Fak 119
i! '
iiP'Kiww Hanftasljt f
- - VOOR DÉ
M LEDEN •:.gt;•
fi
P WERELDLIJKE DEBDE ORDE
H. FRANCiSCUS VAN ASS1S1Ë.
op last en gezag van den Hoogeerw.
Pater Provinciaal der Minderbroeders van iSederiand uitgegeven door
fr. Michael Sieutjes Ord, Min.,
[nr. Can. Doet.
• r
(81- %
mf
■My.- «k
■ I : ^ r J ü s. J. VA N 1.1 X ' ' K R T, ^ |
■■ - Bof-'uli allt;kev-'. . equot; ■ -
m;., •• 'K.-.1,'
*. 0 .• .rtsV./£k •«;
.. F .......
Ceremonieel en Gebeden
VOOR DE
WERELDLIJKE DERDE ORDE.
Typ. .los. .7. v. Liiwlcrt, Cuvk.
/,()() vl'.lex dezex regki, cevoi.oh
/ui,lex hei;I;ex, vrkdk en iïarmttau TICirEll) over hex. (lal.v^iö.
Vak i|5 |
CEREMONIEEL m GEBEDEN
VOOR DE
Wereldlijke Derde Orde
VAN DEN
H. Franciscus van Assisië,
op last en gezag van den Hoogeerw.
Pater Provinciaal rbr Minderbroeders van Nederland uitgegeven
DOOR
fr. mmèamp;è iamp;ssuss #n.
Jur. Can. Doet.
iininininiiiiii
amp;
ini.iiinijiüi i ■ i ■ ■ ■ i i
Placet, Imprimatur.
Fr. STEPH. VAN DK BURGT,
Min. Prov.
Weri'H/K, h.ic 14 Jan. 1898.
Imprimatur.
L. BERKVENS, Libror. Censor.
Haaren, hac 20 Jan. 1898.
INHOUD.
Blad?..
Gebeden voor de vergaderingen . 203
Bij het begin der vergaderingquot; . . . 203
Bij het einde der vergadering . . . 210
Volgorde bij de Inkleeding . . . 216
Volgorde bij de Professie. . . . 231
Bijzondere Vergadering der Raadsleden ..........247
Plechtigheid der Visitatie. . . . 256
Volgorde bij het oprichten eener nieuwe Congregatie.....262
Wijze om aan de Tertiarissen den
Pausclijken Zegen te geven . . 271
Formulier van den Zegen met vollen aflaat voor de wereldlijke Tertiarissen........273
VI
Bladz.
Absolutie in het uur des doods , 277
Vernieuwing van professie . . . 2S2
Plechtigheid bij gelegenheid van den vijftigsten of vijf-en-twintigsten verjaardag der professie...... 292
Toewijding aan het H. Hart van Jezus..........307
Herdenking aan het stervensuur van
den H. Vader Franciscus . . . 314
Dienst voor een Overledene . . . 319
Zegening van het'Koordje van den
Akte van opdracht bij het begin lt;
is
Dankzegging bij het einde van den
Vóór de 11. Communie............359
Na de IT. Communie............366
VII
Rladz.
Gebeden onder het Lof of bij een
bezoek aan het H. Sacrament . 379
Oefening van den H. Kruisweg . 394
Litanie van den Allerheiligsten Naam
Jezus..........414.
Litanie van het H. Hart van Jezus 418
Litanie ter eere van de Allerheiligste Maagd Maria.....421
Litanie ter eere van Maria Onbevlekt Ontvangen......425
Smeekgebed tot de Onbevlekte
Litanie ter eere van den H. Vader Franciscus........430
Kransje ter eere van de H. Wond-teekenen van den H. Vader Franciscus........433
Litanie ter eere van den II. Anto-
Responsorie van den H. Bonaventura 44.1
VIII
Bladz.
Novcengebeden ter eere van den H. Antonius.......
Litanie ter eere van den H. Ludo-vicus..........
Litanie ter eere van de H. Elisabeth van Hongarije.....
Gebed ter cere van de H. Elisabeth van Hongarije.....
Franciscaansche Litanie van alle Heiligen.........
443 445 447
449 452
1*
i
CEREMONIEEL
der Derde Orde
van den
H. FRANC1SCUS.
Artikel I,
Gebeden voor de vergaderingen of conferenties, welke elke maand of op andere tijden gehouden worden. (1)
i. oB-ij -A-et -Ijeyin dcz vctyadcziny
ni, Sanctc Spiritus, reple tuo-rum corda ftdelium,
VTcni, Sanctc Spi- 17quot;om, H. Geest, ' ritus, reple tuo- vervul do har
ten Uwer geloovigen,
(i) Deze gebeden worden verricht door den directeur, in koorkleed en witten stool vóór het altaar neergeknield.
|
et tui amoris in eis ignem accende. Sub tuum pra;si-dium confugimus, sanctaDei Genitrix ; nostras deiJrecatio-ncs ne despicias in necessitatibus no-stris ; sed a periculis cunctis libera nos semper, Virgo glo-riosa et benedicta. Respice, beate Pater Francisce, de excelso caelorum habitaculo, et de-precare pro populo tuo, populo quem elegisti, ut serviat coram te omni tempore in ministerio Domini. Kyrie eleison. Christe eleison. Kyrie eleison. |
en ontsteek daarin het vuur Uwer liefde. Onder uwe bescherming nemen wij onze toevlucht, o Heilige Moeder Gods; verstoot onze gebeden niet in onzen nood, maar verlos ons altijd van alle gevaren, o glorierijke en orezcGfende Maagd. Zie, o gelukzalige Vader Franciscus, van uit de hooge hemelsche woning neder, en spreek ten beste voor uw volk, dat volk, hetwelk gij uitgekozen hebt, om onder uweoogen ten allen tijde den Heer te dienen. Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer. |
|
Pater noster, seercto. V. Et ne nos inducas in tcntationem. R. Sed libera nos a malo. V. Memor csto con- grcgationis tuse. R. Ouam possedisti ab initio. V. Domine, exaudi orationem meam. R. Et clamor meus ad te veniat. V. Dominus vobis-cum. R. Et cum spiritu tuo. OREMUS. Mentes nostras, quyesumus Domine, lumine tuee clarita-tis illustra, ut videre possimus qua; agenda sunt, et quas recta |
Onze Vader, in stilte. V. En leid ons niet in bekoring. R. Maar verlos ons van den kwade. V. Wees uwe vergadering indachtig. K. Die U van het begin heeft toebehoord. V. Heer, verhoor mijn gebed. R. En mijn geroep kome tot U. V. De Heer zij met u. R. En met uwen geest. LATEN WIJ BIDDEN. Wij bidden U, o Heer, bestraal onze harten met het licht Uwer klaarheid, opdat wij mogen kennen wat wij moeten |
2o6
|
sunt agerc valeamus. Per Christum Domi-num nostrum. R. Amen. |
doen, en doen wat rechtvaardig is. Door Christus, onzen Heer. R. Amen. (i) |
In dc plechtige vergadering en bij ge
m
legenheid der visitatie zingt men plaats van Veni, Sancte Spiritus;
|
VTeni, Creator Spi-' ritus, (2) |
I7- om, Schepper, ' * kom, o Heilige Geest, |
(1) Vervolgens houdt de directeur eene onderrichting over het christelijk leven in de wereld overeenkomstig den geest en het doel der Orde. De stof dezer onderrichting kan gekozen worden naar aanleiding van een of ander voorschrift des Regels, of ook overeenkomstig de zedeles of oefening, aangegeven op het maandbriefje. Ook de voorbeelden der Heiligen en Zaligen uit de Serafijnsche Orden kunnen ter navolging worden voorgesteld. Vóór en na deze onderrichting kan volgens goedvinden van den directeur een gezang gezongen worden, of eenig gebed worden verricht.
(2) Gezangen enz. bladz. 58.
2oy
Mentes tuorum vi- i Bezoek de zielen U
|
sita, Imple superna gratia, creasti Quae tu pectora. |
gewijd, Vervul de harten met gena, Die Gij ten Schepper zijt geweest. |
|
Qui diceris Paracli-tus, Altissimi donum Dei, Fons vivus, ignis, charitas, Et spiritalis unctio. Tu septifornis muil ere, Digitus paternae dcxtcrse, Tu rite promissum Patris, Sermone ditans gut-tura. |
Gij, die als Trooster hoog geroemd. Een gaaf des Aller- hoogsten Gods, Een levensbron, en quot; liefde en vuur, Den geest een zalvi ng wordt genoemd. Die door Uw zeven gaven prijkt, Gij, vinger van Gods rechterliand. Des Vaders mild beloofde gaaf, Die tongen met de spraak verrijkt. |
4
208
|
Accende lumen sen- sibus, Infunde amorem cordibus, In firm a nostri corporis, Virtute firmans pcr-peti. Hostem repellas lon-gius, Pacemque dones protinus, Ductore sic te prae-vio, Vitemus omnc no-xium. Per te sciamus de Patrem, Noscamus atquc Fi-lium, Toque utriusque Spiritual Credamus omni tempore. |
Ontsteek in onzen geest Uw licht, Stort in ons hart Uw liefdegloed. Versterk de zwakte van ons vleesch. Met eene kracht, die nimmer zwicht. Verdrijf den vijand ver, en laat Terstond als gave Uw vrede na, Opdat wij, zoo door U geleid. Voor immer mijden al wat schaadt. Maak, dat door ons steeds zij gekend De Vader en Zijn eenge Zoon, En dat we in U als beider Geest Gelooven tot de tijd volendt. |
2og
|
Deo Patri sit gloria, Ejusque soli Filio, Cum Spiritu Para-clito, Nunc et per omne s.eculuni, Amen. |
Des Vaders glorie zij verbreid. Des Vaders eenge- boren Zoons, Des Geestes, die vertroosting schenkt, In aller eeuwen eeuwigheid. Amen. |
|
Et Filio, qui a mor-tuis Surrexit, ac Para-clito, In saiculorum sre-cula. Amen. V. Kmite Spiritum tuum, etcreabun-tur. R. Et renovabis faciem terne. OREMUS. Deus, qui corda fidelium Sancti Spi- |
Des Vaders glorie zij verbreid, Des Zoons, die opstond van den dood. Des Geestes, die vertroosting schenkt, In aller eeuwen eeuwigheid. Amen. V. Zend Uwen Geest uit, en zij zullen herschapen worden. R. En Gij zult het aanschijn der aarde vernieuwen. LATKN WIJ BIDDEN. O God, die de harten der trelooviefen In den Paaschtijd. Deo Patri sit gloria. |
N. Handb. Derde Orde.
14.
210
|
ritus illustratione docuisti; da nobis in eodem Spiritu recta sapere, et de ejus semper conso-latione gaudere. Per Christum Dominum nostrum. R. Amen. 2. oB-ij -fiet einde J^yrie eleison. Christe eleison. Kyrie eleison. Pater noster, sccrcto. v. Et ne nos inducas in tentationem. R. Sed libera nos a malo. v. Confirma hoe Deus, quod ope-ratus es in nobis. R. A templo sancto |
door de verlichting van den Heiligen Geest hebt onderwezen, geef dat wij in dienzelfden Geest de ware wijsheid erlangen, en ons altijd over Zijne vertroosting verblijden. Door Christus, onzen Heer. R. Amen. dez vezyadeniny. TT eer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer. OnzeVader, in stilte. V. En leid ons niet in bekoring. R. Maar verlos ons van den kwade. V. Bekrachtig, o God, hetgeen Gij in ons hebt uitgewerkt. R. Van uit Uwen |
21
I
|
tuo, quod est in Jerusalem. V. Domine, exaudi orationem meam. R. Et clamor meus ad te veniat. V. Dominus vobis-cum. R. Et cum spiritu tuo. OREMUS. Prajsta nobis, qu:esunuis Domine, auxilium gratiae tua;, ut qu;\; te auctore facienda co-gnovimus, te adju-vante implere vale-am us. Agimus tibi gra-tias, omnipotens Deus, pro univcrsis benefïciis tuis. Qui vivis et regnas in srecula sseculorum. R. Amen. V. Oremus pro be-nefactoribus no-stris. |
heiligen tempel, die te Jeruzalem is. V. Heer, verhoor mijn gebed. R. En mijn geroep kome tot Ü. V. De Heer zij met u. R. En met uwen geest. LATEN WIJ BIDDEN. Wij bidden U, o Heer, verleen ons de hulp Uwer genade, opdat hetgeen wij door Uwe verlichting als onzen plicht kennen, wij door Uwen bijstand mogen vervullen. Wij bedanken U, o almachtige God, voor al Uwe weldaden. Die leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. R. Amen. V. Laten wij bidden voor onze weldoeners. |
212
|
R. Retribuercdigna-rc, Domine, omnibus nobis bona facientibus propter nomen tuum vitam aiternam. Amen. Antiph. Si iniqui-tates observaveris, Domine, Domine, quis sustinebit ? Psalm. De pro-fundis clamavi ad te, Domine : * Domine, exaudi vocem meam. Fiant aures tua; intendentes * in vocem deprecationis meae. Si iniquitates observaveris, Domine: * Domino, quis sustinebit ? Quia apud te pro-pitiatio est: * et propter legem tuam sustinui te, Domine. |
R. Gewaardig U, o Heer, aan allen, die ons om Uwen naam weldoen, het eeuwig leven te schenken. Amen. Antip/i. Indien Gij de ongerechtigheden gadeslaat, o Heer, wie. Heer, zal bestaan ? Psalm. Uit de diepten roep ik tot U, o Heer: o Heer, geef gehoor aan mijne stem. Laat Uwe ooren luisteren naar de stem mijner smec-king. Indien Gij de ongerechtigheden gadeslaat, o Heer, wie. Heer, zal bestaan ? Maar bij U is vergeving, en ter oorzaak van Uwe wet, o Heer, vertrouw ik op U. |
3
|
Sustinuit anima mea in vcrbo ejus ; * spcravit anima mea in Domino. A custodia matu-tina usque ad noctem * spcrct Israël in Domino. Ouia apud Domi-num misericordia, * et copiosa apud eum redemptio. Kt ipse redimet Israël * ex omnibus iniquitatibus ejus. Requiem reternam * dona eis Domine. Et lux perpetua * iuceat eis. Antiph. Si iniqui- tates observaveris, Domine, Domine, quis sustinebit ? v. A porta inferi. K. Erue, Domine, animas eorum. v. Domine, exaudi orationem meam. |
Mijne ziel vertrouwt op Zijn woord; mijne ziel hoopt op den 1 leer. Van den dageraad af tot in den nacht toe hope Israel op den Heer. Want bij den Heer is barmhartigheid, en bij Hem is overvloedige verlossing. En Hij, Hij zal Israël verlossen van al zijne ongerechtigheden. Heer, geef haar de eeuwige rust. En het eeuwige licht verlichte haar. Antiph. Indien Gij de ongerechtigheden gadeslaat, o Heer, wie, Heer, zal bestaan ? V. Van de poorten der hel. R. Verlos, o Heer, hunne zielen. V. Heer, verhoor mijn gebed. |
|
R. Et clamor mens ad te veniat. V. Dominus vobis-cum. R. Et cum spiritu tuo. OREMUS. Deus, vcni;u lar-gitor et humanjE salutis amator, quje-sumus clementiam tuam, ut nostra; con-gregationis fratres, propinquos et bcne-factorcs, qui ex hoe saeculo transierunt, Beata Maria, semper Virgine intercedente cum omnibus sanctis tuis, ad perpetuae beatitudinis consortium pervenire con-cedas. Fidelium, Deus, omnium Conditor et Rcdemptor, anima-bus famulorum fa- |
R. En mijn geroep kome tot U. V. De Heer zij met u. R. En met uwen geest. LATEN WIJ BIDDEN. O God, gever der genade en minnaar van de zaligheid der menschen, wij smee-ken Uwe goedertierenheid, dat Gij aan de broeders, bloedverwanten en weldoeners onzer congregatie, die uit deze wereld gescheiden zijn, door de voor-spraak van de zalige Maria, altijd Maagd, en van al Uwe heiligen, verlecnet, dat zij tot de gemeenschap der eeuwige zaligheid geraken. O God, Schepper en Verlosser aller geloovigen, verleen aan de zielen van |
|
21 mularumque tuarum remissionem cun-ctorutn tribucpccca-torum: ut indulgen-tiam, quam semper optaverunt, püs sup-plicationibus consc-quantur. Qui vivis ct rcgnas in sa^cula saiculorum. R. Amen. V. Requiem a;ter-nam dona cis, Domine. R. Et lux perpetua luceat eis. V. Requiescant in pace. R. Amen. |
5 Uwe dienaren en dienaressen de vergiffenis van alle zonden, opdat zij de kwijtschelding, welke zij altijd verlangd hebben, door godvruchtige smcekin-gen verwerven. Die leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. R. Amen. V. Heer, geef haar de eeuwige rust. R. En het eeuwige licht verlichte haar. V. Dat zij rusten in vrede. R. Amen. (i) |
(l) Eindelijk bidt de directeur met de leden vijfmaal liet Onze Vader, Wees gegroet en Eere zij den Vader, om den allaat te verdienen, aan liet bijwonen der maandelijksche vergadering verleend, geeft op de gebruikelijke wijze den priesterlijken zegen of wel, na bekomen verlof van den bisschop der diocese, den zegen met liet Allerheiligste, en deelt aan de leden de maandbriefjes uit.
2l6
Artikel II.
at verlangt gij ? Deze antwoordt: (2)
Herwaarde Vader, ik vraag [wij vragen] ootmoedig het kleed der Derde Orde van boetvaardigheid, om daarmede gemakkelijker de eeuwige zaligheid te kunnen bekomen.
Alsdan .zegt de priester Deo gratias, en prijst vervolgens in eene korte toespraak het heilig besluit van den postulant, waarin hij hem versterkt door de
(1) Dat wil zeggen: Na de gebeden verricht te hebben, welke in Artikel I bij het begin der vergadering zijn voorgeschreven.
(2) Wanneer meer personen worden ingekleed, antwoordt een hunner in naam van allen.
Volgorde Lij de lukleediug.
Na het begin der vergadering (t) gaat de priester, met koorkleed en witte stool bekleed, op de voettrede des altaars staan of zitten, en vraagt aan den postulant, die neergeknield is:
Quid postulas ?uid postulas ?
Deze antivoordt:
Pater, ego humi-liter postulo habitum Tcrtii Ordinis de Pccnitentia, ut cum co salutcm ;eternam facilius consequi va-leain.
VV
217
|
V. Domino, exaudi orationcm meam. K. Et clamor meus ad to vcniat. V. Dominus vobis-cum. R. Et cum spiritu tuo. OREMUS. Omnipotcns scm-piterne Deus, qui per mortem Uni-geniti Filii tui Do-mini nostri Jesu Christi mundum rc-staurare miscricor-diter dignatus es, ut a morte perpetua nos liberares, et ad gaudia perduceres |
V. Onze hulp is in den naam des Hoeren. R. Die hemel en aarde gemaakt heeft. V. Heer, verhoor mijn gebed. R. En mijn geroep kome tot U. V. De Heer zij met u. R. En met uwen geest. LATEN WIJ lilUDEN. Almachtige, eeuwige God, die U in Uwe barmhartigheid gewaardigd hebt de wereld te herstellen door den dood van Uwen eeniggeboren Zoon, onzen Heer, Jezus Christus, om ons van den eeuwigen dood te verlos- verhevenheid en krachtdadigheid van de Derde Orde aan te iconen. Daarna keert hij zich naar het altaar cn zegent de kleederen, zeggende: V. Adjutorium no-strum in nomine Domini. R. Qui fccit coelum ct terram. |
21
8
|
paradis!: respice, qunesumus, pietatis tu;e oculo clevotam hanc familiam tnam, hie hodic in nomine tuo congrcgatam, cujus famulus tuus B. Franciscus, ut tibi augeatur cre-dentium numerus, extitit institutor. II-lam super firmam petram, qiue Christus est, confirma, ut ab omnibus tur-bationibus mundi, carnis et diaboli sit secura ; et incedens per tuorum semitam mandatorum mcritis iicerbissima; Filii tui passionis, et Immaculate Matris ejus semper Virginis Maria;, ac B. P. N. Fran-cisci, omniumque Sanctorum, gaudia a;terna possideat. Per cumdem Christum Dominum nostrum. |
sen en tot de vreugde des hemels tevoeren; werp, smecken wij U, een genadigen oogslag op dit aan Uwen dienst toegewijd genootschap, heden hier in Uwen naam vergaderd, hetwelk Uw dienaar, de Zalige Franciscus, heeft ingesteld, ten einde het getal der geloovigen voor U te vermeerderen. Bevestig het op de vaste steenrots, welke Christus is, opdat het van alle aanvallen der wereld, des vlee-sches en des duivels bevrijd zij, en den weg Uwer geboden bewandelende, door de verdiensten van het smartvol lijden van Uwen Zoon, en die Zijner Onbevlekte Moeder, altijd Maagd, en van onzen Zaligen Vader Fran- |
9
|
R. Amen. ORKMUS. Domincjcsu Chri-stc, qui tegumcn nostra; mortalitatis in-duerc, ct in pncscpio pannis involvi di-gnatus es, quique glorioso confcssori tuo B. P. N. Francisco tres Ordines institucre salubriter inspirasti, ac eosdem per summos Ecclesiae Pontifices, tui Vicarios, approbare fccisti; immensam tua; dementia; lar-gitatem suppliciter exoramus, ut h;ec indumenta, qua; idem B. Franciscus ad poenitentijE indicium, ac pro va-ciscus en van alle heiligen, de eeuwige vreugde moge genieten. Uoor den-zelfden Christus, onzen Heer. R. Amen. |
LATEN WIJ BIDDEN. Heer Jezus Christus, die U met onze sterfelijke natuur hebt willen beklee-den en in de kribbe in doeken gewonden worden, en die Uwen roemvollen belijder, onzen Zaligen Vader Franciscus, heilrijk-opgewekt hebt om drie Orden te stichten, welke Gij door de Pausen der Kerk, Uwe plaatsbekleders, hebt doen goedkeuren ; wij smee-ken ootmoedig Uwe onbegrensde goedheid, dat Gij deze kleederen gelievet te zegenen en te heili- |
220
|
lida contra sasculum, carnem et d.umoncm armatura commili-toncs suos fratres dc Pcenitcntia in Tertio Ordine por-tarc constituit, bene f dicerc ct sancti f ficare digneris, ut hic famulus tuus {vel ]i:üc famula tua) ea devote suscipicns, te ita induat, ut in spiritu humilitatis viam mandatorum tuorum ad mortem usque fideliter per-currat. Qui vivis et regnas in saxula sitxulorum. K. Amen. |
gefi. welke dezelfde Zalige Franciscus gewild heeft, dat zijne medestrijders, de Broeders van Boetvaardigheid in dc Derde Orde zouden dragen als een teeken van boetvaardigheid en als een krachtig wapen tegen de wereld, het vleesch en den duivel ; opdat deze Uw dienaar (lt;?ƒ deze Uwe dienares)die klceding godvruchtig aannemende, zich zoodanig met U bekleede dat hij {of zij) in den geest van ootmoedigheid tot den dood toe getrouwden weg Uwer geboden bewan-dele. Die leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. R. Amen. |
Zijn er meer personen om het habijt
221
|
te ontvangen, dan ge vond in plaats van . Voor de zegening de priester: OREMUS. Deus, qui ut ser-vum redinieres, Fi-lium tuum permanus impiorum ligari vo-luisti, bene f die, qua;sumus,eiiigulum istum ; et pnesta, ut famulus tuus, qui {vel famula, tua (pire) hoe pceniten-ti;\ï ligamine pne-eingitur, vineulorum ejusdem Domini no-stri Jesu Christi perpetuo memor existat, tuisque semper obsequiis alli-gatum (w/alligatam) se esse cognoseat. Per Dominum nostrum Jesum Christum Filium tuum, qui tecum vivit et regnat in unitate rnike men het meerit enkelvoud. |
van het koord zegt LATEN WIJ BIDDEN. O God, die, om. den slaaf vrij te koopen, gewild hebt, dat Uw Zoon dooide handen der god-deloozen gebonden werd ; wij bidden U, zegen dit koord, en geef, dat Uw dienaar {of Uwe dienares), die zich met dat koord van boetvaardigheid omgordt, altijd dekoorden van dienzeifden Jezus Christus, onzen Heer, indachtig zij, en zich zeiven als voor altijd aan Uwen dienst verbonden beschouwe. Door onzen Heer Jezus Christus, Uwen Zoon, die met U |
222
Spritus Sancti Deus leeft en heerscht per omnia saxula in de eenheid des saeculorum. H. Geestes, God
K. Amen. door alle eeuwen der
eeuwen.
R. Amen.
Hierna besproeit de priester het kleed en het koord niet wijwater, zonder iets te zeggen. Daarna op den ondersten trap van het altaar of op de voettrede neder' knielende, heft hij den lofzang Veni Creator (i) aan, dien hij beurtelings niet de omstanders ten einde toe leest of zingt; vervolgens wendt hij zich tot den postulant, die voor het altaar is neergeknield.
en zegt:
|
Exuat te Dominus veterem hominem cum actibus suis, et cor tuum avertat a saDCuli pompis, qui-bus abrenunciasti, dum baptismum suscepisti. R. Amen. |
De Heer ontkleede u van den ouden mensch met zijne werken, en keere uw hart af van de ij delheden der wereld, waaraan gij verzaakt hebt, toen gij het doopsel ontvingt. R. Amen. |
(I) Zie boven bladz. 207 ; Gezangen enz. bladz. 58.
|
2; Alsdan hangt hi het scapulier om, (i Induat te Dominus novum hominem, qui secundum Deum cre-atus est in justitia et sanctitate veritatis. R. Amen. Hem daarna het zegt hij: Pracingat te Do-minus cingulo puri-tatis, et extingu-at in lumbis tuis humorem libidinis, ut ma neat in te virtus continentire et castitatis. R. Amen. Eindelijk over ham dende waskaars, met Accipe, Frater ca-rissime (vel Soror carissima,) lumen !3 |
i hem het habijt of i zeggende: De Heer bekleede u met den nieuwen mensch, die naar God geschapen is in ware rechtvaardigheid en heiligheid. R. Amen. koord aangevende. De Heer omgorde u met het koord van zuiverheid, en doove in uwe lendenen de begeerlijkheid uit, opdat de deugd van onthouding en zuiverheid in u blijve. R. Amen. ligt hij hem de bran-dc woorden : Ontvang, beminde broeder {of zuster) het licht van |
(l) lüj lt;le inkleeiling eener vrouw zal de Moeder hierin, alsmede in hel omgorden van het koord, behulpzaam zijn.
|
2: Christi in signum immortalitatis tuae, ut mortuus (vel mor-tua) mundo Deo vivas, fugiens opera tenebrarum. Exurge a mortuis, et illu-minabit te Christus. r. Amen. Ten slotte heft a altaar gekeerd, den J Laudate Domi-num, om nes gentes; * laudate eum omnes populi. Ouoniam confir-mata est super nos misericordia ejus ; * et Veritas Domini manet in aeternum. Gloria Patri, et Filio, * et Spiritui Sancto. |
!4 Christus, tot teeken uwer onsterfelijkheid, opdat gij, gestorven zijnde aan de wereld, voor God levet, door de werken der duisternis te ontvluchten. Sta op van de dooden, en Christus zal u verlichten. r. Amen. ; priester, vaar het salm (i) aan: Looft den Heer, alle natiën, looft Hem, alle volkeren. Want groot is Zijne barmhartigheid jegens ons, en eeuwig duurt des Heeren trouw. Glorie zij den Vader, en den Zoon, en den Heiligen Geest. |
(1) Gezangen enz. bladz. 70-
5
|
Sicut erat in prin-cipio, ct nunc, ct semper * et in sa;-cula SEECulorum. Amen. V. Confirma hoe Deus quod ope-ratus es in nobis. K. A templo sancto tuo, quod est in Jerusalem, v. Salvum fac ser-vum tuum {vel salvam fac famu-lam tuam. K. Deus meus, spe- rantem in te. V. Mitte ei, Domi-ne, auxilium de sancto. R. Et de Sion tuere eum {vel cam). V. Nihil proficiat inimicus in eo {vel ea). K. Et filius iniqui-tatis nos apponat nocere ei. N. Handb. Derde Urde |
Gelijk het was in het begin, en nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen. Amen. V. Bekrachtig, o God, hetgeen Gij in ons hebt uitgewerkt. R. Van uit Uwen heiligen tempel, die te Jeruzalem is. V. Behoed Uwen dienaar {of Uwe dienares). R. Die op U hoopt, o mijn God. v. Zend hem {of haar), o Heer, hulp van uit Uw heiligdom. R. En bescherm hem (ö/haar) van uit Sion. V. De vijand winnc niets op hem {of haar). R. En de zoon der ongerechtigheid onderncme het iS- |
|
v. Domino, exaudi orationcm meam. r. Et clamor incus ad tc vcniat. v. Dominus vobis-cum. r. Et cum spiritu tuo. oremus. Deus miscricor-di;u, Deus pictatis, Deus a quo bona cuncta proccdunt, sine quo nihil sanctum inchoatur, ni-hilque perficitur, prccibus nostris be-nignus assiste, et hunc famulum tuum (vel banc famulam tuam,) cui in tuo sancto nomine sacrum poenitentise habitum imposui-mus, ab omnibus periculis mentis et corporis tua prote-ctione defende, et |
niet hem (o/haar) te schaden. v. Heer, verhoor mijn gebed. R. En mijn geroep kome tot U. v. De Heer zij met u. K. En met uwen geest. laten wij bidden. O God van barmhartigheid, God van genade, God van wien alle goed voortkomt, zonder wien niets heiligs ondernomen of voltrokken wordt, verhoor goedgunstig onze gebeden en bescherm dezen Uwen dienaar [of deze Uwe dienares), dien (die) wij in Uwen naam met het heilig kleed der boetvaardigheid bekleed hebben, tegen alle gevaren der ziel en des lichaams, en |
27
|
concede ei in sancto proposito ad finem usque perseverare, ut peccatorum suo-runi remissione per-cepta ad consortium elcctoruin tuorum pervenire nicreatur. Deus, qui per im-maculatam Virginis Conceptionem dig-num Filio Uio lui-bitaculum pneparast i : quresumus ; ut qui ex morte ejusdem Filii tui pnevisa earn ab omni labc prse-servasti, nos quoque mundos, ejus inter-cessione, ad te pervenire concedas. |
Deus, qui mira crucis mysteria in verleen hem (tf/haar) in zijn (lt;y haar) heilig voornemen ten einde toe te volharden, opdat hij (of zij) de vergiffenis zijner (ö/harer) zonden bekomen hebbende, tot het gezelschap Uwer uitverkorenen verdienc te geraken. O God, die door tie Onbevlekte Ontvangenis der II. Maagd eene waardige woonplaats voor Uwen Zoon hebt voorbereid ; wij bidden U, dat Gij, die wegens het voorzien van den dood van dienzelfden Uwen Zoon, haar van alle smet bewaard hebt, ook ons verleenet van door hare voorspraak vlekkeloos tot U te naderen. O God, die in Uwen van liefde |
228
|
tuo devotissimoCon-fessorc B. Francisco multiformitcr dc-nionstrasti; da fa-mulis tuis, ipsius semper exempla se-ctari, et assidua ejus-dem crucis mcdita-tionc numiri. |
brandenden belijder, den Zaligen Fran-ciscus, de wondervolle geheimen van het Kruis op veelvuldige wijze hebt doen uitschijnen, geef aan Uwe dienaren, dat zij altijd zijne voorbeelden volgen, en zich door de aanhoudende overwe-trincf van datzelfde o o Kruis versterken. |
Voor een medebroeder, (i)
|
Deus, qui B. Lu-dovicum confesso-sorem tuum de ter-reno regno ad C(ij-lest is regni gloriam transtulisti ; ejus, quresumus, meritis et intercessione. Re-gis Regum Jesu Christi Filii tui facias nos esse consortes. Qui tecum vivit et |
O God, die Uwen belijder, den H. Lu-dovicus, van het aardsche koninkrijk tot de glorie van het hemelrijk hebt overgevoerd ; wij smeeken U door zijne verdiensten en voorspraak, maak ons deelgenooten van den Koning der |
(i) Bij de inkleeding van mannen en vrouwen worden beide volgende oraties gezegd. In dit geval wordt de conclusie der eerste oratie weggelaten.
|
regnat in srecula sjt'cu lorum. R. Amen, Voor ccnc Tuorum corda ficlelium. Deus misc-rator, illustra ; et J gt;. Elisabeth jire-cibus gloriosis fac nos prospera mundi despicere, et ccelesti semper consolationc gaudere. Per Christum Dominum nostrum. R. Amen. Daarna zegt a V. Domine, exaudi orationem meam. R. Et clamor meus ad te veniat. |
koningen, Jezus Christus, Uwen Zoon. Die met U leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. R. Amen. medezuster. O barmhartige God, verlicht de harten Uwer geloo-vigen, en doe ons door de roemvolle voorspraak van de Zalige Elisabeth den voorspoed derwereld verachten en de he-melsche vertroosting altijd genieten. Door Christus onzen Heer. R. Amen. Visitator ; (i) V. Heer, verhoor mijn gebed. R. En mijn geroep kome tot U. |
(i) Dat is: de priester, welke de inkleeding verricht.
230
|
V. Bencdicamus Domino. (i) r. Deo gratias. (i) |
V. Laten wij den Heer zegenen. r. God zij gedankt. |
|
Bencdictio Dei omnipotentis, Fatris et Filii | et Spiritus Sancti, descendat super vos et maneat semper. r. Amen. En naar de omstanders gekeerd, geeft hij allen den zegen, zeggende : De zegen van den |
almachtigen God, den Vader en den Zoon en den H. Geest, dale over u neder en blijve altijd met u. r. Amen. |
Na het einde der plechtigheid worden de naam en voornaam van den nieuweling (of van de nieuwelinge), alsmede de '^geboorte- en woonplaats en de dag der inkleeding volgenderwij ze op het register ingeschreven : (2)
Anno Domini . . . , mense ■ • • gt; die . . . , iquot; Ecclesia N . . . , (vel oratorio vel in loco decenti domus . . . ,) presente Fratrum {vel Sororuin) Con-
gregatione: , , a
Infrascriptus ego N. Director (vet ba-cerdos facilitate munitus, ant Visitator
(1) Gezangen enz. bladz. 79-
(2) Ygl. boven bladz. 85, S.
231
aut Guardianus) habitum Tcrtii Ordinis Poenitentium S. Francisci imposui Domino N. N. {vel Dominne N. N.) habenti do-micilium in civitate . . . (i'el loco . . .) In quorum fidcm ego scripsi.
Artikel III.
Volgorde bij de Professie.
Op den dag der professie heeft er eeve plechtige vergadering plaats, en het altaar wordt versierd als op feestdagen. De-novice, die, zoo mogelijk, het volledige habijt der Orde, of ten minste scapulier en koord uitwendig draagt, knielt vóór het altaar op den grond neder, tcnvijl de priester, in koorkleed en witte stool hoven op de voettrede geknield, den lofzang aanheft:
quot;VTeni, Creator Spiritus, etc, (Zie bladz.
▼ 207.) (1)
V. Zend Uwen Geest uit, en zij zullen herschapen worden.
R. En Gij zult het aanschijn der aarde vernieuwen.
v. Emitte Spiritum tuum et creabun-tur.
r. Et renovabis fa-ciem terne.
(1) Gezangen enz. bladz. 58.
