-ocr page 1-
-ocr page 2-
-ocr page 3-
-ocr page 4-
-ocr page 5-

nA. IX it *-// :

a nyc c tedi

-ocr page 6-
-ocr page 7-
-ocr page 8-
-ocr page 9-
-ocr page 10-

Imprimatur.

Monasterii, die 19. Septembris 1830.

j

Bischöfliches Geueral-Vikariat. v. Noël.

Nr. 3618.

-ocr page 11-

Morgengebeden.

-Lji'i

den naam des Vaders en quot;i-jïf- des Zoons en des Heiligen treestes. Amen.1)

Dankgebed.

Ik bedank U, lieve Heer, dat (Jij mij dezen nacht bewaard hebt en mij dezen morgen wederom in gezondheid hebt doen ontwaken. Hoe kan ik U voor deze gunst op de beste wijze mijnen dank betuigen? Haar o, ik weet het: door braaf

1

Begin en eindig ieder gebed met hu' maken van het kruis. Teeken n met het krnisteeken terstond na het ontwaken; teeken u met het kruis na u neergelegd te hebbes om te gaan slaven.

-ocr page 12-

10 Morgengebeden.

te zijn, door te doen wat dooi U is geboden, door te laten, wat door U is verboden. Ik neem mij voor, U op deze wijze erkentelijk te zijn. Help mij, j;oede God, dit voornemen ten uitvoer te brengen.

Hut gebed des Heeren.

OnzeVader, die in de Hemelen zijt, geheiligd zij uw naam; ons toekome uw rijk; uw wil geschiede op aarde als in den Hemel; geef ons heden ons dagelijkscn brood; en vergeet' ons onze schulden gelijk wij vergeven onze schuldenaren; en leid ons niet in bekoring, maar verlos ons van den kwade. Amen.

De groetenis des Engels.

Wees gegroet Maria, vol van genade: de Heer is met ü; ge-

-ocr page 13-

Morgengebeilra.

zegend zijt Gij boveu alle vrouwen, en gezegend is de vrucht uws lichaams, Jesus. Heilige Maria, Moeder Gods, bid voor ons zondaars, nu en in het uur van onzen dood. Amen.

De twaalf artikelen des Gdoofs.

Ik geloof in God, den Vader, almachtig, Schepper van Hemel en aarde; en in Jesus Christus, zijn eenigen Zoon, onzen Heer; die ontvangen i« van den Heiligen Geest, geboren uit de Maagd IVIaria; die geleden heeft onder Pontius Pilalus, is gekruist, gostorven en begraven; die nedergedaald is ter helle, ten derden dage verrezen van de dooden: die opgeklommen is ten Hemel, zit aan de rechterhand van God den Vader almachtig; van daal

11

-ocr page 14-

12 Morgengebeden.

sai Hij komen oordeelen de levendon en de dooden; ik geloof in den Heiligen Geest, de Heilige Katholieke Kerk, de gemeenschap der Heiligen, de vergiffenis der zonden, de verrijzenis des vleesches, het eeuwige leven. Amen.

De tien Geboden Gods.

Ik ben de Heer uw God; gij zult geen vreemde goden voor mijne oogen hebben; gij zult u geen gesneden beelden uoch eenige gelijkenis maken; gij zult die niet aanbidden, noch godsdienst aandoen.

Gij zult den naam van den Heer uwen God niet ij del gebruiken.

quot;Wees gedachtig, dat gij den Sabbat heiligt.

Eer uwen Vader en uwe moe-*.

-ocr page 15-

Morgengebeden. 13

der, opdat gij lang moogt leven op aarde.

Gij zult niet doodslaan. Gij zult geen overspel doen. Gij zult niet stelen.

Gij zult tegen uwen naaste geen valsche getuigenis geven.

Gij zult uws naasten huisvrouw niet begeeren.

Gij zult zijn huis niet begeeren, noch zijn land, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn os, noch zijn ezel, noch iets van alles wat hem toebehoort.

De vijf Geboden der Heil. Kerk.

De geboden Heiligendagen zult gij vieren.

Dan ook Mis hooren met goede manieren.

-ocr page 16-

ii Morgengebeden.

Geon geboden vastendagen Kult gij breken.

Gij zult, ten minste eens's jaars, den priester uwe biecht spreken.

En nuttigen. omtrentPaschen, het lichaam des Heeren.

Akte van Geloof,

Ik geloof in éénen God, één in wezen en driovuldig in Personen, God den Vader, God den Zoon en God den Heiligen Geest, looner van het goed en straffer van het kwaad; ik geloof, dat God de Zoon, de tweede Persoon der Allerheiligste Drievuldigheid, voor ons is mensoh geworden, gekruist, gestorven en verrezen. Deze mysteriën, en al hetgeen de Heilige Kerk mij voorhoudt te geloo»

-ocr page 17-

Morgengebeden. 16

ven, geloof ik vastelijk, omdat Gij, mijn God, de opperste waarheid en wijsheid zijt, die dit alles zelf geopenbaard hebt.

In en voor dit geloof wil ik leven en sterven.

Akte van Hoop,

Mijn Heer en mijn God, ik hoop en vertrouw vastelijk, door het bitter lijden en de verdiensten van Jesus Christus, te bekomen hier in dit leven uwe genade en de vergiffenis van mijne zonden; en hierna U eeuwig te aanschouwen, te beminnen en te bezitten in den Hemel: dit hoop ik, omdat Gij, mijn God, oneindig goed zijt tot ons, almachtig, en getrouw in uwe beloften.

In deze hoop wil ik levea ea sterven.

-ocr page 18-

Morgengebeden.

Akte van Liefde.

Mijn Heer en mijn öod, ik bemin U boven al en uit geheel mijn hart, omdat Gij oneindig ^oed zijt en alle liefde waardig; ik bemin mijn naaste gelijk mij zei ven uit liefde tot U; dat U alle menschen loven in eeuwigheid.

In deze liefde wil ik leven en sterven.

Akte van Berouw.

Mijn Heer en mijn God, mijne zonden zijn mij leed uit den grond mijns harten, niet aleen omdat ik daardoor uwe rechtvaardige strafien verdiend heb, naar vooral omdat ik daardoor uwe Goddelijke Majesteit en goedheid, die ik boven al bemin, vergramd heb; ik haat en ver-taak de zonden uit liefde tot U,

16

-ocr page 19-

Morgengebeden.

en ik maak het vaste voornemon voortaan nooit meer te zondigen, alle gelegenheid van zonde te schuwen, een rechtzinnige biecht te spreken en liever te sterven, dan U nogmaals te vergrammen. Amen.

(Hierna kan gebeden worden da Lita nifc van den Zooten Naam Jesud.)

Gebed om zegen.

Ik stel mij, o goede God, onder uwe hoede, spaar mij dezen dag, bescherm mij tegen alle kwaad naar het lichaam en naar de ziel, doe mij leven naar uw welbehagen.

Heilige Maria, bid voor mij om zegen voor dezen dag en voor alle volgende dagen van mijn leven.

Heilige Jozef, wees mij een vermogende beschermer tegen blle gevaren.

17

-ocr page 20-

18 Morgengebeden.

Heilige Bewaarengel, doe mij wandelen op den weg, die ten Hemel voert. Amen.

Opdracht.

Mijn Heer en mijn God, ik draag U voor dezen daag en voor altijd mijn lichaam en mijne ziel op; ik draag U ook alles op, wat ik van daag zal doen; laat dit alles strekken tot uwe meerdere eer en ver-beerlijking.

-ocr page 21-

Avondgebeden.

f^n den naam des Vaders en des Zoons eu des Heiligen Geestes. Amen.^n den naam des Vaders en des Zoons eu des Heiligen Geestes. Amen.

Dankgebed.

Neergeknield, bij het eindo van dezen dag en op het punt mij ter rust te begeven, zeg ik U dank, goede God, mij van daag in het leven gespaard en voor menig gevaar behoed te hebben. Zonder uwe genade zou ik mijne plichten niet vervuld, zou ik mij wellicht aan i groote zonden schuldig gemaakt quot;i hebben. Hartelijk dank voor

-ocr page 22-

20 Avondgebeden.

uwe goedheid, voor de bescher-ming mij van daag verleend.

Als ik voor uw aanschijn, groote God, naga, hoe ik mij van dag heb gedragen, dan bemerk ik nog in vele dingen te kort gekomen te zijn. Stel ik mij de vragen:

Hebt gij met eerbied gebeden? Hebt gij de kerkelijke diensten met stichting bijgewoond?

Hebt gij aandachtig geluisterd naar den priester bij zijn godsdienstig onderricht?

Zijt gij stipt gehoorzaam ge- '' weest aan vader en moeder?

Hebt gij den vrede onderhouden met broeders en zusters 1 Hebt gij u op school zoodanig gedragen, dat uw meester over u voldaan was?

Zijt gij uwen makkers

1

-ocr page 23-

Avondgebeden. 21

voorbeeld geweest van onderdanigheid, van vlijt, van orde?

Stel ik mij deze vragen, dan moet ik bekennen, niet op alles ja te kunnen zeggen. Het spijt mij, goede God, in zooveel opzichten te kort gekomen te zijn; het spijt mij nog meer, dat ik U door grootere zonden bedroefd heb.

Ik heb mijn morgengebed verzuimd.

Ik heb gespot met heilige zaken.

Ik heb gevloekt.

Ik heb gelogen.

Ik heb onzedige woorden gesproken, geluisterd naar onze-dige gesprekken, gekeken naar onzedige beelden.1)

1

Wie bovenstaande zonden niet heeft gedaan, sla dit over. Zijn andere groote zonden bedreven, men noem* die dan.

-ocr page 24-

Avondgebeden.

Vergeving voor al het kwaa'1, door mij bedreven, vergeeviug daarvoor, o goede God, ik wil U nooit meer bedroeven door mijne zonden.

Bid, om God to bedanken voor h«t ontvangene goed. om vergeving te verkrijgen voor d« bedrevene zonden en om gedurende den nacht onder (jods hesehenning te mogen zijn:

Het Onze Vader.

Het wees gegroet.

De twaalf' artikelen dos ge-loofs.

De tien Geboden Gods.

De vijf Geboden der H. Kerk.

De akten van Geloof, Hoop, Liefde en Berouw.

(Hierna kan gebeden worden de Litanie van de Heilige Maagd.)

Sluitgehed.

Ik ga mij ter rust begeven, behoud mij, o God van genade,

22

-ocr page 25-

Avondgebeden. 28

voor alle ongeluk, doe mij ver-frischt, in gezondheid ' ontwaken. Heilige Marie, Heilige Jozef, Heilige Bewaarengel, bidt en waakt voor mij, terwijl ik slaap. Amen.

Heer, in uwe handen beveel ik mijnen geest!

-ocr page 26-

heboden eu verzuchtingen onder lt;le heilige Mis.

Toegepast op de verschillende Deelen derzelve, »1 op de vooruaamsce omstauJighedesi van bet Lijden onzes Zaligmakers.

Voorher cidingsyebed.

Zaligmaker Jesus, ik ga de heilige Mis by-wonen, om TJ te eeren en te be-ilanken voor al uwe goedheden, rm bijzonderlijk, omdat Gij voor

-ocr page 27-

Gebeden onder de heilige Mis. 23

mij gestorven zij t: alsmede om ü de genade te vragen die mij noodig is ter vergiffenis mijner zonden. Geef, bid ik U, dat, gedurende al den tijd van dit heilig ofier, mijn geest trede in de meening van de heilige Kerk en van don Priester, en zich met niets bezig houde dan mot U; dat mijn hart een vurig verlangen hebbe om IJ te ontvangen, en ik nooit uit mijn geheugen verlieze, dat Gij voor mij op den Calvarieberg geleden hebt.

De Priester gaal naar het altaar.

Heer Jesus, die na de instelling van het hoogwardig Sakrament des Altaars, quot;ü zoo vaardig, om onze verlossing te bewerken, naar den Olijfhof

-ocr page 28-

2(5 Gebeden

hebt begeven: verleen mij de genade, dat ik bij het H. Misoffer ijveriger en godvruchtiger dan ooit, moge bidden. Amen.

De Priester begint de Mis aan den voet des altaars.

O Heer, die in den Hof driemaal uwen hemelschen Vader hebt gebeden, dat de kelk van uw bitter lijden moget voorbijgaan, en niettegenstaande, TJ zeiven volkomen aan Zijnen heiligen wil hebt onderworpen; geef mij door dit ootmoedig gebed, dat ik in al mijn lijden met volle toewijding mijns harten aan U, tot U mijn toevlucht neme, en met uwen heiligen wil altijd tevreden zij. Amen.

-ocr page 29-

onder de heilige Mis.

üe Priester leest den Introïtus.

Ik overweeg, o mijn Zaligmaker, deze uwe eerste vernedering, die Gij om mijnentwil bij Annas voor mij hebt ondergaan, waar uw lijden, en de verdrukking uwer onschuld tot spot en vreugde dienenden bij de goddeloozen. Geef mij door deze uwe versmading, dat ik de beschimpingen gaarne Hjde, en door geene vernederingen ooit van de ware godsvrucht afwijke. Amon.

De Priester zegt: Kyrie eleison,

O Jesus! Gij hebt willen verdragen, dat Petrus, de vorst der Apostelen, U tot driemaal verloochende in het huis van

27

-ocr page 30-

28 Sebeden

Caiphas; bewaar mij, bid ik U, voor alle laatdunkendheid en betrouwen op mijne eigene krachten; opdat ik mij nooit menge in kwade gezelschappen, et in het gevaar van U door de zonden te verloochenen. A.men.

De Priester zegt: De Heer zij

met u! en leest den Epistel.

O liefderijke Jesus! Gij slaat de oogen uwer genade op Petrus, en deze, bekeerd, begint bitter te weenen. Zie ook op mij neder, ik bid het U, met de oogen uwer barmhartigheid; opdat ik mijne zonden van ganscher harte beweene, en U, mijnen Heer en mijn God, nimmermeer door woorden of werken verloochene.

-ocr page 31-

onder de heilige Mis.

De Priester zich keerende tot het volk zegt: De Heer zij met u l

O rechtvaardige Rechter van alle menschen, die, om ons te ontslaan van onze zonden, wel hebt willen staan voor een onrechtvaardigen rechter, om valschelijk beschuldigt te worden: leer mij de valsche beschuldigingen der kwaadwillige menschen geduldig verdragen, en het geloof en de waarheid, naar uw voorbeeld, kloekmoedig belijden, zelfs met gevar van mijn leven. Amen.

De Priester leest het Evangelie

Het was, om te voldoen voor onze hoovaardigheid, o eeuwige Wijsheid, dat Gij allerlei vernederingen hebt Willen

29

-ocr page 32-

Gebeden

doorstaan: dat Gij hebt ge zwegen voor Herodea; dat Gij beschimpt weidt als een dwaas, ou wederom tot het ondergaan van nieuwe smaadheden naar Pilatus weidt gezonden. Verleen mij hierdoor de genade, om mij te vernederen, ootmoedig te zwijgen, en mij over de beschimpingen wegen de gods-viueht, niet te schamen. Amen.

De Priester offert aan God kei j, brood en den wijn.

Aanbiddelijke-Zaligmaker, die om mijne zonden, uw heilig lichaam hebt overgeleverd aan de beulen, om gegeeseld te worden: geef ruij, ik smeek het U, dat ik de geeselslagen uwer vaderlijke kastijding volgaarne aanneme, ea dat ik voortaan nimmer, door mijne zonden, de

30

-ocr page 33-

onder de heilige Mis. 31

schandelijke foltering uwer geeseling vernieuwen moge. Amen.

De Kelk wordt ivederom lui dt Offerande (jedekt.

Het is voor mij, lieve Jesuh. dat Gij met doornen hebt willen gekroond worden, omdat ik eenen slechten akker gelijk, die voor U niets voortbi engt dan doornen van zonden. Ach! geef mij toch deel aan uwe doornenkroon door eene waardige boetvaardigheid ; opdat ik hiernamaals deel moge hebben aan de kroon uwer eeuwige heerlijkheid. Amen.

De Priester zegt: „ Orale fraires!quot; (bidt broeders l)

jl Zie daar den mensch, o hemel-

r———

-ocr page 34-

32 Gebeden

geven hebt tot zoenoffer voor de menschen! Zio den mensch, dien Gij geslagen hebt, in uwe gramschap, om onze zonden! Zie op het aauscbijn van uwen beminden Zoon, den meest ge-drukten onder de mensohen! Laat uwe rechtvaardigheid nu voldaan zijn; doe ons genaden verkrijgen voor zijn lijden, Amen.

De Priester leest de Prefatie.

O Zaligmaker der wereld, die, om ons van den eeuwigen dood te verlossen, welken wij door de zonden verdiend hadden, het onrechtvaardigste doodvonnis zoo gewillig hebt ontvangen: geef dat wij ons met liefde buigen onder uw rechtvaardig oordeel, opdat wij door eenen gewilligen dood het vonnis van

TT

-ocr page 35-

onder de heilige Mis,

den eeuwigen dood ontkomen. Amen.

