ATLAS-SLAGREGEN
CATALOGUS
VAN\' EEN\' ZEER BELANGRIJKEN
ATLAS VAN AMSTERDAM
i
TEEKENINGEN
De veiling zal plaats hebben Dinsdag 20 October 1891 des avonds te 61/, ure, onder direktic der Firma prederik Muller amp; O, in hun veilingslokaal, Doelenstraat 10.
amsterdam
FREDERIK MULLER amp; O 1891
ATLAS-SLAGREGEN
CATALOGUS
VAM EEN ZEER BELANGRIJKEN
ATLAS VAN AMSTERDAM
i
TEEKENINGEN
De veiling zal plaats hebben Dinsdag 20 October 1891 des avonds te ó1/, ure, onder direktie der Firma Frederik Muller amp; O, in hun veilingslokaal, Doelenstraat 10.
AMSTERDAM
FREDERIK MULLER amp; O
VEILINGS VOORWAARDEN.
\\
De verkoopina; geschiedt a contant, met to pCt. opgeld. Na toeslag is het verkochte voor rekening en risico des koopers, zonder eenige aktie of refaktie en zonder eenige verdere aansprake-kelijkheid van den verkoopcr.
\\
N.B. De titels, voor zoover cursief gedrukt en tusschen aanhalings-teekens geplaatst, geven zoo nauwkeurig mogelijk de oorspronkelijke opschriften terug, die zich èf op de teekening, óf op het opzet bevinden.
De maat der teekeningen is in centimeters aangegeven
KIJKDAGEN:
Zondag. Maandag en Dinsdag 18—20 October, van 10—4 uur.
„Zulk een verzamelen zul ik niet gispen! Ta, ik lioude het er voor, dat, zoo men maar half het genot daarvan kende, ieder burger een verzamelaar zoude worden.quot;
Justus van Effen.
Een Amsterdammer behoeft de vier kruisjes niet zoo heel ver achter tien rug te hebben om zich zijn geboortestad nog vrij wel te herinneren voor hare laatste aanzienlijke uitbreiding. Bij eenig levendig herinneringsvermogen rijst de stad weer voor zijn oog, omsloten door de oude muren met hare bolwerken, wier stomphoekige lijnen gevolgd worden door de stadsvest en deze wederom op hare beurt door de met iepen beplante buitensingels. Aan deze laatsten palen dan onmiddellijk de weilanden, hier en daar afgebroken door aardige buurtjes met kleine houten bruggen, sloten en paden, waar houtzaagmolenaars, warmoezeniers, bloemisten en dergelijken hun bedrijf uitoefenen.
Ook de Ukant zag er vrij wat anders uit dan thans. Het rampzalig denkbeeld om het prachtig gezicht op de stad aan het oog te onttrekken dooiden aanleg van een spoordijk, was nog in niemands brein opgekomen. Wel belemmerde een uitgebreid paalwerk, ten dienste der accijnsen, den vrijen toegang tot de stad, maar het pittoresque van den Ukant werd daardoor niet bedorven.
Wie herinnert zich niet het luiden van de boomklok, wanneer des avonds de „boomenquot; de openingen in dat paalwerk aan IJ en Amstel afsloten! Maar dan herinnert men zich ook die aardige jachthaven, niet ver van de Nieuwe Stads-herberg, een rij houten gebouwtjes, als even zooveel hangende theetuinen aan dat paalwerk opgetrokken, waaruit do ouders van de watersport-licvende jeugd de „liauts gestesquot; van hun kroost gadesloegen.
Ook in de stad was het oude karakter vrij wel bewaard gebleven. Wel had de altijd sloopende tand des tijds vrij wat gevels doen veranderen,
IV
toen synoniem met verknoeien, maar een uit liet graf verrezen achttiende-eeuwschen Amsterdammer zouden die veranderingen weinig getroflen, hem altiians niet belet hebben zonder cenigo aarzeling zijn weg te vinden.
in dien toestand van rust kwam dertig jaren geleden op eenmaal verandering. Dr. Sarphati gaf het sein met den bouw van het „Paleis voor Volksvlijt.quot; Wat waren die twee nieuwe straten, Oost- en Westeinde, toen een aanzienlijke uitbreiding in onze oogen en wat dunken ze ons nu van weinig beteekenis bij hetgeen daarna is aangebouwd! Want gelijktijdig met den aanvang dezer uitbreiding valt de groote exodus uit de provincie naar de hoofdstad, die zich dan spoedig in haar steenen omwalling veel te bekneld gevoelt. Dan worden de muren geslecht, de molens der bolwerken verdwijnen, de poorten worden afgebroken, de vest genormaliseerd alias grootendeels gedempt en de fraaie buitensingels tot op weinige fragmenten na geraseerd. Waar voor weinige jaren nog hel vee graasde, werden nu buitenwijken, ware voorsteden, gebouwd, waarin menig geboren Amsterdammer den weg niet kent.
En ook de eigenlijke stad bleef niet verschoond: grachten werden gedempt, bruggen verlaagd, stegen tot breede straten verwijd, plantsoenen aangelegd en de weinige vrije ruimte, binnen de oude ommuring nog overgebleven, spoedig volbouwd. Terwijl in de eerste helft dezer eeuw het oprichten van een gebouw van eenige beteekenis een groot feit in de stadsgeschiedenis was, verrezen er in de laatste dertig jaren zoovelen dat ze nauwelijks meer opgemerkt werden. Wij herinneren slechts aan het museum, de kerken, de schouwburgen, het centraal-station, de inrichtingen voor den handel, maar vooral aan het groot aantal gebouwen voor hooger en lager onderwijs.
In een tijdperk waarin een stad zóo snel verandert en zoo zeer dreigt haar karakter te verliezen, is het een waar genot haar ongerept terug te vinden in hetgeen teeken- en graveerstift van haar hebben vereeuwigd. Gelukkig zijn. onze vaderen groole verzamelaars geweest en hebben daarom teekenaars en plaatsnijders steeds aangemoedigd om Amsterdam, van alle mogelijke zijden gezien, in plaat te brengen. Dankt het aan dienzelfden verzamel-ijver dat er geen gebeurtenis van eeuig gewicht plaats grijpen kon zonder dat daarvan een prent werd uitgegeven of althans een teekening vervaardigd.
Dit verklaart het feit dat er van geen stad ter wereld, Rome misschien uitgezonderd, zooveel 17e en 18e eeuwsche prenten en teekeningen bestaan als van Amsterdam.
V
Hel bijeenbtengeu van dergelijke lopugralische preiilen lol ven „Alias van Amdcrdainquot;, voorheen üoo algemeen, is in de Iweede helll van deze eeuw zeer sterk afgenomen. Eerlijds had ieder gezelen burger een kleinere ol groolere verzameling boekwerken en daarnaast eenige porlefeu.\'lles mei plaien. Komt tegenwoordig nog eens zulk een vergelen portefeuille aan hel licht d.m is helaas de eerste vraag „hebben deze nog eenige waardequot;, en wordt die vraag bevestigend beantwoord, dan is de vondst bijna altijd spoedig te gelde gemaakt.
Vooral wanneer zulk een portefeuille prenten van topographischen aard bevat, vermoedt men niel half van welk oen genol men zich door dat overhaast wegdoen berooft. Voor hem wien de geschiedenis van zijn woonplaats een gesloten boek is, is die stad een nietszeggend agglomeraat van huizen, — voor hem daarentegen die aan de hand zijner verzameling den oorsprong, aanwas, uitleg en voortdurende verandering der stad bestudeert, wordt elke wandeling een ontdekkingstocht, een bron van leering en genoegen. Overal vindt hij de sporen van de glorierijke 17e, van de weelde der 18e eeuw terug. Zijn fantaisie, opgewekt door de afbeeldingen die zijn atlas verrijken, verlevendigd door lectuur van boeken zooals die van Wagenaar en ter Gouw, doet het verleden weer voor zijn geest opdoemen. Muren en poorten ziet hij bemand en verdedigd als in Middeleeuwen ol Spaanschen tijd, — pleinen ziet hij bevolkt niet een dreigende menigte, den magistraat opeischend tegelijkertijd „van God en van koningquot; te veranderen, zooals in de dagen der troebelen, of, vroolijker schouwspel, overvol met een praalzieke burgerij, den geliefden „Prince van Orangiënquot;, hooge gasten als Maria de Medicis of Henriette van Engeland, vorstelijk inhalend. Ue haven is niet, zooals nu, zóó ledig dat men angstig uitziet of er nog wel één schip overig blijft, maar ze is een mastbosch gelijk. De oude, schilderachtige gevels verraden hem door hun stijl het tijdperk van hun ontstaan. Hij kent de groote mannen die in die huizen geleefd hebben; hij weet wat, volgens historie of traditie, wetenswaardigs achter die gevels is voorgevallen. Iedere gracht is voor hem een historische lijn. immers eenmaal de vest of uiterste grens der stad. Saxa loquuntar, de stecnen spreken.... maar alleen voor hem die hun taal heeft leeren verstaan.
Is het niet jammer, dat zulk verzamelen meer en meer in onbruik geraakt 1 Heeft het tegenwoordig geslacht geen oog voor deze dingen ? Ik kan het niet gelooven! Veeleer is hier het spreekwoord toepasselijk „onbekend
VI
maakt onbemind.quot; Ja, van Ellen heel\'l gelijk: i e d u r bur gei- zou een verzamelaar worden, wist hij maar hoeveel genot erin steekt.
Welnu, de gelegenheid biedt zich aan om aan die ,onbekendheidquot; een einde te maken. Een verzameling Amstelaedamensiana zooals in jaren niet voorkwam, de beroemde Atlas-Slagregen is aan onze zorgen toevertrouwd en zal in meerdere veilingen onder den hamer komen.
Moge dan deze veiling de aanleiding worden om de belangstelling van velen in zulk verzamelen weer op te wekken. Voorraad is er waarlijk genoeg! Want op deze eerste veiling, die alleen de teekeningen der verzameling brengt, zullen nog meerdere belangrijke catalogi, waarin de prenten en portretten beschreven worden, volgen. Met de schikking en beschrijving van die alle zullen evenwel heel wat arbeid en zeker wel een paar jaar gemoeid zijn.
F. A. v. S.
De guillotine de eerste maal in Amsterdam gebruikt. Zie No. 19.
Amsterdamsehe gebeurtenissen.
„Oudheden van Amdelredamme, met Aanieekeningen opgehelderd, meeren-deels door Abraham Rademaker getekent, henevens een korte hesch rij enige van de oude Schutters Doelens derzelver Stad. Uit liefhehherij vergaderd en beschreven door Christ off el Beudekerquot; Fraai handschrift, waarin de vervaardiger G. Beudeker vele uitmuntende teekeningen van Abraham Rademaker en anderen binden liet. Rijk versierde hoornen band, gekleurd en met goud. folio.
Zeer belangrijk handschrift, vooral de afdeeling ; »Besc/irijvinge van de Doelensquot;. Deze is verrijkt : 1°. met afbeeldingen der gebouwen, geteekend door Rademaker, — 2°. met een zeer belangrijken platten grond, IIS. in kleuren, geteekend door den Stads-landmeter De Rijs, in 1642, toen de schiet-terreinen van stadswege werden verkocht; (hierop o. a. zeer duidelijk de door ter Gouw in zijn Nalezingen beschreven Voldersloot), — 30. met zeven bladen zeer fraai in kleuren geteekende wapens der overlieden (1477—1659),—40. met zes teekeningen in O. I. inkt naar nu deels niet meer bestaande schutter-stukken, uit het begin der 17e eeuw, namelijk:
I. Kapitein Boelensz, compositie van 18 personen.
II. » Pieter van Neck, » »21 »
III. » Adr. Pietersz. Raap, » * 27 »
IV. » Simon Wz. Nooms, » »17 »
V. » Jan Jz. Karei Jong, » »26 ;gt;
VI. Luitenant Pieter Hasselaar, » »12 »
VII. Kapitein Adr. Pietersz. Raap, » »12 »
AMSTERDAMSCHE GEBEURTENISSEN.
