|
33 Si
|
|||||||||||
|
Beknopt en kortbondigUittrekfel,
In allerley Geneesmiddelen
Voor
Allerley Ongemakken der PAERDEN,
Zeer keurig en beproeft bevonden van
JULIAN ERNST RHOER, Hoeffmidt van den Keurvorjl van Hannover*
|
|||||||||||
|
Te Deventer, Gedrukt by JAN de LANGE, Boefc,
drukker en verkoper in de groote Overftraat, 1753. |
|||||||||||
|
S. h
Middel vaer de Paerden die niet graag tot eeten zyn.
Neemt Myrren, Oofterlucy wortelen, Gentiaan, An-
gelica , gefchaaft Yvoor yder vier lood, Saffraan een lood ; dit tot poeder geftampt, geeft een Paerd 2 of 3 lepels vol in een oord Wyn , laat het dan drie of vier uuren vallen, dit verfterkt den maag en behoud de Hai- ren in een goeden gladden ftand. 5. II.
Keurlyk Droespoeder.
Neemt Fenugreek, gryfen Zwavel, Bakelaar yder een
pond, Gentiaan vier lood, Meefterwortelen, Alandworte- îen yder drie lood, Saffraan een lood, Oofterlucy-bladen vier lood Lynzaad, een pond affche van Bonenftro, Je- neverbezien yder fes lood, dit gepulverifeert geeft een Paerd alle morgen een lepel vol onder de Hexfel; dit verfterkt ook de lever. $. HL
Een ander , zeer goed Droespoeder.
Neemt Annyszaad, Fenikoolzaad, KlelTenzaad, yder
een vierendeel pond, Bakelaar, Fenugreek, gryfen Zwa- vel yder een half pond ; dit gepulverifeert, geeft den Paerden dagelyks daar van onder het voeder. Aa f. IV.
|
||||
|
(4)
S- IV.
Voor den Longenhoejì.
Neemt Fenngreek, Lynzaad yder een handvol, Gom
Tragant, witte Wierook, Myrren yder twee lood ; dit fyn geftampt zynde, laat het een. volle nacht in water flaan dy- en, en giet fmorgens het Paerd een half oort in den hals 9 achtervolgt dit een tydlang. ■■%. V.V
Als een Paerd vervangen is. Geeft het Zomers groene Wegebladen onder het voc
der , of neemt een Weinig van een wit Hermeltjes vel > Kerft het kort en geeft den Paerden driemaal, daar van onder Haver, of neemt een lood geïluicu peper, een half lood Metridaat, een half lood Nieswortelen, geeft dit aan de Paerden in warm Bier. §. VI-
Een ander voor het vervangen.
Werpt den ingewanden van VüTen voor den Paerderj
onder het Voeder en laatze daar op aafen, ff. VIL
Als een Paerd verhit is.
Neemt een Emmer vol Water, giet'er een mengelen
Loog onder, neemt dan een brokjen Spaanfe Zeep zo groot als een Noot, klopt de Zeep onder de loog tot datfe vergaan is, en geeft het Paerd viermaal daags daarvan te drinken, neemt dan Wynmoer , Schapendrek met Rog- genbrood-kruimels , maakt het warm en. beftrykt het |
|||||||
|
Paerd eenige dagen daar mede.
|
|||||||
|
$. VIII.
|
|||||||
|
e ? ;
§. vm.
Noch een ander voor de Verhitting, dat zeer beproeft
bevonden' is. Neemt Nachtfchaduwen of Rofenwater een mengelen, Lynoly een half oord, Brandewyn een potjen ; dit ver- mengt, giet dat een Paerd op eenmaal in den hals. ■$. ix.
Voor den Kuch der Paerden.
Stampt Wolkruid, geeft dit aan de Paerden in Water
te drinken, of drenktfe met water, waar in Gentiaan en Gerii gekookt is, laatfe dan de Halsader openen, en op den derden dag de Spoorader. §. X.