üe Priester houdt de gedachtenit der levenden.

Leer mij, o Jesus, mijn kruis diagen in uwen geest; doe mij al de kwellingen en verdrukkingen in dit leven aanzien als mij toegezonden door de liefde van uwen Vader; opdat ik, die naar uw voorbeeld, gewillig omhelze, en mijn kruis met U dragende, hierdoor zalig worde. Amen.

De Priester maakt verscheidene kruisen over het brood en den wijni

0 Jesus! zoo worden dan die weldoende handen en heilige voeten, die zoo dikwerf ver-

-ocr page 36-

Gebeden

moeid zijn geweest door het zoeken van verloren schapen, met scherpe nagels aan het kruis gehecht. O beminde Zaligmaker ! geef mij deel aan dat lijden. Doorboor mijne handen en voeten door de schichten uwer vreeze, opdat zij voortaan niet meer tot ecnige zonden mogen dienen. Amen

De Priester heft de II. Hostie ornhoig.

Ik aanbid U, o Jesus, verheven aan het kruis, hier op het heilig altaar: als koning van Hemel en aarde, verheven op uwen troon; als rechter der wereld, gezeten op uwen rechterstoel; als Opperpriester van liet nieuwe verbond, die op dit altaar de goddelijke

34

-ocr page 37-

onder de heilige Mis. 35

offerande doet, waarvan Gij zelf het slachtoffer en den offeraar jdjt. Ik bid U, neem mijne onderwerping aan. Verleen mij iie genade, en verzoen mij met uwen Vader.

De. 1'riester houdl de (/edachtenis der overledenen.

O Allerzachtmoedigste Zaligmaker, die uwen hemelschen Vader om genade hebt gebeden, zelfs voor degenen, die ükruisigden, zeggende: „Vader, vergeef het hun, want zij weten niet wat zij doen.quot; Geef mij, flat ik, naar uw gebod en naar uw voorbeeld, mijne vijanden beminne, weldoe aan degenen die mij haten, en bidde voor degenen die mij lasteren en vervolgen. Auien.

»•

-ocr page 38-

Gebeden

De Priester,

op zijne borst slaande, zegl:

Agnus Dei! (Lam Gods, enz.)

O God mijn Zaligmaker! daa; de rotsen vaneen spleten, de graven zich openden, degenen die U kruisigden bekeerd werden, en de geheele natuur door uwen dood werd beroerd; geef mij dat ik alleen niet ongevoelig en versteend blijve, maar dat ik de kracht van uwen dood door tranen van boetvardigheid ondervinde. Amen.

De Priester nuttigt de heilige Hostie.

Heer Jesus, die na uwe groote vernederingen aan het kruis, in een nieuw graf hebt willen begraven worden en met kostelijke

36

-ocr page 39-

onder de heilige Mia. J}7

specerijen zijt gebalsemd; verleen mij de genade een vernieuwd hart te bezitten, dat gezalfd en gebalsemd is door de onbedorvenheid van uwe geheiligde deugden; opdat het eene ware rustplaats voor uw heilig lichaam worde. Amen.

De Priester leest de Na-Communie.

O verheerlijkte Zaligmaker, die uit een gesloten en verzegeld graf, met majesteit en luister van den dood zijt verrezen om niet weder te sterven; geef mij dat ik moge opstaan uit het graf mijner voorgaande zonden, en dat ik, voortaan in deugd en heiligheid wandelende, eens deel moge hebben aan uwe glorierijke verrijzenis. Amen.

-ocr page 40-

33 Gebeden onder de heilige Mis.

De Priester zegent hel volle.

O Heer Jesus, eenige Zoon des Vaders! die, aan de rechterhand Gods gezeten, uweu Heiligen Geest over uwe Discipelen hebt afgezonden: vervul onze harten met denzelfden Geest; stort over ons den zegen uit, dien de Priester ons in uweu naam geeft, en maak ons overvloedig deelachtig aan de vruchten uwer heilige Offerande, welke wij door uwe genade hebben bijgewoond. Amen.

-ocr page 41-

Mis voor de Over!elt;3eaen.

—ae—

In de mis voor de overledenen wordi geen Gloria in excelsis gebeden, noch het Credo. Op het einde der mis zegt de priester in de plaats van He missa est of Benedicamus Domino, Requiescant in pace. Dit wil zeggen: zij rusten in vrede. Ook wordt in de mis voor de overledenen geen laatsten zegen gegeven, doch de priester gaat aanstonds uit het midden des altaars naar de Evangeliezijde en begint het Evangelie van den heiligen Joannes.

Introïtus.

|3Seef hun, o Heer, de eeuwige ^3 rust: en het eeuwige licht verlichte hen.

-ocr page 42-

40 Mis voor de Overledenen.

Ps. 64. IJ betaamt lof, o God in Sion, en men zal U geloften doen in Jeruzalem: verhoor mijn gebed, alle vleesch zal tot U komen.

Collecte.

God, wien het eigen is, n!-tijd barmhartig te zijn en t« sparen, siiiieekend bidden wij LI voor de ziel van uwen dienstknecht N., dien Gij heden uit deze wereld hebt doen vertrekken! dat Gij haar niet overlevert in de hand des vijands, noch ten einde toe vergeet, maar haar door Uwe heilige Engelen doet opnemen, en tot het vaderland des hemels overbrengen, opdat, daar zij op IJ gehoopt, in TJ geloofd heeft, zij niet de straffen der hel onderga, maar de eeuwige

-ocr page 43-

Mis voor de Overledenen. 41

vreugde bezitte. Door onzen Heer Jesus Christus uwen Zoon: die leeft en heerscht in eenheid met den heiligen Geest God: door alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Epistel.

es uit den brief van den heiligen apostel Paulus aan de Thessalouikers.

Broeders, wij willen niet dat gij onkundig zijt, aangaand* de ontslapenen, opdat gij u niet bedroeft gelijk de overigen, die geene hope hebben. Want indien wij gelooven, dat Jesus gestorven en verrezen is, evenzoo ook zal God diegenen, die ontslapen zijn door Jesus, toebrengen met Hem. Want dit zeggen wij u met een woord des Heeren, dat wij, die leven, die overblijven tot de komst

-ocr page 44-

42 Mis voor de Overledenen.

des Heeren, de rntslapenen niet zullen vóórkomen; want de Heer zelf zal op een bevel, ej op de stem van eene Aartsengel en op de bazuine Gods, van den hemel nederdalen, en de dooden in Christus zullen eerst opstaan; daarna zullen wij, die leven, die overblijven, te gelijk met hen op wolken weggevoerd worden den Heer te gemoet in de lucht; en zóó zullen wij altijd met den Heere wezen. Zoo dan vertroost elkander met deze woorden.

Graduale. Rust in eeuwigheid verleen hun, Heer: en hot eeuwige licht verlichte hen.

V. .Ps. 3. In eeuwige gedachtenis zal de rechtvaardige verblijven: hij zal geen kwaad oordeel vreezen.

Tract us. Sla vrij, o Heer, de zielen van alle overledene

T

-ocr page 45-

1

Mis voor de Overledenen. 43

geloovigen vaa alle boei der misdaad.

V, En uaogeu zij, uwe genade hen bijstaande, verdienen het oordeel der wraak te ontvlieden.

V. En do zaligheid van het eeuwige licht genieten.

Dag van gramschap, vreese-lijke dag, waarop volgens het getuigenis van David en dw Sibylle het heelal in asch zal vergaan.

Welk een angst zal er heer-scheu, wanneer de Rechter komen zal om alles gestreng te beoordeelen.

Do bazuin een wonderbare!: klank over de graven der wereldstreken uitsohallend, zal allen voor den troon vergaderen.

Dood en natuur zullen verbaasd staan, wanneer het schep

J_

-ocr page 46-

44 Mis voor de Overledenen.

sel zal opstaan, om voor zijn Rechter rekenschap afteleggen.

Het geschreven boek zal worden voorgebracht, warin alies is vervat, waarover de wereld moet geoordeeld worden.

Wanneer de Eechter dan zal zijn neergezeten, zal alles wat verborgen is bekend worden: niets zal ongewroken blijven.

Wat zal ik ellendige dan zeggen? welken verdediger zal ik oproepen? daar de rechtvaardige zelf nauwlijks veilig is.

Koning van ontzagwekkende Majesteit, die wie gered moet worden belengeloos helpt, red ook mij, bron van goedertierenheid.

Gedenk zachtmoedige Jesus, dat ik oorzaak ben van uw levenswandel, verwerp mij niet op dien dag,

-ocr page 47-

Mis voor de Overledenen. 45

Mij zoekend dat Gij uitgeput ter neer, om mij te verlossen leedt Gij den kruisdood; moge al die arbeid niet vergeefs zijn.

Rechtvaardig Rechter der wraak; schenk vergiffenis vóór den dag der rekenschap.

Ik zucht als schuldige: mijn aanschijn bloost over de zonde; God, spaar hem, die U smeekt.

Gij, die Magdalena vergiffenis schonkt en den moordenaar verhoordet. Gij hebt ook mij hoop gegeven.

Mijn gebeden zijn nietswaardig; maar Gij, o Goedheid, geef genadiglijk, dat ik niet in het eeuwig vuur brande.

Verleen mij een plaats bij de schapen, en scheid mij van de wolven, stel mij aan de rechterzijde.

Wanneer de vervloekten zuL

-ocr page 48-

iij Mis voor de Overledenen.

!pti veroordeeld zijn, en in de vreeselijke vlammen neergeploft, roep mij dan met de ge-zegenden.

Ik bid smeekend en met aandrang, met een berouwvol hart, als met asch bestrooid, zorg tocli voor mijn uit einde.

O! die droevige dag, waarop de schuldige mensch uit het stof zal opstaan, om geoordeeld te worden.

Spaar dezen dan, o God: zachtmoedige Heer Jesus, geef bun de rust. Amen.

Evanyelie.

Vervolg van het heilige Evangelie volgens Joannes.

Ten dien tijde zeide Martha tot Jesus: Heere! waart Gij hier geweest; mijn broeder zou niet gestorven zien; maar ook

-ocr page 49-

Mis voor de Overledenen. 47

nu weet ik, dat al wat Gij van God xuoogt vragen, God het TT ^even zal. Jesus zeide tot haar; uw broeder zal verrijzen! Martha zeide tot Hem: ik weet, dat hij zal verrijzen bij de verrijzenis te jongsten dage. Jesus zeide tot haar:

Ik ben de verrijzenis en het leven; die in Mij gelooft, al is Lij ook gestorven, zal leven; en een iegelijk die leeft en in Mij gelooft, zal in eeuwigheid niet sterven. Gelooft gij dit? Zij zeide tot Hem: ja, Heore! ik geloof dat Gij de Christus zijt, de Zoon des levenden Gods, die in deze wereld gekomen zijt.

(Jjferandc.

Heer Jesus Christus! Koning der heerlijkheid, verlos de zielen

-ocr page 50-

48 Mis voor de Ovevledenen.

van alle geloovige overledeuou van de straffen der hel en uit den diepen afgrond: verlos hen uit den muil des leeuws, opdat hen de diepte niet inzvvelge; maar de heilige Michaöl hen binnenleide in het heilige licht: wat gij eertijds Abraham en zijn nakomelingschap belooft hebt.

V. Offers en gebeden ter lofprijzing brengen wij U, o Heer: neem Gij het aan vor die zielen, wier gedachtenis wij hgden vieren; dóe hen, Heer, van uit den dood overgaan tot het leven.

Wat Gij eertijds Abraham en zijn nakomelingschap beloofd hebt.

Oebed.

Wees barmhartig, wij smeeken ü, o Heer, de ziel van uwen

-ocr page 51-

Mis voor de Overledenen. 49

dienaar N. voor wien wij U het dankoffer aanbieden, Uwe Majesteit dringend smeekende: dat zij door deze vrome zoenoffers tot het eeuwige leven moge komen. Door onzen Heor enz.

Communie.

Het eeuwige licht verlichte hen, Heer, * met uwe heiligen in eeuwigheid: daar Gij barmhartig zijt

V. De eeuwige rust verleen hun, o Heer * met uwe heiligen in eeuwigheid: daar Gij barmhartig zijt.

Gebed na de Communie.

Geef, wij smeeken U, almachtige God, dat de ziel van uwen dienaar N. die heden uit

4

-ocr page 52-

Mis voov de Overledenen.

doze wereld gefcclieiden is, door deze offers gezuiverd, en van zonden vrij, kwijtschelding tegelijk met de eeuwige rust ontvange. Door onzen üeer enz.

-ocr page 53-

Verschillende Gebeden.

-amp;Q.

Als de bedeklok klept.

Engel des Heeren heeft gfi Maria geboodschapt.

En Zij heeft ontvangen van den Heiligen Geest.

Wees gegroet, Maria, enz.

Maria zeide: Zie de dienstmaagd des Heeren.

Mij geschiede naar uw woord.

Wees gegroet, Maria, ena.

Het Woord is vleesch g6' worden.

En het heeft onder ous ge woond.

Wees gegroet, Maria, enz.

-ocr page 54-

f,2 Verschillende öebeden.

Geheel.

Heer, wij bidden TJ, stort uwe genade in onze harten, opdat wij, die door de Boodschap des Engels de Mensch-wording van Christus uwen Zoon gekend hebben, door zijn lijden en kruis gebracht mogen worden tot de heerlijkheid zijner verrijzenis. Door Jesus Christus uwen Zoon, onzen Heer. Amen.

Van Paaschavond tot den avond vóór H. Drievuldigheidsdag wordt gebeden :

Verheug U, Koningin des Hemels!

Alleluja.

Omdat Hij, dien Gij waardig geweest zijt te dragen.

Alleluja.

-ocr page 55-

Verschillende Gebeden. 53

Is verrezen, gelijk Hij gezegd heeft.

Alleluja.

Bid God voor ons.

Alleluja.

Verheug en verblijd U, Heilige Maagd Maria.

Alleluja.

Want de Heer is waarlij'a verrezen.

Alleluja.

Gebed.

O God, die U gewaardigd hebt, door de verrijzenis van uwen Zoon, onzen Heer Jesus Christus, de wereld te verblijden, geef, dat wij door de voorspraak van zijne Moeder, de Allerheiligste Maagd Maria, de vreugd van het eeuwige leven

-ocr page 56-

54 Verschillenrte Gebeden.

mogen genieten. Door Jesus Christus, onzen Heer. Amen.

Gehe.d voor het eten.

Zegen Heer, ons en deze uwe gaven, welke wij door uwe gronte milddadigheid gaan nemen. Door Christus, onzen Heer.

R. Amen.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, ontferm U onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Onze Vader, geheel stil tot:

V. En leid ons niet in bekoring.

R. Maar verlos ons van den kwade.

Zegen. De Koning dei-eeuwige heerlijkheid make ons deelachtig aan den hemelschen disch.

R. Amen

-ocr page 57-

VerachiUenile öcbutleu. 55

Gebed na het eten.

Wij zeggen ü dank, almachtig God, voor al de weldaden: dio leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen.

E. Amen.

Heer, ontferm TJ onzer.

Christus, ontferm U onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Onze Vader, geheel stil tot:

V. En leid ons niet in bekoring.

B. Maar verlos ons van d^n wade,

V. Laat ons den Heer lofprijzen.

R. Lof aan God.

V. Dat de zielen der geloo vige overledenen door Gods barmhartigheid rusten in vrede. R. Amen.

-ocr page 58-

56 Verschillende Gebeden.

Lofgebeden tot de heilige Maagd.

Hul Memorare^

Gedenk, o hooggezegencle Maagd en Moeder Gods Maria, dat nog niemand, wie ook, die tot u zijne toevlucht genomen, u aangeroepen, of uwe voorspraak verzocht heeft, door u ooits is verlaten geworden; door dit levendig vertrouwen bezield, o Maagd der maagden, H. Maria, Moeder van den Heere, Jesus Christus, neem ik mijne toevlucht tot u; ik nader, ik snel tot u en, zondaar als ik bin, sta ik zuchtend voor u; wil dan, Moeder van het eeuwig Woord, mijne woorden niet versmaden; maar ze genadig lannemen en verhooren.

R. Amea.

-ocr page 59-

Verschillende Gebeden. 57

Salve Regina.

Wees gegroet, gij Koningin, Hoeder van Barmhartigheid, ons leven, onze zoetheid en hoop, wees gegroet! Tot u roepen wij, verbannen kinderen van Eva. Tot u roepen wij: zuchtende en weenende in dit tranendal.

Zie ons aan, gij onze Voor-sprekster, met de oogen vau uwe barmhartigheid. Behoed en bescherm ons in dit jammervol pelgrimsoord en toon ons daarna Jesus, de gezegende vrucht nws lichaams. O goede, zachtmoedige, o zoete Maagd Maria.