232
|
oremus. Deus, qui corda fidelium Sancti Spiritus illustratione docuisti; da nobis in eodcm Spiritu recta saperc, et de ejus semper conso-latione gaudere. Da, quaesumus Domine, huic famulo tuo {vcl huic famulce tiue) quem (vel quam) Ordinis ha-bitu decorare iam dignatus es, ad in-choati operis perfe-ctionem feliciter per-venire. Per Christum Doniinum nostrum. K. Amen. |
latkn wij bidden. O God, die de harten der geloovi-gen door de verlichting van den Heiligen Geest hebt onderwezen, geef, dat wij in dienzelfden Geest de ware wijsheid erlangen, en ons altijd over Zijne vertroosting verblijden. Geef, bidden wij U, o Heer, aan dezen Uwen dienaar (deze Uwe dienares), dien (die) Gij U reeds gewaardigd hebt met het kleed der Orde te vereeren, dat hij {of zij) gelukkig tot de voltrekking van het begonnen werk mogen komen. Door Christus,onzen Heer. r. Amen. |
233
Hierna vraagt de pries/er, op de voettrede des altaars gezeten, aan den novice, die vóór hem ligt neergeknield :
|
Frater N.... {vel Soror N....), quid postul as ? |
Broeder N.... {pf Zuster N....) wat verlangt gij ? |
Dc novice antwoordt: (r)
Eerwaarde Vader, ik vraag [wij vragen] toegelaten te worden tot de heilige professie in de Derde Orde van
Pater, postulo admitti ad sanctam professionem in Tertio Ordine S. Fran-cisci, ut in eo usque ad mortem Deo serviam.
den Heiligen Fran-ciscus, om daarin God tot den dood te dienen.
Na Deo gratias geantwoord tc hebben, zal de priester dc heiligheid der professie, welke dc novice gaat aflegden, in weinige woorden doen uitkomen ; daarbij moet hij evenwel uitdrukkelijk te kennen geven, dat die professie volstrekt geen belofte in zich besluit, noch eenige andere verplichting die op straf van zonde verbindend is, en dat dc Tertiarissen, volgens den Regel zeiven en volgens dc ver klaring van den H. Stoel, in geen enkel opzicht eenige andere verplichting in geweten
(I) Indien meer novicen tie profespie afleggen, antwoordt een uit naam van allen.
234
op zich nemen, dan andere Chris/enen. Echter zal hij den ijver nan den novice prijzen en aanmoedigen door de heilzame uitwerkselen der professie aan te toonen uit een of ander voorbeeld der heiligen, of door andere beschouwingen volgens omstandigheden voor te dragen. Na deze korte aansporing knielt de novice met gevouwen handen vóór den priester (i) neder, en spreekt het volgend formulier van professie uit: (2)
|
Ego N. coram Deo omnipotenti, ad ho-honorem Immacu-latae B. V. Mariae, et I?. Patris Fran-cisci omniumque Sanctorum, promitto servare mandata Dei toto tempore vita; me®, et Regulam Tertii Ordinis, ab eodem ISeato Francisco institutamjux-ta for mam a Nicolao Papa Quarto et a Leone Decimotertio confirmatam; item |
Ik N. beloof in tegenwoordigheid van God almachtig, ter eere van de onbevlekte Heilige Maagd Maria, den Heiligen Vader Fran-ciscus en alle Heiligen, geheel den tijd mijns levens de geboden Gods te onderhouden, alsook den Regel der Derde Orde, door denzelfden Heiligen Fran-ciscus ingesteld, volgens den vorm, wel- |
(t) Die op de voettrede des altaars gezeten is. (2) Zoo er meer zijn spreekt ieder novice afzonderlijk het formulier der professie uit. (Vgl. boven bladz. 85.)
235
|
satisfacere ad Visi-tatoris placitum pro transgressionibus contra eamdem Re-gulam commissis. |
ken door de Pausen Nicolaus den Vierden en Leo den Dertienden is bekrachtigd ; tevens beloof ik, volgens goedvinden van den Visitator te voldoen voor de overtredingen, die ik tegen dezen Regel mochtbegaan. |
De priester voegt daaraan toe:
|
Et ego ex parte Dei, si h;ec ob-servaveris, promitto tibi vitam ;eteniani. In nomine Patris, et Filii, f et Spiritus Sancti. R. Amen. |
En ik beloof u van Gods wege, indien gij dat onderhoudt, het eeuwig leven. In den naam des Vaders, en des Zoons, f en des H. Geestes. R. Amen. |
Allen staan op; men zingt den lofzang Te Deum laudamus (i) en al de medebroeders, (of alleen de discreten of raadsleden, indien het getal der medebroeders te groot is) geven achtereenvolgens den vrede aan den nieuwge-pr of es te, zeggende ; Pax tecum, waarop deze
(i) Gezangen enz. bladz. 60.
236
antwoordt; Et cum spiritu tuo. Hetzelfde doen de zusters met hare medezusters. (1)
|
Te Deum lauda-mus: te Dominum confitemur. Te rcternum Pa-trem onmis terra veneratur. Tibiomnes angeli, tibi coeli et univer-sre potestates, Tibi Cherubim et Seraphim incessa-bili voceproclamant: Sanctus, Sanctus, Sanctus Dominus, Deus Sabaoth. Pleni sunt coeli et terra majestatis gloria: tuaï. Te gloriosus Apo-stolorum chorus, Te prophetarum laudabilis numerus, |
U, o God, loven wij: U, o Heer, prijzen wij. U, eeuwige Vader, vereert de gansche aarde. U roepen alle Engelen, de Hemelen en alle Machten, De Cherubijnen en Serafijnen zonder ophouden toe : Heilig, Heilig, Heilig de Heer, God derheirscharen. Hemel en aarde zijn vol van de heerlijkheid Uwer Majesteit. U looft het schitterend koor der Apostelen, De lofwaardige schaar der Profeten, |
(I) Dit voorschrift aangaande het geven van den vrede wordt in onze streken, als minder overeenkomstig met het volksgebruik, algemeen niet onderhouden.
|
TeMartyrum can-didatus laudat cxer-citus. Tc per orbem terrarum sancta con-fitetur Ecclesia, I'atrem immensa; Majestatis, Venerandum tuum verutn et unicum Filium, Sanctum quoque Paraclitum Spiritum. T u Rex gloria;, Christe. Tu Patris sempi-ternus et Filius. Tu ad libcrandum suscepturus hominem non horruisti Virginis uterum. Tu, devicto mortis aculeo, aperuisti cre-dentibus regna cce-lorum. T u ad dextcram |
Het luisterrijk heir der Martelaren. U belijdt de H. Kerk over geheel de aarde, Vader der onmetelijke Majesteit, Uwen aanbiddcns-waardigen waren en eenigen Zoon, Alsmede den H. Geest, den Vertrooster. Gij, Christus, zijt de Koning der glorie. Gij zijt de eeuwige Zoon des Vaders. Gij hebt, toen Gij om ons te verlossen de menschheid aan-naamt, den schoot eener maagd niet geschroomd. Gij hebt, na den prikkel des doods verwonnen te hebben, den geloovigen het hemelrijk geopend. Gij zit aan de |
238
Dei sedes in gloria rechterhand Gods in Patris. de heerlijkheid des
Vaders.
Judex crederisesse Wij gelooven, dat venturus. Gij als Rechter zult
; komen.
Bij hel volgende vers kniell men.
|
Te ergo qu;csu-mus, tuis famulis subveni, (juos pre-tioso sanguine re-demisti. Acterna fac cum sanctis tuis in gloria numerari. Salvum fac po-pul um tuuni, Domi-ne, et benedic hse-reditati tu;e. Kt rege eos, et extolle illos usque in reternum. Per singulos dies benedicimus te. Et laudamus nomen tuum in sae- |
Daarom bidden wij U, kom Uwen dienaren te hulp, die Gij met Uw dierbaar bloed hebt verlost. Laat hen allen in de eeuwige heerlijkheid onder Uwe Heiligen gesteld worden. Maak Uw volk zalig, o Heer, en zegen Uw erfdeel. En bestuur hen, en verhef ze tot in eeuwigheid. Eiken dag loven wij U. En wij prijzen Uwen Naam in de |
|
culum et in saeculum saeculi. Dignare, Domine, die isto sine pecciito nos custodire. Miserere nostri, Domine, miserere nostri. Fiat misericordia tua, Domine, super nos, quemadmodum speravimus in te. In te, Domine, speravi, non con-fundar in a; ter num. Nadal het Te De gelezen of gezongen; V. Confirma hoe Deus, quod opera-tus es in nobis. R. A templo sancto tuo, quod est in Jerusalem. V. Salvum fac ser-vum tuum {vel eeuwigheid der eeuwigheden. |
Ge waardig U, o Heer, ons heden van alle zonden te bewaren. Onferm U onzer, o Heer, ontferm U onzer. Doe Uwe barmhartigheid op ons nederkomen, naarmate wij vertrouwd hebben op U. Op U, o Heer, heb ik gehoopt, en in eeuwigheid zal ik niet beschaamd worden. m gezongen is, wordt v. Bekrachtig, o God, hetgeen Gij in ons hebt uitgewerkt. R. Van uit Uwen heiligen tempel, die te Jeruzalem is. V. Behoed Uwen dienaar {of Uwe |
|
240 | ||
|
salvam fac famu- |
dienares.) |
i |
|
lam tuam). |
r. Die op U hoopt. |
t |
|
R. Deus meus spc- |
t | |
|
rantem in te. |
o mijn God. |
i |
|
v. Mittc ei Domine |
V. Zend hem (of |
c |
|
auxilium de san- |
haar) o Heer, hulp |
c |
|
cto. |
van uit Uw hei |
c |
|
ligdom. | ||
|
K. Et de Sion tuere |
r. En bescherm | |
|
eum (vel earn). |
hem (of haar) van | |
|
uit Sion. | ||
|
v. Nihil proficiat |
V. De vijand winne | |
|
inimicus in co |
niets op hem (uf | |
|
(vel ca). |
haar). | |
|
K. Et fiiius iniqui- |
R. En de zoon der | |
|
tatis non apponat |
ongerechtigheid | |
|
noccre ei. |
onderneme het | |
|
niet hem (o/haar) | ||
|
te schaden. | ||
|
V. Domine, exaudi |
V. Heer, verhoor | |
|
orationem meam, |
mijn gebed. | |
|
k. Et clamor meus |
R. En mijn geroep | |
|
ad te veniat. |
kome tot U. | |
|
v. Dominus vobis- |
V. De Heer zij | |
|
cum. |
met u. | |
|
k. Et cum spiritu |
r. En met uwen | |
|
tuo. |
geest. | |
|
oremus. |
laten wij bidden. | |
|
Deus, cujus mi- |
O God, wiens | |
|
sericordia: non est |
barmhartigheden | |
|
numerus, et boni-tatis infinitus est thesaurus, piissimie majestati tu:e pro collatis donis gratias agimus, tuam semper clementiam exoran-tes, ut qui petenti-bus postulata con-cedis, eosdem non deserens ad prrumia futura disponas. Deus qui per im-maculatam Virginis Conceptionem, di-gnum Filio tuo ha-bitaculum pncpa-rasti; quaesumus, ut qui ex morte ejus-dem Filii tui pragt; visa, earn ab omni labe prseservasti, nos quoque mundos, ejus intercessione, ad te pervenire concedas. N. Handb. Derde Orde. |
zonder tal zijn en wiens goedheid een onuitputbare schat is, wij brengen dank aan Uwe weldadige Majesteit voor de verleende weldaden, en smeeken voortdurend Uwe goedertierenheid, dat Gij, die aan de biddenden geeft hetgeen zij U vragen, hen nimmer verlaat, maar hen tot de toekomstige belooningen geschikt maket. O God, die dooide Onbevlekte Ontvangenis der Heilige Maagd eene waardige woonplaats voor Uwen Zoon hebt voorbereid; wij bidden U, dat Gij, die, wegens het voorzien van den dood van dienzelfden Uwen zoon, haar van alle smet be- 16. |
242
waard hebt, ook ons verleenet van door hare voorspraak vlekkeloos tot U te naderen.
O Heer Jezus Christus, die toen de wereld in de liefde verkoelde, om onze harten door het vuur Uwer liefde te ontsteken, de heilige teekenen van Uw lijden in het lichaam van onzen allerza-ligsten Vader Fran-ciscus vernieuwd hebt, geef genadig, dat wij door zijne verdiensten en gebeden het kruis gedurig mogen dragen en waardige vruchten van boetvaardigheid voortbrengen.
Voor een medebroeder. (1)
O God, die Uwen Belijder,denHeiligen
Domino Christe, qui, ,s. scente mundo, ad inflammandum cor-da nostra tui amoris igne, in carne bea-tissimi Patris nostri Francisci passionis tua: sacra Stigmata renovasti: concede propitius; ut ejus meritis et precibus, crucem jugiter fera-mus, et dignos fru-ctus poenitentiïe fa-ciamus.
Jesu frige-
Deus, qui R. Ludo-vicum Confessorem
(I) Bij de professie van een medebroeder en eene medezuster, worden beide volgende oraties gezegd.
|
tuum dc terreno regno ad coelestis rcgni gloriam trans-tulisti : ejus, quse-sumus, meritis et intercessione, Regis Regum Jesu Christi Filii tui facias nos esse consortes. |
Ludovicus, van het aardsche koninkrijk tot de glorie van het hemelrijk hebt overgevoerd ; wij smee-ken U door zijne verdiensten en voorspraak, maak ons deelgenooten van den Koning der koningen, Jezus Christus, Uwen Zoon. |
Voor ccnc medezuster.
|
Tuorum corda fidelium, Deus miserator, illustra, et 15. Elisabeth preci-bus gloriosis, fac nos prospera mundi despicere, et coelesti semper eonsolatione gaudere. Deus, qui famulum tuum (vel famulam tuam) a vanitate SEeculi conversum |
O barmhartige God, verlicht de harten Uwer geloo-vigen, en doe ons door de roemvolle voorspraak van de zalige Elisabeth den voorspoed der wereld verachten en de hemelsche vertroosting altijd genieten. O God, die Uwen dienaar {of Uwe dienares) van de ij delheid der wereld |
|
(vel conversam) ad bravium superna; vocationis assequen-dum accendis; pe-ctori ejus illabere et gratiam tuam, qua in te perseveret, illi infunde : ut prote-ctionis tua; munitus (vel munita) praesi-diis, quod te donante promisit, adimpleat, et sancte vivendi aliis semper exem-plum piTcbens, ad ea, quae perseveran-tibus promissa sunt, sterna praemia per-veniat. Per Domi-num nostrum Jesum Christum Filium tuum, qui tecum vivit et regnat in unitate Spiritus Sancti Deus per omnia s.xcula s:ucu-lorum. r. Amen. |
hebt afgetrokken en hem (of haar) opge-welct om de kroon der hemelsche roeping te bekomen, daal in zijn (of haar) hart neder en stort er de genade van volharding in, opdat hij (of zij), door de hulp Uwer bescherming versterkt zijnde, volbrenge wat hij (ö/zij) door Uwe genade beloofd heeft, en aan de anderen altijd een voorbeeld van heiligen levenswandel gevende,tot die eeuwige belooning gerake, welke beloofd is aan hen, die volharden. Door onzen Heer Jezus Christus, Uwen Zoon, die met U leeft en heerscht in de eenheid des H. Geestes, God in alle eeuwen der eeuwen. r. Amen. |
245
Daarna geeft de priester aan den nieuw-geprofeste den zegen, dien de H. Vader Francisens aan zijnen leerling gaf. (i)
|
Benedicat tibi Do-minus, ct custodiat te. Ostendat Domi-nus faciem suam tibi, ct misereatur tui. Convertat Do-minus vultum suum ad te, et det tibi pacem. Dominus te bene f dicat. Amen. |
De Heerzegene u, en beware u. De Heer toone u Zijn aanschijn, en ont-ferme zich over u. De Heer wende Zijne oogen tot u en verlcene u vrede. Dat de Heer u ze-gene. Amen. |
Vervolgens over allen:
|
Benedictio Dei omnipotentis, l'atris, et Filii f et Spiritus Sancti descendat super vos, et maneat semper. K. Amen. |
De zegen van den almachtigen God, den Vader, en den Zoon f en den H. Geest dale over u neder en blijvc altijd met u. R. Amen. |
(i) Bij de professie van meer personen worde deze zegen aan eiken nieuwgeprofeste afzonderlijk gegeven ; hiertoe knielt elke nieuwgeprofeste neder vóór den priester, die op de voettrede des altaars gezeten is. Na den zegen geeft de priester hem de voeten van het kruisbeeld te kussen, zooals het Ceremonieel wat later voorschrijft.
246
Eindelijk geeft hij den nieuwgeprofeste de voeten van het krtiisbeeld te kussen ten teeken der eeuwige liefde tot Jezus Christus en van het altijddurend verbond.
Aanstonds na de vergadering wordt de verklaring der afgelegde professie op de volgende ivijzc in het register der professie ingeschreven: (1)
Infrascriptus ego N. Director (vel Sa-cerdos) ad professionem in Tertio Ordine Poenitentium S. Francisci admisi Domi-num N. N. qui receperat habitum anno . . mense . . .., die.....In quorum fidem etc.
Volgt de onderteekeningvan den directeur of van den wettig gemachtigden priester.
In gevaar van sterven is het den novice vergund de professie te vervroegen en die zelfs te doen bij iederen biechtvader, indien er niet gemakkelijk een gevolmachtigde priester te vinden is (zvant de generale ministers hebben verklaard, dat in dit geval alle biechtvaders de noodige macht bezitten); doch zulk eenc vervroegde professie moet op de registers niet ingeschreven worden vóór den dood van den medebroeder, daar deze, ingeval van herstel, de professie opnietnv moet doen en zij alsdan opgeteekend wordt.
(1) Vgl. boven bladz. 85, 8.
247
Artikel IV.
Bijzondere Vergadering of Conferentie der Eaadsleden.
Eens in de maand zullen de visitator of directeur, de minister en allen die eene bediening uitoefenen, alsmede de andere raadsleden afzonderlijk bijeenkomen. De directeur, of de visitator (de gardiaan) zal voorzitter zijn; de minister, de andere waardigheidsbeklceders en de raadsleden nemen, ieder volgens zijn rang, plaats; daarna zeggen zij:
|
TTquot; eni, Sancte Spiri-' tus, reple tuo-rum corda fidelium, et tui amoris in eis ignem accende. Sub tuum prae-sidium confugimus, sancta Dei Genitrix; nostras deprecatio-nes ne despicias in necessitatibus no-stris; sed a periculis cunctis libera nos semper, Virgo glo-riosa et benedicta. |
¥7quot; om, H. Geest, vervul de harten U wer geloovigen, en ontsteek daarin het vuur Uwer liefde. Onder uwe bescherming nemen wij onze toevlucht, o H. Moeder Gods ; verstoot onze gebeden niet in onzen nood, maar verlos ons altijd van alle gevaren, o glorierijke en gezegende Maagd. |
|
Respicc, beate Pator Francisce, de ex-cclso coelorum habi-taculo, et deprecare pro populo tuo, populo quem elegisti, ut serviat coram te omni tempore in ministerio Domini. Kyrie eleison. Christe eleison. Kyrie eleison. Pater noster, sccrcto. v. lit ne nos inducas in tentationem. K. Sed libera nos a malo. V. Memor estocon-gregationis tuae. R. Quampossedisti ab initio. V. Domine, exaudi orationem meam. R. Et clamor meus ad te veniat. |
Zie, o gelukzalige Vader Franciscus, van uit de hooge hemelsche woning neder, en spreek ten beste voor uw volk, dat volk, hetwelk gij uitgekozen hebt, om onder uwe oogen ten allen tijde den Heer te dienen. Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer. OnzeVader, in stilte. V. En leid ons niet in bekoring. R. Maar verlos ons van den kwade, v. Wees Uwe vergadering indachtig. R. Die U van het begin heeft toebehoord. v. Heer, verhoor mijn gebed. R. En mijn geroep kome tot U. |
|
V. Dominus vobis-cum. R. Et cum ypiritu tuo. OREMUS. Mcntes nostras, quaesumus Domine, lumine tu;u charitatis illustra, ut vidcrc possimus qua: agenda sunt, et qu.'E recta sunt agere valeamus. Per Christum Do-minum nostrum. R. Amen. Op het einde de, gezegd : Kyrie eleison. Christe eleison. Kyrie eleison. Pater nostcr, secreto. V. Et ne nos in-ducas in tenta-tionem. |
V. De Heer zij met u. R. En met uwen geest. LATEN WIJ HIDDEN. Wij bidden U, o Heer, bestraal onze harten met het licht Uwer klaarheid, opdat wij mogen kennen wat wij moeten doen, en doen wat rechtvaardigis. Door Christus, onzenl leer. R. Amen. vergadering wordt Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm LJ onzer. Heer, ontferm U onzer. Onze Vader, in stilte. V. En leid ons niet in bekoring. |
21
|
R. Scd libera nos a malo. V. Mcmor csto con- gregationis tua^. R. Quam possedisti ab initio, V. Domirre, cxaudi orationem meam. R. Et clamor mens ad te vcniat. V. Dominus vobis-cum. R. Et cum spiritu tuo. OREMUS. Pnusta nobis, qu.ne-sumus Domine, auxi-lium gratiïu tu;K, ut qua; te auctore faci-enda cognovimus, te adjuvante implere valeamus. Deus, sine quo nihil est validum, nihil sanctum, mul-tiplica super nos mi- |
R. Maar verlos ons van den kwade. V. Wees Uwe vergadering indachtig. R. Die U van het begin heeft toebehoord. v. Heer, verhoor mijn gebed. R. En mij n geroep kome tot U. V. De Fleer zij met u. R. En met uwen geest. LATEN WIJ BIDDEN. Wij bidden U, o Heer, verleen ons de hulp Uwer genade, opdat hetgeen wij door Uwe verlichting als onzen plicht kennen, wij door Uwen bijstand mogen vervullen. O God, zonder wien niets krachtig, niets heilig is, schenk ons Uwe overvloe- |
I
|
sericordiam tuam, ut te rcctore, te duce, sic transcamus per bona tempora I ia, ut non amittamus a;tcr-na. Per Christum Do-minum nostrum. R. Amen. Agimus tibi gra-tias, omnipotens, Deus, pro universis beneficiis tuis. Qui vivis et regnas in saecula sa;culorum. R. Amen. V. Benedicamus Domino. R. Deo gratias. V. lit fidelium ani-mae per misericor-diam Dei requie-scant in pace. R. Amen. |
dige barmhartigheid, opdat wij, onder Uwe bestiering en begeleiding, zulk gebruikmaken van de tijdelijke goederen, dat wij de eeuwige niet verliezen. Door Christus onzen Heer. R. Amen. Wij bedanken U, o almachtige God, voor al Uwe weldaden. Die leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. R. Amen. V. Laten wij den Heer zegenen. R. God zij gedankt. V. En dat de zielen der geloovigen door Gods barmhartigheid rusten in vrede. R. Amen. |
252
Artikel V.
Verkiezingen.
Men zingt of leest den lof sang Vcni, Creator Spiritus. (Zie bladz. 207.) (1)
Na afloop der verkiezing worden de namen der gekozenen bekend gemaakt; (2) daarna singt men den lofzang Te Deum laudamus. (Zie bladz. 236.) (3)
|
V. /'lonfirma hoe ^ Deus, quod operatus es in nobis. R. A teniplo sancto tuo, quod est in Jerusalem. v. Ora pro nobis, Sancta Dei Geni-trix. K. Ut digni efficia-mur promissioni-bus Christi. |
ns. [gt;ekrachtig, 1 ' God, hetgeen Gij in ons hebt uitgewerkt. R. Van uit Uwen heiligen tempel, die te Jeruzalem is. v. Bid voor ons, heilige Moeder Gods. R. Opdat wij waardig worden de beloften van Christus. Vervolge V. |
|
V. Signasti, Domi-ne, servum tuum Franciscum. R. Signis redem- ptionis nostra. V. Domine, exaudi orationem meam. R. Et clamor meus ad te vcniat. V. Dominus vobis-cum. R. Et cüm spiritu tuo. OREMUS. Deus, cujus mise-ricordia: non est numerus, et bonitatis infinitus est thesaurus, piissimre maje-stati tua; pro collatis donis gratias agimus, tuam semper clemen-tiam exorantes, ut qui petentibus po-stulata concedis, eos-dem non deserens ad prasmia futura disponas. |
V. Gij hebt, o Heer, Uwen dienaar Franciscus getee-kend. R. Met de teekenen onzer verlossing. V. Heer, verhoor mijn gebed. R. En mijn geroep kome tot U. V. De Heer zij met u. R. En met uwen geest. LATEN WIJ BIDDEN. O God, wiens barm hartigheden zonder tal zijn en wiens goedheid een onuitputbare schat is, wij brengen dank aan Uwe weldadige Majesteit voor de verleende weldaden, en smeeken voortdurend Uwe goedertierenheid dat Gij, die aan de bid-denden geeft het- |
|
Deus qui per im-maculatam Virginis Conceptionem (lignum Filio tuo habi-taculum praeparasti, quiesumus, ut qui ex morte ejusdem Filii tui praevisa, earn ab omni labe prrc-servasti, nos quoque mundos, ejus inter-cessione, ad tc per-venire concedas. Domine Jesu Christe, qui, frige-sccnte mundo ad in-flammandum corda nostra tui amoris igne, in carne beatis-simi Patris nostri geen zij U vragen, hen nimmer verlaat, maar hen tot dc toekomstige beloo-ningen geschikt maket. |
O God, die door dc Onbevlekte Ontvangenis der Heilige Maagd eene waardige woonplaats voor Uwen Zoon hebt voorbereidt; wij bidden U, dat Gij, die, wegens het voorzien van den dood van dienzelfden Uwen Zoon, haar van alle smet bewaard hebt, ook ons verleenet van door hare voorspraak vlekkeloos tot U te naderen. O Heer Jezus Christus, die, toen de wereld in de liefde verkoelde, om onze harten door het vuur Uwer liefde te ontsteken, de heilige |
255
teekenen van Uw lijden in het lichaam van onzen allerzalig-sten Vader Francis-cus vernieuwd hebt, geef genadig, dat wij door zijne verdiensten en gebeden het kruis gedurig mogen dragen en waardige vruchten van boetvaardigheid voortbrengen.
Die leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. R. Amen. V. Laten wij den
Heer zegenen. R. God zij gedankt.
De zegen van den almachtigen God, den Vader en den Zoon en den H. Geest dale over u neder en blijve altijd met u.
Francisci passionis tune sacra Stigmata renovasti; concede propitius; ut, ejus meritis et precibus, crucem jugiter fera-mus, et dignos fruc-tus poenitentire facia-mus.
Qui vivis et reg-nas in saecula saecu-lorum. R. Amen. V. Bencdicamus Domino. (i)
R. Deo gratias. (i) Benedictio Dei omnipotentis, Patris et Filii f et Spiritus Sancti, descendat super vos et maneat semper.
R. Amen.
R. Amen. Dezelfde orde zvordt onderhouden bij de kiezing van het Bestuur der zusters.
(i) Gezangen enz. bladz. 79.
256
Artikel VI.
Plechtigheid der Visitatie.
Nadat dc aankomst van den visitator bekend gemaakt en de vergadering bijeengekomen is, zingen de broeders {of zusters) de volgende verzen van Psalm CV. (i)
|
/quot;^onfitemini Domi-^ no quoniam bonus ; * quoniam in saeculum misericor-dia ejus. Ouis loquetur po-tentias Domini, * au-ditas facict omnes laudes ejus ? Keati qui custodi-unt judicium, * et faciunt justitiam in omni tempore. Memento nostri, Domine, in benepla-cito populi tui: * visita nos in salutari tuo : |
T ooft den Heer, want Hij is goed, want Zijne goedertierenheid duurt in eeuwigheid. Wie kan des Hee-ren machtdaden uitspreken, wie ai Zijnen lof vermelden ? Gelukkig zijn ze, die doen wat recht is, die de deugd betrachten ten allen tijde. Gedenk aan ons, o Heer, in Uwe goedheid jegens Uw volk, bezoek ons met Uw heil. |
(I) Gezangen enz. bladz. 71.
257
|
Ad videndum in bonitate electorum tuorum, ad la;tan-dum in httitia gentis tu:E; * ut lauderis cum hatred it ate tua. Gloria Patri, ct Fi-lio * et Spiritui San-cto. Sicut erat in prin-cipio, ct nunc, et semper, * et in specula siuculorum. Amen. V. Memento con-gregationis tu?e. Quam possedisti ab initio. OREMUS. Conscientias nostras, quaiSumusDo-minc, visitando puri-fica : ut veniens Do-minus noster Jesus |
Opdat wij het geluk aanschouwen van Uwe uitverkorenen, ons verblijden mogen over de blijdschap van Uw volk: opdat Gij geprezen wordet met Uw erfdeel. Glorie zij den Vader, en den Zoon en den H. Geest. Gelijk het was in het begin en nu en altijd, en in de eeuwen der eeuwen. Amen. V. Wees Uwe vergadering indach-tl0quot; R. Die U van het begin af heeft toebehoord.quot; LATEN WIJ BIDDEN. Wij bidden U, o Heer, zuiver onze gewetens door Uw bezoek, opdat onze Heer Jezus Christus, |
N. Handb. Derde Orde.
17-
258
|
Christus Filius tuus paratam sibi in nobis inveniat mansioneni. Qui tecum vivit ct regnat in siucula s;u-culorum. R. Amen. |
Uw Zoon, bij Zijne komst een Hem voorbereid verblijf in onsvinde. Die met U leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. K. Amen. |
Daarna: Veni, Creator Spiritus, nut het vers, responsorie en de oratie. (Zie bladz. 207.) (1)
Dc visitatie eindigt met het gezang van Zacharias : (2)
|
Benedictus Domi-nus Deus Israël, * quia visitavit, et fecit redemptionem plebis suae. Et erexit cornu salutis nobis, * in domo David pueri sui; Sicut locutus est per os sanctorum, * |
Gezegend is de Heer, dc God van Israël, omdat hij Zijn volk bezocht en verlossing gewrocht heeft. En een reddingshoorn voor ons opgericht in het huis van David, Zijnen dienstknecht. Gelijk Hij gesproken had door den |
(1) Gezangen enz. bladz. 58.
(2) Gezangen enz. bladz. 71.
259
|
qui a ScGCulo sunt, prophetarum ejus. Salutem cx inimi-cis nostris, * ct de manu omnium, qui oderunt nos. Ad facicndam mi-scricordiam cum pa-tribus nostris, * ct mcmorari testamcnti sui sancti; Jusjurandum, quod juravit ad Abraham, patrcm nostrum, * daturum se nobis; Ut sine timore, de manu inimicorum nostrorum libcrati, * serviamus illi. In sanctitate ct justitia coram ipso, * omnibus diebus nostris. Et tu, pucr, Pro-pheta altissimi voca-beris; * prreibis enim ante facicm Domini parare vias ejus; |
mond Zijner heilige aloude Profeten. Redding van onze vijanden en uit de hand van allen die ons haten. Om barmhartigheid te doen aan onze vaderen, en gedachtig te wezen aan Zijn heilig verbond; Aan den eed welken Hij gezworen heeft aan Abraham, onzen Vader, dat Hij ons zoude geven; Dat wij uit de hand onzer vijanden verlost. Hem zonder vrees dienen. In heiligheid en gerechtigheid voor Hem, al onze dagen. En gij, o kind, zult een profeet des Allerhoogsten genoemd worden, want gij zult den Heere voorafgaan om Zijne wegen te bereiden. |
|
200 | ||
|
Ad dandam scien- |
Om aan Zijn volk | |
|
tiam salutis plcbi |
kennis des heils te | |
|
ejus * in remissioncm |
geven ter vergeving | |
|
peccatorum eorum; |
hunner zonden; |
D |
|
Per viscera miseri- |
Door de groote |
an |
|
cordire Dei nostri ; |
barmhartigheid van |
so |
|
* in quibus visitavit |
onzen God, door |
be |
|
nos Oriens ex alto; |
welke ons de Op |
tu |
|
gaande uit denhooge |
te | |
|
bezocht heeft. |
m | |
|
Illuminare his, qui |
Om te verlichten |
vc |
|
in tenebris, et in |
die in duisternis ge | |
|
umbra mortissedent; |
zeten zijn en in | |
|
*ad dirigendos pedes |
schaduw des doods. |
qu |
|
nostras inviam pacis. |
ten einde onze voeten |
co |
|
te richten naar den |
st( | |
|
weg des vredes. |
sp | |
|
Gloria Patri, et |
Glorie zij den Va |
in |
|
Filio * et Spiritui |
der, en den Zoon |
pr |
|
Sancto. |
en den H. Geest. |
tu |
|
Sicut erat in prin- |
Gelijk het was in |
D |
|
cipio, et nunc, et |
het begin, en nu | |
|
semper, * et in sagt; |
en altijd en in de | |
|
cula saeculorum. |
eeuwen der eeuwen. | |
|
Amen. |
Amen. | |
|
V. Visitasti terrain |
V. Gij hebt de aarde | |
|
ct inebriasti earn. |
bezocht en over |
Si |
|
vloedig gedrenkt. | ||
|
R. Multiplicasti lo- |
R. Gij hebt haar |
vc |
|
cupletare eam. |
grootelij ks ver |
gc |
|
M ■ - |
rijkt. | |
201
|
OREMUS. Da famulis tuis, Domine, indulgenti-arn pcccatorum, con-solationcm vitru, gu-bernationem perpe-tuam: ut tibi servien-tcs, ad tuam jugiter miscricordiam jaer-vcnire mereantur. Familiam, tuam, qUc'E.sunuis Domine, continua pictate cu-stodi: ut qua; in sola spe gratia: ccelestis innititur, tua semper protectione munia-tur. Per Christum Dominum nostrum. R. Amen. |
LATEN WIJ RIDDEN. Geef, o Heer, aan Uwe dienaren de vergiffenis der zonden, de vertroosting des levens, voortdurende bestiering, opdat zij u dienende altijd Uwe barmhartigheid mogen genieten. Wij bidden U, o Heer, bewaar Uwe dienaren door Uwe aanhoudende goedheid, opdat zij, die alleen op de hoop der hemelsche genade steunen, altijd door Uwe bescherming verdedigd worden. Door Christus, onzen Heer. R. Amen. |
Ten slotte wordt dc Sacrament gegeven, indien men daartoe verlof heeft; anders sluit men met dc gebeden als hij het einde der vergadering.
met het H.
202
Artikel VII.
Volgorde bij het oprichten eener nieuwe Congregatie.