Ais een Paerd niet Stallen h#n. Neemt fyn gepulverifeerden Saffraan een lood ,. een
weinig Edik met een weinig Yferroefl, giet dit dan het Paerd in den Hals, dan Halt het binnen een. vierendeel uur, of neemt gedroogde Heeringskuiten en geeftfe den Paerden geftampt onder het voeder. %. XL
Ah ten Paerd de Koudeph heeft.
Stampt een lood Bakelaar, vermengtfe met Knofflook en giet dit in een oord warmen Wyn op eenmaal in den Hals» ■- % XÏL
Een ander voor de Koudepïs. Neemt 'Fenikoolwater'f, Kervelwater yder een oord, Lynoly een half oord, Terpentynoly drie lood;' dit ge* mengd giet een Paerd op een reis in den Hals. A 3 S- XIIL
|
||||
|
C ö >
l xiii.
Om m* Paerdfchoom en gladde hayren te doen hebhen.
Neemt twee of drie Lynkoeken, legtfe in de drink-
kuypens der Paerden en laatze een ruimen tyd daar van drinken, dit is weergaloos. 5. XIV.
Voor den Vaam.
Kookt Wolkruid, de wortelen en bladen met de ftee-
len, in Wyn-edik, giet dit den Paerden drie dagen achter een in den hals, dan krygenfe het in een jaar niet weder. §. xv.
Voor dw Kolder.
Neemt Eenhoorn, Kreeften "ogen, menfehen Herflèn-
pannen, gebrand Hertshoorn van yder vier lood ; dit tot poeder gemengd geeft den Paerden driemaal daags 1 lepel vol in Wyn. $. XVI.
Een ander voor den Kolderv
Neemt Tarwenmeel, Terpentyn, Drakenbloed, yder
acht lood , gefloten Mailix twee lood, vier Eywitten , dit gemengt bind een Paerd een tydlang voor het hoofd. %. XVII.
Voor den Gal in den Mond.
Laat de Paerden onder de tonge ader en een goed deel
bloed lopen, wryft dan den mond met Wyn, Sout, Wyn- fteen en Edik yder evenveel, fnyd 'er dan de Gal met een krom yfer uit en wryft de voornoemde mengeling daar
|
||||
|
C 7 )
daar in, dog de kaken gezwollen zynde, fnyd de Gal uit langwerpig en fchuerd de wonde met fcherp ingewreven Sont. §. XVIII.
Voor den Vlosgal.
Neemt Roggenbrood-kruimelen giet 'er Brandewyn op
en bind dit over de Gal heen, zo lang tot datfe vergaat. $. XIX.
Voor de Steengallen in de hoeven der Paerden.
Schaaft de. Gal, op het fynfte uit tot dat'er dén zweet
na uitbreekt, neemt dan Terpentyn, geelen Zwavel yder drie loot, Wafch en gefloten Wierook yder twee loot; het Wafch met den Terpentyn gefmolten zynde doet 'er de poeders onder en maakt 'er zalf uit. i xx.
Zalve voor Gal en Spatt.
Neemt een pond oude Boter met 50. Meywormen ,
parfTe met een -lepel en maakt 'er een Zalf uit, daar het Paèrd befchadigt is , fcheert de hayren met een Scheer- mes af tot het bloedét, droogt het dan weder met een fchonen linnen lap af, en befmeert het fmorgens en, fa- vonds met een fpaantjen, doet dit dikwils dan kont gy het over fes dagen weder gebruiken.
§. XXI.
Keurlyke Hoe f zalf.
Neemt Terpentyn, Wagenfmeer, Lynoly, Klaauwen-
vet, Honig, Suiker, Herten en Bokkenvet met ; Oflen- merg yder evenveel, half zo veel Wafch, nevens een weinig
|
||||
|
e s y
Weinig Boomoly, laat het langzaam imeltën en' een wei-
nig koud'geworden zynde", roerd het tot een.zalf ; deze Zalf'maakt goede Hóeven en geneeft ook dé Hoörnfpleten. §. XXII.