V. Bid voor ons, o Moeder van barmhartigheid.

E. Opdat wij troost en hulp verkrijgen bij den troon der Goddelijke genade.

-ocr page 60-

58 Verschillende Gebeden.

Gebed.

Almachtige en goedertieren God, Vader van barmhartigheid eu God van allen troost, doe ons door de voorbede der maagdelijke Moeder van uwen Zoon, die wij als de Koningin en Moeder van barmhartigheid eeren en aanroepen bij deigt; druk en den nood waarin wij ons bevinden, de gewenschte vertroosting en den noodigeu bijstand toekoemen en daarna tot u geraken in het rijk van zalige vreugde en van Hemel-schen vrede. Door Jesus Christus, uwen Zoon, onzen Heer en Zaligmaker. Amen.

Onbevlekt gt; Hart _ van Maria, bid voor ons!

(100 dagen aflaat.)

-ocr page 61-

Verschillende Sebedeu. 59

Zoet Hart van Maria, weep mijne redding,

(300 dagen Bflant.)

O Maria, zonder vlek ontvangen, bid voor ons, die tot u onze toevlucht nemen.

(100 dagen aflaat.)

Gezegend zij de heilige en onbevlekte Ontvangenis der allerzaligste Maagd Maria.

(100 dagen aflaat.)

Geloofd zij Jesus en Maria — heden en altijd. Amen.

(50 dagen aflaat.)

Hel „de. Profundis.quot; (Psalm 129.)

Uit de diepte mijner ellend(-roep ik tot ü, o Heer; Heer, vorhoor mijne stom.

-ocr page 62-

60 Verschillende Gebeden.

Luister met uwe ons toegenegen goedheid naar de stem mijner smeeking.

Zoo Gij onze zonden wilt gedenken, Heer, wie zou het dun voor U uithouden.

Maar bij U is ontferming en om TJwe, ons in Uwe wet beloofde genade, verlaat ik mij op U, o Heer.

Mijne ziel verlaat zich op Zijn woord, mijne ziel hoop op den Heer.

Van den ochtendstond tot aan den nacht zal Israël op den Heer hopen.

Want bij den Heer is barmhartigheid en overvloedige verlossing.

En Hij zal Israël verlossen van al zijne zonden.

-ocr page 63-

Verschillende Gebeden. 61

Geef hun de eeuwige rust, Heer, en het eeuwige licht verlichte hen.

V. Van de poorten der hel.

R. Verlos, o Heer, hunne zielen.

V. Dat zij rusten in vrede.

R. Amen.

V. Heer! verhoor mijn gebed.

R. En mijn geroep kome tot U.

Laat ons bidden.

God Schepper en Verlosser aller gelovigen, schenk de zielen uwer dienaren en dienaressen vergiffenis van al hunne zonden, opdat ze de genadige kwijtschelding, waarnaar zij altijd zoo vurig verlangden, door onze vrome gebeden mogen

-ocr page 64-

62 VerschiUeude Qebeaen.

verwerven. Gij, die leeft en heerscht van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

Het „ Veni Creator.11

Kom Schepper heilige Geest, daal neer in de harten der uwen, en vervul hen, die Gij geschapen hebt met uwe bovennatuurlijke genade.

Gij, die trooster genoemd wordt, gaat' van den Aller-hoogsten, leveude bron, vuur, liefde en geestelijke zalving.

Gij zevenvoudig in Uw gaven, vinger van de rechterhand des Vaders, die de lippen welsprekend maakt.

Ontsteek het licht voor de linnen, stort liefde in de hiu-teu, versterk de zwakheden vau ous

-ocr page 65-

Verechillende Gebedeu, 63

lichaam door Uw geduiigen bijstand.

Verdrijf den vijand ver van ons en schenk ons een heil-zamen vrede, opdat wij aldus onder Uwe leiding al wat schadelijk is ontvlieden.

Mogen wij door U den Vader en Zijn Zoon kennen, en in U Hun beider Geest steeds ge-looven.

God den Vader zij eer, en Zijn Zoon, die uit den dooden is opgestaan, en den heiligen Geest in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Door het jaar.

V. Zend Uwen Geest, en zij zullen herschapen worden.

E. En Gij ault het aansohij» der aarde vernieuwen.

-ocr page 66-

64 Verschillende Gebeden.

In den Paaschtijd.

V. De Apostelen verkondigden in verschillende talen, alleluja,

B. De wonderdaden Gods, alleluja.

Laat ons bidden.

O God, die de harten der geloovigen door de verlichting van Uwen heiligen Geest onderwezen hebt: geef' ons dat wij in dienzelfden Geest het rechte kennen, en in Zijnen troost ons ten allen tijde verheugen mogen. Door Christus, onzen Heer. Amen.

Gebed van een kind voor zijne ouders.

Ik bedank U, goede God, mij een zorgzamen vader en eene teeder beminnende moeder gegeven te hebben. O, moge ik nog lang in hun bezit zijn! Spaar

-ocr page 67-

Vnrschilleniie Gp)gt;«(i«ti,

mijn dierbaren vader, die iede-ren dag van den morgen tot den avond arbeidt om mij onderhoud en kleederen te kunnen geven, en nog zooveel meer, dat mij nuttig en aangenaam is. Spaar mijne dierbare moeder, die mij leert U te eeren en te beminnen, die mij orde en netheid leert, die mij met zachtmoedigheid onderricht en vermaant. Geef mijn vader en moeder een lang en gelukldfr leven, geef hun gezondheid, kracht en moed; zegen de werkzaamheden, die zij verrichten: wend alle rampen van hon af; geef dat zij hunne plichten naar uw welbehagen doen en beloon hen, goede God, vo or de zorgen mij gewijd, met de vreugde en het zoet, dat de aarde kan schenken ; beloon hunne zorgen vooral door hen

-ocr page 68-

66 Verschillonde Gebednn.

etuiüaal op te nemen in het Jtiijk der Zaligen. Amen.

dehntl voor broeders en zusters.

Goede God, Gij iiebt mij broeders en zusters gegeven om mij hot leven op aarde gezellig en aangenaam te maken. Boe hen met mij opgroeien tot uwe eer en tot vreugd van onze ouders. Verwijder van hen alle gevaren naar ziel en naar lichaam. Geef, dat wij onder elkander in vrode en eendracht leven, en dat wij elkander met hartelijke liefde beminnen. Doe ons allen zoo deugdzaam op aarde leven, dat wij eens vereenigd in den Hemel U daar in eeuwigheid mogen loven en prijzen. Amen.

Oebed tot de Heilige Maagd.

Heilige Maria, Moeder van Jesus, ik stel mij onder uwe

-ocr page 69-

Verschillende Gebeden. 67

moederlijke bescherming. Bid voor mij, opdat ik Jesus, uw Goddelijk Kind, moge navolgen, onderdanig mag zijn aan mijne ouders en hunne woorden in mijn hart mag bewaren, gelijk Jesus U onderdanig is geweest en uwe woorden in zijn hart bewaard heeft. Bid voor mij, datjesus mij in alles een voorbeeld mag zijn en ik, gelijk Hij, met de jaren mag toenemen in welbehagen bij God en bij de menschen. Amen.

Gebed tot den Heiligen Jozef.

Heilige Jozef, voedstervader van het Kind Jesus, wil mij tot en leidsman zijn op mijnon wandel hier op aarde. Ik vertrouw mij aan uwe hoede toe; wil mij onttrekken aan alle gevaren, die mij bedreigen; wil voor mij waken en mij voeren op den weg, dien ik te bewandelen

-ocr page 70-

fiS Verschillende Gebeden.

heb, om mijne onschuld te bewaren en toe te nemen in godsvrucht cn deugd. Blijf mij altijd met uwe bescherming nabij en wees mij een voorspreker in het uur van mijnen dood. Amen.

Gebed

tot den Heiligen Bewaarengel.

O getrouwe leidsman, die mij d r.nv God tot beschermer en oc. Kiiiiler zijt gegeven, welke dankbaarheid ben ik U niet schuldig. Als ik slaap, bewaakt Gij mij; br-n ik bedroefd, Gij vertroost mij; bon ik kleinmoedig, Gij versterkt mij; ben ik in gevaar, Gij helpt mij ; ben ik in twijfel, Gij raadt mij. Gij houdt mij af van het kwaad en brengt mij tot het goed. Ik bid quot;ü, verlaat mij nooit, troost mij in tegenspoed, bescherm mij in gevaar, kom mij te hulp in be-

-ocr page 71-

Verschillende Gebeden. 69

koringon, draag al mijne Go-beden en goede werken aan God op en maak, dat ik na dit vergankelijk leven liet eeuwige leven bezitte. Amen,

Gebed lot dan Hciligun Aloyxiiis.

Heilige Aloysius, Patroon der jeugd, bid God voor mij, opdat ik, met U, onschuldig mag leven en de heilig» deugd van zuiverheid mag behouden. Doe mij het oog op IJ gevestigd houden, doe mij U navolgen; doe mij iederen dag welgevallige!- worden in het oog van God. Wees mij engelachtige jongeling, een minzame vriend, een trouw gezel, een kloek beschermer; doe mij, uaar uw voorbeeld, streven om het Kind Jesus meer en moer gelijkvormig te worden, bid voor mij, dat ik deugdzaam mag leven en zalig mag sterven. Amen.

-ocr page 72-

70 VerBChUIendo Gebeden.

Oebed tot den Patroonheilige.

Groote Heilige, wiens naam (wier naam) ik draag en wien (wie) God de zorg voor mijne zaligheid heeft toevertrouwd, toen Hij mij in het Heilig Doopsel tot zijn kind heelt aangenomen; verkrijg mij, door uwe voorspraak, dat ik leve, gelijk het een lidmaat der Kerk van Christus betaamt. Help mij, groote Heilige Gods, de genade van het Heilig Doopsel te bewaren, of, als ik die verloren mocht hebben, ze terug te bekomen. Doe mij door uwe voorspraak een getrouw navolger zijn van uwe deugden; bescherm mij nu en alle dagen mijns levens, sta mij vooral bij in de ure van mijnen dood. Amen.

-ocr page 73-

B iecht-Oefen ingen.

Onderricht in de Biecht.

De Biecht is een van de zeven Heilige Sacramenten door Christus ingesteld. Door de Biecht worden de zonden vergeven, die na het Doopsel begaan zijn. De Priester heeft de macht van de zonden vrij te spreken, maar alleen dan — als ze aan hem beleden worden. Wit biecht, moet berouw hebben over zijno zonden en het vaste voornemen die zonden nooit meer te bediijven; andere worden de zonden door God niet vergeven. De biechteling moet ook de penitentie volbrengen, die de Biechtvader hem heelt opgelegd.

Kinderen beneden de zeven jaar behoeven nog niet te biechten; zij weten nog niet wat kwaad is; maar, die zeven jaar oud zijn en daar boven, moetec ten minste eenmaal in het jaar biechten. Brave menschen gaan veel malen in het Jaar biechten. Bij elk groot feeat gaan zij zeker.

quot;

-ocr page 74-

72 Biecht-Oefeningen.

Wie ter Biecht wil gaan, moet vooraf zijn geweten onderzoeken, dat wil zeggen : die moet nagaan welke zonden hij selert zijne laatste biecht gedaan heefc. Bij het biechten moet ook aan den Priester gezegd worden, hoeveel malen de zonde is gedaan; ook moet aan den Priester gezegd worden of de zonden bedreven zijn in tegenwoordigheid van andere kinderen of van groote menschen.

Als het geweten onderzocht is en men zijne zonden voor den geest heeft, moet men Onzen Lieven Heer vergeving vragen, en beloven dat kwaad niet weer te zullen doen, en met die meening de akte van berouw te bidden, en daarna nog andere gebeden naar verkiezing, tot zoo lang men den biechtstoel binnen gaat.

Men begint de Biecht met neer te knielen en zegge terwijl tot den Priester:

Eerwaarde Vader, geef mij uw heiligen Zegen!

Daarna spreke men de voorbiecht op deze wijze;

Ik belijd voor God almachtig, voor de Heilige Maagd Maria, voor alle Heiligen en voor U, Vader, dat ik zeer gezondigd

-ocr page 75-

Biecht-OefeDingen. 73

lieb, met gedacliten, met woorden en werken, door mijn schuld, door mijn schuld, door mijn allergrootste schuld.

Mij a laatste Biecht is geleden ....

Heeft men nu alle zijne zonden aan den Priester beleden, dan eindigt men üi-j'i te zeggen:

Deze en al mijne zonden, bekend of onbekend, zij mij van harte leed, opdat ik God, dien ik boven al bemin, daardoor vergram'd heb; ik beschuldig mij er van en vraag de heilige absolutie en eene zalige penitentie.

Hoor nu goed naar de vermaningen en naar de raadgevingen van den Priester, luister goed toe, wat tot penitentie wordt opgelegd en voldoe daaraan op den tijd, dien de Biechtvader stelt. Bepaalt hij geen tijd, volbreng dan de penitentie zoo spoedig mogelijk.

Bid na de Biecht nog eenigen tijd om Onzen Lieven Heer ie btdanken, dut

-ocr page 76-

74 Biecht-OofenitiRen,

Hij zoo goed is gewsest u de ïondeu 11 yergeveu; en bid ook een Onze Vadertje voor den Priester, aan wien gij uwe biecht hebt gesproken.

Gebed vóór het onderzoek van het geweten.

Mijn Heer en mijn God, ik ben voornemens mijne zonden te gaan belijden aan den Priester, uwen dienaar. Maar ach, ik ken mijne zonden nog zoo weinig. Zend mij uwen Heiligen Geest, opdat Hij mij verlichte en doe weten, wat kwaad is voor uwe oogen. Doe mij ook de grootheid van mijne zonden inzien, en geef mij een oprecht en hartelijk berouw over het kwaad, dat ik voor uw aanschijn heb bedreven. Amen.

Gewetensonderzoek.

Bij het onderzoek van het

-ocr page 77-

Biechtoefeningen. 75

geweten kan men zich de volgende vragen doen:

Heb ik den vorigen keer goed gebiecht? Heb ik de opgelegde boete volbracht? Hoe heb ik mij gedragen vóór en na de Heilige Communie?

Heb ik iederen dag 's morgens en 's avonds gebeden? Heb ik mijne gebeden met aandacht gedaan?

Heb ik den naam van God met eerbied uitgesproken? Heb ik met geringachting van Gods Heiligen of van heilige zaken gesproken? Heb ik gevloekt? Heb ik lichtvaardig een eed gedaan ?

Heb ik op Zon- en geboden feestdagen de Heilige Mis bijgewoond? Heb ik ze geheel bijgewoond? en met de ver-eisohte godsvrucht?

Ben ik gehoorzaam geweest

-ocr page 78-

76 Bieoht-Oefeningen.

aan mijne ouders en aan allen, die over mij gesteld zijn? Heb ik hun verdriet aangedaan of heb ik hen boos gemaakt?

Heb ik mijn naaste bespot? Heb ik iemand gekweld? Heb ik iemand tot kwaad aangezet?

Heb ik onzuikere dingen gedaan? naar onzuivere prenten of beelden gezien? of naar onzuivere gesprekken gehoord ? Heb ik iets gestolen? Heb ik iemand nadeel of schade aangedaan ?

Heb ik leugentaal gesproken? Heb ik van iemand kwade dingen verteld? Heb ik op vastendagen verboden spijs gegeten?

Ben ik hoovaardig geweest? of gierig? of overmatig in het gebruik van spijs of drank? Ben •.ik lui of traag geweest? Voed ik haat of nijd tegen iemand? Ben ik ootmoedig en zacht-

-ocr page 79-

Bieckt-Oefemngen. 77

moedig van hart of maak ik. mij licht driftig?

iVa het gewciensonderzoek.

Als gij nu uv.'e zonden vooi oogen hebt, bodenk dan, dat gij Kadt verdiend voor die zonden door God gestraft te worden. Donk er aan: Zoo velen lijde« in de hel voor hunne zonden, anderen boeten daarvoor in het vagevuur. Ach, hoe zoe het mij gegaan zijn, indien God mij ir. mijne zonden had laten sterven?

Denk er aan, dat de zonden zulk groot kwaad is; Jesus heeft, om de wereld van de zonden te bevrijden, zoo bitter geleden en is voor de zonden der wereld aan het kruis gestorven.

Denk er aan, dat God u met zooveel weldaden heeft overladen; Hij heeft u goede ouders

-ocr page 80-

78 Bieoht-Oefeningen.

gegeven; Hij geeft u voedsel en kleederen; Hij geeft vi gezondheid; Hij heeft een Engel aan uwe zijde gesteld om n voor gevaren naar lichaam eu ziel te beschermen; Hij heeft u het leven gegeven en wil u den Hemel schenken .... En gij doet zonden tegen den goeden God, gij beleedigt, gij vergramt Hem ....