Deze teekeningen zullen zeker strekken om de vele duistere aanwijzingen in het handschrift van Gerard Schaep (geschenk van den Heer Ger. A. Heine-ken aan het Stads Archief) beter verstaanbaar te maken. Vergelijk D. C. Meijer Jr.y De Amsterdams che Schutter stukken (Oud-Holland, 3e Jaargang).
Maar ook het overige gedeelte van dit HS. verdient ten zeerste de aandacht. De schrijver behandelt uitvoerig de poorten, wallen, versterkingen, kloosters, kerken, eenige openbare gebouwen, enz. Hij voegde in dezen tekst: tachtig teekeningen, met roet gewasschen door Abr. Rademaker, en een belangrijke teekening van W. Schellinks 1642: de ingang van het oude Stadhuis, voorheen van \'t Elisabeths Gasthuis, waarbij nog een andere afbeelding van dezen ingang met \'t jaartal 1644.
Voorts twee bizonder fraaie teekeningen in kleuren door D. van Br een, afbeeldende den Janroodepoortstoren en den Zuiderkerkstoren. Op deze laatste, de waarschijnlijk gelijktijdige aanteekening: vin Meif i6jS Dese galen syn toegestopt en de oude doeken hoogh ge da enquot;.
Eindelijk nog meerdere andere teekeningen (o. a. een serie belangrijke afbeeldingen der kloosters, en een gezicht op de Kapel door Vegter Dirks en Claes Hz. Otter, in 1510 in de Nieuwe Kerk gesticht), verschillende met zorg gekleurde prenten (waarbij de zeldzame ets van Aloucheron : Vuurwerk voor het Moscovisch Gezandschap, 1697), enz. enz.
Ook de tekst verdient geraadpleegd te worden. De schrijver, Christoffel Beu-deker, was bevriend met Gerrit Schoemaker, P. Vlaming en Balth. lïuydekoper, die te zamen de stoffen bijeenbrachten voor een Geschiedenis van Amsterdam. Daartoe had hij zeer uitgebreide verzamelingen aangelegd, o.a. een kostbaren atlas van kaarten en platen, een rijk penningcabinet, maar ook dokumenten en charters, waarvan hij er in dezen tekst afschrijft. Ook persoonlijke herinneringen, die tot ver in de 17e eeuw teruggingen, vlecht hij in zijn verhaal, zoo b.v. de vergaderingen der Labadisten in een vertrek getimmerd boven de voormalige kapel van het Sint Maria Convent; — ook een mededeeling, hem door een lid van het geslacht Backer gedaan, ter verklaring van het staken van den torenbouw der Nieuwe Kerk.
Over de Kloosters handelt hij uitvoerig; zoo geeft hij een uitgebreide lijst van de inkomsten van het Reguliers Klooster. Bij het behandelen der kerken geeft hij vele bijzonderheden over het tweemaal «opvijzelenquot; van den Oudekerks toren, enz. enz.
Dat het hem niet aan kritiek ontbrak, blijkt o.a. uit een terechtwijzing van Commelijn, waarin hij aantoont dat het wapen in de kapel van Willem Eggert (Nieuwe Kerk), niet van hem; maar van Jan Berends is, en wel gevierendeeld : Berents, De Grebber, Eggert, Boel. Wagenaar is later Commelin in deze dwaling gevolgd.
Beudeker stierf in 1723.
2 Dp optocht op Koppermaandag ten behoeve van de leprozen. Naar dc schilderij van Ifr. van Nieuirlnnd, voorheen in het Leprozenhuis. Twee prentteekeningen, opgewasschen met kleuren door Lacpnj. — Zeldzaam.
3 Wapen van het burgemeesterlijk geslacht De Graaff. Fraai geleek end met 0. I. inkt, omstreeks 1050. — H. 20, B. 21.
Hierbij liet zegel van dit geslnclit.
i Allegorie op den buitensporigen wind-en actiehandel te Amsterdam, in 1720. (John Law en de South Sea Bubble). De Nederlandsche Maagd is zittende
2
AMSTERDAMSCHE GEBEURTENISSEN.
algebeeld; links versdiijiil de Gerechtigheid, die mei hare bliksems den Windhandel van de Beurs drijft. De windhandel is gepersonifieerd door twee vrouwspersonen voorzien van tal van „Zuidzee-actiënquot;, „Aden van assurantie1, enz., waarvan een gedeelte op den grond tusschen paddestoelen ligt. Op den achtergrond, eenige Harpijen en een wanhopige speculant die door een slang in het hart gebeten wordt. Schilderij, op doek, gesigneerd F. van der Wilt 1720. — Hoog 83, breed 68 centimeter.
5 Brand van \'s Lands Zee-Magazijn, 9 Maart 17 2. De ramp van den Schreyers-toren gezien. Aquarel door 11. Spilman., 1771. — II. 21, B. 28.
Spilman teekent op de achterzijde van de volgende teekening aan: tEen jaar vóór de brand ge teekend\'\', hetgeen ook hier met de jaartallen overeenkomL Maar op zijn teekening van den brand van een molen bij de Utrechtsche Poort (No. 13) maakt hij dezelfde aanteekening. Nu wordt het wel wat apokrief!
Het gebouw brandde geheel af 6 Juli 1791.
(i Dezelfde brand, maar bij avond. Aquarel door //. Spilman. — H. 9, B. 21.
7 „Aron Ahrams na \'t leven getekent int Rasphuis. Clndmer Salomons fee.quot; Een schelm en woekeraar, in 1737 veroordeeld. Teekening in rood krijt.
Hierbij de spotprent op hem: »Een oude en schadelijke rot in de val of de gevange zittende smousquot;. Naar y. van Dijk door A. van Buy sen. — F. M. 375S.
8 Plundering van het huis van den wijnkooper A. M. van Arsen, op den Singel bij de Huiszittensteeg, 2i Juni 1748. (Oproer over de Ambten). Fraaie, gelijktijdige schets met O. 1. inkt. — Ovaal. H. 41, B. 32.
9 Het oorlogschip Kennemerland in het Dok, voor het Zee-Magazijn liggende, verbrandt, 25 Aug. 1778. Teekening mei O. I. door (F. Wagenaar).
Hierbij een kleine gravure door S. Fokke, met andere stoffage.
10 De Bestauratie van 1787. Rustbewaarders begeleiden een chassinet, waarop Willem V is afgebeeld. Aquarel door (J. Smies). — H. 15, B. 23.
11 Brand van \'s Lands Zeemagazijn, 6 Juli, 1791. Teekening met de pen, rood krijt en O. 1. inkt door Bulthuis. — H. 15, B. 21.
12 „Gezicht van de brand in de Houtzaagmolen de Groote Leeuw, aan V Eynde der Kadijk: op den 50«\'«« January 1794\'quot;, enz. Teekening met O. I. inkt door A\'. SchticMnk. — II li), B. 25.
13 „Brand van een mooien hy de Utrechtse l\'oordt tot Amsterdam.\'quot; Teekening in kleuren door II. Spilman (1794). — H. 10, B. 21.
14 „Vreugde Bedrijven hij het plante der Eerste Vrijheidshoom op het Revolutie Plein .... op den dag der Heugelijken omwending zijnde den 21 Jannuarg 1795quot;. Het gezicht is genomen op de Nieuwe Kerk. Om de Vrijheidsboom waarin eenige opgetogene lieden klimmen, wordt gedanst. Teekening niet O I. inkt door lierman Fock. — H. 18, B. 19.
15 „Vreugde-Feest, ter inweijing van de Vryheids-Boom, gevierd in Amsterdam, op den id?» Maart 1796, het l^fe jaar der Bataavsche vrijheid.quot;
3
AMSÏERDAMSCHE GEBEURTENISSEN.
De Dam, ziende iiiuu- de Kalverstraat, door infanterie afgezet en vol toe-scliouwers. In liet midden, de Vrijheidsboom waarom gedanst wordt. Kapitale en fraaie aquarel, naar liet leven, door H. Nuraan. — H. 44, B. 49.
Hiervan bestaat een zeldzame en zeer goed uitgevoerde reproductie in kleurendruk. Muller, Historieplaten No. 5351.
lü De omwenteling van 1795. Decoratie op het Kadijksplein. Aquarel door A. Verkerk. — H. 25, B. 28
17 Amsterdamsche weerbaarheids uniformen van 1795: Amsterdarnsch Genootschap, Waardgelders, Schutterij, Ruiters, Artillerie, College Hector. Zes aquarellen. — H. 19, B. 12.
18 Plechtige intocht van Lodewijk Napoleon, 20 April, 1808. De staatsiekoets met acht paarden bespannen, verlaat de Muiderstraat en is op het punt de Amstelstraat in te rijden. Fraaie en belangrijke teeke-ning in O. 1. inkt door J. A. Langendrjk ad vivum, 1808. — 11. 34, B. 45.
Naar deze teekening ging een aqua-tinta prent van y. A. Lutz uit, die nu weinig voorkomt.
19 „Het Guiliottine liegt voor de eerste maal hinne Amsterdam uitgeoefend, aan Hester liebekka Neppiny, Adriana van Rijswijk en G err it Verkerk, op den 15 Junij 1S12\'\'. Gezicht op het schavot (met de executie) opgericht tegen de St. Anthonies Waag. Aardige stoflage, waarbij de Compagnie van reserve en de bezoldigde Garde te paard de orde bewaren. Kapitale aquarel door Gerrit Hulsehoom. — H- 29, B. 39.
Zie het vignet, bladzijde I. In de Feuille politique du Département du Zuyderzee, van 16 Juni 1812, wordt gesproken van vrouw Brmnmelkantp en hare medeplichtigen. Het mes dezer guillotine wordt bewaard op het Gemeente Archief, het houten geraamte op den zolder van het Trippenhuis.
20 De Kasematten te Naarden, tijdens het beleg in 1813. Geestige teekening met O. I. inkt door P. G. van Os, die aan de belegering deelnam. — H. 35, B. 52.
Eenige schilderijen de belegering van Naarden voorstellend, door P. G. van Os geschilderd, bevinden zich in het Museum, en in de verzameling der Schutterij alhier.
21 De Brand in de Haarlemmer Houttuinen, 1822. Teekening met O. 1. inkt door G. Lamberts. — H. 20, B. 28.
22 Plechtige lijkvaart van de stoffelijke overblijfselen van J. C. J. van Speyk, 4 Mei 1832. „Het jezigtspunt is genomen van hij de Kraansluis, uit het huis des teekenaars, ziende door het Oosterdok naar de Kattenhurgerhrug en een gedeelte van \'s Rijks Werf\', zijnde toen de dok- of afsluitdijk nog niet voltooid, zoodat het doorzigt langs de Buitenkant vrij was.quot; Kapitale teekening met sepia en O. 1. inkt door H. Vettewinkel Dkz. — H. 37, B. 50.
4
AMSTERDAMSCHE GEUEURTENISSEN.
23 Lijkvaart van J. C. J- van Speyk. De sloepen op de hoosto van den Sclireijerstoren. Met O. I. inkt door 11. G. ten Cate, 1832. — H. 20, L\'. 25.
Hierbij de gravure door IV. Nieuivhqff naar deze teekening, — Invitatiebillet tot bijwonen der begrafenis van Van Speyk in de Nieuwe Kerk, — Lijst der voorwerpen vervaardigd uit de overblijfselen van de kanonneerboot, — Lot in de van Speykloterij, enz.
2i „Het openen der groot e Oostelijke Doksluis... het oogenhlik dat de Co-vet Van Speyk uit de sluis komt en gesalueerd tvord door een kanonneerhoot... te zien van het F naar de. Stad.... Deezen eerste doorschutiing van het eerste schil] van dien naam, had plaats op Zaturdag den 5 Mei 1832, daags na de plegstatige lijkvaertquot;. Kapitale teekening met sepia en O. I. inkt door H. Vettewinkel Dkz-, 1832. — H. 37, B. 49.
25 Het Korvet „van Speykquot; schuttende in de Doksluis. Met gezicht op de Marine-werf. Aquarel door II. G. ten Cate, 1832. — H. 30, B. 41.
20 „De Waarheid en de Tijd ontdekken aan de Historie de jongste gedenkzuil van Neêrlands Roem\'\'. Allegorie op de daden van Van Speyk, Chassé en Koopman, in 1830, waarbij de Faam een borstbeeld van Willem 1 kroont. Aquarel door ./. v. d. 1\'. — H. 38, B. 38.
