............

\'KRIJT. Gemalen —. M\'ei 1862 ..............

„ *Ongemalen —•• Wet 1854..............

,. Rood- en zwartkrijt, in stukken, om te teekenon (1), als

Kramerij. Zie de liijz. Bepaling op dien post......waarde

(1) Ook wil krijt, bewerkt tot regelmatige pijpjes of staafjes, wordt als Kra-uteri) belast. (Eed.)

KRISTAL. Bewerkt —, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post. waarde „ Bergkristal, bewerkt, als Kramerij. Renvooi, Wet 1845. . . waarde

„ ^Bergkristal, ruw. Wet 1802.............

KROEZEN. Gebakken aarden gasbuizen, retorten of kroezen, bestemd om daarin de steenkolen door verhitting te ontdoen van do gasdeelen, als Fabriekswerktuigen. Res. 3 Nov. 1858, no. •quot;)(;,

V. no. 100, en llret 1877 ..............

„ Platinakroezen, als Platina, bewerkt. Res. 11 Jidi 1873, no. 7,

V. no. 87....................

„ Smeltkroezen. Zie onder Aardewerk.........

KROKZAAD. Zie onder Zaad, koolzaad, enz..........

KRUIDEN-ESSENCES. Zie aant. 10 op den post Gedistilleerd.

KRUIDENHONIG. Zie Lucks\' Krauterhonig........

KRUIDNAGELS. Zio den post Specerijen..........

KRUIDNAGELSTELEN, als Specerijen. Renvooi, Wet 1845 . . . KRUIKEN (1) en KANNEN, als Aardewerk. Renvooi, Wet 1845 .

(1) Zie, nopens de tot emballage dienende kruiken, de aantt. op Emballage,

alsmede aant. 1 op Appel-, peren- en mecdrunk.

KRUISBANDEN. Papieren —, met geschreven adressen, als Papier van alle soorten, terwijl de daarop geplakte postzegels mede onder

do waarde worden begrepen. (Red.)............waarde

KRUISBESSENWIJN is evenals buitenlandscho aalbessenwijn alleen

aan accijns als Wjjn onderworpen. (Red.)..........

KRUIWAGENIJZER. Res. 7 Januari 1863, no. 13, 1\'. no. 14 . . . KRUKASSEN, uitsluitend geschikt om voor locomotieven te worden

gebezigd, als Fabriekswerktuigen. (Red.).........

KRULHAAR (gekookt of gekroesd paardenhaar). Zie Haar, paardenhaar .......................waarde

KRULLEN. Zie den post Haar..............waarde

„ Zijden —, als Haar, bewerkt. Renvooi, Wet 1845.....waarde

KRYOLITHSTEEN. Zie onder Steen...........

KRYSTALLOSE. Zie aant. 3 op Saccharine......... waarde

KUIPWERK, zoo oud als nieuw. Zie onder Vaat- en kuipwerk.

hot kgr.

100 kgr. waarde waarde waarde

-ocr page 129-

LAA.

241

242

KUN.

\'

i\'i V | ■ • 2 I!|i

I

■ gt; H

ïjyfi

I

Él

Mi atstaf.

Rechten.

Vrij 5 pet. 5 pet.

waarde waaide

Vrij Vrij

Vrij /\' 25.00 \' Vrij

ƒ 2.00 „ 1000

100 kgr.

100 kgr. 100 kgr.

f

Vrij Vrij

Vrij 5 pet.

waarde

Vrij Vrij Vrij

Vrij Vrij 5 pet. Vrij

O pet.

Vrij Vrij

5 pet.

waarde

waarde

waarde

KUNST-ASPHALT. Z.g. —. Zie onder Asphalt........

KUNSTBLOEMEN. Zie den post Modewaren........

„ in vazen (1). Zie de rubriek Meubelen........

(1) Glazen stolpen, behooreude bij vazen met kuiistblOGincn, worden, mits in geen grooter getal ingevoerd, dan dat der voorwerpen, waartoe zij behooren, en wanneer zij met deze gelijktijdig worden ingevoerd, onder die voorworpen begrepen. Zie de B\'jz, Bepaling op den post Glaswerk.

KUNSTGOM (dextrine), als Stijfsel. Hes. 21 Oei. 1808, vo. 25, V.

vo. 108, en Wet 1877 ..................

KUNSTHENNEP. Zoogenaamde —, als Lompen, oud en onbruikbaar, aan stukken gekapt en gepluisd touwwerk en versleten visch-

want. Hes. 15 Januari 1862, no. 37 (1)...........

(1) Mede volgens een vonnis van de Arr.-Eecbtbank te Breda. Zie Ned. Pasicr., blz. 56.

KUNSTKOFFIE. Zie Koffie en Koffiesurrogaten.

KUNSTMEST. Zie Kaïnit................

KUNSTMOSTERD. Zie den post Koek- en banketbakkerswerk.

KUNSTWOL. Zie Wol, schapenwol, enz...........

KUNSTZEEP. Witte —. Zie Zeep, waterglas compositie of witte kunstzeep. (Red.)...................

quot;KURK, GESNEDEN OF GEFATSOENEERD (1)..........

(1) Ook wanneer gesneden kurken niet geheel zijn afgewerkt wordt het invoer-recht van f 10.— de 100 kgr. toegepast. (Ked.)

quot;KURK in bladen. U\'et 1854 ...............

KURK. Afval van kurk, geperst tot bladen (1). (Red.)......

(1) Voorwerpen, vervaardigd van afval van kurk, worden wel gebezigd tot beklecding van verwarmingsbuizen of onder kachels of vuurhaarden, ter voorkoming van te groote warmte, en worden dan ook vrij van invoerrecht toegelaten. Zie aant. 1 op Afval van kurk. (Bed.)

KURK of VLOTHOUT, in blokjes, als Vischwant. (Red.). . . . KURKEN. Toestellen om kurken te branden. Res. li) Nov. 1886, no. 15,

V. no. 105......................

KURKEN ZOOLTJES. Zie Zooltjes.

KURKSN1JDERSMESSEN, als Gereedschappen. Hes. 19 Nou. 1886,

no. 15, V. gt;io. 105...................

quot;KURKUMA. Gemalen —. Wet 1862 ............

„ quot;Ongemalen —. Wet 1854..............

KUSSENS. Bronzen —, dienende en bestemd om daarop of daarin de assen van stoom- of fabriekswerktuigen te doen draaien,

als Fabriekswerktuigen. (Red.). . .........

„ IJzeren —, voor tramwegen. Zie aant. 1, noot e, op Spoorwegen .....................

KWAKEE\'S HAVERMOUT. Zie Havermout.

KWARTELS, als Wild en gevogelte. (Red.).........

KWASSIEHOUT of QUASSIHOUT (1); als MedieinaalhoiU, onder

Drogerijen. Renvooi, Wet 1845 ..............

(1) Zie de aant. op Medtcinaalhout.

KWASTEN, als Manufacturen, passementwerk. Renvooi, Wet 1822.

quot;KWIKZILVER. Wet 1854 ................

KWINTAPPELEN, als Drogerijen. Renvooi, Wel 1845 .....

LAARZEN, LAARZENSCHACHTEN (1) en SCHOENEN (2) (3), als Schoenmakerswerk; zie Huiden, vellen en leder. Res. 4 Oet. 1841, no. 64, V. no. 156, en Renvooi, Wet 1845 ........

(1) Ook voor- en achterstukken van laarzenschachten worden als Schoenmakerswerk belast, lies. 15 Januari 1803, no. 59.

Leder voor laarzenschachten, zolen, voor- en achterstukken, alleen in don vorm gesneden, doch geene verdere bewerking ondergaan hebbende, wordt vrij van invoerrecht toegelaten. Is het bovendien op de leest gebogen, z.g. leest-klaar gemaakt, dan wordt het recht als van Schoenmakerswerk geheven. (Bed.)

(2) Ook voorschoenen, on oude lederen schoenen, worden als Schoenmakerswerk belast. Hes. 25 Oct. 1855, no. 107, en 15 Januari 180:!, no. 59.

(3) Zie, nopens schoenen van gom-elastiek, den post Gomlastieken schoenen.

A R T I K E L E N.

1

-ocr page 130-

LAB. — LAN.

244

24o

ARTIKELEN.

LABBERDAAN (1), als Gezouten Kabeljauw; zie onder Visch.

Reiwooi, Wet 1857 ...................

(1) Zie ook Ahbcrdaan.

LABDANUM, uls Drogerijen, lienvooi, Wet 1822........

LABEADOORSÏEEN, als Juweelen. lienvooi, Wet 1845 .....

LACDEIJ, als Verfwaren. Bes. 1(1 Sept. 1825, nu. 47, V. no. HU, en

lienvooi, Wet 1845,

LADDER, als Kanten en tullen; zie Manufacturen, lienvooi,

Wet 1845 ......................

LADDERS. Brandladders en andere brandreddingstoestellen, naar hun hoofdbestanddeel, als Hout-, Leder- of Ijzerwerk. Res. 6 Juli 1891,

uo. 39, V. no. 75....................

LAK. Etiquetten-lak. Z.g. —, als Gedistilleerd, houtgeest en alle daaruit bereide of daarmede vermengde vloeistoffen. (Red.) . . „ Elorentijnsche lak, als Verfwaren, lienvooi, Wet 1845.

,, Seedlak, de grondstof voor zegellak. (Red.).......

„ Zegelwas of lak. Zie den post Wasbeelden......

LAKEN en ANDERE WOLLEN STOFFEN. Afval van —, die bij het scheren verkregen wordt. lies. 7 Aug. 1861, no. 35, V. no. 7G,

en Wet 1862 .....................

LAKEN. Machinelaken, grondstof voor dekens in katoendrukkerijen (1), als Manufacturen. (Ited.)..........

(1) E\'it laken kan eeliter onder vrijdom worden ingevoerd, wanneer aan de voorwaarden voldaan wordt, genoemd bij do ros. van 2 Juni 1877, no. 87, V. no. 59, gewijzigd door de res. van G Oct. 1886, no. 1U, V. no. 86. Zie Lakens, ongebleekte lakens, enz.

„ Stukjes laken of vilt, waarin ronde gaatjes, ten dienste van

spinwerktuigen (1). Tariefwet li. en K., htz. 192.....

(1) Zie hierbij het artikel Dopjes,

LAKENS. Zie den post Manufacturen...........

„ Ongebleekte en ongeverfde lakens, bestemd om te worden gebruikt voor dekens in katoendrukkerijen (1), als Fabrieks-werktuigen. Res. 2 Juni 1877, no. 87, V. no. 59, en Res. 6 Oct. 1886, no. 10, V. no. 86............

(1) Om op de toepassing dezer bepaling aanspraak te kannen maken, mogen de lakens geen minder gewicht hebben dan van 0.85 kilogr. per SP. De bestemming der stof tot gebruik in katoendrukkerijen moet blijken uit dc aangifte en voorts uit eene voorafgaande schriftelijke kennisgeving van den katoendrukker aan den betrokken Directeur, vermeldende de hoeveelheid der in te voeren goederen, de plaats waar en den tijd, waarop de invoer zal geschieden. Hes. 2 Juni 1877, uo. 87, V. no. 59.

«LAKMOES. Wet 1862 ..................

LAKMOES IN LAPPEN, in den handel bekend onder den naam van Toimiesol en drapeaux, zeer verschillende van de eigenlijke lakmoes, en tot andere doeleinden dienstbaar, als Verfwaren (1). Res. 26 Juni 1852, no. 29, V. no. 107.

(1) Deze beslissing komt overeen met die, gegeven bij de res. van 14 Januari 1825, no. 44, V. no. 70.

LAK VERVEN, als Verfwaren, lienvooi, Wei 1845.

LAMMEREN (1). Zie onder Slachtvee...........

(1) Zie, nopens het verbod van invoer, aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet. quot;::LAMPEN, MET OF ZONDEK DE DAARTOE BEHOORENDE BALLONS (1) .

(1) Onder Lampen worden ook gerangschikt de lampen voor electrisch licht, zoomede de houten blokjes en koperen bussen, die in de woningen van de verbruikers van electrisch licht worden aangebracht. (Ked.)

LAMPEN om te soldeercn. om gereedschap te verwarmen en dergelijke, als Gereedschappen, lies. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105. LAMPEBALLONS. Zie Ballons.

LAMSVELLEN, onbereide (1). Zie onder Huiden, onbereide schape-

vellen, enz......................

(1) Zie, nopens bet verbod van invoer, aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet. LANOEERINKICHÏING voor eene torpedoboot, als Ammunitie, ijzeren geschut. (Ked.).................

Maatstaf

waarde

waarde do Liter

waarde waarde

waarde

waarde

100 kgr. ƒ 1.25

-ocr page 131-

245

LEB.

246

LAN,

AB.TIKELEN.

Maatstaf.

Hechten.

LANDBOUWGEREEDSCHAPPEN. Zie Gereedschappen . . . . LANDBOUWWERKTUIGEN. Zie Fabrieks-, landbouw- en stoomwerktuigen .....................

LAND- cn ZEEKAARTEN. Zie Kaarten..........

LANDROLLEN, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. 6 Oct. 18G2, S. no. 179, V. no. 101, art. 1, en Wet 1877. LANGET, als Kant; zie Manufacturen. Renvooi, Wet lS4o . . . LANGS- of DWARSLIGGERS. IJzeren of stalen —. Hes. 15 Januari 1880, no. 33, V. no. 6, opgenomen in aant. 1 op Spoorwegen . . LANOLINE (vet van schapenwol), eene vetstof van eigenaardige samenstelling en eigenschappen, die haar bijzonder geschikt maken voor het gebruik in de geneeskunde, als Chemicaliën, niet afz.

belast. (Red.).....................

LANSEN voor de walvischvangst, als Vischwant. Rt\'s. 24 Juli 1845,

no. 29........................

LANTAARNS. Glazen —, als Glas en glaswerk. Ren. 20 Oct. 1856,

no. 42.....................

„ Scheeps —, van koper, als Koperwerk. (Red.).....

LAPIS LAZULI, als Juweelen. Renvooi, Wet 1845 .......

LAPPEN. Zie Poetslappen.

LAPPING van wol met hennep (onderdook voor persrollen), als

Manufacturen. (Red.).................

LASCHBOUTEN. IJzeren —, als Ijzerwerk. lies. 12 Sept. 1863, no. 20. LASCHPLATEN voor tramwegen. Zie aant. 1, noot e, op Spoorwegen .......................

LASCH- en VERBINDINGSPLATEN. IJzeren —, voor spoorwegen.

Zie onder Ijzer, smeedijzer, enz............

„ Stalen —, voor spoorwegen. Zie den post Staafwerk, alsmede Res. 15 Januari 1880, no. 33, V. no. 6, opgenomen in

aant. 1 op Spoorwegen.........! . . . .

LATJES, geschaafd, bestemd voor een lucifersfabriek. (Red.) . . . LATTEN. Houten —, voor lijsten, enkel gezaagd en geschaafd. Res.

29 Juli 1882, no. 10, V. no. 76............

„ Houten —, gezaagd en geschaafd, en ook blijkens hunne afmetingen en den spitsen vorm van een der uiteinden, tot beklatten of hekstijlen bewerkt, als Houtwerk. Res. 13 Sept.

1890, no. 21, V. no. 92...............

„ Koperen —■, tot het zuiveren van wol. Zie Gills.....

LATTEN of RIGGELS. Geel geverniste of vergulde —, bij den voet verhandeld wordende, om daarvan lijsten te maken, als Lijsten.

Res. 30 Juni 1853, no. 209 ................

LATUWZAAD, als Ajuinzaad; zie onder Zaad. Res. 17 Mei 1825, no. 82, V. no. 48, en 16 Aug. 1825, no. 97, V. no. 98, en Renvooi,

Wet 1845 ......................

LAURIERBESSEN, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845 .....

LAURIER-OLIE, als Drogerijen. Res. 6 3Iei 1828, no. 1, V. no. 86,

en Renvooi, Wet 1845 ..................

LAURIERWATER. (Red.)................

LAVA. Ruwe —, als Naturaliën. Renvooi, Wet 1845 ......

„ Gamees uit —, als Kramerij. Res. 18 Sept. 1868, no. 33, F.

no. 101.....................

LAVENDEL-OLIE. Zie den post Reuk- en parfumeurswaren LAXEERDRUPPELS, als Gedistilleerd, alle andere met alcohol bereide vloeistoffen, geen dranken zijnde (1). (Red.)......

(1) Do sterkte wordt geacht U0 pet. te bedragen. Zie daaromtrent, alsmede nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

LAZUURSTEEN, als Juweelen. Renvooi, Wet 1845.......

LEAVERS. Zie IJzeren leavers..............

LEBENS-ESSENZ, als Gedistilleerd (1). Res. 29 Januari 1867, no. 25. Zie de aant. op art. 1 der Wet van 1 Mei 1863, S. no. 47, V. no. 76. (Off. Bijgewerkte Wet, blz. 160)..............

(1) Zie nopens recht en accijns, aantt. 1,11 cu 12 op den post Gedistilleerd.

Vrij

Vrij Vrij

Vrij 5 pet.

Vrij

waarde\'

Vrij

Vrij

5 pet. 5 pet. Vrij

waarde waarde

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

Vrij

Vrij

Vrij Vrij

Vrij

waarde

5 pet. Vrij

waarde

5 pet.

Vrij Vrij

Vrij Vrij Vrij

5 pet. 5 pet.

ƒ 3.50

waarde waarde

de HL. ad 50 pet.

Vrij 5 pet.

waarde

de HL. ad 50 pet.

ƒ 3.50

-ocr page 132-

LKD. — LEE.

2-17

248

AETIKELE N.

LEDEK, dat niet alleen voor schoenen gesneden, maar ook op de leest zoodanig gebogen is, dat het den vorm van den voet of van het been heeft aangenomen, zoogenaamd leestklaar of op andere wijs verder is bewerkt, als Schoenmakers-

werk; zie Huiden, vellen en leder. (Red.)......

„ in een bepaalden vorm uitgesneden, maar dat nog niet vorder door schoenmakers of zadelmakers bewerkt is; ook leder voor laarzenschachten, voorschoenen en zolen, wanneer het alleen in den vorm gesneden, doch nog geen verdere bewerking heeft ondergaan. (Eed.)............

„ voor drijfriemen (1), als Huiden en vellen, bereide, van alle soorten. Bes. 9 Januari 1875, no. 48, V. no. 4, en Wet 1877.

(1) Zie, nopens de samenstelling, aant. 2 op Drijfriemen, Leder voor—. „ Afval van — (2), als Lijmvleesch. Renvooi, Wet 184-quot;). . .

(2) Zie hierbij aant. 5 op Huide».

„ Op elkander geplakt afval van kunstleder, tot het maken

van hakken. (Red.)................

„ Stukken leder, uitgesneden in den vorm van kleerenklop-pers, met stukjes leder om ze sa fun te binden tot kleeren-kloppers, als Lederwerk. De Fiscus no. 475, blz. 49 . . . „ Goudleder. Zie aant. 4 op Huiden, vellen en leder „ Kabret-, kordovan- of corduaan-, marokijn-, saffiaan-, verlakten zeemleder. Zie aant. 10 op Huiden, vellen en leder . ,, Schapenleder, geverfd, ook al is het als marokijn bewerkt, als Huiden, bereide. Res. 7 Maart 1848, no. 66, V. no. 25,

en Wet 1877 ...................

„ Spaansch leder, volgens Renvooi, Wet 1822, gelijkgesteld met Kordovan, behoort dus tot de Huiden, bereide. Zie

aant. 10 op Huiden, vellen en leder.........

„ Zooileder en tuig- of zaalleder. Zie onder Huiden, vellen

en leder ....................

„ Werktuigen tot bet pletten en snijden van leder (z.g. schalm-machines) en dergelijke. Res. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124. LEDERCRÊME, een vaselineachtig praeparaat van petroleum, als

Olie, niet afz. belast. (Red.).............

,, eene vloeibare specie, die hoofdzakelijk uit traan schijnt te bestaan en bestemd is tot het insmeren van leder, ingevoerd in potjes, lleschjes, pakjes, enz., als Kramerij. Res. 27 Mei 1867,

no. 88, V. no. 78.................

„ in vaten en bussen ingevoerd. Res. alsvoren.......

LEDEREN BROEKEN voorkammachines, als Fabriekswerktuigen.

(Red.)

„ BUIZEN en SLANGEN, als Lederwerk; zie Huiden, vellen en leder. Res. 27 Ault;/. 1885, no. 15, V. no. 96 ... . „ DRIJFRIEMEN. AVs. 20 Aug. 1883, no. 81, V. no. 81 . . . „ NA AI KIEMEN (1), als Lederwerk; zie Huiden, vellen en leder .....................

(1) Zie hierbij ook hot artikel Bind- of Naairiemen.

„ SLAGRIEMEN, zijnde onbewerkte strooken van varkens-leder, op bepaalde breedte afgesneden en dienende voor

weeftoestellen. (Red.)................

„ ZAKKEN of OVERTREKKEN, bestemd tot overdekking van deelen van fabriekswerktuigen, als Lederwerk; zie

Huiden, vellen en leder. (Red.)...........

LEDERKLOOFMACH1NES, ten dienste eener leerlooierij. (Red.) . LEDERWAL8MACHINES. Zie onder Machines.

LEDERWERK. Zie den post Huiden, vellen en leder.....

LEERLOOIERSMESSEN, ook tot ander gebruik geschikt. Res. 5 Dec.

1890, no. 20, V. no. 124....... . . ........

LEESBOEKEN voor blinden, als Drukwerk; zie Boeken. Res.

2 Dec. 1890, no. 3, V. no. 122...............

Maatstaf.

waarde

waarde

waarde 100 kgr.

waarde

waarde waarde

waarde

waarde waarde

-ocr page 133-

A E T I K E L E N.

Maatstaf.

Hechten.

LEESTEN. Schoenmakers —, als Gereedschappen (1). lies. -\'2 Oct. 1877, nu. 25, V. no. 96, bevestigd bij lies. 19 Nov. 1880, no. 15, V. no. 105.

(1) Volgens I)c Fiscus, no. 503, blz. 395, zouden ijzeren sehoenmakersleesten te belasten zijn als Uzcrwcrk.

LEGPENNINGEN. Gouden en zilveren —. Zie onder Goud en zilver, in staven, enz.................

„ Koperen —, als Kramerij. Res. 19 Nov. 18.quot;i5, no. 9:!, V. no. 165,

m Renvooi, Wet 1845 ...............

LEGUMINOSE. Liebe\'s leguminose, gekookt erwten-, boonen- of

linzenraeel, als Revalenta arabica. (Red.).........

LEIEN. Metalen en andere schrijf —. als Kramerij. /ie de Bijz.

Bepaling op dien „post.................

LEIEN of SCHALIËN (bouwmaterialen). Zie onder Steen .... LEPELS, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post. . . . ,, IJzeren afroomlepels (1), als Gereedschappen. Res. 19 Nov.

1S8G, no. 15, V. no. 105...............

„ Voerlepels (1), als Gereedschappen, l\'es.22 Oct.l877,no.25, V. no. 96, bevestigd bij Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105. (1) Zie hierbij aant. 5 op Gereedschappen.

LESSIVE PHÉNIX, een waschmiddel, in pakjes van 1 kgr., als

Kramerij (1). (Ked.)..................

(1) Bij invoer in grootere pakken, bijv. van 10 kgr., is hot artikel vrij van invoerrecht toe te laten. (Eed.)

LESSIVEUSES. Zie aant. 8 op Machines..........

LETTERKASTEN, onderdeden van boekdrukpersen, als Fabriekswerktuigen. (Red.)..................

LETTERS. Druk —. Zie Drukletters.............

LEVENSMIDDELEN. Verduurzaamde — (1), als Koek-en banket-

bakkerswerk. Res. 13 Nov. 1882, no. 45, V. no. 114.....

(1) Zie hierbij aant. 13 op den post Kuch- en banketbakkerswerlc, LEVERTRAAN (1), als Traan. Zie aant. 1 aldaar.......

(1) Ook levertraan op lieschjes wordt vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.) Alsmede een mengsel van levertraan en melk met geen noemenswaardige hoeveelheid alcohol (maltine-praeparaat). (Ked.)

LICHTEN. Koperen seinlichten, als Koperwerk. (Red.).....

LICHTSCHERMPJES. Porseleinen — en relief, in doosjes, als Porselein; zie Aardewerk. (Red.)..............

LICUTTOESTELLEN. Electrische —, als Instrumenten, mathematische, enz. Res. 9 Fehr. 1889, no. 12, V. no. 14........

LIEBE\'S LEGUMINOSE, gekookt erwten-, boonen-of linzenmeel (1), als Revalenta arabica. ;Red.)..............

(1) Zie de aant. op Liebig\'s Niilmmy.

LIEBIG\'S NAHRUNG (1), als Revalenta arabica. Res. 28 Mei 1886,

no. 84, V. no. 49...................

(1) Meelpraeparaten, meer dan 11) pet. verzoetende stofTon bevattende, worden zonder onderscheid belast als Koek- en hanketbakkcrsioerk. lies. alsvoren. Zie hierbij het artikel 3Icelpraeparaten.

LIEBIG\'S PODDINGMEEL (1), als Aardappelenmeel-fabrikaten,

niet afz. belast. Res. 28 Mei 1886, no. 84, V. no. 49......

(1) Zie de aant. op Liebig\'s Nilhnmy.

LIEBIG\'S VLEESCHEXT1!ACT, als Koek- en banketbakkers-

werk. Res. 13 Mei 1869, no. 16, V. no. 72..........

LIEBIG\'S VLEESGHMEEL. (Red.).............

LIER of L()OPKAT, uitsluitend bestemd voor fabrieksgebruik. (Ked.). LIEREN. Handlieren (I). Res. 19 Nov. 1886, no. 35, V. no. 105. . . (1) Zie hierbij aant. 3. met noot b, op Gereedschappen.

„ Petroleummotor-lieren worden niet geacht tot de vrijgestelde

fabrieks- of stoomwerktuigen te behooren. (Red.).....

„ voor scheepsgebruik, door stoom bewogen, worden geacht noch als stoomwerktuigen, noch als deden van schepen vrij van invoerrecht te kunnen worden toegelaten. (Red.) . . .

Vrij

Vrij

5 pet.

ƒ 0.40

5 pet.

Vrij 5 pet.

Vrij

Vrij

5 pet

5 pet.

Vrij Vrij

ƒ 25.00 Vrij

5 pet. 5 pet. 5 pet. ƒ 0.40

„ 0.40

waarde 100 kgr. waarde waarde

waarde waarde

100 kgr.

waarde waarde waardi 100 kg

100 kg

100 kt 100 kt waan waarde waarde

„ 2.00

„ 25.00 Vrij Vrij ■i pet.

5 pet. 5 pet.

-ocr page 134-

2ól

252

LI F.

LIJN.

I

A R T I K E L E N.

LIFTEN, windassen en hetgeen verder tot eeno hydraulische inrichting behoort (1), als Ijzerwerk. (Eed.)...........

(1) Zie hierbij aant. 3 op Kranen.

LIGGERS. Zio Dwars- of langsliggers...........

LIJFLINNEN (1). Gebruikt —, als Manufacturen. Renvooi, Wet 1845.

(1) Zie, nopens het verbod van in- en doorvoer van ongewasschen lijfgoed, aant. 10 op art. 21, en nopens de vrijstelling van invoerrecht voor goederen, door reizigers tot hun lijfsgebruik meegevoerd, art. (i, letter d, dezer Tariefwet.

LIJKEN. Zie aant. 8 op art. 21 dezer Tariefwet........

■quot;quot;LIJM (1) (2). Wet 1862 .................

(1) Te Botterdam wordt in de aangiften de bijvoeging gevorderd:

zonder alcohol, noch mei of uil alcohol bereid. Tariefwet, li. en K., bh. 194.

(2) Blijkens do Bes. van 24 April 1850, no. 63, V. no. 41. wordt de hierbedoelde lijm uit dierlijke zelfstandigheid vervaardigd. Terg. Lijm, marinelym.

„ in bladen, parementiue (•\'!). Zie aant. 1 op de res. van 24 April 1856. no. \'63, V. no. 41. (Ked.)............

(3) Ook lijm in bladen, bestaande uit lijm, glycerine en eenige glucose of honig, bestemd tot het bekleeden van boekdrukkersrollen, wordt vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed.)

„ Cementlijm, zijnde eone oplossing van eene harsachtige stof in alcohol en aetherischc olie, als Gedistilleerd (4). Tariefwet 11. en K., bh. 82................

(4) Zie nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

Verg. hierbij ook Linoleum-eement.

„ Eetbare huidenlijm, in luchtledige (5) bussen, als Koek- en banketbakkerswerk. Tariefwet li. en K., blz. 82 ... .

(3) Zie hierbij aant. 4 en 9 op Koek- en bankelbalckcrswerk.

„ Gutta-percha-lijm (solution), in bussen voor schoenzolen. (Red.)

„ Harszeep, vervaardigd uit gewoon hars, met zetmeel opgelost in soda, zonder alcohol, en dienende om papier te lij men. (Red.).

,, Kantoorlijm (plakgom) in doosjes, busjes, potjes of fleschjes ingevoerd, als Kramerij. lies. 27 Dec. 1862, no. 65, V. 1863, no. 11.....................

„ Id. op andere wijze ingevoerd, lies, alsvoren.......

„ Marinelijm, hoofdzakelijk samengesteld uit koolteer, gomelastiek en schellak, en mitsdien zoowel in samenstelling als in aard en strekking teneenenmalo verschillend van de gewone lijm, die uit dierlijke zelfstandigheid wordt vervaardigd (6). lies. 24 April 1856, no. 63, V. no. 41......

(6) Toen deze res. werd genomen, was (jewone lijm nog belast. Deze is thans ook vrij van invoerrecht, sedert de Wet van 1862.

„ Mengsels van lijm en stroop, bestemd om na smelting te worden gebezigd als omkleedsel van de rollen, welke door de boekdrukkers worden gebezigd om den drukinkt op de

lettors te brengen. (Red.)..............

*L IJM V LEESCH. Wet 1845 ................

LIJMWATER (1). lies. 31 Dec. 1859, nu. 84, V. no. 133, en aant. 1 op

art. 1 dezer Tariefwet..................

(1) Deze vloeistof is eene oplossing in water van dubbel-zwavelzure kalk, dienende ter ontsmetting of ter ontkleuring, alsmede ter defleatie van suikersappen en wordt gerangschikt onder Chemicaliën. (Bed.)

LIJNMEEL. Zie onder Koeken, raapkoeken, enz........

LIJNOLIE moet, als olie van plat en rond zaad, gerangschikt worden onder Olie, niet afz. belast. Renvooi, Wet 1845, en 11 Tet 1877.

LIJNZAAD. Zio onder Zaad, koolzaad, enz..........

LIJNZAADBREKERS, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. van 6 Oct. 1862, S. no. 17\'.), V. no. 101, art. 1,

en Wet 1877 .....................

LIJNZAADKOEKEN. Zie onder Koeken, raapkoeken, enz. . . .

Maatstaf.

waarde waarde

de HL. ad 50 pet.

100 kgr.

waarde

100 kgr.

-ocr page 135-

253

LIN.

254

LIJS.

ARTIKELEN.

Maatstaf.

Eeohten.

-LIJSTEN (1-3)....................

(1) Bij res. van 27 April 1860, no. 2, werd te kennen gegeven, dat teckcniagen, streng genomen, evenmin schilderijen, als prenten of platen kunnen genoemd worden, doch naar haren aard eerder onder de eersten dan onder de laatsten zijn te brengen, zoodat zij vrij van invoerrecht als Schilderijen kannen worden toegelaten, ook dan, wanneer zij in daartoe behoorende en passende lijsten zijn gevat, ten ware mocht blijken, dat men nietswaardige teekeningen invoerde, om liet recht op de lijsten te ontduiken.

(2) De geel geverniste of vergulde lallen of riggels, bij den voet verhandeld wordende, om daarvan lijsten te maken, zijn bij de res. van 30 Juni 1853, no. 209, ook onder Lijsten gerangschikt.

(3) Houten latten voor lijsten, enkel gezaagd en geschaafd, zijn vrij van invoerrecht. Res. 29 Juli 1882, no. 10, V. no. 7(1.

Z.g. Kopstukken worden belast als Houtwerk. (Bed.)

LIJSTEN. Geslagen papieren —, beplakt met gekleurde plaatjes, als

Kramerij. (Red.).......... ........

LIJSTEN of ROEVEN van zink, geplette, met omgebogen kanten,

als Spiauter- of zinkwerk. lies. 8 Nov. 1801, no. 58.....

LIJNWADEN, ais Manufacturen, lienvooi. Wet 1845 ......

LIKEUREN. Zie den post Gedistilleerd (1).........

(1) Zie, nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd. LIKEURKELDERS, niet het daarbij behoorende porselein- en glaswerk, als Meubelen. Hes. 30 1858, vo. 74......\' . .

LIKSTEENEN (1) zijn blijkbaar alleen aan den accijns van ruw zout onderworpen, tenzij daarvoor vrijdom is verleend. Zie hierover K. B.

van 28 Febr. 1883, S. no. 126, V. no. 33, art. 41.......

(1) Deze bestaan bijna geheel uit chloornatrium en overigens uit een weinig gips. (Eed.)

Zie hierbij Zoutrollcn.

LIME JUICE, als Limoen- en citroensap. (Red.).......

LIMOENEN, als Vruchten. Renvooi, Wet 1845.

LIMOEN- en BERGAMOT-CITROENSAP. Geconcentreerde —, uitsluitend bestenul om in de katoendrukkerijen te worden gebezigd. lies. 29 Januari 1863, no. 73, V. no. 30...........

^LIMOEN- en CITROENSAP (1).............

(1) Zie aant. 1 op Appel-, peren- ch mcedrank.

LIMONADE. Zie Citroenlimonade-essence en Citroenlimonade gazeuse.

LIMONADE GAZEUSE au citron, als Limoen- en citroensap. lies.

30 Sept. 1857, no. 93, V. no. 72..............

LINIEERMACHINES, als Fabriekswerktuigen. (Red.).....

LINNEN. Gebruikt bed- en lijflinnen (1) en linnen zakken, als

Manufacturen, lienvooi. Wet 1845 ..........

(1) Zie hierbij de aant. op Lijflinnen.

„ Gebruikt oud linnen en gedragen linnen klcederen, bij het

gewicht verkocht wordende. Zie Lompen.......

., Gebruikt tafel- en servetgoed, als Manufacturen. Renvooi,

Wet 1845, onder het artikel Linnen...........

LINNEN BONTEN, als Manufacturen. Renvooi, Wet 1845 .... „ ZAKKEN, als Manufacturen. Renvooi, Wet 1845 . . . . „ ZAKKEN. Gebruikte — (1). Zie art. 6. lett. g, dezer Tariefwet. (1) Zie, nopens nieuwe zakken, bestemd om hier te lande te worden gevuld en daarna weder te worden uitgevoerd, aant. 1 op Emballage.

LINOLEUM-CEMENT, eene soort lijm, in den regel in blikken bussen verpakt, bevat eene niet onbelangrijke hoeveelheid alcohol,

en wordt daarom belast als Gedistilleerd (1). (Red.).....

(1) Zie, nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd. Verg. hierbij ook Cementlijm.

LINT. Zie den post Manufacturen.............

„ Soutienlint, als Manufacturen, passementwerk, lint en band.

Res. 27 Oct. 1854, no. 52, T\'. no. 149..........

LINTZAAGBANKEN, met handbeweging. Res. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124......................

waarde

5 pet.

waarde

waarde waarde de HL. ad 50 pet.

waarde

5 pet.

5 pet. 5 pet.

ƒ 3.50 5 pet. Vrij

ƒ 3.00

de HL. de HL

de HL.

waarde

Vrij f 3.00

/\' 3.00 \' Vrij

5 pet.

Vrij

5 pet. 5 pet. 5 pet. Vrij

waarde waarde waarde

de HL. ad 50 pet.

waarde waarde waarde

ƒ 3.50

5 pet. 5 pet. 5 pet.

-ocr page 136-

LOO.

266

LIN.

A K ï I K E L E N.

LINTZAAGSCHEEPMACHINES, uitsluitend door stoom in beweging to brengen, als Fabriekswerktuigen. (Rod.)......

LINTZAGEN. Zie onder Zagen.

LINZEN. Zie onder Granen en peulvruchten........

LIQUII) SOAP, een met soda bereid afkooksel van beenderen, zonder alcohol cn dus bestaande uit lijmstof en een weinig zeep. (Red.). LITHOFRACTEUR (1), als Buskruit. Res. 16 Aug. 1890, nu. 10, V.

no. 81........................100 kg

(1) Zio hierbij de aantt. op Buskruit.

LITHOGRAPHISCHE AFBEELDINGEN in doosjes en étuis, als

Kramerij- (Red.).................waarde

„ STEENEN, als Steenen voor steendruk. Zie onder Steen.

Benvooi, Wet 1845.................

LITRES (bierkannen) van grof aardewerk, blauw of geel, voorzien van vaste tinnen of looden deksels, als Fottenbakkerswerk; zie

Aardewerk, llcu. 8 Dec. 184~), no. 26, F. no. 288.......waarde

LOCOMOTIEVEN, met de tenders cn de daarvan tot geen ander gebruik geschikte onderdeden (1) ingevoerd wordende, als Stoomwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. (Red.) . .

(1) Hieronder alleen die onderdeden te begrijpen, welke tot geen ander gebruik geschikt zijn. Banden voor draagwielen, die in onderscheiding van banden voor drijfwielen, ook voor gewone spoorwagens zijn to gebruiken, worden dus als belast aangemerkt, (lïed.)

„ Electrische locomotieven. Zie aant. 1 op Motoren .... waarde LOEFZAAGJES, gereedschappen zijnde voor goud- en zilversmeden.

(Red.)

LOMPEN. Zie Suiker (1). Art. 1 der Suikerivet, V. 1897, no. 33 . .

(1) Zie, nopens don accijns, aant. 2 op Suiker.

*(2) LOMPEN (1), daaronder begrepen alle oud- cn onbruik baai-papier, gescheurd of ongescheurd, gebruikt oud linnen en katoen en gedragen linnen en katoenen kleederen, bij het gewicht verkocht wordende, alsmede geheel of gedeeltelijk bereide papierstof.

^\\\'et 1845, en Wet 1854 .................

(1) Zie, nopens het verbod van invoer, aant. 10 op art. 21 dezer Wet.

(2) Op de van Eegeeringswege uitgegeven statistiek luidt deze post: Lompen,

niet nfz. genoemd.

LOMPEN. Gonjc, jute cn_ hennep —, als Lompen, daaronder begrepen, enz. lies. 15 Januari 1863, no. 55, V. no. 20... . „ *Oud cn onbruikbaar, aan stukken gekapt of gepluisd touwwerk en versleten vischwant. Wet 1845.........

„ *Wollen —, onvermengd. Wet 1854 ..........

LOOD, vervalt. Wet 1877 .................

*(1) LOOD, geplet of op eenige andere wijze bewerkt. Wet 1877, en lies. (gt; Juni 1877, no. 71, V. no. 54, § 8........

(1) Voor do Statisiiok van den /iiKOO\'het jcw/c/ii te vermelden. (Ked.) „ -ruw in blokken of staven; mitsgaders oud lood. Wet 1854. ,, \'quot;(2) Erts is, blijkens de van Regeeringswege uitgegeven Statistiek, vrij van invoerrecht. (Red.)..........

(2) Op de\' Statistieke stalen afzonderlijk te vermelden. Bes. 12 April 1 Sli\'J, nu. 23, V. no. 51.

LOOD-AARDE. Zie onder Aarde voor aardewerk, enz......

LOODEN CAPSULES, in- en uitwendig gedekt met tin, als Tinwerk. waarde

(Red.)

„ ORGELPIJPEN, geheel afgewerkt, als declen van muziekinstrumenten ; zie Instrumenten. (Red.)........waarde

„ PIJPEN. Zio onder Pijpen.

„ PLATEN voor accumulatoren. Zio Accumulatoren . . . waarde „ PLATEN. Gegraveerde looden platen voor plaatdrukkerijen, als Fabriekswerktuigen, lies. 12 April 1848, no. 25, en

Wet 1877 ....................

LOODSUIKER of SACHARUM SATURNI, als Chemicaliën, lies. 6 Mei 1828, no. 1, V. no. 86...............

Maatstaf.

- j Vrij

- i Vrij

-ocr page 137-

257 LOO. — MAC. 25S

A E T IKE L E N.

ma/ ïstaf.

Eechten.

1

*LOODWIT. Pavel- en kremserwit (1). Wet 1862 ........

(1) Kremserwit of Crcmbscrwil is eeno fijnere soort van loodwit. Ttcs. 30 April 1835, no. 87, V. no. 82.

„ in pakjes, ^lied.).................

LOOGMEEL. Vetloogmeel (waschmiddel), als Zeep, ongeparfu-meorde. (Red.)

LOOIEESEXÏRACT (boomschors-extract) (1). (Eed.)......

(1) Zie hierbij aant. 1 op Boomschors-extract.

LOOPKAT. Zie Lier.

LOOPKRANEN. Hydraulische —. Zio onder Kranen.

LOZANGES van zink, gebezigd tot dakbedekking, als Zinkwerk;

zie Spiauter of Zink. (Eed.).......\'.......

LOZENGES. Keatings Cough —, gepakt in netto ileschjes, van etiqnotten voorzien, als Kramerij. lies. 28 April lS(i(i, nn. 71, 1\'. no. 01.

LUBRICATING-OIL (machine-olie). Zie onder Olie.......

LUBRICATORS. Toestellen om stoommachines te smeren en tot geen ander doeleinde kunnende dienen, als Fabriekswerktuigen. (Red.) L1ICHTAANVOERMACHINES met tocbehooi-en, voor duikers, als

Instrumenten, physische. (Red.).............

LUCHTBALLONS en tocbehoorcn, door luchtreizigers lot hun persoonlijk gebruik medegebracht of die hun worden nagezonden. Jhs.

20 Sept. 1889, «o. 4!), V. no. \'.14..............

LUCHTBEVOCHTKIINGSWERKTUIGEN. Zio onder Werktuigen. LUCHTDRUK-ACCUMULATOR, ton dienste eener stoomoliepers.

(Red.)

LUCHTKOKERS of VENTILATORS. Houten —, dienende tot aanvoer van lucht in van buitenslands aangebrachte ladingen rijst. (Eed.) LUCHTPOMPEN, waaronder ook die, welke voor een bijzonder doel zijn ingericht, bijv. tot aanvoer van lucht in duikerpakken, als

Instrumenten, lies. 17 Mei 1882, no. 02, V. no. 55......

LUCHTZUIGWERKTUIG (ejector) bij een remtoestel (1), als Stoomwerktuig of onderdeel (2) daarvan; zie Fabriekswerktuigen.

(Red.)

(1) Yerg. hierbij aant. 1 op Eemtocslellen.

(2) Zie aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

LUCIFERS, als Kramerij- Zio de Bijs. Bepaling op dien post. . . „ Houtjes voor de vervaardiging van —. Jles. 29 Juli 1884,

no. 57, V. no. 81.................

LUCKS\' KRAUTERHONIG, voornamelijk bestaande uit honig en slechts l4/io pet. alcohol bevattende, als Honig. De Fiscus no. 443,

blz. 253 . . .....................

LUNCHTONG in busjes, als Vleesch, in luchtledige trommels of bussen bereid of ingelegd; zie Koek- en banketbakkerswerk (1).

(Red.)

(1) Zie hierbij het artikel Vlceschwarcn.

LUNGTONIE, hoofdzakelijk bestaande uit eene suikeroplossing met geneeskrachtige beslanddeelen, geen alcohol bevattende. De Fiscus

no. 475, blz. 49....................

LUSTERS van brons of ander metaal of van glas, naar het hoofdbestanddeel. lies. 27 Januari 1852, no. 120, V. no. 8......

MAAI WERKTUIGEN (1), als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. A\'. B. van 0 Oef. 1802, S. no. 179, V. no. 101, art. 1,

en Wet 1877 .....................

(1) Hieronder ook de wateronkruid-maaimachines te begrijpen. (Ked.)

MAATSTOKKEN (1) (2), als Instrumenten, mathematische. Ties. 18 Mei 1854, no. 125, V. no. 58.............

(1) Duimstokken voor timmerlieden en dergelijke behooren tot de vrijgestelde Gereedschappen. lies. 1!) Nov. 1886, no. 15, I\'. no. 105.

(2) Zie, nopens kleine koperen metennaatjes, aant. 1 op Duimstokken.

MAATKOLEN. Zie Kolen, steenkolen............

MABOENOTEN. (Eed.)..................

■MACARONI.....................

Vrij Vrij — Vrij

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

100 kgr.

ƒ 0.55

Vrij

waarde

5 pet.

Vrij

waarde 5 pet.

Vrij

Vrij

5 pet. Vrij

5 pet. Vrij

ƒ 2.50 ƒ 25.00

waarde

waarde

100 kgr. 100 kgr.

Vrij

waarde 5 pel.

Vrij

waarde 5 pet.

Vrij Vrij

100 kgr. f 2 OO

-ocr page 138-

MAO.

250

200

A K Ï 1 K E L E jr.

MACASSAAKSCHE of KOODE V1SCHJES, in Hesse ben, als Eetwaren; zie Koek- en banketbakkerswerk. Res. 30 Oct. 1880,

no. 128, 1\'. no. 101...................

MACASSEE-OLIE. Zie den post Reuk- en parfumeurswaren . . MACHINEBAND. Patent —, bestemd oin in de stoomfabrieken over de raderen en schijven te loopen, als Fabriekswerktuigen. lies.

12 Sept. 1861, no. 108, en Wet 1877 ............

MACHINEDEELEN, uitmakende eene lanceerinricbting voor eene

torpedoboot, als Ammunitie, ijzeren geschut. (Red.)......

MACHINEKAAKTEN voor weeftoestellen. Zie Reepjes of Strookjes van bordpapier.

MACHINELAKEN, grondstof voor dekens in katoendrukkerijen (1),

als Manvifacturen. (Eed.)................

(1) Dit laken kan echter onder vrijdom worden ingevoerd, wanneer aan do voorwaarden voldaan wordt, genoemd in de res. van 2 Juni 1877, no. 87, V. no. 59, gewijzigd bij res. G Oct. 1886, no. 10, V. no. 8(). Zie Lakens, ongebleekte, enz.

MACHINENAALDEN met baken. (Red.)...........

MACHINE-OLIE, bekend onder den naam van lubricating-oil, als

Olie, niet afz. belast. (Red.)...............

MACHINES. Zie den post Fabrieks-, landbouw- en stoomwerktuigen, alsmede onder Toestellen en onder Werktuigen. MACHINES om gaten in papier te boren, als Gereedschappen.

JRes. 29 Sept. 1805, no. 53, V. no. 81, en Wet 1877.....

„ om gaten te boren, voor bandkracht, in gebruik bij smeden,

als ijzerwerk. (Red.)...............

„ om boeken te nomineren of te folieeren (folieermachines).

Verg. lies. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105.......

„ ter bereiding van kunstmineraalwater, als Fabriekswerktuigen. (Red.)..................

„ tot liet aansnijden van draad op ijzeren gaspijpen. (Red.). . „ tot het bekleeden van knoopvormen. Hes. 5 l)ec. 1890, no. 20,

V. no. 124.................\' . . .

„ tot het spoelen van garens. (Red.)..........

„ tot het vervaardigen van eau gazcuse, als Fabriekswerktuigen (1). Hes. 10 Oct. 1850, no. 106, en Wet 1877 . . . .

(1) Ook de manometers, uitsluitend geschikt voor de hierbedoelde machines, worden vrij van invoerrecht toegelaten. Zie aant. 2 op

Manometers.

„ voor horlogemakers, om raderen te snijden en af te ronden, tappen af te draaien, enz. Hes. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124. ,, Amandelpelmachines. Hes. 19 Nov. 1880, no. 15, V. no. 105 . „ Amandelwrijfmacbines. Hes. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124. „ Apprêteermachines voor een corsettenfabriek. (Red.) . . . „ Baggermachines. Onderdeden van —. Zie IJzeren Stoom-baggermolens.

„ Boormachines met bandbeweging. Hes. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124........\'............

Maatstaf.

100 kgr. waarde

100 kgr.

waarde

100 kgr.

waarde waarde

waarde waarde

waarde waarde waarde

waarde

Boormachines voor wol, wanneer zij uitsluitend bestemd zijn om in eene fabriek te worden gebezigd, als Fabriekswerktuigen. Hes. 27 Oct. 1854, no. 39, m Wet 1877 ......

Breimachines, als Gereedschappen. Hes. 22 Oct. 1877, no. 25, I\', no. 90, bevestigd bij Hes. 19 Nov. 1880, no. 15, F. no. 105. Brons- of gouddrukmachines (2). (Red.)........

(2) Deze machines worden met de hand bewogen en dienen tot het vergulden en bronzen van étiquetten en van randen van papier. Zij zijn dus niet boekdrukkerspersen gelijk te stellen. (Eed.) Buigraachines voor blikken platen, met handbeweging. Hes.

5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124............

Capsuleermachines. (Red.)..............

Doornaaimachines voor schoenmakers. (Red.)......

Draadhechtmachines voor boekbinders. Hes. 5 Dcc. 1890. no. 20,

V. no. 124.................. . .

Draadhechtmachines voor kartonnagefabrieken, als Fabrieks-werktuigen. (Red.)................

waarde waarde

waarde

-ocr page 139-

MAO.

201

202

A R ï I K E L E N.

Maatstaf.

Hechten.

waarde

5 pet. Vrij

Vrij Vrij

Vrij

Vrij Vrij

wan rd e

5 pet.

Vrij Vrij

Vrij

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

waarde waarde

waarde waarde

pc Vri

rij

5 pet. Vrij

Vrij

5 pet. Vrij Vrij 5 pet.

Vrij

5 pet. 5 pet.

Vrij Vrij Vrij 5 pet.

waarde waarde

waaide

MACHINES. Draadsuijmachines, als Ijzerwerk. (Red.).....

„ Filtreermachines voor een bierbrouwerij. (Red.).....

„ Franjemachines, die met de hand bewogen worden, als Gereedschappen, lies. 19 Nov. 1880, no. 15, V. no. 105 . .

„ Gasdrukmachines. (Red.)..............

„ Gomraeermachine. Onderdeel (3) van een —, bestemd voor eone fabriek van enveloppes, enz. (Red.)........

(3) Zie hierbü aantt. 3 en 1 op Fabriekswerktuigen.

„ Graanzuiveringmachines. Magnetische — voor het verwijderen der in het graan aanwezige ijzerdeeltjes, uitsluitend tot

fabrieksgebruik geschikt. (Red.)...........

„ Haakmachines (4), als Fabriekswerktuigen. (Red.) . . .

(4) Hier worden bedoeld de haakmachines, dienende tot het vervaardigen van kant, hetzij in fabrieken, of wel voor rekening van fabrikanten, enz. door te huis werkende personen, op de wijze van weefgetouwen, welke machines voor particulier gebruik niet geschikt zijn. (Red.)

„ Haarsnijmachines (z.g. tondeuses). (Red.)........

„ Hydraulische trekmachine, dienende om in gasfabrieken do cokes uit de retorten te verwijderen, als Fabriekswerktuigen. (Red.)..................

„ Jacquard-weefmachines, als Fabriekswerktuigen. (Red.). „ Koel- en ijsmachines, uitsluitend tot fabrieksgebruik geschikt (5). (Red.).................

(5) Toestellen tot het vervaardigen van ruw ijs, met de hand bewogen wordende, kunnen niet geacht worden tot de van invoerrecht vrijgestelde werktuigen of gereedschappen te behooren en worden dus aan een invoerrecht van 5 ]ict. der waarde onderworpen naar het hoofdbestanddeel. (Eed.)

„ Koffiesorteermachines. Bes. 19 Nov. 1880, no. 15, V. no. 105. ,, Koolsnij- of schaafmachines. Hes. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124. „ Kraakmachines, die met de hand bewogen worden en ook buiten fabrieken en werkplaatsen gebruikt kunnen worden.

De Fiscus no. 475, blz. 49..............

„ Lederkloofmachines, ten dienste eener leerlooierij. (Red.). . „ Lederwalsmachines (ijzeren), door handkracht bewogen, als

Ijzerwerk. Jgt;e Fiscus no. 508, blz. 395 ........

„ Linieermachines, als Fabriekswerktuigen. (Red.).... „ Lintzaagscherpmachines, uitsluitend door stoom in beweging te brengen, als Fabriekswerktuigen. (Red.) . . . . \' . . „ Luchtaanvoermachines met toebehooren, voor duikers, als

Instrumenten, physische. (Red.)...........

„ Maaimachines. Zie Maaiwerktuigen.........

„ Mangelmachines. (Red.)..............

„ Mattenvlechtmachines naar het hoofdbestanddeel te belasten. „ Naaimachines, als Gereedschappen. Jles. 29 Sejit. 1865. no. 53, V. no. 81, en 6 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, nader van voortdurende toepassing verklaard bij lies. 19 Nov. 1880,

no. 15, V. no. 105.................

„ Oversteekmachines en Wijnpompen worden geacht niet te behooren tot de vrijgestelde gereedschappen, doch belast

naar het hoofdbestanddeel. (Red.)...........

Papiersnijmachines, met handbeweging (0). Jies. 5 Dec. 1890, no. 20, F. no. 124.................

(6) Worden zij uitsluitend door stoom in beweging gebracht, dan wordt geen invoerrecht geheven. (Eed.)

., Pekmachines, door stoom bewogen, dienende tot het bepek-ken van biervaten in brouwerijen. De Fiscus no. 443, blz. 253. „ Pijpenbuigmachines, uitsluitend voor fabriekmatig gebruik

bestemd, als Fabriekswerktuigen. (Red.).......

,, Plooimachines, die met de hand bewogen worden, als Gereedschappen. Des. 19 Nov. 1880, no. 15, V. no. 105.....

Ponsmachines, met handbeweging. Res. 5 Dec. 1890, no. 20, no. 124..................

-ocr page 140-

MAC. — MAG.

204

A R T I K E L E N.

MACHINES. Schaljuiuachines, zijnde werktuigen tot het pletten en snijden van leder voor schoenmakers on dergelijke. He.i,

5 Dcc. 1S90, no. 20, V. no. 124............ waarde

„ Schrijfmachines. Res. 19 Nov. ISSO, no. 15, 1\'. no. 105 . . . waarde „ Schroefsn ij machines (7), als Ijzerwerk ofStaalwerk. (Red.). waarde

(7) Naar men vermeent wordt deze rangschikking toegepast op door handkracht in beweging gebracht wordende schroefsnijmachines.

(Eed.)

„ Suijmachincs voor boekbinders. Hes. 5 Dec. 18\'JO, no. 20, V.

na. 124.....................waarde

„ Snijmachines, door stoomkracht of electriciteit bewogen,

dienende tot het snijden of knippen van kleederen. (Red.). „ Speksnijmachines met stoom- en handbeweging, niet iiitslui-tend voor fabrieksgebruik geschikt, als Ijzerwerk. De Fiscus

no. 427, hlz. 93 .................. waarde

„ Spijkermachines, dienende tot het dichtmaken van kisten,

als Ijzerwerk. (Red.)...............waarde

„ Spoelniachines voor garens. (Red.)..........

,, Stoomspoel- en waschmachines, kennelijk alleen bestemd voor fabriekmatige wassching van goederen. (Red.) .... „ Straatreinigingsmachines worden belast naar hun hoofdbestanddeel, als Hout- of Ijzerwerk. (Red.).......waarde

„ Tabak snij machines, met handbeweging, fles. 5 Dcc. 1890,

no. 20, F. no. 124................. waarde

,, Vleeschhakmachines. lies. 19 Nov. 1880, no. 15, V. no. 105. waarde „ Vleeschhakmachines met daaraan verbonden electrischen

motor. De Fiscus no. 508 ..............

,, Vleeschmolens, door stoom bewogen. (Rod.)......

„ Vul- en kurkmachines voor mineraahvaterfabrieken. (Red.).

„ Wals- en afkantmachines, die met de hand bewogen worden en ook buiten fabrieken en werkplaatsen gebruikt kunnen

worden. De Fiscus no. 475, bl/,. 49..........waarde

„ Waschmachines (8), als Gereedschappen. Hes. 22 Oct. 1877,

no. 25, 1\'. no. 90, bevestigd bij lies. 19 Nov. 1880, no. 15, V. no. 105.

(8) Hieronder worden niet begrepen Savonncuscs en Lcssiveuscs pour lc blanchimcnt thi lingc a propt cc a la cmsson des grains ponr la noiirrilure des hestiawx, welke toestellen aan een invoerrecht van 5 pet der waarde worden onderworpen (Eed.)

Zie hierbij Kooktoestcllcn en Ketels, vecvocderkctels.

„ Waschmachines van hout en zink, als Zinkwerk; zie

Spiauter of zink. (Red.).............. waarde

„ Waschmachines, door stoom gedreven, bestemd voor eene

wasch- of badinrichting. (Red.)............

„ Weegmachines. Zie onder Toestellen en onder Werktuigen. „ Worststopmachines, met handbeweging, lies. 5 Dec. 1890,

no. 20, )\'. no. 124.................waarde

„ Wrin gmachines, die met de hand bewogen worden, als Gereedschappen, lies. 19 Nov. 1880, no. 15, V. no. 105 . . „ Zaagmachines, niet uitsluitend bestemd voor eenig bedrijf of nering, maar volgens aard en bestemming geschikt voor

vermaak en tijdverdrijf, als Ijzerwerk. (Red.)...... waarde

„ Zakkenreinigingsmachines voor stoommeelfabrieken. De

Fiscus no. 443, blz. 253...............

MACHINEVET, bestaande uit gesmolten caoutchouc, in bussen, tot verpakking voor stoomkranen (1). (Red.)..........

(1) Machinevet (consi.stentesj, bestaande uit vaseline of paraffine en krijt, wordt snede vrij van invoerrecht toegelaten. (Bed.)

MA(\'ÜLATUL\'R, geen misdruk zijnde (l),als Papier, lienvooi, 11V/. 1845. waarde

(1) Misdruk is ook belast als Papier, lies, (i Fcbr. 1S81I, no. 6, V. no. 13.

MAEINA- of MAFULLAPITTEN, zijnde pitten, die, als hoofdbestanddeel, een vaste vetsoort bevatten. (Red.).........

MAGENTAROOD. Zie Anilinekleurstoffen.

MAGNETEN. Stalen — vooreen stoommeelmolen, als Instrumenten,

physische. (lied.)................... waarde

Maatstaf.

-ocr page 141-

MAG. — MAN.

205

200

A li T I K E L E N.

MAGNETISCHE GRAANZUI VERINGMACHINES. Zie ouder

Machines......................

MAHONIEHOUT. Zie onder Hout, lijn werkhout, euz......

MAÏS, Turksch koren, als Tarwe; zie onder Granen, lienvooi, Wet

1845, en Wet 1877 ...................

MAÏS-ONTKORRELERS, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. van 0 Oct. 1802, S. no. 179, V. no. 101, art. 1,

en Wet 1877 .....................

MAÏZENA (1), als Aardappelenmeel-fabrikaten, niet afz. belast.

lies. 28 Mei 1880, na. 84, V. no. 49.............

(1) Zie hierbij Meelpraeparaten.

MAKREEL, als Visch, allerhande, enz. Renvooi. Wet 1845 ....

MALAGAROZIJNEN. Zie aant. 4 op Rozijnen........

MALTINE PRAEPARAAT. Zie de aant. op Levertraan.

MALTOS CANNABIS (1), als Revalenta arabica. (Rod.) ....

(1) Dit artikel wordt vervaardigd uit moutmeel van tarwe en bevat ongeveer 4 pet. verzoetende stoffen. Het wordt in blikken bussen ingevoerd, welke van étiquetten en gebruiksaanwijzingen zijn voorzien. (Eed.)

MALTOSE. Zie den post Suiker, alsmede de Mem. v. Beantwoording van het Voorl. Verslag omtrent het Ontwerp der Wet van 4 Mei 1889,

S. no. 44, V. no. 46, opgenomen in Weekblad no. 808 .....

MALTZ-EXTRACT. Zie den post Bier...........

„ Brnggemanches —, in aard overeenkomende met stroop, volgens art. 2 der Tarief wet, in verband met art. 40, § 1, lett. 6, der Wet van 2 Juni 1805, S. no. 03, V. no. 48, als Stroop. (Red.)

MALTZ KATHREINER KNEfPPKOPFIE. Zie onder Koffie. MAMMOTH HOT BLAST BRAZER. Zie Toestellen, soldeertoc-stellen........................

Vrij

waarde

waarde 5 pet, u

MANDEN. Teenen —, vervaardigd uit geschild en gespouwen teen,

worden vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.) . .......

MANDE WERK. Zie Teen- en mandewerk.........

MANDFLESSCHEN. Gebruikte —. Zie art. 6, lett. (/, dezer Tariefwet. „ Nieuwe, bestemd om na vulling hier te lande weder te worden uitgevoerd. Zie aant. 1 op Emballage.

MANEN van paarden, als Haar, onbewerkt. Renvooi, Wet 1845 . . MANGELS (1), als Gereedschappen, Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 90, bevestigd bij Res. 19 Nov. 1880, no. 15, V. no. 105 .... (1) Ook mangelmachines worden vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed.)

MANIHOT- of CASSAVEMEEL. Zie Tapiocameel......

MANILLA-HENNEP, als Hennep. Renvooi, Wet 1845 ......

MANNA. Het echte manna uit zuidelijke landen wordt veelal onder do Drogerijen begrepen. Uit de Russische Oostzeehavens wordt echter ook een soort meel aangevoerd, dat don naam van Manna draagt en gerangschikt wordt onder Meel van alle graansoorten;

zie Granen, brood, enz. (Red.).........\'.....

MANOMETERS, afzonderlijk ingevoerd, en niet tegelijk met een stoomwerktuig, waarop zij in den regel worden toegepast (1) (2), als Instrumenten, physische, enz. Res. 5 Fehr. 1857, no. 22, V. no. 19.

(1) Tegelijk met bet bijbehoorend stoomwerktuig ingevoerd, bebooren de manometers blijkbaar tot de Fahriekswcrktuiycn. Verg. de Ees. van 0 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, § 3. (Eed.)

(2) Manometers of dichtheidsmeters, uitsluitend geschikt voor mineraalwater-machines of toestellen tot vervaardiging van vloeibaar koolzuur, worden vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed.)

*(13) MANUFACTUREN en STOFFEN van* avol (1), lakens (2) (3)

EX KASIMIEKEN (3) DAARONDER BEGREPEN ; VAN ZIJDE, VAN KATOEN (4), VAN HENNEP, VAN VLAS, VAN WERK, VAN BOOMSCHORS, EN ALLE ANDERE, HETZIJ RUW, WIT OF GEBLEEKT, GEGOMD, GEWAST, GEVERFD OF GEDRUKT, ZUIVER OF GEMENGD, PASSEMENT WERK, LINT, BAND, KANT EN TULE, BONTEN, TAFEL- EN SERVETGOED, TIJK, DAMAST, BATIST, KAMERDOEK, KOUSEN, MUTSEN, HANDSCHOENEN, SOKKEN, BROEKEN, EN ALLE ANDERE GEWEVEN UF GEBREIDE KLEEDINGSTUKKEN (5) (6), NIET AFZONDERLIJK BELAST (A) (7) (8)...................

Maatstaf.

100 kgr.

100 kgr. 100 kgr.

100 kgr. de HL.

waarde

-ocr page 142-

MAN.

20S

207

A K ï I K E L E N.

MANUFACTUREN en STOFFEN. Zeildoek van alle soorten (9—12), vervalt. Wet 1877...............

Bijzondere Bepalingen.

(A) Onder dezen post is niet begrepen ruw of ongebleekt drukkatoen ten gebeuike der katoendrukkerijen en ververijen, behoudens de bepalingen (a), tot voorkoming van misbruik door Ons vast te stellen (amp;). (Wet 1877, art. 4).

(a) Deze bepalingen zQn vastgesteld by K. B. van 10 Juni 1877, no. 15, S. no. 148, V. no. 55, en toegelicht b\\j Hes. van 21 Juni 1877, no. 59, V. no. 50.

(b) Zie hierbij ook aant. 4.

(1) De grove wollen stof, ten gebrnike op de rollen voor drukmachines en ook tot andere einden dan tot fabrieksgebruik gebezigd, kan, als eene soort van vilten, onder Manufacturen worden gerangschikt. lies. 30 Juli 1862, no. 23. Zie hierbij den post Fabrielcs-, landbouw- en stoomwerktuigen, met de aantt. G en 7.

(2) Met Laken is gelijk te stellen onbereid en ongeverfd laken. lies. 26 Oct. 1827, no. 107, V. no. 141.

(3) Onder lakens en kasiraieren worden begrepen alle stoffen, als zoodanig in den handel bekend, onverschilling of ze enkel uit wollen, dan wel uit wollen met andere bestanddeelen zijn samengesteld. Tariefwei It. en K., bh. 85.

(4) Krachtens de Res. V. 1868, no. 1, konden katoenen stoften, bestemd om hier te lande te worden gedrukt of geverfd en vervolgens weder naar buitenslands te worden uitgevoerd, op den daarbij bepaalden voet zonder betaling van rechten worden toegelaten. Door de Bijz. Bepaling, hiervoor opgenomen, zal alle ruw en ongebleekt drukkatoen, ten gebruike der katoendrukkerijen en ververijen, dit voorrecht genieten, onverschillig of het na de bewerking weder wordt uitgevoerd, dan wel hier te lande verblijft. Bes. 6 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, met aant. 3.

(5) Onverschillig of deze geweven ot gebreide kleedingstukken (bonneterie) al dan niet verder met de naald afgewerkt en voorzien zijn van belegsels, knoopen en dergelijke. Res. 31 Januari 1860, no. 54, V. no. 12.

(6) In de aangifte is voor geweven goederen de bijvoeging „niet met de naald afgewerktquot; nutteloos, daar het Tarief, onderscheid makende tusschen Kleederen(a) en Kousen, mutsen en alle andere geweven of gebreide goederen, nXstenieokenen dier verschillende rubrieken, niet spreekt van wel of niet met de naald afgewerkt. Vonnis Arr. rechtb. Amsterdam 29 Deo. 1859. (Ned. Fasier., bh. 56).

(a) Zie de rubriek Kleederen en kleedingstukken.

(7) De post Manufacturen heeft groote vereenvoudiging ondergaan. Alle manufacturen, onverschillig van welke soort, zijn gelijk belast met een recht van 5 pet. der waarde. Ofschoon dus alle manufacturen thans slechts tot één tariefpost zijn teruggebracht, moeten niettemin bij den invoer de verschillende soorten nauwkeurig worden aangegeven (a), en is, speciaal ten aanzien van dit artikel, herinnerd aan de wettelijke verplichtingen van de aangevers en de zorg, waarmede de ontvangers op de juistheid en volledigheid der aangiften behooren toe te zien. Ttes. 10 Oct. 1862, no. 105, V. no. 105.

(«) Uit de aangiften dient te blijken, uit welke stof de manufacturen zijn saamgesteld, b.v. van wol, katoen enz., en welke bewerkingen zij hebben ondergaan, of zij zjjn ruw, gebleekt, gegomd, geverfd, gedrukt; terwijl de maat en de waarde steeds moeten worden gespecificeerd naar de verschillende soorten, zooals die in den tariefpost Manufacturen zijn omschreven, hetgeen ook noodig is voor de samenstelling der opgaven voor de Statistiek. Wat de vermelding der bewerkingen betreft, welke de manufacturen hebben ondergaan, worden wel eenige faciliteiten toegestaan. Witte en gebleekte en geverfde en (jedrukte linnen of katoenen manufacturen worden o.a. te zamen aangegeven. Zie Franken, Alg. Wet, aant. 13, noot b, op art. 120, blz. 102.

(8) Ledige gebruikte zakken z\\jn vrij van invoerrecht. Zie art. 6, lett. g, dezer Tariefwet.

Zie, nopens nieuwe zakken, bestemd om hier te lande te worden gevuld en daarna weder te worden uitgevoerd, aant. 1 op Emballage.

(9) In den regel moet als Zeildoek in den zin van het Tarief van rechten alleen dat doek worden beschouwd, hetwelk bij de vereischte dikte en zwaarte een breedte heeft van hoogstens 77 cM., terwijl het doek van meerdere breedte moet worden aangemerkt als Manufacturen, niet afz. belast. Dit laatste is echter niet van toepassing, wanneer uit andere omstandigheden blijkt, dat, niettegenstaande de meerdere breedte, het bedoelde doek kennelijk voor de vervaardiging van scheepszeilen is bestemd. Bes. 31 Dcc. 1864, no. 168, V. no. 132.

(10) Ook Amerikaansch zeildoek van katoen wordt vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.)

(11) Niet alle doek, hetwelk onder de benaming van karl- of scheerdoek wordt ingevoerd, is geschikt tot vervaardiging van gewone scheepszeilen; terwijl die benaming ook niet altijd een bepaalde soort aanduidt, door grondstof ofbewer-

Maatstaf.

-ocr page 143-

MAE.

209

270

A 11 ï I K E L E N.

Maatstaf.

Rechten.

king van andere soorten onderscheiden, maar vaak willekeurig door fabrikanten of invoerders aan het een of ander weefsel wordt gegeven. Als zeildoek dus alleen dat karJ- en scheerdoek vrij ten invoer toe te laten, hetwelk enkel geschikt is om daarvan gewone scheepszeilen te maken. Anders is het belast als Manufacturen. Bes. 31 Dec. 1864, no. 1G8, V. no. 132, en 27 Maart 1885, no. 59, V. no. 31.

(12) Gemaakte scheepszeilen moeten, als niet in het tarief genoemd, en ook naar aard en bestemming niet onder een der met name genoemde goederensoorten te rangschikken, vrij quot;\'quot;i invoerrecht worden toegelaten. Scs. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96.

(13) Voor de Statistiek te splitsen in:

van zijde;

„ katoen, ruw of gebleekt (ts);

„ „ geverfd of gedrukt;

„ hennep, vlas en werk, ruw of gebleekt; „ „ „ „ geverfd of gedrukt, bonten en beddetijk;

,, „ „ „ damast, tafel- en servetgoed;

„ „ „ „ zeildoek (fi);

„ wol, lakens, buckskins, kasimieren, enz.;

„ „ alle andere, niet afzonderlijk genoemd; „ „ dekens;

„ „ flanel en baai;

Manufacturen Geweven of gebreide kleedingstukken (bonneterie);

Kanten en tule (zijden);

„ (katoenen);

„ (linnen);

„ (alle andere);

Paasementwerk;

Linten en band (zijden);

„ katoenen en linnen);

(wollen);

„ (alle andere);

Gemengde stoften;

van gom-elastiek. boomschors, enz.

Zie res. 15 Januari 1863, no. 68, V. no. 22; 14 Maart 1864, no. 27, Y. no. 36; 5 Mei 1865, no. 22, V. no. 38, en 30 Juli 1870, no. 28, V. no. 112.

(a) Zie, nopens de afzonderlijke vermelding van met vrijdom ingevoerd ruw of ongebleekt drukkutoen, res. 21 Juni 1877, no. 50, V. no. 50, § it.

(b) Voor de Statistiek van den invoer per rol van 42 meter of minder op te geven. Een rol, meer metende dan i\'1 meter, wordt als een dubbele rol aangemerkt. Verg. Bijz. Bepaling, Wet 1802.

*(2) MARGARINE, eetbare, en alle andere surrogaten van boter (1).

(1) Verg. hetgeen is opgenomen onder Boter.

(2) Voor de Statistieke opgaven afzonderlijk te vermelden. Bes. 4 Oct. 1890, no. 10, V. no. 102. De ambtenaren behooren er tegen te waken, dat eetbare margarine ten uitvoer wordt aangegeven, als eetbare boter. Res. 1 Aug. 1891, no. 6, V. no. 88.

„ *(3) ruwe....................

(3) Ook ruwe margarine wordt afzonderlijk op de Statistieke staten vermeld. Bes. 29 Dec. 1890, no. 134, V. no. 135.

Het wordt wel van belang geacht te voorkomen, dat dit artikel onder Talk of smeer (zie Boet) wordt opgenomen. (Eed.)

MARINELI.TM, hoofdzakelijk samengesteld uit koolteer, gom-elastiek en schellak, en mitsdien, zoowel in samenstelling, als in aard en strekking, ten eenenmale verschillend van de gewone lijm, die uit dierlijke zelfstandigheid wordt vervaardigd. Rvs. 24 April 18.56, no. G.\'!,

V. nn. 41...........\'...........

MARMELADE, als Koek- en banketbakkerswerk. (Red.) . . . MARMER. Zie onder Steen, bewerkt enz., cn onder Steen, ongebakken, enz......................

MARMEREN BEELDEN. Zie onder Steen, marmeren beelden en

marmeren borst- en standbeelden...........

„ BLADEN voor waschtafels, als Meubelen. (Red.) .... „ SCHOORSTEENMANTELS of stukken daarvan, als Steen,

bewerkt. Bes. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 9(1.......

„ TEGELS, alleen in het ruwe behouwen en op gelijke afmetingen afgezaagd, zonder eenige bewerking te hebben ondergaan, of te zijn geslepen of gepolijst. lies. 7 Januari 1863, no. 15, V. no. 16.................

Vrij

Vrij

Vrij ƒ 25.00

Vrij

Vrij 5 pet.

Vrij

100 kgr.

waarde

Vrij

-ocr page 144-

MAR. — MAT.

272

271

A E ï I K E L E N.

Rechten.

Maatstaf.

MARMEREN VOORWERPEN.

Kleine voorwerpen, aschbakjes en dergelijken, als Kram er ij . .

Pendulekasten, ulr^ Uurwerken, klokken, pendules, enz.....

Vazen (1) of andere dergelijke ornamenten van cenigen omvang,

als Meubelen....................

lies. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96.

(1) Zie hierbij aant. 1 op Vazen.

MARMOTTEVELLEN, als Pelterijen (1); zie Huiden, vellen en

leder. Renvooi, Wet 184o.

(1) In onbereiden toestand kennelijk vrij van invoerrecht. Verg. de rubriek

Huiden, vellen cn leder,

MAROKIJN (1), als Huiden, bereide vellen van alle soorten. Zie

aant. 10 aldaar en Renvoo\'i, Wet 1845 ...........

(1) Echt marokyn wordt, blijkens de res. van 7 Maart 1848, no. fiC, V. no. 25, uit geite- of bokkevellen bereid..

MARTERSTAARTJES, waarvan de binnenzijde der huid met vet, boter, zout of aluin als \'t ware gezeemd is, waardoor die huid te gelijk rein, blank van tint en in \'t gevoel zacht en lenig is, als Pelterijen, bereide; zie Huiden, vellen en

leder. (Red.)...................

„ nog met vuil bezet en hard en stug, als Pelterijen, onbereide; zie Huiden, vellen en leder, onbereide pelterijen. (Red). MARTERVELLEN, als Pelterijen (1); zie Huiden, vellen en leder. Benvooi, Wet 1S45.

(1) In onbereiden toestand kennelijk vrij van invoerrecht. Verg. de rubriek Huiden, vellen cn leder.

MARTINSHOUT (1), als Verfhout; zie onder Hout. Renvooi, Wet 1854.

(1) Dit hout bestaat uit zware stukken, van 20 tot 35 stukken in de 500 kilogr., en behoort tot dezelfde soort hout als Stokvischhout. Res. 11 Jc/i 1826, «o. 22!t, V. no. 103.

MASSÉ. Gewone massé in stukken en andere niet onder art. 1, § 1, letter ƒ, der Suikerwet, V. 1897, no. 33, vallende druivensuiker uit zetmeel (1), vaste of vloeibare (2), alsmede caramel. Art. 88, § 16, der Suikervoet, F. 1897, no. 38. . .............

(1) Bij gemeld art. 1, § 1, letter ƒ, is druivensuiker uit zetmeel, vaste, korrelachtige en poedersuiker, alsmede geraspte of op andere wijze fijngemaakte massé, onderworpen aan een accijns van f 18.— per 100 kgr.

(2) Zie hierbij aant 4, op Druivensuiker.

MASTELUIN, een mengsel van tarwe en rogge, wordt, volgens de res. van 13 April 1830, no. 220, V. no. 54, gelijkgesteld met Tarwe, en behoort dus, blijkens Renvooi, Wet 1845, gerangschikt te worden onder Granen...................

MASTEN. Zie onder Hout, scheepsbouw- en timmerhout, enz. . .

MASTIK. Zie aant. 1 op Gom...............

MASTIK SERBAT, als Verfwaren, bereide of in olie gewreven.

Re*. 2 Dec. 1858, no. 01, V. no. 111.

MATHEMATISCHE INSTRUMENTEN. Zie den post Instrumenten.

MATRASSEN, als Meubelen. Renvooi, Wet 1845 ........

„ Patent-, redding-, slaap- en kurkmatrassen, als Meubelen, daar deze matrassen, hoewel ingericht om bij schipbreuk ook als reddingstoestel te dienen, hoofdzakelijk bestemd zijn tot gewone legersteden aan boord van schepen. (Red.). . .

*MATTEN en STROOKEN VOOR MATTEN, met uitzondering van Moscovische (1)..................

(1) Matten van gevlochten biezen worden ook met een invoerrecht van 5 pet. der waarde belast. (Red.)

■^MATTEN. Moscovische —. Wet 18G2, en Res. 10 Oct. 18Ö2, no. 105,

V. no. 105....................

„ van cocosnootvezelen, aan het stuk geweven en zich in rollen voordoende, als Tapijten. Res. 28 Maart 18G0, no. 138 . .

waarde waarde

waarde

waarde

100 kgr.

waarde waarde

waarde waarde

waarde

-ocr page 145-

MAT. — MEE.

274

ARTIKELEN.

MATTEN, niet aan het stuk geweven, maar afzonderlijk samengesteld en uitsluitend gebezigd kunnende worden en bestemd tot vloermatter, ofschoon zij ook ziin voorzien van een uit wollen garen vervaardigden rand, als Matten en strooken

voor matten. Tics. alsvoren............. waaide

,, Esparta-matten (1) voor oliefabrieken, als onderdeelen (2) van Fabriekswerktuigen. (Eed.)..........

(1) Deze matten zijn gevlochten van spart of Spaansch gras on bestaan uit twee cirkelvormige bladen, welke op elkander zijn gelegd en aan de randen zijn vereenigd. In een dezer bladen is in het midden eene ronde opening. Dece matten worden gebruikt bij de persing van het zaad in olieslagerijen. (Eed.)

(2) Zie aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

MATTEN VLECHTMACHINES naar het hoofdbestanddeel te belasten. waarde

(Red.)

MEAT BISCUIT, als Brood, enz.; zie onder Granen. Res. 12 Mei 1853,

)?o. 145, V. no. 74, e.n Wet 1877 ..............

MEAT PRESERVE CRIST AL, dienende tot conserveering van vleesch

en geheel bestaande uit zwavelzure natron. (Red.).....

MEDAILLES. Gouden en zilveren —. Zie Goud en zilver, in staven.

„ Koperen —. Zie onder Koper............

MEDE of MEE, als Appel-, peren- en meedrank. Renvooi, Wet 1S4.\'gt;. de HL. MEDICIJNFLESCHJES, als Glas en glaswerk. Renvooi, Wet 1845. | waarde MEDICINAALHOÜT (1), als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845 . . .

(1) Daaronder behoort, blijkens de wet van 1822, Kwassic- (o), sassefms- en Spaansch hout, alsmede zoethout van Bayonne.

(o) Verg, Kivassielwut.

MEDICINALE BORSTSIROOP. Zie onder Stroop.

„ IJZERT1NCTUUR. Zie IJzertinctuur.

„ OLIE, als Drogerijen. Res. 23 Dec. 1837, no. ISO, V. no. 157,

en Renvooi, Wet 1845................

„ STROPEN. Res. 3 Aug. 1897, no. 24, V. no. 81......

*(1) MEEDRANK. Zie den post Appel-, peren- en meedrank . . de HL.

(1) Daar appel- en perendrank krachtens de wet van 23 Juli 1870, S. no. 127,

V. no. 127 belast is als Wyn, wordt meedrank op de Statistieke staten in de alphabetische volgorde vermeld onder de eigene benaming. (Eed.)

quot;MEEKRAP. Kiemen. Wet 1845 ..............

„ *Alizari, eigenlijk gezegde — en gedroogde racin. Wet 1862.

„ quot;Ongedroogde racin. Wet 1862 ............

„ *Onberoofde, fijne, gemeene en mul. Wet 1862......

„ *Garancine en colorine. Wet 1862...........

MEEKRAPDELVERS, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. van 6 Oct. 1862, S. no. 17!», V. no. 101, art. 1,

en Wet 1877 .....................

MEEKRAP-EXTRACT. Een oplossing van - , in water zonder alcohol,

houtgeest of olie. (Red.).................

MEEL, van alle graansoorten. Zie onder Granen.......

„ (1) van aardappelen. Res. 10 Oct. 1862, no. 105, V. no. 105, en 10 Maart 1863, no. 77, V. no. 58..........

(1) Voor do Statistiek te rangschikken onder de rubriek Aard-appelenmecl.

„ van rijst. Zie Rrjstmeel..............

„ Alpine-melkmeel. Zie Alpine-melkmeel........100 kgr.

„ Bananenmeel. (Red.)................

„ Beenderenmeel, fijn gemalen beenderen. (Red.).....

„ Cassavemeel. Zie Tapiocameel hieronder.......

„ Erwtensoeppoeder, erwtensoeptabletten en erwtenworst, hoofdzakelijk bestaande uit erwtenmeel, als Aardappelenmeel-fabrikaten, niet afz. belast. Res. 12 Febr. 1892, no. 29, V. na 17. 100 kgr. „ Farine lactée (2). Zie Farine lactée.........100 kgr.

(2) Zie hierna het artikel Meelpraeparaten.

„ Griesmeel (3). Zie onder Granen, brood, beschuit, enz. . .

(3) Hieronder alle griesmeel te verstaan, dus zoowel het grof gemalen graan als het meel vermengd met gluten, die beide onder dien naam in den handel bekend zijn. Bes. 23 Juni 1892, no. 4G, V. no. 49.

Maatstaf.

-ocr page 146-

MEE.

276

275

ARTIKELEN.

MEEL. Havermeel. Zie Havermeel.

., Hominy. Zie Hominy...............

,, Kastanjemeel, als Vruchten, alle versche, enz. l)e Fiscus

no. 508, blz. 394 .................

., Lijnmeel. Zie onder Koeken, raapkoeken, enz......

„ Mexicaanscli meel. Zie Farine Mexicaine.......

„ Sagomeel. Zie Sagomeel..............

„ Tapiocameel, ook wel tapioca, manihot of cassavemeel genaamd en bestaande uit het zetmeel eener zoowel in Oostals in West-Indië groeiende plant (Manihot utilissima) is de grondstof, waaruit de tapioca-sago wordt vervaardigd en wordt, hoewel blanker dan sagomeel, eveneens vrij van invoerrecht toegelaten (4) (5). lies. 31 Oct. 1889, no. 58, V. no. 105.

(4) Bij Eenvooi, Wet 1843, werd tapioca onder Drogerijen gerangschikt. Zie ook aant. 1 op dien post.

Verg. mede hierbij Meelpraeparaten.

(5) Ook tapioca bereid in vlokken, alsmede tapioca in bolletjes, te belasten als Aardappelenmccl-fabrikaten met f 2.— de 100 kgr. (Eed.)

„ Vleeschmeel van Fray Bentos, z.g. Liebig\'s Vleesclimeel. (Eed.) MEELDIK. Z.g. —, bevattende ongeveer 93 pet. raapolie, als Olie,

niet afz. belast. (Eed.).................

MEELPK AEPAB ATEN (1), niet meer dan 10 pet. verzoetende stoffen bevattende (2) en bestemd tot het bereiden van poddingen, soepen, sausen en dergelijke, zooals Liebig\'s en Weener pod-dingmeel. poddingpoeder, bakmeel, sago (3), tapioca (4), maizena en dergelijke (5) (C), als Aardappelenmeel-fabri-katen, niet afz. belast. Res. 28 Mei 1886, no. 84, V. no. 49. ,, niet meer dan 10 pet. verzoetende stoffen bevattende (2) en meer bepaald dienende tot voedsel voor kinderen of zwakke personen, zooals Mexicaansch meel (farine mexicaine), Liebig\'s Nahrung, farinaceous food for infants en dergelijke (7), als Revalenta arabica. Bes. 28 Mei 1886, no. 84, V. no. 49. „ kennelijk meer dan 10 pet. verzoetende stoffen bevattende (2), zonder onderscheid (8), als Koek- en banketbakkerswerk. Res. 28 Mei 1886, no. 84, V. no. 49..........

(1) Z.g. Engelsche biscuits behooren niet tot de hierbedoelde praeparaten. Hes. 28 Jlfci 1886, no. 84, V. no. 49 in fine. Zie den post Biscuits.

(2) Het gehalte aan verzoetende stoffen is in den regel naar den smaak te beoordeelen. Ontstaat daaromtrent geschil, dan kan. evenals bij twijfel, de beslissing van den Minister worden ingeroepen, terwijl desverlangd de goederen, in afwachting dier beslissing, tegen zekerheid voor het hoogste recht hunne bestemming kunnen volgen. Ëes. 28 Mei 1886, no. 84, V. no. 49.

(3) Sagomeel, in den handel ook genaamd ruwe sago, in oorspronkelijken toestand ingevoerd, is vrij van invoerrecht. Res. 7 Maart 1889, no. 29, V. no. 23. Verg. Sagomeel.

(4) Zie, nopens het vrijgestelde tapiocameel, het hiervoor medegedeelde onder Meel. tapiocameel.

(3) O.a. farola, alsmede het rijst- en gerstemeel (crème de riz en crème d\'orge) van Groult Jr. te Parijs. (Eed.)

Evenzoo het z.g. Hecker\'s zelfrijzend [a) bloem van meel, bestaande uit tarwemeel, vermengd met een weinig van het z.g. Liebig\'s bakpoeder, hetwelk een mengsel is van met zwavelzuur bereide beenaarde (zure phosphorzure kalk) en dubbel koolzure natron. (Eed.)

Zie ook Rijstmeel, gepelde rijst in pakken.

(a) Bij de bereiding van bakwaron behoeft aan dit moei geen gist te worden toegevoegd. (Red.)

(fi) Kunstkoffie, een namaaksel van koffieboonen, voor het grootste gedeelte bestaande uit gerste- en roggemeel, behoort ook tot de Meelpraeparaten, belast als Aardappclenmeel-fabrieaten met f 2.— per 100 kgr. (Eed.)

(7) O.a. het zoogenaamd Carnricks soluble food, een poeder uit graanmeel en melk bestaande, bestemd tot voedsel voor zwakke kinderen. (Eed.)

Zie ook Havermeel, in bussen, Kneipp\'s kraft suppenmeld en Kwaker\'s have) mout.

Arrowroot, zijnde het zetmeel van Oost- en Westindische Marantasoorten, van Oostindische Cureumasoorten of van Zuidamerikaansche Manihotsoorten in oorspronkelijken toestand, kan niet gezegd worden een meelpraeparaat te zijn, en moet vrij van invoerrecht worden toegelaten (a). Bes. 13 Juli 1891, no. 85, V. no. 82.

(a) Zie aant. 2 op Arrowroot.

Maatstaf

waarde 100 kgr.

100 kgr.

100 kgr.

het kgr. 100 kgr.

-ocr page 147-

277

MEL.

278

MEE. —

ARTIKELEN.

Maatstaf.

Hechten.

(8) Gclec-pulver en Etecrême-pulver, welke eene zeer groote hoeveelheid suiker bevatten, worden ook als Koek- cn banketbakkerswerk belast (Red.)

Alsmede Farine lactéc (kindermeelj, dat volgens scheikundig onderzoek ongeveer 25 pet. rietsuiker en 6 pot. melksuiker bevat. fles. 24 April 1876, no. 84, V. no. 45. Zie ook Melliris voedsel.

MEETEMMEES. Melkmeetemmers, met schaal, als Gereedschappen.

lies. 4 Dec. 1891, no. 45, V. no. 117............