Als gij dit alles hebt overwogen, zult gij zeker spijt gevoelen, het zal u leed doen gezondigd te hebben .... Belijd dit aan God en verwek een oprechte en hartelijke akte van berouw.

Doe vervolgens uwe biecht gelijk hiervoor is gezegd.

-ocr page 81-

Bieoht-üefenmgen. 79

Gebed 11a de liieciit.

Dank, hartelijk dank, goede God, liefderijke Vader, dat Gij mij, om de verdiensten van Jesus uwen Zoon, door dén Priester, uwen plaatsbekleeder, ontbonden bebt van mijne zonden. Ik mag mij nu vleien, weder een U welbehaaglijk kind te zijn. Ik wil mijn best doen dit altijd te blijven en nimmer weder zonden te bedrijven. Zegen, Hemelsche Vader, dit voornemen en geef mij de genade daaraan getrouw te blijven tot mijnen dood. Dit bid ik U om het lijden en den dood van Christus, om de verdiensten van zijne Heilige Mosder Maria eu van allo Heiligen Amen.

-ocr page 82-

CoüiiBauie-Oefeniiisea.

Gebed vóór de H. Commanie.

^^lijne zonden zijn mij uit den Énp' grond van mijn hart loeii omdat ik door dezelve U, rai.j-ni?n lieven God en oppersie Goed, vergramd heb. Ik neem vastelijk voor, U nimmer te vergrammen, en ik bid U door die groote liefde, welke Gij mij in deze heilige Communie, bö-toont, mij al mijne misdaden genadiglijk te vergeven.

Kom, o liefderijkste Zaligmaker, de eenigste vreugd mijns harten! kom, o gezegend Lam

-ocr page 83-

Communio-Oefeumgen. gj

Oods, eu verkwik mijne ziel met uw heilig Vleesch en Bloed. Kom, o Jesus, weibemindo mijns harten, mijn troost, mijne liefde, mijn God en opperste Goed, mijne ziel verlangt naar U, gelijk een dorstig hert naar eene koele waterbron; want Gij alleen kunt ze laven en zonder U moet ze bezwijken. Gij alleen zijt mijne sterkte en mijn troost, mijne verkwikking, mijn waardige zielenschat, mijn leven, mijn God en mijn Al.

Kom dan, o liefste Jesus, mijn hart verlangt naar U, mijne ziel is bereid; en wat mij nog ontbreekt, dat kunt Gij mij door uwe genade verleenen; Gij kunt ü mijn hart door eenen genadigen oogslag naar uw goddelijk welbehagen toebereiden, Amen.

-ocr page 84-

82 Commnnie-Oefeningen.

Gebed na de II. Communie,

Het is, o God van goedheid, awe liefde niet genoeg geweest uit liefde voor mij te sterven. Gij wilt mij nog zelf bezoeken en U gansch aan mij ten beste geven! Ach, Hoer! hoa kan en zal ik U voor deze liofde genoeg kunnen bedanken! Ik loof uwe goedheid, ik prijs uwe overgroote barmhartigheid, ik erken met een dankbaar hart en vreugdevol gemoed uwe wonderbare milddadigheid; en tot teeken mijner dankbare erkentenis, wil ik mij ook voor gansch mijn leven aan U vasthechten en ten volle overgeven. A.men.

-ocr page 85-

fieilige Kruisweg.

Voorbereiding.

mijn God! het is mij van harte leed, dat ik ü, mijn opperste Goed, door mijne zonden vergramd heb. Tot uwe meerdere eer en mijne zaligheid draag ik U deze Heilige Oefening op, met de meening alle aflaten te verdienen, dio er aan gehecht zijn, zoo voor mij, als voor de zielen in het vagevuur, inzonderheid voor de ziel van ....

I. Statie.

Jesus wordt tot den dood des bruises verwezen.

V. Wij aanbidden en loven U, Christus.

-ocr page 86-

84 Heilige Kruisweg.

R. Omdat Gij door uw kruis de wereld verlost hebt.

O Jesus, mijne misdaden hebben het onrechtvaardige doodvonnis tegen TJ doen uitspreken. Ik zou van droefheid over mijne zonden moeten sterven. Geef mij genade, opdat ik niet ophoude zo te beweenen.

Onzequot;V ader. W ees gegroet, enz.

Ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer.

God, wees ons, zondaren, genadig.

II. Statie.

Jesus neemt het kruis op zijne schouders.

V. Wij aanbidden, enz.

O Jesus, die den zwaren boom des kruises op uwe verscheurde schouders hebt willen nemen, verleen mij genade met ver-

-ocr page 87-

Heillga Kruisweg. g5

duldigheid de kruisen te dragen, die uwe Voorzienigheid mij overzendt.

Onze Vader, enz.

III. Statie.

De eerste val van Jesas ondei het kruis.

V. Wij aanbidden, enz.

0 Jesus, dio, beladen met den zwaren last mijner zonden, vermoeid onder uw kruis ler aarde zijt nedergevallen, ach! laat niet toe, bid ik U, dat ik nog hervalle in de zonde.

Onze Vader, enz.

IV. Statie.

Jesus ontmoet zijne Moeder.

V. Wij aanbidden, enz.

O allerbedrukste Moeder! verkrijg mij van uwen lieven Zoon tranen van eeue ware boet-

-ocr page 88-

80 Heilige Kruisweg.

vaardigheid over mijne zonden, die de oorzaak zijn geweest van zijn en van uw lijden. Sta mij bij in alle rampen van dit leven. Verlaat mij niet in het uur vau mijneu dood.

Onze Vader, enz.

V. Statie.

Simon van Cyrenen helpt Jesus het kruis dragen.

V. Wij aanbidden, enz.

O Jesus, geef mij sterkte, om met liefde het kruis mijns lijdens op te nemen en met kloekmoedigheid U na te volgen. Ik zal mij gelukkig achten U in iets te gelijken en uwe smarten door de mijne te eeren.

Onze Vader, enz.

-ocr page 89-

Heilige Kruisweg. 87

VL Statie,

Veronica droogt het aangezicht van Jesus af.

V. Wij aanbidden, enz.

O Jesus. druk de gedachtenis van uw smartvol lijden zoo diep in mijn hart, dat ik het gedurig overwege en aange moedigd worde uwe bloedige voetstappen te volgen.

Onze Vader, enz.

VII. Statie.

De tweede val van Jesus onder het kruis.

V. Wij aanbidden, enz.

O Jesus, mijne hoovaardig-heid heeft U nedergeworpen onder den last des kruises. Ach ! leer mij zoetaardig en ootmoedig van harte zijn. Ik wil alle vomedering en ver-

-ocr page 90-

*8 Heilige KiuisweR.

smading geduldig lijden, opdat ik, U navolgende in uwe ver-Tiederingen, met U deel moge hebben in uwe glorie.

Onze Vader, enz.

VIII. Statie.

Jesui troost de weenende vrouwen.

V. Wij aanbidden, enz. O Jesus, geef eenen vloed van tranen aan mijne oogen, opdat ik dag en' nacht mijne zonden beweene. Ach, wil mij meer en meer van mijne ongerechtigheden afwasschen en aiij van mijne zonden reinigen. Onze Vader, enz.

IX. Statie.

Derde val van Jesus onder het kruis.

V. Wij aanbidden, enz. O Jesus, reik mij eene hel-

-ocr page 91-

Heilige Kruisweg. 89

pende hand te midden der gevaren, aan welke ik blootgesteld ben, opdat ik in de zonde niet valle. Verdedig mij tegen de vijanden mijner zaligheid, opdat ik onder het geweld hunner bekoringen niet bezwijke.

Onze Vader, enz.

X. Statie.

Jesus wordt van zijne kleedcren ontbloot en met edik en gal gelaafd.

V. Wij aanbidden, enz.

O Jesus, geef dat ik al mijne booze gewoonten aflegge, mijn hart aftrekke van al wat aardsch en vergankelijk is, mijn vleesch kastijde, mijne zinnen versterve en gaarne met U den bitteren kelk des lijdens drinke.

Onze Vader, enz.

-ocr page 92-

90 Heilige Kruisweg.

XI. Statie.

Jesus wordt aan het kruis ge/iecht.

V. Wij aiiu bidden, enz.

O Jesus, hecht mij metU aan het kruis, ik wil met U, gelijk Gij en om U lijden, opdat ik, levende, lijdende en stervende in uwe liefde, eeuwig met IJ en door U moge gelukkig zijn.

Onze Vader, enz.

XII. Statie.

Jesus sterft aan het kruis.

V. Wij aanbidden, enz.

O Jesus, ik bid ü om de bittere smarten, die Gij voor mij aan het kruis geleden hebt, vooral toen uwe ziel uit uw gezegend lichaam is gescheiden, ontferm U over mijne ziel, als zij van deze wereld zal scheiden.

Onze Vader, enz.

-ocr page 93-

Heilige Kruisweg. 91

XTIT. Statie.

/esus wordt van het kruis genomen.

V. Wij aanbidden, enz.

O Maria, laat toe, dat ik tusschen uwe armen mijnen gekruisten Zaligmaker, uwen lieven Zoon, aanbidde en mijne tranen met de uwe menge. Bewaar wij door uwe machtige voorspraak van het ongeluk uwen Jesus door mijne zonden wederom te kruisigen, met een nieuw zwaard uw moederlijli hart te doorsteken.

Onze Vader, enz.

XTV. Statie.

Jesus wordt in het graf gelegd.

V. Wij aanbidden, enz.

Ik zal eens sterven en begraven worden, gelijk Gij, o mijn Zaligmaker! gelief mij in mijn sterfuur door uwen kruis-

-ocr page 94-

92 Heilige Kruisweg.

dood te vertroosten, en mijn lichaam, wanneer Gij het weder zult opwekken, met uwe glorie te verheerlijken.

Onze Vader, enz.

Hierna zal men bidden vijf maal het Ome Vadtr, vijf maal het Wees gegrcel en zoo veelmaal het Eere zij den Vader, ter Eere van de vijf wouden van JesuB; één Onze Vader en Wees gegroet met Eere zij den 'Vuder VOOr Z. H. den PaUS van Bome.

-ocr page 95-

lijn der

gt;rie zeren Boetpsalmeu.

i I. Psalm 6.

insl i^||eer! straf mij niet in uwen met Si-M toorn; en kastijd mij niet aus in uwe verbolgenheid!

Ontferm U mijner, Heer! want ik kwijn weg; genees mij, Heere! want mijn gebeente is ontsteld.

En mijne ziel is zeer beangst! maar Gij, Heere! hoe lang nog (zult Gij mij in dezen onver-dragelijken toestand laten)?

Keer U tot mij, Heer, en red mijne ziel! behoud mij om uwe barmhartigheid.

Want in den dood is U niemand gedachtig: en wie zal U in de helle loven ?

-ocr page 96-

94 De zeven Boetpsalmen.

Ik ben van zuchten afgemat; alle nachten wasch ik mijne legerstede; met mijne tranen zal ik mijne rustplaats besproeien

Mijn oog is van verdriet doorknaagd; ik ben verouderd van wege al mijne vijanden.

Gaat weg van mij, ü-ij allen, die onrecht pleegt; want de Heer heeft de stem van mijn geween gehoord.

De Heer heeft mijn smeeken gehoord; de Heer heeft mijn gebed aangenomen.

Dat al mijne vijanden beschaamd en zeer verschrikt worden; dat zij haastelijk tot inkeer komen en zich schamen, Eere zij den Vader, en den Zoon, en den Heiligen Geest! Gelijk het was in den beginne, nu, en altijd, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

i

-ocr page 97-

De zeven Boetpsalmen, 95

II. Psalm 31.

G ulukzalig degenen, wier overtredingen vergeven, wier zonden bedekt zijn.

Gelukzalig de man, wien de Heer de zonde niet toerekent, en die geene bedriegelijke, snoode voornemens in zijn hart heeft.

Omdat ik zweeg (dewijl ik heb nagelaten mijne zonden ootmoedig en oprecht voor U te belijden), is mijn gebeente verteerd; terwijl ik den gan-schen dag kermde.

Want dag en nacht is uwe hand zwaar op mij; in mijne ellende heb ik mij tot U gekeerd, terwijl ik met doornen (van knagend zelfverwijt) werd doorstoken.

Ik heb U mijne zonden bekend en mijne schuld niet verheeld.

Ik sprak: mijne misdaden zal ik tegen mij zeiven voor den

-ocr page 98-

96 De zeven Boetpsalmen.

Heore belijden, en Gij hebt mij de boosheid mijner zonden vergeven.

Daarom zal ieder Heilige tol TJ bidden in den tijd dat er genade is te vinden.

quot;Want als er groote watervloeden zijn, zullen zij tot Hem niet geraken.

Gij zijt mij eene schuilplaats in de verdrukking, die mij omgeeft: mijne vreugde zijt Gij. Verlos mij van hen, die mij omringen.

Ik zal u onderwijzen (zoo spreekt Gij, o God! tot uwen dienaar), en u den weg leeren, dien gij moet gaan; ik zal mijne oogen op u gevestigd houden.

Wees (o mensch!) toch niet

felijk een paard of muilezel, ie geen verstand hebben.elijk een paard of muilezel, ie geen verstand hebben.

En wien men breidel en toom aanlegt, omdat zij anders niet

-ocr page 99-

De zeven Boetpsalmen. 97

willen luisteren noch. tot U naderen.

Veel smarten wachten den goddelooze, maar hem, die op don Heere hoopt, zal barmhartigheid omringen.

Verblijdt U in den Heere, en verheugdt u, o gij rechtvaardigen! en juicht in Hem, gij allen, die oprecht zijt van harte.

Eere zij den Vader, enz.

III. Psalm 39.

Heere! straf mij niet in uwe verbolgenheid, en kastijd mij niet in uwe gramschap.

Want diep zijn uwe pijlen in mij gedaald: en Gij hebt uwe hand op mij doen neêrkomen.

Er is geene gezondheid meer aan mijn vleesch, van wege uwen toorn: er is geen vrede in mijne beenderen ter oorzake van mijne zonden.

1

-ocr page 100-

98 Ba «even Boetpsalmen.

Want mijne ongerechtigheden zijn mij over 't hoofd gestegen: en aeliik een zware last drukken zij mij.

Mijne wonden zijn verouderd en gansch vervuld van wege mijne dwaasheid.

Ik beu ellendig geworden en ga ter neêr gebogen (onder den Isst van mijn lijden); ik ga den ganschen dag bedroefd.

Mijn binnenste is aangetast van eene schandige kwaal, en niets gaafs is er meer aan mijn lichaam.

Ik ben gebroken en uitermate verguisd; mijn harteleed breekt los in angtgehuil.

Voor U, o Heere! ligt alles open, wat ik wensch: mijn zuchten is voor U niet verborgen.

Miju hart is ontroerd, mijne kracht heeft mij begeven: zelfs het licht mijner oogeu is gewekou.

-ocr page 101-

De zeven Boetpsalmen. 99

Mijue vrienden eu mijne aaitb-teu zijn tegen mij opgokomen en opgestaan. Die eerst voor mij waren, bleven van verre.

Eu die naar mijn leven stonden, deden geweid. En die kwaad tegen mij zochten, spraken verderf en smerdden onophoudelijk listen.

Maar ik, als een doove, hoordu niet: en als een sprakeloozu deed ik mijnen mond niet open.

En ik was als een Alensch, die niet kan hooren, en die geene tegenreden heeft in zijnen mond.

quot;Want op IJ, Heere! heb ik gehoopt; Gij, Heere, mijn God! zult mij verhooren.

Daar ik bad, dat mjine vijanden zich toch nooit over mij mochten verblijden; naardien mijn wankelen hen trotschelijk tegen mij doet spreken.

7*

-ocr page 102-

100 De zeven Boetpsalmen.

Want ik ben tot de kastijdingen gereed; en mijne (zonde, de oorzaak van mijne) smart is altoos voor mijne oogen.

Want ik zal mijne euveldaad belijden: en bekommerd zijn van wege mijne zonden.

Want mijne vijanden leven en zijn machtiger dan ik ben; zij, die mij ten onrecht haten, zijn vermenigvuldigd.

Die kwaad voor goed vergelden lasterden mij, omdat ik het goede volgde.

Verlaat mij niet, o Heere, mijn God! wijk toch van mij niet af.

Haast TJ tot mijne hulpe, Heere, God mijns heils.

Eere zij den Vader, enz.

IV. Psalm 30.

Ontferm U mijner, o God, naar uwe groote goedertierenheid; en, naar de menigte uwer

-ocr page 103-

De zeven Boetpsalmen. ^Ql

ontfermingen, delg mijne boosheid uit!

Wasch mij meer en meer van mijne ongerechtigheid, en reinig mij van mijne ^zonde.

Want ik erken mijne ongerechtigheid; en mijne zonde is altijd voor mijne oogen.

Voor U alléén heb ik gezondigd, voor uw oog deed ik, dat kwaad was. Gij wordt in uwe uitspraken rechtvaardig bevonden en behoudt recht, als Gij gerecht houdt.

