r
/VNTONITJS VAN j^ADUA KEHKRTJJK OI-OKKIOflT
» IX lgt;K
- Parociiiekerk van den H. Franciscus
ÏE. ■ ■ . V ' NIJMEGEN 23 .iv^oi lSS4t.
r ^ ir
Vak 45
^6 8 i' quot; ^ BROEDERSCHAP
Vw ^
v - :i r\
TKR KKBK VAN FiKN
j^. ^NTONIUS VAN j^ADUA,
KERKELTJK OPGKRTCHT
lx/^.AeY
Parochiekerk van Sen JIv Pranciscus
NIJMEGEN. .
2S n^^Cei ISS-i
bibliotheek universiteit utrecht
2945 113 9
In de ^BroederscRap van den jj. Jlntonius van [Pa dn a, l^rkefijf^ opgericht in de Sint Cfrancisciiskerk, Is incjeschreven :
J2ijmeffen, den...................'(89
De Bestuurder der Broederschap,
B. J. HOOGLUGT,
Pastoor.
BIBLIOTHEEK DER RUKSUNWERSiTEIT
UTRECHT
COUL. THOMAA^SE
van. den, H. Antonius
^ad-txa,.
Art. 1.
Het doel dezer broederschap is, (ie vermeerdering der godsvrucht tot den 11. Antonius van Padua ; teneinde door diens machtige voorspraak en door vereenigde gebeden geestelijke en tijdelijke zegeningen en weldaden van God te erlangen.
Akt. 2.
Na de eerste H. Communie te hebben gedaan, kan een ieder lid dezer broederschap worden.
De namen der leden zullen in een register ingeschreven en aan de leden een bewijs van lidmaatschap, benevens een medaille van den 11 Antonius uitgereikt worden.
i
Art. 3.
Eiken Dinsdag zal de H. Mis ter eere van deu H. Antonius gezongen en des avonds onmiddelijk na het lof', de vergadering der broederschap gehouden worden.
Art. 4.
Gedurende de vergadering zullen de leden de medaille van den H. Antonius dragen.
Behalve de vorige oefeningen vau godsvrucht zal er bij die vergadering eene toespraak gehouden eu aan het einde de reliquie van den H. Antonius vereerd worden.
Akï. 5.
Op deu eersten Dinsdag van elke maand zal de gezongen H. Mis voor de levende en overledene, leden der broederschap worden opgedragen.
Art. 6.
Jaarlijks zal er een plechtige negeu-daagsche oefening of Novene worden ge-
5
houden, welke op den feestdag van den H. Antonius, 13 Juni, zal aanvangen. Op dien da y zal de plechtige H. Mis voor de levende en overledene leden der broederschap worden opgedragen en op den Zondag onder het Octaaf'eeue alge-meeue Gominunie plaats hebben.
Art. 7.
Tot versiering van het altaar en de Kapel van den H. Antonius zal bij de wekelijksche vergadering eene collecte worden gehouden.
Abt. 8.
L)o tijdelijke pastoor der Kerk van den 11. Kranciscus is de bestuurder dezer broederschap. Het staat hem echter vrij zijne bediening ook aan andere priesters op te dragen
No. 115U. Gezien en goedgekeurd door ons.
Te 's Bosch 26 Mei 188'f.
f A. GODHOHALK.
6
LIJST VAN AFLATEN
door ou/.eii II. Vader Pauf. Leo XI [1, den 14 Juli 18Si verleend nan de Broederscliap van den H. Antonius van Padun.
Aflaten voor de leien dezer Broederschap.
Volle Aflaat.
1. Op den eersten dag, dat /,ij lid wordcu dezer Bruederscliap, op voorwaarde dat zij met een waar berouw eu na gebiecht te hebben, de H. Uomnmnie ontvangen.
2. In het uur des doods, op voorwaarde, dat zij met een waar berouw en na gebiecht en geconmumiceerd te hebben, of als zij dit niet kunnen, ten minste met een rouwmoedig hart den naam van Jesus met den mond, als zij kunnen, zoo niet, met het hart godvruchtig aanroepen.