27 Terugkomst der in den Belgischen veldtocht uitgetrokken schutters, 5 Sept. 1834.
a. Decoratie voor het Paleis. Teekening in kleuren.
h. Eerepoort op den Amstel bij de Magere Brug. Teekening.
e. Gedicht op een chassinet, voor het huis van een hoedemaker, Haarlemmerdijk, waaruit blijkt dat „met God en Uquot; (namelijk „de bloem der Schutterijquot;) Neerland geen gevaar ducht.
28 Hel verbranden van het Gebouw van Weldadigheid („Soeplootsquot;) op de Heerenmarkt, door een over de personeele belasting ontevreden volksmenigte, 2 Juli 1835. Aquarel door (Postma?). — H. 18, B. 23.
Hierbij de Akte van Beschuldiging door de Gebr. Diederichs (Handelsblad) uitgegeven. Voorts, in HS., een advertentie door de advocaten der beschuldigde in den Amsterdamschen Courant geplaatst, een protest tegen deze uitgave, en het antwoord daarop van Gebr. Diederichs. — Curieus.
29 „Een gedeelte van de verwoesting op het IJ hij de nieuwe Stads herberg veroorzaakt door de storm op den 35 en 26 Dec IS SO.\'\' Teekening met O. 1. inkt door (Postma). — H. 19, B. 20.
30 „Afbeelding der overblijfselen daags na den brand in het laatst van September 1837 op de N. Z. Achterburgwal achter hel Nutquot;. Teekening met O. I. inkt door (Postma). — H. 20, B. 12.
31 ,Afbeelding van het versiering van het 1\'oolsche Koffyhuis ter gelegendheid van de 25 jarige regering van Z. M., tevens ziende door de Papenbroek-steeg op een der bogen welke op dit oogenhlik nog in wezen was van de afgebroken Beurs.quot; Teekening met O. 1. inkt en kleuren. — H. 29, B. 20.
Het 25 jarig jubilé van Willem I werd gevierd 30 November 1S3S.
C) AMSïERDAMSCIIE GEBEURTENISSEN.
32 „lllniniiiatic ter yeleyenheid van, Z. M. den Koning op de Hoyeduliquot;. (18;}8). Jarig Jubilé van Willem 1. Teekening met O. 1. inkt door (Postma). — H. lü, B. 1\'J.
33 Bezoek van den Erfprins na zijn lm wel ijk met Sophia van Wurtemberg, 23 Sept. 1839. Drie potloodteekeningen.
a. „rraalfjehoiiw op den Dam henevens het nieuw (jehouiv der Societelt De Vriendschapquot; (nu Zeemanshoop).
b. „Eerepoort staande .... aan de Haarlenimenceg
c. „Gothieke tempel gestaan hebbende op de Reguliersbreêstr.quot;
34 De „IJzeren Spoorwegquot; aan het Station bij de Twee Honderd Roe, 1839. Potloodteekening door (Postma ?). — H. 13, B. 22.
Dc omnibus van de te gelijker lijil opgerichte maar spoedig gestaakte Onderneming van Jonker c. s., is hierop ook afgebeeld.
35 Afschutting ter vergeefs beproefde pntboring voor zoet water op de Nieuwmarkt, 1837. Afgebroken 1843. Teekening met ü. I. inkt. — H- 17, B. 19.
30 ^Gebroken Kannetje (eau gelijke groote) met hel Wapen van Amsterdam, gejaarmerkt 1030, gevonden bij de opgraving tot de fonderinglegging in 184\') der Suiker Stoom/\'abriek der lleeren Brinking en Hidshofj\', op de Louwriergragtquot;. Teekening in kleuren. — H. 28, B. 22.
Watersport.
37 Het Admiraal-zeilen op het V, op het einde der zeventiende eeuw. Fraaie penteekening door A. Stork, omstreeks 1685. — H. 14, B. 41.
38 Zeilpartij op het Y, bij het bezoek van de kort te voren gehuwde Prins en Prinses van Oranje (Willem 11 en Anna Paulowna), 24 Sept. 181C. Kapitale aquarel door P. G. van Os, 1816. — H. 46, B. 59.
Bij dit waterfeest manoeuvreerde voor de eerste maal in deze wateren, een stoomboot, die daartoe uit Rotterdam herwaarts gekomen was. Deze boot is op de teekening afgebeeld. Zie Stuart, Jaarhoeken 1816, I. 34, 35.
39 Het Admiraal-zeilen op het V, in 1832. Teekening met O. 1. inkt door H. Vettewinkel. - H- 20, B. 29.
Een groote teekening hiernaar, door denzelfden teekenaar, berust in Zweden.
40 „Een Admiraliteits Jagt ent Haventje benoorde het Tolhuysquot;. In hel verschiet Amsterdam. Uitvoerig met O. 1. inkt door 11. Rietschoof, 1728. - H. 20, B. 32.
• 41 „Het oude Amsterdamsche jaagschuitjéquot;. Sepiateekening naar een onde afbeelding. — H. 21, B. 24.
Poorten en Torens.
A\'2 Het stamslot der van Amstels. Teekening in waterverf door •/. l\'luos van Ainstel. — H. 18, B. 21.
Op de keerzijde, deze belangrijke aanteekening in hel I1S. van Ploos van Amstel: xDeze teekening is gemaakt na het origineel, berustende in de oude Familie des heeren van Aemstel ; agter stond als volgt: vdoor die kenncmaren verbrand ende jammerliken verwustit verlovndc sich alzoo in o/izes heeren Jaer MCCCgetekent op den dach van S. Jaii\\ enz.
43 Muren en poorten der stad in de XVe eeuw. Verzameling van twintig teekeningen met O. I. inkt. Eenige behooren tot een later tijdperk.
14 De Schreierstoren, met de Geldersche Kade en de houten brug over die gracht. Fraai met potlood en 0. I. inkt door Anthonie Beerstraten, omstreeks 1G50. — H. 18, B. 28.
Deze houten brug is met hel maken van een nieuwe waterkeering, in een steenen veranderd.
15 De Montalbaanstoren, met het einde der Oude Schans, ziende naar het IJ. Met 0. 1. inkt door .1. Stork, omstreeks 1(580. — H. 12, B. 18.
46 Do St. Anthonie\'s Waag (voorheen St. Anthonie\'s Poort) van den Ukant. Teekening met O. 1. inkt, 2e helft der XVIIo eeuw. — H. 17, B. 22.
17 „d\' St. Anfonies \\\\\'aalt;j t\'Amnterdtim. Dit yes\'ujt is yetekent van d\'Hoek mn d\' St. Anlonies Breedstraatquot;. Fraaie, uitvoerig en aardig gestolToerde aquarel iloor R. Vinkeles, 1764. — H 18, B. 21.
18 Gezicht op den Haringpakkerstoren, ziende naar het IJ. Naar een schilderij van Anthonie Beerstraten, omstreeks IGüü. Aquarel door 11. Spilman. - H. 15, B. 20.
8 POOKTEN EN TORENS.
49 Gezicht op den Hiuiugpakkorsloren, op liet einde van de Korte Prinsengracht en verder op de Nieuwe Stadsherberg. Met veel stoflage van schepen. Schilderij in olieverf, op doek, door Abraham Stork, omstreeks 1680. Hoog 75, breed 107 centimeter.
Belangrijke .afbeelding vun dit deel der stad.
50 De Haringpakkerstoren tijdens de afbraak. Augustus 1829. Teekening niet O- 1. inkt door A. J. Ei/mer. — H. 21, B. 29.
Hierbij: »Ue Klagende Haringpakkerstoren bij zijn afbraakquot;. Door C. Lindeman. Amsterdam, 6Vlt;V. Koster.
51 De Janroodepoortstoren, komende van de Warmoesgrachtzijde. Met uitvoerig gezicht der huizen op den Singel voorbij de Oude Leliestraat. Teekening omstreeks 1075. — H. 17, ü. 22.
52 De Janroodepoortstoren inet den Singel, ziende naar de Ronde Luthersche Kerk. De houten stal (zie No. 54) is hier nog niet gebouwd. Fraai en uitvoerig met O. 1. inkt door J. de Beyer. — H. 20, B. 34.
53 De Janroodepoortstoren op den Singel, komende van de Warmoesgrachtzijde. Aquarel door G. Lamberts, omstreeks 1815. — H. 17, B. 17.
54 De Janroodepoortstoren met den aangrenzenden Singel, ziende naar het Noorden. Kapitale aquarel door J. can Leeuwen, 1829. — H. 39, B. 48.
De Toren werd 31 Aug. 1829 voor afbraak verkocht, voor ƒ 11 525.— de houten stal daarnaast voor f 400.—. Hierbij de * Af scheidsrede van den Janrooden-poorts Toren\'^ door C. Lindenman. Amst., Gebr. Koster,
55 ,Oude Heiligeweqspoort te Amsterdamquot;, met de omgeving. Fraaie teekening met zwart krijt en O. 1. inkt door Anthonie Waterloo, omstreeks 1650. — H. 40, B. 05.
Belangrijk dok urnen t voor dekennis der toenmalige t o p o g r a p h i e, afkomstig uit het Cabinet Ploos van Amstel. Deze poort stond bij het Koningsplein (toen nog water) en was in 1636 door Jacob van Campen gebouwd. .Bij de laatste vergrooting der 17e eeuw werd zij weer afgebroken.
56 , Heijlige Weys Puurt tot Amsterdam\'. Schets met zwart krijt, gedeeltelijk opgewasschen met kleuren. Omstreeks 1650. — H. 23, B. 41.
57 De Heiligevvegspoort, van de buitenzijde gezien. Geboomte op den voorgrond. Fraai inet roet en O. I. inkt geteekeud door G. van den Eeck-hout, omstreeks 1060. — H. 20, B. 31.
Belangrijke teekening. De tulpvormige vazen, op de beide vorige teekeningen zichtbaar, zijn hier verdwenen. — Zie vignet, bladz. 7.
58 „ De oude Regulierspoort, 1315quot;, van twee zijden gezien. Twee teekeningen met O. 1. inkt door J. Stellingwerf). — H. 14, B. 18.
59 „Regulierspoort can hwjten en de Molen hg de blauwbrugquot;. Met O. I. inkt door J. Stellingwerf- — H. 12, B. 20.
POORTEN\' EN TORENS.
00 „De oude Reyuliers Poort can binnen na de stads vest te zien, lö±5quot;. Met een ander geziclit op de stadsvest. Twee teekeningen met O. I. inkt, door Tavenier.
(51 De Rogulierspoort. Fraai met de pen, met een weinig kleur opgewasschen door Claes Janszoon Visscher, omstreeks 1035. — H. li, B. 31.
Merkwaardige teekening. Deze poort bestond uit een houten hek, twee ophaalbruggen en een hamei. Zij was dus niet sterk; daarom meende Willem II, in 1650, de stad aan deze zijde te verrassen. In 1655 werd een steenen poort gebouwd.
02 De Reguliers- of Munttoren, komende van den Singel Met een overdekte gaanderij, hebbende drie bogen aan de westzijde, sinds lang afgebroken-Teekening uit de tweede helft der XVIle eeuw. — H. 22, B. 17.
03 , De Reyuliers Poort gestaan hebbende ten eynde de Reguliers hreestraat, dog Ao. 1655 een steene poort in de plaats gesteld, nu nog de Waag.quot; Teekening met O..I. inkt door .ƒ. Stellingwerf. — H. 12, B. 20.
04 De oude Haarlemmerpoort. Twee fraaie ponleekeningen door J. Matthijsse. (XVIle eeuw). — H. 8, B. 10.
Deze teekening en de vijf volgende stellen niet de oudste Haarlemmerpoort voor, die aan het einde van den Nieuwendijk stond, maar de schilderachtige poort door Hendrik de Keyzcr gebouwd, en voor ruim vijftig jaren door de Willemspoort vervangen.
05 , Buiten brug aan den Haarlemmer Poort te Amsterdam. No. 1 . Teekening met O. 1. inkt door 11. Pothoven ad vivum. (2e lielft der XVIlle eeuw). — H. 23, B. 30.