Zie, in ongerechtigheid werd ik geboren; en in zonden heeft mij mijne moeder ontvangen.

Zie, Gij bemint de waarheid (het oprechte hart). De verbor-genste geheimen uwer wijsheid hebt Gij mij geopenbaard.

Besproei mij met hijzop, en ik zal rein worden; wasch mij, en ik zal witter worden dan sneeuw.

-ocr page 104-

102 De zeven Boetpsalmen.

Doe mij de blijde boodschap hooren (dat mijne zonden mij ziju vergeven); dann zullen al mijne beenderen, hoe verbrijzeld zij mi ook zijn, wederom van vreugde opspringen.

Wend uwe oogen af van mijne zonden, en delg al mijne euveldaden uit.

Schep in mij, o God, een rein hart! en vernieuw in mijn binnenste eenen oprechten geest.

Verwerp mij niet van uw aangezicht en neem uwen Heiligen Geest niet van mij.

Geef mij weder do vreugd-; uws heils, en versterk mij met eenen geest, die ten goede bereid is.

Dan zal ik den goddeloozeu uwe wegen leeren, dan blt;'-keeren de zondaren zich tot I J.

Bevrijd mij, o God, van (ia bloedschulden, God, Gij God

-ocr page 105-

De zeven Boetpsalmen. 103

mijns heils! En mijno tong zal uwe gerechtiojheid verheerlijken.

Ontsluit, o ITeer! mijne lippen, en mijn mond zal uwen lof verkondigen.

Bijaldien Gij aan Offeranden lust haddet, hoe gaarne zou ik U die opdragen! In brandoffers hebt Gij geen behagen.

Het Óffer, dat U aangenaam is, is een verslagen geest; een verbrijzeld en rouwbetoonend hart zult Gij, o God, niet versmaden.

Doe, naar uwe goedheid, aan Sion verder wel, opdat de muren van Jeruzalem weder worden opgebouwd.

Dan zult Gij wederom in schuldelooz« offers uw welbehagen vinden, in dank- en brandoffers: dann zullen er wederom op uw altar offers gelegd worden.

Eere zij den Vader, enz.

-ocr page 106-

104 De zeven Boetpsalmen.

V. Psalm 101.

Heer, verhoor mijn gebed, en aiijn geroep kome tot U.

Keer uw aangezicht van mij niet af, ten dage dat het mij bang is, neig uw oor tot mij.

Op wat dag ik U aanroep, verhoor mij haastelijk.

Want mijne dagen zijn als rook vergaan, en mijn gebeente is dor geworden als verdroogd hout.

Ik ben verslagen als hooi: en mijn hart is uitgedroogd, zoodat ik heb vergeten mijn brood te eten.

Van wege het geluid van mijn zuchten, kleeft mijn gebeente aan mijn vleesch.

Ik ben den pelikaan der wildernis gelijk geworden; ik ben gelijk de nachtraaf in een huis.

Ik ben zonder slapen en geworden als de eenzame musch op het dak.

-ocr page 107-

De zeven Boetpsalmen. 105

Dag aan dag smaaden mij mijne vijanden, en die mij prezen, spanden tegen mij samen.

Ik at asch als brood, en mengde mijnen drank met tranen.

Om uwer gramschap en verbolgenheid: want Gij hebt mij opgeheven en weder weggeworpen.

Mijne dagen zijn gelijk eene schaduwe vervlogen: en ik ben verdord als hooi.

Maar Gij, o Heer! blijft in eeuwigheid: en uwe gedachtenis van geslachte tot geslachte.

Gij zult opstaan, en U over Sion ontfermen: want het is tijd, dat Gij ü harer ontfermt: want die tijd is gekomen.

Want hare steenen behagen aan uwe dienaren: en zij zullen deernis hebben met haar puin.

En de volkeren zullen uwen naam vreezen. Heer! en al de

-ocr page 108-

lOR De zeven Boetpsalmen.

koningen der aarde uwe heerlijkheid.

ümdat de Hoer Sion heeft opgebouwd; en in zijne heerlijkheid zal verschijnen.

Eij heeft acht gegeven op het gebed der ootmoedigen en heeft hunne bede niet versmaad.

Men schrijve deze dingen op voor het volgende geslacht, en het volk dat geschapen zal worden, zal den Heer loven.

Naardien Hij hoog uit zijn heiligdom heeft nederwaarts gezien; de Heer heeft uit den Hemel nederwaarts gezien naar de aarde.

Om het zuchten der gavange-nen te hooren: om de kinderen der gevangenen in vrijheid te stellen.

Opdat zij den naam des Hee-ren in Sion en zijnen lof in Jeruzalem vermelden.

Als de volkeren zich zullen

-ocr page 109-

(gt;e zeven Boetpoalmen. 107

verzamelen, en de koningen, om den Heer te dienen.

Hij heeft mijne krachten, midden op mijnen levensweg, doen afnemen.

Doch ik heb gezegd: ruk mij niet weg ter lielfte van mijne dagen; uwe jaren zijn van geslachte tot geslachte. | In den beginne hebt Gij, Heer! | do aarde gegrondvest, en de Hemelen zijn het werk uwer handen.

Zij zullen eens vergaan; maar Oij blijft altoos: zij zullen als een kleed verslijten: en als een gewaad zultGij hen verwisselen, en zij zullen verwisseld zijn.

Maar Gij blijft dezelfde; en uwe jaren zullen nimmer eindigen.

De kinderen uwer dienaren zullen woningen bij U hebben; en hun kroost zal in eeuwigheid bestaan.

Eere zij den Vader, enz.

-ocr page 110-

108 De zeven Boetpsalmea.

VI. Psalm 129.

Dit de diepten heb ik tot I] geroepen: Heer! Heer! verhoor mijne stem.

Laat uwe ooren opmerkzaam zijn op destem mijner smeeking.

Zoo Gij, Heer! de misdrijven gadeslaat, wie, Heer! zal dan bestaan ?

Omdat er bij U genade is, en om uwe wet (waarin hulp wordt beloold), o Herr, heb ik U verbeid.

Mijne ziel heeft zich op zijn woord verlaten; mijne ziel heeft gehoopt op den Heer.

Dat Israel hope op den Heer, van den morgenstond af tot den nacht toe.

Want bij den Heer is barmhartigheid, en bij Hem is overvloedige verlossing.

-ocr page 111-

De zeven Boetpsalmen.

En Hij zal Israel verlosses van al diens ongereclitighedou

Eere zij den Vader, enz.

VII. Psulm 142.

Heer, verhoor mijn gebsd, leen het oor aan mijne smeekiug om uwer waarheids wil (om da waarheid uwer beloften): verhoor mij naar uwe rechtvaardigheid.

En kom niet in 't gerecht met uwen dienaar: want niemand leeft, die zich voor uw aangezicht zal rechtvaardigen.

(Verhoor mij) want mijn vijand heeft mijne ziel vervolgd, hij heeft mijn leven ter aarde vertreden. Hij doet mij levf-n in duistere holen: als die voor lang zijn gestorven.

Dus is mijn geest in mij beangst, mijn hart binnen mij ontsteld geworden.

-ocr page 112-

110 De zeven Boetpsalmen.

Ik ben indachtig geweest de oude tijden, en overwoog al uwe daden; de werken uwer handen overdacht ik.

Mijne handen heb ik voor Tj uitgereikt: mijne ziel is voor U gelijk eene landstreek zonder water (dorstig naar de stroomen uwer genade).

Verhoor mij haastelijk, Heer! mijn geest is bezweken. Keor toch uw aangezicht van mij niet atquot;: of ik word hun gelijk, die ten grave dalen.

Doe mij vroegtijdig (eiken morgen) de stemme uwer barmhartigheid vernemen: want op U heb ik gehoopt. Maak mij den weg bekend, dien ik heb ta gaan; want tot U heb ik mijne ziel verheven.

Verlos mij van mijne vijanden, Heer! want Gij zijt miju «enige toevlucht.

-ocr page 113-

De zeven Boetpsalmen. 1X1

Leer mij uw weibehageu doen, want Gij zijt mijn God. Uw goede geest zal mij geleiden op den rechten weg.

Om uws naams wille, Heerl zult Gij mij doen leven naar uwe rechtvaardigheid: Gij zult mijne ziel uit de verdrukking trekken.

En om uwe barmhartigheid zult Gij mijne vijanden verdelgen. Gij zult ze allen ten onder brengen: die mijne ziel benauwen; want ik ben uw dienstknecht.

Eere zij den Vader, enz.

-ocr page 114-

De heilige Eozenkrans.

In den naam des Vaders, enz. [k geloof in God den Vader, enz. Glorie zij den Vader, enz. Ik groet u, Dochter van God, den Vader, Wees gegroet, enz. Ik groet u, Moeder van God den

Zoon, Wees gegroet, enz. Ik groet u. Bruid van God den H. Geest, Wees gegroet, enz. Glorie zij den Vader, enz.

De vijf blijde Geheimen.

I. De, Boodschap des Engels. De namen van Jesus en Maria moeten zijn gezegend: van nu af tot in eeuwigheid.

Onze Vader, enz.

-ocr page 115-

De heilige Rozenkran- Hg

1. De heil. Drievuldigheid heeft toegestemd in de mensch-wording van Christus. W. g.

2. Maria is tot Moeder van Christus verkozen. W. g.

3. De engel Gabriël bracht Maria de blijde boodschap. W. g,

4. Maria was in de eenzaamheid in haar gebed. W. g.

5. De engel zeide: wees gegroet; gij vol van genade, de Heer is met u. W. g.

C. Maria was verbaasd als zij den Engel hoorde. W. g.

7. De engel zeide: Maria, wil niet vreezen, want gij zult ontvangen van den heiligen Geest. W. g.

S.Maria zeide: zie de dienstmaagd des Heeren: mij geschiede naar uw woord. W.g.

!). Maria is van den heiligen Geest overlommerd geworden. W. g.

8

-ocr page 116-

114 De heilige Rozenkrans.

10. En het Woord is vleesch geworden, en het heeft oudei ons gewoond. quot;W. g.

Gfiorie zij den Vader, enz.

II. Het bezoek van Maria aan hure nicht Elisabeth.

De namen van Jesus en Maria, enz. Onze Vader, enz.

1. Maria ging met ootmoedigheid hare nicht Elisabetli bezoeken. \V. g

2. Maria bestuurd door dm. heiligen Geest. W. g.

3. Maria, met haast opstaande, ging over het gebergte. quot;W. g

4. Maria werd met veel liefde van hare nicht Elisabeth ontvangen. W. g.

6. Joannes is gezuiverd en van blijdschap opgesprongen in zijns moeders lichaam. W. g.

6. Elisabeth zeide; gezegend Ls de vrucht uws lichaams. W. g.

-ocr page 117-

De heilige Rozenkrans. j [5

7. Maria heeft uitgeroepen: mijne ziel maakt groot Jen Heer. W. g.

8. Elisabeth zeide: wat gelul: geschiedt mij, dat de Moeder des Heeren tot mij kommt! W. g.

9. Het huis van Zacharias !lt;lt; door de komst van Josus eu Maria gezegend. W. g.

10. Maria heeft hare nicht dn-.1 maanden met veel liefdi» gediend. W. g.

Glorie zij den Vader, enz.

III. De geboorte vau Jesus.

De namen van Jesus en Maria, enz. Onze Vader, enz.

1. Maria heeft gebaard, en zij is Maagd gebleven. Wees groet, enz.

2. Maria heeft Jesus in eenen stal gebaard en in doekec gewonden. W. g.

-ocr page 118-

116 De heilige Rozenkrans.

\

3. Maria heeft Jesus met liofck en verwondering aan-sctouwd. W. g.

4. Maria heeft Jesus omhels] en aan haar hart gedrukt W. g.

5. Maria heeft Jesus met hare heilige borsten gevoed. W. g,

6. Maria heeft Jesus in eene krib gelegd. W. g.

7. Jesus lag op hooi en stroo, tusschen os en ezel. W. g

8. De Engelen hebben gezoii-

ten; Glorie zij aan God in en hoogste, en op de aarde vrede aan de menschen, die van goeden wil zijn. W. g.en; Glorie zij aan God in en hoogste, en op de aarde vrede aan de menschen, die van goeden wil zijn. W. g.

9. De herders hebben het goddelijk Kind komen bezoeken. W, g.

10. De drie koningen hebben het Kind komen aanbidden en hunne giften geofferd. W. g.

Glorie zij den Vader, enz.

-ocr page 119-

De heilige Rozetiltratis. 117

iy. De oiidraeht Tan Jesus in den Tempel.

De namen van Jesus en Maria, enz. Onze Vader, enz.

1. Maria ging om haar Kind te offeren. Wees gegroet, enz.

2. Jesus eu Maria onderwierpen zieh aan de wet van Mozes. W. g.

3. Maria ging iangs moeielijko wegen naar J eruzalem. W. g.

4. Maria heeft Jesus op hare armen gedragen. W. g.

5. Maria vervorderde al biddende haren weg. W. g.

6. Maria heeft Jesus in den Tempel geofferd. quot;VV. g.

7. Maria heeft aan de wet voldaan met de offergift der arme menschen. \V. g.

8. Anna, de profetesse, loofde God voor de verlossing van Israël. W. g.

-ocr page 120-

118 De heiliee Rozenkrans.

y. De oudeSimeon heeftJesus omhelsd en op zijne armen genomen. W. g.

iO. Simeon zeide: Heer, laat nu uwen dienaar, volgens uw woord, in vrede gaan, W. g.

Glorie zij den Vader, enz.

V. De vinding van het verlorene Kind Jesus.

De namen van Jesus en Maria, enz. Onze Vader, enz.

1. Maria heelt haar lief Kind verloren. Wees gegroet, enz.

2. Maria heeft haren schat gemist. W. g.

3. Maria heeft Het met veel droefheid gezocht. W. g.

4. Maria heeft Jesus langs al'e wegen en straten gaan zoeken. W. g.

5. Maria heeft Jesus na drie dagen gevonden. W. g.

-ocr page 121-

De heilige Rozenkrans. JJ fl

6. Maria vond Jesus in den tempel. W. g.

7. Jesus, twaalf jaren oud hoorde en ondervraagde de leeraars. W. g.

8. Maria zeide: Zoon, waarom hebt gij ons bedroefd. W. g

9. Jesus ismothenafgegaaneu was hun onderdanig. W. g.

10. Maria bewaarde in haarhai t al die woorden, die Jesus tot haar sprak. W. g. Glorie zij den Vader, enz.

Gebed.

O Maria, allergoedertierenste Moeder! verkrijg voor mijn hart eene ware droefheid, en voor mijne oogen tranen van berouw, om te beweenen, dat ik Jesus door de zonden zoo dikwijls heb verloren: vergun mij hem wederom te vinden en ai tijd te behouden. Amen.

-ocr page 122-

120 De heilige Rozenkrans.

De vijf droevige Geheimen.

1. De doodstrijd van Jesus in den Olijfhof.

De namen van Jesus en Maria, enz. Onze Vader, enz.

1. Jesusgingnaarhethofjevan Olijven. Wees gegroet, enz.

2. Jesus viel plat ter aarde neder. W. g.

3. Jesus volhardde in het gebed. W. g.

4. Jesus was bedroefd tot den dood toe. W. g.

5. Jesus zweette water en bloed, W. g.

6. Jesus stelde zijnen wil in den wil van zijnen hemel-schen Vader. W. g.

7. Jesus vermaande zijne Leerlingen om te waken en te bidden. W. g.

8. Jesus werd van zijnen Apostel Judas door eenen kus geleverd. W. g.

-ocr page 123-

De heilige Rozenkrans. ]21

9, Jesus werd van zijn bemind volk gevangen. quot;VV. g.

10. Jesus werd vreeselijk gebonden en gesleurd van den eenen rechter tot den andoren. W. g.

Zoo lief heeft God den monsch gehad, dathij zijnen eenigen Zoon niet gespaard, maar hem geleverd heeft ter dood, ja tot den dood 'lo? kruises.

II. De geeseling van Jesus.

De namen van Jesus en Maria, enz. Onze Vader, enz.

1. Jesus werd door de Joden aan de Heidenen overgeleverd. Wees gegroet, enz.

2. Jesus werd bij Pilatus val-schelijk beschuldigt. W. g.

3 Jesus werd door zijn volk achter Barrabas gesteld. W. g.

-ocr page 124-

122 De heilige Rozenkrans.

4. Jesus werd geleverd om ga-geeseld te worden. W. g.

5. Jesus' kleederen werden uitgerukt. W. g.

6. Jesus stond daar naakt en bloot. W. g.

7. Jesus werd aan eene kolom gebonden. W. g.

8. Jesus werd met roeden ge-geeseld. W. g.

9. Jesus bloed vloeide langs de aarde. W. g.

10. Jesus is gewond om onze zonden. W. g.

Zoo lief heeft God, enz.