MEETTOESTELLEN, behoorende bi] cu tegelijk ingevoerd (1) (2) met toestellen (dynamo\'s) en werktuigen, dienende om fabriekmatig electriciteit op te wekken tot het voortbrengen van licht of tot het voortbrengen van kracht, alsmede met electrische motoren, dienende om beweegkracht, ontleend aan een electrischen stroom, op fabriekswerktuigen over te brengen, als gedeelten (3) van Fabriekswerktuigen. lies. 5 Nov. 1892, no. 46, V. no. 100.........

(1) Afzonderlijk ingevoerd zijn deze meettoestellen belast als lustrumentcn, ■phygische. Bes. 5 Nov. 1892, no. 46, 1\'. vo. 100.

(2) Slechts één zoodanig toestel kan geacht worden te beboeren bij het electrische werktuig, waarmede het tegelijk wordt ingevoerd. De meerder aanwezige toestellen zijn, evenals de afzonderlijk ingevoerde, te belasten als Instrumenten, physische. Hes. 13 Januari 1897, no. 100, Y. no. 9.

(3) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

MEIWIJN. Stropen, extracten en essences voor meiwijn. Zie Essences. MELADO en MELASSE. Zie Suiker (1). Art. 1 der Suikerwet, F. 1807,

no. 33........................

(1) Zie, nopens den accijns, aant. 2 op Suiker.

MELASSE-TUEFMEELVOEDEE. Zie onder Beestenvoeder. MELIS. Zie Suiker (1). Art. 1 der Suikerwet, V. 1897, no. 33 . . .

(1) Zie, nopens den accijns, aant. 2 op Suiker.

MELK, in luchtledige bussen, als Koek- en banketbakkerswerk.

Hes. 19 Juli 1849, no. 49..............

„ Gecondenseerde —, d. i. melk, die door verdamping in eene luchtledige ruimte is geconcentreerd en verpakt in bussen of Hesschen, waaruit de lucht zooveel mogelijk verwijderd is, en welke vervolgens door stoppen met caoutchouc-ringen. door soldeersel of door andere dergelijke middelen van de buitenlucht zijn afgesloten, als Koek- en banketbakkerswerk (1). Bes. 13 Nov. 1882, no. 45, F. no. 114.....

(1) Ook wanneer de gecondenseerde melk zonder suiker of eenige andere toevoeging is bereid, wordt, bij invoer in Inchtdichte bussen, het invoerrecht geheven als van Koek- en banketbakkerswerk. (Eed.)

Gecondenseerde melk met levertraan (maltine-praeparaat) wordt als geneesmiddel vrij van invoerrecht toegelaten. (Ked.)

MELK. Gedroogde en verduurzaamde —, in luchtledige bussen ingevoerd, als Koek- en banketbakkerswerk. lies. 19 Maart

18()3, no. 77, V. no. 58...............

„ op andere wijze ingevoerd, lies. alsvoren........

„ Zuivere melk, zonder eenige bijmenging en alleen door koking en luchtledige afsluiting in ilesschen voor bederf bewaard.

(Eed.)

„ Zure —, in poedervorm in fiesschen ingevoerd, als Kramerij.

(Eed.)

MELKEMMEES. Blikken —, met daarin aangebrachte zeef (1), als Landbouwgereedschappen; zie Gereedschappen. Hes. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. ]24..................

(1) Emmers, waarvan niet uit de inrichting de bijzondere bestemming voelde zuivelbereiding blijkt, zijn belast, al worden zij ook melkemmers genoemd. Jies. 4 Dec. 1891, no. 45, 1\'. no. 117. Zie aant. 5 op Gereedschappen. MELKKOELEKS, zijnde werktuigen om melk moer geschikt te maken voor de bereiding van boter en kaas, als Landbouwwerktuigen;

zie Fabriekswerktuigen. (Eed.).............

MELKKOELVATEN, als Gereedschappen (1). Hes. 19 Nov. 18SG, «o. 15, V. no. 105...................

(1) Zie hierbij aant. 5 op Gereedschappen.

MELKMEEL. Zie Alpine-melkmeel............

Vrij

Vrij

Vrij Vrij ƒ 25.00

100 kgr.

100 kgr.

25.00

100 kgr.

., 25.00 Vrij

Vrij

5 put.

Vrij

larde

Vrij j Vrij j ƒ 25.00

100 kgr.

-ocr page 148-

MEL. — MEN.

279

280

ARTIKELEN.

Maatstaf.

1

MELKMEETEMMEKS, met schaal, als Landbouwgereedschappen ; zie Gereedschappen. Rcs. 4 Dec. 1891, no. 45, V. no. 117 . MELKONDERZOEKERH, bestemd om het gehalte van melk te bepalen (1), als Instrumenten. Jies. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124,

en 4 Dee. 1891, no. 45, V. no. 117.............

(1) Zie hierbij Melkseparators.

MELKSCHALEN. Vertind of gegalvaniseerd ijzeren—, waarvan niet uit de inrichting de bijzondere bestemming voor de zuivelbereiding blijkt, zijn belast als Ijzerwerk. lU;s. 4 Dcc. 1S91, no. 45, r. no. 117 . MELKSEPARAÏOES, bestemd om bij de zuivelbereiding den room van de melk af te scheiden (1), al* Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. Res. 4 Dec. 1891, no. 45, V. no. 117 . . . (1) Zie hierbij Melkander zoekers.

MELKSUIKER (1). Bes. 14 Sept. 1S88, no. 92, V. no. 106.....

(1) Melksuiker, een grijswit, nagenoeg smakeloos fabrikaat, verkregen door de wei van melk in te dampen en daarna te doen kristalliseeren, kan do gewone saiker voor geen huishoudelijk doeleinde vervangen. Zij wordt bijna uitsluitend gebruikt bij de artsenijbereiding, om geneesmiddelen in poedervorm te brengen of in drogen staat te verdunnen. In den regel kan zij ook voor dit doel niet door gewone suiker worden vervangen. Dit artikel kan dus vrij ten invoer worden toegelaten. Jlcs. alsvoren.

MELKÏRANSPORTKANNEN, kenbaar aan hare sluiting, als Gereedschappen. lie*. 4 Dec. 1891, no. 45, V. no. 117......

MELKWAGENS, als Wagenmakerswerk. (Red.).......

MELKZEEFTEN, als Landbouwgereedschappen; zie Gereedschappen. (Red.)...................

MELLIN\'S VOEDSEL (1), als Koek- en banketbakkerswerk. (Red.) (1) Dit artikel bevat ongeveer 40 pet. verzoetende stoffen.

MELOENEN, als Vruchten, alle versche, enz., niet afz. belast. Ren.

12 Mei 1858, no. 89, V. no. 48.

MEMORANDA. Formulieren voor — (1), als Papier van alle soorten. Res. 6 Vehr. 1889, no. 6, V. no. 13...........

(1) Zie aant. 1 op Papier.

MENGSELS, o. a. suiker bevattende, bestemd lot het conserveeren van vleesch en spek, als Suiker, ruwe (1). (Red.) . . . .

(1) Kuwe suiker is alleen aan accijns onderworpen. Zie aant. 2 op Suiker. „ bestaande uit teer, zwavel en koper, en bestemd tot het besmeren van bodems der schepen, om deze te behoeden voor don aanwas van wier. (Red.)............

„ van harsachtige stof en gedistilleerd, bestemd tot het vernissen der binnenzijde van biervaten, als Vernis; zie Gedistilleerd (2). (Red.)...............

(2) De sterkte wordt geacht 90 pet. te bedragen. Zie daaromtrent, alsmede nopens de berekening van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op Gedistilleerd.

,, van lijm en stroop, bestemd om, na smelting, tc worden gebruikt als omkleedsels van de rollen, welke door de boekdrukkers worden gebezigd om den drukinkt op dc letters te

brengen. (Red.)..................

„ van vet en olie worden, wanneer zij voor meer dan dc helft uit olie bestaan, belast als Olie, niet afz. belast. (Red.) . . „ Ontplofbare mengsels, die chloorzure of pikrinzure zouten bevatten, ontplofbare nitro-verbindingen cn allo andere prae-paraten, genoemd in art. 1 Kon. Besluit van 15 Oct. 1885, S. no. 187, V. no. 127 (3), met uitzondering van de ontstekingsmiddelen, genoemd in de voorlaatste zinsnede van dat artikel (4), als Buskruit (5). Hes. 16 Aug. 1890, no. 10, V. no. 81....................

(3) Zie, nopens de andere ontplofbare mengsels, het artikel Ontplof-bare stoffen, met aant. 1 daarop.

(4) Deze ontstekingsmiddelen (munitiën, waarin buskruit voorkomt, vuurwerken, enz.) zijn belast als Ammunitie met 5 pet. der waarde. Hes. IC Any. 1890, no. 10, V. no. 81.

(5) Zie hierbij de aantt. op Buskruit.

waarde

waarde

waarde 100 kgr.

waarde

de HL. ad 50 pet.

100 kgr.

100 kgr.

-ocr page 149-

MEN. — MET.

281

ARTIKELE N.

MENSCHENHAAR, zoodra liet eene krulling of ecnige verdere bewerking heeft ondergaan, als Haar, bewerkt, enz, He*.

11 Juni 1863, no. 41, F. no. 97............

„ enkel gewasschen of gekookt en in bossen gebonden, als

Haar van alle soorten, onbewerkt, lies. ah voren.....

MENSCHEXSCHEDELS. Zie Skeletten...........

MENTHOL (1) is met pepermuntolie gelijk te stellen en dus te belasten als Reuk- en parfumeurswaren. (Red.).......

(1) Aan deze stof ontleent pepennuntolie haren geur en verkoelenden smaak. Menthol dient ook tot geneeskundig gebruik, alsmede voor de bereiding van migrainestiften. Ook maken suikerbakkers gebruik van deze stof voor de bereiding van pepermuntjes. (Eed.)

MERG. Ossenvet of merg, ook al is zij in bussen gepakt. (Eed.). . MERGEL, als Kalksteen; zie onder Steen. Renvooi, Wel 1845 . . MESSEN, als Kramerij. Zie tie Jiiiz. Bepaling op dien post . . .

„ IJzeren —. Zie Hakvormen voor schoenmakers.....

„ Stalen messen voor schoenzolen (1). (Ked.).......

(1) De hier bedoelde messen zijn gebogen in den vorm van een schoenzool en dienen om met behulp van een z.g. stands de zool uit het leder te snijden. Zij worden niet gerekend te behooren tot de van invoerrecht vrijgestelde fabriekswerktuigen of onderdeelen daarvan.

(Eed.)

„ Kerfmessen, als Gereedschappen. Hes. 1quot;.) Nov. 1886, no. 15,

V. no. 105....................

„ Kurksnijdersmesson, als Gereedschappen. Hes. 19 Xov. 1886,

na. 15, V. no. 105.................

„ Leerlooiersmessen, ook tot ander gebruik geschikt, lies. 5 JJec.

1890, no. 20, V. no. 124. . . ............

„ Plamuur-, temper-, schrap-en stopmessen, als Gereedschappen. Hes. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105.......

„ Weversmessen, zijnde lange smalle stalen staven, voorzien van oen handvat, gebezigd wordende in katoenstoft\'enfa-

brieken. (Ked.)..................

MESSEN en VORKEN, met zilveren of met zilver overtrokken hechten, als Zilverwerk; zie Goud- en zilverwerk. Res. 15 Oct. 18.18,

no. 31, V. no. 91....................

MESSENMAKERS WERK, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op

dien post......................

MESSING, als Koper, geelkoper, enz. Renvooi, Wet 1845.....

*MEST, niet afz. belast (1) (2). Wet 1845 ...........

sGuano. Wet 1845.................

„ Kunstmest. Zie Kaïnit...............

„ *Secrectmest of beer................

(1) Mestspeeiën waren, met uitzondering van haardasch, bij de Wet van 1822, reeds van invoerrecht vrijgesteld.

(2) Zie, nopens het verbod van invoer, aant. 2 op art. 11) dezer Tariefwet.

MESTERE KERS. Be Fiscus, no. 443, biz. 253 .........

MESTEMMERS. Zie Emmers...............

METAAL (1), als Koper. Res. 21 Maart 1828, no. 211, F. no. 69 ;

Renvooi, Wet 1845, en Wet 1877 ...........

(1) Gcivrrven metaal is bij de res. van 20 Juli 1827, no. 187, V. no. 103, ook gelijkgesteld met Koper.

„ Voorwerpen van brittannia-metaal, bijv. koffie- en melkkannen, ook wanneer ze verguld of verzilverd zijn, als Tinwerk. Res. 7 Febr. 1851, no. 107, en 7 Aug. 1860, no. 116 . . . . METAALDOEK of geweven ijzerdraad voor vensterhorretjes, enz.,

als Manufacturen. Res. 81 juli 1862, no. 25.........

METAALDOEKEN. Rondgeweven — , voor papierfabrieken. Zie Fabriekswerktuigen...................

METAALGAAS, zoowel aan het stuk, als in afgepaste stukken (1) .

(Red.)

(1) Zie hierbij Bail- en zcefkleeden.

METALEN GESCHUT. Zie den post Ammunitie.......

Maatstaf.

waarde

waarde

waarde waarde

waarde

waarde waarde

waarde

waarde waarde

waarde 100 kgr.

-ocr page 150-

MET. — MOD.

283

284

ARTIKELEN.

METALEN SCHKIJFLEIEN, als Kramerij. Zie de Rijs. Bepaling

op dien post..................

„ SPIEGELS, als Instrumenten, physische. Renvooi, Wet 1845. METAALSTOF, bestaande voornamelijk uit koper, en verder uit ruwe tin, ruw lood en ruw koper, als Koper, geelkoper, enz. Res.

25 Januari 18ö5, no. 101.................

META SULFONILSAÜRE, als Olie, niet afz. belast. De Fiscus,

no. 432, blz. 145....................

METERMAATJES. Zie aant. 1 op Duimstokken. METHYL-SACCHARINE. Zie onder Saccharine.......

^MEUBELEN, waaronder ook kunstbloemen in vazen (1), met uitzondering van schilderijen in olieverf en teekeningen in of

zonder de daartoe behoorende lijsten..........

(1) Glazen stolpen, behoorende bij vazen met kunstbloemen, worden, mijs in geen grooter getal ingevoerd, dan dat der voorwerpen, waartoe zij behooren, en wanneer zij met deze gelijktijdig worden ingevoerd, onder die voorwerpen begrepen. Zie de liyz. Bepaling op den post Glaswerk.

MEUBELPAPIER. Zie den post Papier...........

MEUBELSPI.1KERTJES. IJzeren —. Zie onder Spijkertjes . . . MEUBELWAGENS. Zie aant. 0 op art. 6, lett. c, dezer Tariefwet.

MEXICAANSCH MEEL. Zie Farine Mexicaine.......

MICA. Plaatjes mica, enkel gesneden in vierkante ruiten, kunnen niet

als bewerkt worden beschouwd. (Red.)...........

MICROSCOPISCHE PRAEPARATEN, tusschen glazen schijfjes besloten. Res. 26 Nov. 1864, no. 52, V. no. 11(1.........

MIERENAETHER, als Gedistilleerd, alle verdere dergelijke uit of met alcohol bereide stoffen (1). (Red.)

(1) Zie hierbij de Bjz. Bepaling op den post Gedistilleerd.

MINERAALWATER. Zie den post Bron- en mineraalwater.

op flesschen...................

op kruiken...................

MINERAAL WA T E R op fust. Res. 15 Aug. 1868, no. 51, V. no. 92 . „ Toestellen tot het vullen en kurken van flesschen in kunst-

mineraalwaterfabrieken. (Red.)............

MIRACILINE (vlekkenwater) bevat alcohol, en wordt belast als

Gedistilleerd (1). (Red.)................

(I) Zie, nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd. INURBANE. Essence de — (1), als Olie, niet afz. belast. Res. 15 A uy.

1868, no, 48, V. no. 91, en Wet 1877 ............

(1) Zie de aant. OJ) Benzol.

MIRRE. Zie aant. 1 op Gom...............

MISDRUK (1), als Papier, pakpapier. Res. 6 Febr. 188\'.•, no. 6, V. no. 13........................

(1) Zio aant. i op Papier.

MITRAIL, als Koper, oud koper, enz. Renvooi, Wet 1845 .... MODELGLAZUUR, zijnde een overblijfsel van paraflinc, bestemd voor het bestrijken van ijzeren modellen in ijzergieterijen, geen alcohol bevattende, als Vernis, met olie bereid, te rangschikken

onder Verfwaren, in olie gewreven. (Red.).........

MODELLEN. Bronzen modellen voor stoomwerktuigen, als Koperwerk. (Red.)..................

„ Houten modellen voor hoeden. Zie Houten modellen . . „ Houten modellen voor een stoombaggermolen. (Red.) . . .

\'MODEWAREN, waaronder kunst- en toiletbloemen (1), paradijsvogels in bewerkten staat (2), toiletpluimen en toiletveeren.

(1) Kunstbloemen, in vazen, worden genoemd in den post Meubelen.

(2) raradijsvogels worden niet geacht in bewerkten staat te verkeeren, wanneer zij alleen van het vleesch en de beenderen ontdaan en daarna gedroogd zijn, omdat zij dan nog niet zonder verdere bewerking als modewaren kunnen dienen. Zulke paradijsvogels behooren dns tot de ruioe en onbewerkte, die bij Renvooi op de Wet van 1845 gerangschikt zijn onder de Naturaliën. (Eed.)

Maatstaf.

waarde waarde

100 kgr. waarde

waarde

waarde 100 kgr.

100 il. 100 kr.

de HL. ad 50 pet.

100 kgr.

waarde

waarde waarde waarde

waarde

-ocr page 151-

MOE. — MOL.

285

286

A 11 T I K E L E N.

MOER van wiju behoorde vroeger, volgens de res. van 14 Juni 1825, no. 4, V. no. 70, tot de niet bij het Tarief genoemde posten, en is dus thans als vrij van invoerrecht te beschouwen. Zie aaut. 1 op art. 1 dezer Tariefwet. Vloeibare droeven en moeren worden nu ook als Wijn (1) beschouwd. Art. 2 der Wet van 20 Juli 1870, 6\'. no. 127, F. no. 127..................

(1) Alleen aau accijns onderworpen. Zie hierbij het aangeteekende op Wijn en op Druiven,

MOEREN. Zie aant. 1, laatste lid, op Spoorwegen.

„ IJzeren —, zonder draad, bestemd ter verbinding der vlampijpen op de platen. (Red.).............

MOERNAGELS. Zie den post Specerijen..........

MOER- en SCHROEFBOUTEN. Zie onder Bouten.

MOES. Abrikozen- en pruimenmoes. Gewoon — (1), ongeacht de verpakking, als Vruchten, niet afz. belast. Res. 15 Auf/. 1890, no. 36, V. no. 79.................

(1) Hieronder valt ook het abrikozen- en pruimenmoes enkel gekookt of van de pitten ontdaan en zonder bijvoeging van saiker of andere bestanddeelen. (Bed.)

Invoer in luchtdichte bussen geeft geen aanleiding om dit moes te rangschikken onder de bereide of ingelegde eetwaren, bedoeld bij res. van 31 Juli 1884, no. 113, V. no. 83, opgenomen in aant. 9 op Koek- en banketbdkleerswerlc. (Red.)

„ Tomatenmoes. Gewoon —, van de pitten ontdaan en gekookt met toevoeging van eene zeer geringe hoeveelheid zout, evenals gewoon pruimen- en abrikozenmoes, ongeacht de verpakking, te rangschikken onder Vruchten, niet afz. belast (2). lies. 15 Aug. 1890, na. 36, V. no. 79......

(2) Ook tomaten in water, geheel of doorgesneden, doch overigens niet bereid of ingelegd, worden aldus belast. Rcs. alsvorcn,

„ Vruchtenmoes, in suiker gekookt, als Koek- en banket-bakkerswerk. Res. 15 Januari 1862, no. 36, en 19 Maart 1863,

no. 77, V. no. 58.................

MOFFEN. Zie IJzeren Moffen.

MOHAIRGARENS (1), als Garens van wol. (Red.)

(1) Deze worden vervaardigd van do wol van de Aziatische angorageit. (Eed.) MOLENASSEN en MOLENROEDEN van ijzer of hout zijn, volgens eene beschouwing in de Fiscus no. 380, blz. 113, aan te merken

als onderdeden van Fabriekswerktuigen.........

(1) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

MOLENS. Handmolens ora graan te malen, als Gereedschappen. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96, bevestigd bij Res. 19 JVov.

1886, no. 15, V. no. 105...............

Koffiemolens voor huiselijk en voor winkelgebruik. Res.

19 JVov. 1886, na. 15, V. no. 105...........

Pietmolens en pietwerktuigen, met de hand bewogen wordende, als Gereedschappen. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96, bevestigd bij Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105. . Rosmolens. Zie Rosmolens.

Snijboonenmolens, als Ijzerwerk. Res. 13 Aug. 1885, no. 9,

F. no. 91....................

Tonmolens (1). Res. 19 Nov. 1886, no. 15, F. no. 105.

(1) Zie hierbij aant. 3, met noot b, op Gereedschappen. Verfmolens, met de hand bewogen wordende, als Gereedschappen. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, F. no. 96, bevestigd bij

Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105.........

Vleeschmolens, door stoom bewogen. (Red.).......

Wanmolens, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. van 6 Oct. 1862. S. no. 179, F. no. 101,

art. 1, en Wet 1877 ................

MOLENSTEENEN, geheel ruw, als Steen. Res. 9 April 1868, no. 122, F. no. 46....................

Maatstaf.

waarde

waarde

waarde

100 kgr.

waarde

waarde

-ocr page 152-

MOL. — MOT.

287

288

AETIKELEK

jNIOLENSTEEXEN, van een of meer gaten voorzien 011 al of niet verder bewerkt, als onderdeelen (1) van Fabriekswerktuigen. Bes.

alsvoren.......................

(1) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen,

MOLETÏEN, zijnde ijzeren of stalen cilinders voor het graveeren van koperen rollen voor drukmachines in katoendrukkerijen, als

onderdeelen Cl) van Fabriekswerktuigen. (Eed.)......

(1) Zie aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

MOM- en PIJPBANDEX, als Ijzerwerk. Renvooi, Wet 1845 . . .

MONDWATER, meer dan 5 pet. zuiveren alcohol bevattende, als Reukwater; zie Gedistilleerd (1). (Eed.).........

(1) De sterkte wordt geacht 90 pet. te bedragen. Zie daaromtrent, alsmede

nopens de berekening van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op Gedistilleerd.

MONOAETHYL AXILIjS\', als Olie, niet afz. belast. Be Fiscus no. 482, blz. 145.......................

Maatstaf.

waarde

de HL. ad 50 pet.

100 kgr.

MONSTERS van handelsartikelen. Zie aant. 2 op art. .quot;gt; dezer Tariefwet.

MOORKOOL, als Kolen, steenkolen. Renvooi, Wet 1845 .....

MORDANT DE TERRE REFRACTÈRE (Azijnzure aluinaarde), als

100 kgr.

100 kgr.

waarde

dc HL.

100 kgr. waarde

Houtzure aluinaarde (pyrolignite d\'alumine) (1). (Red.quot;

(1) Zie hierbij de Jiijz. Bepalitig op den post Azijn.

MORDANT ROUGE TURC (1), als Olie, niet afz. belast. (Red.) . .

(1) Deze vloeistoï is oleïnezuur in gezuiverden staat, dat zeer gemakkelijk kan worden opgelost in eene oplossing van koolzure soda. en hoogstwaarschijnlijk bestemd is tot het inzetten der te verven stoffen, wellicht ook ter vervanging der tournantolie. (Eed.)

MORDANTIA COLORA, bestemd tot het oplossen en afbijten van oude verf, bevat slechts eene zeer geringe hoeveelheid zeep en bestaat verder uit water met eenige percenten bijtende natron, en, als gelatineerend middel, lijm of eenige andere plantaardige stof.

(Red.)

MORILLES. Zie den post Koek- en banketbakkerswerk . . .

MOS, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1822 ...........

MOSCOVISOHE MATTEN. Zie den post Matten........

MOSCROP\'S CONTINUOUS RECORDER, Zie aant. 1 op Snelheidmeters .......................

MOSSELEN. Zie onder Visch...............

MOSTERD van alle soorten, niet met azijn aangezet noch met andere bestanddeelen vermengd en onverschillig of de verpakking in vaten, potjes, tleschjcs of busjes plaats vindt, als Specerijen. Res. 20 Juni 1868, no. 49, V. no. 72, en 4 Oct. 188G,

no. 9, F. no. 85..................

,. bereid met azijn, doch niet met kappers, kruiden of dergelijke, als Azijn. Res. 4 Oct. 1886, no. 9, V. no. 85, in verband met Wet 4 Mei 1889, S. no. 45, V. no. 48, art. 1, en Res.

17 Mei 1889, no. 4, V. no. 52, § 1..........

„ bereid, behalve met azijn, ook met kappers, kruiden of andere zelfstandigheden, is de kunstmosterd, genoemd in don post Koek- en banketbakkerswerk. Res. 20 Juni 1868, no. 49,

V. no. 72....................

„ Bloem van —, zijnde wit mosterdzaad, alleen fijn gemalen en gebuild, als Specerijen. Res. 5 Maart 1863, no. 99, V.

no. 53, en 20 Juni 1868, no. 49, V. no. 72........

MOSTERDZAAD. Zie onder Zaad.............

MOTEURS HOCK (werktuigen om door verwarmde lucht kracht voort te brengen), als Fabrieks- en stoomwerktuigen. (Red.) . MOTOREN. Electrische motoren, dienende om beweegkracht, ontleend aan een electrischen stroom, op fabriekswerktuigen over te brengen (1) (2). Res. 5 Nov. 1892, no. 46, V. no. 100.

(1) Dienen de motoren tot het in beweging brengen van kranen, dan kunnen zij volgens de Fiscus no. 443, blz. 253, niet onder de vrijgestelde fabriekswerktuigen worden begrepen, maar is een invoerrecht van 5 pet. verschuldigd.

Evenzoo wordt een invoerrecht van 5 pet. der waarde geheven van

-ocr page 153-

289

290

8

MOT. — NAA.

MOTOREN. Gas- en petroleummotoren (3), blijkens afmeting en inrichting kennelijkbestemd tot faljrieksgebruik, als Fabriekswerktuigen. Res. 30 Nov. 1876, no. 124, V. no. 112, en V Juli 1892, no. 4, V. no. 53...............

(3) Ook petroleummotoren, die door hunne inrichting kennelijk uitsluitend bestemd zijn tot het voortbewegen van schepen, zijn vrij van invoerrecht (a). Bes. 5 Oct. 1897, no. 68, V. no. 103.

{(() Zie den post Schepen. Deelen van —.

„ Heete lucht-motor. Zie onder Toestellen.

„ Watermotor met toebehooren. Zie Watermotor.....

„ Windmotor. Zie Windmotor............

MOUSSELINE moet, volgens de res. van 14 Juni 1825, no. 44, V. no. 70, gelijkgesteld worden met neteldoek, en behoort dus, blijkens Renvooi, Wet 1822, tot de Lijmvaden, die bij Renvooi, Wet 1845, gerangschikt zijn onder Manufacturen ........ waarde

MOUT, als Granen en peulvruchten. Renvooi, Wet 1845, en Wet 1877.

MUILEN, als Schoenmakerswerk; zie onder Huiden, vellen en

leder. Renvooi, Wet 1822 ................waarde

MUILEZELS. Zie Ezels. (Red.).............. — |

MUIZENTARWE, in kleine verpakking (1), als Kramerij. (Red.). waarde JX] Zie nopens hetgeen onder kleine verpakking is te verstaan, aant. 1 op Verfstoffen, niet in olie gewreven.

MUL. Zie Meekrap...................

MULE en WATERTWIST, als Garen van katoen. Renvooi, Wet 1845,

op Twist.......................

MUNITIËN, waarin buskruit voorkomt. Zie onder Praeparaten . waarde MUNTSPECIËN. Gouden en zilveren —. Zie Goud en zilver. Renvooi, Wet 1845 ..................

„ Koperen —. Zie Koper. Renvooi, Wet 1845.......

MUSCAATNOÏEN. Zie den post Specerijen.........waarde

MUSCAAT-OLIE, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845 ......

MUSKUS en andere in aard en bestemming daarmede overeenkomende zelfstandigheden, in oorspronkelijken staat ingevoerd, als

Drogerijen. Res. 19 Fébr. 1803, no. 115......

MUTSEN, geweven of gebreid. Zie den post Manufacturen . . . waarde „ van leder, laken, enz., als Hoeden. Renvooi, Wet 1845. . . waarde „ van wollen stof, in den vorm van Grieksche mutsen of zoogenaamde huiskapjes, als Modewaren. Res. 5 Mei 1847,

no. 99, V. no. 71.................waarde

„ Matrozen —■, zooals de Friesche schippers gewoonlijk dragen,

als Kleederen en kleedingstukken. Res. 14 Dec. 1854, no. 52. waarde „ Wollen Schotsche-, en wollen mutsen van geringe waarde,

als Kleederen en kleedingstukken. Jtes. 28 Vee. 1800, no. 17. waarde MUTSENBOLLEN, als Gereedschappen. Res. 22 Oct. 1877, no. 25,

V. no. 96, bevestigd bij Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105. . .

MUZIEK, gedrukt, als Boeken. Renvooi, Wet 1845 .......

MUZIEKINSTRUMENTEN. Zie den post Instrumenten .... waarde

MUZIEKPAPIER. Zie den post Papier........... waarde

MYROBALANEN, zijnde vruchten, die alleen tot looistof kunnen

dienen. De Fiscus no. 475, blz. 49.............

NAAIGAREN. Zie onder Garens van hennep, vlas of werk . . . NAAIKISTJES. Houten —, als Houtwerk. Res. 5 April 1855, no. ISO. waarde NAAIMACHINES (1), als Gereedschappen. Res. 29 Sept. 1865,

no. 53, V. no. 81, en 6 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, nader van voortdurende toepassing verklaard bij Res. 19 Nov. 1886,

no. 15, V. no. 105.................

(1) Zie hierbij Bladen of tafels voor naaimachines.

„ Doornaaimachines voor schoenmakers. (Red.)......

„ Naalden voor —, als Gereedschappen. Res. 22 Oct. 1877,

no. 25. V. no. 90.................

Vrij

waarde waaide

5 pet. 5 pet.

5 pet. Vrij

5 pet.

Vrij 5 pet.

Vrij

Vrij 5 pet.

Vrij Vrij 5 pet. Vrij

Vrij 5 pet. 5 pet.

5 pet.

5 pet.

5 pet.

Vrij Vrij 5 pet. 5 pet-

Vrij Vrij 5 pet.

Vrij Vrij Vrij

-ocr page 154-

NAA. — NAT.

292

291

ARTIKELEN.

NAAINAALDEN, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post. NAAIRIEMEX. Lederen — (1), als Lederwerk; zie onder Huiden,

vellen en leder. (Red.)................

(1) Zie hierbij ook het artikel Bind- of naairiemen.

NAAIZIJDE. Zie onder Zjjde...............

NAALDEN voor naaimachines (1), als Gereedschappen. Ren. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96, bevestigd bij lies. 19 Nov. 1886, no. 15,

F. no. 105....................

(1) Ook Machinenaaldcn met haken worden vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed.)

„ Naai- en brei —, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op

dien post....................

NABOB PICKLES, als Groenten, ingemaakte. (Red.)......

NADELLETSTEN (1), dienende om aan de droogramon in een fabriek van wollen dekens te worden bevestigd, als onderdeelen (2) van Fabriekswerktuigen. (Red.)..............

(1) Zie hierbij ook liet artikel Krammen voor nadelleisten.

(2) Verg. aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

NAGELOLIE, als Reuk- en parfumeurswaren. Re*. 20 Juni 1868,

no. 59, V. no. 73, en Wet 1877 ..............

NAGELPEPEE. Zie den post Piment en nagelpeper.....

NAGELS, draadnagels, als Nagels en spijkers; zie onder Ijzer.

Res. 19 Nov. 1861, no. 68, en 1IVlt; 1877 .........

„ Houten —•, onbewerkte, als Hout, scheepsbouw- en timmerhout, niet afz. genoemd, ongezaagd. (Red.).......

„ IJzeren —. Zie onder Ijzer, ijzer touwwerk, enz.....

Koperen klinknagels, als Bouten en spijkers; zie onder

Koper. (Red.)..................

„ Koperen kofl\'er-of splitnagels, als Opgemaakt koperwerk;

zie Koper. De Fiscus no. 443, blz. 253.........

„ Kruid- en moernagels. Zie den post Specerjjen.....

NANKINETTEN, volgens Renvooi, Wet 1822, gelijkgesteld met ƒgt;//»-waden, behooren dus, blijkens Renvooi, Wet 1845, gerangschikt te

worden onder Manufacturen..............

NAPHTHA, zijnde door distillatie of rectificatie verkregen steen-kolenteer- of harsolie (1), als Olie, niet afz. belast (2). Res. 18 Dcc. 1862, no. 89, V. no. 142; 15 Aug. 1868, no. 48, V. no. 91, en Wet 1877.

(1) Zie hierbij de aant. op Creosoot.

(2) Ook Afval van naphtha wordt als Olie belast. (Bed).

NAPHTHALINE, gezuiverd of ongezuiverd, in poeder, kristallen of onregelmatige (1) stukken (2). Res. 21 Juli 1894, no. 54, V. no. 70.

(1) De stukjes z.g. carbon in regelmatigen vorm voorkomende en bestemd om in gaslampen te worden verdampt, blijven dus belast als Kaarsen, waskaarsen. Zie het artikel Carbon. (Eed.)

(2) Eene beschouwing over den aard en de bereiding van dit artikel komt voor in Weekblad no. 1176.

NAPHTHYLAMINSULEONSAÜRE. De Fiscus no. 432, blz. 145 . . NAPHTOL-DERI VAT (eikonogen-poeder), bereid uit steenkolenteer en dienende tot vervanging van pyrogalleszuur en soortgelijke stoffen, gebruikt wordende bij de photographie, als Chemicaliën, niet

afz. belast. (Eed,)...................

NATRIUM ACETAAT. Zie den post Azijn.

NATRON, als Soda; zie Asschen. Res. 19 Febr. 1847, no. 27, V.

no. 29, en Wet 1854 ..................

-NATURALIEN, niet afz. belast (1). Wet 1854.........

(1) Worden naturaliën, zooals amphibiën, visschen enz. op spiritus ingevoerd, dan wordt van het gedistilleerd recht en accijns geheven. (Eed.)

Zie echter nopens de vrijstelling van den accijns en het invoerrecht voor gedistilleerd, aanwezig op naturaliën, bestemd voor instellingen van onderwijs in de natuurkundige wetenschappen, aant. 15 op den post Gedistilleerd.

NATUURKUNDIGE VOORWERPEN voor Rijksmusea bestemd. Zie Oudheden....................

Maatstaf.

waarde waarde

waarde waarde

waarde 100 kgr.

waarde waarde

waarde 100 kgr.

-ocr page 155-

NAV. — NOT.

293

294

A li ï I K E L E jST.

NAVEN voor houten wielen, al dan niet geheel afgewerkt (1), als

Wagenmakers werk. R\'s. 10 Nov. 1882, no. 54, V. no. 11quot; . . . waarde (1) Zie hierbij Wagenspeeken.

NEEOLI. Oleum —, als Reuk- en parfumeurswaren. Res. 0 Juni

1877, no. 71, V. no. 54, § 5, en Wet 1877 .......... waarde

NESTEN. Afval van — . Zie onder Zijde, ruwe en onbewerkte, enz. NETELDOEK, volgens Renvooi, Wet 1822, gelijkgesteld met Lijnwaden, behoort dus, blijkens Renvooi, Wet 1845, gerangschikt te ;

worden onder Manufacturen.............. waarde

NETTEN. Zie Paardenetten, Vischwant en Vliegennetten. NICAlvAGUAllOÜT, als Verfhout; zie onder Hout. Renvooi, Wet 1854. : —

NICONOTEN. (Eed.)...................i —

NIEUW- of WASCHBLAUW (blauwe stijfsel), als Stijfsel. Renvooi,

Wet 1845, en Wet 1877 .................

NIEUWJAARSKAARTJES (1), versierd met plaatjes op gelatine of

kurk, of met beschilderd ivoor, als Kramerij. (Red.).....

(1) Zie hierbij ook aant. 1 op den post Papier.

NIEUWZEELANDSCH VLAS, als Vlas. Renvooi, Wel 1845 . . . NIEUWZILVER, va-valt, met uitzondering van:

„ *NIEUW ZILVERWERK EN VOORWERPEN VAN ALUMINIUM VERVAARDIGD. Wet 1877 ................

*(2) NIEUWZILVER, in platen of niet bewerkt (1). Wet 1877. . .

(1) Buizen, staven en draad van alaminium als onbewerkt alnmininm vrij van invoerrcht toe te laten. (Eed.)

(2) Voor de Statistiek van den invoer naar het gewicht op te geven. (Eed.)

NIEUWZILVEEDRAAD. Zoogenaamd —, als Koperdraad; zie Koper, geslagen, enz. Res. 28 April 18(50, na. 72, V. no. 62, en

Wet 1877 ......................

NIKKEL. Ruw —, als Koper, rood, ruw en gaar. Renvooi, Wet 1845.

NIKKELKOPER, als Koper. Renvooi, Wet 1845 ........

NITEAS ACONITINI, in fleschjes. (Red.)..........

NITEIS AETHYLICUS, als Gedistilleerd, alle verdere dergelijke uit of mot alcohol bereide stoffen (1). (Eed.).

(1) Zie hierby de Bijz. Bepaling op den post Gedistilleerd.

NITEOBENZOL (1), als Olie, niet afz. belast. Res. 15 Aufj. 1808,

no. 48, V. no. 91, Res. 21 Dec. 1892, no. 110, V. no. 125, en Wet 1877.

(1) Zie de aant. op Benzol.

NITEO-VEEBINDINGEN (1). Ontplofbare —, als nitro-glycerine en praeparaten, die nitro-glycerine bevatten, zoomede nitro-cellnlose, als Buskruit (2). Art. 1 K. li. 15 Oct. 1885, S. no. 187, V. no.127,

en Res. 10 Aug. 1890, no. 10, V. no. 81...........

(1) Verg. Ontplofbare stoffen.

(2) Zie hierby de aant. op Buskruit.

NOOTMUSCAAT, als Specerijen. Renvooi, Wet 1845 ......

NOOTMUSOAAT-OLIE, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845. . . .

NOEM AL SAUEE-EREEGEE, eene specie om in melk eeno snelle en regelmatige zuurwording te veroorzaken, wordt bij invoer in Messchen van ongeveer 1/2 kgr. belast als Kramerij. (Eed.) . . . NOTEBOOMENHOUT. Zie onder Hout, lijn werkhout, enz. . . . „ tot platen voor geweren bestemd cn gezaagd, uiterlijk ter dikte van 6 cM. Zie onder Hout, noteboomenhout....

NOTEN (1), als Vruchten, alle versche, enz. Renvooi, Wet 1845 . .

(1) Daaronder behooren, volgens een Eenvooi op de Wet van 1822,

ook Okkcr- of Kculsehe noten en Hazel- of Spaansehe noten.

Alsmede Kokosnoten {d). Eenvooi, Wei 1845.

waarde

(aj Ook ui zijn deze noten enkol tot hot vervaardigen van knoopen bestemd. Hes. 19 Juli 1852, no. 17.

Afrikaansche noten. (Eed.).............

Kokosnoten, gedroogd en gemalen, als Vruchten, alle versche, enz. (Eed.).................

Kolanoten. (Red.) lt;................

Maatstaf.

waarde

waarde

100 kgr.

100 kgr. waarde

waarde

waarde

-ocr page 156-

NOT. — OLI.

29G

295

A K Ï 1 K E L E N.

Hechten.

• Maatstaf.

NOTEN. Muscaatnoten. Zie den post Specerijen........

,, Olienoten, evenals do Mafnlla- of Majinapittcn, (Red.) . . .

„ Olienoten (Nico en Maboe). (Red.)..........

„ Stukken van kokosnoten, zonder dop, dienende tot vervaardiging van kokosnootolie. (Red.)...........

NOTEN- of BANDAZEEP (1), als Drogerijen, lies. 4 Juni 180;!, no. 77, V. no. 95....................

(1) Zie hierbij de aantt. 10 en 11 op Zeep, noten- of bandazcep.

NUMÉRAÏEURS. Stempel werktuigen om te nomineren of te folieeren.

Hes. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105............

OCTOPUS, een voorwerp om het aanzetten van ketelsteen in de

stoomketels te voorkomen, als Ijzerwerk. (Red.).......

ODAM\'S PATENT BLOODMANURE (bloedmest), als Mest, niet

afz. belast. Hes. 22 Dec. 1855, no. 37, V. no. 121........

OESTERCULTUUR. Houten ramen, dienende voor de oestercultuur, tot liet opvangen van broed of jonge oesters, ter vervanging van

de gebruikelijke dakpannen, als Houtwerk. (Red.)......

OESTERS. Zie\' onder Visch. ................

OIL. Cavendisli-oil, Lubricating-oil (machine-olie), Sod-oil (afval van traan) on Soluble-oil. Zie onder Olie.

-OKER. Gemalen —. Wet 1862...............

„ quot;Ongemalen —. Wet 1854..............

OKKERNOTEN. Zie de aant. op Noten...........

OLEÏNE. Zie Elaïne..................

OLEÏNESOAP, als Zeep, ongeparfumeerde. (Red.)

OLEÏNEZUUR, in gezuiverden staat. Zie Mordant rouge turc . . „ gemengd met meer of minder vaste vetzuren, en verkregen bij de fabricatie van stearinekaarsen (1), als Olie, niet afz.

belast. (Red.)...................

(1) Deze olieachtige vloeistof wordt wel, naar men vermeent, ingevoerd onder de benaming gezuiverde palmolie. (Red.)

OLEOGRAPHIËN in lijst, als Meubelen. De Fiscus no. 185, blz. 253. OLEUM NEROLI (olie van oranjebloesem), als Reuk- en parfu-meurswaren. lies. 6 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, § 5,en Tie/1877. OLIBANUM. Zie aant. 1 op Gom.............

*(4) OLIE, niet afzonderlijk belast (A) (1—o). Wet 1877, art. 4 .

Bijzondere Bepalingen.

(A) Camphine, mits niet met alcohol of houtgeest vermengd (ffl), wordt opgenomen onder den post Olie. Art. 9 der Wet van 1 Mei 18(53, S. no. 47, V. no. 76.

(a) Met nleohi\'l bereid zal dus, behalve accijns, een invoerrecht gehovcn moeten worden van /■ 3.50 do H.L. ad 50 pet., naar ecne sterkte van ill) pet.: zio aant. 12 op don post Gedistilleerd. Met Iwutneest bereid zal het recht bedragen /\' 1.15 de Liter, terwijl dan geen accijns is verschuldigd. (Red.)

(1) Dras, drab of droef van olie, wordt, volgens de res. van 5 April 18-1:!. no. 133, V. no. 41, geranschikt onder de olie, waarvan zij afkomstig is.

(2) Het invoerrecht op Olie van plat en rond zaad, sesam-olie en patentolie, is bij de Wet van 1877 verlaagd tot f 0.55 de 100 kgr., en dus gelijkgesteld met dat op boom- of olijfolie, katoenpittenolie, beuk-, papaver-, en verdere eetbare olie, élaïne en photogene-olie («) en steenkolenteerolie en andere steen-en aardoliën. Welriekende oliën, onverschillig of zij in oorspronkelijken staat worden ingevoerd en al dan niet onmiddellijk als reukwerk kunnen gebruikt worden, moeten worden gerangschikt onder de rubriek lieuk- en Parfumeurs-waren (6). Verg. res. C Juni 1877, no. 71, V. no. 54, § 5, en de rubriek Olie in de Wet van 1802.

(«) Pliologene-olie wordt uit turf of bruinkool verkregen. Res. 5 Sept. 1863, no. 47, V. no. 132.

(b) Bevatten bergamot-olie, citroen-olie, anysolie en andere welriekende oliën, meer alcohol dan in verhouding van vijf liter per hectoliter van 15° O., dan behooren zij onder do vloeistoffen, bedoeld bij art. 2, lett. b, der Wet van 20 Juni 18G2, S. no. 1 V. 1803, no. 60, en zijn dus onderworpen aan de betaling van accijns en invoerrecht als Gedistilleerd togen eono sterkte van 90 pet. Verg. art. 2, § 1, lolt. r, der \\\\et van 1 Mei 1863, S. no. 17, V. no. 70. Hes. 11 Manrt 1872, nn. 53, V. no. 24.

Zie ook aantt. 1, 11 en 12 up don pust Gedistilleerd.

waarde

waarde waarde

waarde

waarde 100 kgr.

100 kgr. 100 kgr.

waarde waarde

lOO kgr.

-ocr page 157-

OLI.

297

298

ARTIKELEN.

(3) In dc Fiscus no. 402, blz. 300, zijn tabellen opgenomen ter berekening van het invoerrecht van olie uit het bruto en netto gewicht.

(4) Voor de Statistiek te splitsen in:

Olie, beuk- en papaverolie;

„ boom- of olijfolie;

grondnotenolie;

katoenpittenolie;

raapolie;

sesamolie;

andere eetbare oliën;

petroleum;

andere aard- en steenoliën;

elaïne;

lijnolie;

patentolie;

andere bij invoer niet afzonderlijk belaste oliën.

Rcs. 29 Der. 1890, no. 134, 1. no. 133.

OLIE, tot het stoken van lichtgas (5), als Olie, niet afz. belast. (Eed.)

(5) Deze vloeistof komt overeen in aard met het Carbolineum avenarius. Verg. mede de aant. op Creosoot. (Eed.)

van houtteer (pine varnish), eene vloeistof, voornamelijk tot schoepsgebraik bestemd, als Olie, niet afz. belast, lies. 25 Febr. 18ü3, no. 42, V. no. 47, en 24 Febr. 1888, no. 47, F. no. 28 . van oranjebloesem, als Reuk- en parfumeurswaren. lies.

0 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, § 5, en Wet 1877 .....

van plat en rond zaad, als Olie, niet afz. belast, lies. 6 Juni

1877, no. 71, F. no. 54, § 5, en Wet 1877 ........

Aardoliën, als Olie, niet afz. belast, lies. G Juni 1877, no. 71,

F. no. 54, § 5, en Wet 1877 .............

Amandelolie. Bittere —, als Reuk- en parfumeurswaren.

lies. 20 Juni 1868, no. 59, F. no. 73, en Wet 1877.....

Amandelolie. Zoete —, als Olie, niet afz. belast. Res. ahvoi-en. Anijsolie, als Reuk- en parfumeurswaren. lies. 11 Maart

1872, no. 53, F. no 24, en Wet 3877 ..........

Anilineolie. Kon. besluit van 8 Mei 1897, »S\'. mo. 195, F. no. 59, gegrond op de Wet van 11 Dec. 1898, S. no. 175, V. no. 116. Bergamotolie, als Reuk- en parfumeurswaren. lies. 6 Juni

1877, no. 71, F. no. 54, § 5, en Wet 1877 ........

Beukolie, als Olie, niet afz. belast, lies. G Juni 1877, no. 71,

F. no. 54, § 5, en Wet 1877 .............

Boomolie, als Olie, niet afz. belast, lies. 6 Juni 1877, no. 71,

F. no. 54, § 5, en Wet 1877 .............

Cajapoetolie, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845 .....

Cassia-olio, als Reuk- en parfumeurswaren. Res. 20 Juni

1868, no. 59, F. no. 73, en Wet 1877..........

Castor- of ricinus-olie, als Olie, niet afz. belast, lies. 11 April

1882, no. 34, F. no. 44...............

Cavendish-oil, als Olie, niet afz belast. (Red.)......

Citroenolie, als Reuk- en parfumeurswaren. lies. 6 Juni

1877, 7io. 71, F. no. 54, § 5, en Wet 1877 ........

Creoline, in vloeibaren vorm (6), alsmede creolinepoeder, als in aard of bestemming overeenkomende met carbolzuur en creosoot (7), als Olie, niet afz. belast. Res. 29 Aug. 1889, no. 6, F. no. 89, en 20 Juni 1890, no. 24, F. no. 49 ... .

(6) Zie, nopens creoline in vasten vorm {creolinezcep) aant. 2 op Creoline.

(7) Verg. hierbij de aant. op Creosoot.

Dierlijke olie (ruwe), ook wel genaamd beenderenolie of huile empyreumatique (8). Res. 19 Januari 1853, no. 43, F. no. 6; 11 Dec. 1868, no. 36, F. no. 125, en 6 Aug. 1870, no. 70, F. no. 115.

(8) Deze olie is eene zwartbruine, dik vloeibare, hoogst stinkende, teerachtige specie, van een walgelijk scherpen, brandig aloalischen smaak, en wordt bü bereiding van beenzwart door droge distillatie verkregen. Zij wordt, behalve in de apotheek, ook gebruikt tot vermenging van het zout, ten behoeve der leerlooierijen, huidenzouterijen en vellenblooterijen en tot andere doeleinden, bepaaldelijk tot het stoken van lichtgas, lies. alsooren.

Maatstaf.

100 kgr.

100 kgr.

waarde

100 kgr.

100 kgr.

waarde 100 kgr.

waarde

waarde 100 kgr. 100 kgr.

waarde

100 kgr. 100 kgr.

waarde 100 kgr.

f 0.55

Vrij

10

-ocr page 158-

OLI.

800

299

A R ï 1 K E L E N.

Maatstaf.

Eechten.

OLIE. Eetbare olie, als Olie, niet afz. belast. Bes. 6 Juni 1877, no. 71,

V. no. 54, § 5, en Wet 1877 .............

„ Elaïne, als Olie, niet afz. belast. Res. 6 Juni 1877, na. 71,

V. no. 54, § 5, en Wet 1877 .............

„ Foezelolie (9), als Chemicaliën, niet afz. belast (10). (Red.)

(9) Dit artikel bestaat hoofdzakelijk uit amyl-alcohol. (Eed.)

(10) Bij Arrest van den Hoogen Baad van 28 Juni 1897 (v. D. Honkkt, deel XIV, blz. 125) is echter beslist, dat foezelolie, hoofdzakelijk uit amyl-alcohol bestaande, voor de toepassing der wettelijke bepalingen omtrent den accijns op het Gedistilleerd, met aethyl-alcohol gelijk te stellen is.

Zie hieromtrent ook Je Fiscus no. 408. blz. 360, no. 422, blz. 51, no. 424, hlz. 70, no. 428, blz. 103 en no. 444, blz. 205, alsmede Week-hlad nos. 128G, 1287 en 1306.

„ Grondnotenolie, als Olie, niet afz. belast. Res. 27 Juni 18(35, no. 81, V. no. 51; 21 Oct. 1868, no. 22, V. no. 106, en Wet 1877. „ Harsolie, uit hars verkregen en, behalve als smeermiddel, ook aangewend wordende tot vervaardiging van lichtgas, als Olie, niet afz. belast. lies. 5 Sept. 1863, no. 47, V. no. 132,

en Wet 1877 ...................

„ Harsolie. üerectiliceerde steenkolenteer- of harsolie (11), bekend onder den naam van Naphtha, als Olie, niet afz. belast. Res. 18 Dec. 1862, no. 89, F. no. 142, en Wet 1877 ....

(11) Zie hierbij de aant. op Creosoot.

„ Hennepolie, als Olie, niet afz. belast. Renvooi, Wet 1845, en

Wet 1877 ....................

„ Houtteerolie, oogenscbijnlijk veel overeenkomst hebbende met steenkolenteerolie, en daarvan soms alleen door een scheikundig onderzoek te onderscheiden, als Olie, niet afz. belast.

Res. 24 Fehr. 1888, no. 47, F. no. 28..........

„ Kamferolie, eene soort dunne terpentijn. (Red.).....

„ Kamille-olie, als Drogerijen. Res. 6 Md 1828, no. 1, F. no. 86,

en Renvooi, Wet 1845 ...............

„ Kaneelolie, als Reuk- en parfumeurswaren. Res. 20 Juni

1868, no. 59, F. no. 73, en Wet 1877..........

„ Katoenpittenolie (12), als Olie, niet afz. belast, -/\'es. 16 Sept. 1859, no. 53, F. no. 90; Res. 6 Juni 1877, no. 71, F. no. 54, § 5, en Wet 1877 .................

(12) Zie hierbij Soapstock.

„ Kaïoenzaadolie, als Olie, niet afz. belast. Res. 16 Sept. 1859,

no. 53, F. no. 90. en Wet 1877 ............

„ Kinket-olie moet, als Olie van plat en rond zaad, gerangschikt worden onder Olie, niet afz. belast. Renvooi, Wet 1845,

en Wet 1877 ...................

„ Kokosnootolie, als Drogerijen. Zie de lijst gevoegd bij de

res. van 24 Januari 1865, no. 38, V. no. 11.......

„ Koolteerolie. Bruine —, afval van paraffine (13), als Olie, niet afz. belast. (Red.)...............

(13) Zie hierbij Paraffine,

„ Lavendelolie. Zie den post Reuk- en parfumeurswaren. „ Laurierolie, als Drogerijen. Res. 6 Mei 1828, no. 1, F. no. 86,

en Renvooi, Wet 1845 ...............

„ Lijnolie moet, als Olie van plat en rond zaad, gerangschikt worden onder Olie, niet afz. belast. Renvooi, Wet 1845, en

Wet 1877 ....................

„ Lubricating-oil (14), machine-olie, als Olie, niet afz. belast.

(Red.)

(14) Ook traan, vermengd met lubricating-oil, en bestemd tot het smeren van machines, wordt gerangschikt onder Olie, niet afz. belast.

(Eed.)

„ Macasser-olie. Zie den post Reuk- en parfumeurswaren.

„ Machine-olie, bekend onder den naam van lubricating-oil, als Olie, niet afz. belast. (Red.)...........

100 kgr. 100 kgr.

ƒ 0.55

„ 0.55 Vrij

100 kgr.

100 kgr.

100 kgr.

100 kgr. 100 kgr.

waarde 100 kgr.

100 kgr. 100 kgr.

100 kgr. waarde

100 kgr. 100 kgr.

waarde 100 kgr.

-ocr page 159-

O LI.

301

302

ARTIKELEN.

OLIE. Medicinale olie, als Drogerijen. Bes. 23 Bec. 1837, no. ISO,

V. no. 157, en Renvooi, Wet 1845...........

„ Mengsels van olie en vet. Zie onder Mengsels.

„ Min of meer gezuiverde oliën, getrokken uit traan (15), beenderen of andere dierlijke zelfstandigheden en bestemd tot het smeren van werktuigen of gereedschappen, evenals de plantaardige oliën tot hetzelfde gebruik bestemd en waarvan zij meestal niet of zeer moeilijk te onderscheiden zijn, als Olie, niet afz. belast, lies. 11 Dec. 1868, no. 36, V. no. 125, en Wet 1877 ...................

(15) Zie aant. 3 op Traan.

„ Muscaat-olie, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845.....

„ Nagelolie, als Reuk- en parfumeurswaren. Res. 20 Juni

1868, no. 59, V. no. 73, en Wet 1877 ..........

„ Nootmuscaatolie, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845 . . . „ Oleïnezuur, gemengd met meer of minder vaste vetzuren, en verkregen bij de fabricatie van stearinekaarsen (16), als Olie, niet afz. belast. (Eed.)...............

(16) Zie hierbij ook aant. 1 op Olcinczmir.

„ Oleum neroli (olie van oranjebloesem), als Reuk- en parfumeurswaren. Res. 6 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, 8 5, en

Wet 1877 .................quot;...

„ Olijfolie, als Olie, niet afz. belast. Res. 6 Juni 1877, no. 71,

V. no. 54, § 5, m Wet 1877 .............

„ Oranjebloesem-olie (oleum neroli), als Reuk- en parfumeurswaren. Res. 6 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, § 5, en

Wet 1877 ....................

„ (19) Palmolie (17) (18). Wet 1862 ...........

(17) Palmolie is belast geweest bij de Wet van 1854.

(18) Zie hierbij aant. 1 op Oleïnezuur.

(19) Op de Statistieke staten in de alphabetisehe volgorde te vermelden onder de eigena benaming. (Red.)

„ Palmpittenolie, als Palmolie. (Eed.).........

„ Papaverolie, als Olie, niet afz. belast. Res. 6 Juni 1877, no. 71,

V. no. 54, § 5, en Wet 1877 .............

„ Paraffineolie, benoodigd voor de vervaardiging van chinine, kan onder inachtneming der voorgeschreven bepalingen met vrijstelling van invoerrecht worden ingeslagen krachtens het Kon. besluit van 23 Febr. 1897, S. no. 67, V. no. 37, gegrond op de Wet van 11 Dec. 1893, 8. no. 175, V. no. 116. „ Patentolie, als Olie, niet afz. belast. Res. 6 Juni 1877, no. 71,

V. no. 54, § 5, en Wet 1877 .............

„ Pepermuntolie, als Reuk- en parfumeurswaren (20). (Eed.).

(20) Indien pepermuntolie gedistilleerd bevat, hetgeen veelal het geval is, wordt het artikel belast als Gedistilleerd.

Zie aantt. 1, 11 en 12 op dien post.

„ Petroleum (21), als Olie, niet afz. belast. Res. 18 Nov. 1862, no. 97, en Wet 1877 ................

(21) Zie, nopens afval van petroleum, onder Afval.

„ Photogene-olie (22), als Olie, niet afz. belast. Res. 6 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, g 5, en Wet 1877 ..........

(22) Deze olie wordt uit turf of bruinkool verkregen. lies. 5 Sept. 1863, no. 47, V. no. 132.

„ Eaapolie moet, als Olie van plat en rond zaad, gerangschikt worden onder Olie, niet afz. belast. Renvooi, Wet 1845, en

Wet 1877 ....................

„ Eeuzelolie, in aard en bestemming overeenkomende met

talk-olie, als Olie, niet afz. belast. (Red.)........

„ Eicinus- of castor-olie, als Olie, niet afz. belast. Res. 11 April

1882, no. 34, V. no. 44...............

„ Eozenhoutolie, als Reuk- en parfumeurswaren. Renvooi, Wet 1845 ....................

Maatstaf.

100 kgr.

waarde

100 kgr.

waarde 100 kgr.

waarde

100 kgr.

100 kgr. waarde

100 kgr.

100 kgr.

100 kgr. 100 kgr. 100 kgr. waarde

-ocr page 160-

OLI. — OMS.

304

303

ARTIKELEN.

Bechten.

Maatstaf.

OLIE. Rozenolie. Zie den post Reuk- en parfumeurswaren . .

Sandelhoutolie wordt alleen voor geneeskundig gebruik aangewend en is dus vrij van invoerrecht toe te laten. (Red.) . Sesam-olie, als Olie, niet afz. belast. Hes. G Juni 1877, no. 71,

V. no. 54, § 5, en Wet 1877 .............

Sod-oil (afval van traan). (Red.)...........

Soluble-oil, bestaande uit gezuiverd oleïnezuur, met potasch en soda tot eene heldere oplossing gebracht, als Zeep. (Red.).

Specerij-olie, als Drogerijen. Renvooi, M\'et 1845 .....

Spermaceti-olie (23), als Traan. Renvooi, Wet 1845 ....

(23) Ook de gezuiverde wordt hieronder begrepen. (Eed.)

Spijkolie, als Reuk- en parfumeurswaren. (Red.) . . . Steenkolenteer- (24) ot\' harsolie, door distillatie oi rectificatie verkregen, en bekend onder den naam van Naphthn, als Olie, niet afz. belast, lies. 18 Vee. 1SG2, no. 89, 1 . no. 142, en Wet 1877 ...................

(24) Ook blijkens res. 24 Febr. 1888, no. 47, V. no. 28, te rangschikken onder Olie, niet afz. belast.

Zie ook Olie, houtteerolie, alsmede de aant. op Creosoot.

„ Steenoliën, als Olie, niet afz. belast. Res. 6 Juni 1877, no. 71,

F. no. 54, § o, en Wet 1877 .............

„ Talkolie (25), als Olie, niet afz. belast. Res. 2 Nov. 1803, no. 81, V. no. 158, en Wet 1877 ..............

(25) Zie de aant. op Talkolie.

„ (26) Terpentijnolie. Wet 1862.............

(26) Op de Statistieke staten in de alphabetisehe volgorde te vermelden onder de eigene benaming. (Eed.)

„ Venkelolie wordt niet enkel als geneesmiddel gebezigd, maar ook als parfumerie en tot vervaardiging van likeuren, en derhalve belast als Reuk- en parfumeurswaren, welriekende olie. (Red.).................

„ (27) Vitrioololie. Wet 1862 .............

(27) Op de Statistieke staten in de alphabetisehe volgorde te vermelden onder de eigene benaming. (Eed.)

„ Welriekende oliën. Zie den post Reuk- en parfumeurs-

waren .....................

OLIE of VET tot het smeren van machines (1), op grond der rcs. van 11 Dec. 1868, no. 36, V. no. 125, als Olie, niet afz. belast. (Red.). (1) Verg. hierby Olie, machine-olie.

OLIE- en AZIJNSTELLEN, met of zonder de daarbij behoorende ilesschen, naarmate van de samenstelling, onder Hout-, Tin-, Koper-, Blik-, Zink- of Pleetwerk. Res. 10 Dec. 1851, no. 97. . OLIEKANNEN. Blikken —, voor het smeren van stoomwerktuigen, naaimachines, enz., als Gereedschappen. Res. 22 Oct. lS77,no.?z V. no. 96, bevestigd bij Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105. . OLIEKETELS of OLIERESERVOIRS. IJzeren —, in machinekamers,

als Ijzerwerk. (Red.).............• • ■ •

OLIËN. Aetherische of vluchtige oliën. Zie aant. 10 op den post Gedistilleerd.

OLIENOTEN. Zie onder Noten..............

OLIE VERNISSEN (1), als Verfwaren, in olie gewreven. Res. 29 Januari 1863, no. 71, V. no. 29........... ■ ■ •

(1) Zie hierbij aant. 3 op (Jcdixtillco\'d en aantt. 1 en 6 op Vernissen, met olie bereid.

OLIEZADEN. Zie onder Zaad, koolzaad, enz..........

OLIFANTSTANDEN, als Tanden, elefantstandon. Renvooi, Wei 1845. OLIJFOLIE, als Olie, niet afz. belast. Res. 6 Juni 1877, na. 71, V.

no. 54, § 5, en Wet 1877.................

OLIJVEN, als Vruchten. Renvooi, Wet 1845.

OMSLAGEN voor lucifersdoosjes, als Papier, pakpapier. (Red.) . . „ Brief- en andere omslagen (1), als Papier, pakpapier. Res.

6 Fcbr. 1889, no. 6, V. no. 13............

(1) Zie aant. 4 op Papier.

waarde

5 pet.

Vrij

100 kgr.

f 0.55 \' Vrij

Vrij Vrij

waarde

5 pet.

100 kgr.

ƒ 0.55

100 kgr.

„ 0.55

100 kgr.

„ 0,55

Vrij

waarde

5 pet. Vrij

waarde

5 pet.

100 kgr.

ƒ 0.55

waarde

5 pet.

Vrij

waarde

5 pet.

Vrij

waarde

5 pet.

Vrij Vrij

100 kgr.

ƒ 0.55

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

-ocr page 161-

305

i

306

OMS. — OOF.

ARTIKELEN.

Rechten.

Miatstaf.

OMSLAGEN of KOKERS, bevattende plaatjes in photographic of steendruk, voorstellende stadsgezichten, kleederdrachten en dergelijke, zijn, indien zij voor andere doeleinden bruikbaar en dus afzonderlijk verkoopbaar zijn, afgescheiden van de plaatjes, belast als Kramerij (1) of, evenals losse banden voor boeken (2), als Papier van alle soorten. Afzonderlijk ingevoerd zijn ze, hoezeer voor een bepaald doel bestemd, in elk geval belast. lies. 13 Oct. 1890, no. 24, V. no. 104...................

(1) Zie ook aant. 2 op Pholographischc afbeeldingen.

(2) Verg. hierbij aant. 8 op Papier.

OMSLAGVELLEN voor pakjes postpapier (1), als Papier, pakpapier. Rcs. 6 Fehr. 1889, no. G, F. no. 13.............

(1) Zie aant. 4 op Papier.

OMVATSELS. Houten — voor zeefbladen. Zie Houten omvatsels. ONDERDEELEN van fabrieks-, landbouw- en stoomwerktuigen, als Fabrieks-, landbouw- en stoomwerktuigen. Res. 6 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, § 3, opgenomen in aant. 3 op dien post. „ van gereedschappen (1), als Gereedschappen. Res. 6 Jam 1877, no. 71, F. na. 54, § 3.............

(1) Zie hierbij aant. 2 op Gereedschappen.

„ van schepen, voor geen ander gebruik geschikt (2). Wet 1877, art. 3.....................

(2) Zie hierbij de aantt. op Schepen, deeien van —.

ONDERGRONDSPLOEGEN, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. IC. B. van 6 Oct. 1862, S. no. 17SI, F. no. 101,

art. 1, en Wet 1877...................

ONDERLEGPLATEN voor dwarsliggers van spoorwegen. Zie aant. 1

op Spoorwegen, met noot c..............

ONDEKLEGSELS VOOR ZIJDEN HOEDEN, ongesteven en niet zwaarder wegende dan zes decagr. per stuk, als Manufacturen. Res. 22 Nov. 1845, no. 32, F. no. 224 .......

„ zwaarder en gesteven, als Vilten voor hoeden; zie Hoeden.

Res. 22 Nov. 1845, no. 32, F. no. 224 .........

ONGEL, als Talk; zie Roet. Renvooi, Wet 1845 ........

ONTPLOFBARE STOFFEN en MENGSELS, als schietkatoen, dynamiet en lithofracteur, en alle andere, genoemd in art. 1 Kon. besluit van 15 Oct. 1885, S. no. 187, V. no. 127 (1), met uitzondering van de ontstekingsmiddelen, genoemd in de voorlaatste zinsnede van dat artikel (2), als Buskruit (3). lies. 10 ^»17.18U0, no. 10, F. no. 81.

(1) Blijkens gemeld art. 1 worden hier bedoeld ontplofbare nitro-verbindingen, als nitro-glycerine en praeparaten, die nitro-glyeerine bevatten, verder nitrocellulose en ontplofbare mengsels, die chloorznre of pikrinznre zouten bevatten, alsmede knalkwikzilver en andere knalsoorten en de daarmede vervaardigde praeparaten.

(2) Deze ontstekingsmiddelen (munitiën, waarin buskruit voorkomt, vuurwerken enz.) zijn belast als Ammunitie met 5 pot. der waarde. Hes. 10 .1quot;\'/. 1890, no. 10, V. no. 81.

(3) Zie hierbij de aantt. op Buskruit.

ONTSMETTINGSPOEDER (antismeet), in kleine pakjes, als Kramerij. (Red.).....................

ONTSTEKINGSMIDDELEN, die ontplofbare praeparaten bevatten, zooals munitiën, waarin buskruit voorkomt, vuurwerken en andere, bedoeld in de voorlaatste zinsnede van art. 1 K. B. 15 Oct. 1885, S. no. 187, V. no. 127, als Ammunitie, allerhande klein schieten handgeweer, enz. (1) (2). Res. 16 Aug. 1890, no. 10, F. no. 81.

(1) Zie hierbij de aantt. op Buskruit.

(2) Andere ontplofbare stoften worden belast als Buskruit. Zie het artikel Onlptufbure stoffen.

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

Vrij Vrij

Vrij

Vrij Vrij

5 pet.

waarde waarde

100 kgr.

ƒ 5.00

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

ONYX. Gamees uit onyx, als Kramerij. Res. 18 .S\'e^. 1868, no. 33, F. no. 101.....!.................

waarde

5 pet. Vrij

ONYXEN en SARDONYXEN, als Juweelen. Renvooi, Wet 1845 OOFT, als Vruchten. Renvooi, Wet 1845.

-ocr page 162-

307 OOK. — OSS. ÖOS

A li ï I K 10 L E N.

Maatstaf.

Hechten.

OOELOGS-INSTRUMENTEN. Lichte —. Zie den post Ammunitie,

allerhande, enz.....................

Or ALEN, als Juweelen. Renvooi, Wet 1845..........

OPGEZETTE DIEREN, bevestigd op een of ander voetstuk en kennelijk bestemd tot huissieraad, als Meubelen. Res. 19 Dev. 18G4,

no. 160...................... .

OPHIEFBAKKEN. Bakken met toebehooren, tot lossing en lading van gestorte granen, enz. Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. nu. 105 . . OPIUM, als Drogerijen, volgens de lijst bij de ros. van 24 Januari

1805, no. 38, V. no. 11..................

OPLEGGERS of RANDEN voor sigarenkistjes en dergelijke. /Ad

Randen.......................

OPTISCHE INSTRUMENTEN. Zie den post Instrumenten . . .

ORAATJES, als Grondnoten. Renvooi, Wet 1854........

ORANGETTES of CURACAO-APPELTJES. Zie Oranje-appeltjes.

ORANJE-APPELEN, als Vruchten. Renvooi, Wet 1845 .....

ORANJEAPPELTJES. Zoogenaamde zwarte —, in den handel ook bekend onder den naam van orangettes of Curajao-appeltjes, zijnde do gedroogde onrijpe vrucht van den oranje-appelboom, uitsluitend bestemd tot medicinale doeleinden, tot het stoken van likeur of bitter en tot bereiding van verfstoffen, als Drogerijen. Res.

3 Dec. 1862, no. 64, V. no. 131..............

ORANJEBLOESEM (1), al of niet in pekel, als Drogerijen. Res. 25 Sept. 1839, no. 185, F. no. 134, en Renvooi, Wet 1845.....

(1) Oranjebloesem, vermengd met spiritus, is als GcdisUllecrd te belasten. (Eed.)

ORANJEBLOESEM-OLIE (oleura ncroli), als Reuk- en parfumeurswaren. Res. 6 Juni 1877, no. 71, V. na. 54, § 5, en Wet 1877 . . ORANJESCHILLEN. Geconfljte —. Zie den post Citroen- en oranjeschillen ....................

„ Droge —. Zie mede Citroen- en oranjeschillen .... ORDETEEKENS. Zie aant. 3 op Goud- en zilverwerk. ORGANDI, een soort Oostindisch neteldoek, van boomwol of katoen gemaakt, wordt gelijkgesteld met Neteldoek (mousseline), volgens res. 14 Juni 1825, no. 44. V. no. 70, en moet dus gerangschikt worden onder Manufacturen (1)..............

(1) Zie het medegedeelde bij Neteldoek.

ORGANSIN. Zie onder Zijde, ruwe, enz............

ORGELPIJPEN. Looden —, geheel afgewerkt, als deelen van muziekinstrumenten; zie Instrumenten. (Red.).......

ORLEAN of ROCOU, als Verfwaren. Renvooi, Wet 1845. „ „ in kruikjes, als Kramerij (1). (Red.).

(1) Verg. hierbij de res. van 16 Juli 1888, no. 6, V. no. 87, opgenomen in aant. 3 op Verfwaren.

ORNAMENTEN van marmer, van eenigen omvang, als Meubelen. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96 . . . „ Schoorsteenornamenten (1), als Kram er |j. Res. 8 Dcc. 1845, no. 26, V. no. 238, en Bijs. Bepaling, Wet 1850, opgenomen in

aant. 2 op den vost Kramerij..........

(1) Zie hierbij ook de tweede Bijz. Bepaling op den post Aardewerk.

«ORSEILLE (1). Wet 1854 .............

(1) Blijkens de res. van 4 Juli 1857, no. 49, V. no. 49, wordt hier alleen de ruwe orseille bedoeld.

„ Gepraepareerde —, als Verfwaren. Res. 4 Juli 1857, no. 49, V. no. 49.

ORTHOTOLNIDIN, als Olie, niet afz. belast. De Fiscus no. 432, blz. 145

Vrij Vrij Vrij

OSSEN (1). Zie Slachtvee ................

„ Ossenhaar (onbewerkt) (1). Zie aant. 1 op Haar .... „ Ossenhorens (1), als Horens en punten van horens. Renvooi,

Wet 1845 ......_.............

„ Ossenhuiden (1), als Huiden. Renvooi, Wet 1822 .... „ Ossenvet (1), ook al is het in bussen verpakt. (Red.) . . (1) Zie, nopens het verbod van invoer, aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet.

waarde

waarde waarde

5 pet. Vrij

waarde waarde

aarde

waarde waarde

waarde

waarde waarde

waarde waarde

100 kgr.

-ocr page 163-

OSS. — PAA.

30\'. gt;

810

ARTIKELEN.

Maatstaf

Rechten.

OSSEÏONGEN in busjes, als Vleesch, in luchtledige trommels ot\' bussen bereid of ingelegd; zie Koek- en banketbakkerswerk, (1

(Red.)

(1) Zie hierbij het artikel VIceschivarcn.

OTTERVELLEN, als Pelterijen; zie Huiden, vellen en leder.

Bijz. Bepaling, Wet 1828, en Renvooi, Wet 1845.

(1) In onbereiden toestand kennelijk vrij van invoerrecht. Verg. de rubriek Huiden, vellen en leder.

OUD IJZER. Zie onder Ijzer...............

„ KOPER. Zie onder Koper.............

„ LINNEN en KATOEN en gedragen linnen en katoenen kleederen, bij het gewicht verkocht wordende. Zie Lompen.

„ LOOD. Zie onder Lood..............

„ PAPIER, onbruikbaar, gescheurd of ongescheurd. Zie Lompen ......................

„ TOUWWERK, onbruikbaar, aan stukken gekapt of gepluisd,

en versleten vischwant. Zie Lompen.........

„ VAATWERK. Zie Vaat- en knipwerk........

OUDHEDEN, natuurkundige of ethnogratische voorwerpen, afgietsels van was, gips of galvanoplastiek en alle dergelijke voorwerpen voor een der Rijksmusea of algemeene Rijksverzamelingen bestemd, om daarin bewaard te blijven, worden steeds vrij van invoerrecht toegelaten (1—3). (Red.)..............

(1) Physische, astronomische en andere instrumenten, alsmede andere voorwerpen, die bestemd zijn om bij het onderwijs aan Universiteiten of andere Bijksinrichtingen of voor wetenschappelijke onderzoekingen te worden gebruikt, daaronder niet te begrijpen. (Red.)

(2) Ook wordt de vrijstelling niet uitgestrekt tot glazen oogen of andere be-noodigdheden voor het opzetten van dieren.

Evenmin tot tlesschen voor het bewaren van voorwerpen (ook op spiritus) in llijksmusea. Deze flesschen worden belast als Glaswerk. (Red.)

(3) De hierbedoelde vrij van invoerrecht toe te laten goederen, worden behandeld als is voorgeschreven voor de goederen, bestemd voor de Departementen van Algemeen Bestuur lt;«) (6). Zij worden namelijk met volgbrief, ongeopend, doch onder verzegeling naar de bestemmingsplaats verzonden. (Red.)

(«) Zie hierbij aant. G op art. 3 dezer Tariefwet.

(6) Oudheden en ethnographisehe voorwerpen, bestemd voor \'s Rijks museum van oudheden en voor het llijks Ethnographisch museum te Leiden zijn vrijgesteld van invoerrecht. Ofschoon dus voor deze vrijgestelde goederen eene juiste opgave van stuks en waarde niet wordt vereischt, zal in de door den Directeur van het museum bij den invoer of de lossing af te geven verklaring toch altijd, zooveel mogelijk, den aard der in elk collo begrepen voorwerpen, alsmede de bestemming voor het museum moeten worden gecertificeerd. Franken, A Ifj. Wet, aant. 18, nuot a, op art. 120, blz. 1(54.

OUWEL, in bladen, gebezigd door koekbakkers en voor ander inwendig gebruik, als Granen, brood, enz. (Red.).........

OUWELS. Gewone —, dienende tot het sluiten van brieven, enz.,

als Kramerij. (Ked.)..................

OVAALTREKKEES voor boekbinders. Hes. 5 Deo. 1890, nu. 20,

F. no. 124......................

OVENS. IJzeren —, als Ijzerwerk. Renvooi, Wet 1845 .....

„ Onderdeelen van heetwaterovens (1), als Ijzerwerk. (Red.) (1) Ook de gegoten of getrokken ijzeren pijpen voor heetwaterovens worden als Ijzerwerk belast. Zie de Bijz. Bepaling, met noot c, op den post Ijzer.

OVENS ot\' KACHELS. Gebakken aarden —, als Aardewerk. Res.

0 Mei 1828, no. 1, V. no. 86, en Renvooi, Wet 1840,......

OVERSTEEKMACHINES en WIJNPOMPEN. Zie onder Machines, OVERTREKKEN. Lederen —, bestemd tot overdekking van deelen van fabriekswerktuigen, als Lederwerk; zieondei-Huiden,

vellen en leder. (Red.)..............

„ van tijk, geheel afgewerkt en bestemd voor bedden, als

Manufacturen. Res. 21 Juni 1860, no. 12ó . ......

PAALSCHROEVEN. IJzeren —, met verlengstukken, als Ijzerwerk. (Red.).....................

PAARDEDEKENS, los of aan het stuk en al of niet van boordsel voorzien, als Manufacturen. Res. 28 Nov. 1861, no. 84.....

100 kgr.

ƒ 25.00

Vrij Vrij

Vrij Vrij

Vrij

Vrij Vrij

Vrij

Vrij

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

o pet.

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

5 pot.

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

-ocr page 164-

PAA. — PAK.

311

312

ARTIKELEN.

*(1) PAARDEN. Wet 1862 ................

„ *(1) Veulens. Wet 1802...............

(1) Voor de Statistiek van den in- en uitvoer, alleen het aantal stuks op te geven. (Eed.)

PAARDEXP)()OisEN, als Wikken; zie Granen en peulvruchten.

Renvooi, Wet 1845, en Wet 1877 ..............

PAARDEXEÏTEN, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post. PAARDENHAAR, gekookt of gekroesd, zoogenaamd krulhaar, erin frist\' of erin crêpé, als Haar bewerkt, enz. Res. 21 Maart

1851, no. 29, V. no. 39, en 3 Febr. 1864, no. 62.....

„ enkel gewasschen, maar niet gekruld of gekroesd, en ook overigens geene verdere bewerking ondergaan hebbende (1).

(Red.)

(1) Zie hierbij Haar, menschenhaar, enz. en Haar, zwijnsborstels.

„ Weefsels of vlechtwerken van —, als Manufacturen. Res. 15 Aug. 1863, no. 12, V. no. 117...........

PAARDENBAKKEN, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. van 6 Oct. 1862, S. no. 179, V. no. 101, art. 1,

en Wet 1877 .....................

PAARDENHUIDEN, als Huiden. Renvooi, Wet 1822 ......

PAARDENSCHAREN, als Ijzerwerk. (Red.).........

PAARDENVEÏ, gesmolten (1), tot bet smeren van lederwerk, als

Olie, niet afz. belast. (Red.)...............

(1) Ook vloeibaar paardenvet wordt belast met f 0.55 per 100 Kgr. (Red.) PAARDENVLEESCH, in welken vorm of toestand ook, als Vleesch van alle soorten. Res. 24 Mei 1870, no. 30. Zie Weekblad no. 598.

versch of gezouten...................

gerookt of gedroogd..................

PAARDETUIGEN van geweven of geslagen touw, als Manufacturen van hennep. (Ked.)...................

^PAARLEMOER, BEWERKT...............

„ Ruwe — (1). Zie Schildpad............

(1) Ook gezaagd paarlemoer wordt vrij van invoerrecht toegelaten.

(Ked.)

PAARLEN. Zie Juweelen................

„ Glaspaarlen, als Kramerjj. Zie de Bijz. Bepaling op dien post. PADDINGS, als Manufacturen. Res. 9 April 1850, no. 140 . . .

PADDY. Zie Rijst...................

PAKKINGBAND van leder voor machinerieën en stoomspinnerijen.

(Red.)

PAKKINGSTOF van gevulcaniseerd gom-elastiek (caoutchouc, india-rubber (1), gummi), al of niet saamgesteld met linnen of metaaldraad, van katoen met gips, van hennep met een kern van gomelastiek, van leder of van asbest (steenvlas) en in het algemeen alle stoffen, blijkens hare samenstelling kennelijk bestemd tot het maken van kleppen, tot het verpakken van zuigerstangen en andere onderdeden van stoomwerktuigen enz., ten einde het ontsnappen van stoom of gas, water of andere vloeistoffen te voorkomen, of wel tot vermindering van geraas, trilling van werktuigen en wannte-uitstraling van stoomketels, pijpen en andere toestellen in fabrieken, (2) (3), als Fabrieks- en stoomwerktuigen (4). Res. 30 Dec. 1890, no. 13, V. no. 136............

(1) Pakkingstof van india-rubber werd, als uitsluitend bruikbaar tot verpakking en opstopping van fabrieks- en stoomwerktuigen, bereids bij res. van 25 Aug. 18Ü4, no. 57, gerangschikt onder deelen van Fabrieks- en stoomwerktuigen.

(2) De vrijstelling mag niet worden uitgebreid tot stoffen, die niet aan het bovenvermelde kenmerk voldoen. Zoo is er gom-elastiek met linnen, \'t welk voor regenjassen, vloerkleedjes, enz. gebruikt wordt, doch dat van het bedoelde voldoende is te onderscheiden. Niet zelden wordt vilt van gewone samenstelling gebezigd voor het bekleeden van stoomketels, kussens voor smeertoestellen, enz. Dit vilt is, als Manufacturen, belast met 5 pet. der waarde. Kes. 30 Dcc. 1890, 110. 13, V. no. 136.

Maatstaf.

waarde waarde

waarde

waarde 100 kgr.

100 kgr. 100 kgr.

waarde waarde

waarde waarde

-ocr page 165-

PAK. — PAP.

313

314

ARTIKELEN.

(3) Waterleiding-verpakkingsstukken van linnen, met vet besmeerd, worden ook vrij van invoerrecht toegelaten. (Ked.)

Evenzoo isoleerlmlzen of pijpen, vervaardigd van gips en kiezelaarde en dienende tot verpakking van stoombuizen. (Eed.)

Ook asbestplatcn, een soort flenspapier, worden, wanneer zij als pakkingstol\' gebezigd worden, als zoodanig vrij van invoerrecht toegelaten. (Bed.)

Zie voorts Asbcstdock, alsmede Caoutchouc-ringcn.

(4) Zie aant. 3 op Fabriekswerktuigen.

PAKPAPIER. Grijs —. Zie den post Papier........

PALEN van hoekijzer, bestemd om tramwegen af te scheiden van de omringende ruimte, en dus geen deel uitmakende van het

spoor, als Ijzerwerk. (Red.). ..............

PALMBLADEN. Gedroogde — (1), als Kramerij. (lied.) ....

(1) Deze hebben den vorm van waaiers en dienen voor dameshoeden. Zij worden in galanteriewinkels en dameshandwerkwinkels verkocht. (Eed.)

PALMBOTER, als Drogerijen. Renvooi, Wei 1845........

PALMHOUT. Zie onder Hout, fijn werkhout, enz.......

*(1) PALMNOOTPITTEN zijn, blijkens de van Regeeringswege uitgegeven Statistiek, vrij van invoerrecht. (Red.)........

(1) Zie, nopens de afzonderlijke vermelding op de Statistieke staten, res. 29 Dec. 1890, no. 134, V. no. 135.

quot;PALMOLIE (1) (2). Wei 1862 ...............

(1) Palmolie was bij de Wet van 1854 belast.

(2) Zie, nopens eene olieachtige vloeistof, voornamelijk uit oleïnezuur bestaande, en ingevoerd onder de benaming gezuiverde palmolie, aant. 1 op Oleïnezuur.

„ Gedistilleerde —, als Stearine. Jies. 29 Januari 1857, vo. 40,

V. no. 13....................

PALMPITTENKOEKEN, als Koeken, raapkoeken, enz. 7 April

1870, no. 52, V. no. 51, en Wet 1877 ............

PALMPITTENOLIE, als Palmolie. (Ked.)..........

PANAMAHOUT, ook wel zeephout genaamd, uls Drogerijen. (Red.)

PANIRMEHL, als Vermicelli. (Red.)............

PANNEN. Glazen dakpannen, als Glas en glaswerk. Renvooi,

Wet 1845 ....................

„ Huis- en dakpannen. Zie onder Aardewerk......

PANNEN en POTTEN. Aarden —, als Aardewerk. Renvooi, Wet 1845. PANTSERPLATEN. Zie onder Platen.

PAPAVERKOEKEN. Zie onder Koeken, raapkoeken, enz. . . . PAPAVER-ÜLIE, als Olie, niet afz. belast. Res. C Juni 1877, no. 71,

V. no. 54, § 5, en Wel 1877 ...............

PAPAVERZAAD, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845......

*(11) PAPIER VAN ALLE SOORTEN (1), CHITS-, MUZIEK-, MEUBEL- (2) (3), KARDOES-, GEUS PAK- (4) (5) EN BLAUW SUIKERBAKKERSPAPIER, RE-GISTBBS (6), WIT OP GELIJND, liOKD- (7) (8) EN KAARTPAPIER (8—10). (1) Steendruk en Drukwerk zijn, gelijkstaande met Hoeken, vrij van invoerrecht; daaronder kan echter niet worden gerangschikt papier, waarop slechts enkele woorden zijn gedrnkt, doch dat overigens nog moet worden beschreven. Formulieren en dergelijke, die nog moeten worden ingevuld, behooren tot den post Papier, evenals de daaronder genoemde registers, die niet zelden gedrukte hoofden hebben.

Belust zijn derhalve;

formulieren voor rekeningen (al of niet met aangehechte brieven), quitantiön, wissel- en vrachtbrieven, cognossementen en dergelijke, brieven en memoranda; schoolschriften met gedrukte voorbeelden;

gerand papier voor étiquetten, al of niet gegomd;

jaarboekjes en dergelijke, tevens ingericht tot het houden van aanteekeningen (et).

Vrij van invoerrecht kunnen worden toegelaten:

brieven waaraan niets ontbreekt dan het adres;

étiquetten met volledig opschrift (b) (c) en spoorwegkaartjes.

Jies. 6 Febr. 1889, no. 6, V. no. 13.

Ook worden als Papier van alle soorten of als Kramerij belast die prentjes of plaatjes, welke kennelijk bestemd zijn om daarop een gelakwensch, eene aanbeveling of iets dergelijks te schrijven of te doen drukken, of wel die daarmee reeds zijn bedrukt (d). Hes. 14 Juli 1890, no. 7, V. no. 59.

Maatstaf.

waarde

waarde waarde

100 kgr. waarde waarde

100 kgr. waarde

-ocr page 166-

PAP.

air

316

ARTIKELEN.

Maatstaf.

Rechten.

ia) Verg. aant. 4 op Boeken, alsmede het artikel Kalenders.

{!gt;) Ook worden étiquetten, waarvan het opschrift, in plaats van gedrukt te zijn, bestaat uit ingeslagen gouden letters en figuren, vrij van invoerrecht toegelaten (lied.)

(lt;•) Buiten- en deksel-etiquetten, alsmede opleggers, voor sigarenkistjes worden als belast aangemerkt. (Red.)

Ook worden als pakpapier belast die ctiquetten, welke, behalve tot aanwijzing van de soort dor goederen, ook dienen tot sluiting van bussen of kistjes. (Red.)

Zie ook aant. 4 hierna.

id) Hieronder vallen niet de prenten of platen met daarop gedrukte adressen van fabrikanten of handelaren (z.g. reclamekaarten), welke alleen voor hen bruikbaar zijn en dus niet te verkoopen door marskramers of in galanterie- en speelgoedwinkels of dergelijke, maar meer bepaald de prentjes of plaatjes, die met een gelukwenseh of iets dergelijks zijn bedrukt.

Ook is het niet voldoende, dat daarop een adres, een gelukwenseh, eene aanbeveling of iets dergelijks kan worden gedrukt of geschreven, maar moeten zij kennelijk daartoe bestemd zijn, hetzij dat die bestemming uit het openlaten van eene afzonderlijke ruimte aan de vóórzijde of wel op andere wijze blijkt. Hes. 22 Juli 1891, no. 81, V. no. 86. Verg. hierbij Adreskaarten, Reclamekaarten en lieclamekalenders.

(2) Onder meuhclpapier kan geen ander worden begrepen, dan het papier dat bereids zoodanig gekleurd of met figuren bedekt is, dat het zich daardoor blijkbaar reeds in den staat van meubelpapier bevindt. Wit \'papier zonder einde kan dus niet als wit Menhelpapier worden aangegeven, maar behoort onder Papier van alle soorten (a). Bes. 30 Juli 1842, no. 70, F. no. 146.