00 „De Haarlemmer Poort can buiten, No. ie Amsterdamquot;. Teekening met O. I. inkt door 11. Polhoren ad vivum. — H 23, B. 32.
07 De oude Haarlemmerpoort met de molens De Kraai en De Beer, buiten Amsterdam. Uitvoerig met O. 1. inkt door D. Verrijk, omstreeks 177ö. — H. 18, B. 32.
08 De oude Haarlemmerpoort, van buiten komende gezien. Teekening met kleuren door ./. Cats. (Einde der XVIlle eeuw). — H. li, B. 19.
09 De oude Haarlemmerpoort, van buiten komende gezien. Aquarel door ./. L. can den Bosch. — H. 22, B. 31.
Met opdracht: »Uil achting aan mijnen Meester en Kunstvriend den Heer F. J. Pfeiffer, op oudejaars avond van 1S1S.quot;
7U „Gezicht op de afbraak van de Haarlemmerpoort zoo als hij zich vertoonde in Maart 1837, te zien van het Smallepad\'\'■ — Idem, Je zien can het Haarlemmerplein hij de Hogedijkquot;. — Twee teekeningen met O. I. inkt door Postma- — H. 23, B. 28, en H. 20, B. 30.
71 De Zaagmolenpoort met een gedeelte van de stadsmuur. Teekening met O. I. inkt door 11. G. ten Cate, omstreeks 1830. — U. 17, B. 10.
9
10 POORTEN\' E\\ TORENS.
72 De Zaagmolen poort en hare omgeving. Aquarel door II. G. ten Cate. — H. 18, O. 23.
73 De Weesporpoort en aangrenzende wal, van builen komende gezien. Op den voorgrond een groot werk in aanbouw. Fraaie teekening met O. 1. inkt door Jan van der Heyden, omstreeks 1075. — H. 27, B. 2i.
Belangrijke i c e k e n i n g.
74 De oude Muiderpoort, van buiten gezien; vóór de verzakking in 1709. Fraaie aquarel door Keinier Vinkeles. — H. 12, B. 16.
75 De ingezakte Muiderpoort, tijdens de afbraak. A0. 1709. Op den voor-gronil, de teekenaar. Fraai met O. 1. inkt door U. Vinkeles ad vivum 1709. - H. 25, B. 35.
76 De Muiderpoort. van buiten komende gezien. Met O. 1. inkt door P. Barbiers ad vivum. — II. 17, B. 25.
77 De ingezakte Muiderpoort van de Stadszijde gezien, Januari 1769. Met O. I. inkt door P. Barbiers. — H. 16, B. 24.
78 De ingezakte Muiderpoort van buiten gezien. Met O. 1. inkt door P. Barbiers. — H. 16, B. 24.
79 Do nieuwe Muiderpoort. Met O. I. inkt door P- Barbiers ad vivum. —-H. 17, B. 25
80 De twee Blokhuizen op den Amstel, na den mislukten aanslag van Willem 11 in 1651 gebouwd, maar in 1654 reeds weer afgebroken, omdat zij de vaart te zeer stremden. Met gezicht naar do stad. Teekening uit dien tijd, met O. 1. inkt, door (H. Zeeman ?). — H. 19, B. 32.
81 De Blokhuizen, naar de stad gezien, bij maanlicht. Teekening met O. I. inkt door C. Philips Jz. — H. 13, B. 21.
Gaat uit in gravure. Frederik Muller, Hist. Prenten Nu. 2003.
Het Buitengattthuis. Door 11. G. ten Cute. (No. 115).
Kerken, Kerkhoven en Gestichten.
82 De Oude Kerk. Teekening met O. I- inkt, XVlle eeuw. — H. 12, B. 10.
83 ^Otide KercUs Turen tot Amsterdamquot;. Fraai met de rietpen geteekend en licht opgevvasschen door G. van den Eeckhout, omstreeks ICüO. H. 28, B. 16.
84 De IJzeren Kapel in de Oude Kerk, van binnen. Teekening met O.l- inkt en sepia door G. 11. Smies, 1827. — H. 18, B. 20.
85 Gezicht in de IJzeren Kapel. Potloodteekening omstr. 1840.— H. 10, B. 12.
86 Het geschilderd glasraam in de Oude Kerk, voorstellende: l\'hilqgt;pus teekent met syn handen / Het Vre Verhoudt met seven Landenquot;, enz. (Vondel). Vrede te Munster, 1648. Teekening met O. 1. inkt, gesigneerd J. J. — H. 91, B. 29.
Met de wapens der Burgemeesters, en herleidings-schaal.
87 Een begrafenis in de Oude Kerk, bij avond. De lijkstoet, voorzien van lantarens, gaande voorbij de Elisabeth-Gaeven Kapel. Teekening met O- I. inkt door G. Lamberts, omstreeks 1820. — H. 23, B. 19.
88 De brand van de Nieuwe Kerk en aangrenzende perccelon, gezien van
KERKEN, KEUKHOVEN EN GESTICHTEN.
den Dam, slaande naast de Waag. Zeer fraaie teckening met O. I. inkt door Jan van der Heyden. — H. 24, B. 22.
Belangrijke teekening.
89 Ontwerp voor een Kerktoren in neo-gothisclien stijl, berekend builen de spits op vierhonderd Amslcrdamsche voet. Het bovengedeelte heeft een aclitkantigen vorm en is rijk versierd met uitspringende torentjes en phialen. De spits is in twee constiuctiën voorhanden; de eene gedekt door een op den rijksappel rustend kruis; in het andere ontwerp heeft de spils een trans en is zij bekroond met den haan. Volgens traditie is dit een ontwerp voor den toren van do Nieuwe Kerk.
Gelijk bekend is werd aan hel plan van Jacob van Campen de voorkeur gegeven; maar door den gelijktijdigen bouw van het Stadhuis bleef de uitvoering steken.
Fraaie, architectonische teekening, gesigneerd: r IF. Denkerquot; — Hoog 12i centimeter.
UO N euwe Kerk. Schets van een der nu niet meer beslaande glasramen de schenking van hel recht tol het voeren van de Keizerlijke Kroon voorstellend. Teekening m O. I- inkt door ./. van der Ulf\'t. — H. 19, B. l i.
\'.KJ* , Ih t kerkglas belijden het Koor in de Nieuwe Kerk te Amsterdam, thann niet meer in iveze)!-quot; Hel bovengedeelte stelt de komst van de Koningin van Scheba voor Salomo voor ; het ondergedeelte, het geknield beeld van de schenkster, met hare kwartieren: Mol van Weelburg, Pyeck, Appel-leern, Benthem, enz., en \'l jaartal 1501. - Fraai met rood krijt (als door B. Ficart). — H. 30 en 17. — B. 27 en 22.
91 Hel praalgraf van M. Az. de Ruyter. Teekening met wil en zwart krijt door ./. Postma, 1833. — H. 52, B- 47.
92 „St. Odolf ofte St. Olof in de Kleine of Oude Zijds Capel aan de Noord Ooster l\'ijldicr, bonen aan \'t carbeel nog in wezen 1774quot;■ Teekening met O. I. inkt. — H. 15, B. 0.
Hierbij: afbeelding van den steen in de Begijnenhofpoort.
93 , Vrouwe Kappel bij de Nieuwendijk op de hoek can de Vrouweateejj ocer de Nieuwe Straat.quot;. XVle eeuw. Teekening met O. I. inkl door J. Stellingwerf. — H. 12, B. 20.
De „Vrouwesteegquot; houdt deze Kapel in herinnering.
94 , !gt;lt;\' Kerk der niwe nonnen te Amsteklam. Anno 1501quot;. Teekening met O. I. inkl door J. Stellingwerf. — H. 12, B- 20.
95 Het Begijnenhof ziende op de Presbyteriaansche Kerk. L)e nu met heesters en struikgewas beplante ruimte is hier een mei een houten hek omgeven bleekveld. Op den voorgrond, een begijntje. Karakteristiek en zeer uitvoerig behandeld schilderij, olieverf op paneel, gesigneerd: J. ten Compe 1754. — Hoog 40, breed 58 centimeter.
Zeer goede kwaliteit van dezen meester.
12
KERKEN, KERKHOVEN EN GESTICHTEN. 13
96 De „Drie Bonte Kraayenquot;, Kerk der Oud-Bisschoppelijke Clerezie. „Gezicht op het het bouwde Zeerecht en de daarbij staande nieuwe Octrooij huisjes. Op de tiveede yrond ontwaart men, het ticeede huis aan de rechterhand de R: C: Bisschoppelijke Kerk Clerezie, cjenaamd de drie Bonte Kraaijen,quot; enz. Met O. I. inkt door J. Postma. — H. 23, B. 30.
07 „De 11: C: Kerk der Bisschoppelijke Clerezie op de Brouwersgracht bij de Korteprinse Gracht, benevens de steenkoperij van de Wed- /\'. Slay-regen en Zoon.quot; Teekening met krijt door C. Steffelaar, 1838 — H. 25, B. 32.
08 „De Huizen (een viertal gevels) der lloomsch Katholieke Kerk de Posthoorn, op de Princengragt bij de Br omver sgragt te. Amsterdam zooals dezelve zich in 1835 vóór de bouwing der Nieuwe Kerk bevonden\'quot;. Met verklaring o a. over de door de Kerk aangekochte Suikerfabriek, die lot woning van den Pastoor en tot noodkerk gebruikt werd. Teekening met zwart krijt door {Postma). — H. 24, B. 24.
90 „De Roomsche Kerk de Liefde huiten de Raampoortquot;. Aquarel door G. Lamberts, 1816. — H- 10, B. 18.
100 „De Roomsch Catholieke Kerk de Krijtberg op H Cingel bij \'t Koningsplein al zoo vertimmert 1833quot;. Nu vervangen door een nieuwe Kerk in Gothisclien stijl. Teekening met O. I. inkt en sepia. — H. 13, B. 13.
101 De Nieuwe of Bonde Luthersche Kerk vóór en na den brand, 1822. Twee uitvoerige teekeningen door •/. Plugger, 1822. — H. 8, B. 13.
102 Gezicht in de Ronde Luthersche Kerk, na den brand. Teekening met O. I. inkt door 11. G. ten Cate, 23 Sopt. 1822. — H. 47, B. 34.
103 „Engelsrhe Episcopale Kerk te Amsterdam zoo als dezelve verbouwd is.quot; Teekening in kleuren dooi- J. Postma, omstreeks 1840. — H. 27, B. 19.
104 De Doopsgezinde Kerk (Singel-Heerengracht). Drie verschillende gevels, vóór en na de verbouwing van 1841. Drie teekeningen met O. 1. inkt door G. Postma. — leder H. 13, B. 13.
105 „Afbeelding der poort van het Menoniste Weeshuis zooals dezelve in het jaar 1837 is opr/ebouwdquot;. De Oranje Appel in de Runstraat. Met O.l. inkt. - H. 10, B. il.
106 Gelegenheids-decoratie van het Weeshuis de Oranje-Appel, van binnen, 7 Maart 1830. Op de zuilen leest men de namen; Alma, Hingst,Meden-dorp, Slagregen, Lugt, Salm. In kleuren, door G. P(ostma ?). — H. 14. B. 19.
107 liet Israelietisch Oude Mannen- en Vrouwenhuis, staande op de Keizersgracht hij de Weesperstraatquot;. Teekening met 0.1. inkt door (Postma). - H. 16, B. 17.
108 „De 3 huizen alwa\'ir het Tsraelietisch Oude Mannen- en Vrouwenhuis voor in de plaats komt, staande in de Kerkstraat... tegenover het Werkhuisquot;. Teekening met O. 1. inkt door {Postma}. — H. 18, B. 17.
KEUKEN, KEUKUOVEN E\\ GESTICHTEN.
lü\'J Do Israelitisclie begraafplaats le Ouderkerk. Twee kapitale aquarellen door J. Jelgerhuis Rz. — H. 38, B. 48.
1 lü „ Afbeelding can hel Hofje yenaamd het c/estigt de Eend ragt, lt;gt;[1 den OoeHoomschen Wegquot;. Teekening met O. I- inkt, door O. Lamberts, ISlli. — H. 22, B. 30.