III. De doornenkroning van Jesus.

De namen van Jesus en Maria, enz. Onze Vader, enz.

1. De soldaten hebben Jesus eene doornenkroon bereid. Wees gegroet, enz.

2. Zij hebben de doornenkroon in Jesus hoofd gedrukt. W. g.

-ocr page 125-

De heilige Rozenkrans. 123

3. Jesus hoofd langs alle kanten doorwond. W. g.

4. Jesus hoofd druipende van het bloed. VV. g.

5. Jesus met eenen purpuren mantel bespot. W. g.

6. Zij hebben Jesus een riet voor sohepter in do hand gegeven. W. g.

7. Zij hebben met het riet op het gekroond hoofd van Jesus gelagen. W. g.

8. Zij hebbenin Jesus gezegend aangezicht gespogen. W. g.

9. Jesus werd overladen van versmaadheden. W. g.

10. Pilatus heeft Je-sus aan het volk vertoond, zeggende: ziet den menschl W. g.

Zoo liex heeft God, enz.

IV. De kruisdraging van Jesus.

De namen van Jesus en Alaria, enz. Onze Vader enz.

-ocr page 126-

124 De heiliee Rozenkrans.

1. Jesus werd veroordeeld om gekruisigd te worden. W. g.

2. Jesus heeft zijn kruis met liefde omhelsd. W. g.

3 Jesus heeft zijn kruis op zijne doorwonde schouderen gedragen. W. g.

4. Jesus werd tusschen twee moordenaren opgeleid. W. g.

5. Jesus bezweek onder het kruis om onze zonden. W. g.

6. Jesus beladen met zijn kruis, ontmoette zijne bedroefde Moeder. quot;W. g.

7. Jesus werd beweend door de godvruchtige vrouwen van Jeruzalem. W. g.

8. Jesus zeide: handelt men zoo met het groene hout, wat zal dan met het dorre geschieden? W. g.

0. Niemand wilde Jesus zijn kruis helpen dragen. \V. g.

-ocr page 127-

De heilige Rozenkrans. 126

10. Jesus klom voor ons op don berg van Calvarie. quot;VV. g.

Zoo lief heeft God, enz.

V. De kruisiging van Jesus.

De namen van Jesus en Maria, enz. Onze Vader, enz.

1. Jesus werd wreed op het kruis uitgerekt. W. g.

2. Jesus' Landen en voeten doornageld. W. g.

8. Jesus werd aan het kruis opgericht, en zijne wonden vloeiden van het bloed. W. g.

4. Jesus bad voor zijne vijanden. W. g.

5. Jesus beloofde den moordenaar het Paradijs. W. g.

6. Jesus beval den H. Joannes aan zijne lieve Moeder. W. g.

7. Jesus, dorst hebbende, is met

fal en edik gelaafd. W. g. esus heeft uitgeroepen:al en edik gelaafd. W. g. esus heeft uitgeroepen:

-ocr page 128-

126 De heilige Rozenkrans.

mijn God! wuaroiu hebt Gij mij verlaten? W. g.

9. Jesus zeide: het is volbracht. W. g.

lü.Jesus heeft zijnen geest go-geven en zijn haart voor ons laten openen. \V. g. Zoo lief heeft God, enz.

Gebed.

O Jesus! ik bid U, door uwe smarten en uwen bitteren dood, door uwe doornagelde handen, doorboorde voeten, doorstokene iijde, en al uwe gezegende wonden, ontferm ü mijner, en druk uw heilig lijden zoo diep in mijn hart, dat mij niets anders behage, dan Gij, mijn Jesus, die voor mij gekruisigd Kijt. Amen.

-ocr page 129-

De heilige Rozenkrans. J27

De vijf glorierijke Geheimeu.

L De verrijzenis van Jesus.

De namen van Jesus en Maria, enz. Onze Vader, enz.

1. Jesus is den derden dag glorierijk verrezen. W. g.

2. Jesus heeft dood en hel overwonnen. W. g.

3. Jesus troostte en verloste de oudvaders. W. g.

4. Jesus verblijdde zijne lieve Moeder. W. g.

5. Jesus, als een hovenier, verscheen aan Maria Magda-lena. W. g.

6. Jesus toonde zich aan Petrus, en heeft hem gezegend. W. g.

7. De Leerlingen van Emaiis zeiden; waren onze harten niet brandend van liefde, als hij tot ons sprak. W. g.

-ocr page 130-

128 De heilige Rozenkrans

8. Jesus stond in het middeu zijner Leerlingen en wensoli-te hun allen don vrede. \V. ti

9. Jesus toonde zijne glorierijke wonden aan den H. Thomas. W g.

10. Thomas riep uit: o mijn Heer en mijn God! W. g.

Gelooid en gedankt, enz,

II. De hemelvaart van Jesus.

De namen van Jesus en Maria, enz. Onze Vader, enz.

1. Jesus voer roemvol ton hemel, quot;W. g.

2. Jesus klom op door zijne eigene macht. W. g.

3. Jesus scheidde van zijne lieve vrienden, W. g.

4. Jesus beloofde met hen te blijven tot het einde der wereld. W. g.

5. Jesus beloofde hun den heiligen Geest. W. g.

-ocr page 131-

De heilige Rozenkrans. 129

6. Da Leerlingen hebben Jesus aanschouwd, en hij heeft hen allen gezegend. W. g.

7. Jesus heel t voor ons den Hemel geopend. quot;W. g.

8. Jesus zit aan de rechterhand van zijnen hemelschen Vader. \V. g.

9. Jesus toont zijne heilige wonden voor ons aan zijnen hemelschen Vader. W. g.

10. Jesus is onze Middelaar in den Hemel. W. g.

Geloofd en gedankt, enz.

III. De zending van den Heiligen Geest.

De namen van Jesus en Maria, enz. Onze Vader, enz.

1. Jesus heeft zijnen heiligen Geest beloofd. W. g.

2. Jesus heeft den Trooster gezonden. W. g.

-ocr page 132-

130 De heilige Rozenkrans.

а. Jesus heeft het Vuur op de wereld gezonden. W. g.

4. De heilige Geest, heeft de harten met liefde ontstoken. W. g.

б. De heilige Geest heeft het verstand verlicht. W. g.

8. De heilige Geest heeft de harten versterkt. \V. g.

7. De heilige Geest hoefi verscheidene talen doen spreken. W. g.

8. De heilige Geest heeft zijne gaven uitgedeeld. W. g.

9. Kom, heilige Geest, bezoek de harten uwer geloovigen. W. g.

10. Kom, heilige Geest, ontsteek in ons het vuur uwer liefde.

Geloofd en gedankt, enz.

IV. De hemelvaart van ilaiit»

De namen van Jesus en Maria, enz. Onze Vader, oua.

-ocr page 133-

De heilige Rozenkrans. 131

1. Maria is opgevaren ten Hemel. W. g.

2. De hemelsche Vader ontving zijne beminde Dochter. W. g.

3. Jesus omhelsde nijne lieve Moeder. W. g.

4. De heilige üeest verwelkomde zijne lieve Bruid. W. g.

6. Do Serafs groeten Maria.

W. g.

6. lgt;e Engelen dienen Maria.

VV. g.

7. (Sreheel de Hemol is verblijd door Maria. W. g.

8. Maria zit bij haren lieven Zoon. W. g.

9. Maria is onze Moeder in den Hemel. W. g.

10. Maria is onze voorspreekster

in den Hemel. W. g. Geloofd en gedankt, enz.

9*

-ocr page 134-

132 De heilige Rozenkrans.

V. De krooning van Maria.

De namen van Jesus en Maria, enz. Onze Vader, enz.

1. Maria is glorierijk gekroond in den JEemel. W. g.

2. Maria gekroond oni hare so-rafijnsche liefde. W. g.

3. Maria gekroond omhare engelachtige zuiverheid. W. g.

4. Maria gekroond om nare groote ootmoedigheid. W. g.

5. Maria gekroond om hare volmaakte gehoorzaamheid. W. g.

6. Maria gekroond om hare heilige voorzichtigheid. W. g.

7. llaria gekroond om hare groote verduldigheid. W. g.

8. Maria gekroond om hare oprechte dankbaarheid. W. g.

9. Maria gekroond om hare volharding in alle deugden. W. g.

-ocr page 135-

De heilige Rozenkrans.

10. Maria boven allo Engelen en Heiligen in den Hemel gekroond, gelijk de Moeder van God toekomt. W. g. Gelooid en gedankt, en^.

Gebed.

In de vereeniging van uwe deugden, verdiensten en volmaaktheden draag ik n, zuiverste Maagd en verheerlijkta Moeder God.s Maria, deze geestelijke kroon van gebeden en groetenissen op; gewaardig dezelve met al de lofzangen, die op aarde en in den Hemel gezongen worden, aan te nemen, en vraag voor mij en allen, voor wie ik verplicht ben te bidden, van uwen beminden Zoon, do genade om wel te leven en de eeuwige zaligheid te verwerven. Amen.

-ocr page 136-

1,34 De lieilige Rozenkrans.

Ken Onze Vader, tot dankbaarheid, wijl Uod ons de genade verleend beeft, den Rozenkrans te lezen. Onze Vader, enz. — Een Wees gegroet, opdat Maria ons verstand opdrage aan den hemelseben Vader, en wij in eeuwighejd zijne barmhartigheid mogen gedenken. Wees gegroet, enz. — Een Wees gegroet, opdat Maria ons geheugen opoffere aan haren 'Zoon, en wij gedurig zijn leven en bitter lijden indachtig mogen wezen. Wees gegroet, enz. — Een Wees gegroet, opdat Maria onzen wil moge toeëigenen aan den heiligen Geest, en deze gedurig in ons van liefde moge branden. Wees gegroet, enz. — Het Geloof aullen wij bidden, opdat ons gshed aan God moge aangenaam zijn, en dat het moge strekken tot zijne meerdere eer

-ocr page 137-

Tie heilige Rozenkrans. 136

en glorie, tot welstand van de heilige Kerk, tot bekeering der zondaren en afgevallene Christenen, en tot welstand df-r parochie. — Ik geloof in God den Vader, enz.

De almogendheid des Vaders beware ons. De wijsheid des Zoons onderwijze ons. De liefde des heiligen Geestes ontsteke ons.

lii den naam des Vaders, enz

-ocr page 138-

Litanie

tot den heil. Naam Jesns.

Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer.

Jesus, hoor ons.

Jesus, verhoor ons.

God, Vader der hemelen, waar Gij zijt gezeten, ontferm TJ onzer.

God Zoon, Verlosser der wereld, God heilige Geest,

Heilige Drievuldigheid, één God, Jesus, Zoon van den levenden God,

Jeaus, luister des Vaders, Jesus, glans van het eeuwige licht,

Jesus, Koning der heerlijkheid, Jesus, Zoon van rechtvaardigheid,

-ocr page 139-

Litanie tot den h. Naam Jesus. 137

Jesus, Zoon van de H. Maagd

Maria, ontferm U onzer. Bewonderenswaardige Jesus, Jesus, sterke God,

Jesus, Vader der toekomende

eeuwen,

Jesus, Engel van den grooten

raad,

Almachtige Jesus, Allerverduldigste Jesus, Allergehoorzaamste Jesus, Jesus, zaolitmoedig en ootmoedig van harte,

Jesus, minnaar der zuiverheid, Jesus, die ons met liefde vereert, Jesus, God van vrede,

Jesus, oorsprong des levens, Jesus, voorbeeld der deugden, Jesus, ij veraar der zielen, Jesus, onze God,

Josus, onze toevlucht,

Jesus, Vader der armen,

Jesus, schat der geloovigen, Jesus, goede Herder,

-ocr page 140-

Litanie

Jesus, waarachtig licht, ontform

U onxer.

Jesus, eeuwige wijsheid,

Jesus, eindelooze goedheid, Josus, onze weg en ons leven, Jesus, blijdschap der Engelen, Jesus, koning der Patriarchen, Josus, meester der Apostelen, Jesus, leeraar der Evangelisten, Josus, sterkte der martelaren, Josus, licht der Belijders, Jeeus, zuiverheid der Maagdon, Jesus, kroon van allo Heiligen,

Wees ons genadig, Jesus,schenk

ons vergeving.

Wees ons genadig, Jesus, verhoor onze geheaen.

Van alle zonden, verlos ons,

Jesus.

Van uvvo gramschap,

Van de lagen des duivels, Van de verachting uwer goddelijke inspraken,

138

-ocr page 141-

tot den h. Naam Jesug. 139

Van den geest der onkuisch-

heid, verlos ons, Jesus. Van den eeuwigen dood,

Door het geheim uwer heilige

Menschwording,

Door uwe geboorte,

Door uwe kindsheid,

Door geheel uw goddelijk leven, Door uwen arbeid en uwe vermoeienissen,

Door uwe doodsangsten en uw lijden,

Door uw kruis en uwe verlatenheid.

Door uwe kwijningen,

Door uwen dood en uwe begrafenis.

Door uwe verrijzenis.

Door uwe hemelvaart.

Door uwe vreugde,

Door uwe heerlijkheid. Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, spaar ons, Jesus.

-ocr page 142-

140 Gebed

Ijp.m Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, verboor ons, Jesus.

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, ontferm II onzer, Jesus.

Jesus Christus, hoor ons. Jesus Christus, verhoor ons. Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm ü onzer. Heer, ontferm U onzer.

Onze Vader, enz. V. De Naam des Heeren zij geloofd:

B. Vannu af tot in eeuwigheid.

Laat ons bidden.

O God! die den glorierijksten Naam van uwen Zoon, onzeu Heer Jesus Christus, in over-zoete begeerte aan uwe geloo-vigen zeer liefelijk en voor de booze geesten zeer vreeselijk en schrikkelijk hebt gemaakt,

-ocr page 143-

op den h. Naam Jesus. 14^

verleen genadig, dat allen, die dezen H. Naam Jesus op d« aarde godvruchtig eeren, in dit tegenwoordig leven de zoelheid dar heilige vertroosting, en in het toekomende leven de blijdschap, vreugd eu zaligheid des hemels mogen ontvangen. Door deazelfden J esus Christus,onzen lieer, uwen Zoon, die met U leeft en heerscht in de eenheid vau den H. Geest, God in alle eenwen der eeuwen. Amen.

Gebed op den h. Naam Jesus,

0 goede Jesus! o goeder-tierenste Jesus! o allerzoetste Jesus! o Jesus! Zoon van de Maagd Maria, vol barmhartigheid en goedertierenheid, ontferm U mijner volgens uwe groote barmhartigheid. O ge-nadigste Jesus! ik bid U door

-ocr page 144-

142 Gebed

dat dierbare bloed, hetwelk Gij voor de zonden hebt willen storten, wisch al mijne boosheden uit, en zie op mij ellendige en onwaardige, die U ootmoed if; vergiffenis vraagt en dezen uwen heiligen naam Jesus aan roept, genadig neder. O naam van Jesus, zoete naam! liefderijke naam! naam van Jesus, versterkende naam! want wat is Jesus anders dan Zaligmaker? Nu dan, o Jesus! wees mij, om uwen heiligen naam, een Jesus, en maak mij zalig; laat niet toe, dat ik, dien Gij uit het niet geschapen hebt, verloren ga. O goede Jesus! laat mijne boosheid mij, dien uwe almacli-tige goedheid geschapen heeft, niet veidervon. O zoete Jesusl erken in mij wat het uwe is. en gedoog niet, dat er iets anders in mij gevonden worde, ö

-ocr page 145-

op den h. Naam Jeaus. 143

zachtmoedigste Jesus, ontferm ü mijner, terwijl het nog tijd is om te ontfermen, opdat (ïij mij in den dag des oordeels niet verwerpet. — De dooden, o Heer! zullen U niet loven, noch al degenen, die in de hel nederdalen.

O allerliefste,o beminnelijkste Jesus! o zachtaardigste Jesus! o Jesus! Jesus! Jesus! aanvaard mij onder het getal uwer uitverkorenen. O Jesus! zaligheid dergenen, die in U ge-looven! O Jesus! troost der-gonen, die tot U vluchten! O Jesus! dierbaar zoenoffer der zondaren. O Jesus! Zoon van de Maagd Maria, stort in mij de genade, wijsheid, liefde, zuiverheid en ootmoedigheid, opdat ik U op eene volmaakte wijze moge beminnen, loven, genieten, dienen en in U roemen

-ocr page 146-

144 Liefdeverzuchtingen tot Jeans.

met al diegenea, die uwen heiligen naam aanroepen. Amen.

Liefdeverzuchtingen tot Jesas.

O Jesus! mijn God en al, waarom heb ik ü, die mij tot het einde toe bemind hebt, ooit beleedigd?

O mijn Jesus! zend uw licht en uwe waarheid, dat deze mij geleiden en brengen tot uwen heiligen berg en in uwe tabernakelen : daar zal ik mij vreedzaam verheugen in U, mijn God, mijn Jesus!