'ó. Aan die leden dezer Broederschap, welke met een waar berouw eu na gebiecht tn gecommuniceerd te hebben, op den feestdag van den H. Antonius van Padua of op een dag naar ieders goedvinden, van de negen achtereenvolg
7
gemie dagen, die oimiiddelijk voorafgaan, op voorwaarde dat zij op de gemelde uegeu dagen ten miuste vijfmaal bij de negendaagsche godsdienstige oefening tegenwoordig geweest zijn, alsmede op een dag van liet jaar, dien elk naar goedvinden kan kiezen, bovengenoemde kerk godvruchtig bezoeken eu daar bidden voor de eendracht der christene vorsten, uitroeiing der ketterijen, bekeering dei-zondaren en verheffing van onze Moeder de H. Kerk, verleenen wij, telken jare op den dag, dat zij genoemde werken verrichten, volledige kwijtschelding en vergiffenis van al hunne zouden.
Aflaat van 100 dagen.
1. Aan hen, die met een rouwmoedig hart, in staat van genade, de negendaagsche oefening godvruchtig bijwonen.
2. Die de gewone wekelijksche oefer ijing godvruchtig bijwonei;.
3. Die eene gewijde medaille van den H. Antonius godvruchtig dragen.
4. Die een goed werk overeenkomstig
8
de instellmg van de Broederschap verrichten.
(Al lm aflalcn zijn toevocgclijk aan de gdoovigc zielen.) O-ezien..
's Bosch, Eo Bisscliop van 's Hortogenbosch
9 Augustus 1884. f A. GODSCHALK.
VOLGORDE IN DE CONGREGATIE.
1. Veni Creator
1.
Kom, Schepper, kom, o heil'ge Geest, Bezoek ons al van minst tot meest; Vervul met uw genadekracht pe harten door U voortgebracht.
2.
.Gij zijt de Trooster hoog geroemd. Gij wordt de gave Gods genoemd. De levensbron, de liefdegloed. De zalving van het recht gemoed.
3.
Gij zijt van 'g Vaders rechterhand De vinger, on 't beloofde pand. Die hart en tong zeer rijk begaaft En met uw zeven giften laaft.
9
4.
Geef, dat uw licht cms steeds bestraal', Uw liefde iu ons harte daal',
Schraag door uw kracht ous iu don nood. Gij die aan elk uw bijstand boodt.
Verdrijf den vijand van ons af,
Geef ons uw vreê tot aan het graf, Geleid ons langs de rechte baan, Opdat wij alle kwaad ontgaan.
6.
Maak, dat ons door U kenbaar zij. De Vader eu de Zoon daarbij. En dat wij U, hun beider Geest, Belijden, dienen, onbevreesd.
7.
Lof zij den Vader, lof den Zoon, Op aard' zooals in 's Hemels woon ; Lol zij ü, die de Trooster zijt. Van nu af tot in eeuwigheid.
10
2. Gebed van een vast betrouwen tot den H. Antonius.
Uit het binnenste van mijn zondig liart groet ik ü , o H. Antonius! en rerheng mij om de bijzondere genade, die de goede God ü betoond heeft, als IIij n aanstelde als de waarachtige toevlucht van alle ellendige en bedrukte harten. Gelukkig zijt gij en overgelukkig, o H. Antonius ! mits de goedertie-rene God u zoozeer begunstigd heeft, dat Hij gewaardigde zijne goddelijke weldaden door u aan de wereld uit te reiken en zijne milde barmhartigheid op eene bijzondere wijze aan den zondaar mede te deelen Mijn hart springt op van blijdschap als ik uwen naam maar hoor, en mijne ziel is met troost overgoten, als zij uwe goedheid gedenkt. Acli ! hoe menige bedroefde harten en kleinmoedige zielen heeft de goede God door U van hunne droefheid verlost, en met zijne goddelijke genade en troost verkwikt! O, hoe vele versteende en wanhoopige zielen, die reeds met eenen voet in de hel waren, heeft Hij door uwe aandringende, voorspraak aan de klauwen van den helscben draak ontrukt.