De voorzitter opent de vergadering met het zingen van Psalm CX. (i)
|
/quot;^cmfitcbor tibi, ^ Domine, in toto corde meo : * in con-silio justorum ct con-gregatione. Magna opera Do-mini, * exquisita in omnes voluntates ejus. Confessio et magni-ficentia opus ejus, * et justitia ejus manet in sreculum srcculi. Memoriam fecit mirabilium suorum, misericors et misera-tor Dominus: *escam dedit timentibus se. |
Ik wil U loven, o * Heer, uit geheel mijn hart, in den kring der vromen en in de vergadering. Groot zijn de werken des Heeren, gepast voor alle Zijne oogmerken. Lof en heerlijkheid is Zijn doen, en Zijne rechtvaardigheid houdt eeuwig stand. Hij heeft eene gedachtenis gesticht voor Zij ne wonderen: barmhartig en genadig is de Heer, Hij verschafte spijs aan Zijne vereerders. |
(I) Gezangen enz. Iiladz. 72.
|
Memor erit in sae-culum testamenti sui: * virtutem opc-rum, suorum annun-tiabit populo suo : Ut clct illis hrere-ditatem gentium : * opera manuumejus Veritas, et judicium. Fidelia omnia data ejus: confir-mata in srcculum sa;culi, * facta in veritate et aequitate. Redemptionem mi-sit populo suo : * mandavit in seter-num testamentum suum. Sanctum et terri-bile nomen ejus: * initium sapiential ti-mor Domini. Intellectus bonus omnibus facientibus cum : * laudatio ejus manet in sseculum saeculi. |
Zijn verbond is Hij in eeuwigheid indachtig. Hij gaf aan Zijn volk Zijne werkkracht te kennen. Door hun der heidenen erf te geven: de werken Zijner handen zij n getrouwheid en recht. Al Zijne geboden zij n onwrikbaar, voor eeuwig vastgesteld, op waarheid en gerechtigheid gegrond. Hij zond verlossing aan Zijn volk; Hij beval Zijn verbond voor eeuwig te houden. Heilig en geducht is Zijn naam : de vrees des Heeren is het begin der wijsheid. Recht verstand hebben allen, die daarnaar handelen. Zijn lof bestaat in eeuwigheid. |
|
Gloria Patri, et Filio, * et Spiritui Sancto. Sicut erat in prin-cipio, et nunc, et semper, * et in saxula sneculorum. Amen. V. Sperate in co, omnis congregatio populi. R. Effundite coram illo corda vestra. OREMUS. Omnipotens sem-piternc üeus, qui misericordia tua hos fideles specialiter aggregasti: in corum corda, quaesumus, Paraclitum qui a te proccdit infunde; il-losque in tua fide et caritate corrobora, ut temporali con-gregatione proficiant ad aetern.x felicitatis augmcntum. |
Glorie zij den Vader, en den Zoon, en den H. Geest. Gelijk het was in het begin, cn nu en altijd, en in de ecuwen der eeuwen. Amen. V. Stelt uwe hoop op Hem, gij, ge-heele vergadering des volks. R. Stort voor Hem uwe harten uit. LATEN WIJ BIDDEN. Almachtige, eeuwige God, die deze geloovigen op eenc bijzondere wijze door Uwe barmhartigheid hebt vereenigd: wij bidden U, stort in hunne harten den Vertrooster, die van U voortkomt, en versterk hen in Uw geloof cn Uwe liefde, opdat hunne verce-niging op aarde |
|
Deus, qui de vivis et electis lapidibus a;tcrnum majestati tua; pncparas habi-taculum ; largire his fidelibus benedictio-nem tuam; ut et ipsi tamquam lapides vivi superaïdificentur super lapidem vivum Dominum nostrum Jesum Christum Fi-lium tuum. Defcnde, qua;su-mus üomine, Heata MariasemperVirgine intercedente, istam ab omni adversitate familiam; et toto cor-de tibi prostratam, abhostium propitius tuere clementer in-sidiis. Per Dominum nostrum Jesum Christum Filium tuum, qui tecum vivit et regnat in imitate strekke tot vermeerdering van hun geluk in den hemel. |
O God, die uit levende en uitverkoren steenen eene eeuwige woning voor Uwe Majesteit bereidt, verleen aan deze geloovigen Uwen zegen, opdat ook zij als levende steenen gebouwd worden op den levenden steen, onzen Heer, Jezus Christus, Uw Zoon. Bewaar, bidden wij U, o Heer, dooide voorspraak van de H. Maria, altijd Maagd, deze Uwe dienaren van alle onheil, en wil hen, die met een oprecht hart voor U zijn nedergeknield, genadig tegen de aanvallen der vijanden beschermen. Door onzen Heer, Jezus |
266
|
Spiritus Sancti, Deus per omnia sre-cula sneculorum. R. Amen. |
Christus, Uwen Zoon, die met U leeft en heerscht in de eenheid des H. Geestes, God in alle eeuwen der eeuwen. R. Amen. |
Na vervolgens het Veni Creator (bladz. 207) (1) en de gebruikelijke gebeden bij het begin der vergaderingen gelezen te hebben, benoemt de voor sitter de personen, die eene bediening moeten nitoefenen. Daarna maakt hij de verschillende dagen in het jaar bekend, tvaarop de ajlatcn kunnen verdiend worden, en sluit deze eerste vergadering met het ïc Deum (bladz. 23Ó) (2); na den lofzang zegt hij:
|
V. Benedicamus Pa-trem et Filium cuin Sancto Spirit u. R. Laudemus et su-perexaltcmus eum in saicula. V. Confirtna hoe. Deus, quod ope-ratus es in nobis. |
V. Laten wij den Vader, en den Zoon, en den H. Geest zegenen. R. Laten wij Hem in alle eeuwen loven en verheffen. V. Bekrachtig, oGod, hetgeen Gij in ons hebt uitgewerkt. |
(1) Gezangen enz. bladz. 58.
(2) Gezangen enz, bladz. 60.
|
R. A templo sancto tuo, quod est in Jerusalem. V. Mcmor esto con- gregationis tu;E. R. Ouam posscdisti ab initio. v. Doniine, exaudi orationem meam. R. Et clamor mcus ad te vcniat. V. Dominus vobis-cum. R. Et cum spiritu tuo. OREMUS. Deus, cujus mi-scricordirc non est numerus, et bonitatis infinitus est thesaurus, piissima; maje-stati tu.nc pro collatis donis gratiasagimus, tuam semper cle-mentiam exorantes, ut qui petentibus postulata concedis, eosdem non deserens |
R. Van uit Uwen heiligen tempel, die te Jeruzalem is. V. Wees Uwe vergadering indachtig. R. Die U van het begin af heeft toebehoord. V. Heer, verhoor mijn gebed. •R. En mijn geroep kome tot U. V. De Heer zij met u. R. En met uwen geest. LATEN WIJ BIDDEN. O God, wiens barmhartigheden zonder tal zijn en wiens goedheid een onuitputbare schat is, wij brengen dank aan Uwe weldadige Majesteit voor de verleende weldaden, en smeeken voortdurend Uwe goedertierenheid, dat Gij, |
268
|
ad pnemia futura disponas. Deus, largitor pacis et amator cari-tatis, da famulis tuis, in nomine tuo con-gregatis, veram cum tua voluntatc con-cordiam, ut ab omnibus liberentur ad-versis. Deus, qui per im-maculatam Virginis Conceptionem, dig-num l^ilio tuo habi-taculum prasparasti, quiESumus, ut qui ex morte ej usdem Filii tui prrevisa, eam ab omni labe pra:-servasti, nos quoque mundos, ejus inter-cessione, ad te per-venire concedas. |
die aan de biddenden geeft hetgeen zij U vragen, hen nimmer verlaat, maar hen tot de toekomstige belooningen geschikt maket. O God, gever des vredes en minnaar der liefde, verleen aan Uwe dienaren, die in Uwen naam vergaderd zijn, eene ware overeenstemming met Uwen wil, opdat zij van alle rampen verlost worden. O God, die dooide Onbevlekte Ontvangenis der H. Maagd eene waardige woonplaats voor Uwen Zoon hebt voorbereid; wij bidden U, dat Gij, die wegens het voorzien van den dood van dienzelfden Uwen zoon, haar van alle smet bewaard hebt. |
|
Deus, qui Ecclc-siam tuam beati Francisci mentis foe-Ui nov;u prolis am-plificas ; tribue nobis ex ejus imitatione terrena despicere, et coelestium donorum semper participatio-ne gaudere. Per Do-minum nostrum Je-sum Christum Fili-um tuum, qui tecum vivit et regnat in imitate Spiritus San-cti, Deus per omnia s;ecLila saiculorum. R. Amen. V. Benedicamus Domino. (i) K. Deo gratias. (i) |
ook ons verleenet van door hare voorspraak vlekkeloos tot U te naderen. O God, die Uwe Kerk door de verdiensten van den zaligen Franciscus met nieuwe kinderen vermeerdert; geef ons, dat wij in navolging van hem de aardsche goederen verachten, en ons in het genot der hemelsche gaven altijd verblijden mogen. Door onzen Heer, Jezus Christus, Uwen Zoon, die met U leeft en heerscht in de eenheid des H. Geestes, God in alle eeuwen der eeuwen. R. Amen. v. Laten wij den Heer zegenen. R. God zij gedankt. |
(i) Gezangen enz. bladz. 79.
270
V. Fidelium anirruu V. Dat de zielen per misericord iam der geloovigen Dei requiescant in rusten in vrede, pace.
R. Amen. R. Amen.
Op het einde geeft hij den zegen met het II. Sacrament, of ten minste den gewonen zegen, gelijk boven voor den dag der inkleeding gezegd is. (Zie bladz. 230).
Na de plechtigheid plaatst de voorzitter, te zamen met degenen, die eene bediening verkregen hebben, het register van aanneming en professie en de andere boeken der congregatie, met hunne afzonderlijke titels, in het archief, gelijk ook de wettige akte der voltrokken oprichting, welke akte kan opgesteld worden als volgt:
Anno Domini..., mense..., die..., infrascriptus ego N. Guardianus (vel Visitator, ant Director, ant Sacerdos facultatibus legitimis a N. receptis munitus) erexi Congregationem Tertii Ordinis sub invo-catione et patricinio S. N..., in loco ...; testibus N. N. praisentibus. In quorum fidem cum testibus subscripsi.
2/1
Artikel VIII.
Wijze om aan de Tertiarissen den Pauselijken Zegen te geven.
Krachicns dc concessie van Paus Leo XIFT, wordt de Pauselijke zegen /weemaal in 'l jaar (r) gegeven volgens het fort nulier van Bene-dictus XIV, doch niet op denzeifden dag en dezelfde plaats, waarop de bisschop dien geef t. En aangezien volgens genoemd fonnulier deze zegen zich tot het volk uitstrekt, kan hij niet aan eiken Tertiaris afzonderlijk, maar aan de Tertiarissen vergaderd, (2)gegeven worden.
(1) De Tertiarissen, die wonen in plaatsen, waar geene congregatie bestaat, en niet gevoeglijk kunnen gaan tot een anderen priester, gemachtigd tot liet geven van den Pauselijken zegen, kunnen, in plaats daarvan, tweemaal meer de generale absolutie of zegen met vollen aflaat op een dag naar verkiezing van een biechtvader ontvangen. (Deer. S. Congr. Indulg. d. d. 31 Jan. 1893 ad XIV coll. cum Xltl; ch. Directorium p. 137 et seqq. nn. 125 et 126, p. 88 no. 88 I.)
(2) Dit moet niet verstaan worden in dien zin, dat voor het geven van den Pauselijken zegen eene wettige gewone of buitengewone vergadering der leden noodzakelijk is, maar in dien zin, dat die zegen alleen kan gegeven worden in 't openbaar aan de Tertiarissen in 't algemeen, niet aan eenen of anderen Tertiaris afzonderlijk. Onder de volgende woorden : „Dit moet gedaan worden door hem, die de vergadering leidtquot;, moet dus verstaan worden niet alleen de directeur, maar ook elk ander priester, die van de oversten der Franciscaansche Orden de macht ontvangen heeft, om den Pauselijken zegen aan de Tertiarissen te geven, overeenkomstig hetgeen volgt: „De directeur of een ander priester wettig aangesteld.quot; (Cfr. Deer. S. Congr. Indulg. d. d. 10 Junü 1886 ad iii j Directorium p. 80 n. 76.)
2/2
Dit moet gedaan worden door hem, die de vergadering leidt, aan dezen toch is, overeenkomstig de meerling van den Apostolischen Stoel, de macht verleend om dien zegen te geven. — De directeur of een ander priester wettig aangesteld (i) gaa t in koorkleed en witte stool gekleed, doch niet vergezeld van dienaren, naar het altaar, en daar neergeknield, zegt hij:
V. A djutorium nostrum in nomine
J *■ Domini.
R. Qui fecit ccelum et terram.
V. Salvum fac populum tuum, Domine.
R. Et benedic h.ereditati tua;.
v. Dominus vobiscum.
R. Et cum spiritu tuo.
Daarna zegt hij staande het volgende gebed: OREMUS.
Omnipotens et misericors Deus, da nobis auxillium de sancto, et vota populi hujus in humilitate cordis veniam peccatorum poscentis, tuamque benedictionem postu-lantis et gratiam, clementer exaudi: dex-terem tuam super eum benignus extende ;
(i) Krachtens eene concessie van Z. H. Pius IX, door het rescript van de H. Congregatie der Aflaten van 18 Junii 1876 ad III, kan de priester, die Minderbroeder of Tertiaris is, den vollen aflaat, aan den Pauselijken zegen en de generale absolutie verbonden, daardoor verdienen, dat hij deze met de vereischte machtiging in het openbaar geeft. (Zie Sint-Fran-ciscusy Jaarg. II, bladz 251, 3.)
273
ac plenituclinem divina; benedictionis ef-funde ; qua bonis omnibus cumulatus feli-citatetn et vitam consequatur a;ternam. Ter Christum Dominum nostrum. R. Amen.
Hierna gaat hij naar den kant van den Epistel en daar staande, geeft hij met één enkel feelzen des kruises (i) den zegen, terwijl hij met luider stem de volgende woorden uitspreekt :
Kenedicat vos omnipotens Deus, Pater, et Filius, f et Spiritus Sanctus.
r. Amen.
Artikel IX.
Formulier van den Zegen met vollen aflaat voor de wereldlijke Tertiarissen. (2)
Behalve den Pauselijke)! zegen is nog een andere zegen met vollen ajlaat aan de jerti-arissen van den li. Franciscus verleend op zekere dagen des jaars, (3) die men opgegeven vindt in de Lijst van de Ajlaten (Uoofdst. /,
IS.
274
n. F/I/), toegevoegd aan de hul Misericors Dei Filius, welke Paus Leo X///, den 30 Mei 1883, heef / uitgevaardigd.
Formulier door denzelfden Opperpriester Leo XI// voorgeschreven in zijne breve Quo universi van den 7 Juli 1882 :
Antiphona.
Tntret (1) oratio mea in conspectu tuo, Domine; inclina aurem tuam ad preces nostras; paree Domine, paree populo tuo, quem redemisti sanguine tuo pretioso, ne in jeternum irasearis nobis. Kyrie eleison.
Christe eleison.
Kyrie eleison.
Pater noster, sccrcto.
v. Et ne nos indueas in tentationem. r. Sed libera nos a malo.
v. Salvos fac servos tuos.
r. Deus meus, sperantes in te. v. Mitte eis, Domine, auxilium de saneto. r. Et de Sion tuere eos.
v. Esto eis, Domine, turris fortitudinis. r. A faeie inimici.
v. Nihil profieiat inimicus in nobis. r. Et filius iniquitatis non apponat noeerc nobis
(1) Deze gebeden tot aan Misereatur enz. worden gezegd door den gevolmachtigden priester, i.i koorkleed en paarsche stool (volgens het te Rome bestaand gebruik) geknield aan den voet des altaars.
275
V. Domine, exaudi orationem meam.
R. Et clamor meus ad te veniat.
V. Dominus vobiscum.
R. Et cum spiritu tuo.
OREMUS.
Deus, cui propium est misereri semper et parcere: suscipe deprecationem nostram, ut nes et omnes famulos tuos, quos de-lictorum catena constringit, miseratio tuae pietatis clementer absolvat.
Exaudi, quiesumus Domine, supplicum preces, et confitentium tibi paree pecca-tis ; ut pariter nobis indulgentiam tribuas benignus et pacem.
Inefïabilem nobis, Domine, misericor-diam tuam clementer ostende: ut simul nos et a peccatis omnibus exuas, et a pcenis, quas pro his meremur, eripias.
Deus, qui culpa offenderis, poenitentia placaris, preces populi tui supplicantis propitius respice; et flagella tuae ira-cundiaï, quae pro peccatis nostris meremur, averte. Per Christum Dominum nostrum. R. Amen. ,
Daarna wordt gezegd: *
Confiteor etc. Miseratur (i.) etc. Indulgentiam etc.
--—■— •
(i) Dit en het volgende zegt de priester staande aan den kant van den Epistel.
276
De priester vervolgt:
Dominus Noster Jesus Christus, qui beato Petro Apostolo dedit potestatem ligandi atque solvendi, ille vos absolvat ab omni vinculo delictorum, ut habeatis vitam fEternam, et vivatis in srccula sagt; culorum. Amen.
Per sacratissimam passionem et mortem Domini Nostri Jesu Christi, precibus et meritis beatissima; semper Virginis Maria:, beatorum Apostolorum Petri et Pauli, beati Patris Nostri Francisci, et omnium sanctorum ; auctoritate a Sum-mis Pontificibus mihi concessa, plenariam indulgentiam omnium peccatorum vestro-rum vobis impertior. In nomini Patris, et Filii f et Spiritus Sancti. Amen.
Indien deze aflaat onmiddellijk na de ah solutie in de biecht verleend wordt (1) begint (1) ïn de biecht kan deze zegen of generale absolutie aan de Tertiarissen afzonderlijk gegeven worden door lederen biechtvader, niet alleen op de vastgestelde dagen (zie boven bladz. 273 met aanmerking (3), maar ook daags tevoren, zoowel 'smorgens als 's namiddags. Het is niet vereischt, dat de sacramenteele absolutie worde gegeven. (Cfr. Deer. S. Congr. Indulg. d.d. 10 Junü 1886 ad III et 21 Julii 1888.)
Volgens eene verklaring van de H. Congregatie der Aflaten van 30 Januari 1896 (ad III et IV) moeten de woorden „in de biechtquot; in dien zin verstaan worden, dat de biechtvader dezen zegen of generale absolutie alleen in den biechtstoel of in de plaats, waar biecht gehoord wordt, kan geven. (Cfr. Directorium p. 86 no. 85.)
277
de priester, mei weglating van al het overige, terstond met de woorden: Dominus Noster Jesus Christus etc., en vervolgt die tot het einde, met verandering alleen van het meervoud in het enkelvoud.
Mochten de omstandigheden (i) niet toelaten den geheelen vorm te gebruiken, dan kan de priester, met weglating van al het overige, zeggen:
Auctoritate a Summis Pontificibus mihi concessa plenariam omnium peccatorum tuorum indulgentiam tibi impertior. In nomine Patris, et Filii f et Spiritus Sancti.
R. Amen.
Artikel X.
Absolutie in het uur des doods.
Om den vollen aflaat aan de Tertiarissen
(I) „Turn multitudopccnitentium pro sacramentali „confessione peragenda expectantium, tum difficultas „recitandi memoriter integram formulam satis longam „haberi possunt tamquam adjuncta, quae vetant „eamdem integram formulam adhibere. — Insuper „notetur, longiorem formulam pro conferenda dicta „indulgentia plenaria immediate post sacramentalem „absolutionem, non praescribi sub poena multitatis „pro casu quo adjuncta sinant eam adhibere. Si „ergo confessarius utatur semper hreviori formula „certe saltem valide absolutionem generalem im-„pertitquot;. Directorium p. 91.
278
in het uur des doods (1) te verleetien, zal de directeur of ieder goedgekeurde biechtvader, door den Tertiaris ontboden, gebruik maken vati het formulier, door Benedictus XIV en opnieuw door Leo XIII voorgeschreven, en in het Romeinsche Ritueel ingelascht, als volgt-.
De kamer, waarin de zieke ligt, binnentredende, zegt hij:
v. llgt;ax huic domui.
R. Et omnibus habitantibus in ea.
Vervolgens besproeit hij den zieke, het vertrek en de omstanders met wijwater, onder hei uitspreken van den an tip hoon :
Asperges me, Domine, hyssopo et mundabor; lavabis me et super nivem dealbabor: en het eerste vers van den Psalm Miserere met Gloria Patri, etc. Sicut erat etc. Daarna herhaalt hij dc antiphoon Asperges me etc.
V. Adjutorium nostrum in nomine Domini.
R. Qui fecit coelum et terram.
(1) De aflaat in het uur des doods kan niet verleend worden aan een Tertiaris, wanneer hij dezen tijdens hetzelfde doodsgevaar krachtens een anderen titel reeds heeft ontvangen. Overigens kan deze absolutie worden gegeven niet alleen in het eigenlijk gezegde doodsuur {in articulo mortis), maar reeds dan wanneer er gevaar van sterven is, hoewel geen onmiddellijk gevaar. (Zie Sint-Franciscus, Jaarg. II, bladz. 59, i.)
279
Antiphona. Ne reminiscaris, Domine, delicta famuli tui (velancilke tu.ne), neque vindictam sumas de peccatis ejus.
Kyrie eleison.
Christe eleison.
Kyrie eleison.
Pater noster, secreio.
V. Et ne nos inducas in tentationem.
R. Scd libera nos a malo.
V. Salvum fac servum tuum {vel sal-vam fac ancillam tuam).
R. Deus meus, sperantem in te.
V. Domine, exaudi orationem meam.
R. Et clamor meus ad te veniat.
v. Dominus vobiscum.
R. Et cum spiritu tuo.
OREMUS.
Clementissime Deus, Pater misericor-diarum et Deus totius consolationis, qui neminem vis perire in te credentem atque sperantem, secundum multitudinem mi-serationum tuarum respicc propitius fa-mulum tuum N. {vel famulam tuam N.), quem {vel quam) tibi vera fides et spes christiana commendant. Visita eum {vel earn) in salutari tuo, et per Unigeniti tui passionem et mortem omnium ei deli-ctorum suorum remissionem et veniam clementer indulge: ut ejus anima, in hora
28o
exitus sui, te judicem propitiatum inve-niat, et sanguine ejusdem Filii tui ab omni macula abluta, transirc ad vitam mereatur perpetuam. Per eumdem Christum Dominum nostrum. Amen.
Hierna bidi een der aanwezige Kerke lijken hei Confiteor, waarop de priester zegt; Miscreatur etc.; en vervolgens•.
Dominus noster Jesus Christus, Filius Dei vivi, qui beato Petro Apostolo suo dedit i^otestatem ligandi atque solvendi, per suam piissimam misericordiam recipiat confessionem tuam, et restituat tibi sto-lam primam, quam in baptismate recc-pisti : et ego, facultate mihi ab Apostolica Sede tributa indulgentiam pienariam et remissionem omnium peccatorum tibi concedo. In nomine Patris, et Filii f et Spiritus Sancti.
1'er sacrosancta humanae reparationis mysteria remittat tibi omnipotens Deus omncs prajsentis et futurse vita; poenas, parad isi portas aj^criat, et ad gaud ia sempiterna perducat. Amen.
Bencdicat te omnipotems Deus, Pater, et Filius f et Spiritus Sanctus. Amen.
Maar indien de' zieke zóó den dood nabij is, dat er voor de algemeene schuldbelijdenis
28i
en de gebeden geen tijd meer is, dan verleent de priester den aflaat, door te zeggen ; Do-minus noster etc.
En ingeval de dood onmiddellijk dreigt zal hij zeggen :
Indulgentiam plenariam et remissionem omnium peccatorunt tibi concedo. In nomine Patris, et Filii f et Spiritus Sancti. Amen.
.êSSSêSÉÊÊêSêÊ®
BIJVOEOSEL.
Vernieuwing van professie.
Op den dag, voor de vernieuwing van pro fessic vastgesteld (zie boven bladz. m), wordt eene plechtige vergadering gehouden. Dc directeur, in koorkleed en witte stool, knielt neder op de voettrede des altaars en heft den lofzang aan : Veni Creator etc. (zie boven bladz. 207, Gezangen enz. bladz. 58). Na den lofzang zingt of leest hij staande ;
|
R. Et renovabis fa-ciem terra;. OREMUS. Deus, qui corda fidclium Sancti Spiritus illustratione docuisti : da nobis in eodem Spiritu |
V. 'Vend Uwen Geest uit, en zij zullen herschapen worden. R. En Gij zult het aanschijn der aarde vernieuwen. LATEN WIJ BIDDEN. O God, die de harten der geloovi-gen door de verlichting van den Heiligen Geest hebt on- |
|
recta sapere, et de ejus semper conso-latione gaudere. Deus, qui fidelium tuorum gressus di-rigis et perficis, fa-mulos tuos (vel fa-las tuas) in nomine tuo congregatos (vel congregatas) sic di-rige et perfice, ut illecebras mundi semper effugiant. Promissiones etiam, quas ad altare tuum renovandas deferunt, confirma in aeter-num, ut fideles in oculis tuis permane-ant; ct cum venerit Jesus Christus Fi-liis tuus, ipsos (vel ipsas) invcniat vigilantes, ac super omnia bona sua constituat. |
dervvezen, geef dat wij in dienzelfden Geest de ware wijsheid erlangen, en ons altijd over Zijne vertroosting verblijden. O God, die Uwe geloovigen op hunne wegen leidt en steunt, geleid en ondersteun Uwe dienaren (dienaressen), die hier in Uwen naam zijn vergaderd, op zoodanige wijze, dat zij altijd de verleidingen der wereld vluchten. Bevestig voor hen in eeuwigheid de beloften, die zij opnieuw voor Uw altaar afleggen, opdat zij in Uwe oogen getrouw blijven en Uw Zoon, Jezus Christus, bij Zijne komst hen wakende moge vinden en over al Zijne goederen stellen, |
284
|
Infirmitatem no-stram respice, omni-potcns Deus, ct ubi vires nostra; defici-unt, effundc super nos gratiae tuae abun-dantiam, ut quïe jam promisimus, et pro-missa renovamus, exequi possimus. Per Christum Do-minum nostrum. R. Amen. |
Almachtige God, zie neer op onze zwakheid en stort daar, waar onze krachten tekortschieten, den overvloed Uwer genade over ons uit, opdat wij, hetgeen wij reeds beloofd hebben, en na het beloofd te hebben, vernieuwen, kunnen volbrengen. Door Christus, onzen Heer. |
R. Amen.
Na cctie korte aansporing tof vernieuwden ijver in de onder houding des Regels gaai de directeur op de voettrede des altaars zitten, terwijl de minister (of Moeder) voor hem neder knielt, en uit aller naam de vernieuwing der professie aflegt op deze wijze-.
Eerwaarde Vader, in mijn naam en in naam van mijne Broeders en Zusters, die hier tegenwoordig zijn, betuig ik mijnen dank aan de Goddelijke Majesteit voor deze bijzondere weldaad, dat ik, onwaardige zondaar {of onwaardige zondares) door Gods genadige barmhartigheid van de ijdelheid der wereld afgetrokken
285
en tot de professie in de Derde Orde van Eoetvaardigheid ben toegelaten, 't Is mij van ganscher harte leed, dat ik aan deze genade niet genoeg beantwoord heb, en voor die groote weldaad niet genoeg dankbaar geweest ben. Ik verfoei alle overtredingen en elk verzuim, waaraan ik mij schuldig gemaakt heb, en om den geest eener ware vernieuwing te bekomen, beloof ik opnieuw in tegenwoordigheid van God almachtig, ter eere van de onbevlekte Heilige Maagd Maria, den Heiligen Vader Franciscus en alle heiligen, geheel den tijd mijns levens de geboden Gods te onderhouden, alsook den Regel der Derde Orde, door denzelfden Heiligen Franciscus ingesteld, volgens den vorm, welke door de Pausen Nicolaus don Vierden en Leo den Dertienden is bekrachtigd ; tevens beloof ik, volgens goedvinden van den Visitator te voldoen voor de overtredingen, die ik tegen den Regel mocht begaan. Ik verlang dat deze akte van vernieuwing mijner professie door de Allerheiligste Drievuldigheid als welgevallig aangenomen worde, dat zij immer dure en ik haar bij elke ademhaling geheel mijn leven herhale, en ondersteund door Gods heilige hulp, die ik ootmoedig afsmeek, volmaakt na-kome tot het einde mijns levens.
286
Dc directcur voegt daaraan toe;
En ik beloof u van Gods wege, indien gij dat onderhoudt, het eeuwig leven. In den naam des Vaders, en des Zoons, f en des H. Geestes.
Allen antwoorden ; Amen.
|
Vervolgens heft di altaar gekeerd, den (Gezangen enz. bladz. Ecce quam bonum et quam jucundum * habitare fratres in unum. Sicut unguentum in capite, * quod descendit in barbam, barbam Aaron. Quod descendit in oram vestimenti ejus: * sicut ros Hermon, qui descendit in montem Sion. |
directcur, naar het migenden Psalm aan 73): O hoe zoet en aangenaam is het, als broeders te zamen wonen. Het is gelijk de zalve uitgegoten op het hoofd, die neder-vloeit op den baard, den baard van Aaron. Die nedervloeit op den boord van zijn gewaad ; het is gelijk de dauw van Hermon, die nederdaalt op Sions heuvel. |
|
Ouoniam illic mandavit Dominus bc-nedictionem, * et vitam usque in sne-culum. Gloria Patri, et Filio, * et Spiritui Sancto. Sicut erat in prin-cipio, et nunc, et semper, * et in src-cula sreculorum. Amen. V. Confirma hoe. Deus, quod ope-ratus es in nobis. R. A templo sancto tuo, quod est in Jerusalem. OREMUS. Deus, qui per co-aeternum Filium tuum cuncta creasti; quique mundumpec-catis inveteratum, per .mysterium In-carnationis ejus, rc-novare dignatus es: te supplices exora- |
Want daar gebiedt de Heer Zij nen zegen, en leven tot in eeuwigheid. Glorie zij den Vader, en den Zoon, en den H. Geest. Gelijk het was in het begin, en nu en altijd, en in de eeuwen der eeuwen. Amen. V. Bekrachtig, oGod, hetgeen Gij in ons hebt uitgewerkt. R. Van uit Uwen heiligen tempel, die te Jeruzalem is. LATEN WIJ BIDDEN. God, die door Uwen tegelijk met U eeuwigen Zoon alles geschapen en U gewaardigd hebt, door het geheim Zijner Menschwording, de in zonden verouderde wereld te |
288
|
mus, ut super hos famulos tuos (has famulas tuas), qui (qua;) hodie in hoe sancto templo tuo vanitatem mundi et pompas diaboli, per professionis su:e re-novationem, abre-nuntiare deereve-runt, ita respicere digneris, ut spiritu mentis renovati veterem hominem cum actibus suis exuere et novum, qui secundum Deum crea-tus est, induere me-reantur. Ter eum-dem Christum Do-minum nostrum. r. Amen. oremus. |
Domine Jesu Chri-ste, qui es via, sine qua nemo vadit ad hernieuwen: wij bidden en smeeken U, dat Gij op deze Uwe dienaren, (dienaressen) die heden in dezen Uwen heiligen tempel, door de vernieuwing hunner professie, besloten hebben de ijdelheid der wereld, de pracht en praal des duivels te verzaken, zoo ge-lievet neer te zien, dat zij, in den geest vernieuwd, verwerven mogen den ouden mensch met zijne werken uit te doen, en den nieuwen, die naar God geschapen is, aan te doen. Door denzelfden Christus, onzen Heer. r. Amen. laten wij bidden. Heer Jezus Christus, die de weg zijt, zonder wien niemand |
|
Patrem, qusesumus clementiani tuam, ut hos famulos tuos (has famulas tuas) a carnalibus deside-riis abstractos (abs-tractas) per arctam ac tutam vita; chri-stianaeviam deducas; ct qui peccatores vocare dignatus es diccns : Venite ad me omnes, qui la-boratis et onerati estis, et ego reficiam vos; prresta, ut h.nec vox vocationis tuje ita in eis convalescat, quatenus onera pec-catorum deponentes, et quam dulcis es degustantes, tua refectione sustentari mereantur. Qui vivis et regnas in saxula saiculorum. R. Amen. |
tot den Vader gaat, wij smeeken Uwe goedertierenheid, dat Gij deze Uwe dienaren, (dienaressen) die Gij van de begeerten des vlee-sches vervreemd hebt, langs den en-gen en veiligen weg van het christelijk leven gelievet te leiden ; en wijl Gij U gewaardigd hebt de zondaren tot U te roepen, zeggende: Komt allen tot mij, die belast en beladen zij t, en Ik zal u verkwikken ; geef, dat deze Uwe roepstem op hen zooveel vermoge, dat zij den last der zonden afwerpende, smaken hoe zoet Gij zijt en verdienen mogen door Uwe verkwikking ondersteund te worden. Uie leeft |
N. llandb. Derde Orde.
19.
|
OREMUS. Sancte Spiritus, qui te Deum ac Do-minum mortalibus revelare dignatus es, immensam tua; pie-tatis abundantiam suppliciter exora-mus; ut sicut ubi vis spiras, sic et his famulis (famulabus) tuis affectum piaa devotionis inspires, et qui (qua;) tua sapicntia sunt con-diti (conditae), tua quoque providentia gubernentur, quos (quas) etiam unctio tua de omnibus do-ceat: et per inter-cessionem beatae Virginis Maria;, bea-ti Patris nostri Fran-cisci et Sanctorum sequentium eum, et en heerscht in de eeuwen der eeuwen. |
R. Amen. LATEN WIJ BIDDEN. Heilige Geest, die U als God en Heer aan de stervelingen gewaardigd hebt te openbaren, wij bidden en smeeken Uwe grenzenlooze barmhartigheid, dat, gelijk Gij Uwe werking doet gevoelen waar Gij wilt. Gij ook deze Uwe dienaren (dienaressen) met een gevoel van tee-dere godsvrucht wilt bezielen, opdat zij, die Gij in Uwe wijsheid hebt geschapen, ook door Uwe voorzienigheid en tevens door Uwe zalving in alles onderricht worden : doe hen door de voorspraak der H, Mtiagd Maria, |
|
omnium Sanctorum, fac eos (eas) a sse-culi vanitate ita ve-raciter convert!, ut quod hodie te in-spirante inchoant, sic juste, pie ac san-cte per omnium bo-norum operum abun-dantiam in charitate fraterna fundati(fun-datre) te adjuvante perficiant, ut in san-cto christianje con-versationis proposito perseverantes ad vi-tam perveniant sem-piternam. Qui cum Patre et Filio ejus. Domino nostro Jesu Christo, vivis et regnas Deus, per omnia ssecula scecu-lorum. R. Amen. |
van onzen H. Vader Franciscus, van zijne heilige volgelingen en van alle heiligen zich zoo oprecht van de ij delheid der wereld afkecren, dat zij, hetgeen zij heden onder Uwe ingeving beginnen, door een rijken schat van goede werken en in broederlijke liefde vereenigd met Uwen bijstand zoo stipt, godvruchtig en hei-liglijk volbrengen, dat zij in hun heilig besluit om een chris-telijken levenswandel te leiden volharden en tot het eeuwig leven geraken. Die God zijnde met den Vader en diens Zoon, onzen Heer Jezus Christus, leeft en heerscht door alle eeuwen der eeuwen. R. Amen. |
292
Hierna kan een lied gezongen worden.