Een ander Hoef zalf. i ]^Teemt" vier pond Terpentyn, een pond Hertenvet met een pond Wafch ; dit vermengt, ook neemt men wel Ho- nig , Katten en Paerdenvet, yder evenveel, mengt dit en fmeerd de Hoef daar fe groeyen zal. • §. XXIII.
Wanneer een T)aerei een quade Roef heeft. .
• Mengt Sout en zwarte Slakken, laatfe t'zâme.n fmel-
ten, doet''er-wat oud,Vet-, Ongel en Wafch opder, be- .ftrykt daar dikwils de Hoornen mede, en urn dezelve te doen groeyen , neemt dan Lynoly en Koedrek, flaatfe daar mede in en laat het Faèrd daarin ftaan, de Hoeven groyen 'er zeer wel van. §• XXIV.
Indien een,-Faencl, van de Hoef geklemt ■ word.
'Breekt de yzers af fchaaft den Hoef open en bind 'er een fluk van een ouden Hoedfilt op , maar wanneer zig het Paerd mistreden heeft, dan fnyd den tret open en '.doet 'er warm Wafch en Vet onder dan betert het. ■ §. xxv.
1. Als een Paerd van Ketens befeert is.
Neemt een vierendeel pond Boomoly , Vitriool en Spaans groen , yder evenveel, een groot Ganfen Ey en even zo veel lootwit, mengt de poeder met heeten Boomoly tot een Zal ve en geneeft daar mede. $. XXVI
|
||||
|
'i 9 >
§. XXVI.
Voor een gekkmden Hoef.
Kookt Tarwe in Vet tot datze week word, ftamptze dan kort, en bindze het Paerd om den Hoef. §. XXVIL
Ah zig een Paerd mistreden heeft.
Neemt acht loot Terpentyn, twaalf loot Honig, achc
loot oud Vet, vier loot Aluyn, twee lootVitriool en twee loot Spaans groen , mengt dit en laat het over een zagt vuur redelyk koken , weder koud- geworden zynde, be- waard het in een Buffe; wanneer zig nu het Paerd mistre- den heeft, dan fcheerd de hayren, by den tredt af, legt 'er de zalve op, verbind het en laat het Paerd een paar dagen daar in flaan.
§. XXVIII.
Als een Paerd trekkebeent.
Smeerd het drie dagen met warmen Terpentyn > dan betert het.
§. XXIX.
Voor het hinken der Paerden.
Neemt Hennipvlas met Eywitten , dit. gemengt flaat
om den Hoef van den voet waar mede het Paerd hinkt, en beflaat het dan behoorlyk. §. XXX. .
Voor gezwollen Koten.
Neemt Honig en Lynoly yder evenveel, doet het in
een pan , gefmolten zynde maakt 'er een Zalf van en befmeert de Koten daat mede, flaat 'er dan een wollen lap om. B §. XXXI. |
||||
|
C' io )
§. XXXI.
, Als een Paerd vernagelt is.
Giet hëeten Boomoly in de wonde zo ras den fpyker
daar uit is dit helpt terftond. Wie met een Paerd verre denkt te ryden, moet het zelve fmorgens groene gedroog- de Wynruyt .onder liet voeder geven, dan behoeft hy voor geen nadeel te fchroomen. §. XXXII.
Een ander voor het vernagelen.
Stampt Gierft zeer kort, onder warm Vet, breekt het
yzer af en bind de Gierft met het Vet eene nacht daar op. •§-. XJEgHI-
Een goede zwarts zalf voor het vernagelen van een Paerd.
Neemt twee loot wild Kattenvet, een loot Koperrood,
een loot witten Vitriool, een loot Lootwit, een lepel vol Vet, een lepel vol Honig , een half potjen Brandewyn, kookt alles een ruimen tyd in een pan , doet het vervol- gens in een glazen bus , indien gy de zalve gebruiken wilt, maakt een lepel warm, drukt'er een weinig Vlas op, klopt dan het yzer aan. §. XXXIV.