11
en erfgenaam gemaakt van het hemelscli rijk ! Daarom heb ook ik een zoo vast betrouwen op U, dat ik standvastig geloof, dat God, om uwentwil, mij niet zal verstooten. aangezien ik, zoowel als die andere u zoo getrouw aanroep en vereer. Welaan dan, H. Antonins, trek mijne arme ziel tot u en doe aan haar hetgeen gij aan zoo menige zondige zielen gedaan hebt. Vergeet niet n mijner te ontfermen en nooit zal ik vergeten U te vereeren, totdat ik eens bij U moge komen in de glorie alwaar wij ons te zamen in eeuwigheid zullen verblijden. Amen.
egt;. Korte toesprnalc.
4. Aflezen der aanbevolen intenties.
12
5. i gt;irr A iv 1
VAN PEN
H. Antonius van Padua.
Heci', ontferm U onzer!
Cliristus, ontferm U onzer!
riiristus, hoor ons!
Christus, verhoor ons !
God hemelsche Vader, ontferm U onzer! (lod Zoon. Verlosser der wereld, ontferm ü onzer.
God H. Geest, ontferm U onzer. H. Drievuldigheid, een God, ontferm U onzer.
H. Maria, bid voor ons.
H. Moeder Gods,
II. Maagd der Maagden,
H. Antonius van Padna,
. Trouwe dienaar des Allerhoogsten, ^ .s Luister der Minderbroeders, c
Nauwkeurig betraehter der Idoos- c quot;1 tei-lijke armoede. /-
• Stipte betrac.hter der gelioorzaam-heid,
Spiegel dor knischheid.
13
Koos van verduldigheid, bid voor oils. Vuur van liefde,
Ster der heiligheid.
Voorbeeld van levenswandel, Steunpilaar der kerk,
Schatkamer der H. Schrift, (area
Testamenti.)
Leeraar der waarheid,
' Groot ijveraar der zielen, c
Voorzegger der toekomst.
Martelaar van begeerte,
Opwekker der dooden.
Schrik der hel,
ïerugbrenger van verloren zaken, Groote wonderdoener.
Onze beminde vader en beschermer,
Wees genadig, spaar ons Heer !
Wees genadig, verhoor ons Heer!
W ees genadig, verlos ons Heer! Van alle onheil, verlos ons Hoer ! Van alle zonden, verlos ons Heer! Van de listen des boozen vijands, verlos ons Heer!
14
Van pest, hongersnood en oorlog, verlos ons Heer!
Van de rampen der aardbeving, Van brandschade.
Van bliksem en onweder.
Van den eeuwigen dood.
Door de verdiensten van den H. An-
Door zijne iSeraphijiische liefde, 2-Door zijn voor zeggenden geest, »
Door zijn ijver voor de bekeering der g zondaars, K
Door zijn vurig verlangen tot den mar- ;
I )()or zijne getrouwe naleving der TL
kloostergeloften.
Door zijn on vermoei den arbeid.
Dooi- zijne voortdurende wonderwerken,
In den dag des oordeels.
Wij zondaars, wij bidden U, verhoor ons! Dat gij ons de genade eener ware be-keering gelieft te verleenen, wij bidden U verhoor ons!
Dat gij ons het vuur zijner liefde wilt mededeelen, wij bidden U verhoor ons. Dat gij door de voorspraak en de verdiensten van den H. Antonius uwen rechtmatigen toorn van ons wilt af
15
wenden, wij bidden «J verhoor ons ! ^ Dat gij de vereering van dezen lieiligo ^ wilt bestendigen en vermeerderen. £j Dat gij allen, die tot hein hun toevlucht §■* nemen, wilt verhooren, ^
Dat wij door de verdiensten van den ^ H. Autonins, vergiffenis onzer zon- lt;5 den mogen verwerven. gquot;
Dat wij volgens zijn voorbeeld, de £. ijdelheden en gevaren dezer wereld £ mogen overwinnen. r/-
Lam Gods, dat wegneem l de zonden dei-
wereld, spaar ons Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden dei-
wereld, verhoor ons Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden dei-wereld, ontferm U onzer. Heer, Bid voor ons H. Autonins.
Opdat wij enz.
Geukd.