Allerzoetste Jesus! ontneem mij mijnen geest en stort den uwen in mij; want met uwen Geest bezield zal ik kunnen uitroepen: Ik leef nu niet, maar Christus leeft in mij. (Gal. 2.)

-ocr page 147-

Litanie

tot het Allerh. Sacrament des Altaars.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, ontferm U onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God, heraelsche Vader, ontfem» U onzer.

God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm ü onzer.

God H. Geest, ontferm TJ onzer.

H. Drievuldigheid, één God, ontferm TJ onzer.

Levend Brood, dat uit den hemel zijt nedergedaald, ontferm ü onzer.

10

-ocr page 148-

146 Litanie

Verborgen God en Zaligmaker,

ontferm U onzer.

Tarwe der uitvet korenen.

Wijn, die maagden voortbrengt. Voedzaam brood en vermaak

der koningen,

Altijddurende Offerande, Zuivere opdracht.

Vlekkeloos Lam,

Allerheiligste Maaltijd,

Spijs der Engelen,

Verborgen hemelsch Brood, Gedachtenis vanGods wonderen. Bovennatuurlijk Brood, Vleeschgeworden Woord onder

ons wonende,

H. Hostie,

Gezegende drinkbeker.

Geheim des geloofs. Hoogwaardig Sacrament, Allerverhevenste Offerande, Waarachtige verzoening yoor levenden en dooden,

-ocr page 149-

tot het Allerh. Saerameut. 147

Hemelscli behoedmiddel tegen de aanvallen der zonden, ontferm IJ onzer.

Kostbare gedachtenis van het

lijden des Heeren,

Wonder boven alle wonderen, Geschenk, dat alle volheid te

boven gaat.

Voortreffelijk blik der liefde

van onzen God, Overvloeiende bron van Gods

milddadigheid,

Verhevenst en eerbiedwaardigst geheim,

Troostvol onderpand onzer onsterfelijkheid,

Aanbiddelijk en levendmakend

Sacrament,

Brood dat door de almogendheid des Woords zijt Vleesch geworden.

Onbloedige Offerande,

Spijs en Medegast,

Verhevea maaltijd, waarbij de

10«

-ocr page 150-

[48 Litanie

Engelen tegenwoordig zijn en dienen, ontferm. TJ onzer.

Teeken van genade,

, Band van Helde,

Offeraar en Offerande,

Geestelijke zoetheid, die in haren eigen oorsprong gesmaakt wordt,

Verkwikking der heilige zielen.

Versterking dergenen, die in den Heer sterven,

Pand der toekomende hcerlijk-heid,

Wees genadig, spaar ons, Meer.

Wees genadigyverhoor ons,Heer!

Van het onwaardig nuttou uws Lichaaras en Bioeds, verlos ons Heer!

Van de begeerlijkheid des vlee-sches, verlos ons, Heer!

Van de begeerlijkheid der oogen, verlos ons. Heer!

Van de hoovaardij des levens, verlos ons, Heerl

-ocr page 151-

tot het Allerh. Sacrament. 143

Van alle gevaai* der zonde.

verlos ons, Heer!

Door het groot verlangen, dat Gij gehadt hebt, om dit Paaschlam metu we leerlingen te eten,

Door den diepen ootmoed, waarmede Gij de voeten uwer leerlingen gewasschen hebt, Door de vurige liefde, waarmede Gij dit heilig Sacrament hebt ingesteld,

Door uw dierbaar Bloed, dal Gij ons op het altaar hebt nagelaten.

Door de vijf wonden, die Gij in uw allerheiligst Lichaam voor ons ontvangen hebt, Vvij zondaren, wij bidden TJ,

verhoor ons.

Dat het TJ believe het geloof, den eerbied en de begeerte tot dit wonderbare iSnrra-ment in ons te vermeerderen

-ocr page 152-

Litanie

en te bewaren, wij bidden U, verhoor ons.

Dat het U believe ons door eene ware belijdenis onzer zonden tot het dikwijls nuttigen dezer geestelijke spijs te bereiden, Dat Gij ons van alle ketterij, ongeloovigheid en verblindheid des harten wilt bevrijden. Dat het U believe ons aan de kostelijke en hemelsche vruchten van dit H. Sacrament deelachtig te maken. Dat het TJ believe ons in het uur des doods met deze hemelsche spijs te versterken en te beschermen,

Zoon van God,

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, spaar ons, Heer!

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, verhoor ons, Heerl

160

-ocr page 153-

tot het Allerh. Sacrament. 15]

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, ontferm U onzer!

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer.

Onze Vader, enz.

Laat ons bidden.

O God! die ons onder dit wonderbare Sacrament de gedachtenis van uw lijden hebt nagelaten, wij bidden ü, geef, dat wij de heilige geheimen van uw Lichaam en Bloed zoo eerbiedig vereeren, dat wij de vruchten uwer verlossing gedurig in ons mogen gevoelen. Gij, die met den Vader in de eenheid des H. Geestes leeft en heerscht, God in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

-ocr page 154-

152 Gebed.

öftbed tot het Allerheiligste

Sacrament.

Zie, Heer! uit uw heiligdom on uit uwe verhevene hemelwoning neder, en aanschouw deze allerheiligste Hostie, die onze Opperpriester, uw welbeminde /Soon, onze Heer Jesus, U voor de zonden zijner broeders opdraagt; wees ons genadig en wisch onze veelvuldige boosheden uit. Hoor, de stem van het Bloed van Jesus, die onze broeder geworden is, roept tot U van het hout des kruises; verhoor die, Heer! en laat Ult; verzoenen; aanhoor ons en doe barmbiiitigheid. Toef niet, o mijn God! om uwent wil, want ruen heeft uwen naam aangeroepen ; handel met ons volgens uwe barmhartigheid.

-ocr page 155-

Litanie

vau den

H. Aloysius van Gonz.agua,

Patroon voor de jeugd.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, ontferm U onzer.

Heer, ontferm ü onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God, Hemelsohe Vader, ontferm U onzer.

God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer.

God H. Geest, ontferm U onzer.

H. Drievuldigheid, één God, ontferm U onzer.

H. Maria, beschewnster van den H. Aloysius, bid voor ons.

H. Aloysius van Gonzagua, bid voor ons.

-ocr page 156-

Litanie

H. Aloysius, verrijkt door de zegeningen des Heeren, bid voor ons.

H, Aloysius, vervuld met den

Heiligen Geest,

H. Aloysius, waardige belijder

van Jesus Christus, H. Aloysius, godvruchtige aanbidder van het H. Sacrament, H. Aloysius, getrouwe dienaar

der H. Moedor Gods, H. Aloysius, edelmoedige verachter van de wellusten dezer wereld,

H. Aloysius, voorbeeld van het

volmaakte leven,

H. Aloysius, voorbeeld van ootmoedigheid,

H. Aloysius, minnaar der armoede,

H. Aloysius, volmaakt in gehoorzaamheid,

K. Aloysius, wonderbaar in verduldigheid,

154

-ocr page 157-

van den H. Aloysins. 155

H. Aloysius, zeer machtig iu

den Hemel, bid voor ons. H. Aloysius, verdrijver der

helsche geesten,

H. Aloysius, eer en luister der jeugd,

H. Aloysius, beschermheilige

der scholieren,

H. Aloysius, navolger van hot

Evangelische leven, H Aloy8ius,spiegel der maagd en, H. Aloysius, zoetaardige trooster der bedrukten, H. Aloysius, genezing dor kran-ken,

H. Aloysius, klaarblinkend licht

der H. Kerk,

H. Aloysius, vermaard door

menigvuldige wonderen. Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, spaar ons, Heer, Lam Gods, dat de zonden dei-wereld wegneemt, verhoor ons. Heer.

-ocr page 158-

156 liitanle van den H. Aloyeius.

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, ontferm U onzer, Heer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer.

V. Eid voor ons, H. Aloysius, R. Opdat wij waardig worden de beloften van Christus.

Gebed.

God, uitdeeler der Hemelsche gaven, die in den engelachtigen jongeling Aloysius eene wonderbare onschuld van leven met eene gelijke boetpleging vereenigd hebt, vergun ons door zijne verdiensten en gebeden, dat wij, die Hem in zijne onschuld niet gevolgd hebben, Hem in zijne boetvaardigheid navolgen. Door Christus, onzen Heer. Amen.

-ocr page 159-

iiitauie

van alle Heiligen

Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U or.zor. Heer, ontferm U onzer.

Jesns, hoor ons.

Jesus, verhoor ons. God, Hemelsche Vader, ontferm

U onzer.

God Zoon, Verlosser der wereld,

ontferm U onzer. God Heilige Geest, ontferm ü onzer.

Heili ge Drievuldigheid, één God,

ontferm U onzer.

H. Maria, bid voor ons. K. Moeder Gods, bid voor ons, H. 3,! tiagd der Maagden, H. Michael,

H. Gabriel,

-ocr page 160-

Litanie

H. Raphael, bid voor ons.

Alle H. Engelen enAartsengelen, Alle H. Koren der zalige Geesten, H. Joannes de Dooper, H. Josef,

Alle H. Aartsvaders en Profeten,

H. Petrus,

H. Paulus,

H. Andreas,

H. Jacobus,

H. Joannes,

H. Tliomas,

H. Jacobus,

H. Philippus,

H. Bartholomeus,

H. Matheus,

H. Simon,

H. Thadeus,

H. Matthias,

H. Barnabas,

H. Lucas,

H. Marcus,

Alle H. Apostelen ml Evan^-j-listen,

15amp;

-ocr page 161-

vau alle Heiligen. X59

A.Ue H. Leerlingen des Hoeren,

bidt voor ons.

Alle H. onschuldige Kinderen, H. Stephanus,

II. Laurentius,

H. Vincentius,

H. Fabianus en Se'oastianus, H. Gervasius en Protasius, Alle H. Martelaren, H. Silvester,

H. Gregorius,

H. Ambrosius,

H. Augustinus,

H. Hieronymus.

H. Martinus,

H. Nicolaas,

AlleH.Bissehoppenen Belijders, Alle H. Leeraars,

H. Antonius,

H. Benedictus,

H. Barnardus,

H. Dominious,

H. Pranoisous,

Alle H. Priesters en Levieten,

-ocr page 162-

ifcO Litanie

Alle H. Monniken en Kiuixe-

naars, bidt voor ons. H. Maria Magdalena, H. Agatha,

H. Lucia,

H. Agnes,|

H. Cecilia,

H. Catharina,

H. Anastasia,

Alle H. Maagden en Weduwen, Alle Gods lieve Heiligen, Wees genadig, spaar ons, Heer. Weesgenadig,verhoor ons,Heer. Van alle kwaad, verlos ons, Heer. Van alle zonden,

Van alle gramschap,

Van eenen haastigen en onvoor-

zienen dood,

Van de listen des duivels. Van gramschap, haat en allen

kwaden wil,

Van den geest der onküischheid, Van bliksem en onweder Van aardbeving,

-ocr page 163-

van alle Heiligen.

Vau pest, hongersnood en oorlog, vorlos ons, Heer. Van den eeuwigen dood,

Door het. geheim uwer mensch-

wording,

Door uwe komst,

Door uwe geboorte.

Door uw doopsel en Heilig

vasten,

Door uw kruis en lijden,

Door uwen dood en uwe begrafenis,

Door uwe heilige Verrijzenis, Door uwe wondervolle Hemelvaart,

Door de komst van den Heiiigen

Geest, den Vertrooster, In den dag des oordeels. Wij zondaren, wij bidden U,

verhoor ons.

Dat Gij ons wilt sparen, Dat Gij onze misdaden kwijt-

scheldet.

Dat Gij TJ gewaardigt ons tot

11

-ocr page 164-

Litanie

eene ware boetvaardigheid te geleiden, wij Inddeu ü, verhoor ons.

Dat Gij ü gewaardigt uwe Heilige Kerk te bestieren en te beschermen,

Dat Gij U gewaardigt den Paus en de geheele geestelijkheid in den Heiligen Godsdienst te bewaren,

Dat Gij U gewaardigt de vijanden der Heilige Kerk te vernederen,

Dat Gij U gewaardigt den christen koningen en vorsten vrede en ware eendracht te geven,

Dat Gij U gewaardigt allee christen volkereu vrede e.a eendracht te verleenen, Dat Gij U gewaardigt ons in uwen Heiligen dienst te versterken en te bewaren, Dat Gij onze gemoederen tul

-ocr page 165-

van alle Heiligen. Ifi3

Hemelsclje begenrten wilt opwekken, wij bidden U, verhoor ons.

üat Gij TJ gewaardigt al onze weldoeners met de eeuwige goederen te vergelden, Dat Gij U gewaardigt onze zielen en de zielen van onze broeders, vrienden en weldoeners van de eeuwige verdoemenis te behoeden, Dat Gij TJ gewaardigt de vruchten der aarde te geven en te bewaren,

Dat Gij U gewaardigt aan alle geloovige overledenen de eeuwige rust te geven, wij bidden U, verhoor ons.

Dat Gij U gewaardigt, ons gebed te verhooren, wij bidden U, verhoor ons.

Zoon Gods, wij bidden U, verhoor ons.

Lam Gods, dat de zonden d«r

li'

-ocr page 166-

164 Utoni» van ali a Hellir:quot; --

wereld wegcemmt, spaar ons, Heor.

Lam Grods, dat de zonden dm wereld wogaeemt, verboor ons, Heer.

Lam Gods, dat de zonden Cier wereld wegneemt, oiiUWn-U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

Heer, ontferm TJ onzsr. Christus, ontferm U onzor. Onze Vader, enz.

-ocr page 167-
-ocr page 168-

Gebeden.

-—

Gebed voor de Kerk.

Toon Gij mij kind vaji uwe Kerk maaktet, o naijn God! hebt Gij mij de verplichting opgelegd om haar te beminnen en ü voor de goede Moeder te bidden. Gij kunt niet nalaten steeds over haar te waken, om haar te beschermen, dewijl Gij haar Jesus Christus, uwen Zoon, tot Opperhoofd hebt gegeven, die haar bemind en in zijn Bloed gewas-Bohen heeft, opdat zij zuiver, niet verouderd en vlekkeloos in awe oogen wezen zou. Gij hebt.

-ocr page 169-

Gebeden.

167

haar ile kolom eu de steun gemaakt der waarheid, de bewaarster en uitdeelster van uw woord, van uwe Sacramenten, van uwe genaden, uwe eenige Bruid, die alleen ons lot IJ kan geleiden. Ik dank U, dat Gij mij haar tot Moeder hebt gegeven, en ik smeek IJ, mij eene onschendbare verknochtheid aan haar geloof, eene eerbiedige buigzaamheid voor hare vermaningen en eene vol-komene gehoorzaamheid aan hare geboden in te boezemen Aanhoor de smeekingen, welke zij voor ons allen tot U stiert, en bewogen door de tranen, welke zij voor diegenen barer kinderen stort, die in den dood der zonde gedompeld liggen, geef hun het leven der genade weder, en behoud van den au-decen kant de rechtvaardigen

-ocr page 170-

168 Gebeden.

In de liefde en in do beoelening der deugden.

Doe de eenheid en den vrede onder al de leden uwer Heilige Kerk heerschen; dat uwe waarheid, die steeds in haar bewaard blijft, alom in hare zuiverheid verkondigd en met geestdrift door alle geloovigen ontvangen worde; dat zij met kracht en nadruk worde ondersteund en verdedigd tegen de ongeloovigen, de ketters en vrijgeesten. O God van goedheid! breng hen allen tot de waarheid; dat de heiligheid, welke uwe Kerk, door het Bloed van Jesus Christus, uwen Zoon, bekomen heeft, door de bedorven zeden barer kinderen niet ont-eerd noch bezoedeld worde. Dat zij nog de vreugde smake, welke zij in hare eerste dagen genoot, van te zien, dat zij, dia

-ocr page 171-

Gebeden. 109

in U gelooven, slechts één hart en ééne ziel hebben, en dat zij ons allen, door één doopsel, in hetzelfde geloof, onder denzelfden Heer en in dezelfde hoop vergaderende, U zie eeren, met één hart en éénen mond zie loven, door onzen Heer Jesus Christus. Amen,

Gebed voor den Paus.

O God! Opperherder van alle geloovigen, aanzie met gunstige oogen uwen dienar N., dien Gij aan uwe Kerk als Herder en hoofd gegeven hebt; verleen hem de genade van door zijne woorden te onderwijzen, en door zijn gedrag diegenen te stichten, welke Gij aan zijne zorg bevolen hebt, opdat hij eens met du hem toevertrouwde kudde tot bet eeuwige leven moge gariv-

-ocr page 172-

170 Gebeden.

ken. Wij bidden U hierom door onzen Heer Jesus Christus. Amen.

Gebed voor eenen Aartsbisschop of Bisschop.