(«) Bij de Wet van 1822 waren de onderscheidene papiersoorten verschillend belast. Met het oog op de statistieke opgaven heeft deze resolutie echter nog niet allo be-teekenis verloren. (Red.)

(3) Behangsel van papier en hout wordt ouder mcuhclpapicr gerangschikt. Worden de bestanddeelen afzonderlijk ingevoerd, dan komen deze ook elk afzonderlijk in aanmerking voor de toepassing van het Tarief. (Red.)

(4) Hieronder worden gerangschikt:

versierde zakjes of banden —, papier om die daaruit te vervaardigen —, randen of opleggers voor sigarenkistjes (a) en dergelijke, al zijn daarop door steendruk of op andere wijze üguren, beeldjes en soortgelijke versieringen aangebracht {b). Bes. 20 Mei 1887, no. 58, V. no. 4G, en 6 Febr. 188J), no. (j, V. no. 13.

Ook moet onder pakpapier gerangschikt worden het navolgende, hoezeer ook bedrukt:

omslagvellen voor pakjes postpapier;

brief- en andere omslagen;

banden om kaarsen bijeen te houden of in te pakken, en misdruk. Bes. 6 Febr. 1889, no. G, V. no, 13.

(a) Zie aant. 1 hiervoor, met noot c.

(M Deze regeling wordt niet toepasselijk geacht op plaatjes in lichtdruk, bestemd voor geïllustreerde catalogussen, welke plaatjes vrij van invoerrecht worden toegelaten, als Steendruk. (Red.)

(5) Grauw pakpapier voor zakjes met enkele letters bedrukt, wordt ook met 5 pet. invoerrecht belast. (Re\'d.)

(6) Tot registers behooren kantoor- en andere soortgelijke boeken met gedrukte hoofden. Bes. 6 Febr. 1889, no. 6, V. no. 13.

(7) Reepjes of strookjes bordpapier voor wevers, nog onvoorzien van patroongaten, worden hieronder gerangschikt. (Red.)

(8) Als hord- en haartpapier moeten worden belast:

bedrukte kaartjes voor photographieën,

losse banden voor boeken, en

schilden voor scheurkalenders (a). Bes. 6 Febr. 1889, no. G, V. no. 13.

Mede worden als zoodanig belast cartons, bestemd voor doozen. (Red.) Zie hierbij ook aant. 2 op Fhotographische afbeeldiiKjen.

(a) Derhalve worden met 5 pet. invoerrecht belast do schilden voor scheurkalenders, waarop de vereischte blokken nog niet zijn bevestigd. (Red.)

Bedrukt papier, bestemd om op schilden van scheurkalenders geplakt te worden, is daarentegen vrij van invoerrecht toe te laten. (Red.)

Gcasphalteerd bordpapier moet ook onder den post Papier gerangschikt worden. Bes. 14 April 1886, no. 7, V. no. 39.

(9) Spoorwegkaartjes zijn vrij van invoerrecht (a). Bes. 6 Febr. 1889, no. 6, V. no. 13.

Adreskaarten worden onderworpen aan het invoerrecht van 5 pet. der waarde als kaartpapier. (Red.)

Zie hierbij ook aant. 1, met noot a, hiervoor, alsmede de aant. op Adreskaarten.

(a) Kaartjes, in den vorm van spoorwegkaartjes afgesneden, voorzien van strepen van verschillende kleur, doch nog geheel onbedrukt, worden daarentegen aan invoerrecht onderworpen. (Red.)

(10) De onafgesneden gefigureerde vellen papier, die nog door persing of walsing, glanzing en doorsnijding tot bruikbare speelkaarten moeten gevormd

-ocr page 167-

PAP.

317

318

A R T I K E L E N.

Maatstaf.

Rechten.

wordeu, behoorcn niet tot de rubriek Speelkaarten, maar tot het kaarlpapicr. Jics, 13 Jnli 1833, no. 57, V. nu. 123.

Onder kaaripapicr moet alleen gerangschikt worden zoodanig papier, waaraan reeds, hetzij door het opeenleggen van meerdere vellen, hetzij op een andere wijs, do voor speelkaarten bestemde dikte gegeven is, of dat, bedrukt zijnde met de gewone figuren, daardoor blijkt tot het maken van speelkaarten bereid en uitsluitend bestemd te zijn. Bcx. !) Juni 1842, no. 40, V. no. 131.

Zie ook de verschillende soorten Kaarten en Kaartjes.

(11) Voor do Statistiek te splitsen in:

Papier van alle soorten zonder onderscheid, hetzij wit, grauw of gekleurd, chits- en muziekpapier, alsmede registers, wit of gelijnd. „ meubel-, kardoes-, grijs pak- en blauw suikerbakkerspapier, en „ bord- en kaartpapier.

Res, 15 Januari 1863, no. 68, V. no. 22.

PAPIER, gerand, voor ótiquetten. al of niet gegomd (1;, als Papier van alle soorten. lies. 6 Febr. lS8igt;, no. 6, V. no. 13... .

(1) Zie aant. 1 op den post Papier.

met cobalt verzadigd, bij dozijnen in pakjes verkocht wordende, bekend onder den naam van Binko\'s Patent Imperial Paperblue, als Kramerij. (Red.).........

oud en onbruikbaar, gescheurd of ongescheurd. Zie Lompen,

daaronder begrepen, enz...............

tot bekleeding van schepen, zoogenaamd F ova, zijnde ook tot andere doeleinden geschikt, als Papier van alle soorten.

(Red.)

van albespeyres, als Papier. Jies. 17 Juli 1857, no. 46 . . . van perkament, op maat gesneden en van gaten voorzien, bestemd voor osmogènes in suikerfabrieken. Hes. 22 Nov. 1881,

no. 56, V. na. 83.................

Caoutchouc-papier, Gutta-percha-papier, Toile gutta en dergelijke stoffen, als Manufacturen. (Red.).......

Fijn goud- en zilverpapier (chitspapier), als Papier. Res.

15 Febr. 1855, no. 120, V. no. 14...........

Flenspapier (asbest Hensblad) (2), als Papier van alle soorten. lies. 14 April 1886, no. 7, V. no. 39..........

(2) Zie hierbij aant. 3 op Pukkingstof.

Geasphalteerd bordpapier, als Papier van alle soorten. Res.

14 April 1886, 7io. 7, V. na. 39............

Glas- of zandpapier, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op

dien post....................

Postzegels, geplakt op vellen papier en kennelijk bestemd ten verkoop in het klein, voor verzamelingen of dergelijke doeleinden, als Kramerij. Res. 19 Maart 1885, no. 9, V. no. 29. Werktuigen tot bepaling van het weerstandsvermogen van papier. Hes. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124.......

PAPIEREN HULZEN voor een spinnorij (blauw pakpapier), als onderdeelen (1) van Fabriekswerktuigen. (Red.) . . . . (1) Zie aant. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen. „ KRUISBANDEN, met geschreven adressen, als Papier van alle soorten, terwijl de daarop geplakte postzegels mede onder

de waarde begrepen worden. (Red.)..........

„ LIJSTEN. Geslagen papieren lijsten, beplakt niet gekleurde

plaatjes, als Kramerij. (Red.)............

„ OMSLAGEN voor lucifersdoosjes, als Papier, pakpapier.

(Red.)

„ OMSLAGVELLEN voor pakjes postpapier. Zie aant. 4 op

Papier.....................

„ MACHINEKAARTEN. Zie Reepjes of Strookjes van bordpapier.

„ PATRONEN voor kleedingstukken, als Papier van alle

soorten, lies. 22 Uct. 1877, no. 25, V. no. 96.......

PAPIER MACHÉ. als Kramerij. Zie de Bijt. Bepaling op dien post. PAPIERSNIJMACHINES. Zie onder Machines.

waarde

5 j)ct.

5 pet. Vrij 5 pet. 5 pet.

waarde

waarde waarde

Vrij

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

5 pet. 5 pet.

5 pet. 5 pet. Vrij

waarde

waarde waarde

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

o pet.

-ocr page 168-

PAP. — PAS.

320

319

AEÏIKELEN.

PAPIERSTOP. Geheel of gedeeltelijk bereide —. Zie Lompen, daaronder begrepen, enz...................

PARADIJSAPPELEN zijn bij Renvooi, Wet 1845, gelijkgesteld met Cederappelen, die mede daarbij worden gerangschikt onder Vruchten. PARADIJSVOGELS, in bewerkten staat. Zie den post Modewaren. „ Ruwe en onbewerkte — (1), als Naturaliën. Renvooi, Wet 1845.

(1) Hieronder worden ook gerangschikt de paradijsvogels, die van het vleesoh en de beenderen ontdaan en daarna gedroogd zijn, omdat deze zonder verdere bewerking nog niet als Modewaren kunnen dienen. (Eed.)

PARADIJSZAAD of GUINEAKORRELS, als Drogerijen. Renvooi,

Wet 1845 ......................

PARAFFINE. Afval van — (1), als Olie, niet afz. belast. (Red.) . . (1) Zie hierbij het volgende artikel, alsmede ilodchjlaztmr.

PARAFFINE en VASELINE (1), de als zoodanig in den handel bekende vaste stoften uit bruinkolenteer of ruwe petroleum en wel te onderscheiden van de ouder verschillende benamingen (afval van paraffine, paraffiue-olie, enz.) uit dezelfde grondstoften verkregen oliën. Res. 24 Juni 1880, no. 72, 1\'. no. 6]..........

(1) Ook bij invoer in blikken bussen van 1 of l\'o kgr. wordt geen recht geheven, vermits verkoop in bussen van die grootte niet in \'t klein geschiedt in galanterie- of dergelijke winkels. (Eed.)

PARAFFINEOLIE. Zie onder Olie.

quot;PARAPLUIES en PARASOLS.............

„ Onderdeelen van —, als stokken (1), knipjes, knoppen, handvatten of puntjes, afzonderlijk ingevoerd, als Kramerii. Res. 11 uhiff. 1859, no. (54................

(1) Bamboesstokken, op gelijke lengte afgesneden en waarvan de noesten zijn afgedraaid of afgeschaafd, worden als onderdeelen van parapluies en parasols belast met 3 pet. der waarde. (Eed.) „ Volledige geraamten van —, als Parapluies en parasols.

Res. 11 A iig. 1859. no. G4..............

PARAPLUIESTIJLEN. IJzeren —, als Ijzerwerk. (Red.) .... PARA RESIDIUM, dienende tot het bereiden van gas, en ook geschikt tot het smeren van werktuigen, wordt niet als afval van petroleum beschouwd, maar gerangschikt onder Olie, niet afz.

belast. (Red.).....................

PARA SULFONILSAÜRE, als Olie, niet afz. belast. I)c Fiscus

no. 482, blz. 145....................

PAREL-ASCH. Zie Asschen, pot-asch, enz..........

PARELEN. Zie Juweeien................

,. Glasparelen, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post. PARELGERST, bij Renvooi, Wet 1845, gelijkgesteld met Grutten, behoort dus, mode blijkens Renvooi dier Wet, gerangschikt te

worden onder Granen.................

PARELWIT. Zie Loodwit................

PAREMENTINE, lijm in bladen, als Lijm. Zie aant. 1 op V. 185(3, no. 41. PARFUMEURS WAREN. Zie den post Reuk- en parfumeurs waren. PARKETVLOEREN. Ongebakken cementsteen, bestemd voor —, zijnde steenen van gegoten cement, door do natuur gedroogd,

als Steen, bewerkt. (Red.).............

„ Plankjes, onderdeelen van parketvloeren zijnde. Zie Houten Plankjes.

PARMEZAAN, als Kaas. Renvooi, Wet 1845 .........

PASSEMENTWERK. Zie den post Manufacturen......

PASTEIBAKKERSWERK. Zie den post Koek , banket-, suikeren pasteibakkerswerk................

PASTILLES. Emser —, als Suikerbakkerswerk; zie Koek- en

banketbakkerswerk. (Red.)............

„ Pastilles-Poncelet, ongeveer 31 pet. verzoetende stoften bevattende, als Drop. (Red.).............

„ Salmiak-pastilles, bestaande uit drop en salmiak, als Drop.

Res. 16 Sept. 1892, no. 40, V. no 87.

„ Sublimaat-pastilles. (Red.)..............

Maatstaf.

waarde waarde

100 kgr.

waarde

waarde

waarde waarde

100 kgr. 100 kgr.

waarde

waarde

100 kgr.

/\' 5.00

waarde

5 pet.

100 kgr.

ƒ 25.00

100 kgr.

„ 25.00

100 kgr.

„ o.oo

-ocr page 169-

PAT. — PEL.

321

322

ARTIKELEN.

PATE DE FOIE GRAS, als Koek- en banketbakkerswerk. -Res. 10 Febr. 184(5, no. 115, en Res. 21 Nov. 1884, no. 5, V. no. 120 .

PATÉ DE POMMES of PATÉS ALIMENTAIRES (1), als Vruchten, alle versche, enz., niet afz. belast. (Red.)..........

(1) Deze vruchten bestaan waarschijnlijk uit niets anders dan het vleesch van appelen, gedroogd en daarna in tabletten geperst. (Eed.)

Verg. hierbij Pütés alimentaires voor soep.

PATÉ PECTORALE, als Koek- en banketbakkerswerk. Jies.

10 Febr. 1840, no. 115..................

PATENTASPHALT DAK- en SCHEEPSBEKLEEDINGS V1L-TEN (1), als Manufacturen. Res. 14 April 188(5, no. 7, V. no. 39. (1) Zie hierbij aant. 1 op Asphalt.

PATENT FASTENERS. IJzeren —, zijnde ijzertjes tot het verbinden

van drijfriemen. (Red.)........ .........

PATENT IMPROVED CARBON ENAMEL, zijnde eene met ge-methyleerd gedistilleerd vervaardigde vloeistof, tot het bekleedon van bierfusten, als Gedistilleerd (1). (Red.).........

(1) Zie, nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

PATENT MACHINEBAND, om in stoomfabrieken over de raderen en schijven te loopen, als Fabriekswerktuigen. Res. 12 Sept. 18(51,

no. 108, en Wet 1877 ..................

PATENTOLIE, als Olie, niet afz. belast. Res. fl Juni 1877, no. 71,

V. no. 54, § 5, en Wet 1877 ...............

PATENT SIZE. Me. Kean\'s —, bestaande uit aardappel enmeel met eene iijue soort van witte klei of pijpaarde vermengd en bestemd tot. het sterken van manufacturen en garens, als Aardappelenmeel.

Res. 28 Mei 1870, no. 65, V. no. 78.............

PATENTSMEER, vaseline (1), ook in blikken bussen van 1 of 1/2 kgr.

(Red.)

(1) Zie hierbij het medegedeelde by Vaseline.

PATENT SPONGECLOTH, bestemd tot hot schoonhouden van machinerieën, als Manufacturen. Res. 21 Mei 1868, no. 92 ... .

PATÉS ALIMENTAIRES voor soep (1), evenals de soeptabletten, als Vleesch van alle soorten, gerookt of gedroogd. (Red.) . . . (1) Verg. hierby Püté de pommes.

PATKONEN, als Ammunitie, allerhande, enz. (1). Res. 5 Nov. 1807, no. 38, V. no. 162...................

Maatstaf.

100 kgr. waarde

100 kgr. waarde

de HL. ad 50 pet.

100 kgr.

waarde 100 kgr.

waarde

(1) De hoeveelheid buskruit, in ieder patroon voorhanden, moet worden berekend voor oorlogs-, jacht- en Flobertpatronen volgens de voorschriften gegeven by res. 8 Aug. 1890, no. 26, V. no. 74. Verg. de aantt. op den post Buskruit^

PATRONEN. Papieren —, voor kleedingstukken, als Papier van

alle soorten. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 86.....

„ Wormpatronen. Zie Wormpatronen.........

PAUWEVEEREN. Zie Veeren.

PEILGLASTOESTELLEN. Zie onder Toestellen.

PEILGLAZEN, niet verbonden met bijbehoorend stoomwerktuig, als

Glas en glaswerk. Tariefwet, R. en K., blz. 99...... .

PEILKRANEN. Koperen — (1), als Opgemaakt koperwerk; zie

den post Koper. Res. 6 Maart 1891, no. (50, V. no. 18.....

(1) Zie hierbü aant. 4 op Kranen.

*PEK. Wet 1854 ....................

PEKEL is alleen aan den zout-accijns onderworpen; zie aant. 1 op

Zout........................

PEKKRANSEN of FAKKELS, als Ammunitie, allerhande, enz.

Res. 3 Dec. 1862, no. 69, V. no. 135............

PEKMACHINES. Zie onder Machines.

PELMACHINES. Amandelpelmachines. Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105......................

waarde waarde

waarde waarde

waarde waarde

-ocr page 170-

PEL. — PEP.

323

324

ARTIKELE N.

PELPLAÏEN. IJzeren —, voor pelmolens, kenbaar aan de scherpe gaten, welke aan de eene zijde eene rasp vormen meteen rand om deze vast te klinken, als onderdeelen (1) van Stoomwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen, lies. 17 Febr. 1888, no. 8, V. no. 25 . . . (1) Verg. aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

PELTEEIJEN. Bereide —. Zie den post Huiden, vellen en leder.

„ Onbereide —. Zie onder Huiden, vellen en leder. . . . PEXDULEKASTEN van marmer, als Uurwerken, klokken, pendules, enz. lies. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96........

PENDULES, met of zonder glazen stolpen. Zie den post Uurwerken. PENNEN. Stalen —, in doosjes, als Kramerij. Res. 2 Januari 1863,

no. 29, V. no. 13.................

„ Houten schoenpennen. lies. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96 .

„ Houten vleeschpennen. als Houtwerk. (Red.)......

., Stalen splitpennen, als Kramerij. (Red.)........

quot;PENNEN en SCHACHTEN. Bereide —. Wet 1862.......

„ -Onbereide —. Wet 1854 ..............

PENNETJES. Doosjes met houten pennetjes, waarin helsche steen,

als Kramerij. (Red.)..................

PENNINGEN. Gouden en zilveren legpenningen. Zie onder Goud

en zilver, in staven, enz.................

PENSEELEN en VERFKWASTEN, als Borstelmakenwerk, dat gerangschikt moet worden onder Kramerij, volgens de Bijz. Bepaling op dien post. (Red.)..................

*(1) PEPER, STOF VAN PEPER DAARONDER BEGREPEN......

(1) De Tariefpost Piment en nagelpeper \'wordt voor de Statistiek afzonderlijk vermeld onder de hoofdrubriek Peper, aldus:

Peper, stof van peper daaronder begrepen.

„ piment en nagelpeper. (Ked.)

„ Witte, zwarte en lange —, en Cayenne- en Spaansehe peper (2), als Peper. Res. 11 Dec. 1802, no. 82, V. no. 139.....

(2) Gezouten Spaansehe peper echter te belasten als Vruchten, gezouten, met 5 pet. der waarde. De Fiscus no. 427, blz 93.

„ Kerrypeper, samengesteld zijnde uit verschillende aromatische bestanddeelen en uitsluitend bestemd om als toespijs gebezigd te worden, als Specerijen. Res. 11 Dec. 1862, no. 82,

V. no. 139....................

„ Nagelpeper. Zio den post Piment en nagelpeper .... „ Staartpeper of cubebe wordt, als alleen tot medicinale doeleinden geschikt zijnde, gerangschikt onder de Drogerijen.

Res. 11 Dec. 1862, no. 82, F. mo. 139..........

PEPERMUNT. Zoogenaamde —, bestaande in schijfjes en rolletjes, samengesteld uit suiker en meel, vermengd met pepermuntolie, als Koek- en banketbakkerswerk. Res. 27 Januari

1852, no. Ill, V. no. 5...............

„ De bladen van de pepermuntplant, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845, en Res. 27 Januari 1852, no. Ill, V. no. 5. . . . PEPERMUNTOLIE. Zie onder Olie.

PEPSINE, eene witte poederachtige stof, getrokken uit het slijmvlies der maag van kalveren, varkens en andere slachtdieren en inwendig toegediend wordende ter bevordering der spijsvertering (1).

Res. 20 Dec. 1893, no. 25, V. no. 114............

(1) Zie, nopens den aard en de bereiding van pepsine, Weekblad no. 1177.

PEPTON, waaronder men in den handel verstaat verschillende voedingsstoffen (melk, eiwit, vleesch, kaas, enz.), die door bereiding mot pepsine licht verteerbaar zijn gemaakt (1), als Koek- en banketbakkerswerk. Res. 20 Dcc. 1893, no. 25, V. no. 114 . . .

(1) Deze stoffen hebben een eigen voedingswaarde, al worden zij alleen aan zieken of zwakken gegeven tot ondersteuning der gewone voeding. Res. alsvoren.

Eene mededeeling over den aard en de bereiding van pepton komt voor in Weekblad no. 1177.

Maatstaf.

waarde

waarde waarde

waarde

waarde waarde

waarde

waarde 100 kgr.

100 kgr.

waarde 100 kgr.

100 kgr.

100 kgr.

-ocr page 171-

PEP. — PER.

325

326

ARTIKELE N.

PEPÏON. IJzerpepton (2), als Gedistilleerd, likeuren, bitters enz. (3).

(Red.)

(2) IJzerpepton heeft, naar men vermeent, meer dan 5 pet. alcoholgehalte. (Ked.)

(3) Zie hierbij, nopens de berekening van recht en accijns, de aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

PERCUSSIES of SLAGHOEDJES, als Ammunitie, allerhande, enz. Ttfs. 13 Juli 1848, no. 69, V. no. 66, era 31 Oct. 1862, no.3\'.), \\r.no.V2.0.

PEKEN, als Vruchten. Renvooi, Wet 1845 ..........

PEREN-AETHER. Zie aant. 10 op den post Gedistilleerd. PERENDRANK (1). Zie den post Appel-, peren- en meedrank.

(1) Alleen aan den aocyns als Wijn onderworpen. Zie de artt. 2 en 41 der Wet van 20 Juli 1870, S. no. 127, V. no. 127, en § 6 der Kes. van 8 Sept. 1870, no. 50, V. no. 128.

PERENSÏKOOP, als Stroop; zie Suiker (1) (2). Ren. 25 Sept. 1865, no. 52, V. no. 87....................

(1) Nopens de heffing van accijns zie men aant. 2 op Suiker.

(2) Vruchtenstropen kunnen ook behooren onder den post Koek- en banket-hakkerswerk. Bes. 3 Aug. 1897, no. 24, V. no. 81, § 1.

PEEK ALEN en PERKALINES worden, blijkens de Res. van 23 Aug. 1825, no. 115, V. no. 110, en Renvooi, Wet 1822, gelijkgesteld met Lijnwaden, witte katoenen, bij Renvooi, Wet 1845, gerangschikt

onder Manufacturen.................

PERKAMENT. Zie Huiden, bereide, enz...........

„ Afval van —, als Lijmvleesch. Renvooi, Wet 1845 .... PERKAMENTPAPIER op maat gesneden en van gaten voorzien, bestemd voor osmogènes in suikerfabrieken. Res. 22 Nov. 1881,

no. 56, V. no. 83....................

PERNETTEN. Zie Stilts en Spurts.

PERSDOEK (1) van hennep, gebruikt wordende om kleuren uit te persen, als Manufacturen. (Ked.).............

(1) Zie hierbij aant. 1 op Persdoekrn.

PERSDOEKEN voor lijnkoeken-, aardewerk- en kaarsenfabrieken (1).

Res. 7 Maart 1883, no. 11, V. no. 27..........

„ Schuimpersdoeken voor beetwortelsuikerfabrieken, mits zij van gewone manufacturen voldoende zijn te onderscheiden, en dus omtrent hunne uitsluitende bestemming voor fabrieks-gebruik geen twijfel bestaat, als onderdeden van Fabriekswerktuigen (1). Res. 24 Juli 1868, no. 29, V. no. 8(1; 31 Oct. 1871, no. 178, V. no. 122; 7 Maart 1883, no. 11, V. no. 27, en Wet 1877 ...................

(1) De vrystelling van invoerrecht betreft niet persdoek, dat in het weefsel, waarvan persdoeken worden gemaakt, doch alleen persdoeken waaronder te verstaan zijn stukken persdoek, blijkens hunne afmetingen bestemd om, zooals zij zijn, in fabrieken te worden gebruikt. Als zoodanig kunnen in geen geval worden aangemerkt stukken, die grootere lengte dan van 2 Meter en grootere breedte dan 1 Meter hebben. Stukken persdoek, wier afmetingen de evengenoemde niet overschrijden, kunnen vrij ten invoer worden toegelaten. Res. 14 Sept. 1898, no. 4, V. no. 106.

Zie voorts hierbij aantt. 3—3 op Fabriekswerktuigen.

PERSEN. Autographische persen behooren niet tot de vrijgestelde Gereedschappen, maar worden naar hun hoofdbestanddeel

belast, als Hout- of Ijzerwerk. (Red.)........

„ Boekdrukpersen (1), als Fabriekswerktuigen. Res. 29 Juli 1854, no. 73, en Wet 1877 ..............

(1) Ook Handbockdrukpersen. (Ked.)

„ Handcopieerpersen, naar het hoofdbestanddeel, als Ijzerwerk.

Res. 25 Januari 1883, no. 91, V. no. 7.........

„ Hooipersen, als Gereedschappen. (Red.).......

„ Pietpersen voor boekdrukkers, als Gereedschappen. (Red.). „ Schroefpersen voor patroonhulzen. Res. 19 Nov. 1886, no. 15,

V. no. 105....................

„ Schuinsnedepersen voor boekbinders. Res. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124\'....................

Maatstaf.

de HL.ad 50 pet.

waarde waarde

waarde

waarde

waarde

waarde

waarde waarde

-ocr page 172-

PEE. — PHO.

328

327

ARTIKELEN.

PERSEN. Steendrukpersen, onverschillig of zij zijn ingericht om door stoom of mot den voet in beweging te worden gebracht, als

Fabriekswerktuigen. (Red.)............

„ Stroopersen, als Gereedschappen. (Red.).......

„ Tabakspersen. Jies. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. lOo .... „ Verguldpersen voor boekbinders. I\'es. 5 Dec. 18130, no. 20,

V. no. 124....................

„ Vruchtenpersen, lies. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105 . . . PERSPOMPEN, metde hand bewogen wordende, als Ijzerwerk. (Red). PEKS/AKKEN van paardenhaar voor stearinekaarsenfabrieken, blijkbaar uitsluitend voor fabrieksgebruik bestemd en geschikt, als onderdeelen (1) van Fabriekswerktuigen. (Red.) . . „ voor beetwortelsuikerfabrieken, mits zij van gewone manufacturen voldoende te onderscheiden zijn, en dus omtrent hunne uitsluitende bestemming voor fabrieksgebruik geen twijfel bestaat, als onderdeelen (i) van Fabriekswerktuigen. Res. 24 Juli 1808, no. 29, 1\'. no. 86; 21 Oct. 1808, no. 30, V. no. Ill; 31 Oct. 1871, no. 198, V. no. 122, Res. 7 JMaart 1883,

no. 11, V. no. 27, en Wet 1877 ............

(1) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fahrielcswerktidgen.

„ voor lijnkoeken-, aardewerk- en kaarsenfabrieken, mits van gewone zakken voldoende te onderscheiden, en er dus omtrent hunne uitsluitende bestemming voor fabrieksgebruik geen twijfel bestaat. Res. 7 Maart 1883, no. 11, V. no. 27. . PERU-BALSEM, namelijk die, verkregen door eene insnijding te maken in de schors van een boom, en welke geen alcohol bevat,

tenzij ze vervalscht is, als Chemicaliën. (Ree!.,)........

PERZlKKEN-AETHER. Zie aant. 10 op den post Gedistilleerd. PERZIKPITTEN, als Amandelen. Res. 30 Dec. 1893, no. 85, F.

no. 120.......................

PETROLEUM, als Olie, niet afz. belast. Res. 18 Nov. 1862, no. 97,

en Wet 1877 ...................

„ Afval van —, wordt als Smeer (zie Roet) vrij van invoerrecht toegelaten, mits daarin geen petroleum meer aanwezig is (1). (Red.)................

(1) Is het ingevoerde artikel echter een uit ruwe petroleurn verkregen bij-produet, geschikt tot het smeren van werktuigen, tot het bereiden van gas, of tot andere doeleinden, en dus niet als afval te beschouwen, dan wordt het gerangschikt onder Olie, niet afz. belast. (Ked.)

Verg. Astatki en Para residium.

PETROLEUM-AETHER, als Olie, niet afz. belast. Res. 23 Mei 1871,

no. 12, V. no. 03, en Wet 1877 ..............

PETROLEUMBASSINWAGENS, toebehoorende aan vreemde handelaars, en uitsluitend dienende tot internationaal vervoer. Zie

noot n op aant. 2 op Spoorwegen............

PETROLEUMMOTOREN. Zie Motoren. PETROLEUMMOTORLIER. Zie onder Lieren.

PETROLEUM-SPRIT, ook wel genaamd essence de vétrole of terpentijn-surrogaat, als Olie, niet afz. belast. De Fiscus no. 508, blz. 395. PETTEN of MUTSEN van leder, laken, enz., als Hoeden. Renvooi,

Wet 1845 ......................

PETTENLEERTJES, als Schoenmakerswerk; zie Huiden, vellen

en leder. (Red.)....................

PETTENKLEPPEN, uit carton en leder vervaardigd, als Schoenmakerswerk ; zie Huiden, vellen en leder. Res. 29 Maart 1848,

no. 50........................

PEULVRUCHTEN. Zie Granen en peulvruchten.....

PHENACITINE, een nieuw geneesmiddel uit steenkolenteer bereid (1).

(Red.)

(1) Het bevat geen alcohol en wordt, naar men vermeent, niet in galanteriewinkels of door marskramers verkocht, (lied.)

PHENYLAMINE. Zie Aniline...............

Maatstaf.

waarde

waarde waarde waarde

100 kgr. 100 kgr.

100 kgr.

100 kgr. waarde waarde

waarde

100 kgr.

-ocr page 173-

PHO. — PIJP.

329

330

A R T I K E L E N.

*(1) PHOSPHOEIT. Gemalen en ongemalen —, cone minerale, voornamelijk uit phosphorzure en koolzure kalk bestaande stof, die uitsluitend als bemestingsmiddel of ter bereiding van phosphorus

wordt gebruikt. Res. 25 Mei 1875, V. no. 59.........

(1) Voor de Statistiek te splitsen in ruw en gemalen.

PHOTOGENE-OLIE. Zie onder Olie............

PHOTOGllAPHIEËNquot;. Bedrukte kaartjes (1) voor —, als Papier, bord- en kaartpapier. Res. (gt; Fébr. 1889, no. 6, V. no. 13 ... . (1) Zie hierbij de aantt. op Papier.

PHOTOGRAPHISCHE AFBEELDINGEN (1) (2), als Prenten of platen.....................

„ in lijsten gezet en al of niet van glas voorzien, als Meubelen. „ in étuis of albums vervat, als Kramerij. Res. 15 Aug. 1803,

no. 23, V. no. 119.................

„ beschilderd of gekleurd, op houten paneel, zonder liist, als

Kramerij. (Eed.).................

„ met olieverf gekleurd en in lijsten gezet, kunnen niet gerekend worden te behooren tot de schilderijen in olieverf, maar worden belast als Meubelen............

(1) Hieronder zijn niet begrepen photographieën op melkglas, porselein en dergelijke, hetzij vlak of bolvormig, voor kamerversiering, lampekappen, theestoofjes, nachtlichtjes, enz. Deze behooren tot den post Kramerij. Kes. 14./«« jl89ü, no. IC, V. no. 4(5.

(2) Portretten of andere afbeeldingen, door reizigers kennelijk tot eigen genoegen of aandenken medegebracht, moeten niet aan invoerrecht worden onderworpen. Res. ahvoren.

Evenmin wanneer de afbeeldingen zich bevinden in étuis of omslagen tot het samenvatten eener collectie, welke étuis of omslagen geen eigen handelswaarde hebben, ook al zijn die los bij de daartoe behoorende platen en etsen gevoegd. Zie aant. 1 op V. 1863, no. 119.

Ook plaatjes, voorstellende stadsgezichten, gebouwen, kleederdrachten en dergelijke in photographie of steendruk (souvenirs, albums, enz.), gebonden in boekjes of vervat in losse omslagen of kokers, zijn, als Prenten of platen, vrij van invoerrecht, tenzij de omslagen of kokers ook voor andere doeleinden te gebruiken eu dus afzonderlijk verkoopbaar zouden zijn. In dat geval zijn deze, afgescheiden van de plaatjes, naar omstandigheden te rangschikken onder Kramerij, of, evenals losse banden voor boeken (et), onder Papier van alle soorten. Afzonderlijk ingevoerd, zijn de bedoelde omslagen of kokers, al zijn ze ook voor een bepaald doel bestemd, in elk geval belast. Res. 13 Oct. 1890, no. 24, V. no. 104.

Verg. verder Portretten en Prenten of platen,

(a) Zie aant. 8 op den post Papier.

PHOTOGRAPHISCHE FILMS. Zie Films.

„ TOESTELLEN, door photographen tot eigen gebruik als reisbagage ingevoerd (1). Zie aant. 8 op art. 6 dezer Tariefwet. (1) In andere gevallen zullen deze toestellen, of gedeelten daarvan, belast moeten worden als Instrumenten, physische. (Bed.)

PHYSISCHE INSTRUMENTEN. Zie den post Instrumenten . . PIANO\'S (1), als Instrumenten, muziekinstrumenten. Zie de lijst, gevoegd bij de res. van 24 Januari 1865, no. 38, V. no. 11.

(1) Zie aant. 8 op art. C dezer Tariefwet, nopens de vrijstelling van invoerrecht voor piano\'s door buitenslands gevestigde kunstenaars medegebracht of hun nagezonden om bier te lande te worden bespeeld, en daarna weder te worden uitgevoerd.

„ Buitenkasten voor —, waarin, hoewel zij zijn voorzien van ecnig binnenwerk, de zangbodems, snaren, enz. ontbreken, als Houtwerk. Res. 31 Auij. 1843, no. 07, V. no. 130 . . . PIANOSNAREN van koper en staal, als Koper- of Staaldraad. (Red.).

PIASSAVA, zijnde onbewerkte plantenvezels (1). (Red.).....

(1) Zie hierbij Plantenhaar.

PICALILY, als Groenten, ingemaakte. (Red.).........

PIEKEN. Zie den post Ammunitie, allerhande, enz......

PIJPAARDE. Zie onder Aarde voor aardewerk, enz.......

PIJP- en MOMBANDEN, als Ijzerwerk. Renvooi, JVef 1845 . . . PIJPEN. Aarden tabakspijpen. Zie den post Aardewerk . . . .

Maatstaf.

100 kgr. waarde

waarde waarde waarde

waarde

waarde waarde

waarde

5 pet.

Vrij

Vrij

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

Vrij

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

-ocr page 174-

PIJP.

332

331

A K ï I K E L E N.

PIJPEN. Aarden tabakspijpen, gemonteerd met caoutchouc, als Aarden tabakspijpen; zie Aardewerk. lies. 10Sept. 1SG1,

no. 69.....................

„ Elenspijpen. Zie Flenspijpen.

„ Gaspijpen. Zie Gasgeleiders, alsmede onder Ijzer. „ Gegoten ijzeren —, dienende om het water van den condensator naar den waterreiniger eener stoommachine te voeren.

(Red.)

„ Geheel afgewerkte koperen —, bestemd om tot gasbuizen te dienen, als Opgemaakt koperwerk; zie Koper. Ites.

15 Januari 1863, no. 57, V. no. 21..........

„ Gesmeed ijzeren pijpen, met toebehooren, uitsluitend geschikt en bestemd voor do koelinrichting eener stoombierbrouwerij.

(Eed.)

„ Getrokken geelkoperen pijpen, van binnen en buiten vertind, voor distilleertoestellen, als Fabriekswerktuigen. J\'es.

18 Oct. 1876, no. 81, Tr. no. 96, en Wet 1877.......

„ Getrokken ijzeren pijpen voor putboring, als Ijzerwerk, (lied). „ IJzeren pijpen of buizen, gegoten of getrokken, tot afvoer van water van daken, voor verwarmingstoestellen, heetwater-ovens en dergelijke, als Ijzerwerk. Zie de Bijz. Bepaling,

met noot c, op den post Ijzer............

„ IJzeren pijpen voor telegraafpalen, als Ijzerwerk. (Red.) . „ IJzeren —, bestemd om stoom van een stoomketel naar de daarbij behoorende stoommachine te voeren, als onder-deelen (1) van een Stoomwerktuig; zie Fabriekswerktuigen. (Red.)..................

(1) Zie aantt. 3 en 4 op Fabrichswcrhtuigen.

„ Koperen pijpen of staven (2), als Koper, bekkens, enz. (Ked.).

(2) Zie hierbij de aant. op Koperen -pijpen of staven.

„ Looden pijpen, alleen aan de binnen- en buitenzijde vertind en bestemd voor waterleidingen, als Lood, geplet, enz. (3). lies. 3 Aug. 1854, no. 94, V. no. 96, en Wet 1877 .....

(3) Van looden pijpen, inwendig vertind of met tin gevoerd, wordt mede geen invoerrecht geheven. (Ked.)

Ook looden bochten met koperen schroeven worden als onderdeelen van looden pypen vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed.)

„ Porseleinen tabakspijpen. Zie Tabakspijpen. „ Standpijpen voor brandspuitslangen. Zie Standpijpen. . . ,, Stoompijpen voor condensors, alsmede ijzeren stoompijpen.

Zie Stoompijpen.................

„ met toebehooren, uitmakende eene stoomleiding naar de droogkamers eener fabriek, worden niet als een stoomwerktuig aangemerkt, maar belast als Ijzerwerk. (Eed.) . . . „ vervaardigd van gips en kiezelaarde en dienende tot verpakking van stoombuizen. (Ked.)............

„ Vlam- of ketelpijpen, alsmede steun- of versterkingspijpen.

Zie Vlam- of ketelpijpen, met de aantt.

„ Waterpijpen. Zie aant. 2 op Vlampijpen.

PIJPEN of BUIZEN. Aarden —, dienende voor waterleidingen, riolen, draineeringen, enz., ook dan, wanneer ze van gedroogd cement vervaardigd zijn, als Pottenbakkerswerk; zie

Aardewerk. Hes. 17 Oct. 1883, no. 6, V. no. 96.....

„ Gebakken steenen —, uit kruikenspecie vervaardigd en bestemd voor riolen en trechters, als Pottenbakkerswerk;

zie Aardewerk. Bes. 15 Aug. 1863, no. 13.......

„ IJzeren —, voor verwarmingsbuizen, als Ijzerwerk (1). (Eed.). (8) Zie hierbij de Bijt. Bepaling, met noot c, op den post Ijzer. PIJPENBUIGMACHINES, uitsluitend voor fabriekmatig gebruik

bestemd, als Fabriekswerktuigen. (Eed.) .........

PIJPHOUÏ met de wrakken. Zie onder Hout.........

PIJPKLEMMEN. (Red.).................

Maatstaf.

waarde

waarde

waarde

waarde waarde

waarde

waarde

waarde

waarde waarde

waarde

-ocr page 175-

PIJP. — PLA.

333

334

A R T I K E L E N.

Maatstaf.

Rechten.

PIJPSNIJDERS, snij ijzers met toebehooren, snijbanken, tappen en

dergelijke. Bes. 5 Deo. 1890, no. 20, F. no. 124........

PIJPTANGEN en SOCKETTANGEN, als Gereedschappen. (Red.).

PIK. Zie Pek. Benvooi, Wet 1845 ..............

PELLEN van Dr. Brissaud en Pinkpillen van Dr. William, beide soorten bestaande uit geneeskrachtige bestanddeelen en omgeven door een laagje amylum met suiker. Ue Fiscus no. 508,

blz. 895.....................

„ Holloway-pillen on zalf, in doosjes en potjes. (Red.) . . .

waarde

W

(1) PIMENT en NAGELPEPER.............

100 kgr

f 1.00

(1) Yoor de Statistiek afzonderlijk op te geven onder de hoofdrubriek Peper.

(Eed.)

PINCOPS. Afval van —. Zie onder Afval..........

PINE VAIINISH. Olie van houtteer, eeno vloeistof, voornamelijk tot scheopsgebruik bestemd, als Olie, niet afz. belast. Jgt;cs. 25 Febr. 1803,

no. 42, F. no. 47, en 24 Febr. 1888, no. 47, V. no. 28......

PINKPILLEN. Zie onder Pillen..............

PINNEN. Stalen —, voor kaardenband (1), afzonderlijk ingevoerd, als Staalwerk. Bes. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 90. (Red.) . . .

(1) Zie hierbij het artikel Kaardenband.

PINSBEK, als Koper. Renvooi, Wet 1845.

PIQUÉ en PIQUÉ MOLTON, als Manufacturen, lienvooi, Wet 1822,

en Bes. 19 3Iei 1823, no. 298, F. no. 86...........

PISTACHES, eene eetbare vrucht, die als grondstof voor sommige suikerbakkersproducten gebezigd wordt, als Vruchten, gedroogde,

niet afz. belast. (Eed.).................

PISTOLEN. Zie don post Ammunitie, allerhande, enz......

PISTOOLHOLSTERS. Zie den post Ammunitie, allerhande, enz. PISTOOLKOGELS. Zie den post Ammunitie, allerhande, enz. . . PITTEN. Abrikoze- en perzikpitten, als Amandelen. Bes. :gt;0 Dec.

1898, no. 85, F. no. 120...............

„ Kaarsepitten, uit gevlochten katoenen garen bestaande, als Manufacturen, passementwerk, linten en band. Bes. 17 -f nni 1859, no. 38, F. no. 08, en 28 Januari 1804, no. 28 ....

„ Palmnootpitten. Zie Palmnootpitten.........

PLAATIJZER. Zie onder Ijzer, smeedijzer, enz.........

„ Gegalvaniseerd geslagen —•, of gegalvaniseerd ijzerblik (1), als Plaatijzer; zie onder Ijzer, smeed-, enz. Bes. 8 Oct. 1802, no. 35......................

Vrij Vrij

(1) Opgerolde strooken van gegalvaniseerd plaatijzer of ijzerblik worden ook vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed.)

PLAATJES tot koperen munt. Zie onder Koper........

„ in den vorm van medaillekmisen, als Koper, bekkens, ketels, enz. Tariefwet, B. en Kbh. 190.........

„ in lichtdruk, bestemd voor geïllustreerde catalogussen, als

Steendruk. (Red.)................

„ voorstellende stadsgezichten, gebouwen, kleederdrachten en dergelijke in photographic of steendruk (souvenirs, albums, enz.) gebonden in boekjes, of vervat in losse omslagen of kokers (1). als Prenten of platen. Bes. 18 Oct. 1890, no. 24, F. no. 104....................

(1) Zijn de omslagen of kokers ook voor andere doeleinden te gebruiken en dus afzonderlijk verkoopbaar, dan is het invoerrecht, verschuldigd naar omstandigheden, als Kramerij of, evenals losse banden voor boeken (a), als Papier van alle soorten.

Afzonderlijk ingevoerd, zijn de bedoelde omslagen of kokers, al zijn ze ook voor een bepaald doel bestemd, in elk geval belast. Jtcs. als hoven, (a) Zie aunt. 8 up don post Papier.

„ Klemplaatjes. IJzeren —, tot bevestiging van spoorwegrails op ijzeren of stalen dwarsliggers. Zie aant. 1, noot e, op

Spoorwegen..................

„ Koperen spijkerplaatjes, (lied.)...........

Vrij

100 kgr. waarde

waarde

waarde waarde waarde waarde

100 kgr. waarde

/\' 0.55 \' Vrij

5 pet.

5 pet.

5 pet. 5 pet. 5 pet. 5 pet.

ƒ 4.00

quot;gt; pet. Vrij Vrij

Vrij

Vrij Vrij Vrij

Vrij

-ocr page 176-

PLA.

OO/»

Oö()

nss

A R T I K E L E N.

PLAATJES. Prentjes of plaatjes, kennelijk bestemd om daarop een ge-lukwensch, eene aanbeveling of iets dergelijks te schrijven, of te doen drukken, of wel daarmede reeds bedrukt (2) als Papier van alle soorten (3) of als Kramerij. Hes. 14 Juli 1890, vo. 7, V. no. 59...............

(2) Hieronder vallen niet de prenten of platen met daarop gedrukte adressen van fabrikanten of handelaren (z.g. reclamekaarten) welke alleen voor hen bruikbaar zijn en dus niet te verkoopen door marskramers of in galanterie- en speelgoedwinkels of dergelijke, maar meer bepaald de prentjes of plaatjes, die niet een gelukwensch of iets dergelijks zijn bedrukt.

Ook is het niet voldoende, dat daarop een adres, een gelukwensch, eene aanbeveling of iets dergelijks kan worden gedrukt of geschreven, maar moeten zij kennelijk daartoe bestemd zijn, hetzij dan dat die bestemming uit het openlaten van eene afzonderlijke ruimte aan de vóórzijde of wol op andere wijze blijkt. Rcs. \'22 Juli 1891, ito. 81, V. no. 8G.

(3) Zie hierbij de res. van 6 Pebr. 1889, no. G, V. no. 13, opgenomen in aant. 1 op Papier.

PLAKALMANAKKEN en SCHILDEN voor scheurkalenders, tevens plakalmanakken zijnde (1), als Drukwerk of Steendruk (2). (Red.)

(1) Zie hierbij Schilden voor schettr/calenders.

(2) Drukwerk en Steendruk worden, krachtens Eenvooi, Wet 1845, gerangschikt onder Boeken.

PLAKFIGUREN. Z.g. —, ook barden genaamd, zijnde figuren van

papier in étuis, als Kramerij. (Red.)...........

PLAKGOM, of zoogenaamde kantoorlijm, in doosjes, busjes, potjes of ileschjes ingevoerd, als Kramerü- Res. 27 Dec. 1862, no. 65,

V. 1863, no. 11..................

„ op andere wijze ingevoerd. Hes. alsvoren........

PLAKPLAATJES of PLAKPRENTJES, als Prenten of platen.(Kcd.) PLAMUUR-, TEMPER-, SCHRAP- en STOPMESSEN, als Gereedschappen. lies. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105.......

PLANKEN. Gips —. Zie Gipsplanken...........

PLANKEN en DELEN, als Hout, scheepsbouw- en timmerhout.

Jlenvooi, Wet 1845, en Wet 1877 ..............

PLANKJES. Zie Houten plankjes.

PLANTEN. Zie Boomen ................

„ Gedroogde grassen, bladeren en mossen, alsmede pauwe-veeren en ruwe kurkschors, te zamen ingevoerd. (Eed.) . . quot;PL ANTE]N\' HA AR, zoogenaamd erin vêgétal, al dan niet geverfd, doch niet gekruld of gekroesd (1) (2). Res. 27 Maart 1894, no. 50, F. wo. 32.

(1) Gekruld of gekroesd zijnde is het recht verschuldigd als van Haar, bewerkt of t/csponnen, belast met 5 pet. der waarde. Bes. alsvoren.

Ook wordt het invoerrecht van 5 pet. geheven van erin végétal, hetwelk gekruld of gekroesd en daarna geworteld is, d. w. z. waaruit de wrong door middel van eene wortelmachine is losgemaakt om het voor het gebruik meer geschikt te maken. De Fiscus, no. 443, blz. 253.

(2) Eeeds bij res. van 18 Juli 18G8, no. 57, V. no. 83, was bepaald, dat dit plantenhaar, zijnde onbewerkte plantenvezels, bestemd tot het opvullen van meubelen, matrassen, enz., evenals alfa of alfagras en andere dergelyke onbewerkte plantaardige voortbrengselen vrij van invoerrecht kon worden toegelaten.

PLANTENSAP, zijnde extract van Kentucky-tabak, besterad lot het

sausen van tabak. (Red.)................

PLANTENVEZELS. Zie aant. 2 op Plantenhaar.

PL ANTEN WAS. Zie Was, geel of ongebleekt........

PLANTSOEN- of PLANTGEWAS. Zie Boomen, enz. Renvooi,

Wet 1845 • • ..................

PLAQUES DECOUPÉES. Zoogenaamde —, dienende tot het maken van letters en figuren, als Kramerij. (Eed.).........

*PLATED of PLEETWERK (1).............

(1) Pleetwerk is ook genoemd in den post Koper, opgemaakt koperwerk, enz.

PLATEN. Zie Prenten of platen.............

PLATEN van blik. Zie onder Blik.

Maatstaf. Rechten.

waarde , 5 pet.

Vrij

waarde

5 pet.

5 pet. Vrij Vrij

Vrij Vrij

Vrij

Vrij

Vrij

Vrij

waarde

Vrij

Vrij

Vrij

5 pet. 5 pet.

Vrij

waarde waarde

-ocr page 177-

PLA.

337

33S

ARTIKELEN. ! Maatstaf. Rechten.

_____I I

PLATEN van noteboomenliout, voor geweren bestemd en gezaagd.

Zio onder Hout, noteboomenhout, enz.........

,, van spiauter of zink. Zie Spiauter of zink, geplet, enz. .

„ van staal. Zie Staal................

„ van zink, aan de hoeken afgerond en verder bewerkt om te

worden bedrukt, als Zinkwerk; zie Spiauter of zink. (Eed.) waarde „ van zink, gesneden in den vorm van lozanges, als Zinkwerk;

zie Spiauter of zink. (Eed.) ............ waarde

„ van zink, gesneden in den vorm van nokbedekking, als

Zinkwerk; zie Spiauter of zink. (Eed.)...... . waarde

„ voor drukkerijen gegraveerd, als Fabriekswerktuigen. Hes.

15 Mei 1853, no. 153, en Wet 1877 ..........

„ Asphalt-platen. Zie Asphaltplaten.

„ Bouwplaten, om door kinderen te worden uitgeknipt, ter vervaardiging van verschillende voorwerpen, als huizen, enz.

als Prenten of platen. (Eed.) . .........

„ Cementplaten, vuurvaste, als Steen, ongebakken. (Eed.). . „ Doorboorde —, bestemd voor het raspen van tabak en uitsluitend daarvoor geschikt zijnde, als onderdeden (1) van Fabriekswerktuigen. (Eed.)............

(1) Zie aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

„ Doorboorde ijzeren —, die blijkens vorm en samenstelling, uitsluitend (2) geschikt zijn om als onderdeden (3) van Fabrieks-, landbouw- en stoomwerktuigen te worden gebezigd. (Eed.).................

(2) Platen, ook voor andere doeleinden geschikt, worden belast als Ijzerwerk. (Eed.)

(3) Zie aantt. 3 en 4 op Fahriekswerktuigen.

„ Doorboorde zinken —, voor oesterparken, als Zinkwerk;

zie Spiauter of zink. (Eed.)............ waarde

„ Gebogen, gegalvaniseerd ijzeren —, als Ijzer, smeedijzer, enz.

Res. S Auf). 1856, no. 95, V. no. 83..........

„ Gebogen ijzeren —, uitsluitend geschikt om te dienen als topplaten voor stoomketels, als onderdeelen (4) van Stoomwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. (Eed.).....

(4) Zie aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

„ Gegolfde platen of bladen van zink, van bepaalde afmetingen(5) en pasklaar (0), voor dakbedekking of dergelijke (7), als Zinkwerk; zie Spiauter of zink. lies. 4 Sept. i885, «o. 30,

V. no. 101.................... waarde

(5) Hieronder te verstaan de enkele vaste afmetingen, waarin bedoelde platen worden ingevoerd, in tegenstelling van de zeer verschillende afmetingen van geplet zink, dat nog geen bepaalde besteraming heeft. (Red.)

(6) Zij moeten n.1. geschikt zijn voor dadelijk gebruik, al moet bij het leggen of stellen van enkele platen een hoek af- of uitgesneden worden. Het is bovendien onverschillig of de platen al dan niet zijn voorzien van haken of van gaten voor spijkers of bouten om ze vast te hechten. (Red.)

(7) O.a. de gelijksoortige platen, bestemd voor scheepsbouw, alsmede die zinken platen, welke gesneden zijn in den vereischten vorm voor nokbedekking. (Eed.)

„ Gegoten ijzeren —, als Ijzerwerk. (Eod.).......waarde

,, Gegraveerde looden — voor plaatdrukkerijen, als Fabriekswerktuigen. Hes. 12 April 1848, no. 25, en Wet 1877 . . . „ Gegraveerde stalen — voor het maken van afdrukken, als Fabriekswerktuigen. Hes. 11 Juli 185(5, na. 28, en Wet 1877. „ Geperste platen van houtzaagsel (8), als Houtwerk. (Eed.). waarde

(8) Xylolith (Steinholz) wordt vervaardigd van houtstof — gemalen hout — en waterglas. Door een zeer zwaren druk tot een geheel gebracht, komt het in samenstelling veel overeen met papier, dat door persing geschikt is gemaakt tot het vervaardigen van voorwerpen,

waartoe in \'t algemeen meer vaste grondstoffen worden gebruikt, en vervangt dan ook linoleum, muurtegels, geasphalteerd bordpapier, enz.

(Red.)

-ocr page 178-

PLA.

340

339

ARTIKELEN.

PLATEN. Geplette ijzeren —, met ruitsgewijze strepen (Tóles gauffrêes), dienende tot de vervaardiging van trappen, deuren, doksels op putten, enz., als Ijzer, smeedijzer, enz. Res. 4 Fehr. 1863,

oio. 40, V. no. 33.................

„ Houten — voor stoven. Zie Houten Platen......

„ IJzeren en stalen, vlakke en gegolfde platen, al of niet gegalvaniseerd en ongeacht haren vorm — dus ook rondo — zijn te beschouwen als onbelast plaatijzer (9). Hebben de platen eene verdere bewerking ondergaan, zijn daarin bijv. gaten aangebracht, dan is het recht van 5 pet. der waarde verschuldigd, tenzij zij moeten dienen voor den bouw van een schip of voor de vervaardiging van stoomketels of andere van invoerrecht vrijgestelde werktuigen (10). lies. 15 Sept. 1897, no. 14, F. no. 98.

(9) Zie onder IJzcr, smeedijzer, enz.

(10) Platen, zonder nadere bewerking, zijn dus, ongeacht do bestemming, vrij van invoerrecht toe te laten. Dc Fiscus, no. 4G9, blz. 505.

„ IJzeren —, van fijne gaatjes voorzien, dienende tot de bewerking van uitgegraven ijzererts ter plaatse der graving, als

Ijzerwerk. (Eed.)................

„ IJzeren —, van gaten voorzien (11), bestemd om, na aaneenge-klonken te zijn, een zoutpan uitte maken, als Ijzerwerk. (Eed.)

(11) Indien bedoelde platen zijn aangegeven als onderdeden van fabriekswerktuigen en bevonden worden uitsluitend tot fabrieksgebrnik en dus niet tot andere doeleinden geschikt te wezen, kunnen zij vrij van invoerrecht worden toegelaten. (Red.)

„ IJzeren — voor een waterbak, ten dienste van een stoomketel, mits, blijkens vorm en afmetingen, uitsluitend voor fabrieksgebruik geschikt, als Fabriekswerktuigen. (Eed.). „ IJzeren — voor pelmolens, kenbaar aan de scherpe gaten, welke aan dc eene zijde eene rasp vormen met een rand om deze vast te klinken, als onderdeelen (12) van Stoomwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. Jïex. 17 Fehr. 1888, no. 8, V. no. 25.

(12) Verg. aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

„ IJzeren —, bestemd voor een reservoir eener drinkwaterleiding, als Ijzerwerk. (Eed.)............

„ IJzeren —, cirkelvormig gesneden, bestemd voor bodems van

ijzeren fusten, als Ijzerwerk. (Red.).........

„ IJzeren buckelplaten. Zie IJzeren buckelplaten .... „ IJzeren fundeeringsplaten en stutten voor een stoommachine,

als Ijzerwerk. (Ked.)...............

„ Koperen —. Zie onder Koper, geslagen of geplet, enz. . . „ Koperen en zinken drukplaten. Zie Drukplaten. „ Loodon —• voor accumulatoren. Zie Accumulatoren . . . „ Pantserplaten (13) als Ijzerwerk. (Red.)........

(13) Alleen zoodanige pantserplaten, welke aan te merken zijn als plaatijzer (zie onder IJzer, smeedijzer, enz,) of als deelen van schepen, kunnen vrij van invoerrecht worden toegelaten. (Eed.)

Verg. aant. fi op Schepen, deelen van —.

„ Pelplaten. Zie Pelplaten.

„ Ploegplaten, ijzeren, lies. 7 Januari 1803, no. 13, F. no. 14 . „ Roodkoperen —, eenvoudig geplet op de vereischte afmetingen en bestemd om tot halzen omgebogen en gesoldeerd te worden, als Koper, geslagen of geplet, lies. 3 Dec. 1802, no. 70, F. no. 136, en 8 Mei 1863, no. 20, F. no. 71, en IIV/ 1877. . „ Satineerplaten van zink, ten dienste eener papierfabriek. (Eed.) „ Stalen onderlegplaten en randplaten voor dwarsliggers van spoorwegen (14). (Red.)...............

(14) Zie aant. 1 op Spoorwegen.

,, Stereoscoopplaten, al dan niet op carton of op hout geplakt.

lies. 6 Nov. 1863, no. 40..............

,, Stereotype drukplaten, als Fabriekswerktuigen. Hes. 22 Dec. 1854, no. 28, V. no. 176, en 25 Fehr. 1863, wo, 41, en Wet 1877.

Maatstaf.

waarde waarde

waarde

waarde waarde

waarde

waarde waarde

-ocr page 179-

PLA. — POE.

341

342

ARTIKELEN.

PLATEN. Traptreeplaten. Zie Traptreeplaten.

„ Welplaten, dienende om ijzeren voorwerpen aan eikandor te wellen en bestaande uit een ijzergaas, bekleed met een chemische verbinding van borax en ijzeroxyde. De Fiscus

no. 443, blz. 258 .................

„ Zilveren geperste —, tot het maken van lepels en vorken, gedeeltelijk afgewerkt, doch nog ongeschikt voor gebruik en voorzien van languetten, tot proefnemingen (15), als Zilverwerk, gedeeltelijk voltooid; zie Goud- en zilverwerk. (Red.)

(15) Verg. hierbij Zilveren reepen.

„ Zinken drukplaten. Zie Drukplaten.

PLATEN of TABLETTEN, saamgesteld uit bruinsteen en teer, bestemd voor telephonen, als onderdeelen van Instrumenten, phy-sische, enz. (Red.)...................

\'PLATINA, BEWERKT, ALSMEDE PLATINADEAAD.........

„ *ruw of in staven. Wet 1845.............

PLATINADRAAD. Zie den post Platina...........

PLATINA KETELS, als Platina, bewerkt. Res. 11 Juli 1873, no. 7,

V. no. 87......................

PLATINA KROEZEN, als Platina, bewerkt, lies. 11 Juli 1873, no. 7,

F. no. 87......................

PLAT-INDIGO, als Verfwaren. Renvooi, Wet 1845.

PLAVUIZEN, gewone effen gekleurde, zonder bijmengsel, enkel uit leem of klei gebakken en zonder versiering (1), als Gebakken Steen; zie onder Aardewerk, lies. 20 Juni 1885, no. 31, V. vo. Go, en 24 Juli 1890, no. 64, V. no. 63.............

(1) Verg. hierbij het artikel Tegels.

PLEETVVERK, Zie de posten Koper en Plated of pleetwerk. .

PLEISTER, als Gips. Renvooi, Wet 1845 ...........

„ Zie ook Engelsche pleister en Kleefpleister.

PLEISTERS in enveloppen, met gebruiksaanwijzing, als Kramerij.

(Red.)

PLETMOLENS en PLET WERKTUIGEN. Zie onder Molens. PLEITPERSEN voor boekdrukkers, als Gereedschappen. (Red.) . PLOEGEN. Ondergrondsploegen, schildploegen, aanaardploegen, schoiïelploegen, enz., als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. van 6 Oct. 1862, no. 179, V. no. 101, art. 1, en

Wet 1877 ......................

PLOEGPLATEN. IJzeren —. Res. 7 Januari 1863, no. 13, V. no. 14. PLOMBEERSEL. Onbewerkt goud en caoutchouc, bestemd om daarmede tanden en kiezen te plombeeren. (Red.)........

PLOOIMACHINES, die met de hand bewogen worden, als Gereedschappen. Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105.......

PLUGGEN, SLUITSTUKKEN en FLENZEN voor gas- en waterleidingen, ofschoon in den handel onder den algemeenen naam van fittings bekend, zijn belast ills Ijzerwerk. Res. 18 Nov. 1892,

no. 18, V. no. 107...................

PLUIMEN en VEEREN. Toilet —. Zie den post Modewaren . . PLUIS. Hoeden van —. als Hoeden. Res. 25 Fehr. 1854, no. 42, V. no. 23. „ Beverpluis (gezuiverd beverhaar), uitsluitend dienende tot het vervaardigen van hoeden, als Haar, onbewerkt. Res. 21 Dec.

1863, no. 46, V. no. 168...............

PLUKSEL. Engelsch geweven —, als Manufacturen. Res. 3 Dec. 1S62,

no. 67, F. no. 138...................

PODDINGMEEL. Liebig\'s en Weener — (1), als Aardappelenmeel-fabrikaten, niet afz. belast. Res. 28 Mei 1886, no. 84, F. no. 49 .

(1) Zie hierbij Meelpraeparaten.

PODDINGPOEDER (1), als Aardappelenmeelfabrikaten, niet afz. belast. Res. 28 Mei 1886, no. 84, V. no. 49..........

(1) Zie hierbij Meelpraeparaten.

POEDER. Asthma-poeder (1). (Red.).............

(1) Zie hierbij de aant. op Asthma-poeder.

Maatstaf

waarde

5 pet.

het kgr.

f O IO

Vrij

het kgr.

ƒ o.:o

hot kgr.

„ ü.10

het kgr.

„ 0.10

waarde waarde

waarde waarde waarde

waarde 100 kgr.

100 kgr.

-ocr page 180-

POE. — POM.

344

ARTIKELEN.

POEDER. Bronspoeder, (een tot do verfwaren belioorend artikel, hoofdzakelijk bestaande nit zeer fijn verdeelde metalen, niet met olie vermengd), in groote verpakking (2). Ites. 15 Aug. 1863, no. 14, V. no. 118, en 6 Juni 1868, no. 66, V. no. 67. . . .

(2) In \'pakjes, fleschjes of andere kleine verpakking (a) ingevoerd, zal dit poeder gerangschikt moeten worden onder Kramerij. Zie res. van 16 Juh 1888, no. (i, V. no. 87.

ia) Bronspoeder, in pakjes van 500 gram, wordt nog beschouwd als in

kleine verpakking ingevoerd. (Red.)

Zie daaromtrent ook aant. 1 op Verfstoffen, niet in olie gewreven.

„ Conservepoedor van Dr. Rügor (3), als Zout, geraffineerd.

(Eed.)

(3) Dit poeder liestaat uit een mengsel van gelijke deelen borax en chloornatrium. (Red.)

„ Creolinepoeder (4), als Olie, niet afz. belast. lies. 20 Juni 1890, no. 24, V. no. 4\'.).................

(4) Zie hierbij de aant. op Creosoot.

„ Erwtensoeppoeder, hoofdzakelijk bestaande uit erwtenmeel, als Aardappelenmeel-fabrikaten, niet afz. belast, lies.

12 Fehr. 1892, no. 29, V. no. 17............

Polijstpoeder. Zie Brillantine.

„ ■ Sodapoeder, in zakjes, als Kramerij. (Red.).......

,, Waterglaspoeder, bestaande uit waterglas en koolzure soda, doch zonder vet, olie of zeep. (Red.).........

,, Zeeppoeder. Zie den post Zeep.

., Zilverpoeder, geschikt om daarmede te verzilveren, in doosjes, busjes, potjes, fleschjes, pakjes of op andere dergelijke wijze ingevoerd, zoodat het zonder verdere verpakking in den kleinhandel kan worden in omloop gebracht, als Kramerij. lies. 10 Fehr. 1865, no. 91.....\'...........

„ op andere wijze ingevoerd, lies. alsvoren........

POEDERCHOCOLADE (gemalen cacao, bereid met suiker of andere vreemde bestanddeelen), in elke verpakking, als Chocolade, met

suiker bereid. Res. 14 Sept. 1891, no. 4, V. no. 101.......

POEDERSUIKER. Zie Druivensuiker.

POETSLAPPEN, die geheel overeenkomen met die, bedoeld bij Ros. van 21 Mei 1863, no. 92, en 11 Juli 1864, no. 52, als Manufacturen. Tarief wet, 11. en K., bis. 106............

POETSMIDDELEN. Zie Brillantine.

POETSSTEEN. Zie Schuursteen.

POIL DE BRÈME. Zie Bremerhaar............

POIRÉ, bij Renvooi, Wet 1845, gelijkgesteld met Perendrank (1). Zie den post Appel-, peren- en meedrank.........

(1) Alleen aan den accijns als 11 ij n onderworpen. Zie de artt. 2 en 41 dei-Wet van 20 Juni 1870, S. no. 127, V. no. 127, en § 6 der Kes. van 8 Sept. 1870, no. 50, V. no. 128.

POKHOUT. Zie onder Hout, fijn werkhout..........

POLEMIETEN, als Manufacturen. Renvooi, Wet 1845 .....

POLIJSTPOEDER. Zie Brillantine.

POLYGRAPHEN, werktuigen om geschreven schrift te vermenigvuldigen, naar hun hoofdbestanddeel. (Red.).........

POMMERANZEN SPIRITUS, als Gedistilleerd (1). lies. 14 Oct. 1857,

no. 48, V. no. 80....................

(1) Zie, nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd. POMPEN. IJzeren zuig- en perspompen, die met de hand bewogen

worden, als Ijzerwerk. (Red.)............

IJzeren —, voor schepen, tot geen ander gebruik geschikt.

(Red.)

„ Luchtpompen, ook die, voor een bijzonder doel ingericht, bijv. tot aanvoer van lucht in duikerpakken, als Instrumenten. Res. 17 Mei 1882, no. 62, V. no. 55......

Stoompompen, uitsluitend door stoom in beweging te brengen, als Stoomwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. (Red.)

Maatstaf.

100 kgr.

100 kgr.

100 kgr. waarde

waarde

100 kgr.

aarde

waarde

waarde

de HL. ad 50 pet.

waarde

waarde

-ocr page 181-

POM. — POÏ.

345

84(5

ARTIKELEN.

POMPEN. Wijnpompen (oversteekmachines), worden niet onder gereedschappen gerangschikt, maar belast naar hun hootdbestand-

deel. (Red.)......................

POMPKAST. Gegoten stalen — voor een door stoom te drijven

centrifugaalpomp van een stoomzandreiniger. (Red.)......

POMPWERKTUIG, waardoor lucht in het reservoir wordt gedreven, behoorende bij de Westinghouse-remtoestellen (1), als Stoomwerktuig; zie Fabriekswerktuigen. Res. 13 Aiuj. 1888, no. 58,

V. no. 94......................

(1) Zie hierbij aant. 1 op Remtoestellen.

PONSIJZERS, alleen voor labrieksgebruik geschikt. Zie onderijzers. PONSMACHINES, met handbeweging. Res. 5 Vee. 1890, no. 20, V. no. 124. POOÏEN van ossen, koeien, enz., als Lijmvleesch (1). Renvooi, Wet 1845 ......................

(1) Zie hierbij de aantt. op Klauwen van ossen, enz.

POOT WEK KTUIGEN, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. van G Oct. 1862, S. no. 179, V. no. 101, en Wet 1877. POPPENWAGENS van teen vervaardigd, doch voorzien van lederen kappen, voering, metalen wielen, enz. als Kramerij . . . „ van teen vervaardigd, en van gewoon houten onderstel voorzien. (Red.)...................

PORSELEIN. Zie den post Aardewerk...........

„ Cementporselein, zijnde een mengsel van loodwit, olie en terpentijn, als Verfwaren, in olie gewreven. (Red.). . . . „ Glasporselein, als Porselein; zie Aardewerk. Renvooi,

Wet 1845 ....................

PORSELEIN-AARDE. Zie onder Aarde voor aardewerk, enz. . . PORSELEINACHTIGE MELKWITTE GLAZEN LAMPEBALLONS, zonder lampen ingevoerd wordende, als Glas en glaswerk. Res.

29 Sept. 1854, no. 61, V. no.. 129..............

PORSELEINEN KNOOPEN, als Kramerij. Res. 7 Oct. 1804, no. 23. „ KOGELTJES voor eene distilleermachine, dienende om het verdampingsoppervlak te vergrooten, worden beschouwd als Knikkers, en dus belast als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op

dien post. (Red.).................

„ LICHTSCHERMPJES, en reliëf in doosjes, als Porselein;

zie Aardewerk. (Red.)..............

PORTLAND-CEMENT, als Steen, fijne tufsteen, tras of cement. Res. 15 Aug. 1856, no. 25, V. no. 84, en 12 Sept. 1863, no. 99, V. no. 136,

en Wet 1877 .....................

PORTRETTEN of voortbrengselen van daguerreotype (1), als Prenten

of platen. Res. 5 Nov. 1852, no. 39............

(1) Verg. hierbij Photograplnsche afbeeldingen, alsmede Schilderijen. POSTWISSELS. Formulieren voor —, evenals postzegels te belasten

als Kramerij. (Red.)............\'......

POSTZEGELS. Losse —, briefkaarten en briefomslagen met post-zegelstempel, zoo nieuwe als gebruikte, als Kramerij. Res.

19 Maart 1885, no. 9, V. no. 29...........

„ geplakt op vellen papier en kennelijk bestemd ten verkoop in het klein, voor verzamelingen of dergelijke doeleinden,

als Kramerij. Res. alsvoren.............

POTAARDE. Zie onder Aarde voor aardewerk, enz.......

POTASCH. Zie onder Asschen..............

POTASCHZOUT, als Chemicaliën. Renvooi, Wet 1845......

POTJES. Aarden — voor eene wolspinnerij, als onderdeelen (1) van Fabriekswerktuigen. (Red.) ..............

(1) Zie aantt. 3 en 4 op Fabricksicerlctuigen.

POTKAAS, niet aan de landzijde ingevoerd. Zie den post Kaas. . „ (2) aan de landzijde ingevoerd (1). Wet 1862, en Res. 10 Oct. 1862, no. 105, V. no. 105..............

(1) Zie hierbij aant. 1 op Kaas.

(2) Op de Statistieke Staten te brengen onder de rubriek: Kaan, potkaas, aan de landzijde ingevoerd. (Bed.)

Maatstaf.

waarde

waarde

waarde

waarde waarde waarde

waarde waarde

waarde waarde

waarde waarde waarde

100 kgr.

-ocr page 182-

848

84V)

847

POT. — PRE.

ARTIKELEN.

Maatstaf.

Rechten.

POTLOOD, als Verfwaren. Renvooi, Wet 1845.........

„ in pakjes, als Kramery. (Red.)...........

POTLOODEN, als Kramerij- ^ie de Bijz. Bepaling op dien post. .

POTTEN. IJzeren —. Zie IJzeren potten.

„ van gebakken klei, bestemd om in kachels te worden geplaatst, als Pottenbakkerswerk (1); zie Aardewerk. (Red.).

(1) Verg. hierbij Aarden huizen en pijpen.

,, Syphonpotten. Zie Syphons............

POTTEN en PANNEN. Aarden—, als Aardewerk. Renvooi, Wet 1845.

POTTENBAKKERSWERK. Zie den post Aardewerk.....

POUDRE DE RIZ, zoowel geparfumeerd als ongeparfumeerd, en hoezeer ook uit stijfsel bereid, als Reuk- en parfumeurswaren. (Red.).

POURBÉRINE. Zie aant. 7 op den post Zeep.

POWELS BALSEM van anijszaad met alcohol (1) als Likeuren; zie Gedistilleerd. (Red.)..................

(1) Zie, nopens recht en accijns, aantt 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

PRAEPARATEN. Meelpraeparaten. Zie Meelpraeparaten.

„ Microscopische —, tusschen glazen schijfjes besloten. Res. 2G Nov. 1864, no. 52, V. no. 110...........

„ Soda-praeparaten, hetzij deze gekristalliseerd of gecalcineerd zijn, evenals de natuurlijke Soda te rangschikken onder de Asschen (1). Res. 9 Oct. 1856, no. 27, V. no. 104.....

(1) Zio hierbij de res. van 25 Maart 1853. no. 42, V. no. 44, alsmede het artikel Droogwater.

„ Stropen, extracten en essences voor meiwijn en dergelijke praeparaten:

„ „ de alcohol-houdende (2) als Likeur; zie Gedistilleerd .................

,, „ die, welke geen alcohol, doch suiker, stroop of honig

bevatten, als Koek- en banketbakkerswerk . .

„ „ alle andere, als Chemicaliën.........

Res. 14 April 1868, no. 51, V. no. 48.

(2) Zie, nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post

Gedistilleerd.

„ Vuurwerken en munitiën, waarin buskruit voorkomt, zoomede andere ontstekingsmiddelen, die ontplofbare praeparaten bevatten, als Ammunitie, allerhande klein schiet- en handgeweer, enz. (3). Art. 1, voorlaatste zinsnede, Kun. besluit 15 Oct. 1885, iS\'. no. 187, V. no. 127, en Res. 16 Aug. 1890, no. 10, V. no. 81.................

(3) Zie hierbij de aantt. op Buskruit.

„ die nitro-glycerine bevatten, in het bijzonder dynamiet en lithofracteur, zoomede praeparaten, vervaardigd met knalkwikzilver en alle andere ontplofbare stoffen en mengsels, genoemd in art. 1 Kon. besluit van 15 Oct. 1885, S. no. 187, V. no. 127 (4), met uitzondering van dc ontstekingsmiddelen, genoemd in de voorlaatste zinsnede van dat artikel (5), als Buskruit (6). Res. 10 Aug. 1890, no. 10, V. no. 81 . . . .

(4) Zie hierbij aant. 1 op het artikel Ontplofbare stoffen.

(5) Deze ontstekingsmiddelen zijn belast als Ammunitie. Zie Praeparaten, vuurwerken, enz.

(6) Zie hierbij de aantt. op Buskruit.

*PRENTEN of PLATEN (1) (2). Wet 1862 ..........

(1) Ook prenten en platen en reliëf en uitgeknipte prenten en platen (bijv. verplaatsbare afbeeldingen der inwendige deelen van het mensche-lijk lichaam) in gedrukte cartonnen omslagen, worden vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed.)

Alsmede bouwplaten, bestemd om te worden uitgeknipt en vervolgens daaruit voorwerpen saam te stellen. (Red.)

(2) Zie hierbij de aantt. op Photographische afbeeldingen, alsmede het artikel Plaatjes.

„ in lijsten, geen zoogenaamde Ncurenburger zijnde, als Meubelen. Res. 16 Maart 1855, no. 143, V. no. 22......

Vrij 5 pet 5 pet.

waarde waarde

waarde

waarde waarde waarde

waarde

de HL. ad 50 pet.

5 pet.

5 pet.

5 pet.

5 pet.

5 pet.

ƒ 3.50

Vrij Vrij

ƒ 3.50

j 25.00 Vrij

dc HL. ad 50 pet.

100 kgr.

waarde

3 pet.

100 kgr.

ƒ 5.00

Vrij

waarde 5 pet.

-ocr page 183-

PRE. — PEÜ.

350

o 4\'.)

I

ARTIKELEN.

Maatstaf.

Beohten.

PRENTEN OF PLATEN, kennelijk bestemd om daaiop een geluk wensch, eene aanbeveling of iets dergelijks te schrijven of te doen drukken, of daarmede reeds bedrukt (3) als Papier van alle soorten (4) of als Kramerij. Bes. 14 Juli 1890, ho. 7, V. no. 59...............

(3) Hieronder vallen niet lt;le prenten of platen mot daarop gedrukte adressen van fabrikanten of handelaren (z.g. reclamekaarten), welke alleen voor hen bruikbaar zijn en dus niet te verkoopen door marskramers of in galanterie- en speelgoedwinkels of dergelijke, maar meer bepaald de prentjes of plaatjes, die met een gelukwensch of iets dergelijks zijn bedrukt.

Ook is het niet voldoende, dat daarop een adres, een gelukwensch, eene aanbeveling of iets dergelijks kan worden gedrukt of geschreven, maar moeten zij kennelijk daartoe bestemd zijn, hetzij dan dat die bestemming uit het openlaten van eene afzonderlijke ruimte aan de voorzijde of wel op andere wijze blijkt. Bes. 22 Juli 18\'Jl, no. 81, V. no. Sü.

(4) Zie hierby de res. (! Febr. 1889, no. C, V. no. 13, opgenomen in aant. 1 op Papier.

„ Kerk- en schoolprenten, als Prenten of platen, lies. IC Maart

1855, «o. 143, 7. no. 22...............

„ Neuronburger —, achter glas in lijsten, of wel op glas geschilderd, als Kramerij. Re*. 16 Maart 1855, no. 148, F. ho.\'22.

PRENTENBOEKEN, met beweegbare platen. (Eed.)......

PRENTENBOEKJES en PRENTEN, op carton geplakt, lies. 8 Fehr.

1865, no. 07...................

„ voorzien van gutta-percha kopjes. (Red.)........

PRENTJES. Bidprentjes (1). als Prenten of platen. (Red.) . . .

(1) Zie hierbij Kerkprentcn.

PRESERVITAS, een bederfwerend zout, voornamelijk dienende tot het conserveeren van vleesch, als Zout, geraffineerd. (Red.) . . . PREZENNINGDOEK (1). Zoogenaamd —, als Manufacturen, niet

afz. belast, lies. 31 Dec. 1864, no. 168, V. no. 132.......

(1) Zoogenaamd Prezemiingdoek, bij de Marine ook als Grauwdock bekend, wordt gebezigd voor het maken van scheepsprezenningen, dekkleeden, enz., en hier en daar ook voor moutzakken in branderijen, lies. alsvoren.

PRIKKEN,,als Visch, allerhande, enz. Renvooi, Wet 1857 . . . . PRINTANIÈRES worden, blijkens Renvooi, Wet 1822, gelijkgesteld met do Lijnwaden, die, bij Renvooi, Wet 1845, gerangschikt zijn

onder Manufacturen.................

PROEEKRANEN. Zie onder Kranen.

PROFIELIJZER, zooals het uit de walsen komt cn bestemd om

daarvan dwarsliggers te vervaardigen. (Red.).........

PROJECTEURS (zoeklichten) zijn, ofschoon voor scheepsgebruik bestemd, niet aan te merken als deelen van schepen, voor geen

ander gebruik geschikt. (Red.)..............

PRONKVOGELS (1). Res. 14 Aug. 186(5, no. 40, V. no. 118 . . . . (1) Zie hierbij aant. 4 op Wild cn gevogelte.

PRUIKEN. Zie den post Haar..............

PRUIKEN en KRULLEN. Zijden —. als Haar, bewerkt. Renvooi, Wet 1845 ......................

-PRUIMEN, MET UITZONDERING VAN VERSCHE (1) (2)......

(1) Do gedroogde pruimen, in gewone bussen vervat, waardoor zij alleen tegen den invloed der buitenlucht worden bewaard, behooren tot den tariefpost Pruimen, met uitzondering ran versehe. lies. 30 April 1863, no. 95.

(2) Bij invoer van gedroogde pruimen in ftexsehen is geen afzonderlijk recht verschuldigd voor de riesschen. Bes. 15 Oet. 1864, no. 69.

Zie verder de aantt. op Flesschcn.

„ Gedroogde —, van de pitten ontdaan, als Pruimen, met

uitzondering van versehe. (Red.)...........

„ Versehe —, als Vruchten, versehe. Res. 10 Oct. 1862, no. 105,

F. no. 105....................

PRUIMENMOES. Zie onder Moes.............

PRUNELLEN, als Pruimen, met uitzondering van versehe. (Red.).

waarde

5 pet.

Vrij

5 pet. Vrij

Vrij Vrij Vrij

waarde

100 kgr. waarde

ƒ 4.00 5 pet.

Vrij

5 pet.

Vrij

5 pet. Vrij

5 pet.

5 pet. f 1.50

waarde

waarde

waarde

waarde 100 kgr.

100 kgr.

waarde waarde 100 kgr.

ƒ 1.50

5 pet. 5 pet. ƒ 1-50

-ocr page 184-

PEIL — KAM.

351

A E T I K E L E N.

PRUSSIAS FEEEI en PRUSSIAS POTASSAE, als Chemicaliën.

Hes. 22 Januari 1839, no. 99, V. no. 4...........

PUDDING. Thomson\'s vanille —, in pakken, bevattende 38 pet. verzoetende stoffen, als Koek- en banketbakkerswerk. De Fiscus

no. 427, blz. 93 .................... 100 kgr.

PUDDINGMEEL en PUDDINGPOEDER. Zie Poddingmeel en Poddingpoeder.

PUIMSTEEN. Zie onder Steen..............

■\'\'TUIN, SCHELPEN en GEÏND zijn, blijkens de van Eegeerings-

wege uitgegeven Statistiek, vrij van invoerrecht. (Eed.).....

PULPE. Zie Beetwortelen. Afval van —..........

PULSOMETEES. (Eed.).................

PULVERISATEURS, z.g. aardappelenbesproeiers, dienende tot besproeiing van planten, heesters en kleine boomen niet oen desin-fectiemiddel tot wering van insecten, als Landbouwwerktuigen;

zie Gereedschappen. (Eed.)...............

PUNTEN van horens. Zie Horens.............

„ Stalen punten, voor zoogenaamde Gills of koperen latten,

tot het zuiveren van wol, in de wolspinnerijen, mits afzonderlijk ingevoerd, als Staalwerk. (Eed.)........waarde

PUNTEN, DEUKLIJNEN en KOMMA\'S. Koperen —. (Eed.) . . . PUNTSTUKKEN, behoorende bij wissels, als Ijzer- of Staalwerk. Bes. 15 Januari 1880, no. 33, V. no. 6, oprjenomen in aan t. 1

op Spoorwegen.................waarde

„ die het uiteinde van spoorstaven uitmaken, worden, als behoorende tot de lasch- en verbindingsplaten, vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed.)...............

PUTBOEING. Boorijzers voor —. lies. 19 Nov. 188C, no. 15, V. no. 105. waarde PYEIET, als Zwavel, erts. Zie lies. 17 Dec. 1808, no. 03, V. no. 127. PYEOLIGNITE D\'ALUMINE (houtzure aluinaarde) en PYEO-LIGNITE DE PEE (houtzuur ijzer). Zie Houtzure aluinaarde. PYEOMETEES, wanneer ze niet verbonden met bij behoorend stoomwerktuig worden ingevoerd, als Instrumenten, mathematische,

physische, enz. (Red.)..................waarde

QUADEANTEN. IJzeren —, ten dienste der stoommachines voor stoombooten, mits tot geen ander doeleinde kunnende worden gebezigd, als onderdeelen (1) van Stoomwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. (Eed.)..................

(1) Zie aantt. 3 en i op Fabriekswerktuigen.

QUASSIHOUT. Zie Kwassiehout.............

(• UINA LAEOCHE, een aftreksel van kinabast op wijn, als Wijn (1). Hes. 11 Sept. 1879, no. 53, V. no. 81............

(1) Alleen aan accijns onderworpen, zie aant. 1 op Wijn.

(QUININE, als Chemicaliën, lies. 15 Dcc. 1829, no. 133, V. no. 128. QU1ÏANTIËN. Formulieren voor — (Ij, als Papier van alle soorten.

Hes. G Febr. 1889, no. 6, V. no. 13.............waarde

(1) Zie aant. 1 op Papier.

EAAMIJZER. lies. 7 Januari 1863, no. 13, V. no. 14......

EAAMSTI.TLEN. Midden —, geheel gereed en geschikt om zonder verdere bewerking in het raam te worden bevestigd, als Houtwerk. waarde

(Eed.)

RAAPKOEKEN. Zie onder Koeken............

RAAPOLIE moet, als olie van plat en rond zaad, gerangschikt worden onder Olie, niet afz. belast. Renvooi, Wet 1845, en Wet 1877. 100 kgr.

RAAPZAAD. Zie onder Zaad, koolzaad, enz..........

„ Bombay raapzaad, als niet genoemde Oliezaden; zie onder Zaad, koolzaad, enz. Hes. 31 Aug. 1858, no. 1G2, V. no. 83,

en Wet 1877 ...................

EACAHOUT. Zie den post Koek- en banketbakkerswerk . . . 100 kgr. RACIN. Gedroogde en ongedroogde —. Zie onder Meekrap . . . RADBANDAGES. Zie IJzeren Radbandages.

RAMEN. Houten —, dienende voor de oestercultuur tot het opvangen van broed of jonge oesters, ter vervanging van de gebruikelijke dakpannen, als Houtwerk. (Red.)............waarde

Maatstaf.

-ocr page 185-

RAM. - REE.

354

A R ï I K E L E N.

Maatstaf.

Hechten.

RAMSONESTEEN, kunstmatig gegoten steen (IJ, als Steen, bewerkt.

(Red.)

(1) Beelden en andere voorwerpen van gegoten cement (ramsonesteen) worden als Gipsbeeldcn belast. (Red.)

RANDEN. Houten randen of reepen voor zeefbladen. Zie Houten omvatsels.

HANDEN of OPLEGGERS voor sigarenkistjes en dergelijke, al zijn op deze randen door steendruk of op andere wijze figuren, beeldjes of soortgelijke versieringen aangebracht (1), als Papier, pakpapier. Beti. 20 Mei 1887, no. 58, F. no. 40, en 6 Fehr. 1889, no. 0, V. no. 13.

(1) Zie aantt. 1 en 4 op Papier.

RANDPLATEN voor dwarsliggers van spoorwegen. Zie aant. 1 op

Spoorwegen, met noot c................

RATAFIA, als Gedistilleerd (1). Renvooi, Wat 1845 ......

(1) Zie, nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

RATELBOREN. lies. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124......

RATEN, niet met honig gevuld, als Was, geel of ongebleekt. J\'es.

12 Oct. 1854, no. 121, V. no. 140........!.....

RECLAMEKAARTEN van gekleurd glas of van geëmailleerd ijzer, als Glas en glaswerk of als Ijzerwerk. (Red.) .... „ Prenten of platen met daarop gedrukte adressen van fabrikanten of handelaren, en daardoor alleen voor hen bruikbaar en niet te verkoopen door marskramers of in galanterie-of speelgoedwinkels of dergelijke (1) (2). Jïes. 22 Juli 1891, no. 81, F. no. 8C.................

(1) Reclamekaarten van bordpapier met ingeslagen vergulde letters worden echter belast als Papier. (Red.)

Als zoodanig ■norden ook belast reclamekaarten van kartonpapier, waarin op de voorzijde een verzilverd ornament en adres zijn ingeslagen. (Red.)

Zie hierbij ook het medegedeelde bij Adreskaarten en Iteclamc-halenders, alsmede de aantt. op den post Papier.

(2) Volgens de Fiscus, no. 475, blz. 40, kunnen reclamekaarten ook belast zijn als Kramer ij. Als zoodanig belast worden genoemd bedrukte reclamekaarten in den vorm van een schip, waarvan het voorstuk beweegbaar is.

RECLAMEKALENDERS, bestaande uit een gekleurd kartonnen schild, waarin de naam van een firma en haar verkoopartikel is geslagen en voorts voorzien van verschuifbare datumaanwijzers,

als Kramery. (Red.)..................

REDDINGSBOEIEN, REDDINGSVESTEN en dergelijke, alsmede de groote toestellen, voorzien van blaasbalgen, luchtbuizen en misthoorns, welke ook onder den naam van reddingsboeien voorkomen:

samengesteld uit kurk of afval van kurk met linnen of

zeildoek, als Kurk, gesneden of gefatsoeneerd......

„ van caoutchouc of gutta-percha, als Gutta-percha, bewerkte voorwerpen van —, of als Voorwerpen van gom-elastiek;

zie Gomlastieken schoenen............

Hes. 1 Atuj. 1891, no. 7, V. no. 89.

REDDINGSBOOTEN, met toebehooren, als Schepen, schuiten en

vaartuigen, enz. (Red.).................

REDDINGSZEILEN, van zeildoek vervaardigd. J\'es. 0 Juli 1891,

no. 39, F. no. 75.................

„ niet van zeildoek vervaardigd, als Manufacturen. J\'es. nis-

voren .........\'.............