Wanneer een Paerd Boeglam is geworden.
Doet KikvorfTen in een glas, flopt het digt toe, en zet
het in verrotten meli;, laat het veertien dagen daarin ftaan tot de VoriTen ook verrot zyn, dan komt'er een bruynen Oly uit, wringt hem door een doek, in een ander gereed- fchap , neemt dan Hondenvet en Hertenvet yder even- veel , doet dit onder den KikvorlTenoly, dan een weinig - > in
|
||||
|
C w )
in de Zon geftaan hebbende fineert den Boeg een -uur zeer
warm daar mede, dit een reis of driemaal gedaan zynde is het beter. §. XXXV.
Als een Paerd door verfprkigen Boeglam k geworden.
Neemt een deelKalverbloed., Brandewyn en Edik yder
evenveel, een weinig Aflfche, tien Eyeren met de fchil- lén en Roggenmeel, roert dit t'zamen, maakt'er een pap van en beftrykt den Boeg daar mede tegen de hayren op. §. XXXVI.
Voor de reeten in de Klaauwen.
Smelt Wafch in Zwynenvet, verbind het daar mede en
laat het een paar dagen daar- in ftaan dan helpt het, of N neemt Hoevenbladen, ilootfe kort en mengt 'er oud Vet niet een Eywit onder, maakt dit tot een Pap en legt het dan op. §. XXXVII.
Wanneer een Paerd hinkt en men bemerken kan, dat 'er
bloeddruppels tujjen vel en vleefch komen. Neemt Geytenmelk en Roggenmeel, mengt dit tot een
pap, doet 'er eenigzins Saffraan by, giet dit in Gen dun Hafenvel en bind zulks aan het Paerd over het ongemak > dog moet gy alvorens de hayren afknippen. §. XXXVIII.
Een wondzalf voor Paerden die door denliitt geer al-of
van het Paerdentuig bezeert zyn. ■ - Neemt Spaansgroen, Salennoniac yder twee loot, ge-
ftampt zynde doet 'er by vier loot Terpentyn, t\\ B 2 Boi
|
||||
|
X » )
Boomoïy, dit vermengt tot een Zalve gemaakt en daar
mede hsfineert. §. XXXIX.
Een goede rode zalf die atterley Ongemakken geneejl.
Neemt Spaansgroen , Aluyn , Koperrood yder twee
loot, een Eydop vol Wynedik, een potjen Honig, doet dit t'zamen in een verglaasden pot, laat het op een vuur zagtjens zieden, zo lang tot de Zalve rood word, ze ge- neert allerley wonden, en openingen onder den Zadel. $. XL.
Een Steen dien men overal, op reys medenemen, en voor
een gedrukt paerd gebruiken kan. Neemt Aluyn, Koperrood, y der een half pond, Saler-
moniac fes loot, Spaansgroen vier loot", Saffraan een half loot, Camfer een loot, dit t' zamen gefmolten en uitge- goten , word een Steen die men overal op reys medene- men en voor een gedrukt Paerd gebruiken kan, onderwe- gens doopt men hem in een weinig Edik of Regenwater en fchuerd de wonde daar mede. §. XLI.
Een goede B.reukzalf, waar den Breuk ook aan een.
Paerd mogi zyn. Neemt Terpentyn, Verkensvet yder een pond, Spaans-
groen zo veel als een Hoender Ey zwaar is, kookt dit te zamen, dan word 'er een zalf uit, doet de zalf in een verglaasden pot, wafcht dan het ongemak fmorgens eerit met warmen Wyn, fmeert dan dezelve met een pennen- vlas of legt 'er een befmeerde.Vlaswyk in. |
|||||
|
§. XLII.
|
|||||
|
C r3 3
|
|||||
|
§. XLÏI.
Een Brandzalf.