O God, die wonderbaar zijt in uwe heiligen, geef ons, die in den naam van den H. Antonins, nweu belijder, vergaderd zijn, hetgeen wij verlangen, opdat wij in alle noodwendigheden beschermd worden eu nimmer ophouden nwen godgelijken lof te verkondigen. Door Christus, onzen Heer. Amen.
16
6. WONDERBAAR RESPENSORIUM.
Wilt gij mirak'len zien?
Het weenen, kermen, zuchten,
De duivel dood en pest,
üe ketters moeten vluchten.
Wat ziekten het ook zijn,
Melaatschheid zelfs vergaat;
Geen mensch, hoe krank hij is.
Die niet gezond opstaat.
De zeo deinst voor hem t'rug.
De banden der gevangen.
Zij springen door hem los;
Zoo jong als oud ontvangen,
Tu al hun hangen nood.
Hulp, troost en onderstand;
En wat verloren is.
Komt wederom ter hand.
Degenen, die tot hem
Slechts richten hun gebeden.
Zij hebben noch gevaar,
Noch ramp,noch zwarigheden.
Dat hij, die 't ondervindt,
't Belijde openbaar,
En Paduanen blij
't Getuigen altegaar.
(IferhaliiHf 2e vera.)
De zee deinst voor hem t'rug. enz.
17
Glorie zij den Vader, enz. Bid voor ons li. Antonius!
Opdat wij waardig mogen worden de beloften van Cliristu« !
LAAT ONS BI DU EN
O (iod! verleen ons, dat de voorbidding van den H. Antonius uwe Kerk verblijde, opdat wij met geestelijken onderstand altijd beschermd worden en verdienen de eeuwige vreugde te genieten. Door Christus onzen Heer. Amen.
7. Zesmaal het „Onze Vaderquot;, „Wees gegroetquot; en „Glorie zij den Vaderquot;.
LEVENSSCHETS
VAN DEN
1. 41101IUS VAK PADUA.
Aiitoiiius werd te Lissabou, de hoofdstad van Portugal, uit aaiizieulijke ouders geboren, die hem eeue godvruchtige opvoeding gaven. Reeds als jongeling vervoegde hij zich bij de Reguliere Kanunniken. Toen hij te Coïmbra vertoefde luid daar juist de plechtige overbrenging plaats der eerbiedwaardige overblijfselen vau vijf Minderbroeders, die in Marocco den marteldood waren gestorven. Dit voorval deed in Antonius een hevig verlangen naar den marteldood ontstaan. Om dit te bevredigen besloot iiij over te gaan tot de Orde dier Martelaren en hij werd Minderbroeder. Kort daarna vertrok hij naar de Saraceenen, maar eeue zware ziekte tast hem aan en noodzaakt hem zelfs tot de terugreis. Antonius scheepte zich dan in, maar door het ongunstig weder landde hij te Sicilië en niet in Spanje aan. Vandaar begaf liij zich naar het algemeen Kapittel zijner
19
Onle te Assisie. Nu aÜoop Vein geuoenul Kapittel begaf liij zicli iu eene afgezonderde en woeste streek en legde/.icli daar langeu tijd toe op de overweging, hield een streng vasten en lange nachtwaken. Antonins beoefende bijzonder de ootmoedigheid, zoodat zijne diepe en uitgebreide kennis, welke hij langen tijd verborgen had, niet tenzij uit gehoorzaamheid, door hem kenbaar werd gemaakt. Na de H. Wijdingen ontvangen te hebben werd hij bestemd het Evangelie te verkondigen. Zijne wijsheiden groote welsprekendheid brachten overvloedige vrucht voort en trokken zoozeer de bewondering, dat Paus Gregorius IX, in zijn predicatie tegenwoordig zijnde, hem noemde „Ark des Testaments.quot; Vooral bracht zijne -welsprekendheid den ketters zware slagen toe en vandaar wordt hij genoemd ,hamer der ketters.quot; Antonins was de eerste zijner Orde, die door den H. Franciscns werd aangesteld, onderricht te geven in de H. Schriftuur. Gedurende zijn leven heeft hij vele provincies bezocht, een jaar voor zijn dood kwam Antonins te Padua, alwaar hij treffende herinneringen van zijne heiligheid heeft achtergelaten Na het volbrengen van de grootste
20
werken voor de eer van God, stierf An-tonius, vermaard door zijn arbeid eu wonderen, den 13tn Juni van liet jaar 1231. Ofschoon alleen zijnen Medebroeders de dood van Antonius kenbaar waj, doorkruisten kinderen van Padua de Stad en riepen „de heilige Pater is dood, de H. Antonius is doodquot;. Die kinderen hadden hem heilig genoemd en groote mirakelen bevestigden die heiligheid, zoodat Gregorius IX, na een grondig onderzoek Antonius onder het getal der Heiligen stelde, alhoewel nog geen geheel jaar na Antonius afsterven was verstreken. De Serafijnsche kerkleeraar de H. Bonaventura, zegt, dat men door de voorspraak van den H. Antonius alle genade, gunsten en weldaden kan verwerven, welke niet anders dan door een wonder kunnen verkregen worden.