Vervolgens geeft de directeur, indien hij zulks goedvindt, den Pauselijken zegen, en ten slotte, met verlof van den bisschop der diocese, op de gebruikelijke zvijze den zegen met het Allerheiligste, of anders den gewonen priesterlijken zegen, zeggende :
|
Bcnedictio Dei om-nipotentis, Patris et Filii, f et Spiritus Sancti, descendat super vos, et nianeat semper. K. Amen. |
De zegen van den almachtigen God, den Vader, en den Zoon en den H. Geest, dale over u neder en blijve altijd met u. R. Amen. |
Bij gelegenheid van den vijftigsten of ook vijf-en-twintigsten verjaardag der professie kan den leden, overeenkomstig vroegere ceremonieels, worden toegestaan op gelijke wijze de professie plechtig te vernieuwen. De vergadering wordt geopend met den lofzang Veni Creator (zie boven bladz. 207, Gezangen enz. bladz. 58), met vers en oratie, zooals boven bladz. 209. Na eene korte toespraak wordt de volgende an tip hoon en psalm gezongen, (Gezangen enz. bladz. 74):
|
Antiphona. Portio mea, Do-mine, sit in terra viventium. psalmus. Jubilate Deo, om-nis terra, psalmum dicite nomini ejus ! * date gloriam laudi ejus. Decite Deo, quam terribilia, sunt opera tua, Domine! * in multitudine virtutis tu.ne mentientur tibi inimici tui. Omnis terra ado-ret te et psallat tibi: * psalmum dicat nomini tuo. Venite, et videte opera Dei: * terri-bilis in consiliis super filios hominum. Qui convertit mare in aridam, in flumine pertransibunt pede: |
Antiphoon. Mijn erfdeel, o Heer, zij in het land der levenden. Psalm. Juicht Gode toe, heel de aarde ! Bezingt Zijnen naam, verheerlijkt Zijnen roem ! Zegt tot God : Hoe ontzettend, o Heer, zijn Uwe werken ! Uwe vijanden huichelen, om de grootheid Uwer kracht. Dat heel de aarde U aanbidde, U ter eere zinge, zinge ter eere van Uwen naam. Komt en ziet de daden Gods, vree-selijk in Zijne raadsbesluiten over de kinderen der men-schen. Hij veranderde de zee in droog land ; te voet gingen zij |
|
* ibi Iffitabimur in ipso. Qui dominatur in virtute sua in reter-num, oculi ejus super gentes respici-unt: * qui exaspe-rant non exaltentur in semetipsis. Benedicite, gentes, Deum nostrum: * et auditam facite vocem laudis ejus. Qui posuit animam meam ad vitam: * et non dedit in commo-tionem pedes meos. Quoniam probasti nos Deus: * igne nos examinasti sicut examinatur argentum. Induxisti nos in laqueum, posuisti tribulationes in dorso nostro : * imposuisti homines super capita nostra. |
heen door den stroom; toen hebben wij ons in Hem verblijd. Hij heerscht door Zijne macht in eeuwigheid ; Zij ne oogen slaan de volkeren gade: dat de weder-spannigen zich niet verheffen ! Looft, o volken, onzen God; en doet hooren de stem Zijns lofs. Van Hem, die mij het leven spaarde, en mijnen voet niet wankelen liet. Want Gij hebt ons beproefd, o God, ons als zilver in 't vuur gelouterd. Gij hadt ons in den strik gebracht, een drukkenden last op onzen rug gelegd, onder menschen-juk onze hoofden doen buigen. |
|
Transivimus per ignem ct aquam ; * et cduxisti nos in refrigerium. Introibo in domum tuam in holocaustis: * reddam tibi vota mea, quaj distinxe-runt labia mea. Et locutum est os meum, * in tribula-tione mea. Holocausta me-dullata offeram tibi cumincensoarietum, * offeram tibi boves cum hircis. Venite, audite, et narrabo, omnes cjui timetis Deum, * quanta fecit anima; mere. Ad ipsumore meo clamavi, * et cxaltavi sub lingua mea. Iniquitatem si aspexi in corde meo, * non exaudiet Do-minus. |
Wij gingen door vuur en water, doch Gij bracht er ons uit en hebt onsverkwikt. Met brandoffers zal ik ingaan tot Uw huis, de geloften volbrengen, die mijne lippen U deden. En die mijn mond heeft uitgesproken, toen ik in nood was. Vette brandoffers zal ik U brengen met rook van rammen, runderen zal ik U offeren en geiten. Komt, hoort toe, allen gij godvree-zenden, ik wil het verhalen, wat Hij aan mij gedaan heeft. Ik riep tot Hem met mijnen mond, en verheerlijkte Hem onder mijne tong. Hadde ik in mijn hart ongerechtigheid gezien, de Heer zou niet verhoord hebben. |
|
Propterea exau-divit Deus, * ct at-tendit voci depreca-tionis mere. Benedictus Deus, * qui non amovit orationem meam, et miscricordiam suam a me. Gloria Patri, et Filio, * et Spiritui Sancto. Sicut erat in prin-cipio, ct nunc et semper, * ct in sn2-cula saxulorum. Amen. V. Salvos fac servos tuos (salvas fac ancillas tuas). R. Deus mcus spe- rantes in te. V. Mitte eis, Domi-nc, auxilium de sancto. R. Et de Sion tuerc cos (eas). V. Nihil proficiat inimicus in cis. |
Daarom heeft Hij mij verhoord, enacht gegeven op de stem van mijn gesmeek. Gezegend zij God, die mijn gebed niet heeft afgewezen, en mij Zijne erbarming niet onttrok. Glorie zij den Vader, en den Zoon, en den H. Geest. Gelijk het was in het begin, en nu en altijd, en in de eeuwen der eeuwen. Amen. V. Behoed U we dienaars (Uwe dienaressen). R. Die op U hopen, o mijn God. V. Zend hen (haar), o Heer, hulp van uit Uw heiligdom. R. En bescherm hen (haar) van uit Sion. V. De vijand winne niets op hen (haar). |
|
R. Et filius iniqut-tatis non apponat nocere cis. v. Esto eis, Domi-nc, turris fortttu-dinis. R. A facie inimici. V. Domine, exaudi orationem meam. R. Et clamor mcus ad te veniat. V. Dominus vobis-cum. R. Et cum spiritu tuo. OREMUS. (/gt;/ annivcrsario vige-simo quinto) Domine Jesu Christe, qui ad pcr-severantem in tua voluntatefamulatum mirifica illa nos pro-missione excitare dignaris, qua dicis : |
R. En de zoon der ongerechtigheid onderneme het niet hen (haar) te schaden. V. Wees hen (haar), o Heer, een sterke toren. R. Voor het aanschijn des vijands. V. Heer, verhoor mijn gebed. R. En mijn geroep kome tot U. V. De Heer zij metu. R. En met uwen geest. LATEN WIJ BIDDEN. (Bij de vijf-en - twin tig -stc verjaring) Heer Jezus Christus, die ons tot volharding in het volbrengen van Uwen wil gewaardigt aan te moedigen door die buitengewone |
|
Esto ficlelis usque ad mortem et dabo tibi coronam vitae ; propitiare Omnibus iniquitatibus horum famulorum tuorum (harum famularum tuarum), qui (qua;) annum vigesimum quintum tuo munere in hoc statu exple-tum transigerunt: sana omnes infïrmi-tates eorum (earum), redime de interitu vitam eorum(earum), corona cos (eas) in misericordia et mi-serationibus, et reple in bonis desiderium eorum (earum), et velut aquila; renova juventutem eorum (earum); quatenus bonum certamen certando repositam sibi coronam justitiae mercantur acciperc a te, qui redditurus es unicuique secundum opera ejus. Qui belofte, waarbij Gij zegt: Wees getrouw tot in den dood, en Ik zal u de kroon des levens schenken, vergeef alle overtredingen van deze Uwe dienaren (dienaressen), die door Uwe goedgunstigheid vijf en twintig volle jaren in dezen staat hebben doorgebracht, genees al hunne zwakheden, red hun leven van den dood, kroon hen met goedertierenheid en erbarmingen, verschaf hun goederen naar wensch, en vernieuw hunne jeugd als die eens adelaars, opdat zij door een goeden strijd te strijden de voor hen weggelegde kroon der gerechtigheid verdienen te ontvangen van U, die een ieder volgens |
|
vivis et regnas in srecula saeculorum. R. Amen. (Tn anniversario quin-quagesimoï) Omnipotens sem-piterne Deus, qui perMoysen famulum tuum Patribus in deserto annum jubileum statuto tempore celebrandum priEcepisti, et onera atque debita rela-xanda fore jussisti, servos quoque in libertatem restituen-dos esse mandasti : concede his servis tuis (his ancillis tuis) perpetuam manda-torum tuorum et Regulne observan-tiam bonique certa-minis consummatio-nem perfectam ; ut auxilii tui Jargitate zijne werken zult vergelden. Die leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. |
R. Amen. {Bij de vijfiigs/e verjaring) Almachtige, eeuwige God, die door Uwen dienaar Mozes den Vaderen in de woestijn hebt bevolen op den bestemden tijd het jubeljaar te vieren, die gewild hebt, dat alsdan bevrijding van lasten, delging van schulden zou plaats hebben en bovendien bevolen de slaven in vrijheid te herstellen; verleen aan deze Uwe dienaren (dienaressen) altijd Uwe geboden en hunnen Regel te onderhouden, en op volmaakte wijze den goeden |
|
rcternum coelestis gloria; tuae jubilati-onem percipere me-reantur. Per Christum Dominum nostrum. R. Amen. |
strijd te voleinden, opdat zij door Uwen milddadigenbijstand mogen verdienen deelachtig te worden aan het eeuwige jubelfeest van Uwe heerlijkheid in den hemel. Door Christus, onzen Heer. R. Amen. |
Hierna volgt dc vernieuwing der professie op deze wijze:
Eerwaarde Vader, in mijnen naam en in naam van mijne Broeders en Zusters, die met mij de vijf-en-twintigste (de vijftigste) verjaring der professie plechtig vieren (of: Herwaarde Vader, bij de plechtige viering der vijf-en-twintigste (der vijftigste) verjaring mijner professie) betuig ik mijnen dank enz. (zie boven bladz. 284.)
De direete'ur voegt daaraan toe:
En ik beloof u van Gods wege, indien gij dat onderhoudt, het eeuwig leven. In den naam des Vaders, en des Zoons, f en des H. Geestes. Amen.
30i
Bij de vijftigste verjaring zuordt aan de Broeders een stok met een kruk {zinnebeeld des kruises), versierd met bloemen, gegeven, en aan de Zusters ccne kroon, welke onmiddellijk vóór de vernieuwing der professie worden gezegend, en na de vernieuzuing worden overgereikt of opgezet.
Bencdictio baculi.
OREMUS.
Bene f die, Do-mine Pater omnipo-tens, hoe signum crucis tiuu, ut sit fratri nostro soliditas fidei, ac tutela contra diabolum, et boni itineris solamen et protectio. R. Amen.
Zegening van den slok.
LATEN WIJ BIDDEN.
Almachtige Heer en Vader, zegen dit teeken van Uw kruis, opdat het onzen broeder moge strekken tot standvastigheid in het geloof, tot bescherming tegen den duivel, als troost- en verdedigingsmiddel voor ecne goede reis. R. Amen.
Bij de overreiking van den stok zegt dc priester:
Eja ergo, servus Welaan dan, die-Christi, accipe in naar van Christus, manibus tuis san- ontvang in uwe han-
|
ctum crucis baculum simulque benedicti-onem divini adjuto-rii,super quoinnixus possis in vocatione tua toto hujus vita; tempore viriliter per-severare, ac tandem consummato itinere ad vitam ajtcrnam pervenire. In nomine Patris, et Filii f et Spiritus Sancti. R. Amen. Bencdictio corona;. OREMUS. |
Deus, qui fideliter certantibus et usque ad mortem perse-verantibus coronam gloriae promittere dignatus es: bene f die, quaisumus, coronam istam; et den het heilig kruishout en daarmede de zegenende goddelijke hulp, opdat gij daarop steunende in staat moget zijn gedurende geheel uw leven moedig in uwe roeping te volharden en na het afleggen uwer loopbaan tot het eeuwig leven te geraken. In den naam des Vaders, en des Zoons en des Heiligen Geestes. R. Amen. Zegening der kroon. LATEN WIJ BIDDEN. God, die U ge-waardigd hebt de kroon der heerlijkheid te beloven aan hen, die met getrouwheid strijden en daarin tot aan den dood volharden; |
|
ancilke, quae illam accipiet, concede sic cursum vita; sine consumare suaeque professionis fidetn scrvare, ut gloria; et honoris coronam dc lapide pretioso reci-pere mereatur a te, Jcsu Ch riste, Rex gloria;. Qui cum Deo Patre et Spi-ritu Sancto vivis et regnas in sa;cula siuculorum. R. Amen. Bij dc opzetting z priester: |
Accipe, ancilla Christi, hanc coronam in signum cce-lestis corona; tibi ab ajterna Sponso Chri-sto Jesu pro tuis zegen, bidden wij U, deze kroon ; en verleen aan Uwe dienares, die haar zal ontvangen, dat zij op zoodanige wijze haren levensloop voltrekke, de belofte harer professie na-kome, dat zij van U, Jezus Christus, Koning der heerlijkheid, de heerlijke eerekroon van kostbaar gesteente ver-diene te ontvangen. Die met God den Vader en den Heiligen Geest leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. R. Amen. in de kroon zegt dc Ontvang, dienares van Christus, deze kroon tot teeken der hemelsche kroon, die u eenmaal ter vergelding uwer ver- |
|
meritis et laboribus tandem elargienda;. In nomine Patris, et Filii, f et Spiritus Sancti. K. Amen. Nadat dc psalm (zie boven bladz. 2 bladz. 73) gezongen v. Confirma hoe, Deus, quod ope-ratus es in nobis. R. A templo sancto tuo, quod est in Jerusalem, v. Domine, exaudi orationem meam. R. Et clamor meus ad te veniat. v. Dominus vobis-cum. R. Et cum spiritu tuo. OREMUS. |
Da nobis, qua;-sumus Domine, perdiensten en werken door uwen eeuwigen Bruidegom Christus Jezus zal geschonken worden. In den naam des Vaders, en des Zoons, en des Heiligen Geestes. R. Amen. Ecce quam bonum 86; Gezangen enz. is, zingt dc priester : V. Bekrachtig, o God, hetgeen Gij in ons hebt uitgewerkt. R. Van uit Uwen heiligen tempel, die te Jeruzalem is. V. Heer, verhoor mijn gebed. R. En mijn geroep kome tot U. V. De Heer zij met u. R, En met uwen geest. LATEN WIJ BIDDEN. Wij bidden U, verleen ons. Heer, |
30S
|
severantem in tua voluntate famula-tum, ut in diebus nostris et merito et numero populustibi serviens augeatur. Per Christum Do-minum nostrum. R. Amen. |
dat wij mogen volharden in het volbrengen van Uwen wil, opdat in onze dagen het aan Uwen dienst toegewijde volk in verdienste en aantal moge toenemen. Door Christus, onzen Heer. R. Amen. |
Daarna spreekt de priester over de jubilarissen den volgenden zegen uit:
|
Bene f dicat vobis Deus Pater, qui vos creavit; et ab omni malo culpa; et poe-nae corporis animoe-que immunes vos pracservet in ssccula saxulorum. R. Amen. Bene f dicat vos Deus Filius, Domi-nus noster Jesus Christus, qui vos pretioso suo sanguine redemit; detque |
U zegene God de Vader, die u geschapen heeft, dat Hij u van alle zonden en straffen naar lichaam en ziel bevrijde en beware in de eeuwen der eeuwen. R. Amen. U zegene God de Zoon, onze Heer Jezus Christus, die u met Zijn kostbaar bloed heeft vrijgekocht ; Hij geve u |
N. Ilandb. Derde Orde.
20.
306
den vrede des harten in het tegenwoordige en den eeuwigen vrede in het toekomende. R. Amen.
U zegene God de Heilige Geest, die u heeft geheiligd, en storte Zijne overvloedige genade over u uit, opdat
Bene f dicat vos Deus Spiritus San-ctus, qui vos san-ctificavit; et gratiam suam copiosam vobis infundat, ut omni benedictione spiri-tuali repleti tandem inveniamini in con-sortio illorum, de quibus dictum est: Beati, qui habitant in domo tua, Do-mine, insEECulasaecu-lorum laudabunt te. R. Amen.
gij, met alle geestelijke zegening vervuld, eenmaal moget gevonden worden in het gezelschap dergenen, van welke gezegd is: Zalig, Heer, zijn zij, die in Uw huis wonen, zij zullen U prijzen tot in de eeuwen der eeuwen. R. Amen.
Ten slotte geeft de directeiir, met verlof van den bisschop der diocese, op de gebruikelijke wijze den zegen met het Allerheiligste, of anders den gewonen priesterlijken zegen, zooals boven bladz. 292.
pacem cordis in praesenti, et in future paccm retcrni-tatis,
R. Amen.
307
Toewijding aan het H. Hart van Jezus.
Op den feestdag van het H. Hart of op Zondag daaropvolgende wordt eene plechtige vergadering gehouden met vernieuwing der toewijding aan het H. Hart. De directeur, in koorkleed en witte stool aan den voet des altaars neergeknield, heft den lofzang Veni Creator aan. (Zie boven bladz. 207 ; Gezangen enz. bladz. 58); na den lofzang zingt hij:
|
Spiri-tuum, et creabuntur. V. R. Et renovabis fa-ciem terrse. OREMUS. Deus, qui corda fidelium Sancti Spiritus illustratione docuisti; da nobis in eodem Spiritu recta sapere et de ejus semper conso-latione gaudere. Emitte turnmitte turn |
V. r^end Uwen ^ Geest uit, en zij zullen herschapen worden. R. En Gij zult het aanschijn dei-aarde vernieuwen. LATEN WIJ BIDDEN. O God, die de harten der geloovi-gen door de verlichting van den Heiligen Geest hebt onderwezen, geef dat wij in dienzelfden Geest de ware |
3O8
|
Actiones nostras, quaesumus Dominc, aspivando pracveni et adjuvando prose-quere: ut cuncta nostra oratio et operatio a te semper incipiat et per te ccepta finiatur. Per Christum Dominum nostrum. R. Amen. |
wijsheid erlangen, en ons altijd over Zijne vertroosting verblijden. Wij bidden U, Heer, voorkom onze werken door den invloed Uwer genade en begeleid die door Uwe medewerking, opdat alle onze gebeden en werken altijd door U beginnen en door U begonnen alzoo eindigen. Door Christus, onzen Heer. R. Amen. |
Vervolgens wekt de directeur de leden op tot ijver in de vereering van het H. Hart, waarna hij, vóór het altaar neergeknield, in naam der geheele congregatie de volgende akte van toewijding uitspreekt:
Allerzoetste Jezus, Vader der barmhartigheden, God van sterkte en troost, onuitputtelijke Bron van liefde, die in weerwil van onze onwaardigheid de over-groote schatten van Uw H. Hart voor ons hebt willen openen, met ootmoed en
309
vertrouwen scharen wij ons om U, ten einde krachtigen steun te vinden tegen de gevaren, welke ons omringen, en om ons in den geest van onzen H. Vader Franciscus te vernieuwen.
De vijanden onzer ziel zijn talrijk en machtig, terwijl onze zwakheid groot en de strijd tegen de zinlijkheid, hoovaardij en begeerlijkheid der oogen hevig is. Maar wij vertrouwen, dat Uwe oneindige goedheid onze wankelende schreden besturen, onze zwakke harten versterken, al de aanslagen onzer in- en uitwendige vijanden verijdelen en ons de genade verkenen zal, om gedurende de overige levensdagen den weg te bewandelen, welken de H. Franciscus door woord en voorbeeld ons heeft afgebakend.
Met dit vertrouwen bezield, wijden wij ons, ieder in het bijzonder en onze congregatie in het algemeen, aan Uw liefderijk Hart toe; wij offeren U onze ziel en ons lichaam, onzen geest en ons hart, alles wat wij zijn en bezitten; wij leggen in Uw teeder Hart neder al onze vreugde en droefheid, alle vrees en hoop, en hebben geen ander verlangen dan geheel en onverdeeld door innige liefde aan Uw Goddelijk Hart toe te behooren.
Steunende op den krachtigen bijstand Uwer genade, beloven wij U, voortaan
3io
Uwe heilige wetten en den Derden Regel van onzen Serafijnschen Vader volmaakter te onderhouden; de deugden van versterving en boetvaardigheid, van ootmoed en onthechting aan het aardsche dikwijls in Uw Allerheiligste Hart te beschouwen, ten einde ze zoo volmaakt mogelijk te beoefenen; meermalen aan den voet van het Tabernakel, het geliefkoosd verblijf vanude liefde Uws Harten en den troon Uwer barmhartigheid, neer te knielen, alle deugden en bijzonder een edelmoedige en standvastige liefde tot Uw minnelijk Hart voor ons zeiven en voor alle leden onzer H. Orde af te smeeken.
Opdat deze onze plechtige toewijding aan Uw oneindig heilig Hart een gunstiger onthaal bij U vinde en meer vruchten van heiligheid voor ons drage, bieden wij ze U aan door de handen van Uwe Onbevlekte Moeder Maria, de bijzondere' beschermster van de Franciscaansche Orden, en door die van onzen H. Vader Franciscus, Uwen bewonderenswaardigen dienaar, die in de geheimen van Uw Goddelijk Hart zoo diep wist door te dringen en uit die onmeetbare liefdebron de Serafijnsche liefde putte, welke reeds op aarde zijn hart verteerde.
Gewaardig U, o Goddelijk Hart, op de godsdienstige handeling, welke wij
3ii
heden stellen, goedgunstig neer te zien en ze in den hemel te bekrachtigen, gelijk ze op aarde door apostolisch gezag van Uw Plaatsbekleeder bekrachtigd is.
Gewaardig U onze gansche Orde te zegenen, over den geheelen aardbodem in bloei te doen toenemen en aan al hare leden overvloedige genaden te schenken, opdat zij hun verheven roeping wel begrijpen en er getrouw aan beantwoorden.
Eindelijk, gewaardig U, milddadig Hart van Jezus, den overvloed Uwer barmhartigheden over geheel de Kerk en vooral over haar Opperhoofd uit te storten; overdek de gansche aarde met Uwe oneindige verdiensten, opdat zij tot een geheel nieuw leven der genade verrijze en opdat alle harten door eene teederc en standvastige liefde tot Uw Goddelijk Hart ontvlamd worden. Amen.
Vervolgens zvordt dc volgende psalm Lauda Jerusalem (Gezangen enz. bladz. 75)
niet vers en oratie gezongen:
|
Lauda Jerusalem Dominum,* lauda Deum tuum Sion. Quoniam confor-tavit seras portarum |
Jeruzalem, prijs den Heer! Loof, o Sion, uwen God! Want Hij heeft de grendels uwer poor^ |
|
3 tuarum ; * benedixit filiis tuis in te. Qui posuit fines tuos pacem: * et adi-pc frumenti satiat tc. Qui emittit elo-quium suum terrae :* velociter currit ser-mo ejus. Qui dat nivem sicut lanam : * nebu-lam sicut cinerem spargit. Mittit crystallum suum sicut buccel-las : * ante faciem frigoris ejus quis sustinebit ? Emittet verbum suum, et liquefaciet ea : * flabit spiritus ejus, et fluent aquae. Qui annuntiat verbum suum Jacob * justitias et judicia sua Israël. Non fecit taliter 12 |
ten gesterkt, uwe kinderen binnen u gezegend. Hij stelde uwe landpalen in vrede; en Hij verzadigt u met de beste tarwe. Hij zendt Zijn bevel uit op aarde, en ijlings snelt Zijn woord heen. Hij geeft sneeuw als wolle, strooit nevel uit als assche. Hij werpt Zijn ijs af bij brokjes; wie kan bestaan voor Zijne koude? Hij zendt Zijn woord uit, en doet ze smelten; Zijn wind blaast, en de wateren vloeien. Hij maakt Zijn woord aan Jacob bekend, aan Israel Zijne instellingen en rechten. Niet zoo deed Hij |
|
3 omni nationi; * ct judicia sua non manifestavit eis. Gloria Patri, et Filio, * et Spiritui Sancto. Sicut erat in prin-cipio, et nunc, et semper, * et in sagt; cula sseculorum. Amen. v. Misericordia Do-mini a progenia in progenies. K. Timentibus cum. OREMUS. Fac nos, Domine Jesu, sanctissimi Cordis tui virtutibus indui, et affectibus inflammari: ut et imagini bonitatis tuns conformes, et tuse reclemptionis mereamur esse par-ticipes. Oui vivis |
3 aan eenig ander volk, en Zijne wetten maakte Hij hun niet bekend. Glorie zij den Vader, en den Zoon, en den H. Geest. Gelijk het was in het begin, en nu, en altijd, en in de eeuwen der eeuwen. Amen. V. De barmhartigheid des Heeren is van geslacht tot geslacht. R. Over degenen, die Hem vreczcn. LATEN WIJ BIDDEN. Geef, Heer Jezus, dat wij met de deugden van Uw allerheiligst Hart versierd en door diens gevoelens ontvlamd worden, opdat wij, gelijkvormig zijnde aan het beeld Uwer goed- |
314
et regnas in sa^cula heid, verdienen sïcculorum. mogen aan Uwe
R. Amen. verlossingdeelachtig
te zijn. Die leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. R. Amen.
NB. In plaats van den psalm Lauda Jerusalem kan ook, na verkiezing, gezongen worden de psalm Ouam dilecta. (Gezangen enz. bladz. 76).
Eindelijk geeft de directeur de generale absolutie en sluit de vergadering niet de gewone gebeden (zie boven bladz, 210), waarna hij op gebruikelijke wijze den priesterlijken zegen geeft of wel, na bekomen verlof van den bisschop der
diocese, den zegen met het Allerheiligste. --—lt;$*($gt;-
Herdenking aan het stervensuur van den H. Vader Franciscus.
Op den 4quot; October of op Zondag daaropvolgende kan, naar verkiezing van den directeur, in elke congregatie de herdenking aan het zalig afsterven van onzen H. Vader Franciscus plechtig gevierd
315
worden. Te dien einde scharen zich de leden tegen den avond, of na de vespers of het lof, om het altaar of beeld van den H. Vader, zoo mogelijk allen met brandende kaarsen in de hand, en zingen de antiphoon O sanctissima met den psalm Voce mca (Gezangen enz. bladz. 77 en 78), welken hij stervende gebeden heeft.
|
Antiphona. /quot;W sanctissima ani-ma, in cujus transitu cceli cives occurrunt, angelo-rum chorus exultat, et gloriosa Trinitas invitat dicens: Mane nobiscum in tcter-num. psalmus 141. Voce mea ad Do-minum clamavi: * voce mea ad Do-minum deprecatus sum. Effundo in con- |
Antiphoon. /quot;W allerheiligste ^ ziel, bij wier verscheiden de hemelbewoners te ge-moet snellen, het koor der engelen juicht, en de glorievolle Drievuldigheid uitnoodigend zegt: Blijf met ons in eeuwigheid. Psalm 141. Met mijne stem heb ik tot den Heer geroepen; met mijne stem schreide ik tot Heer. Ik stort mijne bede |
|
3i spectu ejus oratio-nem meam; * et tri-bulationem meam ante ipsum pronun-tio. In deficiendo ex me spiritual meum; * et tu cognovisti se-mitas meas. In via hac qua ambulabam : * abs-conderunt laqueum mihi. Considerabam ad dextcram et vide-bam : * et non erat qui cognosceret me. Periit fuga a me : * et non est qui requi-rat animam meam. Clamavi ad te, Do-mine : * dixi: tu es spes mea, portie mea in terra viventium. Intende ad depre-cationem meam : * quia humiliatus sum nimis. Libera me a perse- |
6 uit voor Zijn aangezicht, en aan Hem klaag ik mijnen nood. Als mijn geest in mij bezwijkt, dan kent Gij toch mijne wegen. Op het pad, dat ik bega, hebben zij mij een verborgen strik gespannen. Ik sloeg het oog ter rechterhand en zag, maar niemand kende mij. Het vluchten is voor mij verloren, en niemand is bekommerd om mijn leven. Heer, tot U heb ik geroepen, en zeide: Gij zijt mijne hoop, mijn deel in het land der levenden. Let op mijn smee-ken, want ik ben zeer verdrukt. Bevrijd mij van |
3i7
|
quentibus me: * quia confortati sunt super me. Educ de custodia animam meam ad confitendum nomini tuo: * me exspectant justi donee retribuas mihi. Gloria Patri, et Filio, * et Spiritui Sancto. Sicut erat in prin-cipio, et nunc, et semper, cula saeculorum Amen. |
mijn vervolgers, want zij zijn machtiger dan ik. Voer mij uit den kerker, om Uwen Naam te loven ; de vromen wachten af, dat Gij mij zult vergelden. Glorie zij den Vader, en den Zoon, en den H. Geest. Gelijk het was in het begin, en nu en altijd, en in de eeuwen der eeuwen. Amen. |
Vervolgens wordt door allen geknield-gebeden vijfmaal Onze Vader, Wees gegroet en Glorie zij den Vader; onmiddellijk daarna zingt men de volgende antiphoon (Gezangen enz. bladz. 78):
|
Antiphona. Salve, sancte Pater, patrio lux, forma Minorum, virtu-tis speculum, recti via, regula morum ; |
Antiphoon. Wees gegroet, H. Vader, licht uws vaderlands, voorbeeld der Minderbroeders, spiegel der |
318
|
carnis ab exilio due nos ad regna polo-rum. |
deugd, weg van het ware, regel der zeden ; voer ons na deze ballingschap in het vleesch naar het rijk der hemelen. |
Hierna zingt de priester :
|
V. Franciscus pauper et humilis dives ccelum ingre-ditur. R. Hymnis ccele-stibus honoratur. OREMUS. Deus, qui hodierna die anim^e beati Pa-tris nostri Francisci jeternse beatitudinis prsemia contulisti; concede propitius, ut qui ejus migrationis memoriam piis affec-tibus celebramus, ad ejusdem beatitudinis praemia feliciter per-venire mereamur. |
V. De arme en ootmoedige Franciscus treedt rijk den hemel binnen. R. Door hemelsche lofzangen wordt hij vereerd. LATEN WIJ BIDDEN. O God, die op dezen dag aan de ziel van onzen zaligen Vader Franciscus de belooning der eeuwige gelukzaligheid hebt geschonken ; geef genadig, dat wij, die de gedachtenis van zijn sterven met kinderlijke gevoelens |
319
|
Per Dominutn nostrum Jcsum Christum Filium tuum, qui tccum vivit ct regnat in unitate Spiritus Sancti Deus, per omnia saecula saeculorum. R. Amen. V. Dominus vobis-cum. R. Et cum spiritu tuo. v. Benedicamus Domino. (i) R. Deo gratias. (i) |
vieren, tot de be-looning derzelfde gelukzaligheid gelukkig mogen geraken. Door onzen Heer Jezus Christus, Uwen Zoon, die met U leeft en heerscht in de eenheid des H. Geestes, God door alle ecuwen der eeuwen. R. Amen. V, De Hcerzijmctu. R. En met uwen geest. V. Laten wij den Heer zegenen. R. God zij gedankt. |
Vervolgens zegent de priester het volk mei een relikwie van den II. Franciscus, welke hij daarna laat ver eer en, of geeft den gewonen priesterlijken zegen.
Dienst voor een Overledene.
Voor plaatsen, waar de voorschriften van-den Regel hij het overlijden van een medelid
(i) Gezangen enz. bladz. 79.
320
niet gevoeglijk kunnen onderhouden worden, wordt aanbevolen, dal kort na den dood van een medebroeder of medezuster de leden der congregatie op dag en uur, door den directeur bepaald, te zaïnen komen in de kerk of kapel, waar de gewone vergaderingen gehouden worden, en voor de rust van den overledene den volgenden dienst houden.
Men begint met het zingen van hei volgende responsorium (Gezangen enz. bladz. 83):
|
T esu, Salvator mundi, exaudi pieces supplicum. Miscremini mei, misereminii mei, saltern vos amici mei, quia manus Domini tetigit me. Noctem verterunt in diem, et rursum post tenebras spero lucem. Jesu, Salvator etc. Pelli meae con-sumptis carnibusad-haesit os meum. |
Tezus, Verlosser f ' der wereld, verhoor de gebeden der smeekenden. Ontfermt u mijner, ontfermt u mijner, ten minste gij, mijne vrienden, want de hand des Heeren heeft mij geraakt. Zij hebben den nacht in den dag veranderd, en na de duisternis verhoop ik het licht wederom. Jezus, Verlosser enz. Daar mijn vleesch verteerd is, kleeft het gebeente mij aan het vel. |
321
|
Miseremini etc. Quare persequi-mini me sicut Deus, et carnibus meis sa-turamini ? Jesu, Salvator etc. Requiem seternam dona cis, Domine ; et lux perpetua lu-ceat cis. Miseremini etc. |
Ontfermt u enz. Waarom vervolgt gij mij gelijk God, en waarom verzadigt gij u met mijn vleesch ? Jezus, enz. Verlosser Heer, haar de eeuwige rust, en het eeuwige licht verlichte haar. Ontfermt u enz. geef |
Hierna wordt hei rozenhoedje gebeden ; vervolgens zingt men den psalm De profundis, (zie boven bladz. 212; Gezangen enz. bladz. 84). Daarna zingt de priester :
|
V. A porta inferi. R. Eruc, Domine, animam ejus. V. Domine, exaudi orationem mcam. R. Et clamor mcus ad te vcniat. V. Dominus vobis-cum. R. Et cum spiritu tuo. |
V. Van de poorten der hel. R. Verlos, o Heer, zijne (hare) ziel. V. Heer, verhoor mijn gebed. R. En mijn geroep kome tot U. V. De Heer zij met u. uwen R. En met geest. |
N. Handb. Derde Orde.
21.
322
OREMUS. LATEN WIJ BIDDEN.
|
Pro uno def undo. Inclina, Domine, aurcm tuam ad prc-ccs nostras, quibus misericordiam tuam supplices dcprcca-mur, ut animam famuli tui N., fratris nostri, quam dc hoe sa^culo migrarc jus-sisti, in pacis ac lucis regione constituas, ct sanctorum tuo-rum jubcas esse con-sortem. Pro una dcfuncta. OiiEesumus, Do-mine, pro tua pietatc miserere aninue fa-mulae tuae N., soro-ris nostrse, et a con- |
Voor een overleden medebroeder. Neig, o Heer, Uw oor tot onze gebeden, waardoor wij Uwe barmhartigheid ootmoedig smeeken, dat Gij de ziel van Uwen dienaar N., onzen broeder, dien Gij van deze wereld hebt doen scheiden, in het land van vrede en licht wilt stellen en haar het gezelschap Uwer heiligen doen genieten. Voor eene overleden medezuster. Wij bidden U, Heer, wees de ziel van Uwe dienares N., onze zuster, volgens Uwe goeder- |
|
3 tagiis mortalitatis exutam in seterme salvationis partem restitue. Deus, venise lar-gitor, et humanae salutis amator, qufe-sumus clementiam tuam, ut nostras con-grcgationis fratrcs, propinquos ct bene-factores, qui ex hoe saeculo transierunt, Bcata Maria semper virgine intercedente, cum omnibus san-ctis tuis, ad perpe-tiue beatitudinis consortium pervenire concedas. Qui vivis et regnas in saccula saeculorum. R. Amen. |
!3 tierenheid genadig en herstel haar, gezuiverd van de besmettingen der sterfelijkheid, in het erfdeel der eeuwige zaligheid. O God, gever der genade en minnaar van de zaligheid der menschen, wij smcc-ken Uwe goedertierenheid, dat Gij door de voorspraak van de zalige Maria, altijd maagd, en van al Uwe heiligen, aan de broeders, bloedverwanten en weldoeners onzer vergadering, die uit deze wereld gescheiden zijn, moget verkenen, dat zij tot de gemeenschap der eeuwigezaligheid geraken. Die leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. K. Amen. |
324
Men sluit den dienst met het zingen der volgende au tip hoon (Gezangen enz. bladz. 85);
Antiphoon.
Mogen de engelen u het paradijs binnenleiden; mogen de martelaren u ontvangen bij uw intreden, en u voeren in de heilige stad Jeruzalem.
v. Moge het koor der engelen u ontvangen, en moget gij met Lazarus, die eens arm was, de eeuwige rust genieten.
N.B. Wanneer de uitvaart, welke vanwege de congregatie gehouden wordt voor een overleden broeder of zuster, niet gezongen wordt, zinge men van het begin der mis tot aan het Sanctus den volgenden psalm (Gezangen enz. bladz. 86):
Psalm 50. Wees mij genadig, o God, naar uw groote barmhartigheid.
Antiphona.