Neemt een pond ongezouten Boter, een of twee han- denvol verfchen Schapendrek, fmoord dit in Water, giet 'er dan vers Water op, wringt het door een doek, en befmeert den brand daar mede. §. XLIII.
Wanneer een Paerd" wild Vlees in de wonde heeft.
Strooit 'er dik fpaansgroen in , en wafcht de wonde dikwils met Wyn waarin Brandnetelenzaad gekookt is, dan word ze fris en zuiver. §. XLIV.
Een Bytzalf-
Neemt twee loot Spaansgroen, een lood Kalmeyfleen mee een loot Aiuyn, dit toe poeder geftampt, vermengt met witten Harft en Boomoly en befmeert daar mede de wonde. §, XLV.
Ais een Paerd den Zak gezwollen is.
Kookt Lavas in Geytenmelk,- doet 'er Brandewyn By, maakt 'er een omilag van, zo warm gy kond en legt hem op het gezwel, ,§. XL\T.
Een ander middel voor een gezwollen Zak. Neemt geele .Wortelen, Tafwen femelen, Wynrait, Boomoly en Edik, floot dit t'zamen, laat,het warm wor- .den, en legt dit op het gezwel. §. XLVII.
Om aan een Paerd een wit plek te maken.
Plukt een Paerd de hayren uit daar gy het wit wilt heb- ben, be/meert dan de plaats metBeerenvet zo wordfewit. B 3 XLVIII.
|
|||||
|
C 14 >
% XLVIII.
Zalf voor den f Form.
Neemt Euforbium twee loot, Spaanfe Vliegen een half loot, geel Wafch twee loot, Verkensvet een loot, dit tot Zalve gemaakt en daar op gelegt. §. XL1X.
Een Pleyjkr voor den doorbrekenden Worm.
Neemt Marienglas, langen Peper yder een half loot, Honig en Rundergal, yder evenveel, mengt dit t'zamen en maakt'er een zalf uyt, befmeerd daar mede een fcho- nen linnen lap, legd hem dan het Paerd op de plaats daar het den worm heeft, laat dit tot den vierden dag daar op liggen, dan zult gy eindelyk den Worm op het pleyfler vinden. $. L-
Voor den Ra/p. * ~'
Neemt Aflche met Linden houtskolen en twee deelen Zwavel, breekt dit met een Eywit en legt het op den Rafp. §• LI.
Voor den Muk.
Neemt oud Vet als een Ey groot, twee loot blaau- wen Vitriool, twee loot Spaansgroen, twee loot Sout, ftampt dit t' zamen en bind het 24. uuren daar op, neemt dan een oort Wyn met zo veel Water, doet 'er een loot Aluyn in, laat het twee vinger diep inkoken, wafchtdan het Paerd driemaal daags daar mede. 3. ui.
. Als een Paerd fchurfdig is.
Neemt Notenoly, wit gezuivert Pynharfl en oud Vet, de
|
||||
|
C 15 )
|
|||||
|
de Harfl gefmolten zynde , doet 'er Oly en Vet onder ,
neemt dan Spaansgroen en Zwavel yder evenveel, mengt dit, het geneeft. i LUL
Een ander middel voer den Schurf..
Geeft een' Paerd twee tot vier loot gefloten Hafelwor- telen met. bevochtigde Semelen, dan zal den uitflag af- vallen, anders is het zeer dienllig dat men geeft, vier tot fes loden gepulverifeert Soethout met zo veel Bloem van Zwavel onder Semelen, dit is ook een heerlyk middel voor de dempigheid. §. LIV.
Ah een Paerd onverhoeds Dempig word.
Geeft het een loot geftoten Angelicawortels met twee
joor. veneeüien üriaKei in een oort neeten Wyn. §• LV.
Voor een Dempig Paerd.
Kookt een Mierenneffc in Water en houd het den kop boven den waafem, geeft het hem dan te drinken. §. LVI.
Wanneer een Paerd de voeten gezwollen zyn.