111 ,Het Karthugser Kerkhof can bugten aantesien, 1728quot;. — ,Karthugser Kerkhof dus van binnen 1728quot;. — Twee teekeningen met O. 1. inkt door {J. Stellingwerf). — H. 19, B. 18,
112 Hot St Anthonies Kerkhof mot de Muidergracht (tegenover de Houtmarkt.) Bij den aanleg van het nieuwe plantsoen is een gedeelte van dit Kerkhof omgelegd tot kweektuin voor den Hortus, het overige bij gezegd Park getrokken. Aquarel door G. Lamberts, 1810. — H. 20, B. 31.
Belangrijke teekening als dokument van den vroegeren toestand.
J13 Grafmonument voor den Geneesheer G. J. van Gooth, opgericht op het R. C. Kerkhof de Liefde, 1847. Teekening met O. I. inkt. —H. 27, B.20.
114 „\'t Gasthui/s 1545quot;, aan den Nieuwendijk tegenover de Vrouwesteeg. Met O. 1. inkt door J. Stellingwerf. — H. 12, 13. 20.
He: Lieve Vrouwe Gasthuis werd in 1580 opgeheven en de zieken, evenals die uit de andere gasthuizen, naar de tegenwoordige Gasthuisgebouwen (vour-heen de Oude en Nieuwe Nonnen) overgebracht.
115 Het Buiten-Gasthuis te Amsterdam, van den Waterkant te zien. Fraaie teekening met zwart krijt en O. I. inkt door II. G. ten Cate, 1824. — H. 24, B. 31.
Aan de buitenmuur ziet men het beeld van Venus dat met de arm zich het gelaat bedekt. Waarschijnlijk een toespeling op den aard der in dit gasthuis voornamelijk behandelde kwalen. Onze vaderen waren sterk in dergelijke bon-mots in steen.
Zie het vignet, bladz. 11.
li
De Beuraiioort bij de trappen. Door K. Vtukele» , 177 (No. 118).
Verschillende Gebouwen.
110 Hel oude Stadhuis op den Dam, met de Vogelsteeg, aangrenzende gehouwen en veel .stolïage. Fraai geteekend met O. I. inkt door W. Schel-lings. — H. 30, B. 40.
117 . HkI Oude Stadhuis te Amsterdam met omgang up Kopper-Maandagquot;. Vóór hel Stadhuis ziet men het begin van een optocht, namelijk een trommelslager en een versierden os, voorts eenige toeschouwers. Geestige schets met de rietpen, met roet gewasschen door Rembrandt. — H. 12, B. 17.
118 Brand van het oude Stadhuis, 7 Juli 1052. Hoogst belangrijke afbeelding, waarschijnlijk tijdens den ramp geteekend en later door den meester voor een schilderij gebruikt Het gebouw is nog geheel in wezen, de vlammen slaan aan alle zijden uit, terwijl veel volk een deel der papieren tracht te redden. Fraai met roet gewasschen door J. Saen-redam. — H. 50, B. 39.
110 De tien metalen beelden uit de XVe eeuw, verschillende vorsten en vorstinnen uit dat tijdvak voorstellende, voorheen een sieraad van het
VEUSCIULLENDE GEBOUWEN.
oudu Stadhuis waar zij in dc vierschaar stonden, nu in hel legen-woordige Stadhuis. Zeer fraai en breed geteekend met zwart en wit krijt op grijs papier door Professor Aaij. Allehé. — Ieder H. 41, B. 25.
Hierbij een lithographic door Allehé waarop dezelfde beelden.
120 „Het huisje gestaan Jiebheude naast het Oude Stadc/uis____ Door Ji. Eogh-
manquot;. Teekening met zwart krijt, met roet en O. I. gewasschen, omstreeks 1040 — H. 28, B. 18.
121 Het nieuwe Stadhuis (nu Paleis), met een gedeelte van de Waag en de Nieuwe Kerk ; links de Paleisstraat. Met veel en fraai geschilderde stof-fage op den Dam. Belangrijk schilderstuk, op doek, door Job Berk-heide, omstreeks 1005 Gesigneerd. — Hoog 70, breed 94 centimeter.
Dit fraaie schil der ij is hoogst waarschijnlijk geschilderd on mid del ijk na de voltooiing van het gebouw. Het beeldwerk in den geveltrommel is nog geheel wit, ook het geheele gebouw is niet zoo donker van kleur als tegenwoordig. Van het balkon is hier natuurlijk nog niets te zien, als zijnde eerst in het begin dezer eeuw aangebracht.
122 Afbeelding der bronzen beelden ter versiering van den voor- en achtergevel van liet Stadhuis (Paleis). Fraai geteekend met O. I. inkt door (J. Goeroe ?). - H. 17, B. 13.
Met opgave van het gewicht, enz.
123 Afbeelding van den zilveren lepel door den Magistraat vereerd aan de burgers die de wacht gehad hadden op het Stadhuis bij de inwijding, 29 Juli 1655. Met O. I. inkt door G. Lamberts. — H. 12, B. 22.
124 Afbeelding van den zilveren troffel, waarmee Jacob deGraeff den eersten steen van het Stadhuis heeft gelegd, 28 Oct. 1048. De beide zijden. „Nageteekend en mij (Lamberts) vereerd door den Ueere 1). Igt;. Bnchlcr 1849.quot; Met O. I. inkt. - H. 33, B 27.
Hierbij de houtgravure naar deze teekening vervaardigd.
125 Tf Stats Stallinge hij de oude Heijlige IVegh Poort.quot;quot; Teekening met O. I. inkt door ./. Stellingwerf\'. — H. 14, B. 21
120 „De Stads Steenhouwerij op de Leydsche O ragt, gaande na de lleilige-negs Poort.quot; Fraai met roet gewasschen door A. Rademaker, omstreeks 1080. — H. 14, B. 21.
Deze steenhouwerij werd in 164S opgericht, hoek Leidsche Gracht en Heerengracht, voornamelijk ten behoeve van het Nieuwe Stadhuis. Korten tijd na de voltooing van dal gebouw werd zij weder gesloopt.
127 „Klokgieterij te Amsterdam.\'quot; Fraai met bister gewasschen en met wit gehoogd door G. van den Eeckhout, omstreeks 1000. — H. 14, B. 21.
Dit gebouw, waar ook geschut gegoten werd, stond op de Keizersgracht bij de Leidschegracht. De beroemde H e m o n y goot hier zijn voortreflelijke klokken. In 1681 werd het gebouw verkocht. Üp de Baangracht bij de Karthuizerstraat stond ook een Klokkengieterij.
IG
VEKSGH1LLENDE tlEBOUWEN.
1^8 Gezicht op de Kanoi(gieterij en op het Leprozenhuis, met de nabij gelegen Houtgracht. In \'t verschiet, de Israëlitische Vleeschhal en de Plantage. Fraai geschilderd op paneel door P. G. Westenberg, omstreeks 18:25. - H. 29, B. 35.
129 „De Doelen in de Doele Straat naar de Colceniers Burywal.quot; Hel gebouw heeft hier nog zijn ouden gevel en een mooi poortje dat in het begin dezer eeuw bij de voorlaatste verbouwing weggebroken is. Fraai geteekend met O. I. inkt door R. Vinkeles, 1769. — H. 26, B. 30.
130 „Zeeburg, afgebrooken Aquot;. 1600.quot; Fraai met de pen en met O. 1. inkt geteekend door R- Nooms genaamd Zeeman. — H. 11, B. 21.
Deze versterking was in 1649 gebouwd tot beveiliging van de nieuwe vaart buitendijks van de St. Anthoniespoort tot het Ij gegraven. Na het afbreken verrees er in 1675, door de zorg der Regenten van het O. Z. Huiszittenhuis, de bekende herberg die denzelfden naam draagt.
131 „De Poort van het Rasphuis op de Heilige IVeg. zooals daar later de Beelden die daarboven gelijk ook die op de Binnenpoort, met een houten kast betimmerd zijn geworden.quot; enz. Teekening met sepia en O. I inkt door (Postma). — H. 13, B, 9.
132 „Het Verbeterhuis van agteren.quot; Fraai met kleuren geteekend door P. G. Westenberg, 1811. — H. 19, B. 25.
133 Het Verbeterhuis van achteren. Teekening in zwart krijt door J. van Hall (na 1800). — H. 20, B. 33.
13i Het Athenaeum llluslre, voormaals Agnieten Klooster, op den Fluweelen Burgwal. Teekening door J. Jelgerhuis Rz. — H. 43, B. 35.
Gaat uit in lithographic door denzelfden meester.
135 De gehoorzaal van het Athenaeum, tijdens een voordracht, of verdediging van stellingen. Fraaie teekening in kleuren door P. van den Berge (omstreeks 1700). — H. 27, B. 39.
De plechtigheid gelijkt geheel op die eener promotie tot de doctorale waardigheid, maar het Athenaeum had geen jus promovendi.
136 De ingang van het Theatrum Anatomicum. (Waaggebouw op de Nieuw-markt). Vignet met de pen. - H. 10, B. 7.
137 De Teeken-Academie, boven de Leidschepoort, bij avondlicht, terwijl et-naar het naakt model geteekend wordt. Geestige schets met zwart en wit krijt op blauw papier. - H. 22, B 32.
Vinkeles heeft later een dergelijk tafreel, maar meer gestoffeerd in plaat gebracht. Ook deze teekening kan van hem zijn.
138 Embleem van den Schouwburg: de Bijenkorf, met Vondels distichon TDe bijen storten hier het eêlste dat zij lezen\\ Fraai geteekend vignet, met de pen en O. 1. inkt, door R. Vinkeles. — H. 7, B. 7.
Met de gravure naar deze teekening.
17
VEKSCH1LLENDE GEBOUWEN.
13!l „Afbeeldhij van tie Framche Schoutclunj op den Ooertoomschen Weg. toen dat gehouir genaamd het Fort de Eendragtquot;. Teekening met O. I. inkt door G. Lamberts, na ceiie afbeelding van 1754. — H. 22, B.30.
l iO „Het nieuwe VonUiof te Amsterdam Ao. lG(i4quot;. Teekening met de pen en in O. 1. inkt gewasschen dooi- R. Nooms genaamd Zeeman. — H. 15, B. 21.
Zie over de Amsterdamsche Doolhoven. D. C. Meyer Jr., in Oud-Holland, ie jaargang, bladz. 30-36 en 119 135 en Mr. de Roever, in jaargang VI, bl. 103. Er waren er meerdere, de meest bekende op de Looiersgracht; die van David Lingelbach op de Rozengracht, en eindelijk een aan den Amstel.
111 De Doolhof op de Looiersgracht. „Afbeelding van het le, deel van het inwendig gedeelte van het Doolhof te Amsterdamquot;. - Idem, 2e gedeelte.
— Twee teekeningen in waterverf door G. Postma, 1838. — H. 27, B. 37.
Afbeelding der beelden, groepen, wapens enz. in den Doolhof tentoongesteld, o. a. de reus Goliath, die nu in \'s Rijks Museum prijkt.
112 „Corvers-huysje gestaan hehben(de) tusschen de Anthonies dyck en Ra-penhurger gragf\'. Teekening met O. 1. inkt door J. Stellingwerf. — H. 12, B. 20.
143 „De, Beurs te Amsterdam voor deszelfs vertimmering, 1038quot;, (lees vol-timmering). Het gebouw van binnen. Fraai geteekend met de pen en O. I. inkt door Job Berkheyde. — H. 22. B. 18.
Deze Beurs werd gebouwd door Hendrik de Keyzer aan \'t eind van het Rokin, 1608—13.
144 De Oude Beurs: voorgevel en ingang. Aquarel door II. G. ten Gate, 1824. - H. 28, B. 28.
145 De Oude Beurs op het Bokin, tijdens de afbraak. November 183G. Sepia en O. I inkt. — II. 14, B. 14.
146 „De ruïne van de Beurs van Amsterdam na de natuur getekend uit het achterhuis van den heer Froger op den eersten en tweeden Maart 1S37quot; De Beurs tijdens de afbraak. Zeer uitvoerige aquarel door K. Karsen.