In paradisum de-ducant te angeli, in tuo adventu susci-piant te martyres, et perducant te in civitatem sanctam Jerusalem.
v. Chorus angc-lorum te suscipiat, et cum Lazaro quondam paupere aetcr-nam habeas requiem.
psalmus 50. Miserere mei,Deus,* secundum magnam misericordiam tuam.
|
Et secundum mul-titudmcm miscrati-onum tuarum * dele iniquitatem meam. Amplius lava me ab iniquitate mea: * et a peccato meo munda me. Quoniam iniquitatem meam ego cognosco:* et pec-catum meum contra me est semper. Tibi soli peccavi, et malum coram te feci: * ut justificeris in sermonibus tuis, et vincas cum judi-caris. Ecce enim in ini-quitatibus conceptus sum:* et in peccatis concepit me mater mea. Ecce enim verita-tem dilexisti: * in- |
En naar de menigte uwer ontfermingen delg mijne misdaad uit. Wasch mij meer en meer van mijne ongerechtigheid, en reinig mij van mijne zonde. Want ik erken mijne ongerechtigheid, en mijne zonde staat mij steeds voor oogen. Tegen U alleen heb ik gezondigd, en gedaan, wat kwaad was in Uwe oogen; opdat Gij gerechtvaardigd wordt in Uwe woorden, en overwint, als Gij wordt geoordeeld. Want zie, in ongerechtigheden werd ik ontvangen, en in zonden ontving mij mijne moeder. Want zie, Gij hebt de waarheid lief; |
|
certa et occulta sa-pientiae tua; mani-festasti mihi. Asperges me hys-sopo et mundabor: * lavabis me, et super nivem dealbabor. Auditui meo dabis gaudium et ketiti-am; * et exultabunt ossa humiliata. Averte faciem tu-am a peccatis meis : * et omnes itiiquitatcs meas dele, Cor mundum crea in me, Deus: * et spiritum rectum in-nova in visceribus meis. Ne projicias me a facie tua:* et spiritum sanctum tuum ne auferas a me. |
Redde mihi lïcti-het onbekende en verborgene Uwer wijsheid deedt Gij mij kennen. Bespreng mij met hysop en ik zal gereinigd worden; wasch mij en ik zal witter worden dan sneeuw. Doe mij vreugde en blijdschap hoo-ren, en mijn vermer-geld gebeente zal juichen. Keer Uw aangezicht van mijne zonden af, en wisch al mijne ongerechtigheden uit. Schep in mij, o God, een zuiver hart, en vorm een rechten geest in mijn binnenste. Verwerp mij niet van Uw aangezicht, en neem Uwen heiligen geest niet van mij weg. Geef mij de vreug- |
|
tiam salutaris tui: * et spiritu principal! confirma me. Doccbo iniquos vias tuas : * ct itnpii ad tc convertcntur. Libera me dc san-guinibi^Deus, Deus salutis mese: * et exultabit lingua mea justitiam tuam. Domine, labia mea aperies:* et os me-um annuntiabit lau-dem tuam. Ouoniam si vo-luisses sacrificium, dedissem utique: * holocaustis non de-lectaberis. Sacrificium Deo spiritus contribula-tus:* cor contritum ethumiliatum, Deus, non despicies. |
de uws heils weder, en ondersteun mij met een gewilligen geest. Overtreders zal ik Uwe wegen leeren, en zondaars zullen zich tot U bekeeren. Bevrijd mij van bloedschuld, o God, Gij, God mijns heils, en mijne tong zal met blijdschap Uwe gerechtigheid verheffen. O Heer, open mijne lippen, en mijn mond zal Uwen lof verkondigen. Want had Gij een offer begeerd, ik zou het voorzeker gebracht hebben ; brandoffers behagen U niet. Een offer, aan God welgevallig, is een gebroken geest; een vermorzeld en verslagen hart zult Gij niet versmaden, o God. |
|
Benigne fac, Do-mine, in bona vo-luntate tua Sion: * ut asdificentur muri Jerusalem. Tunc acceptabis sacrifium justitiae, oblationes et holo-causta: * tune im-ponent super altare tuum vitulos. Requiem aeter-nam* dona cis, Do-mine. Et lux perpetua* luceat cis. |
Doe wel, o Heer, naar Uwe goedheid aan Sion; dat Je-ruzalems muren gebouwd worden. Dan zult Gij lust hebben aan een offer van gerechtigheid, aan gaven en brandoffers; dan zal men varren op uw altaar leggen. Heer, geef haar de eeuwige rust. En het eeuwige licht verlichte haar. |
Na de elevatie zingt men; Jesn, Salvator mundi, als hoven bladz. 320. (Gezangen enz. bladz. 83).
Na de communie wordt gezongen dc psalm De profundis, als hoven bladz. 212. (Gezangen enz. bladz. 84).
Na de mis zing-/ dc priester dc versen en oraties, als hoven bladz. 321 en vlgg.
329
Zegening van het Koordje van den H. Franciscus. (i)
Sacerdos indutus superpcllicio ac stola alba dical:
V. A djutorium nostrum in nomine
* ■ Domini.
R. Qui fecit ccelum et terrain. V. Ora pro nobis, beate Pater Francisce. R. Ut digni efficiamur promissionibus Christi.
V. Domine, exaudi orationem meam. R. Et clamor mens ad te veniat. V. Dominus vobiscum.
R. Et cum spiritu tuo.
OREMUS.
Deus, qui, ut servum redimeres, Filium tuum per manus impiorum ligari voluisti: bene f die, qusesumus, funem istum, et pracsta; ut famulus tuus, qui eo velut ligamine poenitentiali sui corporis cingetur, vinculorum ejusdem Domini nostri Jesu Christi perpetuo memor existat, et in ordine, quem assumpsit, perenniter per-severet, tuisque cum afifectu semper obse-
(i) Overgenomen uit het Rituale Romanum, uitgave Pustet 1891.
33°
quiis se alligatum esse cognoscat. Per Dominum nostrum Jesum Christum Filium tuum, qui tecum vivit et regnat in unitate Spiritus Sancti Deus, per omnia sa^cula saeculorum. R. Amen.
OREMUS.
Omnipotens sempiterne Deus, qui omnibus peccatoribus quaerentibus veniam et misericordiam quaesita et optata mise-ricorditer tribuisti; oramus immensam clementiam tuam: ut has chordas {vel hanc chordam) bene f dicere et sanctificare digneris; ut quicumque iis {vel ea) pro peccatis suis cincti fuerint {vel cinctus fuerit), et clementiam tuam imploraverint {vel imploraverit), meritis et intercessione beatissimi servi tui Francisci veniam et indulgentiam suorum peccatorum, fruc-tumque tuse sanctae misericordiae conse-quantur {vel consequatur) Per Christum Dominum nostrum. R. Amen.
Deinde aspergaiur aqua heuedicia; vwx sacerdos cingendo cum chorda, dicai:
Accipe chordam super lumbos tuos; ut sint lumbi tui praecincti in signum castitatis. In nomine Patris, et lH,ilii f, et Spiritus Sancti. K. Amen.
Akte van opdracht bij het begin van den dag.
O eeuwige God, zie mij hier voor Uwe onmetelijke Majesteit neergebogen ; ik aanbid U nederig, ik draag U op al mijne gedachten, woorden en werken van dezen dag ; ik neem mij voor alles te doen uit liefde tot U, tot Uwe glorie, om Uwen goddelijken wil te volbrengen, om U te dienen, te prijzen en te zegenen, om verlicht te worden in de geheimen van ons heilig geloof, om mijne zaligheid te verzekeren en te hopen op Uwe barmhartigheid, om Uwe Goddelijke rechtvaardigheid te voldoen voor mijne zoo talrijke en zoo zware zonden, om de geloovige zielen in het vagevuur te lieden, en de genade eener oprechte bekeering te verwerven voor alle zondaren. Alles samenvattend neem ik mij voor, al mijne handelingen te verrichten in vereeniging met die aller- eeuwige God, zie mij hier voor Uwe onmetelijke Majesteit neergebogen ; ik aanbid U nederig, ik draag U op al mijne gedachten, woorden en werken van dezen dag ; ik neem mij voor alles te doen uit liefde tot U, tot Uwe glorie, om Uwen goddelijken wil te volbrengen, om U te dienen, te prijzen en te zegenen, om verlicht te worden in de geheimen van ons heilig geloof, om mijne zaligheid te verzekeren en te hopen op Uwe barmhartigheid, om Uwe Goddelijke rechtvaardigheid te voldoen voor mijne zoo talrijke en zoo zware zonden, om de geloovige zielen in het vagevuur te lieden, en de genade eener oprechte bekeering te verwerven voor alle zondaren. Alles samenvattend neem ik mij voor, al mijne handelingen te verrichten in vereeniging met die aller-
332
zuiverste meeningen, welke Jezus en Maria hier op aarde bezaten, alsmede alle heiligen, die in den hemel zijn en alle rechtvaardigen, die op aarde leven: ik zou wenschen deze mijne meening met mijn eigen bloed te kunnen onderschrijven en haar ieder oogenblik zooveel malen te kunnen herhalen als er oogenblikken in de eeuwigheid zijn.
Ontvang, o mijn God, dezen mijnen goeden wil, en schenk mij Uwen heiligen zegen met eene krachtige genade, om geheel mijn leven lang geene doodzonde te bedrijven, maar vooral op dezen dag, waarop ik verlang en mij voorneem alle aflaten te verdienen, die ik kan, alsmede tegenwoordig te zijn bij alle heilige missen, die in dit oogenblik over geheel de wereld zullen worden opgedragen, ze toepassend op de geloovige zielen in het vagevuur, opdat zij van hare pijnen mogen worden verlost. Amen.
(Een aflaat van 100 dagen, eenmaal daags. Raccolta. (i).
(i) Verzameling van gebeden en godvruchtige werken, aan welke tie Pausen aflaten hebben verbonden.
333
Dankzegging bij het einde van den dag.
1quot;|—'iefderijke hemelsche Vader, ik dank ^ Uwe groote goedheid en barmhartigheid, dat Gij mij ook heden, ondanks al mijne gebreken en zwakheden, met zulk een onuitsprekelijk geduld hebt verdragen. Ach! schaamte bedekt mijn aangezicht, wanneer ik mijn werk van heden beschouw; ik dacht zoo zelden aan U, met ondank vergold ik Uwe weldaden en heb wederom den tijd laten verloren gaan, welken Gij mij tot het zaaien van eeuwige vruchten verleend hadt. {Onderzoek hier uw geweten.)
Almachtige Vader, uit de diepte mijns harten roep ik tot U : ontferm U mijner en vergeef mij om Jezus, Uwen Zoon, mijnen Verlosser, die voor mijne zonden aan het kruis gestorven is en mij heeft vrijgekocht; vergeef mij om Hem de zonden, welke ik uit boosheid of uit mensche-lijke zwakheid beging. Ter vergoeding voor al mijne misstappen en verzuimenis-sen, offer ik aan Uwe Goddelijke Majesteit Zijne vurige gebeden, Zijn nacht-
334
waken, Zijn vasten en al wat Hij voor mijne zaligheid heeft gedaan. Laat deze opdracht, die ik U met een berouwvol hart doe, mij tot vergiffenis strekken.
Daar Gij in Uwe wijze verordening en goedertierenheid den nacht hebt bestemd, om ons te verkwikken, zoo begeef ik mij ter ruste, om morgen met vernieuwde krachten Uwe Goddelijke Majesteit te kunnen dienen.
Ik offer U, o Heer, de liefelijke gezangen Uwer heilige engelen en van alle gelukzaligen, die, terwijl alles op aarde sluimert, U loven en danken in den hemel. Ook offer ik U de aandacht aller godvruchtige zielen, die gedurende dezen nacht Uwe Almacht door gebeden en lofzangen loven.
Verkwik, o Vader der barmhartigheden, de vermoeiden, bescherm de reizenden, troost de kranken, kom de noodlijdenden te hulp, weer alle listen en lagen van den boozen vijand en alle vreeswekkende droomen van ons af, en behoed ons voor eenen haastigen en onvoorzienen dood. Ontferm U ook over de zielen onzer
335
broeders en zusters, die ons in het geloof en de liefde zijn voorgegaan en nog in den smartelijken gloed van het zuive-ringsvuur moeten gereinigd worden van de vlekken der sterfelijkheid, alvorens zij in het hemelrijk, waarin niets onreins kan binnengaan, tot de aanschouwing Uwer Godheid kunnen geraken. Zend hun licht en troost, vergeef hun, om het dierbaar bloed, dat Uw eeniggeboren Zoon voor hunne verlossing aan het kruis gestort heeft, en neem hen weldra op in de glorie Uwer heiligen.
Heer Jezus, stort Uwen zegen uit over dit huis, en behoed mij en allen, die het bewonen, voor zichtbare en onzichtbare vijanden. Onder Uwe bescherming wil ik waken en rusten, leven en sterven. Geef, dat, terwijl mijn lichaam slaapt, mijn hart wake en aan U denke, opdat ik niet in den eeuwigen slaap valle, maar morgen in uwe liefde mag ontwaken. Amen.
Moeder der barmhartigheid, heilige Maria, die het eeuwig Woord des Vaders in de diepe stilte van den nacht
336
ter wereld bracht, en toen eene moeder der zaligheid werd voor allen, die uwe bescherming inroepen, zegen en bewaar mij dezen nacht. Ik beveel mijne ziel en mijn lichaam in uwe moederlijke bescherming : behoed mijn hart voor alle onreine en zondige gedachten, opdat ik in eenen heiligen vrede slape en ruste. Amen.
Heilige Engel, mijn bewaarder, houd steeds de oogen uwer liefde op mij gevestigd, opdat ik dezen nacht van alle ongelukken bevrijd blijve; verwerf mij, dat ik niet door een haastigen dood overvallen worde en dit leven niet verlate dan na eene oprechte boetvaardigheid over mijne zonden gedaan te hebben.
Heilige N., mijn patroon, bid voor mij en bescherm mij gedurende dezen nacht, geheel den tijd mijns levens en bijzonder in het uur van mijnen dood. Amen.
m
\4 isgebeden.
Bij het begin der heilige Mis.
emelsche Vader, ik bied U aan het offer, dat Uw welbeminde Zoon Jezus van Zich zeiven bracht op het kruis, en dat Hij thans op dit altaar hernieuwt: ik bied het U aan in naam aller schepselen, tegelijk met de heilige missen, die reeds opgedragen zijn en over geheel de wereld nog zullen worden opgedragen, om U te aanbidden en U de verdiende eer te geven, om U den verschuldigden dank te brengen voor Uwe tallooze weldaden, om Uwen toorn te bevredigen wegens onze talrijke zonden
22.
N. Handb. Derde Orde.
338
en U waardige voldoening te schenken, om U te smeeken voor mij zeiven, voor de Kerk, voor geheel de wereld en voor de geloovige zielen in het vagevuur.
Confiteor.
Sitk beschuldig mij voor U, o mijn God,
(®'i' van al de zonden, waaraan ik plichtig ben; ik beschuldig mij daarvan in de tegenwoordigheid van de allerzuiverste Maagd Maria, van alle heiligen en van alle geloovigen ; ik belijd, dat ik gezondigd heb met gedachten, woorden, werken en door verzuim van deugden, door mijne schuld, door mijne allergrootste schuld. Daarom bid ik de H. Maria, altijd maagd, alle heiligen en alle geloovigen voor mij te willen bidden.
Barmhartige Vader, wees ons genadig, vergeef ons onze zonden en verhoor goedgunstig de gebeden, die wij tijdens dit heilig offer tot den troon Uwer Majesteit opzenden.
Als de priester het altaar optreedt.
leeken U, o Heer, verwijder van
onze boosheden, opdat wij met
339
een zuiver hart in aandacht,, eerbied en godsvrucht deze heilige mis bijwonen. Door Christus, onzen Heer. Amen.
Als de priester zich. ia Let midden des altaars nederbuigt.
a?A?£ij bidden U, o Heer, door de ver-•** diensten Uwer heiligen, wier overblijfselen hier rusten, en van alle heiligen, dat Gij al mijne zonden wilt vergeven. Amen.
latroitus.
SjMooggeprezen zij de Allerheiligste Drie-4® vuldigheid en de onverdeelbare Eenheid ; wij zullen haar danken, omdat zij ons Hare barmhartigheid getoond heeft. God, onze Heer, hoe wonderbaar is Uw Naam over de geheele aarde.
Eere zij den Vader, en den Zoon, en den H. Geest. Gelijk het was in het begin, en nu en altijd, en in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
Kyrie eleison.
foddelijke schepper onzer zielen, ontferm U over het werk Uwer handen.
34°
Barmhartige Vader, bewijs barmhartigheid aan Uwe kinderen.
Heer Jezus Christus, bewerker onzer zaligheid, die voor ons zijt geslachtofferd, maak ons deelachtig aan de vei diensten van Uwen dood en Uw dierbaar bloed.
God H. Geest, zuiver mijne ziel van alle vlekken en reinig mijn lichaam van alle onzuiverheid, opdat het Uw tempel moge zijn en blijven.
Gloria in excelsis.
Spere zij God in de hoogste hemelen, en vrede aan de menschen, die van goeden wille zijn 1 Wij loven U ; wij prijzen U; wij aanbidden U; wij verheerlijken U; wij bedanken U wegens Uwe groote heerlijkheid. Heer God, Koning des hemels, God, almachtige Vader. Heer Jezus Christus, eeniggeboren Zoon, Heer God, Lam Gods, Zoon des Vaders, die de zonden der wereld wegneemt, ontferm U onzer ; die de zonden der wereld wegneemt, ontvang onze gebeden; die zit aan de rechterhand des Vaders, ontferm U onzer. Want Gij alleen zijt heilig, Gij
34i
alleen de Heer, Gij alleen de Allerhoogste, Jezus Christus, met den H. Geest in de heerlijkheid van God den Vader. Amen.
Dominus vobiscum.
(ffseest van vrede en liefde, rust op ons ; ^ vereenig den priester en ons allen in de gevoelens van eene volmaakte eendracht, om gezamenlijk onzen God te bidden.
Collecten.
|Mferlecn ons, o Heer, al hetgeen de pries-ter in den naam der H. Kerk voor ons vraagt, en geef ons voornamelijk vermeerdering van geloof, hoop en liefde. Vergeef ons onze zonden, en geef ons de genade, om al Uwe geboden heiliglijkte onderhouden. Geef, dat wij ons gaarne onderwerpen aan Uwe Goddelijke voorzienigheid en Uwen heiligen wil in alles aanbidden ; en verleen ons al wat noodig en dienstig is tot onze tijdelijke welvaart en het eeuwige leven ; dit bidden wij U door de verdiensten van onzen Heer Jezus Christus, dien wij U in deze heilige offerande zullen opdragen.
342 Epistel.
geef mij, o God, dat ik de lessen van Uwe profeten cn apostelen altijd moge beschouwen als brieven door U uit den hemel gezonden, om ons Uwen heiligen wil kenbaar te maken. Laat nimmer toe, dat Uw heilig woord door de versteendheid mijns harten mij eene nieuwe gelegenheid worde van te zondigen, maar dat het door Uwe genade mijn verstand verlichte, mijn hart ontsteke, opdat ik ook gevoelen moge hetgeen de leerlingen van Emmaus gevoelden, toen zij zeiden: Was ons hart niet brandende in ons, toen Hij ons de Schriftuur opende?
Tusschen den epistel en het evangelie, ij reinigdet weleer, o God, de lippen van Uwen profeet Isaias door een brandende vuurkool. Reinig alzoo de lippen van Uwen dienaar om Uw heilig evangelie te verkondigen; maar, Heere, reinig ook alzoo mijne ooren, om het aan te hooren. Schenk aan mijnen geest de gaven, om het goed te verstaan, en verleen tevens aan mijn wil de kracht en den moed, om het te volbrengen.
343 Evangelie.
■ gSM00 gelukkig ben ik, o God, dat ik
. Ss|b boven zoovele anderen in Uwen waren
dienst geboren en opgevoed ben. Dank zij U daarvoor, eeuwige dank worde U voor dat onschatbaar gunstbewijs toegebracht. Ach! mochten toch alle men-schen, bijzonder onze nog dwalende en ongeloovige broeders, U leeren kennen en kinderlijk beminnen. Mochten door Uw heilig woord alle onwetenden geleerd, alle twijfelmoedigcn verlicht, alle bedroefden getroost, alle zwakken gesterkt, alle gevallenen weder opgericht, en alle zondaars bekeerd worden. Dat dit geschiede, o God, bidden wij U door Jezus Christus, Uwen Zoon, die weleer van Zich getuigde, dat Hij het licht der wereld, de weg, de waarheid en het leven is. Amen.
Credo.
.:quot;7;k geloof in eenen God, den almachtigen Vader, Schepper van hemel en aarde, van alle zichtbare en onzichtbare dingen. En in eenen Heer Jezus Christus, Gods
,
344
eeniggeboren Zoon. En uit den Vader voor alle eeuwen geboren. God van God, licht van licht, waren God van den waren God. Geboren, niet gemaakt, eén in wezen met den Vader, door wien alle dingen gemaakt zijn. Die om ons men-schen en om onze zaligheid is nedergedaald uit den hemel. En het viecsch heeft aangenomen door den H. Geest uit de Maagd Maria : en is mensch geworden. Die voor ons ook gekruisigd is, onder Pontius Pilatus geleden heeft en begraven is. En Hij is volgens de schriften ten derden dage verrezen. En Hij is opgeklommen ten hemel, zit aan de rechterhand des Vaders. En Hij zal met heerlijkheid wederkomen, om te oordeelen de levenden en de dooden ; wiens rijk geen einde zal hebben. En in den H. Geest, den Heer en Levendmaker, die uit den Vader en den Zoon voorkomt. Die met den Vader en den Zoon te zamen aangebeden en mede verheerlijkt wordt: die door de profeten gesproken heeft. En ééne, heilige, katholieke en apostolische Kerk. Ik belijd één doopsel tot vergeving
.345
der zonden. En ik verwacht de verrijzenis der dooden. En het toekomstig eeuwig leven. Amen.
Offerande.
■^SÈlmachtige God, goedertieren Vader, ' quot;J-,* neem, bidden wij U, dit offer aan, dat wij Uwe oneindige Majesteit opdragen. Het is nog slechts brood, dat wij U offeren; maar dit brood zal weldra door de woorden der consecratie veranderd worden in het voorwerp onzer aanbidding; het zal dat zuivere en onbevlekte offer worden, dat Gij tot verlossing onzer zielen gevorderd hebt. Wij dragen het U op als een offer, dat Uwer waardig is.
Neem ook den kelk des heils aan en laat hem, smeeken wij U, voor onze zaligheid en die der geheele wereld met een aangenamen geur tot Uwe Goddelijke Majesteit opstijgen.
Hoe vurig verlang ik, o God, mij te vereenigen met Uwen Zoon Jezus Christus, en mij zeiven geheel met Hem als een zoenoffer aan U op te dragen ! Ik
346
offer U mijn lichaam, mijne ziel en alles wat ik van Uwe goedheid ontvangen heb. Verander mij, o Heer, en vereenig mij met Hem, gelijk dit brood en deze wijn in Zijn lichaam en in Zijn bloed zal veranderd worden.
Aanbiddelijke Drievuldigheid, zegen en heilig deze offerande, die ik U opdraag in vereeniging met den priester, tot ver-eering Uwer oneindige Majesteit, tot dankzegging voor Uwe genaden en weldaden, tot voldoening voor mijne zonden, en om van Uwe goedheid verder al die hulp te verkrijgen, die ik tot mijne zaligheid noodig heb.
Bij het wasschen der vingers.
|P?£asch mijne ziel, o mijn God, en quot;t' reinig haar van alle ongerechtigheden, zuiver mij van alle besmettingen der zonde, verdelg in mij de minste onvolmaaktheden; dan zal ik met de heiligen Uwen altaar omringen, en U eeuwig loven in de woonzalen Uwer heerlijkheid.
347
Orate fratres.
|y/|erhoor, Heer, de gebeden Uwer gc-1/4 loovigen, die hier vereenigd zijn, om U dit aanbiddelijk offer op te dragen; neem het aan, bidden wij U, tot verheerlijking van Uwen H. Naam, tot ons bijzonder heil en tot welzijn Uwer ge-heele H. Kerk.
Secreta.
God, doe mij waardig deze heilige ^ en eerbiedwekkende geheimen bijwonen. O God, hoe ontzaggelijk is het werk dat Gij gaat verrichten. O God, volbreng en ontvang deze offerande door Jezus Christus, onzen Heer, Uwen Zoon, die met U leeft en heerscht in de eenheid des H. Geestes. Amen.
Prefatie en Sacctus.
Slot U, o God, verheffen wij onze harten, en wij aanbidden Uwe Goddelijke Majesteit; want het is waarlijk waardig en recht, billijk en zalig, dat wij U altijd en op alle plaatsen loven en danken, heilige Heer, almachtige Vader, eeuwige
348
God, door Christus, onzen Heer. Door wien de Engelen Uwe Majesteit loven, de heerschappijen U aanbidden, en de machten U vreezen ; door wien de hemel en der hemelen krachten met de heilige serafijnen U met eenparige blijdschap vereeren en aanbidden. Gedoog, o Heer, dat wij onze zwakke lofzangen voegen bij die der hemelsche geesten, en dat wij te zamen in verrukking van vreugde en bewondering, met ootmoedigheid uitroepen : Heilig, heilig, heilig is de Heer, de God der heerscharen. Hemel en aarde zijn vol van Uwe heerlijkheid. Heil U in de hoogste hemelen ! Gezegend zij Hij, die daar komt in den naam des Heeren! Heil U in de hoogste hemelen!
Canon.
Almachtige, eeuwige God, wien alleen ^ de hulde onzer aanbidding en offerande toekomt, wij naderen Uwen troon in den naam van Jezus Christus, Uwen Zoon en onzen Heer, om U deze zuivere offerande, de eenige waardoor Uw naam verheerlijkt wordt, op te dragen, voor de
349
verheffing Uwer Kerk, voor haar zichtbaar opperhoofd, den Paus van Rome, voor alle bisschoppen en priesters, voor onze herders en zielzorgers en voor allen, die het geloof Uwer Kerk belijden; voor onze ouders cn bloedverwanten, vrienden en weldoeners, inzonderheid voor N. N. alsmede voor hen, die ons beleedigd hebben. Vergeef ons onze zonden, en schenk ons kracht om de bekoringen te wederstaan en genade om de deugden te beoefenen. En opdat onze gebeden U aangenaam mogen zijn, vereenigen wij ons met de allerheiligste Maagd Maria, de Moeder van onzen Heer Jezus Christus, met Uwe apostelen, martelaren en met al Uwe heiligen; verleen ons, door hunne voorspraak, hetgeen wij door onze zonden onwaardig zijnquot;te ontvangen. Hoor hunne gebeden, o barmhartige God, en zie met ontferming op ons neder.
O mijn God, hadde ik op dit oogen-blik de vurige begeerten, met welke de H. oudvaders de komst van den Messias verlangden! Ach, hadde ik hun geloof en hunne liefde! Kom, Heer Jezus, kom
350
aanbiddelijke Zaligmaker der wereld, kom en voltrek het geheim Uwer liefde. Ziet, het Lam Gods komt! Ziedaar het aanbiddelijk offer, door hetwelk alle zonden der wereld vergeven worden.
Bij de opheffing der H. Hostie.
tanbiddelijke Jezus, vleesch geworden
Woord des Vaders, waarachtig God en mensch, ik geloof, dat Gij hier tegenwoordig zijt; ik aanbid U met den diep-sten eerbied ; ik bemin U uit geheel mijn hart, en dewijl Gij U uit liefde tot mij offert, zoo offer ik mij zeiven geheel aan U op.
Bij de opheffing van den Kelk.
goddelijke Jezus, ik aanbid den prijs quot;J' mijner verlossing en dien der geheele wereld in dezen kelk. Ik aanbid dit dierbaar bloed, dat Gij aan het kruis voor mijne zaligheid vergoten hebt. Dat bij de aanschouwing van Uwe oneindige liefde mijne ziel levendig doordrongen zij van bewondering, dankbaarheid, vertrouwen en liefde.
35i
Vervolg van den Canon.
IMu is het geen brood of wijn meer, 'rf? maar het aanbiddelijke lichaam en bloed van onzen Verlosser, Uwen Zoon Jezus Christus, hetwelk wij U, o Vader aller genade, opdragen ter gedachtenis van Zijn lijden en sterven, van Zijne opstanding en hemelvaart. Ontvang, Heer, dit onbevlekte offer uit onze handen, en vervul ons met Uwe genade.
Ach! hoe groot zou voortaan mijne boosheid en ondankbaarheid zijn, indien ik, na gezien te hebben hetgeen ik nu zie, nog in eenige zonde toestemde. Neen, mijn goede God, ik zal nooit vergeten, waaraan Gij mij door deze offerande herinnert, namelijk: aan de smarten van Uw lijden, aan Uw doorwond lichaam, aan Uw dierbaar bloed, dat voor ons vergoten is, aan Uwe heerlijke opstanding en hemelvaart.
Gedenk ook, barmhartige God, de zielen dergenen, die nog in de plaats van zuivering zijn, en die, hoewel zij U toebe-hooren, nog door de smetten der zonden verhinderd worden, om in Uwe vlekke-
352
looze tegenwoordigheid te worden toegelaten. Ik bid U inzonderheid voor de 4 zielen mijner ouders, vrienden en weldoeners als ook voor die, welke geen bijzondere voorbidders op aarde hebben. lt; Pater Noster.
fneindige God, hoewel ik slechts stof en asch ben, mag ik U, naar het voorschrift Uws Zoons, vader noemen.
Verleen mij de genade, dat ik door een heiligen wandel een rechtgeaard kind zij. Uw heilige naam worde overal geheiligd;
beheersch voortaan mijn hart, door Uwe genade, opdat ik eeuwig met U heerschen moge in Uwe heerlijkheid, na hier op aarde Uwen wil volbracht te hebben,
gelijk de heiligen dien in den hemel volbrengen. Geef ook mij dagelijks het geestelijke en lichamelijke voedsel, dat ik behoef. Vergeef mij. Heer, gelijk ik om Uwen wil, aan al mijne beleedigers van harte vergiffenis schenk. Verlaat mij niet in het uur van verzoeking en kwelling, maar geef, dat ik, door den bijstand Uwer genade, al de vijanden mijner zaligheid overwinne. Amen.
353 Agnus Dei.
am Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, ontferm U onzer !
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, ontferm U onzer !
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, geef ons den vrede !
e i
f
Heer Jezus Christus, die aan Uwe apostelen hebt gezegd : Ik laat u den vrede. Ik geef u Mijnen vrede, geef ons dien waren vrede, dien Gij alleen geven kunt, den vrede des gewetens, den vrede met U, en verlos ons van de zonde, die ons daarvan berooft; geef ons den vrede en eene volmaakte eendracht met al onze broeders ; geef den vrede aan Uwe heilige katholieke Kerk, en verlos haar van alle scheuring, van alle verdrukking en van alle onheil.
Communie.
gt|eer, ik ben niet waardig, dat Gij onder mijn dak komt, maar spreek slechts één woord, en mijne ziel zal gezond worden. Driemaal.
N. Handb. Derde Orde.
I
354
Ik ben niet waardig, Heer, maar door Uw woord zijn alle dingen geschapen; ik ben niet waardig, maar op Uwe stem worden de steenrotsen vermorseld; op Uwe stem zwijgt regen en wind ; op Uwe stem staan de dooden op en worden de kranken genezen. Spreek dan, o Jezus, en mijn hart zal verbrijzeld wezen door leedwezen over mijne zonden; spreek en al mijne driften en begeerlijkheden zullen bedaren ; spreek, en al mijne boosheden zullen verdwijnen; spreek, en mijne ziel zal terstond leven, gezond zijn en waardig, om met U vereenigd te worden.
Ach, ik vertrouw op Uwe liefde, kan ik U nu niet wezenlijk ontvangen, gelijk de priester, ik ontvang U echter in den geest, en met mijne wenschen; ik smeek U maak mij deelachtig aan Uwe gunsten en genaden, en maak mij waardig, om U ten spoedigste te ontvangen.
Kom spoedig, o mijn Jezus, kom tot mij, o mijn Liefde, mijne ziel brandt van verlangen om zich met U te vereenigen. Kom, vereenig U zoo innig met mij, dat niets ons voortaan meer kan scheiden.
355
Jezus, eeuwige waarheid, ik geloof in U ; Jezus, oneindige barmhartigheid, ik hoop op U ; Jezus, opperste goed, ik bemin U van harte; Jezus, mijn Heer en mijn God, ik aanbid U ; Jezus, mijn God en mijn al, ik verlang en verzucht naar U ; Jezus, Jezus, kom tot mij.
Na de Communie.
zal ik U wedergeven, o Heer, ' 'J voor al hetgeen Gij mij geschonken hebt. Ach, mijn Jezus, ik wil voortaan U alleen toebehooren, mijne ziel, mijn lichaam, mijne zintuigen, al mijne werken zullen voortaan aan U behooren, om U alleen te dienen en te beminnen. Gij hebt U zeiven opgeofierd voor mijne zaligheid ; ik verlang ook mij te offeren tot Uwe heerlijkheid. Ik ben Uw slachtoffer, beschik over mij naar Uw welgevallen ; gelukkig, indien Gij U gewaardigt deze opoffering aan te nemen. Verleen mij, o mijn God, een levendig geloof, een brandende liefde, een geduld om alle beproevingen te doorstaan, eene diepe ootmoedigheid, eene ware verachting van
3Sö
de wereld, een heilig verlangen naar den hemel, en de genade om in Uwe Goddelijke liefde te sterven. Ik vraag U al deze genaden door de verdiensten van Uw smartelijk lijden, waarvan Gij de gedachtenis hernieuwd hebt.
Als de priester den zegen geeft.
jgtort over ons, o Heer, Uwen zegen ' door de hand van Uwen dienaar, en dat de uitwerkingen ervan eeuwig op ons rusten.
Ons zegene de Almachtige God, de Vader en de Zoon, en de H. Geest. Amen.
Laatste evangelie.
Hhi den beginne was het Woord, en het ®'i' Woord was bij God, en het Woord was God. Dit was in den beginne bij God. Alles is door hetzelve geworden ; en zonder hetzelve is niets geworden, dat geworden is. In hetzelve was leven, en het leven was het licht der menschen. En het licht schijnt in de duisternis, en de duisternis nam het niet op.
Er was een mensch, van God gezonden,
357
die tot naam had Joannes. Deze kwam tot getuigenis, om getuigenis te geven van het licht, opdat allen gelooven zouden door hem. Hij was het licht niet, maar hij kwam om getuigenis te geven van het licht. Het ware licht was dat, hetwelk iederen mensch verlicht, die komt in deze wereld, en de wereld is door Hem geworden, en de wereld heeft Hem niet gekend. Hij kwam in Zijn eigendom, en de Zijnen namen Hem niet aan. Doch zoovelen Hem aannamen, aan die gaf Hij macht, om kinderen Gods te worden, hun, die in Zijnen naam gelooven; die niet uit bloed, noch uit den wil des vleesches, noch uit den wil eens mans, maar uit God geboren zijn. En het Woord is vleesch geworden, en heeft onder ons gewoond (en wij hebben Zijne heerlijkheid aanschouwd, eene heerlijkheid als des Eeniggeborenen van den Vader), vol genade en waarheid.
God zij gedankt.
Dankgebed na de H. Mis.
||fk dank U, o God, voor de genade, die Gij mij bewezen hebt, dat ik bij deze
358
heilige offerande der Mis ben tegenwoordig geweest, en voor al de gunsten, die Gij mij bewezen hebt. O heilige engelen en gelukzalige geesten, dankt, zegt eeuwig dank voor mij. Hemel en aarde, looft altijd Zijnen heiligen naam voor de weldaden, die Hij mij heeft betoond. En U, mijn Goddelijke Zaligmaker, U smeek ik, door de oneindige liefde, welke Gij mij zoo even hebt betoond, door U voor mij op het altaar op te offeren, verleen mij de genade om dezen dag, die mij slechts gegeven is, om mij heilig te maken, en die de laatste mijns levens zijn kan, heilig en voor U te mogen besteden, opdat ik de vruchten van deze heilige offerande, die ik nu heb bijgewoond, niet verlieze. Amen.