Dit kan zeer ligtelyk gefchieden als de Paerden in een felle hitte, over heeten en harden grond gaan moeten : dan laat de yfers afnemen, en neemt verffen Koedrek met Eywitten , ilaat 'er dit omheen, dan betert het, ook is het zeer dienllig als men zuurkool daar omheen Haat. §. LVII.
Wanneer een Paerd eenen Uytwas heeft dien men niet
fnyden nog branden wil.
Neemt een wollen zakjen van drie vinger breet en een vin-
|
|||||
|
C io )
vinger lank doet het vol Doodsbeenderen, en toegebon-
den zynde, kookt het in Boomoly , en legt het warm daar op, herhaald dit twee of drie reizen. §. LVIII.
Om een Paerd de hayren aan Kop en Staart te doen■ gr oei jen.
Kookt Hoppenwortelen in Bier en wafcht de Paerden
in de afgaande Mane daar mede. §. LIX.
Als een Paerd den Spruw heeft.
Neemt een mengelen Honig, met zo veel ganfendrek, kookt het in een nieuwen pot, befmeert het Paerd daar- mede , en bind het een wollemlap over 't hoofd, of neemt oud Vet, Spaansgroen , Zwavel, Boomoly en Koet s mengd dit en ïmeerd het over den Spruw heen. ' §. 'IX
'- Een byzonder veilig middel voor de wormen der Paerden.
Neemt Aloë acht loot, Scammony een loot, Duivels-
drek een loot, gezuivert qmkzilver een half loot, dit met gedifteleer.den Oly van Alfem tot Pillen gemaakt, moet een Paerd telkens een pil van twee lood zwaar, over dén anderen dag gegeven worden, de Wormen en Ma- den moeten dan weg. §. LXI.
Om aan een Paerd het bloeden te flillen.
Werpt drie of meer KikvorfTen in 't vuur, laatze bran-
den tot men dezelve {lampen kan, geeft den Paerden dit Poeder het helpt. LXII.
|
|||
|
§. LXH.
Ah een Merry- niet ftam^ mûg dragen wih
Neemt een handvol Hennipzaad, een handvol zout, met een handvol Gerit, geeft dit aan de Merry en laat- ze voorts befpringen. §. LXIII.
Als een Paerd de Neus loopt. Neemt een vierendeel Boomoly met twee loot Quik- zilver gemengt, en giet dit aan een Paerd op eenmaal in de Neus. §. LXIV.
Een ander voor de Neusloperigheid.
Maakt een half pond Carnizaad in een panne heet, vermengt dit met een vierendeel : Quikzilver -, en flopt dit 'tPaerd in de Neusgaten, of neemt het wit van een sgeTvboRt Ey ì vermengt het met Zoop en Edik, giet dit in de Neusgaten, en blaaft 'er vervolgens wat Nieswor- telen met gemalen Gemver in. §. LXV.
Men goede Bloedzuiverench purgatk. Geeft aan een Paerd in den Maand April alle acht dagen vier loot Lever van Spiesglas , met twee loot Aloë , beryd het daar op een paar uuren. % LXVL
Een middel Uaï de Poerden van geen Bronwlisgen gefloten worden. Neemt een handvol Knoïïïook,. en zo veel Schapen- ongel, maakt'er een Zalf van en beimeert daar mede, of neemt witte Vernis, wel gemengt met wild Kattenvet en beimeert 'daar mede. € §. LXVII.'
|
||||
|
C i8 )
§. LXVII. Voor de Buìkpyn der Paerden.
Deze kan men ontwaar worden, als zig de Paerden dikwils nederwerpen, koppen en voeten inkrimpen, en* dan fchielyk weder opfpringen; neemt dan een loot be- ften Saffraan met twee loot Veneedfen Driakel, geeft dit het Paerd in in een oort heeten Wyn. §. LXVIII.
Een bewaarmiddel tegens alle toevallige ziektens der Paerden.