- H. 22, B. 27.
147 „Schets van de ruïne der Amsterdamsche Beurs zooals hij zich bevond op den 1ste en 2de Maart 1837quot;. Teekening met O. 1. inkt en sepia door K. Karsen. — H. 20, B. 27.
148 , De Beur spoort bij de trappen, van binnen, naar den Vijgendam te zien, 1774.quot; Zeer fraaie en uitvoerige aquarel door Jt. Vinkeles. — H. 18, B. 21.
Zie het vignet, bladzijde 15.
149 De Korenbeurs op het Damrak bij de Oudenbrug, voor ongeveer acbt jaar afgebroken. Schilderij in olieverf, op doek, door (H P. Schouten), omstreeks 1780. — Hoog 40, breed 8i centimeter.
Aardig souvenir aan deze Beurs, voornamelijk voor hen die haar zooveele jaren bezocht hebben.
18
VERSCHILLENDE GEBOUWEN.
150 Het Korenmecters-Hüis op de Nieuwezijds-Kolk, gebouwd 1558, van den grond af hertimmerd in 1620. Met O. I- inkt door H- P. Schouten (del.) en G. Lamberts (term. 1818). — H. 17, B. 24.
151 Het Landsmagazijn met zijn omgeving. Teekening met O. I. inkt doo.\' H. de Winter. — H. 21, B. 28.
152 ,\'s Lands Dok te Amsterdamquot;. Fraai met de pen geteekend en met roet opgewasschen door ./. de Bray, 16G6. — H. 8, B. !5.
153 „Oosiindische oude werf.\'1 ïeekening met O- I. inkt door J. Stellingirerf. — H. 12, B. 20.
154 „Ruïne van het O. I. Compagnie Huis te Amsterdamquot;, ingestort 14 April, 1822. Zeer gedetailleerd gezicht op de bouwvallen. Aquarel door van Leeuwen, (1822). — H. 39, B. GO.
155 „De Poort van het geweezene W. I. Huis van binnen. Afgebroken in 1817\'\'. (West-Indisch Huis). Aquarel door G. Lamberts. — H. 1G, B. 13.
156 Het Entre-pOt dok, met de houten afsluilbrug. Sepiateekening door II.
G. ten Cate, 1831. — H. 27, B. 46.
157 Het Entre-pót dok van de tegenovergestelde, dus Heerengracht zijde. Sepiateekening door H. G. ten Cate. — H. 27, B. 4G.
158 „De Brouwerij \'t Roothart op de Princegragt bij de Rheestraatquot;. Gezicht op de gracht en het aan liet water staande Roode Hert (op de wijze van den Haan op de Geldersche Kade, voor weinig jaren weggenomen). Aquarel door G. Lamberts, 1817. — H. 20, B. 28.
Deze brouwerij, tegenover de Lauriergracht gelegen, was een van de dertien die in de 2e helft der 18e eeuw, van een voorheen veel grooter aantal nog overig waren. Wagenaar noemt ze op; Deel II, 478.
159 De Brouwerij „lgt;e Starquot;, op de Brouwersgracht. A0.1652. Tevens gezicht op de nog schaars bebouwde gracht. Sepia-teekening door A. Rademaker, omstreeks 1690. — H. 14, B. 21.
jiZV Starquot; was een van de vele bierbrouwerijen waarnaar in de 17e eeuw de gracht genoemd is. Men vond er ook vDc DuhhcU Arend,quot; nDc Burgt,quot; enz.
160 „Gezicht van de gewezene brouirerj Het Klaverblad op den hoek van het Cingel en Brouwersgracht, een gedeelte van de Vischmarkt en Hour-lemmer sluis.quot; Potloodteekening, omstreeks 1800. — H 34, B. .19.
161 „r \'erwerij gestaan hebbende op de hoek van de Binnen Amstel en Kerkstraat.... van de Magere brug afkoometide aan de linkerhand over de Stads Roermakerij.quot; Teekening met O. I. inkt door J. Stellingwerf. —
H. 12, B. 20.
162 „De fabricq de Rijzende Son. Opgedragen aan den heer Fredrik Berewoud door zijn Ed: die: dienaar A. 1\\. Doevf.quot; Gezicht op deze Vernis-stokerij en olie-kokerij. Met aardige stoflage. Schilderij in olieverf, op doek gesigneerd G. van Rooyen, 1794 — Hoog 53, breed 111 centimeter.
163 „Het nieuwe Gaslichtcabriek van de Leidsche poort kant te zienquot; Teekening met sepia en O. 1. inkt door (•/. Post/na). — H. 19, B. 25.
i!)
Markten en Pleinen.
Gezicht op den Dam met Stadhuis (Paleis), Nieuwe Kerk en Waag. „Na het leeen yetel-eml 17G5. opgemaakt 177:7\'. Fraai, met 0. I. inkt door li. Vinheles. — H. 18, B. 27.
Gezicht op liet zuidwestelijk gedeelte van den Dam in de onmiddelijke omgeving van de Waag. Fraaie teekening met O. I. inkt door R Vinkeles, omstreeks 1780. — H. IS, B. 21.
Gezicht op den Dam, ziende naar Stadhuis (Paleis), Waag en Nieuwen-dijk. Met veel stoffage. Fraaie teekening met dekverf door J. Smies, 1792. — H. 31, B. 30.
Gesicht van de zeevismurkt en afslagh, na het Stathuys en Waayh te zienquot;. De plaats waar nu de Beurs staat. Met aardige stoiïage. Aquarel door 1\'. van den Berge, omstreeks 1090. — H. 25, B. 33.
Pieter van den liergc heeft op het eind der 17e eeuw een serie der twaalf maanden geteeUend, waarvoor hij evenzoo vele gezichten in Amsterdam koos. Hij schijnt ze te hebben willen uitgeven, immers sommige teekeningen zijn met ruiten beteekend om ze te verkleinen. De platen zijn mij evenwel nooit voorgekomen, lïovenbeschreven teekening is »Martins\'\' nit de serie.
Zie het vignet op den omslag van dezen catalogus.
MARKTEN EN PLEINEN.
108 Gezicht op den Vijgendam, mot de schilderachtige huizen en „Visch-poortquot;, in 1847 voor amotie verkocht. Aquarel door E. P. van Bommel, 1847. — H. 37, B. 43.
Hierbij het oorspronkelijke verkoop-billet dier zes huizen, en van nog 32 andere perceelen, met de prijzen. Voorts een en ander over den Middeldamquot;, waarop die huizen stonden, naar aanleiding der amotie opgesteld door G. Lamberts.
10!) De Nieuwmarkt met de St. Anthonie\'s Waag. Teekening in kleuren door 11. P. Schouten, omstreeks 1770. — H. 11, B. 10.
170 De Kermis op de Botermarkt, met veel stoiïage. Schets mot spijkerinkt, opgevvasschen met O. I. inkt door Jelgerhuis Rz., omstreeks 1820. — H. 20, B. 29.
171 liet Kaasplein (nu Tliorhecke-Plein), li\'j avond, gedurende de kermis. Aardig gestoffeerd met kramen, spellen en kermisgangers. Teekening met O. I. inkt door P. L. Dubourccj, 1834. — H- 20, B 32.
172 „ Gcxkht van de groot* halquot;, van binnen, met levendig verkeer. Geestige aquarel door P. ran den Berge, omstreeks 1090. — H. 2.j, B. 33.
De Groote Vleeschhal, in de Nes, eertijds Kapel van het St. Pieters Gasthuis, werd in Augustus 1582 met 48 vleeschbanken tot. Hal ingericht. Tot dien tijd was de Hal in de Waagsteeg over \'tonde Stadhuis. Het gebouw dient nu tot Stadsdrukkerij.
De maand Februari van het stel maanden vermeld bij No. 167.
173 „Gesicht van de rivier vismarkt na de papenbrngh te zieny\\ Met veel stoiïage. Geestige aquarel door F. van (Jen Berge, omstreeks 1G90. — H. 25, B. 33.
»Aprilisquot; van de serie der twaalf maanden. Zie No. 167. Het vignet komt voor op bladz. 20.
17i „Gesicht van de ossemarktquot;, op marktdag. Aquarel door P. van den Berge, omstreeks 1690. — H. 25, B. 33.
De maand November uit de serie der 12 maanden, /.ie No. 167.
175 „Gesicht van de groenmarkt omtrent de brouwerij H rode hart.quot; Met veel stoiïage en marktverkeer. Aquarel door P. van den Berge, omstr. 1690. - H. 25, B. 33.
tgt; Juniusquot; van het stel maanden, zie No. 167.
De Groenmarkt bevond zich toen, gelijk nu, op de Prinsengracht. De Brouwerij Hel Roodc Hart bestond nog in Lamberts\' tijd (1817). Zie No. 158.
176 „V Gezicht van de appelmarkt, met levendig marktverkeer. Geestige aquarel door P, van den Berge, omstreeks 1690. — H. 25, B. 33.
TtSeptember 1 van de serie der maanden. Zie No. 167.
De oudste Appelmarkt was aan de West-zijde van den O. Z. Voorburgwal bij \'t Spui, later N. Z. Voorburgwal over het Postkantoor, en in 1616 verplaatst aan de Oostzijde van den Singel, tusschen Hey- en Raamsteeg, waar bovenstaand gezicht genomen is.
21
MARKTEN EN PLEINEN.
„7 Getsichl van de hlotnmurkt nu het Stathuyu van achteren ie zien.\' De nu gedempte N. Z. Voorburgwal, tijdens marktdag. Aquarel door /J. van den JSert/e, omstreeks 1090. — H. 25, B. 33.
ygt;31aii£squot; van de serie der 12 maanden. Zie No. 167.
De Heerenmarkt met het Gebouw van Weldadigheid of „Nieuwe Soep-loots.quot; Teekcning met sepia en O. 1. inkt door (G. Postma). — H. 18, B. 24.
Hierbij een merkwaardig rapport der Directie ter uitdeeling van spijs, waaruit blijkt dat in het ongunstig jaar 1800 voor dat doel toch nog ƒ 56,443-— ontvangen werd.
Het Kattenburger plein, bij avond, des Zaterdags, met marktuitstalling. Teekening met O. I. inkt, omstreeks 1840. — H. 32, B. 43.
De Steenen Roeland, een beeld dal in de Middeleeuwen op marktpleinen werd aangebracht. Het Amsterdamsche stond op den N. Z. Voor-burgwal tegenover de Kolk, waar voorheen beestenmarkt gehouden werd; hel werd 4 Jan. 1774 in den morgenstond door stads werklieden weggenomen. Teekening met zwart krijt, met de ware afmeting. — H. 40, B. 25.
Hierbij een kleine gravure door C. Philips Jl\'z.
KeizPWgrarht mei d.Mi ouden Schouwburg. Door .F. do Beyer. (No. 20C).
Gezichten in de Stad.
181 Amsterdam in vogelvlucht gezien. Zes zeer uitvoerige sepia-teekeningeu door A. Wijnantz, 1846, de origineele voor de prenten bij de Firma Franz Jiujfa (C- Zonen uitgegeven (1846). — H. 28, B. 44.
Uit de fransche aaiucekeningen, b. v. uil fant metlre heancoitp de figures el de voitures sur celle place (Dam) qui est tres animéequot;, en »/« pierre est chez \'Jea/minquot;, schijnt te blijken dat do prenten in Parijs vervaardigd zijn.
I. De Dam, ziende naar bet Kommandantshuis, tot aan het IJ.
II. Hinnen-Ainstcl en Reguliersbreêstraat, gezien van de voormalige Munt-sluis.
Til. Gezicht ovar het westelijk deel van Amsterdam, genomen van de Zui-derkerk.
IV. Gezicht over het zuidelijk deel, van hetzelfde standpunt gezien.
V. Gezicht over het noordelijk deel.
VI. Gezicht over het oostelijk deel.
182 , J)i\' Oude Bulten Amstel (jetekent KiöO vun de Stad* wal bij de Jatjl-haven heden de Blauehnujquot;. Zeer fraaie teekening met zwart krijt en O. 1. inkt door Anthonie Waterloo. — H. 19, B. 65.