Men roept de hulp van Antonius in, bijzonder
1°. Om verloren of gestolen zaken terug te bekomen:
2°. Om genezing in alle ziekten en kwalen des lichaam s;
Ijquot;. Om den heiligen wil van God te kennen, vooral met betrekking tot de keuze van een levenstaat:
21
4°. Om een gewensehten uitslag bij ou-dernemingen, welke de eer van God, het heil der zielen of ook zelfs de tijdelijke welvaart betreffen.
Over de Novene ter eere van den H. Antonius van Padna.
Deze Novene is eeue devotie, welke daarin bestaat, dat men na gebiecht en gecommuniceerd te hebben, op negen achtereenvolgende Dinsdagen gaat bidden voor het beeld of Altaar van den H. Antonius in een der kerken van de Paters Minderbroeders.
Door deze devotie zijn verschillende gunsten, genaden en weldaden van God door Antonius voorspraak verkregen.
Zij is ontstaan op de volgende wijze:
In het jaar 1()17 woonde te Bologna eene aanzienlijke dame, welke reeds twee en twintig jaren in den huwelijken staat leefde, zonder haren echt met de geboorte van een kind gezegend te zien, ofschoon dit altijd haar vurig verlangen uitmaakte. Meermalen had deze dame over de won-
22
derhare tnsschenkomst van den H. Au-tonius van Padna hooren- spreken. Vol betrouwen op dezen lieilige ijaat zij naar de kerk der Minderbroeders, knielde neer voor liet Antonius-altaar en deed eene belofte. Terstond voelde zij zicb inwendig getroost en keerde vol betrouwen huiswaarts. Des nachts verscheen haar in den slaap de H. Autonius van Padna en sprak deze woorden. „Bezoek mijn beeld in de kerk der Minderbroeders op negen achtereenvolgende Dinsdagen en gij zult bevinden, dat uw gebed verhoord is.quot;
Zij volbracht het bevel van Antonius. De Heilige verhoorde haer smeeken, doch dit werd oorzaak van eene nieuwe droefheid. Haar echtgeno» t, opvliegend van aard, verdacht haar van overspel. Daarbij kwam nog, dat zij een kind ter wereld bracht, hetwelk weinig of niets van een meusch had. De moeder, overstelpt van droefheid, beveelt dat men haar wichtje in doeken gewikkeld op het altaar van Antonius zoude leggen: nauwelijks is dit gedaan en de doeken bevatten een schoon, lieftallig kindje.
De verspreiding van dat wonderbaar feit, heeft ten gevolge gehad, dat vele g'eloovigen, den raad door den heilige
23
aan die dame te Boloona gegeven, opvolgden.
Waarom heeft Antonim gesteld negen dagen en waarom juist negen Dinsdagen.
Waarscliijnlijk ter eere der negen Engelenkoren eu om ons tegelijker tijd aan te sporen een engelachtig leven te leiden opdat wij eens medeerfgenamen : zouden wezen van de Engelen.
Om dezelfde reden heeft de heilige de Dinsdagen aangewezen, wijl onze Moeder de H. Kerk op die dagen het officie leest en de H. Mis opdraagt ter eere der H. Engelen, tenzij een of ander invallend feest dit verhindert.