Vóór de H. Communie.
i. Verzuchting om den god/ie lijken bijstand. Jezus Christus, Zoon vau den levenden God, in dit zalig oogenblik mijns levens, kniel ik in Uwe tegenwoordigheid neder. Groot is het werk, waartoe ik mij voorbereid. Niet voor een sterfe-lijken koning dezer wereld, — maar voor U, den onsterfelijken en onzicht-baren God, den Koning der koningen, wien hemel en aarde toebehooren, wil ik een verblijf gereed maken. Ik gevoel mijne onmacht en mijne zwakheid; — hoe zal ik zulken verheven Gast waardig ontvangen! Sta mij bij, o Heer! en versier zelf de woning, welke Gij wilt binnentreden! Reinig mijn hart in Uw heilig IMoed; beziel hetzelve met een vurig verlangen, om met U vereenigd
360
te worden, opdat het gansch verheugd U ontvange, en U geheel en al toebehoore.
2. Geloof. — Van ganscher harte geloof en belijd ik, dat Gij, mijn goede Jezus, — die met den Vader en den H. Geest in macht en heerlijkheid gelijk staat, — waarlijk, met Godheid en menschheid, met ziel en lichaam, met vleesch en bloed, levend en onsterfelijk, hier in het tabernakel tegenwoordig zijt onder den schijn van brood. Gij zijt dezelfde Jezus, die in doeken gewikkeld en in de kribbe nederliggend, geweend hebt en later voor mij zijt gestorven aan het kruis. Gij zijt dezelfde God de Zoon, die nu door de bewoners des hemels wordt aangebeden en verheerlijkt, en eenmaal zult komen op de wolken des hemels om ons allen te oordcelen. Steunend op Uw heilig woord, geloof ik dit alles zoo zeker en onwankelbaar, alsof ik het met mijne eigene oogen zag. Daarom kniel ik met den diepsten eerbied voor U neder, en aanbid ik U ais mijn God en Zaligmaker. — In dit geloof wil ik leven, wil ik sterven.
361
3- Hoop. — O Jezus, mijn God cn mijn Heer, hier in het Tabernakel tegenwoordig, wat kan en mag ik van U niet verwachten! Gij zijt de Almachtige, die immer helpen kunt ; Gij zijt de Al-goede, de Barmhartige, die zoo gaarne helpen wilt, wiens genoegen het is, ge-genaden en zegeningen uit te deelen. Gij staat aan de deur van mij n hart en verlangt binnen gelaten te worden, om U zeiven met de volheid Uwer genaden aan ons te geven. O, wat mag ik nu van U verwachten, allerliefste Jezus, nu Gij U zeiven met al wat Gij zijt en bezit aan mij geeft! Gij zijt mijne toevlucht, mijne hoop, mijn heil, mijn leven, mijne zaligheid 1 Gij hebt beloofd allen, die belast en beladen zijn, te zullen verkwikken. Gij hebt de woorden des eeuwigen levens, en zult dus ook aan mij Uw woord houden. Gij hebt mij Uwe Tafel bereid, in weerwil van allen, die mij vrees aanjoegen, in weerwil van al de vijanden mijner zaligheid. Daarom hoop ik in deze heilige spijze, in dezen heilzamen drank van Uw Lichaam en Bloed, sterkte te vinden, om
302
te strijden en te overwinnen. Gij hebt mij deze spijs gegeven als een noodzakelijk middel om eeuwig te leven; daarom nader ik tot U, in de hoop eene gelukzalige eeuwigheid van U te verkrijgen. In deze hoop wil ik leven, wil ik sterven.
4. Liefde. —— Allerheiligste Jezus, onder de gedaanten van brood en wijn in het allerheiligste Sacrament tegenwoordig, Gij zijt het voorwerp mijner liefde. Gij, de Zoon des Allerhoogsten, zijt van den troon Uwer heerlijkheid nedergedaald en hebt hier op deze armoedige aarde onder de menschen willen wonen. Het was U niet genoeg eenige jaren onder de stervelingen te verblijven ; neen, Gij wildet met hen zijn, zoolang de wereld bestaat. Gij wildet niet éénmaal aan het kruis onder schrikkelijke smarten sterven, maar U dagelijks voor ons slachtofferen. O onmetelijke afgrond van Jezus' liefde, hoe koud en gevoelloos moet het hart zijn, dat U geene wederliefde toedraagt! Daarom, o mijn Jezus, ik bemin U; ik verlang ten minste U te beminnen, niet alleen met den mond, maar ook met het hart
363
en met daden, zooals Gij het verdient. Laat het vuur Uwer liefde in mij branden, zoodat ik liever sterve, dan Uwe liefde nog door de zonde te verliezen. — Neen, niets zal mij nog van Uwe liefde kunnen berooven; geen verlangen om te leven, geene vrees voor den dood, geene wereldsche vermaken, geen wellust des vleesches, geen lijden en geene smart. In deze liefde wil ik volharden tot het laatste oogenblik mijns levens. U,o Jezus, wil ik toebehooren in tijd en eeuwigheid !
5. Verlangen. ■—■ Kom dan, gij Geliefde mijner ziel; dat ik in U te beminnen mijne rust vinde ! Gij verlangt dezen maaltijd met mij te houden en ik verlang vurig aan Uwe H. Tafel aan te zitten ! Versterk mij aan dezen heiligen disch, opdat ik nieuwe zielskrachten ont-vange op den gevaarlijken weg des levens, en eenmaal met Uwe uitverkorenen bij het eeuwig vreugdemaal moge tegenwoordig zijn. Heer, verzadig mij met den overvloed van uw huis. Naar U zucht en versmacht geheel mijne ziel. Liefelijk bovenal is Uwe heilige woning en zalig
364
is Uwe tegenwoordigheid. Kom, o Koning des hemels, Vorst des vredes, en heersch in mijne ziel, — zij is uw eigendom, — en aarzel niet langer aan mijn verlangen te voldoen.
6. Ootmoedigheid. — Kom evenwel, o mijn Jezus, zooals Gij binnen Jeruzalem uw intocht hield, — als een zachtmoedige en ootmoedige koning; anders durf ik mij niet in mijne armoede en naaktheid aan U vertoonen. Voor U beven de engelenkoren des hemels, voor U trilt de aarde, op Uw wenk ratelen de donders, flikkeren de bliksems ; Gij zijt mijn God en mijn Schepper. En ik — ik ben Uw schepsel, het werk Uwer handen, een aardworm, ellendig stof en asch. Gij zijt de heiligheid zelve en ik — ik ben een slaaf dei-zonde. O Heer, geef dus geen acht op mijne onwaardigheid, maar alleen op mijn verlangen. Gij zelf toch roept mij, — en moet ik dan niet komen ? Ik nader dan verlangend en ootmoedig, vertrouwende op de oneindige liefde, waarmede Gij de zondaars genadig ontvangt.
Versterk mij met Uw H. Lichaam en Bloed. Amen.
365
O allerheiligste Maagd Maria, gij, die denzelfden Jezus, tot welken ik nu nader, in uwen kuischen schoot hebt ontvangen en gedragen ; smeek voor mij de genade af, om Hem ook waardig in dit H. Sacrament te ontvangen en in mijn hart te bewaren.
H. Jozef, alle Heiligen Gods, vooral gij mijne Patronen, H. engelbewaarder, weest mijne voorsprekers bij Jezus Christus, opdeit ik hem thans zoo moge ontvangen, dat ik Hem eenmaal van aanschijn tot aanschijn met u aanschouwen mag. Amen.
Wacht op uwe plaats, biddende, totdat gij zonder stoornis naar de PI. Tafel kunt gaan. — Verwek nogmaals gevoelens van verlangen, geloof, hoop, liefde en ootmoedigheid; belijd nogmaals uwe zonden, met een rouwmoedig hart; — zeg driemaal: „Heer ik ben niet waardigquot;, enz., en ontvang eerbiedig het Lichaam en Bloed des PI eer en.
366
Na de H. Communie.
Van de comnmnie-bank eerbiedig op uzvc plaats teruggekeerd, bid eenige oogenblikken bij 11 ze hei/, zonder 11 aan iemand te storen. Verricht vervolgens langzaam en met aandacht de oefeningen van:
I. Aanbidding. — Mijne ziel maakt groot den Heer, en mijn geest is opgesprongen van vreugde in God, mijn heil! — Gij, o onuitsprekelijke en ondoorgrondelijke God, dien hemel en aarde niet kunnen bevatten, zijt waarlijk in mij tegenwoordig! O Jezus, mijne liefde, mijn God en mijn al. Zoon des Allerhoogsten, Koning van het heelal. Gij hebt mijn hart tot Uwe woning gemaakt. Ik aanbid U. In alle eeuwigheid moet ieder schepsel U loven voor Uwe liefde, die. geene grenzen kent. Ik, een klein, nietig wezen Uwer schepping, zal niet ophouden Uwe goedheid te prijzen. Uwen naam te verheerlijken. Als weleer de H. Maagd Maria Uwen lofverkondigde.
367
toen zij, de zuiverste der maagden, Uwe moeder geworden was, hoe moet ik U dan niet loven, nu Gij in mijn armzalig hart Uw intrek hebt willen nemen. O liefdevolle vriend, o machtige God, wat kan ik meer verlangen, dan U te bezitten ! Blijf met Uwe genade in mij tot het einde mijns levens.
2. Dankzegging. — Wat zal ik den Heer wedergeven voor alles wat Hij mij geschonken heeft! — O Heer, Gij verlangt iets, wat wij U allen kunnen geven, hoe arm wij ook zijn, namelijk ons hart. „Mijn kind, geef mij uw hartquot;, zoo spreekt Gij mij toe. — Zie, lieve Jezus, hier is het, neem het aan. Moge ik — evenals een levende en vruchtbare rank met den wijnstok — ook met U door den band der innigste liefde vereenigd blijven, en rijke vruchten van deugd en goede werken voortbrengen ! Ja, dat verlang ik, mijn Zaligmaker; deze is mijn vurigste wensch; dit beloof ik U heden plechtig. Daardoor alleen kan ik U mijnen dank betuigen voor Uwe overgroote liefde.
3. Opoffering.—O mijn God, Gij in mij ik in U ! — Wie zal mij van Uwe
308
liefde scheiden ? U behoor ik geheel en al. Ontvang mijn lichaam en mijne ziel, al mijne begeerten en wenschen, mijne gedachten en handelingen. Ik wil mij zeiven geheel verloochenen, en U alléén toebe-hooren, -—- slechts aan U wil ik denken, — naar U alleen wenschen, — slechts voor U wil ik werken, — voor U alleen wil ik leven. Uwe wil zal de mijne zijn; Uwe geboden zullen de leiddraad zijn van mijn leven ; de naleving Uwer heilige wet zal mijne spijs en drank wezen.
4. Gebed. — Maar, o mijn Jezus, wie zegt mij, dat ik mijne beloften zal nakomen ? Gij hebt mij den goeden wil gegeven ; geef mij nu ook de kracht om mijne voornemens te volbrengen. Zonder U vermag ik niets. Gij woont nu als een teedergeliefde vriend in mijn harten wacht slechts op mijne bede, om dadelijk daaraan te voldoen. Ziehier dan, lieve Jezus, ik vraag U niet om de goederen dezer aarde, maar alleen om Uwe genade, om Uwe almachtige hulp. Laat deze met mij zijn tot het einde toe. Vermeerder in mij het geloof, bevestig de hoop, vol-
369
maak de liefde; laat mij de deugd niet alleen prijzen en bewonderen, maar ook beoefenen. Laat mij ook alle menschen zonder onderscheid waarlijk liefhebben. Bevrijd mij van alle personen en gelegenheden, die mij tot zonde brengen. Laat mij dagelijks toenemen in ware godsvrucht en eenvoud des harten, help mij om voornamelijk de
deugd van...... te verkrijgen, welke ik tot
nu toe zoo moeilijk kon beoefenen. Laat mij de zonde als het grootste, het eenigste kwaad vluchten, voornamelijk de zonde
van....., waarin ik zoo dikwijls hervallen ben.
Geene ongodsdienstigheid, geenc godslastering, geene onkuischheid, geene enkele doodzonde meer. Laat het ontvangen van dit heilig Lichaam en Bloed mij niet tot mijn oordeel en mijne verdoemenis strekken, maar tot geluk van lichaam en ziel, tot vergiffenis mijner zonden, tot sterkte mijner zwakheid, tot vermeerdering aller deugden, tot eene innige vereeniging niet U, en eindelijk tot mijne eeuwige zaligheid. Amen.
24.
N. Handb. Derde Orde.
37°
5. Gebed voor anderen. — O goede Jezus, in dit genadevolle oogenblik bid ik U voor al mijne bloedverwanten, vrienden en weldoeners ; voor allen, die mij verzocht hebben voor hen te bidden; voor alle leden der katholieke Kerk, voor alle levenden en dooden. Houd de braven op den goeden weg, versterk de zwakken, bekeer de zondaars. Troost alle bedroefden, neem de armen onder uwe hoede. Wees de beschermer en vader van weduwen en weezen. Geef den zieken genezing en verzachting hunner smarten. Zegen de vruchten der aarde, behoud den vrede onder de volkeren, verhef uwe heilige Kerk, breng alle menschen tot het ware geloof, en geleid ons allen tot U, om U eeuwig te loven en te bezitten in de eeuwen der eeuwen. Amen.
Dit verleene ons de hemelsche Vader, die met God den Zoon onzen Heer Jezus Christus en den H. Geest leeft en heerscht van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.
Gr IE IB IB ID
waaraan een volle aflaat verbonden is, wanneer men het, — na waardig gebiecht en gecommuniceerd te hebben, — voor eene afbeelding van den gekruisigden Zaligmaker bidt.
gpie mij hier, o goede en allerzoetste Jezus, voor Uw aanschijn werp ik mij op mijne knieën neder, en smeek en bid U met al de vurigheid mijner ziel, dat Gij in mijn hart wilt drukken levendige gevoelens van geloof, hoop en liefde met een waar berouw over mijne zonden en den vasten wil mij daarvan te beteren ; terwijl ik met groote aandoening en droefheid des harten Uwe vijf Wonden bij mij zeiven overweeg en in den geest beschouw, datgene voor oogen hebbende, wat reeds de profeet David U over U zeiven in den mond legde, o goede Jezus : „zij hebben Mijne handen en voeten doorboord; zij hebben al Mijne beenderen geteld.quot; (Psalm XXI, 17—18.)
SERAFIJNSCH OFFICIE.
GEBED VAN VOORBEREIDING.
Open, o Heer, mijne lippen, om Uwen H. naam te loven, en zuiver mijn hart van alle ijdele, booze en verstrooiende gedachten. Verlicht mijn geest en beweeg mijn hart, opdat ik dit officie waardig, aandachtig en godvruchtig kunne bidden en voor het aanschijn Uwer Goddelijke Majesteit verdiene verhoord te worden. Door Christus, onzen Heer. Amen.pen, o Heer, mijne lippen, om Uwen H. naam te loven, en zuiver mijn hart van alle ijdele, booze en verstrooiende gedachten. Verlicht mijn geest en beweeg mijn hart, opdat ik dit officie waardig, aandachtig en godvruchtig kunne bidden en voor het aanschijn Uwer Goddelijke Majesteit verdiene verhoord te worden. Door Christus, onzen Heer. Amen.
Heer Jezus, in vereeniging met die Goddelijke meening, waarmede Gij zelf op aarde Gode gebeden hebt, wil ik deze gebeden verrichten.
DE METTEN.
Stel u Jezus voor, staande voor den rechterstoel van Pilatus, die het doodvonnis over Hem uitspreekt.
.gmijn Jezus, door het onrechtvaardig 'J 'V' doodvonnis, zoo herhaaldelijk door mijne zonden onderschreven, bevrijd
Li
373
mij van het vonnis van den eeuwigen dood, dien ik zoo dikwijls verdiend heb. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet en Glorie zij den Vader.
Stel u Jezus voor, het zware kruishout op Zijne doorwonde schouders nemende.
Heer Jezus, die bereidvaardig het zware kruis, door mijne zonden gemaakt, op Uwe schouders hebt genomen, doe mij de zwaarte dier zonden kennen, opdat ik ze gedurende geheel mijn leven beweene. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet en Glorie zij den Vader.
Stel u Jezus voor, Zijne heilige Moeder op den kruisweg ontmoetende.
Allerbedroefste Jezus, Moeder vol van smarten, zoo ik in het verleden door mijne zonden de oorzaak ben geweest van uw beider lijden, met de Goddelijke hulp zal het niet aldus zijn voor het vervolg van mijn leven, maar ik zal u tot aan mijnen dood toe getrouw beminnen. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet en Glorie zij den Vader.
374
Stel u Jezus voor, door Simon van Cyrene in het dragen van Zijn kruis geholpen.
Gelukkige Simon van Cyrene, mijn Jezus, die U het kruis mocht helpen dragen. Gelukkig zal ook ik zijn, wanneer ik U het kruis help dragen, door geduldig en bereidwillig die kruisen te verduren, welke Gij mij in den loop van mijn leven zult overzenden. O Jezus, geef mij daartoe de genade. Amen,
Onze Vader, Wees gegroet en Glorie zij den Vader.
Stel u Jezus voor, Zijne aanbiddelijke gelaatstrekken in den doek afdrukkende, waarmede Veronica Zijn aangezicht afdroogde.
Mijn goedertierendste Jezus, die U ge-waardigd hebt het beeld van Uw heilig aangezicht af te drukken in den doek, waarmede Veronica U reinigde, druk ook, smeek ik U, in mijne ziel de aanhoudende herinnering aan Uwe allerbitterste smarten. Amen,
Onze Vader, Wees gegroet, en Glorie zij den Vader.
375
DE LAUDKN.
Stel u Jezus voor, de vrouwen van Jeruzalem op den kruisweg troostende.
foedc Jezus, die de godvruchtige vrouwen van Jeruzalem hebt getroost, toen zij op het gezicht Uwer wreede smarten over U weenden, vertroost mijne ziel met Uwe barmhartigheid, waarop ik alleen wil vertrouwen en waaraan ik altijd wil beantwoorden. Amen.oedc Jezus, die de godvruchtige vrouwen van Jeruzalem hebt getroost, toen zij op het gezicht Uwer wreede smarten over U weenden, vertroost mijne ziel met Uwe barmhartigheid, waarop ik alleen wil vertrouwen en waaraan ik altijd wil beantwoorden. Amen.
Ome Vader, Wees gegroet en Glorie zij den Vader.
DE PRIME.
Stel li Jezus voor, ten derden male onder het kruis bezwijkende aan den voet van Golgotha.
, die Gij leedt, o mijn
Jezus, bij Uw
herhaald vallen onder
het zware kruis, help mij, bid ik U, die middelen aanwenden, welke de kracht bezitten, om mij voor het hervallen in de zonden te behoeden. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet en Glorie zij den Vader.
DE TERTS.
Stel u Jezus voor, van Zijne kleederen beroofd en met gal gelaafd.
376
mijn Jezus, die van Uwe kleederen ^ beroofd en met gal gelaafd werdt, onthecht mij van de genegenheid voor het aardsche, en maak, dat ik alles veraf-schuwe, wat naar wereld en zonde zweemt. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet en Glorie zij den Vader.
DE SKXTE.
Stel u Jezus voor, aan het schandelijk kruis houd vastgenageld.
e wreede pijnen, die Gij uitstondt,
Jezus, toen Gij aan handen en
voeten met ruwe nagelen aan het kruis werdt geklonken, maak, dat ik mijn vleesch immer kruisige door de beoefening der christelijke versterving. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet en Glorie zij den Vader.
DE NONE.
Stel u Jezus voor, aan het kruis den wreed-sten dood stervende.
égffijijn Jezus, die, na een allerhardsten '' V' doodstrijd van drie uren, op het kruis voor mij gestorven zijt, ach ! laat mij eerder sterven, dan dat ik nog in de
377
zonde zou hervallen, en geef, dat ik, zoolang ik leef, enkel leve om U te beminnen en getrouw te dienen. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet en Glorie zij den Vader.
DK VESPERS.
Stel u Jezus voor, van het kruis afgenomen en rustende op den schoot Zijner bedroefde Moeder.
aria. Moeder van smarten, ach ! welk
een zwaard van droefheid moet het voor u zijn geweest, uwen lieven Zoon Jezus dood op uwen schoot te aanschouwen: verkrijg gij voor mij, dat ik altijd de zonde verafschuwe als de oorzaak van Zijnen dood en van uw overgroot lijden, dat ik in het vervolg als een waar christen leve en zalig worde. Amen.
Onze Vader, Wees Gegroet en Glorie zij den Vader.
DE COMPLETEN.
Stel u Jezus voor, in het graf neergelegd, araijn Jezus, ik wensch altijd met U ge-storven te blijven ; en wat ik leef, wil ik leven voor U, om hierna met U
37?
in den hemel de vruchten te genieten van Uw lijden en van Uwen smartvollen dood. Amen.
Onze Vader, Wees Gegroet en Glorie zij den Vader.
SLUITGEBED.
' ' ' TT, o God, voor de hulp, die
het verrichten van mijn
dagelijksch officie hebt herleend. Ik vraag U ootmoedig vergiffenis voor de onachtzaamheden, waarmede ik het heb gebeden. Ik offer het op aan Uwe Goddelijke Majesteit, in vereeniging met het leven, lijden en sterven van Uwen Goddelijken Zoon, met de verdiensten van de Onbevlekte Maagd Maria, van den Serafijnschen Vader Franciscus en van alle heiligen, als eene zwakke hulde van aanbidding en dankbaarheid aan Uwe oneindige Majesteit en goedheid. Neem het aan als een eereboete voor de vele beleedigingen, die U onophoudelijk worden aangedaan, en wees mij, armen zondaar, genadig. Amen.
tU ;n ;Ylt; ^ tr; tn tt: tt;
vïj quot;1quot; quot;tf* ~i^ ^i^ *r^ vTi quot;iquot; wiquot;
gAag^^g^^gXQ.gX9-^L^-e^^.egt;^gA9.^St.egt;^gA9.gAv0.^^9-
Gebeden onder het Lof
of bij een bezoek aan bet H. Sacrament.
AKTE VAN OPDRACHT.
yTvijn Ileere Jezus Christus, die door de liefde, welke Gij ons menschen toedraagt, nacht en dag in dit sacrament verblijf houdt, en vol goedheid en liefde afwacht, tot U roept en ontvangt al wie naderen, om U te bezoeken, ik geloof Uwe goddelijke tegenwoordigheid in het H. altaarsacrament, ik aanbid ü uit den afgrond van mijn niet, ik dank U voor alle genaden, mij verleend, en wel in het bijzonder, dat Gij U zeiven aan mij hebt geschonken in dit sacrament, dat Gij mij Uwe allerheiligste Moeder tot voorspreekster hebt gegeven, en dat Gij mij hebt geroepen, om U in deze kerk te bezoeken. Ik groet op dit oogenblik Uw liefdevol Hart, en ik stel mij voor Het te groeten met een drievoudig doel: op de eerste plaats tot dankzegging voor
380
dit groote geschenk ; op de tweede plaats om U schadeloos te stellen voor alle beleedigingen, die Gij van al Uwe vijanden in dit sacrament hebt ontvangen; op de derde plaats stel ik mij met dit bezoek voor, U te aanbidden op alle plaatsen der aarde, waar Gij in dit II. sacrament minder vereering en meer verlatenheid ondervindt.
Mijn Jezus, ik bemin U uit geheel mijn hart. Het smart mij, dat ik Uwe oneindige goedheid in het verleden zoo dikwijls heb mishaagd. Met de hulp Uwer genade neem ik mij voor, U in de toekomst niet meer te beleedigen ; en voor het oogenblik, hoe ellendig ik ook zij, wijd ik mij geheel aan U toe; ik schenk U de volle beschikking over mijn wil, mijne gevoelens, mijne verlangens en alles wat het mijne is. Doe van nu aan met mij en het mijne al wat U behaagt. Ik vraag en verlang van U alleen Uwe heilige liefde, de volharding tot het einde en de volmaakte vervulling van Uwen heiligen wil. Ik beveel U de zielen in het vagevuur aan, in het
38I
bijzonder die meer godsvrucht hebben gehad tot het allerheiligste sacrament en de allerheiligste Maagd Maria. Nog beveel ik U alle arme zondaars aan.
Ten slotte, mijn dierbare Zaligmaker, vereenig ik alle mijne gevoelens met de gevoelens van Uw liefdevol Hart, en ik bied ze, aldus vereenigd, aan Uwen hemelschen Vader aan, dien ik in Uwen naam smeek, dat Hij ze ter Uwer liefde aanvaarde en verhoore.
(300 dagen aflaat voor iederen keer. Raccolta.)
GELOOF EN AANBIDDING.
liefderijke Jezus, ik geloof, dat Gij ^ hier wezenlijk tegenwoordig zijt, onder de gedaante van brood, met lichaam en ziel, met vleesch en bloed, met godheid en menschheid. Ik geloof dit, omdat Gij het gezegd hebt, en omdat ik Uw heilig woord aanbid. Alhoewel mijne lichamelijke oogen U niet zien en mijn verstand U niet kan bevatten, erken en zie ik U nochtans geheel duidelijk met de oogen des geloofs. Daarom werp ik mij met
382
de diepste, ootmoedigheid voor U ter aarde neder en aanbid U met alle mogelijke eerbiedigheid. Gij zijt mijn Heer en mijn God, Gij zijt degene, dien de herders voordezen in de krib hebben aanbeden en dien ontelbare engelen in den hemel aanbidden. Gene hebben U aanbeden onder de gedaante van een kind, en deze aanbidden U, zittende op den troon der heerlijkheid aan de rechterhand Uws hemelschen Vaders: met beiden aanbid ik U hier als den waren, onder de gedaante van brood verborgen God. O, dat alle menschen ü met mij erkenden ! O, dat allen U met een levendig geloof en eene heilige vreeze in dit allerheiligste sacrament mochten aanbidden ! Ik, o Jezus, verlang dit nu en altijd te doen. Ik verlang nu en altijd eene bijzondere godvruchtigheid tot dit allerheiligste geheim te hebben. Nooit wil ik voor hetzelve dan met allen mogelijken eerbied verschijnen, nooit wil ik hetzelve anders dan met de noodige voorbereiding ontvangen. Geef mij hiertoe, o Jezus, Uwe genade.
383
AANBIDDING KN EEREBOETE.
1. .gek aanbid U met diepen eerbied, • o mijn Jezus, verborgen in het H, Sacrament; ik erken U voor waarachtig God en waarachtig mensch, en met deze akte van aanbidding stel ik mij voor te voldoen voor de koelheid van zoovele christenen, die U niet eens groeten, wanneer zij Uwe heilige tempels, en soms zelfs het H. Tabernakel voorbijgaan, terwijl Gij U gewaardigt daarin altijd te verblijven met een heilig ongeduld, om U aan de geloovigen mede te dcelen, en zij zich, door hunne onverschilligheid gelijk de Joden in de woestijn, van het hemelsch manna afkeerig toonen : ik bied U het allerkostbaarste bloed aan, dat Gij vergoten hebt uit de wonde van Uwen linkervoet, tot eerherstel van eene zoo verregaande lauwheid, en in den geest binnen die wonde verscholen herhaal ik duizenden en duizenden malen :
Ieder oogenblik zij het allerheiligste en allergoddelijkste sacrament geprezen en gedankt.
384
Onze Vader, Wees gegroet en Glorie zij den Vader.
2. .gtk aanbid U met diepen eerbied, o ®ï mijn Jezus ; ik erken Uwe waarachtige tegenwoordigheid in het allerheiligste sacrament, en met deze akte van aanbidding stel ik mij voor te voldoen voor de miskenning van zoovele christenen, die U zonder begeleiding laten, wanneer zij U naar de arme zieken zien dragen, en U ter nauwernood een akte van uitwendige aanbidding waardig kennen , ik bied U het allerkostbaarste bloed aan, dat Gij vergoten hebt uit de wonde van Uwen rechtervoet, tot eerherstel van ecne zoo verregaande koelheid, en in den geest binnen die wonde verscholen herhaal ik duizenden en duizenden malen;
Ieder oogenblik zij het allerheiligste en allergoddelijkste sacrament geprezen en gedankt.
Onze Vader, Wees gegroet en Glorie zij den Vader.
3. mk aanbid U met diepen eerbied, o mijn Jezus, waarachtig brood des eeuwigen levens, en met deze aanbidding
385
stel ik mij voor de zoo talrijke wonden te verzachten, die Uw Hart dagelijks ontvangt door de ontheiliging der kerken, waar Gij U gewaardigt onder de sacra-menteele gedaanten te verblijven, om door Uwe geloovigen te worden aanbeden en bemind: tot eerherstel van zooveel oneerbiedigheid bied ik U aan het allerkostbaarst bloed, dat Gij hebt vergoten uitquot; de wonde van Uwe linkerhand, en in den geest daarbinnen verscholen, herhaal ik:
Ieder oogenblik zij het allerheiligste en allergoddelijkste sacrament geprezen en gedankt.
Onze Vader, Wees gegroet en Glorie zij den Vader.
4. |Tpk aanbid U met diepen eerbied, o ■ mijn Jezus, levend brood uit den hemel nedergedaald, en met deze akte van aanbidding stel ik mij voor te voldoen voor zoo talrijke en zoo groote oneerbiedigheden, die door Uwe geloovigen dagelijks worden gepleegd in het
25.
N. Ilandb. Derde Orde.
386
bijwonen der heilige mis, waarin Gij door overmaat van liefde op onbloedige wijze hetzelfde offer vernieuwt, dat Gij voor onze zaligheid weleer op den Calvarieberg hebt voltrokken: tot een eerherstel van zooveel ondankbaarheid bied ik U aan het allerkostbaarste bloed, dat Gij vergoten hebt uit de wonde van Uwe rechterhand, en daarbinnen verscholen vereenig ik mijne stem met die der engelen, welke U eerbiedig omringen, en tegelijk met hen zeg ik:
Ieder oogenblik zij het allerheiligste en allergoddelijkste sacrament geprezen en gedankt.
Onze Vader, Wees gegroet en Glorie zij den Vader.
5. ||k aanbid U met diepen eerbied, o mijn Jezus, waarachtig zoenoffer onzer zonden, en ik bied U deze akte van aanbidding aan ter vergoeding voor de smadelijke heiligschennissen, die Gij ontvangt van zoovele ontaarde christenen, die de vermetelheid hebben aan de H. Tafel aan te zitten, om met dood-
387
zonde in het hart U daar te ontvangen: tot eerherstel van deze zoo afschuwelijke heiligschennissen bied ik U aan de laatste druppels van Uw allerkostbaarste bloed, die Gij hebt vergoten uit de wonde Uwer zijde, en daarbinnen verscholen aanbid, zegen en bemin ik U en herhaal tegelijk met alle zielen, die het H. Sacrament met godsvrucht vereeren :
Ieder oogenblik zij het allerheiligste en allergoddelijkste sacrament geprezen en gedankt.
Onze Vader, Wees gegroet en Glorie zij den Vader.
(Een aflaat van 300 dagen voor iederen keer, in vereeniging met het gebed „Tantum ergo en Genitioriquot; bladz. 388. Raceolta.)
SMEEKGEBED.
voor eeuwig gedankt
v,.. mijn dierbare Jezus,
verborgen in het H. Sacrament; Liefde, alle hemelsche en aardsche liefde over-waardig, die U door overmaat van liefde voor mij, ondankbaren zondaar, bekleed
388
hebt met onze menschelijke natuur, bij de smartelijke geeseling Uw allerkostbaarste bloed hebt vergoten en voor ons aller zaligheid zijt gestorven aan het smadelijke kruis. Door een levendig geloof voorgelicht, smeek ik U thans allernederigst met al den aandrang mijner ziel, met al den gloed van mijn hart, door de oneindige verdiensten van Uw smartelijk lijden, mij kracht en moed te schenken, om alle booze driften, die mijn- hart beheerschen, ten onder te brengen, om U te zegenen in mijne bitterste kwellingen, om U te verheerlijken door de volmaakte vervulling van al mijne plichten, om elke. zonde met den grootsten afschuw te haten en mij eindelijk te heiligen.
(Een aflaat van 100 dagen. Raccolta.)
TANTUM ERGO EN GENITORI.
|^anbidden wij dan, smeekend neerge-
-L' bogen, dit zoo verheven sacrament; de eeredienst der oude Wet wijke voor dien der nieuwe; het geloof vuile de onmacht der zintuigen aan.
389
Lof en jubelzang, zaligheid, eer, kracht en zegening zij den Vader en den Zoon, en gelijke hulde aan den H. Geest, die van beiden voortkomt. Amen.
v. Gij hebt hun een brood uit den hemel gegeven.
R. Dat alle verkwikking in zich bevat.
LATEN WIJ BIDDEN.
God, die ons in dit wondervol sacra-ment de gedachtenis van Uw lijden hebt achtergelaten, geef, bidden wij U, dat wij de heilige geheimen van Uw lichaam en bloed zóó mogen vereeren, dat wij de vrucht Uwer verlossing voortdurend in ons ondervinden. Die leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. Amen.
(Een aflaat van 100 dagen, eenmaal daags. Raccolta.)
Psalm „Exaudiatquot;.
Onder de aflaten, welke de Tertiarissen, krachtens de breve van 7 Juli 1896, kunnen verdienen, behooren ook, volgens sommigen (vgl. bladz. 148), die, welke verbonden zijn aan het bidden van den psalm nder de aflaten, welke de Tertiarissen, krachtens de breve van 7 Juli 1896, kunnen verdienen, behooren ook, volgens sommigen (vgl. bladz. 148), die, welke verbonden zijn aan het bidden van den psalm Exaudiat. Deze aflaten zijn alle die, welke men dien dag zou kunnen verdienen door persoonlijk de heiligdommen van Rome en der geheele wereld te bezoeken.
Voorwaarden: Biecht en communie en het godvruchtig bidden van dezen psalm met de daaropvolgende gebeden tot intentie van Z. H. den Paus. Zij, die niet kunnen lezen, volstaan met driemaal het Onze Vader en driemaal het Wees gegroet te bidden.
PSALM XIX.
jl|y|erhoore de Heer u ten dage der kwel-v') ling ! Bescherme u de naam van den God van Jacob !
Verleene Hij U uit het heiligdom bijstand, en uit Sion bescherme Hij u !
Hij gedenke aan al uwe spijsoffers, en uw brandoffer, het worde vet!
Bedeele Hij u naar uw hart, en al wat gij voorhebt, bekrachtige Hij ;
39i
Jubelen zullen wij over uw heil, en op den naam van onzen God ons beroemen.
Vervulle de Heer al uwe beden ! Nu weet ik, dat de Heer behoud schenkt aan zijnen gezalfde.
Verhooren zal Hij hem uit zijnen heiligen hemel; in krachtige daden komt het heil van zijne rechterhand.
Dezen op wagens en dezen op rossen; maar wij, op den naam van den Heer, onzen God, beroepen wij ons.
Zij zijn verwikkeld en gevallen, maar wij zijn opgerezen en wij staan overeind.
Heer, schenk heil aan den Koning, en verhoor ons ten dage dat wij tot U roepen !
Glorie zij den Vader en den Zoon en den H. Geest.
Gelijk het was in het begin, en nu en altijd, en in de eeuwen der eeuwen. Amen.
Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer.
Onze Vader, enz.
V. En leid ons niet in bekoring. R. Maar verlos ons van den kwade.
392
v. Wees Uwe vergadering indachtig. K. Die U van het begin heeft toebehoord, v. Laten wij bidden voor onzen H.
Vader paus N.
R. Do Heer beware hem, behoude hem in het leven, make hem zalig op aarde en levere hem niet over aan den wil zijner vijanden.
v. Laten wij bidden voor onze weldoeners.
R. Gewaardig U, o Heer, aan allen die ons om Uwen naam weldoen, het eeuwig leven te schenken. Amen. V. Heer, verhoor mijn gebed. R. En mijn geroep kome tot U. v. De Heer zij met u.
R. En met uwen geest.
LATEN WIJ BIDDEN.
pvf^jij srneeken U, o Heer, verhoor goed-s4-quot; gunstig de gebeden Uwer Kerk, opdat zij allen tegenstand en dwaling overwinne en U in vrede en vrijheid diene.