RED LIQUOR. Zie Houtzure aluinaarde, met aant. 1.....

IvEDÜCEEKKLEPPEN (1), met daarbij behoorende en tegelijk ingevoerde manometers. (Red.)................

(1) Reduceerkleppen zijn onderdeden van stoomwerktuigen en dienen om stoom van hoogen druk om te zetten in stoom van lageren druk. (Eed.)

REEHUIDEN. Onbereide —. Zie aant. 6 op Huiden, vellen en leder. REEPEN van stroo en spaan voor hoeden. Zie Stroo en spaan. „ van hoorn, dienende tot corsetbaleinen, als Kramerij. (Red.).

Vrij

waarde

5 pet.

Vrij

ƒ 3.50 5 pet.

V rij

5 pet.

de HL. ad

50 pet. waarde

waarde

Vrij

waarde

100 kgr. waarde waarde

waarde

5 pet.

./\' 10.00

5 pet.

1 pet.

Vrij

5 pet. Vrij

Vrij

Vrij Vrij ;gt; pet.

waarde

-ocr page 186-

REE. — EET.

355

356

ARÏIKELE N.

KEEPEN. Cylindervormig opgerolde, geplette of geslagen stalen —, als Staal, in bladen, platen en staven. Bes. 25 Aug.1864, no. 58, „ Houten roepen of randen voor zeefbladen. Zie Houten omvatsels.

„ Katoenen —, bestemd tot omwinding van stoompijpen, als

Manufacturen. Be Fiscus no. 443, blz. 253.......

„ Zilveren —, op ongelijke dikte geplet en bestemd om daaruit lepels en vorken te vervaardigen (1). Res. 18 Nov. 1862, no. 102. (1) Verg. hierbij Platen, zilveren —.

REEPJES of STROOKJES van bordpapier, op maat gesneden, bestemd voor weverijen, nog onvoorzien van patroongaten (1), als Papier van alle soorten. (Red.)..............

(1) Zijn deze machinekaarten reeds door het inslaan van gaten als anderszins voor het beoogde doel geschikt gemaakt, dan worden zij vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed.)

REGISTERS, wit of gelijnd. Zie den post Papier.......

REUISTREERTOESTELLEN en REGULATEURS, behoorende bij en tegelijk ingevoerd (1) (2) met toestellen (dynamo\'s) en werktuigen, dienende om fabriekmatig electriciteit op te wekken tot bet voortbrengen van licht of het voortbrengen van kracht, alsmede met electrische motoren, dienende om beweegkracht, ontleend aan een electrischen stroom, op fabriekswerktuigen over te brengen, als gedeelten (3) van Fabriekswerktuigen, lies. 5 Nov. 1892, vo. 46, V. no. 100...................

(1) Afzonderlijk ingevoerd zijn deze toestellen belast als Instrumenten, pjiysische. Res. 5 Nov. 1892, no. 46, V. no. 100.

(2) Van elk dezer toestellen kan slechts één geacht worden te behooren bij het electrische werktuig, waarmede zij tegelijk worden ingevoerd. De meerder aanwezige zijn, evenals de afzonderlijk ingevoerde, te belasten als Inslrumenten, physisehe. Bes, 13 Januari, 1897, no. 100, T. no. 9.

(3) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

REGULATEURS. Zie Registreertoestellen.

„ Gasdrukregulateurs, niet uitsluitend voor fabrieksgebruik

geschikt, als Instrumenten. (Red.)..........

REGULATORS voor smidsbalgen. Hes. 5 Dec. 1890, no. 20, V, no. 124. REISBAGAGE. Zie art. 6, letter d, dezer Tariefwet, met de aantt. REKENINGEN. Formulieren voor rekeningen, al of niet met aangehechte brieven (1), als Papier van alle soorten. Bes. C Fehr. 1889, no. 6, V. no, 13.....................

(1) Zie hierbij aant. 1 op den post Papier,

REMTOESTELLEN. Westinghouse-remtoestellen en onderdeelen daarvan (1), als Ijzerwerk of als Voorwerpen van gom-elas-tiek; zie den post Gomlastieken schoenen. Bes. 13 Aug. 1888, no. 58, V, no. 94....................

(1) Het pompwerktuig fa), waardoor de lucht in het reservoir wordt gedreven, is als stoomwerktuig (zie den post Fabrieksiverktuigen) vrij van invoerrecht. Bes. alsboven.

ia) Alleen het luehtzuigwcrktuig (ejector) wordt als vrijgesteld beschouwd; alle overige onderdeelen van een remtoestel (vacuumbrake) worden als belast beschouwd en gerangschikt onder Ijzerwerk of onder Voorwerpen van oom-elastiek. (Red.)

RESIDU DE GOMME ARTIFICIELLE, als Aardappelenmeel-fabri-

katen, niet afz. belast. Bes. 4 Aug. 1853, no, 126.......

RETORTEN. Gebakken aarden gasbuizen, retorten of kroezen, bestemd om daarin de steenkolen door verhitting te ontdoen van de gasdeelcn, als Fabriekswerktuigen (1). Bes. 3 Nov. 1858, no. 5G, V. no. 100, e7i Wet 1877 .................

(1) Ook worden kunstmatig gedroogde aarden buizen (retorten), uitsluitend geschikt tot het zuiveren en smelten van zinkasch en zinkerts in een zinkoven, behoorende bij een zinkfabriek, als onderdeelen (n) van Fabrieksiverkheigen vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.)

(//) Zie aantt. 3 en 4 op Fdbriekswerh\'tnUjt\'n.

Maatstaf.

waarde

wn arde

waarde

waarde waarde

waarde

waarde

100 kgr.

-ocr page 187-

REU.

357

358

ARTIKELEN.

^REUK- en PARFUMEURSWAREN, BLANKETSEL, LAVENDELOLIE, MAKASSER-OLIE, ROZENOLIE EN ALLE WELRIEKENDE OLIE EN WATER (1-4)

5 pet.

{gewijzigd, Wet 1877, art. 4).

(1) Hieronder behooren sedert de Wet van 1877, ook bcrganwlolie, citroenolie en olie van oranjebloesem (oleom neroli) en alle welriekende oliën, welke vroeger als Olie belast waren, terwijl het thans voor de tarifiëering, als Reuk- en ■parfnmcursivaren onverschillig is of de welriekende oliën in oorspronkelijken staat worden ingevoerd, en al dan niet onmiddellijk als reukwater gebruikt kunnen wor den. Verg. Ees. van li Juni 1877, no. 71, V. no. 54, § 5, en de rubriek Olie in de Wet van 1802.

Zie ook Eau aromatique en Eau de fleur d\'orange.

(2) Bevatten bergamotolie, citroenolie, anysolie en andere icelrickende oliën meer alcohol dan in verhouding van vijf liter per hectoliter van 15° C., dan behooren zij onder de vloeistoften, bedoeld bij art. 2, lett. li, der Wet van 20 Juni 1802, S. no. 62, V. 1803, no. 00, en zijn zij dus onderworpen aan de betaling van accijns en invoerrecht als gedistilleerd, tegen een sterkte van 90 pet. (verg. art. 2, § 1, lett. c, der Wet van 1 Mei 1863, S. no. 47, V. no. 76).

Om te onderzoeken of deze oliën alcohol bevatten, vermenge men door sterk schudden één deel der oliën met twee deelen pekel. Na een rust van twee dagen zijn de oliedeeleh aan de oppervlakte der vloeistof verzameld en kunnen dan gemakkelijk door middel van een zuigtoestel van het overige worden afgescheiden. Door hetgeen na de verwijdering dier oliedeelen overblijft in een gewonen distilleertoestel af te stoken, blijkt het of, en zoo ja, hoeveel alcohol aanwezig is. lies. 11 Maart 1872, no. 53, V. no. 24.

(3) Spuitjes, busjes, kunstruikers en andere dergelijke met reukwerk gevulde kleine voorwerpen, die na lediging geen handelswaarde meer hebben, onverschillig of de inhoud al of niet alcohol bevat, behooren in hun geheel en dus met den inhoud als Kramery te worden belast. Wanneer echter die voorwerpen, ieder meer dan drie centiliter alcoholisch reukwater bevatten, en hunne bewerking niet van dien aard is, dat zij zeiven het meest bijdragen tot de waarde van het geheel, is alleen accijns en invoerrecht verschuldigd van het reukwater, op denzelfden voet als bij invoer in gewone verpakking. Jics. 20 Fcbr. 1869, no. 13, K mo. 21.

(4) Doosjes, mandjes en dergeiyke, waarin kleine fleschjes of busjes met alcoholisch reukwater worden ingevoerd, moeten voor de toepassing van het tarief van rechten als Kramer ij worden belast, ten ware van hun inhoud alléén meer aan accijns en invoerrecht als Gedistilleerd verschuldigd mocht zijn, In dit laatste geval zijn de wettelijke bepalingen omtrent de belasting op gedistilleerd op dien inhoud van toepassing en kunnen de voorwerpen zelve als emballage worden beschouwd. In de aangifte van dergelijke voorwerpen moet dus, behalve de waarde van het geheel, ook vermeld worden hoeveel de inhoud aan reukwater bedraagt, welke inhoud daartoe vooraf door ambtenaren moet worden opgenomen op de wijs die hun naar den aard der voorwerpen het meest geschikt voorkomt. De opneming en aangifte der juiste hoeveelheid reukwater kan echter worden nagelaten, wanneer deze voor elk doosje, enz. kennelijk minder dan drie centiliters bedraagt, hetgeen alsdan uit de aangifte moet blijken. Bevinden zich in de doosjes, enz. ook andere parfumerieën of stukjes zeep, dan moet dit insgelyks in de aangifte worden vermeld, en moet de waarde daarvan onder die van het geheel worden begrepen, terwijl overigens het hier-voren gezegde omtrent de belasting als Kramery of Gedistilleerd van toepassing blijft. Wordt evenwel in deze gevallen van het reukwater accijns en invoerrecht geheven, dan moet ook de zeep afzonderlijk worden aangegeven en is daarvan als zoodanig mede invoerrecht verschuldigd. Van het overige behoeft geen invoerrecht te worden geheven.

De ambtenaren moeten overigens bij de toepassing van het vorenstaande met oordeel te werk gaan, daar het bedoelde artikel in zulk een verscheidenheid van vormen in den handel voorkomt, dat het ondoenlyk is, voor al die verschillende gevallen, stellige en gedetailleerde voorschriften te geven. Bes. 5 Januari 1872, no. 46, opgenomen in aant. 13 op art. 2 der Wet van 1 Mei 1863, S. no. 47, Tquot;. no. 76.

Voormelde res. van 5 Januari 1872, no. 46, heeft enkel betrekking op doosjes, mandjes en dergelijke, waarin fleschjes of busjes met alcoholisch reukwater worden ingevoerd en dus niet op losse fleschjes van gewonen vorm of in dien van dieren, enz. Doch bij invoer in gemengde verpakking behoeft niet angstvallig onderscheiden te worden tusschen dergelijke fleschjes en de voorwerpen, bedoeld in genoemde resolutie of in die van 20 Febr. 1869, no. 13, V. no. 21 (aant. 3). Enkele losse fleschjes, te zamen met dergelijke voorwerpen ingevoerd, kunnen alzoo eveneens als Kramery ten invoer worden toegelaten, mits de omstandigheden geene aanleiding geven om aan opzet tot ontduiking van den accijns te denken, en de bedoelde fleschjes niet meer dan drie centiliters alcoholisch renk-

Hechten-.

Maatstaf.

waarde

-ocr page 188-

TiETT. — PJ.TS.

359

360

A ]! ï I K E L E N.

Maatstaf.

Hechten.

water bevatten (a). Kcs. 22 Sept. 1873, no. 42, opgenomen in aant. 14, op art. 2 tier Wet van 1 Mei 1863, iS\'. no. 47, V. no. 70.

(a) Bij aangifte van de hierbedoclde voorwerpen wordt do hoeveelheid reukwater steeds \'opgenomen, tenzij de verpakking in mandjes plaats vond, en de inhoud van elk mandje kennelijk minder dan 3 centiliter bedraagt. (Iied.1

EEUKFLESCH.TES, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepalinr/ op dien post. REUKWATERS, met alcohol bereid. Zie den post Gedistilleerd (1).

(1) De sterkte wordt geacht 90 pet. te bedragen. Zie daaromtrent, alsmede nopens de berekening van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12

op Gedistilleerd.

„ zonder alcohol. Zie den post Reuk- en parfumeurswaren. quot;(1) REUZEL. Zie Roet, smeer, enz............

(1) Op de Statistieke staten wordt reuzel als een afzonderlijke post opgenomen. Verg. hierbij aant. 4 op Hoet enz,

REUZELOLIE, in aard en bestemming overeenkomende met talkolie, als Olie, niet afz. belast. (Red.)............

PREVALENT A ARABICA (1)..............

(1) Het recht van f 0.40 per 100 kgr. wordt steeds toegepast, hoe ook de revalenta arabica is verpakt. (Ued.)

„ Beschuit van —, als Revalenta arabica (Red.).....

RICINUS- of CASTOR-OLIE. als Olie, niet afz. belast. Jte* April

1882, no. 34, V. no. 44..................

RIEMEN. In het ruwe bekapte of zoogenaamde beslagen riemen;

zie onder Hout, masten enz.............

„ Geschaafde of afgewerkte, als Houtwerk. Zie aant. 16 op

Hout.....................

„ Bind- of naairiemen. Zie Bindriemen alsmede Lederen

Naairiemen.

„ Drijf —. Zie Drijfriemen.

„ Slagriemen. Zie Lederen Slagriemen. RIEMVERBINDERS. IJzeren —, voor drijfriemen, als onderdeden (1) van Fabriekswerktuigen. De Fiscus no. 185, blz. 252.....

(1) Zie liierhij aantt. 3 en 4 op Fabriekstoerlctuigen.

RIET. Zie Biezen en riet................

„ Artikelen van riet, o. a. stoelen, tafels, bloemenmanden, als Meubelen, lies. G Januari 1877, no. 71, V. no. 54, § 3. . . „ Artikelen van riet, bijv. spoorwegmandjes, werkmandjes, sleutelmandjes, enz,, die in den regel in galanterie- en speelgoedwinkels verkocht worden, als Kramerij. Res. 22 Oct.

1877, no. 25, F. no. 96...............

„ Stukjes riet, afgesneden op de maat en bestemd ten gebruike voor weverskammen, als onderdeelen (1) van Fabriekswerktuigen. Hes. 30 April 1863, no. 99, V. no. 66, met aant. 1,

en Wet 1877 ...................

(1) Zie aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

RIETEN STOKJES, gekleurd, in bosjes gebonden en op gelijke lengte afgesneden, om te dienen ter vervanging Van de baleinen in parapluies en parasols, als Balein, gesneden of gespleten. (Ued.) RIETPLANKEN. Zie Gipsplanken.

RIGA BALSEM, als Gedistilleerd (1). (Ued.).........

(1) Zie, nopens do berekening van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op don post Gedistilleerd.

RIGGELS of LATTEN. Geel geverniste of vergulde —, bij den voet verhandeld wordende, om daarvan lijsten te maken, als Lijsten.

lies. 30 Juni 1853, no. 209 ................

RIJS. Zie onder Hout, waarden, enz.............

RIJSBEZEMS. Zie onder Hout...............

(1) RIJST en rijst in doppen of paddy. Wet 1862........

„ (1) Afval van —, waaronder verstaan wordt gemalen afval van rijst, in den grond geheel van rijstmeel en andere meelsoorten onderscheiden en hoofdzakelijk als veevoeder gebruikt

wordende. Res. 18 Nov. 1862, no. 98, V. no. 125.....

(1) Zie, nopens de Statistiek, aant. 4 op Granen.

waarde de HL. ad 50 pet.

5 pet. ƒ 3.50

waarde

5 pet. Vrij

100 kgr. 100 kgr.

100 kgr. 100 kgr.

ƒ 0.55 f 0.40

„ 0.40 „ 0.55 Vrij 5 pet.

waarde

Vrij Vrij 5 pet.

waarde

waarde

5 pet. Vrij

de HL. ad 50 pet.

/\' 3.50

waarde

5 pet. Vrij Vrij Vrij

Vrij

-ocr page 189-

RIJS. — EOE.

361

362

ARTIKELEN.

(2) RIJSTMEEL (1), vervalt. Wet 1877 ...........

(1) Ook in kleine verpakking (a) wordt rijstmeel vrij van invoerrecht toegelaten. Tarief wet, 11. en K., bh. 214.

ia) Zie, nopens hetgeen onder kleine verpalc/cinij moet worden verstaan, aant. 1 op Verfstoffen, niet in olie gewreven, enz. *

(2) Zie nopens de Statistiek aant. i op Granen.

„ Geplette rijst, in pakken, z.g. Blue Bill Flaked Rice, bestaande uit gestoomd en geplet rijstmeel en bestemd tot het maken van puddingen (8), als Aardappelenmeel-fabri-katen. (Red.)..................

(3) Verg. het artikel Mcclpraeparatcn.

„ Rijst- en gerstemeel van Groult Jr. te Parijs (crème de riz en crème d\'orge), als Aardappelenmeel-fabrikaten, niet at\'z. belast (4). (Red.)................

(4) Zie hierbij aant. 5 op Mcclpraeparatcn.

^RIJTUIGEN (1)....................

(1) Zie, nopens den vrijdom voor reisrijtuigen, art. C, lett. c, dezer Tariefwet.

RIJTUIü-ASSEiS, naar hun hoofdbestanddeel, als Ijzer- of Koperwerk. Res. 31 Dec. 1841, no. 15S. V. 1842, no. 15.......

RIJWIELEN. Zie Vélocipèdes.

RINGEN, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post . . . „ IJzeren sluitringen voor stoomspinnerijen, als Ijzerwerk.

(Red.)

„ Ringen van caoutchouc. Zie Caoutchouc-ringen.

RIVET. Zie onder Cement................

RIVIERVISCH. Zie Visch, allerhande, enz..........

ROBBENSPEK. Zie Walvischspek............

ROBBENTRAAN, als Traan. Zie aant. 1 aldaar........

ROBBEVELLEN. Bereide en onbereide —. Zie onder Huiden . . ROB BOYVEAU LAFFECTEUR (1). Res. 26 Sept. 1863, no. 69 . .

(1) Indien mocht blijken, dat dit artikel in galanteriewinkels of door marskramers wordt verkocht, dan den vrijdom van rechten niet toe te passen. Tariefwet, R. en K, bh. 214.

ROBIJNEN, als Juweelen. Renvooi, Wet 1845 .........

ROCOU of ORLEAN. Zie Orlean.

ROEDEN. IJzeren trap- of gordijnroeden, met koper omkleed, naar

het hoofdbestanddeel te belasten. (Red.)....... .

„ Molenroeden. Zie Molenassen en Molenroeden . . . .

ROEDIJZER. Zie onder Ijzer, smeedijzer, enz.........

ROEIRIEMEN. Zie Riemen.

ROET, schoorsteenroet, als Mest, niet afz. belast. Renvooi, Wet 1854. *(4) ROET, SMEER, TALK en REUZEL (1—3). Wet 1862 . . . .

(1) Hieronder wordt begrepen het uitgesmolten vet of smeer, in vaten van verschillend gewicht aangevoerd en kennelijk voor fabrieksgebruik bestemd; zoomede dat, hetwelk zich rondom de nierec en darmen van geslacht vee bevindt, ook dan, wanneer het in zijnen natuurlijken staat wordt ingevoerd, blijvende alle ander versch vet, dat als voedingsmiddel voor den mensch kan gebezigd worden, onderworpen aan het recht van Vleesch, allerlei vleesch of spek, enz. («). Bijz. Bepaling, Wet 185Ü.

(a) Thans is zoodanig vet vrij van invoerrecht, behalve wanneer het met vleesch of daaraan verbonden, wordt ingevoerd. Zie res. 12 Maart 1863, no. 52, V. no. 54.

(2) Verg. verder het medegedeelde onder Vet.

(3) Alle Renzcl, hetzij versch, hetzij gezouten en onverschillig op welke wijze aangebracht, moet zonder betaling van rechten worden toegelaten. Res. 12 Maart 1863, no. 52, V. no. 54.

(4) Op de Statistieke staten worden als afzonderlijke posten naar alphabetische orde opgenomen:

reuzel;

talk, roet, smeer.

Res. 29 Dec. 1890, no. 134, V. no. 135.

Het wordt wel van belang geacht voor de afzonderlijke en juiste vermelding van de ingevoerde reutel zorg te dragen; ook zal het wenschelijk zijn te voorkomen, dat ruwe margarine onder talk of smeer wordt begrepen. (Ked.)

Maatstaf.

100 kgr.

100 kgr. waarde

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

waarde

-ocr page 190-

ROE. — ROZ.

364

3G3

ARTIKELEN.

ROEVEN of WELLEN van zink (1) (2), als Zinkwerk; zie Spiauter of zink. Res. 11 Febr. 1867, no. 30, V. no. 15.........

(1) Hieronder worden verstaan reepen of strooken zink van eene bepaalde lengte en breedte, in de lengte aan beide zyden voorzien van een opstaanden rand, waarvan de bovenkant naar binnen is omgebogen, en die bestemd zijn tot dakbedekking. Jfcs. alsvorcn.

(2) Ook geplette roeven of lijsten van zink, met omgebogen kanten, worden als Zinkwerk belast. Res. 8 Nov. 1861, no. 58.

ROGGE, als Granen en peulvruchten. Renvooi, Wet 1845, en

Wet 1877 ......................

ROKKEN en BORSTROKKEN, geweven of gebreid, als Manufacturen. Renvooi, Wet 1845 ................

ROLLEN. Houten rollen of schijven voor stoomspinmachines, doch ook voor andere doeleinden geschikt, bijv. voor wielen van wagentjes,

als Houtwerk. (Red.).................

ROLLENOMKLEEDSEL voor boekdrukkerijen. Zie Mengsels van

lijm en stroop....................

ROLLENSTOF van wol, bestemd tot bekleeding van spin- en van span-machinerollen in de katoenspinnerijen, als Manufacturen. (Red.).

ROMMELING. Gezouten —. Zie onder Visch.........

ROODE AARDE. Zie onder Aarde voor aardewerk, enz.....

„ Gemalen —. Zie onder Aarde............

ROODE of MACASSAARSCHE VISCHJES, in flesschcn, als Eetwaren; zie Koek- en banketbakkerswerk. Res. 30 Oct. 1880,

no. 128, V. no. 101...................

ROODKRIJT in stukken, om te teekenen, als Kramerij. Zie de Bijz.

Bepaling op dien post.................

ROOMKOMMEN, ROOMSCHALEN. ROOM STAN GEN en AFROOM-LEPELS. IJzeren —, als Gereedschappen (1). Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105...................

(1) Mits uit de inrichting de bijzondere bestemming blijkt om by de zuivelbereiding gebruikt te worden. Anders toch zyn deze voorwerpen belast. Mes. i Deo. 1891, no. 45, V. no. 117, opgenomen in aant 5 op Gereedschappen.

ROOMTONNEN. Vertind ijzeren —, als Landbouwgereedschappen; zie Gereedschappen (1). (Red.)...........

(1) Zie hierbij ook aant. 5 op den post Gereedschappen.

ROOSTERIJZERS (vuurstaven), uitsluitend geschikt voor vuurhaarden voor stoomketels. (Red.)...............

ROOSTERS. Houten — voor graanzuiveringsmachines. Tariefwet,

R. en K., blz. 178...................

ROOSTERSTAVEN, voor verschillende doeleinden geschikt, als

Ijzerwerk. De Fiscus no. 427, blz. 93...........

ROSKAMMEN, als Ijzerwerk. (Red.)............

ROSMOLENS, met toebehooren, als Landbouwwerktuigen; zie

Fabriekswerktuigen. (Red.)..............

ROTHE FRUCHT-FARBE. Zie Frucht-farbe.

*ROTTINGEN. Bindrottingen. Wet 1862 . ..........

„ Gespleten getrokken rotting, al dan niet geglansd. (Red.) . ROTTINGEN, WANDELSTOKKEN, al of niet gemonteerd, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post..........

ROZENHOUT, als Hout, fijn werkhout. Renvooi, Wet 1845. . . . ROZENHOUT-OLIE, als Reuk- en parfumeurswaren. Renvooi,

Wet 1845 ......................

ROZENKRANSEN. Zie aant. 1 op den post Goud- en zilverwerk. ROZENOLIE. Zie den post Reuk- en parfumeurswaren. . . .

ROZIJNEN, niet afzonderlijk belast (1).........

„ *Korent- of zwartrozijx, Samos- (2)(3) en Denia-rozijnen (2). Wet van 19 Maart 1888, S. no. 50, F. no. 78 (4).

(1) Hieronder worden geacht ook Adrimiti-rozijnen («) te behooren, onverschillig of zij voor azijnmakerijen bestemd zijn of niet. Alleen korent- of zwartrozijn, Samos- en Denia-rozijnen kunnen worden ingevoerd tegen het recht van ƒ0.25 (6).

Maatstaf.

waarde

waarde waarde

waarde

100 kgr. waarde

waarde waarde

waarde

waarde

waarde

100 kgr. 100 kgr.

-ocr page 191-

KUL — SAC.

365

366

ARTIKELEN.

Maatstaf.

Eeohten.

Yoor alle andere rozijnen, ongeacht de qualiteit en bestemming, is het recht van f 1.— de 100 kgr. verschuldigd. (Eed.)

(a) Dozo rozijnen zijn herkomstig van Adrimiti, hetwelk in Klein-Azië ligt aan de golf van dien naam. (Red.)

(b) Doch dan moet omtrent de soort geen twiifel bestaan; zoo noodig zal een bewijs van oorsprong kunnen worden overgelegd. (Red.)

(2) Onder Samos- en Denia-rozijnen alleen te verstaan rozijnen, die in het bijzonder voor de rozijn-azijnmakeryen dienen (o), in tegenstelling van de betere soorten (J), welke door koek- en banketbakkers of als toespijs kunnen worden gebruikt, en die, ook wanneer zij uit Dcnia of Samos worden aangevoerd, ais liozynen, niet afz. belast, onderworpen zijn aan het recht van f 1.— (lt;•) de 100 kgr. Rcs. 15 Maart 1867, io. 7, V. no. 36.

(a) Verg. aant. 1 hiervoor.

(b) Naar men vermeent moeten tot de betore rozijnsoorten worden geacht te be-hooren Muscadeh of Sultana-rozijnen, hoezeer ook van Sfnnos of üenia ingevoerd, doch niet de werkelijke Denia-rozijnen al zijn deze van zoodanige goede qualiteit, dat zij ook voor andere doeleinden dan voor azijnmakerijen kunnen gebezigd worden. (Red.)

Samos-rozijnen worden noch door koek- en banketbakkers, noch als toespijs gebruikt. quot;Wel worden zij soms in het roggebrood gebakken, doch kunnen op dien grond niet onder de betere rozijnsoorten worden gerangschikt. (Red.)

(c) Het invoerrecht is gewijzigd in overeenstemming met de Wet van 19 Maart 1888, S. no. 50, V. no. 78.

(3) De Hamos-rozijnen zijn een eigenaardige licht kenbare rozijnsoort, alleen groeiende op het eiland Samos, en steeds gepakt in vaten van 180 —200 kgr. Zie aant. 1 op V. 1867, no. 36.

(4) Bij deze wet is het invoerrecht voor de niet afz. belaste rozijnen van elke herkomst van ƒ2.— op f 1.— verminderd. Het recht van 25 cent de 100 kgr. voor korent- of zwartrozijn, Samos- en Denia-rozijnen bleef onveranderd, lies. 25 Juni 1888, no. 51, V. no 80.

De verlaging is een gevolg van het met Spanje gesloten handelsverdrag, waarby Nederland met de meest begunstigde vreemde natie werd gelijkgesteld. Daartegenover werd o. a. de verplichting aangegaan geen hooger invoerrecht dan van f 1.— de 100 kgr. te heffen van de Maluga-rozijnen, die begrepen zijn onder de rubriek Rozijnen, niet afz. belast. Verg. het Kon. Besluit van 8 Juni 1888, S. no. 89, V. no. 77. - De verlaging kon echter niet tot Spaansche rozijnen beperkt blijven, maar moest worden uitgestrekt tot gelijksoortige rozynen van andere landen, die voor hunne voortbrengselen aanspraak hebben op gelijkstelling met die der meest begunstigde natie. Algemeene verlaging van het recht had bovendien dit voordeel, dat het groote verschil verminderd werd tusschen rozijnen, voor tafelgebrnik bestemd, en die, welke hoofdzakelijk als grondstof voor azijnmakerijen dienen. Dit verschil gaf bij de heffing van rechten telkens aanleiding tot moeielijkheden. Mem. van toelichting op het betrekkei ijk wetsontwerp. Zie aant. 2 op V. 1888, no. 78.

RUIMERS. Res. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124.........

RUM (1), als Gedistilleerd. Itenvooi, Wet 1845 ........

(1) Zie, nopens de heffing van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post

Gedistilleerd.

RUM-ESSENCE, als Likeur; zie Gedistilleerd (1). Re*. 20 Januari 1881, no. 70, V. no. 7...........\'.......

(1) Zie, nopens de heffing van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd, zoomede het medegedeelde bij Essences.

RUN. Zie Schors, gemalen................

SAAI, als Manufacturen. Renvooi, Wet 1822 .........

SABELS. Zie den post Ammunitie, allerhande, enz.......

SACCHARINE (2) (3), een sterk zoetmakend fabrikaat uit steen-kolenteerolie, ook wel ingevoerd onder den naam van bcn-zoëzuur-suKinide, als Specerijen. Res. 17 Sept. 1888, no. 68, V. no. 108 (1)..................

(1) Volgens deze res. bedroeg de prijs destijds frs. 130 per kilogram. „ Methyl-saccharine (2) (3), eene stof van nieuwe vinding, in

samenstelling eenigszins verschillend van de gewone saccharine, en deze in zoetmakend vermogen nog overtreffende, als Specerüen. Res. 18 Dec. 1889, no. 3, V. no. 121.....

(2) Zie. nopens de inzending van statistieke opgaven betreffende de ingevoerde partijen, het tweede lid der resolutie, V. 1889, no. 121.

Deze opgaven worden thans na afloop van ieder kwartaal ingezonden, terwijl daarin niet alleen de ingevoerde saccharine en methyl-saccharine, maar ook, elk afzonderlijk, de ingevoerde saccharine-tabletten en de in aant. 3 hierna vermelde artikelen worden begrepen. (Red.)

waarde de HL. ad 50 pet.

de HL. ad 50 pet.

5 pet. ƒ 3.50

„ 3.50

Vrij 5 pet. 5 pet.

waarde waarde

waarde

5 pet.

waaide

5 pet.

-ocr page 192-

SAC. — SAL.

368

307

ARTIKELEN.

(3) Carbonado sulfiné de benzine, zuckerin,saccliarol,sykosc,krystaUosc,glusidum, dulcin, sucrol en glucinc komen grootendeels overeen met saccharine en methyl-saccharine en worden dus evenzeer gerangschikt onder den post Specerijen.

(Eed.)

S ACCH A KINE-ÏA BLEÏTEX, bestaande uit manniet, eene niet tot de suikers beboorende stof, en uit slechts 5 pet. saccharine, worden belast als Kramerj). (Red.)..............

SACCHARIN-SYRUP. Zie onder Stroop.

SACCHARIN-ZUCKER. Zie aant. 6 op Suiker.

SACCHAROL. Zie aant. 3 op Saccharine..........

SACCHARUM SAÏURNI of LOODSUIKER, als Chemicaliën. lies.

6 Mei 1828, no. 1, F. no. 80...............

SAFFIAANLEDER. Zie aant. 10 op Huiden, vellen en leder . .

SAFFIEREN, als Juweelen. Renvooi, Wet 1845 ........

SAFFRAAN. Zie den post Specerijen............

SAFFRANINE. Zoutzure —, eene kunstmatige kleurstof. (Red.) . . SAGO (1—2), niet meer dan 10 pet. verzoetende stoften (3) bevattende eu bestemd tot het bereiden van poddingen, soepen, sausen en dergelijke, als Aardappelenmeel-fabrikaten, niet afz. belast (4). Uk*. 28 Mei 1880, no. 84, V. no. 49. . .

(1) De kenmerken der sago zijn omschreven in de res. van 24 Dee. 1838, no. 141, V. no. 139.

(2) Terg. nopens Sago flores of Bloem van sago, uit eene meelachtige zelfstandigheid bereid, de res. van 24 Dec. 1838, no. 141, V. no. 139; terwijl ook uit de Memorie van Beantwoording op het Verslag over het Ontwerp der Tariefwet van 1877, opgenomen in Weekblad no. 224, blijkt, dat Sago -flores (a) en dergelijke belast zijn als Aardappelenmeel-fabrikaten. (Bed.)

(a) Zie ook aant. 1 op Sarjomeel.

(3) Bevatten de meelpraeparaten meer dan 10 pet. verzoetende stoffen, dan behooren zij tot den post Koek- en banketbakkerswerk. Hes. V. 1886, no. 49.

Verg. het artikel Meelpraeparaten.

(4) Beeds bij de res. van 8 Juli 1845, no. 149, V. no. 101, werd sago, uit aardappelenmeel vervaardigd, gerangschikt onder Aardappelenmeel-fabrikaten.

„ ruwe. Zie Sagomeel.

(3) SAGOMEEL, in den handel ook genaamd rmve sago, in oor-spronkelijkeu toestand ingevoerd, zonder eenige bereiding of bewerking ondergaan te hebben (1), kan niet als meelpraeparaat beschouwd worden (2). Res. 7 Maart 1889, no. 29, V. no. 23 . . .

(1) Blijkens Bes. V. 1889, no. 23, wordt hier bedoeld het onbewerkt voortbrengsel, rechtstreeks verkregen uit den stam van Indische palmsoorten, waaruit verschillende artikelen (paarl-sago, sago-flores, enz.) bereid worden, en tevens dienende tot vervanging van aardappelenmeel, vooral ter vervaardiging van massó, glucose en tarwe- of aardappelenstroop.

(2) Bij Benvooi, Wet 1845, werd oorspronkelijke sago onder Drogerijen gerangschikt. Zie de aant. op dien post.

(3) Zie, nopens de vermelding op de Statistieke staten, de in aant. 2 hiervoor bedoelde aant. op Drogerijen.

SAGRADAWIJN, een vloeistof, vervaardigd uit wijn, alcohol, suiker en een aftreksel van sagrada, als Zoete likeur; zie Gedistilleerd(1).

(Red.)

(1) Zie, nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd. SAJET. Garens van —, meer dan tweedraads getwijnde, geverfd of

ongeverfd. Zie den post Garens.......... •

„ Garens van —, andere. Zie onder Garens van wol en sajet. SAKSISCH BLAUW, als Blauwsel. Renvooi, Wet 1845.

SALICYLZUUR, in doozen, als Chemicaliën. (Red.)......

SALMIAK-PASTILLES, bestaande uit salmiak en drop, als Drop.

lies. 10 Sept. 1892, no. 40, V. no. 87.

SALMONIAK, vliegende geest, als Chemicalien. Re». 25 Sept. 1823,

no. 142, V. no. 159, en Res. 8 Mei 1803, no. 19........

^SALPETER. Ruwe — (1). Wet 1802 ............

(1) Zie hierbij aant. 6 op Suiker nopens een mengsel, bestemd tot het con-serveeren van vleesch en spek.

Maatstaf.

waarde waarde

waarde

100 kgr.

de HL. ad 50 pet.

waarde

-ocr page 193-

SAL. — SCH.

369

370

ARTIKELEN.

^SALPETER. Geraffineerde —. Wet 1862 ...........

„ Chilisalpoter, als Salpeter, ruwe. Hes. 5 Januari 1S54, no. 69,

V. no. 1....................

SALPEÏEI!-AEÏHER. Zie onder Aether.

SALPETERZUUR, als Sterkwater. Renvooi, Wet 184ó.....

SALSAPARILLE, in lieschjes niet etiquetten. (Red.)......

SALSAPARILLE-STROOP wordt vrij van invoerrecht toegelaten, uithoofde deze stroop, ofschoon suiker bevattende, niet gerangschikt kan worden onder de dranken, bedoeld bij de Res. van 14 April 1868, no. 51, V. no. 48 (1), daar zij uitsluitend geschikt is voor geneeskundig gebruik. Verg. Res. 3 Aug. 1897, no. 24, V. no. 81, § 1 .

(1) Zie, wat aangaat de bij gemelde resolutie bedoelde dranken, het artikel Praeparaten.

SALSAPARILLIAAN-quot;WIJN, als Wijn (1). (Red.-)........

(1) Alleen aan accijns onderworpen; zie aant. 1 op Wijn.

SAMOS-ROZIJNEN (1). Zie den post Rozijnen........

(1) Zie hierbij aantt. 2 en 3 op den post Rozijnen.

SANDELHOUT, als Verfhout; zie onder Hout. Renvooi, Wet 1845.

SANDELHOUTOLIE. Zie onder Olie............

SANDRAK. Zie aant. 1 op Gom..............

SANTONINE-TABLETTEN, als Suikerbakkerswerk; zie Koeken banketbakkerswerk. (Red.).............

SAP. Zie Aalbessensap, Braambessensap, Druivensap, Fram-

bozensap, alsmede Vruchtensappen.

SAPANHOUT, als Verfhout; zie onder Hout. Renvooi, Wet 1845 . SAPOLIO, zijnde harde zeep, vermengd met fijn wit zand, als Zeep,

harde. (Red.).....................

SARADELLEZAAD, als Klaver- en spurriezaad; zie onder Zaad.

Re*. 31 Juli 1861, no. 18, V. no. 68.............

SARDINES (1), als Visch, allerhande, enz. Res. 15 Januari 1840, no. 109,

V. no. 30, en Renvooi, Wet 1845 ..............

(1) Zie, nopens sardines in blikjes, aant. 6 op Koele- en bankelbnkkcmverk.

SARDONYXEN, als Juweelen. Renvooi, Wet 1845 .......

SASSEERASHOUT. Zie de aant. op Medicinaalhout......

SATIJN, als Manufacturen van zijde. Renvooi, Wet 1822 .... SATIN DE LAINE, als Manufacturen. Renvooi, Wet 1845. . . . SATINEERPLATEN van zink, ten dienste eener papierfabriek. (Red.) SATURNUS WATER. Zoogenaamd —, zijnde eene oplossing in water, zonder alcohol, van azijnzuur en loodoxyde, bevattende per liter 350 gram loodoxyde, scheikundig verbonden met 103 gram azijnzuur, als Chemicaliën, niet afz. belast. (Red.)........

SAUSEN. Zie den post Koek- en banketbakkerswerk .... SAVON JODE, eene gestolde oplossing van natronzeep in alcohol, vermengd met jodkalium, als Gedistilleerd, alle verdere dergelijke uit of met alcohol bereide stoffen. (Red.)-(1) Zie hierbij de B\'yz. Bepaling op den post Gedistilleerd.

SA VONNET-BALLEN, als Zeep, Renvooi, Wet 1845.

SAVONNEUSES. Zie aant. 8 op Machines.........

SCARIFICATORS, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. 11. van 6 Oct. 1862, S. no. 179, V. no. 101, art. 1, en

Wet 1877 ......................

SCHAAFBANKEN, als Gereedschappen. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96, bevestigd bij Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105. . . SCHAAFMACHINES. Koolschaafmachines. Res. 5 Dec. 1890, no. 20,

V. no. 124......................

SCHAALKOLEN. Zie Kolen, steenkolen...........

SCH AARIJZERS en SCHIJVEN. IJzeren — voor ploegen, als onderdoelen (1) van Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. Res. 12 Maart 1863, no. 56, en Wet 1877.........

(1) Zie aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

SCHACHTEN. Zie Laarzenschachten.

SCHACHTEN of SCHAFTEN, als Pennen. Renvooi, Wet 1845 . .

Maatstaf.

100 kgr.

100 kgr.

100 kgr.

waarde waarde

100 kgr.

waarde

larde

-ocr page 194-

SCH.

372

371

ARTIKELEN.

SCHALEN. Vertind of gegalvaniseerd ijzeren schalen, hoezeer ook door den invoerder genoemd melk- of roomschalen, als Ijzerwerk, wanneer deze schalen niet ingericht zijn om uitsluitend bij de zuivelbereiding gebruikt te kunnen worden, Hes. 4 Dcc. 1891, no. 45,

V. no. 117 \'....................

SCHALIËN en LEIEN (bouwmaterialen). Zie onder Steen. . . .

SCHALMMACHINES. Zie onder Machines.........

SCHAPEN (1). Zie Slachtvee...............

(1) Zie, nopens het verbod van invoer, aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet. SCHAPENDOOPSEL. Zie Smeersel.

SCHAPENLEDER, geverfd, ook al is het als marokijn bewerkt, als

Huiden, bereide. -Re*. 7 Maart 1848, no. C6, V. no. 25.....

SCH APEN VLEESCH (1). Zie den post Vleesch.

gezouten....................

gerookt of gedroogd................

„ versch. Zie onder Vleesch.............

(1) Zie, nopens het verbod van invoer, aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet.

SCHAPENWASSCHEKS, als Landbouwwerktuigen; zieFabrieks-werktuigen. K. B. van (i Oct. 1862, S. no. 179, V. no. 101, art. i,

en Wet 1877 .....................

SCHAPENWOL. Zie Wol................

SCHAPEÏONGEN in busjes (lunchtong), als Vleesch, in luchtledige trommels of bussen bereid of ingelegd; zie Koek- en ban-

kètbakkerswerk (1). (Red.)...............

(1) Zie hierbij het artikel Vleeschwaren.

SCHAPEVELLEN. Onbereide — (1). Zie onder Huiden, onbereide, enz. (1) Zie, nopens het verbod van invoer, aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet.

SCHAPEVELLETJES, met hun wol bereid, als Bereide pelterijen;

zie den post Huiden, vellen en leder. (Red.)........

SCHAKEN, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post. . . „ Borstelscharen, in vorm overeenkomende met een hakmes

tot het afsnijden van borstels (Red.).........

„ Hef boom blikscharen. lies. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124. . „ Hegscharen, als Gereedschappen. Bes. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96, bevestigd bij Bes. 19 JS\'ov. 1886, no. 15, V. no. 105.

„ Paardenscharen, als Ijzerwerk. (Red.)........

SCHARNIEREN, SCHROEFJES en SLOTJES van ijzer, als Ijzerwerk. Ben. 23 Oct. 1852, no. 73..............

SCHA.UM-CRÊME, een aftreksel van zeephout of van eene daarmede

overeenkomende stof, zonder suiker of alcohol (Red.)......

SCHAVEN. Zie noot op het eerste lid der res. Off. V. 1886. no. 105.

SCHEDELS. Zie Skeletten................

SCHEEPSANKERS. Zie onder Ijzer.............

SCHEEPSBEKLEEDINGSVILTEN (1). Patentasphalt dak- en scheepsbekleedingsvilten, als Manufacturen. Bes. 14 April 1886, no. 7, V. no. 39....................

(1) Zie hierbij aant. 1 op Asphalt.

SCHEEPSBOUW- en TIMMERHOUT. Zie onder Hout.....

SCHEEPSKETTINGBEUGELS. IJzeren - , ter verbinding der kettingen aan de ankers, als Ijzerwerk. (Red.)........

SCHEEPSKETTINGEN. Zie onder Ijzer, scheepsankers, enz. . . SCHEEPSLANTAARNS van koper, als Koperwerk. (Red.) . . . SCHEEPSSLOEPEN, bepaaldelijk tot de walvischvangst dienende.

Zie aant. 1 op Vischwant...............

SCHEEPSSPILLEN. Zie onder Ijzer, scheepsankers enz.....

SCHEEPSTELEGRAAE. Zie Seintoestel..........

(1) SCHEEPSZEILEN. Gemaakte —. Bes. 22 Oct. 1877, no. 25, F. no. 96.

(1) Zie, nopens de rangschikking op de Statistieke staten, aant. 1 op Zeilen.

SCHEER- en KARLDOEK. Zie Karldoek.

SCHELLAK, als Verfwaren. Benvooi, Wet 1845.

SCHELLEN. Elcctrische —, als Instrumenten, mathematische, enz. Bes. 9 Febr. 1889, no. 12, V. no. 14.............

Maatstaf.

waarde waarde

100 kgr. 100 kgr.

100 kgr.

waarde waarde

waarde waarde

waarde waarde

waarde

waarde waarde

5 pet. Vrij 5 pet.

Vrij Vrij Vrij Vrij

waarde

5 pet.

-ocr page 195-

SCH.

373

374

ARTIKELEN.

Maatstaf

Eechten.

SCHELPEN. Zie Puin, schelpen en grind..........

„ Schelpen, welke kunnen dienen voor aschbakjes, enz., ook zonder daartoe bepaaldelijk te zijn ingericht, worden, wanneer zij alleen zijn gereinigd, doch geen verdere bewerking hebben ondergaan, vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.)

*SCHEPEN, SCHUITEN en VAARTUIGEN, MET BESTEMMING

OM BINNENSLANDS TE BLIJVEN (1—5)............

(1) Onder dezen post worden mede begrepen stoombooten, bij wier invoer evenmin aanleiding bestaat om de waarde der daarin geplaatste machinerieën af te trekken, als om de waarde van ingevoerde zeilschepen te verminderen met het geldswaardig bedrag der zich daarin bevindende masten, zeilen of andere zaken, die, zoo ze afzonderlijk werden ingevoerd, vrij van rechten zouden zijn. (Red.)

Electrischc booten worden ook aan een invoerrecht van 1 pet. der waarde onderworpen. lEed.)

(2) Schepen, in het buitenland gebouwd, ingevoerd om hier te lande te worden gesloopt, worden evenals die, welke bestemd zijn voor de binnenlandsche vaart, onderworpen aan het invoerrecht van 1 pet. der waarde.

Komen de voor slooping bestemde schepen wel ait het buitenland, doch zijn zij in Nederland gebouwd en werden zij onder Nederlandsche vlag bevaren, dan worden zij vrij ten invoer toegelaten. (Red.)

(3) Er wordt geen invoerrecht gevorderd van een buitenlandsch vaartuig, dat door een Nederlandschen eigenaar is aangekocht, om daarmede het schippersbedrijf uit te oefenen tusschen Nederland en het land, vanwaar het vaartuig herkomstig is. Borgstelling wordt echter in zulke gevallen vereischt. (Red.)

(4) Een buitenslands gebouwd schip, waarvoor een Nederlandsche zeebrief wordt aangevraagd, is vrij van invoerrecht. (Red.)

Evenzoo wordt vrij van invoerrecht toegelaten een stoomsloep met toebehooren, bestemd voor de Marine om buitenslands te worden gebruikt (a). De bestemming wordt dan op de aangifte ingevuld. (Red.)

{a) Op gelijken voet wordt gehandeld, wanneer de sloep bestemd is voor eene stoombootmaatschappij. In dat geval vindt zoo noodig borgstelling plaats ter verzekering van den wederuitvoer binnen een bepaalden termijn. (Red.)

(5) Schepen voor de zeevisscherij kunnen niet geacht worden bestemd te zijn om „binnenslands te blijvenquot; en zijn mitsdien vrij van invoerrecht. Res. 22 Febr. 1894, no. 37, V. no. 18.

Evenmin zullen, naar men vermeent, vaartuigen, welke niet alleen hier te lande, maar ook wel bij de uitvoering van werken in het buitenland worden gebezigd, aangemerkt kunnen worden als binnenslands te verblijven. (Red.)

SCHEPEN. Deelen van (6) (7) —, voor geen ander gebruik geschikt (8) (9). Wet 1877, art. 3..............

(6) Nadat bij art. 2 der Wet van 1877, reeds zooveel mogelijk de grondstoffen voor den bouw en de uitrusting van schepen zijn vrijgesteld, is dit in art. 3 nog uitgebreid tot deelen van schepen, als zoodanig voldoende te onderkennen, en waarvoor anders, als afgewerkte fabrikaten, het recht van houtwerk, ijzer-, koper- of staalwerk, enz., zou verschuldigd zijn («). Om de toepassing dezer vrijstelling te kunnen genieten, moet in de aangifte worden vermeld, dat de voorwerpen voor geen ander gebruik geschikt zijn. Res. 6 Juni 1877, no, 71, V. no. 54, § 4.

(a) Op dezen grond worden thans ook ijzeren juffers, uitsluitend voor scheepsbouw geschikt, vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.)

Alsmede pantserplaten voor ramschepen en rammonitors. (Red.)

Ook wordt geen recht geheven van seintoestellen voor stoomschepen, tot het overbrengen van orders naar de machinekamer. (Red.)

(7) Hieronder worden niet geacht te behooren koperen scheepslantaarns, seinlichten en papier tot bekleeding van schepen. Tarief wet, R. en K., bh. 103..

Zie hierbij Foya, Gietstukken, Lantaarns, Seinlichten, Seintoestellen, Sloep-vallen, Spanwantschroeven, Springbuffers en Stootzakken.

(8) Niet alles, wat tot scheepsgebruik bestemd is, wordt als een deel van het schip aangemerkt, o.a. niet een scheepsprivaat. (Red.)

Zoo worden ook koperen blokbussen en ijzeren schijven, die niet uitsluitend voor schepen, maar ook voor andere doeleinden dienen, belast naar het hoofdbestanddeel. (Red.)

Verg. ook Sockets en Spreekhuizen.

(9) Gegoten ijzeren deuren, bestemd voor stoom- of zeilschepen, worden belast als Ijzerwerk, daar ze niet uitsluitend voor schepen, maar ook tot andere doeleinden gebruikt kunnen worden. (Red.)

Evenzoo voor binnenbetimmering van een schip bestemde ongegalvaniseerde ijzeren platen, welke, na met metaalverf te zijn geschilderd, ook tot dak-bekleeding kunnen dienen. (Red.)

Vrij

Vrij I pet.

waarde

Vrij

-ocr page 196-

SCH.

376

375

ARTIKELEN.

SCHERPM ACHINES. Lintzaagscherpmachines, uitsluitend door stoom in beweging te brengen, als Fabriekswerktuigen. (Red.) . . . SOHETSPLATEN. Zie de res. van 15 Sept. 1897, no. 14, V. no. 98,

medegedeeld onder Platen, ijzeren en stalen, enz. SCHEURKALENDERS. Schilden voor — (1), als Papier, bord- en

kaartpapier. lies. 6 Febr. 1889, no. 6, F. no. 13........

(1) Zie de aantt. op Papier, alsmede aant. 2 hierna op Schilden.

SCHIETGEWEER. Allerhande klein —. Zie den post Ammunitie,

allerhande, enz.....................

SCHIETKATOEN (1) (2), als Buskruit. Hes. 16 Aug. 1890, no. 10, F. no. 81......................

(1) Zie hierbij de aantt. op Buskruit.

(2) Het hierbedoelde schietkatoen is met minstens 20 pet. water bedeeld, daar ander schietkatoen niet vervoerd mag worden. Zie art. 13 van het Kon. besluit van 15 Oct. 1885, S. no. 187, V. no. 127. (Ked.)

SCHIETLOODEN, als Gereedschappen. Hes. 19 Nov. 1880, no. 15,

V. no. 105......................

SCHIJFGAREN. Zie onder Touwwerk...........

SCHIJVEN. Houten schijven of rollen voor stoomspinmachines, doch ook voor andere doeleinden geschikt, bijv. voor wielen

van wagentjes, als Houtwerk. (Red.).........

„ IJzeren —, voor hijschtoestellen, als Ijzerwerk (1). (Red.).

(1) Zie hierbij aant. 8 op Schepen. Deelen van —.

„ Roodkoperen platte ronde —, voorzien van recht opstaande randen, bestemd ora daarvan pannen of ketels voor fabrieken te vervaardigen, als Koper, bekkens, ketels, enz. lies. 8 Mei 1863, no. 20, V. no. 71 (2), en Wet 1877 ......

(2) Zie deze resolutie, ook nopens de verdere omschrijving der bedoelde schijven.

„ Schijfjes van gutta-percha. Zie India-rubber washers. „ van gutta-percha, in het midden van een gat voorzien, dienende tot kleppen voor luchtpompen van stoomwerktuigen.

(Red.)

SCHIJVEN, BLOKKEN en TAKELS. Hes. 19 Nov. 1886, no. 15, V.

no. 105.......................

SCHIJVEN en SCHAARIJZERS voor ploegen, als onderdeelen (1) van Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. Bes.

12 Maart 1863, no. 56, en Wet 1877 ............

(1) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fdbriehswerlctuigen.

SCHILDEN voor scheurkalenders (1), als Papier, bord- en kaartpapier (2). Res. 6 Febr. 1889, no. 6, V. no. 13.........

(1) Zie de aantt. op Papier.

(2) Derhalve worden met 5 pet. invoerrecht belast de schilden voor scheurkalenders, waarop de vereischte blokken nog niet zijn bevestigd. (Eed.)

:;(4)SCHILDERIJEN in olieverf, in of zonder de daartoe behoorende

lijsten (1) (2). Wet 1862 ..............

„ vervaardigd uit gesneden kurk en waterverf. (Red.) .... „ op glas, mits het glas werkelijk beschilderd is, dus niet enkel gekleurd of op andere wijze van gekleurde figuren voorzien (3).

(Red.)

„ van geëmailleerd blik. (Red.)............

(1) Schilderijen zyn uitdrukkelijk uitgezonderd bij den post Meubelen, en waren reeds bij de Wet van 1822 vrijgesteld van invoerrecht.

(2) Hieronder kunnen niet begrepen worden op zijde gedrukte schilderijen. Deze worden belast als Manufacturen. (Ked.)

Zie voorts hierbij Photographische afbeeldingen..

(3) Verg. Schilderstukken hierna.

(4) Voor de Statistiek van den invoer op te geven naar de waarde, en in die van den uitvoer tevens naar het bruto gewicht. (Eed.)

SCHILDERSMESSEN en KAMMEN, als Gereedschappen. Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105..............

Maatstaf.

waarde

waarde 100 kgr.

waarde waarde

waarde

waarde

waarde

-ocr page 197-

SCH.

377

378

ARTIKELEN.

SCHILDEESTUKKEN op glas, voor zoover die, in onderscheiding van gewoon gekleurd of beschilderd vensterglas, als kunstvoortbrengselen zijn aan te merken (1). (Red.)..........

(1) Ook beschilderde kerkramen, bestaande uit in lood gevatte glasruitjes, versierd met gekleurde kerkelijke beelden en ornamenten, welke in het glas gebrand en daardoor onuitwischbaar zijn, Tvorden vrij van invoerrecht toegelaten.

(Ked)

SCHILDPAD. Bewerkte —, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op

dien post......... ..........

„ \'Onbewerkte — en ruwe paarlemoer. Wet 1854; Wet 1862,

en Res. 10 Oct. 18\'32, no. 105, V. no. 105........

(1) Ook gezaagd paarlemoer wordt vrij van invoerrecht toegelaten.

(Eed.)

SCHILDPLOEGEN, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. 6 Oct. 18(32, lt;S\'. no. 179, V. no. 101, art. 1, en

Wet 1877......................

SCHILLEN. Cacao —. Zie onder Cacao...........

„ Citroen- en oranjeschillen. Zie Citroen- en oranjeschillen.

SCHOEXBESLAG. IJzeren —, als Ijzerwerk. (Ked.)......

SCHOENEN, als Schoenmakerswerk; zie Huiden, vellen en

leder. Renvooi, Wet 1845 ..............

„ van gom-elastiek. Zie den post Gomlastieken schoenen . „ Oude lederen —, als Schoenmakerswerk; zie Huiden,

vellen en leder. Res. 25 Oct. 1855, no. 107.......

„ Voorschoenen (1), als Schoenmakerswerk; zie Huiden, vellen en leder. Res. 15 Januari 1863, no. 59......

(1) Leder voor voorschoenen, alleen in den vorm gesneden, doch niet verder bewerkt, wordt vrij van invoerrecht toegelaten. Is het z.g. leestklaar of op andere wijze verder bewerkt, dan wordt het recht als van Schoenmakcrsircrk geheven.

(Red.)

SCHOENEN en KLAUWEN (1) van ossen, enz., als Lijmvleesch.

Renvooi, Wet 1845 ...................

(1) Zie de aantt. op Klauwen van ossen, enz.

SCHOENMAKERSGAREN. Zie onder Garens van hennep, vlas en

werk..................-.....

SCHOENMAKERSLEESTEN, als Gereedschappen (1). Res. 22 Oct. 1877, no. 25, F. no. 96, bevestigd bij Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105.......................

(1) Volgens de fiscus no. 508, biz. 395, zijn ijzeren schoenmakersleesten te belasten als Ijzerwerk.

SCHOENMAKERSMESSEN. Zie Hakvormen voor schoenmakers . SCHOENMAKERSWAS, in stukjes, als Kramerij. (Red.) .... SCHOENMAKERSWERK. Zie den post Huiden, vellen en leder. SCHOENPENNEN. Houten —. Re.s. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96 . SCHOENSMEER, in doosjes, busjes, tieschjes of potjes (1) ingevoerd, als Kramerij. Res. 3 Dec. 1862, no. 69, V. no. 135, en 80 April

1863, no. 93...................

„ op andere wijze ingevoerd. Res. 3 Dec. 1862, no. 69, V. no. 135.

(1) Ook bij invoer in pakjes of in bussen van ongeveer 1 kgr. wordt schoensmeer belast als Kramerij, mits het zonder alcohol is bereid. (Ked.)

SCHOENSMEERVERF, bestaande uit beetwortelmelasse, vermengd

met poeder van houtskool of been derenkool. (Red.)......

SCHOEEELPLOEGEN, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. van 6 Oct. 1862, S. no. 179, V. no. 101, art. 1,

en Wet 1877 .....................

SCHOOLPRENTEN, als Prenten of platen. Res. 16 Maart 1855,

nn. 143, V. no. 22...................

SCHOOLSCHRIFTEN, met gedrukte voorbeelden (1), als Papier van alle soorten. Rei. 6 Febr. 1889, nn. 6, V. na. 13......

(1) Zie aant. 1 op Papier.

SCHOORSTEENEN. IJzeren —, bestemd voor een fabriek, worden niet als fabrieks- of stoomwerktuigen aangemerkt, maar belast als Ijzerwerk. (Red.)....... . ...........

Maatstaf.

waarde

Vrij Vrij

waarde

5 pet.

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

Vrij

Vrij

Vrij

waarde waarde

Vrij 5 pet. 5 pet. Vrij

waarde

5 pet. Vrij

Vrij

Vrij

Vrij

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

-ocr page 198-

380

38

379

SCH.

ARTIKELEN.

Rechten.

Maatstaf.

SCHOOESTEENMANTELS. Marmeren — of stukkeu daarvan, als

Steen, bewerkt. Bes. 22 Oct. 1877, no. 25, V. vo. 96......

SCHOOESTEENOKNAMENTEN (1), als Kram er ij. Ites. 8 Dec. 1845,

vo. 26, V. oio. 238, en Bijz. Bepaling, Wet 1860 ........

(1) Zie hierbij ook de tweede Bijs. Bepaling op den post Aardewerk.

*SCHOES. Ongemalen —. Wet 1854 .............

„ *Gemaleu — of run. Wet 1862 ............

SCHOTELS. IJzeren —, z.g. roomschalen of roomkommen, door de landbouwers gebezigd tot het afroomen der melk. Zie Roomkommen.

SCHEAPMESSEN, als Gereedschappen, lies. 19 Nov. 1886, no. 15,

V. no. 105......................

SCHEIFTEN. Zie Schoolschriften.

SCHEIJFCASSETTES. Houten —, als Houtwerk. Res. 3 Fehr. 1859,

no. 127.......................

SCHEIJF- of COPIEEEINKT. Zie onder Inkt.

SCHEIJFLEIEK Metalen en andere - , als Kramerij. Zie de Bijz.

Bepaling op dien post.................

SCHEIJFMACHINES. Bes. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105. . . . SCHEIJFPENNEN (1), als Pennen en schachten, l\'mvnoi, Wet 1845, (1) Stalen pennen, in doosjes, worden belast als Kramerij. lies. 2 Januari 1863, no. 29, V. no. 13.

SCHEOEFBOUTEN. IJzeren — (1), als Ijzerwerk. Bes. 25 Nov. 1864, no. 4....................

(1) Zie hierbij aant. 1, noot l, op Spoonoegen.

„ dienende tot bevestiging van ijzeren mondstukken aan gas-retorten, afzonderlijk ingevoerd wordende. Zie onder Bouten. SCHEOEFDEAAIEES, als Gereedschappen. Bes. 22 Oct. 1877, na. 25, V. no. 96, bevestigd bij Bes. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105. . . SCHEOEFHIJSCHTOESTELLEN (1) worden niet onder gereedschappen gerangschikt, en dus belast naar het hoofdbestanddeel.

(Eed.)

(1) Verg. hierby Hijschtoestellen.

SCHEOEFJES van ijzer, als Ijzerwerk. Bes. 23 Oct. 1852, no. 73. SCHEOEFPEESEN voor patroonhulzen. Bes. 19 Nov. 1886, no. 15,

F. no. 105......................

SCHEOEFSLEUÏELS, als Gereedschappen (1). Bes. 19 Nov. 1886,

no. 15, V. no. 105...................

(1) Ook voor vélocipèdes. (Eed.)

SCHEOEFSNIJMACHINES. Zie onder Machines. SCHEOEFSTOKKEN. IJzeren —, als Gereedschappen. i?es. 22 Oclt;. 1877, no. 25, V. no. 96, bevestigd bij Bes. 19 Nov. 1886, vo. 15, V.

no. 105.......................

SCHEOEVEN. Zie de aant. op Gasmeters, alsmede aant. 1, voorlaatste lid, op Spoorwegen.

SCHEOEVEN, afzonderlijk verpakt, als Ijzerwerk. (Eed.). . . „ Bankschroeven, als Gereedschappen. Bes. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96, bevestigd bij Hes. 19 Nov. 1886, no. 15,

V. no. 105....................

„ Filterpersschroeven van koper en ijzer worden naar het hoofdbestanddeel belast. (Eed.)..............

„ Handklemschroeven. als Gereedschappen. Bes. 5 Dcc. 1890,

no. 20, V. no. 124.................

„ Klemschroeven. groote, voor scheepstimmerlieden. Bes. 5 Dec.

1890, no. 20, V. no. 124...............

„ Klemschroeven, door ambachtslieden gebruikt wordende, evenals handklemschroeven, te rangschikken onder Gereedschappen. (Eed.).................

„ Koperen — (koppelingen voor brandspuitslangen) worden alleen vrij van invoerrecht toegelaten, wanneer ze tegelijk met brandspuiten eu daarbij behoorende slangen worden ingevoerd (1). (Eed.)

(1) Verg. hierbij Buizen van gom-elastiek.

Vrij

5 pet.

Vrij Vrij

waarde

Vrij 5 pet.

waarde

waarde waarde

5 pet. 5 pet. Vrij

waarde

5 pet.

Vrij 5 pet.

5 pet. 5 pet. Vrij

Vrij

5 pet.

Vrij 5 pet. Vrij 5 pet.

Vrij

waarde

waarde waarde

waarde

waarde

waarde

-ocr page 199-

SCH. — SIG.

381

382

i

ARTIKELEN.

maatsta f.

Rechten.

SCHROEVEN. Spanschroeven. Res. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124.

„ Spanwantschroeven (1), als Ijzerwerk. (Eed.)......

(1) Zie hierbij de aant. op Spanwantsc/irocven. SCHUIFDEUREN. Zie Deuren.

SCHUIM-AARDE, gebruikt beenzwart, als Mest, niet ah. belast.

Renvooi, Wet 1854 ...................

SCHUIMPERSDOEKEN. Zie Persdoeken.

SCHUINSNEDEPERSEN voor boekbinders. Res. o Beo. 1890,710. 20,

V. no. 124......................

SCHUITEN, met bestemming om binnenslands te blijven. Zie den

post Schepen, schuiten en vaartuigen, enz........

SCHUITJES van gutta-percha, als Schepen, schuiten en vaartuigen, enz. (Red.)..................

SCHUITJES tot ballast. IJzeren —. Zie onder Ijzer, gegoten, enz. SCHULPEN. Camées uit schulpen gesneden, als Kramerij. Res.

18. Sept. 1868, no. 88, V. no. 101..............

SCHUURSTEEN of POETSSTEEN, in den vorm van gewone metselsteen, onverpakt. (Red.)................

SCHWARZWALDER KLOKJES, als Uurwerken. Res. 3 Nov. 1S54,

no. 27, V. no. 1Ö8...................

SEALSKIN, als Manufacturen. i?fs. 27 Sept. 1860, no. 140. . . .

SECREETMEST of BEER. Zie onder Mest..........

SEEDLAK, zijnde de grondstof tot bereiding van zegellak. (Red.) .

SEINLICHTEN van koper, als Koperwerk. (Red.).......

SEIN TOESTELLEN voor spoorwegen, van groot er of kleiner afmetingen, als Ijzerwerk. (Red.) . ...........

„ van de scheepsbrug naar de machinekamer (1). (Rod.) . . (1) Zie den post Schepen. Deden van —.

SEL A BLANCHIR. Zie aant. 11 op den post Zout......

SEMOULE. Zie onder Granen, brood, enz...........

SENTINEL-TOESTELLEN. Zie onder Toestellen.

SEPARATORS. Melkseparators, dienende om bij de zuivelbereiding den room van de melk af te scheiden (1), als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. Res. 4 Dec. 1891, no. 45, V.

no. 117.......................

(1) Zie hierbij ook Mclkondcrzoekers.

SERGE, als Manufacturen. Renvooi, Wet 1822 ........

SERVETGOED. Zie den post Manufacturen.........

„ Gebruikt —, als Manufacturen. Res. 28 Januan 1825, no. 32, V. 110. 11, en Renvooi, Wet 1845, onder het artikel Linnen . . SESAMOLIE, als Olie, niet afz. belast. Res. 6 Juni 1877, no. 71,

V. no. 54, § 5, en Wet 1877 ...............

SHAMPOING MOUSSEUX (een haarwaschmiddel) (1), als Reuken parfumeurswaren. (Red.)..............

(1) Deze vloeistof bevat, naar men vermeent, slechts een zeer geringe hoeveelheid zeep en in \'t geheel geen alcohol. (Eed.)

SHAWLS. Zie Doeken en Shawls.

SIAMS-HOUT, als Verfhout; zie onder Hout. Renvooi, Wet 1854. SIAMOISEN, volgens Renvooi, Wet 1822, gelijkgesteld metLijmuaden, die bij Renvooi, Wet 1845, gerangschikt zijn onder Manufacturen. SICCATIF, in pakjes, als Kramerij- Zie Res. 16 Juli 1888, no. 6,

V. no. 87......................

SIDEROLITH of TERROLITH of wel VICTORIA, als Aardewerk van alle soorten. Res. 30 April 1868, no. 94, V. no. 65, opgenomen

in aant. 2 op Aardewerk................

SIGAREN. Zie den post Tabak..............

„ Afval van —. Zie aant. 6 op den post Tabak......

SIGARENHOUDERS, als Kramerij. Zie de liijz. Bepaiiiif/ op dien post. SIGARENKISTJES. Houten —, als Houtwerk. Res. é Januari 185S,

no. 24.....................

„ Plankjes voor sigarenkistjes, ook al zijn ze geschaafd. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96............

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

Vrij

5 pet.

1 pet.

1 pet. Vrij

5 pet.

Vrij

5 pet. 5 pet. Vrij Vrij 5 pet.

5 pet. Vrij

Vrij Vrij

waarde waarde waarde

waarde

waarde waarde

waarde waarde

Vrij

5 pet. 5 pet.

5 pet.

ƒ0.55

5 pet.

waarde waarde

waarde

100 kgr.

waarde

Vrij 5 pet. 5 pet.

waarde waarde

waarde 100 kgr. 100 kgr. waarde

waarde

5 pet. / 40.00 „ 0.70 5 pet.

5 pet.

Vrij

-ocr page 200-

SIG. — SLA.

384

383

ARTIKELE N.

SIGARENKISTJES. Kanden of opleggers voor sigarenkistjes en dergelijke. Zie Randen..................

SIGARETTEN, gekorven tabak in vloeipapieren hulzen, als Sigaren;

zie Tabak. lies. 31 Dec. 1869, no. 36, V. no. 202 .....

„ Asthma-sigaretten (1). (Red.).............

(1) Verg. A-s1 fhma-\'pocder.

SIGNALEN cn verdere deelen van wissels, met inbegrip der punt-stukken, als Ijzer- of Staalwerk. lies. 15 Januari 1880, no. 33, V. no. 0, oprjenomen in aant. 1 op Spoorwegen . . „ Knalsignalen voor spoorwegen. Zie Knalsignalen . . . . SILVEKSOAP, als Zeep, ongeparfumeerde. (Red.)

SINGELS van vlas, als Linten en band; zie Manufacturen. Bes.

1 Aug. 1855, no. 70, V. no. 72..............

SINTELS. Zio Kolen, steenkolen..............

SIKOOP. Zie Stroop.

SIROP DE QUINQUINA DOSE. Zie Kinastroop.

SIKOP RAERAICHISSANT DE GROSEILLES DES ALPES. Zie

Aalbessenstroop...................

SIZE. Zie Patent size..................

SKELETTEN en gedeelten daarvan. (Red.)..........

*(4) SLACHTVEE (1) (2). Stieren, ossen (3), koeien en vaarzen (3),

Wet 1854 ....................

„ *(4) Hokkelingen en kalveren (1) (2). Wei 1854 .....

„ *(4) Varkens (1). Wet 1854 .............

„ *(4) Schapen (1). Wet 1854 .............

„ *(4) Lammeren (1). Wet 1854 ............

(1) Zie, nopens het verbod van invoer, aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet.

(2) Het slachtvee moet als volgt worden gerangschikt:

(/. na bereiking van het derde jaar onder de stieren, ossen en koeien\',

b. van twee tot drie jaar onder de vaarzen-,

e. van een tot twee jaar onder de hokkelingen\', en d. beneden het jaar onder de kalveren,

wordende de ouderdom van het slachtvee door uiterlijke kenteekenen aangewezen. Res. 31 Maart 1842, no. 160, V. no. 79.

(3) Onder de benaming vaars-ossen kan geen aangifte plaats vinden, daar de benamingen gevolgd moeten worden als achter Slachtvee is aangegeven. Bes. 18 Febr. 1842, no. 68, V. no. 51.

(4) Voor de Stat. van den in- en uitvoer alleen het aantal stuks op te geven. (Eed.) Zie, omtrent de afzonderlijke vermelding, res. 10 Dec. 1888, no. 42, V. no. 131,

en nopens eene maandelijks in te zenden lijst van met dispensatie in- of doorgevoerd vee, res. 31 Maart 1890, no. 7, V. no. 18.

Eene afzonderlijke Statistieke opgaaf is na afloop van iedere halve maand in te zenden nopens het naar België uitgevoerde vee. (Red.)

SLAGENTELLER, met klok, als Uurwerken. (Red.)......

SLAGHOEDJES of PERCUSSIES, als Ammunitie, allerhande, enz.

Res. 13 Juli 1848, no. 69, V. no. 66, en 31 Oef. 1S62, no. 39, F. «0.120. SLAGLIJNZAAD, als Lijnzaad; zie onder Zaad, koolzaad, enz. . SLAGRIEMEN. Zie Lederen slagriemen.

SLAKKENMEEL, bestaande uit fijngewreven ijzerslakken. (Red.) .

SLAKKENWOL. Gestampte —, uit hoogovens. (Red.)......

SLANGEN van gom-elastiek, voor Westinghouse-remtoestellen, als Voorwerpen van gom elastiek; zie Gomlastieken schoenen.

lies. 13 Aug. 1888, no. 58, V. no. 94 (1)...........

(1) In verband beschouwd met de ingetrokken res. van 14 Januari 1884, no. 19, V. no. 5.

SLANGEN en BUIZEN van gom-elastiek of gutta-percha, als Bewerkte voorwerpen van Gomelastiek of Gutta-percha; zie Gomlastieken schoenen ot\'Gutta-percha. lies. 11 Juli

1885, no. 96, V. no. 74...............

„ van hennep of vlas, als Manufacturen van hennep of vlas.

Res. 27 Aug. 1885, no. 15, V. no. 96..........

„ van leder, als Lederwerk; zie Huiden, vellen en leder. lies. alsvoren...................

Maatstaf.

waarde 100 kgr.

waarde waarde

waarde

100 kgr.

waarde waarde

waarde

waarde waarde waarde

-ocr page 201-

SLA. — SMT.

385

386

ARTIKELE N.

SLANGEN en BUIZEN van gom-elastiek of gutta-percha, hennep, vlas of leder, te zamen met fabrieks-, landbouw- of stoomwerktuigen of met brandspuiten ingevoerd en blijkbaar daartoe behoo-rende, als gedeelten (1) van Fabrieks- of stoomwerktuigen. IIi\'s. 24 Oct. 1864, nu. 53; 11 Juli 1885, no. 96, F. no. 74, en 27 Auq.

1885, no. 15, V. no. 96, en IFet 1877 ............

(1) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

SLEUTELMANDJES van gevlochten spaan, stroo of riet, als Kramerij.

Res. 22 Oef. 18/7, no. 25, V. no. 96.............

SLEUTELS. Zie Schroefsleutels.

SLIJPDOEKEN. (Red.)..................

SLI.TPSTEENEN (1), wanneer zij geheel ruw zijn of in het ruwe behouwen of wel enkel gezaagd (2). Bes. 27 Juni 1865, no. 80 V. no. 50...................[

(1) Zie hierbij ook Aanzctwerktuigen, Wetstcentjcn en Zeisenscherpers.

(2) Hebben de slijpsteenen eenige verdere bewerking ondergaan, is daarin bijv. in het midden een gat aangebracht, oin de spil te ontvangen, en zijn de steenen verder afgewerkt, dan worden zij gerangschikt onder Bewerkte steen («) Hes. alsvoren.

(a) Van invoerrecht vrijgesteld bij de Wet van 1877.

„ geheel afgewerkt, als Steen, bewerkt. ]!es. 25 Fehr. 1863,

no. 47, en Wet 1877 ................

„ in waterbakken, als Gereedschappen. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96, bevestigd bij Res. 19 Nov. 1886, no. 15,

V. no. 105....................

SLI.IPSTEENTJES, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post. „ voor zeisen, als Gereedschappen. Res. 19 Nov. 1886, no. 15,

V. no. 105....................

SLOEPEN. Scheepssloepen voor de walvischvangst. Zie aant. 1 op

Vischwant............. .......

SLOEPVALLEN. IJzeren — , dienende voor het strijken en hijschon

van sloepen aan boord van schepen. (Red.).........

SLOTEN, als Ijzer-, Koper- of Staalwerk. Renvooi, Wet 1845 . . SLOTJES van ijzer, als Ijzerwerk. Res. 28 Oct. 1852, no. 73 . . . SLUITINGEN. Bondels en ijzeren sluitingen voor vaatwerk. Res.

5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124..............

SLUITINGSRINGEN. IJzeren — voor scheepsgebruik, behoorende tot do scheepskettingen, en geschikt om einden ketting aan elkander te bevestigen, als Ijzerwerk. (Red.)..........

SLUITRINGEN. IJzeren — voor stoomspinnerijen, als Ijzerwerk.

(Red.)

SLUITSTUKKEN voor gas- en waterleidingen. Zie Pluggen . . . SMALT. Zie Blauwsel.

SMARAGDEN, als Juweelen. Renvooi, Wet 1845........

SMEDERIJEN. Draagbare —. Zie Veldsmidsen.

SMEEDIJZER. Zie onder Ijzer..............

SMEER. Zie Roet...................

„ Bedorven boter. Zie onder Boter...........

„ Geperst smeer. Zie Stearine............

„ Schoensmeer. Zie Schoensmeer.

„ Wagensmeer. Zie Wagensmeer.

SMEERKAARSEN. Zie den post Kaarsen..........

SMEERPOTTEN. Koperen —, alleen bruikbaar zijnde in verbinding

met stoomwerktuigen. (Red.)...............

SMEERSEL. Schapendoopsel, een smeersel van bruinachtige zalf, ter wering van ongedierte bij schapen, ook in kleine verpakking (1).

(Red.)

(1) Zie, nopens hetgeen onder kleine verpakking is te verstaan, aant. 1 op Verfstoffen, niet in olie gewreven, enz.

SMELTKROEZEN. Zie onder Aardewerk..........

SMIDSBLAASBALGEN, als Gereedschappen. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96, bevestigd bij Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105. SMIDSEN. Zie Veldsmidsen.

SMIDSSTUIK- of ZAALBLOKKEN. Zie Zaalblokken......

Maatstaf.

waarde

waarde

waarde waarde

waarde

waarde waarde

waarde

100 kgr.

-ocr page 202-

387

SMI.

S88

SOU.

ARTIKEL EIST.

SMIDSVUUEMONDEN met waterreservoir, als Gereedschappen.

Zie Vuurmonden...................

SNAPHANEN. Zie den post Ammunitie, allerhande, enz.....

SNAREN. Zie Darmsnaren en Pianosnaren........

SNELHEIDMEÏERS (Tachometers), uitsluitend gebruikt bij stoomwerktuigen, worden derhalve geacht daartoe te behooren; zie Fabriekswerktuigen (1). (Eed.).............

(1) De vrijstelling wordt ook toegepast op iVoscrop\'s continuous recorder.

SNIJBOONENMOLENS, als Ijzerwerk, lies. 13 Aug. 1885, no. 9,

V. no. 91......................

SNIJIJZERS, met toebehooren, snijbanken, pijpsnijders, tappen en

dergelijke. Res. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124........

SNIJKLAPPEN, als Ijzerwerk. De Fiscus no. 185, biz. 263 . . . SNIJMACHINES. Zie onder Machines.

SNUIFTABAK. Zie den post Tabak............

SNUIT van vlas. Zie Vlas, ruw of gehekeld, enz........

SOAP. Zie onder Zeep, Brooke\'s soap. Dry soap. Liquid soap, Oleïne

soap en Sunlight soap.

SOAPSTOCK, afval van katoenpittenolie, bevattende eene belangrijke hoeveelheid door soda verzeepte olie, als Zeep. (Red.) SOCKETS. Gegoten ijzeren —, dienende voor het plaatsen der verschansingsstukken van een stoomschip, worden niet aangemerkt als deelen van schepen, voor geen ander gebruik geschikt. (Red.).

SOCKETTANGEN, als Gereedschappen. (Red.)........

SODA. Zie onder Asschen................

„ Caustieke soda (Hageman\'s geconcentreerde zeeploog), in blikken busjes, zóó, dat ze zonder overpakking in het klein kan verkocht worden, als Kramerij. Res. 14 Juni 1873,

no. 68, V. no. 71.................

„ Gekristalliseerde —, als Potasch; zie onder Asschen. Res.

25 Maart 1853, no. 42, V. no. 44, en Renvooi, Wet 1854. . . „ Z.g. droogwater en iedere andere kunstmatige soda of soda-praeparaten, hetzij deze gekristalliseerd of gecalcineerd zijn, evenals de natuurlijkesoda te rangschikken onder Asschen (1).

Res. 9 Oct. 1850, no. 27, V. no. 104..........

(1) Zie hierbij ook de res. van 23 Maart 1853, no. 42, T. no. 44, en Renvooi, Wet 1834.

SODAPOEDER, in zakjes, als Kramerij. (Red.)........

SODAZEEP (softening), een vetstof, dienende tot appretuur van katoenen stollen en niet tot het wasschen van garens, als Zeep. (Red.) SODAZOUT, als Soda; zie onder Asschen. Res. 9 Juni 1859, no. 135.

SOD-OIL, afval van traan. (Red.)..............

SOEP en BOUILLI, hoewel ingevoerd wordende in soortgelijke bussen als het Australische en Amerikaansche vleesch, bedoeld bij Res. van 3 Juli 1872, no. 43, V. no. 80 (1), wordt nochtans, als niet alleen uit vleesch en vleeschnat bestaande, maar bovendien min of meer gekruid zijnde, belast als Eetwaren, bereide of ingelegde; zie Koek- en banketbakkerswerk. (Red.)......

(1) Zie onder Vleesch, Australisch, enz.

SOEP. Zie Bouillon.

SOEPGROENTEN. Zie aant. 2 op Groenten.

SOEPPOEDER en SOEPTABLETTEN. Zie Erwtensoeptabletten.

SOIL-PIPES. Zie aant. 11 op Ijzer, gaspijpen, enz........

SOJA, het bekende bruine vocht, verkregen uit zekere Japansche boon en vermengd met een weinig zont, als Specerijen. Res.

30 Nov. 1865, no. 137, V. no. 116.............

SOKKEN. Geweven of gebreide —. Zie den post Manufacturen . SOLDEERLAMPEN om gereedschap te verwarmen en dergelijke, als Gereedschappen. Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105* .... SOLDEERTO ESTElUEN. Zie onder Toestellen.

SOLUBLE OIL. Zie onder Zeep.

SOLUTION, gutta-percha lijm. in bussen, voor schoenzolen. (Red.) . SOUTIEN. Zie Karkasdraad.......■.......

Maatstaf.

waarde

waarde

waarde waarde

100 kgr.

waarde

waarde

waarde

100 kgr.

waarde

waarde waarde

waarde

-ocr page 203-

SOU. — SPB.

389

390

AETIKELEIST.

SOUTIENLINT, als Manufacturen, passeraentwerk, linten en band.

lies. 27 Oct. 1854, no. 52, V. no. 149............

SPAAN. Gesneden —, bestemd tot het herstellen of vervaardigen van wannen (landbouwgereedschappen). Bes. 15 Mei 1863,

no. 106, V. no. 73.................

„ gevlochten in reepen of banen, voor hoeden. Zie onder

Stroo en spaan.................

„ in bladen, alsmede garnituur. Zie onder Stroo en spaan . „ Voorwerpen van gevlochten spaan, zooals spoorwegmandjes, werkmandjes, sleutelmandjes, enz., die in den regel in galanterie* en speelgoedwinkels verkocht worden, alsKramerij.

Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96..........

„ Zwavelspaan of zwaveltjes, in zwavel gedoopte reepen papier, linnen of katoen en bestemd tot het zwavelen van wijnvaten, ilessehen, enz., ook in kleine verpakking. 1\'es. 4 April 1874,

no. 7, V. na. 44..................

SPAANSCH GRAS. Zie onder Gras.............

SPAANSCH-GEOEN, als Verfwaren. Res. 17 April 1847, no. 130, V. no. 61.

SPAANSCH HOUT. Zie de aant. op Medicinaalhout......

SPAANSCH LEDER, bij Renvooi, Wet 1822, gelijkgesteld met Kor-dovanleder. Zie aant. 10 op Huiden, vellen en leder ....

SPAANSCHE NOTEN. Zie aant. 1 op Noten.........

SPAANSCHE PEPER, als Peper. Res. 11 Dec. 1862, no. 82, V. no. 139. „ Gezouten —, als Vruchten, gezouten, enz. De Fiscus no. 427,

blz. 93.....................

SPADEN, ook zonder steel, als Gereedschappen. Res. 6 Juni 1877,

no. 71, V. no. 54, § 3..................

SPAKEN voor houten wielen, al dan niet geheel afgewerkt (1), als Wagenmakerswerk. Res. 10 Nov. 1882, no. 54, F. no. 113 . . . (1) Zie hierby Wagenspeeken.

SPANEN voor suikervormen, als Gereedschappen. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96, bevestigd bij Res. 19 Nov. J 886, no. 15, V. no. 105.

SPANSCHROEVEN. Res. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124.....

SPANWANTSCHROEVEN (1), als Ijzerwerk. (Red.)......

(1) Ze kunnen niet onder Gereedschappen worden gerangschikt, evenmin onder de vrijgestelde deelen van schepen; daar ze niet uitsluitend voor seheepsgebrnik geschikt zijn. In den regel worden ze met het eene einde van onderen aan het staand scheepswant en met het andere einde aan de puttingijzers binnen de verschansing bevestigd, ten einde het scheepswant, indien noodig, te spannen en te ontspannen. Ze worden echter ook vervaardigd voor koppelstangen van spoorwagens, tot regeling van de strakheid der koorden voor gymnastische oefeningen en om de spanten van een op stapel staand schip niet te doen af-wyken. (Red.)

SPARREN, als Hout. Renvooi, Wet 1845 ...........

SPART. Zie onder Gras.................

SPARTERIE behoorde, volgens de Res. van 3 Dec. 1824, no. 49, V. no. 176, tot de niet bij het Tarief genoemde artikelen, en zal dus thans vrij van invoerrecht moeten worden toegelaten. Zie aant. 1 op art. 1 dezer Tariefwet. (Red.)..............

*(3) SPECERIJEN, foelie, muscaatnoteït, kruidnagels, moer-

nagels, saffraan, vanille (1), kaneel (2) en alle andere . . .

(1) Vanilline, een kunstmatig surrogaat van vanille, behoort evenals deze tot de Specerijen Res. 18 Any. 1885, no. 75, V. no. 91.

Zie hierby Padding. Thomson\'s vanille —.

(2) Ook witte kaneel hieronder te begrijpen. In scheikundige samenstelling, vooral in gehalte aan aetherische olie of daarmede verwante riekstoffen, komt de witte kaneelbast overeen met de andere artikelen, genoemd onder den post Specerijen. Vroeger werd de witte kaneelbast gebezigd als surrogaat voor de Indische kaneel, doch tegenwoordig, naar men meent, alleen tot de bereiding van likeuren enz. (Eed )

(3) Voor de Statistiek gesplitst op te geven als volgt:

Specerijen, foelie.

„ muscaatnoten.

„ kruid- en moernagels.

Maatstaf.

waarde

waarde

waarde 100 kgr.

waarde

waarde

waarde waarde

waarde

-ocr page 204-

SPE. — SPI.

rgt;92

391

A R T I K E L E N.

Specerijen, saffraan.

„ vanille.

„ kaneel.

„ cassia lignea en cassia vera.

„ alle andere. Zie res. 15 Januari 18G3, no. 68, V. no. 22, en de lijst, gegeven bij res. van 24 Januari 18G5, no. 38, V. no. 11.

SPECERIJ-OLIE, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845 ......

SPEEKEX. Zie Spaken eu Wagenspeeken.

SPEELDOOZEN, als Kramerij. lies. 12 Januari 18G0, no. 52, opgenomen in aant. 2 op Instrumenten...........

SPEELGOED, als Kramerij. Zie de Bijs. Bepaling op dien post. . SPEELKAARTEN, los of in bladen. Zie den post Kaarten . . . SPEK (1). Zie den post Vleesch.

gezouten....................

gerockt of gedroogd ................

„ versch. Zie onder Vleesch, schapenvleesch enz.....

„ (2) Walvisch- en robbenspek. Wet 1857 ........

(1) Wat betreft het verbod van invoer, wordt verwezen naar aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet.

(2) Op de Statistieke staten in de alphabetische volgorde te vermelden onder de eigene benaming. (Eed.)

SPEKSNIJMACHINES. Zie onder Machines.

*(2) SPELDEN (1), vervalt. Wet 1877 ............

(1) Alleen het gewone artikel, haarspelden daaronder begrepen, in zoogenaamde brieven of in p.\'ikjes van eenvoudig papier, is vrij van invoerrecht.

Spelden van bijzondere samenstelling (spelden met glazen kop, dasspelden, enz.) evenals spelden in étuis, kokertjes en dergelijke, met of zonder versiering, zijn belast met 5 pet. der waarde als Kramerij. Hes, 19 Nov. 1890, ito. 30, V. na. 115.

(2) Voor de Statistiek van den invoer naar de waarde op te geven. (Eed.)

SPELDEWEHK, als Kant; zie Manufacturen. Renvooi, Wet 1845 .

SPELT. Gepelde en ongepelde —. Zie onder Granen......

SPERMACETI, gezuiverd of geperst, als Stearine. Res. 27 Januari

1852, no. 114, V. no. 7.................

SPERMACETI-BALSEM, in fleschjes, een hooger alcoholgehalte hebbende dan 5 pet., als vloeistoffen met alcohol bereid; zie den

post Gedistilleerd (1). (Red.)..............

(1) Zie, nopens de berekening van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op Gedistilleerd.

SPERMACETI-KAARSEN. Zie den post Kaarsen.......

SPERMACETI-OLIE (1), als Traan. Renvooi, Wet 1845 .....

(1) Ook de gezuiverde wordt hieronder begrepen. (Eed.)