Raadzaam its het de Novene lt;)igt; de volgende ■wijze te verrichten.
1. Men begeeft zich negen achtereenvolgende Dinsdagen naar een kerk der Minderbroeders. Op ieder der negen Dinsdagen verwekke men een akte van vol-
24
maakt berouw, of wat beter is, men pfu te biecliten en te (Vmimnuie.
Vervolgens kuiele men neder voor liet Allerheiligste (hetwelk. krachtens ver-gmming van den H. Stoel, in de kerken der Minderbroeders op Dinsdag des morgens tot na de hoogmis wordt uitgesteld,) en bidde eenige oogenblikken; bijvoorbeeld.
O mijn liefdevolle Jesus, hoe ver is uwe overgroote liefde gegaan! Met uw Vleeseh en kostbaar Bloed hebt gij mij een hemelsch maal bereid, om u zeiven alzoo geheel en al aan mij te geven. W ie heelt l tot zulk eene buitengewone liefde vervoerd ? Voorzeker alleen uw liefdevol Hart. 0 aanbiddelijk Hart van mijn Jesus, o vlammend Fornuis dei-goddelijke liefde, ontvang mijne ziel in uwe allerheiligste wonde, opdat ik daar, als in eene school van liefde, moge lee-ren, hoe ik dien God moet beminnen, welke mij zoo wonderbare bewijzen van zijne liefde gegeven heeft. Amen.
(100 dagen atl. Pins VI. en VII.) 2. Daarna kuiele men neder voor het beeld of Altaar van Antouius in de kerk dor Minderbroeders en bidde
u. de Litanie van Antouius -ziepag. 12.
25
lgt;. het Responsorium. — zie pug. 16.
c. liet gebed o, H. Antonius etc. —-zie pag. 28.
3. Men beijvere zich de H. Mis bij te wonen, die iederen Dinsdag ter eere van Antonius in de kerken der Minderbroeders wordt gezongen.
4. Gedurende de Novene zal men niet vruchteloos eene of meerdere H. Missen laten opdragen ter eere van den H. Au-touitis. — kaarsen voor zijn beeld ofquot;op zijn altaar doen opsteken, ten teeken van een levendig geloof en van een vast betrouwen, hetwelk ons moet bezielen, wanneer men iets door Antonius' voorspraak van de goddelijke goedheid wenscht te verkrijgen.
N.B. Zij, die niet lezen kunnen, bidden negen malen het „Onze Vaderquot; voor liet Allerheiligste en 9 maal het „Onze Vaderquot; het „Wees gegroetquot; en het „Glorie zij den Vader enz.quot; voor het beeld van Antonius.
20
Andere Novene ter eere van den H. Antonius.
Zij die eeue Novene, vau negen acli-tereenvolgende dagen ter eere van den H. Antonius van Padua willen doen, beginnen daarmede op Maandag en
1. bidden eiken dag voor het beeld van Antonius (en het raadzaamst is, dit te doen in een kerk der Paters Minderbroeders)
a. de Litanie van den H. Antonius — zie pag. 12.
Ji. het Responsorium — zie pag. 10.
c. het gebed „o, H. Antoniusquot; — zie pag. 28.
2. Zij wonen de H. Mis bij, ter eere van Antonius op Dinsdag in de kerken der Minderbroeders gezongen.
3. Verwekken op de dagen der Novene eene akte van volmaakt berouw en gaan zoo mogelijk, den eersten Dinsdag dei-Novene te biechten en te communie.
Wat moet men bidden in bijzondere voorvallen f
Het wonderbaar Responsorium. — zie pag. 16.
Dit gebed is opgesteld door den 11.
27
Bonaventura en dat dit gebed den H. Antónius het meest welgevallig is, blijkt uit de vele gunsten, die daardoor verkregen zijn. Daarom wordt het Responsorium met vrucht in elke aangelegenheid gebeden.
Tn het Latiiu luidt het:
Si quaeris miracula,
Mors, error, calamitas.
Daemon, lepra fugiunt,
Aegri surgunt sani.
Cedunt mare, vincnla, Menbra resque perditas Petunt et accipinnt Juvenes et cani.