Neemt een pond Gentiaan, een pond Fenugreek, een pond Bakelaar, acht loot Angelica, deze gedampt zyn- de doet in 't Voorjaar en den Herflt den Paerden een halve handvol onder het Voeder ; achtervolgt dit 12 tot 14 dagen, men kan hun ook wel een fnee Brood in Wyn geweikt te eeten, of van lice wata 3 waai m de Kruiden gekookt zyn te drinken geven. §. LXIX.
Voor een amborjiig Paerd*
Neemt een half pond VerfTen Bakelaar een vierendeel Gemver, met een vierendeel Peper, een goede handvol Jeneverbezien, een handvol Granen of gedroogden AI- fem, dit alles geftampt zynde doet het in twee fleflehen gekookten Wyn, geeft het Paerd fmorgens en zavonds eer het gedrenkt word, een half oort en laat het dan de Koeader openen. §. LXX
Een middel om een Paerd wel te doen groejen, om acht dagen voor een aderlating te gebruiken. Neemt Zevenboom , Vlierwortels, Meefterwortels, Ever wortels, Peil wortels, yder drieloot, Bakelaar, Zwa- vel, |
||||
|
C *9 3
|
||||||
|
vel, Wormkruit, Citroen-fchellen, yder vier loot, Gen-
tiaan drie loot, Fenugreek vier loot, dit vermengt, geeft een Paard acht dagen na elkander, §. LXXL
Als een Vaerà Ruighairig word.
Neemt een pond Fenugreek, een pond gryzen Zwa-
vel, doet 'er een Coloquint-appel by, dit tot poeder ge- ftempt geeft telkens aan een Paerd vier loot op den dag, dan is het poeder binnen acht dagen gebruikt, laat het dan fpoedig de Halsader , welke zommige de Koeader noemen, een goede fpanne wyd na de Borft heen. § Ï-XXII.
Om de donkerheid van de oogen der Poerden u nemen.
Legt een gekookt Ey drie dagen in Edik tot het week
word, dan doorgefiieden zynde, loopt 'er een watertjen Uit, en beftrykt daar mede de oogen. §. LXXIII.
Wanneer men ziet-, dat een Paerd een vlies op de
oogen wil groejen. Mengt een Eywit met een handvol zout, maakt 'er
een deegjen uit zo groot als een Kogel, bewind het met Hennipvlas, en legt het boven een gloed tot het buiten- fte wyk afgebrand is, dan word het een Kogel, ftoot hem, en ftrooit van dit poeder in de oogen. |
||||||
|
§. LXXIV,
|
||||||
|
fclSW
|
|||||
|
§. LXXIV.
SN ander-'middel voor een vlies op de oogen.
. Neemt witten Gemver fcheld 'er de buitenfte fchil af,
en dan het binnenfte geiioten zynde, neemt Ruuw en Aluin, met gebrande MöfTdfchuipen, yder evenveel dit ge mengt zyncjk, blaâft van het poeder door een Pennen- fchagjt in de oogen. §. LXXV.
. Als een Paerd in de oogen ge [lagen is, of zig 'in een
Stroohalm ge/loken heeft. Klopt een Eywic men Rozenwater, en legt dit op de
oogen der Paerden tot datze droog, worden , en droog geworden zynde wafcht-het telkens met verfch Regen- water uit, doet dit dikwils. |. LXXVL
Als een Paerd Mtmeblind word.
Legt rode Corallèn op een gloejend yfer tot datze wit
worden, dan fyn geftampt zynde blaaft dit poeder in de oogen. §. LXXVIL
Als een Paerd voor het eerflemaal aan het hollen gezveefl is.
Jaagt het met een Zweep door een omturnde- Weyde
tot het nedervalt, laat het dan de Halsader, en neemt geiioten Revergeil., twee loot Nies wortelen, een loot Bakelaar ■■> twee loot Veneedfen Driakel, dit tot een Con- ferf gemaakt, geeft een Paerd daar van eens daags drie loot in Wyn-Edik. E Y N T> E.
|
|||||