O God, die de herder en bestierder van alle geloovigen zijt, zie goedertieren
393
neder op Uwen dienaar N, die volgens Uwen wil tot herdér Uwer Kerk is aangesteld ; geef, wij bidden U, dat hij door woord en voorbeeld nuttig zij voor hen, i over wie hij gesteld is, opdat hij met
1 de kudde, welke aan zijne zorgen is toe-
i vertrouwd, moge komen tot het eeuwige
leven.
Almachtige, eeuwige God, die heerscht over levenden en dooden, en die U ontfermt over allen, die gij voorziet dat door geloof en werken de Uwen zullen zijn, wij smeeken U deemoedig, dat allen, voor wie wij besloten hebben te bidden, hetzij zij nog in deze wereld in hun sterfelijk lichaam zijn, hetzij zij daarvan ontbonden en in het andere leven zijn overgegaan, op de voorbede van alle Uwe heiligen door Uwe goedertieren barmhartigheid de vergiffenis van al hunne, zonden mogen bekomen. Door onzen Heer Jezus Christus, uwen Zoon, die met U leeft en heerscht in de eenheid des H. Geestes, God door alle eeuwen der eeuwen. Amen.
--DJIJO--
(IfflMNG m DEI II. KilSIEC.
GEBED VAN VOORBEREIDING.
et den diepsten eerbied werp ik mij voor U ter aarde, Verlosser van den zondigen mensch, en innig getroffen over het lijden, dat U mijne verlossing gekost heeft, wil ik mij in deze oogenblikken met dat wonder van liefde bezig houden, door U in den geest op Uwen bloedigen kruisweg te vergezellen. Maar hoe zal ik dit op eene waardige wijze verrichten , kunnen, ik, die U zoo dikwerf beleedigde. Uw lijden niet zelden vernieuwde ? Ja, mijn Jezus, ik beken het, ik ben een zondaar, een onwaardige, maar Gij kunt mij rechtvaardig en Uwer liefde waardig maken. Ontferm U dan over mij, verwerp mij niet van Uw aanschijn en ver-
395
geef den boetvaardigen zondaar, die U als het hoogste goed boven alles bemint, en juist daarom berouw heeft over zijne zonden. Niet meer, mijn God, niet meer zal ik zondigen, maar U steeds zóó beminnen, dat ik eenmaal onder diegenen gerangschikt worde, voor wie Uw bloed niet vruchteloos vergoten werd.
Tot voldoening voor mijne misdrijven, offer ik U deze oefening op. Stort gedurende dezen bloedigen tocht in mij den goeden geest, en geef dat ik, door Uw lijden bewogen, tot Uwe navolging aangespoord worde: maak mij deelgenoot aan de verleende aflaten, opdat zij mij behulpzaam zijn, om in dit leven Uwe erbarming en hierna Uwe heerlijkheid van aanschijn tot aanschijn te genieten. Amen.
is'e STATIE.
Jezus wordt ter dood veroordeeld.
Wij aanbidden U, Christus, en loven U.
Omdat Gij door Uw H. kruis de wereld verlost hebt.
verweeg, mijne ziel, met welke gevoelens Jezus dit vonnis ontvangt ; zie, hoe gewillig Hij zich uit liefde tot u.
396
daaraan onderwerpt. Ach! dat gij u toch eens schaamdet; gij, die zoo dikwerf het vonnis des eeuwigen doods verdiendet, gij gewaardigt u nauwelijks eene geringe versterving aan te nemen, waartoe hij, die Gods plaats bekleedt, u soms veroordeelt. Welaan dan, wend u vol schaamte tot Jezus, uwen bruidegom, cn zeg Hem met een hart vol liefde:
GEBED.
Dierbare Jezus, Uwe onschuld en de liefde, waarmede Gij U, zonder eenige tegenspraak, aan het onrechtvaardigste vonnis onderwerpt, doen mij blozen ; het is mij leed, dat ik mij bij het ontvangen van eene geringe beleediging, bij het hooren van een smadelijk woord, tot hiertoe zoo verontwaardigd toonde ; ja, dit smart mij, en ik maak een vast voornemen om voortaan, met Uwe heilige hulp, elke versmading, hoe onrechtvaardig, hoe smartelijk die ook zijn moge, gaarne te verduren.
Onze Vader. Wees Gegroet.
Glorie zij den Vader.
Ontferm U onzer, Heer, ontferm Uonzer.
397
2dt; STATIE.
Jezus neemt het kruis op Zijne schouderen.
Wij aanbidden U, Christus, en loven U.
Omdat Gij door Uw H. kruis de wereld verlost hebt.
sMJijne ziel, beschouw uwen Jezus, zie quot; 'met welk eene teederheid Hij het kruis omhelst, met welk eene kalmte en gelatenheid Hij den moedwil der woeste bende verdraagt. Ach! bloos over die on verduldigheid, waaraan gij u bij het verschijnen van het geringste kruisje van tegenspoed zoo vaardig overgeeft. Kom, vergezel uwen met het kruis beladen Jezus, en zeg Hem :
GEBED.
Met reden schaam ik mij, lieve Jezus, wanneer ik U het kruis, het door mijne ondankbaarheid, door mijne zonden vervaardigd kruis, zoo liefdelijk zie omhelzen, terwijl ik aarzel die lichte, aangename kruisjes op te nemen, welke Uwe oneindige liefde mij vormde en door zoo vele genadehulp dragelijk maakte. Vergeef het
39«
mij, bid ik U, vermits ik een vast besluit maak, niet alleen om dezelve voortaan gaarne te omhelzen, maar daarenboven met Uwe geliefde heilige Theresia U onophoudelijk te smeeken ; of lijden of sterven, het kruis of de dood.
Onze Vader. Wees gegroet.
Glorie zij den Vader.
Ontferm U onzer, Heer, ontferm Uonzer.
3de STATIE.
Jezus valt de eerste maal onder het kruis.
Wij aanbidden U, Christus, cn loven U.
Omdat Gij door Uw H. kruis de wereld verlost hebt.
s'MT.ijne ziel, ziet gij de beleedigingen niet, ' welke uw gevallen Jezus te verduren heeft ? En echter zwijgt Hij, en echter verdraagt Hij alles uit liefde tot u : en hoe ongeduldig zijt gij niet, wanneer eene lichte ziekte u aantast; wanneer een gering ongeval u treft, hoe bitter beklaagt gij u dan niet ? Ach, werp u met tranen van berouw voor Jezus' voeten, en bid Hem :
399
GEBED.
Beminnelijke Jezus, met leedwezen werp ik mij voor U ter aarde, omdat ik U zoo dikwerf door mijn ongeduld beleedigde. Ach ! schenk mij de genade om te kunnen opstaan, den weg des kruises met liefde en vreugde te vervolgen, en alle rampspoeden gaarne te verduren.
Onze Vader. Wees gegroet.
Glorie zij den Vader.
Ontferm Uonzer, Heer, ontferm Uonzer.
4de STATIE.
Jezus ontmoet Zijne H. Moeder.
Wij aanbidden U Christus, en loven U.
Omdat Gij door Uw H. kruis de wereld verlost hebt.
.fMgch ! welk een hevige smart doorboorde '' het hart van Maria, en wie kan de folteringen opnoemen, waarmede Jezus' lijden bij deze ontmoeting verzwaard werd ! Ween, mijne ziel, ween bij dit hartverscheurend schouwspel, en troost de bedroefde Moeder en den lijdenden Zoon op deze wijze :
400
GEBED.
Liefderijke Moeder, ik ben het, die uwen geliefden Zoon, uwen Jezus, aan die bar-baarsche handen van ruwe krijgsknechten overleverde. Toen ik zondigde, juist toen vormde ik het zwaard van droefheid dat uw moederhart doorboorde. Ach ! ik heb er berouw over en smeek u beiden om erbarming en vergeving; erbarming, heilige Maria mijn Jezus, erbarming met een zondaar, die het besluit maakt om niet meer te zondigen, en tot dat einde Uw beider smarten dikwijls te overwegen.
Onze Vader. Wees gegroet.
Glorie zij den Vader.
Ontferni Uonzer, Heer, ontfenn Uonzer.
Sde STATIE.
Jezus wordt door Simon van Cyrcne in het dragen van Zijn kruis geholpen.
Wij aanbidden U Christus, en loven U. Omdat Gij door Uw H. kruis de wereld verlost hebt.
iBenk eens na mijne ziel, welke belcedi-ging de Cyrener Jezus aandeed, door Hem in het dragen van Zijn kruis zijne
401
hulp te weigeren. Maar beleedigt gij hem niet meer, als gij het kruis, dat Jezus u overzendt, gedwongen en niet met liefde torsd*;, als gij het nasleept en zelfs durft ontvluchten ? Ach! verfoei uwe dwaling, en bid uwen liefhebbonden Jezus;
GEBED.
Liefdevolle Jezus, ik belijd het, ik was die Cyrener, ik, die slechts gedwongen het kruis der wederwaardigheden gedragen, en altijd getracht heb hetzelve te ontvluchten. Ach ! ik erken mijne misdaad, ik smeek om vergeving en genade voor de toekomst. Zend mij vrij die kruisen, welke U zoo dierbaar zijn ; met Uwe hulp zal ik ze volgaarne omhelzen.
Onze Vader. Wees gegroet.
Glorie zij den Vader.
Ontferm Uonzer, Heer, ontferm U onzer.
6de STATIE.
' Veronica droogt Jezus' aanschijn met eenen zweetdoek.
Wij aanbidden U, Christus, en loven U.
Omdat Gij door Uw H. kruis de wereld verlost hebt.
N. Handb. Derde Orde. 26.#
402
ats het mogelijk, mijne ziel, dat gij niet 6$ van liefde en teederheid wegsmelt, bij de overweging van de belooning, welke de goede Jezus aan de vrome Veronica uitreikte, voor hare aan Hem betoonde daad van medelijden ? Hij stelde haar in het bezit van Zijne in den zweetdoek ingedrukte, aanbiddelijke gelaatstrekken. Zou Hij niet op dezelfde wijze ook met u handelen, door Zijn heilig wezen in uw hart te drukken, zoo gij dikwerf uw medelijden jegens Hem opwektet ? Ach! geef dan van dit gemis aan u zeiven alleen de schuld, en zeg Hem ;
GEBED.
Gefolterde Godmensch, zoo Gij niet in mijn hart gedrukt zijt, is de schuld niet aan U, neen, aan mij zeiven, aan mijne ongevoeligheid moet ik het wijten. Immers gevoel ik wel ooit medelijden jegens U, overweeg ik wel ooit Uwe smarten ? Ach ! ik verfoei mijne handelwijze en wil voortaan Uw bitter lijden dikwijls overwegen, opdat Gij met onuitwischbaie letteren in mijn hart moogt gegrift worden.
403
Onze Vader. Wees gegroet.
Glorie zij den Vader.
Ontferm Uonzer, Heer, ontferm Uonzer.
7de STATIE.
Jezus valt ten tweede male onder het kruis.
Wij aanbidden U, Christus, en loven U.
Omdat Gij door Uw H. Kruis de wereld verlost hebt.
ch! mijne ziel, hoe ongevoelig zijt gij ! Ziet gij niet, dat het uwe trotsch-heid is, die Jezus ook nu op den grond doet nedervallen, daar gij uwen Heiland met voeten treedt, om u zeiven te verheffen ? Ach! verfoei toch eens dien hoogmoed, en beloof uw gevallen vriend beterschap.
GEI3ED.
Ja, mijn Jezus, ik beween mijne trotsch-heid, waardoor ik steeds boven anderen den voorrang begeerde, en dewijl ik hierdoor oorzaak van Uwen val was, besluit ik, mij ook voor mijne minderen te vernederen, altijd met nederigheid en onderwerping te spreken cn allen hoogmoed uit mijn hart te verbannen. Help mij hierin door Uwe vermogende genade.
404
Onze Vader. Wees gegroet.
Glorie zij den Vader.
Ontferm U onzer, Heer, ontferm U onzer.
8ste STATIE.
Jezus troost de zveenende vronzuen.
Wij aanbidden U, Christus, en loven U.
Omdat Gij door Uw H. kruis dc wereld verlost hebt.
■'-~ie, mijne ziel, hoe dc voor Jezus ge-plengde tranen met Zijne vertroostingen gepaard gaan. Nauwelijks weenen Jeruzalem's vrouwen, of Jezus vertroost haar. Overweeg eens, dat, zoo gij tot hiertoe van Hem nog geen troost ontvangen hebt, het een sprekend bewijs is, dat gij nog geene tranen van medelijden over uwen lijdenden Zaligmaker gestort hebt.
GEBED.
Beminnelijke Verlosser, al te wel gevoel ik mijne verplichting, om over mijne ondankbaarheid en zondige werken te schreien, maar des te meer beween ik ze, omdat zij oorzaak van Uw lijden waren. Zoo dan dc tranen der bedroefde vrouwen U welgevallig waren, o versmaad
40S
dan ook de mijne niet, opdat ik zoo wel nu als in het uur van mijnen dood door U getroost worde.
Onze Vader. Wees gegroet.
Glorie zij den Vader.
Ontferm U onzer, Heer, ontferm Uonzer.
gd. STATIE.
Jezus valt ten derde male onder het kruis. Wij aanbidden U, Christus, en loven U. Omdat Gij door Uw H. kruis de wereld verlost hebt.
ggesdiouw, mijne ziel, beschouw uwen Jezus, die hier ten derden male op den grond gevallen is. Uwe zonden deden Hem bezwijken, Hij kon den last uwer ondankbaarheid niet langer torschen. Maak dan toch eenmaal het besluit om niet meer ondankbaar te zijn, en uwen Verlosser op te beuren. Zeg Hem met met geheel uw hart :
GEBED.
Goede Jezus, het is maar al te waar. Uw herhaald vallen werd door mij veroorzaakt, doordien ik aan Uwe genade zoo slecht beantwoordde; maar zie, ik
4o6
heb er berouw over en neem mij voor, om in het vervolg geene genade onbeantwoord te laten. Dit echter kan ik niet zonder Uwen bijstand. Help mij dan, om uit dien afgrond van ondankbaarheid op te staan en nooit meer uit Uwe getuide te geraken.
Onze Vader. Wees gegroet.
Glorie zij den Vader.
Ontferm Uonzer, Heer, ontferm U onzer.
iod,: STATIE.
Jezus wordt ontkleed en met gal gelaafd.
Wij aanbidden U, Christus, en loven U.
Omdat Gij door Uw H. kruis de wereld verlost hebt.
j^verweeg, mijne ziel, hoe Jezus' maag-^ delijke zedigheid hier beleedigd, hoe Zijn smaak hier verbitterd werd. Ach ! uwe onbeschaamdheid, uwe zinnelijke kleeding, uwe ijdelheid beroofden u van uwe onschuld, rukten Jezus de kleederen van het lijf; uwe onmatigheid verbitterde den smaak van uwen Heer. Welaan dan, spreek Hem rouwmoedig aan, zeggende:
407
GKBKD.
Lijdende Jezus, ja, ik beween mijn ijdel pogen om in de wereld eene vertooning te maken; ik verwensch mijne onwaardige begeerten, ik verfoei alle gehechtheid aan de wereld; geef dat ik mij voortaan nooit meer van het kleed der onschuld beroove, dat ik mij nooit meer aan overdaad plichtig make, en door de eenvoudigheid mijner kleeding de zedigheid mijns harten levendig uitdrukte.
Onze Vader. Wees gegroet.
Glorie zij den Vader.
Ontftrm Uonzer, Heer, ontferm Uonzer.
li13» STATIE.
Jezus wordt aan het knus genageld.
Wij aanbidden U, Christus, en loven U.
Omdat Gij door Uw H. kruis de wereld verlost hebt.
Jgindelijk, mijne ziel, eindelijk wordt uw vermoeide, afgematte Jezus aan het vloekhout geklonken. Ween hier bij de herinnering, dat uwe zoo gekoesterde hartstochten de scherpe nagelen waren, waarmede Zijne handen en voeten doorboord werden, dat uw bedorven wil de
4O8
hamer was, waarvan de slagen op Golgotha weergalmden. Ach ! smeek Hem hiervoor vergeving door te zeggen :
GEBED.
Mijn gekruisigde Jezus, duld dat ik vol droefheid en leedwezen mijne zonden en ondankbaarheid in uwe doorboorde handen legge, niet om U opnieuw te kruisigen, maar opdat mijne trouweloosheid, met U gekruisigd zijnde, van weedom sterve, om in een eeuwige trouw te veranderen.
Onze Vader. Wees gegroet.
Glorie zij den Vader.
Ontferm Uonzer, Heer, ontferm Uonzer.
12^ STATIE.
Jezus bidt voor die Hem kruisigen.
Wij aanbidden U, Christus, en loven U.
Omdat Gij door Uw H. kruis de wereld verlost hebt.
Ilgeschouw, mijne ziel, beschouw nog-^ maals uwen Jezus aan het kruis gehecht. Zie, hoe vurig Hij den eeuwigen Vader bidt voor u, die Hem zoo schandelijk hoondet; en gij aarzelt nog, ver-
409
geving te schenken aan hen, die u soms verongelijkten, die u beleedigden. En echter gij zijt het, die den Zoon van God niet slechts beleedigd, maar zelfs gekruisigd hebt. Welaan, verhef dan vol berouw over zoo vele zonden uwe stem tot Jezus, en zeg Hem :
GEBED.
Beminnelijke Zaligmaker, Uwe stem waarmede Gij den Vader voor mij om vergeving badt, roept mij onophoudelijk toe, dat ik niet alleen mijnen naasten alle verongelijking vergeven, maar ook U voor mijne beleedigers om vergeving stneeken moet. Gehoorzaam aan die stem, verfoei ik dan ook mijne tot hiertoe gevolgde hardvochtigheid en maak het voornemen om hun, die mij verongelijking aandoen, weldaden te bewijzen, opdat ik ook eenmaal van U hooren moge : Heden zult gij met mij in het paradijs zijn.
Onze Vader. Wees gegroet.
Glorie zij den Vader.
Ontferm Uonzer, Heer, ontferm Uonzer.
4io I3de STATIE.
Jcsns wordt van het kruis genomen.
Wij aanbidden U, Christus, en loven U.
Omdat Gij door Uw H. kruis de wereld verlost hebt.
fij waart het, mijne ziel, die den gestorven Jezus in Maria's schoot legdet, zoo dikwerf gij Hem in het H. Sacrament niet weinig godsvrucht, mogelijk wel op eene heiligschendende wijze, in uw hart ontvangen hebt en Hem zoodoende in uw binnenste deedt sterven. Ach! vraag Jezus hiervoor vergeving ; bidt Maria om haar voorspraak.ij waart het, mijne ziel, die den gestorven Jezus in Maria's schoot legdet, zoo dikwerf gij Hem in het H. Sacrament niet weinig godsvrucht, mogelijk wel op eene heiligschendende wijze, in uw hart ontvangen hebt en Hem zoodoende in uw binnenste deedt sterven. Ach! vraag Jezus hiervoor vergeving ; bidt Maria om haar voorspraak.
GEBED.
Ja, mijn God, het is waar, ik was ongevoelig genoeg, om zulk een droevig schouwspel te veroorzaken, dewijl ik zoo dikwerf Uwe heilige Tafel naderde, zoo niet met een door zonde bezoedeld geweten, dan toch met weinig godsvrucht en met een aan het aardsche gehecht hart. Ach ! dit berouwt mij en spoort mij tevens aan, om voortaan het brood der engelen zoodanig te ontvangen, dat het
4ii
voor mij een onderpand worde der toekomstige heerlijkheid.
Onze Vader. Wees gegroet.
Glorie zij den Vader.
Outfervi Uonzer. Heer, ontferm Uonzer.
I4de STATIE.
Jezus zvordt in het graf gelegd.
Wij aanbidden U, Christus, en loven U.
Omdat Gij door Uw H. kruis de wereld verlost hebt.
verweeg, mijne ziel, hoedanig het graf was, waarin uw ontzielde Verlosser gelegd werd. Het was een nieuw graf, en met kostbaar reukwerk gebalsemd, werd Hij daarin nedergelegd. Dan helaas! uw hart is voor uwen Jezus geen nieuw graf meer, wijl gij er eerst aan de zonde eene plaats hebt ingeruimd. Welaan, tracht het dan nu ten minste te vernieuwen, en bid Hem, dat Hij in u een geheel ander hart scheppe.
GEBED.
Liefde mijner ziel, ik belijd het, mijn hart was tot hiertoe een door zoo vele zonden en onvolmaaktheden bezoedeld
412
graf, maar vol schaamte en berouw bid ik U : Schep in mij een nieuw en zuiver hart, en geef, dat ik het met den balsem van de gedachtenis aan Uw lijden zalve, en met het reukwerk der deugden ver-fraaie. Dan zult gij altijd in mijn hart rusten als in een graf, dat heerlijk, U welgevallig is. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet.
Glorie zij den Vader.
Ontferm Uonzer. Heer, ontferm U onzer.
SLUITGEBED.
IM'artelijke dank zij U, o Heer, voor al ^ Uwe weldaden, en inzonderheid voor die, welke Gij mij nu weder bewezen hebt, door mij op dezen kruisweg te ondersteunen. Ik mocht mij dan gedurende dezen tijd eens van het aardsche losscheuren, mij in de geheimen van Uw lijden verdiepen en daaruit heilrijke lessen inzamelen. O, dat deze oefening dan ook werkelijk strekke tot verbetering van mijnen wandel, tot zaligheid mijner ziel. Geef, goede Jezus, dat zij ook aan die afgestorvene geloovigen voordeelig zij.
413
voor welke ik ze heb opgedragen; en mochten deze die aflaten niet noodig gehad hebben, gewaardig U dan, ze aan die zielen toe te voegen, voor welke geene bijzondere gebeden gestort worden en die aan mijne hulp de meeste behoefte hebben ; beschik daarover, gelijk het U behaagt.
Eindelijk verleen mij, dat ik Uw heilig lijden bestendig in mijne gedachten hebben, mijnen wandel daarnaar regelen en tot den laatsten adem mijns levens in de deugd volharden moge. Amen.
Zesmaal Ourje Vader, Wees gegroet en Glorie zij den Vader.
LITANIE
Allefheiligsten ^laam
Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons. God, hemelsche Vader, ontferm U c God, Zoon, Verlosser der wereld. God, H. Geest,
H. Drievuldigheid, één God,
Jezus, zoon van den levenden God, Jezus, luister des Vaders,
Jezus, glans van het eeuwige licht, Jezus, koning der glorie,
Jezus, zon der rechtvaardigheid, Jezus, zoon van de Maagd Maria, Beminnenswaardige Jezus, Bewonderenswaardige Jezus,
Jezus, sterke God,
eer, ontferm U onzer.
o
r-t-
n?
3 C o
N
4!5
Jezus, vader der toekomende ecuwen,
Jezus, verkondiger van het verheven
raadsbesluit.
Allermachtigste Jezus,
Allerverduldigste Jezus,
Allergehoorzaamste Jezus,
Jezus, zachtmoedig en ootmoedig van harte,
Jezus, minnaar der zuiverheid,
Jezus, onze vriend,
Jezus, God des vredes,
Jezus, oorsprong des levens, 9
Jezus, voorbeeld der deugden, PT'
1 • ^ Jezus, schat der geloovigen,
Jezus, goede herder,
Jezus, waarachtig licht,
Jezus, eeuwige wijsheid,
Jezus, eindelooze goedheid,
Jezus, onze weg en ons leven,
Jezus, blijdschap der engelen,
Jezus, koning der patriarchen,
Jezus, meester der apostelen,
Jezus, leeraar der evangelisten,
416
Jezus, sterkte der martelaren, ontf. U onzer.
Jezus, licht der belijders, ontf. U onzer.
Jezus, zuiverheid der maagden, ontf. U onzer.
Jezus, kroon van alle heiligen, ontf. U onzer.
Wees genadig, spaar ons, Jezus.
Wees genadig, verhoor ons, Jezus.
Van alle kwaad, verlos ons, Jezus.
Van alle zonde.
Van Uwe gramschap.
Van de listen des duivels.
Van den geest der onkuischheid,
Van den eeuwigen dood.
Van het veronachtzamen Uwer inspraken,
Door het geheim Uwer menschvvording, ^
Door Uwen doodstrijd en Uw lijden, ^
Door Uw kruis en Uwe verlatenheid, c
C/3
Door Uwen dood en Uwe begrafenis.
Door Uwe verrijzenis.
Door Uwe hemelvaart,
Door Uwe vreugde.
Door Uwe verheerlijking,
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, spaar ons, Jezus.
417
Lam Gods, dat de zonden der wereld
wegneemt, verhoor ons, Jezus. Lam Gods, dat de zonden der werelp
wegneemt, ontferm U onzer, Jezus. Jezus Christus, hoor ons.
Jezus Christus, verhoor ons.
LATEN WIJ UI DJ JEN.
Heer Jezus Christus, die gezegd hebt: Vraagt, en gij zult verkrijgen, zoekt, en gij zult vinden, klopt, en u zal worden opengedaan; geef, smeeken wij, aan ons, die er om vragen, de gevoelens Uwer allergoddelijkste liefde, opdat wij U uit geheel ons hart in woord en daad beminnen en nimmer ophouden U te loven.
Geef, o Heer, dat wij Uwen H. naam altijd tegelijk eerbiedigen en beminnen, omdat Gij nimmer ophoudt te besturen, wie Gij in Uwe liefde hebt gegrondvest. Die leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. Amen.
27-
N. liandb. Derde Orde.
li ï T R I E
VAN HET
HEILIG HART VAN JEZUS.
|j\eer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontferm U onzer. God, Zoon, Verlosser der wereld.
God, H. Geest,
H. Drievuldigheid, één God,
Hart van Jezus, zoon van den eeuwigen Vader,
Hart van Jezus, zoon van de Maagd o Maria, 2,
. ngt;
Hart van Jezus, eigen en waardige g
woonplaats van den H. Geest, ^
Hart van Jezus, tempel van de aller- 0
heiligste Drievuldigheid,
Hart van Jezus, glorie en vreugd der ^
engelen.
Hart van Jezus, oneindig in majesteit,
Hart van Jezus, voorwerp van alle liefde. Allerootmoedigst Hart van Jezus, ^
Allerzuiverst Hart van Jezus,
419
Allerminnelijkst Hart v. Jezus, ontf. U onz. Hart van fezus, vol van zefen en wnarle.
snoj 9p jiiaoo ai su^p issnquot;c 19 anaoo uoiu su^p zaïpuaosap SUOA 0llb 9.1IS9P 9f an9piB 9|l9nb 09AB Ba9uSiouj^ suotjv.nlt;fs?.t s?m dp 9uno^ii3 o£
•ju9iu9jiüjaKd J9iuiB snoA anod J9 siiOA 9nb J9iuiE(u anod s9aniB9ja S9| s95noj 9p 19 9lU^Ul-ini 9p a9l|OB19p 91 9p 9ud snoA 9r 9nb 19 'anaoo uoiu ;noj 9p 9iuib sdoa 9f 9nb 9An9jd 9un BJ9S A7iz)3 uoui dp fu9iu?ifvq 9nbBq3 Qz
*1910 9{ SUBp 9IA 91J9D s9adb .iioa snoA 19 ioj v[ 9p x119x S9| .red 9.IJ91 9J19D JUS lU9lU9|pnUIllI09 J9PJBS9J SUOA 1U91II9ATA 9aiS9p 9f 9nb ! snoA V 1U9UJ9J9I1U9 9JDBSUOO 9111 9f 9nb ujagiuSis'sns^f uoiu g'p,lt;v.op,c oi
; 9ia ■bui 9p uy ui ^(nbsnf 9i9py 9Ji^ xn9A 9f pnbnb 'luuAins 9pud 9^ suoa d9au srej 9f'jioa -nod uom ii9 JS9 U.nb juuitiu a9yiaoi§
snoA 19 '9[qissod 159,111 [i.nb iu9iu9iiuj -aud issnu anouiu uom aguStoui^i suoa jnod 'angAiiBS 9iqi3iuiTï uoiu 'sns:;if
'snsajp. aaqïi a^Bg; xnaijaag;
HITAfllE
•saStug 'upsnSny-juiBS aujuiudidi
•f?nLUjgt;i?fj) fuommouij y spj-ivi/j -/$■ jp 9.ta?iz[)
•sHAaasHH non sxioaa
'N3Q 'AHHIV J^ •%£
•S'ógi suquiaAoj^j Lz. aip 'siSiug ' lt;3 fl.LYIM I ïld IMI
'ji-j|os isuiy 'aio^d ao
.19LU.iyUOO 19 JO^jSb 'sns^if UOUl O 'Z9uSlBQ
•9J{OJT3§jnd np S91U15 S9p 9DU13JAj[9p 131 ^ 'S9}Sn[ S9p 9DUVJ9A9S.l9d U[ Jliod ,Sin9L[0^d S9[ snol 9p }9 b9[9pyui S9[ SHOJ 9p UOISiOA
-uoo \:[ .mod 'U9iQ op S90iu3 soi s9)noi 19 sjivj -uojq so{ snoj anod sooyaS op suoijoi; uo 'spqo^d S9| snoi op uoiimud^.i U9 '^sofe^ ouiAip u[ op uojiuaopu U9 u[90 j9 i sojsnf sè[ snoj 9p j9 9aoi,\[
9JUJBS 9aiOA 9p XU00 10 SOIUOUI SOA SUOJ '9}lllS
B[ sui;p so^jq^i^o juoaos 19 sg^aq^o 019 iuo nib
S0SS9LU S9[ SOJUOl 'JJOIU 9J10A J9 UOlSSüd 9.H0A i9Ua9}7[ 910^ 1113 .lUJJO xn9A 9f 'Stfuoi UOUl apfUJUl
-dn.noia diibvi[j 'zmy uom dp uoi}v.ip(fo gubeqo a^d 9nb 9iS9}o.id 9f 'snsyf uoui o 'iiyug; oS
•s^uSxiS oaio luoAtiod mb s90u9Sinpui S9[ S9iaoj a9u2BS 9p 'issn^ 19 '9jm^ao oun quot;B siBtuBf BJ9J|dsui na s9^iidsui
SIBlUBf 13 OO^aS 9ajOA 9nb SU0pU91Uj 591UIBS S9[
S9)no) sioj 9nbBqo jioab(p ' iuoju^o U9 snoA no
5a9yO JUO U9 snoA 9iqiU9SU9 S9JniB9JO S9[ S9in01 SlULLTCf 9nb 'SUOIJBiBd^J 9p ^9 S90B.lS 9p SUOIJOB.p lilBjnB 'SUOpBJOpB.p 19 S9SUBnOl 9p llTBinB SnOA 9p 1S9 UOI1U91UI UOUl 'suotjov, sdiu dp no sdjoxv} saw dp 'sdfsudf sdui dp 9unoBqo jbj oi7
•9}U0[0A 9iuiBS S9J1 9JiOA b sjuofno} anod a9uuop -uBqB.ui xn9A 9f uopo9ja9d 9|[9nb ooab 59 'juouib ojjoa^p ouS^i 9i'jiiqBJ9 X jnod soiuuioq S9i
419
Allerminnelijkst Hart v. Jezus, ontf. U onz Hart van Jezus, vol van zegen en genade, Wellust van hemel en aarde,
Licht van geheel de wereld, Onoverwinnelijke sterkte tegen onze
vijanden,
»
Fontein van alle rechtvaardigheid, Oorsprong van goedheid en barmhartigheid,
Vol medelijden en teederheid. Woonstede aller deugden,
enquot; Waardig' allen lof en eer, §
g Aan wien alle aanbidding toekomt, f? c Oneindige afgrond van alle hemel- 3 gt; sche gaven, C
t; Fontein der springende wateren tot § ;x; het eeuwig leven, S
Verzoening onzer zonden.
Troost aller bedrukte harten,
Hoop van die in U sterven. Ons leven en verrijzenis,
Toevlucht van alle zondaren, Met bitterheid voor ons vervuld, Met versmaadheden door ons verzadigd,
Om onze boosheden doorwond,
420
Hart van Jezus, voor onze zaligheid gestorven aan het kruis, ontferm U onzer. Hart van Jezus, met eene lans doorstoken,
ontferm U onzer.
Hart van Jezus, levende, heilige en Gode behagende offerande, ontferm U onzer. Hart van Jezus, altaar op hetwelk alle heiligen opgeofferd worden, ontf. U onzer. Lam Gods, dat de zonden der wereld
wegneemt, spaar ons, Jezus. Lam Gods, dat de zonden der wereld
wegneemt, verhoor ons, Jezus. Lam Gods, dat de zonden der wereld
wegneemt, ontfermt U onzer, Jezus. V. Koning der glorie. Gij zult nooit versmaden.
R. Een boetvaardig en vernederd hart.
GEBED.
Heere Jezus, die U gewaardigd hebt, de onuitsprekelijke rijkdommen van Uw allerheiligst Hart aan Uwe Kerk te openbaren, verleen on?, dat wij aan de liefde van dit allerh. Hart mogen beantwoorden en dat wij door waardige dienstbewijzingen vergoeden de verongelijkingen, die dat zelfde Hart van de ondankbare menschen worden aangedaan. Die leeft en heerscht met God den Vader in de eenheid des H. Geestes, door alle eeuwen der eeuwen. Amen.
LITANIE
TER EERE VAN DE
$fiïïcrïjciïiiT$tc JiThinafci lilavin.
'|[\ecr, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemclschc Vader, ontferm U onzer. God, Zoon, Verlosser der wereld, ontferm
U onzer.
God, II. Geest, ontferm U onzer. H. Drievuldigheid, één God, ontf. U onzer. H. Maria, bid voor ons.
H. Moeder Gods,
H. Maagd der Maagden,
Moeder van Christus,
Moeder der Goddelijke genade. Allerreinste Moeder, cr
Allerzuiverste Moeder,
Onbevlekte Moeder,
Wonderbare Moeder,
Moeder des Scheppers,
Moeder des Zaligmakers, Allervoorzichtigste Maagd,
422
Eerwaardige Maagd, bid voor ons.
Lofwaardige Maagd,
Machtige Maagd,
Goedertieren Maagd,
Getrouwe Maagd,
Spiegel der rechtvaardigheid,
Zetel der wijsheid,
Oorzaak onzer blijdschap,
Geestelijk vat.
Eerwaardig vat.
F!
Ark des verbonds.
Deur des hemels,
Morgenster,
Behoudenis der kranken.
Toevlucht der zondaren,
Troosteres der bedrukten,
Hulp der christenen.
Koningin der engelen,
Koningin der aartsvaders.
Koningin der profeten.
Koningin der apostelen,
423
Koningin der martelaren, bid voor ons. Koningin der belijders, bid voor ons. Koningin der maagden, bid voor ons. Koningin van alle heiligen, bid voor ons. Koningin, zonder erfsmet ontvangen, b. v. o. Koningin van den allerheiligsten rozenkrans, bid voor ons.
Lam G®ds, dat de zonden der wereld
wegneemt, spaar ons. Heer. Lam Gods, dat de zonden der wereld
wegneemt, verhoor ons. Heer. Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, ontferm U onzer.
(Een aflaat van 300 dag. voor iederen keer. Racrolta.)
Onder uwe bescherming nemen wij onze toevlucht, heilige Moeder Gods, versmaad onze smeekingen niet in onze noodwendigheden, maar bevrijd ons altijd van alle gevaren, o roemwaardige en gezegende Maagd, onze Vrouwe, onze Middelares, onze Voorspreekster. Verzoen ons met uwen Zoon, beveel ons aan uwen Zoon, vertoon ons aan uwen Zoon.
Bid voor ons, H. Moeder Gods.
Opdat wij de beloften van Christus waardig worden.
424
LATEN WIJ BIDDEN.
Beveilig, bidden wij U, o Heer, door de voorspraak van de zalige Maria, altijd maagd, Uw dienaren, die zich in ootmoed des harten voor U nederwerpen, tegen elke zwakheid, en neem hem tegen alle vijandelijke aanslagen goedertieren in Uwe bescherming. Door Christus, onzen Heer. Amen.