Zeer belangrijk dok u ment voor de kennis der topograph ie. In het midden der 17e eeuw was de Blauwbrug de uiterste over den Amstel. Van de brug is evenwel op de teekening niets te zien, wel van een paalwerk tot afsluiting van den Amstel, met den ïboomquot;.
183 (rezicht op de stad\' Amsterdam can de Schans hij de Mwjderpoort, ziende op het Stads nieuwe Werkhuis, het Luthersche Diaconie llnis, het ye-weeze O- Z. Haiszittenhuis.... en den tuin can het Badhuisquot;. Aquarel door G- Lamberts, 1816. — li- 19, B. 2ö.
GEZICHTEN IN DE STAD.
184 „Geskht in de Plantagiequot;. Fraaie en magistrale schels door J. Cats, omstreeks 1790. — H. 29, B. 41.
185 ,Op Oostenburgquot;. Gezicht bij winter. Aquarel door JL G. ten Gate, omstreeks 1835. — H. 17, B. 22.
18ü „7 Rjsenhooft in Amsteldaniquot;• XVle eeuw. Met O. 1. inkt door J. tStel-lingwerff. — H. 12, B. 20.
Het bolwerk Rijzenhooft lag ter plaatse waar men nu de Kattenburgerbrug vindt.
187 ^Houttuin op de hoek van Rapenburg daar nu het Westindiesch 1\'nk-hugs is.quot; XVIc eeuw. Met 0.1. inkt door J. SteUingwerff\'. — H. 12, B. 20.
188 „Scheeps Timmerwerf en llouttuijnen daar nu Uglenburg is over de Oadeschans en de Hoek van de Montalbaans Too renquot; XVle eeuw. Tee-kening met O. 1 inkt door J. SteUingwerff. — H. 12, B. 20.
189 ,(gt;7; Marken.quot; Gezicht op de aan het water uitkomende achtergevels. Aquarel door J. H. Knoop, omstreeks 1800. — H. 38, B. 25.
l\'.K) Gezicht aan den Buitenkant tusschen de Kraansbrug en den Schreiers-hoek. Teekening met zwart kiijl en O. I. inkt door Anthonie Beere-straten, omstreeks lüaO — H. 19, B. 28.
Zeer fraaie en belangrijke teekening.
191 Gezicht langs den Binnenkant, ziende op de Kraansluis. Aquarel door
G. Lamberts- — H. 19, B. 19.
192 ,,l)e Colveniers Doelen van agteren met de daaraan belendende noon-hnizen mjt de Doele Straat- 17()7 in JuniJ. C. 1\'- Jz.quot; Gezicht, genomen van de voormalige Doodkistenmakersgracht, ziende van het Rondeel tot op den toren Swycht Utrecht. Uitvoerig met 0. 1. inkt door C. Pronk. — H. 20, B. 35. quot;
193 Gezicht op de Doelensluis, ziende naar den Munttoren. Uitvoerig getee-kend met potlood door ./. Cats, omstreeks 1790..— H. 32, B. 42.
Hierop vindt men ook de »Engelsche huizenquot; wier achtergevels aan het water uitkwamen en wier voorgevels op het Schapenplein stonden. Hun naam ontleenden zij aan het feit dat een Engelschman ze gebouwd had. Ook hadden zij aan de Engelsche gemeente toebehoord.
191 Gezicht op den Doelen, ziende naar den Munttoren. Teekening met O. I. inkt, 18° eeuw. — H. 14, B. 18.
195 „Osjessluis en Kalverstraat.quot; Teekening met do pen. — H. 1(5, B. 18.
190 Gezicht langs den Nieuwezijds Voorburgwal, ziende naar het postkantoor (het oude), naar de Nieuwe Kerk en een gedeelte van den achtergevel van het Paleis. Fraai geteekend met O. 1. inkt door H. Vinlceles. —
H. 18, B. 27.
Met aantcekening van den meester; it Dit is gelekcml omtrent de Ihiyszitten-steeg 1764 en opgemaakt /77./quot;.
24
GEZICHTEN I.\\ DE STAD.
197 Aan de Spiegelgracht. Teekening met O. I. inkt door G. Luuibertts-, omstreeks 1820. — H. 11, B. 16 cent.
198 Gezicht op de Leidsche Gracht hoek Keizersgracht. Fraaie aquarel door II. Naman, 2e helft der vorige eeuw. — H. 20, B. 2ü.
199 „Een brok muur met de stal van de verzakte Ilayzen van de Leydsu-straat en het Liizenpleiin (sic!) qeteekent int jaar ISOT\'. Aquarel door .ƒ. II. Knoop. — H. 27, B. 29.
Het jaartal is ten onrechte van l8oS in 1S07 veranderd. Deze verzakking van een geheel blok huizen geschiedde op den avond van 22 Febr. 180S.
200 brok muur met de stal van de verzakten II au zen van dc Lei/zeu-straat en het pleyn, 1808quot;. Aquarel door ./. // Knoop. — H. 27, B. 37.
201 „ Een brok Muer van de afgehrooken huyzen van de Leyzenstraat en het Leyzenpleijn, 18()S\\ Aquarel door J. II. Knoop. — H. 41, B. 47.
202 „Overblijfsel van de ingestorte Hnyzen op de Leidschestraathijdat Pleinquot;. Aquarel door IJ. Kerkho/f\'. H Ui, B. 25.
Hierbij een gedrukt bericht over dit ongeval.
203 , Aan de ingesakte Iluijze op de Lydse straat1, (1808). Teekening met O. 1. inkt door D. Kerkhof!. — H. 20, B. 20.
204 „Het zoogenaamde Roode dorp gelegen op de Schans bij Leidsche l\'oorf, gezien van de Baangrachtzijde voov dezelfs slooping in 1843 om aldaar liet (levanaenhuis te plaatsenquot;. Potlood teekening door ./, I\'osUna. — H. 26, B. 31.
De naam »Roode dorp\'\' is ontleend aan een groep kleine huizen met roode daken die, met den molen op het bolwerk, een afzonderlijk buurtje vormden.
205 Gezicht op de Keizersgracht, onder andere op het huis dat nu nog in den gevel de spreuk draagt: „in \'t derde vrede jaarquot; (= 1650). Het gezicht is genomen uit de Spiegelstraat. Zeer uitvoerig schilderij, op paneel, gesigneerd ./. 7\'. Kompe 1744. (Jan ten Compe). — Hoog 35, breed 41 cent.
200 Gezicht langs de Keizersgracht hij de Bunstraat, met den ingang van den ouden Schouwburg. Fraaie aquarel door ./. de Beijer, omstreeks 1700.— H. 22, 13. 35.
Zie vignet, bladz. 23. Een dergelijke teekening van De Beijer, maar anders gestoffeerd, komt in Fouquet\'s Atlas voor. Hier ziet men naast den Schouwburg een waaijerwinkel.
207 Gezicht op de Keizersgracht met de Westerkerk en het voor ongeveer 35 jaar afgebroken waaggebouw. Teekening met O. 1. inkt door A. Wij-nanlz, 1835. — H. 37, B. 38.
20S De Keizersgracht tegenover do Westermarkt, met de brug. recht tegenover de Waag. Uitvoerig met kleuren door Ilend. Keun ad vivum, omstreeks 1775. — 11. 32, B. 46.
De hierop voorkomende brug is in het begin dezer eeuw ingezakt en daarop afgebroken. Eerdaags zal zij weer herbouwd worden.
2G GEZICHTEN IN DE ST.U).
209 Gezicht op de Heerengracht tegenover de Warmoesgracht. Op den voorgrond, een fraai met snijwerk opgesierd jacht- Schilderij in olieverf, op doek, door Ludolf Bakhuizen 1(590 (gesigneerd). — H. 45, B. 37 cent.
210 Do Warmoesgracht, ziende naar de Heerengracht. Teekening met O. 1. inkt door G. Lamherts, omstreeks 1815. — H. 19, B- 18.
211 ^Gezicht can de Léliegragt, ziende na de Jan h\'oodepoorts Tuoren. Na H Leeven (jeteekend door II- Kenn 1770.\'\' Leliegracht hoek Heerengracht. Uitvoerige aquarel. — H- 30, B. 38.
212 De Prinsengracht, ziende naar de Wester Kerk, komende van de Leidsche Gracht. Bij maanlicht. Teekening met O. 1. inkt door (A. Wijuants?).
- H. 21, B. 30.
213 Gezicht langs den Singel, ziende op de ruïne van de in 1822 afgebrande Luthersche Koepelkerk. Teekening in O. I. inkt door P. G. Westenberg.
— H. 39, B. 56.
214 ,Igt;e Oude Brug te zien van de zijde naar het 7Jquot;. Teekening met O. I. inkt door (Postvia?)- — H. 19, B. 24.
Hierop de winkelhuisjes die tol aan de slooping, bij liet dempen van het Damrak, op de brug stonden.
215 ,7 Gesicht cant eij na de niewe hrtujhquot;. Het Damrak, niet het IJ, bij winter, met levendig ijsvermaak. Geestige aquarel door 1\'. van den Der je, omstreeks 1690. — H. 25, B. 33.
De maand December uit de serie der Maanden, zie No. 167.
Uit deze afbeelding blijkt dat toen nog veel groote zeevaarders, bij winter, in het Damrak werden opgelegd. Het was dan ook van ouds de haven.
216 „Nieuwbrug -platjes Beursquot;. Fraai met roet en O. 1. inkt geteekend, omstreeks 1665. — H. 17, B. 16.
tgt;Platjes-beurs\'\' heette een schippersbeurs waar zij die plat-zak waren zich lieten aanwerven voor de koopvaardij.
^17 ^De winkelhuisjes hij de Nieuwe Stads Herberg, te zien van de Marte-laarsgrachtquot;. Teekening met O. 1. inkt door (Postina ?). — H. 19, B. 26.
218 De oude Haarlemmersluis, met een gedeelte van den Haringpakkersto-ren. Fraai in kleuren door G. Lamberts. — II. 20, B. 25.
219 Dezelfde sluis. Teekening met O. I. inkt door G. Lamherts. — H. 15, B. 19.
220 De verzakte huizen in de Wagedragersgang, Anjeliersstraat. Aquarel door .ƒ. ƒƒ. Knoop, omstreeks 1800. — H. 32, B. 43.
221 „Naar Hieven getekent in de Angelierstraat in de Wagend rag ersgangquot;. Geteekend naar aanleiding van het afbreken van meerdere verzakte per-ceelen. Aquarel door J. II. Knoop. — H. 32, B. 43.
GEZICHTEN IN DE STAD.
222 ,/« de Anyelierstraal.quot; Aquarel door II. Knoop. — H. 32, B. 24.
J. H. Knoop zou men den schilder bij uitnemendheid der Amsterdamsche achterbuurten, ook der Amsterdamsche verzakkingen, kunnen noemen. Vooral in den Jordaan heeft hij veel geteekend. Hij werd in 17^9 \'-c Amsterdarn geboren. Men herkent in zijn werk den invloed van zijn meester P. Barbiers Pz.
223 Gez:cht op het Bikkers eiland, met do Eilands Kerk. Met O. I. inkt door
G. Lamberts. — H. 11, B. 14-
221 „Naar \'t leven getekend op \'t jfanzenput in de trolfelugang. \' Naar aanleiding van aldaar verzakte huizen. Aquarel door J. II. Knoop. —
H. 47, B. 38.
225 „Een buurtje in een gang up 7 France pudt \'. Aquarel door J 11. Knoop. — H. 35, B. 42.
226 „Op H franzenpat quot; (Fransche pad). Aquarel door ./. JI. Knoop. — H. 27, B. 43.
227 „Te Amsterdam____jfSJ-i.quot; Schilderachtig achterbuurtje, typisch maar
bezwaarlijk te dotermineeren. Fraaie aquarel door D. Kerkholf. — H. 38, B. 30.
27
IJ, Nieuwe Stad»-llerberg en IlaringiiiikkiTtioreu. Door J. van Leeuwen. (No. 2:«9).
IJkaul en onmiddelijke omgeving van de Slad.