SPIAUTER of ZINK, vervalt, meï uitzondering van:

„ *Week of gereedschappen (1), al of niet verlakt of geschilderd. Wet 1877................

(1) Alleen de gereedschappen van spiauter of zink zijn belast. De overige gereedschappen van hout. Ijzer, koper, staal, enz., alsmede landbouwgereedschappen, zijn vrij van invoerrecht, de laatste ook dan, wanneer zij van spiauter of zink vervaardigd zijn. Verg. de Ees. van 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96, van 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105, en van 25 April 1889, no. 17, V. no. 37.

quot;(3) SPIAUTER of ZINK, geplet, platen en bladen (2), draad, bouten en spijkers. Wet 1877 ...............

(2) Gegolfde bladen of platen van zink, van bepaalde afmetingen en pasklaar, voor dakbedekking of dergelijke, zyn als Zinkwerk belast. Bes. 4 Sept. 1885, »/o. 30, F. no. 101. Zie hierbij de aantt. op Platen. Gegolfde — enz.

Verg. verder, nopens de verschillend bewerkte zinken platen, hetgeen is opgenomen onder Platen.

Gewone bladen en plaatjes van zink (a) worden steeds vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed )

Bewerkte blokken zink worden als ZinUwerk belast. (Eed.)

Maatstaf.

waarde waarde waarde

100 kgr. 100 kgr.

waarde

de HL. ad 50 pet.

waarde

waarde

-ocr page 205-

SPI. — SPL.

393

394

ARTIKELEN.

Maatstaf.

Rechten.

Evenzoo gepletto zinken blokken, al dan niet van een gat voorzien, bestemd om in stoomketels aangebracht te worden, ter voorkoming van ketelsteen. De Fiscns no. 508, blz. 393.

(a) Ook al zijn do plaatjes tot rcchthoekon, driehoeken of ruiten gesneden, zoolang zij maar niet pasklaar of door het uitsnijden van hoekon of het aanbrengen van gaten voor eene bepaalde bestemming geschikt zijn gemaakt. (Bed.)

(3) Voor de Statistiek van den invoer het gewiekt te vermelden. (Ked.)

«SPIATJTER of ZINK, ruw. Wet 1854 ............

„ *(4) Erts is. volgens de van Regeeringswege uitgegeven Statistiek. vrij van invoerrecht. (Bed.)..........

(i) Zie, nopens de vermelding op do Statistieke staten, res. 12 April no. 23, V. no. 51.

SPIEËN. Stalen —, als Staalwerk. (Red.)..........

SPI EGEL-FOELIE, n is Tinfoelie. Renvooi, Wet 184.quot;)......

SPIEGELGLAS, al dan niet verfoelied. /ie don post Glas en glaswerk......................

-SPIEGELS, AL OF NIET IN LIJSTENquot;............

SPIEGELS. Metalen — als Instrumenten, pliysisclie. Renvoin,

Wet 1845 ...............\'.......

SPIEEEN. Zie onder Hout, masten, enz...........

SPIERING. Zie aant. 4 op art. 19 dezer Tariefwet. SPI.TKERMACHINES, dienende tot het dichtmaken van kisten, als

Ijzerwerk. (Red.)...................

SPIJKERPLAATJES. Koperen —. (Red.)...........

SPIJKERS van zink. Zie onder Spiauter of zink, geplet, enz. . .

„ IJzeren —. Zie onder Ijzer, nagels, enz.........

„ Koperen —, van rood- en geelkoper. Zie onder Koper, geslagen, enz.......\'.............

„ Vergulde koperen —. Zie den post Koper.......

„ Verzilverde of gegalvaniseerde —, als Koperen spijkers; zie onder Koper, geslagen, enz. Ren. 22 Oct. 1877, no. 25,

V. no. 96....................

SPIJKERTJES (1). IJzeren —, met gefigureerde koppen, al zijn deze eenigszins versierd, als Spijkers; zie onder Ijzer, nagels, enz.

(Eed.)

„ IJzeren meubelspijkertjes, met koperen of vernikkelde koppen, als Spijkers; zie onder Ijzer, nagels, enz. (Red.) . .

(1) Zie hierbij ook Stiften.

SPIJKOLIE, als Reuk- en parfumeurswaren. (Red.).....

SPILLEN. Scheepsspillen. Zie onder Ijzer, scheepsankers, enz. . . SPINAAL, als Garen van hennep, enz. Renvooi, Wet 1845, en Wet 1877. SPINDELBAND, als Manufacturen. Tariefwet R. en A\'., hh. 118 .

SPINKLOSSEN, als Fabriekswerktuigen. (Red.).......

SPINTAFELS met toebehooren, dienende tot het fabriceeren van

tabak in rollen, als Fabriekswerktuigen. (Red.).......

SPIRAALBOREN. Res. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124......

SP IR AALVEEREN voor stoomweefgetouwen worden, als niet uitsluitend voor fabrieksgebruik, maar ook voor andere doeleinden

geschikt, belast als Staalwerk. (Red.)...........

SPIRITUS. Pommeranzen-spiritus. als Gedistilleerd (1). Res. 14 Oct. 1857, no. 48, V. no. 80...............

(1) Zie, nopens de berekening van recht en accüns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

„ Spiritus, vermengd met oranjebloesem, als Gedistilleerd (2).

(Red.)

(2) Invoerrecht en accijns wordt naar de ware sterkte berekend, welke door middel van afstoking wordt opgenomen. (Ked.)

Zie ook hierbij aantt. 1, 11 en 12 op Gedistilleerd.

SPIRITUS NITRI DULCIS (1). K. B. 17 Mei 1877, S. no. 106. V.

no. 53, art. 1.....................

(1) Zie de Rijz. Bepaling, zoomede aant. 10, op den post Gedistilleerd.

SPLITNAGELS. Zie Koperen koffer- of splitnagels.....

SPLITPENNEN. Stalen —, als Staalwerk. (Red.).......

Vrij Vrij

waarde

5 pet. Vrij

5 pet. 5 pet.

5 pet. Vrij

waarde waarde

waarde

waarde

5 pet. Vrij Vrij Vrij

Vrij 5 pet.

waarde

Vrij Vrij

Vrij

5 pet. Vrij Vrij 5 pet. Vrij

Vrij 5 pet.

5 pet. ƒ3.50

„ 3.50

waarde waarde

waarde

waarde

de HL. ad 50 pet.

de HL. ad 50 pet.

het kgr.

waarde waarde

„ 1.30

5 pet. 5 pot.

13

-ocr page 206-

SPO.

890

895

A R T I K E L E N.

Rechten.

Maatstaf.

SPOELMACHINES. Zie onder Machines.

SPONGECLOTH. Putent —, bestemd tot het schoonhouden van machinerieën, als Manufacturen, /\'es. 21 Mei 1808, no. 92 . , .

SPONSEN, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845 .........

(1) SPOORSTAVEN. Zie onder Ijzer en onder Staal, alsmede

aant. 1 op Spoorwegen................

1) Op de Statistieke staten worden ijzeren spoorstaven vermeld onder de rubriek IJzer, spoorstaven, terwijl stalen spoorstaven worden opgenomen onder Staal, spoorstaven.

SPOORWAGENS (1), als Rijtuigen. (Red.)..........

1) Zie, nopens de voldoening van het recht dooi- spoom-egniantschappijen, alsmede omtrent de vrijstelling van invoerrecht voor spoorwagens aan vreemde maatschappijen toebehoorende, en voor z.g. wisselstukken, aant. 2 op Spoorwegen.

SPOORWEGEN (1) (2).

„ Spoorstaven. Zie onder Ijzer en onder Staal......

„ Lasch- en verbindingsplaten voor spoorwegen. Zie onder

Ijzer, smeedijzer, enz................

(1) Bij res. van 13 Januari 1880, no. 33, V. no. 0, is, mot wijziging der verschillende betrekkelijke administratieve beschikkingen, het volgende medegedeeld nopens de toepassing van het Tarief op ijzer- en staalwerk voor spoorwegen: Blijkbaar heeft het niet in de bedoeling van den wetgever gelegen, onder de vrijgestelde sporen, lasch- en verbindingsplaten (o) al het ijzerwerk te begrijpen, dat tot een spoorweg behoort, daar in dat geval de vermelding van slechts enkele deden geen zin zou hebben. Daarentegen zou aan de Wet worden tekort gedaan, door voormelde uitzondering zóó streng op te vatten, dat onder „sporenquot; uitsluitend spoorstaven waren te verstaan, terwijl het evenmin in de bedoeling kan gelegen hebben, alle verbindingsdeelen, die niet juist den vorm van platen hebben, te belasten.

ïot het vrijgestelde materieel voor spoorwegen (J) is dus voortaan, behalve spoorstaven, te rekenen al het ijzer- of staalwerk, dat het enkel doorloopend spoor uitmaakt, als dwars- (r) (rf) of langsliggers (lt;/), stoelen, wiggen en hetgeen verder dient om de rails op de liggers (c) of rechtstreeks op de ballast-laag te bevestigen, voorts verbindingsstukken in eiken vorm, eindplaten, keer-of contrarails en gekoppelde spoorstaven (c) (t).

Belast zijn daarentegen excentrieken (ƒ), tongbewegingen, trekstangen, draai-sehyven en draaibruggen, signalen {(f) en verdere deelen van wissels, met inbegrip van puntstukken (/t) («), veüigheidstoestellen en hunne onderdeelen; voorts deelen van vaste bruggen en van viaducten, die niet tot plaat-, hoek- of ander vrygesteld ijzer of staal behooren, en al het voor den bouw van spoorwegen benoodigde staal- of ijzerwerk, dat niet onder de bovenstaande bepaling valt. (j) (k).

By invoer van dergelijke voorwerpen, verbonden met vrijgesteld ijzer- of staalwerk, wordt vergund de waarde in de aangifte te splitsen, in welk geval de ambtenaren desnoods kunnen verlangen, dat de belaste deelen, afgescheiden van de anderen, ter visitatie worden aangeboden. Wordt hieraan niet voldaan of vermeldt de aangifte slechts ééne som, dan zal al het ingevoerde als belast Ijzerwerk worden beschouwd.

Voorts is recht verschuldigd van alle voorwerpen, als haak- of andere bonten (Q, moeren, schroeven (m), enz., welke blijkbaar ook voor andere doeleinden kunnen gebezigd worden, dan voor het maken van spoorwegen. Dergelijke voorwerpen kunnen echter vrij worden ingevoerd, wanneer zij verbonden zijn aan de voorwerpen, tot wier samenstelling zij moeten dienen.

Bij twijfel kan de beslissing van den Minister worden ingeroepen, terwijl de goederen inmiddels tegen borgstelling voor het eventueel verschuldigde invoerrecht kuiinen vrijgegeven worden.

(o) Zie de Bijz. Bepaling op den post Uzor.

(!/) Do vrijstelling wordt ook verleend voor particuliere spoorwegen. (Bed.)

(c) IJzeren dwarsliijgers zijn gewoonlijk eenvoudig getrokken balk- of T-ijzers, en evenals de spoorstaven voorzien van een paar gaten tot het doorlaten der schroefbouten, doch overigens niet bewerkt. (Red.)

Ook do stalen onderlegplaten en randplaten voor dwarsliggers van spoorwegen worden als vrijgesteld aangemerkt. (Red.)

(d) Alle dwars- of langsliggers worden thans vrij van invoerrecht toegelaten, ook die voor tramwegen. (Red.)

(e) Van ijzeren klemplaatjes tot bevestiging van spoorwegrails op ijzeren of stalen dwarsliggers wordt dan ook geen recht geheven. (Red.)

De voor tramwegen of paardensporen bestemde ijzeren potten of kussens, lasrh-platen en verbindingsstukken, verbindingsstaven {harres d\'écartement), verbindings-stunqen tot verbinding der spoorstaven en de keerrails, welke met die staven eene gleui\' vormen, waarin de opstaande flens van het rad zich beweegt, worden mede vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.)

waarde

5 pet. Vrij

Vrij

waarde

5 pet.

Vrij Vrij

-ocr page 207-

SPO.

397

398

A R T I K E L E N.

Maatstaf

Hechten.

(f) Zie, nopens excentrieken, ook de res. van 1 Aug. 1855, no. 69, V. no. 71.

id) Sein- en ivissel toes tellen, van grooter of kleiner afmetingen, worden als IJzerwcrlx belast. (Red.)

(/i) Wissels en pnntstuklcen voor een tram werj worden mede algemeen belast. (lied.)

(i) Puntstukken, die het uiteinde van spoorstaven uitmaken, worden, als behooronde tot de laseh- en verbindingsplaten, vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.)

(./) Ook hartstukken worden als belast aangemerkt, zoowel met het oog op hunne samenstelling, als omdat zij soms een deel van wissels uitmaken, o.a. van de z.g. Engelsche wissels, terwijl bij den invoer niet is te constateeren, of dit al dan niet hunne bestemming is. (Red.)

ik) IJzeren radbandages voor spoorweg wielen worden als Ijzerwerk belast, lies. 4 Febr. 1863, no. 42.

Op dien grond worden evenzeer als Ijzerwerk belast de ijzeren wielbandages voor tramweglocomotieven. (Red.)

Zie hierbij ook het artikel Wielbanden.

(/) Daar schreef- en huakbouten, hoezeer van nokjes voorzien, niet alleen voor spoorwegen, maar ook tot andere doeleinden gebezigd kunnen worden, is voor deze bouten steeds invoerrecht verschuldigd, tenzij ze bij invoer verbonden zijn aan de spoorweg-deelen, tot wier samenstelling zij moeten dienen. Res. 27 Dec. 1893, no. 25, V. no. 118.

Vorenbedoelde nokjes dienen om het ronddraaien te beletten, wanneer de bout, die de laschplaten met de spoorstaven verbindt, aangeschroefd moet worden. (Red.)

Schroef- en haakbouten worden, wanneer zij belast zijn, onder Ijzerwerk gerangschikt. lies. 25 Nov. 1864, no. 4.

(///) Schroeven, afzonderlijk verpakt, worden ook als Ijzerwerk belast. (Red.) (2) Van het materieel voor spoorwegverkeer zijn de locomotieven met toe-behooren en onderdeelen, voor zoover een en ander tot geen ander gebruik geschikt is, vrij van invoerrecht als stoomivcrktuigen; zie den post FahrieUswerktuigcn.

De personen- of goederenwagens of andere voertuigen, welke eene hier te lande gevestigde maatschappij in het buitenland bestelt, of wel van eene boiten-landsche maatschappij in eigendom overneemt, zijn belast met 5 pet. der waarde ; zie den post Rijtuigen.

Ten einde elk oponthond en moeielijkheden te voorkomen, kan de Directie telkens bij de aanschaffing van bnitenlandsche voertuigen, met uitzondering van locomotieven en haar toebeliooren, aan het Dep. v. Fin. eene opgaaf zenden van het aantal, de soort en de merken, benevens de aannemings- of koopsom, met inbegrip van de kosten der assen met wielen, veeren, draagpotten, rem-werk, verlichtingstoestellen en verder toebeliooren, voor zoover een en ander afzonderlijk wordt besteld. De voldoening van het recht geschiedt daarna bij den Ontvanger Inv. en Acc. ter plaatse, waar de maatschappij is gevestigd. Verg. Franken, Alg. Wet, aant. 19 op art. 120, hlz. 105.

Voertuigen, toebehoorende aan vreemde maatschappijen, worden niet belast bij het overschrijden der grenzen {n).

Vrijstelling van invoerrecht wordt nog verleend voor afzonderlijke onderdeelen van spoorwegvoertuigen, die door vreemde maatschappijen worden ingevoerd ter verwisseling met aan haar toebehoorend materieel hier te lande, of wel, die door Nederlandsche maatschappijen worden teruggevoerd na verwisseling met door haar uitgezonden materieel (z.g. wisselstukken), dus voor gebruikte onderdeelen van spoorwegvoertuigen. Zoodanige ongebruikte zijn altijd aan invoerrecht onderworpen.

De vrijdom wordt door de spoorwegmaatschappij voor het gebruik op hare internationale of daaraan aansluitende lijnen, alleen genoten, voor zooverre de voorwerpen langs spoorwegen worden ingevoerd (o). Aan het grenskantoor moet een verklaring worden overgelegd, houdende nauwkeurige aanduiding der voorwerpen, opgave der voornaamste kenmerken, nommers, enz., alsmede dat zij door de betrokken maatschappij voor eigen rekening en met bestemming voor het internal ion aal verkeer {p) worden ingevoerd, terwijl, zoo noodig, de vermelding in de aangifte kan worden gevorderd, dat de gebruikte onderdeelen worden ingevoerd na verwisseling in het buitenland. Deze verklaringen worden door daartoe bevoegde, bepaaldelijk aangewezen personen onderteekend.

De navolgende onderdeelen van spoorwagens en wissels worden gewoonlijk vrij van invoerrecht toegelaten voor het internationaal verkeer:

Assen; i Draag- of kussenblokken voor olie-

Balansen ; , potten;

Bandages; j Glasraam, compleet;

Bovenpotten; Hekwerk voor veewagens;

Bufferbalk, compleet;

Bulferpotten, compleet, met of zonder

stang;

Bulferpotten;

Bufferstangen;

Bufferschijven (houten);

Bufferveeren;

Deksels voor oliepotten;

Deuren, compleet;

Deursluitingen;

Douanemanden ;

Hoekstroppen;

Kettingen voor wagens;

Kleppen voor wagens. Zij- en eind-; Koppelstangen voor houtwagens; Lantaarnijzers;

Lantaarns, gewone, met en zonder

lampen;

Luikjes (ijzeren);

Manometers voor locomotieven; Noodkettingen;

Oliepotten;

-ocr page 208-

SPO. — STA.

400

399

ARTIKELE K

Rechten.

Maatstaf.

Oliezuigers, met of zonder dragers,

compleet;

Onderpotten;

Patentkoppelingen;

Portier;

Remwerk en onderdeelen;

llemblokken;

Schamels voor houtwagens;

Stelbalken;

Schotten, compleet;

Stijlen, compleet;

Toestellen voor gasverlichting van spoorwegrijtuigen en onderdeelen daarvan, zoomede onderdeelen voor binnenverlichting van sx)00rweg-rijtuigen;

{)/) Do vrijstelling wordt ook toegepast op spoorwegvoortnigen, toobohoor vreemde handelaars, en uitsluitend dienende tot internationaal vervoer, b.v. potrolenm-bassinwagens. (Red.)

Zie, nopens dokkleeden, dienende tot beschutting der lading op open spoorwagens, in bet. internationaal verkeer gebezigd, alsmede nopens gebruikte ijzeren kettingen, dienende tot het vastsjorren van goederen op open spoorwegwagens, aant. 21 op art. r», letter y, dezer Tarief wet.

(o) Deze vrijstelling wordt dus niet toegepast bij invoer aan do zeezijdgt;\' of Udkjs de rivieren of yewone landwerjen. (lied.)

(;;) Voor spoorwegen, niet rechtstreeks op het buitenland nitloopende, zal dus de vrijstelling gewoonlijk niet verleend kunnen worden. (Red.)

SPOOKWEGKAARTJES. Zie onder Kaartjes.

SPOOKWEGMANDJES van gevlochten spaan, stroo of riet, als Kra-

merij. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 9G...... .

„ van gevlochten teen, als Teen- en mandewerk. Hex.

22 Januari 1859, na. 35, V. no. 2...........

SPOOK WEGVOERTUIGEN, aan vreemde maatschappijen toebehoo-rende, dienende voor internationaal verkeer. Zie aant. 2 op

Spoorwegen..................

„ aan vreemde handelaars toebehoorende, en uitsluitend dienende tot internationaal verkeer. Zie noot n op aant. 2 op

Spoorwegen..................

„ Onderdeelen van spoorwegvoertuigen, door vreemde maatschappijen ingevoerd ter verwisseling met aan haar toebe-hoorend materieel hier te lande, ot\' door Nederlandsche maatschappijen teruggevoerd na verwisseling met door haar uitgezonden materieel (z.g. wisselstukken). Zie aant. 2 op

Spoorwegen..................

(1) SPOREN voor spoorwegen. Zie de Jiijz. Bepaling op den post Ijzer, aant. 1 op Spoorwegen, alsmede den post Staalwerk .... (1) Op de Statistieke staten worden spoorstaven vermeld onder de rubriek IJzcr, spoorstaven óf onder Stnal, spoorstaven.

SPREEKBUIZEN voor schepen worden niet aangemerkt als deelen

van schepen, voor geen ander gebruik geschikt. (Red.).....

SPREIDERS van droge en vloeibare mestspeciën, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. IS. fi Oef. 1862, S.

no. 179, V. no. 101, art. 1, en Wet 1877 ...........

SPRINGBELETTERS voor paarden on rundoren, als Gereedschappen. (Red.)......................

SPRINGBUFFERS, ten dienste van een stoomstuurtoestel aan boord van schepen, worden vrij van invoerrecht toegelaten als doelen van

schepen, tot geen ander gebruik geschikt. (Red.).......

SPROT, als Visch, allerhande, enz. Renvooi, Wet 1857......

SPRUDELZOUT in flcschjes, niet in galanterie-of dergelijke winkels of door marskramers verkocht wordende. Zie aant. 8 op V. 1881,

no. 13, § 3......................

SPUIT- of HEVELFLESSCHEN. Zie Syphonflesschen.

SPURRIEZAA1). Zie onder Zaad, klaverzaad, enz........

SPURTS. Zie Stilts en spurts.

STAAFJES. Roodkoperen staafjes, welke, om te kunnen dienen voor banden voor projectielen, nog moeten worden rondgebogen en dus slechts gedeeltelijk bewerkt zijn. (Red.)...........

Trekhaken;

Trekstangen, compleet;

Trekwerk en onderdeelen;

Trappen (ijzeren, voor bagagewagens); Veeren. Draag —, en losse bladen; Veerenhangers;

Veerennoodkettings;

Veer en trek;

Veerenstroppen;

Verwarmingstoestellen en onderdeelen;

Warmwaterliesschen;

Wielen;

Wielbanden;

Zitting.

(Red.)

,\'aarde

waarde

-ocr page 209-

STA.

401

402

AKTIKELE N.

Maatstaf.

Hechten.

*SÏAAL, in bladen, platen of staven. Wet 1854, en Res. 25 Aug. 1864,

no. 58.....................

„ quot;Spoorstaven. Zie de Bijz. Bepaling, opgenomen op Ijzer,

alsmede aant. 1 op Spoorwegen..........

«STAALDRAAD (1). Wet 1862 ...............

(1) Zie den post Staalwerk.

STAALVULSEL, als Ijzervijlsel; zie onder Ijzer, oud ijzer, onz. Renvooi, Wet 1845 ...................

quot;STAALWERK, met uitzondering van stalen staven, lasch- en

verbindingspi.aten voor spoorwegen en van staaldraad (1). . . (1) Ruwe stalen gietstukken (schakels, tandraderen, kettingschijven, enz.) vallen niet onder de uitzonderingen, genoemd in den post Sluahrcrk, maar ■« orden belast met een invoerrecht van 5 pet. der waarde, tenzij bij den invoer voldoende worde aangetoond, dat zij onderdeden uitmaken van vrijgestelde werktuigen of zijn aan te merken als deelen van schepen, voor geen ander gebruik geschikt. (Eed.)

Verg. hierbij aant. (i op Schepen. Dcelm van —.

STAALWFJN, een praeparaat, bestaande uit wijn, waarin ijzerdoelen zijn opgelost, alleen aan accijns als Wijn onderworpen. Res.10 Oct. 1863, no. 2t), V. no. 148, en 11 Sept. 1879, no. 53, 1\'. no. 81 . . . STAAKTEN on MANEN van paarden, als Haar, onbewerkt. Renvooi,

Wet 1845 ......................

STAAETPEPER of CUBEBE. Zie onder Peper........

STAF-IJZER. Zio onder Ijzer, smeedijzer, enz.........

STAKEN, GAARDEN en STOK RUS. Zie onder Hout, waarden, onz. STALEN van handelsartikelen. Zio aant. 2 op art. 3 dezer Tariofwet. STALEN BCIZKN, dienende voor de vervaardiging van rijwielen,

als Staalwerk. (Rod.)...............

„ KANONNEN, als Ammunitie, ijzeren geschut. (Red.). . . „ MAGNETEN voor een stoommeelmolen, als Instrumenten,

physischo. (Red.).................

„ ONDERLEGPLATEN en RANDPLATEN voor dwarsliggers van spoorwegen (1). (Red.).............

(1) Zie aant. 1, met noot r, op Spoonvegcn.

„ PENNEN in doosjes, als Kram erg. Res. 2 Januari 1863,

no. 29, V. no. 13.................

„ PINNEN voor kaardeuband (2), afzonderlijk ingevoerd, als Staalwerk. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96.....

(2) Zie hierbij het artikel Kaardenband.

„ PLATEN. Zie Platen, ijzeren en stalen —.

„ PLATEN. Gegraveerde — voor het maken van afdrukken, als Fabriekswerktuigen. Res. 11 Juli 1856, no. 48, en

Wet 1877 ....................

„ PUNTEN, voor zoogenaamde Gills of koperen latten, tot het zuiveren van wol in de wolspinnerijen, afzonderlijk ingevoerd, als Staalwerk. (Red.)............

„ REEPEN. Cylindervormige, opgerolde, geplette of geslagen —, als Staal, in bladen, platen of staven. Res. 25 A ng. 1864, no. 58. „ STAAFJES. Zie Staafjes.

„ STAVEN, die reeds gevormd zijn tot een bepaald doel, bijv.

vellingen voor rijwielen, als Staalwerk. (Red.).....

„ (3) STAVEN voor spoorwegen. Zio den post Staalwerk.

(Red.)

(3) Op de Statistieke staten te vermelden onder de rubriek Staal, spoorstaven.

„ STUKKEN (gegoten) voor sluisdeuren, als Staalwerk. (Red.). „ VEEREN voor kleppen van stoommachines, blijkbaar voor geen ander doel geschikt, als onderdeeleu (4) van Stoommachines; zie Fabriekswerktuigen. (Red.)......

(4) Zie aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

„ VEEREN voor crinolines, onverschillig of zij met katoenen of wollen garen of met eonige andere stof omkleed zijn of niet, als Staalwerk. Res. 18 Januari 1864, no. 42, 1\'. no. 8.

Vrij

Vrij Vrij

Vrij 5 pet.

waarde

Vrij

Vrij Vrij Vrij Vrij

waarde 100 kgr.

5 pet. ƒ 1.25

5 pet.

Vrij

5 pet. 5 pet.

waarde

waarde waarde

Vrij

5 pet. Vrij

waarde

waarde

5 pet. Vrij

waarde

5 pet. Vrij

waarde I 5 pet.

-ocr page 210-

STA. —

STE,

40a

ARTIKELE N.

Maatstaf.

Kkcutjsn.

STA METTEN, als Manufacturen. Renvooi, Wet 1S22......

STANDBEELDEN. Zio onder Beelden...........

STANDPIJPEN voor brandspuitslangen worden niet als ondercloelen van brandspuiten aangemerkt, maar integendeel belaft als IJzer-of Koperwerk (1). (Ked.)................

(1) Wanneer de standpijpen te zamen met de brandspuiten worden ingevoerd en blijkbaar daartoe beboeren, zie men den post Fabrickswcrktuiyen, alsmede de res. van 11 Juli 1885, no. 96, en 27 Aug. 1885, no. 15, V. 1885, nos. 71 en ÜO.

STANIOOL, als Tinfoelie. Renvooi, Wet ]S4rgt;.........

STARANLTS, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845 ........

STAVEN van aluminium. Zie aant. 1 op Nieuwzilver, in platen, enz. „ van staal. Zie Stalen staven.

„ Goud en zilver in staven. Zie onder Goud en zilver. . . ., Getrokken of geplette geelkoperen staven voor bouten, alsmede gegoten, getrokken ol\' geplette roodkoperen staven voor bouten, als Koperen bouten; zie Koper, geslagen, enz.

Ren. 30 Januari 1851, nu. 73, V. no. 20.........

„ IJzeren staven of goten. Zie IJzeren staven.

„ IJzeren staven, met koper omkleed, naar hun hoofdbestanddeel. (Eed.)...................

„ Koperen staven tot het zuiveren van wol. Zie Gills . . . *(1) STEARINE OF GEPERST SMEER. Wet 1862 .......

(1) Zie, nopens de afzonderlijke vermelding op de Statistieke staten, res. 29 Dec. 1890, no. 134, V. no. 135.

STEARINE. Katoenzaad-stearine (1). (Rod.)..........

(1) Deze stearine wordt eerst bij ongeveer 22° C. vloeibaar, en wordt dus als een vast vet beschouwd. (Eed.J

STEEKWAGENS, als Wagenmakerswerk. (Red.).......

STEEN, EN HETGEEN VERDER TOÏ DIE RUBRIEK 1SEHOORT, VCVValt (1).

Wet 1877 ....................

(1) Bij de Wet van 18G2 was nog alleen belast: bewerkte steen, gepolijst of gebeeldhouwd marmer of albast, en gemalen, gebroken, geslagen of z.g. fijne tufsteen, tras of cement.

Op den post Steen kwam in genoemde wet de volgende /J ij:. Bcpa-ting voor; „Onder dezen post behoort niet ongebakken steen, hardsteen, marmer en albast, ruw of in het ruwe behouwen, zooals het uit de groeven komt; evenmin gezaagde steen of gezaagd marmer, mits niet op eenige andere wijze verder bewerkt, noch geslepen of gepolijst; voorts noch molensteen, puimsteen, steenen voor steendruk, klip- of zinksteen, ongebakken of gebakken straatsteenen, vuursteenen, keien, schaliën, leien (bouwmaterialen), ongemalen tufsteen, kalksteen en marmeren beelden.

*(10) STEEN. Bewerkt, alsmede gepolijst of gebeeldhouwd marmer (2—4) of albast. Wet 1877, en Res. 6 Juni 1877, no. 71,

V. no. 54, § 3..................

„ *(11) Gemalen, gebroken, geslagen of zoogenaamde fijne tufsteen, tras of cement. Wet 1877, en Res. 6 Juni 1877, no. 71,

V. no. 54, g 3..................

„ ^Kalksteen. Wet 1845, en Bijz. Bepaling, Wet 1862 . . . .

„ Kantsteen (holle metselsteen). (Red.).........

„ \'-Klip- of zinksteen. Bijz. Bepaling, Wet 1862 ......

„ quot;Kryolithsteen is, mede volgens do van Regeeringswege uitgegeven Statistiek, vrij van invoerrecht. Verg. de res. van

18 Januari 1867, no. 58, V. no. 11..........

„ ^Marmeren borst- en standbeelden (3) (4). Wet 1845, en Res.

19 Maart 1863, no. 77, Tr. no. 58...........

„ quot;quot;\'Molensteen (5). Bijz. Bepaling, Wet 1862........

„ ^Ongebakken steen, hardsteen, marmer en albast, ruw of in

het ruwe behouwen, zooals het uit de groeven komt (6).

Bijz. Bepaling, Wet 1862 ..............

,, \'-\'Puimsteen. Bijz. Bepaling, Wet 1862 .........

., ^Schaliën en leien (7), bouwmaterialen. Bijz. Bepaling,

Wei 1862 ...............quot;.....

„ \':;\'Steenen voor steendruk. Bijz. Bepaling, Wet 1862 ....

waarde

waarde

waarde

waarde

-ocr page 211-

STE.

405

406

A Ji ï J K E L E N.

Maatstaf.

Rechten.

SSTEEN. Straatsteenen, ongebakken, en keien. Bijz. Bepaling, Wet 1862.

„ ^Tufsteen, ongemalen. Bijz. Bepalittg, Wet 1862 .....

*Vuumceneu (8). Bijz. Bepaling, Wel 1862 .......

„ Beelden van hardsteen (3), als Steen, bewerkt. Renvooi,

Wet 1845, en Wet 1877 ...............

„ Beelden van steen (3) (4), als Steen, bewerkt. Ren. 15» Maart

1863, no. 77, V. no. 58, en Wet 1877..........

„ Fijn behouwen of bebeitelde tufsteen, bestemd om tc worden gebruikt als bouwsteen voor pilaren, hoek-en venstersteenen, enz., als Steen, bewerkt. Res. 8 Januari 1866, no. 06, F. »0.4,

en Wet 1877 ...................

„ Gebakken steen. Zie onder Aardewerk........

„ Gemalen zand of gemalen steen. (Red.)........

„ Gezaagde steen of gezaagd marmer (5)), mits niet op eenige andere wijze verder bewerkt, noch geslepen of gepolijst. Bijz.

Bepaling, Wet 1862 ................

„ Marmeren beelden (3). Bijz. Bepaling, Wet 1862 .....

„ Marmeren tegels, alleen in het ruwe behouwen en op gelijke afmetingen afgezaagd, zonder eenige bewerking te hebben ondergaan, of tc zijn geslepen of gepolijst. Jtes. 7 Janiutri 1863,

■nu. 15, V. no. 16.................

„ Eamsone —, kunstmatig gegoten steen (4), als Steen, bewerkt. (Eed.)...................

„ Trottoirsteen. Zie aant. 2 op Tegels.........

(2) Bewerkt marmer, zooals schoorsteenmantels of stukken daarvan, kan, tengevolge van het vervallen van ilen tariefpost Steen, vrij worden ingevoerd. Pendutekaslen behooren echter tot den po.^t Unrtrerlccn, klokken, pendules, enz, en vazen of andere dergelijke ornamenten van cenigcn omvang tot den post Meubelen. Klrine voorwerpen van marmer, als aschbakjes, en dergelijke, zijn te beschouwen als Kramer ij. Hes. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 9G.

Marmeren bladen voor waschtafels zijn onderworpen aan het invoerrecht van Meubelen. (Ked).

Verg. hierbij de Fiscus, no. 339, blz. 200.

(3) Alle marmeren heelden zijn vrijgesteld van invoerrecht; zij worden niet onder Steen, bewerkt, gerangschikt, maar blijkbaar onder Steen, marmeren borst- en standbeelden. Verg. de Bijz. Bepaling op de Wet van 1862, opgenomen in aant. 1 hiervoor.

Ook marmeren beeldjes en groepen marmeren beeldjes, alsmede marmeren beelden voor tuinversiering, worden vrij van invoerrecht toegelaten. (Bed.)

(4) Beelden en andere voorwerpen van gegoten cement (ramsone-steen) worden als Gipsbeelden belast. (Eed.)

(5) Hier worden molensteenen bedoeld, die geheel ruw zijn. Molen-steenen, van een of meer gaten voorzien, worden, onverschillig of zij al dan niet verder bewerkt zijn, gerangschikt onder de Fabriekswerktuigen. lies. 9 April 1868, no. 122, V. no. 46.

(6) Hieronder worden ook gerangschikt arduinen platen, aan de eene zijde gezaagd en aan den anderen kant ruw, bestemd voor grafzerken en stoepen. (Bed)

Steen of marmer, niet enkel in het ruwe behouwen of gezaagd, maar verder bewerkt, dus geschuurd, onder een molen geslepen of gepolijst, behoort onder Steen, bewerkt. (Bed.)

(7) Hieronder behooren ook bewerkte leien of leisteen voor urinoirs.

(Bed.)

(8) Bewerkte vuursteenen voor geweren en gemalen vuursteenen worden ook vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed.)

(9) Blokjes marmer, aan allo kanten gezaagd, zijn, als uitsluitend gezaagd marmer, niet op eenige andere wijze verder bewerkt, noch geslepen of gepolijst, bij de Wet van 1802 vrijgesteld. Zie daarover de Bes. van 3 Dec. 1862, no. 68, V. no. 134.

(10) Voor de Statistiek van den invoer naar de waarde op te geven.

(Eed.)

In de van Eegeeringswege uitgegeven Statistieke staten luidt de hier bedoelde post; Steen, hardsteen bewerkt, alsmede gepolijst of gebeeldhouwd marmer of albast.

(11) Voor de Statistiek van den invoer het gewicht te vermelden. (Eed.)

Vrij Vrij Vrij

Vrij

Vrij

Vrij Vrij Vrij

Vrij Vrij

Vrij

Vrij Vrij

-ocr page 212-

STE.

407

408

A R T I K E L E N.

Maatstaf.

Rechten.

STEENDRUK (1—o), als Boeken. Renvooi, Wet 1845......

(1) Steendruk en Drukwerk zijn, gelijkstaande met Boeken, vrij van invoerrecht ; daaronder kan echter niet worden gerangschikt papier, waarop slechts enkele woorden zijn gedrukt, doch dat overigens nog moet worden beschreven. Formulieren en dergelijke die nog moeten worden ingevuld, behooren tot den post Papier.

I\'rij van rechten kunnen worden toegelaten:

brieven, waaraan niets ontbreekt dan het adres;

étiquetten met volledig opschrift;

spoorwegkaartjes (r/) (b).

lïes. (5 Febr. 1889, no. G, lr. no, 13.

Daarentegen worden als Papier, van alle soorten, met 5 pet. der waarde belast: versierde zakjes of banden —, papier om die daaruit te vervaardigen —, randen of opleggers voor sigarenkistjes en dergelijke, al zijn daarop door steendruk of op andere wijze figuren, beeldjes of soortgelijke versieringen aangebracht {e). Ties. 20 Mei 1887, no. 58, T\'. no. 4(5.

Dit recht wordt ook toegepast op:

omslagvellen voor pakjes postpapier;

brief- en andere omslagen;

banden en papier om kaarsen bijeen te houden of in te pakken; en misdruk. Res. 6 Febr. 1889, no. G, 1\'. no. 13.

Zie verder de aantt. op den post Papier.

(o) Kaartjes, in den vorm van spoorwegkaartjes afgesneden, voorzien van strepen van verschillende kleur, doch nog geheel onbedrukt, worden belast als Papier van alle soorten. (Ree.)

(6) Bij de res. van S Dec. 185*.», no. 57, V. no. 115, werden onder Drukwerk en Steendruk nog gerangschikt aanplakbiljetten, catalogussen, prospectussen en dergelijke.

(c) Deze regeling wordt niet toepasselijk geacht op plaatjes in lichtdruk, besterad voor geïllustreerde catalogussen, welke plaatjes als Steendruk vrij van invoerrecht worden toegelaten. (Red.)

(2) Kaartjes in fantasiekleuren, met plaatjes en annonces bedrukt, worden als Drukwerk beschouwd. (Red.)

Zie hierbij hetgeen is opgenomen onder Kaarten en Kaartjes.

(3) Plaatjes, voorstellende stadsgezichten, gebouwen, kleederdrachten en dergelijke, in photographie of steendruk (souvenirs, albums, enz.), gebonden in boekjes of vervat in losse omslagen of kokers, zijn als Prenten of platen vrij van invoerrecht, tenzij de omslagen of kokers ook voor andere doeleinden te gebruiken, en dus afzonderlijk verkoopbaar zouden zijn. In dat geval zijn deze, afgescheiden van de plaatjes, naar omstandigheden te rangschikken onder Kramerij, of, evenals losse banden voor boeken, onder Papier van alle soorten. Afzonderlijk ingevoerd, zijn de bedoelde omslagen of kokers, al zijn ze ook voor een bepaald doel bestemd, in elk geval belast. Bes. 13 Oct. 1890,7io. 24, T\'. no. 104.

STEENDRUK, platen en prenten, als Prenten. Renvooi, Wet 1846.

STEENDRUKPERSEN. Zie onder Persen..........

STEENEN. Zie Slijpsteenen, Slijpsteentjes, Tichelsteenen, Vloersteenen, Vuurkleisteenen, Vuurvaste steenen en Zegensteenen.

STEENEN voor steendruk. Zie onder Steen.........

„ Holle steenen van gegoten gips, dienende tot het optrekken van binnenmuren in gebouwen, als Voorwerpen van gips;

zie Gipsbeelden. (Red.)..............

STEENGOED, als Aardewerk. Renvooi, Wet 184quot;).......

STEENKOLEN en KOLENGEUIS. Zie Kolen, steenkolen . . . . STEENKOLEN. Toestellen om steenkolen of cokes te breken of te kloppen. Zie onder Toestellen.

STEENKOLENTEER- of HARS-OLIE. Zie onder Olie.....

STEENOLIE. Zie ouder Olie...............

STEENTJES van glas vervaardigd, kleur en vorm hebbende als edelgesteenten en dienende om in ringen, oorbellen, enz. gevat te worden, als Gesteenten, valsche, te rangschikken onder Kramerij.

Zie de Bijz. Bepalinci op dien post. (Red.)..........

STEINHOLZ (1), als Houtwerk. (Red.)...........

(1 Zie, nopens de vervaardiging van Steinholz, aant 8 op Platen. STEKELDRAAD, bestaande uit gevlochten ijzerdraad met stekel-punten en du daarbij beboerende krammen, dienende tol het maken van omheiningen, het afrasteren van weilanden, enz., als Ijzerwerk (1). Ren. 11 Maart 1885, na. 8, V. no. 22........

ill 15ij vonnis der Arr. Rechtbank te Breda van 27 Juni 1895 is stekeldraad eveneens belast verklaard. Zie Je Fiscus no. 48:), blz. 131.

waarde waarde

100 kgr. 100 kgr.

waarde waarde

waarde

5 pet.

-ocr page 213-

4ü\'J SÏE. - STO. 410

A E T I K E L E N,

Maatstaf.

Rechten.

STELEN. Houten hamerstelen (1). (Red.)............

_

Vrij

(1) Zie hierbij aant. 2 op den post Gereedschap pen.

STELEN. Tabaksstelen. Zie den post Tabak:

ongeplette....................

sjeplette.....................

STEMPELS tot het slaan van medailles. (Eed.)........

STEMPELWEEKTUIGEN om te nomineren ot\' te folieereu.

li) Nov. 1886, no. 15, F. no. 105..............

STEEEOSCOOPPLATEN, al dan niet op carton of op hout geplakt.

Hes. 6 Nov. 1863, no. 4(1\'.................

STEEKE DRANKEN, ah Gedistilleerd (1). Renvooi. Wet 1845 . .

100 kgr. kgr.

waarde

de HL.au

ƒ 0.70 ., 1.50 Vrij

5 pet.

Vrij

(1) Zie, nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

50 pet.

ƒ 3.50

*STEEKWATEE. Wet 1862 ................

STEUN- of VEESTEEKINGSPJ.TPEN. Zie aant. 2 op Vlam- of ketelpijpen.

STIERKN (1). Zie onder Slachtvee............

Vrij Vrij

(1) Zie, nopens het verbod van invoer, aant. 2 op art. lil dezer Tariefwet.

STIFTEN. IJzeren —. Zie IJzeren stiften.

„ Graveerstiften, als Gereedschappen, Res. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124....................

Vrij

s(3) STIJFSEL (1), vervalt. Wet 1877 ...........

Vrij

(1) In elke verpakking is stijfsel thans vrij van invoerrecht. Zie Ees. 3 Juni 1880, no. 8, V. no. 52.

(2) Alle stijfsel zonder onderscheid wordt als vrijgesteld beschouwd. Daarop wordt geen uitzondering gemaakt, noch om den aard der bewerking, noch om de meerdere of mindere geschiktheid om voor voedsel te dienen, (lied.)

Ook Huffman\'s stijfsel wordt vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed.)

(3) Voor de Statistiek van den invoer het gewicht te vermelden. (Eed.)

„ van aardappelenmeel, als Stijfsel. Res. 10 Oct. 1862, no. 105,

V. no. 105, en Wet 1877 ..............

„ Gebrande — (4), als Stijfsel. /.Vs. 28 Juni 1838, no. 21, V. no. 67, en Wet 1877 ................

Vrij Vrij

(4) Gebrande stijfsel is een poeder van lichtbruine kleur, bij bevochtiging aan de zeer kleverige en gomachtige zelfstandigheid te onderkennen, fles. utsvoren.

STUFSELBANDEN voor stijfmachines, afzonderlijk ingevoerd, kunnen niet aangemerkt worden als onderdeelen van fabriekswerktuigen, doch zijn te rangschikken onder den post Manufacturen.

(Red.)

STIJLEN. Houten hekstijlen of beklatten (1), als Houtwerk. Res. 13 Sept. 18SK). no. 21, V. no. 92............

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

(1) Zie hierbij Luiten.

„ Midden raamstijlen, geheel gereed en geschikt om zonder verdere bewerking in het raam te worden bevestigd, als

Houtwerk. (Eed.)................

STIKZIJDE. Zie onder Zijde...............

STILTS en SPUETS, zoogenaamde Pernetten, ten dienste van ijzergieterijen en om in de fabrieken van aardewerk tusschen de voorwerpen te worden geplaatst, ten einde het aan elkander bakken te voorkomen, als onderdeelen (1) van Fabriekswerktuigen. Verg. Tariefwet E. en K., blz. 226. (Eed.)..........

waarde

5 pet. Vrij

Vrij

(1) Zie aantt. 3 en i op Fabriekswerkluigen.

ST. MAETINSHOUT (1), als Verfhout; zie onder Hout. Renvooi, Wet 1854 ......................

_

Vrij

(1) Dit hout bestaat uit zware stukken, van 20 tot 35 stukken in de 500 kgr. en behoort tot dezelfde soort hout als Slokvisehhout. Jtes. li Juli 1820, uo. 229, V. no. 103.

STOELEN van riet, als Meubelen. Res. 6 Jani 1877, no. 71, V. no. 54, § 3......................

5 pet.

-ocr page 214-

STO.

411

H\'2

A R T I K E Ij E N.

STOELEN. IJzeren of stalen —, behoorendc bij hot materieel voor spoorwegen. Ras. 15 Januari 1880, no. 33, V. no. (5, opgenomen in

(lant. 1 op Spoorwegen................

STOFFEN villi gutta-percha on caoutohouc, zooals Toilo Gutta, Gutta-porcha-papior on Caoutchouc-papior, als Manufacturen.

(Red.)

„ uit of mot alcohol bereid. Zio do Jiijz. Bepaling op don post Gedistilleerd.

„ van wol, enz. Zie. don post Manufacturen.......

STUFFEN cn MENGSELS. Ontplofbare —. Zie Ontplofbare stoffen.

STOFFERS. Zio Kamerbezems..............

STOFGOUD, /ie Goud en zilver, in staven, enz........

STOFLAK. als Verfwaren, lienvooi, ll\'et 1845.

STOFVANGERS voor stoommeelfabriekon. (Red.).......

STOF VAN PEPER. Zie den post Peper..........

STOKJES voor do vervaardiging van lucifers. /.Vs. 20 Juli 1884,

no. 57, V. no. 81....................

STOKKEN. Zie Bamboesstokken, Theestokken on Wandelstokken.

STOKRIJS. Zio onder Hout, waardon, enz...........

STOKVISCH. Zie onder Visch..............

STOKVISCHHOUT (1), als Verfhout; zio onder Hout. lienvooi, Wet 1854 ......................

(1) De uaam van Slokvischhout wordt gegeven aan lichte, dunne on ijlo stukken van dezelfde soort van hout als St. Martinshout. lies. 14 Juli 1820, no. 229,1\'. no. 103.

STOLPEN. Glazen — (1), als Glas en glaswerk. Zie de Bijz. Bepaling op dien post, hieronder in aant. 1 opgenomen......

(1) Glazen stolpen, behoorende bij pendules («) of bij vaz3n met kunstbloemen, lampeballons en dergelijke, worden, wanneer zij in geen grooter getal worden ingevoerd dan dat der voorwerpen, waartoe zij behooren, en wanneer zij met deze gelijktijdig worden ingevoerd, onder die voorwerpen begrepen. Bijz. Bepaling op den post Glas en glasu\'erk.

ia) Zie de rubriek Uurwerken.

STOOMAFSLUITERS. Koperen — zijn, ofschoon in constructie afwijkende van stoomkranen (1), met deze gelijk te stollen en dus belast als Koperwerk. IJzeren stoomafsluiters, los of afzonderlijk ingevoerd, zijn als Ijzerwerk te belasten (2). lies. 13 Aug. 181)5, no. G7, V. no. 87....................

(1) Zie aant. 1 op Kianen.

(2) Indien naar eene speciale teekening vervaardigde stoomkranen of stoomafsluiters worden ingevoerd, bestemd voor fabrikanten hier te lande, kunnen belanghebbenden op grond dezer bij den invoer reeds vaststaande bestemming (a) zich, onder overlegging van die teekening en van den bestelbrief zich tot den Minister wenden. De invoer kan inmiddels worden toegestaan tegen zekerheidstelling van het eventueel verschuldigd recht. Rcï. 13 Antj. 1895, no. (57, J\'. no. 87.

(rt) Zïe aant. 3 op Fabriekswerktnifjen.

STOOM-ASCHEJECTORS, alleen geschikt om aan boord van schepen gebruikt te worden (1) (2). (Red.).............

(1) Zie hierbij Schepen. Deelen van —.

(2) De hierbedoelde ejectors gebruikt men tot het verwijderen van de aseh, welke uit de vuurhaarden der stoomketels komt- en op eenigen afstand boven de waterlijn buiten boord moet gebracht worden, (lïed.i

STOOMBAGGERMOLENS. Onderdeelen van—. Zie IJzeren stoom-baggermolens.

STOOMBOOTEN, met bestemming om binnenslands te blijven, als

Schepen, enz. Zio aant. 1 op dien post..........

STOOMBUIZEN. IJzeren —, onderdeelen van stoomketels zijnde.

(Red.)

„ IJzeren —, dienende tot geleiding van den stoom naar andere gedeelten eenor fabriek, alsmede de daarbij behoorende ijzeren

afsluiters, als Ijzerwerk. (Red.)...........

STOOMFLUITEN, als gedeelten (1) van Stoomwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. Bes. 7 April 1863, no. 54, en Wet 1877 . .

(Ij Zie aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

Maatstaf.

larde

urde urde

wa; \\va

100

larde

waarde

waarde

waarde

-ocr page 215-

STO. — STR

413

414

A K T IKE L E N.

STOOMINDICATEUKS, als Stoomwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. (Rod.)..................

STOOM KACHELS. Zie onder Kachels...........

STOOMKOFFIEBRANDERS (1). (Red.)...........

(1) Koftiebranders voor huiselijk on winkelgobruik zijn aan een invoenecht van 5 pet. der waardo onderworpen. Jlcs. 1\'J Sfov. 188(1, nu. 15, V. nu. 105.

STOOMKOOKÏOESÏELLEN, tot het bereiden van veevoeder. Zie

Kooktoestellen...................

STOOMKEANEN. Zie onder Kranen.

SÏOOMLIEREN. Zie oiKter Lieren.

STOOMPIJPEN. Condensor — van koper, ofschoon een minderen omtrek hebbende dan bij Res. van 15 Sept. 1870, no. 32, V. no. 141 (1), voor vlam- en ketelpijpen is bepaald, als Fabriekswerktuigen. (Red.)............

(1) Deze res. is opgenomen in aant. 1 op Vlampijpen.

„ IJzeren —, overeenstemmende mot de gegevens, genoemd in do Res. van 29 Nov. 187(1, no. 20, V. no. 175 (2), als Fabriekswerktuigen. (Red.)................

(2) Deze ros. is opgenomen in aant. \'2 op Vlampijpen. STOOMPOMPEN, uitsluitend door stoom in beweging te brengen,

als Stoomwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. (Red.) . . . STOOMSPOELM ACHINES en STOOMWASCHMACHINES. Zie

onder Machines.

STOOMWERKTUIGEN. Zie Fabrieks-, landbouw- en stoomwerktuigen .....................

STOOTZAKKEN voor scheepsgebruik. lies. 4 Juli 1883, no. 25, V. no. 08. STOPMESSEN, als Gereedschappen, lies. 19 Nov. 1886, no. 15,

V. no. 105......................

STORMHOEDEN. Zie den post Ammunitie, allerhande, enz. . . STORTKARRETJES. IJzeren —, dienende tot vervoer van grondstoffen, als Ijzerwerk. (Red.)..............

STOVEN. Houten platen, bestemd voor —. Zie Houten platen. STRAATBEZEMS, bestaande uit twijgen of rijs met teenen samengebonden, als Rijs- en heibezems; zie onder Hout. lies. 15 Fcbr.

1805, no. 86, V. no. 20.................

STRAATKOPPEN, AFSLUITKRANEN (1), KRAANKASTEN, BRANDKRANEN en andere onderdeden van waterleidingen (2). lies. 2 Aug. 1888, na. 22, V. no. 02.............

(1) Straatkoppen, sluitstukken van zeer eenvoudige constructie, zijn in samenstelling en bestemming wezenlijk onderscheiden van afsluiters en geheel uit gegoten ijzer vervaardigd. (Eed.)

(2) In de Bijz. Bepaling op den tariefpost Ijzer zijn alleen gegoten of getrokken ijzeren buizen voor waterleidingen vrijgesteld. Bes. alscorcn.

STRAATREINIGINGSMACHINES worden belast naar hun hoofdbestanddeel, als Hout- of Ijzerwerk. (Red.)........

STRAATSTEENEN, ongebakken. Zie onder Steen.......

STRAATVUILNIS, als\' Mest, niet afz. belast. Renvooi, Wet 1854. . STREMSEL. Zie Kaasstremsel.

STRIJKIJZERS, als Gereedschappen (1). lies. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96, bevestigd bij lies. 19 JSov. 1886, no. 15, V. no. 105. . . (1) Ook zijn vrij van invoerrecht toe te laten strijkijzers met daarmede tegelijk ingevoerde gutta-percha slang en gasbrander ter verwarming der ijzers. De Fiscus no. 427, blz. 93.

quot;STROO. Wet 1845 ...................

„ Voorwerpen van stroo, zooals spoorwegmandjes, werkmandjes, sleutelmandjes, enz., welke in den regel in galanterie- en speelgoedwinkels verkocht worden, als Kramerij. lies. 22 Oct.

1877, no. 25, V. no. 96...............

„ Weefsels of vlechtwerken van —, met paardenhaar, hennep, katoen, enz. vermengd, onverschillig of die weefsels tot hei vervaardigen of garneeren van hoeden of wel van andere kleedingstukken zijn bestemd, als Manufacturen, lies. 15 Aug. 1863, no. 12, V. no. 117...........

Maatstaf.

waarde

waarde waarde

waarde

waarde

waarde

waarde i 5 pet.

-ocr page 216-

STU.

415

41(1

SÏR.

ARTIKELEN.

STROO en SPAAN, vervalt. Wet 1877 ...........

„ *(1) gevlochten in reepen of banen voor hoeden. Wet 1877. „ *(1) in bladen, alsmede garnituur. Wet 1877 ......

(1) Voor de Statistiek van den invoer naar de waartic te vernielden.

(Eed.)

STRÜÜ-ASCH, als Potasch, enz. of als Haardasch; zie Asschen-

Res. 21 April 1847, no. 176, V. no. 63, en Bijz. Bepaling, Wetten

1845 en 1850. opgenomen in aant. 1 op Asschen.......

STEOO-EN VELOPPES of STROOHULZEN. dienende tot verpakking

van ilesschen. (Red.)..................

STROOKEN. Opgerolde —, van gegalvaniseerd plaatijzer of ijzerblik.

\'(Red.)

„ voor matten, /ie den post Matten en strooken voor matten.

STROOKJES bordpapier voor wevers. Zie Reepjes.

STROOP, vervalt (1). Art. 88, § 1, der Suikerwet, V. 1897, no. 33 .

(1) Alle suikerhoudende vloeistott\'en, tot dusver als stroop met invoerrecht belast, worden van dat recht vrijgesteld, maar aan den accijns («) onderworpen. Vruchtenstropen, behoorende onder den post Koek- en banhetbakJcersicerk, blijven echter belast met een invoerrecht van f 25.— per 100 kgr. Medicinale siropen kunnen ook voortaan vrij worden ingevoerd. Hes. 3 Juij. 1897, no. 24, V. no. 81, § 1.

(a) Zie aant. 2 op den post Suiker.

STROOP. Zie Aalbessenstroop, Aardappelenstroop, Appelen-stroop, Beschuithonig, Druivensiroop, Frambozen-stroop, Jodo Tonnique Sirop, Kinastroop (sirop de quinquina dosé), Perenstroop, Salsaparillestroop en Violenstroop.

„ van gele veldwortelen, als Stroop; zie Suiker (2), blijkens

res. van 17 Febr. 1866, no. 28, V. no. 22........

„ van innlino (3), dezelfde bestemming hebbende als kleursels uit suiker vervaardigd (cai-amel) (4). lies. 2 April 1885, no. 0,

F. no. 33 .... \'................

„ Digestive syrup, als Stroop; zie Suiker (2). (Red.) . . . „ Extracten van verfhout, vermengd met stroop, als Stroop;

zie Suiker (2). (Red.)...............

., Gebrande siroop, als Stroop; zie Suiker (2). (Red.) . . . „ Golden syrup, als Stroop; zie Suiker (2). (Red.) .... „ Medicinale borstsiroop, zijnde een zuivere oplossing van suiker, een gehalte hebbende van meer dan 50 pet., als

Melado; zie Suiker (2). (Red.)...........

„ Medicinale stropen, lies. 3 Aug. 1897, no. 24, V. no. 81, § 1. „ Saccharin-syrup. Zie aant. 6 op Suiker.

„ Stropen, essences en extracten voor meiwijn. Zie Essences.

„ Vijgenhonig, als Stroop; zie Suiker (2). (Red.).....

„ Vruchtenstropen. Zie aant. 1 op den post Stroop.

(2) Zie, nopens de helling van accijns, aant. 1 op den post Stroop hiervoor, alsmede aant. 2 op Suiker.

(3) Deze stroop is volgens de vervallen res. van 22 Januari 1863, no. 75, V. no. 28, een ingedikt plantenaftreksel.

(4) Caramel is bij art. 88, S 3A der Suikerwet, V. 1897, no. 33, onderworpen aan een invoerrecht van f 6.— per 100 kgr.

STROOP- of SUIKERAARDE. Gebruikte —, als Mest, niet afz.

belast. Renvooi, Wet 1854 ................

STROOPERSEN, als Gereedschappen. (Red.)........

STROOSNIJDERS, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. 6 Oct. 1862, S. no. 179, F. no. 101, art. 1, en

Wet 1877 ..................... .

STUIKBLOKKEN. Smidsstuik- of zaalblokken. Zie Zaalblokken. STUITERS, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post. . . STUKKEN. Ijzer, gegoten in ruwe —. Zie onder Ijzer, gegoten, enz. STUKKEN BANDIJZER van bepaalde afmeting. Zie Bandijzer.

Maatstaf.

waarde

100 kgr.

waarde

-ocr page 217-

STU. — STTI.

417

418

A E T I K E L E N.

Rechten.

Maatstaf.

STUTTEN. IJzeren fundeeringsplaton en — voor een stoommaeliine,

als Ijzerwerk. (Red.).................

SUBLIMAAT, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845........

SUBLIMAAT-PASTILLES. (Eed.)..............

SUCEOL. Zie aant. 3 op Saccharine............

quot;(7) SUIKER (1—(5), vervalt. Art. 40, § 1, der Wet van 2 Juni 1805. S. xo. 63, V. no. 48..................

(1) Krachtens de Wet van 1862 werd indertijd een invoerrecht geheven van (jcraffinccrde suiker en van rawc suiker, met geraffineerde vennenyd. Bij de Wot van 1845 was ook nog aan invoerrecht onderworpen ruire vorm- en kleisuiker.

a. kandij

(2) Suiker is thans alleen aan accijns onderworpen. Deze bedraagt per 100 kgr. voor:

ƒ eerste klasse .... ƒ 81.80 \\ tweede klasse. . . . ,, 28.81)

waarde

;quot;) pet. Vrij Vrij 5 pet.

Vrij

waarde

/gt;. melis en lompen en alle niet afzonderlijk belaste suiker..........

van hooger gehalte dan

99 pet......

van geen hooger ge-| halte dan 99 pet. . .

d. basterd als voor ruwe suiker.

welke meer dan 10 pet. vaste, voornamelijk uit greinachtige suiker samengestelde bestand-deelen bevatten of, in vloeibaren staat, een hooger gehalte hebben

dan 50 pet.....

andere . ....

,. 27.

c. rnwo suiker

voor elk percent van haar gehalte, doch niet minder dan /\'18.—

melado, melasse, stroop en andere suikerhoudende vloeistoffen.

18.-0.-

vaste, korrelachtige en poedersuiker, alsmede geraspte of op andere wijs fijngemaakte

massé («).....

1 der Suikerwet, V. 1897, no. 38.

f. druivensuiker uit zetmeel.

18.—

Art.

{a) Zie, wat gewone massé in stukken betreft en andere niot met accijns belaste

druivensuiker uit zetmeel, vaste of vloeibare, alsmede caramel, den hierna volgenden

tariefpost.

(3) Zie, nopens den vrijdom van accijns voor scheepsprovisie, art. 5 en voor handelsmonsters, aant. 2 op art. 3 dezer Tariefwet.

(4) Krachtens art. 82, § 2, der Suikerwet, V. 1897, no. 33, zijn bij Kon. besluit van 14 Maart 1898, S. no. G2, V. no. 34, bepalingen vastgesteld nopens den vrijdom van accijns voor melasse en andere suikersappen, welke worden ingevoerd om daarvan hier te lande gedistilleerd te vervaardigen.

(5) Ingevolge art. 89 der Suikerwet, V. 1897, no. 33, kan bij Kon. besluit het invoerrecht voor biscuits en andere suikerhoudende goederen geregeld worden in verhouding tot den accijns van de daarin vervatte suiker. Dientengevolge is het invoerrecht van biscuits en van drop vastgesteld bij Kon. besluit van 5 Aug. 1897, S. no. 190, V. no. 88.

(6) Suiker, bereid uit sap van den ahornboom, wordt ook geacht aan accijns onderworpen te zijn. Zie hierbij aant. 1 op Ahornsaiker.

Onder ruwe suiker wordt gerangschikt een mengsel z.g. ruwe salpeter, o.a. suiker bevattende en bestemd tot het conserveeren van vleesch en spek. (Red.)

Ook Barmenitpöckel wordt bij invoer aan den accijns van ruwe suiker onderworpen. (Eed.)

I a nil tin -z uckcr, zijnde suiker, waarin een zeer geringe hoeveelheid vanilline is opgelost, aan dien van y eraf fineerde suiker, (lied.)

Saccharin-zuckcr, bestaande uit met saccharine verzoete vaste druivensuiker, wordt belast als druivensuiker, niet als massé bekend, (lied.)

Als stroop wordt aangemerkt een mengsel van cosine (een teerkleurstof) en aardappelenmeel. (Red.)

Melksuiker (a) is vrij van accijns en invoerrecht toe te laten. Res. 14 Xepl. 1888, no, 92, V. no. 106.

(\'/) Zie, nopens den aard van dit artikel, aant. 1 op Melksuiker.

-ocr page 218-

STIL

420

419

A K T I K E L E N.

Rechten.

Maatstaf.

(7) Voor de Statistiek van den invoer worden suiker, melado, melasse, stroop, enz. als volgt gesplitst opgegeven:

kandij, eerste klasse;

„ tweede klasse;

melis en lompen en alle niet afzonderlijk belaste suiker;

ruwe;

basterd ;

melado, melasse, stroop en andere suikerhoudende vloeistoften (a), Suiker welke meer dan 1(1 pet. vaste, voornamelijk uit greinachtige

suiker samengestelde bestanddeelen bevatten of, in vloeibaren staat, een hooger suikergehalte hebben dan 50 pet.; „ andere;

druivensuiker uit zetmeel, vaste, korrelachtige en poedersuiker, alsmede geraspte of op andere wijs fijngemaakte massé;

andere, vaste of vloeibare, alsmede caramel {b).

(a) Melasse en andere suikersappen, mot vrijdom van accijns ingevoerd als bestemd voor branderijen (zie aant. 4 hiervoor), afzonderlijk\' door den Ontvanger, die den volgbrief afgeeft, in netto gewicht op te geven in de maand- en jaarstaten van den invoer, I., T\'. en 1). no. 32, onder den algemeenen post Suiker. Ook in de maandstaten de uit ieder Rijk ingevoerde hoeveelheden afzonderlijk te vermelden. Bij invoer in vaten is als netto gewicht aan te merken het bruto géwicht, verminderd met de tarra van 13 pet., bepaald bij art. (», § 2, der Suikerwet. V. 1898, nos. 43 en G5.

(0) Zie hieromtrent den hiernavolgenden tariefpost.

Voor de Statistiek van den uitvoer daarentegen aldus te splitsen:

kandij, eerste klasse;

„ tweede klasse;

melis en lompen en alle niet afzonderlijk belaste suiker;

ruwe;

basterd;

melado, melasse, stroop en andere suikerhoudende vloeistoften;

druivensuiker, vaste uit zetmeel, bekend onder den naam van massé. (Red.)

(4) SUIKER. Gewone massé in stukken en andere niet ondee art. 1, g 1, letter ƒ, der Suikerwet, V. 1897, no. 33, vallende druivensuiker uit zetmeel (1), vaste of vloeibare (2), alsmede caramel (3). Art. 88, § Ifi, der Suikerwet, V. 1897, no. 33.......

(1) Verg. aant. 2 op den vorigen post.

(1) Zie hierbij aant. 4 op Druivensuiker.

(3) Bij invoer toe te zien, dat caramel niet wordt toegelaten onder de benaming van bier- of azijnkleursel of van vloeibare koffiestroop. Dr Fiscus no. 185, blz. 252.

(4) Zie, nopens de vermelding op de Statistieke staten, aant. 7 op den vooraf-gaanden post.

SUIKER- of STKOOPAAKDE. Gebruikte —, als Mest, niet afz.

belast. Renvooi, Wet 1854 ................

SUIKEHBAKKERSAAEDE. Zie onder Aarde voor aardewerk, enz. SUIKERBAKKERSPAPIER. Blauw —. Zie den post Papier. . . SUIKERBAKKERS VORMEN, zoo nieuwe als gebruikte. Zie den

post Aardewerk...................

SUIKERBAKKERSWERK. Zie den post Koek-, banket-, suikeren pasteibakkerswerk................

SUIKERKLEURSEL (1), als Caramel; zie Suiker, gewone massé, enz. Hes. 29 Dec. 1866, no. 29. V. no. 182, en 28 Oct. 1884, no. 29, V. no. 112................... • ■ •

(1) De vraag is gerezen of, en zoo ja, welk invoerrecht verschuldigd is van zoogenaamd suikerkleurscl, zijnde eene roodachtig bruine vloeistof, verkregen door verhitting van suiker met wijnsteen en voornamelijk gebruikt wordende tot het kleuren van likeuren en andere gedistilleerde dranken. Een scheikundig onderzoek heeft doen zien, dat in het hierbedoeïdo opzicht twee soorten van dergelijk kleursel zijn te onderscheiden.

Bij de eene soort is de verhitting zoo ver voortgezet, dat de gebezigde suiker geheel of grootendeels is veranderd in stoffen van anderen aard, zoodat daarin geen of bijna geen suiker is te onderkennen. Deze kleursels zijn kenbaar aan hun bitteren smaak.

De kleursels van de andere hierboven bedoelde soort, aan hun zoetachtigen smaak voldoende te onderscheiden, bestaan daarentegen voor een goed deel uit nog onveranderde suiker of wel uit druivensuiker, voortgebracht dooi* de eerste verhitting van andere suikersoorten. Beide soorten van kleursels worden belast als Siroop. Rosolutiën alsvorcn.

SUIKERSAPPEN. Zie den post Suiker.

f 6.00

100 kgr.

_

Vrij

Vrij

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

100 kgr.

ƒ 25.00

100 kar.

f 0.00

-ocr page 219-

S1JI. — TAB.

421

422

i i

A 11 T I K E L E N. Maatstaf. • Bechtes.

STTIKE11V0EMEN van ijzer vervaardigd, al of niet geschilderd (1), als Fabriekswerktuigen. He*. 3 Oct. 1861, no. KK!, F. no. 100, m Wet 1877 ...................

(1) Naar men vermeent zijn hier bedoeld de vormen, gebezigd in suikerfabrieken en suikerraftinaderijen, doch niet die, welke door suikerbakkers worden gebruikt. (Eed.)

„ Spanen voor —, als Gereedschappen. Res. 22 Oct. 1877, «o. 25, V. no. 96, bevestigd bij lies. 19 Nov. 1880, no. 15, V. no. 105.....................

-SUKADE (1).....................

(1) Wanneer sukade in kleinere stukken dan de gewone wordt ingevoerd en afval van sukade wordt genoemd, is toch ook het recjit van f 3,— verschuldigd.

(Eed.)

SULFAS THALK1N, een geneesmiddel. (Red.).........

SULFONAL, als Gedistilleerd, allo verdere dergelijke uit of met alcohol bereide stoffen (1). Hes. 6 Mei 1889, no. 7, V. no. 45.

(1) Zie hierbij de Jiijz. Bcpaiiny op den post Gedistilleerd.

*SUMAK. Wet 1854 ...................

SUNLIGHT SOAP, als Zeep, ongeparfumeerde. Arrest Gerechtshof \'s-Gravenhcuje van 1 Juni 1893. (Zie Weekblad no. 1100; verg. mede

no. 1073 van dat blad).................

SUPER AÏÜR, een weefsel van ij/.er draad, saanigesteld met asbest, als Manufacturen, lies. 14 April 1880, no. 7, V. no. 39 ... . SURROGATEN. Kofliesnrrogaten. Zie Koffie en Koffiesurrogaten.

SYKOSE. Zie aant. 3 op Saccharine............

SYPHON-FLESSCHEN. L)c in den handel onder dien naam bekende spuit- of hevelliesschen, hetzij al dan niet gevuld met mineraal- (1) of ander water, als Glas en glaswerk. Hes. 15 /l»//, 1868, no.51, F.no. 92. (1) Tan het in de tlesschen aanwezige mineraalwater is geen afzonderlijk recht verschuldigd. Jtes. ahvoren.

SYPHONS (gassyphons) of SYPHONPOTTEN, als Ijzerwerk, lies.

18 Nov. 1892, no. 33, V. no. 107..............

SYRUP. Zie onder Stroop.

TABAK (1) (2):

s(7) IN ROLLEN OF BLADEN EN ONGEPLETTE STELEN (3) . . .

„ quot;\'GEPLETTE STELEN.................

„ *GEKOKVEN, KAROTTEN, SNUIF EN ALLE ANDERE GEFABRICEERDE (4) (5)..................

„ ^SIGAREN (0)...................

(1) Bij de Wet van 1822 was tabak verschillend belast naar de plaats van herkomst. Speciaal werden in die Wet genoemd Ukraine-, Brazil-, Virginie-, Maryland-, Portorico-, St. Domingo-, Havana-, Orinoco- en Varinastabak.

(2) Extract van Kentucky-tabak, een tot het sausen van tabak bestemd plantensap, wordt vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed.)

(3) Tabaksstelen, bestemd tot bemesting van landerijen, worden niet vrij van invoerrecht toegelaten, tenzij de stelen vóór den invoer in een toestand worden gebracht, die het gebruik voor eenig ander doeleinde uitsluit. (Eed.)

(4) Hieronder wordt ook gerangschikt de uit Java ingevoerd wordende tabak, bekend onder den naam van Apenhaar. (Bed.)

(5) Als gefabriceerde tabak kan niet worden beschouwd Braziltabak, met melasse gesaust, en door opspinning geheel van derzelver eigenaardige lucht-doortrokken, welke gedeeltelijke bewerking ten doel had om die tabak speciaal tot snuif te bereiden, met dat gevolg, dat zoodanig product, na kapping en zifting, met bijvoeging van eenig zout, gewoonlijk als snuif in den handel wordt gebracht, daargelaten of de een of andere detaillant, naar gelang van de keus zijner verbruikers, het al of niet wonschelijk mocht achten, daaraan iets toe te voegen. Vonnis der Arr.-rechtbank Amsterdam 7 Der. 1851, Xcd. Pasicr.. bh. 55.

(6) Afval van sigaren en afgesneden einden, kunnende dienen als grondstof voor een nieuw fabrikaat, te rangschikken onder Tabak, in rollen, enz. (Bed.)

(7) Voor de Statistiek te splitsen in:

Tabak in rollen of bladen. Amerikaansche;

„ ,, „ ,, ,, inlandsche;

„ „ „ „ „ Europeesche;

„ „ „ „ „ Javasche;

„ „ „ „ alle andere;

„ ongeplette stelen. Bes. 14 Maart 1861, no. 27, V. no. 30.

100 kgr

100 kgr. waarde waarde

waarde waarde

100 kgr. 100 kgr.

100 kgr. 100 kgr.

-ocr page 220-

TAB. — TAM.

ARTIKELEN.

TABAKSKISTJES. Houten —. als Houtwerk. Res. 6 Januari 1853,

no, 24........................

TABAKSNIJMACHINES, met hiindbeweging. Jt\'es. ó Dec. 1890, no. 20,

V. no. 124......................

TABAKSPERSEN. J!e*. 10 Nov. 1880, no. 15, F. no. 105.....

TABAKSPIJPEN. Aarden —. Zie den post Aardewerk.....

Aarden —, gemonteerd met caoutchouc, als Aarden tabakspijpen; zie Aardewerk, lies. 19 Sept. 1801, no. 69 .... „ Porseleinen —■, afzonderlijk ingevoerd, dus zonder roeren, mondstukken of beslag, als Porselein; zie Aardewerk.

Hes. 21 Xov. 1837, no. 192, V. no. 139.........

„ Porseleinen —, geheel gemonteerd, met al het daarbij behoo-rende, als roeren, mondstukken, beslag, enz., in dezelfde colli gepakt, als Kramerij. Res. 21 Nov. 1837, no. 192, T. no. 139. TABAKSSTELEN. Zie den post Tabak.

TABAKSSTELEN. Gekorven —, als Gekorven tabak; zie Tabak.

lies. 12 Maart 1863, no. 53................

TA li AKSZA K.TES, versierd met valsche paarlcn of koralen, als Modewaren. Hes. 21 Maart 1828, no. 201, 1 . no. 70........

TABLETTEN, bestaande uit meel van peulvruchten, bereid met bouillon, vleesch-oxtract en kruiden, en dienende ter vervanging van vleesch, nis Vleesch van alle soorten, enz. (Red.).

„ Gesttabletten. (Red.;................

„ Jodothyrin-tabletten (1). (Red.)............

(1) Jodothvrin of thyrojodin is een jodiumpraepavaat zonder alcohol.

(Red.)

,, Saccharine-tabletten bestaan uit manniet, eene niet tot de suikers behoorende stof en uit slechts 5 pet. saccharine,

als Kramerij- (Red.)...............

„ Santonine-tabletten, als Suikerbakkers werk; zie Koeken banketbakkerswerk. (Red.)...........

„ Soeptabletten. Zie Erwtensoeptabletten.

TABLETTEN of PLATEN, saamgesteld uit bruinsteen en teer, bestemd voor telephonen, als ondcrdeelen van Instrumenten, phy-

sische, enz. (Red.)...................

TACHOMETERS. Zie Snelheidmeters.

TAF, als Manufacturen van zijde. Renvooi, Wet 1822 ......

TAFELGOED. Zie den post Manufacturen . . . . . . . • ■ „ Gebruikt —, als Manufacturen. Re*. 28 Januari 1825, no. .32, F. no. 11, en Renvooi, Wet 1845, onder het artikel Linnen . . TAFELKLEEDEN van alle soorten. Zie den post Tapijten J . . TAFELS van riet, als Meubelen. Res. 6 Juni 1877, no. 71, F. no. 54, §3. TAFELS of BLADEN voor naaimachines. Zie Bladen of Tafels TAKELS. Weston\'s of zoogenaamde differentiaaltakels, worden naar

het hoofdbestanddeel belast (1). (Red.)...........

(1) Zie hierbij ook res. li) Nov. 1886, no. 15, Y. no 105, nopens Hijschtoestellen enz., opgenomen in aant. 3 op den post Gereedschappen.

TAKELS, BLOKKEN en SCHIJVEN. Hes. 19 Nov. 1886, no. 15,

F. no. 105..................... ■

TAKSDRAAD, dienende ter vervanging van schoenspijkers voorliet

vasthechten van schoenzolen, als Ijzerwerk. (Red.)......

(1) TALK. Zie Roet, smeer, enz..............

(1) Op de Statistieke Staten als afzonderlijke post op te nemen Talk, roef en smeer. Verg. aant. 4 op Roel.

TALKOLIE (1), als Olie, niet afz. belast. Res. 2 Nov. 1863, no. 81,

F. no. 158, en Wet 1877 .................

(1) Talkolie, zijnde het vloeibare gedeelte van talk, door omsmelting, langzame bekoeling en uitpersing verkregen, en, behalve tot andere doeleinden, voor het bereiden van zeep bestemd, kan geacht worden in aard en bestemming overeen te komen met de vloeistoffen, in den handel onder den naam van claïne bekend. Bes. alavoren.

TALLOWINE. Zie onder Zeep.

TAMARINDE, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845 .....

424

Maatstaf.

Rechten.

waarde

5 pet.

waarde waarde waarde

5 pet. 5 pet. 5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

100 kgr.

ƒ 12.00

waarde

5 pet.

Vrij Vrij

waarde

5 pet.

109 kgr.

ƒ 25.00

waarde

5 pet.

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

waarde waarde waarde

5 pet. 5 pet. 5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

5 pet. Vrij

100 kgr.

ƒ 0.55

Vrij

-ocr page 221-

TAN. — TEE.

425

426

i

AKTIKELE N.

quot;-TANDEN. Elefants- en walrus — (1). Wet 1854 ........

(1) De res. van 11 Dec. 1333, no. 76. V. 1834, no. 32, geeft inlichtingen nopens de hoedanigheid van Walrvstanden.

TANGEN voor gasfitters, als Gereedschappen. Res. 5 Dec. 1890,

do. 20, V. no. 124.................

„ Brandertangen, pijptangen en sockettangen, als Gereedschappen. (Red.)......... .......

„ Knijptangen en buigtangen behooren, naar men vermeent, tot de gereedschappen, bedoeld in de noot, voorkomende op het eerste lid der res. Off. V. 1886, no. 105. (Red.) .... TANKWAGENS (petroleumbassinwagens). Zie aant. 2, noot «, op Spoorwegen.

*(3) TAPIJTEN. Vloertapijten (1), tapijten behangsels, karpetten en tafelkleeden van alle soorten (2).........

(1) Zie hierbij Vloerklecden.

(2) Hieronder behooren ook de tafelkleeden van wasdoek. Tan wasdoek aan het stuk is het recht verschuldigd als Hanufaciurcn, doch gerand zijnde of vervaardigd als tafelkleeden behoort het onder Tapijten, enz. lij-. Bepaling, )Vet 1850.

Zie ook de res. van 10 Maart 1847, no. 52, V. no. 38.

(3) Voor de Statistiek de tapijten, enz. van wol en koehaar afzonderlijk op te geven. lies. 14 Maart 1864, no. 27, V. no. 36.

TAPIOCA, niet meer dan 10 pet. verzoetende stoflfen (1) bevattende en bestemd tot het bereiden van poddingen, soepen, sausen en dergelijke, als Aardappelenmeel-fabrikaten, niet afz. belast (2). lies. 28 3Tei 1886, no. 84, F. no. 49.............

(1) Bevatten de raeelpraeparaten meer dan 10 pet. verzoetende stoffen, dan behooren zij tot den post Koek- en banketbakkersioerJc. Bes. alsbovcn. Verg. Meelpraeparaten.

(2) Ook tapioca, bereid in vlokken, alsmede tapioca in bolletjes te belasten

als Aardappelenmeel-fabrikaten. (Eed.)

TAPIOCA-BOUILLON, in aard en bestemming overeenkomende met Liebig\'s Vleesch-extract, als Koek- enbanketbakkerswerk. (Bed). TAPIOCAMEEL. Zie onder Meel.

TAPPEN, PIJPSNIJDERS, SNIJIJZERS, met toebehooren, SNIJBANKEN en dergelijke. Res. 5 J)cc. 1890, no. 20, V. no. 124. . . TARWE, als Granen en peulvruchten. Renvooi, Wet 1845. en

Wet 1877.......................

TASSCHEN. Dames- en kindertasschen, als Kramerij. Res. 4 April

1857, no. 85...................

„ van leder, als Zadelmakerswerk; zie Huiden, vellen en

leder. Res. 4 April 1856, no. 86...........

TEEKENDOOZEN, 2net of zonder verf, als Kramerij. Zie de Bijz.

Bepaling op dien post.................

TEEKENINGEN (1), in of zonder de daartoe behoorende lijsten (2), als Schilderijen. Res. 27 April 1860, no. 2, opgenomen in aant. 1 op den post Lijsten..................

(1) Teekeningen zijn uitdrukkelijk uitgezonderd op den post Meubelen. (Ked.)

(2) Het recht voor de lijsten is alleen verschuldigd wanneer daarin nietswaardige teekeningen zijn vervat. Zie aant. 1 op den post Lijsten.

TEEKENPENNEN, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post.

TEEKENVOORBEELDEN, ingebonden. (Red.)........

TEENEN. Zie onder Hout, waarden, enz...........

*(3) TEEN- en MANDEWERK (1) (2), vervalt. Wet 1877 ....

(1) Onder Teen- en mandewerk zijn begrepen alle artikelen, die in hoofdzaak uit teen zijn samengesteld, al bevindt zich daaraan ook eenig ander bestanddeel, zooals bijv. waschmanden, met houten sleden, enz. Spoorwegmandjes, werkmandjes, sleutelmandjes en dergelijke voorwerpen van gevlochten spaan, stroo of riet, die in den regel in galanterie- en speelgoedwinkels verkocht worden, moeten onder den tariefpost Kramerij worden gerangschikt. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96.

Artikelen van riet, als stoelen, tafels, bloemenmanden, blijven belast als Meubelen. lies. ti Juni 1877, no. 71, 1quot;. na. 54, § 3.

Maatstaf.

waarde

100 kgr.

100 kgr. waarde

waarde waarde waarde

waarde

M

-ocr page 222-

TEE. — TEL.

428

427

ARTIKELEN.

Rechten\'.

Maatstaf.

(2) Alle voorwerpen, die in hoofdzaak zijn samengesteld uit teen, worden thans vrij van invoerrecht toegelaten, daar noch in de Wet van 1877, noch in de Res. V. 1877, nos. 54 en !)6, eenige grond te vinden is om de vrijstelling alleen te beperken tot grove artikelen, die uitsluitend of hoofdzakelijk van teen vervaardigd worden, of wel voor emballage bestemd zijn, terwijl do vraag, of dergelijke voorwerpen ook in galanterie- of dergelijke winkels of door marskramers verkocht worden, ten deze blijkbaar buiten aanmerking moet blijven.

(Red.)

Ook teenen manden, vervaardigd uit geschild en gespouwen teen, worden vrij van invoerrecht toegelaten. (Ked.)

(3) Voor de Statistiek van den invoer naar de waarde op te geven. (Eed.)

-TEER. Wet 1854 ....................

TEERCAPSÜLEÖ. Zie Res. 13 Aug. 1889, no. 2, V. no. 84 ... . TEER VERBRANDERS, als ondeidcelen (1) van Fabriekswerktuigen. (Red.)....................

(1) Zie aantt. 3 en 4 op Fabriekswerlctuigen.

TEERWATER en TEEKLIKEUR. (Red.)..........

TEFTIK, haar van kemelen, als Haar, onbewerkt . Renvooi, Wet 1845. TEGELS, gebakken of enkel gedroogd, verglaasd of niet, niet uitzondering van de gewone effen, gekleurde vloersteenen of plavuizen, enkel uit leem of klei gebakken en zonder versiering, als Pottenbakkerswerk; zie Aardewerk, lies.

20 Juni 1885, no. 31, V. no. 65............

„ de hierboven uitgezonderde, ovenals gebakken straat- en trottoirsteen (1) (2), als Gebakken steen; zie onder Aardewerk. Res. alsvoren................

(1) Gebakken steen is met aarden huis- en dakpannen vrijgesteld van invoerrecht in de eerste Bijz. Bepaling op den post Aardewerk.

(2) Onder trottoirstecn alleen te verstaan de gewone gebakken steen, die in den regel tot dat einde gebruikt wordt en zich van gewone metselsteen, behalve zijn eenigszins afwijkend formaat, slechts door meerdere hardheid onderscheidt.

De trottoirtegels, n.1. de fijnere steentjes, die soms ook wel voor trottoirs gebezigd worden, te belasten als Pottenbakkerswerk\', zie Aardewerk. lies, 21 Oct. 1885, no. 15, V. 1886, no. 95.

Zoowel vloer- als trottoirtegels (n) worden vervaardigd uit dezelfde specie, namelijk uit vuurvaste of pijpaarde, vermengd met tot poeder gemalen afval van ijzerfabrieken (ijzerslakken) en gemalen glas. In plaats van beide laatste bestanddeelen wordt ook wel veldspaath gebruikt. De natuurlijke kleur is geel, en aan de tegels, die een andere kleur vertoonen, is eenig mangaan (brnin), ijzeroxyde (rood), cobalt (blauw) of kool (zwart en grijs) toegevoegd. Alle echter, zoowel dunne als dikke, gele zoowel als gekleurde tegels, worden tegelijk in denzelfden oven gebakken en de tiguren, die soms tegelijk met het fabrieksmerk or in zijn geperst, doen tot de toepassing van het invoerrecht van 5 pet. der waarde, waaraan alle soorten van tegels zijn onderworpen, niet af. De dikkere trottoirtegels worden soms ook wel trottoirsteen genoemd, doch onder trottoirsteen kan, zooals reeds in de res. V. 1886, no. 05 (zie hiervoor) is te kennen gegeven, niet anders worden verstaan dan gewone gebakken steen, die zich van metselsteen slechts door eenige meerdere hardheid onderscheidt. De van invoerrecht vrijgestelde gewone effen gekleurde vloersteenen of plavuizen zijn, evenals trottoirsteen, zonder bijmengsel, enkel uit leem of klei gebakken, op dezelfde wijs als gewone roode of grijze dakpannen (amp;), en zijn vooral op de breuk gemakkelijk van de Engelsche of aardewerktegels te onderscheiden.

Uit dezelfde specie als de vloer- en trottoirtegels worden ook trottoirbanden en gootsteenen van verschillende afmetingen vervaardigd. Ook deze voorwerpen zijn belast als Pottenbakkerswerk-, zie Aardewerk, lies. 24 Juli 1890, no. 64, V. no. 63. (a) Trottoirtei/els ondcrsdieiilcii zich van vloertegels alleen door hunne meerdere dikte. /te.quot;, als honen.

(0) Zie aant. 1 hiervoor.

TEGELS. Marmeren —, alleen in het ruwe behouwen en op gelijke afmetingen afgezaagd, zonder eenige bewerking te hebben ondergaan of te zijn geslepen of gepolijst. Res. 7 Januari 1808, no. 15,

F. no. 16......................

TELEGRAAF. Scheepstelegraaf. Zie Seintoestel........

TELEGRAAFKABELS en TELEGRAAFDRAAD (omwonden, omvlochten of bekleed) (1), als Instrumenten, mathematische, enz. (2). Rcs. 9 Febr. 1889, na. 12, V. no. 14............

(1) Zie, nopens het onomwonden ijzer- en koperdraad, het z.g. blanke draad, de posten Ijzer en Koper.

Vrij Vrij

Vrij

Vrij Vrij

waarde

5 pet. Vrij

Vrij Vrij

waarde

5 pet.

-ocr page 223-

TEL. — TIJD.

429

430

ARTIKELEN.

(2) Telephoonkabels en telcphoondraad zullen, naar men vermeent, op gelijke wijze belast moeten worden. (Eed.)

TELEGRAAFTOESTELLEN, als Instrumenten, mathematische,

enz. Res. 9 Fehr. 1889, no. 12, F. no. 14........... waarde

TELEPHOONKABELS en TELEPHOONDRAAD. Zie Telegraaf-kcibds»

TELEPHOONTOESTELLEN, als Instrumenten, mathematische, enz,

Res. 9 Fehr. 1889, no. 12. V. no. 14............ waard0

TEMPER-, PLAMUUR-, SCHRAP- en STOPMESSEN, als Gereed

schappen. Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105......

TENDERS en de daarvan tot geen ander gebruik geschikte onder deelen, als Stoomwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. (Red.)

-TERPENTIJN. Wet 1862................

«TERPENTIJNOLIE (1). Wet 1862 ............

(1) In Weekblad no. 740 wordt de meening voorgestaan, dat gezuiverd terpentijnolie belast is als Olie, daar eamphine, zijnde gezuiverde terpentijnolie bij art. 9 der quot;Wet van 1 Mei 1863, S. no. 47, V. no. 76, onder Olie is gerang schikt. Zie de Jiijz. Bepaliiuj op den post Olie.