Gedenk, o allergenadigste Maagd Maria, dat het nooit gehoord is, dat iemand, die tot u zijn toevlucht nam, uwen bijstand verzocht of uwe voorspraak inriep, door u is verlaten geworden. Aangemoedigd door dit vertrouwen, kom ik tot u, o Maagd der maagden, mijne moeder, en zuchtende onder het gewicht mijner zonden, snel ik tot u ; versmaad mijne woorden toch niet, o Moeder des Woords, maar aanhoor ze goedgunstig en verhoor ze. Amen.
(Een aflaat van 300 dagen voor iederen keer. Een vollen aflaat eens in de maand, op een dag naar verkiezing, onder de voorwaarden van biecht en communie en kerkbezoek met eenig gebed tot intentie van Z. H. den Paus, te verdienen door allen, die bet, eene maand lang, ten minste eenmaal daags hebben gebeden. Rarcolta.)
L I T A N ï E
TER KERK VAN
Maria Onbevlekt Ontvangen.
TjT\eer, ontferm U onzer.
« Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontferm U onzer. God, Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer.
God, H. Geest, ontferm U onzer. H. Drievuldigheid, één God, ontf. U onzer. H. Maria, van het begin en vóór allen tijd tot moeder van Gods Zoon uitverkoren en voorbereid, bid voor ons. Zonder smet der erfzonde ontvangen, Schoonste en heiligste van alle geschapen wezens, St 'C Steeds versierd met die volmaakte „
03 . . lt;-
^ heiligheid, welke niemand buiten §
• God kan bevatten, Ph 2
Alleen onder de schepselen het S
voorwerp van het innigst welbehagen des hemelschen Vaders,
42(5
H. Maria, reinste aller maagden, bid v. ons. Met Uwen Goddelijken Zoon en door Hem de volkomenste overwinnares en eeuwige vijandin van de helsche slang,
Hemelsche ark, ongeschonden bewaard en wonderbaar gered in de algemeene schipbreuk der wereld, Brandend braambosch, in het midden der vlammen heerlijk groeiend en bloeiend,
Onoverwinnelijke sterkte tegen eiken aanval des vijands, St
S Luisterrijke stad Gods, gebouwd op ^ de heilige bergen, 8
X Verheven tempel Gods, vervuld met 0 de heerlijkheid des Heeren, S
Onpeilbare afgrond der hemelsche
genaden.
Lelie onder de doornen,
Reine aarde, uit welke Jezus, de
nieuwe Adam, gevormd werd, Heerlijk paradijs der onschuld, der onsterfelijkheid en der gelukzaligheid, Onbederfbaar hout, door den worm der zonde niet geschonden,
42/
Steeds zuivere, door de kracht des H. Geestes bezegelde bron, H. Maria, tabernakel, door den H. Geest luisterrijk versierd, bid voor ons. Heerlijk toonbeeld van heiligheid en reinheid,
Nieuwe Eva, die der wereld het heil ^ hebt aangebracht, ^
jg Glorierijkste Maagd, aan wie Hij, © ^ die machtig is, groote dingen heeft ^ gedaan, §
Koningin van hemel en aarde, Koningin der engelen en heiligen. Koningin, troonend aan de rechterhand van uwen Goddelijken Zoon, Lam Gods, dat de zonden der wereld
wegneemt, spaar ons. Heer. Lam Gods, dat de zonden der wereld
wegneemt, verhoor ons, Heer. Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, ontferm U onzer.
Gij zijt geheel schoon, Maria, en de erfsmet kleeft niet op u. Gij zijt de glorie van Jeruzalem, gij, de blijdschap van Israël, gij, de eer van ons volk, de voorspreekster der zondaren. O Maria, o Maria,
428
allervoorzichtigste maagd, goedertierenste moeder, bid voor ons, spreek voor ons ten beste bij onzen Heer Jezus Christus.
Antiph. Deze is de roede, waarin noch roest van erfzonde, noch schors van dadelijke zonde is geweest.
V. In uwe ontvangenis, o Maagd, zijt gij onbevlekt geweest.
R. Bid voor ons tot den Vader, wiens Zoon gij gebaard hebt.
LATEN WIJ BIDDEN.
O God, die door de Onbevlekte Ontvangenis der H, Maagd eene waardige woonplaats voor Uwen Zoon hebt voorbereid; wij bidden U, dat Gij, die wegens het voorzien van den dood van dienzelfden Uwen Zoon, haar van alle smet bewaard hebt, ook ons verleent van door hare voorspraak vlekkeloos tot U te naderen. Door denzelfden Christus, onzen Heer. Amen.
(Een aflaat van 100 dagen. Rnccolta.)
SMEEKGEBED TOT DE ONBEVLEKTE MAAGD MARIA.
Allerheiligste, onbevlekte Maagd en mijne moeder Maria, tot u, die de moeder van mijnen God zijt, de koningin der wereld, de voorspreekster, de hoop, de toevlucht der zondaren, neem ik, de ellendigste onder allen,
429
op dit oogenblik mijne toevlucht. Ik vereer u, o groote Koningin, en ik bedank u voor alle mij tot hiertoe geschonken genaden, in het bijzonder dat gij mij bevrijd hebt van de hel, zoo herhaaldelijk door mij verdiend.
Ik bemin u, mijne allerbeminnelijkste Meesteres, en bij de liefde, die ik u toedraag, beloof ik u altijd te willen dienen, en al mijn best te doen, dat gij ook door de andere menschen wordt bemind.
Ik stel op u al mijne hoop, al mijn behoud ; neem mij aan voor uwen dienaar (uwe dienares), en verberg mij onder uwen mantel, gij. Moeder der barmhartigheid. En daar gij zoo vermogend zijt bij God, bevrijd mij van alle bekoringen, of verwerf mij ten minste de kracht ze tot aan mijn dood toe te overwinnen. Van u vraag ik eene ware liefde tot Jezus Christus. Van u verhoop ik een zaligen dood. Q mijne Moeder, bij de liefde, die gij God toedraagt, bid ik u mij altijd bij te staan, maar meer bijzonder in mijn stervensuur. Verlaat mij niet tot zoolang gij mij behouden ziet in den hemel, om daar, geheel de eeuwigheid door, u te zegenen en uwe barmhartigheden te zingen. Zoo hoop ik, zoo zij het!
(Een aflaat van 300 dagen, zoo dikwijls dit j^ebed word. verricht voor de eene of andere beeltenis der H. Maagd. Raccolta.)
LITANIE
TER EE RE VAN DEN
H. VflDEH F^fl^CISCUS.
ïf^ecr, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, die Franciscus tot een bijzonder werktuig Uwer voorzienigheid hebt uitverkoren, ontferm U onzer.
God, Zoon, Verlosser der wereld, die Franciscus met de teekenen Uwer heilige vijf wonden hebt begunstigd, ontferm U onzer.
God, H.Geest, dieFranciscus met buitengewone genaden hebt verrijkt, ontf. U onz.
H. Drievuldigheid, één God, die Fran-ciscus in Uwe heerlijkheid hebt ontvangen, ontferm U onzer.
H. Maria, bijzondere blijdschap en troost van Franciscus, bid voor ons.
H. Moeder Gods, gestadige toevlucht van Franciscus, bid voor ons.
431
Maria, zonder erfsmet ontvangen, patrones en voorspreekster der geheele orde van Franciscus, bid voor ons, H. Franciscus, Serafijnsche Vader, Aartsvader der armen.
Evenbeeld van den gekruisigden Jezus, Volmaakte navolger van het apostolisch leven.
Ark van heiligheid,
Standvastig in het geloof.
'3 Leeraar der gehoorzaamheid, g
K Versmader der wereld,
Minnaar van het kruis.
Voorbeeld van boetvaardigheid, Wonder van ootmoedigheid,
Engel van zachtmoedigheid.
Regel van deugden,
Martelaar van begeerte.
Afgezant van den grooten Koning, IJveraar der zielen.
Bestrijder der ondeugden,
Schrik der duivelen,
432
H. Franciscus, Leidsman der dwalenden, bid voor ons.
3 Verdediger van het quot;-eloof, 5^
^ Trooster in ons stervensuur,
Helper van allen, die tot U hunne toevlucht nemen.
Lam Gods, dat de zonden der wereld
wegneemt, spaar ons. Heer. t Lam Gods, dat de zonden der wereld
wegneemt, verhoor ons. Heer. Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, ontferm U onzer.
v. Bid voor ons, H. Vader Franciscus. r. Opdat wij de beloften van Christus waardig worden.
Laten wij bidden.
O God, die Uwe Kerk door de verdiensten van onzen H. Vader Fianciscus met nieuwe kinderen vermeerdert; geef, dat wij in navolging van hem de aardsche goederen versmaden en in de deelhebbing aan de hemelsche immer ons verheugen. Door Christus, onzen Heer. Amen. -lt;$*$!---
KRANSJK
ter eere van de H. Wondteekenen van den H. Vader Pranciseus.
n den diepsten eerbied voor den troon Uwer opperste Majesteit nederge-knield, Goddelijke Verlosser Jezus Christus, aanbid ik U met geheel mijn hart, en door de H. Wondteekenen, welke Gij op wonderbare wijze in de handen, voeten en zijde van den Serafijnschen Vader, den H. Franciscus, hebt ingedrukt, smeek ik U ootmoedig ook in mijn koud hart dat heilig vuur der liefde te ontsteken, waardoor Gij zijne ziel ontvlamd hebt, opdat ik naar zijn verheven voorbeeld mij van het aardsche onthechte en in de zalige vruchten van Uw allerheiligste lijden en dood verdiene deel te hebben.
i. .gpn die meening offer ik U, o Heer, ®''' de heilige wonde op, welke Gij in den linkervoet van Uw getrouwen dienaar Franciscus hebt ingedrukt; en door de smart, welke hij gevoelde, toen hij ze ontving, smeek ik U ootmoedig, dat Gij mij de genade verleenet, om mij
N. Handb. Derde Orde. 28.
434
door de beoefening der christelijke versterving immer verwijderd te houden van den verderfclijken weg der ondeugd en zonde.
Onze Vader, Wees gegroet en Glorie zij den Vader.
2. .•Cj-k offer U, o Heer, de heilige wonde
op, welke Gij in den rechtervoet van Uw getrouwen dienaar Franciscus hebt ingedrukt; en door het blijde geduld, waarmede hij de smarten ervan verdroeg, smeek ik U ootmoedig dat Gij, mij de genade verleenet, om door de beoefening der christelijke deugd immer te wandelen op den rechten weg, die tot het eeuwige heil voert.
Onze Vader, M^ees gegroet, en Glorie-zij den Vader.
3. -fj-k offer U, o Heer, de heilige wonde
op, welke Gij in de linkerhand van Uwen getrouwen dienaar Franciscus hebt ingedrukt; en door het bloed, dat daaruit vloeide, smeek ik U ootmoedig, dat Gij mij de genade verleenet, om altijd zóó te leven, dat ik niet behoef
435
te vreezen van op den gi'ooten oordeelsdag met de verdoemden aan Uwe linkerhand geplaatst te worden.
Onze Vader, Wees gegroet en Glorie-zij den Vader.
4. Qfk offer U, o Heer, de heilige wonde
op, welke Gij in de rechterhand van Uw getrouwen dienaar Franciscus hebt ingedrukt; en door de verdiensten van zijn heilig leven smeek ik U ootmoedig, dat Gij mij de genade verleenet, om in de volmaakte onderhouding van Uwe heilige wetten te volharden, opdat ik in het laatste oordeel met de gelukzaligen aan Uwe rechterhand verdiene geplaatst te worden.
Onze Vader, Wees gegroet en Glorie zij den Vader.
5. £E|indelijk offer ik U, o Heer, de
heilige wonde op, welke Gij in de zijde van Uwen getrouwen dienaar Franciscus hebt ingedrukt; en door de serafijnsche liefde, waarvan zijn hart brandde, smeek ik u ootmoedig, dat Gij mij de genade verleenet, om in dit leven.
■
43lt;5
alle gedachten, gevoelens en verlangens mijner ziel aan Uwe liefde dienstbaar te maken, opdat ik waardig worde U te zegenen, te beminnen en te genieten gedurende de gansche eeuwigheid.
Onze Vader, Wees gegroet en Glorie zij den Vader.
V. Gij hebt, o Heer, Uwen dienaar Fran-
ciscus geteekend.
R. Met de teekenen onzer verlossing.
LATEN WIJ BIDDEN.
O Heer Jezus Christus, die, toen de wereld in de liefde verkoelde, om onze harten door het vuur Uwer liefde te ontsteken, de heilige teekenen van Uw lijden in het lichaam van onzen aller-zaligsten Vader Franciscus vernieuwd hebt, geef genadig, dat wij door zijne verdiensten en gebeden het kruis gedurig mogen dragen en waardige vruchten van boetvaardigheid voortbrengen. Die leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. Amen.
----
LITANIE
i-
ï[\eer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemclsche Vader, ontferm U onzer.
God, Zoon, Verlosser der wereld, ontferm
U onzer.
God, H. Geest, ontferm U onzer.
H. Drievuldigheid, een God, ontf. U onzer.
H. Maria, Moeder en beschermster van
den H. Antonius, bid voor ons.
H. Franciscus, vader en leermeester van
den H. Antonius,
H. Antonius van Padua,
Zalige vrucht van Spanje,
'5 Beschermer en roem van Padua,
^ Navolger van den H. Vader Fran- 0
Lelie van zuiverheid,
438
H. Antonius, kostelijke parel der armoede, bid voor ons.
Schitterend licht van gehoorzaamheid, Spiegel van boetvaardigheid,
Roos van verduldigheid,
Vlam van liefde,
Vat van heiligheid.
Pilaar der H. Kerk,
Verkondiger der genade,
Uitroeier der zonden,
Vertreder der wereld,
.2 Ootmoedige verberger der wijsheid, o* 5 Leeraar der waarheid, §
Blinkende ster der Serafijnsche Orde, ° . Arke des verbonds, g
^ Bazuin des Allerhoogsten,
Verdediger des geloofs aan het
hoogwaardig Sacrament,
Brandende naar den marteldood, Geesel der ketters.
Schrik der ongeloovigen.
Roede der dwingelanden,
Vurige minnaar van Gods huis, IJveraar voor het heil der zielen, Wonderbare mirakeldoener,
439
H. Antonius, Patroon in verlorene zaken, bid voor ons.
Toevlucht der armen,
Gezondheid der zieken,
Vertrooster der bedrukten,
.2 Kenner der harten,
o Voorzegger van toekomende dingen, § ^ Verwekker der dooden, °
^ Navolger der patriarchen en profeten, ^ Afbeeldsel der apostelen.
Uitstekende onder de leeraars,
Roem der heiligen.
Minnelijke vader en beschermer.
Wees genadig, spaar ons, Heer.
Wees genadig, verhoor ons, Heer. Van alle kwaad, verlos ons. Heer. Van alle zonden,
Van de listen des duivels.
Van pest, oorlog en hongersnood, § Van den eeuwigen dood, oquot;
Door de verdiensten van den H. Ant., g Door zijne brandende liefde, y
Door zijnen ijver voor de bekeering S der zondaars, G;
44°
Door zijn vurige begeerten naar den marteldood, verlos ons, Heer.
Door zijn onvermoeiden arbeid, Jquot;
Door de menigte en verscheidenheid ^
In den dag des oordeels.
Wij zondaren, wij bidden U, verhoor ons.
Dat Gij ons tot een waarachtig berouw over onze zonden wilt brengen, wij bidden U, verhoor ons.
Diit Gij het vuur der Goddelijke liefde in onze harten wilt ontsteken, wij bidden U, verhoor ons.
Dat Gij ons deelachtig wilt maken aan de voorspraak en aan de verdiensten van den H. Antonius, wij bidden U, verhoor ons.
Dat Gij ons vaderland in de vereering van den H. Antonius wilt doen volharden, wij bidden U, verhoor ons.
Dat Gij allen, die de voorspraak van den H. Antonius verzoeken, gezondheid naar ziel en lichaam wilt verleenen, wij bidden U, verhoor ons.
44i
Dat wij door de verdiensten van den ^ H. Antonius in alle deugden mogen ^ toenemen, wij bidden U, verhoor ons. gj Dat Gij allen, die den H. Antonius S eeren en aanroepen, met Uwe zege- ^ ningen gelieft te begunstigen, quot;
• • r*
Dat Gij U gewaardigt ons te verhooren, § Jezus Christus, Zoon van den levenden 2 God, y*
Lam Gods, dat de zonden der wereld
wegneemt, spaar ons, Heer. Lam Gods, dat de zonden der wereld
wegneemt, verhoor ons. Heer. Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, ontferm U onzer.
Eesponsorie van den H. Bonaventura.
V. Zoekt gij mirakelen : Dood, dwaling, rampspoed, duivel, melaatschheid vluchten weg, de zielen staan gezond op.
K. Zee en boeien wijken ; jongelingen en grijsaards verkrijgen hunne ledematen en verloren zaken terug.
V. De gevaren drijven af, de nood houdt op; dat zij, die het ondervinden, het verhalen, dat die van Padua het zeggen.
442
R. Zee en boeien wijken enz.
V. Glorie zij den Vader, en den Zoon, en den H. Geest.
R. Zee en boeien wijken enz.
v. Bid voor ons, H. Antonius.
R. Opdat wij de beloften van Christus waardig worden.
LATEN WIJ BIDDEN.
De feestelijke herdenking van den H. Antonius, Uw belijder, moge, o God, Uwe Kerk verblijden, opdat zij steeds door geestelijke hulp versterkt worde en de eeuwige vreugde mogen genieten. Door Christus, onzen Heer. Amen.
(Een aflaat van 100 dagen voor iederen keer. Een vollen aflaat eens in de maand, op een dag naar verkiezing, onder de voorwaarden van biecht en communie en kerkbezoek met eenig gebed tot intentie van Z. H. den Paus te verdienen door allen, die dit Responsorium met Vers en bijgevoegde Oratie, eene maand lang, ten minste eenmaal daags hebben gebeden. Raccolta.)
-0350-
NOVEENGEBEDEN
TER EERE VAN DEN
H. ANTONIUS.
UIJ HET 1SEGIN DER NOVEEN, glorierijke H. Antonius van Padua, bijzondere helper der christenheid, uit liefde, en verlangen om u te vereeren en uwe voorspraak bij God te erlangen, wil ik, onder Gods machtigen bijstand, tot uwe eer deze noveen houden ; ik neem mij voor om op die negen dagen uw altaar (beeld) met godsvrucht te bezoeken en de heilige mis, tot lof van God en tot uwe vereering, bij te wonen en ten minste eenmaal de H. sacramenten te ontvangen. Ik bid u ootmoedig, H. Antonius, dat gij de oefening, welke ik tot uwe eer ga beginnen, goedgunstig aannemet, en bij God voor mij wilt ten beste spreken, om deze gunst {maakt hier de viecning, waarvoor gij de noveen houdt) te verkrijgen, alsmede de genade, die mij noodig is, om God ten einde toe getrouw te dienen.
ELKEN DAG DER NOVEEN, glorierijke H. Antonius, toevlucht der noodlijdenden, gij die door eene hemelsche openbaring zijt aangewezen als bijzondere beschermer en voorspreker dergenen, die u met vertrouwen aanroepen,
444
zie, ik, arme zondaar, kom, met dit vertrouwen bezield, voor de eerste (tweede, derde enz.) maal tot u, en vraag' met eerbied voor uw altaar (beeld) neergeknield : Wees mijn troost in droefheid, mijn helper in nood, mijn beschermer in vervolging, mijne sterkte in kleinmoedigheid, mijn raadgever in twijfel. Inzonderheid verkrijg mij door uwe machtige voorspraak van den lieven Jezus, die in uwe armen heeft willen rusten, de gunst, waarvoor ik deze noveen u ter eer houd. Eindelijk beveel ik u, machtige Voorspreker bij God, het heil mijner ziel en mijns lichaams aan, nu en bijzonder in het uur van mijnen dood. Amen.
Hierbij kan men toevoegen de Litanie ter cerc van den Heilige met het volgend responsorie van den H. Bonaventura (zie boven bladz. 437) of gezegd responsorie alleen (zie boven bladz. 441) ; daarna bidt men:
beminnelijke en goedertierendste ^ Jezus, die Uwen belijder, den H. Antonius, door gedurige mirakelen wonderlijk hebt doen uitschijnen, geef genadig, dat wij hetgeen wij met vertrouwen van U vragen, door zijne voorspraak en verdiensten inderdaad verkrijgen. Die leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. Amen.
LITANIE
TER EERE VAN DEN
H. LUDOVICUS,
Kening van Frankrijk en Patroon van de Derde Orde.
eer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontferm U onzer. God, Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer.
God, H. Geest, ontferm U onzer. H. Drievuldigheid, een God, ontf. U onzer. H. Ludovicus, patroon van de Derde Orde, bid voor ons.
Helper der armen,
Vertrooster der bedroefden, Beschermer der verdrukten.
Toevlucht der weduwen en weczen, IJveraar voor het huis des Heeren, cr .y Getrouwe zoon der H. Kerk, ^
o Volmaakte navolger der deugden § quot;S van den Serafijnschen Vader, 2, Minnaar des vredes, o
£ Verachter van de ijdelheden der pi wereld.
Voorbeeld van boetvaardigheid. Verheven in ootmoedigheid, Bewonderenswaardig om uw levendig geloof in het allerh. Sacrament,
446
H. Ludovicus, brandende van liefde tot den lijdenden Jezus, bid voor ons. Verdediger van het H. Graf des Heeren,
« Moedige strijder voor Christus,
.y Die Franciscus' kleed hooger schattet ^ o dan het vorstelijk purper, §
ü Toonbeeld van geduld in tegenspoed ° en lijden, o
^ Om uwe volharding gekroond met S eeuwige glorie.
Zoo hoog gezeteld in het hemelsch koninkrijk.
Lam Gods, dat de zonden der wereld
wegneemt, spaar ons, Heer. Lam Gods, dat de zonden der wereld
wegneemt, verhoor ons, Heer. Lam Gods, dat de zonden der wereld
wegneemt, ontferm U onzer.
V. Bid voor ons, H. Ludovicus. R. Opdat wij de beloften van Christus waardig worden.
LATEN WIJ BIDDEN.
O God, die Uwen belijder, den H. Ludovicus, van het aardsche koninkrijk tot de glorie van het hemelrijk hebt overgevoerd, wij smeeken U door zijne verdiensten en voorspraak, maak ons deelgenooten van den Koning der koningen, Jezus Christus, Uwen Zoon. Die met U leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. Amen.
LITANIE
TER EERE VAN DE
H. Elisabeth van HongarijG.
Trï\eer, ontferm U onzer.
^quot;6 Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontferm U onzer.
God, Zoon, Verlosser der wereld, ontferm
U onzer.
God, H. Geest, ontferm U onzer. H. Drievuldigheid, een God, ontf. U onzer. H. Elisabeth, bid voor ons.
Waardige dochter van den H. Vader
Franciscus,
quot;rt Toevlucht der weduwen en weezen, lt; g Dienstmaagd der zieken, °
. Troosteres der bedroefden, g
^ Volmaakt in gehoorzaamheid, Uitmuntend in armoede.
Verheven in zuiverheid.
Ootmoedig in grootheid,
44^
H. Elisabeth, geduldig in vervolging, bid voor ons.
Onderworpen in kruis en lijden, ^ cj Schitterend in barmhartigheid, £
rO
Voorbeeld van volmaaktheid, lt;
y Luister van de Derde Orde, 2
Getrouwe helpster van die u aan- ■l/1
roepen.
Onze voorspreekster,
Lam Gods, dat de zonden der wereld
wegneemt, spaar ons. Heer. Lam Gods, dat de zonden der wereld
wegneemt, verhoor ons. Heer. Lam Gods, dat de zonden der wereld
wegneemt, ontferm U onzer.
V. Kid voor ons, H. Elisabeth.
R. Opdat wij de beloften van Christus waardig worden.
LATEN WIJ BIDDEN. Barmhartige God, verlicht de harten Uwer geloovigen, en doe ons door de roemvolle voorspraak der H. Elisabeth den voorspoed der wereld verachten en de hemelsche vertroosting altijd genieten. Door Christus, onzen Heer. Amen.
Gebed ter eere van de H. Elisabeth van Hongarije.
, |fN H. Elisabeth, uitverkoren vat van verhevene deugden, door uw schitterend voorbeeld toont gij aan de wereld, waartoe de liefde, het geloof en de nederigheid in eene christenziel in staat zijn. Gij hebt alle krachten uws harten besteed, om eenig en alleen uwen God te beminnen : gij hebt Hem bemind met eene liefde, zoo zuiver en zoo vurig, dat zij u waardig maakte bij voorbaat reeds hier op aarde die hemelsche gunsten en zoetheden te smaken, welke geschonken worden aan de zielen, uitgenoodigd tot de bruiloft van het aanbiddelijk Goddelijk Lam. Door een bovenaardsch licht en een onwankelbaar geloof voorgelicht, hebt gij u eene ware dochter des Evangelies getoond, en in den persoon van uwen naaste steeds dien van O. H. J. C. beschouwd, dat eenig voorwerp uwer verlangens : daarom steldet gij er uwen hoogsten wellust in met de armen om te gaan, hen te dienen, hunne tranen af te drogen, hen te bemoedigen, hen met
N. liandb. Derde Orde. 29.
450
alle liefdediensten bij te staan te midden van ziekten en van de tallooze ellenden, waaraan onze menschelijke natuur onderhevig is.
Gij zijt arm geworden, om uwen naaste in zijne armoede bij te staan, arm aan de goederen dezer aarde, om u aan die des hemels rijk te maken.
Gij waart zóó ootmoedig, dat gij, na den troon tegen de nederigste hut, en den koninklijken mantel tegen de zedige pij van den Seraphijnschen Franciscus te hebben verwisseld, u, hoewel gij onschuldig waart, aan een leven van ontbering en boetvaardigheid hebt onderworpen, en met een heilig welbehagen het kruis van uwen goddelijken Verlosser hebt omhelsd, in navolging van Hem de versmading en de onbillijkste vervolgingen gewillig aanvaardend. Gij hebt de wereld en u .zelve vergeten, om alleen uwen God te gedenken.
O allerbeminnelijkste Heilige, gij, die door God zoo bij uitstek wordt bemind, gewaardig u de hemelsche vriendin onzer ziel te zijn en haar te helpen de vriendin
:
I
451
te worden van Jezus uwen beminde. Sla van uit den hoogen hemel op ons een i dier teedere blikken, die hier op aarde de wreedste ziekten der menschen genazen. In de eeuw, waarin wij leven, zoo rijk aan zedelijke beroeringen, en voor een tijd zoo koud en onverschillig voor de dingen Gods, wenden wij ons betrouwvol tot u, opdat gij ons met uw licht voorlichten, met het vuur uwer verhevene liefde verwarmen, en ons den vrede der ziel verkrijgen moogt.
Terwijl wij God zegenen, dat Hij zijn heiligen Naam in deze wereld heeft verheerlijkt door den luister uwer heldhaftige deugden, en door de eeuwige belooning daarvoor toegestaan, zegen ook gij ons, o dierbare H. Elisabeth, vanaf den zaligen troon, waarop gij nabij den Heilige dei-Heiligen zetelt: bescherm ons op onzen gevaarvollen pelgrimstocht, verwerf ons de vergiffenis onzer misslagen, en open ons den weg, om bij u te komen en deel :e krijgen aan het Rijk Gods. Amen. Een aflaat van 300 dagen, eenmaal daags. Raccolta.)
PRANCISCAANSCHE LITANIE
ALLE HEILIGEN.
¥|\ecr, ontferm U onzer.
*6 Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontferm U onzer.
God, Zoon, Verlosser der wereld, ontferm
U onzer.
God, H. Geest, ontferm U onzer. H. Drievuldigheid, een God, ontf. U onzer. H. Maria, bid voor ons.
H. Moeder Gods,
H. Maagd der maagden,
H. Michael,
H. Gabriel,
H. Raphael,
Alle HH. engelen en aartsengelen,
Alle H. koren der zalige geesten, H. Joannes de Dooper,
H. Jozef,
Alle HH. patriarchen en profeten, H. Petrus,
cr ai
Jk
|
453 | |
|
H. |
Paulus, bid voor ons |
|
H. |
Andreas, |
|
H. |
Jacobus, |
|
H. |
Joannes, |
|
H. |
Thomas, |
|
H. |
Jacobus, |
|
H. |
Philippus, |
|
H. |
Bartholomeus, |
|
H. |
Mattheus, |
|
H. |
Simon, |
|
H. |
Thaddeus, |
|
H. |
Mathias, |
|
H. |
Barnabas, |
|
H. |
Lucas, |
|
H. |
Marcus, |
Alle HM. apostelen en evangelisten, Alle HH. leerlingen des Heeren, Alle HH. onnoozele kinderen, H. Stephanus,
H. Laurentius,
HH. Fabianus en Sebastianus, HH. Joannes en Paulus, HH. Cosmas en Damianus, HH. Gervasius en Protasius, H. Berardus,
H. Petrus,
454
H. Accursius, bid voor ons.
H. Adjutus,
H. Otho,
H. Daniël,
H. Angelus,
H. Samuel,
H. Domnus,
H. Leo,
H. Hugolius,
H. Nicolaus,
HH. Petrus-Baptista en overige martelaren van Japan,
HH. Nicolaus en overige martelaren
van Gorcum,
H. P'idelis,
Alle HH. Martelaars,
H. Silvester,
H. Gregorius,
H. Ambrosias,
H. Augustinus,
H. Hieronymus,
H. Bonaventura,
H. Martinus,
H. Nicolaus,
H. Ludovicus,
H. Benvenutus,
455
Alle HH. bisschoppen en belijders, bidt
voor ons.
Alle HH. leeraars, bidt voor ons. H. Antonius,
H. Benedictus.
H. Bernardus,
H. Dominicus,
H. Vader Franciscus,
H. Antonius van Padua,
H. Bernardinus,
H. Joannes van Capistrano,
H. Benedictus,
H. Pacificus,
H. Joannes-Jozef,
H. Leonardus,
H. Felix,
H. Jozef van Leonissa,
H. Seraphinus,
H. Jozef van Cupertino,
H. Ferdinandus,
456
H. Ludovicus, bid voor ons.
H. Ivo,
H. Elzearius,
H. Rochus,
H. Conrad us,
Alle HH. priesters en levieten,
Alle HH. monniken cn kluizenaars, H. Maria Magdalena,
H. Agatha,
H. Lucia,
H. Agnes,
H. Caecilia,
H. Catharina.
H. Clara,
H. Agnes van Assisië, H. Catharina van Bologna, H. Coleta,
H. Veronica,
H. Rosa van Viterbo, H. Hyacintha,
H. Maria Francisca,
H. Angela,
H. Anastatia,
H. Elisabeth van Hongarije, H. Elisabeth van Portugal, H. Margareta van Cortona,
457
Alle HH. Maagden en weduwen, bidt voor ons.
Alle heiligen uit de drie orden van onzen
H. Vader Franciscus, bidt voor ons. Alle Heiligen Gods, bidt voor ons.
Wees genadig, spaar ons, Heer.
Wees genadig, verhoor ons, Heer. Van alle kwaad, verlos ons. Heer. Van alle zonde,
Van Uwe gramschap,
Van een haastigen en onvoorziencn dood, Van de listen des duivels, Van gramschap, haat en allen kwaden wil.
Van den geest der onkuischheid. Van bliksem en onweder, q
Van den gecsel der aardbeving, g
Van pest, hongersnood en oorlog, o Van den eeuwigen dood, -t/1
Door het geheim Uwer H. mensch- K wording, 2,
Door Uwe komst,
Door Uwe geboorte.
Door Uw doopsel en H. vasten,
Door Uw kruis en lijden.
Door Uwen dood en Uwe begrafenis.
458
Door Uwe H. verrijzenis, verlos ons, Heer. Door Uwe wonderbare hemelvaart,
Door de komst van den H. Geest, den
Vertrooster,
In den dag des oordeels,
Wij zondaren, wij bidden U, verhoor ons. Dat Gij ons sparet,
Dat Gij U onzer ontfermet.
Dat Gij U gewaardigt ons tot eene
ware boetvaardigheid te geleiden, Dat Gij U gewaardigt Uwe Kerk te ^ besturen en te beschermen, ^
Dat Gij U gewaardigt den Roomschen Paus en alle geestelij ken in den heiligen godsdienst te bewaren.
Dat Gij U gewaardigt de vijanden der
H. Kerk te vernederen, agt;
Dat Gij U gewaardigt den christelijken g* koningen en vorsten vrede en ware ° eendracht te geven, g
Dat Gij U gewaardigt aan alle christe- ^ lijke volken vrede en eendracht te verleenen.
Dat Gij U gewaardigt ons in Uwen H. dienst te versterken en te bewaren.
■
^ 459
Dat Gij onze gemoederen tot hemel-sche begeerten opwekket, wij bidden U, verhoor ons.
Dat Gij U gewaardigt al onze wel- ^ doeners met de eeuwige goederenquot;^ te vergelden, St
Dat Gij U gewaardigt onze zielen en ^ de zielen onzer ouders, vrienden en weldoeners voor de eeuwige ver-doemenis te behoeden, n
Dat Gij U gewaardigt de vruchten der
aarde te geven en te bewaren, ° Dat Gij U gewaardigt allen overleden g
geloovigen de eeuwige rust te geven, Dat Gij U gewaardigt ons te verhooren. Zoon Gods,
Lam Gods, dat de zonden der wereld
wegneemt, spaar ons. Heer. Lam Gods, dat de zonden der wereld
wegneemt, verhoor ons. Heer. Lam Gods, dat de zonden der wereld
wegneemt, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
460
Heer, ontferm U onzer.
Onze Vader enz.
V. Bidt voor ons, alie heiligen uit de Orde der Minderbroeders.
R. Opdat wij de beloften van Christus waardig worden.
LATEN WIJ BIDDEN.
Almachtige, eeuwige God, die Uwe Kerk door de verscheiden verdiensten der heiligen altijd verlicht, beschermt en bewaart; geef genadig, dat wij door de voorspraak van den H. Franciscus en zijne heilige volgelingen hier van alle zonden gezuiverd worden en hiernamaals de eeuwige heerlijkheid genieten. Door Christus, onzen Heer. Amen.
Uitgave van Jos. J. van Lindert, te Cuykquot;
SINT-ANTONIUS.
MAANDSCHRIFT voor de Vereerders van den
Grooten Wonderdoener van Padua.
Onder Redactie van eenige Paters Minderbroeders.
Dit volksboekje verschijnt maandelijks in afleveringen van 24 bladzijden, waarin de lezer niet alleen nauwkeurig op de hoogte gehouden wordt omtrent alles, wat met betrekking tot den Heilige geschiedt of geschied ' is, maar ook door nuttige lessen wordt aangespoord de voorbeelden van dien Heilige volgens vermogen na te volgen. Boeiende verhalen maken het lezen van dit boekje aantrekkelijk; terwijl voortdurend het aangename met het nuttige wordt afgewisseld, zoodat het een boekje is, dat aan een ieder, oud en jong, geleerd en ongeleerd, in handen kan gegeven worden. Bovendien de geringe prijs van slechts 50 cent (franco per post 65 cent) maakt het voor een ieder zonder uitzondering mogelijk zich dit nuttig boekje aan te schaffen.
Men teekent in bij den Uitgever Jos. J. van Lindert te Cuyk (N.-B.) en bij alle Boekhandelaren.
De jaargang begint op 1 Januari en eindigt op 1 December. Nieuwe abonnementen worden gedurende het geheele jaar aangenomen. . Proef-Afleveringza Frospeéius zijn bij den Uitgever op aanvrsp 1 gratis verkrijgbaar.