Pereunt pericula Oessat et necessitas,
Narrent hi qui sentiimt, Dieant Paduani,
Cedunt mare etc.
Gloria Patri etc.
Cedunt mare etc,
Ora pro nobis B. Antoni
Ut digni etc.
28
OREMI'S.
Ecclesiam tuam, Dens, beati Antouii confessoris tui deprecatio votiva laetificet ut spiritnalibus semper muuiatur anxi-liis et gaiuliis perfrui mereatm* aeternis. P. 0. D. N. Airen.
«0« fjd «.lil llfil % ^iilonius.
0 H. Antonius van Padua, machtige helper in alle noodwendigheden, dewijl zooveel menschen uwe krachtige hulp roemen, wil ook ik in uwen trouwen bijstand troost zoeken. Ik kniel hier voor uw beeld neder, fl. Antouius, met het vast vertrouwen, dat gij mij, o getrouwe vriend Gods, kunt en wilt helpen, Indien dus mijn wensch rechtmatig on volgens Gods wil is, zoo bewerk de vervulling daarvan ; zou hij echter strij-dit; zijn met de belangen mijner ziel, wil mij dan, bid ik u, van God eene andere genade verwerven.
Ach, verhoor mij toch, liefderijke II. Antonius; neem mijn smeekengoed-
29
CTuiist.ijï aan ; dat mijne tranen en znchten tot U doordringen. Geef, dat mijn vast vertrouwen niet vruchteloos /.ij, opdat alleu U prijzen en zeggen: liij heeft op Antonins vertrouwd, en is verhoord en getroost. Ik bid U alzoo, meer ter wille uwer eer, dan wel ten mijnen gunste; want uw lof moet verkondigd worden over de geheele aarde, en uwe machtige hulp geprezen door alle eeuwen.
Let niet op mijne onwaardigheid, maar gedenk, hoe aangenaam uw gebed is voor God, het opperste goed.
Wees mijne tallooze zonden niet indachtig, waardoor ik uwen en mijiieu God en Heer zoo menigmaal smartelijk bedroefde; maar verkrijg mij daarvoor vergiffenis en een vastelijk voornemen, om ze voortaan zorgvuldig te vermijden. Versmaad dan toch een rouwmoedig en vormorzeld hart niet, gelijk ook God liet niet veracht.
Met groote liefde en eerbied bezoek ik uw aanvallig beeld, waarbij gij het kindje Jesus in uwe armen draagt, en bid U, draag mijne bede den goddel ij keu Zaligmaker op. Ik zal nimmer ophouden L' te prijzen, maar uwen roem aan allen verkondigen. Amen.
TER EERE
van den
K. (SUitomuo i'an §a9wa.
l.
Wijze: Lie cc Moeder can den Heer.
Heiige miuuaar van deu Heer, Laat ons 0111 mv zetel dringen,
Laat uw dienaars u ter eer Voor uw beeld een loflied zingen, ü wij smeeken luid en blij t ,. Heiige Antonius, bid voor mij ! \ t0.
Ziet, met welke liefde gij 't Kindje Jezus in uw armen
Mocht aanschouwen van nabij ; Laat zich Jezus ons erbarmen! O wij smeeken enz.
Voor uw beeld hier neergeknield Op den schoonen dag van heden Storten wij, met hoop bezield. Voor uw troon de vuurge beden. O wij smeeken enz.
31
Breng ons hnlp in allen nood; Wil ons steeds een vader wezen;
Help vooral ons in den dood, Als wij voor Gods oordeel vreezen. O wij smeeken enz.
O, als kindren bidden wij, Dat wij, na een cliristlijk leven,
Eeuwiir deeleu aan nw zij In de glorie, u gegeven.
O wij smeeken enz.
2.
Wijze: O Nddtn, zoo soct in de ooren.
Gij waart Franciscus waardig, In ootmoed hem gelijk.
Nu juicht ge, als hij verheerlijkt, In Jezus' koningrijk.
Antonius, zoo machtig,
ü hoor ons dankbaar lied;
Gezeteld in Gods glorie.
Vergeet uw kindren niet.