TERPENTIJN-SURROGAAT. Zie Petroleum-sprit.

TERPENTIJNVERNISSEN. Zie onder Vernissen....... waarde

TERRE MORDANT. Zio Mordant de terre refractère . . . TERROLITH. Zie aant. 2 op Aardewerk.......... waarde

«THEE (A) (1-3)...................100 kgr.

Bijzondere Bepalingen.

(A) De takea is 18 peecent voor thee in gewone theekisten

van 58 kilogram en meer. en 25 percent voor die in gewone theekisten van minder dan 58 kilogram (a). (gewijzigd, wet 1877, art. 5).

(«) Wanneer de aangever met deze tarra niet tevreden is, kan het netto gewicht te zijnen koste worden opgenomen. Zie de artt. 11 en 12 dezer Tariefwet.

(1) Zie, nopens de tarra ook de res van 6 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, § 5,

laatste lid.

(2) Bij de aangifte ten invoer wordt steeds opgave verlangd of de thee is gepakt in gewone theekisten van 58 kgr. of meer, of van minder dan 58 kgr.;

bij gebreke waarvan de laagste tarra wordt toegepast, terwijl bij overtreding bekeuring kan worden ingesteld op grond van art. 212 der Alg. Wet van 26 Aug.

1822, S. no. 38, wanneer de thee uit het vervoermiddel wordt gelost, doch niet, indien die uit entrepot wordt uitgeslagen. Fhanken, Alg. Wet, aant. 4, op art. 212, blz. 310.

(3) Nopens de toe te passen boete bij juiste aangifte der J™f(/-hoeveelheid,

doch onjuiste opgave van het gewicht der kisten, zoodat te hooge tarra werd afgetrokken, komen in de nos. 271, 276, 281 en 589 van het Weekblad eenige beschouwingen voor.

THEE. Zie Hoestthee.

THEEBLADEN van gesmeed, geslagen of geplet ijzer, verlakt, als

Ijzerwerk. Res. 19 Juli 1855, na. 76............

THEEKISTJES. Houten —, als Houtwerk. Res. 5 Apnl 1855, no. 180. THEESTOKKEN, alleen op bepaalde maat afgesneden en zonder

eenige verdere bewerking te hebben ondergaan. (Red.).....

THERMOMETERS, nis Instrumenten. Res. 15 Maart 1848, no. 57,

V. no. 26......................

THOONAARDE, als Aarde voor aardewerk. Renvooi, Wet 1845 . . THORLEY\'S FOOD FOR CATTLE, beesten voeder, als Lijnmeel; zie Koeken. Res. 21 Juni 1860, nos. 51 en 58, en Wet 1877 . . .

THIJS, als Drogerijen. Renvooi, Wei 1845 ..........

TICHELSTEEHEN. Verglaasde —, als Pottenbakkerswerk; zie Aardewerk. Res. 31 Oct. 1862, no. 39, V. no. 120 ....

„ Niet verglaasde — (1), als Gebakken steen; zie onder Aardewerk. Kes. 31 Oct. 1862, no. 39, F. no. 120.......

(1) Niet alle onverglaasde tichelsteenen zijn vrij van invoerrecht,

maar alleen die, welke als gewone gebakken tichelsteenen zijn te beschouwen. Res. 14 Fehr. 1863, no. 25, V. no. 40.

TIJDMETERS (chronometers), als Uurwerken. Res. 17 Nov. 1854, no. 70........................ waarde

Maatstaf

waarde waarde

waarde

waarde

-ocr page 224-

TIJD. — TOE.

432

431

ARTIKELE N.

Hechten.

Maatstaf.

TIJDSCHRIFTEN. Zio, nopens de formaliteiten bij den invoer, de

Kes. v.an 16 April 1872, no. 51, V. no. 37..........

TIJGERVELLEN, als Pelterijen, bereid of onbereid, naar gelang van den toestand tijdens den invoer. Renvooi, Wet 1845, en Bes. 16 Febr. 1848, no. 138, V. no. 16.

TIJK. Zie den post Manufacturen.............

„ Overtrekken van tijk, geheel afgewerkt en bestemd voor bedden, als Manufacturen. Res. 21 Juni 1860, no. 125 . . T-UZER, al of niet gegalvaniseerd (1). Zie de Bijz. Bepaling op den

post Ijzer......................

(1) Zie hierbij ook de aantt. 6 en 8 op User.

TIMMERHOUT. Zie onder Hout, scheepsbouw- en timmerhout. .

*(1) TIN. Wet 1854 ...................

(1) Yoor de Statistiek te splitsen in:

Tin, erts en Tin, ruw. (Eed.)

TIN. Platen van geplet tin, als Tinwerk. Res. IS Sept. 1857, no. 47. TINCTUUR. Zie IJzertinctuur.

TINCTUUR- of VRUCHTENPERSEN. Tariefwet, R. en K., hlz. 229,

en Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105...........

quot;TINFOELIE (1). Wet 1862, en Res. 11 Oct. 1881, no. 6, V. no. 71.

(1) Is de tinfoelie bestemd voor verpakking van chocolade, sigaretten, zeep, fijne vleeschwaren enz., dan moet het artikel worden belast als Papier van alle soorten. Bij öeze bestemming wordt het in den regel in bladen van gelijke grootte ingevoerd, en is het gekleurd, verguld, geehagrineerd, aan eene of beide zijden geglansd of bewerkt op eenige andere wjjze. waardoor het voldoende is te onderscheiden van de vrijgestelde tinfoelie. Res. 9 Juli 1890, no. 9, V. no. 58.

TINKAL. Zie Borax..................

TINNEN CHOCOLADEVORMEN. Zie Chocoladevormen.

quot;TiNWERK (1)....................

(1) Van ijzerwerk, vertind of met tin bedekt, en van voorwerpen, samengesteld uit ijzer en tin, is het recht als Ijzerwerk verschuldigd. Zie aant. 1 op Ijzer.

TINWERK. Oud geplet —, bestemd tot versmelting, als Tin. Res.

30 April 1857, no. 133..................

TOESTELLEN, om Hesschen schoon te maken, te spoelen, te vullen, te kurken en te capsuleeren, of om kurken te branden. Res.

19 Nov. 1886, no. 15, F. no. 105...........

„ tot het vullen en kurken van flesschen in kunstmineraal-

waterfabrieken. (Red.)...............

„ om ruw ijs te vervaardigen. Zie onder Machines, koel- en

ijsmachines, met aant. 5.

„ om steenkolen of cokes te breken of te kloppen (1). Res.

19 Nov. 1886, no. 15, F. no. 105...........

(1) Ook indien deze toestellen door stoom in beweging worden gebracht, worden zij aan invoerrecht onderworpen, daar zij mede in vele bergplaatsen van handelaren worden aangetroffen. (Eed.)

„ om stoommachines te smeren, en tot geen ander doeleinde kunnende dienen (zoogenaamde Lubricators), als Fabriekswerktuigen. (Red.)................

„ bestaande uit een heete luchtmotor met gasreservoirs, enz., dienende tot het vervaardigen van lichtgas. (Red.) . . . . „ tot het werpen van lijnen op groote afstanden, als Ammunitie, allerhande, enz. (Red.)............

„ tot het meten der terug te zenden afgeroomde melk in zuivelbedrijven, als Gereedschappen. Res. 4 Dec. 1891, no. 45,

F. no. 117....................

„ tot voortbrenging van gas, dat meer dan gewoon warmte-gevend vermogen bezit (systeem Dawson) en gebezigd wordt tot het gloeien van bouten in een fabriek. (Red.) . . . . „ tot het fabriceeren van lichtgas ten behoeve van een fabriek, met een ijzeren gashouder, ijzeren waterreservoir, ijzeren retorten en andere onderdeelen. (Red.).........

Vrij

5 pet. 5 pet. Vrij

Vrij Vrij

5 pet.

5 pet. Vrij

Vrij 5 pet.

Vrij

5 pet. Vrij

5 pet.

Vrij Vrij 5 pet.

Vrij

Vrij

Vrij

waarde

-ocr page 225-

ÏOE. — TOM.

433

434

ARTIKELE N.

TOESTELLEN voorzien van blaasbalgen, luchtbuizen en misthoorns, welke toestellen ook onder den naam van reddingsboeien voorkomen. Zie Reddingsboeien.

„ Automatische — voor het wegen van graan (2). Hes. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124...............

(2) Zie hierbij Werktuigen, woegwerktuigen.

„ Beemlerbreoktoestellen. Zie Beenderbreektoestellen. . .

„ Brandreddingstoestellen en brandladders. Zie Brandladders. „ Daguerreotypetoestellen, als Instrumenten, physiscbe. lies.

15 Mei 1850, no. 153................

„ Distilleertoestellen, dienende om aan boord van stoomschepen drinkwater en water voor de stoomketels te verkrijgen.

(Red.)

„ Droogtoestellen. Gegalvaniseerde ijzeren —, bestemd voor eene suikerraffinaderij, als Fabriekswerktuigen. (Red.). .

„ Duikertoestellcn met toebehooren. (Red.)........

„ Electrische toestellen. Zie Electrische toestellen. „ Heitoestellen. lies. 19 Nov. 1880, uo. 15, V. no. 105 .... „ Hijschkrauen, door stoom bewogen, als Stoomwerktuigen;

zie Fabriekswerktuigen. (Red.)..........

„ Hijschtoestellen, handlieren, takels, blokken en schijven. Zie

Hijscbtoestellen en Schroefhijschtoestellen. „ Kooktoestellen. Zie Kooktoestellen.

„ Lampen, om te soldeeren, om gereedschap te verwarmen en dergelijke, als Gereedschappen. Res. 19 Nov. 1886, no. 15,

. V. no. 105....................

„ Meettoestellen, behoorende bij werktuigen om fabriekmatig

electriciteit op te wekken. Zie Meettoestellen. „ Peilglastoestellen, afzonderlijk ingevoerd, ook tot ander gebruik geschikt dan voor stoom- en fabriekswerktuigen. (Red.). „ Schroefhijschtoestellen. Zie Schroefhijschtoestellen. . . „ Seiutoestellen. Zie Seintoestellen.

„ Sentinel-toestellen voor het filtreeren van voedingswater voor stoomketels, met daarbij behoorende filtreermantels van gevlochten kokosmat. (Red.)..............

„ Soldeer-toestellen, genaamd Mammoth hot blust brazer. TJe

Fiscus no. 443, blz. 253...............

„ Telegraaftoestellen, als Instrumenten, mathematische, enz.

Res. 9 Febr. 1889, no. 12, V. no. 14..........

„ Telephoon toestellen, als Instrumenten, mathematische, enz.

Res. 9 Febr. 1889, no. 12, F. no. 14..........

„ Veiligheidstoestellen. Zie Veiligheidstoestellen. „ Westinghouse-remtoestellen. Zie Ramtoestellen. „ Zelfwerkende toestellen om zakken met graan of meel te vullen en af te wegen (3), naar het hoofdbestanddeel. (Red.).

(3) Verg. hierby Bascules.

TOILE GUTTA, IGUTTA-PERCHA-PAPIER, CAOUTGHOUC-PA-

P1ER en r dergelijke stoffen, als Manufacturen. (Red.).....

TOILES METALLIQUES, rondgeweven mctaaldoeken (1). Res. 5 Maart 1852, no. 123, V. no. 34.................

(1) Zie hierbij Fahrickswcrhluigen.

TOILETBLOEMEN. Zie den post Modewaren........

TOILET PLUIMEN. Zie den post Modewaren........

T01LETVEEREN. Zie den post Modewaren.........

TOLES GAUFFRÉES. Zie Platen, geplette ijzeren.

TOMATEN, in water, geheel of doorgesneden, doch overigens niet bereid of ingelegd, zijn, ongeacht de verpakking, evenals versche (1) tomaten aan invoerrecht onderworpen, als Vruchten, niet afz.

belast. Res. 15 Aug. 1890, no. 36, F. no. 79.........

(1) Ook gedroogde tomaten of tomaatappelen worden gerangschikt onder Vruchten, niet afz. belast. (Red.)

TOMATENMOES. Zie onder Moes.............

Maatstaf.

waarde

waarde waarde

waarde waarde

waarde waarde

waarde waarde waarde

waarde waarde

waarde waarde waarde

waarde waarde

-ocr page 226-

TON. — TRA.

435

436

ARTIKELEN.

TONDEUSES (haarsnijmachines). (Eed.)...........

TONGBEWEGINGEN, als Ijzer- of Staalwerk. Bes. 15 Januari 1880, no. 83, V. no. 6, opgenomen in aant. 1 op Spoorwegen .... TONGEN. Zie Lunchtong, Ossetongen en Schapetongen. TONKABOONEN, als Drogerijen. Hes. 7 Juni 183G, no. 124, V. no. HO,

en Henvooi, Wet 1845 ..................

TONMOLENS (1). Zie Jies. 19 JVov. 1886, no. 15, V. no. 105.

(1) Zie hierbij aant. 3, met noot b, op Gerecdschappcn.

TONNEN. Haringtonnen, als Vaatwerk. Renvooi, Wet 1822 . . . TOONEELBENOODIGDHEDEN. Zie aant. 8 op art. 6 dezer Tariefwet.

TOONEELDECOEATIËN, als Meubelen. (Eed.)........

TOPAZEN, als Juweelen. Renvooi, Wet 1845 .........

TOPPLATEN. IJzeren —, uitsluitend geschikt voor stoomketels, als onderdeelen (1) van Stoomwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. (Eed.)......................

(1) Zie aant. 3 op Fabriekswerktuigen.

TOEENKLOKKEN van metaal, als Koperwerk. Res. 4 Fehr. 1834,

no. 77, V. no. 70, en Renvooi, Wet 1845 ...........

TOEPEDO\'S. Accumulatoren, zijnde ijzeren bewaarkasten voor samengeperste lucht, in gebruik bij vischtorpedo\'s, als Ijzerwerk.

(Eed.)

„ Lanceerinrichting voor eene torpedoboot, als Ammunitie,

ijzeren, geschut. (Eed.)...............

TOUENESOL EN DEAPEAUX. Zie Lakmoes in lappen.

TOUWWERK (1), vervalt. Wet 1877 ............

(1) Onder Touw en touwwerk wordt alleen verstaan het algemeen als zoodanig bekende nit hennep, vlas, enz. geslagen of gedraaide fabrikaat. (Bed.)

Zie hierbij aant. 1 op Koord.

„ *(3) Kabels of geslagen want, alle ander touwwerk en kabel- (2) en schijfgaren. Wet 1877 ..........

(2) Hieronder behoort ook Garen van hennep, waarvan door verder ineendraaien kabels worden gemaakt. (Eed.)

Alsmede oud touw of mid touwwerk, terwyl touwwerk, dat aangegeven is als oud en onbruikbaar, in stukken gekapt of gepluisd, behoort onder Lompen. Res. 5 Mei 1865, no. 23, V. no. 38.

(3) Voor de Statistiek van den invoer het gewicht op te geven. (Ked.)

„ van boomschors, als Touwwerk. Renvooi, Wet 1845 . . .

„ Uzer touwwerk. Zie onder Ijzer...........

„ Oud en onbruikbaar en aan stukken gekapt of gepluisd

touwwerk. Zie Lompen, oud touwwerk, enz.......

\'TEAAN van alle soorten (1—3). Wet 1854 ..........

(1) Hieronder wordt blijkbaar verstaan Walvisch- en robbentnum. alsmede Levertraan. Zie de Wet van 1845 en de wijziging bij de Wet van 1854. (Bed.)

(2) Zie hierbij ook de aant. op Levertraan.

(3) Traan, hoe ook gezuiverd, biyft, volgens het Tarief, Traan, en kan niet onder Olie worden gerangschikt. Het bewijs der belastbaarheid rust op de administratie, en werd in casu door de verklaringen van deskundigen niet geleverd. Arrest Prov. Hof r. Noord-Holland 21 Mei 1860, bevestigende het vonnis Arr.-rechtbank Amsterdam Januari 18(50, Ned. Pasicr., bis. 56.

„ vermengd met lubricating-oil, en bestemd tot het smeren van machines, als Olie, niet afz. belast. (Eed.).....

„ Afval van — (Sod-oil). (Ked.)............

TEAME. Zie onder Zijde, ruwe, enz.............

TEAMWAGENS, door electriciteit bewogen, daaronder begrepen do bijbehoorende machines en electrische toestellen, als Wagen-

makerswerk. (Eed.)..................

TEANSFOEMATOEEN, niet dienende tot het voortbrengen vau

electrisch licht. (Eed.).................

TEANSPAEENTZEEP. Zie den post Zeep..........

TEANSPOETKANNEN. Melktransportkannen, kenbaar aan hare sluiting, als Gereedschappen. Res. 4 Dec. 1891, «o. 45, V. no. 117.

Maatstaf.

waarde waarde

waarde

waarde waarde

100 kgr.

100 kgr.

waarde

waarde 100 kgr.

-ocr page 227-

TRA. — URN.

437

438

ARTIKELEN.

Maatstaf.

Bechten.

waarde

5 pet. Vrij

Vrij

Vrij

waarde

waarde waarde

5 pet.

Vrij 5 pet. 5 pet.

Vrij / 25.00

100 kgr.

Vrij

5 pet.

Vrij

Vrij

5 pet.

Vrij 5 pet. Vrij

waarde

waarde waarde

Vrij Vrij Vrij Vrij

1 j|

li

de HL.

ƒ 3.00

Vrij Vrij Vrij

5 pet.

waarde

waarde 1 5 pet.

TRAPROEDEN. Zie Roeden...............

TRAPTREEPLATEN. Koperen —, eenvoudig op maat gesneden.

(Red.)

TRAS. Zie onder Steen, gemalen, enz............

TRAWLWARPFAIRLEADER, een werktuig ter behandeling van vischtuig aan boord van visclischepen. als Schepen, declen van—.

(Red.)

TREKMACHINE. Hydraulische —. Zie onder Machines. TEEKSTANGEN, als Ijzer- of Staalwerk. lies. 15 Januari 1SS0, no. 33, V. no. G, opgenomen in aant. 1 op Spoorwegen .... TRIERKALK, als Cement; zie onder Steen, gemalen, enz. Renvooi,

Wet 1845, en IFe/ 1877 .................

TROGGEN. IJzeren bakkerstroggen, ook in gewone bakkerijen te

gebruiken, als Ijzerwerk. (Red.).............

TROGSCHKAPPERS. IJzeren —, ook in gewone bakkerijen te gebruiken, als Ijzerwerk. (Red.)..............

TROMMELTJES. Blikken —, gevuld niet z.g. Engelsebe biscuits, worden onderworpen aan bet invoerrecht als Blikwerk, wanneer de waarde der trommeltjes die van den inhoud overtreft. Voor de biscuits wordt bet invoerrecht afzonderlijk voldaan. Zie aant. 1 op Biscuits.

TROMMELVELLEN. Rondgesneden en aan de binnenzijde gladgeschaafde —, als Huiden en vellen, bereide. Res. 20 Mei 1866,

no. 33, V. no. 78, m Wei 1877 ...............

TROTTOIRBANDEN. Zie aant. 2 op Tegels.

TROTTOIRSTEEN. Zie aant. 2 op Tegels.

TRUFFELS (1), als Koek- en banketbakkerswerk. Renvooi,

Wet 1845 ......................

(1) Ook versche truffels of troffen worden, evenals versche of gedroogde champignons en morilles, als Koek- cn banketbakkerswerk belast. (Eed.)

TUFSTEEN. Fijn behouwen of bebeitelde tufsteen, alsmede gemalen, gebroken, geslagen of z.g. fijne tufsteen en ongemalen tufsteen.

Zie onder Steen...................

TUIGEN. Paardetuigen, van geweven of geslagen touw, als Manufacturen van hennep. (Red.)...............

TUIG- of ZAALLEDER. Zie onder Huiden, vellen en leder,zooileder, enz.......................

TUINHARKEN, als Gereedschappen. Res. 19 Nov. 1880, no. 15,

V. no. 105......................

TUINSTOELEN, TUINTAFELS cn TUINBANKEN, als Meubelen.

He*. 12 Juni 1862, no. SS................

TUINZADEN. Zie onder Zaad, ajuinzaad, enz.........

TULE. Zie den post Manufacturen.............

*TURF. Wet 1862 ....................

TURFMEELVOEDER. Zie onder Beestenvoeder. *TUKFSTROOISEL is, blijkens de van Regeeringswege uitgegeven

Statistiek, vrij van invoerrecht. (Red.)...........

TURKSCH GAREN. Zie onder Garens...........

TURMALIN, als Juweelen. Renvooi, Wet 1845 ........

TURQUOISES, als Juweelen. Renvooi, Wet 1845........

TUTTI FRUTTI, ongegiste en niet voor gisting vatbare vruchtensappen (1), ongeschikt om wijn te vervaardigen, te versnijden of

aan te lengen, als Limoen- en citroensap. (Red.)......

(1) Zie hierbij aant. 2 op Vruchtensappen.

TWEERN. Ruwe —. Zie onder Zijde, ruwe, enz........

TWIJGEN. Zie onder Hout, waarden, enz...........

TWIST. Mule en watertwist, als Garen van katoen. Renvooi, Wet 1845. ULTRAMARIN, in staafjes, gepakt in doosjes van ongeveer Vs kgr.

wordt als Kramerij belast (1). (Red.)...........

(1) Zie hierbij de res. van 1(5 Juli 1888, no. (3, VI no. 87, opgenomen in aant. 3 op Verfwaren.

URN. Zie aant. 1 op Vazen................

-ocr page 228-

UUR. — VEE.

439

440

ARTIKELEN.

*(2) UURWERKEN, klokken, pendules met of zonder glazen

stolpen (1), gouden es zilveren en andere horloges (A) (1). .

Bijzondere Bepalingen.

(A) Behoudens de bepalingen betrekkelijk de belasting op de

gouden ex zilveren werken (a).

(a) Deze komen voor in hot 7e hoofdstuk der Wet van 18 Sept. 1852, S. no. 178, V. no. 161.

(1) Glazen stolpen, afzonderlijk ingevoerd, worden belast als Glas en glaswerk. Zie de Bijz. Bepaling op dien post.

(2) Voor de Statistiek te splitsen in:

Uurwerken, gouden en zilveren horloges.

„ klokken en pendules, met of zonder glazen stolpen. (Red.)

VAARS-OSSEN. Zie aant. 3 op Slachtvee.

VAARTUIGEN, met bestemming om binnenslands te blijven. Zie den post Schepen, schuiten en vaartuigen, enz.......

VAARZEN (1). Zie onder Slachtvee............

(1) Zie, nopens het verbod van invoer, aant. 2 op art. 10 dezer Tariefwet.

VAASJES. Porseleinen —, als Kramerij. Res. 28 Aug. 1858, no. So.

s(2) VAAT- en KUIPWERK, zoo oud als nieuw (1). vervalt. Wet 1877 ........................

(1) Zie hierbij Fusten, alsmede aant. 1 op Emballage.

(2) Voor de Statistiek van den invoer naar de waarde op te geven. (Red.)

VACUUMBRAKES. Zie Remtoestellen. (Eed.)........

VACUUMMETERS, als Instrumenten, physische. (Red.) . . . .

VANILLE. Zie den post Specerijen............

VANILLINE, een kunstmatig surrogaat van vanille, behoort evenals deze tot de Specerijen, lies. 18 Aug. 1885, no. 75, V. no. 94. . . VANILLIN-ZUCKER. Zie aant. 6 op Suiker.

VARKENS (1). Zie onder Slachtvee............

(1) Zie, nopens het verbod van invoer, aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet.

VARKENSHAAR (1), blijkens de overigens vervallen Res. van SIJuli 18(57, no. 16, V. no. 106, in verband met do Res. van 6 Januari 1868, no. 22, V. no. 2, als Zwijnsborstels; zie onder Haar.

(1) Van het verbod van invoer is afwijking toegestaan voor varkenshaar, bewerkt voor de fabricage van borstels. Bes. 3 April 1889, no. 43, V. no. 27. Zie deswege aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet.

VARKENSVLEESCH en SPEK (1). Zie den post Vleesch.

gezouten....................

gerookt of gedroogd................

„ versch. Zie onder Vleesch, schapen vleesch, enz.....

(1) Zie, nopens het verbod van invoer, aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet.

VARNISH. Zie Black Varnish en Pine Varnish.

VASELINE. Zie Paraffine.

VATEN. Houten — (1). Zie Vaat- en knipwerk.......

(1) Zie, nopens andere, gebruikte en nieuwe, aant. 1 op Emballage.

„ Melkkoelvaten (1), als Gereedschappen. Hes. 19 iVtw. 1886, 110. 15, V. no. 105.................

(1) Zie hierbij aant. 3 op Gereedschappen.

VATHOUT met de wrakken. Zie onder Hout.........

VAZEN van marmer (1) en dergelijke ornamenten van eenigen omvang (2), als Meubelen. Hes. 22 Oct. 1877, no. 25, V. «0.96.

(1) Ook antieke gebeeldhouwde marineren vazen wordou als Meubelen belast, al zijn ze bestemd voor tuinversiering. (lïed.)

Vazen, waarin een bus met aseh van een lijk, worden mede als Meubelen belast. (Eed.)

(2) Porseleinen vaasjes zijn belast als Kramerij. Zie Vaasjes.

„ Kunstbloemen in vazen. Zie den post Meubelen.....

VEEGDOEKEN. Geweven katoenen —, uitsluitend dienende tot het schoonmaken van machinerieën, als Manufacturen. Hes. 11 Juli

1864, na. 52.....................

VEEKEN. Bedveeren en dons. Wet 1862...........

„ Draagveeren (ijzeren). Zie Draagveeren.

Maatstaf.

waarde

waarde

waarde

waarde waarde waarde

waarde

100 kgr. 100 kgr.

waarde

waarde waarde

-ocr page 229-

VEE. — VEL.

441

442

ARTIKELEN.

VEEEEN. Pauweveercn, geen bewerking oudergaan hebbende en ingevoerd met gedroogde grassen, bladeren en mossen, alsmede kurkschors, worden vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.) . „ Spiraalveeren voor stoomweefgetouwen worden, als niet uitsluitend voor fabrieksgebruik, maar ook voor andere doeleinden geschikt, belast als Staalwerk. (Red)......waarde

„ Stalen veeren voor crinolines, onverschillig of zij al dan niet met katoenen of wollen garen of met eenige andere stof omkleed zijn, als Staalwerk lies. 18 Januari 1SG4, no. 42,

V. no. S..................... waarde

„ Stalen veeren voor kleppen voor stoommachines, blijkbaar voor geen ander doel geschikt, als onderdeden (1) van Stoommachines; zie Fabriekswerktuigen. (Red.) . . .

(1) Verg. aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

„ Zuiger veeren, van ijzer en staal, als Fabriekswerktuigen.

(Red.)

VEEREN en PLUIMEN. Toilet —. Zie den post Modewaren . . waarde VEEVOEDER. Zie Beestenvoeder en Hondenvoeder. VEEVOEDERKETELS. Zie onder Ketels.

VEGERS. Zie Kamerbezems, enz.

VEILIGHEIDSTÜESTELLEN en hunne onderdeelen, als Ijzer- of Staalwerk. Ites. 15 Januari 1880, no. 3:!, V. no. 6, opgenomen in aant. 1 op Spoorwegen...........waarde

„ behoorende bij en tegelijk ingevoerd (1) (2) met toestellen (dynamo\'s) en werktuigen, dienende om fabriekmatig elec-triciteit op te wekken tot het voortbrengen van licht of het overbrengen van kracht, alsmede met electrische motoren,

dienende om beweegkracht, ontleend aan een electrischen stroom, op de fabriekswerktuigen over te brengen, als gedeelten (3) van Fabriekswerktuigen, lies. 5 Nov. 1892,

no. 46, V. no. 100.................

(1) Afzonderlijk ingevoerd, zijn deze veiligheidstoestellen belast als Instrumenten, p/iysisehe. Bes. 5 Nov. 1892, no. 46, V. no. 100.

(2) Slechts één veilighcidstoestel kan geacht worden te behooren bij het electrische werktuig, waarmede het tegelijk wordt ingevoerd. De meerder aanwezige toestellen zijn, evenals de afzonderlijk ingevoerde,

te belasten als Instrumenten, physisclie. lies. 13 Januari 1897, no. 100,

V. no. 9.

(3) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

VELDSMIDSEN (1). Zoogenaamde — (draagbare smederijen), aambeelden daaronder niet begrepen (2), als Gereedschappen. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96, bevestigd bij lies. 19 Nov. 1886,

no. 15, V. no. 105...................

(1) Smidsen, geen veldsmidsen zijnde, niet uitsluitend geschikt voor fabrieksgebruik, noch gerangschikt kunnende worden onder de vrijgestelde gereedschappen, worden belast als Ijzerwerk. (Red.)

(2) Aambeelden worden uitdrukkelijk als belast genoemd onder den post Uzer, Ijzerwerk. Zie aantt. 3 en 4 aldaar.

VELDVRUCHTEN. Zie nopens den vrijdom van invoerrecht voor veldvruchten, gewonnen op gronden in de nabijheid der grenzen, art. 6, letter ƒ, dezer Tariefwet.

VELGEN voor houten wielen, al dan niet geheel afgewerkt (1), als Wagenmakerswerk. lies. 10 Nov. 1882, no. 54, V. no. 113 . . . waarde

(1) Zie hierbij Wagenspeek en.

VELLEN. Zie Huiden, vellen en leder..........

„ Afval van — (1), als Lijmvleesch. Renvooi, Wet 1845 . .

(1) Zie hierbij de aant. op Afval van llniden, enz.

„ Trommelvellen. Zie Trommelvellen........

,, Omslagvellen voor pakjes postpapier. Zie aant. 4 op Papier. waarde (3) VELOCIPEDES, naar het hoofdbestanddeel te belasten volgens

de meening, uitgesproken in de Fiscus, Jaargang I, blz. 60 en 83 (1) (2). waarde (1) Eene rangschikking onder Rijtvigcn zou. volgens de hierbedoelde beschouwing, minder juist te achten ziju, daar bij res van 27 Oct. 1883, no. 33,

Maatstaf.

-ocr page 230-

VEN. — VER.

444

443

ARTIKELEN.

V. uo. 9!), gebruikte velocipedes niet volgens art. fi, letter r der Wet, maar volgens letter d vriigesteld kunnen worden.

(2) Zie. nopens de vrijstelling van invoerrecht voor gebruikte velocipedes, tot persoonlijk gebruik door reizigers medegevoerd, de res. van 27 Oct. 1883, no. 33, V. no. 99, opgenomen in aant. 8 op art. G, lett. lt;?, dezer Tariefwet.

(3) Bij de maandelijksche Statistieke staten eene afzonderlijke opgaaf te voegen nopens de rijwielen en frames, door betaling vrijgemaakt. Zie aant. 3 op de vervallen res. V. 1894, no. 83.

VENKELOLIE, wordt niet enkel als yeneesniuldel gebezigd, maar ook als parfumerie en tot vervaardiging van likeuren, en derhalve belast als Reuk- en parfumeurswaren. welriekende olie. (Red.) VENSTERGLAS (1) (2) als Glas en Glaswerk. Renvooi, Wet 1845.

(1) Zie, nopens beschilderde kerkramen, aant. 1 op Schilderstukken.

(2) Onder de noodige voorzieningen kan, in verband met art. 6, lett. h, dei-Wet, vrijdom van invoerrecht worden verleend voor Vensterglas, ten einde dit fabriekmatig te bewerken tot dakpannen, bestemd tot weder uitvoer naar het buitenland. (Eed.)

VENTILATORS, die alleen door stoom of door een gas-, petroleum-of electrischen motor in beweging kunnen worden gebracht.

lies. 11 Oct 1897, no. 12, V. no. 107..........

„ voor gewone luchtverversching, zonder voormelde beweegkracht. lies. 11 Oct. 1897, no. 12, V. no. 107.......

„ Houten ventilators of luchtkokers, dienende tot het aanvoeren van lucht in van buitenslands aangevoerde ladingen

rijst. (Red.)...................

VERBANDSTOFFEN. Antiseptische —, zooals carbolgaas, jodoform-

gaas, enz. als Manufacturen. (Red.)............

VERBANDWATTEN. Zie onder Watten.

VERBINDINGSPLATEN voor spoorwegen. IJzeren —. Zie onder

Ijzer, smeedijzer, enz................

„ Stalen — voor spoorwegen. Zie den post Staalwerk, alsmede Jics. 15 Januari 1880, no. 33, V. no. 6, opgenomen in aant. 1

op Spoorwegen.................

VEEBINDINGSSTANGEN, VERBINDINGSSTAVEN (barres d\'écar-tement), tot verbinding der spoorstaven en de keerrails, zoomede VERBINDINGSSTUKKEN, bestemd voor tramwegen of paarden-

sporen. (Red.).....................

VERBINDINGSSTUKKEN, behoorende bij spoorstaven, in eiken vorm. Hes. 15 Januari 1880, no. 33, V. no. 6, opgenomen in

aant. 1 op Spoorwegen..............

„ van ijzer, behoorende bij afvoerpijpen tot den afvoer van

water van daken (1), als Ijzerwerk. (Red.)......

(1) Zie hierbij aant. 12 op den post Ijzer.

„ voor gas- en waterleidingen. Zie Fittings. VERDUURZAAMDE LEVENSMIDDELEN, als Koek- en banket-

bakkerswerk. Hes. 13 Nov. 1882, no. 45, V. no. 114......

VERF. Middel tot het oplossen en afbijten van oude verf. Zie Mordantia Colora.

„ Roode verf, met water bereid, in llesschen van 14 kgr., bestemd voor suikerbakkers. De Fiscus no. 185, blz. 253 . . . „ Waterverf, in losse stukjes, als Kramerij (1). lies. 24 Oct. 1889, no. 50, V. no. 102.................

(1) Als zoodanig werd waterverf, in doozen gepakt, reeds belast ingevolge res. 3 Dec. 1862, no. 69, V. no. 135.

VEKFDOOZEN, met of zonder verf, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post..................

VERFHOUT. Zie onder Hout...............

VERFHOUT-EXTRACT, zonder alcohol, houtgoest of olie en zonder

verzoetende zelfstandigheden (1). (Red.)...........

(1) Zie ook aantt. 1—3 op Verfwaren.

VERFKWASTEN en PENSEELEN, als Borstelmakerswerk, dat gerangschikt moet worden onder Kramerij, volgens de Bijz. Bepaling op dien post. (Red.)..................

Maatstaf.

waarde waarde

waarde

waarde

waarde

100 kgr.

waarde

waarde

waarde

-ocr page 231-

VER.

445

44G

ARTIKELEN.

Maatstaf.

Rechten.

VERFMOLENS. Zio onder Molens.

VERFSTOFFEN, niet in olie gewreven of niet alcohol of\' houtgeest bereid, en ingevoerd in pakjes, fleschjes of andere kleine verpakking (1), als Kramer|j (2). li/\'s 16 Juli 1888, no. 6, F. no. 87.

(1) Onder kleine verpakking is, naar men vermeent, te verstaan elke verpakking in zoodanige hoeveelheid, dat de waar, zonder overpakking, rechtstreeks aan particulieren kan worden verkocht. Hierbij wordt mede gelet op het uiterlijk aanzien der verpakking, de sierlijkheid, gebruiksaanwijzing, vermelding van den verkooper op de étiquette, enz. Yerg. de res. Y. 1866, no 164, opgenomen in aant. 7 op den post Kramerij. (Eed.)

Karmijn wordt, hoezeer in busjes van ongeveer l/o kgr. ingevoerd, toch niet belast als kramerij, daar deze verfstof, wegens hare kostbaarheid, slechts bij enkele grammen tot reehtstreeksch gebruik wordt gekocht. (Bed.)

(2) Zie, nopens de vrijstelling van invoerrecht voor verfstoften, be-noodigd als hulpmiddel in fabrieken en trafieken, aant. 15 op den post Gedistilleerd.

„ vermengd met teerolie, als Verfwaren, die in olie gewreven

zijn. (Red.)...................

„ Anilinekleurstofi\'en (ïuchsine, magentarood, enz.) en in het algemeen alle uit steenkolenteer vervaardigde kleurstoffen. Zie Anilinekleurstoffen.

waarde

waarde

5 pet.

5 pet. Vrij

Vrij 5 pet.

waarde

waarde

\'VERFWAREN, DIE

VAN DRUKINKT..................

„ *(4) alle andere (1—3). Wet 1862, en lies. 10 Oct. 1862, no. 105, V. no. 105....................

(1) Uit de Tariefwetten van 1845 en 1862 blijkt, dat hieronder begrepen zijn alle bij de Wet van 1845 genoemde niet afzonderlijk belaste verfwaren, n.1. de onbereide, en extract van verfhout (Eed.)

Met houtgeest bereid, worden zij aan invoerrecht en, bij bereiding met alcohol, aan invoerrecht en accijns onderworpen, overeenkomstig art. 9 der Wet van

I Mei 1863, S. no. 47, V. no. 76; zie den post Gedistilleerd, benevens aantt. 1,

II en 12 aldaar.

Extracten van verfhout, met stroop vermengd, worden als Stroop met accijns belast. Zie aant. 2 op Suiker. (Eed.)

Nopens de vrijstelling van invoerrecht voor verfstoffen, benoodigd als hulpmiddel in fabrieken en trafieken, zie men aant. 15 op den post Gedistilleerd.

(2) In de aangiften van onbelaste verfwaren worden de woorden bijgevoegd: „niet met alcohol of houtgeest vermengd.quot; (Eed.)

(3) Worden verfwaren, niet in olie gewreven of met alcohol of houtgeest bereid, ingevoerd in pakjes, fleschjes of andere kleine verpakking (a), dan zijn ze belast als Kramerij (b). Bes. 16 Jidi 1888, «0. 6, V. tio. 87.

(/1) Zie, nopens hetgeen onder kleine verpakking moet worden verstaan, aant. 1 op Verfstuflen, niet in olie gewreven.

th) Verg. echter het bepaalde nopens Verf, roode, bestemd vuor suikerbakkers.

(4) Voor de Statistiek te splitsen als volgt:

onbereide, Cochenille;

„ Bremer-, Friesch-, Spaansch- en Brunswijkcr-grocn; Verfwaren. „ Koperrood;

„ Vermiljoen;

alle hiervoor niet genoemde onbereide.

Hes. 17 April 1847, no. 130, V. no 61.

VERGADERBAKKEN van ijzer, behoorende bij afvoerpijpen tot den afvoer van water van daken (1), als Ijzerwerk. (Red.) . . . . (1) Zie hierbij aant. 12 op Ijzer.

VERGULDPERSEN voor boekbinders, lies. 5 Bvc. 1800, no. 20,

F. no. 124......................

VERHUISBO EDELS. Zie art. 6, lett. e, der Tariefwct......

VERHUISWAGENS. Gebruikte —. Zie aant. 20 op art. 6, lett. lt;j,

dezer Tariefwct....................

VERJAARDAGBOEK.IES en VERJAARDAGKALENDERS, kennelijk bestemd om daarin aanteekeningen te stellen, als Papier van

alle soorten. (Red.)...................

waarde

5 pet.

waarde

O pel.

5 pet.

Vrij

VERJUIS, als Azijn. Renvooi, Wel 1845.

IN OLIE (iEWREVEN ZIJN, MET UITZONDERING

-ocr page 232-

VEE. — VET.

448

447

ARTIKEL E N.

VERLAKT BLIK-, ZINK- of KOPEKWEKK, als Blik-, Zink- of

Koperwerk. Renvooi, Wet 1845.............

VERLAKT LEDER. Zie aant. 10 op Huiden, vellen en leder .

-VERMICELLI...................

VERMILJOEN, als Verfwaren. /.Vx. 17 April 1847. no. 130, V.no.SJ VERMOUTH, als Wijn (1). (Red.)............

(1) Zie, nopens de aceijnsheffing, aant. 1 op Wijn.

VERNISSEN met olie bereid (1) (2), als Verfwaren, in olie ge wreven. Bes. 29 Januari 1863, no. 71, V. no. 29 ... .

„ met alcohol bereid. Zio den post Gedistilleerd (14) .

„ Brassoline- en Enamclinc vernissen (5), als Vernissen, met alcohol bereid. Zie den post Gedistilleerd (1—4) ....

„ Ferroline-vernissen, als Vernissen, met alcohol bereid. Zie den post Gedistilleerd (1—4). (Red.).........

„ Terpentijnvernissen, onverschillig of zij met terpentijn, dan wel met terpentijnolie bereid zijn, als Verfwaren, in olie gewreven (0). Res. 30 April 1889, no. 100, V. no. 40 . ...

(1) Bij de Bes. van 15 Aug. 1863, no. 14, is te kennen gegeven, dat het geheel onverschillig is, met welke soort van olie de vernissen zijn bereid; zie intasschen do bepaling van art. 9 der Wet van 1 Mei 1863, S. no. 47, V. no 76, omtrent de vernissen, die met meer dan 3 pet. alcohol zijn vermengd, welke belast worden als Gedistilleerd.

(2) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Gedistilleerd.

(3) De sterkte wordt geacht \'.KI pet. te bedragen. Zie aantt. 1. 11 en 1\'2 op den post Gedistilleerd.

(4) Krachtens Kon. besluit van 1 Nov. 1886, S. no. 178, V. no. 99, kan vrijdom van accijns worden verleend voor buitenlandsche vernissen, vervaardigd met gemethyleerd gedistilleerd.

(5) Deze vernissen bevatten eene belangrijke hoeveelheid alcohol (Eed.) Ook houtbijts wordt wegens het alcoholgehalte belast als Vernis, met alcohol

bereid. Zie het artikel Houtbijts.

(6) Deze rangschikking is mede in overeenstemming met de res. van 14 Nov. 1863, no. 34, waarbij werd opgemerkt, dat volgens ingesteld scheikundig onderzoek de vernissen, in den handel bekend onder den naam van terpentijnvernissen, evenals alle vernissen, die. hetzij eene vluchtige, hetzij eene vette olie bevatten, naar aard en bestemming zijn gelijk te stellen met Ver/waren, in olie gewreven.

VERPAKKINGSSTüKKEN. Zie Pakkingstof, alsmede Water-leiding-verpakkingsstukken.

VERREKIJKERS, als Instrumenten, optische. Renvooi, Wet 1845.

VERSTEKZAGEN. Res. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124.....

VERSTERKINGS- of STEUNPIJPEN. Zie aant. 2 op Vlam- of ketelpijpen.

VERVERSMESSEN en KAMMEN, als Gereedschappen. Res.

19 Nov. 188G, no. 15, V. no. 105..............

VERWARMINGSTOESTELLEN. Gegoten getrokken ijzeren pijpen voor —, als Ijzerwerk. Zie de Bijz. Bepaling, met noot c, op den

post Ijzer......................

VET van alle soorten Cl—4). Res. 12 Maart 1863, no. 52, F. no. 54.

(1) Zie, nopens het vei\'bod van invoer van ongcsmolten vet, aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet.

(9) Indien vet met vleesch, of daaraan verbonden, wordt ingevoerd, dan hiervan het invoerrecht als van Vleesch te heffen. Zie de res. van 12 Maart 1863, no. 52, V. no. 34, en de overigens vervallen res. van 23 Mei 1834, no. 44, V. no. 62.

(3) Het vet, dat zich om de nieren en ingewanden van herkauwende dieren bevindt, en bestemd is tot het vervaardigen van kaarsen en zeep, moet, wanneer het nog in zijn weeken, natuurlijken en onver-werkten staat is, niet als Vleesch, maar als Itoct worden beschouwd. Vonnis Arr.-rechtbank, Maastricht 6 Mei 1846, Ned. Pasicr., bh. 36.

(4) Zie verder hierbij aant. 1 op Roet, smeer, enz.

„ Beefoil, gesmolten vet. (Red.)............

„ Drijfriemenvet (5). (Red.)..............

(5) Hier is bedoeld het gewone drijfriemonver. Bij invoer van een werkelijk olievernis onder de benaming drijfriemenvet, wordt het artikel gerangschikt onder Verfwaren, in olie gewreven, en 5 pet. invoerrecht geheven. (Eed.)

Maatstaf.

waarde

100 kgr.

waarde de HL.ad

50 pet. de HL. ad

50 pet. de HL. ad 50 pet.

waarde

waarde waarde

waarde

-ocr page 233-

VET. — VIN.

449

450

AETIKELE N.

VET. Katoenzaad-stearine. Zie Katoenzaad-stearine......

„ Lanoline (vet van schapenwol). Zie Lanoline......

„ Machinevet. Zie Machinevet.

„ Mengsels van vet en olie. Zie onder Mengsels.

„ Ossenvet of merg, ook al is het in bussen gepakt. (Red.) . „ Paardenvet. Zie Paardenvet.

VET of OLIE, tot het smeren van machines (1), als Olie, niet afz. heiast, op grond der Hes. van 11 Dec. 1868, no. 36, V. no. 125. . (1) Verg. hierbij Machineolie.

VETERS, als Passementwerk; zie Manufacturen. Renvooi,

Wet 1822 ......................

VETLOOGMEEL, waschmiddel, als Zeep, ongeparfumeerde. (Red.) VETSTOF, gekleurd mer, behulp van alcanawortel, en dienende tot het vervaardigen van roode terpentijn en boenwas door fabrikanten,

drogisten, enz. (1). (Red.)................

(1) Dit artikel schijnt dan ook niet door particulieren te worden gekocht, ofschoon in kleine verpakking (a) ingevoerd. Zie hierby ook Alcannine.

(a) Zie aant. 7, noot c, op den post Kramer ij.

VEULENS. Zie Paarden.................

VEZELS. Bananenvezels. (Red,)..............

VIADUCTEN. Deelen van —, die niet tot plaat-, hoek- of ander vrijgesteld ijzer of staal behooren, als Ijzer- of Staalwerk. Ees. 15 Januari 1880, no. 33, V. no. 0, opgenomen in aant. 1 op Spoorwegen .......................

VIANDE. Zie Farine de viande.

VICHYZOUT en ander dergelijk zout. Zie Bronzouten.....

VICTORIA. Zie aant. 2 op Aardewerk...........

VIGONIAGAREN, als Garen van wol en sajet. Jtea. 24 Maart 1847, no. 38, V. no. 53.

quot;VIJGEN.......................

VIJGENHONIG, als Stroop; zie Suiker (1). (Red.)

(1) Nopens de heffing van accijns, zie men aant. 2 op den post Suiker.

VIJLSEL. Uzer —. Zie onder Ijzer, oud ijzer, enz.......

„ Koper —. Zie onder Koper, oud koper, enz.......

„ Staal —, als Ijzervijlsel; zie onder Ijzer, oud ijzer, enz.

Renvooi, Wet 1845.................

VILT, als Manufacturen. Renvooi, Wet 1845 .........

„ bestaande uit gezuiverd haar, geperst en tot bladen geslagen, onverschillig of het bestemd is voor kctelbekleeding, dan wel voor iets anders, als Haar, bewerkt. (Red.) . . . „ bestemd tot het vervaardigen van kaarden van ijzerdraad,

als Fabriekswerktuigen. (Red.)...........

„ van gewone samenstelling, ook al wordt het gebezigd voor het bekleeden van stoomketels, kussens voor smeertoestel-len, enz., als Manufacturen. Ra. 30 Dec. 1890, no. 13,

V. no. 136....................

„ Stukjes vilt of laken, waarin rondo gaatjes, ten dienste van

spinwerktuigen (1). Tariefwet, R. en K., bis. 192.....

(1) Zie hierbij het artikel Dopjes.

VILTEN voor hoeden van alle soorten. Zie den post Hoeden . . „ Rondgeweven vilten voor papierfabrieken. Zie Fabriekswerktuigen...................

„ Rondgeweven vilten voor andere dan papierfabrieken, mits beantwoordende aan de beschrijving, gegeven bij Res. van 6 Nov. 1852, no. 112, V. no. 181 (1), als Fabriekswerktuigen. Res. 21 Maart 1876, no. 37, V. no. 34......

(1) Deze resolutie is opgenomen in aant. 6 op Fabriekswerktuigen.

„ Patentasphalt dak- en scheepsbekleedingsvilten (2), als Manufacturen. Res. 14 April 1886, no. 7, V. no. 39......

(2) Zie hierbij aant. 1 op Asphalt.

VIN SANTÉ, zijnde een niet alcohol bevattende drank, als Meedrank; zie Appel-, peren- en meedrank. (Red.)..........

Maatstaf.

100 kgr. waarde

waarde waarde

100 kgr.

waarde

waarde

waarde

waarde

waarde

de HL.

-ocr page 234-

VIO. — VIS.

452

451

ARTIKELEN.

VIOLEN, als Instrumenten, muziekinstrumenten. Renvooi, Wet 1822. VIOLENSTROOP, uitsluitend geschikt voor geneeskundig gebruik.

Zie § 1 der res. van 3 Aug. 1897, no. 24, V. no. 81......

VIOOL-HARS, als Hars. Renvooi, Wet 1845..........

*(5) VISCII (1) (2). Allerhande zee- (o) en riviervisch, zoo vcrsch als gerookt, gedroogd of gezouten. Wet 1859 (4).......

(1) Zie, nopens het verbod van aanvoer van haring, bot of spiering van te kleine afmetingen, aant. 4 op art. 19 dezer Tariefwet.

(2) Yisch „van de vigscherij dezer landenquot; was reeds bij de Wet van 1822 van invoerrecht vrijgesteld. Visch „van vreemde visscheryquot; is geheel en al vrijgesteld bij de Wet van 1859. (Red.)

(3) Allerhande versehe zeevisch en versche prikken, waren reeds bij de AVet van 1845 vrijgesteld. (Bed.)

(4) Ook bij de Wet van 1857 was visch vrijgesteld van invoerrecht, behoudens enkele afzonderlijk genoemde vischsoorten, die daarna bij de Wet van 1859 zijn vrijgesteld. (Eed.)

(5) Voor de Statistiek te splitsen in:

Visch. Allerhande versche zeevisch:

„ Alle andere gerookte, gezouten of gedroogde visch, niet afz. genoemd ; en

„ Riviervisch, zalm en prikken daaronder begrepen, hetzij versch, gerookt of gezouten.

Zie, nopens de verdere onderdeelen, de navolgende afzonderlijk genoemde vischsoorten, alsmede aant. 8 op de res. van 23 Febr. 1804, no. 9, V. no. 25.

„ *Gckaakte en gezouten haring. Wet 1859 ........

„ Ongekaakte en gezouten haring. Wet 1859 .......

„ *Gezouten kabeljauw. Wet 1859 ...........

„ ^Gezouten rommeling. Wet 1859 ...........

„ *Gezouten garnalen zijn, blijkens de van Regeeringswege uitgegeven Statistiek, mede vrij van invoerrecht. (Red.) . .

„ ^Gerookte haring (bokking). Wet 1857 .........

„ ^Oesters en kreeften. Wet 1857 ............

„ quot;Mosselen. Wet 1857................

„ *Stokvisch. Wet 1857 ...............

„ ^Ansjovis, als Visch, allerhande, enz. Renvooi, Wet 1857. . „ Ansjovis, kabeljauw, zalm (6) enz., met zout gekookt, in pekel, olie of azijn ingelegd of op elke andere soortgelijke wijs bereid, al geschiedt de invoer ook in flesschen, vaatjes, bussen of dergelijke niet luchtledige verpakking (7), als Koek- en banketbakkerswerk. Res. 25 Fehr. 1887, no. 70, V. no. 17....................

(G) Verg., nopens ingelegde zalm, mede res. 17 Maart 1849, no. 18, V. no. 30.

(7) Zie ook de aantt. C en 13 op Koek- en banketbakkerswerk.

„ (9) Zalm (8), als Visch, allerhande, enz. Renvooi, Wet 1845.

(8) Zie ook Visch, ansjovis enz. hiervoor opgenomen.

(9) Voor de Statistiek aant. 5 op deze rubriek te raadplegen.

„ in luchtledige trommels of bussen bereid of ingelegd (10). Zie den post Koek- en banketbakkerswerk.....

(10) Zie hierbij ook de aantt. C en 13 op Koek- en bankethalclcerswerk.

VISCHHAKEN. Zie Haken.

VISOHHENGELS, met toebehooren, als Kram er jj. Res. 22 Aug. 1804,

no. 986i.s.......................

VISOU.FES, met azijn en zout bereid, en in kruikjes ingemaakt (1), als Koek- en banketbakkerswerk. (Red.)......

(1) Zie hierbij aantt. 6 en 13 op Koek- en banketbakkerswerk. „ Macassaarsche of roode vischjes, in flesschen, als Eetwaren; zie den post Koek- en banketbakkerswerk. Res. SO Oct.

1880, no. 128, V. no. 101...............

VISCHLIJM, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845 ........

VISCHNETTEN. Zie Vischwant.............

V1SCHSAUSEN, in blikken, flesschen of bussen, als Koek- en banketbakkerwsrk. Res. 17 Maart 1849, no. 18, V. no. 30 . . .

Maatstaf.

waarde

100 kor.

100 kgr.

waarde 100 kgr.

100 kgr. 100 kgr.

ƒ 25.00 Vrij Vrij

ƒ 25.00

-ocr page 235-

VIS. — VLA.

453

454

A R T I K E L E N.

Maatstaf.

Rechten.

VISCHSCHEPEN voor de zeevisscherij. Jïes. 22 Fehr. 1894, no. 37,

V. no. IS......................

VISCHÏORPEDO\'S. Accumulatoren, ijzeren bewaarkasten voorsamen-,geperste lucht, in gebruik bij vischtorpedo\'s, als Ijzerwerk. (Red.). ■ VISCHWANT. Netten, drijftuig en alle ander vischwant, walvisch-tuig en gereedschap medegerekend (1). Wet 1862.....

(1) Hieronder behooren ook scheepssloepen, bepaaldelijk tot de Tval-vischvangst dienende, zoomede de lansen en harpoenen voor genoemde visscherij. Res. 24 Juli 1845, no. 2!).

Ook worden ijzeren beugelsluitingen voor de zeevisscherij als onder-deelen van vischwant aangemerkt. (Bed.)

„ versleten. Zio onder Lompen, oud touw, enz.......

quot;VITRIOOL. Wet 1862 ..................

-VITRIOOLOLIE. Wet 1362 ................

VLAGGEN en WAPENSCHILDEN, bestemd voor consulaten van vreemde Rijken, worden vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.) .

VLAGGENDOEK, als Manufacturen. Renvooi, Wet 1822.....

VLAM- of KETELPIJPEX (boilerfuhes) (1) (2). IJzeren en koperen —, als onderdeden (3) van Stoomwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. lies. 15 Sept. 1870, no. 32, V. no. 141, en 29 Nov. 1870,

no. 20, F. no. 175...................

(Ij Vlam- of ketelpijpen, wel te onderscheiden van pijpen tot gewone stoom-leiding, die meestal ook tot andere doeleinden kunnen gebezigd worden, moeten dienen om den inhoud der ketels, waarin zü geplaatst worden, te verwarmen. Hot zijn pijpen of buizen van ijzer, geelkoper of ander metaal, aan de beide einden effen, zonder schroefdraad of moer. Zij zijn in de meeste gevallen getrokken en zonder naad, doch soms overlangs dichtgesmeed, en hebben doorgaans eene lengte van 1.80 tot 2.50 meter. Intusschen kunnen zij ook korter zijn, terwijl ook koperen vlampijpen tot eene lengte van 3 meter schijnen voor te komen. De omtrek bedraagt naar omstandigheden van 9 tot 27 centimeter. De dikte bedraagt niet minder dan 2 en niet meer dan 3! .i millimeter. Pijpen of buizen, die aan het een en ander niet beantwoorden, zijn niet als Vlam- of ketelpijpen te beschouwen. Bes. 15 Sept. 1870, no. 32, I . no. 141. Verg. echter hierbij Stoompijpen voor condensors.

(2) De aanschrijving van 15 Sept. 1870, no. 32, V. no. 141, stemt overeen met \'Ie vlampijpen, die tot dusver te Amsterdam en te Rotterdam zyn aangevoerd.

Intusschen is nader gebleken, dat in den handel vlampijpen kannen voorkomen, die als zoodanig wel is waar aan beide einden effen, zonder schroefdraad of moer zijn, doch die een grooteren omtrek en dikte hebben, dan in die aanschrijving zijn vermeld. Het is niet ondienstig voorgekomen, de aandacht der ambtenaren, wien dit kan aangaan, hierop te vestigen. Wat de lengte der vlampijpen betreft, uit de aanschrijving zelve blijkt, dat het daaromtrent gezegde niet in beperkenden zin moet worden opgevat.

De genoemde aanschrijving ziet voorts, blijkens hare bewoordingen, kennelijk alléén op de ketelpijpen, die bestemd zijn om, van de te verwarmen vloeistof omgeven, de vlam of de heete lucht uit den vuurhaard door die vloeistof te geleiden, met andere woorden: op de rjewone vlampijpen. Daaronder zijn dus niet begrepen:

lt;(. de waterpijpen, bestemd om de vloeistof te bevatten en deze door de omringende vlam of heete lucht te verwarmen, met andere woorden: om het doel der gewone vlampijpen langs den tegenovergestelden weg te bereiken; bijv. de „Field tubesquot; en de „Galloway Cone tubesquot;;

h. de versterkings- of steunpijpen, die niet enkel dienst doen als vlampijpen, maar óók tot versterking van den ketel, en die daartoe aan beide einden van een schroefdraad voorzien en zooveel dikker zijn als die schroefdraad meebrengt.

Deze beide soorten van pijpen, in den regel aan den vorm te onderscheiden, zijn insgelijks als onderdee\'teii ran stoomwerktuigen ten invoer toe te laten, daaraan te nemen is, dat zij uitsluitend geschikt zijn om als zoodanig gebruikt te worden. Bes. 29 Nov. 1870, no. 20, V. no. 175.

(3) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fabriekswerktuigen.

VLAMPIJPROLLEN. De Fiscus no. 185, blz. 253 ........

VLAMPIJPUITZETTERS en VLAMPIJPVEGERS, als Gereedschappen. Res. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124........

*VLAS, gehekeld. Wet 1862 ................

„ *(1) ruw of ongehekeld, snuit en werk van vlas daaronder

begrepen. Wet 1854 ................

(1) Voor de Statistiek te splitsen in:

Vlas. Onbewerkt, ongeroot en ongezwingeld; en

„ Ruw, geroot en gezwingeld. Bes 12 Nov. 18(14, no. 47, I\'. no. 1117.

Vrij 5 pet. Vrij

waarde

Vrij Vrij Vrij

V rij \' pet.

waarde

Vrij

Vrij

Vrij Vrij

Vrij

-ocr page 236-

4

456

455

VLA. — VLE.

ARTIKELEN.

Maatstaf.

Eeohten.

VLAS. Jïieuwzeel.indsch vlas, als Vlas. Renvooi, Wet 1845 .... „ Afval van —, als Vlas, ruw of ongehekeld. Renvooi, Wet 1845.

„ Garens van —. Zie Garens van hennep, em........

,, Manufacturen en stoffen van vlas. Zie den post Manufacturen .....................

VLASZIJDE of NIEUWZEELANDSCH VLAS, als Vlas. Renvooi,

Wet 1845 ......................

VLECHTWERKEN of WEEFSELS van paardenhaar, alsmede van stroo, met paardenhaar, hennep, katoen, enz., vermengd, onverschillig of zij tot liet vervaardigen of garneeren van hoeden ofwel van andere kleedingstukken zijn bestemd, als Manufacturen. Res. 15 Ang. 1863, no. 12, V. no. 117............

VLEESCH (A) (1—5).

„ Van alle soorten, niet apz. belast (6), en worst (7) (8):

- Versch of gezouten (4)..............

*CtEROOKT oe gedroogd..............

„ Schapenvleesch, vaekensvleesch en spek:

quot;Gezouten (4) (9).................

*Gerookt of gedroogd (10).............

Bijzondere Bepalingen.

(A) Versch varkens- en schapenvleesch beiiooren niet tot den post Vleesch.

(1) Zie, nopens het verbod van invoer van versch en gezonten vleesch, aant. 2 op art. 1!) dezer Tariefwet.

(2) Vleesch is bij invoer niet aan accijns onderworpen. Zie de Wet op het Geslacht, V. 1860, no. 103.

(3) Nopens den vrijdom van invoerrecht voor soheepsprovisie, raadplege men art. 5 dezer Tariefwet

(4) Zie, omtrent de netto-weging van gezovtcn vlccsch, aant. fi, op art. 11 dezer Tariefwet.

(5) Wanneer vel met vleesch, of daaraan verbonden, wordt ingevoerd, wordt het belast als Vlccsch. lies. 12 Maart 1863, no. 52, I. ho. 54. Verg. ook de overigens vervallen res. van 23 Mei 1854, no. 44, V. no 62.

Zie vorder de aantt. op Boet, smeer enz. en aant. 3 op Vet.

(6) Hieronder wordt mede paardenvleesch gerangschikt. Hes. 24 Mei 1870, no. 30. Zie Weekblad, no. 598.

(7) Worst is, uit welke vlecschsoortcn ook samengesteld, steeds onderworpen aan een invoerrecht van ƒ 6.— of f 8.— de 100 kgr. (Eed.)

Worst, in luchtledige trommels of bassen, wordt echter gerangschikt onder Koek- en banketbakkerswerk. (Eed.)

(8) Zie hierbij het artikel Erwlensocplableltcn, enz.

(9) Enkel gezouten spek is, in tegenstelling met gedroogd spek, wegens het grooter specifiek gewicht, slechts met ƒ 1.— de 100 kgr. belast. Res. 15 Dcc. 1886, no. 2, V. no. 111.

(10) Door gedroogd spek is, in den zin van het tarief van rechten, te verstaan spek, dat niet alleen gezouten, maar vóór het inpakken in kisten in de lucht gedroogd is om het beter te kunnen bewaren. Dit spek, veelal afkomstig uit Amerika en belast met ƒ 1.25 de 100 kgr., is wel nog eenigszins vochtig, maar toch door zijne hardheid gemakkelijk te onderscheiden van het enkel gezouten spek. lies. 15 Dcc. 1886, no. 2, V. no. 111.

VLEESCH (11). Pens, hart, long en lever, behalve wanneer daaraan vleesch verbonden is, of daarmede tegelijkertijd wordt ingevoerd. (Ked.)............... . . .

xSchapenvleesch, varkensvleesch en spek, versch (11) (12). Wet 1862 ....................

(11) Zie, nopens het verbod van invoer van versch en gezouten vleesch. aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet.

(12) Zie hierbij de aantt. op Roet, smeer, enz. en op Vet.

„ half gekookt in boter, ingelegd en besloten in blikken, iles-schen of bussen, als Koek- en banketbakkerswerk. Res.

17 Maart 1849, no. 18, V. no. 30...........

,. in luchtledige trommels of bussen bereid of ingelegd. Zie den post Koek- en banketbakkerswerk.......

Vrij Vrij Vrij

5 pet.

Vrij

waarde

waarde

5 pet.

100 kgr. 100 kgr.

100 kgr. 100 kgr.

f 6.00 „ 8.00

„ 100

„ 1.25

Vrij Vrij

100 kgr. 100 kgr.

ƒ 25.00 „ 25.00

-ocr page 237-

VTjE.

4.17

A R T I K E L E N. Maatstaf Eechten.

VLEESCH, in luchtledige blikken of bussen, met toevoeging van groenten, wordt evenals vleesch, dat niet peper, kruidnagelen of andere specerijen is toebereid, belast als Koek- en banket-bakkers werk, bereide of ingelegde eetwaren. (Red.) . . .

„ van wild. Zie den post Wild en gevogelte......

„ Amerikaansch —, in bussen, vermengd niet kalkoenenvleesch,

als Koek- en banketbakkerswerk. (Eed.)......

„ Australisch — (Corned en spicedbeaf), in bussen, toebereid met zout, peper, piment en kruidnagelen, als Koek- en

banketbakkerswerk. (Red.)............

„ Australisch of Amerikaansch —, versch of gezouten, al dan niet gekookt (13). en gepakt in bussen of op andere wijze (14), als Vleesch. Mes. 3 Juli 1872, no. 43, V. no. SO.

versch of gezouten rundvleesch...........

gezouten schapen- of varkensvleesch.........

„ Amerikaansch varkensvleesch (brawn), dat, evenals versch of gezouten Australisch of Amerikaansch vleesch, in groote bussen ingevoerd en uitgesneden bij het gewicht verkocht wordt (15), behoort, al is het met een weinig peper en piment bereid, tot den tariefpost Vleesch, gezouten varkensvleesch. Jies. 11 Januari 1894, no. 99, V. no. 4.........

(13) Of ook (jchradcn. (Eed.)

(14) Dit vleesch heeft eene geheel andere bestemming dan de fijnere eetwaren, genoemd onder de rubriek Koek- en banketbakkerswerk, en is volgens de kennelijke bedoeling van dien post daaronder niet te begrijpen. Bes. alsvoren.

Hier toch wordt bedoeld dat Australische of Amerikaansche vleesch, hetwelk in groote bussen (ct) ingevoerd en uitgesneden bij het gewicht verkocht wordt, dus een geheel ander artikel dan de vleeschwaren, die zich door zorgvuldige verpakking in het klein (ft) als tijne eetwaar doen kennen, en die, hoezeer ook slechts met eenig zout bereid, niet behooren tot den post Vleesch, niet afz. belust, maar onder de rubriek Koek- en banketbakkerswerk. Res. 26 Januari 1891, no. 36, 1. no. 9.

Volgens bovenstaande res. is op de bedoelde vleeschwaren ook van toepassing de inlichting, gegeven bij res. van 25 Febr. 1887, no. 70, V. no. 17, opgenomen in aantt. 6 en 13 op Koek- en banketbakkerswerk. Ui) Naar men vermeent, is hier ouder r/roote bussen te verstaan, die soort, welke geacht wordt minstens 4 Engelsche ponden (1.8 kgr.) in te houden, ook al wordt bij netto-weging iets minder geconstateerd. (Ked.)

(ft) Zie, nopens kleine verpalclcinrj, ook aant. 1 op Verfstoffen, niet in olie gewreven, enz.

(15) Yerg. aant. 14, met noot a.

VLEESCH-EXTRACT (1). Liebig\'s —, als Koek- en banketbakkerswerk. lies. 13 Mei 18G9, na. 16, V no. 72........

(1) Cibils, een vloeibaar vleeschextract, wordt mede onder Koek- en banketbakkerswerk gerangschikt (Eed.)

Eveneens Tapioca-bouillon, dat in aard en bestemming met Liebig\'s vleescli-extract overeenkomt. (Eed.)

VLEESCHHAKBLOKKEN. Hes. 5 Dec. 1890, no. 20, F. no. 124 . . VLEESCHHAKMACH1NES. Zie onder Machines. VLEESCHHOUWEKSHAKB1JLEX, als Gereedschappen. Res.

5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124..............

VhEESCHMEEL van Fray Bentos, z.g. Liebig\'s vleeschmeel (Red.).

VLKESCHMOLEXS, door stoom bewogen (Red.)........

VLEESCH PENNEN. Houten —, als Houtwerk. (Red.).....

VLEESCHPOEDER, farine de viande, zijnde gedroogd en daarna tot poeder gemalen rundvleesch, als Vleesch van alle soorten, gerookt of gedroogd, lies. 15 Mei 1862, na. 76, F. no. 54 . . „ Carne pura, een vleeschpoeder met meel vermengd, ook in den vorm van biscuits, als Vleesch van alle soorten, gerookt of gedroogd (1). (Red.)............

(1) Aldus gerangschikt omdat dit vleeschpoeder niet met suiker of andere dergelijke, maar uitsluitend met bij het Tarief vrijgestelde bestanddeelen vermengd is, en derhalve, als niet verpakt in luchtledige trommels of bussen, ook niet onder Koek- en banketbakkerswerk begrepen kan worden. (Eed.)

Mon zal hierbij echter in \'t oog dienen te houden, dat vleeschwaren, die zich

100 kgr. waarde

100 kgr. 100 kgr.

100 kgr. 100 kgr.

100 kgr.

100 kgr. waarde

waarde 100 kgr. 100 kgr.

,/quot; 8.00 „ 8.00

15

-ocr page 238-

VLE. — VLO.

450

400

ARTIKELEN.

Maatstaf.

Rechten.

door zorgvuldige verpakking in \'t klein als lijne eetwaar doen kennen, belast moeten worden als Koel:- on hankethaTckerswerl:. Zie de aantt. 5, (5 en 13 op dien post.

VLEESCHTABLEÏÏEN, bestaande uit meel van peulvruchten, bereid met bouillon, vleesch-extract en kruiden, en dienende ter vervanging van vleesch, als Vleesch van alle soorten. (Red.) VLEESCHWAREN. Zoodanige —, die zich door zorgvuldige verpakking in het klein (1) als fijne eetwaar doen kennen, hoezeer ook slechts met eenig zout bereid (2) (3), als Koek- en banketbak-kerswerk (4). Hes. 26 Januari 1891, no. 36, F. no. 9.....

(1) Zie hierbij aant. 14 op Vleesch.

(2) Op deze vleesehwaren is ook van toepassing de toelichting, gegeven bij res. van 25 i\'ebr. 18S7, no. 70, V. no. 17, opgenomen in aantt. (i en 13 op Koeken banketbakkerswerk. lies. 26 Januari 1891. nn. 3ö, V. no. 9.

(3) Verg. hierbij het artikel Vleesch. Australisch of Amerikaansch, enz., alsmede Vleesch, Amerikaansch varkensvleesch, enz.

(4) Gekookte of gebraden vleesehwaren vallen niet onder het verbod van in-en doorvoer. Bes. 30 Oct. 1888, no. 68, V. no. 118.

Zie deswege aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet.

VLEKKENWATER (1), als Olie, niet afz. belast. (Red.). . .

„ in kleine Heschjes, met of zonder etiquetten, als Kramerij.

(Red.)

(1) Deze vloeistof bestaat uit gezuiverde steenkolenteerolie of zoogenaamde naphtha, vermengd met eenige andere zelfstandigheden, doch zonder alcohol. (Ked.)

,, Fleckenreiniger. Zie Fleckenreiniger.

„ Miraciline bevat alcohol en wordt belast als Gedistilleerd (2). (Red.).................

(2) Zie, nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedislilleerd.

VLIEGENDE GEEST {Salmoniak), als Chemicaliën. Rn. 25 Sept.

1828, no. 142, V. no. 159, en 8 Mei 1863, no. 19........

VLIEGENNETTEN, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post. VLOEISTOFFEN. Onvermengde, door overhaling verkregen alcoholhoudende —. Zie den post Gedistilleerd (1)......

,, met alcohol bereid, geen dranken zijnde, voor zoover zij eene hoogere sterkte hebben, dan in verhouding van 5 liter alcohol per HL., bij de temperatuur van 15° C. Zie den post Gedistilleerd (1).................

(1) Zie, nopens recht en accyns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd.

„ uit houtgeest bereid of daarmede vermengd. Zie den post Gedistilleerd (2)................

(2) Zie hierbij aant. 14 op Gedistilleerd.

„ met azijn of houtzuur bereid, en uitsluitend bestemd ten gebruike in door den Minister aangewezen fabrieken. Art. 7 der Wet van 27 Juni 1876, S. no. 130, V. no. 67; A\'. B. van 26 Nov. 1876, S. no. 236, V. no. 114, en Hes. van 14 Dee. 1876, no. 38, V. wo. 115. Zie de Bijz. Bepaling op den post Azijn. „ uit steenkolenteer verkregen. Zie de aant. op Benzol. „ Suikerhoudende —. Zie den post Suiker, met aant. 2. VLOERAANDRIJVERS. IJzeren — worden niet geacht te behooren tot de vrijgestelde Gereedschappen, maar belast alsIJzerwerk.(Red.) VLOEREN of VLOERSTEENEN. Bremer vloeren of Bremer vloer-steenen, bewerkt, d. i. niet slechts op bepaalde maat in het vierkant behouwen, maar daarenboven aan ééne zijde glad geslepen, en gedeeltelijk bewerkt, n.1. gezaagd en in het ruwe behouwen, als Steen, ongebakken, enz. Res. 9 Nov. 1854, no. 138, V. no. 158;

19 Maart 1870, no. 65, F- no. 41, en Wet 1877 ........

VLOERKLEEDEN. De uit vlas geweven, aan beide zijden dikge-verfde stoffen, als Tapijten, onverschillig of zij zich nog aan het stuk bevinden, of al dan niet van randen zijn voorzien. Res. 18 Maart 1853. no. 98..................

100 kgr. | ƒ 25.00

100 kgr. waarde

„ 0.55 5 pet.

de HL. ad 50 pet.

ƒ 8.50

Vrij 5 pet.

ƒ 8,50

waarde de HL. ad 50 pet.

de HL. ad 50 pet.

„ 8.50

de liter

„ l.li

Vrij

waarde

5 pet.

Vrij

waarde

5 pet.

-ocr page 239-

VLO. — VOO.

.ir.i

402

A R T I K E L E N.

Maatstai\'. i Rechten.

I

VLOERSTEENEN. Gewone efl\'en gekleurde — of plavuizen, zonder bijmengsel, enkel uit leem of klei gebakken en zonder versiering (1), als Gebakken steen; zie onder Aardewerk.

Res. 20 Juni 1835, no. 31, 1\'. nu. 65, en 24 Juli 189Ü, no. 64, V. no. 63....................

(1) Deze vloersteenen of plavuizen zijn gemakkelijk van de Engelsche of aardewerktegels te ondcrsehciden. Bes. 24 Juli 1890, no. 64, V. no. 63. Zie verder hierbij het artikel Tegels.

„ van cement en gestampte of gemalen ijzerslakken, evenals ongebakken cementsteen vrij ten invoer toe te laten. (Red.).

„ Bremer —. Zie Vloeren..............

VLOERTAPIJTEN. Zie den post Tapijten..........

VLOERTEGELS. Zie het artikel Tegels, met aant. 2. VLOTGEREEDSCHAPPEK. Gebruikte —. Zie art. 0, lettei a, der

Tariefwet......................

VLOTHOUT, in blokjes, als Vischwant. (Red.)........

VOEDER. Zie Beestenvoeder en Hondenvoeder.......

VOEDERKETELS. Zie Veevoederketels.

VOERLEPELS (1), als Gereedschappen. Ren. 22 Oct. 1877, no. 25, F. no. 96, bevestigd bij Res. 19 Nov. 1886, no. 15, F. no. 105. . ■ (1) Zie hierbij aant. 4 op Gercedsehceppcn.

VOERTUIGEN. Spoorwegvoertuigen. Zie Spoorwagens.

VOGELS (1). Opgezette vogels en andere dieren, mits niet geschikt om tot huissieraad te dienen (2), als Naturaliën. Res. 14 Aug.

1866, no. 40, F. no. 118...............

„ Zang- of pronk vogels. Res. 14 Auy. 1866, no. 40, F. no. 118.

(1) Zie hierbij d611 Post Wild en Gevogelte.

(2) Opgezette dieren, bevestigd op een of ander voetstuk en kennelijk bestemd tot huissieraad, worden belast als 3feubclen. Bes. 19 Dcc. 1864, no. 160.

VOILES, als Modewaren. Res. 14 Juni 1825, no. 44, F. na. 70 . .

VOL-AARDE. Zie Aarde voor aardewerk, enz.........

VOLZEEP, als Zeep, harde, ongeparfumeerde. (Red.)......

VOORLOOP, als Gedistilleerd (1). Renvooi, Wet 1845......

(1) Zie, nopens recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op den post Gedistilleerd. VOORSCHOENEN, VOOR- en ACHTERSTUKKEN van laarzen-

schachten. Zie aant. 1 op Laarzen.

VOORWARMER. Zie Griens-oconomiser.

VOORWERPEN, dienende tot redding van drenkelingen, zooals reddingsvesten, reddingsboeien en dergelijke, samengesteld uit kurk of afval van kurk met linnen of zeildoek (1), als Kurk, gesneden of gefatsoeneerd. Res. 1 Aug. 1891, no. 7, F. no. 89....................

(1) Eeddingsboeien van caoutchouc of gatta-percha, alsmede groote toestellen, voorzien van blaasbalgen, luchtbuizen en misthoorns, die mede onder den naam van reddingsboeien voorkomen, zijn belast met 5 pet. der waarde, als bewerkte voorwerpen van gulla-pcreha of gomelastiek; zie Gntta-pcrcha en Gomlastieken schoenen. Bes. alsvoren.

„ van agaatsteen. Zie Agaatsteen...........

„ van aluminium. Zie den post Nieuwzilver.......

„ van brittannia-metaal, als koflie- en melkkannen, ook wanneer ze verguld of verzilverd zijn, als Tinwerk. Res. 7 Febr.

1851, no. 107, en 7 Aug. 1860, na. 116.........

,, van gegoten cement, ramsonesteen, als Gipsbeelden. (Red.). „ van gevlochten spaan, stroo of riet, zooals spoorwegmandjes, werkmandjes, sleutelmandjes, enz. Zie onder Spaan . . .

„ van gips. Zie den post Gipsbeelden.........

., van glas, kristal, albast, gutta-percha of agaatsteen (2), zooals schoorsteenornamenten en dergelijke voorwerpen, met of zonder gouden, zilveren of koperen deksels of garnituren, te rangschikken onder Kramerij, behoudens do belasting verschuldigd voor het zich daaraan bevindende goud- en zilverwerk (3). Res. 8 Dec. 1845, no. 26, F. no. 238, en, Bijs. Bepaling op den post Kramerij, Wet 1850 (4)..........

•;2} Zie hierbij do aant. op Edelgesteenten,

Vrij

Vrij Vrij 5 pet.

waarde i

Vrij Vrij Vrij

Vrij

Vrij Vrij

waarde

100 kgr. de HL. ad

50 pet.

5 pet. Vrij ƒ 2.00

„ 3.50

100 kgr. ; ., 10.00

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

waarde waarde

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

5 pet. 5 pet.

waarde 1 5 pet.

-ocr page 240-

VOO. — VOlï.

403

464

A R T I K E L E N.

(3) De bepalingen, betrekkelijk de belasting op de gouden en zilveren werken, zijn vervat in de Wet van 18 Sept. 1852, S. no. 178, V. no. 161.

(4) Ook in de /?yr. Bepaling op den post Kramery in deze Tariefwet worden verschillende voorwerpen genoemd, welke als Kramery zijn te belasten.

VOORWERPEN van gom-elastiek. Zie den post Gomlastieken schoenen....................1

„ van gutta-percha. Zie den post Gutta-percha......

„ van half-edelgesteenten, als hemdsknoopen, oorbellen, doekspelden en dergelijke (5), als Kramerlj- /\'\'■«, 15 Juni 1871, no. 14, V. no. 69.................,

(5) Zie hierbij de aant. op Edclgcsterntcn.

„ van koper, zooals die van den molen komen. Zie onder

Koper, bekkens, enz................

„ van marmer. Zie Marmeren voorwerpen.

„ van porselein en aardewerk. Zie de tweede Bijz. Bepaling op

den post Aardewerk.

„ van riet, zooals stoelen, tafels en bloemenmanden, als Meubelen. I\'es. 6 ,1 uni 1877, no. 71, V. no. 54, § 3......

„ van was, niet afz. belast. Zie den post Wasbeelden . . . , Kle\'.ne —, gevuld met reukwater, als spuitjes, busjes, kunst- i ruikers, enz., die na lediging geen handelswaarde meer hebben, onverschillig of de inhoud al dan niet alcohol bevat, i in hun geheel en dus niet den inhoud, als Kramerij (6). | Jtes-. 20 Fehr. 1869, no. 13, V. uo. 21..........!

(6) Wanneer echter die voorwerpen ieder meer dan 3 centiliter alcoholisch reukwater bevatten en hunne bewerking niet van dien aard is, dat zij zelf het meest bijdragen tot de waarde van het geheel, is alleen accijns en invoerrecht verschuldigd vaa het reukwater, op denzelfden voet als bij invoer in gewone verpakking. Hes. alsvoren.

Zie hierbij de aantt. 3 en 4 op J\'cnk- en parfumeumoaren.

„ Natuurkundige of ethnographische —, voor Rijksmusea be- ;

stemd. Zie Oudheden...............

VORKEN, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post . . . „ Messen en vorken met zilveren of met zilver overtrokken hechten, als Zilverwerk; zie Goud- en zilverwerk. Bes.

15 Oct. 1858, no. 31, V. no. 91............

VORMEN. Chocoladevormen van blik, tin of vertind ijzer, alleen geschikt voor het gebruik in chocoladefabrieken, als Fabrieks-

werktuigen. (Red.)................

„ Fondant-vormen van gutta-percha, niet alleen te gebruiken door chocolade- en suikerfabrikanten, doch ook door suikeren banketbakkers, als Bewerkte voorwerpen van gutta-

percha; zie Gutta-percha. (Red.)..........

„ Gipsvormen voor spiegelfabrikanten. (Red.).......

„ Hakvormen voor schoenmakers, als Gereedschappen. Bes.

19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105...........

„ Houten — voor mans- en vrouwenhoeden. Zie Houten

vormen....................

„ Houten wikkelvormen, dienende om in sigarenfabrieken aan het binnenwerk van sigaren den vereischten vorm te geven.

Zie Houten wikkelvormen............

„ IJzeren glasblazersvormen, als Fabriekswerktuigen. Bes.

4 Fehr. 1863, no. 41. V. no. 34, en Wet 1877 .......

„ Knoopvormen, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien

post......................

„ Koperen vormen voor suikerbakkers, banketbakkers, conli-turiers, enz., als Opgemaakt koperwerk; zie den post

Koper. (Red.)..................

„ Suikerbakkersvormen. Zie den post Aardewerk.....

„ Suikervormen. Zie Suikervormen.

VORMEN en BOLLEN voor dameshoeden, als Modewaren. Bes.

15 Mei 1863, no. 106, V. no. 73..............

VORMSTIFTEN. IJzeren —, ten dienste van ijzergieterijen. (Red.).

j Maatstaf.

waarde waarde

waarde

waarde waarde

waarde

waarde waarde

waarde

waarde

waarde waarde

waarde

-ocr page 241-

VOS. — VRU.

465

466

ARTIKELEN.

Maatstaf.

Rechten.

VÜSSEVELLEN, als Pelterijen; zie Huiden, vellen en leder.

Renvooi, Wet 1845.

(1) In onbereiden toestand kennelijk vrij van invoerrecht. Verg. Huiden, enz.

VRACHTBRIEVEN. Formulieren voor —. Zie aant. 1 op Papier.

* VRU CHT EN, ALLE VERSCHE OF GEDROOGDE BOOMVRUCHTEN, NIET

AFZONDERLIJK BELAST (1—3).............

„ quot;GEZOUTEN OF INGEMAAKT IN BRANDEWIJN, AZIJN OF PEKEL f4). „ quot;IN STROOP OF SUIKER INGEMAAKT (5) (6)........

(1) Zie, nopens den vrijdom van invoerrecht voor boom- en veldvruchten en gewassen, gewonnen in de nabijheid der grenzen, art. 6, lett. ƒ, dezer Tariefwet.

(2) Onder Boomvruchtoi, versch of gedroogd, kunnen geenszins begrepen worden de eikels, die hoofdzakelijk tot veevoeder zijn bestemd, en zonder betaling van rechten, ten invoer moeten worden toegelaten. Rcs. 25 Febr. 1863, no. 44, Tquot;. no 48.

(3) Zie hierbij o.a. ook Bessen, Grond- en ivovrnolen en Noten.

(4) Doorgesneden onuitgeperste citroenen, ingemaakt in een pekel van 21 pet. zoutgehalte, worden belast als Vmrhtcn, in pekel ingemaakt. (Bed.)

(5) Op vruchten in suiker of op andere wijze ingelegd en verpakt in luchtdichte («) bussen of flesschen is het recht van ƒ25.— de 100 kgr. toe te passen, onder de rubriek Koek- en- hankethakkerswerk voor bereide of ingelegde vruchten bepaald, en wel ongeacht de grootte dei-bussen of flesschen en de bestemming dier vruchten.

Alleen bij niet luchtdichte sluiting is daarvoor 10 pet. der waarde of f 18.— per 100 kgr. verschuldigd (b).

Deze onderscheiding komt echter niet te pas bij vruchten, ingemaakt in brandewijn; immers worden deze uit den aard der zaak alleen ingevoerd in luchtdichte of daarmede gelijkstaande verpakking, zoodat de wetgever bij de bepaling van het recht van 10 pet. der waarde geene andere verpakking kan bedoeld hebben. Yrnchten op brandewyn zijn dus altijd onderworpen aan laatstgemeld recht (c). Bes. 3 Febr. 1894, no. 5, V. no. 14.

(a) Zie, nopens hetgeen als luchtdicht is te beschouwen, aant. op Koeken ban ketbakkers merk.

((/) Wanneer vruchten, in stroop of suiker gekookt of ingemaakt, verpakt

zijn in flesschen, onkel gesloten met een schijfje kurk met capsule en blikken

bandje, dan worden zij met f 18.— de 100 kgr. belast. (Red.)

(6\') Gelijke inlichting was gegeven bij res. van \'21 Nov. 1893, no. 35, V. no. 105.

(6) Zoogenaamde fruits er/outtés (vruchten in suiker gekookt en daarna uitgelekt en verpakt in doozen of kistjes) en geconfljte vruchten met suiker geglaceerd, behooren belast te worden als suikerbakkers-werk (zie den post Koek- en hanketbakkerswerk), al zijn zij niet luchtledig of luchtdicht verpakt.

Het aldus bereiden van vruchten geschiedt hoofdzakelijk door con-tiseurs of suikerbakkers en die bereiding heeft kennelijk ten doel om aan die vruchten als fijnere dessertartikelen eene hoogere waarde te geven. Res. 9 April 1894, no. 91, V. no. 38.

Verg. hierbij aant. 13 op Koek- en hanketbakkerswerk.

* VRUCHTEN. Alle andere —, versche of gedroogde, zijn vrij van invoer

recht blijkens de van Regeeringswege uitgegeven Statistiek. „ in luchtledige trommels of bussen bereid of ingelegd. Zie

den post Koek- en hanketbakkerswerk.......

„ in doozen, veel overeenkomst hebbende met vijgen, doch waarschijnlijk pruimen uit Damascus, als Vruchten, alle

versche, enz., niet afz. belast. (Red.)..........

„ in eigen nat of water gekookt {au jus naturel) (7) en in luchtledige (8) bussen of trommels (9) ingevoerd, als Koeken hanketbakkerswerk. Res. 19 Maart 1863, no. 77, V.

no. 58.....................

„ op andere wijze ingevoerd (7), als Vruchten, in stroop of

suiker ingemaakt. Res. ahvoren............

,, op suikerwater, als Vruchten, in stroop of suiker ingemaakt. Res. 7 April 1863, no. 52...........

„ Coprah. Zie aant. 1 op Zaad.

(7) Hieronder worden gewoonlijk begrepen de fijnere tafelvruchten, die in hun geheel, meestal in flesschen, soms ook in blikken of potten worden ingevoerd. (Eed.)

waarde

waarde waarde IOC kgr.

5 pet.

5 pet. 10 pet. f 18.00

Vrij ƒ 25.00

\' 5 pet.

100 kgr. waarde

100

kgr.

ƒ 25.00

100

kgr.

„ 18.00

100

kgr.

„ 18.00

-ocr page 242-

VRTT. — WAG.

407

4(18

ARTIKELEN.

Maatstaf.

Hechten.

(8) Zie hierbij aant. 9 op Koek- cn banketbakkeysivcrl:.

(9) Vruchten op eigen nat, in luchtdichte flesschen, worden mede belast als Koek- cn banketbakkerswerk. (Eed)

Ook vruchten op eigen nat, zonder suiker, in luchtledige flesschen, als Koeken bankelbakkerswerk te belasten. (Eed.)

VRUCHTEjST-AEÏHEE. Zie onder Aether. VRUCHTEN-ESSENCES. Zie onder Essences.

VRUCHTENMOES. Zie onder Moes.

VRUCHTENPERSEN. Res. 19 Nov. 1880, no. 15, V. no. 105 . . . VRUCHTENSAPPEN van druiven, rozijnen, krenten of andere boomvruchten, geschikt om wijn te vervaardigen, te versnijden of aan te lengen, zijn alleen aan den accijns (1) als Wijn onderworpen. Art. 2 der Wet van 20Junil870,S.no.l27, V.no. 127.

„ ongegist, gesteriliseerd, als Wijn (1). (Red.).......