, Afbeelditii/e ran alle..... de ScUuttduysen en Waterkeeriuyen, waarop
vertoond icord de hoogtens der huytendeuren met en zonder de Nood-planken, en de huytengewoone Hoogte can het Water in de Jaar en 1717 en 1775 den 1\'gt; Nov....; als meede de Hoogte de)\' Straaten aan den IJ kunt, de Hoogten can den Oocertoom en Slaaperdijk hij Spaarendam. Alles gereelcent naar de hoogte can het Amsteldamsche Water Peil.quot; Serio van 27 leekeningen (met inbegrip van den titel) ,gemecten en aldus geteekent door J. Schilling, Geadm. en Stads Landmeeter, 1776quot;. In een album, half led. hand. - Elk blad H. I!), B. 15.
22!) Dc vergrooting der stail aan de oostzijde van het IJ, door aauplemping van de Waal voor Rapenburg, in 1641. Twee nauwkeurig geteekende kaarten, van twee verschillende ontwerpen, door den Stads-landmeeter De liys. Kill. Met schaal. — Elk H. 26. B. «.
Belangrijk. Door liet voortdurend overstorlen van zand, dat tot ballast aan de schepen gediend had, was het IJ hier ondiep geworden. Men vindt hierop ook de kraan die in het IJ stond, afgebeeld.
2-!0 Het IJ voor het oostelijk deel der stad. Naar L. Jialliugzen. 168S, met O. 1. inkt door C. Pronk. — U. ;J5, B. 46.
UK ANT. -J
231 Hel IJ voor Atnslerdam. Wintergeziclit, genomen op du stad, naar het Oosten en de Oosterkerk. Reelits liet Botliuis.je. Aquarel door J. can Leeuwen, omstreeks 1825. — H. 37, B. 51.
232 Gezicht nabij het Oosterdok, voorbij de sluis, ziende naar de stad. Aquarel door J. van Leeuwen. — H. 47, B. 61.
233 Het IJ, van Zeeburg naar Pampus te zien. Aquarel door (r. Lamberts. H. 17, B. 23.
234 Gezicht op Amsterdam, uit het IJ genomen Teekening met potlood, een weinig met roet opgewasschen, door Boiiapentui\'a l\'elers, omstreeks 1650. — H. 9, B. 47.
235 vL)e Nieuwenbrugsboom op het IJ euui\' Amsterdam ■ leekening met potlood, XVllle eeuw. — H. 17, B. 26.
236 Het IJ, met den boom bij liet Bolhuisje. Aquarel door (O- l\'. Weden-berg). - H. 20, B. 28.
237 Gezicht van liet IJ op de stad, bij het Bothuisje. Aquarel door Lr. Lamberts. — H. 12, B. 14.
238 Het IJ voor Amsterdam, gezien van liet Bothuisje, bij winter en door ijs gestremde vaart. Aquarel door ./. van Leeuwen. — H. 41, B. 55.
239 Het IJ voor Amsterdam, bij winter en met ijsvermaak, ziende op den Haringpakkerstoren en Nieuwe Stadsherberg. Aquarel door •/. can Leeuwen, 1828. — H. 38, B. 48.
Zie het vignet, biz. 2S.
210 Het IJ, bij het Blauwhoofd. Met de afsluiting door paalwerk. Sepiateeke-ning door G. Hulzebooin, omstreeks 1800. — H 24, B. 28.
211 Het uiterste bolwerk aan de Westzijde, met het IJ. Aquarel door O. Lamberts, omstreeks 1815. — H. 21, B. 30.
242 Het IJ voor Amsterdam met een der uiterste bolwerken en een der houten accijnshuisjes in het water gebouwd. \\\\ intergezicht. Aquarel door ./. van Leeuwen. — H. 39, B. 52.
2i3 „Amsterdam te zien can den Bikkersboom, op het Dikkers Eyland \\ Bij avond en maneschijn. Teekening door F. J. Pfeilfer, 1813. — H. 17, B. 24.
244 „Aan den Zandhoeky Gezicht op ilen Bikkersboom, den uitersten aan de westzijde van de stad. Sepiateekening door (r. Ihdséboom, omstreeks 1800. - H. 20, B. 27.
2i5 , Aan de Zandhoek.quot; Teekening mei O. I. inkt door lt;1. Lamberts 11. 22, B. 28.
30
Onmiddelijke Omgeving.
-Ki J)j) de Schans hij de Haarlemmerpoort.\'\'\'\' Sepiateekening door G. Lamberts, 18] 1. — H. 17, B. 21.
\'217 Ge/.icht op tie wallen aan de westzijde van den molen De Valk. Met den Westertoren. Met O. I. inkl door 1). Verrijk, omslr. 1775. — H. 19, B. 82.
2i-8 .Aan het Schaap veld, huiten de Zaagpoortquot;. Een buurt met vele houtzaagmolens. Uitvoerig met kleuren door 11. G. ten Cute, 1850. — H. 14, B. 20.
•21\'.) De Schans boven de Raampoort. Teekening met O. 1. inkl, omstreeks 1800. - H. 20. B. 28.
250 .Den Overtoom, can de J:ant rmi Amsterceen, 1679.quot; Met de pen en O. 1. inkt door ,J. Stellingwerff. — H. 13, B. 18.
251 De overhaal aan den Slotenveg. Hij maanlicht. Teekening met O.l. inkt, tweede helft der XVHIe eeuw. — H. 23, B. 31.
252 „Gesicht can de Amstel na d. Amstel hrucjhquot;. Met veel ijsvermaak. Aardige aquarel door P. can den Berge, omstreeks 1690. — H. 25, B. 33.
üc maand Januari. Zie No. 167.
253 „Amsterdam aan den Amstel 1703quot;. Gezicht genomen van de Ütrechtsclie zijde, naar de Hooge Sluis hij winter. Sepiateekening door Paid can Liender, 1702. — H. 25, B. 37.\'
251 „Gezicht op de Amstel in de strenge ivinter can \'tjaar IS-\'IK Men ziet aim de rechterhand een tent dewelke op het ijs geplaatst was, dienende coor een koffijhuis. En aan de linkerhand de glashlazerij aan de Utrechtsche zij\'1. Teekening met sepia en O. I. inkt door •/ Fast ma. — H. 30, B. 38.\'
255 „Gezicht van de Hogen Dijk up Amsterdaniquot;■ Teekening met sepia en O. 1. inkt door G Steffelaar, 1831 — H. 36, B. 46.
256 Gezicht bij de Muiderpoort. Teekening met O. 1. inkl dooi\' Baars, (quot;omstreeks 1790). — H. 20, B. 28.
Omstreken van Amsterdam.
257 Do Vole wijk of het Stads Galgeveld, met vele geëxecuteerden. Potlood-teekening, door (A\'- Vinkeles, omstreeks 17S0). — H. 17, B. 2(gt;.
258 ,De tijkens cant tolhuijs over Sloterdijck gemaeckt int Jnar Ao. ](194quot;. Zes origineele teekeningen. door den bouwmeester van dit Tolhuis vervaardigd. Drie bladen, elk H. 46, B. 37.
2:)!) Buiksloot. Ge:dclit achter het dorp naar de Purmerender vaart te zien, na de overstrooming den aden Febr. 1825. Met O. I. inkt door O. Lam-berts. — H. 22, B. 32.
200 Nieuwendam, aan de overzijde van het IJ. Met de pen en O. 1. inkt door G. van Battem (XVIle eeuw). — H. 15, B. 23.
261 Nieuwen lam. Gezicht op de haven, Amsterdam in \'t verschiet. Aquarel door G. Lamberts, omstreeks 1820. — H. 16, B. 26.
262 Ransdorp. De Kerk, met den stompen toren. Teekening met O. 1. inkt door .7. Stell\'uKjwerff, 1726. — H. 11, B. 17.
263 „Het Tol-hek aan de Amsterdamse vaartquot;, Haarlemmerweg. Aquarel door II. Spilman, omstreeks 1750. — H. 7. B. 18.
32 OMSTREKRN VAN AMSTERDAM.
20i SlolcTiJijk met al zijn woningen, omstreken, den Haarlemmer straatweg, enz. Tien groote en twee nog grootere waterverfleekeningen uit de tweede hcH\'t der XVlüe eeuw.
205 „Inundatie ran het Sloterdjker Meer, 2!) Nor. 1834.quot; Fraai geteekend met O. I. inkt door II. O. ten Gate. — H. 15, B 21.
20(5 „Gezicht op het fort hetwelk te halftceg Haarlem gestaan heeft. Door de Franschen gesticht en na de omwenteling wéér afgehrohen.quot; Met sepia en O. 1. inkt door .7. 1\'ostma. — H. 33, B 20.
Het fort was gebouwd in iSn.
207 De Bóeren-Wetering buiten Amsterdam. Aquarel door II. Kenn ail viv. Ao. 1773. - H. 20, B. 34.
20S (iozicht op de Boeren-Wetering, l)ij winter. Aquarel door J. v. Leentren, omstreeks 1825. — H. 41, B- 54.
200 ,/ Begin ran de weg aen den Orertoom na de drie baersjes.quot; Aardige leekening door II. I\'. Scholden, omstreeks 1775. — 11. 18, B. 211.
270 Aan den Overtoom. Uitvoering met O. 1. inkl door II- P. Schouten, omstreeks 1780. -- H. 18, B. 28.
271 „Gezigt op de weg ran het Dorp Amstelveen.\'quot; Fraaie teekening met de pen en O. I. inkt door Claes Jansz. Visschèr, omstr. 1040 - H. 15, B. 19.
272 „Op de Amstelreensche Wegquot;. De weg fraai met boomen beplant : met gezicht op een herberg. Met de pen en O. I. inkt door Claes Janszoon Visschèr, omstreeks 1040. — H. 15, B. 19.
273 „Afbeelding van het Klooster op de Amstelveensche Weg.quot; Gezicht op hot oude gebouw en den tuin. Aquarel door G. Lamberts, ad viv. 1815. — H. 22, B. 20.
Zie het vignet, bladzijde 31.
274 J-)p de Slooterweg naar \'t Dorp te zienquot;. Fraai met de pen en O I. inkt door Claes Janszoon Visschèr, omstreeks 1040. — H. 15, B. 19.
275 Sloten, omstreeks 1700. Met O. I. inkt door .7. Stellingwerff. — H. 13, B. 18.
270 ,Di\' Herberg het Molen tie aan den Amstelquot;. Teekening met de pen, op-gcwasschen met O. 1. inkt door Abr. Bademaler, omstreeks 1090. — H. 17, B. 30.
277 , Het dorp Ouderkerk aan de Westzijdequot;. Gezicht op de Kerk, de rivier en de ophaalbrug. Fraai geteekend met de pon en O. I. inkt door Claes Jansz. Visschèr, omstreeks 1040. — H. 15, B. 19.
278 ,Aan den afloop van den Hogend ijkquot;. Gezicht buiten de Muiderpoort. Met O. 1. inkt door /gt;. Kerkhoff, omstreeks 1800. — II. 20, B. 34.
OMSTREKEN VAN AMSTERDAM.
27!) , Oiiteivaelquot;, Houtewacl ook Oetewael genoemd, was een geliuclit waarvan de Oetewalerweg nog de heugenis bewaart. Gezicht op eene boerderij en op den weg. Met de pen geteekend en gedeeltelijk geaquarelleerd door Rembrandt. — H. 15, B. 21.
Fraaie teekening uit het Kabinet van een beroemd kenner en liefhebber te Londen.
280 „/)« Zwitsersche Brug up de Hofstede Weina, aan den Amsteldjk, he-hoorende aan den Heer Franrois Briquetquot;. Krijtteekening door J. (\'. Mertens ad vivum 1812. — H. 32, B. 39.
28! „Geziyi van de hofstede Frankendaal in de Diemenneer, ziende van lirl Tolhekquot;. Aquarel door G. Lamberts, 1817. — H. 20, B. 28.
282 Het Slot te Muiden, vóór de restauratie. Teekening met O. I. inkt door ./, de Itjck. - H. 22, B. 30.
lielangrijke teekening voor de kennis van den toestand van het slot in het begin dezer eeuw.
33
M^MÊm
:: :
V
Typ. AMST. BOEK- EN STEENDRUKKERIJ, v/h. Ellerman. Harms amp; Co.
gt;
-^1