O God! die met goedheid over uw volk waakt, en het met liefde geleidt, verleen uwen dienaar N., onzen Bisschop, wien Gij de zorg van ons bestuur toevertrouwd hebt, den geest van wijsheid en den overvloed uwer genade, opdat hij bij ons getrouw de plichten van het priesterambt vervulle, en in de eeuwigheid de belooning van eenen trouwen bestuurder ontvange. Door Jesus Christus, uwen goddelijken Zoon, die met U leeft en heerscht in Eeuwigheid. Amen.

-ocr page 173-

Gebeden.

Gebed om in de verkiezing van eenen levensstaat den wil Gods te kennen.

Aanbiddelijke Jesus, mijn beminnelijke Meester en mijn liefderijke Herder, ik wend mij vol vertrouwen tot U; want in wien zal ik mijn vertrouwen stellen, tenzij in ü, die mij zoo zeer bemind hebt, dat Gij aan het kruis hebt willen sterven, om mij zalig te maken? Ootmoedig nedergeknield voor uwe voeten, vraag ik U, uwe verplichting en uwe hulp in de belangrijkste zaak, die er voor mij wezen kan. Ik moet mijn besluit nemen en eenen levensstaat verkiezen! ... Ik weet, dat mijne rust en mijn geluk

frootendeels van deze keus at-angen, dat ik mij aan bot grootste hartzeer, aan de nood-rootendeels van deze keus at-angen, dat ik mij aan bot grootste hartzeer, aan de nood-

171

-ocr page 174-

Gebeden.

lottigste gevaren zou blootstellen, zoo ik mij bepaalde, zonder ü geraadpleegd te hebben en mijn wil gelijkvormig aan den awen te maken.

Ik wil, o mijn God! noch mijne neigingen, noch mijne menschelijke belangen involgen, ik moet uw rijk zoeken en eenen ataat verkiezen, waarin ik niet alleen de mogelijkheid zie van mijne zaligheid te bewerken, maar waarin ik alle redenen heb van te gelooven, dat dit werkelijk mijne zaligheid zal bewerken. Zeer verschillende wegen bieden zich voor mijnen geest aan; overal zie ik gevaren, en ik heb maar al te veel redenen om te vreezen, dat mijne eigenliefde, zoo bekwaam om mij te misleiden, mij onvoorzichtig eenen weg zal doen inslaan, aangenaam in deszelfs

172

-ocr page 175-

Gebeden. 17}-.

begin, maar rampzalig in zijn einde. Spreek, o Heer! want uw dienaar Luistert. Waar en oj» welke wijze zal ik ü het gfgt;-trouwst dienen? Waar zal ik het best in staat zijn om uw» verheerlijking, die hot eor^tt. voorwerp mijner verlangens moet zijn, te bevorderen? Waar zal ik de meeste middelen vinden, om mij te heiligen? Zoodra ik uwe inzichten over mij zal kennen, zal mij niets weder-houden; het is billijk, dat het schepsel onderworpen zij aan zijnen Schepper, het schaap kan niet beter doen, dan zijnen Herder volgen, waar hij het geleidt. Uwe ingevingen, die wijze en heilzame raadgevingen van hem, die uwe plaats bekleedt, en waarom ik smeek hem met uw licht te vervullen, en vooral het verlangen vas

-ocr page 176-

öebecieu.

uwe verheerlijking en mijne zaligheid, zullen mijn geleide zijn. Welke rust zal ik niet genieten, wanneer ik zal kunnen gelooven, dat ik mij in den staat bevind, waarin Gij, van eeuwigheid af, besloten hebt mij zalig te maken? Deze is eene genade, welke ik TJ zoo dikwijls en met zooveel aandrang wil vragen, tot Gij mij die eindelijk zult vergunnen. In U, Heer! heb ik mijn vertrouwen gesteld, ik kan niet bedrogen worden!

O Maria! beschermende ster, het is ook tot u, dat ik van de onstuimige zee der wereld mijne blikken wend. Bestuur, o Moeder van het eeuwige licht! richt mijn hart tot uwen godde-lijken Zoon, opdat ik de loopbaan intrede, waarin ik Hem tan dienen, en hem getrouw

174

-ocr page 177-

Gebeden.

dienende, liet einde bereike, tot hetwelk ik geschapen ben, namelijk het geluk van Hem in eeuwigheid te zien en te bezitten. Amen.

En ook gij, mijn goede Engel, mijn liefderijke geleider, gij allen, mijne heilige Patronen, verlaat mij niet in eens zoo belangrijke zaak; bidt onophoudelijk voor mij, opdat ik den staat moge kennen, dien de Heer van eeuwigheid voor mij bestemd heeft; maakt, dat ik in die groote beraadslaging geen gehoor geve aan de stem van het vleesch en bloed, noch aan de aantrekkelijkheid mijner be-driegelijke hartstochten; maar dat ik den levensstaat r.mhelze, waarin ik werkelijk mijne zaligheid bewerke door de beoefening der deugd, door een oprecht christelijk leven, opdat ik

175

-ocr page 178-

Gebeden.

het geluk verdiene van God eeuwig met U te verheerlijken, te loven en te beminnen in den hemel. Amen.

Gebed om van God de genade te verzoeken van zich in zijnen staatje heiligen.

Ik aanbid U, allerheiligste Drievuldigheid, Vader, Zoon en Heilige Geest. Ik daak U, dat Gij mij geschapen, vrijgekocht en behoed, en tot den staat van ... gebracht hebt. Ik dank U voor de onuitputbare bronnen van genade, welke Gij mij in de Sacramenten hebt geopend, voor de tallooze gunsten en weldaden, die Gij mij en alle men-schen verleend hebt.

Zie mij hier voor U, Heer! ik offer mij geheel aan U op, al wat in en buiten mij is: mijne gedachten,mijne genegenheden,

176

-ocr page 179-

6( [Gebeden.' 177

mijne woorden en werken, nie: slechts van dezen dag, maa1; ook van geheel mijn leven uit liefde voor U, voor uwa verheerlijking en voor de zaligheid van don evennaaste. Ik vereenig dit alles met het dierbare .Bloed van Jesu? Christus, mijnen Zaligmaker, met het vaste vertrouwen, dat zij, door deze vereeniging geheiligd, U zullen aangenaam zijn.

Neem van mij weg al wal U mishaagt, en stel in mij al wat U kan behagen. Ik smeek U door de liefde van de allerheiligste Maagd Maria, het heiligste, het volmaakste uwer schepselen, vergun mij de genade van U nooit te be-leedigen in den staat, waartoe uw goddelijke wil mij geroepen heeft; maak, dat ik er

-ocr page 180-

Gebeden.

178

getrouw al de pliclitcn van ver-vuile, dat ik er al de lasten van drage, dat ik er zorgvuldig al do gevaren van vermijde, dat ik er moedig al de moeilijkheden van te boven kome, en dat de vreugde, de voldoeningen, die Gij mij zult gelieven te vergunnen, mij steeds dankbaar jegens U vinden, jegens Tl, van wien alles, wat goed en heilzaam is, voortkomt. Maak dat ik tot de volmaaktheid gerake, eigen aan den staat, tot welken Gij mij hebt geroepen, dat ik er den geest op het stiptst van beware, dat ik de genade, welke Gij mij daarin tot mijne heiligmaking geschonken hebt, dagelijks vruchten doe voortbrengen, en dat ik daarin steeds al de Vreugd mijner ziel vinde. Vervul mij met die goddelijks

-ocr page 181-

Qebeflen,

178

blijdschap, dis mijne vurigheid opwekke en ondarsteune, teu sinde ik U in alletgt; zoeke, TJ in alles en overal vin de, en ik eindelijk gelukkig tot U, die mijn eenig einde en mijn opperste goed zijt, gerake. Door Jeans Christus, onzen Haer. Amea.

-ocr page 182-

Gelieden onder het Lof.

Gebed tot Jesus in het H. Sacrament.

££) Jesus, Gij zijt hier waar-lijk tegenwoordig in dit iiiiorheiligt-te Sacrament: dit goloof ik vastelijk, want Gij Kelt' hebt bet gezegd en ver-oponbaard. Ik aanbid U met don dic-psten eerbied als mij non Schepper en Verlosser, mijn opperste Goed, mijnen Heer en mijnen God.

O Heor 1 sla van uw heilig altaar een genadig oog op mij, ellendigen zondaar, neder. Met een bedrukten geest, met een vermorzeld hart, met betraande oogen, bid ik IJ, o mijn God,

-ocr page 183-

Gebeden onder het Lof. |3|

vergeef mij mijne zonden, zij zijn mij van harte leed; ik haat en verfoei dezelve uit liefde tot U. Verwerp laij niet van uw aanschijn: keer uw aanzicht af van mijne zonden, wisch al mijne ongerechtigheden uit: schep in mij een zuiver hart, vernieuw den rechten geest in mijn binnenste; maak mij, naar uw voorbeeld, zoetaardig en ootmoedig van harte, kuisch, getrouw aan mijne plichten, verduldig in hot lijden, standvastig in uwen dienst, en in alles onderworpen aan uwen goddelijken wil.

Steunende op uwe vaderlijke goedheid, bik ik U ook voor al degenen, met dewelke ik door '( de banden van den godsdienst en dor natuur vereenigd ben. Zegen onzen H. Vader den Paus, de Bisschoppen en Priesters;

-ocr page 184-

182 Gebed™ onder het Lof.

beziel lieu met eeaen vurigen ijver voor uwe glorie en met eene teedere liefde voor de schapen, welke Gij hun toevertrouwd hebt; ik bid IJ bijzonderlijk voor den herder dezer parochie; geef, Heer, dat zijne onderwijzingen vrucht mogen dragen in onze harten; dat hij ons de heilige Sacramenten waardig bediene, en door uwe genade zóó leve, dat wij door zijn voorbeeld altijd mogen gesticht worden. Ik beveel U, Heer, mijne ouders, die zooveel voor mij gediian hebben, dat ik het hun nooit vergelden kan, maar Gij kunt hen daarvoor loonen; ik bid U ootmoedig, geef hun al wat naar ziel en lichaam noodig is voor dit en het eeuwig leven. Dit vraag ik U ook voor al mijne weldoeners en vrienden: ook voor

-ocr page 185-

Oebeden onder hat Lof.

mijne vijanden, indien ik er mochte hebben.

Ach, Heer! mochten toch alle mensohen, die het ongeluk hebben in doodzonde te leven, zich tot U bekeeren! Geef hun daartoe uwe genade, ontferm II over hen.

O Jesus, dien ik met het oog des geloofs in dit H. Sacrament aanschouw, Gij hebt aan het kruis gebeden voor versteende zondaars; laat dat gebed ook nog voor hen, die in zonde leven, genade verwerven.

De zielen der overledenen, die nog in het vagevuur lijden, beveel ik aan uwe goedertierenheid; vervul het vurig verlangen, welk zij hebben om uw minnelijk aanschijn te genieten.

En om niemand in mijn gebed te vergeten, bid ik TJ, Heer, voor de zieken, die U met ons

-ocr page 186-

-' • -i - quot; \ y

184 Gebeden onder het Lof.

niet kunnen komen aanbidden; troost hen op hun smartbed; sta de stervenden bij; geef dat zij in uwe liefde uit deze wereld scheiden; eindelijk bid ik voor allen, voor wie ik gehouden ben te bidden; laat hun uwe dierbare genade deelachtig worden.

Heer Jesus, als ik overweeg hoe genadig en wonderlijk Gij hier tegenwoordig zijt in dit H. Sacrament, dan moet ik uit-quot; roepen: o, Heer[ hoe groot zijt Gij! Gij zijt bij ons en in het midden van ons, als een vader bij en onder zijne kinderen, als een geneesheer bij zijne zieken; hoe teeder bemint Gij ons! ach, mochten toch ik en alle men-schen U hartelijk weder beminnen. Ach, hoe ongelukkig zijn degenen, die niet erkennen dat Gij in dit hoogwaardig Sa-

-ocr page 187-

Gebeden onder het Lot 185

oramont tegenwoordig zijt Verleen hun toch het licht des geloofs, opdat zij, uit hunne blindheid getrokken, tot den schoot uwer Kerk gebracht worden, en met ons gezamenlijk U in do geheimenis aanbiddende, begrijpen mogen, hoe

Selukkig uwe geloovigen zijn, ie vrijmoedig hunnen nood en krankheden aan U, als aaa hunnen vader en geneesheer klagen, vast betrouwende, dut Gij hen niet ongetroost zult laten weggaan.elukkig uwe geloovigen zijn, ie vrijmoedig hunnen nood en krankheden aan U, als aaa hunnen vader en geneesheer klagen, vast betrouwende, dut Gij hen niet ongetroost zult laten weggaan.

Gebed van den H. Bernardas tot de H. Maagd Maria.

O liefderijke Maagd Maria! open ons den toegang tor uwen Zoon, gij, die gebenedijd zijt onder de vrouwen, die genade gevonden hebt bij den Heer,

-ocr page 188-

186 Gebeden onder het Lof.

die het leven ter wereld gebracht hebt en de Moeder der zaligheid zijt; opdat Hij, die ons door U gegeven is, ons door U ontvange. Uwe uitmuntende zuiverheid wissche bij Hem de schuld onzer bedorvenheid uit, en uwe ootmoedigheid, dio aan God zoo aangenaam was, verwerve ons de vergiffenis onzer ijdelheid en hoovaardigheid. Uwe overvloedige liefde bedekke de rae-jiip'te onzer zonden, en uwe rwoflderbare vruchtbaarheid 'Vyrenge ons eene vrucht baarheid van verdiensten toe. Gij zijt onze meesteres, onze middelares, onze voorspreekster. Beveel ons aan uwen Zoon, verzoen ons met uwen Zoon. Maak, o gebenedijde Maagd, door de genade die gij van God ontvangen en door de barmhartig-

-ocr page 189-

Gebeden onder het Lof. 187

heid die gij gebaard hebt, dat Jesus-Christus, uw Zoon, onze God, boven al in eeuwigheid gebenedijd, die de menschelijke natuur uit u aannemende, zich gewaardigd heeft aan uwe zwakheiden ellenden deelachtig te worden, door uwe voorbidding ons ook aan zijne gelukzaligheid en eeuwige heerlijkheid deelachtig make.

De litanie tot den H. Naam Jesus, bladz. 136.

Onder het Ave Maria.

1. De Engel des Heeren heeft aan Maria geboodschapt en zij heeft ontvangen van den H. Geest. Wees gegroet, enz.

2. Zie de dienstmaagd des Heeren, mij geschiede naar uw woord. Wees gegroet, enz.

-ocr page 190-

188 Gebeden ouder het Lof.

3. Het quot;Woord is vleesoh ge worden en het heeft onder ms gewoond. Wees gegroet, enz.

Benedictie.

Geloofd en gedankt zij allen tijde het allerheiligste f crament! Zegen mij, o H( Jesus! met den Vader en d« H. Geest; versterk mij do-uwe genade, om zóó te lev volgens uwen heiligen wil, geheel mijn leven tot v meerdere eer en glorie strek geef aan alle rechtvaardig volharding, aan alle zondane i vergiffenis, en alle geloovige zielen verlossing; help ons agt; len, nu en in het uur des doods

In den naam des Vaders, des Zoons, en des H. Geestes. Amen.

-ocr page 191-

Inbond.

_

Bladz.

urgengebedeu.....9

'ondgebeden.....19

'beden en verzuchtingen onder de heilige Mis . . 24 jrsehillende Gebeden , ,51 s de bedeklok klept , . 51 ^bed voor het eten ... 54 )ed na het eten . . . .55 gebeden tot de heilige

laagd........56

i .tt Memorare.....56

Sa.ve Regina......57

T at „de Prof'undisquot; . . .59 Iflt BVeni Creatorquot; ... 62 Gebed van een kind voor

zijne ouders.....64

Gebed voor broeders en

zusters.......66

Gebed tot de Heilige Maagd 66

-ocr page 192-

Inbond.

Bladz. 3

Gebed tot den H. Jozef . 67 j Gebed tot den H. Bewaarengel ........6.

Gebed tot den H. Aloysius 69 G ebed tot den Patroonheilige 70 BiecLt-Oefeningen .... 71 Gebed na de Biecht ... 79 Communie-Oefeningen . . HO Gebed vóór de H. Communie 8C!quot; Gebed na de H. Communie 82 Heilige Kruisweg . . . . 8P. j De zeven Boetpsalmen . . 93 De heilige Rozenkrans . .112 Litanie tot den 11. uaam

Jesus........136

Litanie tot het Allerh. Sacrament des Altaars . . 145 Litanie van den H. Aloysius

van Gonzagua .... 163 Litanie van alle Heiligen . 1B7

Gebeden.......166

Gebeden onder liet Lof . , 18U

190

-ocr page 193-

adz. 67

6.

69

70

71

79

80 80 82 8P. 93

112

136

145

163 167 166:

180

;

-ocr page 194-
-ocr page 195-
-ocr page 196-
-ocr page 197-
-ocr page 198-
-ocr page 199-