„ bestemd tot het kleuren van wijn en mitsdien tot het versnijden of aanlengen van wijn geschikt, als Wijn (1). (Red.) ,, Natuurlijke —, in min of meer bewerkten staat (2), als Limoen- en citroensap. (Red.)...........

(1) Zie, nopens de hefting van accijns, aant. 1 op Wijn.

(2) Namelijk meer of minder met water verdund en vermengd mot glucose, wijnsteenzuur en saheylzuur. Ook komen in de hierbedoelde vruchtensappen wel sporen van alcohol voor. (Eed.)

VRUCHTENSTROPEN kunnen behooren onder den post Koeken bankelbakkerswerk (1). Bes. \'3 Aur/. 1897, no. 24, F. no. 81, §1.

(1) Zie hierbij aant. 1 op den post Stroop.

VRUCHTENWIJN is alleen aan den accijns als Wijn onderworpen.

Res. 8 Sept. 1870, no. 50, V. no. 128, § 0..........

VULHUISWAGENS, voor liet vervoer van suikerbrooden iu een

raffinaderij. (Red.)...................

VUL- en KURKMACHINES voor mineraalwaterfabrieken. (Red.). VUURAANBLAZERS, die alleen door stoom of door een gas-, petroleum- of electrischen motor in beweging gebracht kunnen worden.

Res. 11 Oct. 1897, no. 12, V. no. 107............

VUURDOOSJES, als Kramerij. Zio de Bijz. Bepaling op dien post. VUURKLEI. Zoogenaamde — (1), dienende om de specie te vervaardigen, waarmede Vuurvaste steenen aan elkander worden verbonden, als Steen, fijne tufsteen, tras of cement. Res. 12 Sept. 180:!,

no. 99, V. no. 130, en Wet 1877 ..............

(1) Volgens res. 9 Mei 1848, no. 39, V. no. 49, en Eenvooi, Vi et 1850, ook wel genaamd Fire clay of Vuurvaste klei.

VUURKLEISTEENEN, gebogen, blijkens vorm en afmetingen alleen geschikt voor binnenbekleeding van vuurhaarden van stoomketels.

(Red.)

VUURMAKERS, in pakken, als Kramerij. Res. 15 Nov. 1881, no. 8,

V. no. 79......................

VUURMONDEN. Smids — met waterreservoir, als Gereedschappen. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 90, bevestigd bij Res. 19 Nov. 1880,

no. 15, V. no. 105...................

VTJURSTAVEN. Zie Roosterijzers cn Roosterstaven.

VUURSTEENEN. Zie onder Steen.............

VUURVASTE GEMENTPLATEN, als Steen, ongebakken. (Red.).

VUURVASTE KLEI of FIRE CLAY. Zie Vuurklei......

VUURVASTE STEENEN, aan enkele zijden verglaasd (1), als Pot-

tenbakkerswerk; zie Aardewerk. (Red.).........

(1) Niet verglaasd zijnde, worden deze steenen niet aan invoerrecht onderworpen. (Eed.)

VUURWERKEN. Zie onder Praeparaten..........

WAARDE of WILGENHOUT. Zie onder Hout........

WAGENASSEN, naar hun hoofdbestanddeel, als Ijzer- of Koperwerk. Res. 31 Dec. 1841, no. 158, V. 1842, no. 15.......

^ WAGENMAKERS WERK, al of niet gemonteerd of beslagen. WAGENS. Kinder- en poppenwagens, van teen vervaardigd, doch voorzien van lederen kappen, voering, metalen wielen, enz., als Meubelen. (Red.)...................

waarde

5 pet.

Vrij Vrij

Vrij

/\' 3.00

de HL.

„ 25.00

100 kgr.

Vrij

Vrij Vrij

Vrij ; pet.

waarde

Vrij

Vrij

waarde 5 pet.

Vrij

Vrij Vrij Vrij

waarde waarde

waarde waarde

waarde

5 pot.

5 pet. Vrij

5 pet. 5 pot.

5 pet.

-ocr page 243-

WAG. — WAS.

4G(.)

470

ARTIKELE N.

Maatstaf.

Eechten.

WAGENS. Kinder- en poppenwagens van teen vervaardigd, en van

gewoon houten onderstel voorzien, (lied.)........

„ Melkwagens, als Wagenmakerswerk. (Ked.)......

„ Meubelwagens. Zie aunt. 6 op art. 6, lett. c. dezer Tariefwet. ., Petroleumbassinwagens, toebelioorende aan vreemde handelaars en uitsluitend dienende tot internationaal vervoer.

Zie noot n op aant. 2 op Spoorwegen........

„ Spoorwagens (1), als Rijtuigen. (Red.).........

(1) Zie, nopens de voldoening van het recht door spoorwegmaatschappijen, alsmede omtrent de vrijstelling van invoerrecht voor spoorwagens, aan vreemde maatschappijen toebehoorende, en voor z.g. wisselstakken, aant. 2 op Spoorwegen.

„ Steekwagens, als Wagenmakerswerk. (Ked.).....

„ Stortkarretjes (ijzeren), tot vervoer van grondstotfen, als

Ijzerwerk. (Red.)................

„ Tramwagens, door electriciteit bewogen, daaronder begrepen de bijbehoorende machines en electrische toestellen, als

Wagenmakerswerk. (Red.)............

„ Verhuiswagens. Gebruikte —. Zie aant. 20 op art. 6, lett. y,

dezer Tariefwet..................

„ Vulhuiswagens, voor het vervoer van suikerbrooden in een

raffinaderij. (Red.).................

WAGENSCHOT, met de wrakken. Zie onder Hout.......

WAGENSMEER, in doozen, potten, bussen en kistjes van één kilogram (1), als Kramerij- Res. 4 Juni 1884, no. 43, F. no. 61 . Cl) Wagensmeer, in verdunden toestand, wordt met Machine-olie gelijkgesteld.

(Eed.)

WAGENSPEEKEN. Hout voor —, geen verdere bewerking ondergaan hebbende dan te zijn gekort, afgehakt of afgezaagd, om tot het bedoelde einde te kunnen dienen (1), als Hout, ongezaagd. Res. 30 Sept. 1841, no. 147, V. no. 158; Renvooi, Wet 1845, en Wet 1877. (1) Tolgens de res. van 10 Nov. 1882, no. 54, V. no. 113, worden spalcen voor houten wielen, al dan niet geheel afgewerkt, belast als Wagenmakerswerlc.

WAGGONS. Zie Spoorwagens.

WALRUSTANDEN. Zie Tanden, elefantstanden, enz......

WALSEN. Drnkwalsen, onderdeelen van boekdrukpersen, als Fabriekswerktuigen. (Red.)...............

WALSMACHINES. Zie onder Machines.

♦(1) WALVISCHBAARDEN. Wet 1854, en Res. 10 Oct. 1862, no. 105, F. no. 105......................

(1) Voor de Statistiek de rubriek te omschrijven als volgt: Walvischhaarden, ruwe, en daaronder te begrijpen ruwe baleinen. (Eed.)

WALVISCHTRAAN, als. Traan. Zie aant. 1 aldaar......

WALVISCHTUIG of GEREEDSCHAP. Zie Vischwant.....

-WALVISCH- EN ROBBENSPEK. Wet 1857 .........

WANDELSTOKKEN, al of niet gemonteerd, als Kramerij- Zie de

Bijz. Bepaling op dien post...............

WANMOLENS. Zie onder Molens.............

WANT. Geslagen —. Zie onder Touwwerk.........

WANTEN. Gebreide of geweven —, als Manufacturen. Renvooi,

Wet 1845 ......................

WAPENS, als Ammunitie, allerhande, enz. Renvooi, Wet 1845 . . WAPENSCHILDEN. Zie Vlaggen.

WARMWATERBUSSEN zijn aan invoerrecht onderworpen naar hun hoofdbestanddeel, al zijn ze ook bestemd om bij de zuivelbereiding gebruikt te worden, daar deze bijzondere bestemming niet uit de inrichting blijkt (1). Res. 4 Dec. 1891, no. 45, F. no. il7 . . . .

(1) Zie hierbij aant. 5 op Gereedschappen.

quot;WAS. Geel of ongebleekt —, plantenwas daaronder begrepen (1).

Wet 1862 ................\'....

(1) Ook niet met honig gevulde raten moeten daarmede worden gelijkgesteld. Verg. de res. van 12 Oct. 1834, no. 121, V. no. 140.

„ *Gebleekt —. TFelt; 1862...............

„ Bijenwas in ronde schijfjes, bestemd voor apothekers. (Red.).

Vrij 5 pet.

waarde

Vrij 5 pet.

waarde

waarde j 5 pet. waarde j 5 pet.

waarde

5 pet.

Vrij

Vrij Vrij

5 pet.

waarde

Vrij

Vrij Vrij

Vrij

Vrij Vrij Vrij

5 pet. Vrij Vrij

5 pet. 5 pet.

waarde

waarde waarde

waarde 5 pet.

Vrij

Vrij Vrij

-ocr page 244-

WAS. — WAT.

471

472

A E TIKE L E N.

Maatstaf.

Rechten.

WAS. Schoenmakerswas, in stukjes, als Kramerij- (Eed.) .... „ Voorwerpen van was. Zie den post Wasbeelden ....

waarde waarde

5 pet. 5 pet.

WASBEELDEN en andere voorwerpen van was, niet afzon-

ueri.ijk belast, zegelwas of lak.............

WASCHBLAL\'W of NIEUWBLATTW, blauwe stijfsel, als Stijfsel.

Renvooi, Wel 1845, en Wet 1877 ..............

WASCHKRISTAL, als Zeep. (Keel.)

WASCHMACHINES. Zie onder Machines.

WASCHMANDEN, met houten sleden, als Teen- en mandewerk.

Hes. 22 Oct. 1877, no. 25, ]r. no. 96............

WASDOEK, bij het stuk ingevoerd, in onderscheiding van tafel-kleeden. als Manufacturen, lies. 10 Maai t 1847, no. 52, V. no. 38, en Bijz. Bepaling, Wet 1850, oj) de rubriek Tapijten. „ gerand of vervaardigd als tafelkleeden, als Tapijten. Ites.

en Bijz. Bepaliny nlsvoren..............

WASHEES, Zoogenaamde —, zijnde ijzeren veerkrachtige verbin-

dingsringen, als Ijzerwerk. (Red.)..........

„ India-rubber washers, zijnde ronde schijfjes gutta-percha, als Gutta-percha, bewerkte voorwerpen van - (Eed.) . .

WASKAAESEN. Zie den post Kaarsen...........

WASSERFAEBEN. Flüssige — of „Farben, mit wasser ange-machtquot; (1), ïils Stroop. (Red.)

(1) Onder deze benaming wordt in Hesschen en vaatjes ingevoerd eene kleurstof\', welke, naar men vermeent, bestaat uit eene oplossing in water van invert-suiker, citroenzaur en eene gom- of lijmachtige stof, gekleurd met eosine en gearomatiseerd met eene aetherische olie. (Eed.)

WASSTOKKEN, als Waskaarsen; zio Kaarsen. Itenvooi, IT c,/184o. WATER. Zie Laurierwater, Mondwater, Saturnuswater en Vlekkenwater.

„ Welriekend water. Zie den post Reuk- en parfumeurswaren .....................

., Zouthoudend water is alleen aan den zout-accijns onderworpen. Zie aant. 1 op Zout............

WATERDRUKWEEKTUIGEN. Zie Kranen, Hydraulische loopkranen, met aant. 3.

WATERGLAS, onvermengd. (Red.).............

WATERGLAS COMPOSITIE. Zie onder Zeep........

WATERGLASPOEDER, bestaande uit waterglas en koolzure soda,

doch zonder vet, olie of zeep. (Eed.)............

WATEELEIDINGEN. IJzeren buizen voor —. Zie onder Ijzer, gas-

pijpen, enz...................

„ Fittings voor —. Zie Fittings.

„ Z.g. straatkoppen, afsluitkranen, kraankasten, brandkraneu en andere (1) onderdeden van waterleidingen (2). Res. 2 Aag. 1888, no. 22, V. no. 92........\'.......

(1) Ook pluggen, sluitstukken en flenzen voor zoodanige leidingen zijn als ijzerwerk belast, ofschoon zij in den handel onder den algemeenen naam van fittings begrepen zijn. Hes. 18 JYov. 1892, no. 13, 1quot;. no. 107.

(2) In de Bijz. Bepaling op den tariefpost Ijzer zijn alleen gegoten of getrokken ijzeren huizen voer waterleidingen vrijgesteld. Res. 2 Any. 1888, no. 22, V. no. 92.

WATEELEI DIXG- V ERPAKKLXGSSTIJKKEN (1) van linnen, met

vet besmeerd. (Eed.)..................

(1) Verg. hierbij Pakkingstof.

WATEEMETEES, dienende tot het meten van het voedingswater voor stoomketels, afzonderlijk ingevoerd en niet verbonden met het stoomwerktuig, waartoe zij behooren, als Instrumenten, mathematische, enz. (Eed.)..................

WATEEMOTOR met toebehooren (1), als Ijzerwerk. (Eed.) . . .

(1) Hier wordt bedoeld eene machine, geschikt om door den druk van water uit eene waterleiding kracht voort te brengen. (Eed.)

WATEEPASSEN voor timmerlieden, metselaars en dergelijke, als Gereedschappen. Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105 . . . .

waarde 5 pet.

Vrij

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

5 pet.

waarde

waarde

100 kgr.

waarde

waarde waarde

Vrij

-ocr page 245-

WAÏ. — WEK.

4:7 O

474

ARTIKELEN.

Maatstaf.

Hechten.

WATERPIJPEN. Zie a.mt. 2 op Vlampijpen.

WATERVERF. Zie onder Verf.

WATTEN. Katoenen — (1), als Katoen, ongesponnen. Renvooi,

Wet 1845 ............\'........

(1) Katoenen watten, enkel ontvet en gekamd, worden alleen in velbandwinkels on door apothekers verkocht, en algemeen vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed.)

„ Abshaubbin\'s watten, in pakjes, als Kramerrj. (Red.). . . „ Dr. von Brunsche-watten, in pakjes, als Kramerij. (Red.) . „ Verbandwatten, gewoonlijk verkocht wordende in pakken, voorzien van ótiquotten, met een rood kruis en soms gedrenkt in een desinfectiemiddel (Red.).........

„ Zijden —, als Afval van nesten; zie Zijde, ruwe, enz. Renvooi, Wet 184.\').................

WEEDASCH. Zie Asschen, potasch, enz...........

WEEDE, als Verfwaren. Renvooi, Wet 1845.

WEEFMACHINES. Jacquard —, als Fabriekswerktuigen (Red.). WEEFSELS of VLECHTWERKEN van paardenhaar, alsmede van stroo, met paardenhaar, hennep, katoen, enz. vermengd, onverschillig of zij tot hot vervaardigen of garneeren van hoeden of wel van andere kleedingstukken zijn bestemd, als Manufacturen.

Ren. 15 A ui/. 1803, no. 12, V. no. 117............

WEEG WEI! KTUIGEN. Zie onder Toestellen en onder Werktuigen.

WEENEIÏ PODDINGMEEL (1), als Aardappelenmeel-fabrikaten,

niet afz. belast. Res. 28 Mei 1886, no. 84, V. no. 49......

(1) Zie hierbij Jffcelpraeparaten.

WEICHPULVER. Z.g. —, bestaande uit soda en vetzuur, als Zeep,

harde on geparfumeerde (Red.)..............

WELLEN of ROEVEN van zink. Zie Roeven.

WELPLATEN. Zie onder Platen.............

quot; WERK. Hieronder alleen te verstaan afval van hennep. Wet 1854.

WERK van vlas. Zie Vlas, ruw, enz.............

„ van spiauter of zink. Zie den post Spiauter of zink . . .

., Garens van werk. Zie Garens van hennep, enz......

„ Manufacturen en stoffen van werk. Zie den post Manufacturen .....................

WERKDOOSJES. Houten —, als Houtwerk. Res. 26 April 1855. no. 67.

WERKHOUT. Fijn —. Zie onder Hout...........

WERKMANDJES van gevlochten spaan, stroo of riet, als Kramerij.

Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96.............

WERKTUIGEN. Zie Fabrieks-, landbouw- en stoomwerktuigen, alsmede onder Machines, onder Motoren en onder Toestellen.

„ om beerkuilen te ledigen, als Ijzerwerk. (Red.).....

„ om cokes of steenkolen te breken of te kloppen (1). Res. \'

19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105...........

(1) Zie hierbij aant. 1 op Toestellen.

„ om geschreven schrift te vermenigvuldigen (polygraphen),

naar het hoofdbestanddeel. (Red.)..........

,, tot bereiding van kunstmineraalwater, als Fabriekswerktuigen. (Red.)..................[

„ tot bepaling van hot weerstandsvermogen van papier. Res.

5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124............

„ tot het pletten en snijden van leder voor schoenmakers (z.g. schalmmachines) en dergelijke. Res. 5 Dec. 1890, no. 20, F.

no. 124.....................

„ tot het voortbrengen van kracht door verwarmde lucht (z.g. 1 Moteurs Hoek), als Fabriekswerktuigen (Red.) . . . .

„ voor bijenteelt (Red.)...............|

„ voor een stoomwasscherij en strijkinrichting, gedeeltelijk mot | handbeweging, als Fabriekswerktuigen. (Red.) . . . .

Vrij

5 pet. 5 pet.

waart, c waarde

Vrij Vrij Vrij Vrij

larde

5 pet.

100 kgr.

ƒ 2.00

100 kgr.

„ 2.00

Vrij Vrij Vrij 5 pet. Vrij

5 pet. 5 pet. Vrij

5 pet.

waarde

waarde waarde

waarde

waarde waarde

waarde

5 pet. 5 pet.

5 pet.

Vrij 5 pet.

5 pet.

Vrij Vrij

Vrij

waarde waarde

-ocr page 246-

WEU. — Whir-:.

I7f)

A RTIKELEN.

Maatstaf.

Rechten.

WERKTUIGEN. Aanzetwerktuigen (2), als Gereedschappen. (Eed.).

(2) Deze vrijstelling wordt ook toegepast op die aanzetwerktuigen, waarop een laag amaril is aangebracht. (Eed.)

Terg. bierbij Zeüensteenen en Zeisenscherpcrs.

„ Boekbinderswerktuigen, /ie Boekbinderswerktuigen. ., Brandblusch werktuigen. Zie Brandbluschgranaten en Brandbluschwerktuigen.

,, Gaskrachtwerktuigen (gasmotoren), blijkens afmetingen en inrichting kennelijk bestemd tot fabrieksgebruik, als Fabriekswerktuigen. Bes. 3 Nov. 1S76, no. 124, V. no. 112,

e)i 9 Jnli 1892, no. 4, V. no. 53............

„ Horlogemakerswerktuigen, zooals machines om raderen te snijden en af te ronden, tappen at\' te draaien, enz. Hes. 5 Beo.

1890, no. 20, T. no. 124...............

„ Luchtbevochtigingswerktuigen kunnen niet als fabrieks- of stoomwerktuigen of onderdeden daarvan worden aangemerkt.

quot;(Red.)

Petrolcum-motoren, blijkens afmetingen eu inrichting, kennelijk bestemd tot fabrieksgebruik (3), als Fabriekswerktuigen. lies. 9 Juli 1892, no. 4, V. no. 53........

(3) Petroleum-motoren, die door hunne inrichting blijkbaar uitsluitend bestemd zijn tot hot voortbewegen van vaartuigen, zijn mede vrij van invoerrecht toe te laten (o). Jics. 5 Oct. 1897, no. 68, T\'. no. 103.

(a) Zie den post Schepen, deelen van —.

„ Pietwerktuigen en piotmolens, met de hand bewogen wordende, als Gereedschappen. 22 OU. 1877, no. 25,_ V. no. 96, bevestigd bij Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105 . ., iS tempel werk tuigen om te nomineren of te folieeren. Hes.

19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105...........

,, Trawlwarpfairleader, dienende tot behandeling van visc.htuig aan boord van schepen, als Schepen, deelen van —. (Red.) ,, Waterdrukwerktuigen, Zie Kranen, Hydraulische loopkranen, met aant, 3,

„ Weegwerktuigen, Zelfwerkende —, met contragewicht, als Ijzerwerk (4), (Red.)...............

(4) Zelfs al zijn zij voor een fabriek bestemd. (Ked.)

Verg, hierbij Toestellen. Automatische —.

„ Westinghouse-remtoestellen. Zie Remtoestellen WESTON\'S TAKELS (z.g. differentiaal takels). Zie Takels. . . . WETSTEENTJES (1), als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien

waarde

post

(1) Slypsteenljes voor zeisen zijn (a), als Gereedschappen, vrij van invoerrecht. Kcs. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105.

Alsmede zciscnscherpcrs. lies. 5 Dcc. 1890, no. 20, V. no. 12i.

(a) Ronde wetstcontjes in don vorm van een ijzeren bout eu waarvan de fijnere bewerking op ander gebruik dan tot hot scherpen van zeisen duidt, zijn aan het Invoerrecht van 5 pet. der waarde onderworpen als Kramerij. (Eed.)

Platte wetsteentjes, den vorm hebbende van een langwerpig ovaal met scherp toe-loopende punten, worden als Gereeilschappen vrij ten Invoer toegelaten, (llod.1

WEVERSDISTELS of WEVERSKAARDEN. Zie Kaarden . . . WEVERSKAMMEN. Zie Fabrieks-, landbouw- en stoomwerktuigen .......................

WEVERSKLOSSEN, als onderdeelen (1) van Fabriekswerktuigen. (1) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fabricksioerkluigen. (Red.)

WEVERSMESSEN. Zie onder Messen.............

WEZELVELLEN, als Pelterijen (1); zie Huiden, vellen en leder.

Renvooi, Wet 1845.

(1) In onbereiden toestand kennelijk vrij van invoerrecht. Verg. de rubriek Huiden, vellen en leder.

WHEELER\'S PATENT WOODFILLER, eene met terpentijn bereide stof, dienende om bij het politoeren of vernissen van hout, alvorens het vernis wordt aangebracht, de poriën in het hout dicht te

maken (1), als Verfwaren, in olie gewreven (Red.).....

(1) Verg. hierbij Kallkolith.

aarde aarde

waarde

waarde

aarde aarde

-ocr page 247-

WIE. — WIJN.

477

478

i

ARTIKELEN. Maatstaf.

Rechten.

5 pet.

Vrij

5 pet. 5 pet.

Vrij

5 pet. Vrij

Vrij Vrij

Vrij Vrij

Vrij

ƒ 3.50

5 pet. Vrij

WIELBANDAGES. IJzeren — (1), voor tramweglocomotieven, als Ijzerwerk, (lied.)...................vaarde

(1) Verg. hierbij Itadbandagcs en Wielbanden.

WIELBANDEN, bestemd voor drijfwielen van locomotieven, uitsluitend daarvoor geschikt, en door limine afmetingen van gewone wielbanden en van die voor draagwielen (1) van locomotieven en andere spoorwagens te onderscheiden, als onderdeelen (2) van Stoomwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen (Red.)..................

(1) De hier genoemde banden voor draagwielen, welke in onderscheiding van banden voor drijfwielen, niet alleen voor locomotieven,

maar ook voor gewone spoorwagens zijn te gebruiken, worden als belast aangemerkt. (Red.)

(2) Zie hierbij aantt. 3 en 4 op Fahriekswerlctuigen.

,, IJzeren —, als Ijzerwerk. lies. 12 Sept. 1863, no. 26 . . . waarde

WIELEN. IJzeren —, met assen, als Ijzerwerk. (Kod.).....waarde

„ Ruw gegoten stalen wielen, onderdeelen (1) zijnde van stoomwerktuigen, als Fabriekswerktuigen. (Red.).....

(1) Zie aantt. 3 en 4 op Fahrieksiccrhtuigen.

WIELSPAKEN. Houten —, al dan niet geheel afgewerkt (1), al.-Wagenmakerswerk. Ras. 10 Nov. 1882, «o. 54, V. no. 113. . . waarde

(1) Verg. hierbij Wagenspeehen.

WIEROOK, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845.........

WIGGEN, behoorende bij het materieel voor spoorwegen, lies. 15 Januari 1880, no. 33, V. no. 6 opaenomen in aant. 1 op Spoorwegen.

quot;(3) WIJN (1) (2). Wet 1862 . .\'..............

(1) Er wordt een accijns op den wijn geheven ten bedrage van f 20.— per HL. Bovendien is voor wijn, die meer dan 21 pet. alcohol bevat by 15° C., voor dien meerderen alcohol de accijns op het gedistilleerd verschuldigd. Zie de artt. 1 en 2 der Wet van 211 Juli 1870, S. en V. no. 127; §§ 3-0 der Res. van 8 Sept. 1870, no. 50, V.

no. 128, en de Wet van 8 Mei 1875, S. no. 72, V. no. 57.

(2) Zie, nopens den vrijdom van accijns voor scheepsprovisie, art. 5 en voor handelsmonsters, aant. 2 op art. 3 dezer Tariefwet.

(3) Voor de Statistiek het aantal liters te vermelden en gesplitst op te geven den in- en uitvoer op fust en op flesschen. Zie Res. 10 Oct.

1862, no. 100, V. no. 107; 2 Nov. 1870, no. 46. V. no. 150, en 30 April 1872, no. 87, V. no. 41, § 10.

WIJN. Aalbessenwijn, het vocht, dat door persing uit de aalbes verkregen wordt, doch gegist en met suiker aangezet, is alleen aan den accijns van Wijn onderworpen. Artt. 2 en 41 der Wet van 20 Juli 1870, S. en V. no. 127, en § 6 der Res. van.

8 Sept. 1870, no. 50, F. no. 128............

„ Appel- en perendrank en vruchtenwijn. Wet en Resolutie

alsvoren.....................

,, Druivensap. Zie Druivensap.

„ Kruisbessenwijn is evenals aalbessenwijn alleen aan accijns

als Wijn onderworpen (Red.)............

„ Sagradawijn. Zie Sagradawijn.

„ Staal wijn. Zie Staalwijn.

WIJNGAARDRANKEN. Droge wijngaardranken en uitgetrokken wijnstokken zijn ten in- en doorvoer verboden, evenals wijn-gaardplanten en stekken, afkomstig uit streken, die door de phylloxera zijn aangetast. K. II. van 24 Dec. 1883, S. no. 248, F. 1884,

no. 3, art. 3. Zie aant. 11 op art. 21 dezer Tariefwet.

WIJNGEESTVE RN 1SSEN. Zie den post Gedistilleerd (1) (2) . . de HL ad

(1) De sterkte wordt geacht 90 pet. te bedragen. Zie daaromtrent, alsmede 50 pet.

nopens de berekening van recht en accijns, aantt. 1, 11 en 12 op Gedistilleerd\'.

(2) Zie mede aant. 3 op den post Gedistilleerd.

WIJN POMPEN en OVERSTEEKMACHINES worden niet onder Gereedschappen gerangschikt, maar belast naar het hoofdbestanddeel. (Red.)..................... waarde

WIJNRANK-ASCH, als Asschen, potasch, enz. Bijs. llepalinj/.

Wet 1845. Zie aant. 1 op Asschen............ —

-ocr page 248-

479

480

WOL.

WIJN. —

I

Maatstaf. i Rechten.

ARTIKELE N.

WIJNSTEEN, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845........

AVIKKELVORMEN. Houten —, dienende om in sigarenfabrieken aan het binnenwerk van sigaren den vereischten vorm te geven, als Fabriekswerktuigen. Res. 30 Dec. 1876, no. 171, F. no. 128,

en Wet 1877 .....................

WIKKEN. Zie Granen en peulvruchten..........

-WILD en GEVOGELTE (1—4), alsmede vleesch van wild . .

(1) Hieronder worden ook kwartels en duiven gerangschikt. (Eed.)

(2) Tot dezen tariefpost behoort ook ganzelever, in vcrschcn of ffczoulen toestand, evenals ganzeborsten, ganzebouten en dergelijke eetbare gedeelten van wild en gevogelte, mits niet ingelegd of bereid in luchtledige bussen of trommels, in welk geval het recht als van Koel;- cn hanketbakkerswerk geheven wordt. Hes. 21 Nov. 1884, no. 5, Tquot; no. 120.

(3) Onder Wild en gevogelte moet, watlFïM betreft, worden begrepen, uiet alleen viervoetig of harig wild, maar ook gevederd wild, zoodat het wild gevogelte reeds in de benaming van Wild is begrepen, terwijl onder het woord Gevogelte niet anders dan tam gevogelte, en dus ook kalkoenen kunnen bedoeld zijn. Arrest H. A\'., 2 Fehr. 1847, Pasier. bh. 58.

(4) Levende dieren, tot het eetbare wild en gevogelte behoorende, worden alleen dan vrij van invoerrecht toegelaten, wanneer zij bestemd zijn voor diergaarden of zoölogische, ornithologische verzamelingen, enz. — Wilde en andere dieren, zang- en pronkvogels kunnen altijd vrij van invoerrecht worden toegelaten. Zie Dieren en vogels. (Eed.)

WILD en GEVOGELTE, in luchtledige trommels of bussen bereid of ingelegd. Zie den post Koek- en hanketbakkerswerk . . .

WILGENHOUT. Zie onder Hout, waarden, enz..........

WINDASSEN, liften en hetgeen verder tot eene hydraulische inrichting behoort (1), als Ijzerwerk. (Eed.)...........

(1) Zie hierbij aant. 3 op Kranen.

WINDEN. IJzeren — voor bruggen, onderdeelen van bruggen, als

Ijzerwerk. (Eed.)..............

WINDMOTOE, een werktuig, dat evenals een windmolen wordt bewogen en dient tot het in beweging brengen van dorschmachines, pompen, tonmolens en andere inrichtingen van dien aard. (Eed.).

WINDVORMEES, als Ijzerwerk. (Eed.)...........

WISSELBRIEVEN. Formulieren voor —. Zie aant. 1 op Papier. WISSELS. Deelen van —, als Ijzer- of Staalwerk, /.Vs. 15 Januari

1880, na. 33, V. no. 0, opgenomen in aant. 1 op Spoorwegen WISSELSTUKKEN. Zie aant. 2 op Spoorwegen. WISSELTOESTELLEN voor spoorwegen, van grooter of kleiner

afmetingen, als Ijzerwerk. (Red.)............

WIT KOPEEWEEK, als Koperwerk. Renvooi, We! 1845 .... WIT- of NIKKELKOPEE, als Koper. Renvooi, Wet 1845. ■*(2) WOL (1). Schapenwol van alle soorten, zoogenaamde kunstwol daaronder begrepen. Wet 1845 en Wet 1854 .......

(1) Zie, nopens het verbod van invoer van onbewerkte wol, aant. 2 op art. 19 dezer Tariefwet.

(2) Voor de Statistiek te splitsen in;

van alle soorten lange,

„ gekamde.

Wol „ korte,

„ kunstwol,

„ afval van wol en van wollen garens.

Zie de Hes. 3U Dec. 1875, no. 8, V. no. 133, alsmede de verbetering, voorkomende achter no. 25 der Oft\'. Verz. van 1876.

Gekamd of geverfd. Wet 1862 ............

Afval van wol en van wollen garen, als Wol, schapenwol, enz. Re». 14 A iaj. 1849, no. 52, V. no. 72, en Renvooi, Wet 1854. Meer dan tweedraads getwijnde garens van wol, geverfd of

ongeverfd. Zie den post Garens...........

Andere wollen garens. Zie onder Garens van wol en sajet.

Gestampte slakkenwol, uit hoogovens. (Eed.)......

Bremerhaar, poil de Brcme, ook genoemd lange Bremer of Oostfnesche schapenwol, als Wol, schapenwol, enz. Res. 12 Januari 1830, no. 137, V. no. 12...........

waarde

100 kgr. waarde waarde

waarde

5

pet.

waarde

5

pet.

waarde

5

pet.

waarde

5

pet.

waarde waarde

waarde

Vrij

-ocr page 249-

WOL. _ ZAA.

481

482

A K ï 1 K E L E N.

Maaïstai\'. ; Rechten.

1

WOLFSVELLEN, als Pelterijen (1); zie Huiden, vellen en leder.

Renvooi, Wet 1845.

(1) In onbereiden toestand kennelijk vrij van invoerrecht. Verg. de rubriek 1 Huiden, vellen en leder.

WOLLEN DAMAST, als Manufacturen. Renvooi, Wcf 1846 . . . waa\'de

WOLLEN LOMPEN. Zie Lompen............. —

WOLLEN MANUFACTUEEN en STOFFEN. Zie den post Manufacturen ...................... waaide

WONDERZALF. Zoogenaamde wonderzalf, in potjes, als niet verkocht wordende in galanterie- en dergelijke winkels, noch door rondtrekkende marskramers (1). (Eed.)........... —

(1) Verg. hierbij aant. 7 op den post Kramer ij.

WOOLLOCK (1), niet gemanufactureerd, maar enkel ruw en ouhe-arbeid koehaar, tot vellen of lappen in elkaar geperst, als Haar van alle soorten, onbewerkt. Rets. 3 Dec. 1824, no. 51, V. no. 177. ](1) Bij de res. van 28 Dec. 1825, no. 219, V. uo. 17-t, is medegedeeld, dat de benaming woollock ook gegeven wordt aan scheepsbekleedingsvilt. In dat geval behoort de ingevoerde stof onder Manufacturen gerangschikt te worden, volgens de res. van 14 April 1886, no. 7. V. no. 39. Zie hierbij ook aant. 1 op Asphalt.

WOEMPATRONEN, in kleine verpakking, als Kramery (1). (Eed.). waarde

(1) Voor rangschikking onder Suikerbaklcerswcrk (zie den post Koek- en ban-ketbakkerswerk) bestaat naar men vermeent geen aanleiding, daar het artikel,

hoewel veel suiker bevattende, geen lekkernij maar medicijn is. (Eed.)

WORST. Zie den post Vleesch van alle soorten, enz.:

versch of gezouten................100 kgr.

gerookt of gedroogd................100 kgr.

WORST, in luchtledige trommels of bussen, als Koek- en banket-

bakkerswerk. (Red.)...............100 kgr.

„ Erwtenworst. Zie Erwtensoeptabletten.

WORSTSTOPMACHINES, met handbeweging. Res. 5 Dec. 18\'. »0, no. 20,

V. no. 124...................... waarde

WOETELSNIJDEES, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. B. van G Oct. 1862, S. no. 179, V. no. 101, art. 1,

en Wet 1877 .....................

WEIJFMACHINES. Amandel —. Res. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124. waarde

WRINGLTZERS. (Red.).................. waarde

WEINGMACHINES, die met de hand bewogen worden, als Gereedschappen. Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105.......

XYLID1N, als Olie, niet afz. belast. De Fiscus no. 432, blz. 145 . . 100 kgr. XYLOL1TH (Steinholz), zijnde geperste platen van houtzaagsel (1), als Houtwerk. (Eed.)................. waarde

(1) Zie, nopens de vervaardiging van Xytolith, aant. 8 op Platen.

YORKSHIRE RELISH, als Sausen; zie Koek- en banketbak-kerswerk. (Red.)...................100 kgr.

ZAAD, vervalt. Wet 1877 .................. —

-ZAAD, Ajuinzaad en alle andere hof-, bloem- en tuinzaden. Wet 1862. —

„ quot;Alpistcr- of kanariezaad. Wet 1862 .......... —

„ Anijszaad, als Drogerijen. Renvooi, Wet 1845 ...... —

„ Beetwortelzaad, als Zaad, klaver- en spurriezaad. Res. 30

April 1862, no. 118, V. no. 45............ —

„ *Coprah is vrij van invoerrecht blijkens de van Eegeerings- |

wege uitgegeven Statistiek (1)............ —

„ *Graszaad. Wet 1854................ —

„ *Klaver- en spurriezaad. Wet 1862 ..........i —

„ *(3) Kool-, raap-, lijn-, krok-, deder-en hennepzaad en andere

niet genoemde oliezaden. Wel 1877 ..........

„ \'quot;Mosterdzaad. Wet 1862, en Res. 31 Oct. 1802, no. 39, V.

no. 120.....................

(1) Volgens t/e Fiscus no. 183, blz. 253, is coprah, bestemd voor olielabrieken,

vrij van invoerrecht, terwijl gedroogde of gemalen kokosnoot voor pasteibakkers.

5 pet. Vrij

5 pet. Vrij

-ocr page 250-

ZAK.

484

483

ZAA. —

A K T I K E L E N.

mede bekend onder de benaming eoprah, belast is als Vrachten, alle versche, enz. met 5 pet der waarde.

(2) Voor de Statistiek te splitsen in:

Zaad. kool- en raapzaad en alle andere niet afzonderlijk genoemde oliezaden. .. lijnzaad;

„ krok- en dederzaad; en „ hennepzaad.

Zie Kes. 13 Januari 1863, no. 68, V. no. 2ü.

Wat de Statistiek van den invoer betreft, de hoeveelheid per hectoliter op te geven. (Ked.)

ZAAG BANKEN. Lint —, niet handbeweging. Jle*. 5 Dcc. 1890, no. 20,

F. no. 124......................

ZAAGBLADEN, tot liet zagen van staal en ijzer, als Gereedschappen. Res. •quot;) ]gt;lt;\'(■. 1890, no. 20, V. no. 124..........

ZAAGJES voor goud- en zilversmeden (1), horlogemakers, enz., als Gereedschappen. Bes. 1!) Nov. 1886, no. 15, V. vo. 105 ....

(1) Ook z.g. loofzaagjes voor goud- en zilversmeden worden vrij van invoerrecht toegelaten. (Eed.)

ZAAGMACHINES en LINTZAAGSCHERPMACHINES. Zie onder Machines

ZAA1LI.TNZAAD, als Lijnzaad; zie onder Zaad, koolzaad, enz.

Renvooi, W i t 1845, en Wet 1877 ..............

ZAAI WERKTUIGEN, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. K. Ti. (1 Oct. 1862, S. no. 179, V. no. 101, art. 1, en

Wet 1877 ......................

ZAALBLOKKEN. Smidsstuik- of —, als Gereedschappen. Res. 22 Get. 1877, no. 25, V. no. 96, bevestigd bij Res. 19 Nov. 1886,

no. 15, V. no. 105...................

ZAALLEDER. Tuig- of zaalleder. Zie onder Huiden, vellen en

leder, zooileder, enz...................

ZADELMAKERSWERK. Zie den post Huiden, vellen en leder.

ZAGEN (1), als Gereedschappen. (Red.)..........

„ Lintzagen, niet uitsluitend voor fabrieken, doch ook voor ander gebruik geschikt, kunnen noch tot de vrijgestelde werktuigen noch tot de onbelaste gereedschappen geacht

worden te behooren. (Red.).............

„ Verstekzagen. Res. 5 Dec. 1890, no. 20, V. no. 124 . . . .

(1) Zie, nopens doezen met benoodigdheden voor de figuurzagerij, het artikel Doozen.

ZAKALMANAKKEN. Zie Almanakken...........

ZAKJES. Tabaks- of andere zakjes, versierd met valsche paarlen of koralen, als Modewaren. Res. 21 Maart 1828, no. 201, V. no. 70. ZAKJES. Versierde zakjes of banden, — papier om die daaruit te vervaardigen —, al zijn daarop door steendruk of op andere wijze liguren, beeldjes of soortgelijke versieringen aangebracht (1), als Papier, pakpapier. Res. 20 Mei 1887, na. 58, V. no. 46, m (i Fehr. 1889, no. 6, V. no. 13..................

(1) Zie hierbij de aantt. op den post Papier.

ZAKKEN voor zinkwitfabrieken, tot geleiding en opvanging van het zinkwit, mits van gewone zakken voldoende te onderscheiden, en er omtrent de uitsluitende bestemming voor fabrieksgebruik geen twijfel bestaat, als onderdeelen (1) van Fabriekswerktuigen. Res. 7 Maart 1883, nn. 11, V. no. 27. „ Builzakken. Zie Builzakken.

„ Lederen zakken of overtrekken, bestemd tot overdekking van deelon van fabriekswerktuigen, als Lederwerk; zie

onder Huiden, vellen en leder. (Red.)........

„ Linnen zakken, als Manufacturen. Renvooi, Wet 1845 . . „ Linnen zakken. Gebruikte — (1). Zie art. 6, lett. lt;j. dezer Tariefwet . ...................

(1) Zie, nopens nieuwe zakken, bestemd om hier te lande te worden gevuld en daarna weder te worden uitgevoerd, aant. 1 op Km-iKilIage.

Maatstaf.

waarde

waarde

waarde waarde

waarde

waarde

Vrij

waarde 5 pet. waarde 5 pet.

- ! Vrij

-ocr page 251-

ZAK. — ZEE.

485

480

I

AKÏIKELE N.

Maatstaf.

Kuchten.

Res. 4 Juli 188:!, no. 25, stoommeelfabrieken.

of door 3i!

Vrij Vrij

Vrij

Vrij

Br

Vrij

100 kgr.

f 25.00

Vrij Vrij

waarde waarde

5 pet. Vrij 5 pet. Vrij Vrij Vrij

Vrij Vrij 5 pet.

Vrij

Vrij

Vrij

waarde

Zie aant. 12, met noot

op

Vrij

Vrij

f 4 00 „ 2.00 „ 1.00

100 kgr. 100 kgr. 100 kgr

ZAKKEN. Perszakken. Zie Perszakken.

„ Stootzakken voor scheepsgebruik.

V. no. 68..........

ZAKKENKEINIGINGSMACHINES voor

Fiscus no. 443, hh. 253 ...........

ZALF, in doosjes en potjes, niet in galanteriewinkel;

kramers verkocht wordende (1). (Red.).......

„ Holloway-pillen en zalf, in doosjes en potjes. (Eed.) . . . (1) Op gelyken grond wordt ook z.g. wonderzalf vrij van invoerrecht toegelaten. (Bed.)

Zulf van hc.1 Roode Kruis, in kleine verpakking, wordt belast als Kraincrij, daar dit artikel in de verpakking, waarin het wordt ingevoerd, ook wordt verkocht in galanterie- en dergelijke winkels. Zie hierbij aant. 7 op den post Kramer ij, (Eed.)

ZALM, als Visch, allerhande, enz. Renvooi, Wet 1845 ......

ZALM, ANSJOVIS, KABELJAUW, enz., mot zout gekookt, in pekel, olie of azijn ingelegd of op elke andere soortgelijke wijs bereid, al geschiedt de invoer ook in Hesschen, vaatjes, bussen of dergelijke niet luchtledige verpakking (1) (2), als Koek- en banket-bakkerswerk. Res. 25 Fcbr. 1887, na. 70, V. no. IT......

(1) Zie hierbij aantt. 6 en 13 op den post Koek- en banketbakkerswerk.

(2) Verg., nopens ingelegde zalm, mede res. 17 Maart 1849, no. 18, V. no. 30.

SZANI) is vrij van invoerrecht, blijkens de van Eegeeringswege uitgegeven Statistiek. (Eed.)..............

„ Gietzand. Zie onder Aarde, ijzeraarde, enz........

„ Goudzand of ander zand, indoosjes, busjes, potjes of fleschjes, als Kramerij. lies. 27 Dec. i8G2, nn. 65, V. 1863,

no. 11.................

„ „ op andere wijze ingevoerd. lies. alsvoren ....

ZANDPAPIÉ1!, als Kramerij. Zie de JBijz. Bepaling op dien post. ZANDSTEEN. Zie Steen, ongebakken. Renvooi, Wet 1845 ....

„ Gemalen —. (Eed.)................

ZANG- of PEONKVOGELS (1). Res. 14 Aug. 1860, «o. 40, V. no. 118.

(IJ Zie hierbij aant. 4 op Wild en Gevogelte.

ZEEDIEEENVELLEN. Onbereide — Zie Huiden, vellen en leder,

onbereide vellen van robben, enz...........

„ Bereide - . Zie Huiden, vellen en leder, bereide, enz. . ZEEPBLADEN, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dien post. ., Houten omvatsels voor zeefbladen. Zie Houten omvatsels.

ZEEFSEL VAN CACAO. Zie Cacao............

ZEEPTEN. Zie Melkzeeften.

ZEEPTENKLEEDEN. Zie Buil- en zeeftenkleeden......

quot;\'ZEEGEAS EN ALPA (1), blijkens de van Eegeeringswege uitgegeven Statistiek....................

(1) Alfa of Alfagras kan zonder betaling van invoerrecht worden toegelaten krachtens res. van 18 Juli 1868, no. 57, V. no. 83. Zie hierbij aant. 2 op Plan-tenhaar.

ZEEHONDEVELLEN. Bereide —.

Huiden, vellen en leder. (Eed.)

ZEEKAAETEN. Zie Kaarten, land- en zeekaarten.......

ZEEKALFSVELLEN. Bereide —. Zie aant. 12, met noot a, op

Huiden, vellen en leder. (Eed.)

ZEEMLEUEE en ZEEMENLAPPEN, als Huiden, vellen en leder, bereide. Ren. 18 Dee. 1862, no. 91, \\r. no. 144, en aant. 10 op Huiden, vellen en leder................

-ZEEF (1) (2). Geparfumeerde (3) (4) zeep ex teansparentzeep (5).

„ quot;andere harde .................

„ quot;andere zachte.................

Zeeppoeder wordt gelijkgesteld met harde zeep (6) (7). Art. 3 iler Wet van 27 Sept. 1892, lt;S\'. no. 225, V. no. 109.

(1) Zie, nopens den vrijdom van invoerrecht voor scheepsprovisie, art. 5 dezcr ïariefwet.

-ocr page 252-

ZEE.

487

4SS

A K Ï IKE Ij E N.

Maatstaf.

Rechten.

(2) Omtrent de tarifieering vau doosjes, mandjes, enz., gevuld met parfumerieën of stukjes zeep, zijn voorschriften gegeven by de res. van 5 Januari 1872, no. 40, opgenomen in aant. i op Beuk- en parfumcurswarcn.

(3) Het is onverschillig of de zeep met dure of goedkoope speciën is geparfumeerd. (Ked.)

(4) Zie, nopens de vraag, wat als geparfumeerde zeep moet worden aangemerkt, het arrest van het Gerechtshof te \'s-Gravenhaye van 1 Juni 1893, opgenomen in Weekblad no. 1100. Yerg mede no. 1073 van dat blad.

(5) Transparentzeep is, onverschillig of zij al dan niet geparfumeerd of met alcohol of suiker bereid is, steeds belast met een invoerrecht van f 4.— de 100 kgr. Rcs. 4 April 1893, no. 53, V, no. 28.

(0) Geparfumeerd zeeppoeder is dus belast met f 4.— en ongeparfumeerd met ƒ 2. — de 100 kgr.

(7) Blijkens de overigens vervallen res. van 27 Februari 1852, no. 35, V. no. 30, bestaat Pourbérine, poudre économiqwe pour Ie lavage du linge saus savon, uit witte zeeppoeder, vermengd met onderkoolzure soda, en heeft dit zeeppoeder, van het vermengde zout afgescheiden, in alle opzichten dezelfde eigenschappen als harde witte sodazeep.

ZEEP. Amaiidelzeep, als Zeep, geparfumeerde. (Ked.)......

„ Brooke\'s soap bevat zeer weinig (minder dan 5 pet.) werkelijke zeep, doch veel puimsteenpoeder eu wordt, ook met het oog op de verpakking en de wijze van verkoop, (7a)

belast als Kramerij. (Ked.).............

„ Creoline, het ouder dien naam bekende reinigingsmiddel in vasten vorm (creolinezeep) (8), als Zeep, ongeparfumeerde. Res. 4 Fehr. 1889, vo. 52, V. no. 11, en W Aug. 1889, no. 6, V.nn. 89.

„ Dry soap, in pakjes (7a), als Kramerij. (Ked.).....

„ Electra, een waschmiddel. voornamelijk bestaande uit waterglas, koolzure soda en 8 a 10 pet. zeep, als Zeeppoeder;

zie Zeep. (Ked.).................

,, Fleckenreiniger, vervaardigd uit oleïne en natron, als Zeep,

harde. (Eed.)...................

„ Harszeep, vervaardigd uit gewone hars, met zetmeel opgelost in soda, zonder alcohol en dienende om papier te lijmen. (Ked.) „ .Toruzalemsche —, als Zeep, harde. Bes. 19 Maart 1863, no. 77. V. no. 58.

„ Lessive Phenix, een waschmiddel, in pakjes van 1 kgr., als

Kramerij (9). (Red.)...............

„ Liquid-soap, zijnde een met soda bereid afkooksel van beenderen, zonder alcohol en bestaande uit lijmstof, benevens

een weinig zeep. (Ked.)..............

„ Noten- of Bandazeep (10), als Drogerijen. Res. 4 Juni 1SG3,

no. 77, V. no. 95 (11)...............

„ Oleïne-soap, als Zeep, ongeparfumeerde. (Ked.)

„ Savon jodó, eene gestolde oplossing van natronzeep in alcohol, vermengd met jodkalium, als Gedistilleerd, alle verdere dergelijke uit of met alcohol bereide stoflTen (12). (Red.) „ Silversoap, als Zeep, ongeparfumeerde.

„ Soapstock, afval van ruwe katoenpittenolie, bevattende eene ruime hoeveelheid door soda verzeepte olie, als Zeep. (Red.) „ Sodazeep, softening, een vetstof, dienende tot appretuur van katoenen stoffen en niet tot het wasschen van garens, als Zeep. (Red.)

., Soluble oil, bestaande uit gezuiverd oleïne-zuur, met potasch en soda tot eene heldere oplossing gebracht, als Zeep. (Red.) „ Sunlight soap, als zeep, ongeparfumeerde. Arrest Gerechtshof \'s-Gh-avenhage van 1 Juni 1893. (Zie Weekblad no. 1100; verg.

mede no. 1073 van dat blad)............

„ Tallowine, ongeschikt voor huishoudelijk gebruik, doch gebezigd in katoendrukkerijen, als Zeep, ongeparfumeerde. (Red.) „ Volzeep, als Zeep, harde ongeparfumeerde. (Red.) .... „ Waschkristal, als Zeep. (Red.)

„ Waterglas compositie of Witte kunstzeep, een waschmiddel, dat hoofdzakelijk bestaat uit eene in brijachtigen toestand gebrachte oplossing van soda-waterglas, met chloornatrium en eenige percenten vetzure alcali, als Zeep, harde. (Red.)

4.00

100 kgr.

waarde i 5 pet.

100 kgr. / 2.00 waarde 5 pet.

100 kgr. ! ƒ 2.00 100 kgr. ^ „ 2.00 Vrij

5 pet.

Vrij Vrij

waarde

2.00 „ 2.00

100 kgr.

100 kgr.

100 kgr. I „ 2.00

-ocr page 253-

ZEE. — ZIJD.

490

ARTIKELEN.

ZEEP. Weichpulver. Z.g. —. bestaande uit soda en vetzuur, als Zeep,

harde ongeparfumeerde. (Ked.)..............

(7a) Verg. aantt. 1 en 7 op den post Kramcrij.

(8) Dit artikel bestaat voor één derde uit harde zeep en verder nit zwaar steenkolenleer, bevrijd van zijn gehalte aan creosoot en carbolzuur, en dient volgens aankondiging in de dagbladen, enz., als reinigingsmiddel. (Ked.)

Zie, nopens creoline, in vloeibaren vorm, en creolincpocder, het artikel Creoline. Over creoline vindt men beschouwingen onder de rubriek „ Warenkennisquot; in no. 944 van het Weekblad en no. 8 van „rfc Fiscus.quot;

(9) Bij invoer in grootere pakken, bijv. van 10 kgr., is het artikel vrij van invoerrecht toe te laten. (Eed.)

(10) Hier wordt bedoeld het vet, dat door behandeling met heeten waterdamp uit de muscaatnoot wordt verkregen, en waaraan in den handel den naam van noten- of bandazeep gegeven wordt. Jtes. alsvoren.

(11) Gelijkluidende beslissing werd gegeven bij res. van 12 Juli 1833, no. 59, V. no. 122.

(12) Zie hierbij de Bljz. Bepaling op den post Gedistilleerd.

\'/.EEPBLAAD.IES, zijnde blaadjes papier met geparfumeerde zeep belegd en doortrokken, die in den vorm van boekjes, scheurkalenders en dergelijke in galanteriewinkels te koop worden aangeboden, als Kramerij. i?es. 6 Mei 1882, no. 68, F. no. 48 . . .

ZÈEPHOUT. Zie Panamahout..............

ZEEPLOOG. Hagemans geconcentreerde —. Zie Caustieke soda. ZEEPPOEDER. Zie den post. Zeep.

ZEEPZIEDEKS-ASCH. Zie onder Asschen..........

ZEEVISCH. Zie onder Visch, allerhande, enz.........

ZEEVISCH-HORENS (1), als Horens of punten van horens. Renvooi, Wet 1854 ......................

(1) Over hetgeen onder zcerischhorcns is te verstaan, kan de overigens vervallen res. van 11 Dec. 1833, no. 7G, V. 1834, no. 32, geraadpleegd worden.

ZEEWATER is als Pekel alleen aan accijns onderworpen. Zie

aant. 1 op Zout....................

ZEGELGAREN. Zie onder Garens van hennep, vlas of werk. . .

ZEGELLAK. Zie den post Wasbeelden...........

ZEGELWAS. Zie den post Wasbeelden...........

ZEGENSTEENEN van gebakken aarde, als Vischwant. T\'cs. 16 Oct.

1851, no. 3......................

ZEILDOEK van alle soorten. Zie den post Manufacturen .... ZEILEN. Brandzeilen en reddingszeilen. Zie Brandzeilen.

„ (1) Gemaakte scheepszeilen. Res. 22 Oct. 1877, no. 25. V. no. 96. (li Blijkens de bewoordingen der res. van 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 9Ggt; moeten scheepszeilen voor de Statistiek gerangschikt worden onder Goederen, alle andere,

ZEILGAREN. Zie onder Garens van hennep, vlas of werk . . .

ZEILKOUSEN. IJzeren —, als Ijzerwerk. (Red.).......

ZEISEN, als Gereedschappen. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96,

bevestigd bij Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105.......

ZEISENSCHÉRPERS (1), als Gereedschappen. Res. 5 Dec. 1890,

no. 20, V. no. 124...................

(1) Zie hierbij Aansctwerktiiiyen.

ZEISENSTEENEN. Slijpsteentjes (1) voor zeisen, als Gereedschappen.

Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105............

(1) Verg. de Bijz. Bepaling op den post Kramerij, alsmede . lanzetioerHuigen.

ZEMELEN. Zie onder Granen, brood, enz...........

ZEPHYRLAKEN, als Manufacturen van wol. Renvooi, Wet 1845 .

ZERKEN, als Steen, ongebakken. Renvooi, Wet 1845 ......

ZEVEN, als Kramerij. Zie de Bijz. Bepaling op dieu post ....

„ behoorende bij stoomdorschmachines. (Red.)......

ZICHTEN, als Gereedschappen. Res. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 96, bevestigd bij Res. 19 Nov. 1886, no. 15, V. no. 105.......

quot;(3) ZIJDE, GEWERKTE, ALS NAAI-, STIK- EX FLORETZIJDE (1) (2), vervalt.

Wet 1877.................. ....

(1) Zie, nopens floretzijde, de ros. van 21 Jlei 187U, no. 11, V. no 73.

Maatstaf.

1C0 kgr.

waarde

waarde waarde

waarde

waarde waarde

-ocr page 254-

ZIJD. — ZOU.

492

491

|

Maatstaf. Hechten.

AETIKELE N.

(2) Onder de vrijgestelde gewerkte naai-, stik- en floretzijde zijn natuurlijk niet te begrijpen zijden manufaclvren en «taffen. Hes. (! Juni 1877, no. 71, V. no. 54.

(3) Voor de Stat. van den invoel\' naar de waarde op te geven. (Eed.) -ZIJDE, ruwe (4) en onbewerkte, afval van nesten, organsin en trains

en ruwe tweern. Wet 1854 en Res. 10 Oct. 1862, no. 105, V. no.105.

(1) liuwe floretzijde werd bij res. van 27 Maart 18C7, no. 5. V. no. 44, vrij van ! invoerrecht verklaard, en alle nnyeverfdr bij res. van (J Dec. 1872, no. 4ü, V. no. 121;.

ZIJDEX MAXTFACTUKEN en STOFFEN. Zie den post Manufac

waarde waarde waarde

waarde

waarde waarde

waarde waarde

waarde waarde

turen.

ZILVER. Zie Goud en zilver.

ZILVERDRAAD. Zie den post Goud- en zilverwerk.....

„ gepareld, als gewoon Zilverdraad; zie Goud- en zilverwerk (1). 7,Vs. 5 Maart 1888, no. 49, V. no. 31......

5 pet.

Vrij

Vrij Vrij 5 pet.

Vrij 5 pet.

waarde waarde

waarde

5 pet. Vrij

(1) (Jok op katoen gesponnen zilverdraad wordt aldus belast. (Red.)

„ op zijde gesponnen of bewerkt, als Passementwerk; zie Manufacturen. Verg. de tweede Hij.:. Bepaling op den post

Goud- en zilverwerk...............

„ Zoogenaamd nieuw zilverdraad, als Koperdraad; zie Koper, geslagen, enz. Ttes. 28 April 1860, «o. 72, V. na. 02, en Wet 1877. ZILVEREN PLATEN. Zie onder Platen.

ZILVEREN KEEPEN, op ongelijke dikte geplet en bestemd om daaruit lepels en vorken te vervaardigen. J\'es. 18 Nov. 1802, no. 102 .

ZILVERERTS. Zie Goud- en zilvererts...........

ZILVERGLID. Zie Goud- en zilverglid...........

ZILVERPAPIER. Fijn goud- en zilverpapier (chitspapier), als Papier.

lies. 15 Fehr. 1855, no. 129, 1\'. no. 14............

ZILVERPOEDER. Zio onder Poeder.

ZILVERWERK en gedeeltelijk voltooid zilverwerk. Zie den post

Goud- en zilverwerk.................

ZINK, geplet, platen en bladen, draad, bouten en spijkers. Zie

Spiauter of zink................

„ ruw. Zie Spiauter of zink.............

„ Erts. Zie Spiauter of zink.............

„ Geplette roeven of lijsten van zink, met omgebogen kanten, als Zinkwerk; zie Spiauter of zink. Res. 8 Nov. 1861, no. 58. „ Werk of gereedschappen, al of niet verlakt of geschilderd (1). Zie den post Spiauter of zink...........

(1) Landbouwgereedschappen van spiauter of zink zijn vrij van invoerrecht. Zie den post Gereedschappen, benevens aant, 4 aldaar.

ZINKEN BLOKKEN. Zie aant. 2 op Spiauter of zink.

„ BUSSEN, al zijn ze bestemd voor een z.g. duivel, worden niet • als Fabriekswerktuigen, maar als Zinkwerk beschouwd. (Eed.) „ DRUKPLATEN. Zie Drukplaten.

„ LOZANGES, gebezigd tot dakbedekking, als Zinkwerk;

zie Spiauter of zink. (Eed.)............

„ PLATEN. Zie onder Platen.

„ SATINEERPLATEN, ten dienste eener papierfabriek. (Rod.) „ WELLEN of ROEVEN. Zie Roeven.

ZINKGRIJS. Zie Zinkwit................

Z1NKSTEEN. Zie Steen, klip- of zinksteen..........

ZINKWERK. Zie Spiauter of zink............

«ZINKWIT en ZINKGRIJS. Wet 1862............

ZOEKLICHTEN. Zie Projecteurs.............

ZOET-AARDAPPELENMEEL, in vasten toestand, als Druiven-suiker, en, in vloeibaren toestand, als Aardappelenstroop. (Red.) ZOETHOUT, als Drogerijen. Rcs. 17 Aug. 1841, no. 131, F. no. 180,

en Renvooi, Wel 1845................

„ van Bayonne. Zie de aant. op Medicinaalhout.....

ZOOLLEDER. Zie onder Huiden, vellen en leder.......

ZOOLTJES. Kurken —, bekleed met vilt, als Manufacturen. (Red.) ZOUSBINTEN. Zie IJzeren binten.............

-ocr page 255-

ZOU.

493

494

I

ARTIKELE N.

«ZOUT, GERAFFINEERD (1—13) EN KEETSPEK (1). Art. 84 der IVCt VCIU 27 Sept. 1892, S. no, 227, V, no. 111..........

„ -ruw (1) (3) (o—13). Wet 1850 ............

(1) Van geraffineerd zont en kertsvek wordt bij invoer geen accijns geheven. Voor ruw zont is een accyns verschuldigd van ƒ3.— per 100 kgr. Bij invoer

van zouthoudend water is die accijns mede verschuldigd voor het daarin aanwezige zout. Zie art. 1 der wet van 27 Sept. 1892, S. no. 227, V. no. 111.

Krachtens art. 85 dier wet kunnen chloornatrium bevattende stoffen by Kon. besluit aan een invoerrecht onderworpen worden in verhouding tot de belasting van de hoeveelheid zout, die daaruit is te verkrijgen.

Zie, nopens den vrijdom van Invoerrecht en accijns voor scheepsprovisie, art. 5 dezer Tariefwet.

Overigens kan alleen vrijdom genoten worden van accijns ingevolge art. 74 der meergenoemde wet van 1892. Er kan dus geen vrijdom verleend worden voor het van buitenslands ingevoerde geraffineerde zout.

(2) Barmenit wordt belast als geraffineerd zout. (Red.)

Alsmede antisepticuni, een poeder, geschikt tot het conserveeren van voedingsmiddelen en grootendeels bestaande uit zwaveligzure natron. (Red.)

(3) Zout, fijner en blanker dan het door den Min. van Fin. vast te stellen standmonster, wordt bij invoer als geraffineerd zout aangemerkt en belast {a).

Voor niet geraffineerd zout, bestemd voor vrijdomgenietenden, kan de Min. van Fin. onder de noodige voorwaarden uitzondering hierop toelaten. Art. 2 der wet van 27 Sept. 1892, no. 227, V. no. 111.

(n) Een exemplaar van het bedoelde standmonster wordt, ook ter bezichtiging door belanghebbenden, nedergelegd op de kantoren der ontvangers op de losplaatsen. Het standmonster dient voor alle soorten van ruw zont. Voor de gelijkstelling met geraffineerd bestaat alleen dan grond, wanneer het zout blanker en tevens fijner is. § 2 der res. van 4 April 1893, no. 55, V. no. 30.

(4) Jannasch conservezout {a) en conservepoeder {h) van Dr. R \'tiger worden als geraffineerd zout belast. (Red.)

Alsmede preservitas, een bederfwerend zout, voornamelijk dienende tot het conserveeren van vleesch. (Red.)

Het conservezout, dienende tot conserveering van boter en visch en bestaande uit bijna zuiver boriumzuur, wordt vrij ten invoer toegelaten. (Red.)

Evenzoo conserve-klcezout (kleesalz), een vergift, bestaande uit zuringzure of oxalzure potasch. (Red.)

{a) Dit zout bestaat uit borax, salpeter en chloornatrium. (Red.)

{b) Het hierbedoelde conservepoeder is een mengsel van gelijke deelen borax, salpeter en chloornatrium. (Red.)

i5) Badzout wordt vrij van invoerrecht en accijns toegelaten (Red.)

(C) Onder zout wordt gerangschikt een mengsel van zout, met lijn gemalen hoeven, dienende tot harding van staal. (Red.)

Als ruw zout wordt ook belast eene poedervormige stof, welke in den handel bekend is onder den naam van soda, kali, alkali, enz. en door bleekers wordt gebruikt, wanneer namelijk die stof een aanzienlijk (75 pet. en meer) chloor-natrium-gehalte heeft; anders wordt zij geheel vrij van belasting toegelaten. (Red.)

(7) Anhydrid, zijnde afval van Wnrtemhergsch mijnzout, komt voor als een grijs poeder, vermengd met zoutkristallen, chloornatrium en watervrije zwavelzure kalk, en wordt bij invoer onderworpen aan den accijns als ruw zout. (Red.)

Liksteenen moeten blijkbaar ook onder ruw zout worden gerangschikt. Zie dat arlikel, alsmede Zoutrollen.

(8) Antikesselsteinsalz wordt als vrij goed beschouwd. (Red.)

(9) Chloormagnesiumhoudend kalizout, bestaande uit chloormagnesium, gips, water, chloorkalium en chloornatrium, bekend onder den naam van Abrauvizout, en bestemd voor het bestrooien van tramwegen, bruggen, enz., is niet aan den accijns van zout onderworpen, en wordt ook vrij van invoerrecht toegelaten (Red.)

(10) Chloorsodium, een soort van zout, afvallende bij de verwerking van Chilisalpeter tot gewone salpeter, en bestemd tot gebruik in de sodafabrieken, is vrij van invoerrecht, doch aan den accijns van ruw zout onderworpen. Bes. 21 Januari 1865, no. 95, V no. 10.

(11) Düngesalz wordt, evenals Kreuznacher Sa/z of Kreuznacher Mutterlauge Salz, een geneesmiddel, vrij van invoerrecht en accijns toegelaten. (Red.)

Set a blanchir, zijnde zuringzure soda, en sprudelzout in fleschjes, niet in galanterie- of dergelijke winkels noch door marskramers verkocht wordende, kunnen mede vrij ten invoer worden toegelaten. (Red.)

(12) Gefrierzout, bestaande uit chloormagnesium, chloornatrium, chloorkalium en water, wordt onder de Chemicaliën gerangschikt. (Red.)

(13) Zie, nopens den doorvoer van zout, aant. 2 op art. 22 dezer Tariefwet. ZOT\'Ï. Potaschzout, als Chemicaliën. Renvooi, Wet 1845.....

,, Sodazout, als Soda; zie onder Asschen. lies. 9 Juni 1859, no. 135....................

Maatstaf. Rechten

100 kgr.

f 4.00

Vrij

Vrij

Vrij Ifi*

-ocr page 256-

ZOU. — ZWIJ.

406

405

A R T I K E L E N.

ZOUÏBRIQUEÏTEN (1) (2), als Zout, ruw. (Eed.).......

(1) Z.g. Zoutbriquetten van geperst mijnzout bevatten grooteiuleels chloornatrium en verder een weinig van eene donker gekleurde en ijzerhoudende kleisoort. (Red.)

(\'2) Zie, nopens den accijns, aant. 1 op Zout,

ZOUTEN. Azijnzure zouten (acetaten), andere dan natrium acetaat en calcium acetaat, lies. 17 Mri 1889, no. 4, V. ito, 52, § 15. „ Bronzouten (Vichy- en ander dergelijk zout), in fleschjes verpakt en van étiquetten, alsmede van gebruiksaanwijzingen

voorzien, (lïed.)..................

ZOUTHOUDEND water is alleen aan den zout-accijns onderworpen.

Zie aant. 1 op Zout..................

ZOl\'TKEET-ASCH. Zie onder Asschen, zeepzieders-asch, enz. . .

ZOUTROLLEN (1), als Zout, geraffineerd. (Red.).......

(1) Do daarbij behoorende hangers zijn aan oen invoerrecht van 5 pet. der waarde onderworpen. (Bed.)

Yorg. hierbij Likstecncn,

ZOUTZUUR, als Chemicaliën. Renvooi, Wel 1822 ....._ . .

ZUCKER. Saccharin-zucker en Vanillin-zucker. Zie aant. 6 op Suiker.

ZUCKEKIN. Zie aant. 3 op Saccharine...........

ZUIGER VEEREN van ijzer en staal, als Fabriekswerktuigen. (Red.). ZUJG- en PERSPOMPEN. IJzeren —, niet de hand bewogen wordende, als Ijzerwerk. (Red.)..............

ZUILEN. IJzeren —, al zijn die ook voor een fabriek bestemd, als

Ijzerwerk. (Red.)...................

ZUIVERINGS WERKTUIGEN, als Landbouwwerktuigen; zie Fabriekswerktuigen. JC, B, 6 Oei. 1862, S. no. 170, V, no, 101,

art. 1, en Wet 1877 ..................

ZURINGZOUT, als Drogerijen, lies, 6 Mei 1828, no, 1, V. no. 86. ZUURKOOL, als Groenten, ingemaakte. Renvooi, Wet 1845 . . . (1; ZWAARSPAATH (Baryte sulfatée) werd bij de Ees. van 23 Oct. 1829, no. 121, onder de niet bij het Tarief genoemde goederen gerangschikt en is dus thans vrij van invoerrecht. Verg. aant. 1 op

art. 1 dezer Wet....................

(1) Yoor de Statistiek te vermelden onder de rubriek Kolk en zwaarspaath.

ZWANEVELLEN (1), als Pelterijen, bereid of onbereid, naar gelang van den toestand tijdens den invoer. Zie Huiden, vellen en leder. Res. 17 April 185Ü, ongen,, V. no. 36.

(1) Zwanevellen, die eene bewerking hebben ondergaan om ze tegen bederf te vrywaren, worden niet als bereid aangemerkt. Taricficef, It. en K., bh. \'2i2.

ZWAETKEIJT, in stukken, om te teekenen, als Kramerij. Zie de

Bijz. Bepaling op dien post...............

ZVVAETEOZIJN. Zie den post Rozijnen...........

ZWAETSEL, in elke verpakking. Res. 6 Fehr. 1892, no. 39, V.no.Vi.

*(1) ZWAVEL. Wet 1854 .................

„ ^geraffineerd. Wet 1S62...............

(1) Voor de Statistiek te splitsen in: Zwavel, erts en

„ ongeraftineerde (ruwe). (Eed.) Zie deswege ook res. 17 Dee. 18G8, no. (i3, V. no. 127, en 12 April lH(i9, no. 23, V. no. 51.

ZWAVELAETHEE. Zie Aether sulfuricus....... • .

ZWAVELSPAAN. Zie onder Spaan.

ZWAVELZUUE, als Vitriool-olie. Renvooi, Wet 1845......

ZWEEDSCHE BOSCHBESSEN, in water of gekookt (1). (Red.) . .

(1) Zie hierbij lioseh- of blauwbessen,

(2) ZWIJNSBORSTELS, geheel ruwe (z.g. zivijnswol), of wel enkel gewasschen of in bossen gebonden, of ook gewasschen, gesorteerd en op gelijke lengte afgeknipt (1). Wei 1862; lies. 30 Oct. 1865, no. 90, V. no. 100, en 8 Januari 1868, no. 22, V. no. 2. „ verder bewerkt, als Haar, bewerkt. lies. alsvoren.....

(1) Van het, verbod van invoer is afwijking toegestaan voor varkenshaar, bewerkt voor de fabricage van borstels. Res. 3 April 188!), no. 13, 1 . no. 27.

Zie deswege aant. 2 op art. li) dezer Tariefwet.

(2) Op de Statistieke staten te vermelden onder de rubriek zwijnsborstels.

Maatstaf.

100 kgr.

waarde

waarde waarde

waarde

waarde 100 kgr.

het kgr.

waarde

-ocr page 257-

497

Artt.

408

2—3.

Art. 2. Geon invoeixeclit wordt geheven van goederen, in art. 1 niet genoemd, ten/ij die naar hun aard of bestemming onder eene der aldaar vermelde goederensoorten kunnen worden gerangschikt (1).

[Het tweede lid is vervallen tengevolge der wet van 31 Dec. 18\'\'i3, S. no. 220, V. 1864, no. 9 (2)].

(1) Verg. hierbij aant. I op art. 1.

(2) Dit lid had betrekking op den vroeger geheven accijns op den builenlandschen turf.

Art. 3 der wet van 1877;

Van invoerrecht worden vrijgesteld deelen van schepen, voor geen ander gebruik geschikt (1).

(1) Zie hierbij de aantt. in de Tabel op Schepen, deelen van —.

Art. 3. Geen invoerrecht (1—10) wordt geheven van:

a. goederen, welke binnen twee jaren, na uitgevoerd te zijn uitliet vrije verkeer (11) uit Nederland, uit de overzeesche bezittingen van den Staat terugkomen (12);

h. goederen van erkenden Nederlandschen oorsprong, welke binnen twee jaren na den uitvoer uit Nederland van vreemde markten onverkocht terugkomen (13);

c. goederen, welke, na uit het vrije ver-koer (11) uit Nederland te zijn uitgevoerd, weder worden ingevoerd van plaatsen, waar een verbod van invoer of eene verhooging van invoerrecht wordt toegepast, welke tijdens den uitvoer hier te lande niet bekend kon zijn.

(1) Zie aant. 5 in de Tabel op de rubriek Gouden zilverwerk nopens de vrijstelling van invoerrecht van gunden en zilveren werken om hier te lande te worden verbroken en versmolten.

(2) De res. van 10 April 1872, no. 51, V. no. 37, bevat voorschriften omtrent den invoer van tijdschriften, stalen en monsters en den vrijdom van rechten en accijnzen voor kleine hoeveelheden n-ijn, gedistilleerd en suiker, die kennelijk uitsluitend bestemd zijn om als handelsmonslers te dienen. — Blijkens het Ce lid der res. van 30 Aug. 1865, no. 180, V. no. 75, kannen stalen of monsters van handelsartikelen van een geheel onbeduidende handelswaarde vrij van rechten worden toegelaten zonder eenige andere formaliteit dan die der visitatie. Verg. ook de res. van 17 Januari 1868. no. 17, V. no. 7.

(3) Zie, nopens den vrijdom voor Oudheden, enz. voor Eijksmusea en voor z g. wisselstukkcn,het aan-geteekende in de Tabel op „Oudhedenquot; en aant. 2 op „Spoorwegenquot;.

(4) Voor zoover blijkt dat strandgoederen geladen geweest zijn in schepen, uit de havens van het Rijk vertrokken en op derzelver uitreis verongelukt, zal vrijdom van inkomende rechten worden genoten. Art. 35 der Algcmecne Wet van 2fi Aug. 1822, amp; no. 38.

Wrakken, masten, zeilen, ankers, touwen en andere gereedschappen (a) van op de kusten gebleven schepen geborgen, alsmede de ankers en touwen voor de kust in zee opgevischt, mitsgaders de tuigage en gereedschappen van Nederlandsche schepen, op vreemde kusten gestrand en binnen zes maanden na het ongtluk naar dit Rijk afgezonden, zijn vrij van alle rechten (h), mits van een en ander voldoende blijkt. Art. 36 alsvoren.

(a) Onder de ■vrijgestelde gereedschappen worden algemeen alleen die voorwerper, gerangschikt, waarvan het gebruik en de strekking van gelijken aard zijn als die van masten, zeilen, en;., dus niet de veer-werpen, die wel tot den inventaris van het schip be-hooren, maar meer bijzonder tot het onderhoud van passagiers of équipage dienen. Ammunitie, geweren, pistolen, sabels, filtreermachines, stoelen, lantaarns, sloepen met de riemen, kunnen derhalve niet vrij worden toegelaten. In het algemeen kan gezegd worden, dat alleen vrijgesteld zijn de voorwerpen, die tot het in beweging stellen en tot het besturen van het schip gebezigd worden. Daartoe behoorei. dus wel gebruikte verrekijkers, vlaggen, loodlijnen, octanten, kompassen en chronometers, (lied.)

C\') Vele van de bedoelde voorwerpen zijn bovendien reeds vrij volgens de Tariefwet. Verg. de onderscheidene goederensoorten, in de Tabel opgenomen.

(5) Zie, nopens den vrijdom van invoerrecht voor hoHtzuurijzer en houtzure aluinaarde, alsmede voor alle andere soortgelijke vloeistoffen, met azijn of houtzuur bereid en bestemd tenge-bruike in fabrieken, de Bijz. Bepaling op den post Azijn, in de Tabel hiervoor.

Alsvoren voor natrium acetaat en calcium acetaat, benoodigd als hulpmiddel in ververijen en drukkerijen van manufacturen, aant. 8 op den post Azijn.

Alsvoren voor gedistilleerd, hetwelk na bewerking hier te lande in eene distilleerderij of branderij onder doorloopend crediet voor den accijns weder naar liet buitenland wordt uitgevoerd, de Bijz. Bepaling op den post Gedistilleerd.

Alsvoren voor hoxitgeest, voor gedistilleerd, aanwezig op naturaliën, die bestemd zijn voor instellingen van onderwijs in de natuurkundige wetenschappen, en voor chemicaliën, rerfstoffen eu andere dergelijke zelfstandigheden, benoodigd als hulpmiddel in fabrieken en tratieken, aantt. li en 15 op den post Gedistilleerd.

Alsvoren voor ruw of ongebleekt drukkatoen ten gebruike der katoendrukkerijen en ververijen, de Bi/s. Bepaling op den post Manufacturen.

(6) Bij de Tariefwet is geen vrijdom van invoerrecht toegekend voor goederen, die door de Departementen van Algemeen Bestuur, ten behoeve van \'s Rijks dienst, in het buitenland zijn aangekocht. Nopens de aangifte en betaling der rechten voor deze goederen zijn voorschriften gegeven bij de res. van 3 April 1854, no. 131; 22 April 1854, no. 162; 29 Nov. 1862, no. 35: 12 April 186!), no. 73; 7 Dec. 1875, no. 4; 19 Aug.

1882, no. 5; 26 Oct. 1882, no. 18 en 9 Januari 1894, no. 26. Zie deswege aant. 3 op Oudheden, in de Tabel opgenomen.

Omtrent de goederen, voor het Koninklijk Huis (n.) bestemd, zijn bepalingen vastgesteld bij res. van 16 Nov. 1840, no. 89; 19 Maart 1855, no. 65; 7 Maart 1881, no. 6; 5 Aug. 1881, no. 44; 4 Juni

1883, no. 20, en 21 Juli 1880, no. 28 (/gt;), terwijl bij de res. van 5 Mei 1808, no. 82, voorschriften


-ocr page 258-

Artt. 3—5.

499

zijn gegeven nopens de pakketten, waarin bniten-landsche geleerden de aan hen uit de bibliotheek der Leidsche hoogeschool geleende boeken, handschriften, enz. terugzenden. (Red.)

(a) In volgbrieven of andere stukken, besterad voor Leden van het Koninklijk Huis boven de onder-teekening den titel van Ontvanger steeds voluit te vermelden, juist zooals die bij het Koninklijk besluit van benoeming verleend is. (Red.)

(/gt;) Zie Franken, Alg. Wet, aant. 7 op art. 120, blz. 159.

(7) Zie, betrekkelijk de vrijstellingen, ook de artt. 5 en 6.

(8) Ingevolge art. 7 zijn de bepalingen, noodig ter voorkoming van misbruik, bij Kon. besluit vastgesteld. Zie daaromtrent aant. 0.

(9) Tot het bekomen van den vrijdom, genoemd in dit artikel 3, moet de belanghebbende zich wenden (a) tot den Directeur, in wiens Directie liet kantoor gelegen is, waar de goederen worden aangebracht {h).

Bij het adres over te leggen :

1°. afschrift van de documenten, waarop de uitvoer der goederen heeft plaats gehad (c);

2°. verklaringen, hetzij van den Nederlandschen Consul of Agent of van de Administratie der in-en uitgaande rechten, ter plaatse van waar de goederen terugkomen, waaruit dit feit blijkt (lt;/j;

3°. bescheiden, waaruit de identiteit der goederen blijke en tevens, voor zoover de goederen onder h en c van genoemd artikel 3 betreft, dat deze goederen terugkomen om eene der redenen daarbij bedoeld (d);

4°. het bewijs dat de goederen, voor zooveel die onder b van genoemd art. 3 betreft, van erkenden Nederlandschen oorsprong zijn (c?).

Bij twijfel omtrent de geldigheid der overgelegde bescheiden kan de beslissing des Ministers worden ingeroepen. Kon. besluit van 6 Oct. 18G2, no. 42, S. no. 182, V. no. 104, artt. 1 en 2, en de res, van 10 Oct. 1802, no. 105, V. no. 105, lb.

Onverminderd het vorenstaande kan, indien de belanghebbende zulks wenscht, de vrijdom van invoerrecht ook aan den Inspecteur der invoerrechten ter losplaats worden gevraagd op den voet van het bepaalde bij het Kon. besluit van 19 Nov. 1896, S. no. 175, V. no. 110. Zie mede de res. van 8 Dec 1896, no. 3, V. no. 111.

Nopens de bijzondere voorschriften ter verkrijging van den vrijdom van invoerrecht bij den weder-invoer van gouden en zilveren werken, die na met teruggaaf van belasting te zijn uitgevoerd binnen twee jaar onverkocht van vreemde markten terugkomen, zie men het Kon. besluit van 26 Oct. 1895, S. no. 174, V. no. 103. Het in het vorige lid aangehaalde Kon. besluit van 19 Nov. 1896, ö. no. 175, V. no. 110, is op deze gouden en zilveren werken niet van toepassing. Zie art. 4 van laatstgemeld besluit.

Postpakketten, die na te zijn uitgevoerd, binnen twee jaar uit het buitenland terugkomen zonder uit handen van ambtenaren der posterijen of der belastingen te zijn geweest en omtrent welker identiteit overigens geen twijfel bestaat, kunnen met machtiging van den Inspecteur der invoerrechten en accijnzen ter losplaats, waar die pakketten zijn aangebracht, vrij ten invoer worden toegelaten.

De met het doen der aangifte belaste ambtenaar der posterijen zal daartoe bij genoemden Inspecteur eene schriftelijke aanvraag inleveren onder overlegging van de bij de pakketten behoorende douane-verklaringen en voorts dien Inspecteur zoodanige inlichtingen moeten geven als deze voor de beoordeeling van de identiteit der goederen noodig acht. (Red.)

(«) Op gezerjeld papier. (Red.)

{b) De gunstige beschikking wordt op een zegel van 50 cent hoofdsom uitgereikt. Bedraagt het invoerrecht echter minder dan f 25.— dan wordt de beschikking ook wel bij wijze van fiat op het adres gesteld. (Red.)

(c) De afschriften te schrijven op gezegeld papier. De kopieën der vrije aangiften worden verstrekt dooiden Ontvanger, bij wien het duplicaat dier aangiften is ingeleverd. (Red.)

{d) De identiteit en de oorsprong der goederen kan ook bewezen worden door alle zoodanige bescheiden als redelijkerwijze vertrouwen verdienen; de verklaring van de autoriteiten van de plaats, van waaide goederen terugkomen, heeft meer bepaald de strekking, den terugvoer der goederen van de aangegeven plaatsen herwaarts te bewijzen. (Red.)

(10) Zijn de in dit artikel genoemde goederen indertijd onder afschrijving of restitutie uitgevoerd, dan wordt de vrijstelling van invoerrecht niet verleend, alvorens de afgeschreven of gerestitueerde som is terugbetaald. Verg. art. 4.

(11) Dat onder vrij verheer ook opslag onder crediet is te begrijpen, volgt uit art. 4 dezer Wet en uit de bewoordingen van art. 32 K. B. (V. 1872, no. 34). (Red.)

(12) Hieronder ook te begrijpen de gebruikte voorwerpen, behoord hebbende tot de uitrusting van buitenslands overleden zeelieden, in Nederland aangemonsterd, of van gezagvoerders van Nederlandsche schepen, wanneer deze goederen uit de overzeesche bezittingen van den Staat teruggevoerd worden binnen twee jaren, na het vertrek der bedoelde zeelieden uit het moederland. In den regel toch kan worden aangenomen, dat deze goederen indertijd uit Nederland zijn uitgevoerd. De bescheiden, bedoeld bij art. 2 Kon. besluit V. 1862, no. 104, behoeven in dit geval niet te worden overgelegd. Min. missive 11 Dec. 1862, no. 75.

(13) Hiermede zyn door den kooper geweigerde goederen gelijk te stellen. Bes. 8 Dcc. 1896, no. 3, V, no. Ill, elfde lid.

Art. 4. Is voor de in art. 3 bedoelde goederen, bij den uitvoer uit Nederland, afschrijving of teruggave van accijns verleend, dan wordt de vrijdom van invoerrecht niet genoten, alvorens de bij den uitvoer afgeschreven of teruggegeven som (1) weder is betaald.

(1) Die som moet als accijns worden verantwoord. Bes. 10 Oct. 1862, no. 105, V. no, 105, lb.

Art. 5. Geen invoerrecht wordt geheven van victualie, provisie en scheepsbehoeften, tot verbruik aan boord van binnenkomende schepen dienende, mits die goederen als zoodanig bij de binnenkomst zijn aange-


-ocr page 259-

Artt. 5—6.

501

502

geven en tie door Ons bepaalde hoeveelheid niet overtreffen (1—3).

Voor hetgeen van d e goederen meer dan de door Ons bepaalde hoeveelheid aan boord is, kan insgelijks vrijdom van invoerrecht worden genoten, mits het met hetzelfde schip weder wordt uitgevoerd, en, tot den wederuitvoer, onder toezicht der ambtenaren ver-blij ve (3—5).

De in dit artikel bedoelde goederen worden vrijgesteld van accijns.

(1) De bepalingen, uood;g ter voorkoming van misbruik, zijn krachtens art. G vastgesteld bij Kon. besluit van 6 Oct. 1862, no. 41, S. no. 181, V. no. 103, en 28 Dec. 1865, S. no. IliT, V. 1866, no. 6. Zie mede res. van 10 Oct. 1862, no. 105, V. no. 105, li.

(2) De voorschriften omtrent de niet van Eijks-wege verstrekte provisiën, aan boord van Xeder-landsche oorlogschepen, zijn vervat in de res. van 8 Nov. 1881, no. 16, V. no. 70, en 11 Maart 1891, no. 59, V. no. 19.

(3) Gezouten vleesch, dat zich als provisie bevindt aan boord van see binnenkomende schepen, of daarmede als handelsgoed wordt ingevoerd, valt niet onder het verbod van invoer, omschreven bij art. 1 van het Kon. besluit van 8 Dec. 1870, S. no. 194, V. no. 188 (zie aant. 2 op art. 1!) dezer Tariefwet), mits uit de aangewende hoeveelheid zout en uit de wijze van verpakking voldoende blijkt, dat hel vleesch alleen tot scheepsverbruik, zij het dan ook aan boord van een ander schip, bestemd is. Res. 24 Sept. 1870, no. 39, V. no. 145; 27 Dec. 1870, no. 61, V. no. 189, \\c lid. en 10 Mei 1871, no. 55, V. no. 58.

Dergelijk vleesch kan zonder bijzondere dispensatie ten in- of doorvoer worden aangegeven en daarover kan verder naar goedvinden door de belanghebbenden worden beschikt, ook wanneer het niet als vrije provisie is ingevoerd. De latere bestemming behoeft daarbij niet te worden nagegaan, daar men kan aannemen, dat gezouten vleesch van de soort, die gewoonlijk aan boord van zeeschepen wordt gebruikt, niet dan bij zeer enkele uitzondering tot gewoon binnenlandsch gebruik wordt bestemd, ook wanneer daarvoor om de een of andere reden de invoerrechten betaald worden. (Eed.)

Invoer van versch en yezoulen vleesch langs rivieren en kanalen, als provisie aan boord van binnenkomende stoombooten, zeilschepen en houtvlotten, uitsluitend bestemd om aan boord te worden verbruikt, wordt toegestaan ter hoeveelheid, als voor elk der genoemde schepen is vastgesteld bij K. B. van 28 Dec. 1865, S. no. 167, V. 1866, no. 6, onder voorwaarde, dat het vleesch ten koste van belanghebbenden bij de inklaring onder politietoezicht van wege den Burgemeester worde gekeurd en alleen bij gezondbevinding worde toegelaten. Franken, Ahj. Wet, bh. 20.

(4) Behalve het aangeteekende op V. 1862, nos. 103 en 105, waarnaar in aant. 1 is verwezen, wordt het navolgende niet onbelangrijk geacht:

Wanneer de surplus-provisie zich in dezelfde emballage bevindt als de vrije provisie en niet wel daarvan kan worden afgescheiden, wordt de surplus-provisie buiten verzegeling gelaten, behoudens vermelding, na nauwkeurige opname, van de hoeveelheid der niet-vrije provisie in do generale verklaring en in het triplicaat, opdat de betrokken ontvanger easu quo voor de invordering van den accijns of de rechten van het te weinig bevondene zorg kan dragen en de vereischte aan-teekening op de akte van afrekening kan stellen.

De aangifte der surplus-provisie moet specifiek zijn. met opgave van juiste hoeveelheid en gewicht, terwijl ook de emballage gespecificeerd op de generale verklaring moet morden gebracht.

(Bed.)

(5) Voor de surplus-provisie, meegebracht door vischsohepen, komende van de nering, of door sleepbooten, moet recht en accijns worden voldaan tenzij de schippers zich aan de gewone formaliteit van inklaring vrijwillig onderwerpen. (Eed.)