Hier schitterde in uw ziele De zuivre lelieglans;
En vormt thans om uw voorhoofd Den schoonsten gloriekrans,
Antonius, enz,
32
Daar daalde uit 's Hemels woning
Tn 't midden van den nacht De zoete lieve Vrouwe,
Die 's werelds Licht ons bracht. Antonins, enz.
Zij droeg aan 't moederharte Het Kind van Bethlehem, En groette n eindloos minzaam
Met wonderzoete stem.
Antonius, enz.
En Jezus, Hij, de oneindge. De oumeetbre Hemelheer,
Zette als lieftallig Kindje
Zich op uwe armen neer. Antonius, enz.
O help ons Jezus volgen
In blijdschap en in smart.
Opdat ook wij eens rusten
Aan Zijn beminnelijk Hart Antonius, enz.
33
3.
Antonius vau Padua,
Zoo heilig en zoo goed ;
Wij loven God. die door uw hand Zoovele woudreu doet.
Geen geur eu kleur van bloemen is Zoo aangenaam en fijn,
Als voor een ziel, die God bemint. Uw sehooue deugden zijn.
Autonius enz.
De liefde Gods en Godes eer Bewogen uwe tong.
Waardoor berouw en zaal ge vrees In aller harten drong.
Antonius enz.
Gij waart een schild en zijt het nog Voor de onschuld in gevaar;
Al wie u bidt wordt uwe hulp In eiken nood gewaar.
Autonius enz.
Autonius, gij meusehenvriend. En vriend van God den Heer,
Wij smeeken u met vurigheid : Zie gunstig op ons neer.
Antonius enz.
34
Al komen wij ook telkens weer
Voor vijand, of' voor vriend, Of voor ons zelv', toon dat men
Niet vruchteloos eert en dient. Antonins euz,
•4.
Wijze: Maria1 a hfield te midden.
Hoe liefdevol en teeder, 0 lieil'ge Paduaan,
Slaat gij nw blikken neder Op 't hart u toegedaan.
Wij treden biddend nader, Ontvang ons al te gader.
Antonins, Antonins, n vereeren w
Uw beeltenis aanschouwend Met Jezus, 't Godlijk Kind,
Doet ons, op u betrouwend. Hem naadren. Die ons mint.
Wees gij ons ten verzoener, O groote Wonderdoener, Antonins, euz.
De christen, die in lijden Bij u zijn hulpe zocht.
Roemt 't wondervol verblijden
Dat de Almacht door n wrocht Wilt onzer dan erbarmen, Die vluchten in uw armen. Antonius, enz.
Blijf immer voor ons waken, Gij, trouwe schutspatroon. Opdat wij veilig' naken
He zaalge hemelwoon.
Daar zullen voor uw voeten Wij eindeloos u groeten. Antonius, enz.
5.
W uzE : Pim Nanus.
Lof u, groote Wonderdoener !
Lof n, trouwe schutspatroon ! Die thans jubelt in de glorie Van de zaalge hemelwoon.
Door den adel van uw streven
Mocht gij dra in hooger sfeer 't Loon ontvangen voor uw arbeid. Juichen met het heilgenheer.
36
Zie wij naadreu tot uw altaar
Door uw heiligheid gestreeld, Ja wij komen dengdeu lei-reu,
't Leven spieglen in uw beeld.
Leer ons allen om Gods liefde
De armoê minnen op deez' aard, Dat met aardsche grootheid derven Eeuwge schatten gaan gepaard.
Leer uw mimiaars, heilig toonbeeld.
Leven in gehoorzaamheid,
Leer ons 't schuldig vleesch versterven.
Pal staan in den helschen strijd. Hoe zal onze ziel dan schittren
Hier in zuivren lelieglans Eu omstrenglen onze slapen Eeus de schoonste lauwerkrans.
Doch sla onze zwakheid gade,
O gij, Helper in den uood.
Wil ons bijstaan in gevaren
Tot in 't ure van den dood.
O dan zullen uw vereerders
Hier God dienen ongestoord,
Eu ti dankend eenmaal juichen In het zalig vreugdenoord.
Haarkk, 18 Julii 1893.
Inn.prim.a.tvLr:
L. BERKVENS, Lihr. Cens.