Art. (5. Geen invoerrecht wordt geheven van (1):

a. vlotgereedschappen, touwwerk (2) daaronder begrepen, welke als gebruikte voorwerpen worden in- en teruggevoerd, mits bij den invoer door overlegging van een inventaris op de kantoren van lossing dit gebruik behoorlijk worde bewezen (2a);

Jgt;. goederen, behoorende aan de gezanten van vreemde Staten in Nederland, zoover in die Staten Onze aldaar gevestigde gezanten gelijken vrijdom genieten (1) (3—5) (12);

c. reis-rijtuigen, mot welke ingezetenen des Rijks na het doen eener buitenlandsche reis, of vreemdelingen tot het doen eener reis hier te lande, het Rijk binnenkomen (1) (6) (7);

d. goederen, welke reizende personen tot hun lijfsgebruik met zich voeren (1) (8—12);

e. verhuisboedels (1) (12—-15) ;

/. boom- en veldvruchten en gewassen (IC), gewonnen op gronden, op vreemd grondgebied, binnen den afstand van vijf duizend vijf honderd meter (el) van de grenslijn des Rijks gelegen en bij Nederlandsche ingezetenen in gebruik (17), mits de invoer geschiede tusschen zonsop- en ondergang en in den gewonen oogsttijd, en het bezit of gebruik der landen jaarlijks behoorlijk worde bewezen (1) (18);

(j. ledige, mits gebruikte zakken, fusten, kaasstellingen en dergelijke voorwerpen, voor den vervoer van goederen opzettelijk vervaardigd en ingericht (gewijzigd, wet 1877) (19—24);

h. accijnsvrije goederen, ingevoerd om hier te lande eenige bewerkiny te ondergaan en weder te worden uitgevoerd (1) (25—29);

■i. accijnsvrije goederen, welke binnen zes maanden na uitgevoerd te zijn, om buitenslands eenige herstelling te ondergaan, weder worden ingevoerd (1) (30—33).


-ocr page 260-

Art. 6.

504

Do onder h bedoelde goederen worden vrijgesteld van accijns.

(1) De bepalingen, noodig ter voorkoming van misbruik dezer vrijdommen, worden bij Kon. besluit vastgesteld. Zie art. 7 hierna.

De betrekkelijke voorschriften werden genomen bij Kon. besluit van 6 Oct. 1862, no. 42, S. no. 182, V. no. lOi, en toegelicht bij lies. van 10 Oct. 1862, no. 105, V. no. 105, lb. Zie verder aant. 3 en aant. 11, 2e lid, hierna.

(2) Touwioerk is thans, tengevolge der wet van 1877, in elk geval vrij van invoerrecht. (Red.)

(2a) Eene bijzondere vergunning is voor dezen vrijdom niet noodig. Aan het eerste kantoor wordt bprggesteid voor de rechten, die aan het Eijk verantwoord moeten worden, wanneer de vlotgereed-schappen niet binnen een jaar na den invoer worden teruggevoerd langs hetzelfde fcawtoor, waarlangs zij zijn ingevoerd. V. 1862, nos. 104 en 105.

(3) De voorschriften nopens den vrijdom van verbruiksbelastingen ten behoeve van gezanten zijn gegeven bij Kon. besluit van 10 Juli 1864, S. no. 84, V. no. 63, en toegelicht bij res. van 26 Juli 1864, no. 78, V. no. 64.

(4) Deze vrijdom wordt ook toegepast op de goederen, bestemd voor de Secretarissen of attachés, behoorende tot de te \'s-Gravenhage gevestigde en bij de Nederlandsche Regeering geaccrediteerde Gezantschappen. (Red.)

(5) Volgens de laatste zinsnede van art. 6 zijn de onder lett. h genoemde goederen mede vrijgesteld van accijns.

Blijkens § 5 der res. V. 1864, no. 64, wordt door gezanten ook vrijdom genoten van yeëntr eposeer de goederen, al of niet aan accyns onderworpen, alsmede voor accijnsgoederen uit bergplaatsen van doorloopend crediet.

Over den vrijdom van belastingen, door Gezanten genoten, komen beschouwingen voor in de Fiscus no. 24, blz. 217, en no. 146, blz. 331).

Zie voorts, nopens den vrijdom van plaatselijke belastingen, art. 256 der Gemeentewet van 29 Juni 1851, S. no. 85, V. no. 169 en, nopens den vrijdom van \'s Rijks directe belastingen, noot a op aant. 1 op art. 11 der Wet op de Vermogensbelasting (V. 1893, no. 90), art. 8, lett. c, der Wet op de Bedrijfsbelasting (V. 1893, no. 93) en art. 34, lett. a, der Wet op de Personeele belasting (V. 1896, no. 69), alsmede, wat betreft de vrijstelling van keuring, belasting en stempeling der gouden en zilveren werken, art. 66 der Wet op den Waarborg en de belasting der gouden en zilveren werken van 18 Sept. 1852, S. no. 178, V. no. 161.

(6) Deze vrijdom wordt ook op meubelwagens toegepast. (lied.)

Motorrijtuigen en motorrijwielen, welke door leden van buitenlandsche clubs worden ingevoerd ten behoeve van hun tijdelijk verblijf hier te lande, worden mede zonder betaling van invoerrecht toegelaten, mits de invoerders bij hunne binnenkomst hier te lande het bewijs van hun lidmaatschap vertoonen. (Red.)

(7) Bij twijfel of reis-rijtuigen behooren tot die, waarvoor vrijdom is verleend, kan de ontvanger bij het binnenkomen borgtocht vorderen voor de invoerrechten, die aan het Rijk verantwoord worden, wanneer de borgstelling niet binnen één jaar

is opgeheven. Die ophetting kan door den Directeur (a) verleend worden, als de toepasselijkheid van den vrijdom voldoende blijkt, en door den Ontvanger, wanneer de rijtuigen weder langs zijn kantoor worden uitgevoerd.

Aan ingezetenen, die buitenlandsche reizen ondernemen, kunnen de Directeurs vrijpaspoorten afgeven, om bij terugkomst der rijtuigen alle moeielijkheden te voorkomen. ATm. besluit V. 1862, no. 104, en lies. V. 1862, no. 105.

De vrijdom is van toepassing, zoowel bij invoer aan de landzijde, als aan de zeezijde met pakketbooten of stoomvaartuigen, en onverschillig of de reizigers zich al dan niet bij hunne rijtuigen bevinden, mits genoegzaam wordt bewezen, dat de rijtuigen werkelyk aan reizigers toebehooren. Verg. de bij V. 1854, no. 82, als vervallen opgegeven res. van 24 Maart 1824, no. 102, V. no. 46.

Ook kan de overigens vervallen res. van 24 Juli 1845, no. 41, V. no. 103, nopens deze vrijstelling geraadpleegd worden.

(a) Do aan don Directeur bij art. 5 van het Kon. besluit van G Oct. 1862, no. 42. S. no. 182, V. no. 104, verleende bevoegdheid tot opheffing van den borgtocht, ingeval van twijfel gevorderd, kan niet worden opgedragen aan den Inspecteur of anderen eersten ambtenaar in loco. (Red.)

(8) Hieronder kunnen ook begrepen worden de enkele gebruikte werktuigen en gereedschappen (a), die ingenieurs, schilders of teekenaars, landmeters, ambachts- en handwerkslieden tot de persoonlijke uitoefening van hun beroep met zich voeren, alsmede gebruikte (b) jachtg er eedschappen en véloci-phles, die tot persoonlijk gebruik worden medegevoerd. Res. 25 Oct. 1866, no. 12, V. no. 153, en 27 Oct. 1883, no. 33, V. no. 99.

Daaronder mede te begrijpen de gebruikte kleederen, costumes en verdere tooneelbenoodigd-heden, door acteurs, enz. meegebracht of hun van het buitenland nagezonden. (Red.)

Ook luchtballons en toebehooren, door luchtreizigers tot hun persoonlijk gebruik medegebracht, of die hun worden nagezonden. Ties. 26 Sept. 1889, no. 49, V. no. 94.

Alsmede een photographiscli toestel, door een photograaf tot eigen gebruik als reisbagage ingevoerd. (Red.)

In de Fiscus no. 139, blz. 280, wordt de meening uitgesproken, dat ook vrij van invoerrecht kunnen worden toegelaten gebruikte photogra-phische toestellen, die door vreemdelingen worden ingevoerd en, volgens hunne verklaring, door hen worden gebezigd om hier te lande afbeeldingen te nemen.

(a) De meeste der hierbedoelde werktuigen en gereedschappen zullen bovendien thans reeds vrij van invoerrecht zijn krachtens de wet van 1877. (Red.)

(/y) Zijn de voorwerpen nieuw, dan is de vrijstelling niet van toepassing. Verg. de Fiscus no. 150, blz. 321.

(9) Muziekinstrumenten worden ook hieronder gerangschikt, wanneer zij door muzikanten voor de uitoefening van hun beroep worden ingevoerd.

(Red.)

Ook piano\'s door buitenslands gevestigde kunstenaars medegebracht of hun nagezonden, om hier te lande te worden bespeeld en daarna weder te worden uitgevoerd.


-ocr page 261-

Art. G.

505

506

De vrijstelling zal echter niet kunnen worden toegekend voor piano\'s, die ten gebruike door hier te lande gevestigde kunstenaars worden ingevoerd, ook al worden deze piano\'s weder uitgevoerd. (Red.)

(10) Geen vrijdom van invoerrechten kan worden toegestaan voor de mondbehoeften (vleesch, spek of worst), die o. a. door Hannoversche veld-arbeiders dikwijls worden medegenomen. (Red.)

(11) Een gezegeld verzoekschrift behoeft blijkbaar voor passagiersgoed niet te worden ingediend, zooals dit het geval is ten opzichte der vrijdommen, bedoeld bij letter e, h en i van art. G dezer Tariefwet. Voor passagiersgoed zal dus ook op mondelinge aanvrage machtiging tot vrijen invoer kunnen worden verleend. Kennelijk ligt het in de bedoeling de behandeling van nagezonden reisbagage zooveel mogelijk te veieenvoudi-gen en te vergemakkelijken. (Red.)

Voorschriften nopens de behandeling van reisbagage zijn gegeven bij V. 1872, no. 38. V. 1884. no. 106, V. 1885, no. 3, en V. 1887, no. 7.

Zie tevens artt. 10 en 11) van het Reglement voor het vervoer op spoorwegen, vastgesteld bij Kon. besluit van 9 Januari 187G, S no. 7, V. no. 1\'.), gewijzigd bij dat van 20 Mei 1887, S. no. 87, W. no. 51, alsmede artt. 17 en 20 van het Reglement voor het vervoer op locaahpoorwegen, vastgesteld bij Kon. besluit van 25 Mei 1890, S. no. 93, V. no. 78.

Wanneer passagiersgoederen zonder de reizigers binnenkomen, kan de vrijdom ingevolge art. (5 van het Kon. besluit van 0 Oct. 1802, no. i2, S. no. 182, V. no. 104, worden toegestaan, onverschillig of de goederen als reisbagage dan wel als vrachtgoed worden ingeklaard. Indien noodig. kan de overlegging gevraagd worden van brieven of bescheiden, waaruit kan blijken, dat de goederen toebehooren aan en bestemd zijn voor personen, die op het genot van den vrijdom aanspraak hebben. (Red.)

Blijkens res. V. 18(52, no. 105, is het wel van belang, dat bij de visitatie der goederen steeds voldoende blijkt, dat de goederen werkelijk ye-brnikte voorwerpen zijn en tot het lijfsgebruik van reizigers dienen.

(12) Zie, wat betreft de vrijstelling van keuring, belasting en stempeling voor gouden en zilveren werken, welke reizende personen met zich voeren tot hun persoonlijk gebruik, in onderscheiding van voorwerpen van handel, alsmede voor ge- ! bruikte gouden en zilveren werken, welke tot den inboedel van Nederlanders behooren, die van buitenslands terugkeeren of van vreemdelingen, die zich hier te lande komen vestigen, art. 66 dei-wet van 18 Sept. 1852, S. no. 178, V. no. 161; de res. van 22 Febr. 1853, no. 74, V. no. 27; 1 Maart 1853, no. 74, V. no. 29, en 7 Mei 1853, no. 64, V. no. 70.

(13) De overigens vervallen res. van 24 Juli 1845, no. 41, V. no. 103, en 13 April 1853, no. 35, V. no. 57, kunnen nog opheldering verstrekken nopens de toepassing dezer vrijstelling.

(14) Onder verhuisboedels zijn niet begrepen nieuwe of ongebruikte goederen, die door of ten behoeve van personen, buitenslands woonachtig zijnde, ter gelegenheid van hun huwelijk met ingezetenen des Rijks worden ingevoerd. Verg. de res. van 8 Aug. 1845, no. 133, V. no. 136. (Red.) ^

(15) De vrijdom voor verhuisboedels wordt toegepast op machtiging («) van den Directeur in de provincie, waar de invoer geschiedt.

Tot dezen wendt zich de belanghebbende («) met opgaaf van zijn beroep, van het kantoor waarlangs en van het vervoermiddel waarmede de invoer zal plaats hebben, en legt daarbij over: lo. het bewijs, dat zijne verhuizing van elders naar Nederland bekend is, door eene verklaring, hetzij van het Bestuur der gemeente, waar hij zijne woonplaats zal vestigen, hetzij van dat dei-gemeente, welke hij verlaat, hetzij van eenige andere autoriteit ter beoordeeliLg van den Directeur;

2o. eene lijst der in te voeren goederen; 3o. eene afzonderlijke lijst in dubbel der gouden en zilveren werken, welke bij den invoer afzonderlijk moeten zijn gepakt.

De goederen tot een verhuisboedel behoorende, worden gezamenlijk gelijktijdig ingevoerd, tenzij de Directeur hierop eene uitzondering hoeft toegelaten.

De goederen worden bij den invoer gevisiteerd en alleen vrij toegelaten voor zoover zij kennelijk tot een verhuisboedel (ft) behooren, geen geheel nieuwe voorwerpen zijn en met de bovenbedoelde lijst overeenkomen. Kon. besluit 6 Oct. 1862, no. 42, S. no. 182, F. no. 104.

(\'/) Dc machtiging te verleenen op een zegel vun 50 cent in hoofdsom. Bedraagt echter de waarde van den verhuisboedel minder dan /quot;500.— dan wordt de vergunning in den regel gesteld bij wijze van fiat op hot verzoek, dat mede steeds op zegel moet worden ingediend. (lied.)

(h) Wat onder verhuisboedel behoort, is niet aangewezen, ten einde bij oene opsomming van voorwerpen, niet wellicht uit te sluiten, hetgeen door de Wet niettemin wordt vrijgesteld. Naar het beroep of den stand van hem, die verhuist, zal wel met juistheid beoordeeld kunnen worden of eenig voorwerp kan geacht worden tot zijn verhuisboedel te behooren. Bij twijfel kunnen inlichtingen worden gevraagd. Res. 10 Oct. 1862, no. 105, V. no. 105.

(16) Vele dezer vruchten en gewassen zijn buitendien reeds vrij van invoerrecht; zie de Tabel, aan art. 1 toegevoegd.

(17) De verleende vrijdom, tot het gebruik beperkt zijnde, is mitsdien geheel personeel en derhalve met uitsluiting van eigenaars, zelf geen gebruikers zijnde. Aant. op I\'. 1854, no. 118, art. 3, § 12, Off. uitgaaf.

(18) De bescheiden tot aanwijzing van het bezit of gebruik moeten jaarlijks worden vertoond aan den Ontvanger van het dichtst bijgelegen grens-kantoor, waar de invoer zal plaats hebben.

Bij twijfel nopens de herkomst der boom- en veldvruchten en gewassen kan de Ontvanger nader bewijs dier herkomst vorderen en borg doen stellen voor de invoerrechten. Deze borgstelling wordt opgeheven, zoodra aan den Inspecteur de herkomst is bewezen. De invoerrechten worden aan het Rijk verantwoord, wanneer de borgstelling niet binnen twee maanden is opgeheven. Kon. besluit 6 Oct. 1862, no. 42, S. no. 182, V. no. 104.

(19) Vóór de Wet van 1877 waren ledige zakken, fusten, manden, kaassstellingen en dergelijke voorwerpen, voor den vervoer van goederen opzettelijk vervaardigd en ingericht, alleen dan van invoerrecht vrijgesteld, wanneer zij, tot den uit-


-ocr page 262-

Art. 6.

508

voor van goederen gebezigd, later weder werden ingevoerd.

Thans kunnen deze voorwerpen vrij ten invoer worden toegelaten, ook al zijn zij niet vooraf gevuld uitgevoerd, mits zij gebruikt en dus niet nieuw zijn. Op dit laatste zullen dus de ambtenaren moeten toezien, telkens wanneer deze vrijstelling wordt ingeroepen.

Manden worden in het gewijzigd artikel niet meer genoemd, omdat teen- en mandewerk, ook wanneer het nieuw is, van recht is vrijgesteld bij de Wet van 1877.

Hetzelfde geldt omtrent vaat-en knipwerk; het woord fusten is alleen in het artikel behouden, omdat ook ijzeren fusten tot vervoer van goederen worden gebezigd. Zoodanige ijzeren fusten kunnen dus, gebruikt zijnde, vrij van rechten worden toegelaten. Nieuwe ijzeren fusten zijn aan het recht op IJzenverk onderworpen. Bes. 6 Juni 1877, no. 71, T\'. no. 54, § 0.

De vrijstelling kan op gewone flesschen en kruiken alleen dan worden toegepast, wanneer duidelijk blijkt, dat die voorwerpen werkelijk vroeger gebruikt zijn.

Voor bemande flesschen, dienende tot vervoer van zoutzuur, zwavelzuur of andere vloeistoften, die ledig van buitenslands worden ingevoerd, zal daaromtrent in den regel wel weinig twijfel kunnen bestaan, en zal aan die flesschen doorgaans wel gemakkelijk te zien wezen, of zij al dan niet nieuw zijn. Bes. 22 Oct. 1877, no. 25, V. no. 9G.

Zie hierbij de aantt. op Flesschen en de Bijz. Bepaling op den post Glas en glaswerk in de Tabel, aan art. 1 toegevoegd.

(20) Hieronder worden ook gerangschikt gebruikte verhuiswagens. (Red.)

(21) Dekkleeden, dienende ter beschutting der lading op open spoorwegwagens, in het internationaal verkeer gebezigd, worden met de wagens, waartoe zij behooren, vrij van invoerrecht toegelaten, evenals de dekkleeden, die gebruikt en blijkbaar opzettelijk vervaardigd en ingericht zijn voor het vervoer van goederen. (Red.)

Evenzoo worden vrij van invoerrecht toegelaten gebruikte ijzeren kettingen, dienende tot het vastsjorren van goederen op open spoorwegwagens, mits kennelijk daartoe bestemd en aan spoorwegmaatschappijen toebehoorende. (Red.)

(22) Nieuwe fusten, zakken en andere tot verpakking dienende voorwerpen kunnen, wanneer ze bestemd zijn om gevuld en daarna weder uitgevoerd te worden, vrij van invoerrecht worden toegelaten, behoudens voldoening aan de gestelde voorwaarden. Zie Kon. besluit 26 Oct. 1883, S. no. 148, V. no. 101, res. 22 Nov. 1883, no. 64, V. no. 102, en res. 15 Juni 1887, no. 46, V. no. 53.

(23) Yerg. hierbij verder de aantt. op Emballage in de Tabel, toegevoegd aan art. 1.

(24) Voor de in art. 6, letter g, genoemde voorwerpen moet de generale verklaring door schriftelijke aangiften gezuiverd worden. (Red.)

(25) De wetsbepaling geeft niet alleen vrijdom voor goederen, welke, geheel of gedeeltelijk grond-stoften zijnde, hier te lande eene volledige bewerking ondergaan, maar ook voor die, welke hier slechts gedeeltelijk bewerkt of hersteld worden.

Nopens de goederen, welke hier te lande verder worden bewerkt, worden de voorschriften, noodig om de identiteit bij den weder-uitvoer te kunnen nagaan, gegeven door den Min. v. Fin. voor elke goederensoort afzonderlijk, als daartoe aanleiding bestaat tengevolge ingekomen aanvragen om het genot van den vrijdom.

Voor goederen, die alleen eenige herstelling ondergaan, wordt door den Directeur in de provincie, waar de in- en wederuitvoer geschiedt, de vrijdom verleend en de voorschriften gegeven nopens het stellen van herkenningsteekenen, op denzelfden voet als dit bepaald is voor den vrijdom, bedoeld bij letter i van dit artikel. Zie aant. 30 hierna.

Bestaan er geene waarborgen, de identiteit bij den wederuitvoer te kunnen constateeren, dan kan de vrijdom niet worden verleend (a). Kon. besluit 0 Oct. 18G2, no. 42, S. no. 182, V. no. 104, art. 10, en Bes. 10 Oct. 1862, no. 105, V. no. 105.

Zie wat de overbrenging betreft van gouden en zilveren werken naar een kantoor van waarborg, het tweede lid van aant. 32 hierna.

[a) Bij de behandeling van verzoeken om vrijdom van invoerrecht, volgens lett. h en i, wordt steeds speciaal onderzocht en medegedeeld, welke bewerkingen of herstellingen de voorwerpen moeten ondergaan. (Red.)

(26) Nopens de vrijdommen, door de Directeurs verleend ingevolge art. 6, letter h en i, wordt door hen in de maand December een algemeen verslag ingediend (a). Bes. 10 Oct. 1862, no. 105, F. no. 105.

(a) In dit verslag wordt ook opgenomen eene korte omschrijving van den aard der bewerkingen of herstellingen, die de goederen hebben ondergaan, (Red.)

Verg. noot a op aant. 25 hiervoor.

(27) Bij invoer of bij uitslag uit entrepot wordt aangifte gedaan en een volgbrief afgegeven, volgens de bepalingen der Algemeene Wet van 26 Aug. 1822, S. no. 38.

De volgbrief wordt gezuiverd en de borgstelling voor de invoerrechten opgeheven, zoodra het bewijs is geleverd, dat de bewerkte of herstelde goederen, wier identiteit moet blijken overeenkomstig de voorschriften, het Rijk weder uitgevoerd of in entrepot opgeslagen zijn. De invoerrechten worden aan het Rijk verantwoord, wanneer de borgstelling niet binnen zes maande)\' na de afgifte van den volgbrief is opgeheven.

Wordt het bewijs van uitvoer of opslag in entrepot slechts voor een gedeelte der goederen geleverd, dan wordt het bepaalde bij de vorige zinsnede voor het overige gedeelte toegepast.

De kosten, door het stellen der herkenningsteekenen veroorzaakt, komen ten laste van den belanghebbende (a). Kon. besluit 6 Oct. 1862, no. 42, S. no. 182, V. no. 104, art. 10.

(a) Voor het stellen van cachet-afdrukken en andere merken op goederen, ten bewijze van de Identiteit, voor het genot van vrijstelling van invoerrecht, worden geene kosten meergevorderd. lies. li Juni 1^77, no. 50, V. no. 5«.

(28) De adressen, waarbij toepassing der vrijstelling van art. 6, letter h en i, wordt gevraagd, moeten op gezegeld papier worden ingediend, terwijl bij gunstige beschikking deze op een zegel van 50 cent in hoofdsom wordt uitgereikt. Bedraagt het invoerrecht echter minder dan ƒ 25.—,


-ocr page 263-

Art. G.

50!»

510

dan wordt de beschikking ook wel, by wyze van liat, op het adres gesteld. (Red.)

(29) Deze vrystelling wordt o.a. toegepast op de katoenen stoffen, bestemd om in eene stoomblee-kerij te worden gebleekt, met inachtneming dei-voorschriften, gegeven bij de overigens vervallen res. van 8 Januari 18G8, no. 20, Off. V. no. 1, gewijzigd by die van 7 Mei 1870, no. 24, V. no. (58, en, behoudens eenige verandering in de kostenberekening, bij de eerstgemelde resolutie in art. 10 vastgesteld. (Red.)

Ook wordt vrijdom verleend voor ingevoerde onderdeelen van spoorwegrijtuigen, welke rijtuigen na vervaardiging hier re lande worden uitgevoerd. (Red.)

Alsmede voor boekomslagen en voor vellen papier, die hier te lande bedrukt en daarna weder worden uitgevoerd. (Red.)

Zie ook de Itijz. Bcpalimf, in tine, op den post Gedistilleerd, alsmede aant. 2 op VcnHterglas in de Tabel hiervoor.

(30) Deze vrijdom wordt verleend op machtiging van den Directeur (•/) in wiens Directie do uit- en weder-invoer geschiedt (/gt;). Tot dezen wendt zich de belanghebbende (c) met opgave van het kantoor van uit- en weder-invoer, en onder overlegging eener lijst, houdende eene nauwkeurige omschrijving der uit te voeren voorwerpen.

De Directeur doet ten spoedigste onderzoeken of de voorwerpen van herkenningsteekenen kunnen worden voorzien, die gedurende de herstelling onbeschadigd kunnen worden gelaten, of wel. of door opneming van hunne afmetingen, gewicht of andere juiste aanwijzingen, voldoende zekerheid voor de herkenning bij den weder-invoer kan worden verkregen, waarvan hij de toepassing alsdan bij de voormelde machtiging voorschrijft {d).

Vóór de inlading stellen de ambtenaren, dooiden Directeur aan te wijzen, eene verklaring op de overgelegde lijst, waarin de evenbedoelde juiste aanwijzingen, en zoo die op de voorwerpen geplaatst zijn, de herkenningsteekenen (c) worden vermeld.

Die lijst wordt vervolgens ten kantore van uitvoer met de voorwerpen vergeleken en afgetee-kend, waarna zij aan den belanghebbende wordt teruggegeven om te dienen bij den weder-invoer.

De kosten door het stellen der herkenningsteekenen veroorzaakt, komen ten laste van den belanghebbende (ƒ)

De herstelde voorwerpen moeten binnen xes maanden weder worden ingevoerd langs hetzelfde kantoor waarlangs de uitvoer heeft plaatsgehad.

Zy worden echter niet met vrydom toegelaten, wanneer de herkenningsteekens zich er niet meer op bevinden of van de identiteit der voorwerpen, volgens de omschrijving in de lijst, niet blijkt (jr). Kon. besluit 6 Oct. 1682, no. 42, S. no. 182, V. no. 104, art. 11.

(o) Verg. aant. 2(5 hiervoor.

(0) Bij uit- en wederinvoer ter zee, lanijs rivieren of met spoorwegen is het betalingskantoor ter plaatse van lading en lossing, mits voor den in- en uitvoer langs de bedoelde wegen opengesteld, to beschouwen als het kantoor van uit- en invoer. Mitsdien kan de Directeur, in wiens Directie dat kantoor gelegen is, de machtiging tot toepassing van den vrijdom ver-leenen, ook indien het grenskantoor, waarlangs de goederen het Rijk verlaten of weder inkomen, onder eene andere Directie behoort, mits in dit geval aan zijn betrokken ambtgenoot zijne beschikkiag mede-deelende; terwijl bij den weder-invoer de goederen, onder vermelding van den verleenden vrijdom, met generale verklaring of volgbrief naar het kantoor ter plaatse van de in- of oplading moeten worden verzonden (zie noot g hierna). lies. 7 Ja li 18(54, no. 8, V. no. 67.

(c) Wat de adressen betreft en de gunstige beschikking daarop, zie men aant. 28 op dit art., en, nopens de behandeling van verzoeken om vrijdom, noot a op aant. 25.

(d) Kan geen voldoende zekerheid voor de herkenning der voorwerpen bij weder-invoer worden verkregen, dan moet de vrijdom worden geweigerd.

(Red.)

(e) Deze zullen natuurlijk verschillen naar mate van den aard der goederen. Bij het aanbrengen van looden of cachet-afdrukken is bovendien eene omschrijving van den aard en de soort, van de lengte en breedte, zoo mogelijk ook van het gewicht der goederen, noodzakelijk te achten, ter herkenning bij weder-invoer. (Red.)

Bij uitvoer tot herstelling van pianino\'s wordt, ter verzekering der identiteit, in den regel een zegel op don zangbodem gelegd en aanteekening gehouden van het fabrieksnommer en den naam van den fabrikant, terwijl het bovendien wenschelijk is een certificaat, houdende eene omschrijving van het instrument, te viseeren om bij den weder-invoer te doen dienen. (Red.)

(f) Het stellen van cachet-afdrukken en andere merken, ten bewijze van de identiteit, geschiedt thans kosteloos. Ites. 14 Juni 1877, no. 50, V. no. 58.

(lt;/) Nopens de formaliteiten, bij den weder-invoer in acht te nemen, raadplege men de res. van 20 Oct. 1869, no. 21, V. no. 180.

(31) De wet maakt geen onderscheid tusschen goederen van buitenlandschen of van binnenland-schen oorsprong. De vrijdom kan dus toegekend worden in alle gevallen, waarin goederen ter herstelling naar het buitenland moeten gezonden worden, onverschillig of die goederen uit het buitenland afkomstig, dan wel hier te lande vervaardigd zijn of eene andere bewerking hebben ondergaan.

Aan de uitdrukkingkan niet zulk een ruime uitlegging worden gegeven, als aan het woord bewerking, in letter h van art. 6 genoemd, zoodat het verven van manufacturen of het schilderen van rijtuigen niet onder herstelling kan worden begrepen, wanneer deze voorwerpen nog nimmer geverfd of geschilderd zijn. (Red.)

Onder herstellen wordt daarentegen wel verstaan het vervangen van banden of andere onderdeelen van rywielen door gelijksoortige nieuwe deelen in het buitenland, mits de te vervangen deelen zich bij don uitvoer aan de rywielen bevinden. (Red.)

Het wasschen en strijken van linnengoed wordt algemeen niet als herstelling, in den zin dezer wet, aangemerkt, evenmin als het schoonmaken, verven of repareeren van gebruikte kleedingstuk-ken. (Red.)

Ook het polijsten en vernikkelen van sabelscheden wordt niet als eene herstelling aangemerkt.

(Red.)

Evenzeer zal geen vrijstelling kunnen worden verleend voor huiden, die naar het buitenland zijn gezonden om daaraan den kop te bevestigen en de tanden en oogen in te zetten, daar deze bewerkingen mede niet als herstelling kunnen worden beschouwd. (Red.)


-ocr page 264-

Artt. 6—10.

oil

512

(32) De overbrenging naar een kantoor van waarborg, overeenkomstig art. G9 der wet V. 1852, no. 161, kan worden achterwege gelaten voor gouden en zilveren werken, die, na in het buitenland cenc herstelling te hebben ondergaan, met vrijdom van invoerrecht weder worden ingevoerd, mits bij de ambtenaren, met de visitatie belast, geen twijfel bestaat omtrent de identiteit der voorwerpen. Mocht zulks wel het geval zijn, dan moeten de werken op de gewone wijs met volgbrief en onder verzegeling naar het betrokken kantoor van waarborg worden opgezonden. (Red.)

Vorenbedoelde overbrenging behoeft evenmin plaats te hebben ten aanzien van gouden en zilveren werken, hier te lande ingevoerd ten einde na herstelling weder te worden uitgevoerd («) als zijnde deze te dien opzichte gelijk te stellen met doorgevoerd wordende werken, bij art. 83 dei-wet V. 1852, no. 1G1, van de opzending naar een kantoor van waarborg vrijgesteld. (Ked.)

(a) Zie art. 6, lett. h, hiervoor.

(33) Indien vrijdom van invoerrecht niet is gevraagd, moet zonder uitzondering bij den invoer het recht gevorderd worden naar de waarde, die de goederen op het oogenblik van invoer hebben.

(Red.)

Art. 7. De bepalingen, noodig ter voorkoming van misbruik bij het genieten of vorderen van de in de artt. 3, 5 en G vermelde vrijdommen, worden door Ons vastgesteld (1).

(1) Zie de aantt. op de artt. 3, 5 en 6.

Art. 8, Bij het berekenen van het invoerrecht, worden de onderdeelen van het kilogram, den liter, den kubieken meter (1) of den gulden als een vol kilogram, liter, kubieke meter of gulden in rekening gebracht (2—4).

Breuken van centen worden tot heele centen gebracht (2—5).

(1) Bij de wet van 18G2 was alléén srheepsbouw-cn timmerhout, ter zee met ongebroken last aangevoerd, belast naar de ton van H/o teerling van de Ned. el. Nu dit artikel bij de wet van 1877 van invoerrecht is vrijgesteld, is geen enkele goederensoort meer belast per kub. meter. (Red.)

(2) Het opdrijven van onderdeelen van den gulden, volgens de eerste zinsnede, heeft alleen betrekking tot de waarde, waarover het invoerrecht moet worden berekend. Voor het invoerrecht geldt de tweede zinsnede van dit artikel, lies. 5 April 1873, no. 34, F. no. 53.

Zie ook aant. ü op art. 10 en aant. 1 op art. 14.

De res. van !) Juni 1854, no. 89, V. no. 67, maakt geen inbreuk op de bepalingen van art. 8.

(Red.)

(3) Ook bij invoer van geringe hoeveelheden levensmiddelen aan de grenskantoren moet de berekening, overeenkomstig het voorschrift van dit artikel plaats vinden. Res. 24 Nov. 1866, no. 49, V. no. 168.

(4) Omtrent de berekening bij het invoerrecht van gedistilleerd, raadplege men het eerste lid der Bijz. Bepaling op Gedistilleerd, in de Tabel hiervoor, alsmede aant. 11 op dien post.

(5) Indien in één postpakket verschillende kleinigheden worden ingevoerd, die allen onder denzelfden tariefpost behooren, bijv. onder Koeken banJcetbalckersicerk, dan is art. 8 toe te passen op het totale gewicht. De Fiscus, no. 469, blz. 505.

Wordt eene hoeveelheid goederen in verschillende postpakketten ingevoerd voor denzelfden geadresseerde, dan dient art. 8 toegepast te worden op elke partij, waarvoor een douane-verklaring bestaat. Alsvoren.

(6) Zie nopens de verantwoordelijkheid der Ontvangers voor de berekening van het invoerrecht en de terugvordering van hetgeen te veel mocht zijn betaald, art. 124 • der Algemeene Wet van 26 Aug. 1822, S. no. 38, opgenomen in aant. 16 op art. 1 dezer Tariefwet.

Art. ï). Het invoerrecht bedraagt voor elke aangifte (1) ten minste vijf cent, hoe gering de ten invoer aangegeven hoeveelheid of waarde ook zij.

(1) Wanneer het invoerrecht voor een kleine hoeveelheid goederen minder dan 5 cent bedraagt, moet het recht dus niet tot 5 cent worden opgevoerd, wanneer die goederen met andere artikelen in ééne aangifte zijn begrepen. (Red.) Art. 10. Ter berekening van het invoerrecht van goederen, bij het gewicht belast (1), voor welke in art. 1 geen tarra is bepaald (2), wordt van het bruto gewicht (3) afgetrokken (4—7):

a. voor goederen, gepakt in fusten of kisten van hout (8), vijftien ten honderd (9) (10);

h, voor goederen, gepakt in leder, matten, manden, kanassers, linnen of dergelijke voorwerpen, acht ten honderd (9).

(1) De tarra van art. 10 is ook toe te passen bij invoer van goederen, naar de waarde belast, doch aangegeven volgens prijscourant naar art. 123 Alg. Wet. De Fiscus, no. 457, blz. 389.

(2) Alleen bij den post „ Theequot; is de tarra afzonderlijk in de Tabel geregeld. Zie de Bijz. Bepaling op dien post.

Voor ruwe suiker, melado, melasse en stroop, die alleen aan accijns zijn onderworpen, is de tarra geregeld bij art. 6,t§ 2, der Suikerwet, V. 1897, no. 33.

(3) In de aangiften moet steeds het bruto-ge-wicht worden vermeld. De aangever is echter bevoegd om desverkiezende, nevens de aangifte van het bruto-gewicht, ook zijne berekening van de «e«o-hoeveelheid te stellen, tot basis nemende de tarra, zooals die in art. 10 of in de Tabel bij art. 1 is bepaald. lies. 21 Januari 1831, no. 30, V. no. 21, en 26 April 1831, no. 93, V. no. 90, gewijzigd door de lies. van 4 Mei 1833, no. 158, V. no. 141.

(4) Wanneer in entrepot de emballage is veranderd, wordt bij uitslag geen wettelijke tarra toegepast, maar wordt het invoerrecht steeds berekend naar de 7ie/lt;o-hoeveelheid, door de ambtenaren op te nemen. De kosten dezer opr emingen zijn ten laste der belanghebbenden (a). Kon. besluit 7 Nov. 1876, S. no. 193, V. no. 104, art. 11, en lies. 24 Nov. 1876, no. 58, V. no. 105, § 10

(a) Zie deswege aant. 3 op art. 11.


-ocr page 265-

\'llö

(5) Is do aangever met de wettelijke tarra niet tevreden, dan kan hot «eMo-gowieht to zijnen koste worden opgenomen. Zie art. 11 hierna.

(6) De tarra, in art. 10 genoemd, moet ook verleend worden op het aan te geven iii\'«(o-gewieht van chloralhydraat, aether sulinricus, chloroform, azijn-aether, spiritus-nitri-duleis en verdere dergelijke uit aleohol bereide stofi\'en. Hes. 6 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, § 2.

(7) Volgens de Fiscus no. 133, blz. 233, wordt de korting verleend voor de emballage, waarin de tlesschen, potten, kruiken, enz. verpakt zijn, en wordt bij invoer van een oningepakte. gevulde liesch het invoerrecht berekend naar het gewicht van de flesch met den inhoud.

(8) De tarra van 15 pet. wordt, volgens dc Fiscus no. 42, blz. 4C0, ook wel toegepast op ijzeren emballage, bijv. fusten petroleum.

(9) Volgens art. 8 dezer wet moeten de onder-deelen van het kilogram, enz. eerst bij het berekenen van het invoerrecht, en dus na de bepaling van het «e«o-gewicht, als een vol kilogram, liter, enz. in rekening gebracht worden. De breuken der 6n//o-hoeveelheden en van de tarra\'s en kortingen moeten dus niet, overeenkomstig de res. van 9 Juni 1854, no. 89. V. no. 07, opgedreven of verwaarloosd worden, maar voor het bruto gewicht behoort het werkelijk cijfer der aangifte en voor de tarra\'s en kortingen de juiste uitkomst dei-berekening in aanmerking te worden genomen.

Tot opheldering strekke het volgende voorbeeld: Eene kist goederen weegt bruto 25.5 kilogram. De tarra (15 pet.) bedraagt dus 3 825 „

netto gewicht 21.G75 kilogram.

Het invoerrecht moet dus berekend worden over 22 kilogram. Hes. 5 April 1873, na. 34, V. na. 53.

(10) Van vijyen of rozijnen in emballage van hout, onder de benaming van houten doozen. wordt steeds 15 pet. van het brnto-gewicht afgetrokken. (Red.)

(11) Voor houten latkisten wordt ook de tarra van 15 pet. toegepast. (Eed.)

Art. 11. De aangever, niet tevreden met do tarra bij liet tarief of bij het vorig artikel bepaald, kan het invoerrecht betalen naar het netto-gewicht, te zijnen koste door de ambtenaren opgenomen (1—7).

(1) De opneming moet op het kantoor van inklaring of desnoods op het eerste kantoor van betaling in de route plaats hebben. Indien de invoerder of aangever zich deswege op het tijdstip van dien invoer niet heeft verklaard, moet hij geacht worden, zich te vergenoegen met de bij de wet verleende tarra, waarvan bij de verdere betaling der rechten, waar ook geschiedende, niet meer zal mogen worden afgeweken. De eerste verklaring of opneming blijft verbindend, welke bestemming ook later aan de goederen wordt gegeven. Daar, volgens den algemeenen regel, bij de aangiften de vermelding van de bruto-hoeveelheid der goederen, behoudens aftrek der wettelijk toegekende tarra, gevorderd moet worden, zoo is de toepassing van art. 11 der wet slechts als eene uitzondering te beschouwen. Hes. 22 Xov. 1832, uo. 41 B, V. no. 178.

.quot;gt;14

(2) Wordt de ncHo-oonstateering van het gewicht verlangd, dan wordt daartoe, ook wanneer die opneming volgens art. 12, bij overslag geschiedt, geen schriftelijk aan den Inspecteur gericht verzoek vereischt. In dergelijk geval behoort, evenals bij elke andere aangifte, het 6™lt;o-gewieht te worden opgegeven, met toepassing van art. 214 der Alg. Wet bij gedeeltelijke verzwijging. De opnemingkan geschieden, zoowei bij uitslag uit entrepot, als bij het onmiddellijk van buitenslands in con-sumtie brengen. Bes. 23 Juni 1851, no. (iO, 1\'. no. 80.

(3) De kosten voor de opneming, door belanghebbenden verschuldigd, zijn vastgesteld bij Kon. besluit van 25 Aug. 186G, S. no. 119, V. no. 123, artt. 1 en 2, en toegelicht bij Res 10 Sept. 1800, no. 12, V. no. 124, en 2B Xov. 1866, no. 35, V. no. 171 (rt) {!,).

Bovendien kan hen in rekening worden gebracht de belooning van de arbeiders, die door de ambtenaren moeten worden in dienst genomen om de colli\'s te openen en te sluiten, of uit en in te pakken, de goederen op en van de schaal tc brengen, of in en uit de maat te scheppen of te storten en bij roeiing de fusten of andere voorwerpen zoodanig te plaatsen, dat de opneming naar be-hooren kan geschieden. Het staat den belanghebbende bij de goederen evenwel vrij om de bedoelde werkzaamheden door eigen werklieden te doen verrichten, mits zij zich daarbij overeenkomstig do aanwijzingen der ambtenaren gedragen (c) (\'/). Art. 3 van voormeld Kou. besluit.

ia) Do Ontvangers zijn belast mot do inning dei-wik- eu woegloonon. gevorderd voor de opneming ingevolge art. 11 doi- Tariefwet. Hes. 4 Juli 1859, nu. 53, 1\'. no. 0(i, en 12 Januari 1863, no. 30, V. no. 3, § 20.

(h) Het weegloon zonder uitzondering te berekenen naar hot bruto-gevicht. Verg. V. 18(J(ï, no. 171. (Rod.)

(c) Deze bepaling stemt overeen met die der ros. van 31 Oct. 1845, no. 221), V. no. 210, sub 4.

(tl) Den Inspecteurs is in het bijzonder de zorg opgedragen toe te zien, dat bij hot in dienst nemen van werklieden do belangen van den handel worden in hot oog gehouden, en dat don belanghebbenden het in dienst stollen van eigen werklieden worde vergemakkelijkt zooveel dit met eene behoorlijke regeling dor werkzaamheden is overeen te brengen. lies. 10 Sept. 1806, no. 12, no. 124.

(4) Bij res. van 9 Juni 1875, no. 9, V. no. 07, is een boekje ingesteld voor de ambtenaren der invoerrechten en accijnzen tot het houden van aanteekeningen omtrent wegingen, roeiingen, enz.

(5) Er bestaat geen bedenking tegen, dat bij opnemingen, volgens art. 11, hot ledigen van Hes-schen, kruiken, enz. worde nagelaten, wanneer de gelegenheid bestaat om de werkelijke tarra met voldoende nauwkeurigheid te bepalen naar het bekende gewicht van liesschen, kruiken, enz. van dezelfde soort en grootte, en de belanghebbende schriftelijk verklaart met de alzoo bepaalde tarra genoegen te nemen. Bes. 6 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, § 2.

(6) Bij netto-weging van gezoulcn vleesch, wordt het gewicht der pekel, die zich in de vaten bevindt, mede in het gewicht begrepen. Art. 11 laat, in verband met art. 12, geene andere opvatting toe dan dat door het belastbaar netto-gewicht der goederen is te verstaan het bruto gewicht, ver-

Ai\'tt. 10—11.


-ocr page 266-

A rtt. 11—10.

5

minderd alléén met hot gewicht van de fuston, kisten, matton, enz., waarvoor bij art. 1 (a) of bij art. 10 eene vaste korting is bepaald.

Onder dergelijke emballage is de hierbedoelde pekel zeker niet te rangschikken. De aftrek van het gewicht der pekel kan daarom niet worden toegelaten, omdat het invoerrecht van gezouten vleesch niet alleen strekt tot vervanging van de belasting op het Geslacht, maar ook van die op het Zont, dat voor de bereiding is aangewend.

(Eed.)

(o) Zie dc Bijz. Bepaling op den pust Thee in do

Tabel, aan art. 1 toogcvocgd.

(7) Zie verder, nopens de opnemingen, de artt. 12 en 13 dezer wet.

Art. 12. Bij liet voorhanden zijn van een groot getal fusten, kisten, manden, kanassers, balen of pakken van dezelfde grootte en soort, kan de tarra worden opgenomen door weging, na lediging, van enkele dier voorwerpen, door dc ambtenaren aan te wijzen. JSTaav de uitkomst van die weging wordt de tarra over al die voorwerpen berekend (1).

(1) Zie hierbij de res. van 23 Juni 1851, no. 60, V. no. 80, in aant. 2, en § 2 der res. V. 1877, no. 54, in aant. 5 op art. 11 hiervoor.

Art. 13. Bij gemengde pakking van goederen, naar het gewicht, met goederen naar de waarde belast, kan het netto-gewicht der eerstgenoemde, ten koste van den aangever, door de ambtenaren worden opgenomen (1 )(2).

(1) De ambtenaren zullen de verificatie van het gewicht der goederen, in gemengde pakking aangevoerd, ten koste van den belanghebbende als algemeenen regel beschouwen, waarvan echter afgeweken kan worden, indien slechts eene geringe hoeveelheid goederen, bij het gewicht belast, in de collis voorhanden is.

Bij de beoordeeling van hetgeen onder de benaming „geringe hoeveelheidquot; moet worden verstaan, kan als regel worden aangenomen, dat dit geval voorhanden is, wanneer slechts Viu gedeelte van het totaal gewicht van het colli, of minder, bestaat uit goederen, bü het gewicht belast.

Van dezen regel kan worden afgeweken, wanneer de goederen, bij het gewicht belast, in gemengde pakking geen andere zijn dan zware voorwerpen.

Het gewicht van al de goederen, in gemengde pakking aangevoerd, zal alzoo, ook netto (a) kunnen aangegeven worden, zonder dat zulks in eenig geval, zelfs niet wanneer de hoeveelheid dier goederen slechts van het totaal gewicht bedraagt, tekort doei aan dc bevoegdheid der ambtenaren, om dat gewicht ten koste van den helanglicbbende te vcrifieeren, van welke bevoegdheid de ambtenaren integendeel bij iedere geschikte gelegenheid gebruik moeten maken.

Bij gemengde pakkingen wordt geen afzonderlijke aangifte van den inhoud van ieder colli ver-eischt, weshalve de inhoud der geheele partij te zamen kan worden aangegeven, wanneer slechts melding wordt gemaakt van die collis, waarin zich de goederen, by het gewicht belast, bevinden, alles onder voorbehoud van de bevoegdheid der ambtenaren tot visitatie en verificatie der goederen. Bes. 31 Oct. 1845, no. 229, V. no. 210.

(a) Zio do res. van 29 Juli 1845, no. 87, V. no. 105,

vr. 2, en die van 11 Sept. 1845, no. 58, V. no. 167.

(2) Ook bij aangifte van goederen in gemengde pakking wordt opgave van het ftntto-gewicht ver-eischt. Hes. 22 Januari 1851, no. 60, V, no. 80.

Art. 14. Ter berekening van het invoerrecht van accijnsvrije natte waren, bij dc maat belast, wordt voor lekkage van de in-houdsruimte der fusten afgetrokken (1—2): a. bij invoer ter zee (3), uit de havens aan de Noord- en de Oostzee, uit de havens van Frankrijk, van Portugal en van Spanje aan deze z;jde van de straat van Gibraltar, zes ten honderd:

h. bij invoer ter zee (3) van elders, twaalf ten honderd.

(1) Zie de op art. 10 aangeteekende res. van 5 April 1873, no. 34, V. no. 53. Bij die resolutie is het navolgende voorbeeld gegeven voor de kortingen in dit artikel bedoeld;

Een fust accijnsvrije vloeistof, aangevoerd uit een Fransche haven, heeft eene inhoudsruimte

van........... 220 liter.

De korting (6 pet.) bedraagt. . 13.2 „

206.8 liter.

Het invoerrecht moet dus berekend worden over 207 liter.

(2) Deze korting voor lekkage voor accijnsvrije natte waren wordt niet toegekend, wanneer de fusten in entrepot zijn aangevuld. Kon. besluit 7 Xov. 1876, S. no. 193, V. no. 104, art. 11, en res. 24 Xor. 1876, no. 58, V. no. 105, § 10.

(3) De invoerrechten van bij de maat belaste artikelen worden betaald volgens de geheele ruimte der fusten of vaten. Korting voor lekkage is alleen toegestaan bij invoer ter zee. De rechten worden slechts naar de werkelijke hoeveelheid der accijnsvrije natte waren betaald, wanneer, hetzij bij invoer ter zee, hetzij bij invoer te lande of langs de rivieren, de belanghebbenden da werkelijk aanwezige hoeveelheid te hunnen koste doen opnemen. Ties. 4 Juli 1861, ho. 27, V. no. 54.

Verg. de artt. 15 en 16.

Art. 15. De aangever, niet tevreden met de korting in het vorig artikel bepaald, kan het invoerrecht betalen naar dc werkelijk aanwezige hoeveelheid, te zijnen koste door de ambtenaren opgenomen (1).

(1) Zie de aantt. op de artt. 11 en 14.

Art. 1(5. Bij invoer van accijnsvrije natte waren bij de maat belast, te lande of langs de rivieren, wordt geen korting voor lekkage toegestaan (1).

l)e aangever, ongezind het invoerrecht voor die waren naar de inhoudsruimte der fusten


-ocr page 267-

Artt. 16—19.

517

518

te voldoen, kan het betalen naar de werkelijk aanwezige hoeveelheid, te zijnen koste door de ambtenaren opgenomen (1) (2).

(1) In artikel 16 is thans uitdrukkelijk gezegd, dat bij invoer van accijnsvrije natte waren, bij de maat belast, te lande of langs de rivieren, (jccn korting voor lekkage wordt toegestaan. Het invoerrecht moet naar de inhoudsruimte der fusten voldaan worden (a), tenzij de aangever gebruik wenscht te maken van de bevoegdheid bij de tweede zinsn. van art 1(5 verleend. Hierdoor is een vroeger meermalen betwiste vraag duidelijk beantwoord. Rcs. 10 Oct. .1802, no. 105, F. no. 105, Ie.

Verg. de aantt. op art. 14.

(\'/) Zie Weekblad no. \'232, nopens aanhaling en

bekeuring, indien niet de capaciteit der fusten, doch

de daarin aanwezige hoeveelheid wordt aangegeven.

(2) Men raadplege, nopens de kosten dezer opneming, aant. 3 op art. 11.

Art. 17. In buitengewone omstandigheden of wanneer liet bedrag van handel of nijverheid dit eischt, kunnen de in art. 1 bepaalde invoerrechten door Ons worden verlaagd of opgeheven (1).

Ons daartoe genomen besluit wordt, vergezeld van een wetsontwerp ter bekrachtiging daarvan, aan de Staten-Generaal medegedeeld binnen dertig dagen nii de opening hunner eerstvolgende zitting.

Vorderen de omstandigheden het nemen van het besluit, terwijl de Staten-Generaal vergaderd zijn, dan geschiedt die mededeeling en voordracht van wet binnen dertig dagen na de dagteekening van het besluit.

Wordt het wetsontwerp door de Staten-Generaal niet aangenomen, dan geldt het besluit tot en met den twintigsten dag na dien, waarop dat ontwerp is afgestemd.

(1) Zie, nopens de maatregelen van wedervergelding tegenover vreemde natiën, art. 8 der wet van 8 Aug. 1850, S. no. 47, V. no. C(i, gewijzigd door art. 9 der wet van li Juli 1855, S. no. 105, V. no. 83.

Art. IS. Op de in art. 1 bepaalde invoerrechten worden geen opcenten geheven (1).

(1) Met de heffing van het formaatscgel en de daarop gelegde opcenten van alle paspoorten van betaling, waarvan het bedrag de som van f 20.— te boven gaat, wordt ook na de wet van 1877 voortgegaan, als gegrond op de wet van 3 Oet. 1843, S. no. 47, V. 1844, no. 74. Verg. de res. van 25 Oct. 1862, no. 4, V. no. 116.

Zie daarover ook de res. van 25 Maart 1844, no. 77, V. no. 76.

Er is echter geen zegelrecht verschuldigd wegens bijbetaling van invoerrecht en verhooging daarvan, volgens de artt. 6 en 7 der wet van 20 April 1895, S. no. 54, V. no. 49. Zie art. 31 dier wet en § 9 der res. van 16 Juli 1895, no. 33, V. no. 79.

Quitantiën wegens betaling van invoerrecht door ambtenareh-benaderaars volgens art. 5, tweede lid, der evengcmelde wet zijn daarentegen niet van zegel vrijgesteld indien het verschuldigde meer dan f 20.— bedraagt. (Eed.)

Het formaatzegel bedraagt 15 cent in hoofdsom, waarop 50 opc. geheven worden krachtens art. 13 der Wet van 11 Juli 1882, S. no. 93, V. no. 124.

De Ontvanger vermeldt het bedrag van 221/3 cent aan den voet der quitantiën wegens invoerrecht («). Rcs. 27 Dec. 1882, no. 110, 1\'. no. 128, 1ste lid.

(i) Deze quitantiën worden afgegeven nit het, register van inkomende paspoorten 110. 7, ƒ., U. en D., laatstelijk vastgesteld bij res. V. 1874, no. 3», of uit liet register no. 17, U. en D.. ten opzichte van belaste goederen, welke zich nevinden onder de bagage van reizigers: zie res. V. J872, no. 38, § 3.

Ook de afgifte van quitantiën, meer dan /\' 2(1.— bedragende, heeft uit dit register plaats, zonder dat die van den natten zegelstempel worden voorzien.

(Red.)

Het vaste zegelrecht van vijf cent is op deze paspoorten niet van toepassing. Zie art. 1, tweede lid, der Wet van 11 Juli 1882, S. no. 93, V. 110. 124.

Art. 15». Het is verboden het Rijk binnen te voeren (1—5):

boeken, nadruk zijnde van wetenschappelijke, letter- of kunstwerken, waarvan in het Rijk of in Staten, met welke daaromtrent overeenkomsten gesloten zijn, het kopierecht wordt bezeten (0—10);

h. koperen munt (11) en plaatjes voor koperen munt.

Invoer van koperen muntplaatjes kan echter ten behoeve van \'s Rijks munt door Ons worden toegestaan tegen betaling van het invoerrecht, vastgesteld voor geplette koperen bladen of platen (12).

(1) Goederen, waarvan de invoer is verboden, mogen niet worden doorgevoerd, noch in entrepot opgeslagen («). Zie de artt. 75 en 88 dor Alge-meene Wet van 26 Aug. 1822, S. no. 38.

[a) Dit verbod is in overeenstemming met art. 10, lett. f, der fundamenteele quot;Wet van 12 Juli 1821, S. no. 9. Wel werd bij art. 2 der Wet van 11 April 1827, S. no. 14. V. no. 52, de doorvoer geoorloofd van artikelen, waarvan de invoer was verboden, doeh deze Wet van 1827 is ingetrokken bij de Wet van 19 Juni 1843, 8. no. 28, V. no. 100.

De res. van 17 Febr. 1844, no. 24bis, V. no. 58, nopens borgstelling ten beloope der dubbele waarde bij doorvoer van ten invoer verboden goederen, vindt dus alleen meer toepassing in de gevallen van artt. 33, 108 en 110 der bovengenoemde Algemeene Wet. (Ked.)

Verg. hierbij Weekblad, no. 651.

Aangiften ten doorvoer zijn ook niet toegelaten in het geval van art. 102 der Aig. Wet

(2) Krachtens art. 15 der wet van 20 Juli 1870, S. no. 131, aangevuld bij de wet van 1 Aug. 1880, S. no. 123, en gewijzigd bij art. 10, sub 26, dei-wet van 15 April 1886, S. no. 64 en bij de wet 15 April 1896, S. no. 68, werd bij het Kon. besluit van 8 Dec. 1870, S. no. 194, V. no. 188 (a) behoudens de door den Minister van Binnenl. Zaken toegestane afwijkingen, de in- en doorvoer van buitenslands verboden van rundvee, schapen, hokken en geilen en van versche hinden, versch en (jczoulcn vlcesch, oHgesmollen eet, meal, onbewerkte


-ocr page 268-

Art. 10.

520

519

ivol, onhcwerht haar, klauwen, horens, alsmede van allen afval van genoemde dieren {b).

Gezouten versche huiden zijn in het verbod begrepen, tenzij ze droog worden ingevoerd.

Alsmede gedroogde of gezouten schapenhuiden, die ongebloot zijn en nog de onbewerkte wol bevatten. Franken, Alg. Wet, blz. 19.

Het verbod is niet van toepassing op gezouten vleesch, wol, haar, horens en klauwen, rechtstreeks aangevoerd uit landen huiten Europa. Art. 2 Kon. besluit 8 Dec. 1870, S. no. 11)4, V.no. 188.

Krachtens bovenaangehaalde Wet van 1870 werd bij Kon. besluit van 14 Aug. 1888, S. no. 142, V. no. 9fi, mede verboden de in- en doorvoer van buitenslands van varkens, van versch en gezouten varkensvleesch en van ongesmolten vet, van klauwen, mest en verderen afval van varkens {b).

Gekookte of gebraden vleeschwaren vallen niet onder dit verbod. Jïes 30 Oct. 1888, no. (58, I\'. no. 118.

{a) Zie, nopers do uitvoering, ros. \'27 Dcc. 1870, no. 61, V. no. 189.

{It) Hot verbod strekt zich niet uit tot de aanverwante dieren, zooals herten, lama\'s, antilopen, alpaca\'s en dergelijke, noch tot de van deze dieren afkomstige artikelen, zoodat deze zonder dispensatie kunnen worden toegelaten, evenals wilde varkens en versche, gezouten of gedroogde huiden dezer dieren. (l{ed.) Voorts is krachtens het Kon. besluit van 22 Juni 1800, S. no. 08, bij res. van 22 Dec. 1898, no. 78, V. nos. 137 en 138, de in- en doorvoer nit Groot-Brittannië en Ierland verboden van eenhoevige dieren (c), alsmede van vleesch, afkomstig van eenhoevige dieren ongeacht de herkomst, behoudens de uitzonderingen, bij die resolutiën toegelaten.

(r) Daartoe behooren o.a. het paard, do ezel en de zebra. (Red.)

Afwyking van het verbod van in- of doorvoer is toegestaan:

lo. voor ten hoogste twee varkens en voor versch en gezouten varkensvleesch en ongesmolten vet (hoogstens drie kgr. per hoofd) op in Nederland binnenkomende schepen en vlotten aanwezig voor eigen gebruik van de zich daarop bevindende personen, mits die varkens en vleeschwaren niet van het schip of vlot gelost worden;

2o. voor hoogstens drie kgr. der sub 1 genoemde vleeschwaren, die reizende personen voor eigen gebruik met zich voeren;

3o. voor de sub 1 bedoelde vleeschwaren, die gezouten en daarna gedroogd of gerookt zijn, behoudens dat bij invoer van worst moet worden overgelegd eene ambtelijke verklaring, dat er geen reden is om te twijfelen aan hare onschadelijkheid. Res. 30 Oct. 1888, no. 68, V. no. 118.

Ook is afwijking van het verbod toegestaan voor varkenshaar, bewerkt voor de fabricage van borstels. Jles. 3 April 1889, no. 43, V. no. 27.

Verder is, behoudens inachtneming der gestelde voorwaarden, toegestaan:

de in- en doorvoer uit Frankrijk van rundvee, schapen, geiten en varkens bij res. van 29 Febr. 1896, no. 40, V. no. 23;

de in- en doorvoer uit België van rundvee, schapen en geiten bij res. van 10 Nov. 1890, no. 88, V. no. 100; en

de invoer uit Duitschland van rundvee en

schapen, bestemd voor de slachtbank, bij res. van 18 Juni 1898, no. 21, V. no. 75.

Zonder dispensatie kunnen ten invoer worden toegelaten gedresseerde dieren (o.a. stieren, geiten, varkens), volgens belanghebbenden bestemd om daarmede in een circus, enz. voorstellingen te ge^en, indien namelijk bij den Inspecteur of zijn plaatsvervanger geen reden bestaat om die bestemming te betwyfelen en hem bovendien dooiden invoerder voldoende wordt aangetoond, dat het vervoer zal plaats hebben streng afgescheiden van ander vee. In denzelfden geest wordt gehandeld met dieren, voor rf/erf/aarcZcTi bestemd.

(Red.)

Wat de voorwaarden betreft, waarop de wederinvoer kan plaats hebben van uitgevoerd vee en vleesch, waarvan de toelating in het buitenland geweigerd is op grond van de daar te lande geldende veeartsenijkundige voorschriften, raadplege men aant. 2 op V. 1890, no. 100.

Voor den in- en doorvoer van beendercmneel wordt geen vergunning vereischt. Res. 31 Juli 1878, no. 74, T\'. no. 51.

Nopens het vleesch, dat zich als provisie of als handelsgoed aan boord van binnenkomende schepen bevindt, zie men aant. 3 op art. 5 dezer Tariefwet.

Zie, omtrent de aan de Comm. d. Kon. ver-verstrekte machtiging tot het verleenen van dispensatie van het verbod tot in- en doorvoer, art. 2 van het Kon. besluit van 14 Aug. 1888, S. no. 142, V. no. 96, met de aantt. 9 en 10, alsmede aantt. 4 en 5 op V. 1884, no. 42 {d) en de voorschriften, gegeven door de Min. van Binnenl. Zaken en

3 1531 M. P.

Fin. den 77 Mei 1892 onder no. T—7— 0 oo I. A.

((/) Het aldaar opgenomen Kon. besluit van 9 April

1884, S. 110. 48, is ingetrokken en vervangen door dat

van 14 Aug. 1888, S. 110. 142, V. no. 1)6, doch de aangehaalde aantt. hlyven van toepassing.

Wegens het veelvuldig voorkomen van monden klauwzeer onder het vee in verscheidene landen van Europa, wordt in den laatsten tijd geen vergunning meer gegeven tot in- ot dooi voer \\amp;n versche huiden (met inbegrip van versch gezouten huiden)s van mest en van versche (niet gedroogde) klauwen en horens. Onbewerkte wol wordt niet toegelaten, dan onder voorwaarde van onmiddel-lijken vervoer naar werkplaats of fabriek of om rechtstreeks naar het buitenland door te voeren.

(Eed.)

Bij Kon. besluit van 25 Febr. 1877, no. 25, V. no. 21, is aan alle ambtenaren van \'s Rijks belastingen opgedragen om te waken voor de handhaving der maatregelen, genomen ter bestrijding der besmettelijke veeziekte, met voorschrift om van elke overtreding proces-verbaal op te maken op den eed, bij den aanvang hunner bediening afgelegd.

Ten aanzien der voorschriften, in acht te nemen zoowel bij het instellen van bekeuring als bij het opmaken van processen-verbaal, raadplege men de aantt. 3, 6 en volgg. op de res. V. 1870, no. 189.

Zie ook het Arrest van den Hoogen Raad d.d. 27 Juni 1892, opgenomen in de Fiscus no. 333.

Bij Kon. besluit van 13 Febr. 1884, no. 4, V. no. 39, en van 5 Febr. 1889, S. no. 20, V. no. 10, zijn premiën toegekend voor het in beslag nemen


-ocr page 269-

A rit. 19—21.

522

van frauduleus uit het buitenland ingevoerd levend vee.

Zie, nopens de inzending van lijsten van het met dispensatie in- of doorgevoerde vee, gelijktijdig met de statistieke staten, de res. van 31 Maart 1890, no. 7, V. no. 18.

(3) Volgens de wet van 5 Juni 1875, S. no. 113, V. no. 86, gewijzigd bij art. 10, sub 33, der Wet van 15 April 188(5, no. 64, kan ter wering van den coloradokever de in- en doorvoer van aard-appélen, afval van aardappelen, van zakken, vaten en andere tot verpakking daarvan gediend heb-hende voorwerpen verboden worden. Het tengevolge dier wet uitgevaardigde verbod is ingetrokken bij Kon. besluit van 3 Nov. 1870, S. no. 164, V. no. 99.

(4) Volgens art. 7 der wet van 21 Juni 1881, S. no. 76, V. no. 49, is de aanvoer, enz. verboden van haring, hot of spiering, wanneer deze visch van kleiner afmetingen is dan:

de haring van 10 cM.

de bot van 8 cM.

de spiering van 7 cM.

(5) Zie mede, nopens verboden of slechts onder zekere voorwaarden toegelaten in-, uit- en doorvoer van sommige goederen, art. 21, met het daarop aangeteekende.

(6) Het auteursrecht is het laatst geregeld bij de wet van 28 Juni 1881, S. no. 124.

Volgens art. 13 dier wet duurt het auteursrecht thans 50 jaren na de eerste uitgave.

(7) De aanwijzing, vroeger aan de ambtenaren verstrekt van de titels van nagedrukte boeken, kunnen hun bij voortduring tot leiddraad strekken ter toepassing van het verbod van invoer van boeken. Res. 10 Oct. 1862, no. 105, V, no. 105, Ie.

Zie echter de volg. aant.

(8) In V. 1844, no. 57, V. 1845, no. 37, V. 1847, no. 139, V. 1853, no. 85, V. 1854, no. 13, en V. 1855, no. 60, komen opgaven voor van elders nagedrukte Nederlandsche boekwerken. Deze opgaven zullen nu echter wel als vervallen zijn aan te merken, daar art. 3 der thans vervallen wet van 25 Januari 1817, S. no. 5, bepaalde, dat het kopierecht niet langer voortduurde dan 20 jaren na den dood van den auteur of vertaler, terwijl volgens art. 24 der in aant. 6 genoemde wet het onder eene vroegere wetgeving verkregen kopierecht slechts bleef gehandhaafd indien de bij dat artikel voorgeschreven formaliteit werd in acht genomen.

(9) Een overeenkomst tot wering van den nadruk van wetenschappelijke- en letterkundige werken is met België gesloten den 30 Aug. 1858 (zie V. 1859, nos. 19 en 20), met Spanje den 31 Dec. 1862 (zie V. 1863, no. 127), en met Frankrijk den 29 Maart 1855 (V. 1855, nos. 92 en 93) en den 27 April 1860 (Kon. besluit d.d. 22 Mei 1860, S. no. 19).

De aangehaalde overeenkomst met Frankrijk van 29 Maart 1855, alsmede art. 2 der additio-neele overeenkomst van 27 April 1860, zijn opnieuw van kracht verklaard bij de verklaringen betrek-kelyk de voorloopige regeling van de bescherming van den letterkundigen eigendom, gevoegd bij de op 19 April 1884 met Frankrijk gesloten Handelsovereenkomst (a) en goedgekeurd bij de wet van 20 Juli 1884, S. no 169. Zie V. 1885, no. 102.

(a) Deze Handelsovereenkomst is vervallen met ingang van 1 Febr. 1892, doch de daarbij gevoegde verklaringen omtrent de bescherming van den letterkundigen en den kunsteigendom, bleven van kracht.

(10) Volgens res. V. 1844, no. 57, en V. 1846, no. Ill, moeten bij invoer van boeken, welke als nadruk zijn te beschouwen, deze mei aangehaald, maar voorloopig aangehouden worden, en, zonder opmaking van proces-verbaal, daarvan kennis worden gegeven aan de plaatselijke politie. Daar echter de Wet van 1817, S. no. 5, den invoer strafte van werken, waarvan hier te lande het kopierecht werd bezeten, doch de thans geldende Wet van 1881, S. no. 124, daarvan zwijgt, hebben ambtenaren zich enkel te houden aan art. 19 der Tariefwet. Franken, Alg. Wet, blz. 143.

(11) Tegen het aannemen van vreemde munt is herhaaldelijk gewaarschuwd. Zie de vës. V. 1845, no. 58, V. 1853, no. 131, en V. 1860, no. 45. Verg. mede de quot;Wet van 28 Maart 1877, S. no. 43, en de aantt. op het Kon. besluit V. 1877, no. 62.

(12) Geplette koperen bladen of platen zijn bij art. 2 der wet van 1877 van invoerrecht vrijgesteld.

Art. 20 (1). (Vervallen ingevolge art. (gt; dor wet van 1877).

(1) Art. 20 bevatte bepalingen nopens het uitvoerrecht op lompen; het eenigste nitvocrYeeht, dat bij de wet van 1862 bestaan bleef.

Art. v21. De uit- of doorvoer van ammunitie en buskruit kan geheel of gedeeltelijk door Ons worden verboden (1—13).

(1) Tengevolge den oorlog tusschen Spanje en de Vereenig de Staten van Amerika {a) is bij Kon. besluit van 31 Mei 1898, S. no. 120, V. no. 71, de uit- en doorvoer van ammunitie en buskruit verboden geworden, behoudens de bij dat besluit toegestane uitzonderingen. Omtrent de uitvoering raadplege men de Min. res. van 6 Juni 1898, no. 53, V. no. 72.

(a) Zie, nopens de in acht te nemen onzijdigheid, V. 181)8, nos. 59 en 60.

(2) Krachtens de wet van 24 Juli 1870, S. no. 143, V. no. 106, kan de uit- en doorvoer van paarden, hooi, stroo, haver, steenkolen en cokes geheel of gedeeltelyk verboden worden.

(3) Zie over de toepassing van art. 21, in geval van een verbod, als in de aantt. 1 en 2 bedoeld, de res. van 24 Juli 1870, no. 3, V. no. 110, met aantt.

(4) Krachtens art. 1 der Wet van 26 April 1884, S. no. 81, V. no. 52, kunnen voorschriften worden gegeven omtrent den in-, uit- en doorvoer van buskruit en andere licht ontvlambare of ontplofbare stoffen. Zie deswege de aantt. in de Tabel hiervoor op den post Buskruit.

Eene Instructie voor de geleiders van ontplofbare stoffen is vastgesteld bij beschikking van den Minister van Waterstaat, Handel en Nijverheid van 15 Januari 1892, no. 174.

(5) Art. 44 van het Reglement voor het vervoer op de spoorwegen, vastgesteld bij Kon. besluit


-ocr page 270-

Art. 21.

524

523

van 9 Januari 1876, S. no. 7, bevat bepalingen nopens de goederen, waarvan het vervoer verboden is of slechts onder bijzondere voorwaarden wordt toegestaan. Gemeld Kon. besluit is medegedeeld bij res. van 26 Febr. 1876, no. 14, V. no. 19, en nader gewijzigd bij de Kon. besluiten van 2 Aug. 1883, S. no. 127, van 25 Nov. 1885, S. no. 195, van 20 Mei 1887, S. no. 87, V. no 51, van 9 Juni 1891, S. no. 100, V. no. 83, en van 9 Januari 1894, S. no. 4.

Nopens het vervoer op de lokaalspoorwegen zijn gelijksoortige voorschriften opgenomen in art. 46 van het Kon. besluit van 26 Mei 1890, S. no. 93, opgenomen in V. 1890, no. 78, en gewijzigd bij de Kon. besluiten van 19 April 1892, S. no. 90, en van 25 Juli 1894, S. no. 138.

Zie voorts het Kon. besluit van 26 Mei 1888, S. no. 86, V. no. 71, gewyzigd bij dat van 5 Sept. 1890, S. no. 152, V. no. 99, betreffende het vervoer van vee langs spoor- en tramwegen en de ontsmetting van veewagens, ten einde besmetting te verhinderen.

(6) De bepalingen omtrent het vervoer langs den Rijn van bijtende en vergiftige stoffen, zijn vastgesteld bij Kon. besluit van 2 Maart 1S87, S. no. 41, V. no. 23.

(7j Krachtens de wet van 28 Juni 1876, S. no. 150, V. 1877, no. 47. gewijzigd bij art. 10, sub 36, dei-Wet van 15 April 1886, S. no. (54, kan de in-, door- en vervoer van bepaald aangewezen stoften verboden of aan zoodanige voorschriften onderworpen worden, als in het belang der openbare gezondheid noodig voorkomen.

Dientengevolge zijn bij Kon. besluit van 5 Mei

25

1877, S. no. 100, V. no. 48, en de res. van Mei Lett. S.

1877, no gg. V. no. 49, bepalingen vastgesteld

omtrent den doorvoer van arsenicumhoudenden afval van aniline-kleurenfabrieken.

(8) Het vervoer van een lijk over de grenzen geschiedt ongehinderd, mits aan de ambtenaren der invoerrechten aan het grenskantoor eene verklaring wordt overgelegd, afgegeven door het Bestuur der gemeente, vanwaar het lijk wordt aangebracht, vermeldende den naam van den overledene en de plaats waarheen het lijk wordt vervoerd.

Bij invoer uit zee van het lijk van een aan boord van het schip overleden persoon, wordt de voormelde verklaring vervangen door een extract uit het dagregister, in art. 358 van het Wetboek van Koophandel bedoeld. Kon. besluit 18 Oct. 1869, S. no. 162, V. no. 187, art. 7.

(9) De wet van 28 Maart 1877, S. no. 35, V. no. 35, gewijzigd bij art. 10, sub 38, der wet van 15 April 1886, S. no. 64, bevat bepalingen tot wering van besmetting door uit zee binnenkomende schepen. Volgens art. 4 van eerstgenoemde wet mogen, wanneer gemeenschap met den wal of andere vaartuigen is verboden, geene goederen gelost en geene andere goederen aan boord worden gebracht dan die, welke voor het levensonderhoud der opvarenden of de verpleging der zieken noodig zijn.

Zie hierbij ook de aantt. in Frankek, Aly. Wet, hh. 21.

(10) Krachtens de wet van 2G April 1884, S. no. 80, V. no. 48, aangevuld bij die van 20 Juli d.a.v., S. no. 164, V. no. 93, en gewijzigd bij art. 19 der wet van 15 April 1886, S. no. 64, kan by het bestaan, binnen- of buitenslands, van Aziatische cholera, pest, gele koorts of pokken bij algemeenen maatregel van bestuur de in-, door- en vervoer van lompen, gebruikte kleeding-stukken, ongewasschen lijf- en beddegoed, onbewerkte wol en haar, huiden, bontwerk en andere voor het overbrengen van besmetting vatbare voorleer pen voor den tijd van ten hoogste een jaar verboden worden.

Dientengevolge is bij Kon. besluit van 24 Aug.

1898, S. no. 203, V. no. 108, voor den tijd van één jaar, de in-, door- en vervoer verboden van lompen, gebruikte kleeding stukken en ongewasschen («) lijf- en beddegoed\' uit landen of plaatsen, door de Min. van Binnenl. Zaken en Financiën aan te wijzen, met bevoegdheid om die aanwijzingen te veranderen, zoo dikwijls de omstandigheden dit gedoogen of noodig maken, alsmede om te bepalen of en in hoever de bagages, door reizigers medegebracht, onder het verbod zijn begrepen.

Zie, omtrent de uitvoering, de res. van 26 Juli 1884, no. 62, V. no. 79, en het Kon. besluit van 15 Januari 1885, S. no. 5, V. no. 12.

Mede raadplege men Weekblad no. 1053 en de aantt., opgenomen in Franken, Alg. Wet, blz. 22.

(lt;/) Onder ongewasschen lijf- en beddegoed is ook te verstaan datgene, hetwelk personen, die de grenzen overschrijden, voor hun eigen gebruik medevoeren. Het woord ^ongewasschenquot; moet in dien zin worden opgevat, dat daardoor verstaan wordt goed, hetwelk blijkens zijne onreinheid of de wijze van verpakking kennelijk bestemd is om opnieuw te worden ge-wasschen, alvorens het weder gedragen wordt. De toepassing van het bedoelde verbod kan zich evenwel bepalen tot lijfgoed in den strikten zin van het woord, zegge dus tot het goed, \'t welk met het lichaam in onmiddellijke aanraking komt. Rts. Juli. 1884, no. G2, V. no. 79.

(11) Krachtens de wet van 2 April 1898, S. no. 79, V. no. 48, kan tot wrering van voor den land-, tuin- of boschbouw schadelyke dieven en van plantenziekten bij Kon. besluit de in- en doorvoer, hetzy rechtstreeks, hetzij middellijk, worden verboden of niet dan voorwaardelijk worden toegestaan van bij dat besluit aan te duiden hoornen, planten, versche vruchten of andere land-, tuin-of boschbouw voortbrengselen of afval daarvan, afkomstig uit aan te wijzen landen, alsmede van emballage, welke met gemelde voorwerpen in aanraking is of kan zyn geweest.

Bij art 6 dier wet zijn de ambtenaren der invoerrechten en accijnzen belast met de opsporing der overtredingen van de krachtens die wet vast te stellen bepalingen (a).

Dientengevolge is bij Kon. besluit van 30 Januari

1899, S. no 53, V. no. 10, tot wering van de San José Schildluis {aspidiotus perniciosus) de in- en doorvoer verboden van levende boom en en heesters of deelen daarvan, afkomstig uit Amerika, zoomede van de emballage, welke daarvoor gediend heeft.

Nopens de uitvoering raadplege men V. 1898, nos. 69 en 70, alsmede V. 1899, nos. 11 en 15.


-ocr page 271-

Artt. 21—25.

Zie ook te dezer zake een artikel in de Fiscus no. 507, blz. 386.

(o) Zie hierbij aantt. l»—11 op V. 1896, no. 41).

Krachtens de Wet van 6 Deo. 1883, S. no. 181, V. 1884, no. 3, gewijzigd door de Wet van 15 April 1890, S. no. 48, V. no. 29 en krachtens de Wet van 26 Oct. 1889, S. no. 134, V. no. 124, zijn bij het Kon. besluit van 24 Dec. 1883, S. no. 248, V. 1884, no. 3, aangevuld door de Kon. besluiten van 14 Dec. 1889, S. no. 178, V. no. 124, van 26 Mei 1894, S. no. GO, V. no. 57, en van 7 April 1898, S. no. 103, V. no. 53, voorschriften gegeven nopens den in- en doorvoer van tafeldruiven, wijndruiven, druivenmoer en van planten, heesters en alle andere niet tot den wijnstok bchoo-rende gewassen, afkomstig uit boomkweekerijen, tuinen of broeikassen.

Tevens is bij art. 3 van eerstgomeld Kon. besluit de in- en doorvoer verboden van alle uitgetrokken wijnstokken en droge wijngaardranken, alsmede van wijngaardplanten en stekken, afkomstig uit streken, die door de phyloxera zijn aangetast.

Art. 8 van dat besluit bevat voorschriften nopens den uitvoer van planten, heesters, enz.

(12) Bij invoer van anijszaad (a) en staranijs behooren de ambtenaren op te volgen de res. van 24 Januari 1868, no. 37, en 1 Juni 1880, no. 51, terwijl bij invoer van oesters gehandeld moet worden overeenkomstig de ministerieele missives van 9 Sept. 1886, no. 26, en 21 Mei 1891, no 19.

(a) Op anijspoeder hebben de gegeven voorschriften geen betrekking. (Red.)

(13) Zie verder de aantt. op art. 19.

Art. 2*2. De bestaande wetsbepalingen, betreflende de formaliteiten omtrent ten doorvoer aangegeven goederen in acht te nemen, kunnen door Ons worden gewijzigd, waar zulks tot meerder gerief van den handel kan strekken, behoudens de vereischte maatregelen van zekerheid voor de invoerrechten (1)(2).

(1) lu dit art. wordt gezwegen over doorvoer-rcchlcn, omdat de wet van 8 Aug. 1850, S. no. 48, V. no. 67, is blijven bestaan, zijnde daarbij in art. 2 alle doorvoerrechten afgeschaft. Hes. 10 Oct. 1862, no. 105, V. ho. 105, III.

(2) Gelijke bepaling is opgenomen in art. 1 der der wet van 4 April 1870, S. no. 61, V. no. 61.

Krachtens deze laatste wet zijn de voorschriften gegeven, welke zijn opgenomen in het Kon. besluit van 26 Maart 1872, S. no. 19, V. no. 34, gewijzigd door dat van 12 Maart 1876, S. no. 53, V. no. 28.

Mede is een gevolg van voormelde wet het Kon. besluit van 26 Oct. 1883, S. no. 148, V. no. 101, toegelicht bij res. van 22 Nov. 1883, no. 64, V. no. 102, en 14 Juni 1887, no. 46, V. no. 53, omtrent den doorvoer van nieuire fusten, zakken en andere tot verpakking dienende voorwerpen, bestemd om hier te lande te worden gevuld en daarna weder te worden uitgevoerd.

Ingevolge art. 65 van het hiervoor genoemde Kon. besluit van 26 Maart 1872, S. no. 19, V. no. 34, kunuen bij Min. Lies. de formaliteiten vereenvoudigd worden voorden doorvoer met rechtstreeksch doorgaande treinen langs spoorweglijnen, die slechts over korte afstanden over het gebied van Nederland loopen.

Bij art. 75 der wet van 27 Sept. 1892, S. no. 227, V. no. Ill, is machtiging gegeven bijzondere voorschriften vast te stellen omtrent den doorvoer van zout. Ingevolge § 42 der ros. van 4 April 1893, no. 55, T. no. 30 zijn nog als toepasselijk aan te merken de Kon. besluiten van 3 Oct. 1862, S. no. 177, V. no 108, en 1 Maart 1864, S. no. 13, V. no. 35.

Art. 23 (1). (Vervallen ingevolge du wet van 28 Mei 1SG9, S. no. 94, V. no. 87).

(1) Bij dit artikel werd liet registratierecht nader geregeld voor reederij-cedels of verklaringen van eigendom, over te leggen bij de aanvrage van een Ned. zeebrief. (Bed.)

Art. 24-. | Vervallen ingevolge de wet van 1877 (1)].

(1) Zie art. 6 der wet van 6 April 1877, S. no. 71, cn de res. van 6 Juni 1877, no. 71, V. no. 54, §7. Art. 24 hield bepalingen in over het vervoer van lompen op de Linie.

Art. 25 (1). De wet van 19 Juni 1845, S. no. 28, V. no. 100, die van 30 Mei 1847, S. no. 24, V. no. 95, met uitzondering van de artt. 3, 4 en 5 (1), de artt. 1, 2, 4 en 5 der wet van 8 Aug. 1850, S. no. 47, V. no. 60, art. 1 (1) (2) dezer wet evenwel slechts voor zooverre den vrijdom betreft, bedoeld bij art. 3, § 1, der wet van 19 Juni 1845, S. no. 28, V. no. 100, de wetten van 18 Sept. 1852, S. no. 176, V. no. 156, van 9 Sept. 1853, S. no. 101, V. no. 116, en van 1 Sept. 1854, S. no. 126, V. no. 115, art. 1 der wet van 19 Dec. 1857, S. no. 1(54, V. no. 107, en de wet van 23 Dec. 1859, S. no. 136, V. no. 130, vervallen.

(11 Art. 25 schaft, voor zoover de in- en uitvoerrechten hier te lande betreft, alle bepalingen af, daaromtrent sedert de wet van 19 Juni 1845 uitgevaardigd. De wetten, daarop betrekkelijk, zijn in dit artikel opgenoemd.

Alleen zijn in stand gehouden de artt. 3, 4 en 5 der wet van 30 Mei 1847, S. no. 24, V. no. 25, betrekkelijk het lictief entrepot van granen, waaromtrent derhalve de bestaande voorschriften van kracht blijven («).

Art. 1 der wet van 8 Aug. 1850, S. no. 47. V. no. 66, blijft alleen nog behouden in verband met art. 6 dier wot; het is afgeschaft voor zoover het betrekking had op art 3, § 1, der wet van 19 Juni 1845, S. no. 28, V. no. 100 (zie aant 2 hieronder). Jies. 10 Oct. 1862, no. 105, V. no. 105, onderdrel V.

ia) Daar bij de wet van 1877 granen van invoerrecht zijn vrijgesteld, komt daarvoor üotiet\' entrepot niet meer te pas. De artt. 3—5 der wet van 30 Mei 1S47, ö. nu. 24, hebben dus thans ook hare werking verloren. (Ked.)


-ocr page 272-

Artt. 25—26.

528

527

(2) Art. 1 der wet van 8 Aug. 1850, S. no. 47, V. no. 06, bepaalt, in verband met art. 0, dus thans slechts welke vreemde schepen met Neder-landsehe schepen gelijkgesteld worden. Voor de toepassing der Tarief wet heeft de al of niet gelijkstelling echter geen beteekenis meer, daar bij de wet van 1850 het onderscheid in invoerrecht, tusschen de met Nederlandsche en met vreemde schepen aangevoerde goederen, is opgeheven, en bij de wet van 1802 de vrijdom is ingetrokken voor de met Nederlandsche of daarmede gelijkgestelde schepen aangevoerde voortbrengselen uit \'s Kijks overzeesche bezittingen.

Art. 7 der wet van 1850, welk artikel het tonne-geld der schepen opnieuw regelde, is ingetrokken bij art. 1 der wet van 14 Juli 1855, S no. 105, V. no 83.

Art. 8 der wet van 1850 is nog van kracht. Zie daarover aant. 1 op art. 17. (Red.)

Art. 2lt;). [Tijdstip van in werking treden dor oorspronkelijke wet (1)].

(1) De wet van 1862 trad 1 Nov. 1862 in werking, en de wet van 1877 op 1 Juli 1877.

Lasten en bevelen, enz.

Gegeven te Wiesbaden,den 15 Augustus 1862.

(get.) WILLEM.

Dc Minister van Financiën,

(get.) G. H. Betz.

Uitgegeven den acht en twintigsten Augustus 1862.

De Directeur van het Kabinet des Konings, (get.) De Cock.


AANVULLINGEN EN VERBETERINGEN.

BI adz.

9. In aant. 5 staat: 1 Januari; lees: 1 Maart.

11/12. In aantt. 2 en 3 wordt verwezen naar aant. 1 op Drop; dit moet zijn: aant. 3.

13. In regel 36 van boven staat; Controleurs; lees: Inspecteurs.

29/81. Op de artikelen Alcohol en Auiijl-alcohol wordt verwezen naar aant. 1 op Foezelolir; lees: aant. 10 op Olie.

31. In te lasschen:

Amarol, als Specerijen. (Red.)... waarde 5 pet.

39. In regel 2 v. b. staat: aardasch; lees haardasch.

•47. Het artikel Beestenvoeder in overeenstemming te brengen met het navolgende: Beestcnvoeder, bestaande uit melasse, vermengd met turfmeel (fijn gemalen turf of turfstrooisel), bostel, kaf, moutkiemen van graan, zemelen of een dergelijke onbelaste stof, wordt vrij van invoerrecht toegelaten, indien de daarin aanwezige hoeveelheid melasse niet meer dan 25 pet. bedraagt en anders met accijns belast als Stroop) zie aant. 2 op Suikir. (Red.)

73. Het artikel Caoutchouc-ringcn aldus te lezen: Caoutchouc-ringen en Caoutchouc-suoeren, bestemd tot verpakking van gaspijpen, worden als pakkingstof vrij van invoerrecht toegelaten. (Red.)

Bladz. 81.

95. 109. 225.

255. 2G1.

113.

In te lasschen :

CUroenlimonade, bevattende invertsuiker en citroenzuur, doch geen alcohol, als Koek- en banketbakkersioerk. (Red.)... 100 Kgr. ƒ 25.—. In regel 29 v. b. staat: aaggifte; lees: aangifte. In regel 4 v. b. staat: of met; lees: uit of met. De aant. op Koord als volgt aan te vullen: Ook z.g. paskoord, zijnde met katoen omwoeld koord, bestemd om in knoopsgaten van kleederen te worden genaaid, wordt geacht niet als manufacturen aangemerkt te kunnen worden, maar vrij ten invoer toegelaten.

(Red.)

De benaming Loef zaagjes te veranderen in Loof zaagjes.

Aant. 5 op Machines «als volgt aan te vullen: IJs- en koelmachines, bestemd tot gebruik aan boord van schepen, kunnen noch als fabriekswerktuigen, noch als deelen van schepen aangemerkt worden, maar zijn te belasten als Ijzerwerk. (Red.)

In te lasschen:

Stoomketels worden steeds vrij van invoerrecht toegelaten, dus ook al zijn ze bestemd voor de centrale verwarming van gebouwen.

(Red.)


Ui ij

/

-ocr page 273-

\\

-ocr page 274-
-ocr page 275-
-ocr page 276-